2.9 2025.10.28 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 5 - concept.pdf
Tekst van het document
20
De voorzitter: Mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Nee, dat zit hier al in, dus dat is prima. De voorzitter: De heer De Vries heeft zijn microfoon nog aanstaan, die mag uit. Wie wil er nog meer compact antwoord geven op de vragen die gesteld zijn? De heer ’t Lam. De heer ’t Lam: Dank u, voorzitter. Vragen over afvaloverlast met gele zakken in de binnenstad, dat is het onderwerp. En terecht geeft, wat de SP betreft, het college aan dat er geen verschil van zwerfafval uit gele zakken is met andere wijken. Wat de SP betreft moet de discussie bij afval zich ook niet op gele zakken richten, maar op een echte oplossing voor het afval, invoering nascheiding zolang er geen nascheiding is, bakken zonder pasje, maandelijks gratis ophalen van grof afval. We zoeken geen oplossing voor de binnenstad in welke vorm dan ook, maar voor heel de stad. Dank. De voorzitter: Wie? De heer Damen stak als eerste zijn vinger op. De heer Damen: Voorzitter, PvdA is voor het snel uitfaseren van de gele zakken. Maar we zijn wel voor gescheiden ophalen van de verschillende afvalstromen, omdat dat het beste resultaat geeft wat betreft recyclen. De voorzitter: De heer Bootsman. De heer Bootsman: Heel kort, maar krachtig. Op dit moment wordt het grondstoffenplan uitgevoerd. En bijvoorbeeld is er laatst in Het Reeland, vorige week, een PMD container geplaatst. Wij zien dat daar gewoon verbetering in zit.
En wij zouden zeggen, ga zo door daarmee. Verder sluiten wij ons aan bij wat de heer Damen over nascheiding zei, dat wij daar niet voor zijn, dat dat minder goed recyclebaar afval oplevert. De heer Kuhlmann: Voorzitter. De voorzitter: De heer Kuhlmann heeft een interruptie. De heer Kuhlmann: Ik hoorde de heer Bootsman van GroenLinks zeggen van, het gaat goed, ga zo door. Gaat het wat u betreft snel genoeg? Want in dit tempo lijkt het wel alsof we straks in 2030 nog steeds in sommige wijken met gele zakken werken. Is dat goed genoeg voor u? De heer Bootsman: Ik zou graag van de wethouder horen of het sneller kan. Misschien zijn daar technische mankementen waar wij niet van weten, waarom dat niet sneller zou kunnen. Want gele zakken veroorzaken bijvoorbeeld ook vaak ontoegankelijkheid voor de rolstoel, omdat heel de stoep ermee vol ligt. Ik snap ook wel de ergernis die het op kan leveren. Maar het heeft natuurlijk ook te maken met dat mensen ze daar veel te vroeg neerleggen, ze niet netjes aan de kant leggen en ga zo maar door. De voorzitter: Wie? De heer Schalken.
21
De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter, ik zal heel kort houden. Op de twee vragen. Is het wenselijk om de gele zakken te gebruiken voor plastic afvalinzameling? Wat Beter voor Dordt betreft niet. Hoe sneller die uitgefaseerd worden, hoe beter. Wat ons betreft via nascheiding, maar dat is nu niet de discussie. Wat dat betreft zijn we blij dat de VVD wellicht met ons mee wil kijken hoe we dat sneller kunnen uitfaseren. De tweede vraag, of er voldoende urgentie is, daar is ook het antwoord negatief, vinden we niet snel genoeg gaan. De voorzitter: Helder. De heer … Het ziet er toch echt niet uit als de heer. Mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Voorzitter, ik wil me eigenlijk voor het gemak aansluiten bij de woordvoering van de heer Schalken. De voorzitter: Dank u wel. De heer Tutupoly. De heer Tutupoly: We sluiten ons ook aan bij de woordvoerding van de heer Schalken en sluiten ook eventueel aan met de nascheiding. De voorzitter: De heer Aarden. De heer Aarden: Ik had een kleine woordvoering, maar ik zal u tegemoetkomen en het kort samenvatten. We kunnen ons grotendeels aansluiten bij eerdere sprekers, wat betreft de gele zakken. Ik wil ook nog extra benadrukken, de pilot die de heer Klerk benoemde, dat zien we ook als een goede oplossing. En tot slot wil ik nog even een pleidooi houden dat het college zegt geen signalen te hebben dat bezoekers hier last van hebben.
Alleen dieren kunnen geen melding doen bij de gemeente en hebben ook last van op straat, kunnen hierin stikken, raken erin verstrikt, het waait de havens in en komt in de natuur. We willen dat ook even benoemen. De voorzitter: Dank u wel. De heer De Feijter. De heer De Feijter: Ook nog even kort dan. Wat ons betreft, ik denk hoe de heer Klerk het zei, de gele zakken zijn ons niet heilig, dat geldt voor ons ook. Ze kunnen ook geregeld een doorn in het oog vormen. Tegelijkertijd, als je alternatieven wil onderzoeken, dan heb je ook rekening te houden met verschillende aspecten daar dan van. Wij denken dat het op dit moment gewoon goed is om ons te houden aan het grondstoffenbeleid, wat na lange beraadslagen is vastgesteld. En we zagen wel een discrepantie inderdaad waar de heer Kuhlmann denk ik ook op doelde met zijn agendering tussen de twee brieven die de wethouder heeft verstuurd en discrepantie tussen wanneer hij het onderzoek naar de verbetering van de inzameling van PBD zou gaan starten. Daar zouden we wel graag opheldering over horen. En benieuwd of er al een start is gemaakt met het onderzoek of iets van uitkomsten gedeeld ook kunnen worden. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kolkiliç.
22
De heer Kolkiliç: Voorzitter, ik zal het heel kort houden. Ook wij delen de zorgen met betrekking tot de gele zakken. Het is ook niet meer van deze tijd. En wij zijn ook van mening dat het college niet voldoende urgentie ziet aan het uitfaseren van de gele zakken. De voorzitter: Kort, maar krachtig. U wilt een ….? Oké, gaat uw gang. De heer De Vries: Dank u wel voorzitter. Vraag 1, kan ik heel kort zijn, nee, wij zijn niet voor die zakken. 2, voor dit uitfaseren vinden wij ook dat het college te weinig doet om de snelheid op te snellen. Er is nog ruim 40 procent en er wordt geen spoed gegeven aan maatregelen in probleemgebieden. In dit licht kun je stellen dat het college wel iets doet, maar niet met de urgentie die sommige partijen, waaronder de VSP, zouden willen. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we nu van het college horen wat het college daarvan vindt. Gaat uw gang, mevrouw De Jonge. Mevrouw De Jonge: Dank u wel, voorzitter. Ik zal gelijk ook de paar vragen die gesteld zijn meenemen. En ik geef u mee, in herhaling en in herinnering in de commissies die we al gehad hebben, dat er ook vanuit het college is gezegd, waar het niet hoeft met gele zakken, willen wij dat ook niet. Maar we zijn begonnen met een grondstoffenplan wat toen gebaseerd was op onderzoeken in de verschillende wijken hoe het beste afval gescheiden ingezameld kon worden. Zijn we mee aan de slag gegaan.
We zitten in de uitvoering. En dat heeft u ook kunnen lezen in de eerste RIB waar u aan refereert, waar we gesproken hebben over het herbeoordelen van de wijk, waarin met gele zakken wordt gewerkt. Dat we gezegd hebben, de hoogbouw is in uitvoering, als we daar klaar mee zijn dan pakken we dit onderzoek op en is de capaciteit weer beschikbaar. De uitrol van de hoogbouw heeft enige vertraging opgelopen. We hebben al veel kunnen doen. Zoals velen van u ook al hebben opgemerkt, dat er afvaleilanden aan het ontstaan zijn bij de hoogbouw. Maar er zijn ook plekken waar we gewoon wat meer tijd nodig hebben om het ontwerp in de wijk goed te kunnen doen, zodat dat ook een passende oplossing is. Desalniettemin hebben wij de opdracht al gegeven aan HVC, onze partner hierin, om aan de slag te gaan met weer een keer goed tegen het licht te houden waar we gele zakken gebruiken, wat de consequenties zouden zijn als we daar naar bakken zouden gaan. Consequenties in de zin van ruimte, de tuinen die er zijn, maar ook de ruimte die er is om bakken tijdens de ophaaldagen neer te zetten. En ook de financiële impact, want ook die moet je wel meenemen als je een besluit wil nemen over het overgaan van zakken naar bakken. Die opdracht ligt. HVC is al aan het rekenen.
Ik denk dat wij zeker ook de beantwoording van de eerste RIB de urgentie echt onderkennen, wat capaciteit technisch gewacht hebben tot de hoogbouw een heel eind was, maar nu eerder dan de toezegging in de eerste RIB opgepakt hebben om te gaan kijken waar we weer naar bakken kunnen. De voorzitter: De heer Klerk.
23
De heer Klerk: Dank u wel, voorzitter. Dan heb ik toch de vraag waarom een pilot die naar de beleving van de bewoners in ieder geval, ik weet niet wat de echte cijfers waren, succesvol is verlopen, is teruggedraaid en daar de mensen nog steeds met zakken werken, en dan bedoel ik de pilot in Crabbehof, en niet in een oranje bak? Waar wachten we daar nog op? Mevrouw De Jonge: Voorzitter, deze concrete casuïstiek is mij niet in zulke details bekend. Daar kan ik nu geen antwoord op geven. Als wij voor u willen uitzoeken waarom we ermee gestopt zijn, dan neem ik die vraag mee terug, komen we daar schriftelijk op terug. En we blijven natuurlijk altijd wel kijken wat de oplossingen zijn. Nu zijn we het grondstoffenplan aan het rollen zoals we het met uw raad hebben vastgesteld. De voorzitter: De heer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Dank u wel, voorzitter. Ik heb twee vragen aan de wethouder. Als ik haar goed begrijp, dan is de koers duidelijk, die gele zakken gaan in heel Dordrecht verdwijnen. Ik ben toch benieuwd of zij, als het dan niet in, ik hoop in 2026, maar als dat niet de deadline is, toch iets van een tijdpad daarbij kan aangeven. De tweede vraag is, ik hoor de wethouder heel nadrukkelijk twee verschillende alternatieven noemen, de oranje kliko en de ondergrondse container.
Is zij, voor het specifieke geval van de binnenstad, bereid om ook te kijken naar een derde alternatief, namelijk nascheiding? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw De Jonge: Dank u wel, voorzitter. Een kleine nuancering in uw woordvoering. Ik heb gezegd dat we gaan kijken waar er nu met zakken gewerkt wordt of dat bakken kunnen. Dat betekent niet dat dat per definitie betekent dat dat kan in alle wijken. De vraagstukken in de wijken waar indertijd voor gele zakken is gekozen, kan veranderd zijn, waardoor er nu bakken zijn. Maar het kan natuurlijk ook zijn dat waar wij met zakken zijn gaan werken, dat de situatie niet anders is geworden en dat je nog steeds uitkomt op de gele zakken. Maar dat zal het onderzoek moeten uitwijzen van wat er mogelijk is in de betreffende buurten. Voor ook de binnenstad gaan we echt wel goed kijken wat er anders kan. Maar ook hier hebben we het al in meerdere commissies met elkaar over gehad. Er is niet zo heel veel ruimte in de binnenstad om te zeggen, we gooien er nog heel veel containers bij, tenzij we parkeerplaatsen gaan opofferen of andere voorzieningen die in de binnenstad zijn. Dat is nou eenmaal de discussie die we hebben in de binnenstad. Een extra container bij deze mensen in de tuin, ik denk niet dat dat de gewenste oplossing was vanuit de inwoners.
Dilemma is ook aanwezig in de binnenstad, dat sowieso inzamelen van afval en het scheiden van afval altijd een dilemma blijft van, wat kunnen we het beste hier in deze wijk doen? De voorzitter: Ik wil graag even naar de heer Schalken. De heer Kuhlmann: Ik vroeg heel specifiek vandaar naar een derde alternatief, want de wethouder noemt heel terecht de precieze redenen waarom het moeilijk is in de binnenstad.
24
En mijn vraag is, is zij bereid om ook tenminste te kijken, te onderzoeken op een realistische manier, naar nascheiding? Dan heb je een andere manier waar die nadelen niet … Mevrouw De Jonge: Dank u wel. Ik voer een grondstoffenplan uit en daarin zit geen nascheiding in de binnenstad. Ik blijf zoeken naar oplossingen om de opdracht om zo goed mogelijk te scheiden uit te voeren. De voorzitter: De heer Schalken. De heer Schalken: Nee, de vraag is gesteld. De voorzitter: Alweer? Volgens mij was de wethouder nog bezig met het beantwoorden van een aantal vragen. Ik weet natuurlijk niet welke u opgeschreven hebt, maar gaat u verder. Mevrouw De Jonge: Voorzitter, volgens mij was ik ook wel door de vragen heen. De voorzitter: Mist er iemand nog een antwoord op een vraag? Nee? Dan gaan we kijken wat we nu hiermee gaan doen, want het zijn natuurlijk antwoorden op artikel 40-vragen. Het is niet echt een voorstel waar je ja of nee tegen kan zeggen. Misschien dat de aanstichter van het geheel, de heer Kuhlmann, een idee heeft om hier verder iets mee te doen? De heer Kuhlmann: Ik ben heel dankbaar voor de gedachtenuitwisseling die we nu hebben gehad. Dat heeft op een aantal punten ook weer wel gewoon heel helder aangegeven van waar de posities zijn. Ik denk dat we nu deze vragen en antwoorden ter kennisgeving en ter kennisname naar de raad kunnen sturen. Dat zal ik doen.
En ik denk dat dat voor meer mensen geldt, dat we hierover gaan nadenken, kijken naar hoe we hier verder mee gaan. De voorzitter: Ik zie instemmend knikken. Dan ronden we hem op deze manier af. Nog wel met de opmerking erbij dat de heer Klerk dan nog een antwoord krijgt op een vraag die nu niet beantwoord kon worden. En die wordt natuurlijk met de hele commissie gedeeld. Dat is logisch. En dan rest mij alleen nog maar om deze vergadering te sluiten met het verzoek of u allemaal uw kopjes, glazen, flesjes en dat soort dingen wil meenemen. Fijne avond nog. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 11 november 2025. De griffier,
De voorzitter,
A.E.T. Wepster
N. Mol
25