2.9 2025.05.06 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 3 - concept.pdf
Tekst van het document
Algemeen is daarnaar gekeken inderdaad. Voor- en nadelen tegen elkaar afgewogen. Een van de nadelen als mensen veelal privé gaan laden, is dat de marktwerking van de CPO's redelijk wegvalt, waardoor de prijzen voor het openbaar laden flink omhooggaan. Wat wel natuurlijk een voordeel is van een verlengde private aansluiting, is dat het voor de bewoners van Dordrecht goedkoper is, vaak omdat ze zonnepanelen op het dak hebben en daardoor goedkope stroom hebben en daardoor ook hun auto goedkoop kunnen opladen. Ander nadeel van verlengd privaat laden is bijvoorbeeld dat de juridische aansprakelijkheid voor het stuk dat de kabel over de stoep loopt of in een kabelgoot ligt, dat daar goed over nagedacht moet worden, wie is er verantwoordelijk voor dat deel wat in de stoep ligt? Kabelarmen hebben is ook een optie om verlengd privaat te laden, zien mensen vooral dat het esthetisch aspect wat minder wordt. Als je een straat vol hebt met armen, wordt niet als heel mooi ervaren. Maar dat is een subjectief argument wel. Zo zijn er voor- en nadelen van een verlengde private aansluiting. De voorzitter: Gaan we even naar een vraag van mevrouw Kamphuis, van de SP.
21
Mevrouw Kamphuis: Dank u wel. Ik had een vervolgvraag over die zonnepanelen. Is het ook mogelijk dat het op de laadpalen in het openbaar geplaatst kan worden? Want nu zijn er zoveel prijsverschillen. De heer Ramp: Bedoelt u dan een zonnepaneel op een laadpaal? Ik denk dat dat heel lastig is, aangezien een zonnepaneel een redelijk stuk groter is dan een laadpaal. En zeker als je de stroom wil leveren aan de laadpaal die het nodig heeft om een auto op te laden. De stroom komt uit het stroomnet. En hoe dat op dat moment wordt opgewekt, dat kan ook van zonnepanelen zijn. De voorzitter: De heer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Voorzitter, er worden een aantal criteria genoemd waaraan je zou moeten voldoen om dat te regelen, los van onder andere wenselijkheid. Dit zijn allemaal technische aspecten. Maar ik denk eerder aan het maatschappelijk effect. En dan denk ik aan wijken waar de parkeerdruk tegen de 100 procent zit. Hoe werkt dat dan in maatschappelijke zin? Als de buurman op de plek gaat staan waar er dan geladen kan worden, speelt dat een rol of speelt dat geen rol in de afweging? De heer Ramp: U doelt, denk ik, op het claimgedrag van parkeerplekken als je een verlengde private aansluiting gebruikt. Dat is ook een van de nadelen van verlengd privaat laden.
En als je dat gaat faciliteren als gemeente zijnde, door middel van kabelarmen, kabelgoten of anderszins, kun je dat wel krijgen inderdaad. Dat zien we bij meerdere gemeentes die dit wel toestaan, dat je dat claimgedrag krijgt. De voorzitter: Maar de vraag was of het een rol speelt? En we mogen het nog niet politiek maken. We zitten op het randje. Maar of het een rol speelt in de afweging of je wel of niet een vergunning geeft? De heer Ramp: Dan wil ik nog heel even een verduidelijkingsvraag. Op dit moment of eventueel in de toekomst, als we regels aanpassen? De heer Oostenrijk: Als voldaan wordt aan deze technische aspecten, dan zou dat gaan betekenen dat men een vergunning krijgt. En hoe match je dat met dat maatschappelijk aspect? De heer Ramp: Het is zo dat dit pas aan de orde komt als er binnen 200 meter van de woning geen publieke laadpaal is. En zoals het volgens mij net al werd opgemerkt, dat is eigenlijk nergens. De conclusie kan getrokken worden dat men bijna geen verlengde private aansluitingen, vergunningen verleent in Dordrecht. De voorzitter: De heer Gorter. De heer Gorter: Dank u wel, voorzitter. Mooie technische vraag. Kijkend naar het tekeningetje. Als X nul is, welke situatie hebben we dan als er geen trottoir is? Als voorbeeld, de hofjes in Dordrecht hebben geen trottoir. Daar staat de auto letterlijk voor het raam.
Als het raam opengedaan wordt en het kabeltje wordt door het raam gestoken, kan je elektrisch laden. Praktijk is gebeurd zo. Hebben we dan te maken met een verlengde private aansluiting? Mag het? Mag het niet? Welke situatie hebben we?
22
De heer Kraak: Het antwoord is dat het formeel niet mag. Het is formeel verlengd privaat laden. Maar of het een probleem is in de praktijk, dat is maar de vraag natuurlijk, want je kan er niet over struikelen. Maar dat is wel de randjes van het juridische eigenlijk. De heer Gorter: Vervolgvraag. Maar is het is het verlengd private aansluiting? Is dat echt zo? Als X is nul? De heer Kraak: Als die auto op openbaar gebied staat en het laadpunt zit op privaat gebied, dat kan X nul zijn. De heer Gorter: Dat is de basisdefinitie? De heer Kraak: Ja, exact. De heer Gorter: Dank je wel. De voorzitter: De heer Kuhlmann, VVD. De heer Kuhlmann: Dank u, voorzitter. Twee vragen. Eerste plaats even om het rijtje met nadelen compleet te krijgen. Ik heb er nu drie gehoord. Effect op de prijzen van de openbare laadpalen. Die zouden dan omhooggaan. Moeilijkheden rondom juridische aansprakelijkheid rondom zo’n kabel. En mogen claimen van parkeerplekken. Zijn dat de drie nadelen of zijn er meer dan dat, wat u betreft? De voorzitter: Wat u betreft of wat het beleid betreft? Zullen we het daarop houden? De heer Kuhlmann: Voor wat betreft die de gemeente ziet als aanleiding om de regels nog strikter te maken. De heer Ramp: Ik denk dat de regels niet heel veel strikter kunnen als dat we ze nu hanteren, wat betreft de verlengde private aansluiting.
En dit zijn wel de meest voorkomende nadelen inderdaad die naar boven komen. De heer Kuhlmann: Dan heb ik, voorzitter, de vervolgvraag rondom die juridische aansprakelijkheid voor kabels, wat dan een probleem zou zijn. Waarom zou het voor kabels anders zijn dan bijvoorbeeld een fiets die op de stoep staat of een reclamebord van een bakker of een terrasstoel op een terras? Waarom zou dat heel ingewikkeld en anders zijn bij een kabel? De heer Ramp: Daar kan ik op dit moment geen antwoord op geven. En dat wil ik zeker gaan uitzoeken. De voorzitter: Die vraag wordt genoteerd. Waarom we meer last hebben van kabelgoten en dergelijke dan van fietsen. En dat wordt uitgezocht. En dan gaan we naar een vraag van de heer Den Hartog van GroenLinks. De heer Den Hartog: Dank u, voorzitter. Ik zat nog heel even te kauwen op die nadelen, en het nadelen van het claimen. Ik zou dat graag nog even uitgelegd willen hebben. Want volgens mij is het niet zo dat we het hier hebben over de parkeerplaatsen die bij een laadpaal al staan waarvan je kan zeggen, die kan je claimen. Maar volgens mij gaat
23
het hier om gewoon parkeerruimte die niet specifiek ergens voor bedoeld is, en als je een vergunning hebt, kun je daar je auto zetten. En mits je aan die voorwaarden voldoet. En dat maakt niet uit of hij voor je huis staat of net ernaast. Als hij open is, is hij open. En als hij niet open is, heb je pech. Dan klopt het toch dat er in dat geval geen claimgedrag is, en dat dit nadeel niet bestaat? De heer Kraak: Dat klopt inderdaad op het moment dat het eigenlijk is, zoals op het plaatje. Maar op het moment, zoals net verteld werd, dat je gaat werken met van die kabelarmen die er continu staan, of kabelgoten die al in het wegdek liggen, als er dan één plek is met zo’n kabelgoot, dan wordt dat natuurlijk wel aangemerkt als, dat is mijn plek, want daar moet mijn kabel doorheen. Daarom is dat als nadeel benoemd. De heer Den Hartog: Dat begrijp ik. Maar ik heb ook ergens gelezen dat die kabelgoot niet toegestaan is. Dan hebben we het over een situatie die niet bestaat, toch? Want hij is niet toegestaan. De heer Kraak: Maar er zijn natuurlijk ook situaties denkbaar, net als net een situatie die geschetst werd met het laden heel dicht aan huis, waarbij er misschien maar 1 parkeerplek dan is, terwijl daar ook een buurman zou kunnen staan.
Maar als dan met die kabellengte, want die kabel is natuurlijk maar 10 meter lang, dan is het claimen misschien ook niet zo van, ik wil hier staan, maar iedereen weet, hij moet daar opladen. In de praktijk zal het wel zo uitwerken. De heer Ramp: Als ik daar even op mag aanvullen? Kijk, waarom kabelgoten, kabelarmen gebruikt worden, is om de kabel van het trottoir te halen, omdat dat juist voor onveilige situaties zorgt voor mensen met een beperking, blinde mensen of mensen met een kinderwagen, dat soort dingen. Daar zijn deze dingen voor uitgevonden, om dat uit de weg te gaan eigenlijk. En als we dat toestaan, dan zien we inderdaad dat claimgedrag. En wat u inderdaad zegt, als je dat niet hebt, dan zou je in principe uit 3 of 4 parkeerplaatsen kunnen kiezen die dicht genoeg bij je huis zijn, dat je inderdaad niet over die 10 meter heen gaat dat het over openbaar terrein loopt. Het klopt beiden eigenlijk. De voorzitter: Dan gaan we naar een vraag, en tot mijn excuus had ik hem eerder overgeslagen, de heer Tutupoly van Op Ons Eiland. De heer Tutupoly: Dank u wel, voorzitter. Ik had eigenlijk 2 vragen. De eerste vraag is, je had het er net over, als een laadpaal niet verder dan 200 meter van de woning is, dan is dat een reden om een vergunning af te wijzen.
Is dat dan de enige reden op grond waarvan die vergunning wordt afgewezen? Want ik kan me voorstellen als je 1 laadpaal hebt in je straat en meerdere elektrische auto's en hij wordt dan afgewezen, omdat hij maar binnen die 200 meter valt, dan heb je daar toch nog een probleem, want je komt nauwelijks aan de beurt. Dat was eigenlijk vraag 1. De voorzitter: Dan gaan we die eerst beantwoorden. Mag meteen daarna vraag twee. De heer Ramp: Naast inderdaad de afstand wordt er ook gekeken naar hoe die laadpaal gebruikt wordt. Die data hebben we allemaal inzichtelijk. En als blijkt inderdaad dat die laadpaal veelvuldig in gebruik is en een soort nog niet overbelast, maar dat er eigenlijk
24
bijna nooit plek is, dan kan er gekozen worden om die vergunning wel af te geven. Maar onze voorkeur gaat uit om dan juist meer in te zetten, ook door die strategische en datagedreven plaatsing, die ik net heb uitgelegd, om meer publieke palen in die buurt te zetten. De voorzitter: En dan vraag twee. De heer Tutupoly: Vraag twee moet ik even denken hoor. Het is me even ontschoten. Wat was het ook alweer? U had het ook over het aantal laadpalen. Tenminste die vergunningen wordt ook rekening mee gehouden, omdat anders de prijzen omhoog zouden gaan als er te veel eigen laadpalen zijn. Eigenlijk lijkt het erop dat de gemeente een beetje een commerciële pet gaat opzetten van, voor het businessmodel van een ondernemer die zo'n paal plaatst, moeten we vooral niet te veel vergunningen afgeven. Maar nu heb ik me ook laten vertellen dat Dordrecht een van de duurdere steden is wanneer het gaat om de laadpalen. Aan de ene kant gaan we zorgen als gemeente, als ik het goed begrepen heb, dat we vooral niet te veel privélaadpalen moeten plaatsen, want anders verdient de ondernemer er niet aan. En anderzijds staan we het toe dat er niet zozeer naar de prijs gekeken wordt op het moment dat een ondernemer een paal wil plaatsen, want daardoor komen we uit als een van de duurdere gemeentes. Hoe ligt die verhouding daar precies in? De voorzitter: Het zijn eigenlijk drie vragen.
Of uw conclusies kloppen? Heeft de gemeente een commerciële pet op gezet? Dat is een vraag. Hoe verhoudt zich dat tot andere steden? Is Dordt duurder? En hoe verhoudt zich dat tot wat we eigenlijk willen in de visie? Er zijn heel veel vragen inmiddels. Ik zit ook even te twijfelen of we na dit antwoord eerst de presentatie even afmaken en dan de vragen doen, want we zijn bijna door die presentatie. En het zou zonde zijn als we de laatste paar niet hebben. We doen wel eerst deze vragen beantwoorden. Tenminste, ik niet, maar dat doet één van jullie. De heer Ramp: Ik kan die vraag niet beantwoorden op dit moment. Maar ik zou dat wel graag willen uitzoeken inderdaad hoe wij qua prijzen inderdaad scoren in vergelijking met andere gelijksoortige gemeentes of andere gemeentes in de regio. En uw andere, tweede vraag, ik hoop dat iemand heeft meegeschreven. Sorry. Commerciële pet van de gemeente. Dat zal ik uit moeten zoeken. Maar ik heb niet het idee dat wij als gemeente nu een commerciële pet op hebben. De voorzitter: We maken eerst de prestatie af en daarna dan … En u wil een toevoeging doen, mijnheer Kraak. De heer Kraak: Nog even iets rechtzetten op het antwoord van de vraag net over het laden als je pal tegen je huis staat.
Dat is juridisch gezien wel verlengd privaat laden, maar het is in Dordrecht zo geregeld, want het is een keer in een aanvraag aan de orde geweest, dat daar geen vergunning voor nodig is, omdat die kabel niet over de openbare ruimte loopt. Ik heb gelukkig iemand op de achtergrond die hier veel vanaf weet. De heer Gorter: Voorzitter.
25
De voorzitter: Mijnheer Gorter. De heer Gorter: Even, want hij ga zo'n zijn presentatie doen. Maar ik heb naar aanleiding van de tarieven of dure gemeenten waar de heer niet zo dadelijk een antwoord op geeft. De voorzitter: Waar ook naar gekeken wordt. De heer Gorter: Al een aantal keren ook de wethouder erop aangesproken dat als je kijkt naar de tarieven hier in Dordrecht dat 30 tot 40 ... De voorzitter: Wacht even, we hebben een technische sessie. Let op. De heer Gorter: Ik wil eigenlijk meegeven of de ambtenaren op de hoogte zijn dat 30 tot 40 procent van het tarief in Dordrecht tot stand komt, als gevolg van aanvullende kosten, kleeftarieven en aansluitkosten. En dat maar 60 procent het tarief is wat je werkelijk afrekent in Dordrecht. Zijn jullie daarvan op de hoogte? De voorzitter: Die vraag gaan we ook noteren, zie ik. Dan gaan we nu verder met de presentatie. De heer Ramp: Als laatste wil ik ingaan op de actualisatie van het beleid. Dit is de laatste update van de prognoses die we hebben gehad daarin. Als we in de bovenste tabel kijken, zien we het aantal laadpunten wat volgens de prognoses nodig is. Daar ziet u 1.525 staan in 2025. Dat betekent ongeveer de helft aan laadpalen, omdat een laadpaal vaak 2 laadpunten heeft. Deze, om de verwarring te voorkomen. En dan hebben we nog snelladen.
En in de tabel daaronder staat de prognose van het aantal BEV’s, ook wel batterij-elektrische voertuigen, oftewel gewoon elektrische auto's, de prognose van 2025 tot 2040. Daar ziet u een flinke stijging. En de tabel daaronder is de prognose van het aantal bestelvoertuigen en elektrische vrachtwagens. En elektrische bestelvoertuigen kunnen ook voertuigen zijn die uiteindelijk in de wijk parkeren, zoals, noem het maar op, allerlei bestelbusjes. Dat levert ongeveer 7 procent extra laadbehoefte op door bedrijfsbussen in woonwijken. De voorzitter: Onze debutant mag een vraag stellen. De heer De Gelder, ChristenUnie/SGP. De heer De Gelder: Dank u wel. Ik zal me proberen op te laden, voor deze vraag. Ik vroeg me eigenlijk, af is er ook inzicht in hoeveel leaseauto's eigenlijk van de zaak elektrisch worden opgeladen en hoeveel van privé-eigenaren? De voorzitter: Leaseauto’s, hoeveel bij de zaak en hoeveel thuis? De heer Ramp: Niet dat ik weet. De heer De Gelder: Ben ik wel benieuwd naar. De voorzitter: Aanvullende vraag? De heer De Gelder: Ik heb ook een vraag over, hoeveel inzicht is er in hoeveel hybride auto's worden opgeladen en hoeveel all-elektrische auto's?
26
De heer Ramp: Zelfde antwoord, denk ik, geen idee. De heer De Gelder: Want dat is heel belangrijk om te weten. De voorzitter: Wilt u die vraag nog een keer herhalen, want ik heb hem even niet scherp. En dan wordt hij ook wel meegenomen. En dan wordt hij alsnog later beantwoord. Nog een keer die laatste vraag. De heer De Gelder: Of er inzicht is in hoeveel hybride auto’s er worden opgeladen en hoeveel vol-elektrische auto's? De voorzitter: Vol-elektrisch en hybride, hoeveel? De heer Kraak: Als die informatie er is, dan zal dat bij de CPO’s zijn. Daar zullen we dat opvragen. Maar als zij dat niet weten, dan weten wij dat ook niet. Op die manier zullen we dat proberen te achterhalen. De voorzitter: We hebben de toezegging dat die antwoorden komen. En ik realiseer me dat we nog steeds net niet de presentatie af hebben. Ik heb het zelf laten gaan, maar we gaan toch even verder met de presentatie. De heer Ramp: Dank u wel, voorzitter. Als laatste hebben we een aantal overwegingen meegenomen waar uw commissie en uw raad over na zou kunnen denken om beleid eventueel aan te passen. We willen allereerst rekening houden met de ontwikkelingen. Het is een heel actueel onderwerp en een heel snel veranderende wereld, het elektrische rijden en laden. Er zijn heel veel ontwikkelingen op dat gebied. Ik denk dat men daar goed rekening mee moet houden, zoals slim laden.
We hebben natuurlijk te maken met netcongestie, wat voor snelladen een flink probleem gaat opleveren. Ook de actieradius van auto's gaat sterk vooruit. Dus moet er nog altijd overal een laadpaal voor de deur zijn? Dat soort vragen kan men zich stellen. We hanteren op dit moment een open markt model. Dat is inderdaad, wat ik zei, dat we een plankaart hebben en dat CPO's, dus aanbieders, zich kunnen inschrijven en door loting worden die palen verdeeld onder de CPO's. Er is ook nog een optie, een concessiemodel. En dan kun je in een concessie allerlei afspraken maken met een vast aantal of twee of drie aanbieders. Dat kan ook nog. We hadden het er al even over om de voorwaarden van verlengd private aansluitingen aan te passen. Daar zijn opties voor. Voor- en nadelen zijn al even genoemd. Maar daar kan uw commissie en raad ook aanbevelingen voor geven. Ook is er op dit moment inzet op laadpleinen. Dat is nog in een opstartfase om te kijken hoe we dat willen gaan neerzetten. Maar het gaat meer op logische plekken. Bij ingang van buurten, combineren met snelladen, ook voor bedrijfsbusjes, dat soort dingen. Dat je meer een soort laadhub krijgt in het begin van de wijk, waardoor je misschien ook wel iets met snelladen zou kunnen. Maar dat is echt in de opstartfase en in de beginfase.
En de logistieke Laadvisie daarvan hebben we gezegd, die is in format gereed en moet lokaal vastgesteld worden. Is alleen even de vraag of we die los gaan vaststellen of meenemen in een integrale Laadvisie, die ook geactualiseerd moet worden. De huidig geldende Laadvisie uit 2021. De voorzitter: Is er een nieuwe Laadvisie onderweg?
27
De heer Ramp: Nee. De voorzitter: Ik bedoel, het is een beetje zoeken waarom we hier … Die is niet onderweg? De heer Ramp: Nee. De voorzitter: Er zijn nu heel wat vragen. Eén, twee, drie, vier ... Ik dacht anderhalf uur is best lang, maar dat wordt veel te kort. Ik ga een beetje op volgorde, zoals ik het ongeveer heb onthouden. De heer Wringer mag eerst. De heer Wringer: Dank, voorzitter. Ten eerste ben ik blij dat het college toch een beetje aan het draaien is. Zeker na onze motie die niet aangenomen is over de proef met laadarmen en kabelgoottegels, in november 2023. Dat vinden we positief. Misschien moeten we die opnieuw gaan indienen. Maar door die 200 meter regel hou je eigenlijk elke privaat verlengde kabel laadmogelijkheid tegen, maar dan ontneem je ook de mogelijkheden om goedkoop thuis te laden. De verkoop van elektrische auto's, die steeds goedkoper worden, door particulieren, hou je misschien ook wel tegen. De voorzitter: Probeer naar de vraag te gaan. De heer Wringer: Het was eigenlijk meer een mededeling. En het thuisladen kan ook helpen tegen de netcongestie. Daar wilde ik het even bij laten. De voorzitter: Korte opmerkingen kunnen misschien ook wel. De heer Roggekamp. De heer Roggekamp: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, mijn batterij is behoorlijk opgeladen. Ik heb meteen drie vragen. We hebben een energietransitie.
En ik zie dat dit plan behoorlijk veel naar 2023 verwijst. We zijn al een stukje verder. Lijkt me of ik nog een microfoon hoor. Daar. En als je dan gaat kijken naar de zonnepanelen die gepromoot worden bij de bewoners, de salderingsregeling die afgeschaft wordt, dan denk ik dat we toch juist met die energietransitie die eraan zit te komen, en zo, meer moeten kijken naar de bewoners dan naar de CPO’s ter promotie. Dan wordt er aangegeven bij de laadpunten, dat is heel afhankelijk van de netcongestie en al die dingen. Terwijl ik zie juist bij de grotere laadstations, maar ook bij kleinere laadstations steeds meer en meer dat daar een buffer staat voor de energie, waardoor ze wel snel kunnen laden zonder het net extra te belasten. Of dat meegenomen kan worden in de nieuwe visie, die we dan hopelijk maken. Want 2023 is voor dit al behoorlijk oud, vind ik. De voorzitter: Dat is een korte vraag. De volgende kunnen er, denk ik, meteen achteraan. Maar probeer iets sneller tot de kern te komen, want er zijn heel veel mensen die nog een vraag willen stellen. De heer Roggekamp: Heb ik nog één vraag. Want er werd zojuist gezegd, er komen minder voertuigen. En ik vraag waar dat op gebaseerd is, omdat de CROW nog steeds een groei in voertuigen ziet. De heer Ramp: Waar heeft u dat gezien, dat er minder voertuigen …
28
De heer Roggekamp: U zei net dat er minder laadpunten mogelijk nodig zijn, omdat er minder voertuigen zullen komen, terwijl de CROW laat juist een groei van het aantal voertuigen zien. De voorzitter: De eerste vraag ging over het meenemen van een buffer bij laadpunten, want dat geeft geen extra belasting op het elektriciteitsnet. Wordt daar rekening mee gehouden? Kan dat meegenomen worden? Dat was de eerste vraag. De heer Ramp: Ja, dat kan. Dat soort ontwikkelingen moeten we zeker naar kijken. En dat is inderdaad een hele goede om het net te ontlasten. De voorzitter: En de tweede ging over, wat is de bron van het feit dat er minder auto's zouden komen? Want de CROW zegt dat er meer komen. De heer Ramp: Ik weet waar u op doelt. Het is denk ik ongelukkig geformuleerd door mij. Ik bedoelde dat we in de toekomst hoogstwaarschijnlijk niet allemaal een laadpaal voor de deur hebben of anderszins. Er komen steeds meer elektrische voertuigen. Dat ben ik helemaal met u eens. Ik heb hopelijk niet beweerd dat er minder komen. Maar ik denk dat we op een andere manier in de toekomst daarmee omgaan dan we op dit moment doen. En dan kijken we inderdaad ook naar laadpleinen, waardoor je een clustering van palen krijgt. En in principe, dat is een beetje de terminologie, maar minder laadpunten door de hele stad krijgt als in zijnde locaties misschien.
De voorzitter: Gaan we naar de vragen van de heer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Dank u, voorzitter. De Dordtse VVD heeft natuurlijk oog voor de voordelen van het laden van je auto op straat vanuit de stekker in je eigen huis, dat verlengd privaat laden. Maar we zijn ook niet blind voor de nadelen. Ik snap ook dat er mensen zijn, omdat ze in een appartement wonen of midden in de Voorstraat, dat ze altijd zijn aangewezen op zo'n openbare laadpaal. De voorzitter: Uw vraag. De heer Kuhlmann: Als die prijzen daadwerkelijk omhoog zouden gaan, wat u noemde, als iedereen … De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Zeker. De voorzitter: Het is een heel interessante redenering, maar we moeten echt naar de vraag. De heer Kuhlmann: En de vraag is, als dat werkelijk zo is, er zijn gemeenten die veel soepeler zijn met verlengd privaat laden, blijkt ook uit de cijfers … Ben ik benieuwd naar, zijn daar de prijzen aan de openbare laadpaal zoveel duurder? En zo ja, hoeveel duurder?
29
De heer Ramp: Vanuit het CROW, daar zitten natuurlijk heel veel gemeentes die daar hun kennis delen, daar is dit punt naar voren gekomen dat de prijs van CPO's op publieke laadpunten omhooggaat als er veel thuis wordt geladen. Hoeveel precies, dat moet ik u schuldig blijven. Dat zouden we dan eventueel uit moeten zoeken. De heer Kuhlmann: Ben ik nog wel benieuwd naar. Dank u. De voorzitter: Ook die vraag nemen we mee. Ik werk toch eerst dit rijtje gewoon even af. De heer Den Hartog, GroenLinks. De heer Den Hartog: Dank u, voorzitter. De vraag is straks, klopt dat? En ik wil u even meenemen met wat ik denk. En dat is namelijk het volgende. We hebben klimaat- en energietransitie doelen. En het lijkt mij een logische gedachtegang dat alle beetjes helpen. Als particulieren kiezen voor een elektrische auto, dan helpt dat een beetje, naast vele andere beetjes. En de keuze voor een particulier om elektrisch te rijden is onder andere, wat zijn de kosten? Die kosten, als je een eigen private verlengde aansluiting hebt, zijn ze goedkoper. Dan zullen meer mensen die kant op gaan. Vanuit mijn mening geredeneerd is dat de wens waar je naartoe moet.
Klopt het nu zo dat die 200 meter afstand, die regel, vooral het grootste obstakelpunt is dat nu die vergunningen niet worden afgegeven? Anders gesteld, indien de gemeenteraad zou beslissen, want we mogen dat als gemeente beslissen, om die af te schaffen, stel, zouden er dan veel meer vergunningen kunnen worden afgegeven, waardoor meer mensen die richting op gaan? Klopt die gedachtegang? De heer Kraak: Ja, volgens mij klopt die. Als we dat in het beleid vastleggen dat we naar kortere afstanden of geen afstanden kijken, dan is dat een logisch gevolg. Want er zijn nu twee regels. Er zit natuurlijk meer achter, maar die voornaamste was ook dat verhaal van die leaseauto. En als die al vervalt, wat de wens is, dan zou iedere aanvraag … Maar goed, misschien verzin je dan met zijn allen wel andere zaken waar je op wil letten. En dan wordt parkeerdruk misschien wel meegenomen, waar nu niet naar gekeken wordt, bijvoorbeeld. De voorzitter: Aanvullend. De heer Den Hartog: En dan aanvullend daarop. Het was een heel sublieme gedachte, en hij ontschiet me even. Dat heb je altijd met sublieme gedachten. Dat is nog zo. Ik wilde eerst weten, zijn er ook nog andere mogelijkheden dan die 200 meter veranderen, waardoor het aantal vergunningen kan worden vergroot? Of is dit echt het grote obstakel? De voorzitter: Obstakel, heel letterlijk, of figuurlijk.
Wat is de grootste regel waarop aanvragen worden afgewezen? De heer Kraak: Inderdaad dat punt of er een openbare paal in de omgeving is die gebruikt kan worden. Klopt. De voorzitter: De heer Aarden, van Partij voor de Dieren.
30
De heer Aarden: Bedankt, voorzitter. Ik had ook 2 vragen. Ten eerste, bij het plaatsen van een paal, moet je die per se op privéterrein plaatsen of mag hij ook aan je voorgevel hangen, waarbij hij boven de stoep of openbare ruimte hangt? En ten tweede, over dat claimgedrag, waarbij de maximale lengte van een laadkabel 10 meter is en er geen garantie is dat men binnen 10 meter van het laadpunt kan parkeren, communiceert de gemeente naar de eigenaren van een privélaadpunt dat er geen garantie is binnen die 10 meter te kunnen parkeren bij het aanvragen eigenlijk? De voorzitter: Bedankt voor de heldere vragen. De eerste over niet een laadpaal, maar een laadpunt aan je huis boven de openbare stoep, of dat mag? De heer Kraak: Het is een vraag die natuurlijk niet alleen voor laadpalen geldt, maar voor heel veel zaken, denk ik. Ik krijg toevallig net ook wat ingefluisterd. Een paal aan de gevel is wel toegestaan, maar ik weet niet hoever dat dan uit mag steken boven de openbare ruimte. Het moet natuurlijk niet belemmerend zijn. Maar dat zijn meer algemene regels dan dat het specifiek voor laadpalen geldt. Maar aan de gevel is het toegestaan, hoor ik net. De voorzitter: En de tweede vraag ben ik nu even kwijt. De heer Aarden: Of de gemeente actief communiceert, dat er geen garantie is dat je binnen die 10 meter kan parkeren bij je laadpunt.
De heer Kraak: Ik weet eigenlijk gezegd niet als die vergunning wordt toegewezen of dat expliciet in de toewijzing staat van dat het niet kan worden toegewezen. Maar er staat ook niet dat het wel kan. Maar ik ken eerlijk gezegd niet de exacte brief die iemand krijgt. Maar daar kunnen we wel even naar kijken hoe dat eruitziet. De voorzitter: Ook die vraag nemen we mee. Dan gaan we naar mevrouw Kamphuis, SP. Mevrouw Kamphuis: Dank u wel. Mijn batterij is leeg. Ik heb maar twee korte vragen. Letten jullie ook op de prijzen, dat die niet te veel stijgen door de marktwerking? En binnen 200 meter wijzen jullie de vergunning af. Hoe zit het met mensen die een invalidenparkeerkaart hebben en die niet verder kunnen lopen dan een bepaalde meter? De voorzitter: U mag beide vragen beantwoorden. De heer Ramp: Ik moet zeggen dat mijn batterij ook een beetje leeg begint te raken. Wat was vraag één ook alweer? De voorzitter: Ik moet eerlijk zeggen, ik heb niet meegeschreven. De marktwerking. En de tweede vraag was over de mensen die niet verder dan een beperkt aantal meters kunnen lopen. Wat moeten zij met die 200 meter? De heer Ramp: Die eerste vraag ging inderdaad over prijzen. Kijk, we hebben op dit moment het open markt model. Het woord zegt het natuurlijk al, je laat de markt zijn werk doen. Dan kan de markt er ook voor kiezen om de prijzen te verhogen.
Ga je natuurlijk met een concessie werken, wat ook een veelgebruikte optie is vanuit
31
gemeentes om laadpalen te realiseren, dan kun je dat natuurlijk veel beter in de hand houden als gemeente zijnde. Mevrouw Kamphuis: Voorzitter, en de tweede vraag over de mensen met een invalidenparkeerkaart? De voorzitter: Mensen die niet meer dan 40 meter kunnen lopen soms, en daarom een invalidenparkeerkaart hebben, worden hun verzoeken ook afgewezen? De heer Ramp: Dat antwoord moet ik u ook schuldig blijven, maar dat zoeken we uit. Die mensen hebben natuurlijk vaak wel een gereserveerde parkeerplaats dicht bij huis, en meestal voor huis. Dat durf niet te zeggen dat we dan verlengd privaat laden zomaar toestaan, maar ik kan me dat wel indenken als men een elektrische auto heeft. Maar dat zoeken we nog uit. Mevrouw Kamphuis: Voorzitter. De voorzitter: Ook die vraag wordt uitgezocht. Volgens mij heb ik hier iedereen gehad die vragen had. Gaan we weer naar de andere kant. De heer Gorter. De heer Gorter: Dank u wel, voorzitter. Twee vragen. We hebben nog niet zo lang geleden in de commissie insprekers gehad over de situatie over de plaatsingsstrategie op de Singel, waarbij twee keer twee plekken naast elkaar werden ingedeeld.
Ik zou van de heren toch weleens willen horen hoe dat dan in de praktijk gaat? Want daar was vanuit de inwoners veel vraag naar, hoe dat kan gebeuren dat er vier parkeerplekken voor elektrisch laden worden gereserveerd? Mijn tweede vraag gaat over het open markt model. En dat is even een mening. Dat is een vrijbrief voor het huidige tarief. Dat heb ik net al toegelicht. In hoeverre, op het moment dat je met een concessie gaat werken, heeft dan de gemeente Dordrecht invloed op de prijs? Want uiteindelijk denk ik, dat is mijn mening, dat de Dordtenaar zo goedkoop mogelijk uit moet zijn om elektrisch te kunnen laden. Kan dat in die concessie? De voorzitter: Ik geef het woord aan u beiden. De heer Kraak: Bij de eerste vraag moet ik even gissen, omdat ik niet specifiek de situatie ken. Kijk, op twee manieren kunnen er palen worden toegewezen. Dat is op aanvraag van een bewoner. En als er genoeg aanvragen zijn en palen worden ook genoeg gebruikt, wat dan uit data moet blijken, dan zou ervoor gekozen kunnen worden om meteen twee laadplekken aan één paal toe te wijzen. En misschien wel per twee palen vier. Ik denk dat deze, maar dat is even hard op gissen, voortkomt uit de prognosekaart, waarin voorspeld is dat er in die buurt vraag is naar deze plaatsen, die aan de markt zijn gegeven, om daar op te kunnen loten om die plekken aan te kunnen wijzen.
Maar nogmaals, dat is een hardop gissing. De heer Gorter: Voorzitter, mag ik daar een vervolgvraag … De voorzitter: Aanvullende vraag.
32
De heer Gorter: Die insprekers vroegen zich af, en dat ging over de Singel, waarom die plekken niet verdeeld zijn over de Singel en waarom er in dit geval juist gekozen is om twee keer twee oplaadplekken naast elkaar neer te leggen, terwijl er, bij wijze van spreken, 50 meter verderop geen oplaadplek is. De heer Kraak: Die vraag is specifiek voor de locatie. Dat zou ik even bij collega's moeten navragen die die behandeld hebben destijds. Maar het kan best zijn dat ter plaatse het op een andere plek niet kan, vanwege ondergrondse mogelijkheden, aansluitmogelijkheden, dat soort dingen. Maar dat weet ik niet. De voorzitter: En dan hebben we nog de tweede vraag, of het mogelijk is om met concessies de prijzen laag te houden voor de Dordtenaren. De heer Ramp: Kom ik op terug. Ik weet alleen wel dat vaak met meerdere gemeentes kun je een concessie aangaan. En dan heb je wel meer grip op de prijs. Ik weet niet of je hem dan echt heel laag kan houden. Wel lager dan het open markt model, omdat CPO's natuurlijk tegen elkaar op kunnen bieden. De voorzitter: De wethouder gaat even in op de vraag over de concessies. De heer Van der Linden: Ik realiseer me, we hebben het nu over feitelijke vragen. Dit is een technische sessie. Maar een aantal jaren geleden had je eigenlijk drie modellen, vergunningen, concessie en het open markt model.
En het open markt model was toen, onder andere vanwege het harde feit dat je graag zo laag mogelijke tarieven wil, het meest aantrekkelijke model. Want concessies kunnen prijzen hebben die je na twee, drie jaar ook wel even van denkt, die is veel te veel. Maar dan zit je wel aan een prijs. Inmiddels is de wereld wel wat veranderd. En net als sommigen van u ben ik ook wel wat verbaasd over het feit dat we nog steeds best niet extreem mogen, maar best vaak, dat wisselt een beetje per kwartaal, in een wat hogere prijsrange zitten, ondanks dat we nu zeven of acht aanbieders hebben, wat best veel is. Dan zou je denken, die prijs daalt fors. Dat kan aanleiding zijn om daar eens goed naar te kijken. Bij concessies weet je natuurlijk niet van tevoren of het gaat lukken. Als je hele strenge eisen stelt, kan de markt denken, doen we niet, succes met je concessie. En dat is een risico bij concessies. De voorzitter: Een aanvullende vraag, de heer Gorter. De heer Gorter: De wethouder zit nou toch aan tafel. Dan even, kijk, als een aanbieder uit gaat van alleen maar de energieprijs, dan is het probleem er niet. Maar wat je vandaag de dag ziet, is dat ze aansluitkosten rekenen en vanaf het allereerste moment dat die stekker erin gaat kleeftarieven. En nou zag ik net een stukje voorbijkomen dat de gemeente, stond erbij, geen rol van betekenis wil spelen over het kleven bij elektrische palen.
En dat was ook mijn opmerking richting een ander model, en ik hoopte in het concessiemodel daar ruimte voor te vinden, omdat er vloeit heel veel geld in de zakken van de exploitanten, ten koste van de Dordtenaar. En dat vind ik zo zonde. Dat is mijn vraag, is er een model waarbij de prijs bepalend is?
33
De voorzitter: Ik heb gehoord dat er goed gekeken wordt hoe ze dit wel kunnen bewaken. En dat op dit moment al die systemen daar niet meteen het antwoord op geven. Maar nog aanvullend iets. Hou het ook kort. De heer Van der Linden: Kijk, is er een model waarbij je kan garanderen, de prijs wordt laag hoor? Nee, dat is er niet. Natuurlijk niet. Maar situaties kunnen veranderen. Je moet ook heel goed vastleggen welke elementen je wel en niet deel uit wil laten maken van een prijs, enzovoorts. Dat is er niet. Natuurlijk, deze markt is nu veel verder dan vijf of tien jaar terug. Je kan wel veel steeds beter onderscheiden waar je wel en niet op wil letten. Maar ik kan niet vooraf de garantie geven, als we dit model kiezen, zitten we de komende tien jaar met hele lage prijzen. Dat is nu niet te doen. De voorzitter: U zult het er even mee moeten doen, met het antwoord. De heer Tutupoly, volgende vraag. De heer Tutupoly: Ik had twee vragen. Is er een mogelijkheid om prijzen weer te geven bij die laadpalen? Want je gaf zelf al aan, zeven, acht aanbieders, maar die prijzen blijven hoog. Is het dan een mogelijkheid dat je vooraf weet wat die prijzen zijn, op een of andere manier? En daarnaast vroeg ik mij af, er wordt nu vaak genoemd, het plaatsen van palen op basis van strategie.
Hoe wordt die strategie bepaald? Want het valt mij bijvoorbeeld op dat er bij heel veel parkeergelegenheden, bijvoorbeeld bij sportverenigingen, Sportboulevard, et cetera, er geen laadpalen zijn. Natuurlijk zeker met verkeerspleinen, er zijn veel mensen die daar parkeren, die kunnen tegelijk laden. De voorzitter: Twee vragen. Duidelijkheid over de prijzen, en wat is de strategie? De heer Ramp: Om op die prijzen in te gaan, of die zichtbaar zijn voor de gebruikers? Ja, want er zijn apps. En dan kun je precies zien wie welk tarief hanteert en hoe duur dat dan is. Ik weet niet of dat voor alle aanbieders geldt. Maar in ieder geval voor een heel aantal aanbieders kun je gewoon de prijs zien. En de tweede vraag ging over, hoe strategisch … De heer Tutupoly: Hoe de strategie bepaald wordt. De heer Ramp: Hoe dat bepaald wordt. Wij kijken door middel van data. En inderdaad de strategie van, welke plekken komen daarvoor in aanmerking? U zegt, er zijn bijvoorbeeld sportclubs waar dat niet of nauwelijks is. De heer Tutupoly: Bijvoorbeeld Halmaheiraplein, om maar even iets te noemen. Een vrij groot parkeerterrein. Als je daar wat plaatst, een soort laadpleinen zou maken, dan zou het misschien ook de veiligheid 's avonds ten goede komen, omdat er meer reuring ontstaat.
De voorzitter: Maar we keren even terug naar de vraag, hoe wordt de strategie bepaald? En er worden al voorbeelden gegeven van waar het volgens mijnheer Tutupoly in elk geval beter zou kunnen. Maar we gaan even terug naar de vraag. De heer Ramp: Hoe precies de strategie bepaald is, is voor mijn tijd geweest. Dat antwoord moet ik schuldig blijven. Alleen we kijken vooral naar strategische plekken
34
waar mensen geen aanvraag kunnen doen. En dat is denk ik onder andere sportclubs, maar ook hier in de binnenstad of bij Biesbosch parkeren. Inderdaad, als er uit data blijkt, daar komen veel elektrische auto's of meerdere elektrische auto's, dan kunnen we daar palen plaatsen, of tenminste, dan kunnen we de mogelijkheid bieden om daar palen te plaatsen. De voorzitter: Dan gaan we naar de heer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Voorzitter, ik heb nog eens even gekeken naar die getallen bij de prognoses, onder 5. En zeker als het gaat over de laadpalen, dan zijn die eigenlijk heel verontrustend. Want dat betekent een soort laadpalencongestie, waarbij je je moet af gaan vragen, jongens, waar moet je al die laadpalen plaatsen? Maar dat in relatie tot de technologische ontwikkelingen. Want die mis ik een beetje in deze prognose. We hebben het gehad over laadpleinen. Prima om daar nog sterker over na te denken, maar dat wringt met dit soort prognoses. Want als je inspeelt op de technologische ontwikkelingen dat je in feite het laden van elektrische auto gelijkstelt aan naar de benzinepomp voor een conventionele auto, dan zou dat toch een veel betere oplossing zijn om niet deze congestie van laadpalen, ik zou zeggen, om elke 10 meter van die stad te gaan creëren. De voorzitter: Maak er even een technische vraag van.
De heer Oostenrijk: Hoe wilt u in uw overwegingen, want zit in dat rijtje van die overwegingen, die technologische ontwikkeling wat nader duiden ten opzichte van die prognoses? Want het is het een of het ander. Als je de techniek uitschakelt, dan zullen die prognoses wel kloppen. Maar hoe kunnen we daar een wending aan geven, zodat we niet de hele stad vergeven krijgen van laadpalen, maar dat mensen op een andere, effectieve manier snel hun auto, zoals de benzineauto kunnen laden? De heer Ramp: Ik denk dat deze prognose inderdaad vooral laat zien dat als we op deze manier doorgaan, dat het inderdaad een soort palenfestijn wordt in de stad. En de technieken, bijvoorbeeld die snellaadpleinen, ook in woonwijken mogelijk te maken. Dit is in een opstartfase, waardoor je die nog niet in een prognose mee zou kunnen nemen. Maar ik denk wel dat je uit deze prognose kan zien van, daar moeten wel andere ontwikkelingen bij komen. Daar ben ik het helemaal met u eens. Maar of we die zichtbaar kunnen maken en zo, een betere prognose? En inderdaad, het is misschien wel of, of. Of je gaat inderdaad die techniek volgen en een beetje naar hetzelfde idee als een benzineauto voltanken. Dan heb je geen laadpalen meer nodig bijna. Maar dat kunnen we nu nog niet zichtbaar maken in een prognose. En wij maken die prognose ook niet. Dat doet het CROW of ElaadNL of een andere instelling, organisatie.
De heer Oostenrijk: Voorzitter, ik snap de reactie. Maar je kan natuurlijk door nieuwe ontwikkelingen te entameren wel indirect die prognose beïnvloeden. In die zin, door het sterker inzetten op andere vormen van laden, kan je die prognose beïnvloeden. En ik denk dat dat een goede zaak is. Maar u denkt er al echt sterk over na. En ik beklemtoon dat maar.
35
De voorzitter: Ik heb gemerkt dat het wordt meegenomen. Ik zag nog een vraag bij de heer De Gelder. De heer De Gelder: Dank u wel, voorzitter. Ik vroeg mij nog af, als ik terugga naar artikel 12, we hadden het over A en B. Eigenlijk mijn eerste vraag is, hoeveel verlengde private aansluitingen zijn er geweest in een jaar? De heer Kraak: Sinds 2022 zijn er 12 aanvragen toegekend. Dus 12 vergunningen verleend. De voorzitter: Maar ik hoorde de vraag, hoeveel aanvragen zijn er geweest, of niet? De heer De Gelder: Ja, dat was de eerste. En als tweede, als je A weghaalt en je hebt alleen A of A en B, wat is het verschil in het aantal aansluitingen wat je dan doet? De heer Kraak: Dan zouden we even moeten spitten in de archieven, hoeveel aanvragen er geweest zijn? Ik weet wel van collega's die die aanvragen behandelen dat er ook veel onofficiële aanvragen zijn. Dat mensen eens peilen, hoe zit dat met dat … En dat ze dan eigenlijk al afzien van de aanvraag, omdat ze horen hoe die behandeld wordt. Al geven we technisch het antwoord, is dat nog niet helemaal de echte vraag vanuit de bewoners die er is voor die vergunningen. De voorzitter: Zijn er nog vragen? Mag ik jullie beiden heel erg bedanken voor het beantwoorden van zoveel vragen. En er komt nog een aanvulling van de heer Kraak.
De heer Kraak: Ik kreeg nog door, en dat vond ik wel goed om toch nog even te melden, want anders moeten we het achteraf doen, maar nu, er is zo vaak iets gevraagd over die prijs. Ik heb begrepen dat de Europese Unie ook bezig is om nieuwe regels in te voeren, om juist duidelijk te krijgen hoe dat zit met die opbouw van die tarieven. Daar wordt niet, gelukkig, alleen straks vanuit de gemeente naar gekeken, maar veel breder. Ik denk ook dat dat de plek is waar dat thuis wordt. De voorzitter: En die regels uit Europa gaan boven de Dordtse regels? Oké. Mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Dat wekt gelijk een vraag op. Ik vraag me af, hoelang gaat het duren? En als het nog een paar jaar gaat duren, kunnen wij dan niet voor zijn? De heer Kraak: Ik weet niet hoelang dat gaat duren. Geen idee. En als wij met een concessiemodel zouden gaan werken, dan gaan we er sowieso anders naar kijken. De voorzitter: Dan gaan we toch naar een afronding toe van deze vergadering. Ik merk dat het heel veel losmaakt en dat iedereen er echt ook heel veel over wil weten. Gewoon hele praktische dingen. Hoe werkt dat? Hoe werkt dat bij mij in de straat? En iedereen heeft de voorbeelden paraat. We zijn bijgepraat over de infrastructuur, over het beleid, zoals dat nu is, over ook wat veranderingen die te overwegen zijn. Maar er komt geen nieuw beleidsvoorstel. Ik weet niet goed hoe dat dan verdergaat.
Maar dat zullen we dan zelf moeten vragen, denk ik, of er komt op een gegeven moment wel wat. Wilde je daar iets over toevoegen?
36
De heer Van der Linden: Dit is een behandeling naar aanleiding van artikel 40-vragen beantwoording. Daar zit natuurlijk niet een nieuw voorstel bij. En dit is een technische sessie. Wij gaan ook geen politieke vragen stellen. Maar ik voeg er alleen aan toe dat ik zelf wel merk, het afgelopen halfjaar ben ik een paar keer benaderd over, wat gek. Maar ik snap het, want het is ook wel lastig voor iemand die met een rollator over de stoep gaat en dan struikelt. Snap ik. Hoe werkt dat? Ik merk zelf dat de maatschappelijke vraag naar, moeten we dat niet verruimen, groter is geworden. En daarom hebben we ook wel gemeend dit iets breder te moeten toelichten dan dat we normaal op een artikel 40vragen beantwoording doen. Daar laat ik het voor nu even bij, want er is inderdaad geen voorstel. De voorzitter: Er is geen voorstel, maar ook de presentatie veronderstelt natuurlijk wel dat er iets aanstaande is. Wat doen we dan? De heer Wringer: Voorzitter. De voorzitter: De heer Wringer.
De heer Wringer: Dank u wel. Dat klopt misschien wel, maar het college gaat wel de nadere regels en vrijstellingsbesluit, inzake oplaadinfrastructuur elektrische voertuigen Dordrecht aanpassen, door onder andere dat punt 12A eruit te halen en de eisenlijst toe te voegen. Daarop zouden wij als raad, als commissie ook nog amendementen of moties kunnen indienen. De heer Van der Linden: Nadere regels zijn een collegebevoegdheid. En dit is een technisch ding. Dat kunnen we doen. Maar ik merk, gezien die vragen die ik zelf krijg en ook gezien de vragen die hierbij leven, dat dat wellicht niet afdoende is. Kijk, wat ik zou kunnen doen, is aanbieden. Ik doe maar een aanbod, als dat mag van u. De voorzitter: Ik voel ook dat dat mag. De heer Van der Linden: Het mag ook een toezegging zijn. De voorzitter: We gaan eerst even afwachten wat er komt. De heer Van der Linden: Ik kan mij voorstellen dat u mij de vraag zou stellen, beste wethouder, gezien wat we nu hebben gehoord, wilt u eens een raadsinformatiebrief sturen over verlengd privaat laden? Want we snappen heus dat er nadelen zijn. We snappen ook dat het niet in heel de stad kan. En we snappen ook dat er voordelen zijn en dat de vraag, en het is gestegen … Leg dat nog eens eventjes op papier, zodat we ook kunnen zeggen, dit moet anders of we houden het toch maar zo. Iets in die sfeer.
De voorzitter: Wie zegt, dat is voor mij niet nodig? Wie zegt, ik ben er neutraal in? En wie vindt het allemaal wel handig dat er zo'n RIB komt? Zullen we die dan samen vragen met de beantwoording van alle vragen die nu … Die zullen ongetwijfeld in die RIB ook al deels
37
behandeld worden. Dan kunnen we dat beide tegemoetzien. Dat is denk ik een mooie afronding van deze vergadering, waarin toch ook wel heel veel vragen openliggen en er eigenlijk wel degelijk werk is meegegeven richting college en ambtenaren. Er is nog een nabrander, zie ik. Mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Toch nog even specifiek. De wethouder heeft het over een RIB. En die snap ik. Alleen het geeft de indruk dat die RIB gaat over dat verlengde laden. En de discussie is natuurlijk breder geweest. Het is even de vraag wat de inhoud van die RIB nu feitelijk gaat worden? Want het is natuurlijk een verenging ten opzichte van de hele discussie die we hebben gehad. De heer Van der Linden: Twee dingen. Plaatsingsbeleid. We kunnen het verlengd privaat laden meenemen in ons plaatsingsbeleid. En dat is een collegebevoegdheid. Kunnen we best snel, snel is niet twee maanden, maar dit jaar nog regelen. Daaraan voorafgaand zou ik u wel graag willen informeren over de voor- en nadelen en overwegingen die er te maken zijn rond verlengd privaat laden. Want die zijn er. Daar wil ik me nu op focussen, gezien het feit dat we nu een artikel 40-vragen beantwoording hebben behandeld over dit onderwerp. De voorzitter: Het is geen toezegging richting u dat het breder wordt dan wat er nu is toegezegd.
Dan moeten wij nog wel officieel vaststellen dat we hebben kennisgenomen van artikel 40-vragen en de beantwoording daarvan, want dat is gewoon een officiële vaststelling. Dat zie ik dat gedaan kan worden. En dan wil ik u vragen om alles netjes hier op te ruimen en netjes achter te laten, stoelen weer aan te schuiven, bordjes mee te nemen, flesjes, enzovoort. Allemaal wel thuis. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 27 mei 2025.
De griffier,
De voorzitter,
A.E.T. Wepster
P.A.C.M. van der Velden
38