2.8 Notulen Gemeente Dordrecht Commissie Fysieke Leefomgeving 7 juli 2021 - getekend.pdf
Tekst van het document
TRAA
DORDRECHT 21 SEP. 2021 VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING V LEEFOMGEVING DORDRECHT D.D. 7 JULI 2021 Vergaderkamer 1
Agendanunt •
2
i3t6tOM—MISSIE FYSIEK
Voorzitter: mevrouw Klein-Hendriks Commissiegriffier: de heer Den Boer Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Chapel (CDA) Dhr. aindogdu (Beter Voor Dordt) Dhr. Den Heijer (VVD) Dhr. Jansen (PvdA) Dhr. Van der Klaauw (Gewoon Dordt) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Dhr. Kuhlmann (VVD) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Dhr. Noldus (VVD) Dhr. Oostenrijk (CDA) Dhr. Portier (SP) Dhr. Van der Klaauw (Gewoon Dordt) Dhr. Soy (Beter voor Dordt) Dhr. Stolk (VSP) Dhr. Struijk (ChristenUnie/SGP) Portefeuillehouders: wethouder P. Sleeking, wethouder M. Stam Opening
1. Opening, mededelingen en vaststellen agenda De voorzitter: Heren, zouden jullie allemaal plaats willen zoeken? Het is 19:00 uur. Ja, ik heb geen keuze: het is heren. Ja, ik wil u ook wel dames noemen hoor. Dat is prima tegenwoordig. Mensen inderdaad, ja. Nou hier staat dames en heren, maar welkom in elk geval bij deze vergadering van de commissie Fysieke Leefomgeving. We zijn dit keer ook fysiek aanwezig. Op de agenda staan vier inhoudelijke bespreekpunten. Dat betekent dat we waarschijnlijk wel de tijd nodig zullen hebben. Vijf inhoudelijke bespreekpunten, dank u wel. Vijf inhoudelijke bespreekpunten, dus die tijd zullen we wel nodig hebben. Maar toch hoop ik dat we ook nog wat tijd tussendoor genoeg hebben om elkaar even ook live te spreken. Voor het verslag. Anders dan met de digitale vergaderingen zal ik zelf de namen opnoemen van de mensen die in deze vergadering aanwezig zijn. Dan begin ik gewoon van links. De heer Oostenrijk is aanwezig. De heer Struijk is aanwezig van de ChristenUnie/SGP. De heer Oostenrijk van het CDA. De heer Van der Klaauw van Gewoon Dordt. De heer Kleinpaste van Gewoon Dordt. De heer Kuhlmann van de VVD en de heer Noldus van de VVD. De heer Van der Meer van GroenLinks en de heer Portier van de SP. De heer Chapel van het CDA. De heer Stolk van VSP en de heer Jansen van PvdA. En de heer Gundogdu, die konrit net binnenlopen, van Beter Voor Dordt.
En de heer Stam is aanwezig als wethouder. En de griffier. Dank u wel. En mijn naam is Ingrid KleinHendriks, uw voorzitter. Ik streef ernaar dus om 23:00 uur te beeindigen en ik ga
met u samen de agendapunten doorlopen. Dus daar ligt nu een agenda voor. Kunt u alien instemmen met deze agenda? Ja. De heer Jansen: Voorzitter? De voorzitter: De heer Jansen. De heer Jansen: Ja. Ik heb hem even niet voor mijn neus, maar er zit een, volgens mij punt 4, een vraag van de VVD ter bespreking. Dat is in mijn ogen een meer technische vraag en niet zozeer een bespreekvraag. Dus ik zou eigenlijk voor willen stellen om die niet te bespreken en als technische vraag te behandelen, laten beantwoorden door het college en voor de rest gewoon doorsturen naar de raad. De voorzitter: Nou heeft u het over ... Mijnheer Jansen? Mag ik u even onderbreken nu? Heeft u het over punt 4 van de agenda of heeft u het over een ander punt van de agenda? We zijn nu bij het onderdeel vaststellen van de agenda. De heer Jansen: Ja, correct, punt 8. De politieke vraag voor de bespreking is: is het voorgestelde gemeentelijke rioleringsplan voldoende adequaat tegen de wateroverlast in onze stad? Dat lijkt ons een technische vraag en niet een politieke vraag. De voorzitter: Ik ga hier nu geen discussie over ... Heel eerlijk gezegd, als u dat goed vindt mijnheer Kuhlmann, omdat volgens mij sowieso adequaat niet per se een technische vraag hoeft te zijn. Dus ik wilde dat bij de bespreking ...
En misschien is het een idee als u de volgende keer opmerkingen heeft over de vragen, de politieke vragen erbij, om dat toch ook even op voorhand en misschien met uw collegaraadslid dan even op te nemen. De heer Jansen: Waarvan akte, dank u. De voorzitter: Dank u wel. Dan stelt de agenda vast zoals die voorligt.
2. Vaststellen besluitenlijst adviescommissie van 29 juni 2021 De voorzitter: Dan zijn we nu bij de besluitenlijst. De besluitenlijst van de adviescommissie van 29 juni 2021. Er zijn geen wijzigingsvoorstellen ingediend. Kan de commissie hiermee instemmen, met die besluitenlijst? Ik kan rondkijken, dat is best leuk. Goed, dan gaan we nu naar Hele nieuwe ervaring.
3. Vragen aan het College De voorzitter: Dan gaan we nu naar punt 3, vragen aan het college. De heer Struijk van de ChristenUnie/SGP, die heeft vragen aangemeld over de snelle toename van het aantal elektrische steps in Dordrecht. Mijnheer Struijk, u krijgt het woord. De heer Struijk: Dank u wel voorzitter. Een hele korte inleiding. Enkele weken geleden las ik een advertentie van een grote winkelketen, waarvan de naam activiteit suggereert, waarin een elektrische step werd aangeboden voor kinderen, € 89,95. Er stond bij: buitenspelen was nog nooit zo leuk. Diezelfde dag las ik over een ernstig ongeluk in Den Haag waarbij een kind met zo'n vervoersmiddel geschept werd en
zwaargewond naar het ziekenhuis moest worden vervoerd. Dat riep bij mij de volgende vraag op. Is de wethouder op de hoogte van de snelle toenanne van het aantal elektrische steps in Dordrecht? Weet hij dat het overgrote deel daarvan een niet-goedgekeurde versie betreft? Dus illegaal is. Zijn er in Dordrecht al gevallen, ongevallen, waarbij een elektrische step betrokken was geregisseerd? En is er actief beleid om het illegaal gebruik van dit vervoersmiddel te bestrijden? Dat waren mijn vragen. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Struijk. Nu is de heer Stam aanwezig om deze vragen namens de heer Van der Linden denk ik als portefeuillehouder te beantwoorden. Dank u wel. De heer Stam: Ja dank u wel voorzitter. Ik zal proberen de vragen zo kort en bondig mogelijk te beantwoorden, omdat het eigenlijk voor collega Van der Linden is, ik heb ze gemaild gekregen. Ja het college is bekend met die snelle toename en het is ook bekend dat niet al die elektrische steps goedgekeurd zijn en we verwachten dat dat inderdaad het merendeel is, maar daar hebben we nog geen cijfers of gegevens over beschikbaar. En hoewel je die elektrische step in Nederland al regelnnatig voorbij ziet komen, zijn niet alle e -steps goedgekeurd voor de openbare weg. Het gebruik van een elektrische step op de openbare weg is in de regel niet toegestaan.
Dit betekent dat je enkel op priveterrein, zoals in je tuin of oprit, gebruik mag maken van een elektrische step. Voordat een elektrische step de openbare weg op mag dient deze gekeurd en als bijzondere bromfiets aangewezen te worden door de RDW. Uit ongevallenregistratie kunnen we op dit moment niet opmaken dat wij al ongevallen hebben gehad in Dordrecht, want de elektrische step is geen voertuigcategorie die geregistreerd wordt. We hebben ook geen lokaal beleid voor de elektrische steps. De gemeente volgt als wegbeheerder het toelatingsbeleid van de RDW en handhaving op dit onderdeel is een politietaak. In regionaal verband gaan we bespreken of we hier in de verkeerslessen op de basisschool aandacht aan kunnen besteden. Dan gaat het om de scholen die meedoen aan School op SEEF. Tot zover voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Stam. Mijnheer Struijk. De heer Struijk: Ja, hartelijk dank voor de beantwoording. Hebben we toch een aanvullende vraag. Als ik het goed begrepen heb doet de politie dus helemaal niets. Er wordt niets in beslag genonnen, er wordt niet bekeurd. Is mijn conclusie terecht? De voorzitter: Mijnheer Stam, kunt u deze vraag beantwoorden? De heer Stam: Nee, ik kan alleen maar zeggen wat een boeven als ze dat niet doen.
Maar het is een taak voor hun, dus ze zouden die op moeten pakken, dus ik kan die wel meenemen richting onze burgemeester met de vraag of die hier aandacht voor kan vragen. De heer Struijk: Ja, het punt is namelijk, dat was in Den Haag, maar in alle comnnentaren bij dat ongeluk, daar las ik de reacties en die moet je altijd wel met een korrel zout nemen, het is apart publiek dat reageert, maar dat de gewoonte van de politie ter plekke was als ze zo'n vervoersmiddelen zagen, en er reden er heel veel, gauw de andere kant opkijken. En ik ben een beetje bang dat dat een trend wordt ook in andere steden en dat nnoeten we niet hebben, want we willen geen
ziekenhuizen waar de coronapatienten uit zijn en vervolgens bedden ingenomen worden door kindertjes die op een stepje reden en er niet mee om kunnen gaan.
De voorzitter: Mijnheer Struijk dank u wet. Ik denk dat wethouder Van der Linden ook deze wel gehoord heeft en de heer Stam zal het ook meenemen naar de heer Van der Linden denk ik. Dank u wet.
Agendadeel: Nieuwe behandelvoorstellen
4. Toepassen Wet voorkeursrecht gemeenten (ex artikel 4 Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg)) op het plangebied Weeskinderendijk te Dordrecht (Spoorzone) — Raadsvoorstel De voorzitter: Dan komen we toe aan het agendadeel. Er zijn drie - een, twee, drie ja, ik heb het nu wet goed, drie behandelvoorstellen die op de agenda staan. Onder punt 4 het raadsvoorstel Toepassen Wet voorkeursrecht gemeenten op het plangebied Weeskinderendijk te Dordrecht. Het behandeladvies is: als hamerstuk naar de raad sturen. Daar kunt u mee instennmen.
5. Raadsinformatiebrief Groenplan Stadswerven — Raadsinformatiebrief De voorzitter: Punt 5, de raadsinformatiebrief Groenplan Stadswerven. Daar luidt het behandeladvies om de raadsinformatiebrief na het zomerreces op de connmissieagenda te zetten, waarbij een presentatie over het Groenplan kan plaatsyinden en het advies is om tevens het college te vragen om tevens een consultatienotitie over het gebied Wantij-West naar de connmissie te sturen, die dan samen met het Groenplan kan worden geagendeerd. Ik neem aan dat dat de goedkeuring van u commissie kan wegdragen? Dan is dat ook de vraag voor het college. De heer Portier: Voorzitter? De voorzitter: De heer Portier. Sorry. Ja, mijnheer Portier. De heer Portier: Ja, een opmerking daarover. Er zijn wet heel veel commissies naar wet erg veel tijd in beslag genomen wordt door allerlei presentaties waar ik me afvraag: wat is de toegevoegde waarde ten opzichte van de informatie die we toch al hebben? Dus ik vraag mij af hoe de andere commissieleden daarover denken? De heer Kleinpaste: Voorzitter? De voorzitter: Ja, de heer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ja het lag op mijn lippen om een vergelijkbare opnnerking te maken. Ik zou best willen oproepen om wat selectiever te zijn met het aantal presentaties in commissies, want we kunnen allennaal lezen.
De voorzitter: Dan, commissieleden, dan begrijp ik de opmerkingen zodanig dat het echt wet gaat om een bespreking van het Groenplan, want dan voorligt. Eerder dan om enkel een presentatie van het Groenplan. Ik vertaal hem even zo. Klopt dat? Dan
is de vraag aan de griffier om, mocht er toch een presentatie worden voorbereid, om die dan in elk geval niet veel van de bespreektijd te laten kosten. Dus een beperkte presentatie.
6. Raadsinformatiebrief Staand van zaken luchtkwaliteit — Raadsinformatiebrief De voorzitter: Dan ben ik bij punt 6, de Raadsinformatiebrief Stand van zaken luchtkwaliteit. Het behandeladvies luidt daarom dit ter kennisname naar de raad te sturen. Zijn de commissieleden het daarmee eens? Er wordt geknikt. 0 wat is dat heerlijk, en wordt weer geknikt. Ja, fijn. Agendadeel overig 7. Termijnagenda commissie Fysieke Leefomgeving De voorzitter: Dan ben ik bij punt 7, de termijnagenda van de commissie Fysiek. Kan de commissie zich vinden in de voorliggende termijnagenda? Ja, dat kan. Dan is het nu 19:10 uur. Dank u wel griffier, goed getimed. Stukken ter bespreking
8. Vaststellen Gemeentelijk Rioleringsplan 2021-2025 — Raadsvoorstel
9. Raadsinformatiebrief beantwoorden motie 200714/M6 Hemelwater, niet altijd een zegen (Aanpak wateroverlast juni 2020) — Raadsinformatiebrief De voorzitter: Gaan we naar het volgende punt, dat is de vaststelling van het gemeentelijke rioleringsplan 2021-2025 en de raadsinformatiebrief, dat is punt 9, beantwoording motie Hemelwater, niet altijd een zegen. De agendapunten 8 en 9 worden gezamenlijk besproken. De portefeuillehouder is aanwezig, dat is de wethouder de heer Stam. En ter ingeleide, ik wijk iets af van de aantekeningen van de griffier: elke gemeente moet volgens de Wet milieubeheer over een gemeentelijk rioleringsplan beschikken en u kunt zich voorstellen dat een goed rioleringsbeheer van belang is voor de uiteindelijke kwaliteit van de bodem, het oppervlaktewater en het grondwater, want het hangt sannen met elkaar. En onderdeel van het gemeentelijk rioleringsplan is het overzicht van de financiele gevolgen daarvan. De wet geeft aan bij wie de totstandkoming moet worden betrokken en geeft u, althans de raad, de bevoegdheid om het vast te stellen. Overigens kondigt het rioleringsplan ook aan dat om de Omgevingswet gewerkt zal gaan worden met een onverplicht rioleringsprogrannma.
Het Gemeentelijk Rioleringsplan gaat weliswaar voor een groot deel over de riolering zelf, maar besteedt ook verplicht aandacht aan de zorgplichten voor grond- en hemelwater, en op dit laatste onderwerp ligt ook de link met de raadsinformatiebrief over de aanpak van wateroverlast. Deze is er gekomen naar aanleiding van de motie Hemelwater, niet altijd een zegen, die op 14 juli vorig jaar is aangenonnen. De focus van de bespreking van vanavond ligt denk ik met name op dit thema. Wellicht is het goed om de eerste termijn te beginnen met de indieners van die betreffende motie, dat zijn CDA, SP en VVD. Dus ik wit van die drie Nou de heer Kuhlmann reageert meteen. De heer Kuhlmann als eerst het woord geven. Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Dank u wet voorzitter. Om te beginnen is het denk ik goed om te
beseffen dat het riool en afwateringssysteem een prachtig stuk techniek. Een Dordtenaar uit de middeleeuwen zou ervan staan te kijken dat er geen drollen door de havens en de grachten dobberen, dat er geen pislucht hangt in de straten, en dat iedereen een stuk gezonder is. Dankzij het riool is namelijk de kans op allerlei ellendige ziektes zoals cholera, hepatitis en de pest een heel stuk kleiner. Ook als je terugdenkt aan de tijd van krottenwijken, waarin hele gezinnen in een natte kelder woonden die bij een buitje onder water liep, besef je dat we een enorme ontwikkeling hebben doorgemaakt. Het is dan ook wrang als je weet dat onze stadsgenoten in verschillende buurten Wat onze stadsgenoten in verschillende buurten verleden jaar is overkomen. Als het water via je voordeur naar binnen stroomt, bruin rioolwater via het doucheputje je badkamer instroonnt en de drollen vanuit je wc je huis binnendrijven, dan voel je je teruggeworpen in de middeleeuwen. Het klimaat verandert en ons riool en afwateringssysteem moet mee veranderen. De Dordtse VVD wil niet alleen een mooi-weer-riool, naar een systeem dat oak is toegerust op de hele hevige buien zoals die van vorig jaar.
Als we kijken naar het voorstel voor het nieuwe gemeentelijke rioleringsplan, en naar de notitie in reactie op de motie die de Dordtse VVD en andere partijen hebben opgesteld am de overlast van zeer hevige regenbuien aan te pakken, dan staan daar goede punten in, zoals onder andere het vergroten naar een twee keer zo grate rioolbuis bij het Geldelozepad, een extra nooduitlaat voor de riolering van regenwater van de Augestijnenkamp en de Museumstraat, en een speciaal regenwaterriool bij de Komatistraat met een afvoer naar de Spoorsloot van de Annbonstraat. En ik noem er nu enkele, maar er zitten gelukkig veel meer goede maatregelen in en ik wil daar oak bij zeggen een compliment naar de wethouder en met name natuurlijk zijn ambtenaren. Ik heb de indruk dat dit helder is gecommuniceerd naar bewoners in die straten, in elk geval Van Eedenstraat kreeg ik een compliment van nou dit is iets, daar kunnen we wat mee. Dat is denk ik een goed punt. Ander onderdeel in de stukken. We vinden het oak verstandig am de aanleg van een tweede persleiding te onderzoeken, van het hoofdrioolgemaal op het Leerpark naar de zuiveringsinstallatie achter HVC op de Staart. Behalve dat we geinteresseerd zijn in de mogelijke kosten van zo'n project willen we oak graag dat in het onderzoek de scenario's warden geschetst die zich kunnen voordoen als we niet investeren in zo'n tweede persleiding.
Er staan echter oak een aantal punten in het stuk waar we als Dordtse VVD moeite mee hebben. Ik vraag de wethouder en zijn ondersteuning am nu even extra op te letten, zodat hij hier zo dadelijk op kan reageren. Zo staat er in de stukken, ik citeer: 'Wij, de gemeente, verwachten dat bewoners bij droogte of potentiele grondwateronderlast controleren of hun fundering op houten palen voldoende onder water staan'. Einde citaat. Ik vind dat nogal wat. Ik ken geen huiseigenaar die nadat hij heeft gekeken bij zijn gevel of het schilderwerk weer eens aan de beurt is, vervolgens even gaat kijken naar zijn funderingspalen, hoe die erbij liggen. Dat kan namelijk niet zo makkelijk, omdat die bepalen diep onder de grand van je huis liggen. Wat ons betreft is het dan oak niet gek als de gemeente huiseigenaren persoonlijk waarschuwt als de grondwaterstand daar aanleiding toe geeft. Het blijft natuurlijk duidelijk de verantwoordelijkheid am daar maatregelen te nemen, ligt bij eigenaren, maar het is denk ik niet verkeerd als de gemeente een beetje meedenkt en mensen erop attendeert in de situatie dat dat mogelijk een probleem kan zijn. Oak staat er in de stukken, ik citeer weer: 'Wij, de gemeente, verwachten dat water-op-straat meer wordt geaccepteerd'.
En ik citeer opnieuw: 'Zolang hemelwater op straat of in het groen blijft staan zien we', de gemeente wordt daarmee bedoeld, 'het niet als wateroverlast, tenzij het langdurig blijft staan of belangrijke wegen blokkeert'. Einde citaat. Je zult maar net met een paar mooie leren
schoenen op de fiets door een straat moeten waar het water kniehoog staat. Wat betreft de Dordtse VVD streven we ernaar dat straten niet incidenteel veranderen in een openbaar zwembad. Dat is ook veiliger voor het verkeer. En tenslotte ben ik ook nog wel geschrokken van de volgende potentiele maatregel tegen wateroverlast in de stukken, ik citeer: 'de oude woning afspreken en een nieuwe klimaatbestendige woning realiseren'. Einde citaat. Wat ons betreft is dat totaal het verkeerde antwoord wanneer een stadsgenoot bij de gemeente aanklopt voor hulp tegen regenwateroverlast. Dat was hem. Dank u wel voorzitter.
De voorzitter: Dank u wel mijnheer Kuhlmann. Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja ik heb een vraag aan de heer Kuhlmann, namelijk of ik uit zijn betoog moet afleiden dat hij eigenlijk vindt dat alle hemelwater, laat ik het daar even toe beperken, via het riool afgevoerd moet worden. Is dat de implicatie van uw stelli ng name? De voorzitter: Mijnheer Van der Meer dat is een goede vraag voor de heer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ja, dank u. Nee dat vind ik niet. Dat kan ook op andere manieren. Zoals ik net zei: we zien een maatwerkoplossing in elk geval voor de Komatistraat waarbij een aparte leiding het hemelwater afvoert naar een nabijgelegen sloot, dan komt het niet in het rioolsysteem terecht. Wat ik probeerde te zeggen, en ik begrijp dat dat misschien niet in honderd procent van de gevallen kan, maar zo nnakkelijk als ik het in de stukken echt een paar keer ziet terugkomen van nou accepteer maar dat straten onder water kunnen staan, daar heb ik wel wat moeite mee. Ik denk dat we tot het uiterste moeten gaan om te voorkomen dat dat zo is, omdat een staat onder water in mijn ogen in elk geval best wel voor wat overlast zorgt. Dat is het punt dat ik wilde maken. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Kuhlmann. Zijn er verder nog vragen aan de heer Kuhlmann? Dan wilde ik ... Wel, o oke. Ja, mijnheer Van der Klaauw.
De heer Van der Klaauw: Ja ik heb een vraag aan de heer Kuhlmann. Wat bedoelt de heer Kuhlmann met een mooi-weer-rioolstelsel? In onze ogen is er maar een stelsel. De heer Kuhlmann: Wat ik daarmee bedoel is dat we het riool moeten aanpassen naar de omstandigheden van vandaag. Het klimaat verandert, dus het rioolstelsel en het afwateringsstelsel moet ook mee veranderen. Er staan gelukkig goede maatregelen in, dus die ondersteun ik, dus we moeten de boel veranderen. Als we dat niet zouden doen Stel dat er, ik weet niet of er mensen zijn hier in de connmissie, maar als er nnensen zijn die zeggen van nou doe het allemaal maar niet, ja dan kom je in de situatie dat je alleen maar een mooi-weer-riool hebt. Dat lijkt ons geen goed idee. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Kuhlmann voor het antwoord. De heer Struiik: Voorzitter? De voorzitter: Ik heb ook een hand gezien van de heer Jansen, dus daar ga ik eerst heen mijnheer Struijk. Mijnheer Jansen.
De heer Jansen: Ja ik hoor de heer Kuhlmann zeggen: we moeten het rioolstelsel aanpassen aan het klimaat van deze tijd. Is de heer Kuhlmann dan niet met mij eens dat we niet alleen het rioolstelsel maar ook de bestrating in de achtertuinen en de voortuinen aan moeten passen aan het klimaat van deze tijd? Want dat is nog steeds de nneest effectieve manier om hemelwater af te voeren. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Kuhlmann, een ja of nee? De heer Kuhlmann: Nou, gelukkig ga ik zelf over mijn antwoord. In die zin ja het is natuurlijk ... De gemeente heeft een rol, maar wij geloven inderdaad ook in eigen verantwoordelijkheid. Het is niet goed om je op het moment dat je in een gebied zit waar dat probleenn zich extra voordoet, om dan alles vol te leggen met tegels. Daar help je jezelf niet mee. De voorzitter: Dank u wel. De heer Stolk. Ik konn zo bij u. De heer Stolk: Ja ik wilde mijnheer Kuhlmann ook vragen: is er een dotje geld vrij om dit allemaal te realiseren? Want het is nogal wat. De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Nou, ik ben blij met die vraag. Ja gelukkig wel. Het zit namelijk zo: al in het coalitieakkoord is hier geld voor vrijgespeeld. Dus dat kan. Het is ook belangrijk dat we dat doen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Struijk. De heer Struijk: Ja mijn vraag ligt een beetje in het verlengde van de vraag van mijnheer Stolk.
Tot hoe ver wil de VVD gaan? Want in het plan lees ik over hevige buien, 30 mm, dat wordt at hevig genoemd. Anderhalve week geleden hadden we in Limburg buien van bijna 100 mm. Je kunt alles natuurlijk laten afvoeren door een riool in heel korte tijd. Maar dat gaat echt een vermogen kosten. En dan vraag ik: is de VVD bereid om de lasten met pakken bij het vijftig, zestig procent te verhogen? De voorzitter: Tot hoe ver verhogen, mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Nou ik denk dat er, sterker nog ik weet dat er binnen het bestaande budget wat we gelukkig ook met de ChristenUnie/SGP, met andere coalitiegenoten hebben afgesproken, dat er heel veel kan. Dus het is goed dat die maatregelen worden genonnen. Dus ik denk dat het geld geen probleem is. We kunnen dit gewoon gaan doen. En als er aanleiding is om meer te doen, dan moeten we opnieuw dat gesprek aangaan. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Kuhlmann. Dan wilde ik het woord geven, ik denk aan de heer Chapel? Ja, mijnheer Chapel. De heer Chapel: Dank u voorzitter. Voorzitter, goed dat we een nieuw plan krijgen. Maar als je dit leest als Dordtenaar en je woont in die gebieden, zoals de Vriesestraat, Reeweg, of je bent ergens woonachtig in het Reeland, Indische Buurt, Toulonselaan
en omgeving, en zelfs een gedeelte Sterrenburg. Dan lees je als Dordtenaar terug: is mijn probleem als Dordtenaar afdoende aangepakt en wordt die ook afdoende aangepakt? Wij van het CDA denken nee. Het antwoord op deze vraag is dus nee. Want we accepteren nog steeds een straat onder water. En daarnaast is natuurlijk ook de vraag, zoals bij de Komatistraat: gaat dit alles wel helpen? Want daar is het gewoon, ja, een behoorlijke badkuip. De vraag aan de wethouder is dan ook: wat vindt u dat er nu moet gebeuren voor deze Dordtenaren? En zo nee, waarom niet? En vindt u het afdoende? En zo ja, hoe gaat u dat dan doen? Want wat we missen is een concrete aanpak toch voor deze probleemwijken, maar ook, zoals al eerder benoemd is, de klinnaatverandering. Je huis zal maar volstromen met de riolering van de stad en met alles wat daar ronddrijft.
De voorzitter: Mijnheer Chapel, er is een interruptie van de heer Kuhlmann. Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ja, dank u. Ik hoor de heer Chapel zeggen: we missen de concrete maatregelen. Daar ben ik toch benieuwd, ik geef toe het was een dik pak papier, maar ik zie daar per straat concrete maatregelen. Die mensen hebben ook at ... In elk geval, u noemde het voorbeeld van de Komatistraat, die mensen hebben een brief gehad, onze stadsgenoten daar. Er werd heel concreet aangegeven wat er gedaan gaat worden. Dan ben ik wel benieuwd als u ze mist: heeft u dit niet gezien, of wilt u meer dan dit? Kunt u iets specifieker maken: wat nnoet erbij? De voorzitter: Mijnheer Chapel, wat heeft u gelezen van de maatregelen en wat vindt u dat er mist? De heer Chapel: Ja, nou, dan missen Eigenlijk wilde ik met mijn betoog verder gaan, dus ik weet niet of dat gelijk goed is dat ik verder kan, en dat ik dan gelijk uw vraag beantwoord? En zo niet hoor ik het graag. De voorzitter: Dan onthouden we hem eventjes. Of in ieder geval, de heer Kuhlmann zal hem onthouden. Ja, gaat uw gang. De heer Chapel: Wat wij missen is zoals je bijvoorbeeld bij dijken in Nederland hebt, en dat zal ik maar gelijk beantwoorden, is daar is een bepaalde kansberekening op. Eens in de 3000 jaar gaat er een dijk neer, of eens in de 4000 jaar, of eens in de 1500 jaar.
Nou ja, je zal maar in dat jaar wonen, dan heb je gewoon een probleem. Dus dat missen we specifiek ook voor die wijken. We missen gewoon een kansberekening, die zien we niet terug. En wat we daarnaast ook niet zien is concreet gewoon: wat is nou de kans op herhaling? En wat we daarnaast ook missen, en dat is het stuk over die persleiding, die u zelf al benoemde. Ja wij schrokken best wel dat we lazen dat die persleiding tachtig procent van ons water afvoert. Dus ja, wij zien graag dat de wethouder hiermee aan de slag gaat. Aileen wat we dan ook niet begrijpen is: hoe zit dat dan financieel? Want het staat niet terug in de begroting, die persleiding, maar ergens anders wordt er wel weer benoemd: nou ja, als we het gaan doen wordt het waarschijnlijk tien of vijftien euro per huishouden. Maar dan vragen we ons natuurlijk af: ja, maar wat is het nou? Ga je het nou doen wethouder, of ga je het nou niet doen? En hoe zit het financieel? En hoe zit het niet? De voorzitter: Mijnheer Chapel, er is een interruptie van de heer Gundogdu.
De heer Chapel: Ja. De voorzitter: Mijnheer Gundogdu. De heer Gundogdu: Ja voorzitter, dank u wel. Tot op zekere hoogte kan ik mijnheer Chapel wel volgen. Ik heb wel een verduidelijkende vraag. Hij geeft zojuist in zijn betoog duidelijk aan dat wat hem betreft, wat het CDA betreft, niet acceptabel is dat er enige vorm van overlast mag ontstaan of kan ontstaan. Het college geeft aan: je kan dit systeem niet honderd procent waterdicht maken, eenvoudigweg omdat er zoveel onzekerheden zijn, maar ook naar de toekomst toe dat de effecten van de klimaatverandering moeilijk in te schatten zijn. Maar als u nu zeg maar heel stellig aangeeft dat wij dit of deze vorm van overlast in Dordrecht niet zouden moeten willen accepteren, dan ben ik inderdaad wel benieuwd wat u daartegenover stelt aan maatregelen enerzijds, maar ook concreet aan financien, want dan kunnen we een andere discussie voeren met elkaar. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Chapel. Opnieuw de maatregelen en financien. De heer Chapel: Ja, helder. Sorry voorzitter. Terug naar de financien. Ja even, ik ben een leek, vraag niet aan mij wat een persleiding kost naast die tweede. Vraag niet wat een extra leiding gaat kosten vanuit de Vriesestraat naar het XXL park wat we gaan bouwen. Ja dat moet je mij niet vragen. Ik wil graag dat soort vragen zien van de wethouder, tenminste de antwoorden.
Wat kost dat dan en wat gaan we daar dan mee doen? Een ding is wel: er is klimaatverandering. Dat kan je niet ontkennen. En je zal wel iets moeten doen als stad. En zeer zeker voor al deze bewoners. En daar gaat het het CDA om. En dat er kosten zijn, laten we daar even duidelijk in zijn, wat dan de kosten zijn met zo'n persleiding, dat maakt eigenlijk niet uit, want volgens mij hebben wij gehad over deze stad. De voorzitter: Mijnheer Chapel dank u wel. Zou u verder willen gaan met uw woordvoering? Of? De heer Chapel: Ja. Dus wat we willen weten nogmaals is de kansberekening. Is die er? Want die lezen we niet terug. Over de persleiding heb ik het net gehad voorzitter, van hoe zit het dan financieel? En nog even over geld: wat we gewoon niet begrijpen, dat als je het hebt over klimaatverandering, dan is iedereen het hiermee eens, dat je niet in de kadernota daar gewoon apart een bedrag nog voor reserveert. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Chapel. De heer Portier. 0, de heer Kuhlmann had nog een interruptie. De heer Kuhlmann: Ja. Ik heb eerder gevraagd aan de heer Chapel vanavond: wat zou u dan extra doen? Daar heb ik nog niet echt een antwoord op gehad. Dus ik probeer het nog een keertje. Laten we het hebben over die Komatistraat. Er werd daar heel concreet voorgesteld: extra leiding naar die sloot. Dat is in uw ogen niet genoeg.
Wat zou u extra doen? Noemt u drie dingen waarvan u zegt: nou, als het CDA het alleen voor het zeggen heeft in de stad, gaan we dat doen in de Komatistraat.
De voorzitter: Nou, mijnheer Chapel, dat kunt u doen. De heer Chapel: Nou leuk, ik mag voor Sinterklaas spelen voorzitter, dus dat vind ik altijd fijn. Nogrnaals, daar gaan deskundigen over. Maar als ik kijk even naar andere steden, die bouwen bijvoorbeeld een mini-waterweg in het midden van een straat en laten die helemaal aflopen aan de andere kant van stad. Dat zou bijvoorbeeld een optie kunnen zijn. Maar nogmaals, ik ben geen bouwkundige. Maar ik weet wel: we moeten ergens water nog sneller kunnen afvoeren in bepaalde wijken. Want u bent het volgens mij wel met mij eens dat niet alleen de Komatistraat maar heel het Reeland en de Indische Buurt, dat is gewoon een badkuip, dat weten we allemaal. Dus je moet gaan afvoeren. En daarnaast moet je ook weer water bergen. Dus kom maar op met je plannen en die zie wij niet terug in deze stukken. De voorzitter: Mijnheer Chapel roept vooral het college op om daar ook zo meteen op te reageren. Dan zou ik de heer Portier het woord willen geven. Mijnheer Portier. De heer Portier: Ja voorzitter, om te beginnen even de complimenten aan de heer Kuhlmann voor de uitvoerige woordvoering en de voorbereiding. Eigenlijk was het met de meeste zaken wel eens. Ik heb een paar dingen die ik ook nog vond ontbreken in de plannen.
Een daarvan is inderdaad de afvoer van hemelwater, ja er valt gewoon een heel groot gedeelte op daken, dus waarom stimuleren we niet dat mensen zoveel mogelijk opvangen in regentonnen? Wat dan tegelijkertijd weer het effect heeft dat ze daarmee vervolgens de tuinen kunnen besproeien. En in dat kader ook: waarom niet actiever nog inwoners van de stad benaderen om de tegels uit de tuinen te wippen? Er is bijvoorbeeld een operatie Steenbreek volgens mij in een aantal gemeenten, waarin je als gemeente zegt: nou weet je wat, als je de tegels uit je tuin haalt, dan halen wij ze gratis op en krijg je er een aantal zaden voor planten en kruiden naar keuze voor terug. Op die manier kunnen we nog meer stimuleren dat er tuinen vergroend worden en dat het water dat op de daken valt nuttiger gebruikt wordt. En als allerlaatste punt: ja, ik denk niet dat je altijd onder alle omstandigheden kan voorkomen dat er ooit een straat onder water komt te staan. Het is inderdaad allemaal een afweging van kosten, van als het gebeurt, en risico's en kosten om het te voorkomen. Maar ik ben blij in ieder geval met de plannen die al aangekondigd zijn, maar dat kan allemaal nog een tandje strakker, scherper en uitgebreider. Daar wou ik het even bij laten. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Portier.
Mijnheer Struijk, had u een interruptie? De heer Struijk: Nou, een soort korte aanvulling en een vraag aan mijnheer Portier als dat mag. De voorzitter: Dat mag u. Mijnheer Struijk. De heer Struijk: Ja, dan geef ik hem eerst een compliment voor zijn nuchterheid. We zullen hier altijd toch wel wat mee te nnaken blijven houden. Dat denk ik namelijk ook en dat was in het verleden ook zo. Maar ik had een vraag over die tegels: wat vindt de SP van het idee van om de heffingen variabel te nnaken, te laten afhangen van hoeveel procent van je tuin betegeld is?
De voorzitter: Mijnheer Portier. De heer Portier: Ja, ik denk dat dat wel tot een heleboel geharrewar gaat leiden. Dus ik denk dat je beter met overtuiging kan werken dan op deze manier financieel zeg maar afdwingen. De voorzitter: Dank u wel. Dan hebben we de drie ... Had u een interruptie mijnheer Van der Meer? Dan hebben we de drie indieners van de motie gehad. Ik wilde inderdaad inventariseren wie nog verder van de andere fracties het woord ... De heer aindogdu steekt zijn hand op, de heer Van der Meer, de heer Struijk en de heer Van der Klaauw. De heer Jansen niet. Mijnheer Stolk ook niet. Dan begin ik aan de rechterkant van mij. De heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja dank u wel voorzitter. Het gemeentelijke rioolplan is een boeiend stuk om te lezen en ik vind het vooral erg interessant dat het probleem eigenlijk breder wordt aangepakt dan alleen het riool, dat de zorgplicht van de gemeente voor hemelafval en grondwater integraal wordt benaderd en dat het riool niet het enige instrument is wat daarvoor ingezet wordt. Dus eigenlijk zou de titel van de nota ook een bredere titel moeten zijn. Dat juichen wij erg toe. De politieke vraag die de VVD heeft gesteld is voor een deel natuurlijk een technische vraag. De heer Jansen hintte daar al op.
En als technische vragen zou je hem kunnen formuleren als: in hoeverre voorkomt dit plan dat er in de toekomst wateroverlast optreedt? Het antwoord op die vraag is natuurlijk met zekerheid in afnemende mate, want het is zo goed als zeker dat de klimaatverandering de komende decennia door zal gaan, dat we vaker met hele heftige regenbuien en overigens ook met erg droge periodes te maken zouden hebben. Het rioolplan anticipeert daar eigenlijk niet op. Er worden wel berekeningen gemaakt over hoeveel millimeter regen je moet kunnen opvangen en zo, binnen een bepaalde tijdeenheid, maar het plan geeft zich geen rekenschap van het felt dat in de loop van de tijd de hoeveelheid regenwater op piekmomenten nog enorm zal kunnen toenemen. De politieke vraag is dan ... Maar de heer Kuhlmann heeft nog een De voorzitter: De heer Kuhlmann, een interruptie. Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: 3a dank u voorzitter. U zegt: het plan geeft geen rekenschap over wat er over een aantal decennia kan gebeuren. Ik denk dat het inderdaad goed is om vooruit te kijken, alleen zoals ik heb plan gelezen: 2021 tot en met 2025, dat betekent dat we, als het in elk geval aan de Dordtse VVD ligt, we over een paar jaar weer opnieuw spreken over een nieuw rioleringsplan wat dan weer wordt aangepast aan de eisen van dat moment.
Ik hoop dat u dat met mij eens bent, dat we niet decennialang blijven zitten met dit plan. De voorzitter: Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ik hoop dat de investeringen die we doen aan het riool iets langer meegaan dan vier jaar,, dus het lijkt mij wel verstandig om een lets langere tijdshorizon in de beschouwing te betrekken voorzitter. De politieke vraag is op welke nnanier die eventuele wateroverlast en natuurlijk ook de droogte het beste zou kunnen worden opgevangen en welke vormen van overlast op een bepaald moment acceptabel kunnen zijn. In de nota wordt een onderscheid gemaakt tussen overlast
die geen schade toebrengt en overlast die wel schade toebrengt. Dat lijkt mij op zichzelf een belangrijk onderscheid. Naar onze mening is investeren in grotere capaciteit van het riool om het hoog hemelwater op te vangen, is niet per se de meest voor de hand liggende oplossing, simpelweg omdat dat op termijn toch niet genoeg zal zijn. Dat je door kan blijven gaan om het zo maar te zeggen, het is letterlijk dweilen met de kraan open op termijn, terwijI andere oplossingen, er zijn al een paar voorbeelden genoemd - nneer groen, tegels eruit, enzovoort, afkoppelen waar dat maar mogelijk is van hemelwater van het riool en er iets anders mee doen met dat water - veel betere oplossingen zijn die bovendien ook nog kunnen bijdragen tot vergroening en een betere leefbaarheid in de stad. En tenslotte helpt het natuurlijk om con amore nnee te werken aan energiebesparing en het opwekken van duurzame energie, maar dat zal iedereen duidelijk zijn. Tenslotte voorzitter, wij hebben nog een vraag gesteld over de kwaliteit van het toezicht op illegale lozingen. Het antwoord daarop, als ik dat heel erg kort door de bocht sannenvat, komt erop neer: wij doen ons best. Maar in het licht van het recentelijk verschenen rekenkamerrapport waarin wordt geconstateerd dat de toezicht op lozingen in heel Nederland onder de maat is, is dat nog niet een erg geruststellend antwoord.
Mijn vraag is dus of het college verdere aanscherping van dat toezicht voorziet. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van der Meer. Dan wilde ik de heer Gundogdu vragen om het woord te voeren. De heer Gundogdu: Ja voorzitter, dank u wel. Voorzitter om te beginnen bedankt uiteraard voor het college en de ambtelijke ondersteuning voor dit document. Hoe hebben wij dit document bestudeerd? Onze invalshoek was: zijn dit voor de komende jaren de juiste stappen, met in ons achterhoofd de klimaatverandering en de heftigheid van regenval, waarbij zojuist ook door de heer Van der Meer even is aangegeven: je hebt twee soorten overlast. Overlast waarbij je mogelijk hinder ondervindt, tijdelijk hinder, maar je hebt ook overlast wat tot schade leidt. Wij zijn vooral benieuwd naar dat tweede, want het college zegt: wij kunnen overlast niet voorkomen omdat we eenvoudigweg de capaciteit van het systeem niet op dat niveau kunnen aanpassen, eenvoudigweg omdat we daar heel veel middelen voor moeten vrijmaken en de stad moeten overhoop halen, en dat gaan we niet doen. Dat kunnen we tot op zekere hoogte begrijpen. Maar dat tweede, vooral als het gaat om schade, mogelijke schade veroorzaakt bij bewoners.
Hoe gaan we daarmee om? Er is zojuist even aangehaald, bijvoorbeeld als het gaat om de fundering, juiste in bepaalde delen van de stad waarvan we weten dat de funderingen niet al te best zijn, daar is een bepaalde plicht voor de eigenaar van het pand om dat in de gaten houden, maar waar blijft de plicht van de gemeente in deze? Dus dat zouden we nog wat nader willen duiden. De voorzitter: Mijnheer Gundogdu is dat een vraag aan de wethouder? Dat denk ik he. De heer Gundogdu: Aan de wethouder ja. En het tweede voorzitter wat ik vanavond wil inbrengen is dat met name als het gaat om acties voor de korte termijn, daar hebben we kennis van kunnen nemen. Een van de alternatieven is om delen van het Reeland allicht te slopen, dan wel nieuwbouw, en wij dachten zo van: hoe serieus is dat? Is dat een heel overwogen pleidooi van het college, of is dat een van de
gedachtelijnen? Daar zijn we oprecht wel benieuwd naar. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel, u sluit daarmee aan op hetgeen de heer Kuhlmann ook naar voren had gebracht. Dan ben ik nu bij de heer Van der Klaauw. Mijnheer Van der Klaauw. De heer Van der Klaauw: Ja dank u wel voorzitter. Allereerst vinden wij van Gewoon Dordt het een gedegen plan met een goede termijnvisie. We hebben daar nog wel enkele vragen bij. Hoe ver zijn we nu als dit plan wordt uitgevoerd? Zijn we dan van een groot aantal problemen af? En ik kijk ook even naar de collega's toe, is er ook een behoefte aan een soort overzichtstekening die wij kunnen krijgen om te zien van waar zijn nu de knelpunten en wat is er nu opgelost en waar wordt er als eerst begonnen in de wijken? Nou, Gewoon Dordt staat voor overleg, samenwerking, en onze vraag aan de wethouder is: wordt er ook samengewerkt met partners? En hoe en welk tijdstip wordt er overleg gepleegd met de bewoners? En als laatste, dat is wel een beetje een technische vraag: bij hoeveel neerslag is dit plan toereikend? We gaan uit, even naar boven afgerond, van 900 mm neerslag per jaar in Nederland. Nou ik hoor inderdaad van mijn collega dat er op een dag 100 mm valt. Ja graag daar een antwoord op. Is er berekend op een gemiddelde neerslag of wordt daar ook de excessen mee berekend? Tot zover voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van der Klaauw. De heer Struijk van de ChristenUnie/SGP.
De heer Struijk: Ja dank u wel voorzitter. Bestudering van de stukken die geven in ieder geval een heel mooi inkijkje in de conwlexiteit van de materie. Met name de afvoer en we hebben het natuurlijk eigenlijk de hele tijd over hemelwater onder de extreme omstandigheden, waarbij dan iedere keer het woord klimaatverandering valt. Die blijkt niet altijd toereikend. Even ter nuancering van klimaatverandering, die nuanceer ik overigens niet hoor, maar wel de extremen. Het record stamt uit 1948. En mijnheer Van der Klaauw u gaat ervan schrikken, dat was geen 100 mm, maar dat was meer dan 200 mm in een etmaal in Nederland. Het record wat ik persoonlijk meegemaakt heb, dat was 1973, dat was ook meer dan 100 mm. Dus extremen zijn van alle tijden en dat betekent volgens mij dat je nooit een systeem kunt ontwerpen wat ten alle tijden ervoor zorgt dat de leren schoenen van collega Kuhlmann droog blijven. Dat gaat hem echt niet worden. Je zult aan de oppervlakte ook buffers moeten hebben die tijdelijk het water vasthouden, zoals ook in het plan staat, en het vervolgens geleidelijk en het liefst zo snel mogelijk weg laten !open. De voorgestelde maatregelen zullen vast en zeker wel leiden tot minder overlast, alleen de negentiende-eeuwse schil, Reeland, het wordt ook genoemd als heel ingewikkeld, daar zal echt meer moeten gebeuren.
Ik heb ook gelezen dat er nader onderzoek komt in samenwerking met het waterschap Hollandse Delta en wij hopen vuren als ChristenUnie/SGP dat dat ook aanvullende maatregelen oplevert. Maar het is wel een hele lastige buurt, dat kun je uit die stukken wel heel goed opmaken. Als laatste verwachten we eigenlijk toch, en dan ga ik weer even terug naar mijn collega van de SP, wij zouden toch heel graag zien dat de gemeente wat actiever wordt om burgers aan te sporen om de tuin te vergroenen, ook genoemd door de heer Jansen, en gebruik te maken van regentonnen. Wat dat laatste betreft: ik herinner me toen ik in Dordt kwam wonen in de jaren 80 dat ik van de gemeente gratis een compostvat kreeg in de hoop dat ik dat dan ook ging gebruiken. Dat doe ik tot op de huidige dag,
nou heel veel burgers met mij, dus misschien kunnen ze met regentonnen ook zoiets verzinnen. En de tuinen vergroenen: een oproep aan burgers volgens mij heeft geen zin, want die oproep is er vaak genoeg geweest. Je moet echt iets gaan doen met differentiatie van de tarieven, en dan hoef je niet, ik ving zoiets op van boa's, we !even in 2021, satelliettechnologie, drones, boeren weten tot op de vierkante millimeter waar ze hun zaadjes moeten laten vallen, volgens mij valt er genoeg ... En vijftig procent van je tuin betegeld normale tarief, meer betegeld, ga je meer betalen, enzovoort.
De voorzitter: Mijnheer Struijk. De heer Kuhlmann heeft een interruptie. De heer Kuhlmann: Dank u we! voorzitter. Over het voorstel van de heer Struijk, of van de ChristenUnie/SGP, om mensen met meer stenen in hun tuin zwaardere belasting, hogere belasting te geven. Bent u niet met mij eens dat dat heel ongericht is? Het punt is namelijk, we hebben het er nu ook in de commissie over: die wateroverlast dat is niet in elke straat in Dordrecht op dezelfde manier. Dus er zijn natuurlijk even goed ook gelukkig nog heel wat straten en buurten waar dat probleem niet zo hevig is en dan vind ik het heel vreemd om die mensen, of Oberhaupt op die bestraffende manier, mensen daarin te dwingen. Op zichzelf om juist in gebieden waar het probleem groot is ... De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann? De heer Kuhlmann: ... om daar wat aan te doen, maar dit lijkt me een beetje alsof je zeg maar een iemand in het gezin de broek een beetje te lang is en vervolgens zegt de kleermaker, nou we gaan voor het hele huishouden alle broeken even 10 cm hoger maken. Niet echt handig. De voorzitter: En toch kan deze vraag lets korter, maar dat maakt niet uit, mijnheer ChristenUnie/SGP gaat hem beantwoorden. De heer Struijk. De heer Struijk: Mag het andere net zo lang zijn? Nou mijnheer Kuhlmann, het woordje solidariteit wil toch ook even hier laten vallen.
Er zijn buurten in Dordrecht daar heb je mazzel dat het water veel makkelijker afgevoerd kan worden. Er zijn ook buurten, de negentiende-eeuwse schil, daar heb je de pech dat er helemaal geen singeltjes, kanaaltjes of wat dan ook. Dus daar is een zwaarder rioleringsstelsel vast en zeker nodig. Geeft dat dan de mensen in de buitenwijken het recht om hun tuin helemaal vol te tegelen? Ja, persoonlijk denk ik: groen is altijd beter dan tegels. Dus wat is erop tegen om gewoon heel Dordrecht te zeggen: mensen we gaan proberen wat minder tegels in die tuinen, we gaan mensen die dat doen belonen, laten we het zo noemen. En ja als je niet beloond wil worden dan gaat er lets anders gebeuren, maar dat moet je dan wel niet per wijk gaan zitten varieren. De heer Kuhlmann: Nou gelukkig De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann, ik heb u niet De heer Kuhlmann: Even een korte reactie. De voorzitter: Nee nee nee. Ik heb
De heer Kuhlmann: Ik ben blij dat de heer Struijk niet over de tuinen gaat in Dordrecht, dat is nog steeds voor de eigenaar zelf om dat te doen. Dat is maar goed ook. De voorzitter: Dat is toch tegenwoordig iets anders, maar het maakt even niet uit, want mijnheer Van der Meer had ook nog een interruptie. De heer Van der Meer: Die sluit daar naadloos op aan. In een van de oefeningen die we met de raad gedaan hebben in het kader van de Omgevingswet, waren we een wijk aan het ontwerpen en daar konden we vastleggen welk percentage groen moest zijn. Dus kennelijk is dat mogelijk in het kader van de Omgevingswet. Dat zou een alternatieve benadering kunnen zijn en de vraag aan de heer Struijk is hoe hij daartegen aankijkt voor een financiele incentive in dat opzicht. De voorzitter: Mijnheer Struijk, in plaats van een financiele incentive een Omgevingswet-aanpak. De heer Struijk: Ik vind het helemaal prima. Kijk, ik had gewoon voor de vuist weg, en ik val de heer Chapel even bij, ik ben natuurlijk ook geen deskundige op dit gebied. Maar ik dacht gewoon wel: meer groen is altijd beter. Dan kan het water langzaam wegzakken en het is nog leuk ook en voor het klimaat enzovoort is het ook nog goed. Dat zijn die tegels niet. Nou dan kwam ik heel simpel met mijn boerenverstand tot bij vijftig procent neutraal, alles meer, alles minder. Maar, als het via de Omgevingswet gaat, prima.
Het is voor mij lood om het ijzer. Als wij de burgers maar zover krijgen dat ze wat gaan doen. Vrijheid, ja De voorzitter: Mijnheer Struijk, want ik ga zo naar de wethouder, dat was mijn rijtje nannelijk. Want ik zie de heer Stam daar zitten en er zijn behoorlijk wat vragen. De heer Struijk: Ja, is goed hoor, dank u wel. De voorzitter: Maar mijnheer Chapel, ja die had ook nog een interruptie. De heer Chapel: Voorzitter, heel kort. Het CDA begrijpt niet waarom de SGP mensen wil straffen als zij tegels in hun tuin hebben liggen. En dan doel ik ook even op mensen die voor het gemak tegels hebben. Dus even: mijn moeder van 78 die is hartstikke vief, maar niet meer zo vief om een hele tuin te doen, dus die kiest ervoor uiteindelijk dan om een tuin te nemen met wat meer tegels. U kunt toch niet maken om ouderen met een pensioentje te straffen omdat u vindt dat de tegels en niet in kunnen? Ik vind dat niet kunnen. De voorzitter: Mijnheer Struijk, u mag erop antwoorden. De heer Struijk: Ik ga heel kort antwoorden. We hebben voor mensen die het niet kunnen betalen in Dordrecht gelukkig hele goede kwijtscheldingsregelingen. En kijk, om nou elk incidenteel geval te gaan bekijken, het gaat mij om de grote lijn: ik denk dat we moeten proberen te vergroenen. En ja, om dat straffen te noemen, ik heb het liever over belonen, want per saldo kunnen de lasten omlaag.
De voorzitter: Daar ben ik voor. Maar de heer Van der Klaauw had ook nog ... Maar daarna ga ik echt naar de heer Stam. De heer Van der Klaauw: 3a dank u wel voorzitter. 3a, wat er net ook werd gezegd, wij zien dat toch meer als postzegeltjes. En natuurlijk, het zal ongetwijfeld helpen. En zeker het motiveren van mensen om meer groen, daar ben ik helemaal voor. Wij denken als Gewoon Dordt veel meer in de openbare verharding, am die aan te passen naar halve verharding, zodat het water niet naar het riool stroomt maar direct de bodem in zakt. Dus misschien dat daar de wethouder ook nog een antwoord op zou kunnen geven. De voorzitter: U krijgt er een vraag bij nnijnheer Stam. Nou in ieder geval de heer Struijk, u heeft het een en ander losgemaakt hier in de commissie. Maar we gaan nu naar de wethouder. Er zijn een aantal vragen. Ik hou ongeveer een beetje bij of er antwoorden zijn gekomen, maar het woord is aan u. Mijnheer Stam. De heer Stam: 3a dank u wel voorzitter. Ik heb meegeschreven, ik zal proberen ze allemaal te raken, maar laat ik maar beginnen, dan kijken we wel hoe ver we komen. Als je kijkt naar zo'n rioleringsplan, dat is een plan wat voor vier, vijf jaar wordt opgesteld. Dus u krijgt gewoon elke periode, vijf, zes jaar, krijgt u zo'n nieuw plan voor uw neus.
Zo'n rioleringsplan is eigenlijk een technisch verhaal van hoe we omgaan met ons rioleringsstelsel in onze stad. Wat we nu hebben gedaan in dit rioleringsplan is een eerste aanzet geven tot klimaatadaptatie. We hebben € 600.000 per jaar am maatregelen te treffen. We zien inderdaad dat we veel meer wateroverlast hebben in een aantal wijken in onze stad. Dat zie je met name ook in de Kom zeg maar, negentiende-eeuwse schil. En de motie die daarbij beantwoord is, die geven naar mijn idee voldoende aanleiding am daar aanknopingspunten in te vinden. Wij werken met kortetermijnoplossingen en we werken met langetermijnoplossingen. Als ik kijk naar de wateroverlast en de waterverwerking is dat niet enkel en alleen een taak van de gemeente maar ook van het waterschap. Oak binnen de stadsgrenzen. Dus wij zijn ook in overleg met het waterschap, daar lopen we wel tegen het probleem aan dat er even geen waterschapsbestuur is, maar binnenkort komt ook de dijkgraaf in onze negentiende-eeuwse schil kijken hoe dat ervoor staat en welke maatregelen we kunnen treffen. En wat we nu eigenlijk hebben gedaan dat is, nogmaals, de eerste aanzet maken. En als u kijkt naar het voorstel dat er ligt, dan ziet u ook dat er nog een aantal andere componenten zijn die er eigenlijk ook wel verbinding rnee hebben en die u nog voorgelegd krijgt.
Ik noem een groenprogramma, de wegennota, aanpak wateroverlast als gevolg van die extreme buien, en de integrale buurtaanpak. 3e kan die zaken niet allemaal integraal gaan benaderen, want dan krijg je een boekwerk dat drie keer zo groot is als onze begroting. Maar nogmaals, dat rioleringsplan De voorzitter: Mijnheer Stam, ik wil u even onderbreken. Maar zouden mensen die de wandelgangen benutten naar de gang willen gaan? Gaat u verder. De heer Stam: 3a en als ik dan naar de vraag kijk, we doen natuurlijk al een heleboel maatregelen treffen. Ik wijs u even bijvoorbeeld in het centrum op het Vrieseplein, de parkeerplaats, daar hebben wij drie soorten absorbatiemiddelen neergelegd, absorbatiemateriaal, we hebben daar wateropvangbassins gemaakt. Dus in al die buurten doen we wat. Als we gaan kijken naar de Komatistraat-omgeving, ja dan zijn
we nu gewoon bezig met plannen. Dan zie je een aantal maatregelen die betreffen. Enerzijds gaan we langs bij de bewoners, we gaan zand ter beschikking stellen, we vragen bewoners een terugslagschot in hun wc te plaatsen. En dat doen wij via een coach die mensen kunnen benaderen of die bij de mensen langsgaat, die kan wijzen op welke maatregelen kan je nu zelf treffen voor de periode dat wij nog niet zo ver zijn als stad dat we die langetermijnmaatregelen hebben getroffen. Als je naar die buurt kijkt zijn we aan het kijken met het waterschap: hoe kan je nou extra wateropvang creeren aan de rand bijvoorbeeld van een spoorlijn. Maar dat zijn allemaal projecten die vragen heel veel tijd en voorbereiding, maar er wordt nu wel aan gewerkt. Dus in die zin denk ik dat die lange en korte maatregelen wel goed op elkaar afgestemd zijn. Ook in allerlei buurten proberen we natuurlijk naast operatie Steenbreek zoveel mogelijk mensen te bewegen om hun tuintje te vergroenen. Er is al gesproken over de tegels ophalen. Voor zover ik weet hebben wij nu al in gang gezet dat als je stenen uit je tuin haalt, dat we gratis de stenen op komen halen als gemeente. Dus dat zijn allemaal extra stimulerende maatregelen. Je ziet eigenlijk wel in de eigendomsverhoudingen die er zijn tussen particulieren en de gemeente dat het soms heel lastig is.
We hebben bijvoorbeeld op het nieuwbouwproject aan de Patersweg, hebben we aan laten leggen met heel veel groen. En drie weken later fiets je erlangs en dan zie je dat bewoners toch weer heel veel beton hebben teruggezet om voor de deur te kunnen zetten. We zijn nu aan het onderzoeken: hoe kunnen we nou in die toekomstige bouwplannen, in de contracten die we met de ontwikkelaars afsluiten, hoe kunnen we daar nou in opnemen dat we een X -percentage groen toch ter beschikking houden om die watercirculatie beter te maken. Als je kijkt naar de woningbouwcorporaties, dat zie je bijvoorbeeld al in de Vogelbuurt waar nu een behoorlijke vernieuwing aan de gang is, dat daar een aantal straten al regentonnen zijn ingezet om dat water op te vangen en ook ondergronds dat het water weggeleid wordt. Dus we zijn wel met woningbouwcorporaties en ontwikkelaars denk ik op een hele goeie manier bezig om die wateropvang te genereren. Als je daarnaast ook kijkt naar de ontwikkeling bijvoorbeeld in de Dordwijkzone, waar u binnenkort nog een besluit over gaat nemen, daar is een van de essentiele onderdelen gaat ook over wateropvang en waterbassins. Dus wat wij gaan doen als gemeente, dat is dat water in die laaggelegen wijken door laten stromen naar die opvangbassins op sportparken. Dat zijn investeringen op lange termijn en ideeen voor lange termijn.
En als je die wegzet naast de korte termijn, dan heb ik nu al een aantal stappen genoemd die eigenlijk niet onderdeel uitmaken van een technisch rapport zoals een rioleringsplan, maar dat zijn allemaal aanvullende stukken die ook in de motie zijn beantwoord. Dus in die zin denk ik dat we dat goed doen. Er is ook gevraagd van we hebben in het rapport opgenomen: eigenlijk zou je die woningen moeten slopen en grond moeten verhogen en nieuwe woningen neerzetten. Ik denk zelf: dit is neergezet als illustratie van hoe zou je nou zo'n probleem eigenlijk voor negentig procent kunnen oplossen. Maar ik denk dat iedereen zich wel realiseert als je naar dat gebied kijkt, niet alleen monumentaal en bouwtechnisch, dat het eigenlijk een onmogelijke opgave is om binnen nu en honderd jaar te realiseren. Maar het geeft wel aan, onze grond zakt ook wel een paar millimeter per jaar, dat je wel voldoende maatregelen moet treffen daar in die gebieden. Nou daar zijn we goed mee in overleg met bewoners. We krijgen ook van bewoners terug dat ze heel blij zijn met de informatie die ze krijgen en de hulp die ze daarbij krijgen, dus ik denk dat als je dat alles bij elkaar optelt, dat we met dit rioleringsplan de goede weg zetten naar de toekonnst toe, in aanvulling op alle stukken die u nog aangeleverd krijgt. En als ik dan naar de vraag kijk. Ja als je de samenwerking met de partners ...
Ik heb al aangegeven dat het waterschap hier een
meer dan belangrijke rol in speelt. De voorzitter: Mijnheer Stam, de heer Van der Meer heeft een vraag voor u. De heer Van der Meer: Ja over het vorige punt wat u zei, van ik denk, zei u, dat het een goed plan is wat het probleem oplost. Kunt u aangeven op wat voor manier is geanticipeerd op de te verwachte ontwikkeling dat de wateroverlast in de toekomst groter zal worden? De heer Stam: Ja we weten natuurlijk allemaal dat die hevige regenbuien er steeds vaker zullen zijn. We hebben het vorige maand nog gezien in Leersum en in Tiel. Die zijn van dergelijke omvang dat je het probleem eigenlijk nooit honderd procent kunt oplossen. Dat ziet u hier ook in de meningen die over tafel gaan. Ik denk dat wij de maatregelen treffen door het aanleggen van allerlei bassins die we in de buurt van al die laaggelegen gebieden gaan realiseren. Die liggen daar natuurlijk al. En ook binnen de Dordwijkzone, met name sportpark Reeland, worden daar ook wat maatregelen getroffen am het water allemaal af te voeren. En of je dat voor honderd procent sluitend krijgt, daar moet ik heel eerlijk op zeggen: nee, dat gaat u niet lukken. Maar je moet wel voldoende maatregelen treffen am te borgen dat de overlast zo minimaal mogelijk is. En dat doe je enerzijds door op korte termijn met je bewoners te overleggen welke maatregelen zij kunnen treffen via die coach.
En anderzijds, als gemeente, waterschap en een lobby naar het rijk, om daar echt nniljoenen voor te genereren, am die grootschalige problemen aan te pakken. Dat is de weg die we nu aan het bewandelen zijn. De voorzitter: Dank u wel. Gaat u verder nog met de afronding van de beantwoording van vragen. De heer Van der Klaauw: Ik had nog een vraag. Mag dat? Aan de wethouder. De voorzitter: Op dit punt mijnheer Van der Klaauw? De heer Van der Klaauw: Ja. Op welke manier kunnen bewoners hun coaches bereiken? De heer Stam: Dat kan gewoon via de website en de contacten via de gebieds- en wijkmanagers. Maar we hebben die coaches, die zijn er, dus die gaan gewoon ook zelf die buurten af. Dus het is niet alleen maar op afroep, maar we gaan ook Wij weten welke buurten laaggelegen zijn en waar de problemen zich hebben voorgedaan, dus die is daar gewoon echt wel van doordrongen en daar worden die plannen en contacten ook op ingericht. De voorzitter: Ze komen naar u toe. Mijnheer Stam, was u klaar met de beantwoording, of zijn er nog dingen waarvan u zegt Bijvoorbeeld over die schade die er is, funderingspalen alert, wat was het? Kunt u daar nog een reactie op geven? Een waarschuwing: de heer Kuhlmann gaf aan het begin aan van kan het college het gemeentebestuur waarschuwen in bepaalde gebieden als er mogelijke schade aan funderingspalen zou kunnen gaan optreden.
De heer Stam: Ja die is wel lastig. Ook hier is een stukje zelfredzaamheid van
mensen om te kijken van hoe grondwaterpijlers onder huis Dat kan je vrij snel constateren. En daarnaast als je kijkt naar je funderingsstelsel, ja dat is gewoon heel lastig. Wat voor signaal zouden wij dan moeten afgeven? We hebben natuurlijk een gebied waar we weten dat de funderingen nog niet optimaal zijn. Via een ander voorstel is u voorgesteld om ook middelen beschikbaar te stellen om daar ook nader onderzoek naar te doen. En als je al die zaken met elkaar in verband legt dan hebben we denk ik een volledig integraal beeld hoe we bewoners op zo'n goed mogelijke manier kunnen voorlichten.
De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ja, dank u voorzitter. Op dit punt nog even een beetje doorvragen. Ik denk dat er, u noemt het he, van mensen kunnen daar zelf het een en ander doen. Het zit onder de grond, je hebt er geen zicht op en ik ken niet zoveel mensen die net zo goed als dat je zeg maar je schilderwerk laat nakijken, die jaarlijks of elke vijf jaar De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann, u herhaalt nu het een en ander, dus kom tot uw vraag. De heer Kuhlmann: la, nou kan de gemeente niet net iets Je hoeft natuurlijk niet te betalen als je iets aan je funderingsherstel moet doen. Maar kan de gemeente niet iets actiever met een briefje in de deur of in de bus, van let erop, dit jaar is die grondwaterstand een stuk lager, u loopt het risico, kijk hier eens naar. Want als je het echt van mensen zelf laat afhangen, dan ben ik bang dat lang niet iedereen daar alert dat is. De voorzitter: Mijnheer Stam. De heer Stam: Ja, voorzitter, wij doen natuurlijk een goed grondwaterbeheer. Dus ik denk dat bewoners zelf wel weten in welke gebieden ze wonen, hoe hun fundering eruitziet.