CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.8 Dordrecht Commissie Bestuur en Middelen 19 januari 2021.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 16 februari 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Commissies Bestuur en Middelen, Fysieke Leefomgeving en Sociale Leefomgeving van 6, 13 en 19 januari, de raadsvergadering van 26 januari en de Auditcommissie van 27 januari 2021.20.084 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE COMMISSIE BESTUUR EN MIDDELEN DORDRECHT D.D. 19 JANUARI 2021 Vergaderkamer 1 Voorzitter: Mevr. Kruger Commissiegriffier: Dhr. Bakker Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Van der Graaf (Beter voor Dordt) Mevr. Jager (Fractie Jager) Dhr. Jansen (PvdA) Mevr. Koene (Gewoon Dordt) Mevr. Kruger (GroenLinks) Dhr. Van der Kruijff (CDA) Dhr. ’t Lam (SP) Dhr. De Lijster (GroenLinks) Dhr. De Looze (ChristenUnie/SGP) Dhr. Merx (VVD) Dhr. Peters (VVD) Dhr. Polat (D66) Dhr. Schalken (Beter voor Dordt) Dhr. Veldman (ChristenUnie/SGP) Dhr. Wisker (VSP) Dhr. Wringer (Beter voor Dordt) Ambtelijke ondersteuning: Portefeuillehouders: wethouder Stam, wethouder Burggraaf.

Opening 1. Opening, mededelingen en vaststellen agenda De voorzitter: Ik check even of ik te verstaan ben. Ja, oké. Dat is mooi. Goedenavond allemaal. We gaan beginnen met de commissie bestuur en middelen. Dinsdag 19 januari 2021. Allereerst zal ik eventjes de aanwezigen noemen, zodat we goed kunnen starten. Meneer Polat. En zodra ik uw naam noem, kunt u dan even zeggen of u werkelijk aanwezig bent? En even uw beeld laten zien. De heer Polat: Ik ben aanwezig, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer De Looze. De heer De Looze: Aanwezig. Voorzitter, u staat op mute.

1

De voorzitter: Mijnheer Schalken, als het goed is dan is die er nu af. Ja, het is gelukt. De heer Schalken: Ik ben aanwezig, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Peters. De heer Peters: Ik ben aanwezig, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Van der Graaf. De heer Van der Graaf: Ook aanwezig, voorzitter. Goedenavond. De voorzitter: Goedenavond. Mijnheer Koene, mevrouw Koene, sorry. Mevrouw Koene: Ja, voorzitter, ik had al in de chat gezegd dat ik er ben, want dat vind ik wel zo makkelijk. De voorzitter: Oké, ik had die chat niet gezien, dus vandaar dat ik u eventjes opnoem. Mevrouw Jager. Mevrouw Jager. Ik ben er. De voorzitter: Goedenavond. Mijnheer Wisker. De heer Wisker: Goedenavond allen. Ook ik ben aanwezig, voorzitter, dank u wel. De voorzitter: En mijnheer Jansen. De heer Jansen: Goedenavond en aanwezig, dank u wel. De voorzitter: En dan wilde ik meneer Veldman opnoemen, maar die had zich al laten horen. Mijnheer ’t Lam. De heer ’t Lam: Aanwezig, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer De Lijster. De heer De Lijster: Aanwezig, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Wringer. De heer Wringer: Aanwezig, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Merx. De heer Merx: Aanwezig, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Stam.

2

De heer Stam: Ja, aanwezig, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. En dan last but not least, mijnheer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: En ook ik ben aanwezig, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Geweldig. Dan kunnen we deze avond starten. Voordat ik de agenda met u … Of nee, ik wilde even vragen of u de agenda misschien wil omgooien. Dat we beginnen met de nieuwe behandelvoorstellen. En dit is in het kader van dat meneer Burggraaf graag bij een van de punten aanwezig wil zijn en dan daar ook goed toe in staat is. Dat is bij het nieuwe behandelvoorstel zes. Als u dat allemaal oké vindt, dan gaan we dat doen. Mevrouw Koene: Voorzitter, mag ik daar iets meer tekst en uitleg op? Want waarom moet Burggraaf bij een behandelvoorstel zijn? Er staat toch niks op ter bespreking wat voor hem is. De voorzitter: Nee, mevrouw Koene, dat klopt. Maar misschien dat hij daar wel iets over kan zeggen, dat iemand daar iets over te vragen heeft. Dat hebben we van tevoren besproken, ik zie aan uw gezicht dat u dat niet zo eens bent. Dat mag, dat mag. De rest vindt het prima, dus dan gaan we dat zo doen. Zijn er mededelingen? Ik zie niets in de chat. Agendadeel: Nieuwe behandelvoorstellen 6.

Raadsvoorstel Extra middelen beleidsregel en 2 subsidieregelingen voor de gevolgen van de coronacrisis – Raadsvoorstel De voorzitter: Dan gaan we over, voor we de rest bespreken, naar het agendadeel nieuwe behandelvoorstellen. En dan kijk ik even of meneer, want ik kan dat natuurlijk wel leuk voorstellen, ook dat mijnheer Burggraaf aanwezig is. De heer Burggraaf: Ja, voorzitter, ik ben aanwezig. De voorzitter: Dank u wel. Nieuwe agendavoorstellen. Dan hebben we bij punt 6 het raadsvoorstel extra middelen beleidsregel en twee subsidieregelingen voor de gevolgen van de coronacrisis. U wordt voorgesteld het raadsvoorstel ter vaststelling naar de raad te sturen. Is er iemand die hier iets over wil zeggen? Mijnheer ’t Lam, gaat uw gang. De heer ’t Lam: Dank u wel, voorzitter. De SP had wat technische vragen gesteld over dit onderwerp. We hebben daar antwoorden op gekregen. En ons vermoeden dat de regeling nogal star is wordt door die antwoorden bevestigt. Het college vindt gelijktijdig en beter beoordelen van aanvragen belangrijker dan het snel uitsluitsel krijgen bij de verenigingen of ze ook in aanmerking komen voor subsidie. En we denken als je pas in juli de aanvragen gaat beoordelen en dat er dan nog drie maanden de tijd is voor het antwoord zo ver is dat de verenigingen die nu in acute nood zijn in de problemen zitten.

En daarom stellen we voor het onderwerp te bespreken met als politieke vraag: bieden door het college vastgestelde regelingen wel voldoende ruimte om snel verenigingen in

3

nood te kunnen helpen? Of moeten er minder starre regelingen voor in de plaats komen? Dank u wel. De voorzitter: Oké, dank u. Dat is uw voorstel. Als we iets willen bespreken, dan zullen meerdere partijen dat ook op deze manier moeten willen doen. De vraag is alleen ook nog, want ik heb uw vraag ook van tevoren gezien: is dat handig om het ook echt te bespreken in de commissie? Treedt er dan niet meer vertraging nog op? En misschien dat, de wethouder is aanwezig, dat hij daar iets over kan zeggen. De heer Burggraaf: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik zit even te kijken of mijn camera ook nu aanstaat, volgens mij niet. Ja, nu wel. Ja, ik begrijp heel goed wat mijnheer ’t Lam zegt. En daar zijn we natuurlijk ons ter degen van bewust, dat je een regeling hebt waar je uiteindelijk ook als het nijpend is je ook snel kan faciliteren. En zoals ik in de technische beantwoorden ook aangegeven heb is die ruimte er. Op het moment dat er een sportvereniging of cultuurorganisaties zijn waarvan je ziet dat die niet een periode kan wachten, dan heb je de ruimte om sneller die beschikking af te geven. En nou ja, daar kan je ook naar bewind van zaken zeg maar handelen. En vorig jaar hebben we natuurlijk ook wel wat zaken gedaan met acute coronaomstandigheden en subsidieregelingen.

En daar bleek dat daar op zich wel die handelingsruimte ook voor een langere periode, om daar wat langer voor uit te trekken, was. Dus ik voorzie dat we daarmee die flexibiliteit hebben die u schetst. En voorzie ik niet dat we met deze regeling in de problemen komen. En verder zitten we natuurlijk ook nog in de beantwoording met een behandeltijd van 13 weken. Ik heb al eens even gevraagd om daar nog eens even naar te kijken of dat ook echt noodzakelijk is dat we daar nog wat sneller in zouden kunnen handelen. Daar kan ik u nog wel op terugkoppelen. Ja, en het moment dat u zou zeggen: we willen hem eerst bespreken. Dat kan natuurlijk. Maar dan moet u ook beseffen dat de regeling pas later in kan gaan. Dus daar kunnen we natuurlijk pas mee aan de slag op het moment dat u hem vaststelt. De voorzitter: Dank u wel, meneer Burggraaf. Mijnheer ’t Lam, ja, uw reactie graag. De heer ’t Lam: Ja, het lijkt nu wel een inhoudelijke bespreking. De voorzitter: Nee, we hebben het nu niet over de inhoud. Het gaat nu even of u met het antwoord wat meneer Burggraaf heeft gegeven, of u zegt van: nou, ik wil het toch nog bespreken. Of dat u zegt van: nee, ik ben met dit antwoord wel tevreden en we kunnen dit raadsvoorstel ter vaststelling naar de raad sturen. De heer ’t Lam: Voorzitter, ik denk dat we weinig vertraging hebben.

Omdat formeel in de regeling staat dat bijvoorbeeld bij cultuur er pas op 1 juli gekeken wordt. De wethouder kan wel zeggen dat daarvan afgeweken kan worden, maar dat is niet afdwingbaar, omdat de regeling niet zo is. En ik denk dat we de regeling best volgende week, want we hebben nauwelijks punten op de agenda, zouden kunnen bespreken. En dan kan de wethouder op voorhand misschien aangeven hoe hij die 13 weken wil verkleinen. Oké, ik zie dat mijnheer Schalken ook iets op te merken heeft.

4

De heer Schalken: Ja, voorzitter, inderdaad. We hebben het hier over een behandelvoorstel en hoe we het punt gaan behandelen of in de commissie of in de raad. Vanuit Beter voor Dordt wil ik aangeven dat we hem graag zo snel mogelijk willen vaststellen in de raad, omdat wethouder Burggraaf ook aangaf dat de flexibiliteit daar ook inzit om sneller te handelen wanneer het noodzakelijk is voor partijen. En wat Beter voor Dordt betreft dan nu agenderen voor de gemeenteraadsvergadering van volgende week. En als er behoefte is aan bespreking op dat moment, dan kan dat nog. En dan kunnen we hem in ieder geval daarna wel vaststellen. De voorzitter: Oké, dank u wel. Mijnheer Merx. De heer Merx: Ja, voorzitter, heel kort. Ik kan me vinden in zowel de woorden van de SP als die van Beter voor Dordt, en ook die van de wethouder. Dus ik stel voor zo snel mogelijk dit in te voeren, maar wel over een maandje eventjes de koppen bij elkaar te steken met: hoe staat het ervoor en gaat dat inderdaad zo snel als we eigenlijk allemaal willen dat het gaat? En niet dat iedereen op zijn handen blijft zitten tot in juni en dan pas de dossiers uit de kast gaat trekken. Dat is ook niet wat ik de wethouder hoor zeggen, maar ik voel wel de urgentie met de SP en met Beter voor Dordt. En wellicht ook vele andere partijen, om hier niet te lang bij stil te staan.

Bovendien verwacht ik dat ook niet, omdat het college zelf met dit voorstel komt. De voorzitter: Oké, dank u wel. Heeft er iemand anders nog iets toe te voegen of op te merken? Kijk eens, zo gaat die snel. Mijnheer ’t Lam is akkoord met het VVD-voorstel. Maar mijnheer Van der Kruijff wil nog wat zeggen. De heer Van der Kruijff: Nou ja, voorzitter, dat is eenvoudig om te stellen natuurlijk volgende week. En ik denk wel dat we die snelheid moeten aanhouden. Maar ik heb de wethouder nu het een en ander horen verklaren wat me geruststelt. Maar het lijkt me wel goed dat we daar volgende week bij de hamerstukken ook voor de voltallige gemeenteraad gewoon die toezegging nog een keertje doen. Dat we snel handelen waar er acute nood is. De voorzitter: Kijk, dit is weer eens een samenwerking. Dank u wel. Mijnheer Merx geeft een nieuw voorstel, een compromis. En u doet er nog een toevoeging bij. Mijnheer Burggraaf, denkt u dat dat mogelijk is? De heer Burggraaf: Ja, dat lijkt mij een prima voorstel. De voorzitter: Nou, dan gaan we dat op deze manier doen. Het raadsvoorstel wordt ter vaststelling naar de raad gestuurd als hamerstuk. En dan met een toezegging van de wethouder dat we over een maand gaan kijken hoe de zaken ervoor staan. Ik zie verder geen acties of reacties meer in de chat. Dan gaan we naar het tweede behandelvoorstel. 7.

Raadsinformatiebrief Vaststellen tweede wijziging van de Legesverordening 2021 – Raadsinformatiebrief

5

De voorzitter: Vaststellen tweede wijziging van de legesverordening van 2021. En u wordt voorgesteld deze RIB ter kennisname naar de raad te sturen. Als ik niets in de chat zie, dan ga ik er vanuit dat dat zo gaat gebeuren. 8. Artikel 40 vragen RvO van de fractie PVV Dordrecht mbt Nooit uitsluiten van niet-gevaccineerden De voorzitter: Acht. Artikel 40 vragen PVV met betrekking nooit uitsluiten van nietgevaccineerden. U wordt voorgesteld kennis te nemen van de vragen in afwachting van de beantwoording door het college. 9. Artikel 40 vragen RvO van de fractie CDA over Lobbykracht De voorzitter: 9. Artikel 40 vragen RvO van de fractie CDA over lobbykracht. U wordt voorgesteld kennis te nemen van de vragen in afwachting van de beantwoording door het college. 10. Beantwoorden artikel 40-vragen PVV Officiële parkeerplaats voor vrachtwagenchauffeurs om te overnachten - Antwoordbrief artikel 40/41 De voorzitter: 10, beantwoorden artikel 40 vragen PVV officiële parkeerplaats voor vrachtwagenchauffeurs om te overnachten. U wordt voorgesteld de beantwoording voor kennisgeving aan te nemen. 11. Afdoening toezegging kadernota kosten communicatie De voorzitter: En 11, afdoening toezegging kadernota kosten communicatie. U wordt voorgesteld de afdoening voor kennisgeving aan te nemen. Mijnheer ’t Lam. De heer ’t Lam: Dank u, voorzitter.

Het onderwerp luidt bij 11: afdoening toezegging kadernota kosten communicatie. We hebben van het college, althans ik denk dat dat het college is, want in het stuk wordt gesproken over we, maar er staat geen naam onder. Een stuk ontvangen waarbij er drie antwoorden, die we bedacht hebben, over communicatie worden beantwoordt. Maar dat zijn geen vragen over de kosten. En hiermee blijft het voor de raad onduidelijk wat nu precies de kosten van communicatie zijn. De rekenkamercommissie, die schatte het op een bedrag tussen de 1,5 en 4 miljoen euro per jaar. Als SP gaan we niet vragen om de toezegging te handhaven. We gaan ook niet opnieuw vragen stellen aan het college. We gaan ook niet om bespreking vragen van dit punt, maar we komen in de raad met een motie waarin we vragen aan de raad de accountant bij de jaarrekening 2020 te laten aangeven wat nu precies de kosten van communicatie zijn. Dank u wel. De voorzitter: Waarvan akte, dank u. Dan kunnen we nu over naar de gewone agenda, om het maar zo te zeggen. 2. Vaststellen besluitenlijst commissie Bestuur en Middelen van 13 januari 2021

6

De voorzitter: Agendapunt 2, het vaststellen besluitenlijst commissie bestuur en middelen van 13 januari 2021. Heeft daar iemand iets in of aan op te merken? Dan wordt deze besluitenlijst zo vastgesteld. 3. Vragen aan het College De voorzitter: En dan kom ik bij agendapunt 3, zijn er vragen aan het college? Ik heb van tevoren niets binnengekregen, maar je weet het nooit. Geen vragen aan het college. Nou, dat gaat vlot. Dan komen we bij de stukken ter bespreking. Stukken ter Bespreking 4. Beantwoording artikel 40-vragen RvO van de fracties VVD en GroenLinks over Nieuwe Dordtse Biesbosch - Antwoordbrief artikel 40/41 De voorzitter: Agendapunt 4, beantwoording artikel 40 vragen RvO over de Nieuw Dordtse Biesbosch. En de politieke vragen hierbij zijn: 1, welke kaders geven wij mee aan de evaluatie van het gebruik van het intensieve dagrecreatieterrein? Punt 2, gaan we akkoord met het veronachtzamen van het VN verdrag mindervaliden? 3, willen we het voor veel geld gedraineerde terrein voor intensieve dagrecreatie laten verwilderen? De VVD en GroenLinks hebben hier de vragen over gesteld. En die zou ik dan ook graag als eerste het woord willen geven. En vervolgens alle andere partijen, indien zij dit willen. Mag ik mijnheer Merx, VVD, als eerste het woord geven. De heer Merx: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, de Dordtse Biesbosch, de honden en het intensieve dagrecreatieterrein.

Allereerst de wethouder en het ambtelijk apparaat dank voor de antwoorden op de door ons en GroenLinks gestelde vragen. En daarna voor de antwoorden op de gestelde vragen. Dat helpt in ieder geval en dat geeft een goed beeld. En het riep tegelijkertijd bij mij de vraag op of we het wel over het zelfde gebied hebben. En dan vooral als het gaat over dagrecreatieterrein, over die groene vlek in dat prachtige gebied. Nou, de politieke vraag hoef ik niet op te noemen, die heeft u zojuist gesteld. Dat scheelt weer. Het dossier kent een geschiedenis. En ik ben me ervan bewust dat de VVD daar mede aanleiding toe heeft gegeven. Maar dat wel met een reden. En dat is vooral ingegeven door het feit dat ik vond dat het college de hondenbezitters eigenlijk in de kou liet staan. In onze ogen werden er oneigenlijke argumenten gebruikt, zoals: honden mogen niet op dat gedraineerde grasveld, want daar hebben wij het over, lopen, want die graven die buizen uit. De reeën die daar lopen worden weggejaagd en het terrein was aangelegd voor picknicken, sportende en spelende kinderen en zou zeer intensief gebruikt gaan worden. En dan is er geen plaats voor honden en hun uitwerpselen en dat snappen wij. Mijn punt is dus ook niet dat Dordtse VVD er lustig op los moeten kakken op terreinen waar intensief gerecreëerd wordt.

Nee, het punt is dat wij er nooit in geloofd hebben dat dat terrein, ik heb het nog steeds over die groene vlek, intensief zou worden gebruikt. Maar daarom is wel in oktober 2019 met de wethouder afgesproken om het intensieve dagrecreatieterrein een kans te geven voor het gebruik en in 2021 te evalueren. En om dan te zien of dat terrein over het gehele jaar, over een periode, zeg van oktober tot april, of helemaal niet zou worden vrijgegeven voor honden.

7

De voorzitter: Mijnheer Merx, ik zie dat mevrouw Jager een interruptie heeft. Ik neem aan op uw woordvoering. Mevrouw Jager: Nou, meer een vraag. Over welke groene vlek heeft u het nou precies als we op de kaart kijken? Want er zitten meerdere groene vlekken. Heeft u het over de groene vlek in de Haniapolder? De heer Merx: Nee, nee, over de Haniapolder. Mevrouw Jager: Duidelijk, dan weet ik over welke groene vlek we het hebben. Dank u. De heer Merx: Inderdaad, mevrouw Koene stelt in de app de vraag of er een kaartje bij mag. Ja, ik ben niet zo heel handig in het delen van mijn documenten. En ik kon het eerlijk gezegd ook niet meer terugvinden, want het zal wel bij de beantwoording, maar ik kon het nu in de hoeveelheid stukken die erbij zijn gekomen niet meer terugvinden. De voorzitter: Het staat inderdaad meneer Merx, wat u aangeeft, bij de beantwoording. Dat is aan iedereen gestuurd als het goed is. Daar zit een kaartje bij. De heer Merx: Ja, dat dacht ik ook. Maar ik kon het niet meer terugvinden. De voorzitter: Dat is via de mail binnengekomen. De heer Merx: Ik zit in het nieuwe systeem te kijken en ik kon het daar niet meer in terugvinden. Maar het gaat over het gebied dat als je net de Schenkeldijk over gaat en dan het dijkje over, meteen de eerste parkeerplaats links.

En dan loop je of struikel je over het mindervaliden pad richting een groot, groen, internsief gemaaid grasveld. Ja, en daar komt geen hond, geen ree, helemaal niemand. Dat is ook eigenlijk de kern van mijn betoog. Ik zou willen dat ik het kaartje kon delen, maar misschien dat de griffie daar iets bij kan helpen, want dan kan ik u daarin de weg wijzen. De voorzitter: De griffie zit met zweet op zijn voorhoofd te zoeken, dus wie weet lukt dat nog. De heer Merx: Oké, maar goed. We hebben het dus over dat terrein waar we hopelijk straks nog eventjes naar kunnen verwijzen waar het is. En we hebben het dus niet, als het over de honden gaat, over de wandelpaden door het hele gebied. Daar mogen in mijn ogen en in die van de VVD ook geen honden loslopen, hooguit aan de lijn. Goed, we hebben dus een bijzonder jaar achter de rug. Mensen konden niet meer sporten, moeten thuis werken en moesten dus wel vaker in de omgeving naar buiten. En dat deden we ook met zijn allen en massaal. Ook in de Nieuwe Dordtse Biesbosch. En ik moet echt zeggen, het is echt een aanwinst voor Dordrecht geworden. Ik kom daar wekelijks, veelal met de fiets, maar soms ook wandelend. Met veel interesse kijk ik dan natuurlijk ook naar het groene straks gemaaide grasveld. Voorzitter, ondanks dat er in de weekenden best veel mensen door dat gebied wandelen, en ook behoorlijk wat vogelaars rondlopen.

Dan heb ik het over het gehele gebied, over de gehele Nieuwe Dordtse Biesbosch, lag het intensieve dagrecreatieterrein er strak gemaaid maar

8

desolaat bij. Doordeweeks is overigens het ook in het gehele gebied een stuk rustiger. En overigens maken ook mensen met paarden, dat wordt ook gegeven in de antwoorden, ook gebruik van het gebied. Overigens niet alleen van de ruiterpaden, maar ook van andere paden zoals het mindervaliden pad. Getuige de afdrukken van de hoeven en de uitwerpselen die hier en daar achterblijven. Maar van dat strak gemaaide veld wordt gewoon geen gebruik gemaakt. Niet door picknicker, geen spelende of sportende kinderen. Soms door iemand met een drone of een vliegtuigje, en dan heeft u kunnen zien dat die waarschijnlijk ook bekeurd is. Dus voorzitter, we komen terug op het punt. Ik lees uit de antwoorden dat er eigenlijk helemaal niet geteld is, terwijl we wel zouden evalueren. Dus dat evalueren wordt erg lastig, terwijl er wel toegezegd was een jaar goed aan te kijken en daar in 2021 op terug te komen. Maar goed, nu lees ik dat dit wordt meegenomen in de evaluatie van het totale hondenbeleid in heel Dordrecht. Voorzitter, dit was niet afgesproken. En ik wil de wethouder graag houden aan zijn toezeggingen en ik mag de wethouder daar ook op vertrouwen. En wat mij bovendien zorgen baart is dat we er hier achter komen, omdat we vragen hebben gesteld, zoals we kunnen lezen dat bijvoorbeeld het maaibeleid mogelijk wordt aangepast op grond van een enkel verzoek.

En zoals we nu ook weten dat de bosschages en bomengroepjes worden gepland. Stel dat wij geen vragen hadden gesteld, hoe hadden we dat geweten en hoe waren we daar achter gekomen? En hoe waren we er achter gekomen dat de wethouder de toezegging, die hij in 2019 heeft gedaan, kennelijk niet van zins is na te komen. Voorzitter, wat mij dwars zit is dat een verzoek van een enkele burger, en ik kan me dat verzoek nog zelfs inleven en ik heb er nog sympathie voor ook, dat wordt gehonoreerd. Maar een verzoek van een hondenplatform wat ruim 100 hondenbezitters vertegenwoordigt wordt op de lange baan geschoven. Voorzitter, graag wil ik van de wethouder een toezegging dat de hondenbezitters met hun hond gebruik mogen gaan maken van die grote, groene, strak gemaaide weide. En dat we daar niet meer wachten op de evaluatie van het totale hondenbeleid in Dordrecht, want dat gaat nog wel een paar jaar duren. En dat die groene weiden iets minder intensief gemaaid wordt, daar kan ik me zelfs iets bij voorstellen. Maar het mag zeker niet verwilderen. Ik kom bijna tot een afronding, voorzitter. Want over het mindervaliden pad, dat met de rolstoel dus niet begaanbaar is, gaat mijn collega van GroenLinks verder in. Op de uitwerpselen van paarden, ook een paar keer aan de orde geweest in dat gebied, op plekken waar paarden niet eens mogen komen.

Bijvoorbeeld op de fietspaden en dergelijke, maar ook op dat mindervaliden pad. In dat gebied heeft de PvdA zich terecht druk gemaakt en ook over de handhaving daarvan. Ik zal daar ook niks over zeggen, want ik vertrouw erop dat mijn collega van de PvdA daar iets over gaat zeggen. En voor wat betreft de evaluatie, ik wil graag een voorstel zien hoe die evaluatie wordt opgezet en uitgevoerd en welke vragen daarbij aan de orde komen. Ik vind het namelijk soms onbegrijpelijk waar honden wel mogen komen, namelijk vrij dicht tegen het natuurgebied en zelfs in het natuurgebied. Maar dat wat heel dicht tegen de bebouwde kom aanligt, daar mogen ze dan weer niet komen. En daar ontbreekt het gewoon aan de logica. Tenslotte, voorzitter, ook een belangrijk punt. Uiteraard heb ik contact gehad met de vertegenwoordiger van het Dordtse hondenplatform. Ik was gewoon nieuwsgierig of hij zou gaan inspreken. Voorzitter, hij vertelde mij dat hij niet meer durft in te spreken. Omdat bij zijn laatste inspraak het persoonlijk werd gemaakt en zijn vrouw in een reactie werd betrokken, en ik schrok

9

daarvan. Ik schrik ervan dat mensen niet meer durven in te spreken. En ja, het zou echt sieren, want degen die dit betreft die weet dondersgoed over wie ik het heb, dat deze meneer contact opneemt met die vertegenwoordiger om dit eens goed uit te spreken. Want allemaal maken we wel eens opmerkingen, allemaal zeggen we, en ik maak me er ook schuldig aan, dingen waar mensen kennelijk door gekwetst zijn. Dat kan gebeuren. Maar dan getuigt het wel van moed en van de menselijke maat, het woord wat zo vaak gebruikt wordt de laatste tijd, om dan even contact op te nemen. En of het uit te spreken, sorry te zeggen of wat dan ook. Maar doe dat alsjeblieft, want ja, deze meneer durft niet meer in te spreken. En zo is niet hoe we met elkaar om moeten gaan. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Nou, een heel betoog, mijnheer Merx. En voor wat dat laatste betreft, u geeft aan dat degene die de schoen past trekt hem aan en dat die dat beslist wel zou weten. Ik denk dat het handig is, en dat moet niet nu in deze vergadering. Maar mocht toch niemand zich melden, dat u misschien persoonlijk even deze persoon benadert. Dat lijkt me dan een nog beter idee. De heer Merx: ik zal die persoon een appje sturen. De voorzitter: Goed, dank u wel. Dan komen we bij, intussen heeft mevrouw Koene het kaartje gevonden. En mijnheer Bakker heeft geverifieerd dat het dat betreffende kaartje is.

Ik heb het ook geprobeerd, maar bij mij verdween ineens alles uit beeld, dus ik heb het gauw weer dicht gedaan. Dan wil ik nu het woord geven aan meneer De Lijster. De heer De Lijster: Dank u wel, voorzitter. Ook namens GroenLinks dank voor het beantwoorden van de technische vragen. En ik wil me ook graag aansluiten bij de woorden van meneer Merx. En meneer Merx maakt ook al even het bruggetje naar het mindervaliden pad en daar wil ik me ook even op toespitsen. Van ja, hoe is het nou weer mogelijk, voorzitter. Ik wil u even meenemen naar de raad in juli 2020. Toen kwam GroenLinks met een motie omtrent juist dit verdrag om eigenlijk met een uitvoeringsprogramma te komen. Om juist te waarborgen dat we dit goed uitvoeren. Ja, nu komen we weer puntje bij paaltje en voldoet het gewoon niet aan dat verdrag. En dat is zonde, voorzitter. Want we spreken over een behoorlijke grote groep mensen in onze samenleving die eigenlijk gewoon dat gebied ontzet wordt. En niet van het gebied gebruik kunnen maken en daar kunnen genieten. En wat GroenLinks betreft kunnen we daar gewoon niet mee akkoord gaan. Waarom is dat niet aan de voorkant meegenomen? Want voorzitter, inderdaad nu terecht ook op de beantwoording op de technische vragen. Inderdaad gaat er veel geld in zitten. Maar dat krijgen we dus als we het weer moeten gaan herstellen. Dan kost het weer meer geld.

Ja, voorzitter, wij komen toch wel tot de conclusie dat wij er gewoon alles aan moeten doen om dat gebied toegankelijk te maken voor mensen die mindervalide zijn. Daar wil ik het bij de eerste termijn even voor laten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Koene, u wil er een opmerking over maken. Mevrouw Koene: Yes, klopt. Dank, voorzitter. Nou ja, wat wij ons dus afvroegen. Er wordt herhaaldelijk wordt er aangegeven dat er nog contact moet zijn met groen en

10

handicap. En dat dat er nog niet geweest is, dat dat ook nog wel kan leiden. want een aantal dingen kunnen aangepast worden, maar dat dat ook nog kan leiden dat er nog meer dingen gedaan moeten worden en dat dat dus extra geld gaat kosten, dat de raad dat dan beschikbaar moet stellen. Dus waarom ben ik dan de mening toegedaan dat we dus nog op iets zitten te wachten in de contacten en van het college. En waarom is mijnheer De Lijster er dan van overtuigd dat het allemaal al fout is gegaan? De heer De Lijster: Dank u wel, voorzitter. We komen natuurlijk tot het feit zeg maar dat de paden, wat er wordt gezegd, op dit moment voldoen ze niet aan dat verdrag. Dus mijn vraag is eigenlijk in dat stukje van: joh, waarom is dat niet aan de voorkant daar in meegenomen? Dus vandaar dat ik er eigenlijk een soort van op anticipeer. Mevrouw Koene: Oké, maar dat zou wellicht kunnen zijn dat dat al veel langer in de planning zat, voordat GroenLinks die motie had ingediend. Maar goed, dat maakt verder niet uit. Ik ben het overigens wel met meneer De Lijster eens dat het toegankelijk moet zijn. Maar ik vond zeg maar de volgorde niet echt logisch. Maar goed, we gaan het dadelijk wel horen van de wethouder. De voorzitter: Oké. Dan wil ik nu het woord geven aan meneer, ik zit even te denken, aan meneer Jansen. De heer Jansen: Dank u wel, mevrouw de voorzitter. Ik denk: ik wacht even rustig af.

Eigenlijk is alles wel gezegd wat wij te zeggen hebben door VVD en GroenLinks. Dat ga ik niet allemaal herhalen, maakt u zich geen zorgen. Maar zoals VVD al terecht aangaf: wij missen ook wel in handhaving op het gebruik van het juiste pad door de juiste gebruikers. Wij zijn gek op dieren, ik persoonlijk ook. Ik loop graag met mijn gezin er doorheen en dan kan ik genieten van dieren van anderen links en rechts. Maar het is natuurlijk niet de bedoeling, en dat is wat daadwerkelijk gebeurt, dat ik met mijn gezin de modder in moet om aan de kant te gaan voor een optocht van paarden die niet op het ruiterpad loopt. Dat ik vervolgens op het ruiterpad moet gaan lopen om de paarden te ontwijken, die gewoon op het wandelpad lopen, want dat loopt lekkerder. Dus daar mag ook best naar gekeken worden. En daar zou enige handhaving wel voor op zijn plaats zijn, denk ik. Voor de rest zoals gezegd steun voor wat meneer Merx en meneer De Lijster al zeiden, daar kunnen wij ons eigenlijk goed bij aansluiten. De voorzitter: Oké, dank u wel. Mijnheer Van der Graaf wilde het woord. De heer Van der Graaf: Ja, dank u wel, voorzitter. Wat betreft de mindervaliden toegankelijkheid delen wij de zorgen van GroenLinks.

Maar echter over de rest van het verhaal, over het recreatiegebeuren daar, zijn we toch van mening dat het een en ander wellicht nog wat tijd nodig heeft en dat we ook even terug moeten gaan naar de essentie van het gebied. En dat het toch echt een natuur verbindingszone aanbrengen, en die is ook gekomen in de vorm van een Nieuwe Dordtse Biesbosch. Maar dat er nu nog niet optimaal gebruik wordt gemaakt, of in ieder geval gebruik wordt gemaakt zoals voorzien van het recreatiegedeelte, wil natuurlijk niet zeggen dat daar vogels en reeën en dergelijk en wat dan ook daar gewoon moeten kunnen verblijven. En dat daar loslopende honden niet gewenst zijn. Ik vind het ook wel niet echt stroken met het beeld

11

wat ik heb bij GroenLinks wat dit betreft, zeg maar. Omdat het toch een natuur verbindingszone is waar in de eerste plaats dieren moeten kunnen verblijven, zonder opgejaagd te worden door loslopende honden. Ik ben wel benieuwd hoe GroenLinks hier in staat, wat hun reactie hierop is. De voorzitter: Mijnheer De Lijster, u wordt gevraagd hierop te reageren. De heer De Lijster: Kunt u nog een keer de vraag voor mij herhalen? De heer Van der Graaf: Hoe strookt het met de gedachte van GroenLinks … Jullie zijn dus zeg maar pro loslopende honden in het gebied, terwijl dit gebied toch in essentie is aangelegd om te dienen als verblijfplaats voor dieren, voor inderdaad vogels en dergelijke. Hoe kijkt u daar dan tegenaan, want dat gaat toch niet samen, loslopende honden in een gebied waar vogels hun spot kunnen vinden. De heer De Lijster: In die zin, ik ben niet helemaal stuk daar in dat vraagstuk, dus ik ga dat niet helemaal uiten. Maar ik kan mij voorstellen dat daar ook een balans in te vinden valt. Dus in die zin denk ik heus wel dat daar een balans gevonden kan worden waar dat wel mogelijk is. Maar voor de verdere beantwoording moet ik u even het antwoord schuldig blijven. De heer Van der Graaf: Dus eigenlijk zou het zomaar kunnen zijn dat je toch wel onze gedachte deelt dat het gebied toch ook wel in de eerste plaats moet dienen als verblijfplaats voor dieren.

De heer De Lijster: Ik ga daar nu geen uitspraak over doen. Dat overleg ik even met mijn collega en daar kom ik dan bij jullie op terug, dat laat ik jullie weten. De heer Van der Graaf: Dank u wel. En verder wat betreft de maaifrequentie, dat die deels omlaag wordt gebracht, daar kunnen wij ons wel in vinden, daar hebben wij wel begrip voor. Dat komt ook die biodiversiteit ten goede. De voorzitter: Mijnheer Van der Graaf, meneer Merx die wil heel graag het woord. Dat geef ik hem nu. De heer Merx: Ja, voorzitter, dank u wel. Ja, meneer Van der Graaf was er zelf bij toen wij door dit gebied wandelden een paar jaar geleden en wij een rondleiding kregen van Staatsbosbeheer. En ik denk dat meneer Van der Graaf zich nog wel als de dag van gister kan herinneren toen wij bij die prachtige biljartlaken stonden. Het is strakker gemaaid dan het voormalig kunstgras van FC Dordt. Waarbij Staatsbosbeheer zei: dit stuk gras heeft nul waarde als natuurgebied. Het is bedoeld voor intensief recreatiegebruik. Daarom staan er ook tafeltjes en stoeltjes en bankjes. En dat heeft geen natuurwaarde. We hebben het hier over een klein vlekje in een veel groter gebied. U heeft het kaartje kunnen zien. En als u bij de tennisvereniging, om even uw geheugen op te frissen, hoe heet dat, bij de tennisvereniging CC over de dijk springt, dan staat u ongeveer op dat grasveld. En daar hebben we het over.

We hebben het niet over de gehele Dordtse Biesbosch, dat is onzin. Dus u maakt het veel groter, terwijl wij het over

12

een klein vlekje hebben. En natuurlijk, en daar is iedereen het mee eens, gaat het over dat daar de hertjes en de reetjes enzovoort, enzovoort, moeten kunnen loslopen. Maar die maken niet zo veel of eigenlijk geen gebruik van dat gebied, dat is ook helemaal niet de bedoeling. Want daar moet u met uw kinderen of met uw neefjes of nichtjes gaan zitten picknicken. En zolang u dat niet doet maakt daar helemaal niemand gebruik van. En hoe lang wil u het nog de tijd geven dat mensen dat gebied gaan vinden. Als ze dat het afgelopen jaar niet gevonden hebben, dan gaan ze het komende jaar en de komende jaren ook niet vinden. En bovendien, en dat is de vraag die ik dan heb aan meneer Van der Graaf. Vindt u dat een wethouder zijn in 2019 gedane toezegging om dit te evalueren, en we hebben het over dit vlekje, want daar hebben we het toen over gehad, gewoon geen stand hoeft te doen. Kan een wethouder daar gewoon mee wegkomen? Meneer Van der Graaf. De voorzitter: Mijnheer Van der Graaf. De heer Van der Graaf: Yes, dank u wel. Volgens mij zijn we nu een soort van aan het evalueren. En inderdaad lijkt het erop dat de cijfers nog wat ontbreken. Maar ik denk dat het beste daar de wethouder zelf op kan reageren hoe dat is voorzien. De voorzitter: Meneer Merx. De heer Merx: Ja, dank u, sorry voorzitter. Ze zijn er niet.

Hoe beoordeelt u dat nou dat als een wethouder het college toezegt dit te evalueren en er vervolgens geen cijfers zijn. Op basis waarvan wil u dit dan gaan evalueren? De voorzitter: Mijnheer Van der Graaf. De heer Van der Graaf: Dank u wel. Ik heb begrepen dat het dit jaar geëvalueerd zou gaan worden. Dus ja, we zijn nog maar net in het jaar bezig natuurlijk. De heer Merx: Nee, meneer Van der Graaf. We hebben afgesproken dat het gebruik, sorry voorzitter, van dit gebied nauwgezet gevolgd zou gaan worden en even de kans zou krijgen. Dat staat letterlijk in het verslag van de commissie bestuur en middelen van 2019. Leest u het maar na. En het is gewoon niet gemonitord. Er wordt wel gezegd: ja, de parkeerplaatsen stonden altijd vol. Ja, dat klopt, die stonden in de weekenden vol. Maar door mensen die door het gebied gingen wandelen en niet met mensen die gebruik gingen maken van het groene grasveld. De voorzitter: Uw punt is duidelijk, meneer Merx. Mijnheer Van der Graaf, nog een korte reactie hierop? De heer Van der Graaf: Ja, ik denk dat het beste daar de wethouder zelf op kan reageren. Mij staat die afspraak niet helemaal helder wanneer we dit zouden evalueren en wanneer we de cijfers zouden krijgen. In ieder geval 2021, maar verder. De voorzitter: Oké, was u klaar met uw woordvoering?

13

De heer Van der Graaf: Ja, wat betreft de mindervaliden maken wij ons grote zorgen. En voor de rest kunnen wij ons wel vinden in het omlaag brengen van de maaifrequentie. Ik denk dat dat goed is voor de biodiversiteit. En dan zullen er wellicht ook wat meer vogels gaan verblijven. En dan inderdaad wordt het eerder genoemde standpunt van Staatbosbeheer dat het een onbruikbaar gebied is voor de natuur, wordt ook wat verzacht. Dus dat lijkt me helemaal goed. Dank u wel. De voorzitter: ik zie dat meneer De Lijster nog een toevoeging heeft of een opmerking, of wat dan ook. De heer De Lijster: Ja, dank u wel, voorzitter. Heel even kort, ik had tussendoor even contact met mijn collega om even gelijk antwoord te geven op de vraag van meneer Van der Graaf net. Ja, uiteraard zijn wij voor het rekening houden met het broedseizoen en het intensieve recreatiegebruik. Maar daartussen is natuurlijk genoeg ruimte en daar duiden wij op. De voorzitter: Oké, dank u wel, meneer De Lijster. Wie mag ik vervolgens het woord geven? Mijnheer Van der Kruijff. En daarna mevrouw Jager en daarna meneer ’t Lam. Mijnheer Van der Kruijff, gaat uw gang. De heer Van der Kruijff: Dank u wel, voorzitter. Ja, de dialoog, de discussie, hoe je het wil noemen, die zich nu voordoet is een beetje een herhaling van die zich een jaar geleden ook inderdaad in raad en commissie hebben gehad.

Die erg inzoomt op het gebruik van dit gebiedje, de groene vlek zoals meneer Merx dat noemt in de Haniaspolder. Of dat nou vrijgegeven moet worden voor honden, loslopende honden nog wel, ja of nee. En toentertijd, want ik begrijp wel dat meneer Merx het hondenplan wordt daar duidelijk min of meer in vertegenwoordigt. Dat gebeurde een jaar geleden ook, maar er zijn natuurlijk wel meer gebruikers van het gebied in zijn totaliteit, even los van het vlechtje en mensen die daar iets van vinden. We hebben de hondenbezitters, we hebben de paardenbezitters, we hoorden het daarnet ook al. Je hebt ook nog gewoon de wandelaars die daar blijkbaar veel komen en daar hun auto parkeren. En ook niet alle wandelaars erg blij zijn met loslopende honden, want sommige mensen zijn daar gewoon bang voor als je daar je auto parkeert. Kortom, het is gewoon in evenwicht wat je daar met elkaar moet zoeken qua gebruik. Dat snappen we denk ik allemaal wel. En dan is het maar wat je accent wil of wenst te geven. Daar is in de voorbereiding heel veel aan gedaan, er is vanuit natuurwaarde naar gekeken, die is voor dit gebiedje niet zo heel groot, dat ben ik met alles en iedereen eens die dat zegt. Die parkeerplaats die zo strak gemaaid is.

Maar ook naar de gebruikers, of dat nou hondenmensen zijn, of dat nou paardenmensen zijn of mensen die helemaal zonder dier komen wandelen omdat ze bang zijn voor honden of paarden, die moeten daar allemaal met elkaar gebruik van kunnen maken. Dus wij hebben ook vanuit het CDA een jaar geleden gezegd, wij hebben ook niet voor de motie gestemd die om een evaluatie vroeg, voor degene die zich dat kan herinneren, van: ja, je kunt hier wel over in gesprek blijven, maar als er nou uiteindelijk een balans uitgekomen is waar misschien niet iedereen gelukkig is, maar wij zien die ook niet voor ons. Dat iedereen gelukkig gaat worden in deze. Want iedereen wil niet precies hetzelfde. Hou dat nou gewoon even stabiel en voer die discussie niet elke keer opnieuw. En wat ons betreft zoals het nu is vinden wij daar na een jaar

14

evalueren sowieso wat snel. Dat neemt niet weg, dat wil ik ook wel zeggen. Als de meerderheid van de raad heeft gevraagd om een evaluatie, en dat is procesmatig zo, dat het college dat natuurlijk naar behoren moet uitvoeren. En of die daartoe in staat is, ik hoor meneer Merx daar van alles over beweren, dat hoor ik straks even graag ook van het college zelf. Hoor en wederhoor zeggen ze dan, voordat ik mij daar een oordeel over voordoe over of dat wel of niet fatsoenlijk opgepakt is en tot iets gaat leiden. Wat betreft het mindervaliden pad, dat is natuurlijk wel een hele treurige conclusie. Als we zoiets aanleggen om dan achteraf te constateren dat dat niet volgens de regels is uitgevoerd. Ja, daar kunnen we allemaal woorden aan wijden, ik hou het maar op een treurige conclusie. En niet goed, maar dat heeft het college zelf in zijn beantwoording ook al gezegd. Ik zal aan het eind van de middag, tweede helft van de middag, nog een heleboel mail kregen over wat deze instantie er allemaal van vond. Maar ik heb eerlijk gezegd nog niet in de gelegenheid geweest om dat allemaal te lezen. Maar als we dat met een aantal aanpassingen voor beperkte middelen toch een stuk beter kunnen krijgen, dan lijkt met dat goed.

En als dat nou massa’s geld gaat kosten, dan moeten we maar met elkaar nog eens overwegen of het dan verstandig is dat hier uit te geven, of dat je dat toch aan andere dingen wil uitgeven. Wat betreft de laatste vraag, ik vond die wat suggestief hoor, of je dat gebied wil laten verwilderen. Maar ik denk als dat diverser wordt en gewoon voor zijn gebruik geschikt blijft, en daar ga ik toch maar van uit, maar daar hoor ik straks nog wel even graag een reactie van het college op. Dan vinden wij het prima als het wat diverser wordt. En dat is toch wat anders dan verwilderen. De voorzitter: Dank u wel, meneer Van der Kruijff. Ik zie dat meneer De Lijster een interruptie heeft. De heer De Lijster: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, eerst toen meneer Van der Kruijff begon over het mindervaliden pad, toen werd ik gelukkig. Van: ja, als we met weinig geld toch wat dingen kunnen doen, heel graag. Maar dat laatste, dat triggerde mij eventjes. Van: ja, als het toch veel geld gaat kosten, dan moeten we ons maar afvragen of we dat toch maar gaan doen. Dus daarmee wil ik aan u vragen, wil u daarmee zeggen dat u dan het accepteert dat het gebied dan maar niet toegankelijk is voor mensen die mindervalide zijn? Dus dat het niet voldoet aan die eisen. De voorzitter: Mijnheer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Nou ja, laat ik de vraag omdraaien.

Stel dat om het aan te passen dat het 2,5 of 3 ton zou kosten. Ik noem maar eens een bedrag wat ik dan toch wel behoorlijk veel geld vind. Dat het 2,5 à 3 ton zou kosten om dat gebied aan te passen. Dan ben ik ook wel benieuwd als je dat vanuit de mindervaliden organisaties, hoe heten ze, ik ben even de naam kwijt, vraagt van: stel dat we nou 2,5 ton kunnen uitgeven om een gebied voor jullie te ontsluiten. Waar zouden jullie dan het meest blij van worden? Is dat dan dat pad of is dat op een andere manier? Of is dat op een andere plek? Op het moment dat je opnieuw budget beschikbaar stelt moet je volgens mij altijd jezelf de vraag blijven stellen: geven we het dan op deze manier op dit moment dan op de beste manier uit? Dat antwoord heb ik niet, maar dat is wel de vraag die ik mezelf dan zou stellen.

15

De voorzitter: Oké, meneer De Lijster nog een reactie. De heer De Lijster: Nee, helder. Ik denk dat we daar misschien enerzijds van mening verschillen of delen. Naar onze mening moet dat gebied gewoon toegankelijk zijn, punt. En dat moet gewoon gebeuren. in principe moeten we dat verdrag geldt niet alleen voor dat gebied, dat geldt ook gewoon voor heel Dordrecht even zo gezegd. Dus in die zin zoek ik gewoon even naar het punt van: joh, is het CDA bereid om daar in te investeren totdat het voldoet aan dat verdrag? De heer Van der Kruijff: Nou ja, uiteindelijk zal het denk ik voor iedereen gelden. Ook voor u, schat ik zomaar in. En het houdt een keertje op hoeveel geld je ervoor over hebt. En vraag mij nu niet waar die grens ligt, maar ik draai hem maar gewoon om. Stel dat we horen wat dat kosten, denken we dan dat we dat op de beste manier uitgeven als we dit doen? Of zou een tandje minder verantwoorder zijn? Nou, ik hoor daar straks ook de mogelijkheden graag op. De voorzitter: Duidelijk. Mevrouw De Jager. Mevrouw Jager, ik zeg steeds de ervoor, maar dat moet helemaal niet. Mevrouw Jager. Mevrouw Jager: Dank u wel, voorzitter. Ik weet niet of mijn tekst omgekeerd staat of niet, dan kan ik daar in ieder geval niets aan doen. De voorzitter: Nee, uw tekst staat perfect, u heeft het goed gedaan. Mevrouw Jager: Prima, met dank aan een collega. Wat ik even wilde zeggen.

Dat al dan niet maaien, dat maakt me niet uit. Als dat voor de biodiversiteit beter is, dan moet dat gebeuren. ik heb niks met honden, ik heb niks met het lopen in de buurt van paarden. Sowieso ga ik daar denk ik niet wandelen. En dat brengt me op datgeen wat ik dus wel heel erg belangrijk vindt, namelijk dat invaliden pad. Toen dus de eerste besprekingen daar waren over hoe de Nieuwe Dordtse Biesbosch ingericht ging worden is een van de eerste vragen die ik op diezelfde avond, de eerste avond dat we het erover hadden, gesteld heb van: wordt dat ook toegankelijk dat wandelgebied voor mindervaliden? En niet alleen mindervaliden, maar ook mensen met wandelwagens en dergelijke. Ja, dat ging absoluut gebeuren. Nou, we hebben dus gezien hoe dat uitgewerkt heeft, dat is niet gebeurd. Dan denk ik: dat is een omissie, dat is een fout. Dat geld wat het kost, dat had in eerste instantie direct al meegenomen moeten worden in het geheel. En ik vind het dus niet aangaan dat je dus als de hele boel klaar is en het blijkt helemaal niet te kloppen, dat je dan nog gaat discussiëren van: hebben we dat er wel voor over of niet? Dat vind ik niet kloppen. En ik vind bovendien om te zeggen van: ja, dan moeten we misschien maar accepteren dat het niet toegankelijk is. Ja, we kunnen wel accepteren dat de hele stad niet toegankelijk is voor mindervaliden, maar dan maken we wel een hele slechte beurt.

Ik vind het een hele slechte zaak. Ik vind dat we ervanuit moeten gaan dat het wel toegankelijk moet zijn. En als het dat niet is, dan moet het dat worden. En daar wou ik het even bij laten. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Jager. U heeft nog een interruptie van meneer Merx.

16

De heer Merx: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik heb een vraag aan mevrouw Jager. Er is daarvoor behoorlijk veel geld, ik zou niet eens durven gokken hoeveel, die groene vlek aangelegd met een hele hoop buizen eronder en dat heet drainage. Dat is een van de redenen waarom er geen honden mochten komen, want die zouden al die buizen uit gaan graven. Maar daarvan zegt: dat interesseert me eigenlijk niet zoveel, laat het maar lekker groeien en bloeien. En die drainage, het zal zomaar een ton kosten, dat neem ik voor lief. Aan de andere kant zegt u, en terecht overigens, van: die kosten voor die dingen hadden wel meegenomen moeten worden voor de mindervaliden parkeerplek. Hoe verhoudt het een zich tot het ander? Want aan de ene kant gooit u geld weg en aan de andere kant … Mevrouw Jager: Nee, meneer Merx, dat is niet zo. Ik denk niet dat een veldje klaver erg veel doet tegen de drainagepijpen hoor, dat denk ik niet. Dan moet je toch echt wel andere dingen eroverheen stampen. En ik heb het erover dat ik me dus helemaal niet verdiept heb in het al dan niet hoog op laten groeien, maaien. Ik weet wel dat als je velden helemaal kapot maait iedere keer met die warme zomers die we nu hebben, dan blijft er niks van over en dan heb je geen drainage nodig ook. Maar dat is weer een ander verhaal. Ik heb niets tegen de drainage, ik heb niets tegen wat er daar gedaan kan worden.

Ik heb me gewoon daar niet genoeg in verdiept. Waar ik me alleen mee bezig gehouden heb dat is het feit dat voor invaliden totaal ontoegankelijk is. Dat we dat niet zo hadden afgesproken en dat ik vind dat je nu niet kunt komen met van: ja, maar dat kost weer zoveel. Wat mij betreft blijft die hele drainage in orde en wordt er met dat gebied precies datgeen gedaan wat u wil, als de honden maar de pijpen niet naar boven graven. Maar ja, dat lijkt me ook nog niet zo eenvoudig, dat denk ik. De heer Merx: We zijn het helemaal eens, mevrouw Jager, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Jager. Dat was een mooi debatje en we zijn het met elkaar eens. Meneer Merx en mevrouw Jager zijn het met elkaar eens. Intussen, mevrouw Koene, nog iets te binnen geschoten? Mevrouw Koene: Ja, voorzitter, maar ik heb inmiddels ook al de conclusie getrokken dat het zinloos zal zijn. De voorzitter: Dat is jammer. Test ons nou eventjes. Wie weet is het helemaal niet zinloos en gaat iemand u verrassen. Mevrouw Koene: Misschien dan. En dat is dan niet zo zeer alleen bij mevrouw Jager, maar eigenlijk ook bij anderen. Er is natuurlijk al eerder gezegd dat het weinig natuurwaarde heeft zeg maar. Dus ja, ik ben al niet zo’n extreem groen mens, zoals bekend zou zijn.

Maar wat zou nou voor mensen de reden zijn om daar überhaupt te willen wandelen? Even gewoon, ik bedoel: ik probeer me dus te verplaatsen, ik lees al die dingen. En dan denk ik van: ja, het is gewoon een steppe, bij wijze van spreken. Ik bedoel, wat wil je daar nou recreëren? Want ik kan me dus wel voorstellen dat het leuk is om daar inderdaad met je hond te lopen. Maar goed, ik heb ook geen hond. U wel, voorzitter. Is er iemand die mij in een zin kan vertellen wat nou de meerwaarde is om daar te recreëren?

17

De voorzitter: Wie voelt zich uitgedaagd om aan te geven dat wat mevrouw Koene nu zegt, dat die vraag niet zinloos is. Ik zie meneer Polat. De heer Polat: Ja, voorzitter. Even reagerend op mevrouw Koene. Het is een prachtige plek om te gaan wandelen, het geeft een heel ander beeld van Dordrecht. Op 10 minuten afstand van Dordrecht, daar kan je gewoon in de hele natuur rondkijken en wandelen, het geeft een heel ander gevoel. Van dat je echt in de natuur loopt. Dus wat dat betreft, ik vind het heerlijk om daar te wandelen. Ik kom daar ook elke week. Mevrouw Koene: Oké, nou ja, kijk voorzitter … De voorzitter: Mevrouw Koene, even wachten, want meneer Jansen heeft hier ook nog een reactie op. Dus wie weet. Mevrouw Koene: Ik wou even nog op meneer Polat reageren. De voorzitter: Wie weet heeft meneer Jansen gewoon een toevoeging en kunt u op beide tegelijk reageren. De heer Jansen: Nee, ik wilde eigenlijk zeggen: ik vind het tamelijk irrelevant of mevrouw Koene wel of niet begrijpt waarom mensen daar wandelen. Ik begrijp niet dat mensen gaan paardrijden. Ik ben niet zo dol op fietsen, dus ik begrijp niet dat mensen naar plekken toe fietsen. Maar dat betekent niet dat als ik in de commissie zit, dat ik me niet bezig ga houden met het faciliteren voor mensen die dat wel leuk vinden en die dat wel willen doen, ook al begrijp ik ze niet. Ik hoef dat namelijk niet te begrijpen.

Mevrouw Koene: Nou ja, ik wil dat dus wel begrijpen. Want op het moment dat het namelijk zo is dat niemand daar iets aan vindt om daar te wandelen, dan hoeven we ook geen paden te hebben. Dus dat is eigenlijk een beetje de strekking. Ik snap wel wat meneer Jansen zegt, want het is totaal irrelevant of ik wel of niet van wandelen hou. Maar het gaat erom, meneer Van der Kruijff die zegt dat ook al, het kan natuurlijk ook nog zo zijn dat er uit komt dat het zes ton kost of zo, of noem maar even een willekeurig bedrag, om die paden aan te leggen. Is dat dan in verhouding tot wat je daar op dat punt kan recreëren? Of zijn er een heleboel andere plekken op het eiland van Dordt waar je wellicht dan kan recreëren. Dat is meer zeg maar waar ik naar op zoek ben. De voorzitter: Dat is helder. Mevrouw Koene: Dus hoe verhoudt het een zich tot het gebruik van het gebied, zeg maar. De voorzitter: Oké, dan zie ik meneer Merx heeft daar nog een reactie op. De heer Merx: Ja, voorzitter. Want ik meende aan de woordvoering en de vragen van mevrouw Koene af te moeten leiden dat mevrouw Koene die vraag stelde over die strakke grasmat die daar ligt. En niet over het totale gebied door de Dordtse Biesbosch. Dat is wel waar anderen op reageren, zoals meneer Polat en meneer Jansen. Die

18

zeggen: ja, op zich is het een prachtig gebied. En dat vind ik ook, maar het gaat nu even om die groene vlek die daar zit, die aantal vierkante meters in het totale gebied. En daar hebben we het over. Daar moeten we ons volgens mij ook toe beperken en daar stelt mevrouw Koene de in mijn ogen terechte vraag: wie zou daar in vredesnaam willen recreëren? Ja, helemaal niemand, want er is ook niemand te vinden. En het antwoord is: er is niks, er staan een paar bankjes, maar verder is er gewoon niks. Dus is het een hartstikke leuk terreintje om daar je honden te laten lopen. De voorzitter: U krijgt het iedere keer weer voor elkaar, meneer Merx, toevoegingen aan uw woordvoering. Ik zie dat mevrouw Koene het helemaal met u eens is. Ik ga nu even terug naar meneer ’t Lam, want die had aangegeven een woordvoering te willen doen. Mijnheer ’t Lam. De heer ’t Lam: Dank u wel, voorzitter. Ik heb met belangstelling de discussie tot nu toe gevolgd. Het college zegt dat het dagrecreatieterrein goed bezocht wordt en ze leiden dat af van de geparkeerde auto’s. ik ben het met degenen eens die zeggen dat die auto’s er vooral staan van mensen die door het dagrecreatiegebied heen wandelen, om vervolgens in het achterliggende gebied van de Nieuwe Dordtse Biesbosch langer te verblijven.

Die keren dat ik er ben heb ik weinig mensen in het dagrecreatiegebied gezien, behalve dan degenen die erdoorheen wandelden die ik net noemde. Ik denk omdat het college geen gegevens heeft, dat er nog eens onderzocht moet worden of er echt behoefte is aan een dagrecreatiegebied op die plek. En als daar behoefte is, voldoet dat terrein dan? Dan het punt van het wandelpad. Naar steentjes, tegeltjes, een meterkast en gister weer een boom in de Biesbosch die weggehaald was zonder dat dat de bedoeling was, hebben we nu weer discussie over een bestek waar vergeten is rekening te houden met regels van de Verenigde Naties. De privatisering van gemeentelijke diensten zorgen er steeds voor dat er onvoldoende kennis in huis is om dit soort werk uit te voeren en te controleren. En het college zegt dan: we leren ervan, we nemen het de volgende keer mee. Maar ja, dan komt er weer een nieuw commercieel bedrijf wat nooit met de gemeente Dordrecht te maken heeft gehad. Ja, en die weten nergens van en dan gaat die boom er weer uit en dan vergeten we weer regels.

Dus de vraag aan het college, want we spreken over een fors bedrag wat er nu weer bij moet om het te herstellen: is dat bestek door een externe partij gemaakt? En had die externe partij dan geen rekening moeten houden met regels die gelden? En als die externe partij dat vergeten is, in hoeverre zijn zij daar dan aansprakelijk voor? Ik ben benieuwd naar het antwoord van het college, voordat wij zeggen of dat we ook vinden dat dat pad voor zo’n groot bedrag als nog in ere hersteld moet worden. Althans in ere hersteld, aangelegd moet worden, want het is niet zo geweest. Dan is er nog een politieke vraag over wat er nu geëvalueerd moet worden. En wij vragen ons af of het goed is dat je die evaluatie samen laat lopen met de evaluatie van het hondenbeleid. Ik zei net al: we moeten evalueren waar het dagrecreatieterrein voor gebruikt moet gaan worden. En laten we het hondenbeleid apart evalueren. Bij dat hondenbeleid gaat het er vooral om, als je dat evalueert, dan moet je kijken naar alle gebieden in Dordrecht. En dan gaat het om: zijn er voldoende gebieden om met een aangelijnde hond te lopen? Zijn er voldoende gebieden om honden los te laten lopen? En zijn er ook voldoende gebieden waar mensen zonder hond kunnen verblijven? Want het is nog altijd zo dat zes

19

van de zeven gezinnen in Dordrecht geen hond heeft. Als we dan toch het hondenbeleid gaan evalueren, dan stelt de SP voor dat het college daarin gelijk meeneemt het afschaffen van de hondenbelasting. Want wij kunnen niet uitleggen aan inwoners waarom je voor een hond wel moet betalen en voor een paard, die daar ook komen, niet. De voorzitter: Meneer ’t Lam, even. U heeft een pracht van een woordvoering. Alleen u propt er nu wat dingetjes bij, waarbij ik toch wil zeggen: laten we dat even voor een later moment houden bij het hondenbeleid. De heer ’t Lam: Ja, maar het hondenbeleid wordt nu min of meer gekoppeld aan dit gebied. De voorzitter: Dat is de vraag nog. U geeft keurig aan van: dat moet niet vermengd worden, laten we het nu houden over de evaluatie van dit gebied en niet over honden hier wel of niet. Want dat is in het totale hondenbeleid. Laten we dat eventjes ook zo houden, want ik hoor u nu allemaal zaken erbij over hondenbelasting en zo. U heeft echt een hele goede SP woordvoering, ook dat met de belasting erbij, dat komt terug. Helemaal goed, maar nu niet op dit moment van toepassing denk ik. Dus heeft u nog iets toe te voegen verder bij uw woordvoering en het hier een beetje bij te laten? De heer ’t Lam: Dat is een beetje uw uitleg.

Maar als het college het toch samenvoegt, dan ga je sec kijken: moeten we daar wel of geen honden toelaten? En dat kunnen wij pas beoordelen als je dat in de totaliteit plaatst. Want er zijn daar ook gebieden waar honden vrij kunnen lopen. Ik wil het hier best bij laten, voorzitter. Maar nogmaals, als het college daar naar de honden gaat kijken, dan moeten ze ook andere gebieden in Dordrecht daarbij betrekken, dat vinden wij. En uiteraard dan de hondenbelasting meenemen en afschaffen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie mevrouw Jager heeft nog een interruptie op u, dus u mag nog even ook in beeld blijven. Mevrouw Jager. Mevrouw Jager: Nou ja, niet zo zeer op meneer ’t Lam als wel op iedereen die het voortdurend heeft over het dagrecreatieterrein. Daar heb ik in het begin al naar gevraagd en ze hebben het dan over de groene vlek in de Haniaspolder. Maar het dagrecreatieterrein ligt aan de andere kant in de Bovenpolder. En dat werkt verwarrend als men het heeft over het dagrecreatieterrein en ze bedoelen niet dat gedeelte, maar ze bedoelen de Haniapolder. Dus ik weet niet hoe we dat op gaan lossen, maar misschien moeten we zeggen: het intensief te gebruiken terrein of zo voor de Haniapolder, dan weten we het. Maar dezelfde titel gebruiken voor twee verschillende dingen werkt verwarrend.

De voorzitter: Misschien kan de wethouder daar zo nog even heel duidelijk iets over zeggen wat we daarmee bedoelen. Maar meneer ’t Lam wil daar ook nog iets op zeggen. De heer ’t Lam: Volgens mij hebben we twee dagrecreatiegebieden op het oog. Die in de Haniapolder die er zou moeten zijn, maar die volgens velen en ook mijn waarneming

20

niet gebruikt wordt. En we zijn nog een nieuw gebied aan het maken, althans dat is in ontwikkeling, aan de andere kant van de polder. En die twee namen, dat kan verwarring geven, dat ben ik met mevrouw Jager eens. De voorzitter: Oké, meneer Merx zegt in de chat: intensief dagrecreatieterrein Haniaspolder. Het IDHP, geweldig. Ik denk dat ik bijna iedereen gehad heb. Is er nog iemand die een woordvoering wil houden? En anders ga ik naar mijnheer Polat. Excuus, u bent nog niet geweest. De heer Polat: Dank, voorzitter. Want ik wilde nog reageren op ik denk mevrouw Koene. U was mij vergeten, maar dat is helemaal geen punt. Wat betreft D66 sluiten wij aan bij GroenLinks en de VVD. Wij willen ook graag weten van de wethouder wat hij deed aan vooral dit mindervaliden pad. Op een gegeven moment heb ik gehoord dat dat met een bedrag is gemoeid van 43 duizend euro of 250 duizend euro. We zijn natuurlijk verplicht aan onze medeburgers om in ieder geval ook voor hen het mogelijk te maken dat ook zij gebruik kunnen maken van de dagrecreatieplekken. Dus wat dat betreft wil ik graag van de wethouder horen wat hij denkt te willen gaan doen, om ook voor die mensen het mogelijk te maken. En verder vinden wij ook wat de VSP zei, sorry, mevrouw Jager over de mindervaliden, daar staan we helemaal achter.

Dus wat dat betreft wil D66 graag van de wethouder weten wat hij denkt te willen gaan doen voor de mindervaliden en natuurlijk ook de evaluatie voor de honden en gebruiken van de Haniaspolder. Dat willen we ook graag van hem weten hoe hij dat wil inrichten. Dank u. De voorzitter: Oké, dank u wel. en ik zie inderdaad tot mijn grote schaamte dat ik nog twee partijen vergeet. Dat heb je als je heel intensief en geïnteresseerd naar het debat zit te luisteren en probeert dat te volgen, in plaats van keurig het voor mij lijstje partijen af te werken. Mijnheer Veldman, mag ik u het woord geven. De heer Veldman: Voorzitter, mijn collega De Looze doet dit punt. En die geeft zelf aan of en zo ja wanneer hij woordvoering doet. Dank u. Maar ik dacht even te helpen bij de discussie over de naamgeving, verder niet. De voorzitter: Ja, nu zie ik het. Prachtig inderdaad. Mijnheer Wisker, excuus. Ik was u ook vergeten. De heer Wisker: Ja, voorzitter, dank u wel. Ja, voorzitter, ik zit al bijna in het hoekje waar de klappen vallen, want ik heb zoveel dingen langs horen komen dat ik bijna de draad kwijt ben. Voornamelijk zitten wij op de lijn zoals meneer Merx in zijn uitvoerige betoog aan het begin uiteen heeft gezet. Ik heb alleen een vraag nog voor de wethouder en dat is de volgende.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/218/documents/7544