2.8 2026.01.13 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE GEMEENTE DORDRECHT DORDTSE DINSDAG D.D. 13 JANUARI 2026 Vergaderzaal 1 1. Werkbezoek Voedselbank 2. Vragenhalfuur Voorzitter: De heer Schalken-den Hartog Raadsgriffier: De heer Den Boer Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Van Antwerpen (Beter voor Dordt) Dhr. Bootsman (GroenLinks) Dhr. Damen (PvdA) Dhr. Klerk (CDA) Dhr. Kuhlmann (VVD) Dhr. ’t Lam (SP) Dhr. Struijk (ChristenUnie/SGP) Portefeuillehouders: wethouder M. Burggraaf, wethouder M. Merx, burgemeester N. Mol De voorzitter: Beste mensen, het is 19.00 uur. Welkom allemaal bij het eerste vragenhalfuurtje van 2026, vandaag 13 januari. We hebben vandaag vragen over drie onderwerpen en bij twee van de drie onderwerpen zijn meerdere fracties die daar vragen over hebben. Het eerste onderwerp is de gladheidsbestrijding en daar zijn vragen over gekomen van de ChristenUnie/SGP en Beter voor Dordt. Volgens mij is afgestemd dat in eerste instantie mijnheer Struijk de inleiding doet met vragen. Daarna stelt mijnheer Van Antwerpen nog aanvullende vragen en dan gaan we daarna naar het college. Mijnheer Struijk. De heer Struijk: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, na 5 jaar, als ik goed gerekend heb, hadden we weer eens lekker sneeuwval in Nederland met de daarbij behorende overlast.
Laten we beginnen met, en dat doe ik mede namens Beter voor Dordt, onze waardering uit te spreken voor iedereen die zich heeft ingezet om te schuiven en te strooien, soms op tijdstippen dat wij nog lekker op bed lagen. Helaas waren de doorgaande fietsroutes in Dordrecht, ondanks al dat werk, niet of slecht bereikbaar. Dat lag niet aan de inzet, want die was er. Sneeuw werd echter van de autorijbaan op de fietsstroken geveegd, bij de bochten bleven sneeuwrichels liggen, sommige tot afgelopen zondag aan toe, de knopjes bij enkele verkeerslichten waren niet bereikbaar of je moest je leven wagen door je voet op het ijs zetten, achter de bushaltes op de Krispijnseweg werd niet geveegd en ook in de fietstunneltjes reed je, je ineens vast in de sneeuw. Daarom willen wij graag als ChristenUnie/SGP de volgende vragen stellen. De eerste vraag, hoe beoordeelt het college de huidige situatie op fietsroutes tijdens sneeuwval en het feit dat veel fietsers moeten uitwijken naar de rijbaan?
1
Tweede vraag, is het college bereid om het strooibeleid en de strooiroutekaart, met name vanuit de situatie van de fietser, te evalueren en daarbij nadrukkelijk ook het Mobiliteitsplan 2040, delen van de daarin opgenomen kwaliteitroutes waren niet gestrooid, en het STOMP-principe te betrekken? Tot zover onze vragen. De voorzitter: Dank u wel. En dan gaan we naar mijnheer Van Antwerpen van Beter voor Dordt. De heer Van Antwerpen: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, onze vragen gaan over de uitgifte van het gratis strooizand door de gemeente Dordrecht, want dit kan nu uitsluitend worden opgehaald op de Kerkeplaat. Onze vragen zijn daarover, deelt het college onze opvatting dat een betere spreiding van uitgiftepunten voor gratis strooizand over de stad kan bijdragen aan meer gebruik en vergroting van de veiligheid en toegankelijkheid van met name stoepen en voetpaden? Is het college bereid om beleid te ontwikkelen om meerdere uitgiftepunten voor strooizand te realiseren, bijvoorbeeld per wijk of per winkelcentrum en kan het toezeggen de raad hierover op zo kort mogelijke termijn te informeren? Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dat waren de vragen. Wie van het college mag ik het woord geven? Mijnheer Merkx. De heer Merx: Dank u wel, voorzitter. Dat was me het weekje wel.
Het is ongeveer 13 jaar geleden dat er in deze hoeveelheden en heftigheid sneeuwval naar beneden is gekomen. Sommige mensen waren zielsgelukkig. Vele van onze jongere kinderen hebben dit nog niet meegemaakt en was het voor de eerste keer in hun leven dat ze konden sleeën en zolang uitbundig van sneeuw konden genieten met elkaar. Dat is de andere kant van sneeuwval. Sommigen vinden het heel erg vervelend dat het alweer weg is. Maar goed, wie weet wat er nog over 13 jaar weer naar beneden komt en misschien al veel eerder. Tegelijkertijd constateren we ook dat sneeuw veel ongemakken met zich meeneemt en zeker in de hoeveelheden en de heftigheid waarmee het vorige week naar beneden is gekomen. Ik vergeleek het weleens met als je thuis net de vloer gedweild en schoongemaakt hebt, het is bijna droog en dan komt een van je kinderen met modderlaarzen naar binnen en je kan weer opnieuw beginnen. Het is ongeveer de ervaring van degenen die sneeuw geruimd hebben. Het was zoveel en heftig en zo vaak achter elkaar, dat er niet meer tegenop te rijden was goed. Dan ga ik nu de antwoorden 1 voor 1 af. Het college constateert dat de hevige en langdurige sneeuwval van de afgelopen week een grote impact heeft gehad op de doorstroming van de fietsroutes. Op de fietsroutes eigenlijk.
Ondanks de inzet van veeg- en strooiwagens om hoofdfietsroutes zo snel mogelijk te strooien en sneeuwvrij te maken, daar is echt met man en macht aan gewerkt, kan het voorkomen dat deze routes minder goed begaanbaar zijn. Dat geldt met name voor de aanliggende fietsroutes. Sneeuw wordt eerst van de hoofdrijbaan, dat is wat mijnheer Struijk net verteld heeft, opzijgeschoven en na afronding van de sneeuwroutes wordt in een extra ronde de sneeuw van de fietsstrook geschoven. Zoals ik net al vertelde, dan kom je opnieuw met je veegwagen aan en ligt er alweer een nieuw pakket. Maar dit leidt ertoe dat sommige fietsers uitwijken naar de rijbaan en dat brengt risico's met zich mee.
2
Zowel voor fietsers als voor automobilisten, maar met name voor de fietsers als de zwakkere verkeersdeelnemer. Wij beoordelen deze situatie als ongewenst, maar helaas niet volledig te voorkomen bij extreme weersomstandigheden. We hebben allemaal vorige week gefietst of gewandeld of misschien wel met de auto gereden. Dan is het wel zaak dat we een beetje rekening houden met elkaar. Dat we rekening houden met de weersomstandigheden, met de ongemakken die dit met zich meebrengt en dat we rekening houden met fietsers die noodgedwongen uitwijken naar de rijbaan. Dat we niet proberen de fietser zo snel mogelijk weer de sneeuw in te duwen, maar even gas inhouden, afstand houden en er rekening mee houden dat ook deze weggebruikers recht hebben om zich over de weg voort te bewegen en dat misschien het fietspad niet begaanbaar is. Het antwoord op de tweede vraag, of het college bereid is het strooibeleid en de routekaart, met name vanuit het principe van de fietser, te evalueren en daarbij nadrukkelijk ook het Mobiliteitsplan 2040 en het STOMP-principe te betrekken. Naar aanleiding van de afgelopen extreme winterse periode wordt samen met HVC een evaluatie uitgevoerd. Vooral ook om bij de volgende winterse periodes, ik hoop dat het nog even duurt, nog beter gesteld te staan. We zien wel punten voor verbetering.
In die evaluatie krijgt met name ook de begaanbaarheid van de fietspaden aandacht en toetsen we de aansluiting met het Mobiliteitsplan. Denkbaar is het eerder starten met het oppakken, schoonmaken, van het doorsteken op de fietsroutes na het sneeuwschuiven op de rijbaan. Dan de vragen van Beter voor Dordt. Deelt het college onze opvatting dat een bredere spreiding van uitgiftepunten voor gratis troostend over de stad kan bijdragen aan meer gebruik en vergroting van de veiligheid en de toegankelijkheid van met name de stoepen en voetpaden? Ja, is het antwoord. De uitgifte van gratis strooiend maakt deel uit van de genoemde evaluatie. Zoals mijnheer Van Antwerpen zojuist zei, dat is op de Kerkeplaat op te halen. Ik heb hier nog even overleg over wijken en winkelcentra. Dat zou kunnen, maar dat betekent wel dat we op al die plekken ook iemand ernaast moeten zetten. Het is niet denkbeeldig dat er iemand met zijn aanhangwagen aan komt rijden en denkt, dat is mooi, ik neem die zakken mee, want ik moet in het voorjaar nog mijn terras ophogen. Dat gebeurt. Het betekent dat we er op al die plekken iemand bij moeten zetten om te voorkomen dat iemand zijn aanhangwagen, mijnheer Damen, helaas wel, vollaad.
Maar we gaan het meenemen in de evaluatie en kijken, als dit een wens is, wat betekent dat dan? Wat kost dat en hoe kunnen we dat vormgeven? Mijn advies is wel, wacht niet totdat het gesneeuwd heeft of spekglad is met het ophalen van je strooizout of strooizand. In dit geval strooizand, maar je kunt bij allerlei doe-het-zelfzaken strooizout halen. Ik heb het nog even gecheckt, het is niet heel erg duur. Doe dat zo snel mogelijk. Wat we mee gaan nemen is, als je een winterse periode ziet aankomen, ga dan alvast naar de Kerkeplaat, haal je zakje zand op en voorkom dat je straks al glibberend en glijdend naar je wijkwinkelcentra moet om daar een zak zand op te halen. Dat waren de antwoorden. De voorzitter: Dank u wel. Uitgebreide beantwoording. Ik ga naar mijnheer Struijk voor een vervolgvraag.
De heer Struijk: Dank u wel, voorzitter. Eerst wil ik even de wethouder hartelijk danken voor de toezegging dat de evaluatie plaats gaat vinden en dat daarbij heel goed naar de
3
fietser gekeken gaat worden. Wellicht kan hij dan informatie inwinnen, ik heb de tip al gegeven, bij andere gemeentes die ervaring hebben met deze materie. Ik heb een korte vraag. De wethouder heeft er begrip voor dat fietsers op de rijbaan gaan en hij verwacht van ons dat we daar rekening mee houden. Dat gaan wij allemaal doen, maar de rest van Dordrecht heeft dit niet gehoord. Ik denk dat ze ook niet alle 120.000 zitten te luisteren. Wordt dat op een of andere manier gecommuniceerd in zo’n situatie van, mensen, houd een beetje rekening met elkaar? Dat was de vraag. De voorzitter: Mijnheer Merx nog even. De heer Merx: Voorzitter, dat doen we zeker. Dat hebben we ook deze keer gedaan met het verzoek, houd rekening met elkaar, maar pas ook je eigen gedrag aan. Iedereen moet zijn of haar gedrag aanpassen. Dat blijven we communiceren. Maar u heeft gelijk, niet iedereen bereiken we. Er zijn ook mensen die we wel bereiken en denken, deze geldt niet voor mij. De voorzitter: Dank u wel. Ik denk verder voldoende beantwoord. Dank u. De heer Bootsman: Voorzitter? De voorzitter: Ik had niet links gekeken. Mijnheer Bootsman. De heer Bootsman: Geen probleem. Ik heb een kleine vervolgvraag. Wij hebben over dit onderwerp artikel 40-vragen gesteld. Een kleine vervolgvraag.
Alle op- en afritten waar rolstoelgebruikers gebruik van moeten maken, waren onder de sneeuw geschoven door de sneeuwschuivers. Kan dat ook in de evaluatie meegenomen worden? De voorzitter: Ik ga even kort de vragen verzamelen. Mijnheer Kuhlmann, mijnheer Damen dan ga ik terug naar de wethouder. De heer Kuhlmann: Dank u, voorzitter. Ik hoorde wethouder zojuist zeggen dat er wordt gekeken naar de toekomst om lessen te leren. De vraag is of er dan ook kan worden gekeken naar de Laan van Terwen voor het nieuwste stuk door de Louisa’s Weelde, de toegangsweg daarnaartoe. Die was nu nog niet meegenomen, maar wellicht kan dit de volgende keer in de route kan worden opgenomen. De voorzitter: Mijnheer Damen nog een korte vervolgvraag. De heer Damen: Ik heb zelf geconstateerd dat de tunnel Dubbeldamseweg Zuid, Dubbeldamseweg Noord de eerste twee dagen helemaal niet is gestrooid. Dat geldt ook voor de trap naar het voetgangersgedeelte van de tunnel. Dat was echt levensgevaarlijk. Daar vraag ik van, behandel dat eigenlijk als eerste. Trappen die ondersneeuwen zijn bloedlink en hebben absoluut de prioriteit nodig. De voorzitter: Kort nog mijnheer Merx. De heer Merx: Het staat allemaal genoteerd, deze wensen. Naar mijnheer Bootsman toe, alle op- en afritten in de hele stad sneeuwvrij kunnen maken, daarvan kan ik bijna
4
beloven dat dat we het niet kunnen gaan waarmaken. Ook niet dat we ze sneeuwvrij houden. Dat spijt me zeer. Maar ik ga hier geen beloftes doen. Ik neem het mee. Ook de andere suggesties. Ik neem aan dat iemand de tunneltjes en de andere plekken genoteerd heeft, maar we kunnen echt niet alles waarmaken. U kunt alle wensen bij elkaar opstapelen. Ik neem ze ter harte, maar ik ga niet hier de illusie wekken dat wij de stad, in dit soort omstandigheden en op alle plekken, ook op de plekken waar het wel heel erg nodig zou zijn, ten alle tijden schoon kunnen houden. Maar we gaan ons best doen en we deden ons best. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik dit onderwerp afsluiten en overgaan naar het tweede onderwerp. Dat is de Weeskinderendijk. Daar zijn vragen over binnengekomen van het CDA, de SP, de VSP, de PvdA en de Partij voor de Dieren. Zover ik begreep, is het mijnheer Klerk die de introductie en de vragen doet. De heer Klerk: Dank u wel. Voorzitter, begin dit jaar zond het Platform Weeskinderendijk een mail naar de raad, waarbij zij aangeeft dat het college afwijkt van het in de brief van 29 september aangekondigde proces voor taxatie van de woningen. Het zijn wat datums achter elkaar die ik noem, maar ik moest de inleiding kort houden. De wethouder die moet beantwoorden kent het proces.
Naar wat blijkt heeft de taxatie van de woningen, die door de overeengekomen taxateur zouden worden getaxeerd, lang op zich laten wachten. De bewoners werd op 18 december meegedeeld dat de gemeente een aanmaning stuurde naar de onteigeningsdeskundigen van De Koning & Partners, waarin wordt gesteld dat de taxatierapporten uiterlijk 31 december ingeleverd moesten worden en anders zou er worden overgegaan tot geveltaxatie. Een situatie die bewoners veel stress opleverden. Allesbehalve een kerstkaart. Daarom heeft het CDA, samen met de fracties van SP, VSP, Partij van de Arbeid en Partij voor de Dieren de volgende vragen, de taxateur werkt in opdracht van de gemeente en niet van de bewoners, zij kozen hem alleen uit. Hoe kunnen bewoners dan worden gestraft voor het niet tijdig aanleveren van het taxatierapport? Is de wethouder het met ons eens dat de bewoners medewerking hebben verleend, zoals benoemd in de brief van 29 december 2025? Want in die brief staat, als ze medewerking verlenen, komt er geen geveltaxatie, andersom geredeneerd. De tweede vraag, in de mail van 18 december staat dat de gemeente het taxatierapport na controle naar de bewoners stuurt. In de procesbrief van 29 september wordt niet over een controle gesproken. Daarom is de vraag wat er bedoeld wordt met deze controle.
Dan de vraag, de mail aan de bewoners met betrekking tot de brief die aan De Koning & Partners is gestuurd, werd net voor kerstvakantie naar hen gestuurd. Begrijpt het college dat dit niet een heel fraai proces is, gezien de impact van de hele situatie op het leven van deze inwoners van de Weeskinderendijk? Wat denkt het college dat de impact van zo'n brief is op de kerstdagen van deze inwoners van onze stad? En ten slotte naar de toekomst, wat gaat er nu, en binnen welke termijn, nog wel gebeuren? Wat zijn de afwegingen die daarvoor zijn gemaakt? Oftewel, hoe worden deze mensen gerustgesteld? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik denk dat we voor het antwoord naar mijnheer Burggraaf gaan.
5
De heer Burggraaf: Dank u wel, voorzitter. Er komt sowieso binnenkort een raadsinformatiebrief naar uw raad met een update over het proces. Dan in reactie op de vragen die nu voorliggen een schets van wat heeft plaatsgevonden, u heeft voor de zomer het bestemmingsplan vastgesteld. We zijn toen naar de fase van actieve verwerving gegaan. Dat is begonnen met de selectie van een aantal lokale taxatiebureaus om een onafhankelijke waarde te kunnen bepalen. Dat zijn er drie geworden. Die zijn aangeboden aan de bewoners van Weeskinderendijk om een taxateur uit te kiezen. Een overgrote meerderheid van de bewoners heeft uit die drie partijen een keuze gemaakt. Er zijn vijf bewoners, waarvan u de brief heeft gehad, die toen hebben aangegeven dat ze niet met een van die drie taxatiebureaus aan de slag wilde, maar met het taxatiebureau, dan moet ik het even goed zeggen, Klijsen. We hebben geaccepteerd dat er met dit bureau gewerkt zou gaan worden voor deze vijf bewoners. Vervolgens hebben we getracht te zorgen dat alle bewoners in het gebied tegelijkertijd een taxatie krijgen. We hebben met de taxateur Klijsen gecommuniceerd wat daarvoor nodig is en wat de termijnen daarvoor zijn. We hebben meerdere malen, gedurende die maanden na september, herinneringen gestuurd aan het bureau om hun taxatie aan te leveren en dat gebeurde elke keer niet.
Wel zijn de taxaties inmiddels van alle andere woningen binnen, van die drie kantoren waar standaard uit gekozen kon worden. Dit maakte dat gemeente eind van het jaar, in december, nog eens een keer heeft aangegeven van, we willen toch echt graag van u die taxatierapporten ontvangen, want daardoor wachten ook heel veel andere bewoners nog op de op de uitslag. Zorgen dat de bewoners op de hoogte zouden zijn dat we dit communiceerden met Klijsen, is de reden dat we toen die brief aan de vijf bewoners hebben gestuurd, om aan te geven dat we dit gevraagd hebben aan het taxatiebureau. Dan de vraag over, wat bedoelen wij dan met controle? Op het moment dat er getaxeerd wordt, komt er een rapport. Dan wordt dat aangeleverd aan de gemeente en die controleert het rapport op feitelijke juistheden. Dan gaat het over adresgegevens, kadastrale gegevens, uitgangspunten. We hebben weleens een keer gezien dat bij een taxatie uit is gegaan van een hoekwoning, terwijl het een tussenwoning was. Dat soort feitelijkheden, daar vindt de controle op plaats en dat wordt teruggekoppeld naar de taxateur, om op die manier te zorgen dat je aan het eind van het traject een taxatierapport hebt, waarvan je zegt, dat klopt, daar kloppen de feiten ook van. We controleren niets. We zeggen niets over de getaxeerde waarde, want dat is iets wat aan het taxatiebureau is.
Wat gaat er nu nog meer gebeuren? Wij gaan nog een keer contact opnemen met Klijsen om ze nogmaals echt aan te moedigen om binnen twee weken alsnog die taxaties af te geven, want we zijn inmiddels dan maanden verder. We willen niet dat de andere bewoners nog langer in onzekerheid zitten. Mocht dat niet gebeuren, dan zullen wij de voornoemde geveltaxatie doen, zodat we in ieder geval in een keer alle rapporten en waarderingen naar buiten kunnen brengen. Wat dan niet wil zeggen dat, als er in een latere fase alsnog door taxateur Klijsen een taxatie wordt aangeleverd, die in de plaats kan komen van de betreffende geveltaxatie. Er is hier een belangenafweging tussen de vijf taxaties die bij bureau Klijsen zitten en alle andere taxaties die bij een ander bureau zitten en inmiddels wel gereed zijn.
6
Nogmaals, we willen die bewoners niet langer in onzekerheid laten zitten. Dat als samenvatting in reactie op uw vragen. Nogmaals, we zullen nog een uitgebreidere raadsinformatiebrief binnenkort uw kant op sturen. De voorzitter: Dank u wel voor de beantwoording. Als eerste mijnheer Klerk nog voor een vervolgvraag. De heer Klerk: Dank u wel. Een vervolgvraag. In die brief van 29 september stond, ik weet niet meer in welke woorden, dat de bewoners in de gelegenheid gesteld worden als ze medewerking verlenen. Op straffe daarvan, als ze dat niet zouden doen, zou er een geveltaxatie plaatsvinden. Nu hebben de bewoners hun medewerking verleend door een taxateur aan te wijzen. Maar dan kan het toch niet zo zijn dat de bewoners alsnog straks de dupe worden, omdat een taxateur niet meewerkt en dat zij toch met een geveltaxatie te maken krijgen, wat invloed zal hebben op de taxatiewaarde van die woning? De voorzitter: Mijnheer Burggraaf. De heer Burggraaf: Voorzitter, dat is wat ik zei. We willen graag van alle bewoners waar inmiddels wel een taxatie van binnen is, dit wel naar buiten kunnen brengen. Dat willen we pas doen als we van alle woningen een taxatiebedrag kunnen afgeven. Ons is, nogmaals, alles erop gericht om Klijsen een taxatie af te laten geven. Daar zijn al die verschillen de brieven over geweest.
Mocht dat nog langer duren en wordt het niet binnen twee weken aangeleverd, dan gaan we in een keer naar buiten met alle taxatiewaardes die er wel zijn en dan zullen we voor de resterende vier of vijf woningen, als dat als Klijsen niet binnen die termijn een taxatie heeft aangeleverd, met de geveltaxatie naar buiten komen. Maar dan staat nog steeds de weg open en dan hopen we dat de betreffende taxateur alsnog zo snel mogelijk wel hun taxatie aanleveren. Dan is dat de waarde die vervolgens geldt en niet langer de geveltaxatie. Maar nogmaals, dat zit hem puur in het feit dat we graag op een gegeven moment naar buiten willen kunnen treden, omdat andere bewoners ook zitten te wachten op de waarde die getaxeerd is. De voorzitter: Mijnheer Damen heeft nog een korte vervolgvraag. De heer Damen: Ik heb het bericht gekregen dat er sprake zou zijn van een verschil van mening tussen taxatiebureau Klijsen de medewerkers van de gemeente over de precieze opdracht voor de taxatie. De ene taxatie zou de andere niet zijn. Dat zou kunnen resulteren in verschillende waarden van de taxatie, of je de ene methode volgt of de andere. Klijsen zou hebben gevraagd aan de gemeente … De voorzitter: Wilt u kort tot uw vraag komen? De heer Damen: Klijsen heeft gevraagd aan gemeenten om daarover overleg te voeren. Dat is er niet gekomen.
Dit heeft ertoe geleid dat Klijsen tot nu toe niet een rapport heeft kunnen aangeven. Kan de wethouder bevestigen dat een dergelijke kwestie gespeeld heeft en kan de wethouder aangeven hoe dit probleem dan moet worden opgelost?
7
De voorzitter: Wethouder Burggraaf. De heer Burggraaf: Voorzitter, ik denk dat u refereert aan de zogenaamde NWWIrichtlijnen, op basis waarvan de taxatie plaatsvindt. Dat zijn dezelfde richtlijnen en de wijze waarop de taxatierapporten zijn gevalideerd voor de woningen Weeskinderendijk noordzijde. Vanaf het begin af aan zijn deze uitgangspunten gecommuniceerd met de taxatiebureaus, de drie die ik noemde, die door de gemeente zijn aangedragen. Het is ook vanaf het allereerste begin richting Klijsen gecommuniceerd, dat dit de richtlijnen zijn op basis waarvan de taxatie plaats zou moeten vinden. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie dat mijnheer ‘t Lam nog een korte vervolgvraag heeft. Voor de rest wil ik verder, denk ik, verwijzen naar de raadsinformatiebrief die nog komt, waarna dan alle vragen wellicht nog gesteld kunnen worden, als dit zou worden geagendeerd. De heer ‘t Lam: Dank u, voorzitter. Gemeente en bewoners hebben bij dit project verschillende belangen. Desondanks zullen de partijen elkaar moeten kunnen vertrouwen in wat wordt afgesproken. De bewoners hebben een taxateur aangewezen. Dat mocht, u heeft dat verteld. De gemeente heeft de opdracht gegeven. Dan kan je toch niet de bewoners straffen? Dan zou je iets moeten doen aan die taxateur. Wederom is het niet goed gegaan in de relatie tussen bewoners … Ik ga de vraag zo stellen. De voorzitter: Nu, alstublieft.
De heer ’t Lam: Wederom is het niet goed gegaan tussen bewoners en gemeente. Het lijkt de SP voor alle partijen beter dat dit dossier door de wethouder wordt overgedragen aan een ander collegelid. Is de wethouder hiertoe bereid? Zo niet, hoe zorgt hij er dan nu eens een keer voor dat er vertrouwen ontstaat tussen gemeenten en bewoners? De voorzitter: Ik ga kijken of de wethouder hier kort op wil reageren, want we gaan hier verder niet aan politiek doen. Het is een vragenhalfuur. De heer Burggraaf: Voorzitter, ik vraag me eerlijk gezegd af of mijnheer ‘t Lam naar de beantwoording van de vragen zojuist geluisterd heeft. Nogmaals, we hebben vanaf het allereerste begin, in september, aan taxatiebureau Klijsen gecommuniceerd wat de termijnen zijn en welke richtlijnen en voorwaarden gelden. Ik heb u aangegeven dat er bewoners zijn, het merendeel, die met andere taxatiebureaus werken en allemaal inmiddels wel een taxatie hebben en dat we ook die belangen te dienen hebben. Daar hebben we een belang af te wegen om op een gegeven moment ook hen duidelijkheid te kunnen geven. Zoals ik al aangaf, we hebben meerdere malen het betreffende taxatiebureau aangesproken op het aanleveren van de taxatierapporten. Dat gaan we nog een keer doen.
En ik heb ook net gezegd, als dat nog steeds niet gebeurt, dat we in het belang van de andere bewoners toch echt die taxatiewaarde willen gaan communiceren, maar dat dan nog steeds de deur openstaat om vervolgens, als het op dat moment niet is, in een latere fase alsnog wel een goed taxatierapport aan te kunnen leveren, zodat, net zoals dat voor alle andere bewoners het geval is, er een taxatiewaarde is. Ik begrijp eerlijk gezegd uw vraag echt niet.
8
De voorzitter: Dank u wel. Ik denk voldoende stof om nog met elkaar later op terug te komen. De wethouder gaf aan dat er op korte termijn een raadsinformatiebrief komt. Ik denk dat het aan ons is om het dan te agenderen, zodat we langer bij dit onderwerp stil kunnen staan. We hebben nog een onderwerp en dat is een vraag van een hele andere orde. Dat gaat over autobranden. Dat is een vraag van de VVD. Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Dank u wel, voorzitter. Het lijkt de afgelopen tijd wel schering en inslag, steeds meer autobranden in Dordrecht. Afgelopen zondag was het weer raak. Ditmaal twee auto's die volledig zijn uitgebrand in de Van der Zaanstraat. Dat is beslist niet de eerste keer in ons de stad. Vele auto's zijn al in vlammen opgegaan dit jaar. We hebben er op 26 februari 2024 al mondelinge vragen over gesteld. Het is niet alleen verschrikkelijk voor onze mede Dordtenaren om op deze manier hun auto, hun waardevolle vervoermiddel te verliezen, maar metershoge vlammen vlakbij slaapkamers van kinderen zijn ook hartstikke gevaarlijk in woonwijken.
Daarom de volgende vragen, een, is het college het met de Dordtse VVD eens dat de huidige situatie, waarin bewoners van Dordrecht steeds vaker worden geterroriseerd door autobranden, een urgent probleem is en dat daarbij alles uit de kast moet worden gehaald om deze autobranden te stoppen? Twee, is het college bereid om nachtelijke patrouilles, cameratoezicht, buurtpreventie en andere middelen in te zetten om de dader of daders van deze autobranden te pakken of tenminste af te schrikken? De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Wie mag ik het woord geven? Mijnheer Mol. De heer Mol: Voorzitter, dank. Dank ook voor mijnheer Kuhlmann zijn vragen en dat hij hier ook aandacht voor vraagt. Dit is een buitengewoon nare en vervelende ontwikkeling voor de stad. Het college ziet de laatste tijd steeds meer meldingen van autobranden voorbijkomen. Ik word er regelmatig op gerapporteerd. Misschien wel de meest opvallende ontwikkeling is dat autobranden bij de jaarwisselingen in Dordrecht nooit echt een opvallende piek vertoonde, vaak twee tot drie tot nul vorig jaar, en dit jaar hadden we acht autobranden in de oudjaarsnacht. Ook de afgelopen maanden word ik steeds vaker geïnformeerd door politie over incidenten in de stad.
Het is vreselijk wat eigenaren daarvan treft, maar ook dat dit soort zware vernielingen en vormen van criminaliteit in de woonwijken plaatsvinden, waardoor andere inwoners slachtoffer zijn van de risico's die dit soort autobranden met zich meebrengen. Ik heb afgelopen maandag aan de politie gevraagd om onderzoek te doen, want hier is sprake van een uiting van een vorm van agressie. Ik wil weten of dat willekeurig is of dat we een trend kunnen zien, waardoor we veel gerichter onze handhaving en politie hierop kunnen inzetten. Mijnheer Kuhlmann vraagt om een aantal vormen daarvan, nachtelijke patrouilles, cameratoezicht, buurtpreventie. Bijvoorbeeld cameratoezicht kunnen we alleen inzetten als we heel duidelijk weten dat er hele risicovolle gebieden zijn waar die autobranden plaatsvinden. Wij zijn sowieso, vanuit politie en handhaving, extra alert op verdachte handelingen, verdachte personen, die zich rondom voertuigen bevinden. Ik laat dit verder uitzoeken en ik zal schriftelijk antwoorden op de vragen van mijnheer Kuhlmann en de raad nog informeren of wij andere trends uit deze incidenten kunnen ontdekken, waardoor wij veel gerichter onze aanpak hierop kunnen afstemmen.
9
Daarbij opgemerkt hebbende dat wij veel vormen van onveiligheid in deze stad kennen en politie, handhaving en al onze hulpverleners, dag in, dag uit, zoet zijn met het veilig houden van deze stad. We hebben genoeg vormen waar wij mee bezig zijn. De voorzitter: Dank u wel voor de beantwoording. Mijnheer Kuhlmann, het is al 19.30 uur geweest. We moeten eigenlijk naar de volgende vergadering. Ik wil toch dat u wellicht naar aanleiding van de beantwoording door de burgemeester nog kijkt of u die vraag kunt stellen. Ik ga nu afronden en dan kunt u uw vraag altijd nog schriftelijk meegeven. De burgemeester kan het meenemen in de afronding. Dank u wel. 3. Beantwoorden door college van artikel 40-vragen RvO van dhr. Van Antwerpen (fractie BVD) over Laan van Londen is geen racebaan! - Antwoordbrief artikel 39/40 De agendapunten 3 en 4 worden gezamenlijk besproken. 4. Beantwoorden door het college van artikel 40-vragen RvO van de heren De Vries en Stolk (fractie VSP) over Verkeerssituatie aan de Brouwersdijk Antwoordbrief artikel 39/40 Voorzitter: Mevrouw Koene Raadsgriffier: De heer Den Boer Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Van Antwerpen (Beter voor Dordt) Dhr. Bootsman (GroenLinks) Dhr. Damen (PvdA) Dhr. De Feijter (ChristenUnie/SGP) Mevr. Van Herwijnen (Partij voor de Dieren) Dhr. Katif (Beter voor Dordt) Dhr. Kolkiliç (DENK) Dhr. Kuhlmann (VVD) Dhr. ’t Lam (SP) Dhr.
Van der Meer (GroenLinks) Dhr. Stolk (VSP) Dhr. Oostenrijk (CDA) Dhr. De Vries (VSP) Portefeuillehouder: wethouder J. Veldman Ambtelijke ondersteuning: dhr. Kraak De voorzitter: Ik ga dit afsluiten en even de raadspagina erbij pakken.
10
Welkom bij deze commissievergadering met als onderwerp het beantwoorden door het college van de artikel 40-vragen van BvD over Laan van Londen is geen racebaan!, beantwoorden door het college van artikel 40-vragen fractie VSP over verkeerssituatie aan de Brouwersdijk en de gestelde vragen in het vragenhalfuur van 9 december over de Krispijnseweg. Dan even dit, en ik ga toch zeggen, want u weet allen, ik ben nu eenmaal af en toe een heksje, deze vergadering staat oordeelsvormend geagendeerd. Ik maak u er wel op attent dat er geen raadsvoorstel ligt. In die zin kan u van alles vinden, maar een uiteindelijk oordeel is er niet te geven. Dat is wel wat ik wil benadrukken. We kunnen het hebben over de dingen waar we het over willen hebben, maar er is afgesproken dat we het meer in algemene zin over dit onderwerp hebben, mijnheer Oostenrijk, nog niet, en dat de vragen die beantwoord zijn, de voorbeelden daarvan, eventueel meegenomen kunnen worden in die discussie. Mijnheer Oostenrijk, u gaat nog heel even wachten. Welke vragen zijn er gesteld? Dat is bijvoorbeeld, wat vindt de commissie van de maatregelen op onze wegen die ervoor zouden moeten zorgen dat ze veilig zijn voor alle verkeersdeelnemers? Die is van de SP.
Wat is er nodig vanuit raad en college om ervoor te zorgen dat er binnen de bebouwde kom in Dordrecht verkeershandhaving plaatsvindt nu het college de verantwoordelijkheid daarvoor in de antwoordbrieven neerlegt bij de politie? Dat is de leidraad op basis waarvan we iets gaan doen. Dan gaan we, voordat we de voorstelronde doen, even naar mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Voorzitter, even een vraag. Omdat er geen raadsvoorstel ligt, ben ik nieuwsgierig wat nu de rol van de wethouder gaat worden vanavond. Dat hij er is, is zeer erkentelijk, maar ik ben toch nieuwsgierig wat zijn rol vanavond gaat worden. De voorzitter: Mijnheer Oostenrijk, u moet eens op gaan letten vanavond. Dit gaat een weergaloos iets worden. Geen idee. Maar ik ben ik heb alle vertrouwen in mijnheer Veldman, zoals u al eerder heeft begrepen. Ik denk dat we met elkaar ervoor moeten openstaan dat de dingen besproken kunnen worden. Mijnheer Veldman weet inmiddels een heleboel van deze materie. Hij gaat zich dadelijk vast nog wel laten horen. Dan gaan we voorstellen. Zal ik dat nu eens iedereen zelf laten doen? Dan kunnen jullie allemaal extra zes keer Dordt erbij zeggen. Mijnheer Den Boer, gaat uw gang. De heer Den Boer: Mark den Boer, commissiegriffier. De heer Veldman: Joost Veldman, wethouder Dordrecht. De heer Kraak: Robert Kraak, ambtelijke ondersteuning.
De heer Bootsman: Nick Bootsman, GroenLinks Dordrecht. De heer Van der Meer: Frans Bouke van der Meer, GroenLinks. De heer Kolkiliç: Masum Kolkiliç, DENK. De heer Kuhlmann: Alexander Kuhlmann, Dordtse VVD.
11
De heer ’t Lam: Jack ’t Lam, SP. Mevrouw Van Herwijnen: Irma van Herwijnen, Partij voor de Dieren. De heer Van Antwerpen: Dick van Antwerpen, Beter voor Dordt. De heer Katif: Jacques Katif, Beter voor Dordt. De heer Damen: Leo Damen, Partij van de Arbeid. De heer Oostenrijk: Theo Oostenrijk, CDA. De heer De Feijter: Bart de Feijter, ChristenUnie/SGP. De heer De Vries: André de Vries, VSP. De heer Stolk: Leo Stolk, VSP Dordrecht. De voorzitter: Niemand in de achterhoede die deelneemt aan de commissie? Prima. Dank u wel. Mijn naam is Irene Koene, voor degenen die daaraan twijfelden. Eens even kijken. Ik heb daarnet alles al wel zo'n beetje gezegd. Gezien hoe de weg hiernaartoe is gelopen, ga ik in eerste instantie het woord geven aan Beter voor Dordt, daarna de VSP en dan de SP. Mijnheer Katif, gaat uw gang. De heer Katif: Dank u wel, voorzitter. Voordat ik begin aan mijn betoog, dank aan de SP voor het feit dat wij als je eerst mochten. Kleine reclame voor de SP kan geen kwaad, voorzitter. Laat ik beginnen over de 2 politieke vragen. Mij is nog steeds niet duidelijk, overigens, dat wij geen raadsvoorstel hebben, maar dat het gaat over antwoordbrief op artikel 40-vragen. Ik was volledig op een andere manier voorbereid. Dat doet er niet toe. Ik ga het alsnog doen. De voorzitter: Ik snap u niet helemaal.
Als u mij een klein beetje kunt helpen? De heer Katif: Heel simpel, ik ging ervan uit het een raadsbesluit zou zijn, maar dat is niet het geval. Ik ben blij met uw introductie. Nu steek ik mijn woordvoering anders in dan ik in eerste instantie gedaan zou hebben. De voorzitter: Prima. Dank u wel. De heer Katif: Is dat te begrijpen? De voorzitter: Ja. De heer Katif: Dank u wel, voorzitter. De eerste politieke vraag. Voorzitter, het college erkent dat er hard wordt gereden op de Laan van Londen en men is op de hoogte van de gereden snelheden. Bij de Brouwersdijk is al jaren bekend dat hardrijden structureel is, nota bene bij een basisschool. Dat is op zichzelf al een constatering die tot actie zou moeten leiden. Wat krijgen we terug, voorzitter, als antwoord op de Laan van Londen?
12
Wij willen graag herinrichten, maar er is geen geld. Misschien komen er drempels, ooit, afhankelijk van andere werkzaamheden. Op de Brouwersdijk, wij zijn in gesprek. We maken plannen, korte en lange termijn en over 2 jaar landen ze in een wijkuitwerking voor het Mobiliteitsplan 2040. Voorzitter, verkeersveiligheid voelt hier niet als een urgente basisverantwoordelijkheid, maar als iets wat meeloopt als het toevallig uitkomt, terwijl bewoners hinder en onveiligheid ervaren en ouders nu hun kinderen naar school brengen over wegen die aantoonbaar onveilig zijn. Beter voor Dordt vindt dat onacceptabel. Wij mochten zeggen wat we denken, voorzitter. Verkeersveiligheid vraagt om zichtbare, fysieke maatregelen, juist op plekken waar snelheden structureel worden overschreden. Drempels, versmallingen, duidelijk schoolzones, zebrapaden, dat zijn geen luxe ingrepen, wethouder, dat zijn basismaatregelen. Dat kost geld, maar geen maatregelen nemen kost uiteindelijk meer in overlast, onveiligheid en mogelijk slachtoffers. Is het antwoord, geen geld of we hebben er geen geld voor over? Het niet hebben van een budget is immers ook een politieke keuze. Vanavond komt er trouwens een voorstel over anti-graffiti ter sprake, wat gefinancierd gaat worden vanuit het geld dat overblijft van een bestemmingsreserve, namelijk een reserve om woningbouw in Amstelwijck mogelijk te maken.
Die woningen worden omsloten door de Laan van Londen. Waarom die reserve niet inzetten voor een veilig Laan van Londen? Zo zijn er wellicht nog meer opties en potjes waar geld overblijft. Nogmaals, geen budget is ook het gevolg van een politieke keuze. De voorzitter: Mijnheer De Feijter. De heer De Feijter: Dank u wel, voorzitter. Ik hoorde mijnheer Katif spreken over dat Beter voor Dordt de voorkeur heeft voor snelheidsremmende maatregelen, zoals onder andere drempels. Nu lees ik in de beantwoording dat dit wel in de beschikbare budgetten mogelijk is. Zou het voor Beter voor Dordt volstaan als die snelheidsremmende drempels worden aangelegd? De heer Katif: Dat zou zonder meer een begin kunnen zijn. De heer De Feijter: Een vervolgvraag, wat is dan een ideale eindsituatie volgens Beter voor Dordt? De heer Katif: Ik heb net een aantal maatregelen genoemd. Ik zou het hartstikke mooi vinden als minimaal een aantal daarvan uitgevoerd kunnen worden, als daar geld voor is. Volgens mij is dat er. Mag ik mijn betoog voortzetten, voorzitter, met uw permissie? Dank u wel. De tweede politieke vraag, voorzitter, wie neemt regie? In beide antwoordbrieven legt het college de verantwoordelijkheid nadrukkelijk bij de politie. De gemeente is niet aan zet. Verzoeken worden gedaan, maar planning en uitvoering liggen bij de politie en het OM.
Als wij vragen om inzicht in handhavingsuren en boetes, dan luidt het antwoord, die informatie hebben we niet. Voorzitter, dat is bestuurlijk gezien te makkelijk. Natuurlijk is de politie verantwoordelijk voor handhaving, maar de regierol van verkeersveiligheid binnen de bebouwde kom ligt bij de gemeente. Als raad moeten wij kunnen sturen, controleren en, een moeilijk woord, maar ik vind het wel een mooi woord, prioriteren.
13
Het kan alleen als het college actief en structureel handhavingsverzoeken indient, duidelijke prioriteiten worden afgesproken met de politie en het OM en de raad inzicht krijgt in wat daar daadwerkelijk gebeurt. Zonder die informatie, voorzitter, in verkeersveiligheid of verkeershandhaving is er een, ik heb er geen ander woord voor, black box of een zwarte doos. Bewoners zien te hard rijden, maar geen controle. De gemeente zegt dat ze verzoekt, maar kan niet laten zien wat dat oplevert. Dat is voor Beter voor Dordt onvoldoende. Afsluitend, voorzitter, Beter voor Dordt wil van het college meer dan goede bedoelingen, een langetermijnplanning. Wij willen snelle, zichtbare fysieke maatregelen op bekende probleemlocaties, als antwoord op mijnheer De Feijter, en actieve regie op verkeershandhaving, ook al voert de politie die uit. Een transparante richting van de raad zou wat ons betreft de controlerende rol serieus kunnen nemen. Verkeersveiligheid, voorzitter, is geen project en geen bijzaak. Het is een basisvoorwaarde van een leefbare stad en die verantwoordelijkheid kan niet worden doorgeschoven. De voorzitter: Mijnheer Damen. De heer Katif: Ik was aan het afsluiten. De heer Damen: Een vraag aan mijn collega.
Hij doet zeer stellige uitspraken, maar de raad heeft nog niet zolang geleden een begroting vastgesteld waarin geen extra budget opgenomen is voor verkeersveiligheidsmaatregelen. Waarom is dat toen niet voorgesteld door Beter voor Dordt? De heer Katif: In het verleden. Ik kan alleen nu in het heden. Wij willen graag een aantal maatregelen implementeren en daar hebben we geld voor. Ik kan zelfs aanduiden waar dat vandaan kan komen. Het hoeft nog niet eens uit de overgebleven posten. We hebben namelijk in de Jaarrekening 2025 een post van 1,6 miljoen. Dan zou ik zeggen, wethouder, doe je best, daar is de eerste post al. Waarom we dat niet gevraagd hebben, dat zou ik op dit moment niet weten. De heer Damen: Ik wacht uw motie af voor de volgende gemeenteraad. De heer Katif: Dat kan niet, want het is geen raadsvoorstel. Dat hoor ik net van de voorzitter. Anders had ik graag een motie … De voorzitter: Technisch gezien, u kan altijd een motie indienen. De heer Katif: Voorzitter, ik ben blij. Die motie komt er. Graag hoort Beter voor Dordt van het college op welke korte termijn de Laan van Londen en Brouwersdijk worden aangepast, zodat onze stad veiliger wordt, want dat is namelijk “beter voor Dordt.” Einde citaat. De voorzitter: U citeert uzelf. Dat is mooi. VSP, mijnheer De Vries.
14
De heer De Vries: Dank u wel, voorzitter. De eerste vraag, ik zal proberen het wat korter en strakker te houden, de VSP vindt de huidige maatregelen belangrijk en noodzakelijk, maar ziet ruimte voor verbetering. Dan bedoelen we, meer structurele maatregelen op risicolocaties, versnelling van uitvoering bij urgente situaties en handhaving en gedragsbeïnvloeding als onmisbare aanvulling op de infrastructuur. Dan op de tweede de vraag, wat kan de raad doen? De raad kan beleidskaders stellen, de gemeenteraad kan via moties of amendementen aangeven dat verkeersveiligheid en de handhaving prioriteit hebben. Dit kan leiden tot een expliciete opdracht aan het college om hierover afspraken te maken. Door controle en verantwoording door schriftelijke vragen of een debat kan de raad het college aanspreken op de uitvoering en sturing van het verkeersveiligheidsbeleid. Wat kan het college doen? Plan gerichte controles in risicogebieden, schoolzones, drukke woonstraten. Een belangrijk punt is, de politie bepaalt uiteindelijk de inzet op basis van landelijke en regionale prioriteiten, maar de gemeente kan via bestuurlijke druk afspraken op aanvullende inzet, zoals BOA's, invloed uitoefenen. Daar wilde ik het even bij laten, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer ’t Lam. De heer ‘t Lam: Dank u wel, voorzitter.
Ook dank voor uw uitgebreide inleiding, dat alle ruimte geeft om vanavond overwegend veel te kunnen zeggen, zonder dat je strak in een geheel wordt gestopt. Als je kijkt naar de nu geagendeerde schriftelijke vragen en de op 9 december gestelde mondelinge vragen, is het centrale probleem, de straten in onze woongebieden zijn niet veilig voor alle weggebruikers. Dat konden we eind december ook nog eens een keer in de krant lezen toen het ging over de Kotterstraat, waar drempels zijn aangelegd die zo laag zijn, dat ze geen enkele toegevoegde waarde hebben. We reconstrueren wegen in Dordrecht, maar keer op keer blijkt dat er kort na de opening aanpassingen nodig zijn. Dat werd ook gezegd in de beantwoording van de mondelinge vragen door de toenmalige wethouder. Wat achter de tekentafel is bedacht, voldoet niet aan het verwachtingspatroon van de omwonenden en de meeste weggebruikers. Wat is er nu nodig? Helemaal niet zo ingewikkeld, lijkt mij. Heel veel partijen noemden het al in hun verkiezingsprogramma 2022-2026, op wegen zonder vrijliggende fietspaden, zoals bijvoorbeeld de Krispijnseweg, wordt de maximumsnelheid 30 kilometer per uur. Deze straten moeten ook als zodanig worden ingericht. Nu is het niet zo dat je dit van het ene op het andere moment kunt doen. Mijnheer Katif werd ook al bevraagd over het aanwezig zijn van middelen daarvoor.
Maar wat we als commissie misschien uit deze discussie kunnen halen, is dat we aan het college verzoeken om eens inzichtelijk te maken wat er moet gebeuren om aan 30 kilometerzones te komen, zoals heel veel partijen in hun verkiezingsprogramma hebben gezet en wat dat kost. Als het rond de perspectiefnota beschikbaar zou zijn, dan kunnen we in het voorjaar eens kijken of we dat willen, waar we het willen en hoe we het willen. Voor wegen die op korte termijn om oplossingen vragen, moeten we eerder maatregelen nemen. Ik richt me dan een beetje op de Krispijnseweg. Uit het rapport van de politie is duidelijk geworden dat daar niet te hard is gereden met het ongeluk, maar bewoners ervaren dat wel. Wat mij betreft moet het college nadenken om er obstakels aan te brengen, zoals op de Stevensweg en de Oranjelaan is gebeurd.
15
Er moet een oversteekplaats komen voor voetgangers, waarbij je in het midden op de weg kunt wachten, want niet iedereen is even snel met het oversteken van de weg. Als er auto's van de andere kant komen, dan heb je nog alle tijd om even te stoppen en vervolgens de oversteek door te zetten. En er moet goed verlicht worden. Er moet ook gehandhaafd worden. Wat mij betreft sluit ik me dan kortheidshalve aan bij wat mijnheer Katif zei, het is te makkelijk om te zeggen, dat doet de politie. De gemeente moet daar goede afspraken over maken met de politie. De gemeente moet, samen met de politie, communiceren wat daaraan gedaan wordt, zodat helder is dat overtreders bekeurd worden. Tot zover mijn inbreng. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Dank u, voorzitter. De Dordtse VVD gaat vol voor veilige straten. We willen dat hardrijder, brutale fatbikerijders en andere verkeershufters hard worden aangepakt met geluidsflitsers, cameratoezicht, mobiele flitspalen, inbeslagname, boetes en gebiedsverboden. Natuurlijk is het zinnig om op de plekken waar dat nodig is, te kijken naar de weginrichting. Drempels, plantenbakken of andere snelheidsregels die passen in de betreffende straat. Maar laten we eerlijk zijn, er zijn helaas ook figuren die lak hebben aan de regels en zich niet laten tegenhouden door een andere weginrichting. Zij moeten keihard worden aangepakt.
Wij trekken een streep. Niet de herrieschopper, hardrijders of de verkeershufters bepalen de sfeer in onze stad, maar de gewone Dordtenaar die zich gedraagt en bijdraagt aan de stad. Voor hen gaan we vol voor Dordt, elke dag opnieuw. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Damen. De heer Damen: Voorzitter, er worden hele stellige uitspraken gedaan hier, over dat we moeten zorgen voor meer veiligheid, dat het een vereiste is en dat er politiecontrole moet komen. We hebben deze discussie eerder gevoerd, simpelweg aan de hand van, het zal nu meer dan een jaar geleden zijn, een lijst van onveilige punten in de stad. Daar hebben we geconcludeerd, in meerderheid, dat er een beperkt budget was voor maatregelen en dat we werk zouden maken met werk. Daarbij is wel opgemerkt, van mijn kant, dat het er waarschijnlijk toe zou leiden dat het nog tientallen jaren zou duren voor echt alle onveilige situaties opgelost zouden zijn. We kunnen deze situatie, of de onveilige situatie op een aantal wegen, alleen maar verminderen als we echt bereid zijn er geld in te stoppen. Het herinrichten van straten kost serieus geld. Ik denk dat je helemaal niet zover komt met 1,6 miljoen, als je die al zou hebben. Het gaat echt om grotere bedragen.
Daarom denk ik dat we bij het beoordelen van wat het meest urgent is, weer opnieuw moeten kijken naar de lijst van onveilige situaties en dat we opnieuw een afweging moeten maken. Dat zou allemaal moeten gebeuren voor de behandeling van de meerjarenbegroting. Dan kun je beoordelen of wat hier net allemaal gezegd is, serieus gemeend is. De voorzitter: Mijnheer ’t Lam.
16
De heer ‘t Lam: Dank u, voorzitter. Begrijp ik goed dat u er, net als ik pleitte, voor bent dat er inzichtelijk gemaakt wordt, voor de volgende perspectiefnota, wat er moet gebeuren om wegen veilig te maken? Ik noemde dat dan 30 kilometerzones. In het PvdA-verkiezingsprogramma stond, de limiet is 30 kilometer per uur op plaatsen waar fietsen en auto's samenkomen. Ik dacht, ik heb een medestander. Zitten wij op 1 lijn? De heer Damen: Wij zitten op een lijn, maar ik ben ook een beetje pessimistisch. Ik heb al gezegd, het kost handenvol geld als je de situatie echt veilig wil inrichten. Dat gaan we niet in een keer op tafel leggen. Maar in de meerjarenbegroting kun je in ieder geval veel meer doen aan het creëren van een echt perspectief op veiligheid. De voorzitter: U was klaar, geloof ik? Mevrouw Van Herwijnen. Mevrouw Van Herwijnen: Dank u wel, voorzitter. De Partij voor de Dieren vindt dat verkeersveiligheid begint bij het uitgangspunt dat de meest kwetsbare verkeersdeelnemers leidend moeten zijn in het ontwerp van onze wegen. Het prioriteringskader past binnen het STOMP-principe. Toch zien wij nog te vaak dat bij de huidige inrichting vooral wordt geleund op het gedrag van de weggebruiker in plaats van op een veilige inrichting van de openbare ruimte.
We zien dat snelheidsverlagingen, 30 kilometerzones en schoolzones nog te vaak onvoldoende zijn afgedwongen door de inrichting van de weg. Brede rijbanen, rechte wegen en beperkte fysieke snelheidsremmers nodigen nog uit tot te hard rijden. Wat ons betreft zijn structurele maatregelen nodig, versmallingen, drempels, autoluwe straten, veilige oversteekplaatsen en een betere bescherming van fietsers en voetgangers. Ook wij hebben het in ons verkiezingsprogramma over de 30 kilometerzones. De tweede politieke vraag, de verkeersveiligheid moet niet afhankelijk zijn van incidentele controles. Handhaving moet plaatsvinden naast fysieke verkeersmaatregelen. De Partij voor de Dieren vindt het onvoldoende dat het college de verantwoordelijkheid voor verkeershandhaving binnen de bebouwde kom voornamelijk bij de politie neerlegt. Verkeersveiligheid is een gedeelde verantwoordelijkheid, waarin de gemeente een actieve rol heeft. Vanuit de raad en het college is het nodig om duidelijke prioriteiten te stellen. Waar verkeersveiligheid structureel onder druk staat, moet handhaving structureel worden georganiseerd. Dat betekent dat het college niet alleen moet wijzen naar de politie, maar ook zelf verantwoordelijkheid moet nemen. Daarom een vraag aan de wethouder, zijn er mogelijkheden dat onze BOA's een rol kunnen spelen bij snelheids-en gedragscontroles? Dank u wel, voorzitter.
De voorzitter: Mijnheer ’t Lam. De heer ‘t Lam: Ik heb ook een vraag aan de Partij voor de Dieren. U refereerde al aan de 30 kilometerzone. Wat vindt u van mijn idee dat het college inzichtelijk brengt, voor de volgende perspectiefnota, wat er moet gebeuren om straten waar fietsers niet gescheiden zijn van auto's, in te richten als 30 kilometerzones, de kosten inzichtelijk te maken en een planning om dat te kunnen uitvoeren? Want ook ik snap wel dat we het niet in een of twee jaar hebben geregeld. Mevrouw Van Herwijnen: Daar zijn wij zeker voorstander van.
17
De voorzitter: U was klaar met uw betoog verder, mevrouw Van Herwijnen? Dan gaan we naar mijnheer Bootsman. De heer Bootsman: Dank u wel, voorzitter. Veiligheid in het verkeer is een thema dat iedereen raakt. Het gaat immers om de veiligheid van onze kinderen die naar school lopen, onze ouderen die boodschappen doen en iedereen die zich door onze stad verplaatst. Helaas zien we nog steeds plekken in Dordrecht waar verkeersonveilige situaties zijn. Daar moeten we als gemeente verantwoordelijkheid voor nemen. Denk bijvoorbeeld aan, het is al eerder genoemd, het overgaan naar meer 30 kilometerzones om zo de verkeersveiligheid beter te borgen. Ten tweede wil ik wijzen op een initiatief dat mijn fractiegenoot Kitty Kruger enkele jaren geleden met toenmalig VVD-raadslid Merx heeft ingediend. Die is unaniem aangenomen door de raad op 9 november 2021. Dat is een motie over beter verlichte oversteekplaatsen. Dit is nog steeds een uitstekend idee. Goede verlichting is een eenvoudige, maar zeer effectieve manier om de zichtbaarheid van voetgangers te vergroten in de schemering en in de nacht. Een voorbeeld wat ik hierbij graag wil noemen, komt uit de gemeente Valkenburg aan de Geul. Daar zijn oversteekplaatsen uitgerust met verlichting die begint te knipperen zodra iemand in het donker een zebrapad betreedt.
Dit attendeert automobilisten direct op de aanwezigheid van voetgangers en verhoogt de veiligheid aanzienlijk. Zo'n systeem zou ook in Dordrecht op strategische plekken een grote bijdrage kunnen leveren aan de verkeersveiligheid. Daarnaast speelt handhaving een rol. In dit geval is de burgemeester niet het bevoegd gezag over de politie. Toch kunnen hij en de wethouder wellicht ook signalen afgeven over plekken waar verkeersasocialiteit vaker voorkomt, zodat er gericht gecontroleerd kan worden. Wij zijn net als de Partij voor de Dieren benieuwd welke mogelijkheden het college ziet om handhaving van deze plekken door onze eigen handhavers te versterken. De voorzitter: Mijnheer Damen. De heer Damen: Voorzitter, ik heb een vraag aan mijnheer Bootsman. Is het niet zo dat mijnheer Merx en mevrouw Kruger lid zijn van respectievelijk de VVD en de GroenLinks en dat die twee partijen een meerderheid hebben in het college? Hoe kan het zijn dat het voorstel waarvoor ze eerder een motie hebben ingediend, nog niet is gerealiseerd door dit college? De heer Bootsman: Dank u wel voor de vraag. Aan dit voorstel hier is zeker wel wat gedaan. Daar is ook een afhandelingsbrief van geweest. Het college is daarmee bezig geweest. Maar wij vertellen nu, het kan nog beter met bijvoorbeeld die knipperende lampjes. Je kan het nog veiliger maken dan hoe ze nu met de motie zijn omgegaan.
Dat is het antwoord daarop. De voorzitter: U kan verder. De heer Bootsman: Kortom, voorzitter, er liggen duidelijke kansen. Als we hierop inzetten, kunnen we het aantal verkeersonveilige situaties in Dordrecht hopelijk verminderen. Dank u wel.
18
De voorzitter: Mijnheer ’t Lam. De heer ‘t Lam: Ook aan mijn collega van GroenLinks een vraag over wat hij vindt van het inzichtelijk maken van 30 kilometerzones, voorafgaand aan de perspectiefnota. Ik doe dat, omdat in het verkiezingsprogramma van GroenLinks staat, in alle woonwijken een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur. De heer Bootsman: Dank u wel voor de vraag. Natuurlijk zijn wij het daar volledig mee eens. De voorzitter: Mijnheer ‘t Lam zit te rekenen. Zien jullie het? Mijnheer Kolkiliç, gaat uw gang. De heer Kolkiliç: Dank, voorzitter. Voorzitter, ik zal enkel op de beantwoording van vraag 2 ingaan en kort op de politieke vraag. Wij zijn als fractie van mening dat het ontbreken van middelen geen rechtvaardiging mag zijn voor laten het voorbestaan van een aantoonbare onveilige situatie, vooral wanneer het om de Laan van Londen gaat. Het is geen gewone weg. Het is een belangrijke verkeersader, omdat het een verbinding is met twee wijken momenteel en met de Wielwijk. Er wordt structureel hard gereden. Vooral bij de fietsbrug richting de Dordtse Kil lopen fietsers dagelijks heel veel gevaar. Kinderen uit Amstelwijck en Dordts Buiten worden blootgesteld aan risico's. Het college geeft zelf aan dat herinrichting wenselijk is. Het college erkent daarmee ook dat de weg nu niet veilig is.
Wij vinden het als fractie politiek onaanvaardbaar om deze constatering te volgen met de conclusie dat er helaas geen middelen zijn. Veiligheid vereist prioritering, geen uitstel. DENK benadrukt dat verkeersveiligheid een kerntaak van de gemeente is. Dit vraagt om politieke keuzes, zoals door meerdere partijen aangeven. Wij vinden dat het college met een voorstel richting de raad moet komen om extra middelen vrij te maken of een herprioritering moet maken binnen de bestaande budgetten. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer ’t Lam. De heer ‘t Lam: Een goed idee van DENK om het college om een voorstel te vragen. Daarmee bedoelt u ongeveer hetzelfde als ik, inzichtelijk maken van wat het kost, zodat we een keus kunnen maken bij de volgende perspectiefnota? Dank u wel. De voorzitter: Ik wilde al vragen, wie biedt? Mijnheer De Feijter. De heer De Feijter: Dank u wel, voorzitter. Mobiliteit, stoffig woord. Uiteindelijk draait mobiliteit om ontmoeting. De fiets, benenwagen, bus, auto, ze stellen je allemaal in staat om op de sportvereniging te komen, naar de kerk, familie, vrienden te gaan. Dat moet uiteraard op een veilige manier gebeuren. Op initiatief van onder andere de ChristenUnie/SGP is 8 jaar geleden gestart met die op top-20 verkeersonveilige plekken in Dordrecht. Wat de ChristenUnie/SGP betreft gaan we daar komende periode weer hard mee aan de slag.
Ik hoor daar meer medestanders voor. Dat is hartstikke goed om te horen. Wat betreft de Laan van Londen lijken drempels ons een goed idee.
19
We begrijpen dat het op de planning staat. Het lijkt ons logisch om werk met werk te maken door het te combineren met de komst van de bushaltes. We vinden alleen de beantwoording met betrekking tot het tijdspad nog een beetje summier. Wellicht kan de wethouder daar iets uitwijden over hoelang deze omwonenden nog moeten wachten op de drempels en de bushalte, die ook erg gewild is. De Brouwersdijk, we lezen goed mee en wij begrijpen dat het college goed op de hoogte is. Wij vinden vooral bij de Brouwersdijk fietsveiligheid erg belangrijk. Het liefst ziet de ChristenUnie/SGP, overal waar dat mogelijk is, fysiek gescheiden fietspaden. Vaak is dat best wel lastig, omdat er bomen tussen de parkeervakken staan. Maar op de Brouwersdijk is dat op vrijwel geen enkele plek het geval, waardoor het, goedkoop wil ik niet zeggen, maar relatief simpel en goedkoop te regelen is om het fietspad en de parkeervakken om te draaien, waardoor je de geparkeerde auto's hebt als barrière tussen de fietser en de auto die daar 50 mag rijden. Tot zover de woordvoering van de ChristenUnie/SGP. De voorzitter: Mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Voorzitter, ik heb goed kennisgenomen van de verschillende verkiezingsspotjes, bedoeld om het beeld te schetsen van wat zou moeten gebeuren, met daarbij door de diverse mensen een verwijzing naar de perspectiefnota.
Mijnheer ‘t Lam heeft daar het nodige over gezegd. Maar voordat je iets gaat opnemen in de perspectiefnota, moet je beleid hebben. Wat ons betreft ligt het heel nadrukkelijk richting het nieuwe college om dat beleid zo snel mogelijk te herijken. Er is al gesproken over de 20 hotspots. Dan heb je het over de verkeersveilige situaties rond zebrapaden en de wetenschap dat daar nauwelijks geld voor beschikbaar is. Nu even in de nuchterheid naar de drie onderwerpen. De voorzitter: Eerst mijnheer ’t Lam even. De heer ‘t Lam: Mijn collega zegt, er moet eerst nieuw beleid komen. Je kan pas nieuw beleid maken als je inzichtelijk hebt wat er allemaal moet gebeuren en wat de kosten zijn. Vandaar mijn vraag steeds, moeten we niet aan met elkaar aan het college gaan vragen om dat inzichtelijk te maken? Aan de hand daarvan kan je beleid maken. Dat is dan uiteraard aan het nieuwe college, want die doet ook de nieuwe perspectiefnota. Is mijnheer Oostenrijk, sorry, ik was even uw naam kwijt, het met mij eens? De heer Oostenrijk: Helemaal. Het beleid moet uiteraard voortkomen uit inventarisatie en wat je wil. Maar dat proces zal zijn gang moeten krijgen in besprekingen. Dat is voor mij vanzelfsprekend. Maar het gemak waarmee gezegd wordt, gooi het allemaal in de perspectiefnota, zo werkt het niet.
In de wetenschap dat bij elk punt, en ik pak maar even als eerste de Laan van Londen, het adagio is, wil je echt wat investeren, kom over twee jaar maar een keer terug. Toch even naar de Laan van Londen, ik heb hem vandaag nog maar even netjes gereden. Prachtige weg, gescheiden fietspaden, als je van A naar B wil, rechtuit. Zo veilig als ik weet niet wat, los van de snelheid. Maar dan verwijzen we naar de politie. Ik kan me er iets bij voorstellen dat je bij de zijwegen, want je hebt de insteek bij de nieuwbouw, zo slim moet zijn, dat je daar toch wat accenten gaat aanbrengen. Het is de vraag of dat drempels moeten zijn of andere middelen.
20
Want het gaat er even om dat je bewust bent dat er iemand wil gaan oversteken, zeker als je van noord naar zuid op het rechterfietspad zit en je wil een keer die wijk in. Dan ik me voorstellen dat je dit soort maatregelen treft, die in ieder geval weggebruikers bewust maakt. En dat, zo heb ik begrepen, zou wellicht wat eerder kunnen. Nogmaals, u hoort mij zeggen, ik vraag me af of je drempels moet aanleggen, want die weg is erg lang. Wat doe je met een of twee drempels? We weten allemaal, als je de eerste drempel gehad hebt, dan gaat het gas er weer op of de elektra. Daar wil ik het even bij houden voor wat betreft de Laan van Londen. Brouwersdijk, daar wordt gericht gekeken in de relatie met de scholen. Ik denk dat we, wat dat betreft, nog een keer heel breed al die schoolsituaties scherp onder de loep moeten nemen voor wat betreft het nog beter kunnen zijn van de zichtbaarheid, juist voor die plekken. Ongelukken kan je niet voorkomen, maar zichtbaarheid helpt. Die zichtbaarheid moet gericht zijn op alle weggebruikers. Primair de voetganger die oversteekt, maar ook de fietser die ermee te maken heeft en de automobilist. Ik maak het ook regelmatig mee dat ik een zebra benader, zoals op een avond zoals hier, druilerig weer, en er steekt plotsklaps iemand in het zwart over. Voordat je dit in de gaten hebt, heb je een probleem.