2.8 2024.04.16 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf
Tekst van het document
Dat we allemaal iets moeten met een administratie. Kan dat dan niet wat slimmer? Volgens mij wel. Volgens mij is er best nog wel wat geld te halen buiten de gemeente ook. Maar we moeten met elkaar realiseren van, als we dit willen houden, is er gewoon meer geld nodig. En laten we bedenken waar we dat vandaan halen. En het hoeft van mij niet per se bij de gemeente vandaan te komen, als het maar ergens... Ik vind ook gewoon ons eigen ondernemerschap. Dat is wat ik ook gezegd heb. Ik ben ook naar de wethouder gestapt. Ik zeg, als wij dit willen, moeten we dit gat dichten. De helft moeten we zelf doen. We moeten beter gaan ondernemen. En de andere helft lukt met het beste ondernemerschap nog niet. Dat moet op een andere manier. Maar laten we daar samen ook naar zoeken, wat mij betreft. De voorzitter: En ik zie aan de vinger van mevrouw Kooi dat ze nog wat wil toevoegen. Mevrouw Kooi: Ik wilde nog iets toevoegen. En dan wil ik ook nog even terugkomen op vragen aan het begin van uw buurvrouw, over die wijken. Want we zeggen steeds dat we naar die wijken willen. En daar zou je ook makkelijker misschien wat kruisbestuiving kunnen doen. Als je naar de cultuurkaart kijkt, dan zie je dat heel veel amateurverenigingen in de wijken zijn. Maar u vraagt eigenlijk van, weet je dan de weg, dat is denk ik het probleem.
Ik denk dat een initiatief, een spreekuur of een beursvloer met andere domeinen, zou kunnen helpen om elkaar te vinden. Ik denk dat er best passie en energie is. En dan sluit ik mij aan bij dat we ook elkaar moeten helpen in waar je dan geld kan vinden om dat soort nieuwe initiatieven te doen. De voorzitter: Ik wil eigenlijk naar een afronding toe, want het is zo half elf. Mijnheer Gorter, heeft u nog...
61
De heer Gorter: Als ik de vraag van de heer goed begrepen heb, vroeg hij toch bij wie de rol ligt als je kijkt wat de mogelijkheden bij het Rijk en de provincie... Daar liggen mogelijkheden. Bij wie ligt nu die rol om daar een invulling aan te geven? Zijn dat de organisaties zelf of speelt de gemeente daar een rol? Of heb ik de vraag verkeerd begrepen. De voorzitter: Ik begreep hem ook zo. De heer Van Raalte: Mag ik dan een antwoord geven? De voorzitter: Ja, de Cultuurmakelaar. De heer Van Raalte: Het is alle twee. Lokaal inkopen, daar moet de gemeente echt gewoon heel hard achter gaan staan, dat alles wat de gemeente doet lokaal wordt ingekocht, ook dingen met cultuur. Als er eens een bedrijfsfeest wordt gegeven of in die zin. Aan de andere kant ligt er natuurlijk zeker ook een rol bij de organisaties zelf. Bij de Kunstkerk zoeken we actief naar sponsors of vrienden. En daar hebben we gevraagd, kunnen we jullie helpen met culturele vraagstukken? En die komen er eigenlijk niet. Ze vinden het gewoon leuk om uitgenodigd te worden bij events. Wat daarvoor nodig is, dat we die events voor hun organiseren. Die markt is er zeker. Maar ik hoor net de beursvloer. Ik denk waar maatschappelijk betrokken ondernemen Dordrecht met de sociale beursvloer dat er best wel een mogelijkheid is voor een culturele beursvloer. Het moet van alle kanten komen.
Het is niet dat er één partij hier de rekening van moet dragen. De voorzitter: Beste mensen, ik zie dat er nog een paar vragen zijn. Mogen wij vijf à tien minuten uitlopen of niet? Zeven? Oké, zeven. Mijnheer Gorter, uw vraag. De heer Gorter: Gaat heel snel. Toch even terugkomend op die vraag. Het ging om de mogelijkheden van financiering bij het Rijk en de provincie toch? En niet over het cultureel aanbod, maar over de financiering. Bij wie die rol ligt? Speelt de gemeente daar een rol in? Zijn dat de verenigingen die daar een rol in spelen? De voorzitter: We gaan mevrouw Van Walderveen er iets over laten zeggen. Waar ligt de verantwoordelijkheid voor de financiering? Mevrouw Van Walderveen: Dat is gedeeld. Soms kan de gemeente tips geven aan culturele organisatie van, waar zou je kunnen zoeken? Dat doen we ook. Daar probeert de Cultuurmakelaar bijvoorbeeld in mee te denken. Wij zoeken intern als ambtenaren natuurlijk bij onze collega's, als het gaat om andere domeinen. En als het gaat om het Rijk en provincie, daar geldt hetzelfde voor. Soms weten we als gemeente daar de weg om iets binnen te halen en soms is het een kwestie van tips geven. Is dat het antwoord? De voorzitter: Ja, dat is zeker het antwoord. Mevrouw Schnabel. Mevrouw Schnabel: Dank u wel. Ik ben eigenlijk benieuwd, ook naar aanleiding van wat er net gevraagd werd.
Je kunt natuurlijk als gemeente, en dat is eigenlijk meer een vraag aan mevrouw Van Walderveen, toch ook faciliteren? Laatst is er weereen artikel verschenen in het Boekman, hoe zeg je dat, tijdschrift. En daarin werden een aantal
62
ideeën geopperd. Dat je als gemeente helpt om cultuur in aanraking te brengen met grote bedrijven, zodat je maatschappelijke vraagstukken... Maar bijvoorbeeld ook duurzaamheidsvraagstukken en andere vraagstukken, waar je als organisatie, als gemeente tegenaan loopt, om daar een soort van voortrekkersrol in te hebben en dan de cultuursector uit te nodigen, actief. Is dat een mogelijkheid dat dat ook binnen deze gemeente een rol kan spelen? Mevrouw Van Walderveen: Ja, dat zijn dingen die passen binnen wat we in de nota hebben geschreven. Dat kan zeker. We hebben nog geen concrete ideeën, maar volgens mij hebben we het wel ergens genoemd dat we daar ook naar willen kijken. Hoe we als gemeente een verbindende rol richting de ondernemers en het geld wat er in het bedrijfsleven nog te halen valt voor de cultuursector, hoe we daar meer gebruik van kunnen maken of de cultuursector daar meer in kunnen helpen. Dat is een van de dingen waar we naar op zoek willen. Mevrouw Stolk: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Misschien stel ik wel een hele gek hoor, maar ik stel hem toch maar even, want hij brandt heel de tijd op mijn lippen. Ik hoor heel veel dingen zeggen. Ik zie hier ook allemaal hele bevlogen mensen aan tafel zitten, die ook met bezieling iets doen. Ook die mijnheer die we vanavond hadden over het Patriciërshuis.
Maar zou, en nogmaals, ik zeg niet dat dat moet, maar als we het hebben over bijvoorbeeld het Dordrechts Museum, laat ik het dan toch maar eventjes zo noemen, een van de grootste subsidiekrijgers van... Eigenlijk is het Dordrechts Museum van Dordrecht. Zouden die niet iets voor jullie kunnen betekenen, als je het bijvoorbeeld hebt over dingen binnenhalen? Je hebt bijvoorbeeld schilderijen die ze naar binnen halen naar dat museum. Zouden zij daar niet iets in kunnen betekenen? Misschien zeg ik wel iets geks, maar ik gooi hem er toch maar even in. De voorzitter: Kan het Dordts Museum iets betekenen voor de andere organisaties? De heer Esseboom: Ik denk gewoon in zijn algemeenheid dat er bij grotere organisaties meer personeel en meer expertise aanwezig is, die bij veel kleinere organisaties ontbreekt. Dat kan per definitie, even los van het museum. Maar als ik een vraag heb, ik kan altijd terecht bij een David van Wijngaarden van Bibelot. Die heeft ook een heel traject doorlopen van een organisatie die volledig dreef op vrijwilligers naar grotendeels betaald. Daar zit voor mij hele interessante kennis. En die wordt ook wel gedeeld. Een paar andere dingen, denk ik bijvoorbeeld aan marketing. Ik heb, mede dankzij een bijdrage van de gemeente Dordrecht, een subsidie gekregen in het kader van toekomstbestendige cultuursector om onze marketing te professionaliseren.
Ik heb vorige week een opdracht gegeven. Ik weet half niet waarvoor. Het gaat over de Meta Pixel en de Google Tag Manager en weet ik veel allemaal. Allemaal heel erge technische only marketing stuff, waar ik niks van weet, maar die wij wel nodig hebben om ons bezoekerspotentieel te verbreden. Dat geldt voor alle organisaties. En we zitten op dat punt eigenlijk allemaal een beetje het wiel uit te vinden. Ik ben in die zin al heel erg blij dat de gemeente heeft gezegd, we gaan met dat Rotterdamse model aan de slag, met dat doelgroepenmodel. Dat gaat ons al helpen. Dat Dordrecht Marketing een platform
63
heeft voor een uitgaansagenda, dat gaat ons helpen. Maar achter de schermen is ook veel marketingkennis. En die is soms echt super technisch. Die grotere organisaties vaak wel in huis hebben en kleineren niet. Laten we daar alsjeblieft een shared service van maken, op de een of andere manier. De voorzitter: Bedankt. Dan gaan we nog naar de slotvraag, wat mij betreft, van mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Dat maakt het wel heel spannend, de slotvraag. Ik zou graag, en dat is denk ik aan mevrouw Van Walderveen, willen weten van, weten we eigenlijk wel hoeveel financiën of ondersteuning er nodig zou zijn als we de BIZ, de linker- en rechterrijtjes wat meer zouden uitbreiden? Want ik bedoel, er zijn nu keuzes gemaakt in de Cultuurnota. En nou weet ik wel dat er heel veel input is geweest, ook van allerlei groepen. Toch zijn er al keuzes gemaakt. Die ligt niet aan de raad voor van, welke stad willen we zijn, hoe groot willen we cultuur maken, enzovoort. Dit is de keuze geweest. We gaan het bestendigen. En pas in 2029 gaan we verder. Maar wat nou als we het wat meer openlaten? Als we ook het makersklimaat wat meer ruimte geven om te zeggen, dit willen we. Hoe gaat dat dan ondersteund worden? Dat daar ben ik zeer benieuwd naar, want dat kan ik nergens in terugvinden. De voorzitter: Maar dit gaat richting politieke vraag. Mevrouw Kruger: Dat is ook wel weer zo.
De voorzitter: En daar is wel de mogelijkheid voor een amendement voor. Ik denk dat het goed is om daarover... Mevrouw Kruger: Dan hou ik hem op die manier vast. Mevrouw Stolk: Voorzitter, even aanvullend. De voorzitter: Het zijn niet de culturele sector mensen die veel tijd nodig hebben. Mevrouw Stolk: Dat snap ik. Maar hij is heel interessant. En misschien stelt mevrouw Kruger hem niet helemaal op de juiste manier. Want omdat het beeldvormend is, je gaat heel snel naar politiek. Alleen het is voor ons wel belangrijk, omdat wij natuurlijk het budgetrecht hebben, dat wij moeten weten wat dat ongeveer gaat kosten om, laat maar zeggen, die linker- en rechterkolom eventueel wat uit te breiden. En wat gaat ons dat dan kosten? En dan kan de gemeenteraad zeggen, dat hebben we er wel of niet voor over. Het is wel heel belangrijk om dat even mee te nemen voor een volgende vergadering. De voorzitter: Doen we. De heer Katif. De heer Katif: En technisch gezien heeft mevrouw Stolk ook gelijk. En daar wil ik me echt bij aansluiten. De voorzitter: Gelukkig.
64
De heer Katif: Maar werkelijk waard. Dan moet je ook op gegeven moment... Om een goede besluitvorming te kunnen nemen straks, dan wil ik gewoon inzicht hebben inderdaad in, wat gaat dat de gemeente Dordrecht kosten? En die keuze is aan de gemeenteraad en niet namelijk aan het college. De voorzitter: We gaan naar een afronding toe. En de eerste vraag die eigenlijk wil stellen is, heeft u van alle mensen die hier vanuit de cultuursector aanwezig zijn, genoeg informatie gekregen om in elk geval daar niet meer over te zitten puzzelen? Dan is de tweede vraag, heeft u genoeg informatie op basis van de Cultuurnota en wat er... Er is vanuit de ambtelijke ondersteuning niet heel veel verder aan toegevoegd, omdat ik gezegd heb, die vragen kunnen ook schriftelijk gesteld worden. Gaan we dat doen of gaan we naar een oordeelsvormde vergadering? En die voel ik eigenlijk wel aankomen, als ik die vraag hoor die hier nu... De heer Safranti wil wat zeggen. De heer Safranti: Ik zou wel pleiten om naar een oordeelsvormende vergadering te gaan. De voorzitter: Mevrouw Schnabel, wat was uw idee erover? Mevrouw Schnabel: Ik denk dat het inderdaad goed is, ook omdat we het over de criteria hebben gehad, om naar een oordeelsvormende vergadering te gaan, zodat we met de commissie samen erover verder kunnen praten. Mevrouw Stolk: Voorzitter.
De voorzitter: Mijnheer Katif, waarom vindt u dat niet nodig? De heer Katif: Omdat ik net de vraag gesteld had ten aanzien van budgetten. En misschien ook vragen over, wat heeft dat dan voor consequenties? Namelijk voor de meerjarenbegroting. Dat zijn allemaal vragen die ook nog even bij ons leven. Ik bedoel, ik ben hartstikke blij met... Trouwens echt geweldig. Ik ben in ieder geval geïnspireerd, ook vanuit de politiek zou ik bijna zeggen, dat de verschillende organisaties hier zitten. En dat geeft me wel het gevoel van, we gaan het erover hebben. En het lijkt mij, in oordeelsvormend moet je meer politiek gaan bedrijven. En nog steeds heb ik wat informatie nodig. De voorzitter: U zegt eigenlijk, ik wil nog een beeldvormende? Mevrouw Stolk: Voorzitter. De voorzitter: Nog niet naar oordeelsvormend. Mevrouw Stolk: Voorzitter. De voorzitter: Ik krijg hier opnieuw het voorstel. We kunnen de vragen ook schriftelijk stellen. En we gaan toch er dan nu even over stemmen. Gaan we nog een beeldvormende doen of gaan we de vragen schriftelijk stellen? De heer Kleinpaste: Voorzitter.
65
De voorzitter: Mijnheer Kleinpaste, ik hoop dat u een heel goed idee heeft. De heer Kleinpaste: Zou er niet een wat meer hybride vorm mogelijk zijn, waarbij we ruim de tijd uittrekken om het erover te hebben? Het oordeelsvormend noemen, maar dat het toegestaan is om daarin ook soms nog wel even verduidelijking te vragen, een enkele beeldvormende vraag daarin mee te nemen. Mevrouw Stolk: Voorzitter. De voorzitter: Alles mag. Daar gaan we zelf over. Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, ik stel toch voor om een beeldvormende vergadering nog te doen, waarin wij een goed beeld kunnen vormen waarom de keuzes gemaakt zijn zoals die gemaakt zijn. Want daar wil ik toch wat meer tekst en uitleg op hebben. Om daar een oordeel over te kunnen vormen. En wat de heer Kleinpaste aangeeft, als je een hybride vergadering doet en daar komen weer andere feiten of dingen naar boven, die wil ik dan toch terug meenemen naar mijn fractie. Ik stel voor om hem eerst beeldvormend nog een keer te doen, zodat we echt alle informatie hebben om ons een oordeel te... Want het hangt er namelijk om of organisaties nog wel bestaanszekerheid hebben. De voorzitter: U stelt kortom voor nog beeldvormend. We gaan stemmen. Mevrouw Schnabel: Voorzitter, ik heb een hele kleine aanvulling. De voorzitter: U heeft nog een nieuw argument? Mevrouw Schnabel: Ik heb een hele kleine aanvulling.
Misschien is het een goed idee, omdat we het nu over culturele organisaties hebben gehad die er niet bij waren, m dan in die andere beeldvormende sessies die partijen uit te nodigen, zodat we ook van hen horen hoe zij daarin staan. De voorzitter: Uitnodigen. We hebben er misschien wel honderd in Dordt. Mevrouw Kruger: Voorzitter, ik snap wat mevrouw Stolk zegt over dat we wat meer informatie misschien nodig hebben, maar ik zie niet zozeer hoe dat in een beeldvormende sessie moet. Omdat het zijn duidelijke vragen, waar antwoorden op gegeven kunnen worden. Als we het hebben over financiën onderbouwen en dergelijke, wat moeten we daar beeldvormend bij zijn? Want dat vergt dan op een gegeven moment politieke keuzes en ook het politiek gesprek daarover. De voorzitter: We breken dit af. We hebben duidelijk de keus. Het is beeldvormende of we gaan alle vragen schriftelijk stellen en dan komt er daarna een oordeelsvormende. Wie stemt voor beeldvormend? Eén, twee, drie, vier. Wie zegt, we gaan de vragen eerst verzamelen en daarna gaan we oordeelsvormend verder? Dat is een duidelijke meerderheid. De vragen worden schriftelijk gesteld. Dan is het denk ik goed dat we niet direct volgende week al verder gaan, maar dat het even iets meer tijd krijgt. Ik wil alle aanwezigen hier ontzettend bedanken voor alle bijdragen die zijn geleverd. We hebben dingen gehoord waar u blij van werd.
U heeft ook heel duidelijk meegegeven dat er aandacht is voor de amateurkunst, maar dat u dat niet verwezenlijkt ziet worden.
66
Criteria wacht u op en transparantie om af te wegen wanneer wel en wanneer niet. Ik vind het niet netjes dat er al doorheen gepraat wordt. Sorry. Als we naar oordeelsvormend gaan, moeten we natuurlijk nog wel duidelijk hebben over, wat zijn dan de politieke vragen? Mevrouw Lammens-Oostdijk: Voorzitter. De voorzitter: Brand maar los, mevrouw Lammens. Mevrouw Lammens-Oostdijk: We hebben ook het bezoek gehad aan het Energiehuis. En ik zou ook graag een politieke vraag willen stellen over het Energiehuis. Hoe maken we het Energiehuis een toekomstbestendiger en volwaardig onderdeel van de Dordtse cultuur en de ontwikkeling van Wantij-West? De voorzitter: Heb je hem helemaal kunnen volgen? Mooi zo. Daar zit natuurlijk eigenlijk al een vraag of een mening onder, dat het deel uitmaakt van de toekomst. Mevrouw Stolk: Voorzitter, ik heb ook nog een politieke vraag. De heer Safranti: Voorzitter. De voorzitter: Politieke vraag, mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: De keuzes die er gemaakt zijn in deze Cultuurnota, zijn wij het daarmee eens? En moeten daar geen andere organisaties aan toegevoegd worden? De voorzitter: We gaan het als twee vragen nemen. Willen we nog organisaties toevoegen? En in welke volgorde maakt op zich voor mij niet uit.
Zijn we het eens met de gemaakte keuzes? Of bedoelt u specifiek de keuzes die nu voor de organisaties zijn gemaakt of andere keuzes? Mevrouw Stolk: Het is gewoon heel breed, want er zitten nu ook organisaties die niet aan tafel zitten, die waarschijnlijk over een aantal jaar niet meer bestaan. De voorzitter: Heel breed. Maar de vraag over de keuzes, bedoelt u de keuzes die gemaakt zijn in die lijstjes of heeft u het over alle keuzes in de visie? Mevrouw Stolk: De criteria en de keuzes die gemaakt zijn. En daar wil ik dan, op basis waarvan die keuzes gemaakt zijn en of dat de raad of de commissie het daar ook mee eens is, met die keuzes? De voorzitter: Dan begint het met, zijn we het eens met de criteria? En dan met de gemaakte keuzes op basis van de criteria. En van criteria kunnen we nog wat vinden. De heer Kleinpaste: Voorzitter. De voorzitter: De heer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ik zou toch ook de expliciete vraag willen hebben of je in de Cultuurnota niet een percentage, van het budget wat je beschikbaar stelt, zou moeten
67
aanwenden voor vernieuwingen in die sector? Dat we het daar ook gewoon heel expliciet met elkaar over hebben. De voorzitter: Dat wordt ook toegevoegd. Dat we expliciet maken welk percentage aan vernieuwing wordt gebruikt. Ja hoor. De heer Safranti: Ik heb natuurlijk een paar keer die afspiegeling van de maatschappij genoemd, maar misschien dat we dat ook kunnen meegeven. Of er voldoende rekening mee is gehouden met de afspiegeling van de maatschappij in de Cultuurnota? De voorzitter: En dan meteen ook welke ideeën de fracties daarover hebben? Want we moeten wel onze mening gaan vormen. Mevrouw Stolk: Ik wil er nog eentje toevoegen. De heer Gorter: Ik ook. De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Waarom er een keuze is gemaakt om geen nieuwe cultuurorganisatie toe te voegen aan deze nota? De voorzitter: Dan wordt eigenlijk de vraag, vinden we het wenselijk dat er nieuwe organisaties worden toegevoegd? Ja? Ik hoorde iemand zeggen, ik ook. Mijnheer Gorter. De heer Gorter: In hoeverre de gestelde ambities realistisch en haalbaar zijn? De heer Katif: Voorzitter. De voorzitter: Prima vraag. De heer Katif: En dan toevoegend daaraan, dank u wel, mijnheer Gorter... De voorzitter: De heer Katif. De heer Katif: Met het oog namelijk op de aankomende bezuinigingen. De voorzitter: Het staat er al bijna. Mevrouw Kruger. De heer Gorter: Voorzitter, dat is een goede vraag.
De voorzitter: Maar u wilt het eigenlijk los van elkaar behandelen? De heer Gorter: Maar ook even los van die komende bezuinigingen. De voorzitter: Gewoon zoals de visie nu is. Ook los ervan. Mevrouw Kruger heeft nog een vraag. Mevrouw Kruger: Ik zat nog te kauwen op dat marketing ook van, hoe kunnen we het toerismebeleid van Dordrecht betrekken bij de cultuursector? Omdat dat toerismebeleid
68
stamt ook geloof ik uit 2004. Misschien kan de revitalisering van dat toerismebeleid ook de cultuursector een behoorlijke lift geven. De voorzitter: U wilt eigenlijk alvast dingen meegeven voor het toerismebeleid? Mevrouw Kruger: Hoe betrekken we dat erbij? De voorzitter: Hoe betrekken we dat erbij? Ik vind dat we best wel veel vragen hebben. De heer Kleinpaste: Voorzitter. De voorzitter: Dat wordt een hele lange vergadering, ben ik bang. Mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Trek gerust drie uur uit. De voorzitter: Misschien moeten het wel splitsen in een paar onderwerpen. Ik zie geen nieuwe vragen meer branden. Mevrouw Stolk: Voorzitter, nog eentje erbij. De voorzitter: Mevrouw Stolk, u heeft er echt genoeg gehad hoor. Mevrouw Stolk: Allerlaatste. Hoe kunnen de organisaties eventueel gebruik maken van de marketing en de knowhow van het Dordrechts Museum? De voorzitter: Maar daar moeten wij dan iets van vinden? Dat lijkt meer een mening dan dat we daar iets... We schrijven hem gewoon op. Ik vind het geen politieke vraag. Dat bent u met me eens? De heer Kleinpaste: Ik vind het geen vraag aan ons. De voorzitter: Het gaat om vragen die we elkaar als raadsleden stellen. We hebben er echt wel genoeg. Mevrouw Stolk: Voorzitter, als ik naar het gezicht kijk van de heer Kleinpaste, haal hem er dan maar af.
De voorzitter: Beste mensen, we hebben denk ik heel veel gezien en gehoord over de cultuur in Dordt. We gaan rustig een nachtjes slapen, denk ik. Maar ik wil u ook vragen om alles weer even mee te nemen van tafel. En ik wil iedereen nogmaals bedanken voor alle input. Dank u wel. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van …… 2024.
De griffier,
De voorzitter,
69
A.E.T. Wepster
A.W. Kolff
70