2.8 2022-02-15 Gemeente Dordrecht Commissie Sociale Leefomgeving.pdf
Tekst van het document
Ik zal proberen daar antwoord op te geven, misschien dat Sandy mij zo meteen nog wil aanvullen. Dat klopt inderdaad dat wij daar een begrotingswijziging voor hebben ingediend. Het heeft een tweeledige oorzaak. Het is enerzijds zoals ik eerder al zei, we zijn een regionale organisatie, dat wil zeggen is dat we te maken hebben met 10 gemeentes. Dat wil ook zeggen dat we bij ene gemeente gaat het niet hetzelfde als bij het andere gemeenten. Dat zien we ook binnen Veilig opgroeien is teamwerk. Er zijn gemeenten die bij wijze van al mijlenver op weg zijn, maar er zijn ook wijkteams in gemeenten die nog achteraankomen. Dat verschil maakt ook, zoals ook meegegeven daarin, in de Meerjarenperspectief op het moment dat Veilig opgroeien is teamwerk echt daadwerkelijk gaat draaien, en we ook toekomen aan snelle overdrachten, en dat werd zojuist net al aangegeven, dat we weinig tot geen te maken hebben met wachttijden. Dan zal het al een positief effect hebben op het feit dat Veilig Thuis dan daarmee ook zou kunnen gaan krimpen, want dat is uiteindelijk de tegenstelling die erin staat is dat we juist nu hebben verzocht om een begrotingswijziging dat we konden groeien, omdat we merkten dat we aan onze taken niet vol kwamen. En in die zin staat het los van de goede contacten die wij hebben met in dit geval het wijkteam van Dordrecht.
Dat wil niet zeggen dat we geen dingen hebben om te ontwikkelen. Dat werd al aangegeven is dat een stuk handelingsverlegenheid is ook een stuk deskundigheidsbevordering. We merken daarin dat we vanuit Veilig Thuis nog steeds veel bevraagd worden, maar dat wil niet zeggen, zoals we kijken naar Veilig opgroeien is teamwerk, dat we daar niet de juiste stappen aan het zetten zijn. Ik denk alleen op dat moment dat we daar nog stappen in te zetten hebben. En dat is ook de reden waarom we de begrotingswijziging hebben gedaan is dat we zeggen: wij zijn nu nog niet zover dat wij als Veilig Thuis het los kunnen laten, want dat betekent dat we geen regie kunnen voeren of geen zicht hebben op kinderen en onveiligheden bij volwassenen. En dat doen we graag wel op het moment dat zowel Dordrecht, maar nog veel breder, eigenlijk de hele regio zover is dat we het ook op die
36
manier kunnen afbouwen. En dat is eigenlijk de oorzaak wat dat … Dus het is een beetje een en-en verhaal. De samenwerking is goed, maar we hebben nog steeds te maken met veel taken die we nog op moeten pakken. De voorzitter: De heer Van Dam Timmers. De heer Van Dam Timmers: Ja dank. De voorzitter: O, sorry, ik ga te snel. Mevrouw Bommeleyn: Nou, u vroeg volgens mij net specifiek om vanuit ons beiden hier een toelichting op te geven. En wat ik eigenlijk wel mooi vindt om te constateren is dat ik me eigenlijk ook vooral kan vinden in de uitleg die Pieter geeft. Dus juist het verder ontwikkelen op die deskundigheid waarbij we ook juist in de Sociale Wijkteams investeren in experts op het gebied van veiligheid. Dus uiteindelijk heeft elke professional een bepaalde basiskennis nodig, maar het is ook heel erg belangrijk dat er experts zijn die je er juist ook bij kunnen betrekken, dus daar investeren we veel op. Dus dat betekent niet dat daar niet nog ruimte is tot verbetering. En de wachttijden, had ik natuurlijk al even toegelicht, dat is iets wat wij liever niet zouden zien, maar helaas nog wel de realiteit is. Dus daarmee sluit ik me inderdaad aan bij het antwoord dat Pieter gaf. De heer Van Verk: Maar begrijp ik nu uit jullie antwoorden dat je kan zeggen dat de verschillen in de regio divers zijn, dat snap ik.
Dat in Dordrecht als stad in de regio de zaken toch redelijk op orde zijn, en dus het verhaal zoals dat tot ons komt via de begrotingswijziging voor Dordrecht genuanceerder ligt? Ik zie u hartgrondig ja knikken, dus daar moeten we dan ook vanuit gaan. Een ander probleem wat daar misschien wel verband mee houdt, het is al een paar keer gepasseerd, de arbeidsmarkt. Hebben jullie daar veel last van, en hoe denk je dat te gaan tackelen? Mevrouw Bommeleyn: Het is vanavond inderdaad al even aan bod gekomen. Ik kan inderdaad zeggen dat we daar last van hebben, in die zin op het moment dat er sprake is van een vacature dat het zo is dat er redelijk weinig reacties zijn, zullen we maar zeggen. Dus wat het van ons vraagt is dat we als Sociaal Wijkteam zorgen dat we een goede plek zijn voor professionals om te werken, dus dat de facilitering daarin goed op orde is, maar dat we onze huidige professionals ook blijven binden en boeien aan onze organisaties. Dat vooropgesteld. En nou ja, dat vraagt ook om tijd en aandacht daarin te investeren om te zorgen dat je nog steeds de mensen enthousiasmeert op het moment dat je natuurlijk nieuwe professionals wilt werven, dus dat heeft absoluut onze aandacht en prioriteit nodig. De voorzitter: Dan mag nu de heer Van Dam Timmers. De heer Van Dam Timmers: Ja dank, voorzitter.
Ja, ik heb even zitten luisteren en gedurende de avond een heleboel goede informatie gehoord, maar ik miste ook wel iets met name in de knelpunten. Nu grap ik zelf op verjaardagen wel eens dat ik een administratieve functie binnen de zorg heb. Ik werk in het ziekenhuis toevallig, maar ik
37
hoor bij jullie eigenlijk niet terug dat dat één van de knelpunten is, en ik vroeg me af hoe dat eigenlijk zit. Want als ik zo de verhalen hoor dan wordt er heel veel overlegd tussen zorgverleners, tussen organisaties onderling, en dat heeft een aantal veiligheidsknelpunten ook in zich, omdat je natuurlijk hele kwetsbare informatie van mensen weet. Hoe gaan jullie daarmee om, en hoe zorgen jullie ervoor dat de informatie die mensen met jullie delen ook daadwerkelijk veilig is, ook als je het deelt met collega’s? Want ja, ik hoorde net ook Dordrecht is klein genoeg om elkaar te kennen. Mevrouw Bommeleyn: Ik zie een hand omhoog. Laat ik vooropstellen dat dat ook hiervoor geldt dat we samen met de gezinnen werken, en dat betekent dat wij hen hierbij betrekken, dat wij overvragen om toestemming om informatie te delen, ook binnen de veiligheidsketen, dus dat is iets wat absoluut voorop staat. Daarnaast gaf u ook aan: hoe zit het eigenlijk met de administratieve last? En misschien is dat ook wel een vraag. Ik beantwoord graag jullie vragen, maar er zijn ook twee professionals aangesloten aan tafel, dus misschien kan ik hen vragen: hoe ervaren jullie dat zelf in het werk? Mag ik één van jullie het woord geven? Mevrouw Van Veen: Mijn naam is Natascha Van Veen, maatschappelijk werker binnen het sociaal domein.
De administratieve last valt mee ten opzichte van andere hekelpunten als het gaat in het denken van oplossingen of het komen tot oplossingen. Het voordeel van de integrale samenwerking is dat we op één locatie … Ik zit dan toevallig in het wijkteam Stadspolders-Dubbeldam. Ik heb mijn collega’s van het Jeugdteam waar ik intensief mee samenwerk direct naast mij. Dus het overleg gaat heel makkelijk, en daarnaast kunnen we dus ook gebruik maken van mekaars rapportage. Weliswaar aangescherpt of uitgewerkt, maar ik persoonlijk vind de administratieve rompslomp op zich wel meevallen. De voorzitter: Mevrouw Nijhof? Mevrouw Nijhof: Ja, voorzitter. Er werd in het voorstukje gepraat over de samenwerking met GI, met gecertificeerde instellingen. Nu weten we dat een gecertificeerde instelling onder toezicht staat in deze regio, in alle regio’s eigenlijk. En ik vraag me heel erg af, het is een mooi verhaal over samenwerken, maar de GI heeft een hele andere positie als jullie, zeg maar even. Die mogen namelijk geen hulpverlenen. Dat is niet hetzelfde soort organisatie als, laten we zeggen, een zorgaanbieder of een wijkteam in dit geval.
Hoe wordt daarmee omgegaan? Want als er aan de poort veel wordt samengewerkt met dus GI die een toezichthoudende functie heeft, die eigenlijk alleen maar in opdracht van de rechter mag handelen, hoe wordt daar dan omgegaan met ouders en kinderen die aan de poort al te maken krijgen met een gecertificeerde instelling die daar eigenlijk niet in eerste instantie hoort te zitten, omdat er helemaal geen toezicht is? Mevrouw Bommeleyn: Dank u wel voor uw vraag. En dat is wat ik in mijn presentatie noemde, het onderscheid tussen vrijwilligheid en dwang is heel erg belangrijk. Belangrijk om heel duidelijk ook te bespreken met het gezin: vrijwillig is ook vrijwillig. Dus dat betekent dat je daarmee ook de rol van het betrekken van een gecertificeerde instelling dat je die ook heel duidelijk uitlegt aan het gezin. We hebben daar ook ondersteunende middelen voor om te gebruiken, dus een uitlegfolder voor zowel ouders, maar ook voor
38
jeugdigen die professionals ter ondersteuning kunnen gebruiken. Maar het is heel erg belangrijk. Dat is even wat ik in ieder geval wilde toelichten, maar dan ga ik misschien weer zelf te veel het woord. Misschien wil professional Stephan daar ook nog iets aan toevoegen. De heer Hooghart: Ja, daar kan ik wel iets aanvullen. Kijk, ik denk dat het een zoeken is van het voorkomen van OTS’en, zoveel mogelijk waar nodig. Ik denk dat daarvoor zijn er ook trajecten geweest waarbij er een drangtraject is opgezet waarin die rol van die GI al meer was, waarbij drang en vrijwilligheid ook al meer door elkaar ging lopen dan misschien als wenselijk werd geacht. Nu is die aansluit bij die overleggen, en vanuit het Veilig opgroeien kan het daarna nog meer. Er kan een medewerker van de GI kan betrokken worden bij een traject. Maar dat is totaal op vrijwillige basis, dus het is echt een aanbod gedaan kan worden aan de burger: wilt u dit? Wilt u dit niet, dan houdt het ook op. En dan kan het wel zo zijn dat het traject doorgaat als zijnde de zorgen zijn zo hoog dat er een beschermtafel komt, en dat er een onderzoek moet gaan komen. Maar de wens is al om in een eerder stadium de zorgen die gesignaleerd zijn helder te krijgen en die weg te gaan nemen. En misschien dat daar een stukje drangwerking uit voortkomt, maar het is altijd vrijwillig, en dat geldt ook voor de informatie.
Dus altijd met toestemming, tenzij het gaat om bedreigende situaties, een onveilige situaties dan kan het via de Meldcode wel gemeld worden. Mevrouw Nijhof: Voorzitter? Nou, ik denk dat het te ver voert om hier een hele discussie over aan te gaan. Dit is een landelijke discussie ook die gevoerd is. De Raad voor de strafrechttoepassing Jeugdbescherming heeft natuurlijk gezegd dat het eigenlijk op moet houden met drangtrajecten, want het is een juridisch niet gekaderd traject waar inwoners geen rechtspositie hebben. Want ik hoor ook heel mooi verhaal over samenwerking, met elkaar praten, en waar is die inwoner in het hele geheel? Wordt die vanaf het begin af aan in de keten betrokken? Dus ik ga terug naar mijn eerste vraag. Op het moment dat er een jeugdbeschermer, beschermingsmaatregelen wordt afgeschaald of wordt afgesloten en de rechter zegt: ik wil dat u dit overdraagt naar het wijkteam. Hoe gaat dat dan? Is het dan zo dat die bewoner wordt gebeld, of dat die bewoner erin wordt betrokken of moet die bewoner zichzelf uiteindelijk nog melden? De heer Hooghart: Ja, de GI kan aanmelden tot op zekere hoogte ter kennisgeving, maar de mensen moeten zichzelf aanmelden, uiteraard vrijwillig, bij het Sociaal Wijkteam. De rechter kan dat zeggen, die kan het nodig vinden, maar zo werkt het niet.
Ouders zullen zich altijd moeten aanmelden uiteindelijk bij het Sociaal Wijkteam, want het is vrijwillige hulpverlening, en dat zal het toch altijd blijven. Kijk, voor een ouder in een OTS en de kinderrechter zegt: ik wil het er wel afhalen, maar dan moet u zich wel melden. Zo zou het correct gezegd zijn, dan moet u zich wel aanmelden bij het Sociaal Wijkteam. Maar hij kan eigenlijk niet de opdracht geven: dat traject moet zo gaan lopen. Mevrouw Nijhof: Nu is het natuurlijk zo dat de gemeente zorgplicht heeft als het gaat om de uitvoering van de Jeugdwet, en de Jeugdwet gaat vele malen verder als alleen maar een dwangkader, dus daar zit wel degelijk een verplichting in vanuit de gemeente. En volgens mij zijn jullie gemandateerd vanuit de gemeente om de Jeugdwet uit te voeren. Als daar een vraag gesteld wordt die over een kind gaat dan zal die onderzocht
39
moeten worden, en dan zal daar toepassende hulp bij gevonden moeten worden volgens mij. De heer Hooghart: Ja, binnen het vrijwillige kader altijd doen, maar dan moet het wel binnen het vrijwillige kader zijn. Dus een kinderrechter kan gaan over een gedwongen kader, maar gaat werkelijk waar niet over het vrijwillig kader. Mevrouw Nijhof: Nee, maar het gaat over overdracht in principe van een zaak waar een Ondertoezichtstelling is geweest, en waar nog wel hulp bij nodig is. Dus dat is in de keten is dat wel een verplichting naar degene toe die de Jeugdwet uitvoert, en dat is de gemeente. De heer Hooghart: Ja. Nou, ik wil nog wel even terug aan de eerdere vraag die u ook stelde, ja, het gebeurt in de praktijk zeker dat wij contact zoeken met elkaar, de GI met het Sociaal Wijkteam om op tijd naar een afschaling te werken. Dus dan betekent dat ook dat de GI een aanmelding doet bij het Sociaal Wijkteam aanmeldformulier. En ja, dat moet in overleg ook met de mensen zelf, en die moeten uiteindelijk ook met een warme overdracht. Dat is de wens wel, want het heeft ook een functie. Die afschaling die moeten we ook zien. Dat is ook belangrijk. Dat willen we denk ik ook met zijn allen, dat als het kan dat je dan ook kan afschalen naar een vrijwillig kader. Maar ik denk ook wel dat daar nog ruimte is voor verbetering.
Ik heb het zien gebeuren vanuit Veilig opgroeien, dat door de gesprekken die we hadden samen dat daardoor ook de afschalingsafspraken naar voren kwamen: hé, wij willen de Jeugdbescherming erbij hebben voor veiligheidsvraagstukken. Maar we zien ook dat er een kruisbestuiving is andersom. De voorzitter: En nog een vraag van de heer Kwaak. De heer Kwaak: Ja, het is niet zozeer een moeilijke vraag zoals mevrouw Nijhof die ik bewonder om haar expertise altijd. Maar ik las iets over ouderenmishandeling dat jullie er ook iets aan gaan doen. Kunnen we daar hetzelfde traject van verwachten als bij de jeugd, of moet ik dat anders zien? Mevrouw Van Veen: De aanmelding kan zeker vergelijkbaar zijn vanuit Veilig Thuis in ieder geval, door middel van bijvoorbeeld een SGAK-melding. Verder zijn we nog wel een beetje zoekende met elkaar om daar echt een goede leiding aan te brengen. Er is natuurlijk vorig jaar wel een campagne geweest vanuit Veilig Thuis om sowieso meer aandacht te vragen voor het fenomeen ouderenmishandeling. Dus ik denk dat we daar als gemeente al wel een mooie stap in vooruit hebben gemaakt. We merken wel dat de expertise senioren binnen het Sociale Wijkteam in opkomst is. Die is groeiende, die heeft ook prioriteit. Ouderenmishandeling ligt daar dus eigenlijk in het verlengde daarvan.
En we zijn daarin denk ik nog zoekende met elkaar hoe we dat op een goede manier vorm kunnen gaan geven vanuit Veilig Thuis die richting het Sociaal Wijkteam, ook als we het gaan hebben over prioriteit ten opzichte van alle casussen ook waarin kindermishandeling aan de orde is. Maar ik denk dat we daar zeker goede stappen in vooruit aan het maken zijn. Is dat voldoende antwoord? Ja?
40
De voorzitter: Dan zie ik geen vragen meer, en dan wil ik jullie bedanken voor themasessie 3. Gaan wij door. 5. Raadsinformatiebrief aanbieden eindrapport over het algemeen aanbod in Dordrecht-Raadsinformatiebrief 6. Raadsinformatiebrief over Evaluatie pilot Vraagverheldering Sociaal Wijkteam Stadspolders-Dubbeldam – Raadsinformatiebrief De voorzitter: Er waren aan deze themabespreking twee raadsinformatiebrieven gekoppeld. De ene heet Raadsinformatiebrief aanbieden eindrapport over het algemeen aanbod in Dordrecht, en de andere heet de Raadsinformatiebrief over Evaluatiepilot Vraagverheldering Sociale Wijkteam Stadspolders-Dubbeldam. En de vraag aan jullie is, nadat we dit allemaal hebben gehoord en al onze vragen hebben kunnen stellen, of deze twee RIB’s ter kennisgeving naar de gemeenteraad van 22 februari kunnen of niet? Dat is het geval. Dus dan zijn agendapunt 5 en 6 hierbij afgerond. 7. Raadsinformatiebrief Coronamaatregelen (8 februari 2022) – Raadsinformatiebrief De voorzitter: Dan gaan wij naar agendapunt 7, de Raadsinformatiebrief Coronamaatregelen van 8 februari 2022. In principe zijn er geen bespreekpunten uit deze brief aangemeld, dus als nu niemand zijn hand opsteekt gaan we het nog niet bespreken, en dan kan deze ook ter kennisgeving naar de raad. 8.
Overzicht moties De voorzitter: Dan gaan wij naar nummer 8, overzicht van de moties, en de vraag is aan u of u het eens bent met het afvoeren van de moties waarbij dit wordt voorgesteld. En verder wordt u gevraagd kennis te nemen van het overzicht. De vragen over de stand van zaken van afzonderlijke moties kunnen per e-mail bij de griffier worden ingediend. Akkoord. 9. Overzicht toezeggingen De voorzitter: Dan gaan we door naar het overzicht van de toezeggingen. Daarvoor geldt hetzelfde. Geen op- of aanmerkingen. Dan zijn we aangekomen bij de nieuwe behandelvoorstellen, en die zijn er niet, dus zijn we ook snel mee klaar. Agendadeel: overig 10.Overdracht commissie Sociale Leefomgeving aan nieuwe raad De voorzitter: Agendadeel overig staat hier dan, nummer 10, overdracht commissie Sociale Leefomgeving aan de nieuwe raad. Het overdrachtsdocument zit erbij van de commissie aan de nieuwe gemeenteraad, en heeft u hier nog vragen en of opmerkingen over? Of op? Ook dat niet. Dan is hierbij ook het overdrachtsdocument vastgesteld.
41
Tenslotte 11.Rondvraag De voorzitter: En ben ik aangekomen bij de rondvraag. Wil iemand gebruik maken van de rondvraag? Ook niet. Nou, jullie zijn wel saai, hoor. Je zou een heel erg podologie houding … De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Schalken. De heer Schalken-den Hartog: Nou ja, misschien kort wel in ieder geval een woord van dank aan iedereen die hier vanavond een bijdrage heeft geleverd. De voorzitter: Heel goed. Ik heb iedereen bedankt na elke ronde, maar het is heel fijn als er ook wat meer geluid komt. Even kijken, niemand verder nog gebruikmaken van de rondvraag? Nee? 12.Sluiting De voorzitter: Dan zijn we klaar met deze commissievergadering, en dan wens ik u allen nog een fijne avond.
Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 24 maart 2022. De griffier,
De voorzitter,
A.E.T. Wepster
A.W. Kolff
42