CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.8 2022-02-15 Gemeente Dordrecht Commissie Sociale Leefomgeving.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 24 maart 2022, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen Gemeenteraad 22 februari, de Commissies Bestuur & Middelen, Fysieke Leefomgeving en Sociale Leefomgeving van 8 en 15 februari en de Auditcommissie van 2 februari 2022.24.107 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE COMMISSIE SOCIALE LEEFOMGEVING DORDRECHT D.D. 15 FEBRUARI 2022 Vergaderkamer 1 Voorzitter: Mevr. Van der Ham Commissiegriffier: Mevr. Van Poppel Verslag: NotuBiz Aanwezig: Mevr. Ballijns Mevr. Bommeleyn Dhr. Bosman (ChristenUnie/ SGP) Dhr. Burakçin (GroenLinks) Dhr. Van Dam-Timmers (CDA) Mevr. De Fouw (Gewoon Dordt) Mevr. Gijsberts Dhr. Hooghart Dhr. De Jong-Rietstap Dhr. Kwaak (VVD) Mevr. Van Mourik Dhr. Van Mourik Mevr. Nijhof (Fractie Nijhof) Mevr. Peters-Goei Mevr. Pors Mevr. Rutten-Alberts (PVV) Dhr. Schalken-den Hartog (Beter Voor Dordt) Mevr. Scheening Dhr. Snoeren Mevr. Striebeck (VSP) Dhr. Stuit Mevr. Theunissen Dhr. Tiebosch (D66) Mevr. Van Veen Dhr. Van Verk (PvdA) Mevr. Verkade Mevr. Veth Dhr. Van der Vlies Portefeuillehouders: wethouder R. van der Linden, wethouder P. Heijkoop 1. Opening, mededelingen en vaststellen agenda De voorzitter: Goed. Welkom bij de laatste commissievergadering Sociale Leefomgeving op 15 februari 2022, en het is fijn dat we dit keer elkaar live kunnen ontmoeten. Ik heb een afmelding ontvangen van de heer Boersma van de ChristenUnie/SGP. Dan kom ik bij de mededelingen. Er zijn vooraf geen mededelingen aangemeld. Is er nog iemand die vanuit de commissie of het college een mededeling wil doen? Niet. Dan gaan we naar

1

het vaststellen van de agenda. We sluiten de vergadering zoals afgesproken uiterlijk om elf uur en rond half tien, kwart voor tien zal ik voorstellen een korte pauze te houden. Kan de commissie de agenda die voorligt voor vanavond vaststellen? Ook dat is het geval. 2. Vaststellen besluitenlijst Commissie Sociale Leefomgeving 8 februari 2022 De voorzitter: Dan gaan we naar het vaststellen van de besluitenlijst Commissie Sociale Leefomgeving van 8 februari 2022. Er zijn vooraf geen wijzigingsvoorstellen ingediend. Kan de commissie instemmen met de besluitenlijst van 8 februari? Ook dat is het geval. 3. Vragen aan het college De voorzitter: Dan gaan we punt 3 op de agenda, vragen aan het college. En conform afspraak van de vorige commissievergadering geef ik graag even het woord aan de fractie Nijhof. Het woord is aan mevrouw Nijhof. Mevrouw Nijhof: Ja, er waren nog twee vragen die openstonden van de vorige keer, dat is vraag één: wat heeft de serviceorganisatie Jeugd gedaan met de vraag van de Jeugdbescherming om omgang door een onafhankelijke partij uit te laten voeren? We hebben dat ooit eens ter bespreking met hen besproken en dat zou meegenomen worden door de serviceorganisaties. Andere regio’s hebben hiervoor een onafhankelijke partij ingekocht, hebben wij dat nu ook? Dat is vraag één.

Zal ik gelijk vraag twee stellen, of hoe gaan we dit doen? De voorzitter: Doe maar allebei alsjeblieft. Mevrouw Nijhof: Ja, de tweede vraag is, wat vindt het college ervan dat de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd Jeugdbescherming West opnieuw een half jaar onder toezicht heeft gesteld? Hoe gaat het college daarmee om? De inspectie heeft namelijk duidelijk gesteld dat het college extra maatregelen moet treffen. De maatregelen die eerder getroffen zijn waren niet voldoende. Gaarne een antwoord daarop. De voorzitter: Het woord is aan de heer Van der Linden. Wethouder Van der Linden: Dit zijn voor mij nieuwe vragen, dus ik heb daar geen antwoord op nu. Ik hoor ze nu voor het eerst. Ik vind het goede vragen, maar ik heb er nu geen antwoord op. Mevrouw Nijhof: Voorzitter, ik kijk heel even … De voorzitter: Deze vragen zijn vorige week in de commissievergadering gesteld, en toen is besloten dat zij ze aan zou leveren en deze week zou stellen. Wethouder Van der Linden: Nou, ik geloof meteen dat ze gesteld zijn, ik heb ze niet gehad. Tenminste misschien heb ik ze wel gehad. Ik heb ze niet langs zien komen. De voorzitter: Kunnen we voorstellen dat u dan terugkomt op deze vragen?

2

Wethouder Van der Linden: Natuurlijk, en dit zijn heel duidelijke vragen, hoor, daar valt gewoon antwoord op te maken. De voorzitter: Graag. Wethouder Van der Linden: Ja. De voorzitter: Ik kan er ook even niet meer van maken, mevrouw Nijhoff. Sorry. Mevrouw Nijhof: Krijg ik daar aan het eind van deze week nog antwoord op? Wethouder Van der Linden: Dat moet wel lukken, ja. Stukken ter bespreking 4. Themabijeenkomst Sociaal Wijkteam De voorzitter: Agendapunt 4 voor vanavond is de themabijeenkomst van het Sociaal Wijkteam, en de wens om een themabijeenkomst te organiseren hebben we enige tijd geleden al geuit. En fijn dat er ook professionals van verschillende organisaties aan zullen sluiten vanavond. U kunt zien, de zaal zit behoorlijk vol. We richten ons op de politieke vraag: wat is de stand van zaken met betrekking tot de samenwerking tussen verschillende partijen, welke gevolgen heeft dit voor de cliënt, en vinden we dit een gewenste uitkomst? Ook de Raadsinformatiebrieven, agenda 5 en 6 van vanavond betrekken we hierbij.

En op 14 december 2021 is de Raadsinformatiebrief over het algemeen aanbod in Dordrecht ter bespreking geagendeerd met de politieke vraag: kunnen we de huidige vormen van formele en informele zorg versterken, en wat is de rol van de aanbevelingen hierbij? Op 24 maart 2020 heeft u besloten om de Raadsinformatiebrief over de evaluatie pilot vraagverheldering Sociaal Wijkteam Stadspolders-Dubbeldam te betrekken bij een nader te bepalen themabijeenkomst sociaal domein. Dit is agendapunt 6. Mevrouw De Jong-Rietstap heeft zich gemeld als inspreker, en u heeft aangegeven te willen spreken over het onderwerp verbinding tussen onafhankelijke cliëntondersteuning en het sociaal domein, dus het woord is eerst vijf minuten aan u. Heeft u uw microfoon kunnen vinden? Mevrouw De Jong-Rietstap: Als het goed is heb ik het kunnen vinden. Ik zal even mijn leesbril opzetten, dan gaat het helemaal goed. Geachte leden van de Commissie Sociale Leefomgeving, de heer Van der Linden, de heer Heijkoop, de heer Van der Vlies, mevrouw Theunissen, alle professionals, ambtenaren en de mensen thuis. Superfijn dat ik vandaag weer iets mag komen vertellen. Voor de mensen die het niet weten, ik ben Anke-Elze De Jong-Rietstap voorzitter van de Stichting Ouderplatform Zuid-Holland Zuid, inwoner van onze stad Dordrecht – een schitterende stad – en moeder van twee adolescenten met een Autisme Spectrum Stoornis.

Het Ouderplatform Zuid-Holland Zuid is sinds 2014 actief en uitgegroeid tot een belangenorganisatie ter bevordering van psychische, sociaal en maatschappelijke gezondheid. We bieden hoop en ondersteunen met dank aan onze inmiddels 33 vrijwilligers regionaal, zo’n 600 en in Dordrecht ongeveer 300 ouders en jeugdigen. Het was vandaag een beetje spannend of ik nu wel

3

of geen gebruik zal kunnen maken van het spreekrecht, maar ik heb altijd wel een paar punten die de aandacht van de Commissie Sociale Leefomgeving rechtvaardigen. Ik wil eerst graag iets zeggen over het eindrapportage verkenning van de aansluiting van de hulpvragen en algemeen hulpaanbod op het Sociaal Wijkteam en geïndiceerde zorg. Zoals uit het overzicht geïnterviewde organisaties en initiatieven blijkt hebben ook wij onze bijdrage geleverd. Kunnen we de huidige vormen van formele en informele zorg versterken, en wat is de rol van de aanbevelingen hierbij? Het is een belangrijke vraag die vanuit cliëntperspectief om een duidelijk antwoord vraagt. We vinden het fijn dat de gemeente de inzet van actieve bewoners waardeert. Zonder vrijwilligers was het niet mogelijk om op deze schaal ondersteuning te bieden aan Dordtenaren die dat nodig hebben. In het rapport lezen we dat organisaties tevreden zijn over de faciliterende rol van de gemeente. Ik ben het daar niet expliciet mee oneens, maar met mooie woorden komen we er niet. Vooralsnog komen de tien gemeenten waaronder Dordtrecht voor wat betreft de financiering, de facilitering, de ontwikkeling en de inzet van ervaringsdeskundigen binnen het sociaal domein nog niet overtuigend over de brug.

En krijgt professionalisering voor de inzet van ervaringsdeskundigen onvoldoende vorm omdat er te veel geld naar professionele partijen gehad. Ik begreep dat ervaringsdeskundigheid als functie binnen de toegang niet, ook niet van uit het inkoopkader de Jeugd Zuid-Holland Zuid meegefinancierd is. Hoe kan je dan gelijkwaardig handelen? Diezelfde vraag stel ik mijzelf aan u hier nu hard op. Wanneer ik naar de gastenlijst van de themabijeenkomst Sociaal Wijkteams kijk constateer ik dat het cliëntperspectief aan tafel ontbreekt, en dat terwijl de bijeenkomst zich richt op de politieke vraag: wat is de stand van zaken met betrekking tot de samenwerking tussen verschillende partijen, welke gevolgen heeft het voor de cliënt, en vinden we dit een gewenste uitkomst? Gelijkwaardigheid komt in essentie neer op wederzijdse afhankelijkheid, en gaat het wat mij betreft over elkaar nodig hebben. Ook zonder onafhankelijk onderzoek weet ik dat de Sociaal Wijkteams nog heel veel stappen moeten zetten met betrekking tot de inzet van ervaringsdeskundigheid, het meenemen van het cliëntperspectief en het proces in het kader van gezamenlijke besluitvorming met volwassenen en jeugdigen. Maar er is ook goed nieuws.

Hoewel er over het plan van aanpak voor de doorontwikkeling van onafhankelijk cliëntondersteuning pas na de verkiezingen een besluit door u vervolgens kan worden genomen, en de structurele middelen die nodig zijn op zijn vroegst per 1 januari 2023 beschikbaar komen hebben de onafhankelijk cliëntondersteuner van MEE Plus en onze ervaringsdeskundige nu al de eerste voorzichtige stappen kunnen zetten. De positiviteit die de onafhankelijke cliëntondersteuners van MEE Plus en onze ervaringsdeskundige de afgelopen periode hebben mogen ervaren is bijzonder, en heeft voor de inwoner en in onze wijk bijna dagelijks iets opgeleverd, getuige de meeste recente WhatsAppberichtjes van de onafhankelijke cliëntondersteuner van MEE Plus en onze ervaringsdeskundige: jij hebt mijn leven gered, je bent zo’n kanjer, jij weet zo ontzettend veel, je hebt me zo goed bijgestaan. De verbinding tussen formele en informele cliëntondersteuning is op de werkvloer dus al tot stand gekomen, en zal binnenkort ook bestuurlijk gezien een feit zijn. Vanaf 2023 kunnen we beginnen met een verdere professionalisering en dan ook mede vanuit OCO een bijdrage gaan leveren aan het verbeteren van het sociaal domein. En zo kom ik dan toch nog op het door mijzelf aangeleverd onderwerp van gesprek, de verbinding tussen onafhankelijke cliëntondersteuning en het sociaal domein. Vanavond

4

vindt het overdragen van de Commissie Sociale Leefomgeving aan de nieuwe raad plaats. We nemen afscheid van de raad, van u. We hebben vier jaar goed samengewerkt. We hebben heel wat bergen beklommen en hobbels doorstaan, maar altijd zijn wij in gesprek gebleven om elkaar te begrijpen en om mekaar te verstaan. Ik wens jullie heel veel succes met de verkiezingen. De voorzitter: Dank u wel. Zijn er op dit moment vragen aan onze inspreekster? Nog niet. Dan wil ik u heel erg bedanken voor uw inspraak, en bedankt voor de succeswens. Even kijken. Ik ga verder met het programma, en het programma is opgebouwd uit drie onderdelen. Eerst vindt er een tafelgesprek plaats met bestuurders, wethouder Van der Linden en Heijkoop, en mevrouw Theunissen en de heer Van der Vlies, bestuurders van het Sociaal Wijkteam. Daarnaast staat er een carrousel gepland waarbij u in drie rondes van een half uur over drie verschillende thema’s in gesprek gaat. Om de beweging tussen vergaderkamers met het oog op de coronamaatregelen zoveel mogelijk te beperken stel ik voor dat we dan de gehele themabijeenkomst plenair in deze vergaderkamer laten plaatsvinden en de professionals wisselen dan steeds ieder half uur om de drie presentaties te kunnen geven. Zo kunnen geïnteresseerden thuis het dan ook goed volgen.

Aftrap - Tafelgesprek De voorzitter: We beginnen met het tafelgesprek, dat wordt geleid door mevrouw Dorrit Verkade, strategisch adviseur van het sociaal domein, en voordat ik u het woord geef is de vraag aan iedereen die aan de thematafel gaat plaatsnemen, op het moment dat een thema start en je zit bij je microfoon om jezelf even voor te stellen voor het verslag. Dus dan is het woord nu aan u. Mevrouw Verkade: Oké. Goedenavond allemaal. Ik ben Dorrit Verkade, strateeg sociaal domein bij de gemeente Dordrecht, ook mede-accounthouder van het Sociaal Wijkteam, en vanavond dus gespreksleider voor de aftrap van deze themabijeenkomst, waar we het toch met elkaar vlak voor de verkiezingen nog gaan hebben over de inhoud. Dus dank u daarvoor. Ik hoop dat dit een leuke avond wordt. Met deze vier, dus wethouder Peter Heijkoop, wethouder Rik Van der Linden en het bestuur van het Sociaal Wijkteam, An Theunissen, Stichting Jeugdteams en Michiel Van der Vlies, Stichting Sociale Basis als onderdeel van MEE-Vivenz gaan we kort terugblikken, kort over het nu hebben en kort vooruitblikken. Dus ook even een korte opfrisser voor jullie voordat het gesprek begint. Ik wil je ook vragen om je vragen die zeker ook gaan komen tijdens dit gesprek te bewaren voor hierna, want daar is zat genegenheid voor, want dan kunnen wij nu gewoon het gesprek met elkaar hebben.

En dan wil ik eigenlijk nu beginnen met de wethouders. Als we terugblikken naar het begin van deze coalitieperiode welke opgave zagen jullie toentertijd? Nou ja, wie wil er heel graag? Wethouder Van der Linden: Ja, ik zeg het wel. Nou, we hebben het hier eerst afgelopen week even over gehad en toen zei jij je hebt nog een lijstje gemaakt. En dat was ik helemaal vergeten, maar dat staat boven: Rik’s irritaties. En dat is gedateerd 15 juni 2018. En er staan een paar dingen op waar we weet ik nog aan het begin van deze periode heel erg meezaten. We eigenlijk constateerden hoe de vorige raad in de vorige

5

periode … Eigenlijk zijn we een beetje door het gesprek heen over: de regio moet het doen, laat het model maar zijn werk doen dan komt het vanzelf goed. Eigenlijk merkten we al een jaar of twee toen via eigenlijk de korte loper op: we ervaren te weinig de mogelijk om te sturen en we hebben ook te weinig het idee dat er ergens naartoe werken. En dat blijkt ook wel uit die irritaties. Een van de irritaties gaat over de SOJ, en die gaat over, ja, hoe sturen we nu op die Jeugdteams? En aan de ene kant verwachten we dat van de SOJ want die was in het oude model de aansturing van de Jeugdteams. Tegelijk, het zijn onze gemeentes, en elke gemeente verschilt een beetje. Dus nou, daar zat soms een gat. Soms heb jij je ongetwijfeld niet aangestuurd gevoeld. Je hoeft dat niet te ontkennen of te bevestigen, maar het kan niet anders. Dat was echt een irritatie. Een andere irritatie was dat we merkten dat die solidariteitsafspraken over het geld dat die in de weg begonnen te zitten, ja, de ene gemeente loopt steeds te kort. Nou, wij zaten dan toevallig in het hoekje wat steeds iets overhield, maar dan liepen we toch te kort vanwege die verevening. Kortom, eigenlijk wilden wij heel veel afspraken maken om dat te corrigeren. Lang verhaal kort, dat is nu wel gebeurd. Ik heb er nog meer, maar we gaan niet alles doen denk ik. Nee.

Mevrouw Verkade: Peter, misschien nog een aanvulling? Wethouder Heijkoop: Nou ja, wat heel belangrijk was en is maar toch belangrijk, aan het begin van deze periode, als het gaat over veranderde opgave, voor mij was het heel belangrijk dat mensen beter geholpen werden eigenlijk. Dus op het moment dat je in een wijk, in een buurt woont en je hebt problemen, je hebt zorgen rondom een dreigende dakloosheid, of je hebt heel veel schulden of armoede drukt op je, of je hebt een ander vraagstuk dat je dan bij het wijkteam goed geholpen zal worden. Dat was niet altijd zo. Aan het begin van deze periode was dat best wel vaak niet zo, en ik denk dat nu nog steeds soms niet zo is, maar wel veel vaker dat je wel goed geholpen wordt. En als het gaat over beleidstermen en veranderde opgave meer kennis en kunde op het gebied van armoede en schulden, meer kennis en kunde over wat er in de stad gebeurt, met wie je moet samenwerken om mensen verder te helpen, meer kennis en kunde waar het gaat over de sociale kaart ook het contact met woningcorporaties en andere hulpverleners, want dat is toch wel in belangrijke mate de rol van het Sociaal Wijkteam.

En helemaal aan het begin van deze periode hebben we het er ook al over gehad, ja, waartoe ben je ben je op aard als Sociaal Wijkteammedewerker? Stuk voor stuk mensen die ongelooflijk betrokken zijn, maar waarbij we ook wel eens het gesprek hadden met Michiel en An: joh, doen ze nu de goede dingen? En doen ze vervolgens ook die goede dingen wel op een goede manier? Ja, ik denk dat we daar de afgelopen jaren wel het nodige in bereikt hebben, maar ik zie dat nog steeds als een tussenstand. Want ik heb nog steeds, ook als ik met mensen spreek, dat ze bijvoorbeeld ook wel eens vertellen: ja, ik ben in Sterrenburg goed geholpen, maar in het Reeland niet. En dan denk ik hé, dan moeten we proberen daar toch eens aandacht voor te hebben waarom het op de ene plek wel goed gaat en de andere plek niet. Dus dat zou de veranderde opgave naar de toekomst zijn, dat we die lat die op sommige plekken al hoog genoeg ligt dat we die over heel de stad wat hoger leggen zodat het eigenlijk voor een inwoner ook niet uitmaakt of die in wijk A, B of C woont, dat hij gewoon overal met zijn problemen

6

terecht kan bij het Sociaal Wijkteam als meest voorliggende plek waar je terecht kan met je vragen. De voorzitter: Oké, misschien voor An en Michiel, herkennen jullie dit? Dus even vanuit Rik dus de sturing op Stichting Jeugdteams? Misschien is dat wel goed voor jou An om te beantwoorden, en breder het vraagstuk van dat er verschillen zijn in wijkteam en of bewoners daadwerkelijk beter geholpen worden in jullie ervaring. Mevrouw Theunissen: An Theunissen, directeur bestuurder bij Stichting Jeugdteams en ook medebestuurder bij het Sociaal Wijkteam Dordrecht. Ja, natuurlijk herken ik dit, en ik ben eigenlijk heel blij dat we naar lokale contacttering over zijn. Het is ook iets waar we zelf voor gepleit hebben, omdat Hardinxveld nu eenmaal anders is als Dordrecht, en dat je andere dingen te doen hebt lokaal in de omgeving en dat we daar ook goed op moeten kunnen aansluiten. En in de integratie in Dordrecht in het Sociaal Wijkteam goed ook met de medewerkers van MEE-Vivenz ook één geheel moeten vormen. Dat de inwoner – en dat ben ik met Peter eens – dat we daar eigenlijk ook een stap te zetten hebben hoe doen we dat dienstverleningsniveau op alle plekken op dezelfde wijze? En daar is zeker nog ruimte voor verbetering om dat ook daadwerkelijk in de komende tijd ook nog verder door te bouwen. Zeker.

De voorzitter: Michiel, nog een toevoeging? De heer Van der Vlies: Nou, ik doe geen uitspraken over die lokale contacttering hoewel ik wel vanuit mijn ervaring wel gezien heb dat het ook wel heel dubbel was, want Dordt zag ons als één team in de opdracht. Dat waren we ook, en tegelijkertijd waren er eigenlijk twee opdrachten. En dat was een soort spanningsveld wat af en toe ook in onze samenwerking best ingewikkeld was, dus in die zin is de lokale contratering integraal met de voorgenomen aanbesteding in ieder geval, dat is het voornemen op dit moment, daar ben ik ook wel echt voorstander van. Dus ik denk dat we daarmee echt een volgende stap kunnen maken. Een stap die we ook gezet hebben is vier jaar geleden waren we echt een netwerkorganisatie bestaande uit vijf partijen die met elkaar het moesten rooien, en we hebben ook gaandeweg wel gemerkt dat dat eigenlijk die doorontwikkeling ook wel in de weg zat. En nu zijn er nog twee organisaties naartoe gegaan, dus straks misschien ook nog even over de toekomst hebben, maar daar zijn ook wel forse stap denk ik ingezet. En ik deel met Peter ook in die zin de analyse, we starten als wijkteam, noem het maar even als allerlei aparte wijken, echt wijkteams per gebied, terwijl de ambitie ook is: we werken als één wijkteam Dordrecht en kijken welke expertise zetten we wijkgericht in en welke zetten we meer stedelijk in.

Die stappen hebben we met elkaar ook wel veel meer gezet. Dus Jongeren Op de Rit is niet alleen meer in de wijken actief, maar is ook echt een stedelijk team waar de expertise veel meer samen georganiseerd is. De voorzitter: En als ik nu eens heel concreet vraag - misschien eerst aan de bestuurders van het Sociaal Wijkteam - waar jullie trots op zijn, en dan vooral vanuit het perspectief van de inwoner. Wat heeft de inwoner nu gemerkt in de afgelopen paar jaar waar jullie trots op kunnen zijn dat dat bereikt is?

7

De heer Van der Vlies: Nou, ik wil wel een voorbeeld noemen. Peter refereerde er net aan dat ook het wijkteam actief is geworden, echt actiever wordt gespeeld op het gebied van bestaanszekerheid om armoede en schulden … Ik vind zelf wel een mooi voorbeeld de hele invoering van stresssensitief werken. Dat doet de SCD, maar daar zijn wij ook in het wijkteam mee actief, en dat project Schouders onder Stress. Ik weet niet in hoeverre de raad daarmee bekend is, maar voor alleenstaande moeders. En mij inspireert echt als ik bijvoorbeeld door … En toevallig werkt ook één van de cliënten ook nog bij ons, in het kader van haar re-integratie, dan heb ik echt gezien dat dat stresssensitief werken, dus het rekening houden met stress waardoor in dit geval zij ook na allerlei mislukte pogingen om hulp te krijgen via een andere aanpak toch uiteindelijk hopen is waardoor ze ook gewoon thuis heeft kunnen blijven wonen, haar leven meer op de rit heeft gekregen, de schulden zijn verminderd. En ook niet onbelangrijk, voor de kinderen ook veel meer perspectief is en ze ook opvoedondersteuning heeft gekregen voor die kinderen. En dat juist de brede benadering, dus dat breder perspectief is niet alleen maar de focus op de schulden, dat was de aanleiding, maar echt breed kijken dat dat haar enorm heeft geholpen.

En als zij daarover vertelt, ja, dan word ik wel enthousiast, want dan denk ik uiteindelijk gaat het om hoe zij erin staat, en wij zijn uiteindelijk maar voorbijganger, maar zij is weer aan het bouwen aan haar toekomst, en dat vind ik mooi. En het is maar een voorbeeld, en ongetwijfeld zijn er tien voorbeelden te noemen waar het minder succesvol is, maar ik hou ook wel van de goede voorbeelden, want dat inspireert. De voorzitter: Ja, het ging nu eventjes om waar je trots op mag zijn. An, heb je aanvullingen daarop? Mevrouw Theunissen: Ik denk als je kijkt naar de professionals zijn ze ook echt wel gegroeid in het naast de inwoners staan en ook doorbraken forceren. En dan zijn ook nog voorbeelden van te noemen, die heeft Loudy mij ook nog wel onder de aandacht gebracht, waar dat dus nog niet gebeurt. Maar er zijn zeker ook nog voorbeelden te noemen waar het wel gebeurt. En Jip zit ook ergens in de zaal … Ik zie ze even niet zitten. Waar zitten ze? Daar. En zij is ook als doorbraak regisseur actief, en zij heeft ook echt in een gezin met echt een andere aanpak eigenlijk het vervoersprobleem getackeld door te zorgen dat er een busje in het gezin aangekocht kon worden in plaats van dat er een vervoersindicatie moest afgeleverd worden.

Een substantiële besparing in de maatschappelijke middelen, en voor het gezin eigenlijk een grote meerwaarde in wat zij in hun leven nu eigenlijk meer kunnen doen, want ze kunnen niet alleen voorheen gehandicapte jongen dit nu inzetten, maar eigenlijk voor hun hele gezin. En ik hoop echt dat we dat soort voorbeelden ook vele malen vaker ook nog door kunnen zetten, en op die wijze ook echt naast de inwoner de juiste stappen zetten op het juiste moment. De voorzitter: Misschien voor de wethouders ook nog, jullie spreken regelmatig met de bestuurders van het Sociaal Wijkteam, krijgen ook regelmatig casussen langs. Hebben jullie het idee dat er ook daadwerkelijk integraler gewerkt wordt en dat die aanpak aandachthuishoudens - ook één van de groeten pilots aan het begin van de coalitie – om echt Multi probleemgezinnen beter te helpen, dat dat ook deze periode wat beter is gegaan?

8

Wethouder Van der Linden: Ja, dat is veel beter gegaan, ook omdat we daar bewust natuurlijk middelen voor apart hebben gezet bij het begin van de collegeperiode waarmee we een aantal dingen hebben kunnen doen die in de vorige periode of niet gezien werden of onvoldoende van de grond kwamen. Het sociaal plan heeft heel veel geholpen natuurlijk, omdat het ook over domeinen heen heel goed kan werken voor aandachthuishoudens maar ook iets breder dan dat. Kijk, er zitten nu ook vandaag mensen uit allerlei achtergronden aan tafel en ook op de tribune. Dat is ook een teken dat we steeds integraler gaan werken. Dat merk je ook bij de vraagstelling. Mensen komen binnen met een vraag maar die wordt integraler beetgepakt, de integrale klantenroute is dan de technische term voor. Nou, ik vind het heel mooi dat een Jeugdteammedewerker kan misschien net iets andere expertise inzetten, mogelijk ook anders kijken naar een jeugdige dan iemand van het jongerenwerk bijvoorbeeld of iemand van het onderwijs. En door dat te doen heb ik nog steeds de gedachte … Natuurlijk er gaan ook dingen nog niet snel genoeg of nog niet goed genoeg, maar we werken veel beter en sneller dan voorheen. Daar zijn ook lokaal die extra middelen op ingezet ook om die wachtrij helemaal aan het begin te kunnen verkorten.

Wethouder Heijkoop: Ja, ik denk inderdaad ook echt wel dat er goede dingen gebeuren om die … Ik heb een beetje een lastige doorbraak, of in ieder geval dat is heel mooi, mensen die het echt gaan regelen. Ik heb zelf er ook nog wel eens een handje van gehad om mensen op te bellen als het al vastloopt om ook naar hun verhaal te luisteren, omdat dat soms ook wel heel erg behulpzaam is in de eerste plaats om zo iemand echt te helpen. En ik heb ook gemerkt hoe fijn het dan is als je binnen de organisatie mensen hebt met mandaat die door kunnen pakken, dan belde je An of één van de andere mensen, en hop, die ging. En het helpt je ook om je beleid uiteindelijk te verbeteren of het nu gaat rondom schulden, huisuitzettingen, als je die ellende hoort dan denk je: jongens, dat hebben we echt nog niet goed geregeld. En ik ben te veel calvinist om te zeggen wat er allemaal wel niet goed gaat, want je ziet vooral heel veel dingen waarvan je denkt, ja, daar moeten we de komende jaren echt nog aan werken. Die 18 min,18 plus moet beter. We moeten nog beter ervoor zorgen dat niet al die aparte wetten elkaar soms in de weg zitten, maar dat je dat veel beter bij elkaar brengt. Maar je ziet wel dat er echt wel dingen nu structureel beter gaat. En wat Michiel aangeeft rondom bestaanszekerheid, dat was voor mij ook wel een spannende.

Ik heb daar best wel op geduwd, jongens, jullie moeten daar meer aan doen, want dat is echt het grote voorliggende probleem vaak waar het gaat over de stress binnen die gezinnen. En toen we vanaf vorig jaar ook wettelijk mochten Vroegsignalering, dus veel meer mogelijkheden kregen om mensen eerder te benaderen en te helpen, toen was ik ook echt wel benieuwd wat zouden nu de effecten zijn? Heeft het dan ook geholpen dat we zo geïnvesteerd hebben in die wijkteams om daar beter mee aan de slag te gaan? En dan vind ik het wel mooi om te zien dat wij twee keer zoveel mensen weten te bereiken dan het landelijke gemiddelde. Dus daaruit blijkt wel je hebt beter je voelsprieten uitstaan, en nogmaals daar is ook nog veel te winnen, hoor, ook in de doorgeleiding naar de sociale dienst, dat je op tijd loslaat. Binnen de sociale dienst hebben we veel expertise in huis, maar ook daar moeten we nog steeds wel door blijven ontwikkelen. Tegelijkertijd mag je inderdaad af en toe ook wel zeggen: al stonden we nog 5,6 jaar geleden, wat voor brieven kreeg je toen, welke verhalen hoorde je toen bij

9

wijkbijeenkomsten of een platform tegen armoede, en waar sta je dan op dit moment? Dan denk ik: nou, dan hebben we toch wel een paar mooie stappen gezet. En dat doe je echt nadrukkelijk samen. Dus dat doe je echt met die wijkteams, maar ook met die vrijwilligersorganisaties in de stad en met andere betrokken partijen, en dat vind ik toch ook wel mooi om te zien. En wat ik dan toch ook nog even wil noemen. Afgelopen jaar hebben we veel met corona te maken gehad, en ik vind dat men in het sociaal domein in Dordt toch echt wel goed overeind gebleven is. Die wijkteams, de winkel is opengebleven, niet altijd letterlijk fysiek dat alles maar door kon gaan, maar wel telefonisch huisbezoeken, als het echt misging waren ze er. En ook al heel mooi om te zien wat er dan ook vanuit de Dordtse samenleving loskomt met Licht voor Dordt en allerlei initiatieven die zich vervolgens ook weer lieten verbinden met professionele organisaties. Dus ik denk dat straks als we corona nogal definitiever dan nu na vanavond de persconferentie achter ons hebben gelaten dat je dan ook alweer heel veel mooie nieuwe bouwstenen hebt waarop je kan doorbouwen naar de toekomst. De voorzitter: Zeker. En we gaan alweer naar het rondje, want er werden wat knelpunten stiekem ingeschoven bij de punten waar we trots op konden zijn, maar ik wil toch een rondje doen met de opgave die nu het meest in het oog springen.

Laten we eens even kritisch zijn hoe het ervoor staat, en dan wil ik een rondje maken gewoon even zo, dus Michiel, An, Peter. Welk knelpunt zie je gewoon echt opspringen, en vind je dat aandacht naar mag? De heer Van der Vlies: Hoeveel mag ik er noemen, mevrouw de voorzitter? Nee, ik noem er drie. De eerste, en het werd net ook al genoemd, ik denk dat wij als wijkteam, maar ook samen met de andere partners het echt werken vanuit het perspectief samen met en naast de inwoner, en dat koppelen aan maatwerk. Dus niet van wat het aanbod is maar echt kijken wat heeft iemand nodig, wat wil iemand daarin zelf. Daar kunnen we nog een stap in maken. Voorts is een belangrijke stap, denk ik. En de tweede die ik wil noemen is dat we samenwerken in de keten, en dat gaat niet alleen maar naar de tweede lijn, juist veel meer ook verbinding met het voorveld. Dat zit ook in de gesprekken die wij met elkaar hebben, gebruik maken van de voorzieningen, en ook informeel of het nu op het gebied van armoede en schulden is, of in de wijk of van jong en oud. Ik denk dat we daarin kansen hebben. En een derde, maar die noem ik, waarbij ik me realiseer dat dat een niet zo makkelijk oplosbaar punt is.

In het wijkteam als je vraagt aan de professionals waar loop je het hardst tegenaan, is huisvesting echt bijna een showstopper op dit moment soms, omdat daardoor zoveel stress is je eigenlijk niet verder kan met een cliënt of een inwoner om die hulp en ondersteuning te bieden, omdat dat in de weg zit. En ik realiseer me tegelijk dat Dordt is er hard op bezig om van alles op te doen, en dat hebben we niet morgen opgelost, maar dat is wel iets wat maakt dat het werk af en toe - en ik benijd onze medewerkers niet – razend ingewikkeld is, omdat ze echt letterlijk soms bijna met of het nu jongvolwassene is of een oudere onder de arm aan het trossen en: waar kan ik niets vinden van een huis? Omdat wat Peter net zegt bestaanszekerheid, en daar zijn woningen een heel belangrijk onderdeel in. En we zijn daar goed over in gesprek, maar ik noem het heel even omdat het vanuit de praktijk heel erg naar voren komt. Dat waren er drie.

10

De voorzitter: Ja, ik begrijp het ook van het wonen is echt een groot vraagstuk. An, wil je het overpakken? Mevrouw Theunissen: Ik zou inhoudelijk die ambitie, en dat is ook al onderschreven door de gemeente Dordrecht, naar nul uithuisplaatsingen toe te werken, zou ik echt ook voor de komende periode vasthouden, en daar nog steviger op doorgaan, en ook te kijken wat dat betekent in de praktijk. Want als je gesloten Jeugdzorg afbouwt, waar ik een groot voorstander van ben, persoonlijk. Ik geloof niet dat opsluiting van kinderen sowieso helpt. Ik denk dat we het dichtbij in de omgeving van de inwoner moeten organiseren, en dat moeten we echt met elkaar ook vormgeven. Daar is niet één organisatie in te noemen die dat alleen kan. Daar moeten we ook zeker met het ervarings- en het Ouderplatform ook samen in optrekken, want dat is echt een grote uitdaging. En enerzijds een kostenbesparing, maar anderzijds ook een maatschappelijke besparing voor het leed wat er gewoon ook gebeurt in deze oplossingen. Dat is denk ik een van de grootste uitdagingen. Een groot knelpunt is de arbeidsmarkt, en laat ik daar ook maar eerlijk over zijn. Als je kijkt hoeveel vacatures er nu overal zijn, dat gaat ons echt voor opgaven stellen.

Het interessante daaraan is dat organisaties eigenlijk niet meer voor geld moeten vragen, want ze kunnen het toch niet opvullen, want er zijn geen medewerkers meer om ze op te vullen. Dus het zal ook echt een uitdaging worden om heel intensief met elkaar ook verder door te bouwen en elkaar te gaan benutten, en dat vind ik dan weer het mooie aan het knelpunt dat het ook iets gaat opleveren. De voorzitter: Dat is wel mooi dat je zegt dat de knelpunten die jullie noemen die zijn heel groot, en jullie spelen daar een rol in. Jullie zijn één partner in die hele keten om dat op te lossen, dus het is wel even goed om dat scherp te maken ook voor deze inhoudelijke themabijeenkomst. Mevrouw Theunissen: Zeker. Kijk, dat is misschien al mijn oproep nog aan de raad voor de volgende periode is dat je zegt als je aan één touwtje trekt dan verandert er ergens anders ook iets, en daar zullen we ook integraler naar moeten kijken. De voorzitter: Wethouder Rik Van der Linden? Wethouder Van der Linden: Ja, ik had er drie en die zijn nu veranderd door dit rondje. Dus ik ga ze een beetje kantelen, want wat An net zegt die arbeidsmarkt, die hoorde ik tot anderhalf jaar terug eigenlijk nauwelijks. Natuurlijk er gingen wel eens hele goede mensen iets anders doen wat heel vervelend was, maar er waren wel extra handjes dan, maar die hoor ik nu steeds meer, en dat is natuurlijk een hele moeilijke.

Kijk, aan de positieve kant vind ik omdat we nu heel veel verantwoordelijkheid lokaal hebben belegd kunnen we zelf veel beter formuleren hoe we het willen. En nu is het zo dat in de context landelijk de arbeidsmarkt een aantal dingen echt wel moeilijk liggen. Voor de komende paar jaar zullen we bijvoorbeeld financieel echt geen grote issues hebben, verwachten we, maar daarna weer wel. Dus die rust die je in de context nodig hebt dat is echt een knelpunt. Arbeidsmarkt. Een tweede, je noemde het zelf al, die gesloten plaatsingen. Daar wil iedereen vanaf. We hebben natuurlijk in de samenwerkende regio’s afspraken over de plekken die dan nodig zijn, en die cijfers die gaan heel langzaam de goede kant op. Wij hebben ook de afgelopen periode daar een aantal faciliteiten veel

11

dichter bij huis georganiseerd. Daar moeten we mee doorgaan, en dat kun je niet in een vingerknip regelen, maar die ambitie moet er wel zijn. En dat is nu echt nog definieer je als een knelpunt, ook als een perspectief, maar ook als een knelpunt. Ja, en dat heeft ook weer een stukje context wel. Het heeft ook wat met die hele jeugdbeschermingsketen te maken waar we natuurlijk niet helemaal zelf over gaan, maar ik hoop dat daar vanuit het rijk ook wel een aantal andere keuzes gemaakt worden. Ja, en het derde, het is een beetje een versleten taal, preventie, Vroegsignalering, al dat soort woorden. Daar hebben we steeds meer betekenis aan kunnen geven. Dat blijft wel een knelpunt, in de zin van. We hebben de afgelopen jaren meegedaan heel bewust aan kansrijke start. Dat is een heel breed perspectief wat je op kinderen en op jongeren, jeugdigen hebt. En die eerste duizend dagen zijn heel bepalend, en het maakt nog steeds heel veel uit voor de tachtig jaren dat iemand leeft in welk bedje hij de eerste duizend dagen gelegen heeft. Dat verschil zul je nooit helemaal wegwerken, maar dat verschil zou eigenlijk veel kleiner moeten zijn. En ook doen we van alles aan, maar dat moet echt nog veel nadrukkelijker met elkaar verbonden worden. Dus dat benoem ik ook als een kans, maar ook als een knelpunt. Ja. De voorzitter: Tot slot, wethouder Heijkoop.

Wethouder Heijkoop: Je kan het wat ambtelijk beantwoorden met dat het allemaal nog wat integraler kan. We kunnen dat nog meer aan de voorkant, die kennis delen, dichter bij de mensen. Dat is allemaal waar. Ik vind het in dat opzicht ook zeer terecht dat de raad ook wel vraagt dit jaar om naar één verordening toe te gaan om dat sociaal domein veel meer te ontsluiten. Dat vind ik echt een hele goede beweging, en die mogelijkheden die worden ook steeds groter ook door de recente governance toestanden. Maar als je echt heel sec kijkt naar wat er nu aan de hand is rond de stad, en zeker in de kwetsbaardere wijken dan heeft Michiel denk ik het allerbelangrijkste punt te pakken. Het feit dat er onvoldoende betaalbare huisvesting is, dat je als je spreekt met het Leger des Heils met veel zorgaanbieders, maar ook gewoon kijkt naar mensen die in zeer urgente omstandigheden op zoek zijn naar een huis en dat het er gewoon niet is, dan denk ik dat wij – en dat moeten wij ons als college ook aantrekken – dat we dat … Daar had meer op gepresteerd moeten worden. En het moet dus ook prioriteit nummer één zijn naar de komende tijd. We hebben, als het gaat over die sociale voorraad, die betaalbare voorraad, echt een achterstand. En dat is nu echt een showstopper, wat Michiel terecht zegt.

Je zit als medewerker met je handen in het haar, want je ziet van de basis voor dit gezin is een dak boven het hoofd. En je kan allerlei trajecten opstarten, maar als dat traject onder de brug moet worden opgestart, dat slaat nergens op. Dat schiet gewoon niet op. En ook als ik heel eerlijk kijk, er verblijven ook een aantal Dordtenaren nu in hotels, en, weet je we doen het, maar het slaat nergens op. Want je kan daar niet werken aan een duurzaam oppakken van je leven, laat staan eventuele kinderen die gewoon weer een vast ritme krijgen naar school. Daaraan gekoppeld is inderdaad onderdeel van bestaanszekerheid. We zien nu dat de kosten oplopen. We hebben het over energie-armoede gehad ook in deze raad, inflatie neemt toe. We moeten echt even heel goed met elkaar opletten nu dat mensen niet door het ijs gaan zakken, en dan niet vanuit alleen maar een soort links discours. Nee, daar geloof ik helemaal niet in. Ik denk dat je er gewoon moet zijn als stad en als overheid ook voor

12

de mensen die het nu niet te redden, want dat raakt heel de samenleving. En daarom moeten we met z’n allen echt voor aan de lat gaan staan, en we hebben ook allemaal een signalerende rol in. En ik verwacht echt dat dat de komende jaar dat er een grotere vraag op de overheid af zal komen en ook op de Sociaal Wijkteams, ook omdat de gevolgen van corona, komen nu signalen door dat die steunpakketten echt helemaal worden afgebouwd. Nou, dan ga je ook shake out zien waar het gaat over faillissementen, ook van kleinere ondernemers, zelfstandigen die de weg naar de overheid niet goed weten te vinden. En dan moeten we er wel zijn met z’n allen, want dat raakt echt de Dorste samenleving als geheel, of los ook van die oplopende kosten, energie en dergelijke. Dus dat zie ik eigenlijk als onze belangrijkste opgave voor de toekomst. Ik denk wel, om het even een beetje optimistisch af te sluiten, dat we relatief goed gesteld staan in deze stad. Ik denk dat we dit wel met elkaar voor elkaar gaan krijgen, maar dat zal nog wel een flinke tour worden. De voorzitter: Nou, hartstikke bedankt. Ik wil het gaan afronden, want ik denk dat het ook goed is om echt mensen uit de praktijk te horen. Er zitten ook een aantal partners in de zaal die ook daadwerkelijk iets te vertellen hebben over die ketens waar we het nu over hebben, en over de vraagstukken die we al hebben aangekaart.

Dus ik stel voor om naar het volgende onderdeel te gaan. Thema 1 Vraagverheldering en integrale toegang De voorzitter: Dan gaan we door naar thema 1 Vraagverheldering en integrale toegang, en dan besluiten Jip Gijsberts, professional bij het Sociaal Wijkteam, Sascha Peters-Goei van de SDD, projectleider Wmo-pilot en Yvette Ballijns, manager van het Sociaal Wijkteam en Dorrit Verkade wederom aan. De vloer is aan u. Mevrouw Ballijns: Dank je wel. Fijn dat we inderdaad fysiek mogen aansluiten. Altijd fijner om fysiek met elkaar in gesprek te gaan dan via het beeldscherm. Sascha en ik zullen samen deze presentatie doen. We zullen het doorlopen. We hebben natuurlijk maar een klein tijdsbestek gekregen, dus we kunnen vast veel meer vertellen, maar schroom inderdaad niet om de vragen die u heeft aan het einde van de presentatie aan ons te stellen. En dan zullen we inderdaad kijken of dat we daar zo goed mogelijk antwoord op kunnen geven of verduidelijking kunnen geven daar waar het niet duidelijk was. Nou, we hebben een kleine opdracht meegekregen. Het mag al. Even spieken, hoor. Hij doet het niet. Oké, ik zal jullie wel alvast meenemen, want anders is het zonde van de tijd. Wij hebben een x aantal vragen inderdaad genomen om daarbij stil te staan. We zullen ongeveer tien minuten à een kwartier de tijd voor nemen.

Dat zijn inderdaad de ontwikkelingen van het afgelopen jaar dat we daarbij stilstaan. Wat is de rol geweest van het Sociaal Wijkteam? Stilstaan bij hoe de samenwerking met de partners gaat op dat vraagverhelderen, en de integraliteit, waar we trots op zijn, en waar we inderdaad nog kansen zien, dus waar het knelt. Dus een vergelijking inderdaad en de doorgaande lijn - dank je wel – op het hele gebied. Ik zie nu dat hij echt helemaal vanaf het begin begint. Dus allereerst willen we jullie een algemeen filmpje laten zien vanuit het … Ik wou net zeggen, want dat wordt denk ik wel lastig met het dingetje. Dus inderdaad het filmpje van het … (Buiten microfoon)

13

Transcriptie video Mevrouw …: Hoi, mijn naam is Bente en ik werk bij het Sociaal Wijkteam in Dordrecht. Ik wil jullie graag laten zien wie we zijn en wat we doen. Kom verder. Een sociale wijk in Dordrecht helpt alle inwoners van Dordrecht die hulp en ook ondersteuning nodig hebben bij bepaalde zaken. Denk aan zaken als schulden, opvoeding of problemen met instanties. Bij het Sociaal Wijkteam werken verschillende medewerkers. Dit zijn OKcoaches, jeugdprofessional en medewerkers van het sociale domein. Ook werken er in het Sociaal Wijkteam Ouder-Kindcoaches. Zij zijn verbonden aan de scholen en zijn te vergelijken met de vroegere schoolmaatschappelijk werkers. De Ouder-Kindcoaches werken voornamelijk op de scholen en helpen kinderen en hun ouders met bijvoorbeeld het vergroten van hun zelfvertrouwen. Als laatste hebben wij in ons Sociaal Wijkteam jeugdprofessionals. Zij helpen gezinnen en kinderen met verschillende vragen. De professionals van het Sociaal Wijkteam hebben allemaal hun eigen expertise en of doelgroep. We werken niet alleen op locatie, maar we komen ook graag bij de gezinnen thuis en of op de scholen. We hopen dat we je middels dit filmpje wat meer inzicht hebben kunnen geven in wat een Sociaal Wijkteam is en wat we doen. Mocht je nu een vraag hebben, kom gerust langs bij ons op het inloopspreekuur.

De openingstijden en de locaties zijn terug te vinden bij ons op de website. Wellicht tot ziens. Mevrouw Ballijns: Nou, dit is een algemeen beeld inderdaad van wat we doen met dank aan professionals en gezinnen die erachter zitten van de professionals om dit geheel inderdaad vorm te geven. Hier zie je de opzet waar Dorrit naar refereerde, de opzet. Drie thema’s gaan we bespreken met elkaar. Het eerste thema dat vertegenwoordigen wij, en dan gaan we zo rouleren en dan gaan we door naar thema 2 en naar thema 3. Als het goed is … Nee. Bij mij doet hij het nog. Nog niks? Hij mag door alsjeblieft. Dan toen we het toch maar eventjes zo. Dat is makkelijker denk ik. Dit zijn dus de vragen waar ik net naar refereerde inderdaad over de ontwikkelingen de rol van het Sociaal Wijkteam, andere pilots samenwerking, waar zijn we trots op en waar knelt het nog of waar liggen nog kansen. Zo mag het ook … Nou, afgelopen jaar en de ontwikkelingen inderdaad in relatie tot de integrale klantroute, en de vraagverheldering wat hebben we daar voor hoofdpunten opgenoemd, is dat er dus in elk wijkteam, en dat refereert natuurlijk ook naar een van de bijlages waar de voorzitter net al naar refereerde, de uitkomst van de vraagverhelderingspilot in Stadspolders-Dubbeldam, die hebben we natuurlijk verder doorontwikkeld en uitgerold.

Dat heeft gemaakt dat we dus in elk wijkteam van heel Dordrecht een integrale klantroute hebben waarin vraagverheldering inderdaad een onderdeel is. Waarbij we dus laagdrempelig en op vindplekgerichte locaties vindbaar zijn. Integrale klantroute daarvan is vraagverheldering een onderdeel, dus ook de vraagverheldering heeft eenzelfde startproces in elke wijk. Dus feitelijk, waar de wethouders net wel aan refereerden, hebben we zeker wel stappen te maken om het niveau in elke wijk of elk gebied even hoog te krijgen, of het inderdaad stadsbreed te organiseren, maar hebben we wel bij elke voordeur dezelfde aanmelding. Dus ook inderdaad de integrale vraagverheldering die we daar doen, de aanmeldingen zijn hetzelfde. We hebben gewoon één telefoonnummer waaraan de aanmelding gerefereerd kan worden en gedaan kan worden, en ook met z’n allen hetzelfde termijn waarin die vraagverheldering behandeld dient te worden. We hebben daar met juist de

14

vraagverheldering dat die voorliggende voorzieningen ook gewoon een centrale plek hebben als wij met de klanten in gesprek gaan op zijn of haar hulpvraag. De Wmo expertise - Sascha, zal daar dadelijk wat meer over vertellen – hebben we nog niet zo heel lang geleden maar wel toegevoegd aan die integrale klantroute voor de vraagverheldering. En hebben we inderdaad heel veel samenwerking waar net ook al werd gerefereerd door Michiel, door de stress sensitieve dienstverlening, armoede en schuldenbeleid om daarin inderdaad het juiste te doen en de juiste interventie vooraf te plegen voordat je inderdaad ook echt hulp gaat bieden in een gezin. Want als gezin heel veel stress heeft doordat hij geen woning heeft, het voorbeeld onder de brug, dan kan je inderdaad gaan hulpverlenen maar dan is het zonde van de tijd. Nou ja, en de integrale vraagverheldering, maar daar zal Sascha ook verder naar refereren. Met de Wmo consulenten binnen het wijkteam zal dit jaar gaandeweg verder uitgerold gaan worden. Mag ik … Als je dan kijkt op dit specifieke onderwerp, dus integrale klantroute en vraagverheldering, wat onze rol dan is, is dat we een eenduidige toeleidingsproces hebben. En toeleiden kan natuurlijk overal naartoe zijn. Het kan zijn naar de tweede lijst, maar het kan ook zijn naar een voorliggende voorziening. Die breedte die wordt binnen elk wijkteam in Dordrecht gefaciliteerd.

En dat we inderdaad die Wmo dichterbij willen hebben waardoor een klant maar één keer zijn verhaal hoeft te vertellen, en dat dus ook de juiste hulp geboden kan worden op dat moment of inderdaad in samenhang geboden kan worden. Dus dat er in de Jeugdwetvoorziening of een Wmo-voorziening naast elkaar gelopen kan worden. En gezamenlijk transformeren vanuit gelijkwaardigheid. Mevrouw Peters-Goei: Ja, dank je wel, Yvette. Ik mag daar als enerzijds gast, maar toch ook wel een beetje een collega van het Sociaal Wijkteam. Mijn naam is Sascha Peters van de SDD. Ik geloof dat ik de enige ben van de SDD vanavond. Ik vind het heel fijn dat ik hier iets mag toevoegen. Halverwege de pilot … Ineens staat een pilot Wmo, want het is dat je op een gegeven moment zegt: we willen wat ruimte creëren binnen onze reguliere dienstverlening om te kunnen oefenen om ook fouten te durven maken, hoe kunnen we nu eigenlijk echt integrale dienstverlening samen met het Sociaal Wijkteam vormgeven? Dus we noemen het pilot. 1 oktober 2020, sorry, ik vergeet even het jaartal, gestart. Ikzelf was toen nog geen projectleider, dus ik heb het begin niet meegemaakt. Het was net voor de lockdowns, zijn ze samengekomen, een mooi projectplan opgesteld: dit gaan we doen.

Er staat een hele mooie integrale klantroute, wij voegen daar gewoon – en daar staat nog in het projectplan op afroep – een Wmo consulente toe aan de vraagverhelderingsfase. Zo staat het op papier. En vervolgens, ja, waarom doen we het eigenlijk? Er is een grote wij-zij cultuur, wij van de SDD, zij van het Sociaal Wijkteam, begrepen elkaars taal niet altijd, wij hebben onze eigen werkprocessen, maar zo staat de systeemwereld vaak voorop in plaats van dat we samen naar de leefwereld kijken van de klant. Dus heel goed dat daar een pilot voor werd ingericht. In eerste instantie voor de duur van een jaar. Door de coronaperikelen, daar begin ik gelijk mee, is het nog even iets verlengd, want als je twee bloedgroepen met elkaar gaat samenvoegen dan is daar ook gewoon fysiek contact voor nodig in de zin van bij elkaar zijn, met elkaar op huisbezoek en met elkaar een vraagverhelderingsgesprek voeren. Daar waren wat beperkingen, dus daar zat ook enige vertraging in en loopt de pilot nog door tot nu. U ziet kort een beetje een pitch de

15

samenwerking als doel. Ja, een samenwerking kan een doel zijn, maar tegelijkertijd ook een middel. Dus in eerste instantie wilden we elkaar wel beter leren kennen, dat zie je ook bij fase 1. Wat zijn nu eigenlijk de verwachtingen samen kijken naar de inwoner, wat hebben we dan daarin te doen, wat is mijn werkwijze, wat is jouw werkwijze? Fase 2 ook. Dan gaan we het ook samen doen. Fase 3 operationaliseren. We gaan even terugkijken: heeft dit wel het gewenste effect bij de inwoner, ja of nee? Stellen bij, en dan rollen we uit. In principe een heel logisch proces voor elk project dat je kan doen. Ja, het hogere doel is natuurlijk gewoon passende betaalbare hulp voor iedereen van nul tot honderd. De SDD richt zich nu ook van nul tot honderd, maar waar we elkaar echt willen gaan raken is natuurlijk ook die 18 min, 18 plus, hebben we echt nog het een en ander te doen, maar ik vertel daar zoiets over. Hij mag naar de volgende sheet. Nou, alle opbrengsten beknopt onder elkaar, wat levert dat nu op naast het elkaar kennismaken en de taal van elkaar leren spreken en samendoen? Als eerste kunnen we zeggen dat zowel de medewerkers van het Sociaal Wijkteam en de Wmo consulenten elkaar echt beter hebben leren kennen. De Wmo consulenten sluiten aan bij de inloopspreekuren of op andere momenten, en daardoor zien ze ook wat er binnenkomt en wat we bij de SDD vaak nog niet zien.

Als SDD zitten we eigenlijk wat eerder in de keten of waarvan we soms aanmeldingen bespreken die we normaal gesproken niet zouden bespreken. De samenwerking is daardoor verbeterd. In eerste instantie zetten we altijd in op korte lijnen met iedereen. Maar door zo samen te zitten, door te zeggen wij richten samen één proces in, ontstaat er een veel diepgaandere samenwerking waardoor we ook anders naar ons eigen werkproces zijn gaan kijken, en het Sociaal Wijkteam ook. In eerste instantie was het zo, wat ik heb gehoord: waarom mag alleen de SDD indiceren, kan het Sociaal Wijkteam dat dan niet? Er was niet echt een gelijkwaardig iets, maar gaandeweg is het ijs ook meer gaan breken en zijn we samen als gelijkwaardige partners daar gaan staan. Tweede resultaat, de cultuurverschillen zijn explicieter gemaakt. We begrijpen elkaar beter, maar wat belangrijker is voor de inwoner en wat ik ook gewoon hoor uit de praktijk is dat we sneller kunnen schakelen. Jullie kennen misschien wel het werkproces van de Wmo. Een inwoner moet een melding doen, moet zich aanmelden. Maar bij een wijkteam staat die deur open en komen er gewoon heel veel mensen binnen met allerlei soorten vragen. Als wij daar ook zitten kunnen we eerder detecteren: hé, wacht eens even dit kan eigenlijk ook nog wel toekomstig … Misschien kunnen wij hier ook iets van betekenis zijn.

En de inwoner hoeft dan niet meer … En voor de ene inwoner is dat makkelijker dan de andere inwoner om die stap naar die SDD te zetten. Als we samen op huisbezoek gaan, idem, dan horen we het verhaal aan, we snappen de leefwereld van de inwoner. Soms heeft het Sociaal Wijkteam al een band met de inwoner waardoor we echt begrijpen waar het om gaat en kunnen we ook direct schakelen. Kunnen we ook tegen de inwoners zeggen: u hoeft die melding niet te doen, ik zit hier aan tafel, weet u wat, ik regel gewoon op dit moment terwijl u hier aan tafel zit het een en ander. Ik pleeg een telefoontje, en in plaats van dat u zes weken hoeft te wachten kan het binnen twee weken, kan u een rolvoorziening, een loopplank, wat ik allemaal heb gehoord, geregeld worden. Wat zorgt voor een stukje stressvermindering, begrepen voelen, kortere doorlooptijden: goh, ik wist niet dat het zo kon, en wat fijn dat dit zo samen kan. Dat zijn wat reacties van inwoners die wij ontvangen. Nou, dit zijn de eerste resultaten van de integrale arrangementen, dat staat zo op papier als dat wij van de Wmo … Ik ben niet helemaal van de Wmo, maar gewoon

16

van de SDD, maar een Wmo consulent kijkt gewoon met Wmo bril: heb jij recht op de voorziening ja of nee. En we hebben daar ook nog wel iets in te leren om beter gebruik te maken van de voorzieningen die Dordrecht rijk is. En door aan te sluiten bij het Sociaal Wijkteam leren we daarvan en kunnen we daar ook beter in schakelen. We zijn er nog niet, we hebben nog heel wat te leren. Nou, u kunt de rest van de resultaten lezen. Dus het minder medicaliseren, soms het wat meer normaliseren van zorg. Knelpunten naast de corona, wat het ons natuurlijk en voor iedereen soms ingewikkeld blijft hoe blijven we met elkaar in verbinding, is het ook even met elkaar zoeken hoe we dit goed gaan uitbreiden voor heel de stad. Dat een succesvolle samenwerking niet afhangt van de personen, maar dat we gewoon echt een nieuwe normaal, en dan heb ik het niet over corona, maar gewoon echt over dienstverlening gaan ontwikkelen wat voor iedereen logisch klinkt. Daarin is het tempo heel belangrijk. De schaarste van de arbeidsmarkt is natuurlijk een ding waar we weinig invloed op hebben maar dat bepaalt soms wel het tempo. Als er te veel vacatures zijn of te veel gaten dan zie we de druk op de caseload en is het gewoon lastig om dat tempo er goed in te zetten. Maar we zijn er mee bezig het Sociaal Wijkteam en wij.

Daarin worden de medewerkers zo goed mogelijk in gefaciliteerd en moeten we ook in de drukte ruimte blijven creëren om te ontwikkelen en te leren. Wat monitoren we? Op dit moment loopt er ook een onderzoek gaande door APB. Zij interviewen de inwoners ook, ik kan daar nu nog niks over terugkoppelen. Dat volgt op een ander moment. We kijken naar hoeveel casussen we samen hebben opgepakt, hoe vaak we hebben geconsulteerd en waar die aanmeldingen vandaan komt. En een omgekeerde toets is voor ons een werkwijze om samen in ieder geval die taalverschillen te overbruggen, en ook samen ook meer te kijken naar wat heeft de inwoner echt nodig in plaats van steeds te denken in onmogelijkheden. Yvette. Mevrouw Ballijns: Dank je wel, Sascha. Als we het dan maar even beetpakken inderdaad als je kijkt naar de vraagverheldering en de integrale klantenroute en de samenwerking met de partners, als we daar dan expliciet bij stilstaan, wat zegt dat dan? Dan zien wij inderdaad dat wij in Dordrecht kunnen stellen dat iedere instantie gewoon aan kan melden ook bij het Sociaal Wijkteam. Het liefst willen we natuurlijk dat de inwoner het zelf doet of dat de inwoner het doet met een instantie. Maar ook een instantie kan inderdaad ons consulteren waardoor de integrale klantroute van start zou kunnen gaan.

Mooie voorbeelden daarin staan beschreven: Sociaal op recept, de POH-jeugd die gestart is recent en waar ook nog hopelijk een uitbreiding in gaat komen waardoor we dus ook meteen de schakel hebben met de huisartsen, Jong JGZ, scholen, de voorschoolse voorzieningen, dus de peuterspeelzalen en de kinderopvang, maar ook buurtwerk en jongerenwerk in plaats van jongere werk. Veilig Thuis waarin we afspraken maken, maar dus nu ook de SDD breder, dus niet alleen de Wmo maar de SDD veel breder. Het zijn nauwe samenwerkingspartners, en daarbij geven wij ook aan wat ook al hiervoor ter sprake kwam dat we kunnen stellen dat we een redelijk goede samenwerking hebben met deze partners, maar dat er altijd wel ruimte is voor verbetering. Want bij samenwerking hebben altijd twee partners nodig, en dat kan soms wel een puzzel zijn of een zoektocht, maar zien daarin wel ook de hoge bereidheid om dat te doen. En hebben we dus ook nauw overleg bijvoorbeeld met een Veilig Thuis om juist veiligheidszaken wel weer voorrang te geven in de integrale klantroute op reguliere vragen. Dus dan kan het zijn inderdaad als we veel Veilig Thuismeldingen krijgen dat de

17

reguliere vraag langer moet wachten op een aanbod vanuit het wijkteam omdat dan die Veilig Thuiszaak voorgaat. Dus dat zijn ook afspraken en daar proberen we ook goed op te monitoren dat dat wel in redelijke termijnen gaat, en niet dat een andere klant dan heel lang moet wachten omdat er zoveel Veilig Thuismeldingen komen. En dat signaleren we dan inderdaad ook weer in de accountgesprekken met onder andere Dorrit en Stefan om dat bespreekbaar te maken met elkaar: hoe doen we dat nu en aan welke knoppen, waar An Theunissen net naar refereerde - als je ergens aan een draadje trekt gaat het ook ergens anders weer rollen - dus wat doen we dan met elkaar, met zo’n Veilig Thuiszaak? Het stukje waar zijn we trots op. Ik denk dat wij oprecht kunnen zeggen dat we heel erg trots zijn op de integrale klantroute binnen alle wijkteams. Er heeft pas ook weer recent een evaluatie op plaatsgevonden, omdat wij toch redelijk ambitieus en gedreven zijn en zeker ook weten dat het niet altijd even goed gaat, en altijd ruimte is voor verbetering. Dus die evaluatie of die integrale klantroute geeft ook weer mooie nieuwe verbeterpunten dat we kunnen zeggen dat we voor ongeveer 80 procent binnen de gestelde termijn van de integrale klantroute de vraagverhelderingsfase ook de klanten kunnen helpen. Nou ja, de invloeden die hiermee te maken hebben is bijvoorbeeld het ziekteverzuim.

Helaas, we zijn inderdaad wel opgebleven en hebben het ook wel draaiende gehouden, maar we hebben ook wel een vrij hoog ziekteverzuim nu ook mede corona gerelateerd. De arbeidskrapte die meespeelt als iemand zijn baan opzeggen, dan heeft hij twee maanden opzegtermijn, en voordat je een nieuwe collega hebt ben je vaker weer vier maanden verder, dus dat maakt inderdaad dat we niet de volle 100 procent halen. Dat we steeds meer aan het verbreden zijn met de samenwerkingspartners hoe kunnen we het proces optimaliseren, hoe kunnen we daarin beter afstemmen om wel alles te halen en dat die doorstroom, dus die instroom doorstroom en uitstroom, ook beter kan. Nou ja, en de absolute winst op de samenwerking met de SDD. Dus dat zijn de punten waar wij behoorlijk trots op zijn. En schuin gearceerd ook gewoon het vakmanschap, en wat gelukkig ook wel herkend en erkend wordt dat we dus ook zien dat onze medewerkers steeds deskundiger worden op armoede, schulden, stress sensitieve dienstverlening, maar ook op methodisch werken. Waar zit er ruimte tot verbetering? Nou, daar zit dus inderdaad ook nog wel van de wachttijden waar ook al naar werd gerefereerd door de wethouders, de ene wijk eten iets langere wachttijd dan een andere wijk, wat kunnen we daarin gaan doen? Dus we gaan ook toewerken naar één wachtlijst voor Dordrecht breed. Dus dat vraagt wel weer iets van ons intern werkproces.

Maar het moet niet zo zijn als je in wijk A woont dat je daar over twee weken terecht kunt en als je in wijk B woont dat je daar twee maanden zou moeten wachten, dus daar gaan we mee aan de slag. De beschikbare capaciteit voor ontwikkeling bij professionals, dus dat ze ook wel die mogelijkheid voelen en ervaren binnen de vrij volle caseload die ze hebben, maar dat ze daarin wel blijven ontwikkelen. Daar moeten we naar zoeken. De arbeidskrapte, die werd al eerder aangegeven dat we toch moeilijk goede professionals kunnen vinden. Ik zat net al even met mevrouw Rietstap-De Jong: goh, daar kunnen we misschien ook wel weer kijken naar ervaringsdeskundigen, hoe kunnen we de handen met mekaar ineenslaan om die arbeidskrapte functiedifferentiatie, maar ook gebruikmaken van de ervaringsdeskundige kunnen gaan verkennen. Nou, dat het altijd de procesoptimalisatie dat we die zo optimaal mogelijk en onafhankelijke inrichten, maar dat we ook scherp zijn op alle pilots die lopen. Want we hebben er best wel veel in Dordrecht die allemaal weer raakvlakken

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/431/documents/16523