CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.7 Notulen Dordrecht Commissie Fysieke Leefomgeving 9 februari 2021.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 23 maart 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen notulen van de Gemeenteraad van 16 februari, de commissie Grote Projecten van 28 januari en de Commissies Bestuur en Middelen, Fysieke Leefomgeving en Sociale Leefomgeving van 3 en 9 februari 202119.107 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE COMMISSIE FYSIEKE LEEFOMGEVING DORDRECHT D.D 9 FEBRUARI 2020 Voorzitter: mevr. Klein-Hendriks Commissiegriffier: dhr. Den Boer Verslag: NotuBiz Aanwezig: Mevr. Van der Berg (PvdA) Dhr. Bosuguy (D66) Dhr. Chapel (CDA) Dhr. Hartog (PVV) Dhr. Jansen (PvdA) Mevr. Klein-Hendriks (ChristenUnie-SGP) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Dhr. Kuhlmann (VVD) Dhr. Loekemeijer (D66) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Dhr. Noldus (VVD) Dhr. Oostenrijk (CDA) Dhr. Portier (SP) Dhr. Soy (Beter Voor Dordt) Mevr. Stevens (PvdA) Dhr. Stolk (VSP) Mevr. Stolk (VSP) Dhr. Struijk (CU/SGP) Dhr. Tutupoly (Beter Voor Dordt) Portefeuillehouders: wethouder P. Sleeking, wethouder R. van der Linden Opening 1. Gesprek over duurzame opwek van energie met zon en wind langs de A16 (als onderdeel van de 2e participatieronde RES 1.0) De voorzitter: Goedenavond, ja, het is 8 uur. En laten we beginnen met deze participatieronde in het kader van de duurzame opwek van energie in de Drechtsteden, en dan specifiek voor de raadsleden van Dordrecht, Hardinxveld-Giessendam en Sliedrecht. Van harte welkom aan ieder raadsleden, mensen van de gemeente, mensen van het regieteam van de Drechtsteden. Laten we beginnen met onze prestentatie met de avond. Het is een digitale bijeenkomst en daar hebben we wat spelregels voor nodig. Graag camera aan, de microfoon in principe gesloten.

En als u wil spreken, dan kunt u een hand opsteken. Er zit een functie een handje opsteken en dan kunnen we het woord geven indien nodig. In Teams heb je een chatfunctie en we hebben korte pauzes van de overgangen van het plenaire deel naar de gesprekken in de deelgroepen per gemeente. We werken met deze participatie met Menti, en dat is de volgende sheet, daar gaan we even Menti inregelen zodat iedereen er mee kan werken. Menti is een stuk software om de inbreng van u in zo’n grote groep te kunnen borgen. Elien, kan jij ons even helpen?

1

Mevrouw …: Ja, daar ben ik dan. Nou, aan iedereen de vraag om naar www.menti.com te gaan. Dat kan op de tablet, de computer of uw mobiel. En als u dat gedaan heeft, dan ga ik nu naar de volgende sheet. Bovenaan deze sheet staat een code, als u die intoetst dan krijgt u automatisch de vraag die nu op het scherm staat en kunt u uw reactie geven. De voorzitter: Ja. En om gewoon te kijken wat er dan gebeurt. Graag, vul hem maar in. Het logo, de kleur van het logo van uw partij. En dan iedere partij heeft wel een logo, groen wordt er veel ingevuld, dan wordt dat groter. Oranje komt erbij, rood, zwart zie ik, ik denk dat dat het is. Blauw, we hebben oranje. Nou, u ziet daar komt input. En hoe meer het ingevuld wordt, hoe groter het wordt. En zo heb je met Menti allerlei vormen om de inbreng te leveren. We zijn met 42 mensen, dus we moeten even kijken of iedereen zover is, dat het loopt. We hebben nu 16 stemmers. Even zorgen dat iedereen de code heeft, die staat bovenaan de sheet. Www.menti.com. En dan even een kleur erbij verzinnen. Oké. We gaan verderop gaan we nog weer verder werken met Menti, dus dan komt hetzelfde weer terug en dan kunt u nog een keertje weer verder. Ik stel voor naar de volgende slide. Dat is het programma voor vanavond. In afstemming met het regieteam Drechtsteden hebben we een plenair deel van 8 uur tot kwart voor 9. En daarna een vervolg in de deelgroepen.

Plenair zijn de dingen die voor alle gemeenten hetzelfde zijn, waaronder de participatierondes voor restruimtes en wat het proces is van de participatie. Specifiek per gemeente zijn de drie zoekgebieden in de Drechtsteden. En daar hebben we dus per gemeente straks het gesprek over. En dan is het vanavond bij Dordrecht het zoekgebied A16 en bij Sliedrecht en Hardinxveld het zoekgebied A15. En dan komen we daarna terug voor een plenaire afsluiting en vooruitkijk naar de derde ronde van de participatie. Volgende alstublieft. Bij veel mensen is dan ook van welke onderwerpen van de agenda verwachtte u? En als u dit nou zo ziet, zijn er onderwerpen die u mist? Kunt u in Menti een paar onderwerpen intypen als u dingen mist. Dus dat is gewoon even om te checken of we aan uw verwachtingen voldoen. Het onderwerp kernenergie, of we dat moeten bespreken. Ja. Zijn er andere onderwerpen die missen? Ja, ik zie het. Wat doen de buurgemeenten al? Ja. Alternatieven voor wind en zon, waterkracht, dat zijn de alternatieven. Ja, ik zie het. Ja, participatie. De participatieaanpak, dat wordt toegelicht. Waterstof en kernenergie, ja. Bijdragen aan wind op zee, windmolens. Inwonersacceptatie. Inwonersacceptatie, daar kunnen we in de gesprekken ook wel een toelichting op geven. We hebben natuurlijk al participatierondes gehad met de burgers, dus daar kunnen we op ingaan.

Het punt van kernenergie, dat zit niet in de opdracht voor het uitzoeken van duurzame opwek in het gebied van de Drechtsteden. Maar ik snap dat dat voor u een onderwerp is. Zijn er nog nieuwe stemmers, nieuwe onderwerpen? Dank u wel. Ik denk dat we nu naar de volgende slide gaan. Het punt van die alternatieven, ik hoop dat Joey daar ook een kort woord ook aan kan wijden. Ik wil graag het woord geven aan Joy Reedijk, programmamanager van Drechtsteden, om deze toelichting ook te geven. Joey. De heer Reedijk: Ja, dank je wel, Kees. En goedenavond allemaal. We doen meestal op deze avonden laten we mij ook nog even aan het woord om even een bekend gezicht te tonen en nog even een beetje duiding te geven op het gesprek dat wij vanavond gaan voeren. Mijn naam is dus Joey Reedijk, programmamanager van de energietransitie in de Drechtsteden, voor degenen die mij niet kennen. Mag ik de volgende slide alsjeblieft? Nu zijn er zojuist al een aantal zaken genoemd waar u het over wil hebben, maar wij hebben

2

vandaag een heel gericht doel waar we het met u over willen hebben. En ik zal dat gerichte doel van vandaag, dat zal ik aan de hand van een aantal slides eventjes duiden. En dan neem ik u even mee terug naar het proces wat wij al hebben gelopen met elkaar. En als ik af en toe een beetje naar rechts kijk, dan is dat omdat ik afgeleid word door mijn dochtertje van 3, die een beetje bang is dat sloddervos vanavond langskomt. Dus ze is een beetje in paniek, maar dat moet ze vanavond dan even zelf oplossen. Onze tocht die wij al hebben doorlopen. Wij hebben natuurlijk vorig jaar hebben wij al gewerkt aan het concept regionale energiestrategie. En dat had ik u toen ook verteld, dat had eigenlijk twee grote opgaven in zich. Namelijk de eerste opgave dat is dat de 30 energieregio’s in Nederland samen 35 terra wattuur aan grootschalige duurzame energie op moeten wekken. En de tweede opgave, dat is die warmtetransitie. Dat is de opgave om toe te werken naar een aardgasvrije gebouwde omgeving. Nu hebben wij met betrekking tot die eerste opgave, namelijk die opgave waarin wij samen 35 terra wattuur grootschalige energie op moeten wekken, hebben wij in de concept RES een strategie bepaald, zou je kunnen zeggen, en een bod ingediend. Die strategie, die bestaat uit het maximaal inzetten op zon op daken.

Dus alle geschikte daken, daar willen wij het liefst zo veel mogelijk zonnepanelen op zien in de komende jaren. Daarnaast willen wij zon realiseren in restruimtes. En ook, omdat we het daarmee nog niet redden, wilden wij nog verkennen in de drie zoekgebieden, de A15, de A16 en Kijfhoek, of dat wij ook zonneparken en windmolens konden realiseren. Maar daar hebben wij wel een heel duidelijk onderscheid in gemaakt in de concept RES. En dat is de volgende slide, Elien. Ook nog even voor u in herinnering, in die concept RES hebben wij onderscheid gemaakt tussen een bod van grootschalige opwek. En daarbij hebben wij gezegd dat wij het bod van in totaal 0,66 petajoule in ieder geval willen halen. En dat bod van 0,66 petajoule kunnen wij ook halen door zon op dak, zon in restruimte en door de energietrajecten die reeds zijn gerealiseerd en die wij ook mee mogen tellen. Dat is het bod, 0,66. En daarnaast hebben wij gezegd: wij hebben een ambities van 0,84 petajoule. En om die ambitie te realiseren hebben wij die opwek in de zoekgebieden nodig. Maar van die ambitie hebben we in de concept RES heel nadrukkelijk gezegd: willen we in dit proces ontdekken hoe groot dat aandeel exact wordt. Dus dat die ambitie die kan uitkomen op nul, op 0,84 en op alles daar tussenin.

Dus dat is echt nog afhankelijk van het participatietraject, dat participatief ontwerpend onderzoek, zoals we dat zo mooi hebben genoemd, waar we nu middenin zitten. Dan nog even de volgende slide en dan ben ik bijna aan het einde van mijn verhaal. En dat is ook meteen het doel van vanavond. Dus ik heb een aantal onderwerpen voorbij zien komen, geothermie in Sliedrecht en de voortgang daarvan. Dat zijn vanavond even geen gespreksonderwerpen. Het doel van vanavond is om met u in gesprek te gaan over die zoekgebieden. En dan de A15 en de A16 vanavond, en daar met u dus in gesprek gaan: wat vindt u daar belangrijk met betrekking tot die grootschalige opwek? Maar dat gaan de mensen van Royal Gaskoning, die wij voor dit proces hebben ingehuurd, gaan ons daarin begeleiden. Het gesprek vanavond zal gevoerd gaan worden aan de hand van discussiebeelden. Dus er worden plaatjes getoond, die plaatjes hebben verder geen waarde, behalve dat die bedoeld zijn om met u het gesprek te initiëren. Dus dat is even een belangrijk punt om te benadrukken nu alvast, dat zal nog een aantal keren worden herhaald. Maar de beelden die u ziet zijn sec discussiebeelden en zijn enkel bedoeld om het gesprek op gang te brengen. Dat is 1.

Het tweede punt, die pak ik er even bij omdat ik net, de vraag was ook: wat doen de buurgemeenten al? Wat de buurgemeenten doen, daar zal ook inzicht in worden gegeven in het gesprek vanavond. Dus dat nemen de mensen van Royal

3

Gaskoning mee. Een ander belangrijk punt wat ik nog eventjes wil benadrukken is dat het gesprek vanavond, en ook het bod wat uiteindelijk wordt opgenomen in de RES 1.0, heeft betrekking op 2030. De energietransitie naar energieneutraal loopt echter door tot 2050. Dus ook na 2030 moet er nog meer gebeuren. Waarom sta ik daar even bij stil? Omdat ik zojuist ook zag dat u het ook wil hebben over kernenergie. Kernenergie is met de horizon op 2030 geen onderwerp wat zoden aan de dijk zet. Tot 2030 zullen we het echt moeten hebben van zonnepanelen en windmolens, noodzakelijk, en geothermie is natuurlijk ook een mooi energiebron, maar kerncentrales kunnen niet voor 2030 worden gerealiseerd. En zullen daarom noodzakelijk worden verkend voor na 2030. Dus dat is wel belangrijk dat het gesprek nu gaat over duurzame opwek op de in energieland redelijk korte termijn, namelijk horizon 2030. Ik zit nog even te kijken naar mijn lijstje, of dat ik dan nog dingen heb gemist. Volgens mij niet. Ik zie wel een vraag hier van Paul. Zullen we die maar gewoon even doen? Paul, zet je microfoon maar open. En Nina, wil jij eventjes zorgen dat Paul even zijn microfoon open kan zetten? Mevrouw …: Hij kan nu zijn microfoon openzetten. De voorzitter: Paul, je kan nu als het goed is je microfoon van dempen afhalen. De heer Tiebosch: Ik was nog aan het praten, dat zag je aan mij lippen waarschijnlijk.

Goedenavond allemaal, hallo. Big brother is watching me, dat zei ik net. Heel duidelijk. Joey, dank je wel. Een vraag wat betreft kernenergie. Kerncentrale gaat 40 tot 60 jaar mee. Waarom is het nu dan geen tijd om daar nu ook al mee bezig te zijn? De heer Reedijk: Paul, ik ga deze vraag beantwoorden, maar dan stel ik wel voor dat we daarna snel doorgaan naar het programma. Omdat we het over die zoekgebieden willen hebben. Maar waarom ik dat zeg is: wij moeten, dat is die opgave waar die 30 energieregio’s voor staan, wij moeten die 35 terra wattuur voor 2030 opwekken. Omdat we weten dat er voor 2030 geen kerncentrale zal staan, is dat nu eventjes geen oplossing. Dus wel iets wat we meenemen, wat ik ook eerder heb verteld, dat nemen we ook mee in de actualisatie van de strategie naarmate die vordert. Maar nu niet iets wat een oplossing biedt voor die 35. Dus vandaar dat we het nu echt even moeten hebben over die ambitie, windmolens en een zonnepark. Yes? De heer Tiebosch: Helder, dank je. De heer Reedijk: Dank je wel, Paul, voor je vraag. Kees, aan jou het woord. De voorzitter: Ja, dank je wel voor de toelichting en het beantwoorden van deze kernenergievraag. Dat vind ik vanuit onze opdracht is dat een lastige. Maar onze opdracht is ook voor de zoekgebieden en voor restruimtes een participatief onderzoek. Elien, volgende graag.

En ons onderzoek hebben wij vormgegeven in drie fasen. En dat is een fase voor de kerst, luisteren en vormgeven, een gesprek voeren, wat is de lokale kennis van de drie gebieden, waar moeten we rekening mee houden, wat is belangrijk. Daar geven we straks in de verschillende groepen per gemeente een terugkoppeling van wat we voor bij de zoekgebieden hebben opgehaald. Tweede fase, en daar zitten we nu middenin, is 25 januari tot en met 14 februari. Met schetsen en scenario’s, discussiebeelden is dat, toetsen vertalen naar criteria op basis van de lokale kennis. Wat kan, wat kan niet? Waar moeten we rekening mee houden? Op welke manier past het

4

wel en past het niet? Fase 3 is daarna keuzes maken voor locaties van restruimtes en voor de criteria die gelden in zoekgebieden. We zitten nu in fase 2 en ook in fase 3 komen we nog een keertje bij raadsleden terug voor een vergelijkbaar gesprek als vandaag. Volgende, alstublieft. Onze participatieaanpak is gericht op diverse doelgroepen. Iedereen heeft zo zijn eigen belang en zijn eigen vorm van gesprek nodig. Allereerst natuurlijk de burgers, belangenorganisaties, initiatiefnemers, netbeheerders. We hebben gesproken met grondeigenaren, 1 op 1 met gebiedsbeheerders en onze overheden, de mensen die beslissen over deze RES 1.0, en ook met volksvertegenwoordigers die het besluit toetsen en bekrachtigen. En we hebben de verschillende werkvormen daarbij. Jammer genoeg allemaal online, maar daar moeten we het mee doen. Een belangrijk onderdeel nog in de participatie is een doorlopende enquête en discussies op het platform Drechtstedenenergie.nl. Volgende graag alstublieft. In de tweede participatieronde gaat het over koppelen resultaten terug van de eerste ronde en voor de restruimtes en voor de zoekgebieden toetsen we welke criteria en spelregels moeten er zijn. En welke locaties zijn mogelijk geschikt voor opwekking van duurzame energie. Bij criteria denken we aan, nou, zoals het hier staat: landschappelijke inpassing, natuur, financiële participatie, dat soort thema’s.

Bij spelregels gaat het over verantwoordelijkheden en rollen. Met vergunningen, gebiedsafspraken, marktstrategie. Criteria gaat over de wenselijke situatie spelregels, over rollen en verantwoordelijkheden. Dat moeten we ook gaan bepalen in deze fase. Hoe gaan we het uiteindelijk realiseren? Hier op een rijtje, we hebben criteria, beschrijft een wenselijke situatie. Gewoon een ommetje aan de rand van de bebouwing, die moet beschikbaar blijven. Spelregels is met procedures, wie doet wat met welke verantwoordelijkheid. Hoe willen we het regelen? Wie is we, hoe gaan we het regelen. Minimumeisen zijn er trouwens ook. En dat zijn vastgestelde wettelijke grenzen op basis van veiligheid, afstand ten opzichte van de snelweg of afstand ten opzichte van een hoogspanningsleiding of geluidseisen. Dat zijn de minimumeisen en die hebben we ook gewoon in beeld gebracht. Volgende alstublieft. In de tweede participatieronde hebben we de volgende activiteiten ondernomen. Voor de drie zoekgebieden, A15, A16 en Kijfhoek, hebben we bijeenkomsten gehad met burgers, belangengroepen, iedereen die zich daarvoor wilde inschrijven. Op het platform denkmeedrechtstedenenergie.nl, hebben we allemaal criteria en spelregels proberen op te halen hoe je het beste een hoogst maatschappelijke opbrengst kan realiseren. Dat is een doorlopende discussie op het platform.

En ook over restruimtes is er een doorlopen de discussie op het platform, welke locaties zijn geschikt en welke niet. Volgende alstublieft. Dit is niet het enige, want we hebben nog specifiek doelgroepsgesprekken gehad met natuurorganisaties, mensen die kennis hebben over natuur. Waar moet je vanwege natuur en biodiversiteit rekening mee houden? De grondeigenaren en initiatiefnemers. Specifiek vanuit dat belang: hoe zou je de spelregels en hoe zou je de rollen willen zien de komende periode en hoe moeten we dit verder uitwerken. We hebben 1 op 1 gesprekken met diverse overheden, daarnaast gelegen restgebied Alblasserwaard hebben we bijvoorbeeld gesproken. Vandaag bijeenkomst met de volksvertegenwoordigers en komende donderdag hebben we ook nog met de gemeenteambtenaren een vergelijkbare sessie. Zodat ook zij inhoudelijk helemaal bijgepraat zijn en hun inbreng kunnen leveren. Volgende alstublieft. Nou gaan we naar een stukje inhoud. Dat is de terugkoppeling van resultaten met betrekking tot restruimtes. En we hebben op het platform een enquête lopen, en die is door meer dan 1000 verschillende mensen ingevuld. En er blijkt dat er weinig kennis is van de concept RES van de Drechtsteden en dat bijna iedereen zegt: eerst zon op dak.

5

Nou, dat was al onze strategie. Daarnaast zijn nog 120 locaties geïdentificeerd waar mogelijk zon in restruimtes gerealiseerd kan worden. De volgende alstublieft. En wat mensen dan geschikt vinden is dat 70% zegt: zonnepanelen bij bedrijfsmatige of industriële gebouwen, locaties. Heel veel mensen gaan voor een dubbel ruimtegebruik, zoals zon boven parkeerplaatsen. 50% zegt: langs auto- en spoorwegen, langs de infrastructuur. Daar is vaak nog wel ruimte, dat is dan ook op geluidsschermen of in bermen. En je merkt dat er heel weinig animo is om zonnepanelen op agrarische percelen toe te staan. Dat is 1 op de 3. En relatief weinig bij recreatiegebieden of bij fiets- en wandelpaden. Ik zie een hand omhoog van Gertjan, is er een vraag over dit onderwerp. Nina, kan jij even schakelen? Ik kan niet iedereen het woord geven, want anders komen we ook niet door de tijd. Maar ik wou graag Gertjan het woord geven. Mevrouw …: Ja, Gertjan kan zijn microfoon nu van mute afhalen. De heer Kleinpaste: Ja, dat heb ik gedaan denk ik. Ja, ik wou een korte toelichting vragen over het feit, ik bedoel, ik begrijp dat je informatie ophaalt bij inwoners. Ik begrijp dat je informatie ophaalt bij lokale politici.

Maar wat is precies wat je hoopt op te halen bij ambtenaren die toch eigenlijk voor die twee doelgroepen hun activiteiten verrichten, maar die ik nog niet meteen kan plaatsen als afzonderlijke doelgroep. De voorzitter: Met ambtenaren hebben we gesprekken gevoerd over lokale kennis, wat speelt er al in de gemeente, welke plannen lopen er en welke stakeholders zijn belangrijk voor de drie zoekgebieden. Waar zijn restruimtes, dus met de ambtenaren heel veel op dat niveau kennis vanuit de gemeente, zorgen dat wij als ingenieursbureau ook op tempo zijn. En dat zelfde verhaal van als je gaat praten echt over de zoekgebieden zelf: wat zou je wel en wat zou je niet kunnen? Dan is het controlerend: zijn er dingen waar wij nog niet aan gedacht hebben? Dus het is ook op zo’n manier inhoudelijke controle: hebben wij voldoende breed de kennis geborgd? Dat is wat we met de ambtenaren doen. De heer Kleinpaste: Bedankt voor de toelichting. De voorzitter: Ja, dank je wel. Mag ik naar de volgende. Het woord restruimtes. Een van de dingen van restruimtes is dat het eigenlijk een niet goed grijpbaar begrip is. En wij hebben nu een werkdefinitie: restruimtes zijn gebieden waar de toevoeging van zonneenergie inpasbaar is en ondergeschikt is aan de bestaande structuur. En een tweede, dat de bestaande functie van het gebied niet belemmert.

En dat zijn vaak gebieden die zijn ontstaan door of een wettelijke beperking, je mag niet hoger bouwen dan, of je hebt een bepaalde schrikruimte nodig ten opzichte van iets. Of ruimte in planologie, er is veel ruimte gereserveerd voor een weg of een berm van een weg. Er is een kans voor dubbel ruimtegebruik of het is een ruimte die tijdelijk niet in gebruik is. Dit zijn de restruimtes waar wij aan denken. Volgende alstublieft. Wat wij in de tweede ronde hebben gedaan is op het platform deze kaart laten zien. Dit is natuurlijk nu een plaatje, maar het is een interactieve kaart waar je op de verschillende locaties die geïdentificeerd zijn door de burgers, en door de gemeenteambtenaren, kan je de locaties openen en vragen we de mensen: moeten we hier nou zonnepanelen doen, ja of nee? En heel belangrijk: waarom wel of waarom niet? En waar moeten we dan rekening mee houden als je het wel doet? Dat is dus proberen inhoudelijk argumenten te krijgen voor of tegen bij de verschillende locaties. En je ziet dat er veel verschillende kleurtjes zijn, dat zijn verschillende types locatie. Bijvoorbeeld langs infrastructuur is weer anders wanneer je een leeg stukje

6

groen hebt ergens. En op die manier proberen we op een relevante manier informatie vanuit onze burgers binnen te krijgen. En dat gaat op zich redelijk, we hebben nu 800 reacties op het platform door iets meer dan 125 personen. Dus er wordt door een aardige groep inhoudelijk ook echt meegedacht. Ik ga naar de volgende. Ja, we hadden gepland om dit eerste deel in 3 kwartier te doen. Maar we merken dat we er te snel doorheen zijn. Wij gaan nu voorbereidingen maken voor het omzetten van de plenaire vergadering naar verschillende deelgroepen. En dat doen we per gemeente. Dus Dordrecht apart, Hardinxveld apart en Sliedrecht apart. En dan gaan we spreken over de zoekgebieden. Voor Sliedrecht en voor Hardinxveld het zoekgebied A15, de resultaten van de eerste participatieronde laten wij zien en we geven ook een toelichting op, ja, de discussiebeelden voor de zoekgebieden die wij hebben. En daar vragen we u: wat vind je goed en wat vind je niet goed? En opnieuw het waarom. Dar is wat we proberen. We willen heel graag ook de meningsvorming krijgen. Wat is goed en wat is niet goed en waarom. En Nina is degene die voor ons de groepen klaarzet. Nina, hoe ver ben je? Mevrouw Nina Ja, de groepen die staan klaar, dus ik kan ze zo gaan indelen als jullie klaar zijn daarvoor. Er zijn een paar mensen die nog niet ingedeeld zijn, die blijven heel eventjes hangen en dan deel ik hun nog apart in.

De voorzitter: Oké, het is bij deze groepen zo, dat gaat automatisch gaan we naar deelgroepen. Wanneer we klaar zijn met de gesprekken, dan melden we dat ook weer zelf aan Nina en dan worden we teruggeroepen gezamenlijk. Dat gaat dus automatisch. Gewoon blijven hangen, dan gaat het als het goed is. We hebben de tijd tot kwart voor 10. Dus we hebben een uur en een kwartier voor gesprekken. Dat is ruim.

7

De voorzitter: In de gesprekken met de burgers als kans werden gezien om eventueel bijvoorbeeld zonnepanelen op aan te brengen. Daarnaast gaat ook de spoorlijn door het gebied tussen de A16. En ook als kenmerk, want in het gebied de A16 zelf, en ook daar liggen al zonnepanelen. Naast de waarde die we hebben opgehaald hebben we ook gekeken naar de aangrenzende regionale energiestrategieën en of daar mogelijkheden zijn om daar op aan te sluiten. En aan de andere kant ook belemmeringen die nu al inzichtelijk zijn in het gebied. Hier is een van de RES aan de onderkant met de windmolens. Hier is het belangrijk denk ik voor het zoekgebied voor de A16. De andere gebieden liggen hier, maar die bevinden zich bij de A15. En daar heb ik het niet vanavond met u over. Vervolgens hebben we gekeken naar de belemmeringen vanuit het natuurgebied. Hier de Biesbosch, daarnaast ook woningen en andere verblijfsobjecten. Dat zijn de paarse kleuren, die geven ook beperkingen. Maar ook de infrastructuur, waaronder de spoorlijn en de A16 zelf, daar zal ook rekening mee gehouden moeten worden als er wind of zon gerealiseerd wordt in het gebied. Specifiek voor zon zijn er aandachtspunten, waaronder buisleidingen die door het gebied hier heenlopen. Hier aangeduid met een rode stippeltjeslijn en de grijsblauwe markering eromheen.

Maar ook het natuurnetwerk Nederland, belangrijke verbindingszones voor dieren in het gebied. En dan gaan we nu door naar de scenario’s die we hebben ontwikkeld op basis van de waarden die de burgers hebben meegegeven. Sorry, we gaan eerst nog eventjes komen er wat voorbeelden ter inspiratie ook. Waarbij we hebben gekeken naar, nou ja, plaatjes die een indruk geven van wat uitersten zijn en wat je niet zou willen. Zoals hier een boerderij met windmolens erachter of een zwerm vogels waar ook windmolens staan. Waardoor natuurpartijen ook werd genoemd, afgelopen week, als belemmering. Maar daarnaast ook het effect van zonnepanelen in een open landschap, dat kan er op deze manier uit komen te zien. Maar ook de impact op de openheid in een gebied, als daar zonnepanelen worden geplaatst. Hier nog een voorbeeld, zodat u een idee krijgt wat het effect kan zijn van zonnepanelen in een open landschap. Of wind. Dit is een plaatje van de open polder. En wat gebeurt er als je daar windmolens in zou plaatsen. Als je daar verschillende windmolens zou plaatsen, dan kan je dit als beeld krijgen. Of als u ze in een rij plaatst, dan ziet het er al heel anders uit en behoud je misschien toch meer de openheid. Maar iedereen kijkt daar weer anders naar. Dus dan heb je de openheid versus openheid met windmolens. Dan gaan we nu verder naar de scenario’s.

En ik wil u vragen om weer naar www.menti.com te gaan. En dan kunt u de code invullen die bovenaan in de sheet staat. Ik zal hem ook even in de chat zetten. Ik zie nog een vraag of discussie en vragen zon en wind door elkaar of gesplitst zijn. Die zijn opgesplitst. Oké, dan gaan we nu naar het eerste scenario. Dat is een discussiebeeld, even voor de duidelijkheid. Dat is niet iets waarvan wij denken dat het zo moet gaan worden. In dit scenario hebben we met name gekeken naar aansluiten bij de zoekgebieden van de rest Hoeksche Waard. En vervolgens hebben we ook ingespeeld op de bestaande zonnevelden die er al zijn langs de energieboulevard A16. Koppelen aan de bestaande infrastructuur, waaronder de snelweg en het spoor. En door hierop te focussen blijft de open polder aan de andere zijde van de A16 open. Als je dan kijkt naar wat dit opbrengt, dan is dat bijna 40% van de totale ambitie die hiermee opgebracht wordt. Dan gaan we nu, o, ik zie nog een vraag. U mag uw microfoon opendoen en uw vraag stellen.

8

De heer Van der Meer: Ja, ik had een vraag over die ambitie. Er is zo straks onderscheid gemaakt tussen het bod en de ambitie. Ik begrijp dat dit over de ambitie gaat. En ik begrijp dus ook dat die ambitie van de Drechtsteden is opgesplitst naar ambities van de afzonderlijke gemeenten. En dat heb ik niet scherp voor ogen. Dus ik zou graag willen weten wat de ambitie van Dordrecht is, gewoon getalsmatig. De voorzitter: Ja, je mag hier even op reageren. De heer Reedijk: Volgens mij ook, er is geen onderscheid tussen ambities per gemeente. Dus wij hebben als Drechtsteden regio de complete energieregio hebben we die ambitie van 0,84 geformuleerd. En we hebben daar niet bij aangegeven dat een x percentage langs de A15 bijvoorbeeld moet worden gerealiseerd of langs de A16. We kijken gewoon regio-breed naar die 0,84 en maken daar geen onderscheid per gemeente. De heer Van der Meer Oké, dus dit gaat over het percentage van de ambitie. De heer Reedijk: Dit is het percentage van die totale 0,84 petajoule. Oftewel, zouden dit realiteit worden, dit discussiebeeld, dan heb je daarmee al 40% van die 0,84 Drechtsteden-breed te pakken. Dus dat zou een groot … De heer Van der Meer Naast de 0,66. De heer Reedijk: Naast de 0,66. 0,66 wordt gerealiseerd op daken en restruimte. En met de projecten die er al staan.

Dus ook de vier windmolens die in Dordrecht reeds staan, die mogen wij meetellen in dat bod. De heer Van der Meer Oké, bedankt. De heer Reedijk: Graag gedaan. De voorzitter: Ik zie nog een vraag in de chat of de mensen die aan het woord komen even hun naam en partij willen noemen. Dat is specifiek voor het verslag en de kijkers. De heer Oostenrijk: Ja, ik weet niet of ik aan de beurt ben, maar ik probeer het maar. Theo Oostenrijk, CDA Dordrecht. Is het eigenlijk niet onhandig om alleen maar een regionale ambitie te hebben? Want daarmee wordt het natuurlijk, dan wordt de ambitiegraad wordt natuurlijk wel erg zwak. Omdat in het kader van het halen van de ambitie wordt natuurlijk al snel gekeken van: wat doet de ander? Terwijl het veel belangrijker is van: wat is je eigen ambitie? Dat was ook een beetje door gekoppeld aan de vraag van Frans-Bauke van der Meer. Wat is nu de redenatie dat men blijft volstaan met een regionale ambitie, dit in tegenstelling bijvoorbeeld tot de woningambitie. Daar is ook een regionale ambitie voor, maar dan ook weer door gekoppeld naar elke gemeente zelf. Dus het zou voor mij vanzelfsprekender zijn geweest als dus er toch down vanuit de regionale ambitie ook een plaatselijke ambitie gevraagd zou worden. Ja? De heer Reedijk: Ja, de vraag was wel helder hoor. Joey Reedijk, programmamanager van de energietransitie in de regio Drechtsteden.

Theo, ik ga even wat langer de tijd nemen om daar reactie op te geven. En ik ga denk ik ook na mijn reactie nog even het woord geven aan Joost Leemans, de opgavemanager vanuit de gemeente Dordrecht, om

9

daarop aan te vullen. Maar om even te beginnen van: waarom nou zo’n regionale ambitie? Want je kunt toch veel beter kijken van: wat doet de ander? In principe doen we dat ook. Alleen dat spel wordt nu op regionaal niveau gespeeld. Dus nu is Nederland opgedeeld in 30 energieregio’s. Iedere energieregio levert zijn energiestrategie in. En iedere regio geeft daarmee aan welk aandeel van de landelijke opgave. Excuses, er kwam even een telefoontje tussendoor, zij pakken. En waarom dan niet gemeentelijk alsnog ook daar verder op kijken? Dat staat natuurlijk een gemeente vrij om dat te doen. En dat kan zeker ook met dat zon op dak en die zon in restruimte kunt je daar op doorpakken, met name die zon op dak. En daar kan je eigen beleid op insteken om dat dus te stimuleren. Maar we kijken juist op deze manier en in deze zoekgebieden, omdat er veel factoren bij komen kijken die opwekken op een bepaalde plek zinvoller maken dan op andere. Dus we hebben ook in aanloop naar die concept RES bij die formulering van die zoekgebieden ook bijvoorbeeld gekeken naar het energiesysteem van Stedin. Van: waar is er ruimte op het systeem? We hebben ook met u al eerste gesprekken gevoerd, ook in Alblasserdam zaten we toen bij elkaar. En daar kwam bijvoorbeeld van: we vinden het toch over het algemeen prettiger om grootschalige energie opwek langs infrastructuur te plaatsen.

En zo nog een hele rits uiteindelijk. Dat maakt dat we op deze plekken zijn gekomen en dat maakt dat je op deze manier dus op regionale schaal te kijken, die opwek ook met de laagst mogelijke maatschappelijke kosten kunt realiseren. Als je nu het spel gaat spelen om ook per gemeente zo’n ambitie te formuleren, ja, dan ga je weer los van die dingen waar we juist ook intelligent naar hebben proberen te kijken. Omdat je hem dan toch weer gaat versnipperen, mogelijk. Dus vandaar dat het niet de voorkeur heeft om daar ook nog met die gemeentelijke ambities, om hem daar nog verder in op te knippen. Omdat je dan gewoon qua energie efficiëntie, en dat efficiënte energiesysteem onder andere gewoon suboptimaal uit gaat komen. Maar ik heb goede hoop dat Joost Leemans daar ook nog wat zinnige dingen over kan aanvullen. De heer Leemans: Ja, kleine aanvulling van mijn kant. We waren in Dordt natuurlijk wel iets op de troepen vooruit toen we het opgave plan duurzame stad met elkaar hebben vastgesteld. Waarin al een ambitie zit op de duurzame opwek van, ik moet het even goed zeggen, ik dacht 0,4 petajoule wat we als ambitie hebben gesteld. Daar zitten de huidige windmolens en de huidige zonneparken al in, maar daar zit ook het zonoffensief in. Nou, daar komt binnenkort nog een voorstel bij jullie voor langs. Dus er lag al een lokale ambitie die prima past in deze regionale ambitie.

Of tenminste, bij het regionale bod. En de ambitie die erop komt. En wij zullen voor de komende periode gaan kijken van: wat is er dan nodig om die aanvullende ambitie vanuit de regio vorm te geven? En dat doen we bijvoorbeeld in deze gebiedsverkenning. Dat was hem. De heer Reedijk: Is jouw vraag hiermee voldoende beantwoordt? De heer Oostenrijk: Nou ja, ik twijfel erg. Maar misschien moeten we straks even de discussie maar verder afwachten hoe het loopt. Want kijk, die deelgebieden die snap ik wel. Als het gaat om de A16, dan snap ik dat het gaat vanaf de Drecht naar de Moerdijkbrug. Want dat is in feite natuurlijk het tracé. En de bewegingsvrijheid binnen die sector, die is laag. Daarom had ik ook al gedacht van: jongens, die heb ik gewoon nog niet zien langskomen. Als je nu die portalen boven de A16 plaatst met hele series zonnepanelen op het zuiden gericht, want het aardige van de A16 is dat die noord-zuid loopt. Nou ja, dan zeg ik van: nou, dat soort suggesties, dat zou op zijn minst het

10

onderzoeken waard zijn of dat zinnig is, of dat in de kostensfeer onzinnig is of niet. Dus ik zit zo praktisch in elkaar, dus dan moet je dus inderdaad op dat tracé moet je kijken wat kan. En dan zeg ik van: ja, dat noem ik nou typisch Dordts. De heer Reedijk: Vanavond krijg je ruimschoots de gelegenheid, Theo, om dat soort punten mee te geven. Dus wat wij gaan proberen is om dit soort uitspraken, om daar die criteria en uitgangspunten uit te destilleren. Om te kijken van: wat vind je nu belangrijk? En ook in jouw suggestie nu hoor ik van: joh, maak zo veel mogelijk dubbel gebruik van een bepaalde infrastructuur. Die A16 die ligt er toch al, daar kunnen we toch al niks meer mee. Probeer dan daar ook zo veel mogelijk dubbel ruimtegebruik toe te passen. Maar dat gaan we vanavond aan de hand van verschillende van die discussiebeelden gaan we dat soort dingen met jullie proberen te bespreken. En die discussiebeelden zijn dus niet bedoeld als serieus in de eerste fase, maar die zijn echt alleen maar bedoeld om met jullie het gesprek aan te kunnen gaan en te kijken van: wat vind je hier nu goed, wat is er nu minder goed? En op basis daarvan kunnen wij die criteria en die uitgangspunten, tenminste, de mensen van Royal Gaskoning die zijn daar nog kundiger in, die kunnen dat daaruit destilleren.

Zodat wij in een volgende participatieronde wat serieuzere voorbeelden voor kunnen gaan leggen. En we hadden net de wonderlijke situatie dat onze gastvrouw Elien een stroomstoring had en eruit was geknald, maar daar hebben jullie niks van gemerkt. Dus dat gaat perfect en dan kunnen we nu gewoon weer door met het gesprek. Want Elien, jij bent weer terug toch als het goed is? De voorzitter: Ja, ik ben weer terug, Joey. Heel erg bedankt dat je het ongemerkt over hebt genomen, heel fijn. Nou, als dit de reacties zijn van wat is niet goed en waarom, dan wil ik nu doorgaan met: wat vinden jullie wel goed aan dit scenario? Zo veel mogelijk zon eigenlijk langs die bestaande infrastructuur. De heer Jansen: Er wordt verder dus niet ingegaan op de reacties die we net gegeven hebben? Want ik had nog een vraag gesteld en voor de rest nog niemand. De voorzitter: Nou, dan lijkt het me goed om even terug te gaan. Dat kan. De heer Jansen Nou ik toch aan het woord ben. Mijn vraag was eigenlijk in dit scenario, dit scenario 1, zie ik staan drie windmolens. De totale ambitie. Ik had eigenlijk de vraag: waarom is er gekozen voor drie windmolens? Zouden er meer windmolens kunnen in het scenario en waarom zou dat niet kunnen, als het antwoord nee is.

Of kunnen er grote windmolens en kan daar een hoger percentage van de ambitie gerealiseerd worden? Is dit het maximale wat uit dit scenario te halen is, die 40%? De voorzitter: Nou, dat denk ik niet. Want dit zijn gewoon discussiebeelden. Hier is gekeken voor een combinatie. Maar er is waarschijnlijk wel rekening mee gehouden met de belemmeringen in het gebied. En ik kan me zo voorstellen dat in dit scenario 3 waarschijnlijk dit gaat uit van drie windmolens van 200 meter hoog. Dat er niet heel veel meer mogelijk is in dit gebied. Ook omdat er in de toekomst ook nog uitbreiding van het bedrijventerrein is voorzien kan ik me zo voorstellen dat er niet heel veel meer windmolens kunnen. Maar als u ons wil meegeven van: ik zou liever meer en grotere molens willen zien. Dan is er straks nog de mogelijkheid om dat aan te geven in naam, wat vindt u goed, daar kunt u die opmerking dan over kwijt. Want dit is ook bedoeld om juist op te zoeken: waar zit de ruimte in die scenario’s?

11

De heer Jansen Oké, dank u wel. De voorzitter: Is er nog iemand anders die graag hier gezamenlijk een van de reacties wil bespreken? De heer Kleinpaste: Nou, ik wilde eigenlijk nog een vraag stellen. Dat heb ik al een paar keer gevraagd. De voorzitter: Dat is goed. De heer Kleinpaste: Oké, Gert-Jan Kleinpaste, Gewoon Dordt. Mijn vraag is, we hebben het wel over de drie windmolens. Maar hebben we ook naar andere vormen van windenergie gekeken? Als daar zijn kunstmatige bomen in middenbermen of wokkels op iedere pilaar van het geluidsscherm, of dat soort opties. De voorzitter: Nee, die zijn niet meegenomen in deze denkrichtingen. Die zijn uitgewerkt in scenario’s. De heer Kleinpaste: En waarom niet? De voorzitter: Dat is een goede vraag, waarom niet. Ik kan me zo voorstellen dat die, we hebben specifiek gekeken naar grote windmolens, omdat die veel opbrengen. En ik weet niet wat de opbrengst is van wokkels, zoals u ze noemt, of andere mogelijkheden om wind op te wekken. De heer Kleinpaste: Ja, ik weet dat in abstracte getallen ook niet, want die getallen zeggen me sowieso nooit wat. Maar ik weet wel dat zon en wind never nooit in de buurt gaat komen van wat we nodig hebben. Dus we moeten alles weghalen. De voorzitter: Sorry, kunt u zich nog een keer herhalen? De heer Kleinpaste: Ik zei: ik weet de opbrengst in de abstracte getallen ook niet, ik ben geen ingenieur ofzo.

Maar ik weet wel dat we alles uit de kast moeten halen om de buurt te komen van wat je qua energiebehoefte nodig hebt. De voorzitter: Betekent dat dat u bedoelt van: alles wat er maar mogelijk is inzetten. De heer Kleinpaste: Meerdere technieken dan alleen maar de grote windmolens, denk ik. Ik bedoel, ik was ook een van degenen die kernenergie intypten, want we gaan er never nooit komen op deze manier. De heer Leemans: Mag ik hier vanuit Dordt een kleine aanvulling op geven? De voorzitter: Ja, meneer Leemans. De heer Leemans: Yes. Nou, we kijken natuurlijk naar verschillende opwekscenario’s. Maar voor dit verhaal gaat het echt om grootschalige opwek. En als je kijkt naar grootschalige opwek, dan is dat op dit moment gewoon zon en wind. Dus die opties worden nu in deze gebiedsverkenning meegenomen. Uiteraard kijken we verder wel hoe we op slimme manieren andere vormen van opwekken ook kunnen integreren in ons

12

hele energiebeleid. En innovatie gaat snel, maar als het echt gaat om grootschalige opwek is zon en wind op dit moment nog leidend. En daarnaast kijken we naast ons eigen regionale beleid kijken we natuurlijk ook nog wat het Rijk gaat doen, bijvoorbeeld met wind op zee et cetera. De voorzitter: Ik heb ook nog een vraag over de opmerking: windmolens passen niet op ons eiland. Dan vraag ik me even af: wat wordt daarmee bedoeld? Wat past niet? Waarom past wind niet op het eiland, waarom het daar een vraag is dat het ook kader stellend kan zijn of van invloed kan zijn op de criteria die we nog moeten opstellen. Wie van u zou daarop kunnen reageren? Ik zie een handje van meneer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, dat was al een oud handje, maar ik wil daar graag even gebruik van maken nu. Ik denk dat er op zichzelf allerlei nadelen zijn aan alle opties die je kunt bedenken. Ik denk dat het heel erg belangrijk is om gewoon de ambitie te realiseren. En dat betekent dus dat je wel degelijk ook het alternatief van meer windmolens op het eiland van Dordt in de beschouwing zult moeten betrekken. Als we de ambitie op een andere manier waar kunnen maken, prima. Maar anders is het je kop in het zand steken in mijn ogen, om het niet te doen. En technisch gezien is er gewoon ruimte om hier windmolens te plaatsen. De voorzitter: Even kijken. Dank u wel voor uw inbreng.

Ik zie meneer Noldus. De heer Noldus: Ja, dank u wel. Robin Noldus, Dordtse VVD. Ik weet niet meer zeker of ik precies die letterlijke tekst heb ingetypt, maar iets in die trend zou zomaar van mijn vinger kunnen komen. En goed, ik zag het ergens anders voorbij komen, sowieso is het een coalitieakkoord. Afgesproken geen ruimte te geven aan extra windturbines op dit eiland. En daarbij ben ik van mening dat de windturbines bepaalde landschappen goed zouden passen, maar dan denken we vooral aan zee of wat door de Rijk verstrekte gebieden in andere delen van het land. Laten we daar niet de schaarse ruimte in de randstad mee vervuilen, en zeker niet op ons eiland. De voorzitter: Dus u ziet het als inbreuk op het landschap. De heer Noldus: Jazeker. En volgens mij zijn er genoeg regio’s, en dat blijkt ook wel uit het hogere bod dan oorspronkelijk was voorzien, genoeg regio’s die hierop wel willen investeren. En boeren in andere delen van het land die hier heel erg nieuwe toepassing zien voor het behouden van hun grond en het effectief houden van hun eigen bedrijfsvoering. Dus moeten we daar gewoon de kans laten waar die ligt. De voorzitter: En in dit scenario gaat het over wind langs bestaande infrastructuur. Geldt die opmerking daar ook voor? De heer Noldus: Ja, mijn vraag gaat over wind op het volstrekte eiland van Dordrecht.

En eigenlijk breder dan dat in de hele regio of randsteden, zou ik willen zeggen. De voorzitter: Oké, dank u wel. Even kijken. Dan zie ik volgens mij mevrouw KleinHendriks, die een vraag of een opmerking heeft.

13

Mevrouw Klein-Hendriks: Ja, een vraag inderdaad. Mijn vraag zou zijn, ik heb begrepen dat 40% gewoon opgewekt kan worden aan de westzijde van de A16. Ik vroeg me wel af, er is aangegeven dat er 43 hectare zonneweides zouden moeten komen en drie windmolens. Wat is de relatieve bijdrage in de energieopwekking van beide? Dus wat doet 42 hectare of 43 hectare zon en wat doen dan die drie windmolens van 200 meter hoog? De voorzitter: Ik zit even te kijken. O, dat stond net in het overzicht, hè. Even kijken of ik nog terug kan. Ja, hier. Ja, dat kan ik hier inderdaad niet zomaar uithalen. De heer Reedijk: Ik zal het even nazoeken en ik gooi het zo meteen even in de chat het antwoord. De voorzitter: Ja, want dat is wel eruit te zoeken. Een goede vraag. Even kijken, ik zie nog twee vragen. Meneer of mevrouw Schalken. De heer Schalken: Ja, David Schalken, fractie Beter voor Dordt. Nou ja, ik kan eigenlijk aansluiten bij wat meneer Noldus van de VVD aangaf, met betrekking tot de bezwaren op de extra windturbines op ons eiland. Dus dat kan ik eigenlijk alleen maar onderschrijven, die bezwaren die we daar zien. De voorzitter: Oké. Dan zie ik nog een handje van meneer of mevrouw Soy. De heer Soy: Ja, dat klopt. Mijn collega die is mij net voor geweest, ik had zijn handje niet gezien.

Maar ik sluit me aan bij de vorige twee sprekers met een algemene vraag: hoe gaan jullie om met de politieke gevoeligheid van een dergelijk onderwerp? Nu is dit bijvoorbeeld al een keer in de Dordtse gemeenteraad besproken, er is een coalitieakkoord. 4 en eventueel een max 5. En die max 5 hebben we inmiddels bereikt. Zelfs die vijfde gaf heel veel discussie, waarom wij als fractie Beter voor Dordt tegen die vijfde hebben gestemd. Ja, meer dan vijf zit er nu zeg maar qua politiek draagvlak niet in. Hoe gaan jullie daarmee om? Want nu wordt het vanuit de regio ingevuld, terwijl er op lokaal niveau eigenlijk op dit sub gedeelte, wat betreft windturbines, al een politieke discussie is geweest. De voorzitter: Ten aanzien van deze discussie bekijken wij zeg maar de mogelijkheden en de ruimte die er eventueel is. En bij ons is bekend dat voor het gebied van de A16 zeg maar er vanuit de politiek geen draagvlak is voor wind. Dus dat zal denk ik op het moment in een vervolg zeg maar ook duidelijk naar voren komen dat er geen draagvlak is voor wind. Maar dat betekent niet dat er op de lange termijn dat dat zo zal blijven. Daar kan best een moment komen dat er wel draagvlak is voor wind. Maar op dit moment niet.

En waar wij aan werken is vooral de spelregels, eigenlijk spelregels komen, criteria komen, die zeg maar wind of zonnepanelen ontwikkelen in een deel van het gebied mogelijk maken. En dat betekent dan niet dat het ook gerealiseerd gaat worden. Ik zie nog een heleboel handjes. De heer Reedijk: Elien, misschien even om daar op aan te vullen. Nogmaals, Joey Reedijk. Kijk, waar wij naar op zoek zijn, dat zijn die uitgangspunten en die criteria. Dus als u aangeeft dat u geen mogelijkheden ziet voor wind, dan zouden wij ook ten behoeve van die RES 1.0 graag horen waarom. Dus wat zijn de redenen voor u? Wat zijn voor u de

14

uitgangspunten? En dat kan te maken hebben met dat u het groen wat het eiland nog heeft graag wil behouden. En dat u daar geen concessies op wil doen. Dat u recreatiemogelijkheden wil beschermen, et cetera. Dus daar zijn wij vooral naar op zoek. Wat zijn dan die criteria die u stelt waardoor u geen ruimte ziet voor degene die dat standpunt uiteraard delen. Degenen die een ander standpunt hebben, daar zijn we dan graag benieuwd onder welke uitgangspunten dat dan wel kan. Dat is vooral het gesprek van vandaag. En wij zijn ons zeer bewust van alle beleidskaders en andere type kaders die er al bestaan op het eiland van Dordrecht. En daar doen wij ook geen afbreuk aan. Maar wij zijn voor nu vooral op zoek naar die criteria, uitgangspunten, waaronder grootschalige energie wel dan wel niet plaats kan vinden. De voorzitter: Wat mij ook opvalt, ik zie ook best een aantal mensen die ook de opmerking hebben gemaakt: meer integratie met andere bouw. Wat wordt daarmee bedoeld? Wie zou dat kunnen toelichten? Als u het kunt toelichten, zou u dan de microfoon open kunnen stellen? Want ik zie nu vier handjes nog. De heer Loekemeijer: Ik kan dat wel even toelichten. De voorzitter: Graag. De heer Loekemeijer: Ik denk dat als je het met een bepaald bouwproject of zo kan combineren, bedrijfsgebouwen maken en daar een soort geïntegreerde zonopwekking of windturbines.

Ook dat kan op daken van hoge gebouwen en dergelijke. Ja, dat je daarmee ruimte kan besparen en twee vliegen in een klap kan bereiken. Maar ja, dan moet je natuurlijk wel anders over bouwen gaan denken, anders over de functie van een gebouw. Want nu wordt er heel erg los gedacht over: we hebben allerlei dingen die we willen. We moeten in een industriegebied komen en distributiecentra. En er moeten daarnaast ook nog zonnepanelen komen. Maar je zou ook een heel distributiecentrum ook volledig kunnen bedekken met zonnepanelen. Ik noem maar wat, bijvoorbeeld. Waardoor je waarschijnlijk weer veel meer mogelijkheden krijgt. Maar dan moet je er wel anders over gaan denken. De voorzitter: Dus dan combineer je eigenlijk verschillende functies met elkaar De heer Loekemeijer: Precies, ja. Ja, dat kan natuurlijk met meerdere dingen. Het gaat nu heel erg bijvoorbeeld over geluidsschermen. Er zijn al gebouwen zeg maar, gewoon woningen, die ook gelijk een geluidsschermfunctie hebben. En die zouden dan ook nog meteen zonne-energie op kunnen wekken. Alleen dan moet je er wel over nadenken dat je dan een gevel helemaal geluidsdicht maakt. Nou ja, et cetera. Maar als je de gebouwen integreert, en dat is al overal in de wereld al veel gedaan, dan kan je functies combineren, waardoor je ineens heel veel ruimte gaat besparen. Omdat zo’n gebouw heel veel functies tegelijkertijd heeft.

En die integratie, waarom dat zo vaak voorkomt, dat was omdat mijn app het niet goed deed. Dus ik dacht dat die het elke keer niet deed, maar elke keer probeerde ik het weer en liep die weer vast. Maar hij deed het dus wel. Dus excuus daarvoor. De voorzitter: Nou, het is in ieder geval goed op de agenda gekomen zo. Omwille van de tijd wil ik toch nog even doorgaan, ook omdat ik denk dat er een aantal discussiepunten gewoon terugkomen, ook in de andere scenario’s. En ik zou het jammer vinden als we

15

niet alles kunnen doorlopen. Want het is ook voor ons belangrijk dat we uw inbreng goed kunnen ophalen in deze bijeenkomst. Nou ja, de andere kant van: wat vindt u goed aan het scenario? Waarbij we vooral kijken naar duurzame energie opwek langs de bestaande infrastructuur. En aan de andere kant het polderlandschap open houden. De heer Loekemeijer: Ja, ik had gevraagd of dat beeld nog een keer in beeld kan komen zeg maar, naast de drie windturbines wat hadden jullie nog meer in kaart gebracht? De voorzitter: Ja, ik zal even teruggaan. U bedoelt dit plaatje? De heer Loekemeijer: Ja, klopt. Want er staan drie windturbines ingetekend. De voorzitter: Hier staan inderdaad drie windturbines in. En dan gaat het met name om de zonnepanelen langs echt de A16 en het spoor, en ook nog hier eigenlijk in het zuidelijke deel ook eigenlijk waar de twee sporen samenkomen. De heer Loekemeijer: Ja, duidelijk. De voorzitter: Ik zie dat een aantal mensen van u nog een handje op heeft staan. Als dat handje niet meer aan de orde is, dan wil ik u vragen of u hem uit wil doen. En anders mag u hem nog aan laten staan, als u een vraag heeft. Ik zie nog een handje overblijven. Dat is van Gert-Jan. Gert-Jan, je mag je microfoon openzetten. De heer Kleinpaste: Oké, die staat nu open. Ja, het handje is al een hele tijd geleden aangezet.

Ik had ook in de chat gevraagd of ik een vraag mocht stellen aan mijn collega’s Soy en Noldus. Want ik zou van hen heel graag willen weten, ik bedoel, ik ken ook het coalitieakkoord waar ze naar verwijzen. Maar dat coalitieakkoord is niet bedoeld om de ambitie dood te slaan. Dus ik ben benieuwd naar hun voortschrijdend inzicht op dit punt. Dus dat is een vraag aan beide heren. De heer Soy: Ja, ik weet niet of het nu de bedoeling is dat we een discussie gaan voeren. Maar dan zou ik de bal wel willen terugkaatsen. Want Gewoon Dordt heeft zelf ook de vijfde windturbine gestemd. De voorzitter: O, de verbinding is slecht. De heer Noldus: Als ik daar nog op mag aanvullen. Maar ik weet niet of nu de gelegenheid is om heel erg de discussie in te gaan, dat doen we later graag nog, GertJan, meneer Kleinpaste moet ik misschien zeggen. Kijk, ik denk dat er op een aantal plekken heel veel ruimte is. Bij ons ligt de focus echt op daken en zo meteen komt als het goed is in het scherm als ik klaar ben met typen, laten we vooral kijken naar de daken van het Dordtse Q4 et cetera. En eerder bij de concept RES heb ik ook hard gemaakt volgens mij ook samen met Julian om ook vooral een stuk van de regie meer bij landelijk neer te leggen, om juist ontwikkelingen als een kerncentrale te onderzoeken en grootschalig en mogelijk te gaan maken.

Dat dat veel meer invulling gaat geven dan nu het hele volplannen van het landschap. Een opmerking die daarover in het begin gemaakt is neem ik dan ter harte, dat het dan misschien ietsje langer duurt. Maar laten we het dan beter gelijk goed doen en een serieuze invulling geven, in plaats van alleen op korte termijn een doelstelling willen halen.

16

De voorzitter: Oké, ik zie nog een handje van meneer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, ik wou daar ook nog even op reageren. Kijk, er zijn een heleboel alternatieven. En ik zei het net ook al: die hebben allemaal voor- en nadelen op zichzelf. En ik vind het ook niet aantrekkelijk dat er meer windmolens bijkomen en meer zonnepanelen in het buitengebied. Als we dat kunnen vermijden, prima. Maar om nou te zeggen van: ja, dat is tegen het coalitieakkoord, dus dat doen we niet. Dan vind ik wel dat als je jezelf serieus neemt daar alternatieven moet aangeven. Het is voor mij bijvoorbeeld echt onduidelijk hoeveel we kunnen realiseren met zon in restruimtes. Dat zou ik graag helder willen hebben om de andere scenario’s goed te kunnen beoordelen. En ik denk dat het heel problematisch is als je een echte ambitie hebt om iets met die energietransitie te doen, om geïsoleerd van allerlei mogelijke oplossingen te zeggen: daar zijn we voor of daar zijn we tegen. Als je niet tegelijkertijd een verhaal over het alternatief hebt. De voorzitter: Oké, dank u wel. Joey. De heer Reedijk: Elien, als ik daarop mag reageren. Nogmaals, Joey Reedijk. Wat belangrijk is met betrekking tot deze opmerking, dat is even gewoon heel praktisch in de concept RES. Dat zal ik dadelijk ook nog even opsnorren, daar hebben wij inzicht gegeven in de potentie van de restruimte en de daken in de Drechtsteden.

Dus wij hebben daar op basis van analyses wel inzichtelijk gemaakt wat de potentie is van daken. Al kun je dat niet met volledige zekerheid zeggen, omdat we hebben geen 100% zicht op de constructie van de daken. Dus weten wel het oppervlak, maar we weten dan niet of een dak niet in elkaar lazert, even plat gezegd. Dat zelfde hebben wij gedaan met betrekking tot de restruimte. Het belangrijkste punt is dat we zaken wel parallel op moeten pakken. Want het kost gewoon tijd om alle geschikte daken in de Drechtsteden vol te leggen met zonnepanelen. Dat is nog een stukje complexer dan het lijkt, het is niet zo eenvoudig dat je het lief vraagt en dat iedereen het direct doet. Daar zitten verschillende overwegingen achter. En een belangrijk knelpunt daarin is het elektriciteitsnet van onze netbeheerder Stedin. Dus ook het elektriciteitsnet van Stedin zal op een gegeven moment op verschillende plekken moeten worden verzwaard om al die elektriciteit ook kwijt te kunnen. Nou, lang verhaal kort, zouden wij enkel aan de slag gaan met zon in restruimte en zon op daken, dan zal het dus niet enorm vlot gaan. Dan moet je eigenlijk gelijktijdig al beginnen met grootschalige opwek in de zoekgebieden. Anders gezegd: dat zou eeuwig zonde zijn als je eerst aan de slag gaat met zon op daken en zon in restruimte. En dan pas als dat afgerond is aan de slag met die grootschalige.

Dus het is wel een verhaal van parallel, dus ik snap uw punt en dat u het tegen elkaar af wil wegen. Maar eigenlijk moet je en/en doen, mits, en dat is wel belangrijk natuurlijk, mits je die ambitie in wil vullen. Als u aangeeft: die ambitie die laten we voor wat het is, we houden het bij het bod. Dan kunt u enkel aan de slag met zon op daken en in restruimte. De voorzitter: Oké, dank je wel Joey voor deze toelichting nog. Even kijken, ik stel dan toch voor om door te gaan naar het volgende scenario. Dit scenario is juist gekeken naar een nieuw energielandschap wat samengaat met nieuwe wandelroutes, nieuwe natuur. En waar zon ingepast is tussen bosschages. En het is puur een denkrichting, niet zoals het een werkelijk plan is. En de opbrengst als je kijkt naar zon en wind hier, als je dit zou benutten, dat is iets meer dan 70% van de ambitie kom je dan op. En ook voor dit

17

scenario aan u de vraag: wat vindt u ervan? Wat vindt u aan dit scenario goed en wat vindt u aan dit scenario niet goed? We beginnen me eerst de negatieve punten. Wat zijn elementen in dit scenario waarvan u zegt: nou, dat hoeft er echt niet in terug te komen. Ik zie als eerste reactie niet bespreekbaar. Ik zou dan ook graag daarbij willen horen waarom is het niet bespreekbaar. Zodat het duidelijk is wat de argumenten zijn waarom dit niet bespreekbaar is. Want dat maakt ook dat we de criteria scherp kunnen stellen. Oké, ik zie hier weer dat de reactie met name gaat om de windturbines. Ik ben dan ook benieuwd naar de zonneweides. Leef en rustgebied van veel dieren en vogels. In de eerdere bijeenkomst hebben we ook gehoord dat door daar eventueel zonneweides te maken creëer je ook een rustgebied waar wellicht de biodiversiteit kan toenemen of er meer rust is voor de omgeving. Met name het is een aantasting van het landschap. Ook een suggestie van liever meer windmolens langs de A16 en het spoor dan aantasting van de Biesbosch. De Biesbosch wordt als waardevol landschap beschouwd. De natuur in dit scenario is inderdaad ook onderdeel van de landschappelijke inpassing van de zonneweides. Ik zie nog steeds een handje bij meneer Van der Meer. Heeft u nog een vraag of een opmerking? De heer Van der Meer: Nee, sorry, dat had ik laten staan. De voorzitter: Oké.

Ik zie ook de opmerking: zonneweides in het buitengebied zijn zeer ongewenst. Dan denk ik dat dat samenhangt met de eerdere opmerking over de beleving en aantasting van de landschappen. Mocht dat niet zo zijn, zou iemand van u dat kunnen toelichten? Nou, ik heb de indruk dat u allemaal redelijk op dezelfde lijn zit, dat windmolens eigenlijk niet wenselijk zijn in dit gebied. En zonneweides eigenlijk ook niet wenselijk zijn in het gedeelte aan de oostkant van de A16, grenzend aan de Biesbosch. Dan zeg ik: dan gaan we door naar de volgende vraag. Volgens mij is het wel duidelijk dat dit niet voor u een optie is. Zijn er elementen aan dit scenario waarvan u zegt: dit vind ik toch wel aardig. Ik zie een vraag. Mevrouw Elien: Wat ik even aan het zoeken ben is aan de ene kant aan de oostkant zijn windturbines langs infrastructuur, en aan de westzijde dus eigenlijk ook. Klopt dat of is het toch veel meer het landschap ingetrokken richting het oosten? Dus in hoeverre kan je hier nog praten van dat het dicht bij de bestaande infrastructuur ligt? De voorzitter: Nou, dat is hier niet zo als in het vorige scenario. In het vorige scenario is echt gekeken naar de A16, dus langs die lijn ook de windturbines opstellen. En hier is dus meer de dijk zeg maar die daar ligt, de hoge dijk. En juist in lijn met de dijk de windmolens.

Als er geen positieve punten te bedenken zijn, dan hoeft u ook niet perse te reageren. Als het te lang duurt, dan schakelen we anders zo door naar het volgende scenario. We hebben in de scenario’s af en toe ook echt wel de extremen proberen op te zoeken, om ook te kijken: waar ligt de bandbreedte? Nou, ik stel voor om door te gaan naar het volgende scenario. Nou, in dit scenario denk ik dat er nog meer reacties komen op wat u niet goed vindt, want hier is helemaal veel windturbines geplaatst in verschillende lijnopstellingen. Waarbij je wel behoudt ook van de bestaande agrarische functie in het gebied, maar wel gezocht is naar het maximaliseren van de opbrengst om de ambitie te halen. En om dat te halen heb je dus best wat windmolens nodig in het gebied. Toch stel ik de vraag van: wat vindt u niet goed hieraan en waarom? Zodat we ook uw reactie in Menti kunnen vangen bij dit scenario. Waarschijnlijk kunnen we hier heel snel doorheen gaan. Ik zie een opmerking van wijze van opstelling is rommelig.

18

Betekent dat dan dat het aantal windmolens, of stel dat je het in een andere formatie zou opstellen, dat het dan betekent dat het dan wel mogelijk is? Ik weet niet of iemand daar op wil reageren. Mevrouw Klein-Hendriks: Ik wil daar best wel op reageren. Op mij komt het rommelig over inderdaad. En een andere formatie, dat is een betere term. Opstelling, ja, zou misschien anders overkomen. Maar zo weet ik niet, zie je door de windmolens Dordrecht niet meer. De voorzitter: Oké, duidelijk. Ik zie meneer of mevrouw Schalken. De heer Schalken: Ja, David Schalken van Beter voor Dordt nogmaals. Ik had eerder al in de chat aangegeven bij wind opwekken beperken we ons nu alleen maar tot de grote windturbines. Er is al een paar jaar geleden daar op gezocht en ik heb het nu net ook in de chat gegeven naar andere mogelijkheden die er zijn om wind op te wekken. Dat is zo’n intree locksysteem van Sharewind. Je kunt dat op internet kun je dat vinden. Dat ziet eruit als een, ja, dat kun je in alle vormen kun je dat gieten, in torens en veel minder opvallende vormen voor de omgeving. En ik ben wel eens benieuwd of ook te bekijken is of dat ook wellicht een alternatief zou zijn. Niet zo zeer wat ons betreft in het gebied aan de oostkant van de A16. Maar wellicht is het wel in te passen bij bijvoorbeeld de verdere ontwikkeling van het District-park.

De voorzitter: Joey, ik zie dat jij hierop wil reageren. Klopt dat? De heer Reedijk: Ja, klopt. Even in reactie op meneer Schalken inderdaad. We kijken wel naar die andere typen van windenergieopwekking, maar dat zal dan over het algemeen zal dat in combinatie zijn mogelijk met bedrijventerreinen, maar ook bijvoorbeeld met boerenbedrijven. Dus het is wel iets waar we naar kijken, maar het is niet iets wat een gigantische bijdrage zal leveren. Want gewoon kleinere molens wekken minder op. Des te groter de molen, des te meer opwek. Dus het is wel iets waar naar gekeken wordt, maar dan meer in combinatie dus met wat ik aangeef met bedrijven of boerenbedrijven. De heer Schalken: Maar toch om daar dadelijk met de tijd een afweging in te kunnen maken zou ik wel graag zicht op willen krijgen wat dat wellicht wel zou kunnen bijdragen. En ook het feit dat er partijen op het District-park of daar in de buurt gaat ontwikkelen, wellicht dat mee kunnen nemen in de ontwikkeling van hun bedrijf. Om daarmee ook een bijdrage te leveren. Dus ik zou dit wel graag meegenomen willen zien of uitgewerkt willen zien. De heer Reedijk: Dat is mogelijk. De heer Schalken: Oké, dank je wel. De voorzitter: Ik zie in de chat nog een vraag. Klopt het dat dan ongeveer de ambitie haalbaar is voor Dordrecht met deze opstelling? Nou, wel een heel groot deel.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/251/documents/8193