CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.6 2025.09.16 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 3 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 14 oktober 2025, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 23 september 2025 en de Dordtse Dinsdag van 9 en 16 september 2025 Vergaderzalen 1, 3 en 526.274 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE GEMEENTE DORDRECHT DORDTSE DINSDAG D.D. 16 SEPTEMBER 2025 Vergaderzaal 3 1. Presidium 2. Agendacommissie 3. Invoeren nul-emissiezone stadslogistiek binnenstad Dordrecht per 1-7-2026 – Raadsvoorstel Voorzitter: Mevrouw Van Vugt-Roose Raadsgriffier: Mevrouw Vermeulen Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Van den Berg (CDA) Dhr. Bootsman (GroenLinks) Mevr. Van Engelen (GroenLinks) Dhr. Gorter (Op Ons Eiland) Dhr. Hartmeijer (SP) Dhr. Kuhlmann (VVD) Mevr. Lammens-Oostdijk (VVD) Mevr. Nieuwland-van den Bosse (ChristenUnie/SGP) Mevr. Pichel (Forum voor Democratie) Dhr. Roggekamp (Gewoon Dordt) Dhr. Venderbos-Lambinon (Partij voor de Dieren) Dhr. De Vries (VSP) Dhr. Wringer (Beter voor Dordt) Portefeuillehouder: wethouder H. van der Linden Ambtelijke ondersteuning: dhr. Sauter Overige aanwezigen: dhr. Platje, dhr. Van Loon, dhr. Jellema (digitaal aanwezig), dhr. Colon, dhr. Schellingerhoud, mevr. Bethume De voorzitter: Goedenavond iedereen, ik wil de mensen die nog niet zitten, vragen of ze zo snel mogelijk een stoel zoeken. We hebben er precies genoeg. De wethouder komt er zo ook nog aan. Dan hebben we er zelfs nog eentje over. We hebben het vanavond over het raadsvoorstel invoeren van de nul-emissiezone. En dan zowel over de datum als ook over de mogelijke vrijstellingen die er landelijk zijn, een wat we daarmee willen.

En het is vanavond de bedoeling dat we ons beeld daarover goed gaan vormen. En daarvoor hebben we heel veel mensen hier aan tafel zitten. Die wil ik allemaal van harte welkom heten. We hebben een aantal gasten. En ook één daarvan is straks digitaal aanwezig. Dat is de heer Jellema.

1

Ik zal straks van u allen ook vragen om uzelf nog even voor te stellen. We hebben de heer Colon, de heer Schellingerhoud, mevrouw Bethume, Aaron Sauter. En we hebben ook insprekers de heer Platje en de heer Van loon. En straks in het voorstelrondje zullen ze kort duiden namens wie, wat ze hier zitten. Dat wil ik u ook vragen om meteen even goed duidelijk te maken. Laten we daar dan maar meteen mee beginnen, met het voorstelrondje. Begin ik hier links van me. Mevrouw Vermeulen: Laurette Vermeulen, commissiegriffier. De heer Sauter: Aaron Sauter, beleidsadviseur Dordrecht. De heer Schellingerhoud: Willem Schellingerhoud, logistieke adviseur Rotterdam. Voornamelijk bezig geweest met de marktondernemers in Rotterdam. De heer Colon: Peter Colon, ik ben de voorzitter van de commissie bevoorrading Delft. Mevrouw Van Engelen: Yara van Engelen, GroenLinks. De heer Bootsman: Nick Bootsman, ook van GroenLinks. De heer Gorter: Wouter Gorter, Op Ons Eiland. De heer De Vries: André de Vries, VSP Dordrecht. De heer Van Loon: Ad van Loon, ik ben, zoals aangekondigd, inwoner van Dordt, maar ik zit hier eigenlijk als ondernemer uit Dordrecht. Mevrouw Lammens-Oostdijk: Jeanine Lammens, Dordtse VVD. De heer Van den Berg: Elco van den Berg, CDA Dordt. Mevrouw Nieuwland-van den Bosse: Eline Nieuwland, ChristenUnie/SGP. Mevrouw Pichel: Ruby Pichel, Forum voor Democratie.

De heer Roggekamp: Erik-Jan Roggekamp, Gewoon Dordt. De heer Kuhlmann: Alexander Kuhlmann, Dordtse VVD. De heer Wringer: Jan-Willem Wringer, Beter voor Dordt. De heer Venderbos-Lambinon: Cees Venderbos-Lambinon, Partij voor de Dieren. De heer Hartmeijer: Raymond Hartmeijer, SP. Mevrouw Bethume: Evelyn Bitumen, werkzaam voor de Koninklijke CVAH. Sorry. En ook aanwezig voor de gemeente Gouda. De heer Platje: Maurice Platje. En ik vertegenwoordig de marktkooplieden van Dordrecht.

2

De voorzitter: Allemaal bedankt voor het voorstellen. Ik ben zelf Franciske van Vugt, vanavond uw voorzitter. Een korte toelichting op deze vergadering. De ervaring uit andere steden met het invoeren van de nul-emissiezone worden hier vanavond ook gedeeld, zowel vanuit de gemeentelijke organisatie als ook vanuit belanghebbenden. We hebben de verschillende voorstelmensen ook gehad. En daarmee is dat ook duidelijk. En dat maakt allemaal deel uit van de beeldvorming. Ik moet even mijn blaadje omslaan. We zitten vandaag met al die mensen hier aan tafel, als aanvulling ook op de sessie die in oktober vorig jaar is gehouden, toen we het ook over de nul-emissiezone hadden. En waar ook de eigen ondernemers waren uitgenodigd. Nu is dat iets breder, met ook de marktmensen erbij. Aan iedereen vraag ik alvast vergaderdiscipline. We zijn met heel veel mensen. We hebben ook heel veel mensen hier achter ons zitten. Ook allemaal welkom trouwens. Dat heb ik nog niet uitdrukkelijk gedaan. De insprekers moeten zich beperken tot de 5 minuten. En de vragen die we aan de insprekers en ook daarna stellen, houden we echt kort. Geen eindeloze verhalen, maar gewoon korte vraag en ook, als het kan, een gericht antwoord op de vraag. Er kan altijd nog een extra beeldvorming worden georganiseerd, als dat nodig is.

Dan wil ik beginnen met het woord geven aan de heer Platje, als inspreker, namens de marktondernemers. Mevrouw Pichel: Voorzitter. De voorzitter: En mevrouw Pichel heeft een vraag. Mevrouw Pichel: Even een praktische vraag met betrekking tot deze vergadering, voor de helderheid. Want ik snap waar het hier om gaat en het belang van de insprekers. Maar ook even met betrekking tot wat in het raadsvoorstel staat over het voorgesteld besluit en dan de verschuiving naar 1 juli 2026. Wat doen we daarmee? Want die heb ik even gemist. De voorzitter: Wat we er uiteindelijk mee moeten doen als raad, is instemmen met dit voorstel of niet. En het voorstel gaat eigenlijk over twee zaken. Het gaat over de verschuiving van de datum, de invoering daarvan, van de nul-emissiezone, naar 1 juli ’26. En het andere is of we de landelijke richtlijnen rondom ontheffing en vrijstelling, et cetera overnemen? Of dat we daar iets anders mee willen. Mevrouw Pichel: En dan nog een ding. Want de deadline, doelstelling voor het nemen van het besluit, is 1-7-2025. Is dat dan een foutje? De voorzitter: Dat heb ik ook opgemerkt. Volgens mij is dat een schrijffout. Die had ik in onze aantekeningen van de fractie ook gemaakt, die opmerking. Ik zag daar ook nog een vraag die te maken heeft met de orde van deze vergadering, of niet? Aan die kant? Niemand? Dan gaan we alsnog naar de eerste inspreker, de heer Platje.

De heer Platje: Voorzitter, dank u wel. Ik hoop dat ik goed verstaanbaar ben voor iedereen. Er speelt veel bij ons. En daar wil ik wat over vertellen, alweer. Ik heb het gewoon opgeschreven. Het is geen AI. Het is uit het hart geschreven. Geachte raadsleden en commissieleden, namens de marktkooplieden van Dordrecht danken wij u voor de gelegenheid om ons standpunt te delen met betrekking tot zero-emissiezone

3

Dordrecht. Wij hebben reeds aan alle raadsleden een brief gestuurd waarin u kunt lezen wat onze standpunten en zorgen zijn wat de zero-emissiezone betreft. Vanavond ziet u dat er veel marktkooplieden aanwezig zijn. Dit zijn de mensen achter de brief. Mensen die zich ernstige zorgen maken of er voor hen nog wel een toekomst is op de markt in Dordrecht. Om een toekomst te hebben, willen wij dat u begrijpt dat wij tijd en zekerheid nodig hebben. Tijd om geleidelijk een schoner vervoersmiddel aan te schaffen, in plaats van dit op korte termijn te moeten doen. Want dat zou betekenen dat we eerst in een tijdelijke wagen moeten investeren, die we enkele jaren later alweer moeten vervangen voor een volledig zero-emissievoertuig. Dit is financieel niet haalbaar. Onze vraag is ook hierbij of het wel nodig is dat wij allemaal elektrisch moeten gaan rijden? Wij rijden immers maar enkele minuten in wat de zero-emissiezone moet worden. Vervolgens zetten wij daar onze wagen uit om te lossen of te laden. Dit is heel wat anders dan de pakketbezorgers of bussen die de hele dag op en neer rijden en de vele schepen die langs het centrum van Dordrecht varen met heel veel pk's. Voor een toekomst hebben wij een zekerheid nodig. Zekerheid van de gemeente, middels een collectieve ontheffing tot 2035 voor alle marktondernemers.

Een jaarlijkse ontheffing, zoals er in sommige gemeenten mee gewerkt gaat worden, zorgt voor veel mentale onrust bij de marktondernemer. Elke keer de onzekerheid of je aanvraag wordt goedgekeurd, of je nog een jaar op de markt kunt blijven. Daarmee ook die onzekerheid of je wel of juist niet moet gaan investeren. Dat moet toch niet de bedoeling zijn. Geachte raadsleden en commissieleden, wij vragen nu om de brief die u gekregen hebt met aandacht te lezen. Ik vraag u nu om de zaal nog eens rond te kijken en de mensen te zien om wie deze brief gaat. Er zitten er genoeg. Is onze uitstoot echt zo groot dat Dordrecht het wil riskeren dat een deel van deze marktondernemers hier gaan vertrekken naar steden zonder zeroemissiezone of dat er marktondernemers zijn die er allemaal mee gaan stoppen, omdat ondernemen zo niet meer mogelijk is? Dat zou niet alleen een verlies zijn voor de marktkooplieden, maar ook voor heel Dordrecht. Als toevoeging op dit pleidooi wil ik u nog de laatste berichten uit Duitsland meegeven. Het aantal milieuzones is daar in hoog tempo al gehalveerd. Dit omdat blijkt dat de luchtkwaliteit in veel steden al is verbeterd, doordat er een natuurlijk verloop is van de oude, meer vervuilende auto naar de nieuwe, steeds schonere auto. Dit zou ook hier gebeuren. Als een ondernemer zijn wagen moet vernieuwen, dan komt daar ook een veel schonere voor terug.

Want ook wij zijn niet tegen CO2-neutraal. Alleen wij vragen daar wat extra tijd voor, tot 2035, zodat het voor iedereen haalbaar is. Dank u wel voor uw aandacht. En het speelt veel onder de marktlieden. En er hangen hele gezinnen aan vast. Dank u wel verder. De voorzitter: Mijnheer Platje, bedankt voor uw inspreken. U geeft aan, we hebben tijd een zekerheid nodig en u vraagt om die reden een collectieve ontheffing tot 2035. Ik vat het even heel kort samen, maar dat is wel de kern van uw verhaal. Zijn daar verduidelijkende vragen op? De heer Hartmeijer van de SP. De heer Hartmeijer: Dank, voorzitter. Ik zie heel veel jaartallen in de brief. Ik zag ook bij een ander stuk van de gemeente het jaar 2030. Ik zit een beetje te stoeien met die jaartallen. Begreep ik eerder, maar corrigeer me als dat niet zo is, dat heel veel vrachtwagens in 2030 sowieso al een bepaalde overstap … Naar schone energie moeten gaan. Deze regeling zou dan maar voor 3, 3,5 jaar eigenlijk gelden, deze zeroemissiezone, want dan moet je erna toch over. Maar dat is zoals ik het lees, maar ik hoor

4

graag van de heer Platje van, hoe zit dat precies voor de vrachtwagens die op de markt gebruikt worden? De heer Platje: Voorzitter, dank u wel. Ik begrijp niet helemaal uw vraag, want zoals het er nu voorstaat, dan is het geregeld dat je met een Euro 6 auto tot 2029 de stad in mag. En vanaf daar moet het elektrisch worden. Dus zero-emissievrij. Die auto's zijn helemaal nog niet aanwezig. Die zijn er ook nog niet voor die zware, trekkende voertuigen, zoals een viskar van zoveel ton. Die bestaan er gewoon nog niet. Maar zoals de regels nu zijn, ieder jaar moet je dan opnieuw vrijstelling vragen. Dan in oktober dien ik iets in. En dan krijg ik in november te horen of in december of ik nog wel volgend jaar mag komen. Zo zijn de regels nu. En wij vragen gewoon rust, zekerheid. Tot 2035, dan zijn die elektrische vrachtauto's … Want dat gaat ontzettend hard ontwikkelen. Die zijn nu nog veel te duur. Maar zoals het in een normale ontwikkeling gaat, zakt die prijs en is het voor ons gewoon een haalbare kaart, zoals wij altijd onze zaak hebben gevoerd. Daarom vragen wij dat uitstel. En de auto's waar we nu praktisch bijna allemaal mee in de stad rijden, die zijn eigenlijk al heel erg schoon, vergeleken met de auto's van 10, 15 jaar terug te rijden. Want we rijden al met een Euro 5 en Euro 6, 0,01 uitstoot. De voorzitter: Ik denk dat het voor nu voldoende antwoord is.

De auto's zijn veel schoner en de auto's die gevraagd worden, bestaan nog niet. Dan de heer Roggekamp had ook een vraag. De heer Roggekamp: Dank u wel, voorzitter. Ook dank aan mijnheer Platje. We hebben landelijk een beleid op overgaan naar elektrische auto's. Daar is ook heel lang over de periodes nagedacht. Ook over elektrische vrachtwagens. Hoor ik u goed zeggen dat als wij die tijdlijn gewoon aan zouden houden, geen apart beleid in Dordt zouden hebben, dat u dan geen problemen heeft met tussen auto's en zo? Het standaard landelijke beleid, als we dat zouden volgen? De voorzitter: Geeft het landelijke beleid ook problemen of is het alleen hier in Dordt, doordat we misschien ander beleid hebben? De heer Platje: Het landelijke beleid is zo dat ik nu over 2 jaar een auto moet kopen van ongeveer 80.000, 90.000 euro. Daar mag ik dan mee rijden tot 2029. Dan moet ik weer een auto kopen voor 350.000 euro, die dan zero-emissie is. Maar gelooft u mij, dat ga ik nooit van mijn leven terugverdienen. Echt niet. En het is nu gewoon zo, wij verdienen het niet met de trekkende voertuigen. Wij halen het met onze verkoopwagens of handel. En dat is voor ons een bijzaak. Wat doet praktisch iedere ondernemer, wij kopen tweedehands auto's. Maar net zoals een ander een nieuwe vernieuwd, vernieuwen wij die ook gewoon op tijd. Iedere keer als wij vernieuwen, gaan wij ook schoner.

In Duitsland zijn de regels, als je een nieuwe koopt, ga je altijd schoner kopen. En dan mag je dat doen. Er komt gewoon een natuurlijk verloop. Maar dit is geen natuurlijk verloop. Ik kan hier mijn bedrijfsvoering niet op voeren. Ik kan niet volgend jaar voor 100.000 euro investeren en dan 3 jaar later 350.000. Dat gaat gewoon niet. Er is geen een bank die dat mij financiert.

5

De voorzitter: Kunt u in een zin samenvatten wat het verschil is tussen het lokale Dordtse voorgestelde beleid en het landelijke beleid, en waar dan in Dordt nog de angel zit, of de extra angel? De heer Platje: Als wij tot 2035 de tijd krijgen, krijgen wij rust en kunnen wij dan vernieuwen. Het is te kort op elkaar. Het is tot 2030 en dan tot 2035. En dat ligt te kort op elkaar. En daarom vragen wij rust, ook mentale rust, want iedere keer opnieuw een vergunning aanvragen, daar word je niet vrolijk van met je gezin. De voorzitter: We gaan nog naar een derde vraag. De heer Bootsman. De heer Bootsman: Dank u wel, voorzitter. Even een heel korte, verduidelijkende vraag. Begrijp ik goed dat de trekkende voertuigen voor de kramen en zo, dat die nu nog niet elektrisch bestaan, maar in 2035 waarschijnlijk wel? Begrijp ik dat goed? De heer Platje: Waarschijnlijk wel, ja. Voor een heleboel marktwagens is die capaciteit er gewoon nog niet. Die karren zijn echt zwaar. Er hangt geen aanhangertje met piepschuim achter. Die zijn er gewoon niet. Als we iedere keer, ieder jaar weer opnieuw een aanvraag moeten doen en dan wachten tot we in december te horen krijgen, maar nu is er wel een elektrische trekker die jouw ding … Dat geeft ontzettend veel onrust. En die techniek gaat ontzettend veel vooruit, ook de range. Er zijn nu vrachtwagens kort … De voorzitter: Maar uw antwoord was duidelijk.

De heer Platje: Maar de range is dat je het ook niet haalt op en neer als koopman. De voorzitter: Ik bedoel het niet vervelend, maar anders halen we het niet. Uw antwoord is, ze zijn er nu nog niet en waarschijnlijk in ‘35 wel. De heer Gorter. De heer Gorter: Dank u wel, voorzitter. Het pleidooi wat u houdt, is mij duidelijk. Geldt dat voor alle voertuigen van de zero-emissiezone, ook voor de kleinere koerierswagentjes, of pleit u alleen voor de zwaardere trucks, een verruiming tot ’35? De heer Platje: Ik pleit voor alle marktkooplieden. Bijna ieder marktkooplied heeft er een aanhanger achter. Een koeriersdienst rijdt enkel met zijn busje rond waar pakketjes in zitten. Dat weegt 1.500 kilo, 2.000 kilo misschien aan lading. Dat is een heel ander verhaal als dat je een kar van 8 of 9 ton moet trekken, want zo gauw jij met zo'n klein busje, die er nu dan elektrisch zijn, dan kom je hier echt tot de Visbrug en dan staat hij gewoon stil. Die capaciteit is er gewoon nog niet. Dat gaat wel komen. En daarom vragen wij tijd om dat voor elkaar te kunnen krijgen. Dank u wel. De heer Gorter: Mag ik nog een verduidelijkende vraag? Kort. De voorzitter: Ja. En ik wil wel de heer Platje vragen om echt ook zo kort mogelijke antwoorden, want we komen er niet uit zo. Uw vraag.

De heer Gorter: Maar om het voor ons duidelijk te begrijpen, eigenlijk zegt u dat de gemeente Dordrecht twee regelingen moet gaan aanhouden. Een regeling voor

6

pakketdiensten, kleine busjes zullen we maar zeggen, en een regeling voor zware vrachtwagens. En daar valt dan in dit geval de marktkooplui onder. De heer Platje: Ik vertegenwoordig natuurlijk de marktmensen. En ik ga natuurlijk niet oordelen of een advies geven over de PTT Post die rondrijdt. Dat is aan Dordrecht zelf. Maar gewoon voor nu als marktkooplieden, strijd ik. En dan vragen wij gewoon een algemene ontheffing tot 2035. De voorzitter: Helder. De heer Van den Berg nog een vraag. De heer Van den Berg: Dank, voorzitter. Mijnheer Platje, dank ook voor uw betoog inderdaad. En ik had inderdaad die vraag, u zei, nu in het voorstel is 2030. Stel dat die collectieve ontheffing er niet komt, is uw inschatting dat dan vele marktkooplieden jaarlijks een ontheffing zullen gaan aanvragen? De heer Platje: Daar kunnen we kort over zijn. Ik denk dat er dan niet zoveel meer zijn, want ik stop ermee. En het zou fijn zijn als u straks, na de vergadering, eventjes nog met de kooplieden wil praten. Dan krijgt u te horen wie er nog doorgaat. Want er is niemand die er dan nog toekomst in ziet. Het is geen haalbaar doel. Het is financieel niet te doen. Wij zijn geen transportbedrijf. Wij verdienen het niet met van A naar B rijden en iedere kilometer wordt betaald. Ik heb vandaag in de wind gestaan, met de regen. Ik heb vandaag niks verdiend. Het is een heel ander rekensommetje bij ons.

Dank u wel. De voorzitter: Even voordat we naar de volgende vraag van mevrouw Pichel gaan, indien nodig is het gewoon mogelijk om hier weer nog een beeldvormende vergadering aan vast te knopen. En dan is het mogelijk om tussendoor natuurlijk dit soort technische vragen ook aan de mensen zelf te stellen. We hebben allemaal de contactgegevens. Mevrouw Pichel, uw vraag. Mevrouw Pichel: Dank, voorzitter. De heer Platje stelde in zijn betoog, naar mijn mening, wel een belangrijke vraag. En die vraag was, is onze uitstoot echt zo groot? Nou heb ik daar geen antwoord op, maar ik merk ook dat er heel veel gesprekken zijn en er heel veel informatie vast wel is opgevraagd of beschikbaar is gesteld. Is daar een antwoord op gekomen? En zo ja, wat is daar het antwoord op? De heer Platje: De vorige keer is ook die vraag gesteld, ik dacht aan een van … Ik weet niet of die aanwezig is. Dat was een mijnheer die dan de getallen moest vertellen van de uitstoot, die het eigenlijk ook gewoon helemaal niet wist. Maar het is wel zo dat op een Euro 5 euro en een Euro 6 is de uitstoot 0,01 milligram per kilowattuur. Dat is praktisch nihil. Een elektrische auto weegt zwaarder. De wegenbelasting is veel zwaarder. Het remmen. Ik vraag mij eigenlijk af waar er meer fijnstof van komt? Want die elektrische auto's zijn ook gewoon van een vrachtwagen 1.000, 1.500 kilo zwaarder.

Dat moet ook allemaal geremd worden. Daar komt ook fijnstof bij vrij. Er is niemand die mij kan vertellen wat het verschil is tussen een Euro 6 euro of een elektrische vrachtwagen. Want ik betwijfel dat, maar er is niemand die mij dat kan vertellen. De voorzitter: Het lijkt me dan een uitstekende technische vraag aan misschien nog het ambtelijk apparaat te stellen. Wij gaan naar de tweede inspreker. En ik wil per spreker

7

toch dat … We moeten dat wat beperken tot ongeveer een kwartier. De heer Van Loon, aan u het woord. De heer Van Loon: Als ik u daarmee geruststel. De voorzitter: Dat weten we nog niet. De heer Van Loon: Ieder geval dank voor de gelegenheid hier in te mogen spreken. Ik ben Ad van Loon. Ik ben horecaondernemer hier tegenover, het Dolhuis, straat Boogjes. Ik heb een niet-emissievrije bestelbus. En daar rij ik ongeveer 2 keer per week mee 350 meter in de toekomstige emissievrije zone, want die begint bij de Spuiboulevard, Prinsenstraat. En dan moet ik zo langs de Boogjes rijden. En als ik wegrij, kom ik er bij de Spuilijn weer op. Op jaarbasis misschien 150 keer maal 350 meter, is 50 kilometer per jaar. Trouwens, ik vind het wel leuk om te melden, als ik de bus niet nodig heb, rij ik altijd elektrisch op de fiets. Maar mijn leed is gewoon klein leed. Ik heb de hele brief van de markt gelezen. En nogmaals, die problematiek is veel groter. Wat mij vooral ertoe bracht hier vanavond te komen, is het volgende. Ik ben verbaasd, eerlijk gezegd, over de eenzijdige samenstelling van de gasten uit Delft, Gouda en Leiden. Nogmaals, ik waardeer het dat ze komen en alle respect, maar waarom zit er niemand aan tafel uit Almere, Apeldoorn, Zaanstad, Leeuwarden, Breda, Leeuwarden is misschien een beetje ver, Ede.

Dat zijn allemaal steden, de eerste 4 beduidend groter dan Dordrecht, die zijn ook op weg naar 6. Maar zij hebben de invoerdatum al verplaatst naar 2028, 2029, 2030. Vanavond horen we ongetwijfeld van de gasten uit de steden die ik net noemde meer over leerstukken en knelpunten bij het invoeren van de zero-emissiezone. Maar het was volgens mij ook wel voor de discussie verfrissend geweest om eens te horen van iemand uit het bestuur van Breda of uit de ambtenarij van Breda waarom ze daar hebben gekozen van, we gaan pas in 2029 dat invoeren. Want dan krijg je misschien te horen, goed gemotiveerd, waarom zij bewust kiezen voor een latere invoering van die zeroemissiezone. Ik heb nog gekeken, want ik denk, waar komt dat dan vandaan? Wat voor colleges zitten daar? In 3 van de 4 colleges, van de steden die ik net noem, zit de PvdA. In 3 van de 4 zit het CDA. In 3 van de 4 zit de VVD. En in 4 van die colleges zit GroenLinks. Ik vind het wel heel opvallend dat Dordrecht hier weer een voortrekkersrol in denkt te moeten nemen. Het probleem is natuurlijk bij die zero-emissiezone dat je overstelpt gaat worden met allemaal overgangsregelingen, vrijstellingen. Geharmoniseerd lokaal maatwerk heb ik zelfs gezien. En dat is dan weer naast lokale ontheffingen en toepassingen van hardheidsclausule. Er zijn ook technische problemen.

Eén ding weten we zeker, de tijd gaat dit soort problematiek vanzelf oplossen. De techniek wordt beter qua voertuigen. In 2030 zitten we waarschijnlijk wat dat betreft heel anders. Maar nu wordt er heel veel mankracht en tijd, energie en geld gestopt in … In wat? Het CBS meldde 2 weken geleden nog dat Nederland voor wat betreft uitstoot voldoet aan de Europese milieudoelen en dat deze uitstoot is gedaald tot onder het uitstootplafond dat vanaf 2030 geldt. Het gaat al uitstekend op houtstookkachels na, moet ik erbij zeggen. Maar goed, daar hebben we het hier niet over. En dan heb ik begrepen dat de heer Jellema uit Leiden komt. Daar had ik eerlijk gezegd verleden week, voordat ik wist dat u kwam, ook al wat over gelezen. Leiden heeft een hele kundige en vooral bevlogen burgemeester. En daar meten ze al een tijdlang wat er gebeurt in die stad. En ik heb gelezen in een rapportage van de gemeente Leiden … En dat is de voortgangsrapportage 2025 van het college van B&W in Leiden, want het college moet

8

daar 2 keer per jaar verantwoording afleggen aan de raad. En daar is te lezen dat ze al hadden gezien dat in het najaar van 2024 er sprake was van een aanzienlijke verschoning van het wagenpark. En een woordvoerder van de gemeente Leiden heeft in augustus bij de streekomroep Sleutelstad gemeld dat er gemiddeld 3.600 wagens, en dan hebben we het over busjes en bestelwagens, in de eerste half jaar per dag de stad in rijden. En dat in januari daar 44 foute busjes bij waren. En in juni nog maar 24. We hebben het eigenlijk maar over 1 procent van het verkeer wat je uiteindelijk nog wil wegjagen. Hoeveel resultaat kan je nog behalen door die laatste 1 procent ook definitief uit te schakelen? En is die inspanning om dat resultaat te behalen het waard om dit soort dingen, zoals wij van onze collega van de markt net hebben gehoord, om dat soort ellende op ons af te roepen? Ik durf te stellen dat het succes van zero-emissiezones op dit moment al vooruitloopt op de feitelijke invoering. En dat steden die nog niet meedoen bijna als bij groepsimmuniteit hiervan mee profiteren. Onder andere subsidies, geen bpm heffing, lagere vaste kosten voor emissievrije bussen en bestelwagens hebben bij een heleboel ondernemers, maar dat zijn inderdaad transportondernemers, allang tot aankoop van die busjes geleid.

Er hoeft ook helemaal geen schuldgevoel, vind ik, te ontstaan ten opzichte van ondernemers die daar hebben geïnvesteerd, want die hebben een verstandige keuze gemaakt, ook op economische gronden, en dat levert misschien ook nog concurrentievoordeel op. Maar waarom zou je per se die laatste 1 procent van dat vervoer, wat ongewenst is, willen wegsturen? De voorzitter: Tot hier, of nog één zin. De heer Van Loon: Ik heb nog 1 zin, want die vind ik wel heel lang. En die gaat nog steeds over het laatste punt, dat je geen medelijden, tussen aanhalingstekens, hoeft te hebben met ondernemers die er al in hebben geïnvesteerd. Elke bijsturing en beleid kent namelijk altijd 2 zijdes. En dan kom ik met een voorbeeld. Op 1 juli 2011 werd met terugwerkende kracht naar 15 juni de overdrachtsbelasting van woningen verlaagd van 6 naar 2 procent. Iedereen juichen. Maar als jij op 14 juni bij de notaris zat, dan was je mooi in de aap gelogeerd, want had je op een woning van 2,5 ton 10.000 euro te veel aan de overheid betaalt. Dat hoort nu eenmaal bij beleid dat wisselt. En gedane zaken nemen geen keer. De voorzitter: Tot hier. Kort samengevat zegt u, weegt de maatregel wel op tegen het effect … Even uw microfoon nog uit. Weegt het wel op tegen het resultaat wat je hier nog mee kunt behalen? En u heeft ook een vraag gesteld over de eenzijdige samenstelling van de gastenlijst.

Die kan misschien straks ook meegenomen worden. Verduidelijkende vragen? Dan weet ik de naam even niet. Ik kan het niet lezen. De heer De Vries, u was eerst. De heer De Vries: Mijnheer Van Loon dacht dat er geen vragen zouden komen, maar ik wilde het eigenlijk eventjes kort samenvatten. Heb ik het idee dat u gewoon tussen de regels door vertelt dat deze commissievergadering min of meer gestuurd wordt? De heer Van Loon: Nee, ik wil niet zeggen dat er een complot is dat bepaalde steden niet worden uitgenodigd. Absoluut niet. Maar er wordt gewoon niet aan gedacht, terwijl je voor een goede discussie juist er goed aan doet om ook die steden die pas in 2029, 2030

9

die emissiezone invoeren … Daar had je hier ook iemand van moeten uitnodigen. Dat vind ik een gemiste kans. Maar ik hou me verre van het verzinnen van complottheorieën. De voorzitter: Dank u. De microfoon weer even uit. Dan gaan we naar de heer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Dank u, voorzitter. Ik heb een vraag over, u heeft een bestelbus, vertelde u, hoelang die nog mee kan gaan? Want de marktondernemers hebben heel goed opgeschreven, 12 tot 15 jaar, in uw geval. En dan daarna vaak nog goed inzetbaar. Maar hoe zit dat bij u? En ik ben benieuwd, wanneer verwacht u dat die op is? En wat gaat u daarna dan doen? De heer Van Loon: Sorry, ik moet u bijna vertellen, ik denk dat ik eerder op ben dan die bestelbus. Ik heb een oude bestelbus, die vertroetel ik, die verzorg ik goed. Ik rij daar misschien op jaarbasis maar 3.000 kilometer mee, waarvan 50 kilometer in het businessvat. Die gaat nog in principe jaren mee. Maar nogmaals, dat ga ik niet … En dat ben ik sowieso niet van plan. In principe ben ik over 3, 4 jaar ook wel klaar met ondernemen. Maar bedankt voor uw vragen. De voorzitter: Dan gaan we naar de volgende vraag. De heer Wringer. De heer Wringer: Dank, voorzitter. Stel dat we deze stad vergelijken met Leiden en ook hier op 24 busjes uitkomen, dan gaan we 550.000 euro investeren om 24 busjes te weren. Dat is 23.000 euro per busje.

Wat vindt u daarvan? De heer Van Loon: Ik ken die getallen niet. Maar nogmaals, het CBS heeft gezegd, de lucht is in principe al goed schoon. We zitten op schema. Fijn dat er voortrekkers zijn geweest. Dordrecht is ook weleens voortrekker geweest. En mooi, terecht, bijvoorbeeld met de opvang van Oekraïners. De omliggende gemeenten zie je hier ook niet thuis geven. Dordrecht hoeft niet altijd voorop te lopen. We hebben de intentie gehad hier in de stad om het per 1 januari 2026 in te voeren. Ik denk dat je, net zoals die andere steden, gewoon makkelijk zou moeten kunnen zeggen, 1 januari 2029, 1 januari 2030. Dan is er ook meer tijd om die echt ingewikkelde problematiek, die de mijnheer van het marktwezen net naar voren bracht, goed op te lossen. We hebben geen haast, volgens mij. De voorzitter: Dank u wel. Helder. Wie nog een verduidelijkende vraag aan … Dat mag niet onderling. Dan gaan we naar een volgend stukje met onze gasten, die allemaal iets vertellen over geleerde lessen. En we horen daar misschien dan ook nog wel dingen tussen die uitgesteld of mislukt zijn. Dat zou zomaar kunnen. Wie zullen we eens eerst doen? Er is ook iemand digitaal aanwezig. En die wil ik eigenlijk maar eerst het woord geven. De heer Jellema. En u komt uit die stad waar ze al wat verder zijn. De heer Jellema: Goedenavond, Eric Jellema van gemeente Leiden. Gemeente Leiden werd al net genoemd.

Ik ben de opgavemanager duurzame mobiliteit van gemeente Leiden. Dat betekent ook dat ik mij vooral heb bemoeid met de opzet en inrichting van de zero-emissiezone in Leiden. Ik heb even een korte presentatie. Ik denk dat jullie hem nu wel zien. De voorzitter: Wij zien hem. En we hebben hem ook in de raadsstukken staan.

10

De heer Jellema: Prima. Gemeente Leiden heeft sinds 1 januari 2025 een zeroemissiezone stadsdistributie. We zijn 1 van de 18 gemeenten in Nederland die een dergelijke zone heeft ingevoerd, al vanaf januari 2025. En op dit moment, het werd al gezegd, zie je dat het wagenpark behoorlijk goed voldoet aan de eisen van een zeroemissiezone, die bij ons binnen de binnenstad valt. En het Stationsplein gebied is ook een overeenkomstige zone met het autoluwe gebied in Leiden. 96 procent eigenlijk van alle geregistreerde bestel- en vrachtvoertuigen, hier zit trouwens ook de voertuigen van de ambulante handel, de markt, bij, voldoet op dit moment aan de zero-emissiezone. En dat betekent dat ze in ieder geval minimaal Euro 5 zijn qua bestelklasse en Euro 6 zijn qua vrachtwagenklasse. En daarnaast zien we ook dat er best wel veel meer elektrische voertuigen op gang komen. Er werd heel veel gezegd over uitstoot. Het is een klimaatregel, maar we hebben hem ook ingezet als verbetering van het verblijfsklimaat. We richten ons ook bijvoorbeeld op bundeling van goederen, andere bevoorrading via het water, stadshubs en dergelijke. Hoe zijn we eigenlijk zover gekomen? Het werd al gezegd, er heeft een fikse transitie plaatsgevonden. Heel veel ondernemers hebben gewoon een schonere bus aangeschaft, hetzij in het bestel, hetzij in de vracht.

En er zijn gewoon ook bepaalde overgangsregelingen, ontheffingen die ervoor zorgen dat je een langere tijd in de zone kan doorgaan. En daar ga ik dan eventjes verder op in. Je ziet, deze verschoning heeft ook dankzij die 18 steden plaats kunnen vinden. Het geeft ook een boost aan de hele automotive-industrie om steeds meer elektrische voertuigen op de markt te brengen, die ook navenant goedkoper worden. Lang niet alle voertuigen zijn ook elektrisch beschikbaar, werd net ook al gezegd. Er is een hele speciale categorie van voertuigen die zijn uitgezonderd. Denk ook aan kraanwagens, aan speciale omgebouwde winkelwagens, zelfs de veegwagens van de gemeente zouden niet elektrisch hoeven te zijn. Zijn ze bij ons trouwens wel. Maar goed, specifieke voertuigen zijn uitgezonderd. En zoals ook al net werd gezegd, er zijn veel overgangsregelingen, waarbij de emissieklasse 5, bestelbussen, nog kan doorgaan tot 1 januari 2028. De Euro 6 vrachtwagen nog door kan gaan tot 2030. Er wordt langzaam maar zeker geacht dat de auto’s schoner gaan worden en dat men op een gegeven moment over moet gaan.

Dat betekent wel voor gemeenten, naarmate men later in de zone zal gaan stappen deze overgangsregelingen veel dichter liggen, waardoor ook de afschrijving voor voertuigen moeilijker gerealiseerd kan gaan worden. Van belang is ook het ontheffingsverhaal. Op dit moment kan 3/4 van de voertuigen Leiden in, zonder zelfs een ontheffing op het voertuig voldoet. Voor de overige, bijvoorbeeld de kleine ondernemer die niet zo vaak in Leiden hoeft te zijn, is een dagontheffing mogelijk. Mag ook met de emissieklasse 4, bus. Dat kan 12 keer per jaar per kenteken. Een voertuig wat in zero-emissie niet verkrijgbaar is, niet leverbaar is, wat niet voldoende vermogen heeft, daar kun je ook een ontheffing voor aanvragen. Hoeft trouwens ook niet ieder jaar. Als die pas na 2 jaar leverbaar is, is de ontheffing ook 2 jaar. Zo zijn er diverse ontheffingen, ook bijvoorbeeld voor particulier gebruik. Je ziet bijvoorbeeld de camera kan geen onderscheid maken van, heb je een camperbus of heb je een zakelijk gebruikte bestelwagen, of niet? Daarvoor is ook de ontheffing voor particulier gebruik. Een hele belangrijke in deze, wij kennen ook alle verhalen vanuit de ambulante handel, via hele specifieke sectoren en dergelijke. Gemeente Leiden heeft er niet voor gekozen om een hele categorie uit te zonderen. Dat is ook ons dringend verzocht door de lokale ondernemers en winkeliersverenigingen,

11

omdat we dat ook niet konden onderbouwen van waarom die categorie wel en die categorie niet? Maar je hebt inderdaad een hardheidsclausule. Je kan altijd beslissen op basis van een hardheidsclausule een afwijkingsbevoegdheid om een ondernemer, op basis van lokale omstandigheden, te ontzien. Zo zie je dat er diverse ondernemers zijn die binnen de 3 jaar met pensioen gaan. Die geven we dan ook heel vaak een hardheidsclausule. Dat wil zeggen, ze hoeven geen nieuw voertuig meer aan te schaffen tot de datum van pensioen. En zo kun je wel meer van dit soort maatregelen nemen. Dit is vooral het verhaal tot nu toe vanuit de gemeente. Vanuit de landelijke regelingen, we hebben ook een centraal loket ontheffingen. Alleen de hardheidsclausule is trouwens … We hebben lokaal maatwerk en lokaal geldig. Alle overige ontheffingen zijn landelijk geldig. Ook voor bedrijfseconomische omstandigheden geldt, als je het voertuig niet kan betalen, je hebt een dreigend faillissement, kun je een ontheffing aanvragen voor bedrijfseconomische omstandigheden. Die gaat vanaf 1 januari 2026 landelijk geldig worden. Je vraagt hem in 1 gemeente aan. Hij is voor al die overige gemeenten dan geldig. Er zit ook nog een netcongestie ontheffing onder.

Ook daar wordt rekening mee gehouden van, ik weet niet wie het bij jullie is, maar in ons geval is dat Liander die zegt, na 2 jaar komt pas de aansluiting op uw terrein. Op dat moment kun je een netcongestie ontheffing krijgen voor die 2 jaar. We hebben van meet af aan tafel gezeten met de lokale ondernemersverenigingen en ook met de TLN, horeca, noem maar op allemaal. En we hebben ook een leergroep van ondernemers in Leiden. Deze leergroep hebben we ook bevraagd over hun bevindingen ten aanzien van de zero-emissiezone. Deze bevindingen zijn zo'n beetje halverwege 2025 genoemd. Je hoort het veelal van ondernemers dat ze best ook wel de doelen van de zero-emissie kennen, dat ze weten wat de uitgangspunten zijn. Maar er was best wel een aanzienlijke categorie, dat was eigenlijk wel voor ons de leerfase, die dan wel weten wat zero-emissiezone is, maar niet weten hoe daar te komen en/of hoe die ontheffingen in elkaar zitten, hoe de subsidievormen werken en dergelijke. Een reden voor ons ook om veel meer in te zetten op een logistiek makelaar en op de gratis op maat adviezen, ook via een laadconsulent. Deze zijn heel erg belangrijk geweest. Kom ik zo meteen ook nog wel op terug bij de leerfase. En wij hebben wel de fase gehad, alle gemeenten die dan tot januari ‘25 bezig zijn geweest, dat er best wel heel wisselend landelijk beleid was.

Dat er heel veel onbekend is geweest over, gaat die zone wel door, gaat die niet door, wordt die uitgesteld, wat voor soort type ontheffingen zijn er? Feitelijk zitten we nu pas op het punt dat eigenlijk heel erg duidelijk is van, hoe zitten die overgangsregelingen, hoe zitten de ontheffing in elkaar? Je ziet dat nu pas eigenlijk afgelopen maandag het officiële centraal loket via de RDW is gestart. Daarvoor was het een tijdelijk loket, via de 4 grote gemeenten. En dat nog 2 ontheffingen op 1 januari ook landelijk geldig worden. Dan is nog wel van belang dat alle signalen die we steeds horen vanuit de sector, vanuit ondernemers nemen we ook mee. Die bespreken we ook met de gemeente, met landelijk beleid. Dat betekent wel dat nog steeds zaken aangepast kunnen gaan worden op behoeften in de markt of op zaken die je niet voorzien hebt. De betaalbaarheid blijft natuurlijk altijd een ding voor de ondernemer. Het is altijd een fikse investering om een elektrisch voertuig, het werd ook al genoemd door de insprekers, te kunnen betalen. Wat we wel zien, is dat er steeds meer betaalbare beschikbare voertuigen op de markt komen, ook elektrisch. En dat, in ieder geval voor de elektrische bestelbus, dat kunnen ook de mensen, de experts aan tafel zeggen, zelfs goedkoper is dan de dieselbestelbus. Geldt nog niet inderdaad voor

12

de vrachtwagens. Die liggen nog een stuk duurder. Komt ook door de overgangsregeling vanaf 1 januari 2030, dat de vrachtwagen nog steeds een stuk duurder is. We hebben ook gekeken van, hoe zit het met de kosten van de aanschaf? Worden die nu doorberekend? Dat is slechts voor een klein deel. De meeste ondernemers kunnen hem toch meenemen in de algemene transportkosten. We zijn nog wel bezig aan de financiële kant. We zitten ook met de banken aan tafel om te kijken van, kan ook de ondernemer aan die kant verder nog meer ondersteund worden? Ik wilde hem even kort houden, gelukkig wel, want jullie hebben al fikse discussie in de zaal. De algemene conclusie is voor een gemeente, dat je even goed moet kijken hoe je op dit moment communiceert. De website van de gemeente. De algemene communicatie van een gemeente komt niet aan in je doelgroep. Je zou heel veel moeten werken via de ondernemersplatforms. En in geval van de ambulante handel is er een-op-een zelfs een gesprek geweest met de marktkooplui. Deed ons ook heel veel leren. Dan kun je de hardheidsclausule her en der toepassen en ook de mensen van de juiste informatie voorzien van welke mogelijkheden er zijn. We zitten met een leergroep van bedrijven aan tafel. Die hebben altijd gezegd, samen met de ondernemingsvereniging, het moet haalbaar, het moet betaalbaar blijven. We hebben geflyerd in de straten.

We hebben de vrachtwagenchauffeurs aangesproken. Zelf ga ik ook bij ondernemers langs die vragen hebben. Die persoonlijke benadering, het openstaan voor vragen, het openstaan voor zorgen, is een hele belangrijke. Laat onverlet dat wij uitgaan nog steeds van de huidige ontheffingen en de huidige overgangsregelingen die er zijn en dat we geen specifieke uitzonderingscategorie hebben gemaakt in Leiden. En we zien trouwens ook dat de markt, die op woensdag en zaterdag er nog steeds staat, dat er nog weinig veranderingen in zijn. Hoe dan ook, die logistiek makelaar en die laadconsulenten zijn essentieel. Het is niet alleen het communiceren over de luchtkwaliteit, maar ook over de verblijfskwaliteit. We hebben bijvoorbeeld ook de venstertijden aangepast. We kijken ook van, welke combinatie van maatregelen zijn er? Hoe kun je de ondernemer meer tegemoetkomen? Ook door het bundelen van goederen hebben we wat meer ruimte in de straat gekregen. Leidde ook weer tot de uitbreiding van terrasjes. Ook de verschillende diverse afdelingen van economie, van mobiliteit en noem maar op, zijn in dit systeem gaan samenwerken om ook ondernemers zoveel mogelijk tegemoet te komen. Mijn korte conclusie is eigenlijk, vaak is er toch nog veel meer mogelijk dan er gedacht wordt, dan er ook vaak gezegd wordt. Dit komt ook mede door de huidige regelingen die er al zijn. Er is ook altijd maatwerk mogelijk.

We zijn ook, en we zijn niet de enige gemeente erin, zeker in de beginfase best heel coulant geweest met de toekenning van ontheffingen. Maar uitzonderingen moeten wat ons betreft altijd wel uitlegbaar zijn, ook naar andere categorieën ondernemers. Ik had ook een loodgieter die 3 nieuwe elektrische busjes had aangeschaft. Zijn buurman kreeg een ontheffing op basis van pensionering. Dan heb je wel iets uit te leggen van, waarom heb ik moeten investeren en waarom heeft mijn buurman die ontheffing gekregen? Je moet altijd kunnen aantonen waarom je een bepaalde ontheffing in het ene geval wel of het andere geval niet geeft. Ik laat het hierbij, want ik begrijp en ik hoor dat er ook best heel veel discussie in de zaal is. Stop ik hierbij. De voorzitter: Dank u wel voor deze uitleg, toelichting, presentatie. Ik wil ook de commissieleden hier vragen om de vragen, die misschien ook gewoon door onze ambtenaren in de komende week kunnen worden beantwoord, niet nu te stellen, maar

13

gewoon echt wel specifiek de vragen die echt ook aan de heer Jellema gesteld moeten worden. De heer Kuhlmann had al een vraag. De heer Kuhlmann: Ik heb een vraag voor de heer Jellema. Het is namelijk zo ook in Dordrecht, daar hebben we een paar straten, Prinsenstraat bijvoorbeeld, waar heel wat bevoorrading voor de binnenstad doorheen gaat. U noemde in uw presentatie het bundelen van goederen, dat dat in Leiden wordt gedaan. Ik ben heel benieuwd, één, hoe doet u dat concreet? Twee, welke resultaten zijn daarmee bereikt tot nu toe? De voorzitter: Hoe bundelt u welke resultaten? De heer Jellema: Het grappige is eigenlijk dat er vanzelf een aantal marktpartijen zijn opgestaan in Leiden. We hebben een cityhub. We hebben fietskoeriers. Er zijn nog een paar logistieke dienstverleners. Je ziet wel, het is nog geen volwassen markt. We hebben dit ook vooral gedaan met probeertegoeden. Dat de ondernemers echt konden uitproberen om te gaan bundelen met goederen. En we hebben ook bepaalde voorrechten verleend voor bijvoorbeeld de elektrische bakfietsen, bepaalde elektrische voertuigen om ook buiten die venstertijden te komen. Ik moet gewoon eerlijk zijn, de resultaten zijn nog niet groot. Ze zijn nog relatief klein. Een ondernemer zal altijd kijken van, wat zijn de kosten ervan? Wat levert het me op? Voorlopig hebben we in ieder geval nog steeds alle stadsdistributiepunten.

We zien het langzaam zeker groeien, maar we hadden eigenlijk wel een groter resultaat verwacht. Maar goed, we blijven erop inzetten. De voorzitter: Bedankt. Ik zie dat het naar behoren is beantwoord. Gaan we naar de heer Hartmeijer van de SP.

De heer Hartmeijer: Dank, voorzitter. Ik heb inderdaad specifiek een vraag over Leiden. De heer Jellema had het net ook over die Euro 6 overgangsregeling. Het is heel technisch. Ik probeer een beetje te zoeken nog steeds. Maar hier horen we van, een nieuwe investering is bijna niet te doen. Ik ben benieuwd, hoe is in Leiden … Wat is er verteld aan de weekmarkt daar? En breder, hoe is het gemeentebestuur van Leiden omgegaan met de weekmarkt? De heer Jellema: Kijk, als echt een investering aantoonbaar niet te doen is, als gewoon het voertuig te duur is, te kostbaar is, ook ten aanzien van je eigen investeringsvermogen, krijg je gewoon een ontheffing op basis van economische omstandigheden of een dreigend faillissement. Er zijn ook heel veel voertuigen, werd net ook al gezegd, die gewoon sowieso niet leverbaar zijn. Dat is ook zo'n typische ontheffing. De elektrische variant is naast vaak duur ook zo niet leverbaar, of er is niet vermogen voor. Er zit een deel van de ondernemers tegen pensioen aan, maar een ander deel … Jammer genoeg zit nu niet een Jan-Willem Dikmans, die ook uitgenodigd was … Dat is een van de logistiek makelaars die ook de hele markt is afgegaan in Leiden. Maar een behoorlijk deel van de markt kan nog een hele lange tijd vooruit.

Trouwens ook na die periode van 2030 wordt nog steeds gekeken naar de afschrijvingen op de voertuigen en kunnen de ontheffingen blijven doorlopen. Het was echt geen onoverkomelijk probleem, zagen wij. En dat was een reden voor ook de raad in Leiden om niet een hele specifieke uitzondering voor deze categorie van marktkooplui te

14

maken. Maar het kan per stad verschillen. Ik ken de markt ook niet in Dordrecht natuurlijk. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Dank u wel, voorzitter. Heldere presentatie. Alleen mis ik in deze presentatie wel de discussie over, wat is het effect? We zien wel gewoon invoering en mogelijkheid tot uitstel als een bepaald type wagen nog niet beschikbaar is of een enkele ontheffing. Maar is het beoogde effect ook een werkelijk effect, gezien de impact van deze invoering voor ondernemers? En daar komt ook nog eens bij dat deze ondernemers de extra kosten zullen gaan doorberekenen in hun prijzen. En dat treft dan weer de consument. Mijn vraag is ook, zijn deze effecten berekend en afgezet tegen de wellicht niet waarneembare uitstootwinst? De voorzitter: Zijn de effecten tegenover de uitstootwinst gezet? Is dat uit te rekenen? De heer Jellema. De heer Jellema: Ja, zeker. Kijk, elke gemeente die een zero-emissiezone invoert, die heeft als het goed is ook berekend wat uiteindelijk een zone, als alles elektrisch is, oplevert. Dat zijn toch zo'n beetje 150.000 bomen in Leiden die we zouden moeten bijplanten voor de CO2-besparing. Het gaat niet alleen om het fijnstof, maar ook om de CO2, om roet en dat soort uitstoot. De kosten is vooral aan de kant van de leergroep bekijken. Dat staat hier ook al in.

En dat komt ook omdat de elektrische bestelbussen vooral op dit moment ook goedkoper zijn. Er wordt wel een deel van de kosten doorberekend in het uiteindelijke eindproduct, maar dat viel nog wel enorm mee hoe dat is. Er zijn trouwens ook in de op weg naar '…' diverse rapporten te vinden waar dit soort berekeningen staan. Ik ken niet alle cijfers uit mijn hoofd. Maar goed, ik zou ze wel achteraf kunnen leveren, want dit is wel iets waar wij, ook vanuit de ondernemersvereniging en de leergroep van bedrijven, voortdurend bij de les worden gehouden om dit soort zaken te blijven monitoren. Maar goed, je kan ook niet, volgens mij, echt een verkeersbesluit nemen zonder dat je deze onderbouwing hebt staan van, waarom doe je dit? Wat levert het op? Hoe heb je rekening gehouden met je doelgroep? En dat soort zaken. De voorzitter: We kunnen ook de onderbouwing vanuit Leiden krijgen, hoor ik hier? De heer Jellema: Ja hoor. Geen probleem. De voorzitter: Dat zou heel prettig zijn. Mevrouw Pichel, is het echt nog een dringende vraag? Mevrouw Pichel: Het is meer aanvullend, want dit is natuurlijk wel heel globaal, terwijl ik wel heel specifieke vraag naar effecten en de impact. En we hebben natuurlijk, u gaf net al de datum aan van een jaar geleden ongeveer, toen ook naar cijfers gevraagd. Die hebben we ook nog steeds niet gezien.

Er wordt wel elke keer gezegd dat er onderzoeken zijn en dat de cijfers beschikbaar zijn, maar die krijgen we telkens maar niet.

15

De voorzitter: Dat is denk ik dan ook een vraag aan onze ambtelijke organisatie om die ook straks mee op te pakken en er iets van te zeggen. Bij deze genoteerd. En dan gaan we naar de volgende vragensteller. Dat is de heer Gorter. De heer Gorter: Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk ook een beetje in de lijn van de vragen die mevrouw Pichel stelde over het effect en de impact. Kunt u aangeven, met het invoeren van deze zero-emissiezone, hoeveel ondernemers er vertrokken zijn en hoeveel ondernemers gestopt zijn door de invoering van deze maatregel? En ik heb nog een vraag. Heeft de gemeente Leiden geïnvesteerd in elektrische laadplekken in deze zeroemissiezone? Twee vragen. De voorzitter: Even een verduidelijkende vraag van mij op uw vraag. Bedoelt u alle ondernemers of specifiek de marktondernemers? De heer Gorter: Ik bedoel de ondernemers die in deze zone zaten. De voorzitter: Helder. De heer Gorter: Dat zijn alle ondernemers die gestopt zijn of door deze maatregel vertrokken zijn. Daar gelden ook marktondernemers bij. De voorzitter: Aan de heer Jellema het woord.

De heer Jellema: Wij hebben altijd voortdurend gezegd, wij willen niet dat ondernemers failliet gaan aan de zero-emissiezone. We hebben ook heel veel persoonlijke gesprekken, wat ik al zei, gehad. We hebben op dit moment zestien aanvragen toegekend op basis van economische omstandigheden. We hebben tot nu toe geen een ondernemer gezien die direct aan de zero-emissiezone failliet is gegaan, want daar zit ook die ontheffing gewoonweg voor. Zover we konden zien, is de marktsamenstelling nog steeds dezelfde als voor de invoering van de zero-emissiezone. En we hebben heel aan de laadinfrastructuur gedaan. We hebben duizend AC-laadpalen op dit moment staan. Dat is regulier laden door heel Leiden heen, ook in de binnenstad. We hebben de evenementenstroom, dat is de stroom die geschikt is voor de markt en voor … De voorzitter: Maar nu gaat u heel gedetailleerd. Het ging over het aantal ondernemers wel, niet gestopt. De heer Jellema: Sorry. Maar we hebben ook die laadinfra meegenomen. De voorzitter: Want we hebben nog meer sprekers. De heer Gorter heeft nog een aanvullende vraag, zie ik. De heer Gorter: Ik heb geen aanvullende vraag. De voorzitter: Dan stoppen we. De heer Gorter: Volgens mij was het geen antwoord op mijn vraag. Ik vroeg hoeveel ondernemers er gestopt of vertrokken zijn na invoering van deze zero-emissiezone? Niet

16

welke ondernemers een uitstel hebben aangevraagd of in welke regeling terecht zijn gekomen, maar die echt vanwege deze regeling vertrokken of gestopt zijn? De heer Jellema: We hebben tot nu toe geen ondernemers die, bij ons weten, vertrokken zijn, gestopt. Dat is vanwege pensionering, de voorziening voor pensionering. Dat zijn volgens mij een stuk of zes of zeven ondernemers tot nu toe. Ik kan deze cijfers nog exacter opzoeken. En we gaan ook nog kijken van, hoeveel voertuigpassages hadden we nu voor de invoering en daarna? Want dat zou ook nog iets kunnen zeggen over uitwijken van de zone. Maar als wat ik nu hoor, ook dat is op dit moment nog steeds niet gaande. De voorzitter: We hebben ook deze toezeggingen genoteerd. Dan gaan we naar de heer Venderbos, met een vraag. De heer Venderbos-Lambinon: Dank u wel, voorzitter. De heer Platje vraagt ons een ontheffingstermijn tot 2035, omdat ze niet elk jaar in onzekerheid willen zitten of de ontheffing verleend gaat worden. Hoe is dat in Leiden geregeld? Moet men elk jaar een ontheffing aanvragen of is dat voor langere termijn? De heer Jellema: Het hangt van het soort, type ontheffing af. Ik zei, als een voertuig niet binnen twee jaar leverbaar is, krijg je hem ook voor twee jaar. Als je binnen drie jaar met pensioen gaat, dan krijg je ook een ontheffing voor drie jaar. Het is niet zo dat elke ontheffing jaarlijks getoetst wordt.

En zeker op basis van de hardheidsclausule kun je hem ook voor meerdere jaren afgeven. Het is ook een beetje je eigen gemeentelijke afweging. En ook in het advies naar de ondernemer voor welk soort type ontheffing je gaat kiezen. Maar begreep ik uit uw eerdere verhaal dat de auto's die daar nu nog voor de markt rijden niet hoeven te voldoen op dit moment? De heer Jellema: Binnen de markt van Leiden voldoen heel veel auto's gewoon op dit moment aan de zone. Er is nog niet sprake van heel veel vervanging. De voorzitter: Het is voor de marktmensen nog niet aan de orde, maar dat komt dan nog en dat gaan we volgen. We gaan nu even naar de volgende gast. Ik begrijp dat er heel veel leeft, maar al die vragen komen echt aan de orde, desnoods in nog een vergadering. Die wil ik ook weer graag voorzitten. We gaan naar de heer Colon. Aan u het woord. En nog even graag voorstellen waarom u hier zit. De heer Colon: Dank u voorzitter. Ik ben de onafhankelijk voorzitter van de commissie bevoorrading Delft. Die commissie is in 2016 ingesteld, omdat toentertijd gezamenlijk met de ondernemers en de bewoners en de marktondernemers is gezegd, wij willen wat gaan doen aan de drukte van vrachtverkeer in onze binnenstad, maar we willen dat gezamenlijk doen. En we willen dat deze commissie onafhankelijk advies kan geven, ook aan het college.

Wat vervolgens gebeurd is, is dat gezamenlijk in die commissie is gesproken over, hoe gaat het beleid er de komende jaren uitzien? De gemeente heeft in die tijd ervoor gekozen om bij de landelijke ontwikkelingen aan te sluiten en te zeggen, wij gaan ons ook sterk maken voor het invoeren van een zero-emissiezone in Delft, die in overeenstemming is met de landelijke regelingen. Toen dat eenmaal duidelijker begon te worden, ontstond eigenlijk hetzelfde patroon wat ik nu hier in Dordrecht ook zie. De

17

vertegenwoordigers van de marktondernemers en de lokale ondernemers vroegen aan de commissie, kunnen wij een keertje met het college aan tafel gaan zitten om de zorg die we hebben over de betaalbaarheid, over de beschikbaarheid, over de gevolgen voor onze bedrijfsvoering te bespreken met het college. Daarom hebben wij in juni 2024 een soort open vergadering georganiseerd van die commissie, in aanwezigheid van ongeveer een vijftiental ondernemers van de markt uit Delft, vertegenwoordigers van de ondernemersvereniging. En daar zijn ongeveer dezelfde zorgen op tafel gekomen die we vanavond ook hebben gehoord. De wethouder heeft vervolgens gezegd, ik ben heel blij dat ik in de gelegenheid ben om in zo’n samenstelling, met al deze verschillende belanghebbenden, te horen wat er precies leeft en wat we eraan zouden kunnen doen. Ik zeg u nu toe, ik zorg ervoor dat er geen ondernemers onderdoor gaan als gevolg van uitsluitend het instellen van die zone. Want daar ben ik als stad ook niet bij gebaat. Ik wil graag die levendigheid in de binnenstad houden. Beste commissie, ga maar eens na hoe we dit kunnen gaan organiseren. En daarbij speelde de logistiek makelaar, die ook al in Leiden is genoemd, een essentiële rol.

De wethouder heeft aan de logistiek makelaar gevraagd, kan jij maatwerk leveren, zodat elke ondernemer, die merkt dat het moeilijk gaat worden om aan de eisen te voldoen, dat we gaan kijken hoe we dat kunnen oplossen? De logistiek makelaar was vanavond helaas verhinderd, maar die heeft in de afgelopen periode heel veel gesprekken gevoerd. En voor een deel vallen de problemen op te lossen met het toepassen van de landelijke ontheffingen. En met name, ik hoorde de opmerking over de verkoopwagens die zwaar zijn en achter een elektrische ‘…’ zouden moeten rijden. Dat was precies het geval wat ook in Delft speelde. Daar is landelijk nu een oplossing voor gevonden. En die ontheffingen blijven langere tijd geldig. En dat heeft voor een deel van de ondernemers in Delft problemen kunnen oplossen. Wat eigenlijk de les is die we daar met elkaar hebben geleerd, blijf met elkaar in gesprek en ga niet kijken naar, dit is de regelgeving, dit hebben we landelijk met elkaar afgesproken al die data die vandaag al voorbijkwamen met 2028, 2029, 2030. Zoek met elkaar naar de juiste oplossing. En doe dat ondernemer voor ondernemer. Het bijzondere in Delft is dat de marktondernemers met elkaar de markt organiseren en ook een eigen organisatie daarvoor hebben. De voorzitter van die organisatie is ook nauw betrokken bij alle gesprekken.

En zodra daar iets mis dreigt te gaan, als er gemerkt wordt, de gesprekken leveren toch niet op wat wij met elkaar hadden gedacht, dan wordt het gemeld in de commissie. En dan kijken we hoe we daar een oplossing voor kunnen vinden. Ik wil eigenlijk aan u allen meegeven, zorg dat die communicatie open blijft. Luister serieus naar de bezwaren die er zijn, maar besef ook dat eigenlijk elk bezwaar tot nu toe opgelost kan worden. De voorzitter: Dank u wel voor de boodschap die u meegeeft. Het belang van communicatie, het goed luisteren en elk probleem heeft uiteindelijk een oplossing. Dat is ook een stukje moed. De heer Kuhlmann heeft weer een vraag. De heer Kuhlmann: Dank, voorzitter. De voorzitter: En ik besef dat ik eigenlijk de partijen er altijd bij moet noemen. De heer Kuhlmann van de VVD. De heer Kuhlmann: Dank, voorzitter. U vertelde in uw introductie dat de commissie, waarvan u voorzitter bent, oorspronkelijk is opgericht om minder vervoersstromen te hebben in Delft. Ik vroeg er net even naar voor wat betreft Leiden. De initiatieven die

18

daar zijn, hebben nog niet veel resultaten opgeleverd. Hoe zit dat in Delft? Want u bent al iets langer bezig. Heeft u zaken die veel resultaten hebben opgeleverd? De heer Colon: Ik denk dat ik daar hetzelfde antwoord als Leiden op kan geven. Er zijn verschillende initiatiefnemers die geprobeerd hebben om via hubs en tot bundeling over te gaan. Het belangrijkste resultaat wat wij zien, is dat het niet zozeer zit in losse initiatieven, zoals een fietskoerier of een bedrijfje wat een overslagcentrum in de buurt van de binnenstad vestigt, maar dat je samen met de wat meer grootschalige leveranciers en vervoerders gaat kijken, hoe kunnen we wat jullie doen efficiënter maken? Wat we in Delft hebben gezien, is dat er geleidelijk aan een verschuiving is opgetreden, dat toeleveranciers meer werken met dezelfde vervoerders? Bijvoorbeeld, als je kijkt naar de horeca, dat de horecagroothandel meer geconcentreerd is in de grotere spelers. En dat bijvoorbeeld op de markt in Delft staan dan drie of vier verschillende horecagroothandels, die per voertuig vijf, zes, zeven verschillende horecaondernemers bedienen. Dat voertuig rijdt de stad in. Er worden zes, zeven klanten bediend. En vervolgens rijdt hij weer weg, in plaats van eerst zes of zeven. Maar ik heb er geen aparte cijfers over. De voorzitter: De bundeling en de samenwerking.

Een korte vervolgvraag, de heer Kuhlmann, dat is toegestaan. De heer Kuhlmann: Die bundeling, is dat door gemeentelijke regelgeving of is dat tot stand gekomen door gewoon een marktontwikkeling? Wat u noemde van met die horecagroothandel. De heer Colon: Het is het resultaat van enerzijds de marktontwikkeling, maar anderzijds gerichte communicatie vanaf 2016, waarin is samengewerkt met evofenedex en TLN, om ondernemers zover te krijgen om hun processen aan te passen. En dat was een tegenprestatie voor het mee kunnen praten over al dit soort zaken. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de heer Hartmeijer van de SP. De heer Hartmeijer: Dank, voorzitter. De heer Colon had het over maatwerk eigenlijk, ontheffingen. In de brief van deze markt wordt er gevraagd, kijk eens naar een collectieve ontheffing. Ik ben benieuwd, is dat in Delft ter sprake gekomen? Is daarnaar gekeken? En kan hij iets zeggen over de voordelen of nadelen van zo'n soort ontheffing? De heer Colon: Dat is ook aangevoerd. We hebben daar in het overleg met de wethouder ook bij stilgestaan. Daar is vervolgens gezegd, laten we eerst eens kijken hoe we dit op een hele down-to-earth manier kunnen oplossen met elkaar. En ik ben ervan overtuigd als wethouder, dat was toentertijd haar uitspraak, dat we eruit gaan komen. En ik ga ervoor zorgen dat via de logistiek makelaar dat maatwerk geleverd kan worden.

Tot nu toe zijn daar geen negatieve signalen dat het niet gaat lukken. De voorzitter: Ik zie op dit moment geen verdere vragen aan de heer Colon. Dan gaan we naar de heer Schellingerhoud. En als u ook uzelf weer even nader toelicht, want dat is iedereen inmiddels vergeten.

19

De heer Schellingerhoud: Goedenavond allemaal, logistieke adviseur, namens Rotterdam. Ik zou graag ook jullie mijn ervaring willen delen met betrekking tot de marktondernemers. Ook daar hebben we natuurlijk veel vragen gehad met betrekking tot, hoe en wat we moeten doen met de zero-emissiezone? In het begin was er ook veel angst, onrust, onwetendheid over wat de mogelijkheden zouden kunnen zijn, welke regelgeving er zou komen, wat de ontwikkelingen zouden zijn op de markt met betrekking tot de elektrische busjes, vrachtauto's en dergelijke. De aanpak van Rotterdam heeft er toen tot geleid dat we eigenlijk als adviseur met alle marktondernemers in gesprek zijn gegaan. Eigenlijk ook de communicatie openzetten met de marktondernemers om zoveel mogelijk informatie te verzamelen en ze te adviseren en te informeren echt over hun mogelijkheden. En daarna zijn wij, eigenlijk nadat ze die mogelijkheid hebben gehad, nogmaals in gesprek gegaan om te kijken naar, wat zijn jullie handelingsperspectieven, ook na het aflopen van eventuele ontheffingen? Wat ga je dan daarna doen? Wat kan je en wat zijn je mogelijkheden?

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/923/documents/43509