CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.6 2024.01.16 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 6 februari 2024, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 19 december 2023 en de Dordtse Dinsdag van 12 december 2023 en 16 januari 2024, Vergaderzalen 1, 3, 538.755 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

61

Mevrouw Van Engelen: Voorzitter, nog een toelichting waarom ik zeg oordeelsvormend. Hiernaast wordt gezegd: altijd is de vraag wat vinden we dan van het raadsvoorstel? Maar je merkte vanavond al dat de vragen gingen richting politieke vragen want je merkt gewoon binnen de commissie willen we al met elkaar politiek in gesprek en elkaar politiek aanvoelen. De voorzitter: Dus ik hoor hier een voorstel, ik kom bij u, ik hoorde hier dus een voorstel om horecanota nu oordeelsvormend te agenderen en daar zouden we dan nog even politieke vragen bij kunnen formuleren of moeten formuleren vanavond. De heer Portier. De heer Portier: Ja voorzitter, ik heb ook genoeg gehoord om de horecaverordening te kunnen beoordelen, ook om het te kunnen veroordelen trouwens. Mijn politieke vraag zou zijn: is er een goed evenwicht tussen de belangen van de levendigheid van de stad en de belangen van de bewoners van leefbaarheid? De voorzitter: Dank u wel. Ik heb nu twee partijen die zeggen: we kunnen de horecanota beeldvormend, nee, dat zeg ik verkeerd, oordeelsvormend agenderen. En ik zie een vinger van de heer Den Heijer. De heer Den Heijer: Ja, in hoeverre voldoet dit aan de ambities van het verlevendigen van de binnenstad of ziet de commissie nog meer ruimte? De voorzitter: Dank u wel voor de politieke vraag. Ik ga ervanuit dat u akkoord gaat met een oordeelsvormende sessie.

Dan gaan we, ja, is dit akkoord voor de hele commissie, gaan we oordeelsvormend door? Oké. Dan een vergroening binnenstad, wat willen we daarmee? Iemand suggesties? Ik hoor heel zachtjes oordeelsvormend nog, het raadsvoorstel de vergroening binnenstad. Ik hoor ergens op de achtergrond oordeelsvormend bespreken. Wat is uw politieke vraag? De heer Den Heijer. De heer Den Heijer: Nou, in hoeverre waarborgen we ook de parkeerfaciliteiten in onze stad in relatie tot de andere ambities van dit groenplan? De voorzitter: De heer Portier. De heer Portier: Ja, voldoet dit aan onze ambitie van een groene en leefbare en klimaatbestendige binnenstad? De voorzitter: Oké. Ja, dan kijk ik zo even de commissie rond. Ik zie instemmende gezichten dat we het op deze manier doen. Hebben wij nog een samenvatting nodig of is dit goed zo, is het duidelijk? Ik krijg een vraag van de wethouder. Gaat uw gang. De heer Burggraaf: Ja voorzitter, een verzoek aan de commissie omdat ik graag wil proberen jullie te helpen. Volgende week de, wat is het dan, beeldvormende onderdeel van de marktvisie. Ik merk dat het heel complex is, dat iedereen verschillende vragen heeft.

Ik denk dat het helpt als wij daar schriftelijk op uw vragen eerst antwoord kunnen geven en dat dat misschien helpt volgende week om sneller, nou ja, de materie eigen te hebben om te kunnen bekijken of u daar ook vervolgens oordeelsvormend over kan

62

doen. Dus ik zou eigenlijk willen vragen aan eenieder, volgens mij, ik had het idee dat hier heel veel vragen al opgeschreven waren die nu nog niet gesteld zijn. Als u die morgen naar ons toestuurt dan kunnen wij zorgen dat de beantwoording van die vragen aan het eind van de week uw kant opkomen en u wat meer voorbereiding ook weer heeft voor volgende week. De voorzitter: Dank u wel wethouder. Vraag van de griffie, sorry. Mevrouw Vermeulen: Als u daarmee akkoord gaat dan stel ik voor dat de vragen wel via de griffie aan de wethouder worden gestuurd, dan kunnen wij ze bundelen. De heer Kleinpaste: Maar impliceert dat dat als die vragen worden gesteld en worden beantwoord, dat dan ook die verordening oordeelsvormend volgende week kan? Of blijft die beeldvormend? De voorzitter: Die blijft beeldvormend. Ik hoorde nog, ja, was dat ook uw vraag mevrouw Schnabel? Goed dan, sorry, wat was de uiterste datum voor het indienen van de vragen, morgen? Nee, maar ook voor het college om te beantwoorden natuurlijk. Wanneer uiterlijk de vragen kunnen worden ingediend zodat jullie … Oké, als de vragen morgen worden ingediend dan kan voor het eind van de week kunnen de vragen worden beantwoord ter voorbereiding van de beeldvormende sessie dinsdag. Dank u wel allemaal voor uw aanwezigheid en uw inzet. Dan sluiten we deze vergadering af en gaan we naar de volgende.

9. Vaststellen Visienota Evenementenbeleid 2024-2030 – Raadsvoorstel Voorzitter: Mevrouw Pichel Raadsgriffier: Mevrouw Vermeulen Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Ayverdi (DENK) Dhr. Van de Berg (CDA) Dhr. Droog (CU/SGP) Mevr. Van Engelen (GroenLinks) Dhr. Den Heijer (VVD) Dhr. Katif (Beter Voor Dordt) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Mevr. Lammens-Oostdijk (VVD) Dhr. Van Pelt (FvD) Mevr. Schnabel (PvdA) Dhr. Tutupoly (Op Ons Eiland) Dhr. De Vries (VSP) Ambtelijke ondersteuning: Dhr. Hollander Portefeuillehouders: wethouder M. Burggraaf

63

De voorzitter: Goed, dames en heren, raadscommissie leden, we zijn hier bij de laatste commissievergadering van vanavond, raadsvoorstel visienota evenementenbeleid 2023 2030. Ik wil even iedereen welkom heten. Raads- en commissieleden, wethouder Maarten Burggraaf en mensen op de tribune. Ik doe even snel even een rondje voor het verslag en dan zal ik de introductie doen. Ik begin rechts van mij nu. Mevrouw Vermeulen: Laurette Vermeulen, commissiegriffier. Mevrouw Schnabel: Oh, excuus. Marije Schnabel, Partij van de Arbeid. Mevrouw Van Engelen: Yara van Engelen, GroenLinks Dordrecht. De heer Van den Berg: Elco van den Berg, CDA Dordrecht. De heer Ayverdi: Emin Ayverdi, DENK. De heer Kleinpaste: Gert Jan Kleinpaste, Gewoon Dordt. De heer Katif: Jacques Katif, Beter voor Dordt. De heer Den Heijer: Rolin den Heijer, Dordtse VVD. Mevrouw Lammens-Oostdijk: Jeanine Lammens, Dordtse VVD. De heer De Vries: André de Vries, VSP. De heer Tutupoly: Gersom Tutupoly, Op Ons Eiland. De heer Van Pelt: Dirk van Pelt, Forum voor Democratie. De heer Hollander: Dick Hollander, ambtelijke ondersteuning. De heer Burggraaf: Maarten Burggraaf, wethouder. De heer Droog: André Droog, ChristenUnie/SGP. De voorzitter: En mijn naam is Ruby Pichel en ik ben uw voorzitter.

Ja, dat is voor op dit moment hebben we dus de visienota evenementenbeleid en, ja, we hebben ons al eerder laten informeren door inwoners, ondernemers en nu is het aan de ambtelijke ondersteuning om toelichting te geven op het proces. De agendacommissie die vroeg om een tijdspad van het vervolg waarin de betrokkenheid van de raad is geschetst, zoals bij het voorstel routekaart wonen of startnotitie klimaatneutraal. En daar krijgen we dus dan een presentatie over. We hebben een, als het goed is een redelijk korte presentatie van vijf zes minuten, dus ik geef graag het woord aan Dick Hollander om deze presentatie te geven. De heer Hollander: Goedenavond. Ik hoop er kort en duidelijk en snel doorheen te gaan. Visienota evenement… Ja, dat lijkt me wel handig gelet op de avond. Visienota. Even een korte introductie op de presentatie, het gaat een beetje over het proces hoe tot deze visienota is gekomen. Er heeft een uitgebreid participatieproces plaatsgevonden. Er is

64

een startnotitie opgeleverd en besproken. Het is in twee commissievergaderingen aan de orde geweest. Er is een hele uitgebreide SWOT-analyse gemaakt, die is ook bijgevoegd bij de stukken en dat, een uitgebreide analyse. Dit hele proces heeft tot aan zeg maar de zomer heeft dat, is dat doorgelopen. Dat is toen helaas onderbroken door ziekte uitval. Het heeft een lange tijd stilgelegen. De verdere voorbereidingen zijn opgestart in september en in vrij korte tijd is nu die visienota daarvoor opgeleverd. Wat mij nog bijstaat bij die laatste commissievergadering, die was op 7 maart, dat werd nog begeleid door Wilma de Prie, dat was de beleidsmedewerker. Die gaf daar ook aan dat daar een notitie opgeleverd zou worden, alleen de staat van die notitie is niet echt geformaliseerd. Weet je is het een, is het al een beleidsstuk, is het een visiestuk, is het een tijdelijke notitie? Men was bezig met het schrijven van een visienota en dat is nu ook de titel van dit stuk geworden, ook omdat het nog niet het beleidsdocument is. Het hele proces heeft heel veel vragen opgeleverd en die zijn in deze visienota geïnventariseerd.

Achtergrond en aanleiding is eigenlijk in twee rubrieken in te delen: actualiteit en urgentie, van wat speelt er nu, wat is er belangrijk, wat moet er nu gedaan worden? En tegelijkertijd praten we ook over het maken van beleid wat toekomstbestendig is en dat met 2030 als stip op de horizon. In het stuk wordt het verder inhoudelijk of wel verder uitgewerkt. Maar als we praten over actualiteit en urgentie, ik heb dadelijk een aantal voorbeelden. We hebben te maken met stedelijke verdichting, het ruimteprobleem, wetgeving die complexer wordt, ongeziene kostenstijgingen waar ook in de commissie over gesproken is, kosten rijzen de pan uit. Het gaat over de evenementenaanbod zelf, de diversiteit wat willen we, hoe moet het? Groot, klein, jongeren, ouderen. Er ligt een politiek akkoord waarin wordt aangegeven ook toekomstig te werken aan een toonaangevende evenementenstad. Dat is nu, de actualiteit. En tegelijkertijd praten we ook over die agenda 2030 de stip op de horizon, een bloeiende binnenstad, 140.000 inwoners, duurzaam, glansrijke toekomst. Dus het gaat erover: hoe maken we nu een brug van nu naar 2030, de toekomst. Actualiteit en urgentie, ik heb een aantal voorbeelden aangehaald die de actualiteit en urgentie aangeven. Dit speelde allemaal in 2023, vorig jaar. Alkmaar Ontzet, een heel groot feest.

De organisatie heeft subsidie van de gemeente gekregen alleen bij het verstrekken van de vergunningen kon het niet doorgaan. Reden: veiligheid. Dus je hebt al, daar al meteen heel actueel probleem wat ook voor Dordrecht speelt. Je wil veel, maar wat kan er eigenlijk? Dit is een heel concreet voorbeeld waarom het niet kan. Een ander punt, dat is ook waarschijnlijk al gekend, Parkpop, een heel groot en al lang bestaand festival in Den Haag, groots en gratis toegankelijk. Die zijn er definitief mee gestopt en dat heeft alles te maken met het feit dat het gewoon simpelweg niet meer te betalen is, op geen enkele manier. Ze hebben op allerlei manieren geprobeerd om er werk van te maken, het lukt niet, ze stoppen. Ander voorbeeld actueel en urgent, als het gaat over, weet je, wat is nu de problematiek die speelt en die opgelost moet worden? In Deventer, de organisatie van het stadsfestival, plannen zijn gemaakt, subsidie is verleend, op het laatste moment moet het toch geannuleerd worden omdat er sprake is van geluidsoverlast. Daar is door een bewoner, de buurt, al eerder over geklaagd en gevraagd om dat te handhaven. Dat is een aantal keren niet gedaan. Die man is naar de Raad van State uiteindelijk gestapt en die hebben gezegd: beste gemeente, dit kan niet langer zo, je moet het regelen, je moet het onderzoeken, anders gaat het feest letterlijk niet door.

Ook dit is een soort, een schets

65

van een problematiek die ook in het Dordtse speelt. Het is actueel. Ja, ook dat nog. Zeker de activiteiten in de buitenruimte die zijn mede afhankelijk van natuurlijk de weersomstandigheden. Is het mooi weer dan gaat het financieel goed, is het slecht weer, dan houdt het op, dan ontstaan er problemen. Agenda 2030. In het linker kolommetje, daar staat even als het gaat over wat zijn nou, waarom organiseer je evenementen, wat is het belang? Intrinsieke waarde, het moet een fijne stad zijn. Economische betekenis, maatschappelijke waarde, het DNA van Dordrecht, het zijn een aantal zaken die ook al in de inspreekronde voorbij zijn gekomen. Het heeft waarde op verschillende wijzen en manieren. De ambitie komt ook voort uit de gesprekken die zijn gevoerd en het participatieproces. Wat wil de politiek, wat willen de bewoners, de organisatoren, dat Dordrecht een vitale evenementenstad blijft. En daar komt het weer, de balans tussen levendig en leefbaar, dat is zeg maar een van de belangrijkste kernpunten. Wat wil je met die ambitie en het evenementenbeleid bereiken? Evenementen voor iedereen is ook al eerder genoemd, het moet een goede balans zijn tussen leefbaar en levendig. Het vergroten van de maatschappelijke en economische waarde.

Op het moment dat je gaat investeren wil je ook iets voor terugzien, is het economisch, omzet, maatschappelijke waarde, is dat een stad met een fijn met elkaar kunnen leven. Versterking lokaal, regionaal, landelijk en het profiel van de stad, dat heeft alles te maken met profilering en de effecten die dat heeft op bijvoorbeeld de economische waarde van evenementen. En tot slot toekomstbestendige evenementensector. Als je hiermee aan de slag gaat dan wil je ook dat als je investeert dat het ook iets is wat langdurig en op lange termijneffect heeft en door zal blijven werken. Stand van zaken, waar staan we nu? Ik probeer het wat korter te maken. In het stuk is het ook opgedeeld in twee onderdelen, de evenementen en alles wat daarmee samenhangt en alles wat te maken heeft met openbare ruimte. Ingedeeld op twee hoofdlijnen omdat als je ook kijkt naar de SWOT-analyse en de analyse die in dat hele stuk verwerkt is, er zijn, het is nogal complex om het vorm te geven, daar beleid op te maken. Ik denk dat het allerbelangrijkste is de openbare ruimte. Het is heel simpel: op het moment dat je niet weet wat je waar kunt doen dan houdt het eigenlijk op. Het andere deel is evenementen, wat wil je, hoe wil je het doen, hoe ga je het financieren? Dat is een ander deel van vragen die in dit stuk gesteld worden waar oplossingen voor gevonden moeten worden. Wat gaan we doen? Sorry.

Op die twee hoofdelementen, evenementen en openbare ruimte, er moet heel veel uitgezocht en onderzocht worden. Het heeft weinig zin om nu te zeggen: we willen groots en ambitieus grote projecten organiseren als je gewoon simpelweg niet weet of dat kan. We moeten dingen uitzoeken in de openbare ruimte en daarnaast willen we ook uitzoeken: hoe gaan we dat organiseren, hoe gaan we dat faciliteren? Welke opdrachten geven we ook mee aan evenementen, bijvoorbeeld het inclusie verhaal, de vraag van hoe gaan we organiseren dat we iets meer voor jongeren kunnen doen? Dat zijn een aantal voorbeelden van vragen. Afrondend. Het is een omvangrijk stuk geworden, die visienota. Het probeert het in kaart te brengen wat er allemaal georganiseerd en onderzocht moet worden omdat je pas op basis daarvan kunt zeggen: die richting willen we ontwikkelen, op die manier gaan we het inrichten, op die manier kunnen we het doen. Tot zover. Dank u.

66

De voorzitter: Ja, ik kijk even rond, ik zie wat vingers. Ik begin bij mevrouw Van Engelen, daarna mevrouw Schnabel en de heer Katif. Mevrouw Van Engelen: Voorzitter, ik heb maar een vraagje, misschien een tweede maar eerst deze. Punt één van de doelstelling is evenementen voor iedereen, nu is iedereen natuurlijk heel breed want dat is iedereen. En in de SWOT-analyse waarvan ik het trouwens heel erg fijn vind dat die bij de stukken zit, dank je wel daarvoor, staat bij zwakten worden een aantal doelgroepen genoemd, zoals mensen met diverse culturele achtergronden, mensen met een functiebeperking, bijvoorbeeld rolstoelgebruikers. Zijn dit de mensen waarop we ons focussen bij doelstelling een, dat die nu nog niet helemaal meekomen waardoor nu evenementen nog niet voor iedereen zijn en als we voor die mensen faciliteren dat het dan wel voor iedereen is? De heer Hollander: Het uitgangspunt is eigenlijk wat algemener. Op het moment dat er evenementen festivals georganiseerd worden is het, dient het uitgangspunt te zijn dat het voor eenieder is. Dat kan over een culturele achtergrond zijn, het gaat ook over een handicap, lichamelijk of wellicht geestelijk beperkt. Maar het idee van een evenementenstad voor iedereen betekent dat het zo ingericht en georganiseerd moet worden dat het een hoge mate van toegankelijkheid heeft. Is dat helder? Mevrouw Van Engelen: Helder, dank u wel.

En als ik hem even vanuit de organisatorische kant bekijk, stel, want Dordrecht staat bekend om dat het fijn is om hier evenementen te organiseren en hoe dat altijd in samenwerking gaat. Stel ik wil een evenement organiseren gespecificeerd op een culturele achtergrond, is er dan een mogelijkheid voor met het nieuwe beleid? De nieuwe visie? De heer Hollander: Dat zou je als optie kunnen meenemen. De visienota is wat dat betreft nadrukkelijk bedoeld als een open vraag om naar die instrumenten te zoeken om dat soort ontwikkelingen mogelijk te maken. Het sluit niets uit. Het probeert juist op basis van dit soort vragen te kijken: hoe kun je dat dan vormgeven en inrichten? De voorzitter: Mevrouw Schnabel. Mevrouw Schnabel: Excuus, dank u wel. Ik was benieuwd, er worden als het goed is, oh ja, er worden vijf doelstellingen inderdaad genoemd, ligt een beetje in het vervolg van de eerdere vraag die gesteld is.

Wat gebeurt er bij conflicterende belangen? Dus op het moment dat bijvoorbeeld, wat u ook net, wat ook net aangegeven werd, dat financiën, handhaving of veiligheid of mobiliteit zelfs een rol gaat spelen omdat een evenement in de binnenstad plaatsvindt, hoe wordt dan omgegaan met die belangen zodat die evenementen dus wel kunnen plaatsvinden? Komt daar nog een soort van verfijning op die doelstellingen of blijven ze zo ruim en breed als ze nu zijn? De heer Hollander: Ik kom een beetje op, ik kan daar een beetje op inhaken op als het gaat over schaarse vergunningen. Maar ik weet niet of dat nou ... Kijk, in, ook weer in algemene zin, je hebt te maken met heel fysiek de openbare ruimte: wat kan daar en

67

onder welke voorwaarden? Dat is iets wat a priori uitgezocht moet worden. Het is op dit moment zo dat en zeker met de ingang van, de intredingswerking van de omgevingswet, dat moet nu uitgezocht worden. Op het moment dat je weet wat waar kan onder welke voorwaarden krijg je eigenlijk daarna de vervolgvraag, dat gaat over de vergunningsvraag, weet je? Wie kan op dat moment op die plek dat daar organiseren. Op dit moment is daar ook in algemene zin, dat wordt ook in het stuk wat verder uitgewerkt, ga je praten over een zogeheten afwegingskader, weet u. Welke toetsingsvragen stel je om op basis daarvan een vergunning wel of niet toe te kennen? Dat is op dit moment niet echt heel sterk en nadrukkelijk uitontwikkeld. Ergens in het stuk wordt ook genoemd het iedereen die een foodfestival wil organiseren en foodtrucks heeft die kan bij wijze van spreken elk weekend dat doen. Dat zou je niet willen moeten en dat kun je eigenlijk alleen maar ondervangen door op dat moment aan te geven: als ze dat willen dan moet het onder en dan krijg je een hele rits van voorwaarden. Die voorwaarden die moeten nog besproken en bepaald worden. Dat is nog onvoldoende uitgezocht. Mevrouw Schnabel: Maar voorzitter, kleine vervolgvraag daarop.

Dus dat, dus we stellen nu eigenlijk een soort van vijf zoekrichtingen vast en dan komt vervolgens in de raad komt dan nog een keertje of in de commissie komen er nog een keer verfijningen van deze vijf zoekrichtingen als ik het goed begrijp. De voorzitter: Dat was wel een vraag, ja. De heer Hollander: Je kunt het vijf zoekrichtingen noemen. Het stuk inventariseert zeg maar de vragen die dan ten grondslag liggen aan die zoekvragen. En het is inderdaad de bedoeling dat we op basis van alles wat hierin benoemd wordt op een aantal momenten terugkomen met ofwel raadsinformatiebrieven, maar ook met concrete voorstellen van weet je we hebben dit nu uitgezocht en nu is het tijd om dat te bespreken en daar keuzes in te maken. De voorzitter: Denk mevrouw Schnabel om ook inderdaad even aan te vullen wat u aan gaaf, want we hebben het hier natuurlijk ook staan dat vanuit de agendacommissie dit is doorgestuurd om dus ook te vragen naar wat is het tijdspad van het vervolg en de betrokkenheid van de raad. Dus eigenlijk wel heel terecht dat, dat was als het ware ook gewoon wel het doel van deze commissie. Ja, ik weet niet of dat dan zo voldoende antwoord geeft of in ieder geval, wat ik merk bij de vraag wat u zou willen weten.

Mevrouw Schnabel: Nou ja, het geeft in die zin genoeg informatie op dit moment om te weten dat als we dit vaststellen dat het vijf zoekrichtingen zijn en dat daar nog een soort, dat dat nog specifieker gemaakt wordt. Dus dat was voor mijn beeldvorming belangrijk. De voorzitter: Dank u. De heer Katif. De heer Katif: Voorzitter, dank u wel. Ik ben erg positief trouwens over de startnota of notitie, hoe je het ook noemen wil, maar wat mij eigenlijk verbaast schuine streep waar ik een beetje, nou ja, niet getriggerd, dat vind ik een slecht woord, waar ik een beetje op gefocust werd is dat de brief die vanuit de Veiligheidsraad Zuid-Holland Zuid en daar

68

wordt op een gegeven moment gezegd dat de doelstellingen die wij hebben, de ambities die wij hebben, die zullen op een of andere manier belemmerd worden. En zij geven daar een vijftal zeg maar richtingen aan, veranderingen in gemeentelijk beleid, veiligheidseisen hulpdiensten, milieuthema’s natuur en groen, leefbaarheid na corona en ik zou graag een kleine reflectie van u: hoe ziet u dat nou? Want er is wel een Veiligheidsraad Zuid-Holland Zuid die uiteindelijk een vergunning moet goedkeuren. En wij hebben namelijk een visie die wij willen uitvoeren. Hoe moet ik dat dan, verhelderend naar mij toe, hoe ik dat moet zien? Want deze sluiten niet op elkaar aan. De heer Hollander: Ik denk dat, ik moet daar helaas het antwoord schuldig op blijven, ik ken die brief namelijk niet. En we hebben geprobeerd dat ook te achterhalen en wellicht dat het toch ergens opduikt. Dus ik zou het graag willen beantwoorden, misschien kan dat schriftelijk maar op dit moment die informatie heb ik niet. De voorzitter: De heer Tutupoly, Op Ons Eiland. De heer Tutupoly: Ja, we kunnen ook lezen in de stukken dat bij evenementen de organisatoren veel tijd kwijt zijn aan allerlei regelgeving.

En bij de behandeling destijds van het integraal veiligheidsplan is ook ter sprake gekomen dat er ook gekeken kan worden naar, ja, de veiligheidsissues, zo'n plan wat dan moet worden ingediend om dat voor de grotere evenementen bijvoorbeeld voor langere periode geldig te laten zijn. Wordt, is hier nu al rekening mee gehouden om ook die organisatoren daar zal ik maar zeggen enigszins te verlichten? De heer Hollander: Je praat dan eigenlijk over meerjarige vergunningen bijvoorbeeld. Ja. Dat, ik heb dat ook in de gesprekken met de organisatoren besproken en ook met de mensen van de veiligheidsdiensten noem ik het maar even. En eigenlijk is ook besproken ook mede op initiatief van organisatoren, weet je, deze vraag speelt in meerdere steden. En die vraag speelt al jaren bij meerdere steden. En wat we eigenlijk hebben voorgesteld is: we willen dat nu voor eens en altijd een keer goed uitgezocht hebben. Namelijk, ga met in dit geval de dienst veiligheid, het cluster veiligheid heet dat, de organisatoren, laten we nu onderzoeken hoe dat in andere steden wel of niet geregeld is. Want we krijgen soms ook signalen: weet je, in die stad kan het wel, in die stad is het zo geregeld. We willen dat uitzoeken en op basis daarvan ook kijken: kunnen we het zo organiseren en inrichten dat het meerjarig mogelijk is en dat ook alle betrokkenen weten wat mogelijk is.

Kan het, dan is het mooi, kan het niet, dan hebben we in ieder geval dat een keer goed onderzocht en dan ook moeten we dat dan afsluiten. Helder? De voorzitter: De heer Den Heijer, VVD. En mevrouw Lammens. Samen, wat gaan we doen? De heer Den Heijer: Ja nee. Ik wilde eigenlijk weten wanneer dat onderzoek dan afgerond zou kunnen zijn. Is dat dan als het nieuwe evenementenbeleid er is, of daarvoor? Krijgen we daar al eerder iets van te zien? De heer Hollander: Als het goed is hebben we dat ook in het raadsvoorstel opgeschreven, dat we ernaar streven dat uiterlijk in derde kwartaal 2025 dat we al

69

datgene wat onderzocht moest worden dat dat onderzocht is en dat daar ook concrete voorstellen en inrichtingsvoorstellen voor liggen. Helder? De heer Den Heijer: Het laatste … Ik zie hier staan dat hier het voornemen is om dieren bij evenementen zoveel als mogelijk te beperken. En de vraag is: zoveel als mogelijk, wat verstaan we daar precies onder? De heer Hollander: Je noemt het dierenwelzijn? De heer Den Heijer: Ja. Of is dat gewoon het aanpalend beleid wat je hier ook in … De heer Hollander: Dat is aanpalend beleid want wat ik begreep is dat er op dat vlak ook een nota of visie ontwikkeld wordt op dit moment. De heer Den Heijer: Ja, het komt eraan staat er. Maar zetten we met eigenlijk met dat beleid zetten we dan een streep door bijvoorbeeld de kerststal in de stad als we dat ooit zouden willen weer? De heer Hollander: Afhankelijk van wat over dat beleid wordt besloten. De voorzitter: Dank u wel voorzitter Den Heijer. Mevrouw Lammens, gaat uw gang. Mevrouw Lammens-Oostdijk: Dank u wel voorzitter. Ik heb nog even een vraag over het meerjarig contract, of dat mogelijk is. Zou je dat ook kunnen opdelen dat je bijvoorbeeld wat je nu hebt staan, dat je dat houdt en dan alleen gaat toetsen op de nieuwe dingen die hier komen.

Ik zag dat er stond dat er door corona meerdere maatregelen zijn genomen moeten worden en dat je dan alleen op die dingen het gaat toetsen en dat het bestaande gewoon blijft. Dus alleen op de nieuwe regels die erbij komen, dat je dat alleen doet en dan de rest laat staan. De heer Hollander: Is een optie, is een optie. Mevrouw Lammens-Oostdijk: Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Schnabel. Mevrouw Schnabel: Dank u wel. Ik had nog een vraag over drietrapsmodel of de piramide. In een eerdere slide stond daarbij dat er kanttekeningen waren en misschien heb ik het gemist maar ik was nog benieuwd naar die kanttekeningen. En in het stuk las ik dat er eigenlijk vier categorieën zijn in plaats van drie categorieën en ik was benieuwd hoe dat in verhouding tot elkaar stond. En nog een korte andere vraag om gelijk te stellen. Ik las vooral eigenlijk dat de evenementen zich toch in de binnenstad focussen terwijl het natuurlijk over heel Dordt gaat. En daar was ik benieuwd zeg maar over hoe dat in de wijken zeg maar of wat de bedoeling daarvan is. De heer Hollander: Ik begin even met de laatste vraag want dat is een van de dingen die uitgezocht moet worden omdat je ook graag evenementen in de wijk wil. Weet je, wordt het beleid centrum georiënteerd of wordt het wijk georiënteerd? We moeten kijken waarin we en een goede balans vinden waarin die twee elementen ook terug gaan

70

komen. Weet je, medebepalen wordt natuurlijk ook wat onderzoek, de locatieonderzoeken zullen opleveren. Als het gaat over de eerste vraag, de piramidevraag, weet je, als je gewoon objectief kijkt dan zie je dat het traditionele piramidemodel drie lagen kent. Onder, midden, boven. Kijk je naar de subsidieregeling dan zijn er plotseling vier subsidiecategorieën, dus dat wekt al verbazing. Dus je hebt een piramide met drie lagen maar een subsidieregeling die eigenlijk vier lagen kent. Als het gaat over: hoe ga je nu zo'n piramide kwantificeren en kwalificeren? Want de piramide, de basis begint bij bijvoorbeeld de kleine buurtactiviteiten maar je hebt ook komend jaar de Tour de Femmes. Weet je, dat is een megagroot evenement, zit die dus boven die piramide. Het piramidemodel, maar dat is meer een persoonlijke schets weet je, als je denkt dit is de piramide dan lijkt het alsof je een keer of misschien twee keer per jaar echt piekt. Maar is het misschien veel verstandiger om door het jaar heen te kijken: kunnen we meer een soort kastelen achtige contourenbeleid voeren, dat we niet gaan pieken, maar dat het niveau en de uitstraling gemiddeld hoger komen te liggen, gespreid door de tijd. Om uit te zoeken, om daar ook concreet voorstellen voor te doen. Is dat helder? Mevrouw Schnabel: Een korte vervolgvraag.

Hoe, waarom zitten er dan niet vier lagen in die piramide om ook aan dat subsidiesysteem zeg maar te voldoen? De heer Hollander: Daarom is het nu een goed moment om dat te actualiseren en te herijken. Want dat is gewoon een, het is, dat werkt vervreemdend. Ik kan het niet uitleggen. Ik zie alleen maar, weet je, is een piramide met drie lagen en je hebt een subsidieregeling die vier lagen kent. Waarom en hoe kan dat en moet dat anders ingericht worden? Gaan we voorstellen voor doen. De voorzitter: Ik kom zo bij u, de heer Katif. De heer Van den Berg had eerst nog een vraag, ja. Gaat uw gang. De heer Van den Berg: Dank voorzitter. Ja, er worden over de diverse doelstellingen gesproken. En ik heb eigenlijk twee vragen. Eigenlijk eerst over de doelstelling een, evenementen voor iedereen. Daar zie ik met name dat het gaat om een divers aanbod, zodat iedereen zich daarin kan vinden. Gaat dit ook over fysieke toegankelijkheid voor iedereen, is dat daarin ook beoogd? De heer Hollander: Ook, ja, expliciet. In het stuk wordt als het goed is ook op een aantal plekken verwezen naar een aantal organisaties die zich specifiek met deze uitdagingen bezighouden. De heer Van den Berg: En mijn, oh, ik had eigenlijk nog meerdere vervolgvragen, excuus. En doelstelling twee, die balans tussen levendigheid en leefbaarheid.

Leefbaarheid is natuurlijk subjectief, ja, is daar een mogelijkheid om dat iets meer meetbaar te maken? Of in ieder geval, ja. De heer Hollander: Dat blijft, sorry, dat blijft subjectief. En ook als, weet je, als je de insprekers hebt gehoord de sentimenten die leven, dat zijn nadrukkelijk zaken waar je

71

rekening mee moet houden. Dat kun je op twee manieren doen, namelijk empathisch van we snappen het en we houden daar rekening mee, dat is altijd belangrijk. Tegelijkertijd is ook een iets anders en dat is meer juridisch, dat heeft alles te maken met wat kun je, wat mag je. De omgevingswet die geeft bijvoorbeeld heel nadrukkelijk aan: weet je, er moeten grenzen gesteld worden. Helder? De voorzitter: Ja, nou ja, ik voel even, ik weet ik ben voorzitter, maar ik help misschien even de heer Van den Berg of dat het meetbaar is, ja of nee. Want het is natuurlijk best wel telbaar, toch? Mensen die eventueel voor of tegen zijn en participatie, dat is toch ergens wel een beetje in te schatten, meetbaar? De heer Hollander: Op die manier, ja. Ja. De voorzitter: Dank commissie dat ik dat even mocht verhelderen. De heer Katif. De heer Katif: Ja voorzitter, dank je wel. Ik hoor u zeggen dat dit geen beleid is. Het zijn denkrichtingen, dat is wat u zegt als ik goed begrepen heb. Maar als ik nou zestig pagina's lang aan het lezen ben dan lees ik namelijk niet alleen denkrichtingen, maar dan lees ik meer dan dat. En wij als raadsleden willen we graag een tijdspad hebben wanneer de raad wel of niet betrokken wordt. Dus ik zie die zestig pagina zie ik niet als denkrichting, ik zie het, behalve als u zegt, nou, u hebt helemaal niet gelijk, dan zou ik graag willen horen van u.

Maar dat en het is een startnotitie of een notitie, maar het neigt eerder naar beleid dan alleen maar denkrichtingen. Want dan staan er heel veel dingen, zestig pagina's lang. Ik kan het bij de goede wil van mij niet denken dat het geen beleid is. Maar ik zou graag van u dat willen horen. En graag ook het tijdspad en de rol van de raad uiteraard in dat tijdspad. De heer Hollander: Ik weet nog niet in hoeverre je echt kunt spreken over, er zijn een aantal voorstellen die beleidsmatig vertaald kunnen worden. Ik probeer maar even een voorbeeld aan te geven, er is de nadrukkelijke wens om bijvoorbeeld jongeren meer een plek te geven in het aanbod, in zowel het organiseren als ook dat er gewoon meer evenementen voor jongeren gaan komen. Ik heb ook gehoord in een eerdere commissievergadering dat je datzelfde zou kunnen zeggen voor ouderen, want ook daar, weet je, is een vraag en kan een aanbod georganiseerd worden. Wat wil je nu en hoe zou je dat nu moeten organiseren? Je kunt dat vanuit de top down zeggen, nou weet je, Dordrecht waterstad, dat wordt het. Maar tegelijkertijd zou je ook kunnen zeggen, misschien is het veel interessanter om te zeggen: Dordrecht wordt de duurzame festivalstad of evenementenstad van Nederland. Bij dit alles moet je dat altijd doen in samenspraak met voor wie je het doet, namelijk de inwoners.

Vraag is: hoe ga je dat dan organiseren? In het voorstel en dat is misschien waar het riekt naar er zit nu al beleid in, er wordt een voorstel gedaan dat heet Citylab, dat is namelijk de oorspronkelijke werkmethode, om het in een soort stadslaboratoriumvariant te doen. Weet je, we leggen de vraag op tafel en we halen de stakeholders en de belangen mensen, de belanghebbenden erbij om samen die vraag te gaan beantwoorden. Dat is nog geen beleid maken, maar wat we wel willen aangeven, we willen nadenken hoe kunnen we dat dan inrichten, hoe moeten we dat faciliteren en hoe kunnen we dat budgetteren? En dat willen we dan als voorstel neerleggen om aan de raad en college te zeggen: nou, vindt u

72

dit een goed idee? Ik weet niet of het zestig pagina's waren. Ik weet dat het veel was en is. De voorzitter: Mijnheer Katif heeft geteld. Heeft u een vervolgvraag of … Uw microfoon, uw microfoon. De heer Katif: Excuses voorzitter. Nou, het tijdspad eigenlijk, er wel bij interessant. Ik zie hier uitwerken voorstellen 2024. Ja, dat is voor, ja, reeds in, oké. 25 een beslag, ja, 25 kan van… kan een jaar duren, kan het anderhalf jaar duren als je vanaf nu gaat berekenen. En in 26 wordt het geactualiseerd. Ik wil toch even kijken als we toch bezig zijn om dat te preciseren wat wanneer. Dat lijkt me heel verstandig ook als het gaat om, nou ja, er is ook een agendacommissie daar ook, een raad eigenlijk die dat graag ook zou willen. Dus iets specifieker dan in globale termen. De heer Hollander: Het raadsvoorstel wat er nu ligt vraagt om een akkoord om te zeggen: mogen we dit uitwerken. Als daar een ja op komt is het meteen met de volgende clausule dit graag met de hoogste prioriteit en dat binnen één of twee weken aangeven: dit wordt de uitvoeringsagenda. Dat daarin het tijdpad wordt vastgelegd, dat we ook gaan benoemen wat wanneer gewoon besproken kan gaan worden.

De voorzitter: Ik kijk, ja, ook even de vraag die de heer Katif heeft gesteld maar ook wat zeg maar hier het doel was van deze vergadering is dat de commissie nu wel had gevraagd om een tijdspad van dit vervolg en dat er in ieder geval wordt geschetst wat de betrokkenheid is van de raad, zonder dat het helemaal in steen gebeiteld hoeft te zijn, zoals ik het nu lees. Wellicht heeft u daar nu geen antwoord op maar kan dat eventueel dan nog schriftelijk? Is er al iets van, alvorens hier besloten wordt om dit, ja, voor te stellen. De heer Katif: Mijn vraag, ja sorry, was wat implicieter, ik wilde hem niet al te expliciet maken. Maar ik denk, nee, maar ik denk een ‘…’ komt er en je geeft namelijk een tijdspad in een raadsvoorstel. Je kan niet, het is, nou, ik mag het woord niet gebruiken maar een soort gijzeling: ja nou, keur het gewoon goed en dan pas ga ik het tijdspad aan. Dan zou ik het eigenlijk eerder anders willen, geef dat dan het geheel aan, dan kunnen we gewoon weten: o ja, toen dat en dat. Dan geef ik een, nou, dan geven wij ... De heer Hollander: Ja. Is het zo dat ik, ja sorry, ik ben gewoon niet bekend met, is dat wat ik nu moet aangeven of kan ik ook zeggen ik kan dat schriftelijk … Mevrouw Schnabel: Ja dat kan, we kunnen, u mag dat na … De heer Hollander: Oké, dat kost me ook een termijn. De voorzitter: Ja, absoluut, ja. De heer Hollander: Dat inzichtelijk maken.

73

Mevrouw Schnabel: Voorzitter, mag ik in het vervolg daarvan nog een korte vraag stellen? De voorzitter: Ja, gaat uw gang. Mevrouw Schnabel: Want ik ben dan ook wel benieuwd, ik weet niet of dat erbij genoemd kan worden, wie dan de partners zijn waarmee dan in gesprek gegaan wordt als onderdeel van het tijdspad.

De heer Hollander: Dat zal in verschillende settingen plaatsvinden. Bijvoorbeeld, want kijk, een van de dingen waar nu al werk van wordt gemaakt, om ook even aan te geven, weet je, er ligt nog geen tijdspad maar er wordt gewerkt, is bijvoorbeeld al datgene wat met de locaties te maken heeft. Dat heeft zo'n hoge urgentie, we moeten daar nu mee aan de slag. En aan de slag betekent dat we in dit geval concreet met het cluster ruimtelijke ordening en planjuristen, die zijn namelijk erg belangrijk in dit hele proces, met mensen van het evenementenbureau, met de omgevingsdienst, die verantwoordelijk zijn voor de vergunningen en met de organisatoren rond de tafel gaan zitten om te zeggen: nou, dit is de kaart van Dordrecht, wat kunnen we nu waar gaan doen. Op die manier dat als voorbeeld. Als het gaat over bijvoorbeeld de financiering van evenementen want dat is ook een belangrijk onderdeel van het hele onderzoek. Wat we zien is dat heel veel evenementen, dat veel van de evenementen nog onvoldoende zicht hebben op andere manieren van financiering dan enkel aankloppen bij de gemeente Dordrecht. Dat betekent dat we met de organisatoren gewoon één op één gaan samenzitten om te kijken: hoe zijn jullie, wat doen jullie en op welke andere manieren kan het ook gefinancierd worden? Dus dat is weer een apart cluster.

En zo werken we per vraag eigenlijk per onderdeel in verschillende samenstellingen en participatieprocessen naar een werkmodel en een voorstel. Helder? Mevrouw Schnabel: Jazeker, dank. En kan dat ook onderdeel zijn van het tijdspad? De heer Hollander: Om het zo geconcretiseerd te maken? Dat kan. Ja, dat kan. En ik denk ook wel goed, weet je, want op die manier kunnen we ook aangeven hoe we dat participatieproces noem ik het maar, hoe we dat gewoon inrichten, wie erbij betrokken zijn en dat we ook kunnen verantwoorden hoe we dat doen en waarom we dat zo doen. De voorzitter: Dank u wel. Dan krijgt de commissie die informatie nog. De heer Tutupoly, gaat uw gang. De heer Tutupoly: Ja, ik had nog even eigenlijk een vraag. In de stukken lees ik dat er een aantal evenementen, ik zal maar zeggen topevenementen, dat dat wat onder druk staat. Er wordt een ‘…’ genoemd vanwege de luchtvervuiling, stikstof. Maar zo wordt ook de kerstmarkt genoemd die eigenlijk gestopt is. Nou, als ik de heer hoor zeggen gaat het om evenementen voor iedere Dordtenaar, het gaat om evenementen die wat bijdragen en dan lees ik eigenlijk dat die kerstmarkt 11,8 miljoen aan economische spin-off had. En het wordt denk ik ook nog steeds veel gedragen door veel Dordtenaren.

Wordt daar ook nog over nagedacht als je zegt: nou ja, een paar van die grote evenementen staan nu onder druk, om naar een soort van kerstmarkt twee punt nul of iets dergelijks te doen. In

74

een iets andere vorm, maar dat je tegelijk wel een evenement hebt van body en die nog steeds bekend is overal. De heer Hollander: Dat is een vraag die specifiek over de kerstmarkt gaat en in relatie tot de Dordtse Decemberdagen. Dat is iets wat niet zo expliciet in deze nota is meegenomen omdat dat ook apart …

Mevrouw Van Engelen: Voorzitter, ik zal, sorry ja, dit is niet mijn bedoeling om als een soort prins op het witte paard te helpen, maar of te redden. Maar meer: we hebben hier al, we hebben over de kerstmarkt en de Dordtse Decemberdagen hebben we al een keer uitgebreid commissie gehad. Dus dat lijkt me niet helemaal gepast, ook de laatste vergadering, lijkt me niet echt gepast gezien het tijdstip om dit dan nu opnieuw te bespreken. De heer Tutupoly: Nou voorzitter, waarom ik dat eigenlijk vraag, als je noemt dat bepaalde evenementen onder druk staan en dat je dus eigenlijk ziet dat er weinig of minder van die grote evenementen zijn die wat bijdragen, dan denk ik: ja, als ik nu naar de cijfers kijk en 11,8 miljoen aan economische spin-off, dan is het zeker denk ik het over na te denken een of andere manier om op die manier de evenementen wat meer op de kaart te zetten. De voorzitter: Ja, ik snap hem heer Tutupoly. De heer Burggraaf wil wat zeggen, ik ben het wel eens met mevrouw Van Engelen dat nu het moment er niet voor is aan wat er nu voorligt. Kan natuurlijk altijd vragen gesteld worden, dat is geen punt, maar even voor dit moment niet. En de heer Burggraaf wil er even op reageren. De heer Burggraaf: Ja voorzitter, ik wil er toch wel op wijzen dat het echt wel van belang is dat we ook uit kunnen gaan van consistentie van beleid.

En we hebben hier vorige, nou ja, wat is het, ik denk in september heeft u zelf in de raad een besluit genomen om in de kerst de Dordtse Decemberdagen te organiseren en om voor de aankomende editie te onderzoeken of daar een kerstijsbaan bij kan. Nou, we hebben ook gezien dat de evaluatie gelukkig van nieuwe stijl Dordtse Decemberdagen tot grote tevredenheid heeft geleid, dat er absoluut nog wel weer nieuwe dingen zijn waarop het verder kan groeien en nog verder kan verbeteren. Nou, voegen we daar de kerstijsbaan aan toe. Ja, laten we niet op jaarbasis weer nieuwe koersen inslaan want dan kan je nooit juist dat soort grote evenementen een goede stabiele basis geven. Het andere aspect is als het gaat over een, nou ja, maar dan komen we op het verhaal van de piramide en de verspreiding van type evenementen, dat je natuurlijk goed moet kijken dat je voor elke doelgroep wat te bieden hebt. Dus zowel voor, nou ja, de kleine evenementen die vooral op buurtniveau iets toevoegen tot aan grotere evenementen die vooral iets ook doen voor je bezoekersstromen naar de stad en een economische spin-off geven waar natuurlijk ook evenementen als een Tour de Femmes bijvoorbeeld er eentje van is die de stad wat breder op de kaart zet. Dus zo moet je gewoon zorgen dat je een goede mix van verschillende evenementen hebt.

De voorzitter: Ik wil even rondkijken naar de commissie want ik weet dat we later zijn begonnen maar we zijn nu ook tien minuten over tijd. Dus mijn vraag is ook, nou ja, is er

75

voor u voldoende informatie verzameld om wel over te gaan tot oordeelsvorming of staat er nog wat open? Mevrouw Van Engelen: Wat mij betreft is er genoeg informatie voor oordeelsvorming. De voorzitter: Dank u wel. Is er nog iemand anders die … Mevrouw Schnabel: Voorzitter? Met inderdaad wat de heer Katif ook over het tijdspad noemde, als dat bij het stuk gevoegd is samen met de stakeholders zeg maar die per, dan zou het onzes inziens ook oordeelsvormend. De voorzitter: Oké, de griffie heeft het genoteerd inderdaad het tijdspad met de aanvullingen die u had gedaan. Vat ik het dan goed samen dat we naar een oordeelsvormende vergadering toe willen met elkaar? Wat zou dan uw politieke vraag zijn, of vragen? Als het … Ja inderdaad, mevrouw Vermeulen geeft net aan dat u wellicht wil wachten tot het tijdspad geleverd is en dat wellicht dan aan de hand daarvan nog de politieke vraag kan worden geformuleerd. Is dat oké? Ik merk niet hele erge ja of nee. Ja, mevrouw Lammens. Mevrouw Lammens-Oostdijk: Hoe worden we zo snel mogelijk weer evenementenstad van het jaar? De voorzitter: Hoe worden we zo snel mogelijk evenementenstad van het jaar? Maar daar zit al een vooringenomen keuze in, toch? Biedt het voldoende basis om evenementenstad van het jaar te worden, dank u wel. Want de heer Den Heijer zei het niet in de microfoon dus dat zeg ik even voor hem. Mevrouw Schnabel.

Mevrouw Schnabel: Ja, wat ik net heb begrepen is het gewoon nog een heel open document dus of we, nou goed, het is een politieke vraag. Dus nou, dan zou ik graag willen meegeven of we het eens zijn met de voorgestelde punten die worden meegegeven. Ja. De voorzitter: Ja, waren dat … Ja, ze zijn genoteerd, is die goed zo, ja? Dat waren ook uw punten, mevrouw Van Engelen? Dat was ook wat u wilde aangeven? U wilde wat zeggen. Nee, oh. Oké goed, dan hebben we nu denk ik drie politieke vragen geformuleerd en dan gaan we … Toch? Twee, twee, bier, ja, het is laat, het is laat mensen. Ik wil jullie van harte bedanken voor jullie aanwezigheid, jullie inzet. Dank mijnheer Holland voor, Hollander, sorry, voor de presentatie en dank wethouder. Fijne avond. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van …… 2024.

De griffier,

De voorzitter,

76

A.E.T. Wepster

A.W. Kolff

77

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/734/documents/29762