2.5 Concept Notulen Gemeente Dordrecht Commissie Fysieke Leefomgeving 15 juni 2021.pdf
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE COMMISSIE FYSIEKE LEEFOMGEVING DORDRECHT D.D. 15 JUNI 2021 Vergaderkamer: via MS Teams Voorzitter: mevrouw Jager Commissiegriffier: dhr. Den Boer Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Chapel (CDA) Dhr. Gündogdu (Beter Voor Dordt) Dhr. Hartog (PVV) Dhr. Jansen (PvdA) Mevr. Klein-Hendriks (ChristenUnie-SGP) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Dhr. Kuhlmann (VVD) Dhr. Loekemeijer (D66) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Dhr. Noldus (VVD) Dhr. Oostenrijk (CDA) Dhr. Portier (SP) Dhr. Sas (inspreker) Dhr. Stolk (VSP) Dhr. Struijk (ChristenUnie/SGP) Dhr. Timmer (GroenLinks) Dhr. Tutupoly (Beter Voor Dordt) Portefeuillehouders: de heer Burggraaf, de heer Van der Linden, de heer Sleeking, de heer Stam
Opening 1. Opening, mededelingen en vaststellen agenda De voorzitter: Goedenavond dames en heren, allemaal welkom bij deze bijeenkomst van de commissie fysiek. Spannende avond met heel veel op de agenda, dus ik hoop dat we elkaar allemaal helpen door kort en bondig te zijn, dat zou erg fijn zijn, dan redden we het misschien. Voordat we verdergaan vraag ik om voor het verslag aan de commissiegriffier om de namen te noemen van de mensen die in deze commissievergadering aanwezig zijn. Gaat uw gang. De heer Den Boer: Dank u wel voorzitter, goedenavond. Aanwezig zijn de heer Kuhlmann van de VVD, de heer Timmer - GroenLinks, de heer Loekemeijer - D66, de heer Hartog - PVV, de heer Chapel – CDA, de heer Van der Meer – GroenLinks, de heer Tutupoly – Beter Voor Dordt, de heer Gert-Jan Kleinpaste van Gewoon Dordt, de heer Gündogdu – Beter Voor Dordt, mevrouw Klein-Hendriks – CU/SGP, mevrouw Jager, de
1
voorzitter van vanavond, de heer Struijk – CU/SGP, de heer Stolk van de VSP, de heer Noldus van de VVD, de heer Portier van de SP, wethouder Stam en de heer Oostenrijk van het CDA. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we over naar het vaststellen van de agenda. Vanwege het blokkenschema dat alle drie de commissies vanavond hanteren voor de bespreking van de agenda Dordrecht 2030, staat het agendadeel voor deze avond achteraan de agenda. Verder is een tweetal mondelinge vragen aangemeld voor wethouder Van der Linden, die om 22:00 uur bij onze commissie aansluit. Ik stel voor het agendapunt vragen aan het college te behandelen na de bespreekstukken van vanavond, dat is dus na agendapunt 6. Ik neem aan dat de commissie zich daarin kan vinden. Kan de commissie zich vinden in deze agenda en instemmen met de wijzigingen daarin? Ik zie een akkoord van mijnheer Kuhlmann, een prima van mijnheer Portier, dan ga ik ervan uit dat iedereen er zo over denkt. Fijn, dank u wel. Er zijn vooraf geen mededelingen aangemeld. Is er nog iemand die vanuit de commissie of het college mededeling wil doen. Ik zie dat mijnheer Kleinpaste een mededeling heeft. Ik zou zeggen, gaat uw gang mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Dank u wel voorzitter. Ja ik wil toch even kort een mededeling doen.
We krijgen vandaag de antwoorden binnen op onze artikel 39, gaat over de stedelijke bepalingen, en vervolgens geeft je die antwoorden alleen antwoordde vervolgvragen over te gaan stellen. Het leek me goed de commissie daarvan op de hoogte te brengen. De voorzitter: Dank u wel. Die is bij dezen op de hoogte. Dan zie ik verder geen mededelingen meer. 2. Vaststellen besluitenlijst adviescommissie van 8 juni 2021 De voorzitter: Kunnen we over naar het vaststellen van de besluitenlijst. Mijnheer Van der Meer van GroenLinks heeft te kennen gegeven dat hij een wijzigingsvoorstel in wil dienen en het woord is aan mijnheer Van der Meer hiervoor. Gaat uw gang. De heer Van der Meer: Ja voorzitter op pagina 5 en 6 van de besluitenlijst wordt aan de wethouder, wethouder Van der Linden een uitspraak toegeschreven dat de regio in de RES 35 TWH willen besparen. Nou is dat ongeveer 20 of 30 keer zoveel als dat we überhaupt gebruiken aan energie, dus dat kan hij nooit gezegd hebben. Die 35 TWH slaat op de landelijke doelstelling van op te wekken duurzame energie op land. Dus misschien is het goed om even bij de wethouder te verifiëren wat hij echt bedoeld heeft want dit kan absoluut niet. De voorzitter: Daar is de wethouder. Op uw wenken bediend, gaat uw gang. De heer Van der Linden: Dat klopt, dat is de landelijke opgaven en wij doen 0,37 TWH. Dat stond ook in de RES.
De heer Van der Meer: De opmerking gaat over besparing en niet over opwekking dus dat is de verwarring.
2
De heer Van der Linden: Ik weet dat we het gehad hebben over opwek, ik weet niet meer of die opmerking over 0,37 en 35 in het kader van besparingen voor opwek is geweest want ik val nu net binnen. Maar zoals u het formuleert, ik heb het hier inderdaad nooit over besparen gehad met 35 TWH, dat klopt. De heer Van der Meer: Oké, dus dan moet dat gewoon 0,37 TWH opwekken. De heer Van der Linden: Dat was de opgave die we in onze regionale RES hebben opgenomen ja. De heer Van der Meer: Dank u. De voorzitter: De griffier heeft het genoteerd, dank u beiden. Ondertussen hebben mijnheer Jansen zich gemeld en mijnheer, die was er wel maar was niet genoemd. U wordt alsnog bijgeschreven. Kan de commissie nu instemmen met het gewijzigde besluit, met de gewijzigde besluitenlijst? Ik zie geen commentaren. Dan ga ik ervan uit dat dat in orde is.
Stukken ter bespreking 4. Reserveringen Agenda Dordrecht 2030.- Raadsvoorstel De voorzitter: Dan kunnen we nu starten, precies op tijd, met de reserveringen agenda Dordrecht 2030. We hebben het opgedeeld in drie blokken en alle drie de commissies bespreken vanavond de maatschappelijke businesscases die zijn opgesteld ten behoeve van het verdelen van de Eneco-gelden. De insteek van de commissie besprekingen is onder businesscases inhoudelijk en politiek goed door te spreken, zodat de raad volgende maand een goed oordeel kan vellen over of de voorgestelde verdeling van de Eneco-gelden de juiste is. Fysiek bespreekt vanavond de businesscases Dordwijkzone, Spoorzone en Duurzame Stad. Dat doen we net als de andere commissies in drie blokken zodat woordvoerders en wethouders tussentijds eventueel van commissie kunnen wisselen. We starten vanavond met blok 1 Dordwijkzone en dan komt blok 2 Spoorzone aanbod en dan blok 3 Duurzame Stad. De portefeuillehouder bij blok 1 de Dordwijkzone is portefeuillehouder Stam en ik inventariseer in de chat welke fracties het woord over deze businesscase graag willen voeren en ik verzoek u om u aan te melden met uw partijnaam, dus niet uw eigen naam maar de partijnaam. Dan wordt dat genoteerd in die volgorde gaan wij spreken. De SP heeft zich gemeld.
Wie nog meer? De heer Gündogdu: Voorzitter, Aydin Gündogdu, Beter Voor Dordt … De voorzitter: Ja? De heer Gündogdu: Ik heb functie. De voorzitter: Wat zegt u? De heer Gündogdu: Ik heb even geen chatfunctie dus vandaar dat ik het even op zo’n manier …
3
De voorzitter: Aha, geen chatfunctie wat is dit nu. De heer Gündogdu: Op een of andere rare manier. De voorzitter: Oké ja rare manier, ja. Maar hij staat er nu bij hoor, u staat ertussen. CDA, Gewoon Dordt, VVD, dat zijn ze? Dat zijn er dan zes, ChristenUnie, zeven. En als u zich niet aanmeldt voor een woordvoering mag u natuurlijk altijd gewoon interrumperen, dat is niet aan elkaar verbonden. Dus ik zou zeggen, we hebben er nu zeven, ik ga beginnen bij de SP. En ik denk dat het verstandig is als ik u vertel dat u gemiddeld 5 minuten in zijn totaliteit heeft met de interrupties daarbij en niet zozeer uw interruptie als wel in zijn totaliteit want we hebben niet meer dan, even kijken, 45 minuten voor het geheel en dan moeten wethouder en die tijd ook nog zijn zegje doen. En we zitten dus krap omdat we in die blokken werken, dat is gewoon het hele eieren eten. Dus ik zou zeggen, laten we gauw van start gaan bij mijnheer Portier, SP, gaat uw gang. De heer Portier: Ja voorzitter ik zal het heel beknopt houden. Ik dacht de gelegenheid te baten om eerst een paar algemene opmerkingen te maken op het hele set van voorstellen die voor ons liggen en niet alleen bij fysiek maar ook bij de andere commissies, dus de hele set van reserveringsvoorstellen.
En wij vragen ons af of het namelijk verstandig is om nu al een groot aantal reserves in te gaan richten, waar er eigenlijk nog helemaal geen concrete voorstellen voor wat er daarmee gaat gebeuren. En dat is een algemene opmerking. En waarom niet geld reserveren op het moment dat er een concreter plan ligt en we daadwerkelijk weten wat iets gaat kosten? Het lijkt erop alsof het college zo snel mogelijk van de Eneco-gelden af wil zal ik bijna zeggen. Dat is een eerste punt. Een tweede punt is dat we de ene kant de investering hebben van de gemeente en aan de andere kant maatschappelijke baten, maar maatschappelijke baten zijn niet per se baten die terugkomen beide gemeenten. Dat hoeft natuurlijk ook niet altijd, het is natuurlijk ook onze taak als gemeente om het welzijn en de welvaart van onze eigen bevolking te goten. En het is goed als we daar een schatting van kunnen maken. Maar de vraag hoe betrouwbaar of hoe solide die inschattingen zijn als je periodes van 30,50 of zelfs 100 jaar verder gaan kijken, daar wil ik wel de nodige vraagtekens bij zetten. Even toegespitst op de Dordwijkzone, laat ik zeggen dat we enthousiast zijn over de ideeën die uitgewerkt zijn door Meccano bij deze businesscase op gebaseerd is, en we zijn daar zeker niet tegen dat daar werk van gemaakt wordt, integendeel.
Wat wel twijfel bij ons oproept is als je gaat kijken naar de maatschappelijke baten, dan die voor een heel groot gedeelte in de stijging van de waarde van onroerend goed en daar gaat het om cijfers die lopen tot ver boven de € 100.000.000 van wat de OZB-waardes van woningen toe zouden nemen. Nu is het wel een beetje vreemd want in de Dordwijkzone zelf komen eigenlijk geen of verwaarloosbaar aantal woningen, maar dat zouden allemaal zijn een waardestijging van woningen in heel Dordrecht, vooral om het Dordwijkpark heen. Ja of dat een dermate groot effect gaat hebben, daar willen wij de nodige vraagtekens bij plaatsen. En daar wou ik het even bij laten voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Portier. Dan gaan we door naar mijnheer Van der Meer van GroenLinks, gaat uw gang.
4
De heer Van der Meer: Ja dank u wel voorzitter. Ik kan me eigenlijk voor het overgrote deel naadloos aansluiten bij wat de heer Portier heeft gezegd, dus dat hoef ik niet herhalen. Zijn opmerkingen onderstreep ik graag. Ik wil dan nog een concrete opmerking aan toevoegen. Een van de voordelen van het mooie plan voor de Dordwijkzone dat genoemd wordt, is het tegengaan van de hittestress. We hebben daar een vraag over gesteld en dan blijkt uit het antwoord dat inderdaad de hittestress wordt bestreden maar vooral binnen de Dordwijkzone terwijl de Dordwijkzone natuurlijk niet de zone is in Dordrecht waar de hittestress het grootste zal zijn, onder andere omdat het al op een aantal opzichten al redelijk groen is. Het is natuurlijk mooi dat het daar wat koeler wordt en dat zal bij warme dagen veel publiek aantrekken en dus erg druk worden, maar het draagt niet bij aan de hittestress in de stad als geheel. Denk aan Stadswerven, denk aan Krispijn en denk aan andere wijken. En misschien is ook dat een reden in aansluiting op wat de heer Portier heeft gezegd, om toch een groter deel van het geld op dit moment nog niet te bestemmen, want voor een duurzaam en toekomstbestendige ontwikkeling van Dordrecht is op de aanpak van hittestress in de rest van de stad heel erg belangrijk.
En ik Wilders maar laten zien dat door deze zeven plannen samen, niet de hele agenda Dordrecht 2030 gedekt is en misschien moeten we dat later nog wat gaan verder preciseren. Dan ook even bij laten, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van der Meer, kort en bondig, zo komen we er wel. Mijnheer Oostenrijk van het CDA, gaat uw gang. De heer Oostenrijk: Ja dank u voorzitter. Het CDA is zuinig op een groene Dordwijkzone, een gebied wij in de toekomst op prachtig al wandelend en fietsend kunt recreëren. We willen dit groene gebied nog aantrekkelijker maken met een blijvende plek voor sport en scouting en andere daar passende verenigingen. Dit ook om de omringende woongroepen meer leefkwaliteit te bieden. Wij beseffen dat deze kwaliteitsslag veel geld kost, vandaar de, het begrip voor de voorgestelde reservering. Vooral zal daarbij de uitdaging liggen om de infrastructuur zo te verbeteren dat er onderling veel gebieden beter met elkaar worden verbonden, en dat geldt ook voor het opnieuw vormgeven van de primaire doelstellingen van sportverenigingen, binnen de beoogde open structuur van het hele gebied. Dat is zowaar een opgave, die alleen met een volledige participatie van deze verenigingen tot een succes kan leiden.
En we zien dit participatieproces dan ook met belangstelling tegemoet en het moet ons van het hart dat we wel de nodige moeite hebben met het hardheidgehalte van het berekende rendement van een maatschappelijke businesscase, van de totaal ontwikkelvisie, uitkomend op zo’n € 175.000.000. De wethouder die mag ons dat nu eens even haarfijn uitleggen, maar dat bedrag op gestoeld is, omdat we zijn een maatschappij die niet geregeerd wil worden met alleen maar theoretische statistiek is. Dus wethouder, leg uit. Dat was het voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Oostenrijk, we hebben even wat problemen met de computer en het geluid, komt goed. Dank u wel. Dan gaan we door naar mijnheer Kleinpaste van Gewoon Dordt, gaat uw gang. De heer Kleinpaste: Ja dank u wel voorzitter. Ja ik had eerst nog even het woordje interruptie ingetypt bij mijn voorganger maar u had problemen met de computer
5
begreep ik. Maar ik zou nog eerst een vraag aan de heer Oostenrijk willen stellen met uw toestemming. De voorzitter: Jazeker, gaat uw gang. De heer Kleinpaste: Want ik onderschrijf graag het pleidooi over het belang van sport, ook in die Dordwijkzone, maar ik mis eigenlijk wel dat we ook heel gericht daar dan op inzetten ook met geld. Dus is de heer Oosterwijk het met mij eens dat we dan ook buitenparticipatie ook gewoon misschien wat extra middelen moeten vrijmaken om te zorgen dat de sportvoorzieningen allemaal op peil komen? De heer Oosterwijk: Ja voorzitter, ja dat beseffen we, dus daar gaan we ook vanuit dat bij die 55 miljoen, die voor deze businesscase is gereserveerd, wordt gereserveerd, dat daar ook een soort transitie plaats gaat vinden vanuit de huidige vormen van sportverenigingen, ik zou zeggen met het hek eromheen, naar open structuren. En daarom is dat participatieproces zo van belang want dan zal best veel geld mee gemoeid gaan worden. Ik hoop dat ik zo iets duidelijker ben. De voorzitter: Is dat duidelijk genoeg voor mijnheer Kleinpaste? De heer Kleinpaste: Dank u wel mijnheer Oostenrijk voor dit antwoord en ik pass hem maar even door om in sporttermen te spreken opdat de wethouder straks ook nog iets hierover kan en wil zeggen als hij wil reageren op wat we allemaal inbrengen. Laat ik naar de woordvoering van Gewoon Dordt overstappen.
Ja die sluit voor een deel echt goed aan bij wat de heer Portier ook … De voorzitter: Een moment je voor dat u overstapt. Ik zie dat mevrouw Klein-Hendriks, u gaat zo naadloos maar ik denk hoe gaan we verder maar mevrouw Klein-Hendriks heeft een vraag en mijn vraag is: heeft u een vraag aan mijnheer Oostenrijk of aan …? Mijnheer Oostenrijk, ja klopt, gaat uw gang. Mevrouw Klein-Hendriks: Ja, klopt. En dat is naar aanleiding van de introductie van de heer Kleinpaste, de heer Oostenrijk geeft aan dat er veel geld gemodderd zou zijn met de transitie om naar open sportparken te gaan. En wellicht kan de heer Oostenrijk een tipje van de sluiter oplichten waarom dat nou zo nodig veel geld zou moeten kosten? De heer Oostenrijk: Nou, even een aspect wat eigenlijk voor alle business cases geldt en ook de daaraan gebonden reservering. De stukken die we nu hebben die zijn nog behoorlijk abstract. Dus je kan elke transactie binnen dat gebied dat kan je dus ook niet op dit moment voorzien van geld. Maar het zal duidelijk zijn dat… Ik zou zeggen de omzetting van gesloten naar open sportverenigingen ook met name in ruimtelijke zin dat dat participatie en geld gaat kosten. De voorzitter: Is het zo duidelijk mevrouw Klein-Hendriks? Duidelijk genoeg voor het moment? Hé, ik heb mevrouw Klein-Hendriks heeft geen geluid. Uw geluid staat niet aan.
6
Mevrouw Klein-Hendriks: Sorry, voorzitter. Ja, het is mij volstrekt niet duidelijker geworden, maar ik begrijp uit de woorden van de heer Oostenrijk dat die hiermee wil volstaan voor dit moment. Dus nou, ja, goed dan is het hem ook niet duidelijker. De voorzitter: Oké, misschien komt het nog. De heer Oostenrijk: Voorzitter, dan toch een reactie, maar die geldt in algemene zin. Je kan geen enkele actie binnen zo’n business case nu voorzien van geld. Dat is het algemene punt. Het zijn bepaalde doelstellingen waar je wat van kunt vinden, maar je kan niet elke actie labelen aan het budget op dit moment. Maar ik begrijp de doelstelling dat je hier wellicht 55 miljoen voor nodig zult hebben. De voorzitter: Dank u wel. Ja, ik hoorde mijnheer Portier net ook al zoiets zeggen, geloof ik zelfs. En je kunt nu nog niet zeggen hoe of wat. Maar goed, we gaan door naar de woordvoering van Gewoon Dordt met uw welnemen. Gaat uw gang mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ik was ook al… De voorzitter: Ja, u was een klein beetje begonnen, maar kwam even tussendoor. De heer Kleinpaste: Dat ik me wilde aansluiten bij de opmerking die u eigenlijk ook weer even naar voren haalde van de heer Portier.
Want het is heel moeilijk inderdaad om deze prachtige plannen die er liggen en het vergezicht spreekt me aan, maar in business case is te vatten met de illusie dat die business case is dan ook nog dicht bij de werkelijkheid gaan uitkomen. Dus dat is verduveld moeilijk en het lijkt ons, Gewoon Dordt, ook heel erg verstandig om daar regelmatig updates in te krijgen. En vooral om te zorgen dat in alle jaren die er nog gaan komen, ook volgende raden en volgende colleges volop de ruimte hebben om in die business cases te blijven doordenken en te blijven door akkeren hoe het beter en verstandiger kan. En hoe we misschien ook af en toe geld vanuit het ene programma beter in een ander programma zouden kunnen aanwenden. Nou, die business cases die hebben wel de illusie van een hard ei, maar ze zijn natuurlijk uiteindelijk boterzacht. Als het over de Dordwijkzone gaat dan ja, bevalt ons de denkrichting en de ambitie die daaruit spreekt. Een prachtige groene long in de stad waarin heel veel recreatief en sportief mogelijk is. We hebben daar al uitgebreid in de commissie over gesproken, dat hoeven we allemaal niet over te doen vandaag. We kunnen echt volstaan, denk ik, met zeggen dat dit vergezicht prachtig is, goed opgesteld. Destijds door Meccano, nu van een business case gezien waarvan we dan hopen dat die een beetje dicht bij de werkelijkheid over tig jaren gaat landen.
Maar er zal nog best het nodige in veranderen, denk ik maar zo. En daar komen we ongetwijfeld op andere momenten met elkaar over te spreken. Dus we zijn enthousiast over dit specifieke plan. Ik vind ook best dat daar geld voor gereserveerd mag worden zonder dat het ook meteen weer muurvast zit en er niks anders mee kan in de toekomst. Dus we hebben geen moeite met die reservering als zodanig. En de tijd zal leren hoe het er uiteindelijk komt uit te zien en wat de Dordtse wijkzone over pakweg 10, 20, 30 jaar voor het Dordtse allemaal betekent. En daar wou ik het nou even bij laten.
7
De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we verder bij Beter Voor Dordt. Gaat uw gang. De heer Gündogdu: Ja. De voorzitter: Gaat uw gang, mijnheer Gündogdu. De heer Gündogdu: Ja, dank je wel, voorzitter. In zijn algemeenheid een opmerking en dat heeft betrekking tot een drietal programma’s die nu vanavond voor ons ligt, voorzitter. En dat is zojuist ook even aangestipt, maar ik wil daar even kracht bijzetten. Schroom niet om te kijken of je allicht kunt verschuiven tussen programma’s met middelen. Want hè, de maatschappelijke business cases zijn uitgewerkt, maar zijn wat ons betreft niet in het beton gegoten. Het zijn allemaal investeringen voor onze mooie stad. En daar waar er een minuutje tekort of te veel is, probeer wel vanuit het besef dat al deze investeringen garanderen voor de stad ook te kijken of je over de grenzen van de programma’s kunt investeren. Nou, over de Dordwijkzone, voorzitter. Wij hebben inderdaad in het verleden, vrij recent nog van gedachten gewisseld over ontwikkelingen in de Dordwijkzone. We zien dit eigenlijk als een mooie ontwikkeling van het gebied, het aanvullen van het gebied waarbij het sporten, het recreëren hand in hand gaat. En wat ons betreft en dat is eerder ook gerefereerd. Daar horen ook wat ons betreft geluidsschermen langs de N3 bij.
Daar is ook in een van de business cases ook even aandacht… Maar graag zien we dat ook uitgewerkt, concreet met mogelijke kosten daarbij. De voorzitter: Mijnheer Gündogdu, u heeft nu al twee interrupties. Eerst mijnheer Oostenrijk en dan mevrouw Klein-Hendriks. Mijnheer Oostenrijk, gaat uw gang. De heer Oostenrijk: Ja, voorzitter. De heer Gündogdu begon met te stellen dat de maatschappelijke business cases zijn uitgewerkt. Bedoelt die daarmee dat onderdeel van de berekeningen van het maatschappelijk rendement? De voorzitter: Ja, gaan we nu even vragen. Bedoelt u dat? De heer Gündogdu: Het maatschappelijke rendement, ja. De heer Oostenrijk: A, ha, dus u kunt ons fijn uitleggen hoe u komt tot de juistheid van dat maatschappelijk rendement voor dit gebied van 175 miljoen? De heer Gündogdu: Ja, nou, een hele mooie vraag, mijnheer Oostenrijk. Net als u weet ik ook dat er heel veel aannames ten grondslag liggen bij die maatschappelijke business cases. Weliswaar is dat ook gestoeld op wetenschappelijke basis, hè. Er is niet even vingerwerk gedaan. Er zijn heel veel aannames en op basis van heel veel variabelen is men tot een bepaald maatschappelijk rendement gekomen. En dat kunt u natuurlijk aannemen voor waarheid, dat doen wij niet. Maar het is wel een richtlijn vanuit ons, vanuit Beter Voor Dordt, wat wij zeggen.
Nou, dat is mooi op basis van het contant maken van de … op dit moment. Daarvan gaan wij vanuit van, het is een mooie investering, het gaat mij renderen, maar nu momenteel is ons de keuze of we hierin
8
willen meegaan of niet. En wij gaan daar wel in mee. Dat is hoe wij dit hebben gelezen en hebben besproken. De heer Oostenrijk: Ik ben graag nieuwsgierig naar uw onderbouwing dat deze 175 miljoen klopt. De voorzitter: Ik denk dat we dat in een later stadium gaan meemaken. De heer Gündogdu: Dat gaan we nog heel vaak meemaken. De voorzitter: Vermoed ik ook. Dan gaan we door naar mevrouw Klein-Hendriks met uw interruptie. Gaat uw gang. Mevrouw Klein-Hendriks: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, de heer Gündogdu merkte wat op over het schuiven met geld tussen programma’s. Volgens mij staan wij vooral nu op dit moment voor de vraag of de raad bereid is om voor deze programma’s, deze bedragen te reserveren. Dus ik dacht in één keer, wat bedoelt u nou? Zou u het wat dat betreft op één hoop willen gooien of zoiets? Geen idee. De heer Gündogdu: Nou, voorzitter, ik wil daar graag even wat nadere toelichting op geven, het is een mooie vraag van mevrouw Klein-Hendriks. Mevrouw Klein-Hendriks, het gaat om velen miljoenen die wij gaan reserveren in diverse programma’s. En wat vonden wij ook, het besef hebben met deze middelen die wij gaan investeren dat we heel veel cofinanciering ook gaan betrekken. En nou, nu is er bijvoorbeeld als we het hebben over de Dordtwijkzone concreet door het college ook het voorstel gedaan om 55 miljoen euro te investeren of te reserveren, pardon.
Daarvan zeggen wij, mocht je op enig moment te veel hebben of te weinig, kijk of je kunt nou, ja, middelen, mogelijke middelen kunt verkrijgen van een ander programma waar je net een overschot in hebt. Dus we leggen dit als een richtprijs of richtbegroting, maar schroom niet om te kijken, want het zijn allemaal investeringen voor de stad. Dus schroom niet om te kijken of je buiten de programma’s ook andere middelen zou kunnen betrekken van andere programma’s. Dus dit zijn de richtprijzen, richtbegrotingen concreet gezegd, daar houden we wel aan vast. Maar schroom niet om verder… Mevrouw Klein-Hendriks: Ik heb nog een volgende vraag, voorzitter. De heer Gündogdu: Ja, zeker. Mevrouw Klein-Hendriks: U maakt meteen of in ieder geval Beter Voor Dordt maakt meteen de stap naar van nou, kom je ergens tekort dan ga je schuiven. Zou het niet beter zijn om eerst de vraag te stellen waarom er ergens tekorten of overschotten zijn in bepaalde programma’s voordat er nu… Want kennelijk heeft beter voor dat een ander programma op het oog voordat we gewoon gaan schuiven met geld. De heer Gündogdu: Nou, weet u mevrouw Klein-Hendriks dan kom ik ook op de discussie van zojuist met mijnheer Oostenrijk terecht. Kijk, dit zijn investeringen op termijnen van 10, 20, 30 jaar. En wij doen nu reserveringen op bepaalde aannames,
9
weliswaar goed uitgewerkt. Maar ja, we weten niet natuurlijk wat de toekomst ons gaat brengen. En als we nu al heel scherp zitten als raad zijnde dat we dit echt in beton gieten ja, dan overschaduwen wij onszelf, gaan we over onszelf gaan we over ons graf heen reageren. Als we het hebben over pakweg een jaar of 10 als de raad zegt van nou, we hebben net extra middelen nodig voor deze belangrijke ontwikkeling of we komen net tekort. Dus daar moeten we denk ik, denken wij niet zo halsstarrig inzitten. Maar dat de bedragen dat in serie nu door het college worden gevraagd mooie richtlijnen geven daar zijn we het volledig mee eens, dat zijn onze richtbegrotingen en daar tornen we nog op dit moment absoluut niet aan. Maar dat je dat in beton giet, ook niet. Is dat een antwoord op uw vraag? De voorzitter: Daar wil ik het graag bij laten, want ondertussen zijn er vragen en interrupties van mijnheer Van der Meer en mijnheer Kleinpaste. Wilt u alstublieft wel de tijd in de gaten houden, want de anderen moeten ook nog even aan bod komen. Mijnheer Van der Meer, gaat uw gang. De heer Van der Meer: Ja, heel kort. Ik begrijp dat de heer Gündogdu flexibiliteit wil houden naar de toekomst, dat juich ik heel erg toe. Maar hij stemt wel in met die 55 miljoen. Stel dat het college 45 of 65 miljoen voorgesteld had dan begrijp ik dat die daar ook mee akkoord was gegaan.
Of had u dan argumenten gehad om dat niet te willen? De heer Gündogdu: Nou, deze bedragen zijn gestoeld op ja, die maatschappelijke business cases waarvan Descisio heeft aangegeven nou, als je dit investeert op basis van je programma, al die investeringen die zijn genoemd, zou je dit daarvoor kwijt kunnen zijn. Dus dat geeft voor ons in ieder geval houvast. En kijk, ik heb die berekening niet zelf gemaakt, maar was dat hoger uitgevallen of lager ja, dat geeft voor ons de discussie van, willen we daarin meegaan? Maar 55 miljoen euro voor een ambitieus ontwikkelareaal… De heer Van der Meer: U geeft wel aan dat derden waarschijnlijk ook zullen moeten gaan bijdragen. Dus dan… De heer Gündogdu: Ja, mijnheer Van der Meer en er is natuurlijk heel veel cofinanciering hè, dit is niet alleen maar investering vanuit de gemeente. Natuurlijk het zijn deze bedragen investering vanuit de gemeente, maar de verwachting is dat we ook heel veel cofinanciering uitlokken. En dat zou die meerwaarde, die multiplier effect in dit gebied ook gaan geven. De heer Van der Meer: Ja, mag ik… De voorzitter: Even klaar hè, ja. Want anders gaan we te veel de diepte in ben ik bang. Mijnheer Kleinpaste laat uw licht ook nog eens even schijnen. De heer Kleinpaste: Ik hou het even kort, voorzitter. Ik sloeg een beetje aan om het begrip niet over je graf heen regeren wat de heer Gündogdu gebruikte.
Want dit college regeert natuurlijk wel degelijk over haar graf heen door het heel specifiek in programma’s te bestemmen. Dan had u het in de algemene middelen kunnen mieteren
10
allemaal en dan kunnen volgende colleges daar wat aan doen. Want ook in de kadernota leren we dat en volgend college na dit college in ieder geval begint met 0 euro voor nieuw beleid. Dus u regeert over uw graf heen dus gebruik of die term niet of rechercheer het een beetje. De heer Gündogdu: Nou, ik zal het even sterker maken mijnheer Kleinpaste. Ieder college regeert over zijn of haar graf heen en dat zijn we immers gewend. Wat ik bedoel hiermee te zeggen, is die 55 miljoen als we het seq. hebben over dit gebied, er zijn bepaalde programma’s daar hebben we in het verleden ook met elkaar van gedachten gewisseld. Dus als het goed is, heeft u niks nieuws gelezen. Daar is een bepaald budget of begroting bij gereserveerd. En dat is onze richtlijn. Maar dat er nog in de toekomst heel veel mogelijkheid is voor de raden ja, dat is evident, dat blijft staan natuurlijk, hè. De voorzitter: Laten we oppassen dat we niet in herhalingen gaan vervallen. Dat lijkt me heel onverstandig, want we hebben daar toch echt geen tijd voor vanavond voor herhalingen dan. We hebben voor alles en voor iedereen tijd, maar niet voor voortdurende herhalingen.
Dus mijnheer Gündogdu was dit het of heeft u nog prangende opmerkingen? De heer Gündogdu: Nou, gezien ook de ambitie om woningen met name het kassencomplexzijde van de N3 te bouwen, zouden wij ervoor willen pleiten om de optie van de geluidsschermen verder uit te werken. En we hebben natuurlijk ook gezegd in de Dordtwijkzone dat wonen niet wordt uitgesloten, maar dat zien we niet terug in de maatschappelijke business case. Daarvan willen we graag een reactie van het college voor. De voorzitter: Goed, dank u wel. Is genoteerd. Dan de volgende die aan de buurt is, is mijnheer Oostenrijk van het CDA, gaat uw gang. De heer Oostenrijk: Voorzitter, ik wil mijn woordvoering nog wel een keer doen. De voorzitter: O, ben ik vergeten een kruisje te zetten voor uw naam, neem me niet kwalijk. Dat schiet lekker op. Dan gaan we naar de VVD, scheelt tijd. De heer Noldus: Ja, voorzitter, dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Noldus. De heer Noldus: Bedankt, voorzitter. Over de Dordtwijkzone is de VVD ook positief over de business case en de kansen in het gebied. Hebben we ons ook eerder over uitgelaten. Is een overwegend groen en fijn gebied op dit moment al. En in de omgevingsvisie hebben we samen met een aantal andere partijen ons ook hard gemaakt om het gebied nog mooier te maken dan het al is.
In het kader van de groeiambitie is het verder ontwikkelen van dit gebied ook met deze business case wat ons betreft ook een positieve bijdrage. We zijn ook blij dat er gesproken wordt over de kansen voor woonontwikkeling langs de randen. Helaas lezen we wel dat dit nog geen onderdeel is van de maatschappelijke business case. En dat is dan wat ons betreft een gemis. Omdat
11
ook de business case lastig gemaakt dan bijvoorbeeld de case over de spoorzone. En nog meer omdat ook een duidelijke wens en opdracht vanuit de raad is gegeven, welke is vastgelegd in de omgevingsvisie. We hebben het hier dan ook over de twee vragen richting het college. Deze is, hoe kan het zijn dat de mogelijkheid tot woningbouw niet is opgenomen in deze business case? Ja, graag ontvangen wij een toelichting over hoe het een zich tot het ander dan verhoudt. En de tweede vraag is, is de wethouder het met ons eens dat de tegenstrijdig is met de eerdere opdrachten vanuit de raad en is hij bereid om deze alsnog toe te voegen aan deze business case? En wat we verder lastig vinden voorzitter, is dat in de business case diverse ontwikkelingen weet je, rijp en groen door elkaar worden genoemd. Een deel van de discussie net ging er ook al over. Er zijn een aantal hele concrete ingrepen beschreven waar ook een aantal blijven logischerwijze ligt… Een aantal ontwikkelingen blijven nog wat… Ach, wel een vraag over de concreetheid van het totale bedrag. Ook omdat de sportparken voor een deel ineens vanuit deze maatschappelijke business case gefinancierd dienen te worden. En de vraag die wij erbij hebben, is gezien de parallelle ontwikkeling van deze sportparken, hoe verhouden deze twee zich dan tot elkaar? Want er komt ook een sportparkenvisie richting de raad of is er ondertussen al.
Dan nog een laatste vraag, voorzitter. De voorzitter: Ja, voordat u verder gaat. Mijnheer Oostenrijk heeft een interruptie voor u. En u hoeft hem niet te herhalen mijnheer Oostenrijk, want ik had hem al gezien. Alleen ik moet even wachten op een goed moment om te onderbreken. Gaat uw gang mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Ja, voorzitter, ik begrijp een beetje uit de woorden van mijnheer Noldus dat die eigenlijk geen zin heeft om in financiële zin sportverenigingen te helpen met het optillen van hun hele positie in deze hele Dordtwijkzone. Moeten ze dat allemaal zelf gaan ophoesten? De voorzitter: Nou, mijnheer Noldus. De heer Noldus: Ja, voorzitter, sommige vragen zijn wel erg makkelijk te beantwoorden. Nee, de vraag is die we stellen, in deze maatschappelijke business case is een bedrag opgenomen voor sportparken. En tegelijkertijd komt er ook een sportparkenvisie waar ook bedragen op zijn genomen voor het uitvoeren van uw visie. Tenminste gaan we vanuit, het ligt dan weer de andere commissie. Maar ergens raakt dat elkaar. En wanneer is nou iets onderdeel van de maatschappelijke business case hier en wanneer is het onderdeel van de sportparkenvisie? En dat raakt wel het punt dat een aantal van de uitgaven heel compleet zijn en een aantal uitgaven echt nog wel een stuk minder concreet.
Hoe kunnen we nou zorgen, we gaan de uitgaven in het programma over een periode van 10 tot 15 jaar doen zo lezen we terug. Hoe gaan we zorgen dat we dat allemaal binnen de kaders houden en niet dat we over een aantal jaar concluderen dat het een soort van lopende pinmachine is geworden voor het uitgeven van gelden die ons op dat moment toevallig politiek welgevallig zijn. Dat is ook hoe wij deze business case bekijken, hoe gaan we nou vanuit deze financiering met dit reserve meerjarig invulling geven aan echt ja, de stip op de horizon, het echte surplus voor de stad creëren. In dat kader bedoelen wij de opmerking over de financiering en dat heeft niets van doen met of
12
sportverenigingen het wel of niet zelf zouden moeten betalen. Een beetje lang antwoord wellicht voorzitter gezien de tijd, maar… De voorzitter: Ja, nogal. Nog één vraag, mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Nou, ja, de heer Noldus is consistent. Hij is erg zuinig als het gaat om de ontwikkelkansen voor sportverenigingen. De voorzitter: Nou, waarvan akte dan. De heer Noldus: Ja, jammer dat mijn antwoord van zojuist zolang was dat het die indruk heeft opgewekt bij de heer Oostenrijk, want dat was volgens mij niet de strekking van mijn antwoord. De voorzitter: Daar laten we het voor nu even bij. Ja, uw had nog één punt? De heer Noldus: Ja, ik had nog één vraag. Wat we eigenlijk missen in deze maatschappelijke business case en dat staat in een aantal andere maatschappelijke business cases wel. Is de inbreng en bijdrage van andere partijen. En u had het er daarnet ook al even over daar wilde ik toen eigenlijk even op bevragen, maar gezien de tijd heb ik dat even over geslagen, bewaar ik het even tot hier. Maar wij zien eigenlijk alleen maar investeringen vanuit gemeentekant en dan maatschappelijke baten die her en der uiteraard vallen. Maar komt er ook nog, is het voorzien dat er ook andere partijen investeren en committen aan de investering voor dit gebied? We zijn benieuwd naar de reactie van het college daarop. Tot zover, voorzitter.
De voorzitter: We zullen hopen dat die straks komt die reactie van het college, maar het zal best. Dan hebben we nog één spreker en dat is mevrouw Klein-Hendriks, gaat uw gang. Mevrouw Klein-Hendriks: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, de integrale benadering in dit stadium juichen wij toe en dat zien wij vooral ook terug in die visievorming door Meccano. Dat is natuurlijk het langetermijnperspectief. Het maatschappelijke rendement dat moeten we op dit moment toevertrouwen aan de rapporten die erbij zitten, zullen we ook moeten monitoren inderdaad. Dat is niet per se iets politieks, dat is wat eigenlijk op een verantwoorde en beargumenteerde wijze uitkomst is van een rapport. En voor mij betekent datgene wat dan Decisio heeft weergegeven dat het geobjectiveerd is dat groenrecreatie van toegevoegde waarde is voor de stad. En ja, ik zie ook de chat, ja. Belangrijk is dat gestuurd wordt op die visie en op kwaliteit vasthouden. En nou, ik zeg het dan maar even zo, dit moet geen veredelde sportparkenvisie zijn daar is 55 miljoen wel een beetje veel geld voor. Het moet ook niet zo worden dat we plompverloren woningen gaan toevoegen aan de Dordtwijkzone. Die toegevoegde waarde van de Dordtwijkzone die verdwaald dan juist net bij dat afzwakken van dat programma en die herkenbare visie, kwaliteit, karakter.
De ChristenUnie-SGP zoekt wel in de zin van wandelpaden, fietspaden dat we het integrale karakter vasthouden. Dat we noord-zuid gerichte wandelpaden en fietspaden krijgen, maar ook mogelijkheden om die barrière vanwege de N3 om die te slechten en dan sluiten we aan bij datgene wat Beter Voor
13
Dordt aandacht voor vraagt vanwege de geluidsoverlast. Maar ook gewoon omdat het natuurlijk een weglichaam is wat verhoogd ligt en waardoor als er meerdere verbindingen moeten komen ja, dan moet er iets verzonnen worden. Maar belangrijk blijft dat biodiversiteitsstreven, water, groen, recreatie, wandelen, fietsen, dat soort zaken. En laten we die visie volhouden. Want we weten gewoon dus nu op basis van die maatschappelijke business cases dat die visie van meerwaarde is voor de stad. De voorzitter: Dank u wel, dat was hem? Prima. Dan maar ik heb even teruggekeken mijnheer Jansen. Maar ik heb wel gezien dat u zich gemeld heeft in de vergadering, maar niet dat u zich ook meldde voor de woordvoering. Dus vandaar de kleine oprisping dat dat even niet helemaal goed ging. Maar gaat uw gang, u bent aan de beurt. De heer Jansen: Ja, dank u wel, voorzitter. Kennelijk doet de chat nogal moeilijk, want ik krijg ook niet alle berichtjes binnen inderdaad. Deze stond er wel, ik heb hem wel enige tijd na mijn… De voorzitter: Ja, maar ik heb helemaal teruggelezen tot uw aanmelding. Dus ik denk hoe kan ik het nou over het hoofd zien? Gaat uw gang. De heer Jansen: Ja, dat kan. Is niet zo interessant meer. En ik ga het ook kort houden.
De middelen moeten we natuurlijk niet in beton gieten dat hebben we ook mensen horen zeggen, dat zou nu niet realistisch zijn om te zeggen nou, dit wordt het bedrag en zowel het maatschappelijke rendement als de waarde daar moet wat in kunnen fluctueren. Dat leggen we op dit moment ook nog niet vast. We hebben het hier over de Dordtwijkzone. Een prachtig gebied en een prachtig gebied waar volgens mij sport en recreëren uitstekend met wonen te combineren zijn. En dat hebben we inderdaad als een opdracht ook gegeven. Ik mis dat in deze business case. Wij vinden dat een gemiste kans. Een prachtig idee, een park groter dan Central Park in New York, nogal ambitieus. Maar we hebben ook een woningbouwopgave van meer als 10 duizend woningen in Dordrecht en het worden er waarschijnlijk nog meer in de komende jaren. En die moeten we toch ergens gaan bouwen. Als we alleen maar gebieden aanwijzen waar we niet bouwen dan gaan we daar in ieder geval niet aan komen. En wij vinden het dus een hele grote gemiste kans dat we hier niet mooie zone creëren waar sport met misschien een prachtig nieuw stadion voor ons mooie Dordtse voetbalclub recreëren en heerlijk wonen in het groen combineren. De voorzitter: Nou, dat klinkt ontzettend mooi, maar mevrouw Klein-Hendriks heeft daar iets over te vertellen, denk ik, of te vragen. Mevrouw Klein-Hendriks: Ja, toch wel een vraag.
Ik begrijp dat de PvdA gewoon inwoners gunt om heerlijk te wonen in het groen. Dat doe ik ook. Maar op het moment dat wat ik de PvdA hoorde inbrengen, het volgebouwd wordt voor sport en met woningen ja, hoe houden we dan dat programma overeind zou mijn vraag aan de PvdA zijn? De heer Jansen: Ja, ik heb gezegd sport recreëren en wonen. Natuurlijk moet het gebied niet helemaal volgebouwd. Het gebied moet niet helemaal volgebouwd met sport, het
14
moet niet helemaal volgebouwd met wonen, maar juist een combinatie van allen. En dat recreëren dat kan wat ons betreft uitstekend gecombineerd worden met een mooi parkdeel en dat hoeft niet heel klein te zijn. Dus het moet zeker groen blijven wat ons betreft, maar wel met ruimte voor wonen en sport. De voorzitter: Goed, dat was het mijnheer Jansen? De heer Jansen: Dat was het voor nu. De voorzitter: Fijn, dank u wel. Ik wilde alleen iedereen er even aan herinneren dat bij de Dordtwijkzone we het voortdurend hebben over een stadspark XXL. Dus dat iedereen dat even goed in de gaten houdt. Dan hebben we dus de inbreng van de sprekers gehad. En dan denk ik dat het tijd wordt voor de portefeuillehouder, voor mijnheer Stam, om zijn zegje te doen. Ik zou zeggen, gaat uw gang. De heer Stam: Ja, dank u wel, voorzitter. Allereerst dank voor alle insprekers, is toch wel de positieve benadering van de ontwikkeling van deze Dordtwijkzone. Vind ik persoonlijk ook dat het een van de mooiste business cases is die we nu hebben zeker gelet op de groene en ontwikkeling die we daar willen maken. Het is een combinatie van sporten, leefbaarheid vergroten, wateropvang, hittebestress dus dat zit wel goed. Ik heb een aantal zaken gehoord, volgens mij ook niet zo heel veel.
Er worden een aantal financiële componenten gevraagd die zou ik toch eigenlijk liever willen laten beantwoorden door mijn collega Burggraaf die de financiële portefeuille heeft. Als ik even verder ga kijken, ik heb de heer Van der Meer van GroenLinks horen vragen over die hittestress binnen de Dordtwijkzone. Je moet het eigenlijk zo zien dat je gaat zo’n stadspark XXL ga je aanleggen en dat wordt een plek voor alle Dordtenaren om naartoe te gaan. Daar komt groen, daar komt wateropvang, daar kan je recreëren, daar kan je sporten, daar kan je wandelen, daar kan je fietsen. Dus in die zin wordt dat stadspark XXL wordt wel degelijk een plek waar je de hitte kan ontlopen, laat ik hem zo… We gaan onze bouwplannen aan die randen van de Dordtwijkzone vormgeven en dan is zo’n Dordtwijkzone is een schitterende plek om die warmte te ontlopen en daar zeg maar hier verkoeling te vinden. Er is ook een vraag of een opmerking gemaakt over stijging onroerend goed, hoe komt dat dan tot stand door zo’n Dordtwijkzone? Ik denk dat dat niet de direct invloed is van de Dordtwijkzone of als financieringsmiddel. Op het moment dat je je stad naar een hoger niveau tilt ook met zo’n Dordtwijkzone zal je zien dat de wijken daar omheen daar die waarde van woning en de omgeving ook gaat stijgen. Dus in die hebben wij wat bedoeld.
Als ik kijk naar de opmerking van het CDA met betrekking tot ja, zeg maar die 175 miljoen dan ga ik hier echt met u nog geen rekenexercitie zitten houden van, hoe wij die 175 miljoen op onderdelen hebben berekend. Ik denk als u kijkt naar het rapport van Decisio kunt u heel goed teruglezen dat daar ook een aantal kernelementen voor zijn gebruikt door dat bureau en daar hebben ze berekeningen op losgelaten. Dan moet u denken aan leefbaarheid, dan moet u denken aan gezondheidsaspecten, aan beleving, aan sport, noem maar op. Daar zijn kerngetallen aan gehangen en daar komt dan deze waarde uit voort. U bent in een eerder moment bent u ook voorgelicht en ook bijgepraat door Decisio. En eigenlijk was ook de boodschap dat ze daarna aan de voorzichtige kant hebben gezeten met het in beeld brengen van die effecten Dordtwijkzone. Omdat ze elders in het land ook zien dat
15
gemeentes, of grotere regio’s, daar veel hogere cijfers voor gebruiken. Wij zijn daar nog redelijk voorzichtig in geweest. Een aantal vragen die ik terug zie komen gaan over wonen en waarom die niet in deze Dordwijkzone businesscase zijn opgenomen. Nou, die is heel simpel te beantwoorden. Deze businesscase was er eerder als dat u de Omgevingsvisie hebt geamendeerd. En wij hebben natuurlijk acht genomen van uw amendering van de Omgevingsvisie, dus het zoeken naar plekken waar wij aan de randen van de Dordwijkzone mogelijkheden zien, die gaan wij wel degelijk oppakken. Wij willen die eigenlijk alleen verder vormgeven via de Bouwende stad omdat wij die Dordwijkzone gewoon vanaf die groene buffer en Stadspark XXL benaderen. Maar nogmaals, uw opmerking, uw amendement die zit echt wel bij het college tussen de oren, dus dat gaat denk ik ook wel goed komen. De voorzitter: Een momentje. Mijnheer Van der Meer heeft een vraag voor u. Mijnheer Van der Meer? De heer Van der Meer: Ja, voorzitter, die is al een tijdje terug in het betoog. De voorzitter: Ja, dat kan wel. Tien minuten. De heer Van der Meer: Ja, het gaat nog even over die hittestressproblematiek.
En mooi dat de Dordwijkzone straks een vluchtplaats voor heel Dordrecht wordt om bij grote hitte heen te gaan, maar is de wethouder met mij eens dat daarmee nog geen omvattende visie op de hittestress toekomstbestendig voor heel Dordt is gerealiseerd en dat er dus meer moet gebeuren dan dit? De voorzitter: Wethouder. De heer Stam: Voorzitter, ik richt me nu op de ontwikkeling van de Dordwijkzone en de elementen die we daarin willen opnemen. En de vraag die mijnheer Van der Meer stelt over een stadsbreed plan die moet maar op een ander moment worden beantwoord. Ik richt mij nu nogmaals op deze Dordwijkzone. Er zijn ook wat vragen gesteld… De voorzitter: Een moment nog. U had nog een interruptie van mijnheer Jansen van de Partij van de Arbeid. Mijnheer Jansen. De heer Jansen: Ja, een hele korte. Ik hoor de wethouder zeggen: die bouwopgave zit wel tussen onze oren. Ik hoop dat u het mij vergeeft, mijnheer Stam, maar ik heb dat liever op papier dan tussen uw oren. Dat is me net iets tastbaarder. Kunnen we dat op korte termijn ook nog tegemoetzien? De heer Stam: Nou, mijnheer Jansen, ik denk dat u die papieren al heeft gezien, want u bent mede-instemmer geweest van het amendement van de Omgevingsvisie, en daar is het al opgenomen. Dus ik denk dat u hem al volledig op papier heeft staan, dus wat dat betreft heb ik al volledig voldaan aan uw wens. De voorzitter: Oké. Prima.
Hier laten wij het even bij. Gaat u verder, wethouder. De heer Stam: Ja, als ik kijk naar de vragen die nog gesteld zijn. Je gaat natuurlijk nu voor zo’n planontwikkeling geld reserveren. En er is ook een vraag gesteld over: hoe ga je dat dan besteden? Nou, daar komen natuurlijk allerlei uitvoeringsprogramma’s voor. Voor die waterberging, voor die hittestress. Er is ook gevraagd: hoe moeten we het
16
onderscheid maken tussen sport en die sportparkvisie? Wat we in de Dordwijkzone willen doen, op het moment dat je fietspaden of wandelpaden aanlegt dan zul je zien dat je wat parkeerplaatsen bij sportverenigingen zal moeten verplaatsen. Al onze sportparken zijn nu nog omheind. Die hekken willen we weg, want we moeten ook structuur krijgen, en vanuit die invalshoek moet je de middelen nu zien binnen de Dordwijkzone voor de besteding van sport. En de sportparkenvisie die momenteel in de eindfase zit, en eigenlijk bijna klaar is voor het bestuurlijk proces daar zitten veel meer aspecten in waar mijnheer Oostenrijk op doelde met de sportparken en de clubs. Daar gaan we natuurlijk in brede basis in participatie met de verenigingen kijken hoe we een bredere samenwerking, accommodatiebeheer, combinaties zorg, onderwijs met ook die sportparken kunnen maken. Als ik dan grofweg de vragen bekijk dan is er nog een vraag gesteld, als laatste volgens mij door de VVD: gaan wij dit bij onze gemeente nu eigenlijk alleen betalen? Nee, zeer zeker niet. Wij willen dat zeker doen in cofinanciering met andere partijen. Welke partijen moet u dan aan denken? Als je kijkt naar het breder perspectief dan kan je denken aan provincie, je kan denken aan het waterschap inzake waterberging, en nog wat andere partijen. Maar die cofinanciering daar is wel degelijk sprake van, dus die willen wij ook vormgeven.
En ik denk dat reservering dat die dadelijk ook naar andere colleges en raden toe altijd de vrijheid brengt om daar nuances in aan te brengen in die uitvoering. Maar wat dat betreft het is wel goed om vooraf een reservering te hebben voor dit bedrag om in ieder geval het doel duidelijk te stellen dat je hier die ontwikkeling wil maken. En ik denk dat dit voor de eerste ronde even voldoende is. De voorzitter: Op één punt na. Mevrouw Klein-Hendriks heeft nog een vraag voor u. En daarna ronden we af. Mevrouw Klein-Hendriks: Excuses. Een korte vraag hierover, maar mijn hoofd zoekt naar toch iets meer duidelijkheid, want ik krijg toch het idee dat het hele sportparkenvisiegebeuren hierin een rol speelt, en mijn vraag aan de wethouder, want misschien kan hij die zorg wel wegnemen: waarom is het een zorg? Er wordt nu een reservering gevraagd van 55 miljoen voor de Dordwijkzone voor inderdaad wat de voorzitter terecht noemde, een Stadspark XXL. Ja, het zou toch niet zo zijn dat alles wat we nu gaan doen eigenlijk in de uitvoering betekent dat we gewoon gaan werken aan een sportparkenvisie, want dan denk ik: ja, dan missen we nogal de kwaliteiten en visievorming zoals door Mecanoo is vormgegeven. Dus de wethouder had het zojuist over inspraak, participatie.
Kan de wethouder verduidelijken of hij daarmee bijzonder het oog had op de sportparkenvisie, eigenlijk het traject hierbuiten, of dat de wethouder het überhaupt heeft over uitwerking van de integrale Stadspark XXL-visie? Het zijn volgens mij twee verschillende dingen. De heer Stam: Scherpe vraag van mevrouw Klein-Hendriks. Die participatie bedoel ik inderdaad vanuit de sportparkenvisie. De participatie met betrekking tot de Dordwijkzone heeft al plaatsgevonden met een aantal maatschappelijke partners en sportverenigingen. En als je een pakkend onderscheid wil maken tussen de sportverenigingen en de Dordwijkzone en de sportparkenvisie. Op het moment dat we geen sportparkenvisie zouden vaststellen of middelen voor vrij kunnen maken dan hebben we toch een aantal zaken die we vanuit die Dordwijkzone kunnen regelen, zoals ik die net noemde: het verleggen van parkeerplaatsen bij sportverenigingen, ja, dat soort zaken en hekken weghalen. En dat is heel wat anders als de sportparkenvisie die is geëind op samenwerking met sportverenigingen en accommodatiebeheer. Mevrouw Klein-Hendriks: Ja, voorzitter, maar toch eventjes, want het gaat over parkeren en daar heb ik ook wat mee. Ik heb me laatst namelijk verbaast dat we nog steeds niet een integrale sportparkenvisie of sportpark iets hebben, omdat elke
17
vereniging zo z’n eigen parkeervoorzieningen en dergelijke hebben. Dus op het moment dat de wethouder gaat zeggen: het gaat om het verleggen van parkeervoorzieningen, dan vrees ik toch dat we hier een discussie van een sportparkenvisie aan het voeren zijn, terwijl het juist zou moeten gaan over: nee, ambitie Stadspark XXL. Laten we dat vasthouden. We stoppen er nota bene 55 miljoen in. De heer Stam: Ja, maar ik denk dat het voorstel ook precies is wat ik bedoel. Ik denk dat alleen mevrouw Klein-Hendriks het iets anders interpreteert. Ook bezoekers van een Stadspark XXL zouden op enig moment hun fiets of auto kwijt moeten kunnen. En als je die fietspaden gaat aanleggen dan moet je soms dingen gaan wijzigen en veranderen en op andere plekken neerleggen. Dat bedoel ik hiermee te zeggen. De voorzitter: Ja, het lijkt me helder wat u bedoelt. Het is duidelijk wat u gevraagd heeft, en ik denk dat we het voor het moment even daarbij moeten laten, want er zijn nog drie die iets willen vragen. En om te beginnen mijnheer Stolk van de VSP. Mijnheer Stolk. Houdt ie het alstublieft… Ik ben bij u nog helemaal niet geweest, ik weet het, maar we lopen uit de tijd, dus… De heer Stolk: Ik wil het kort houden. Ik heb twee vragen… De voorzitter: Ja, alstublieft. De heer Stolk: De Dordwijkzone dat wordt door ons ook ondersteund. Ik heb alleen een vraag aan de wethouder.
55 miljoen dat wordt uitgegeven in een termijn van 10, 15 jaar. Hoe gaan we dat monitoren? Krijgen we elk halfjaar te zien wat er met die 55 miljoen gebeurd is of verdwijnt dat in zijn totaliteit? En dit spreekt natuurlijk ook voor de Spoorzone, want we zijn toch zuinig op onze 360 miljoen wat we hebben gekregen. En als we 55 miljoen, en we zien er zo weinig van, dan… Dus mijn vraag is eigenlijk: wordt het elk halfjaar gemonitord, en dat wij dat kunnen zien? De voorzitter: Wethouder Stam? De heer Stam: Ja, voorzitter. Ik denk dat het in onze volledige P&C-cyclus niet anders is als dat wij twee keer per jaar een Burap hebben waarin wij de ontwikkelingen schetsen. Ook met de businesscases zullen wij uitvoeringsprogramma’s gaan maken, want wat u nu doet is reserveren van middelen. Daar komen dan ook verschillende uitvoeringsplannen onder met financieringsvraagstukken, en natuurlijk wordt u dan in de loop der jaren voortdurend geïnformeerd over de ontwikkeling van de ontvoering en de ontwikkeling van de kosten. Dus ik denk dat die wel in onze volledige P&C-cyclus meer dan voldoende is geborgd. De heer Stolk: Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan mijnheer Noldus. Gaat uw gang, mijnheer Noldus. De heer Noldus: Ja, voorzitter. Dank u wel. Nog een vervolgvraag voor het antwoord van de wethouder over wonen. Het was op zich duidelijk en ook duidelijk dat het elkaar gekruist heeft.
Blij met de toezegging die u erop gedaan heeft, maar deze businesscase die gaat natuurlijk voor een groot deel ook uit van een aantal maatschappelijke baten ook voor vergroten WOZ-waardes et cetera, en ik snap nog niet zo heel goed waarom we die woningen die we dan gaan realiseren in de randen van het gebied dan liever buiten deze businesscase houden, omdat het juist iets is wat heel tastbaar is en volgens mij het een enorm vliegwiel kan zijn in de businesscase, en dus het rendabel investeren
18
in het gebied, en wat dus echt een vliegwiel kan zijn voor de rest van de ontwikkeling. Dus is de wethouder dan toch niet bereid om daar dan nog die ontwikkelingen invulling te geven in die businesscase alsnog? De voorzitter: Nou, wethouder. De heer Stam: Ik denk dat dat vliegwiel er al is. Tenminste als mijn visie is niet zo belangrijk of je het nu in de Dordwijkzone noemt. Het is al geamendeerd in de Omgevingsvisie. Er is een toezegging op gedaan dat we daar plek voor gaan zoeken aan die rand. En om dat in allerlei stukken nog eens op te gaan nemen om dat te borgen. Ik denk dat het vliegwiel er inmiddels al zit via de Omgevingsvisie, dus ik denk dat dat meer als voldoende moet zijn en houvast ook voor de gemeenteraad om de ontwikkeling via de Bouwende Stad goed te volgen. En laten we dan scherp houden met die Dordwijkzone. Laten we daar nu juist niet een aantal taken vermengen, en scherp houden dat die Dordwijkzone het Stadspark XXL is, en via de Omgevingsvisie daar op geamendeerd is waarbij die woningen heus wel tot stand kan komen, en wellicht ook nog een mooi stadion voor FC Dordrecht zoals mijnheer Alexander Jansen van de PvdA dat noemde. De voorzitter: Nou, prima. Mijnheer Noldus, ik denk dat we het voor nu even bij moeten laten. De heer Noldus: Yes. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Gündogdu had nog...
Dat is dan de laatste vraag? Want dan is het 9 uur, dus dan stoppen we ermee. Mijnheer Gündogdu. De heer Gündogdu: Ja, laatste vraag. Ik had zojuist een vraag gesteld wanneer wij een voorstel kunnen zien rondom de schermen bij N3, of langs N3? De heer Stam: Ja, daar moet ik het antwoord toch even mee terugnemen. Want kijk, er worden nu middelen gereserveerd langs die N3, maar dan moet ik toch samen met Rijkswaterstaat, en met collega Van der Linden goed gaan kijken wanneer we die planontwikkeling gaan doen. Dat hangt natuurlijk ook samen met allerlei uitvoeringsprogramma’s die we gaan opstellen nu we praten over die businesscases. Dus op het moment dat wij zover zijn komen we daar zo spoedig mogelijk bij u op terug, maar ik durf u daar echt geen datum nu bij te noemen. De voorzitter: Prima. Daar houden wij het voorlopig even bij. De griffier heeft zojuist nog in de chat verteld dat de financiële kant van de agenda 2030 nog terugkomt in de commissie Bestuur en Middelen van 7 juli. Pas daarna gaat het hele pakket naar de raad. Wethouder, mag ik u dan hartelijk danken voor uw inbreng ook, en dan zou ik zeggen dat we de discussie over de Dordwijkzone voor dit moment, voor vanavond beëindigen. De heer Stam: Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. En tot alle anderen zou ik willen zeggen… Trouwens, de wethouder mag dat van mij ook, maar dat moet hij zelf weten.
5 minuutjes pauze en dan gaan we verder. Schorsing
19
Einde schorsing De voorzitter: Welkom terug, allemaal. Ik heb mij bijzonder vermaakt de laatste 2 minuten met al uw opmerkingen. Ik vroeg me af: waren jullie op school nu ook zo ongeduldig om te beginnen met de les? Maar goed, we zijn er weer allemaal. En de wethouder zit ook klaar om met ons mee te doen, dus ik zou zeggen, blok twee, de Spoorzone. Ik inventariseer even wie er het woord wil voeren. Laat even zien in de chat. De VVD. Alleen de VVD? Ah, toch maar wel. Oké. De SP, CDA, Beter voor Dordt, Gewoon Dordt, de ChristenUnie/SGP, PvdA en D66. Ik denk dat we ze dan… GroenLinks ook. Dan hebben we ze denk ik allemaal. D66 en GroenLinks. 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9. Klopt dat? Even kijken. 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9. Ja, mijnheer Stolk. Ja, u heeft gelijk. U wacht even. Helemaal goed. We gaan beginnen bij de eerste, en dat is mijnheer Noldus van de VVD. O, nee mijnheer Kuhlmann. Sorry, mijnheer Kuhlmann, gaat uw gang. De heer Kuhlmann: Geen probleem. Dank u wel. Goedenavond, voorzitter. In hoofdlijnen spreekt de businesscase voor de Spoorzone ons aan. Wij zullen het toelichten met drie voorbeelden.
De Dordtse VVD is ervoor om de A-locatie vlakbij de binnenstad aan de oude Maas, prachtige plek die het Maasterras eigenlijk is, te veranderen van een gebied met oud ijzerhandelaren, tweedehands autoverkopers en bedrijfsloodsen met vooral veel golfplaten naar een aantrekkelijke groene woonomgeving voor veel mensen met uiteenlopende banen, voor mensen met een klein salaris, voor mensen met een middeninkomen, en juist ook voor de groep die wat meer te besteden heeft. Een groep die nu per saldo uit onze stad vertrekt door beperkte aanbod van huizen in het boven segment. Wij willen heel graag dat de trend dat mensen die succes in het leven hebben onze stad verlaten breken. Die trend moet gebroken worden. Dan de tweede reden. De Dordtse VVD is ook voor om de omgeving van het station met respect voor het historische stationsgebouw natuurlijk, te transformeren van een barrière naar een verbindende groene route boven de sporen tussen het Weizigtpark en de binnenstad. En dan het derde voorbeeld. De Dordtse VVD is ook voor om onze stad via een lightrailverbinding elke 10 minuten te verbinden met Rotterdam, Den Haag en Leiden, en daarbij ook een station Leerpark en een station Amstelwijck te bouwen.
Met die twee nieuwe stations kunnen onze stadgenoten in Sterrenburg, Zuidhoven, Leerpark, Dorste Hout, Wilgenwende en natuurlijk ook de nieuwe woonwijk Amstelwijck meeprofiteren van een veel betere ov-bereikbaarheid. Daarnaast is er een station Amstelwijk in onze ogen ook de uitgelezen kans voor een echte definitieve oplossing van het ontsluitingsprobleem van Wilgenwende en dus meteen ook een tweede ontsluitingsweg aan te leggen. De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann, u heeft een interruptie van mevrouw Klein-Hendriks. Mevrouw Klein-Hendriks: Ja, voorzitter, het gaat even over de lightrail tot aan Den Haag of misschien zelfs nog verder. Klopt het dan dat de heer Kuhlmann aangeeft dat eigenlijk gewoon mensen die nu bijvoorbeeld wonen in het mooie Dordrecht en werken in Den Haag dan maar een langere reistijd per ov moeten krijgen van de VVD? De heer Kuhlmann: Nee hoor, zeker niet. Nee. Het klinkt een beetje alsof u nu zegt: nou ja, we schrappen de intercity als de lightrail er komt. Nee, het moet erbij komen. Dat is denk ik een hele goede, dus daarom zijn wij op dat punt enthousiast over het plan. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kuhlmann: Als ik mag vervolgen, voorzitter?