CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.5 2026.06.02 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 5 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 14 juli 2026, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 23 en 24 juni 2026 en de Dordtse Dinsdag van 2, 9, 16 en 30 juni 2026 Vergaderzalen 1, 3 en 519.760 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De heer Van Aarle: Dank je wel. Volgens mij hebben we over meer geld. Dat is, denk ik, altijd handig om dingen aan te pakken. Er gaat heel veel geld naar wijken in Dordt-West bijvoorbeeld, als je kijkt naar allerlei preventieprogramma's. Mijn vraag is wel, sorry dat het misschien toch een politieke vraag is … Ik ben een beetje nieuw in mijn bewoordingen, merk ik. De vraag is wel, als we dat moeten gaan evalueren met elkaar, wat is effect? Dit gaat door. De vraag is wel, hoe kunnen we nu het geld dat we al investeren in de wijken in Dordt-West in dit geval zodanig evalueren dat we weten dat het effect heeft en de criminaliteitscijfers naar beneden gaan? Sorry dat het een beetje warrig overkomt. Ik wil het niet politiek maken. Mevrouw Van den Akker: Ik vind het als criminoloog en onderzoeker altijd wel belangrijk om te benoemen, dat cijfers naar beneden gaan, wil niet altijd zeggen dat het probleem opgelost is. Hoge cijfers kunnen ook zeggen, we zien veel. Dan kunnen hoge cijfers juist een heel goed teken zijn van, we hebben een beeld bij wat speelt. Het probleem kan even groot zijn met lage cijfers en dan weten we niet wat er speelt. Daarom is het zo dat wij al de sessies nog doen met de professionals, zodat we de cijfers die we in de documenten en de onderzoeken terugzien, kunnen staven met het beeld dat de professionals op straat hebben.

Welke ontwikkeling rondom jeugd baart u het meeste zorgen? Meer jeugd met wapens? Dat is ook wat we in de cijfers zien, jeugdcriminaliteit daalt in die cijfers, maar de heftige geweldsincidenten stijgen. Meer geld onder jongeren, groepscultuur, dat jongeren steeds minder een toekomst zien. Wie heeft dat geschreven? De heer Visser: Ik denk dat het ook samenhangt met een aantal dingen die we hier eerder hebben gezegd. Als je heel veel jongeren spreekt, overal onder Gen Z of Gen Alpha, die nu een beetje het bewustzijn beginnen te ontwikkelen, dan zeggen ze van, onze hele toekomst wordt ons afgenomen. Er is steeds meer crisis op deze planeet, niemand van ons gaat een huis kunnen vinden, er is een hele bedompte sfeer. Elke generatie heeft het gevoel dat zijn generatie de beste is en dat het na het slechter wordt, maar voor veel jongeren is het aantoonbaar dat de toekomst er slechter uitziet dan die van ons hier, als ik naar onze gemiddelde leeftijd kijk. Mevrouw Van den Akker: Dat denk ook. In Dordrecht nul aandacht voor leeftijd twaalf tot twintig jaar. Wie wil daar iet over vertellen? 23 De voorzitter: De burgemeester. De heer Mol: Het komt bij mij vandaan. Ik hoorde net zeggen, we doen al zo veel in Dordrecht. In Dordt-West staat geen middelbare school. Middelbare scholen maken geen aanmerking voor budgetten beschikbaar vanuit Dordt-West.

Als je goed kijkt naar Dordrecht, dan zien we hier een groot veiligheidsvraagstuk, maar ik vind dat we heel weinig doen voor een leeftijdscategorie die ontzettend kwetsbaar is, waar heel erg veel gebeurt, die totaal online leeft en ook voor veel problemen zorgt. Ik hoor aandacht voor repressie, maar aan de preventiekant hebben we echt te weinig aandacht voor ze. De voorzitter: Mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Ik was vandaag bij een andere vergadering. Een Somalische gemeenschap wil een buurthuis in Crabbehof zetten, zodat ze de jongeren naar zich toe kunnen halen. Als je met zoiets begint, dan is het wel een middel voor preventie. Ze willen er ook jongeren bijhalen van andere categorieën. Mevrouw Kovalenko: Ik weet niet of veel … De voorzitter: Ik wil over vijf minuten afronden. Laten we het wel op input houden. Het was eigenlijk een politieke mening die u gaf. Mijnheer Katif. Mevrouw Kovalenko: Ja of nee? De voorzitter: Mevrouw Kovalenko. Mevrouw Kovalenko: Dank u wel, voorzitter. Ik weet niet of veel van jullie zijn geweest bij de sessie twee weken geleden. Dat was niet hier ergens beneden, maar boven bij de kamer. Daar werd toelichting gegeven over mensenhandel. Helaas zag ik daar niet heel veel collega's.

Er waren ook filmpjes te zien over hoe jongeren van twaalf, dertien jaar, jongens, bewust achter jongere meiden aangaan om hen in de seksuele criminaliteit mee te krijgen. Dit is iets waar ik zelf van geschrokken ben als moeder van een elf- en veertienjarige. Daar hebben we helemaal geen zicht op, op die jonge leeftijdsgroep. Mevrouw Van den Akker: Ik denk dat dit de op een na laatste vraag is, wat vraagt de meeste bestuurlijke aandacht? Daar gaan we ietsje sneller doorheen. Handhaving en grenzen stellen, daar is hij, vroegsignalering, samenwerking met andere partijen, online expertise, perspectief bieden, preventie. Handhaving en grenzen stellen staan gelijk met perspectief bieden. Het is wel een mooie balans, denk ik. Dit is het laatste. We hebben het over veel thema’s gehad. Eigenlijk zijn alle thema’s die we vandaag besproken hebben de rode draden uit de documenten, de advisering van de VNG en vanuit bijvoorbeeld de politie-eenheid Rotterdam die we gebruikt hebben voor het beeld. Wat zijn dingen die jullie ons nog mee zouden willen geven voor het veiligheidsbeeld? Misschien thema's die niet aan de orde zijn gekomen, thema’s die u juist heel belangrijk vindt of andere dingen. We zouden dat heel graag nog mee willen nemen. Dan wil ik jullie bedanken. We kunnen het nog even bespreken als er tijd is. 24 De voorzitter: Mijnheer Van de Breevaart.

De heer Van de Breevaart: Ik zou toch mee willen geven om … Sorry, het moet ingevuld worden? Mevrouw Van den Akker: Je mag het ook vertellen. We hebben nog vijf minuten. De heer Van de Breevaart: Dat je focust op de dingen waar je als stad echt iets aan kan doen en niet te veel luchtfietserij. De voorzitter: Mijnheer Tutupoly. De heer Tutupoly: De samenhang met andere gebieden. Als we het even hebben over criminaliteit enerzijds en kans op ongelijkheid bijvoorbeeld aan de andere kant, dat loopt samen in de pas, denk ik. Mevrouw Van den Akker: Het staat nooit op zichzelf. Leer van andere steden, ook buiten Nederland. Van welke steden moeten we leren? De heer Visser: Welke niet? Als er andere steden zijn die succesvol vergelijkbare problemen hebben aangepakt, lijkt het me altijd waardevol om met hen daarover in gesprek te gaan. Mevrouw Van den Akker: We proberen altijd als gemeente zelf het wiel weer opnieuw uit te vinden. Dat klopt. De voorzitter: Mevrouw Kovalenko. Mevrouw Kovalenko: Heel kort. Niet alleen drie jaar vooruitkijken, maar een visie meenemen voor de komende tien à vijftien jaar. Mevrouw Van den Akker: Laat onderwerpen niet ondersneeuwen door de aandacht voor specifieke onderwerpen. Welke onderwerpen mogen we niet onder laten sneeuwen? Inzet van veiligheidscamera's.

Is dat dan voor specifieke gebieden of meer een algemene verkenning? Overal? Mevrouw Kamphuis: Dan wel met personeel erachter en dat je wel kan handhaven, want anders heb je er nog niets aan. Mevrouw Van den Akker: Als je iets doet, het dan wel opvolgen. De voorzitter: Mijnheer Tutupoly en daarna moeten we echt naar een afronding toegaan. De heer Tutupoly: Nog even over die veiligheidscamera's, in ieder geval voor gebieden waar duidelijk onveiligheid is. Het kan ook een combinatie zijn met dynamische verlichting op plekken waar het een onveilig gevoel geeft. Mevrouw Van den Akker: Meer in de wijk met mensen praten. Daar ben ik ook altijd een voorstander van. Dit beeld wordt ook besproken met mensen in de wijken. Dat is wel een mooie duiding straks. Vul nog lekker in als jullie nog niet klaar zijn, maar dan gaan wij 25 naar een afronding, denk ik. Bedankt voor jullie tijd. We gaan er iets moois van proberen te maken en dan komt het in september terug. De heer Baars: Deze informatie nemen we mee en gaan we terugkoppelen. Wat wij in de komende periode gaan doen, is dat we met professionals en met maatschappelijke organisaties in gesprek gaan om de verdere duiding te geven aan de cijfers. Dat heeft Kyra al benoemd. Deze zomer gaan we ook met inwoners in gesprek. We gaan daadwerkelijk de straat op om in alle wijken met inwoners in gesprek te gaan.

Daarnaast ook met andere specifieke doelgroepen, denk bijvoorbeeld aan jeugd of ondernemers, zodat we ook vanuit die hoeken de informatie krijgen die we nodig hebben om prioriteit te bepalen voor het integraal veiligheidsplan. Na de zomer zal het veiligheidsbeeld klaar zijn. Dat veiligheidsbeeld wordt aan u gepresenteerd. Daarbij leggen we gelijk een voorstel voor prioriteiten en uitgangspunten. Als u daarmee akkoord bent, gaan wij het veiligheidsplan opstellen. Dat zal eind dit jaar vastgesteld zou moeten worden. De heer Katif: Snel, voorzitter? De voorzitter: Mijnheer De Feijter was eerst. De heer Katif: Graag ook de waterschappen meenemen. Dat zou ik wel heel prettig vinden. De voorzitter: Mijnheer De Feijter, een korte vraag. De heer De Feijter: Mijn vraag ging over het veiligheidsbeeld. Ik dacht dat het voor de zomer nog zou komen, maar ik begrijp nu dat het na de zomer gaat worden. Het concept-veiligheidsbeleid, komt dat ook na de zomer pas? De heer Baars: Het concept-veiligheidsbeeld is nu in de maak. We hadden verwacht dat we iets later op de agenda terecht zouden komen en we in juli dit gesprek zouden hebben. Het belangrijkste was hier juist om die informatie bij u op te halen. We zijn nu bezig met het concept-veiligheidsbeeld.

We zijn het aan het volmaken met de maatschappelijke organisaties en professionals, bijvoorbeeld de politie, brandweer en de waterschappen, om te zorgen dat we daar de juiste informatie hebben. Vervolgens complementeren we dat. Dat is een document waar ieder geval het beeld vanuit de professionals is weggezet. Daarnaast zetten wij de prioriteiten en uitgangspunten neer. Die zijn heel belangrijk om uiteindelijk richting te bepalen voor het integraal veiligheidsplan. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik richting de portefeuillehouder. Heeft u voldoende informatie of input vanuit de raads- en commissieleden gekregen om verder te gunnen gaan? De heer Mol: Ik wilde mevrouw Van den Akker vooral bedanken. Ik heb niks meer toe te voegen, want we hebben, volgens mij, naast het geven input ook een hele goede dialoog met elkaar gehad. Ik ben blij over hoeveel er leeft in de commissie, wat de commissieleden zien in de stad en wat ze hebben meegegeven. Ongelooflijk waardevol. 26 De voorzitter: Dank u wel. Ook ik wil namens alle raads- en commissieleden u bedanken voor de presentatie. U had nog een toevoeging? Mevrouw Van den Akker: Wij hebben op basis van de sessie die 27 januari in de raad is gegeven aan de vorige raad ook heel veel informatie opgehaald. Ik zou jullie vooral aanraden, als je meer informatie wil over deze thema's en onderbouwing, kijk dat eens terug.

De voorzitter: Dank u wel. Ik wil u vragen om uw kopjes en glazen graag mee te nemen richting de hal. Dan sluit ik hierbij de vergadering. 2. Beantwoorden door het college van artikel 40-vragen Rvo van de fracties CDA, VVD en ChristenUnie/SGP over Basisvoorzieningen Amstelwijck Wilgenwende en Dordtse Hout - Antwoordbrief artikel 39/40 Voorzitter: De heer Van de Breevaart Raadsgriffier: De heer Boogaard Verslag: NotuBiz Aanwezig: Mevr. Boom-Vos (VVD) Mevr. Van Dorresteijn (GroenLinks-PvdA) Mevr. Van Herwijnen (Partij voor de Dieren) Dhr. Katif (Beter voor Dordt) Dhr. Klerk (CDA) Dhr. Kolkiliç (DENK) Mevr. Kovalenko (D66) Mevr. Nieuwland-van den Bosse (ChristenUnie/SGP) Mevr. Nzolani (SP) Dhr. Tutupoly (Op Ons Eiland) Dhr. Visser (GroenLinks-PvdA) Dhr. Vroon (VSP Dordrecht) Mevr. Yachou (DENK) Portefeuillehouders: wethouder M. Burggraaf Ambtelijke ondersteuning: De heer Cornax, de heer Ramp Overige aanwezigen: mevr. Van Well-Pradera De voorzitter: Ik dacht dat ik het zonder versterking moest aanroepen, maar gelukkig. Ik open hierbij de beeldvormende vergadering over basisvoorzieningen Amstelwijck, Wilgenwende en Dordtse Hout. Ik heet van harte welkom, alle raads- en commissieleden. Ik heet welkom, wethouder Burggraaf, mevrouw Van Well-Pradera zal voor ons inspreken en mijnheren Ramp en Cornax, ambtelijke ondersteuning.

Voor het verslag vraag ik de aanwezige raads- en commissieleden even hun naam en fractie te noemen. Laten we recht beginnen. 27 De heer Ramp: Wouter Ramp, beleidsadviseur Ruimtelijke Ordening bij de gemeente Dordrecht. De heer Cornax: Lauran Cornax, beleidsadviseur Ruimtelijk Ordening bij de gemeente Dordrecht. De heer Klerk: Albert Klerk, CDA. Mevrouw Nieuwland-van den Bosse: Eline Nieuwland, ChristenUnie/SGP. De heer Vroon: Youri Vroon, VSP Dordrecht. Mevrouw Yachou: Majda Yachou, DENK Dordrecht. De heer Kolkiliç: Masum Kolkiliç, DENK Dordrecht. Mevrouw Nzolani: Cherry Nzolani, SP Dordrecht. Mevrouw Van Dorresteijn: Floor van Dorresteijn, GroenLinks-PvdA. De heer Visser: Lennart Visser, GroenLinks-PvdA. Mevrouw Kovalenko: Vita Kovalenko, D66. De heer Katif: Jacques Katif, Beter voor Dordt. De heer Tutupoly: Gersom Tutupoly, Op Ons Eiland. Mevrouw Van Herwijnen: Irma van Herwijnen, Partij voor de Dieren. Mevrouw Van Wel-Pradera: Annelize van Well, inspreker. De heer Boogaard: André Boogaard, commissiegriffier. 28 De voorzitter: Hans Van de Breevaart. Ik ga proberen onafhankelijk voorzitter te zijn. Aanleiding van de commissievergadering, de fracties CDA, VVD en ChristenUnie/SGP hebben vragen gesteld over de beschikbaarheid van basisvoorzieningen in Amstelwijck, Wilgenwende, en Dordtse Hout.

Naar aanleiding van de beantwoording door het college is deze commissievergadering ingepland. De bedoeling hiervan is dat de commissie uitleg krijgt van de mogelijkheden die de gemeenteraad heeft om invloed uit te oefenen op de beschikbaarheid van basisvoorzieningen, zoals kinderopvang en eerstelijnszorg. Voordat we overgaan tot deze technische toelichting, gaan we luisteren naar mevrouw Van Well-Pradera die over het onderwerp wil inspreken. Mevrouw Van Well-Pradera, het woord is aan u. U heeft vijf minuten om in te spreken. Als u op viereneenhalve minuut zit … Of heeft u het geoefend? Aan u het woord. Mevrouw Van Well-Pradera: Bedankt, voorzitter, leden van de raad, commissieleden en toeschouwers. Op 21 oktober 2021 ontvingen wij de sleutel van ons huis in de Wilgenwende. Een huis dat klaar was voor de toekomst door een goede isolatie, een warmtepomp, 12 zonnepanelen en voldoende ruimte. Een huis dat staat in een kinderrijke buurt met veel gelijkgestemde gezinnen, veel groen, speeltuintjes en over het algemeen voldoende parkeerruimte. Bij aankoop van ons huis is ons verteld dat er geen voorzieningen in de wijk zouden komen, denkend aan openbaar vervoer, een supermarkt of een school. Vooraf hebben wij niet beseft hoeveel impact dit zou hebben op ons dagelijks leven. Nu we er wonen, ervaren wij het gebrek aan voorzieningen regelmatig als lastig.

Een vergeten boodschap waar je achter komt bij het koken, een pakketje dat geretourneerd moet worden, gebeurt regelmatig, een brief die gepost moet worden, voor alles moeten we de wijk uit. De meeste bewoners in onze wijk hebben een gezin waarbij voorzieningen op redelijke loopafstand erg fijn zouden zijn. Met een baby of meerdere jonge kinderen is het lastig om ergens te komen. Voordat ze hun jas aan hebben en alle spullen gepakt zijn, zijn ze moe, hebben ze honger of moeten ze plassen. Oudere kinderen, zoals mijn kinderen, die inmiddels pubers zijn, trekken graag naar de binnenstad. Ze hebben daar bijvoorbeeld een baantje, waardoor ze 's avonds door het donker naar huis moeten fietsen over een verlaten Smitsweg, wat niet ideaal is. Studerende kinderen, die zijn er inmiddels ook, en oudere bewoners zijn afhankelijk van het openbaar vervoer, waarvoor zij moeten uitwijken naar de wijk Sterrenburg. Ondanks dat de wijk Sterrenburg aan onze wijk grenst, blijkt het door de afstand naar de dichtstbijzijnde bushalte niet voor iedereen haalbaar om daarvan gebruik te maken. Daarnaast, soms overkomen dingen je ook in je leven, zaken die niet te voorspellen zijn. Zo werd ik zelf chronisch ziek en verloopt mijn ziektebeeld soms grillig.

Ook zien we buren, naaste buren, die kampen met fysieke of mentale uitdagingen, denkend aan long covid, een spierziekte, Parkinson, auto-immuunziektes, een hartaandoening of iets tijdelijks, zoals een huilbaby, een gipsbeen of sportblessures. Bewoners komen ook in een mantelzorgsituatie terecht, verliezen hun baan of hun partner overlijdt plotseling. Door de bouw van de patiobungalows en de appartementen hebben we ook buren die al wat ouder zijn en wellicht niet zo vitaal oud worden als ze hadden gehoopt toen ze het huis kochten. Helaas wonen tegenwoordig familie en vrienden ook niet altijd meer om de hoek. Een goede buur is dan ook beter dan een verre vriend. Dit wordt in deze situatie erg belangrijk. Wij zijn van mening dat laagdrempelige voorzieningen in de wijk bijdragen aan de sociale cohesie. 29 Sociale cohesie is een basisbehoefte, noodzakelijk om niet in een isolement terecht te komen, maar heeft ook zeker een signaleringsfunctie. Naast bewoners zijn wij inmiddels ook ondernemer. In februari 2025 zijn mijn man en ik gestart met een pakketpunt in de wijk. Wij begonnen als Postpunt Wilgenwende, dat al snel overging in Buurtpunt Wilgenwende. We zijn naast de kinderopvang momenteel de enige voorziening in de wijk.

Buren brengen bij ons een pakketje weg, lopen een rondje door de wijk, lopen met de kinderen door naar de speeltuin, maken een praatje met iemand in de rij of laten de hond even in de tuin drinken. We zijn al snel de spil van de wijk geworden waar buren die zich eenzaam voelen, de muren op zich af zien komen, slapeloze nachten ervaren of overvraagd worden door mantelzorg, even laagdrempelig met iemand een praatje kunnen maken. Wij organiseren kleurwedstrijden voor de kinderen uit de buurt, bedenken een paasknutsel, bieden printservice, hangen informatie op die belangrijk is voor de bewoners, zoals bijvoorbeeld een Koningsdagactiviteit, en zijn inmiddels ook afhaalpunt voor zorgboerderij De groenten van Cors en molen Kyck over den Dyck. We hadden niet verwacht zo'n grote rol te gaan vervullen vanuit ons pakketpunt en merken een enorme behoefte van bewoners aan onderling contact en kleinschalige voorzieningen. Dit is de reden dat ik hier vanavond ben. Niet omdat ik als bewoner van de Wilgenwende op persoonlijke titel een verzoek wil doen aan de gemeenteraad, maar vanuit mijn rol als buurtpunt wil ik een signaal afgeven. Wij hebben het afgelopen jaar hierover ook gesprekken gevoerd met Dordt Onderneemt, de wijkagent, de wijkmanager, zeer recent met ONS Sterrenburg, het ondernemersfonds, en aan ons loket gesproken met een aantal raadsleden.

Daarnaast hebben we vorige week ook een zeer fijn gesprek gevoerd met het sociale kader, dat toegaf onvoldoende zicht te hebben op wat er speelt in de wijk. Wat gebeurt er in de Wilgenwende achter zo’n voordeur? Afsluitend kan ik het opnieuw bekijken van faciliteiten en voorzieningen voor de wijken Amstelwijck, Dordtse Hout en Wilgenwende alleen maar toejuichen. Ik hoop met dit inspreken dat ik u in een notendop heb kunnen laten zien dat onze wijk zich ontwikkelt en de praktijk soms anders is dan je van tevoren hebt kunnen bedenken. De voorzitter: Hartelijk dank, mevrouw Van Well. Het verhaal was iets langer dan de geplande vijf minuten, maar ik heb met de hand over mijn hart gestreken. Dit betekent dat er voor onze raads- en commissieleden minder tijd is. Wie van de raads- en commissieleden mag ik het woord geven om een technische vraag te stellen? Inhoudelijke vraag, geen politieke, lastige vragen. Ik zie alleen dat u van GroenLinks- PvdA bent, niet wat uw naam is. Mevrouw Van Dorresteijn. Mevrouw Van Dorresteijn: Van Dorresteijn inderdaad. Dank u wel. Bedankt voor het inspreken en het verhaal. Ik was wel benieuwd, wat zou voor jullie de oplossing zijn? Wat zien jullie als oplossing voor dit probleem? Mevrouw Van Well-Pradera: Zoals ik al zei zijn we zelf, als bewoners, al iets begonnen in samenspraak met de gemeente.

Ik zeg altijd gekscherend, we wonen op een vakantiepark en daar horen ook vakantieparkvoorzieningen bij. We verwachten heus niet dat er een mega Jumbo XL bij komt of zo. Ik denk wel dat het heel goed is dat er wordt nagedacht over laagdrempelige voorzieningen waar mensen, als ze dat zelf beslissen, kunnen binnenstappen in plaats van bijvoorbeeld een geplande koffieochtend. Waar wij nu heel erg tegenaan lopen, is dat het bestemmingsplan hier geen ruimte voor biedt. Waarom zijn wij in gesprek gegaan met de gemeente? We doen dit vanuit huis. Het is in 30 onze tuin, we hebben iets in de tuin gezet. Dan kom je al heel gauw met, moeten vergunningen voor hebben, mag dit überhaupt binnen het bestaande plan? We zitten nu in een grijs gebied waarbij de gemeente zegt, we gedogen het. De voorzitter: Uitstekend. Hartelijk dank. Dan de collega van de VVD, mevrouw Boom. Mevrouw Boom-Vos: Ik ben wel ingelicht over u. Sorry dat ik zo laat was. Mijn vraag is vooral, hoeveel mensen ontvangt u gemiddeld per week? Of een andere periode, wat u fijner vindt. Mevrouw Van Well-Pradera: Dan is het voornamelijk, denk ik, voor pakketjes nu, want ik ben in principe pakketpunt. Ik denk dat er al gauw 75 mensen per dag, minimaal … Ik denk meer. Ik weet het niet. Ik denk dat ik echt iets van tussen de 200 en 300 pakketten per dag nu doe. Dat zijn alleen de pakketten.

Er komen ook echt mensen voor een praatje. De voorzitter: Hartelijk dank. Dan is nu de vraag aan mevrouw Kovalenko, D66. Mevrouw Kovalenko: Dank u wel, voorzitter. U noemde dat het een kinderrijke buurt is. Hoe gaan kinderen dan naar hobby's, school, met vriendjes afspreken? Gaan ze met de fiets, moeten ze de bus pakken? Hoe ziet het sociaal leven van de kinderen in de die kinderrijke buurt eruit, zo ver weg? De voorzitter: Mevrouw Van Well, het liefst kort en krachtig. Mevrouw Van Well-Pradera: Kort is heel lastig, want het ligt er ook aan hoe oud de kinderen zijn. We hebben een kinderopvang in de wijk. Ik weet van een aantal ouders dat hun kind daar bijvoorbeeld al geen plek meer had. Deels omdat er zo veel zijn, maar deels omdat er gebruik wordt gemaakt van de kinderopvang door andere wijken. Worden ze ouder, dan is het ook een beetje weersafhankelijk, denk ik. We hebben als sportclub heel dicht bij de voetbalvereniging, maar voor alle andere verenigingen moet je al verder weg. Dan zal het veelal met de auto zijn, want met de bus moet je eerst naar Sterrenburg. De voorzitter: Meer vragen nog? Mevrouw Van Herwijnen, Partij voor de Dieren. Mevrouw Van Herwijnen: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor mevrouw zeggen dat ze zelf heeft ingesprongen in iets wat ze mist in de wijk, het pakket punt. U gaf daarnet ook al iets aan over een kinderopvang.

Zijn er meer voorzieningen waarvan u zegt, die missen we echt. Bijvoorbeeld een kleine buurtsuper, zorgvoorzieningen? Zijn er andere dingen te noemen waarvan u zegt, we merken dat daar een gemis aan is in deze wijken? Mevrouw Van Well-Pradera: Ik denk dat je het zo moet zien, ga je naar een kleine Landal, dan is daar een kleine supermarkt. Dat kun je tegenwoordig ook nog wel weer ondervangen door een Flink of. Er zijn allerlei partijen die snel, zelf binnen een uur geloof ik, komen bezorgen. Het is vooral het stukje waar je mensen kunt ontmoeten. Ik denk dat je het in dit soort wijken al best goed kan opvangen door bijvoorbeeld een koffieplaats te hebben waar mensen een 31 bakje koffie kunnen halen of een ijsje, dat er een punt in de wijk is. Ik heb letterlijk ’s avonds kinderen die zeggen, ik heb goed gegeten, nu mocht ik mee naar het pakketpunt. Er is niks in de wijk. Het klinkt heel rot, maar zo gaat het. De voorzitter: Dank, mevrouw Van Well. Dan mijnheer Klerk van het CDA. De heer Klerk: Dank u wel, voorzitter. Bedankt voor uw verhaal. Ik haakte even aan op het punt dat u zegt van, ik ben voor mezelf iets begonnen, een pakketpunt. Een bestemmingsplan laat het niet toe. We zitten in een gedoogconstructie. Ik vraag me dan af, wat betekent dat? Misschien moet ik die vraag helemaal niet aan u stellen, maar moet ik het op een andere manier stellen.

Kan de gemeente dan ook zomaar van gedachten veranderen? Dat is de eerste vraag. De tweede vraag die ik daaraan wil verbinden, begrijp ik het goed dat u oproept tot maatwerk? Als het gaat over het bestemmingsplan en over laagdrempelige voorzieningen legt u de lat niet heel erg hoog. Vraagt u maatwerk, ook ten aanzien van hoe we met het bestemmingsplan omgaan? Begrijp ik dat goed? Mevrouw Van Well-Pradera: Ja. Wat ik ervan begrijp, kan de gemeente van gedachten veranderen op het moment dat er een buurman of buurvrouw zou klagen over de aanwezigheid van het pakketpunt. Dat is een. Het tweede deel was denk ik … Ik moet even denken wat u … De heer Klerk: De tweede vraag is, wat zouden wij als gemeenteraad daarin kunnen doen? Dat dan in relatie tot bijvoorbeeld het maatwerk rond het bestemmingsplan. Begrijp ik goed dat u zegt van, ga daar dan flexibel mee om, gezien de omstandigheden in de wijk? Mevrouw Van Well-Pradera: De behoefte aan een centraal punt de wijk is, denk ik, heel groot. Een punt waar mensen vragen kunnen stellen, waar een sociaal karakter zou kunnen sluiten. Ik denk dat het klein moet beginnen. Daarom ligt de lat niet direct heel hoog. Ik denk dat het zich moet vormen en dat we in gesprek met de gemeente moeten gaan, met een planoloog. Je kan niet zomaar bevoorraden met een grote vrachtwagen. Er zitten allerlei haken en ogen aan.

Ik denk dat het klein moet beginnen en dan in samenspraak met gemeente. Dat vind ik het meest ideaal. De voorzitter: Dan nog een vraag. Mijnheer Kolkiliç van DENK. De heer Kolkiliç: Dank, voorzitter. Mijn vraag gaat meer over het sociale gedeelte. In de buurt is een voetbalvereniging gehuisvest die overdag en in de middag heel vaak niet wordt gebruikt. U heeft ook contact gehad met het ondernemersfonds. Zijn er initiatieven vanuit de buurt om een samenwerking aan te gaan met de voetbalvereniging, zodat wijkbewoners het overdag of in de middag kunnen gaan gebruiken? Heeft u al contact met ze gehad? Mevrouw Van Well-Pradera: Daar is wel kort over gesproken, heel recent, maar we hebben gezegd dat we eerst dit zouden … Daar zijn stappen voor. Je wil ook niet te hard van stapel lopen. Ik heb het ook wel bij een aantal vrouwen gevraagd uit de wijk die regelmatig bij mij komen van, je hebt het daar weleens over gehad, wat zou je daarvan vinden? Het is lastige is, het is een beetje alsof je bier moet gaan verkopen aan vrouwen. 32 Het is toch een beeld dat vrouwen daarbij hebben. Zij willen daar niet per se in de kantine koffie komen drinken. Wat ik terugkrijg is toch, ik denk dat het dan niet helemaal zou aansluiten. Het zou wel iets zijn wat we willen onderzoeken. Ik ken Mariëlle, de voorzitster van Wieldrecht, goed. Het is iets wat we kunnen onderzoeken.

Of het helemaal aansluit? Als ik het pakketpunt zou willen verplaatsen, dan zou het voor mij niet kunnen. Je zit planologisch met een heel stuk verkeer dat door de wijk gaat trekken, gaat parkeren, de pakketbussen gaan extra door de wijk. We zitten nu aan de doorgaande weg. In principe is het nu geen belasting. Wieldrecht zit verkeerstechnisch niet ideaal. In ieder geval niet om het pakketpunt aan te laten sluiten. De voorzitter: Hartelijk dank, mevrouw Van Well, voor uw inspraak en hartenkreet, denk ik. Raads- en commissieleden, dank voor jullie vragen. U kunt hierachter nog plaatsnemen en de rest van de vergadering volgen. Dan is nu het woord aan de ambtelijke ondersteuning, mijnheren Ramp en Cornax. De vraag is eventjes, doen jullie de presentatie en na afloop vragen of mogen tussendoor ook vragen gesteld worden? Na afloop. Helder. Na afloop vragen, mensen. Aan jullie het woord. De heer Ramp: Dank u wel, voorzitter. Ik begin maar vast met praten en dan komt het vanzelf op beeld. We zitten hier naar aanleiding van de artikel 40-vragen over basisvoorzieningen in Amstelwijck, Dordtse Hout en Wilgenwende. Het doel van deze presentatie is aangeven wat de opties en mogelijkheden zijn voor de gemeenteraad dan wel het college om hierop te sturen. Als we het vanavond over voorzieningen hebben, dan bakenen we het af op basisvoorzieningen.

Dan hebben wij het over onder andere kinderopvang, basisscholen, huisartsen, apotheken, eerstelijnszorg, maar ook ontmoetingsplekken. Daar willen we het even op afbakenen. We hebben net over het pakketpunt gehoord. Dat zit niet in deze presentatie. Als het om basisvoorzieningen gaat, dan is het, denk ik, bij uitstek geschikt als het een combinatie is tussen het fysieke en het sociale domein. Ik denk dat we dit net goed gehoord hebben. Allereerst gaan we in op het beleid en de kaders met betrekking tot basisvoorzieningen. Dan gaan we nog heel even in op de bevoegdheden van de gemeenteraad. Met betrekking tot de basisvoorzieningen hebben wij de casus Amstelwijck even uitgelicht om ook wat tools mee te geven en dan ronden we het af. De heer Cornax: Dan neem ik nu even het woord over. Om te beginnen, welk beleid en welke kaders hebben we nu al in de gemeente Dordrecht met betrekking tot dit onderwerp van voorzieningen en basisvoorzieningen? Dat begint met de Omgevingsvisie. Dat is onze visie voor de fysieke leefomgeving voor de langere termijn. Deze visie is vorig jaar vastgesteld, de 2.0 versie daarvan. In de Omgevingsvisie is nadrukkelijk aandacht geschonken aan een voorzieningenaanbod. Zo is er een expliciete ruimtelijke keuze toegevoegd in deze 2.0 versie.

Die stelt, we zetten in op een passend voorzieningenaanbod in de woonwijken, met toelichting daarop dat daarvoor een voorzieningenmonitor gebruikt wordt om de spreiding en het aanbod van de basisvoorzieningen inzichtelijk te krijgen. Vervolgens kunnen in de verschillende gebiedsprogramma's die opgesteld zijn en worden prioriteiten worden meegegeven. Wanneer uit zo’n voorzieningenmonitor blijkt van, het lijkt erop dat hier een bepaalde voorziening ondervertegenwoordigd is, dan kan het in zo'n gebiedsprogramma aandacht krijgen en meegenomen worden bij toekomstige ontwikkelingen. In de Omgevingsvisie 2.0 staan we ook stil bij de hoofdopgave, de te 33 realiseren woningen. Als je woningen toevoegt aan je bestaande stad, dan heb je ook altijd te maken met het bijbehorend programma. In de Omgevingsvisie 2.0 is nu nadrukkelijker meegegeven dat als je woning toevoegt je er ook rekening mee moet houden dat je scholen, huisartsen of zorgcentra moet toevoegen. Dat is wel afhankelijk van het aantal woningen die op een plek toevoegt. In de Omgevingsvisie wordt daar wel extra aandacht aan gegeven. In de Omgevingsvisie is ook aangegeven dat we gebruik kunnen maken van de handreiking Voorzieningenniveau voor gezonde leefomgeving.

Dat is een handreiking van de verschillende GGD's in de provincie Zuid-Holland, waarin zij hebben gekeken naar verschillende gemeenten en wat voor referentienormen zij hebben met betrekking tot voorzieningen. Dat geeft waardevolle inzichten, ook voor de gemeente Dordrecht, van, hoe staat het voorzieningenaanbod ervoor bij andere gemeenten, hoe verhoudt onze gemeente zich daartoe en wat is daarin een goed aanbod? Wat we in de gemeente Dordrecht nu ook hebben, zijn de gebiedsprogramma's. Dat zijn de programma's die we nu hebben voor de gebieden Centrum en Oost. In die gebiedsprogramma's is op basis van heel veel verschillende data gekeken naar wat de aandachtspunten en prioriteiten zijn die spelen in zo’n gebied. Met betrekking tot voorzieningen zit veel van die data in de voorzieningenmonitor. Op basis daarvan is gekeken, wat ik net ook al aangaf, zien we dat hier bepaald aanbod misschien niet volstaat? Als dat zo is, is dat in een gebiedsprogramma aangekaart. Het idee is dat het gebiedsprogramma zich nog verder gaat ontwikkelen. Nu hebben we de prioriteiten. Vervolgens werken we toen naar een gebiedsagenda waarbij je aangeeft van, de prioriteiten die we geïdentificeerd hebben, oe ga je die nu kunnen aanpakken? Nu zit er geen financiering achter dat gebiedsprogramma. Dat zal vooral zitten in het werken met koppelkansen.

Wanneer zich een ontwikkeling voordoet, dat kan een openbaar ruimteproject zijn, maar ook een gebiedsontwikkeling, pak het gebiedsprogramma erbij, kijk wat de prioriteiten zijn daar in de wijk, dat kan zowel fysiek als sociaal zijn, en probeer die te koppelen en mee te pakken wanneer de kans zich voordoet. De gebiedsagenda is iets waar we nu nog aan werken als gemeente zijnde. Vervolgens is het zo, we hebben in de Omgevingsvisie de ambities en de doelen op hoofdlijnen. In de gebiedsprogramma's proberen we dat wat tastbaarder te maken. Uiteindelijk zal het dan zaak zijn om daar planologische toestemming voor te geven, zodat bepaalde voorzieningen een plek kunnen krijgen. Dat kan bijvoorbeeld door een omgevingsplanwijziging. Dat is een mogelijkheid waarbij je echt ruimte kan gaan bieden voor voorzieningen wanneer daar behoefte aan is. Even kijken. Daarbij is het wel belangrijk, hoe moet ik het zeggen, dat wat gesignaleerd wordt ook echt samenkomt met of er aantoonbaar behoefte is en of een voorziening een haalbare voorziening is op zo’n locatie. Is dat een haalbaar initiatief en zijn er echt initiatiefnemers voor te vinden? Dat is altijd wel een afweging die nadrukkelijk gemaakt moet worden wanneer er ruimte voor iets geboden kan worden. Dan de bevoegdheden van de gemeenteraad op dit onderwerp.

De gemeenteraad die kan kaders stellen, hoe willen we omgaan met voorzieningen? Deze kaders zijn gesteld in de Omgevingsvisie die vorig jaar is vastgesteld. Vervolgens zijn de gebiedsprogramma's en prioritering langs de gemeenteraad gegaan, afgelopen jaar. Uiteindelijk zal het aan de gemeenteraad zijn, wanneer concrete plannen zich aandienen en voorzieningen daar een plek in kunnen krijgen, om het omgevingsplan vast te stellen. Dat is een bevoegdheid van de gemeenteraad. Nu kan het ook zijn dat bepaalde initiatief of plannen door middel van een Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit mogelijk worden gemaakt. Dat is een 34 bevoegdheid van het college. Daar heeft uw raad dan geen rol, maar het college zal uiteraard binnen de kaders die de raad eerder heeft gesteld handelen. Dat zijn de kaders die in de Omgevingsvisie zijn meegegeven. Dan heef ik het woord terug aan Wouter. De heer Ramp: Dan wilden we even stilstaan bij Amstelwijck, omdat we vanuit daar ook wel wat vragen gekregen hadden. Bij het opstellen en vaststellen van het bestemmingsplan Amstelwijck zijn geen voorzieningen opgenomen in de wijk. Toentertijd is ernaar gekeken. Vooral van de dagelijkse voorzieningen was het idee om die in de omliggende wijken, Wielwijk, Crabbehof, Sterrenburg, te versterken.

Zeker in Wielwijk bleek wel behoefte om meer bezoekers te trekken uit Amstelwijck, omdat zeker de commerciële voorzieningen het daar zwaar hadden. De maatschappelijke voorzieningen hadden ruimte om nog een aantal mensen op te vangen of te bedienen. Toen is het op die manier vastgesteld. Bij Amstelwijck is wel gezegd, we blijven monitoren en als uit die monitoring blijkt dat er knelpunten zijn, moeten of gaan we daar nog op handelen. Dat wordt inmiddels een enquête gedaan. Op dit moment, heb ik begrepen van de projectleider, zijn in die zin nog niet extreme knelpunten naar boven gekomen. Dan wilde ik heel even een klein deel laten zien van wat wij bijvoorbeeld in de voorzieningenmonitor hebben staan. Ik heb nu even basisscholen, kinderdagverblijf, apotheken en huisartsen op dit kaartje gezet. Voor elke voorziening hanteren wij een bepaalde normafstand. Deze voorzieningen liggen sowieso binnen 10 minuten fietsen en de meeste liggen binnen 5 minuten fietsen. Daarmee zien we dat heel veel van de voorzieningen wel in de buurt van Amstelwijck en Dordtse Hout liggen. Wat we bijvoorbeeld bij kinderopvang hebben gezien, is dat de vraag groter is dan het huidige aanbod. Het aanbod wordt bij kinderdagverblijven aangevuld door gastouderopvang. Dat zit hier niet in, want het zijn er nogal veel en dan wordt het onoverzichtelijk.

Daar rekenen we mee, maar dat blijft een theoretische berekening. Wij kunnen niet precies berekenen hoeveel kinderen naar de kinderopvang gaan. Daar hebben we wel wat vuistregels voor en daar proberen we op te rekenen. Het betekent niet dat iedereen zijn kinderen in de nabijheid van de eigen woning naar de kinderopvang brengt. Het komt regelmatig voor dat mensen in de buurt van hun werk de kinderen wegbrengen. Het blijft heel lastig. Daar proberen we die balans wel te zoeken. We weten dat de druk op kinderopvang groot is. Als je hier heel sterk naar de cijfers gaat kijken, is er ongeveer voor 150 kinderen kinderopvang in de buurt. Als je er theoretisch naar kijkt, zou er voor ongeveer 250 kinderen kinderopvang moeten zijn. Voor huisartsen kunnen we dat ook berekenen. Er is een patiëntennorm per fte huisarts. Op dit moment wonen er ongeveer 7.000 mensen in Wielwijk. Als Amstelwijck klaar is, kom je ongeveer op 8.000. Dan zou je 4 fte huisarts in de wijk moeten hebben. Die zijn er op dit moment al, maar weten ook dat de huisartsen op dit moment overal vol zitten. Theoretisch gezien zouden wij genoeg huisartsen hebben, maar ze zijn er niet. Er is in ieder geval vraag naar. Daar moeten we naar kijken. Dan komen we bij de flexibiliteit in het bestemmingsplan. Amstelwijck zit hem nog in de spoorzone. Daar is ruimte voor een maatschappelijke functie.

Dat is, volgens mij, in de artikel 40-vragen op deze manier opgeschreven. Dat er behoefte is, het initiatief haalbaar is en een initiatiefnemer zich meldt is ook een belangrijke. Het enige wat de gemeenteraad zou kunnen doen, is het mogelijk maken. Het betekent niet dat er daadwerkelijk wat komt, omdat er iemand moet zijn die het gaat doen. Voor de rest van Amstelwijck zijn de plannen grotendeels uitgewerkt. We kunnen daar heel lastig nog 35 voorzieningen toevoegen. Daarom kijken wij ook nog in de buurt van Amstelwijck, net de schil om de wijk heen. Hoeve Smitzigt, ik zei het net al, is nog onderdeel van Amstelwijck. De Bouwhuyslocatie is een lopend plan net buiten Amstelwijck waar wel maatschappelijke voorzieningenmeters zijn opgenomen in het bestemmingsplan. De gemeenteraad zou ervoor kunnen kiezen om dat uit te breiden. Dit betekent wel dat het plan uit gaat lopen en hoogstwaarschijnlijk duurder wordt. Dat is een afweging. Daarnaast zijn er nog een aantal plekken net buiten Amstelwijck. Dan noemen we een Watersteyn, Syndion en een SSF. Dat zijn geen lopende plannen. Als in de toekomst, zoals mijn collega net aangaf, gebiedsontwikkeling zich aandient, dan kunnen we schakelen en zouden maatschappelijke voorzieningen in het bestemmingsplan toegevoegd kunnen worden. De voorzitter: Hoeveel slides hebben jullie nog? De heer Ramp: Wij zijn bijna klaar. De afronding.

Om het even af te ronden, op dit moment is er veel meer aandacht voor voorzieningen. We hebben de voorzieningenmonitor, de gebiedproductering en er is een expliciete ruimtelijke keuze toegevoegd in de Omgevingsvisie. Die balans is, denk ik, heel belangrijk. We kunnen allerlei eisen en wensen blijven stapelen, maar hoe uitvoerbaar blijven dan de projecten? Ik denk dat daar een goede balans in gezocht moet worden, zodat er haalbare projecten komen met en leefbare wijk als gevolg. De voorzitter: Mannen, hartelijk dank voor jullie bijdrage. Ik zou de raads- en commissieleden in de gelegenheid willen stellen vragen te stellen, met nadruk op technische vragen. Politieke vragen kunnen eventueel nog gereserveerd worden voor een oordeelsvormende vergadering, mochten jullie daar behoefte aan hebben. Vandaag technisch. Wie kan ik het woord geven? Mijnheer Kolkiliç was de eerste, van DENK. De heer Kolkiliç: Dank, voorzitter. U gaf net aan dat er enquêtes worden gehouden. Wat kan ik daaronder verstaan? Wat zijn de vraagstellingen daarin bijvoorbeeld en over welke voorzieningen gaan die vragen? De heer Cornax: Daar heb ik het antwoord helaas niet op, welke vragen het precies zijn. Ik weet wel dat de projectleider van Amstelwijck hier achter ons zit. Ik weet niet of jij zicht hebt op welke vragen in die enquête … Nee. Dan zouden we daar een keertje op terug moeten komen.

De vorige monitor is twee jaar geleden uitgevoerd. We zouden kunnen kijken welke vragen daarin zaten, maar we kunnen ook bij het projectteam nagaan wat voor vragen er nu gesteld worden. De voorzitter: Dat lijkt me een goed idee. Laten we het rijtje afgaan. Dan onze collega van de VSP. De heer Vroon: Voorzitter, dank u wel. Kijkend naar de inspreker die dit heeft gedaan, wat zijn de mogelijkheden om wel te voldoen aan de voorzieningen die er kunnen komen? Dit is van een hele andere orde. Wat zou het wel kunnen zijn voor de bewoners van de Wilgenwende? 36 De heer Katif: Ik wilde de vraag van mijnheer Vroon nog even verduidelijken, het zijn twee verschillende wijken en die lijken helemaal niet op elkaar. Er wordt nu iets geprojecteerd wat … Wat zei je? Het zijn verschillende wijken. De heer Cornax: Wij hebben nu de wijk Amstelwijck uitgelicht. Zo'n zelfde verkenning zou je ook kunnen uitvoeren voor Wilgenwende. Dan zou je kunnen komen tot een aantal conclusies van, het aanbod van deze voorziening of die voorziening volstaat wel of niet. Als dat niet volstaat, zou je er een prioriteit aan kunnen geven.

Dan is het, denk ik, eventjes aan de gemeente en de gemeenteraad van, gaan we wachten tot er zich een ontwikkeling in de nabijheid voordoet om daar dan op mee te liften of mee te koppelen of vind je het als gemeenteraad dusdanig belangrijk dat je nog actiever daarop wil gaan acteren en misschien wel actief op zoek gaat naar locaties om bepaalde ruimtes te bieden? De voorzitter: De volgende vraag. Mijnheer Klerk, CDA. De heer Klerk: Dank u wel, voorzitter. Ik haak even aan op de casus Amstelwijck en wat daar gezegd werd over, wat als we toch voorzieningen toevoegen in het plangebied Amstelwijck? Dan dienen er scherpe keuzes te worden gemaakt, stond in de presentatie. Kunt u iets meer duiden over de scherpe keuzes die dan gemaakt moeten worden? Wat impliceert dat? De heer Ramp: Een keuze die nog gemaakt kan worden in bijvoorbeeld de spoorzone, is dat er een omgevingsplanwijziging wordt aangevoerd, waardoor je minder woningen zou kunnen bouwen. Wat het nadeel is bij een spoorzone, is dat het binnen de externe veiligheidszone van het spoor ligt, waardoor je zeer kwetsbare voorzieningen niet kan plaatsen. Dan is bijvoorbeeld een kinderdagverblijf niet mogelijk, omdat het een zeer kwetsbare voorziening is. Je kan wel aan andere voorziening denken, zoals bijvoorbeeld eerstelijnszorg in een huisarts. Een basisschool zou bijvoorbeeld ook niet kunnen. De voorzitter: Hartelijk dank.

Dan mevrouw Van Herwijnen. Mevrouw Van Herwijnen: Dank u wel, voorzitter. Als je een nieuwbouwwijk gaat realiseren, dan neem je normaal gesproken bepaalde voorzieningen mee, de woningbouw, maar ook de basiszorg. Er is toentertijd voor deze wijken anders gekozen. Dat is waarschijnlijk een politieke keuze toentertijd geweest. De wijk is nu in strijd met de Omgevingsvisie zou je kunnen zeggen. Het is een omdraaiing. Het Omgevingsplan is ouder dan de Omgevingsvisie. Als er nu toch voorzieningen in deze wijk zouden willen komen, zijn er dan mogelijkheden om in de bestaande bebouwing iets te realiseren of zou er dan nieuwbouw moeten worden gerealiseerd in deze wijken om de basisvoorzieningen de wijk in te krijgen? De heer Cornax: Interessante vraag. Ik denk dat daarvoor heel goed naar het, hoe moet ik het zeggen, type gebouwen moet worden gekeken. Voor zover ik Amstelwijck op dit moment ken, zijn het vooral grondgebonden woningen. Afhankelijk van de voorziening is het wel lastig in te passen, vermoed ik. De voorzitter: Een vervolgvraag. 37 Mevrouw Van Herwijnen: Graag. Dank u. Normaal gesproken is het zo dat als je nieuw gaat bouwen, er bouwwerken komen waar een initiatiefnemer in kan zitten met zijn voorziening. Nu loopt het anders. Iemand die zich ergens wil gaan vestigen, ziet nu geen mogelijkheden, want die ziet alleen maar woningen om zich heen.

Hoe gaan die lijntjes of hoe kunnen we als gemeente faciliteren dat er toch mogelijkheden ontstaan, ondanks dat er in de bebouwde omgeving nu geen mogelijkheden qua bebouwing zijn? Hoe kunnen we als gemeente daarin faciliteren? De heer Cornax: Wat mij nu te binnen zou schieten kan dat op twee manieren. De ene manier is ook in de presentatie aangehaald, in de directe omgeving van de woonwijk kijken of daar zich ontwikkellocaties voordoen waar die het misschien zouden kunnen faciliteren. Anderzijds, mocht er een pand, of panden, zijn die geschikt zijn voor een bepaalde functie en de gemeenteraad vindt het dusdanig belangrijk dat die functie zich daar ook vestigt, nog even los van het hele financiële aspect, zou je kunnen voorstellen dat de gemeenteraad een omgevingsplanwijziging voorstelt van functie wonen naar functie maatschappelijke voorziening. Ik vermoed dat het op dit moment makkelijker gezegd is dan gedaan. Ik denk dat er nog heel veel achter weg komt om echt uit te voeren. De voorzitter: Wie dan? Mijnheer Tutupoly, Op Ons Eiland. De heer Tutupoly: Een korte vraag. U had het net over het aantal huisartsen bijvoorbeeld aan de hand van de bewoners. Het enige wat jullie dan zouden kunnen doen, is mogelijk maken. Gezien het huisartsentekort is dat nu iets wat heel moeilijk in te vullen is, lijkt mij? De heer Ramp: Dat klopt. In de Drechtsteden hebben we DrechtDokters.

Zij zijn er heel hard mee bezig om huisartsen te verleiden deze kant op te komen. Dan moet er ruimte zijn. De gemeenteraad zou die ruimte kunnen bieden. Dan is het maar de vraag of DrechtDokters zover komt dat er een huisarts komt. Het enige wat de gemeenteraad kunnen doen, is inderdaad die ruimte bieden. De voorzitter: Mevrouw Boom van de VVD. Mevrouw Boom-Vos: Dank u wel. Ik hoop dat u mij wat duidelijkheid kan geven op een paar dingen. In de antwoordbrief stond, volgens mij terecht, dat er nog onvoldoende info is over de daadwerkelijke vragen in Amstelwijck, maar dat het opgelost werd door een regelmatige monitoring. Dan vraag ik me af wat een regelmatige monitoring is. Amstelwijck is nog een halfvolle wijk ik. Volgens mij hoorde ik twee dingen. Ik hoorde knelpunten op kinderopvang en huisartsen, maar ook dat er geen of extreme knelpunten zijn. Wat zijn extreme knelpunten? Kunt u mij nu vertellen, zijn er knelpunten of zijn er geen knelpunten? De voorzitter: Heldere vraag. De heer Ramp: In de monitoring van Amstelwijck waar op doelt, zijn die knelpunten niet naar voren gekomen. Wij weten bijvoorbeeld wel dat landelijk, en ook in de gemeente Dordrecht, er een knelpunt op de huisarts zit en op een kinderopvang. 38 De voorzitter: Een vervolgvraag.

Mevrouw Boom-Vos: Is dat die monitoring van twee jaar geleden waar geen knelpunten uitgekomen zijn, dan is de wijk nog maar voor een kwart vol, of is het een meer recente monitoring? De heer Cornax: Volgens mij de monitoring van twee jaar terug. Het is in november beschikbaar gekomen. Ik kan me voorstellen, we zijn nu twee jaar later, dat we richting het eind van het jaar de volgende versie krijgen, maar dat zouden we misschien ook moeten navragen bij projectteam van Amstelwijck, net als de vragen die er gesteld worden. De voorzitter: Dan mevrouw Kovalenko. Excuus, mevrouw Van Dorresteijn. Mevrouw Kovalenko: Dank u wel, voorzitter. Er werd in de presentatie gezegd dat er misschien mogelijkheden zouden zijn voor de ontwikkelingen rondom Amstelwijck, omdat er in Amstelwijck zelf niet zo veel mogelijkheden zijn. Watersteyn, Syndion, over welke mogelijke ontwikkelingen praten we? Wat moeten we daaronder verstaan? De heer Cornax: Een van de mogelijkheden was de Bouwhuyslocatie. Dat is een concrete locatie waar nu ook planvorming voor plaatsvindt. Dat is al een relatief vergevorderd vergevorderde locatie die zich aandient voor het overgaan op ontwikkeling. De andere locaties zoals Syndion, volgens mij zijn daar nog geen plannen voor om het op korte of lange termijn te gaan ontwikkelen.

Je kan het, hoe moet ik het zeggen, versnellen als gemeenteraad zijnde van, we zien daar een kans, misschien moet daarop worden doorgepakt. Dat verschilt van iets waar nu al plannen voor in ontwikkeling zijn tot een mogelijke locatie die zich hiervoor zou kunnen lenen. De voorzitter: Korte vervolgvraag. Mevrouw Kovalenko: Van zo’n plan in ontwikkeling naar een concreet iets waar mensen heen kunnen, over welke periode praten we? Twee jaar, drie jaar, volgende raadsperiode, tien jaar? De heer Cornax: Dat is van veel zaken afhankelijk. Ik denk dat een Bouwhuyslocatie in een volgende raadsperiode tot ontwikkeling komt. Hopelijk deze periode, dat zo’n locatie tot ontwikkeling komt. Mark gelooft het pas bij start bouw, wanneer hij het echt ziet. De voorzitter: Mevrouw Dorresteijn. Van Dorresteijn, excuus. Mevrouw Van Dorresteijn: Dank u wel, voorzitter. Even over de Wilgenwende, want het ging best wel veel over Amstelwijck, is volgens jullie en de voorzieningenmonitor nu het voorzieningenniveau wat we ervan zouden verwachten? Is het op orde? Hoe zien jullie dat nu? De heer Ramp: Het voorzieningenniveau is wel breed. We hebben wel gezien dat basisscholen op een relatief goed bereikbare afstand zitten en een kinderdagverblijf zit in de wijk. De supermarkt daarentegen is wat verder weg, maar ook niet heel ver weg.

39 Zoals de inspreker al aangaf, voor een kleine boodschap is het dan wel wat verder weg. Ik denk dat het voorzieningenniveau beter kan, maar niet ondermaats is. De voorzitter: Dan een vervolgvraag? Mevrouw Van Dorresteijn: Ja. Dank u wel. Het voorzieningenniveau kan beter, maar is niet ondermaats. Als wij de inspreker horen, voelt het alsof het voorzieningenniveau wel ondermaats is. Heeft dat invloed op hoe jullie nu andere wijken gaan inrichten of niet? De heer Cornax: Zoals ook in de presentatie naar voren kwam, in de Omgevingsvisie vorig jaar is wel echt veel meer aandacht gevraagd voor het aanbod van voorzieningen en het bijbehorende programma bij een woningbouwopgave. Daar wordt nu vanuit de Omgevingsvisie veel aandacht voor gevraagd. Bij aanstaande gebiedsontwikkeling zal dat zeker worden meegenomen. In ieder geval zal goed worden afgewogen welke voorzieningen wel en niet. De voorzitter: Dan, last but not least, mevrouw Nzolani. Mevrouw Nzolani: Mijn vraag is inmiddels al beantwoord. De voorzitter: Fantastisch. Helemaal goed. In plaats van u mag mevrouw Van Herwijnen. Mevrouw Van Herwijnen: Wat soepel. Dank u wel, voorzitter. Het gebiedsprogramma en de bijbehorende gebiedsprioritering voor deze wijken, wanneer staat dat op de planning? De heer Cornax: Dat is ook een goede vraag.

In principe hebben we de gebiedsprogramma's voor Centrum en Oost opgesteld, omdat we constateerden dat voor Dordt-West het nationaal programma liep. Als tegenhanger, als het ware, hebben de gebiedsprogramma's voor Centrum en Oost opgesteld. De inhoud tussen het nationaal programma en het gebiedsprogramma zoals wij het hebben opgesteld verschilt wel van elkaar. Volgens mij hebben ze in het nationaal programma niet zo breed de data beschouwd en zo'n prioritering opgenomen. Of er ook een gebiedsprogramma voor West komt, weet ik niet. Je hebt nog wel het nationaal programma waarin allerlei acties en maatregelen zijn opgenomen. Dat loopt nog wel een flinke tijd. Mevrouw Van Herwijnen: Voorzitter, mag ik nog wel even vragen of deze wijken in het nationale programma zitten, Dordtse Hout, Amstelwijck en Wilgenwende? De heer Ramp: Wilgenwende is onderdeel van Oost. Het zit in het gebiedsprogramma Dordt-Oost, want het is Sterrenburg, waar Wilgenwende officieel onder valt. Dordtse Hout en Amstelwijck zijn Dordt West. De N3 is de scheidslijn, Daar zit het nationaal programma op. Niet zozeer op die wijken, denk ik, maar meer Wielwijk, Crabbehof en Krispijn. De voorzitter: Mensen, ik wil de ambtelijke ondersteuning heel hartelijk danken en jullie heel hartelijk danken voor jullie vragen. Volgens mij heb ik gehoord dat jullie de vragen van de enquête zouden toesturen.

Heb ik dat goed begrepen? 40 De heer Cornax: Ja. Wij zullen nagaan bij het projectteam wanneer de monitoring gaat plaatsvinden en wat voor type vragen erin de enquête zitten. De voorzitter: Dat krijgen wij nog door. Dan is de vraag aan jullie, qua input en qua kennisvergaring voldoende? Vervolgens de vraag … Zie ik nog oprispingen? Is dat om te voorkomen dat we nog een kennissessie gaan organiseren? De heer Klerk: Ik had nog een technische vraag. Het hangt daarvan af of ik ook een oordeelsvormende sessie op dit punt zou willen hebben, maar die kan ik ook schriftelijk stellen. De voorzitter: Doe dat maar. De heer Klerk: Ik zal straks … Maakt u uw zin af, dan zal ik een voorstel doen. De voorzitter: Helemaal goed. Ja? Mevrouw Boom-Vos: Ik heb ook nog wel een technische vraag. De voorzitter: Als het voorkomt dat we nog een technische sessie gaan houden, dan lijkt me het verstandig. Laten we dat dan nog even doen, alleen jullie tweeën. Ik vind alleen wel dat als jullie al een beurt gehad hebben, de vraag direct op dat moment gesteld had moeten worden. Ik wil niet al te streng overkomen. Mevrouw Boom-Vos: Dat is bij ons … Die vraag … De voorzitter: Mijnheer Klerk. De heer Klerk: Dank u wel, voorzitter. U bent wel streng voor ons. Daar moet ik een beetje aan wennen. Ik wilde nog even terug.

Ik weet niet of de ambtelijke ondersteuning die vraag kan beantwoorden, maar het haakt even in op wat de inspreker aangaf, ik noem het maar even de gedoogconstructie en het pakketpunt in het bestemmingsplan. In hoeverre zou de raad, ik probeer het even technisch te formuleren, daarin kunnen faciliteren, zodat daar dingen kunnen gebeuren en geregeld kunnen worden met alle zekerheid die daarbij hoort, zoals zo’n pakketpunt, en dat het gefaciliteerd wordt? Is dat mogelijk of is het echt gelijk een bestemmingsplanwijziging en de hele procedure die daaromheen hangt? De heer Cornax: Zonder dat ik precies expert ben op dat gebied en op die locatie nu de functie wonen gevestigd is in het bestemmingsplan, vermoed ik dat als je daar een wat commerciëlere functie aan zou willen toekennen, ik ga ervan uit dat het pakketpunt een commerciële functie is, je daar de planologische toestemming voor moet gaan regelen. Een omgevingsplanwijziging is een zwaar middel, maar misschien wel iets van een BOPA, een Buitenplanse Omgevingsplanactiviteit, om de planologische toestemming voor die functie te verkrijgen. De voorzitter: Goed. Dan mevrouw Boom nog een keer. 41 Mevrouw Boom-Vos: Ik ga het kort houden. Ik hoorde de ambtelijke ondersteuning een paar keer zeggen, mogelijk kan de raad de Bouwhuyslocatie versnellen en eventueel maatschappelijk functies toevoegen.

Dat klonk mij waarschijnlijk aantrekkelijk in de oren, maar hoe doet de raad dat? Heeft u enig idee? Moeten wij een oproep doen aan het college of is dat op een andere manier? De heer Ramp: Versnellen hebben wij, volgens mij, niet genoemd. Ik heb wel genoemd, wil je die plannen gaan aanpassen, dan gaat het alleen maar langer duren. Die plannen zijn nu zo goed als klaar en afgestemd met een ontwikkelaar. Gaan we daar maatschappelijk toevoegen, waar waarschijnlijk woningen aan voorafgaan, dan zal het weer een nieuwe onderhandeling zijn met een ontwikkelaar, waardoor het langer gaat duren. Mevrouw Boom-Vos: Sorry. Dan was het waarschijnlijk de wens die de vader van de gedachte is. Goed dat u het even verklaart. De voorzitter: Nogmaals hartelijk dank. Kan ik hiermee concluderen dat het technisch informatieve gedeelte voldoende is geweest? Is er behoefte aan oordeelsvorming via vergadering? Ja? Dan gaan we dat doen, toch? Tijdens de oordeelsvormende vergadering de politieke … De heer Klerk: Ik heb even met mevrouw Nieuwland overlegd. Ik doe dit ook namens haar. Wij dachten aan een politieke vraag in de zin van, welke politieke keuzes kunnen gemaakt worden om het voorzieningenniveau te vergroten in de wijk Wilgenwende? De voorzitter: Een meerderheid voor oordeelsvormend? Wie is voor een oordeelsvormende vergadering? Dat is een, twee, drie, vier, vijf, zes.

Dat lijkt me een meerderheid. Mevrouw Van Herwijnen: Voorzitter, ik ben voor oordeelsvormend, maar de politieke vraag vind ik nog wel een beetje onduidelijk. Het lijkt wel een soort technische vraag richting de fracties te zijn van, hoe moeten wij regelen dat … Ik vroeg me wel af of het misschien toch iets politieker gemaakt kan worden. De voorzitter: Er hoeft niet maar een politieke vraag gesteld te worden tijdens die vergadering. De heer Klerk: Wellicht kan ik wat tijd kopen? Ik moet er even goed over nadenken. De heer Kolkiliç: Voorzitter, ik heb nog een politieke vraag. De voorzitter: Dan zijn de anderen direct uit de brand geholpen. De heer Kolkiliç: De ambtenaar gaf net aan dat er wordt gekeken naar bepaalde voorzieningen in de wijken. Ik heb de politieke vraag toevoegen, biedt de spreiding van voorzieningen in Dordrecht voldoende gelijken kansen? De voorzitter: Of er voldoende gelijke kansen geboden worden met … 42 De heer Kolkiliç: Biedt de spreiding van voorzieningen in Dordrecht gelijke kansen, of voldoende gelijke kansen? De voorzitter: Is de collega van GroenLinks niet tevreden met het politieke karakter van de vragen tot nu toe? De heer Visser: Zeker wel, maar ik dacht … De voorzitter: We hoeven niet alle politieke vragen te verzamelen, toch? Wel? Excuus. Ik ben voor het eerst voorzitter. Het gaat anders dat ik gewend ben in de provincie, maar heel goed.

De heer Visser: Excuses dat ik inbreek. Ik heb even overlegd met mijn collega. Als ik de inbreng van iedereen goed begrijp, is de politieke vraag, in hoeverre willen wij het omgevingsplan wijzigen, zodat die voorzieningen er zouden kunnen komen. Dan kijk ik de rest eventjes aan. Dan ga ik terug mijn hol in. De voorzitter: Collega Katif. De heer Katif: Voorzitter, ik wil wel graag Amstelwijck, Wilgenwende en Dordtse Hout allemaal erbij betrekken. Mijn politieke vraag zou kunnen zijn, bij de ontwikkeling van Amstelwijck, Wilgenwende en Dordtse Hout zijn keuzes gemaakt over de voorzieningen. De vraag is niet of iedere wijk alles moet hebben, maar of de inwoners vandaag nog steeds kunnen rekenen op goede bereikbaarheid van basisvoorzieningen. Stuurt de gemeente daar voldoende op? De voorzitter: Dat lijkt me een goede vraag. De heer Katif: Ik zal het mailen. Ook goed. De voorzitter: Heel goed. Wie nog meer voor een politieke vraag? De heer Katif: Nee. Dit is genoeg. De voorzitter: Niemand meer? Dan wil ook jullie danken voor de politieke vragen. Dan denk ik dat we hiermee de vergadering kunnen sluiten. Dan wil ik jullie alleen nog verzoeken om jullie drankgerei terug te brengen naar de keuken en wens ik jullie allemaal een veilig thuiskomen. Tot een volgende keer. Uiteraard de ambtelijke ondersteuning, heel erg bedankt, inclusief de inspreker.

Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 14 juli 2026. De griffier, De voorzitter, 43 G.J.P. van Soest N. Mol 44

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/1109/documents/49367