CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.5 2024.11.19 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 17 december 2024, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 26 november 2024 en de Dordtse Dinsdag van 12 en 19 november 2024 Vergaderzalen 1, 3 en 521.335 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

En dan was van mij eigenlijk de vraag, ligt dat meer aan de toename in dossiers, capaciteit of zelfs bezuiniging? De heer Van Mourik: We zien de afgelopen jaren, dat is verder dan alleen dit jaar, iedere keer een groei in het aantal meldingen. En het lastige vaak van meldingen, is dat je niet per definitie weet, wanneer komt de melding binnen? Het heeft ook een grillig bestaan. Wat wij proberen te doen, is daarmee alle casussen zo snel mogelijk... Eigenlijk elke casus die binnenkomt wordt de volgende dag gescreend. Alle crisis- en spoedcasuïstieken, en zojuist kwam ik daarnet niet aan op crisis, die pakken we allemaal eruit. En er zullen een aantal casussen dan ook langer blijven wachten, die niet op die manier die urgentie meekrijgen. Het is daarmee altijd de uitdaging en soms ook een last, hoe zorg je dat je capaciteit overeenkomt met hoeveelheid werk die je binnenkrijgt? Want die deur staat open. Daar kunnen we moeilijk zeggen, jongens, we zitten vol. Vrijdagmiddag om drie uur doen we de deur dicht en u bekijkt het maar. Zo werkt het gewoon helaas niet. Misschien ook gelukkig niet. Maar dat maakt wel dat wij, als we nu kijken, ook opnieuw hebben gekeken, wat hebben wij nodig voor Veilig Thuis om dat te organiseren? Maar daarin zit niet alleen capaciteit. Het is een breder probleem. Het is niet alleen een probleem bij mij als Veilig Thuis.

Het is ook een probleem bij het wijkteam. Het is ook een probleem bij de jeugdbescherming. Het is ook een probleem bij de GGZ. En daarmee lijkt het misschien een heel enkelvoudig probleem. Laten we Veilig Thuis oplossen, dan zijn we er. Want uiteindelijk gaat over dezelfde doelgroep, ik weet niet wie van u dat eerder al benoemde, maar die je al gauw gaat doorschuiven. Is die misschien bij mij wel weg. Wacht die bij het vervolgpuntje. Is hij daar weg. Ligt hij weer bij het vervolgpunt. Het vraagt in die zin, en dat is denk ik als we kijken naar... En ik weet niet hoe goed u daar bent meegenomen. Maar ook een stukje toekomstscenario,

19

wat nu ook gewoon landelijk speelt. Daar ligt wel de wens en de hoop en de verwachting dat die bij gaan dragen aan juist dat estafettemodel of het doorschuiven, omdat te doorbreken en te kijken, kan dat dan geen positief effect uiteindelijk hebben op een snellere doorloop? Dat zit op een stuk, kunnen we niet die informatiedeling... Dat werd eerder ook al benoemd. Kunnen we informatiedeling toch niet AVG-proof en ook transparant, want daar moet je niet aan willen tornen, kunnen versnellen, waardoor die casuïstiek sneller zou komen. Dat zit hem op dat stuk. En het andere stuk zijn gewoon meer praktische dingen die we ook aan het verkennen zijn met bijvoorbeeld het wijkteam van, hoe zouden we dingen in samenwerking anders kunnen organiseren? Ook met gemeentes hebben we daar nu de gesprekken over, om in samenhang te kijken van, wij kunnen het niet alleen oplossen, jullie kunnen het niet alleen oplossen, we hebben elkaar nodig. En wat kunnen we in de time being eigenlijk naar de toekomst toe al doen? En dan zal misschien een gedeelte zitten in een stuk capaciteit, maar het zal hem ook een stuk zitten in gewoon daadwerkelijk afspraken met elkaar kunt maken. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Dam Timmers, CDA. De heer Van Dam Timmers: Dank, voorzitter. Als gemeenteraadslid ben ik natuurlijk op aarde om ook te zien wat er speelt en hoe het loopt.

En ik ben blij met deze drie bevlogen verhalen daarover. Maar ik probeer me ook een beeld te vormen van, wat is mijn rol als gemeenteraadslid hier en in jullie blik wat ervan uit ook de gemeente en de gemeenteraad en ons als brede gemeenteraad hier aanwezig, wat wij zouden kunnen betekenen om jullie werk of de aanpak van huiselijk geweld te verbeteren? Ben ik met name ook eigenlijk bij alle partijen daar benieuwd naar. Wat draagt bij? De voorzitter: Het is inderdaad een hele mooie vraag en ook voor alle partijen om daar antwoord op te geven. Zullen we hem even parkeren, dat ook deze mensen nog even hun verhaal kunnen doen? Het is natuurlijk prachtig om daar misschien een soort van samenvattend straks iets te krijgen. Heeft er iemand behoefte aan even wat te drinken, plaspauze? We zijn nu een uur verder. Zullen we even vijf minuten een break? En dan komen we zo weer terug. Welkom terug iedereen. Ik heb geen belletje. Jammer. Graag, mevrouw Kruger. Dank u wel. Het valt me vies van u tegen, mijnheer Safranti dat u dat niet doet. Ik hoop dat iedereen even wat te drinken heeft gehaald. Even een korte pauze. Iets langer dan vijf minuten. Maar dan gaan we nu gewoon weer verder met elkaar. Dan zou ik graag even verder willen gaan met de gasten die we hebben. We hebben nog mevrouw Ten Hoor van het Centrum Seksueel Geweld. U had volgens mij ook even kort iets op het scherm te...

Even kijken of Clark ergens nog in de buurt is? Die gaan we even roepen, onze ondersteuning. En meestal als we zijn naam zeggen in ons hoofd, dan komt hij al binnen gelopen. Maar echt. En vervolgens gaan we dan naar mevrouw Kuipers van de Safegroup en mevrouw Haaijema van Mendoo, die sluit daarbij aan. Mevrouw De Heer: Voorzitter. De voorzitter: Voorzitter. Iemand zegt voorzitter. Wie zegt voorzitter? Mevrouw De Heer: Ik zeg... De voorzitter: Mevrouw De Heer.

20

Mevrouw De Heer: Ik heb nog een vraag. Het is alleen een punt, omdat die presentaties nog... Het hoort nog bij het gedeelte voor de pauze. Dat gaat dan of over anonieme meldingen, maar misschien dat dat op een later tijdstip die vraag... De voorzitter: We mogen zo meteen nog allemaal vragen stellen aan iedereen die hier aan tafel zit. Dat kan straks inderdaad na de presentatie gewoon nog gevraagd worden. En misschien wordt er ergens nog een vraag beantwoord in deze presentaties. Je weet het niet. En daar is Clark inderdaad al. Die zet het klaar. Mevrouw Ten Hoor, als het op het scherm komt, dan mag u gaan beginnen. Mevrouw Ten Hoor: Ik heb vooraf even met de griffie overlegd, omdat het thema huishoudelijk geweld heel dominant op de agenda stond. En we als Centrum Seksueel Geweld eigenlijk altijd de meldcode volgen als het over huiselijk geweld gaat. Maar ik begreep dat er vanuit de raadsfracties toch echt een verzoek was om aan te sluiten. Besloot ik om de Voorstraat af te wandelen, want ik woon toevallig in Dordt, en er gewoon bij te zijn. En dan heb ik wat slides om gewoon een korte schets te geven, waar zitten we? Het Centrum Seksueel Geweld kent eigenlijk 16 centra door het land heen. Dat moet een dekkend netwerk zijn. En het heet in deze regio het Centrum Seksueel Geweld Rotterdam. Het zit ook in de stad Rotterdam.

Maar dat is voor alle gemeenten in de regio Rotterdam-Rijnmond en de regio Zuid-Holland Zuid, de veiligheidsregio's. Eigenlijk doen we aan een paar verschillende vormen van hulpverlening. En die het meest dominant is, is toch wel de aanmeldingen van acuut geweld. Daarvoor hebben we een 24/7 piketdienst hier ook in de regio. En die meldingen kunnen via verschillende routes binnenkomen. Vaak komen ze via de politie, als het slachtoffer zich daar gemeld heeft. En ze komen ook wel via de landelijke meldkamer. Het Centrum Seksueel Geweld heeft een landelijke meldkamer waar slachtoffers zichzelf kunnen melden, als zij bijvoorbeeld expliciet niet naar de politie willen. Dan kunnen ze terecht bij het Centrum Seksueel Geweld in Rotterdam. En dan wordt daar ook een sporenonderzoek... Dat kan gedaan worden. Als het hier gaat over de klantreis, dan zitten er allerlei mitsen en maren. Want eigenlijk wordt altijd gekeken, wat wil het slachtoffer, wel of geen politie bemoeienis? Wat kunnen we dan doen? Dat is in het geval van acuut geweld. Slachtoffers kunnen zich ook melden bij een niet acuut geweld. Waar hebben we het dan over? Dan is een incident langer dan 7 dagen geleden. Waarom die 7 dagen? Dat heeft te maken met de termijn waarin sporen nog veilig gesteld kunnen worden. 7 dagen is niet ideaal. Eigenlijk wil je dat echt wel binnen 72 uur een slachtoffer zich meldt.

Niet alleen voor de sporen, dan is het, hoe eerder, hoe beter, maar ook voor eventueel medicatie die je kan toedienen en medische behandeling. Daarnaast heeft het centrum niet 24/7, maar tijdens kantooruren een lijn voor professionals. En die wordt veel gebruikt. En dat komt overal vandaan. Niet alleen van hulpverlenende instanties, maar denk bijvoorbeeld ook aan onderwijsinstellingen die deze lijn weten te vinden. En tot slot, dat is vrij recent toegevoegd aan het pakket, wordt er ook hulp geboden bij online seksueel misbruik. Volgens mij heb ik gezegd net, het is overal, of misschien niet... Dan zeg ik het nu. Die centra zijn overal in het land anders geregeld. En wat je ziet, is dat eigenlijk ook op iedere plek weer een andere partij is die dat dan bijvoorbeeld coördineert. En dan zijn we in deze regio ook nog eens een uitzondering. Want we hebben het op twee plekken georganiseerd. We hebben een route voor kind en jeugd. Die melden zich bij het Erasmus MC, het Sophia Kinderziekenhuis. En dat is historisch zo gegroeid, want zij hebben zeker al meer dan 20 jaar het Goofyteam. Het Goofyteam is

21

een expertiseteam voor kindermishandeling en seksueel misbruik. En dat bestaat al meer dan zo'n 20 jaar. Dat is eigenlijk nog in stand. Ik ben op dit moment interim teammanager bij de GGD Rotterdam-Rijnmond. En daar is eigenlijk de route voor, we noemen het dan jongvolwassenen, maar vanaf 16 jaar. Wat voor beide teams geldt die dit werk doen, is dat zij het casemanagement op zich nemen. De cliënt komt binnen en ze krijgen een casemanager. Er wordt zowel in de medische hulp voorzien als in de psychosociale hulp. Wat denk ik wel afwijkt, dat is goed om te vertellen, dat hebben mijn collega's van het Goofyteam ook expliciet gevraagd, is dat zij eigenlijk altijd bij het Goofyteam het gezinssysteem in kaart brengen. En dat is echt een afwijking met hoe het bij de GGD gaat. Dat mag wel betrokken worden als het slachtoffer dat wil, maar dat is niet standaard. En vaak zie je ook dat dat niet aan de orde is. Als er bij ons zorgen over de veiligheid van slachtoffers of signalen zijn van huiselijk geweld, dan wordt altijd de meldcode gevolgd. Dan komen we uit bij Veilig Thuis. We ervaren daar hele korte lijnen, zeker als het gaat om Veilig Thuis Zuid-Holland, en ook nauw contact met het crisisinterventieteam. En je ziet dat er ook vaste momenten zijn voor casuïstiekoverleg tussen deze organisaties. Mevrouw Kruger: Voorzitter, even...

Vaste momenten van casuïstiek, een keer per week, een keer per maand, een keer per kwartaal? Mevrouw Ten Hoor: Dat antwoord moet ik u schuldig blijven. Dat is een ook die expliciet bij met name rondom kind en jeugd heel strak wordt geborgd. Ik weet dat het frequent gebeurt, maar in ieder geval de casuïstiek wordt wel behandeld. Het Centrum Seksueel Geweld is op zichzelf geen juridische rechtspersoon. Dat is misschien wel goed om te weten. Dat is misschien een beetje een gekke formulering, maar het is een samenwerkingsverband of netwerkorganisatie. En het lijstje wat hier staat, is volgens mij niet uitputtend, maar er staan een aantal partners op zonder wie we eigenlijk zelden werken. Als het gaat om het sporenonderzoek, dan is daar altijd de forensische opsporing bij betrokken Eigenlijk ook altijd de zedenpolitie bij betrokken. En altijd een forensisch arts. In het geval van Rotterdam is de FARR daarbij aangehaakt. Daarnaast is er een ongekend uitgebreide sociale kaart. En dat zegt ook heel veel van de manier van werken. Op het moment dat een slachtoffer zo'n casemanager krijgt, die casemanager is er echt om zo'n slachtoffer te begeleiden in het netwerk of naar verschillende instanties, om bijvoorbeeld door te geleiden of te helpen kiezen wat voor soort hulpverlening gewenst of gepast zou zijn.

En wat je daarbij ook ziet, is dat die casemanager vervolgens ook vinger aan de pols houdt, als iemand bijvoorbeeld is doorverwezen. Even tot slot, vaak is dat ook wel het beeld waar de vragen over gaan, maar je ziet eigenlijk, dit zijn de landelijke staatjes, een toenemende mate van zowel de niet acute meldingen als de wel acute meldingen. Door de jaren heen zie je daar een toename van slachtoffers die zich melden. Het staatje wat daarnaast staat, dat zijn eigenlijk alle centra. Dan vallen jullie ook onder Rotterdam. En dan is heel duidelijk dat veruit de meeste slachtoffers toch in het Randstedelijk gebied zich melden. Dat is denk ik even kort mijn schets bij het Centrum Seksueel Geweld. De voorzitter: Hartelijk dank. Dan ga ik naar mevrouw Kuijpers van de Safegroup. Gaat uw gang.

22

Mevrouw Kuijpers: Geen presentatie. Ik ga het even zo vertellen. Ik denk, er is net al een paar keer gelinkt vanuit Veilig Thuis en hoe de samenwerking is richting de vrouwenopvang. En wat ik in ieder geval wil schetsen, is dat het hier steeds gaat, als ik ga kijken wat er allemaal speelt rondom huiselijk geweld, kindermishandeling, is dat we als partijen gezamenlijk de focus hebben op veiligheid. Wat is er nodig om veiligheid te realiseren? En dat is ook echt de focus binnen de vrouwenopvang. Op het moment dat er mogelijkheden zijn soms om een tijdelijk huisverbod te doen en om juist de pleger uit de situatie te halen en een vrouw en mogelijk kinderen thuis te kunnen laten, zal dat altijd de voorkeur hebben. Maar er zijn ook echt situaties waarbij je op dat moment onvoldoende de veiligheid kunt realiseren. En dat betekent dat je wel een vrouw uit de situatie moet halen met de kinderen, om te zorgen dat je echt de veiligheid kunt borgen. En dat gaat nog een stap verder. Op het moment dat vrouwen, mogelijk met kinderen, binnenkomen bij de vrouwenopvang, wil ook niet zeggen dat je daarmee altijd de directe veiligheid gerealiseerd hebt.

Op een moment dat er een melding komt en we gaan als vrouwenopvang schakelen en aan tafel met Veilig Thuis en wat er nodig is, dan gaan wij ook in onze organisatie kijken, als een vrouw daadwerkelijk geplaatst moet worden, wat is er dan nodig om die veiligheid echt te kunnen borgen? Dat betekent soms dat we ook echt afspraken moeten maken over het niet gebruiken van een telefoon, het niet naar buiten mogen gaan, omdat er een gevaar dreigt op het moment dat zij wel buiten de opvang treden. Dit is op het moment dat er echt een acute onveiligheid is en het direct nodig is om de veiligheid te borgen. Er zijn steeds meer ontwikkelingen ook op het gebied van, hoe zouden we nog beter slachtoffers veilig kunnen stellen, zonder dat je ze direct uit de situatie moet halen? Ook voor deze regio geldt dat er vragen op zijn gekomen om te kijken, moeten we het anders doen? Je ziet een aantal pilots, onder andere in Rotterdam is dat ook geweest, waarbij juist de man wel geplaatst wordt en een enkelband krijgt wat in contact staat met een armband van de vrouw, zodat op het moment dat de pleger in de buurt van de vrouw komt, de vrouw in veiligheid gebracht kan worden.

Dat zijn pilots die steeds meer in ontwikkeling zijn om te voorkomen dat vrouwen echt in die vrouwenopvang opgevangen moeten worden, omdat dat over het algemeen, en zoals weten zeker in Dordrecht niet de meest fijne plek is om opgevangen te worden. Daarnaast proberen we natuurlijk altijd te kijken op het moment dat Veilig Thuis op de lijn komt en we hebben met een situatie te maken waarbij het wel mogelijk is om nog te werken aan die veiligheid met goede veiligheidsafspraken en waarbij partners ook aangeven en er daadwerkelijk een interventie is opdat er mogelijk de situatie gezamenlijk in huis of tijdelijk bij een netwerkpartner, en dan bedoel ik niet de netwerkpartner, ik bedoel eigenlijk gewoon de buren, de vrienden, de familie iets opgevangen kan worden om de veiligheid te realiseren. Bijvoorbeeld, de kinderen kunnen naar de buurvrouw toe als het even niet goed gaat. Wat voor afspraken kun je maken met de ouders? Omdat je je ook moet voorstellen dat veel van de partners eigenlijk best heel graag samen willen blijven. Ook het beeld wat er vaak is van, waarom blijven die vrouwen toch bij die mannen? Omdat er intrinsiek ook vaak een relatie is waarbij zij wel degelijk van hun partner houden en graag daarmee door willen, maar dan moet het wel op een veilige manier kunnen, die relatie.

Dat is wanneer ook ambulante hulp ingezet wordt om te gaan zorgen dat er stappen gezet worden op het realiseren van die veiligheid. En dat is waar we binnen de vrouwenopvang voor staan. Ik denk dat een even korte schets voor wat er vanuit de Safegroup gebeurt.

23

De voorzitter: Helder. Dank u wel. Ik zie wat vingers. Is het ook even een verhelderende vraag, want anders ga ik liever eerst even naar mevrouw... De heer Safranti. De heer Safranti: Zeker, voorzitter. Dank u wel. U gaf net aan dat in Dordrecht de locatie niet veilig genoeg zou zijn. De voorzitter: Sorry, mag ik heel even? Ik vind het toch meer een verdiepende vraag. Verhelderend is echt even, ik heb het niet gehoord of... De heer Safranti: Ik heb het niet goed kunnen horen. Dat wil ik verduidelijken. De voorzitter: Het leek meer verdiepend. Mevrouw Kuijpers. Mevrouw Stevens: Mag ik deze vraag verhelderen? Het heeft te maken met Dordrecht. Heeft Dordt ook dat systeem van die armband, enkelband of was het alleen nog Rotterdam, die pilot? Mevrouw Kuijpers: Nog niet. De voorzitter: Helder. Mevrouw Kruger, ook een verhelderende vraag of zag ik dat verkeerd? Dan stel ik voor dat we nu even naar de laatste presentatie of inspreker gaan. Mevrouw Haaijema van Mendoo. En u had ook een filmpje dat we konden laten zien. Dan gaan we Clark weer even roepen. Kijk eens aan. Fantastisch. Het werkt echt, jongens. Denk er allemaal aan en hij komt eraan. [Er wordt een filmpje afgespeeld] Mevrouw Haaijema: Dit even ter introductie van het werk wat wij doen. Het is even een hele andere... Even vanuit een andere kant bekijken. We bestaan nu tien jaar. We zijn een landelijke organisatie.

En we werken met gemeenten samen die aangeven dat zij hier aandacht aan willen besteden en die ook aandacht aan de huisdieren willen besteden. Hulpvragen krijgen we binnen via allerlei verschillende kanten. Zowel van de cliënten zelf of hulpvragen zelf, Veilig Thuis, vrouwenopvang, politie, noem het maar op. Ik heb straks ook een drietal voorbeelden van hoe we dan de hulpvragen krijgen. Wanneer krijgen we de hulpvragen? Is ook op verschillende momenten. Dat is op het moment dat er een vluchtplan wordt gemaakt. Daarbij wordt aangegeven, er zijn ook huisdieren bij betrokken. We weten niet wat we met de huisdieren moeten doen. Iemand gaat de vlucht niet inzetten, omdat die huisdieren geen plek hebben. Een ander moment is dat vrouwen al, ik zeg vrouwen, kan ook mannen zijn, maar we hebben heel veel met vrouwenopvanglocaties te maken, dat vrouwen al in de opvang verblijven en het dier is achtergebleven en ze zich daar heel veel zorgen over maken. Waarbij hulpverlening ook aangeeft, er is een grote kans dat mensen weer teruggaan naar de situatie. We moeten daar op een oplossing voor bieden. En ook op het moment dat... Ik ben ook weleens gebeld dat iemand van Veilig Thuis op een locatie was en met een aantal dieren zat en op dat moment niet wist wat ze daarmee aan moesten. We doen een drietal dingen. Eén is puur noodopvang, noemen we dat.

Op het moment dat een dier uit een situatie moet worden gehaald, plaatsen wij het dier bij een van onze gastouders, door heel Nederland, ook vanwege de veiligheid. En daarbij zorgen we dat het dier... Daarbij zijn geen kosten

24

verbonden ook voor het slachtoffer, omdat we daar geen drempel in willen. We willen dat iedereen daar hulp in kan krijgen. We zorgen dat de dieren naar de dierenarts gaan. Er is geen fysiek contact tussen eigenaresse en het dier. Dat is moeilijk, maar dat is vanwege de veiligheid. We willen niet dat hun partner erachter komt waar het dier verblijft en vervolgens daar verhaal gaat halen. En elke twee weken wordt ze op de hoogte gehouden van het welzijn van het dier. En op het moment dat iemand weer een eigen plek heeft, een veilige plek heeft, dan zullen we dier en eigenaar weer herenigen. Tweede, en dat is onze stip op de horizon, is dat de opvanglocaties diertoegankelijk worden. Dat mensen in hun vlucht hun huisdier mee kunnen nemen. En zeker ook in het belang van de kinderen, omdat ik van mening ben dat, en dat zien we ook heel veel, dieren ontzettend veel voor deze kwetsbare kinderen betekenen. Zij zijn vaak de bron van vertrouwen waar ze hun verhaal kwijt kunnen, die naar ze luistert. En dan vind ik het moeilijk om te zien dat mensen in een opvanglocatie terechtkomen en vervolgens het dier achter moeten laten bij degene die ze verdriet en pijn heeft gedaan. Maar ook, en dat vergeten we heel vaak, dat een dier echt wordt ingezet als dreigmiddel om toch die macht daarover te houden en om zelfs ook te zorgen dat iemand teruggaat. Nou is mijn schermpje uit. Maakt niet uit.

En wat wij heel belangrijk vinden, is dat het dier mee kan komen en dat we ook daarin de opvanglocaties ondersteunen. We komen regelmatig langs. We hebben contact met de hulpverlener, met de cliënt. We zien het dier. Ook daar wordt het dier naar de dierenarts gebracht. En daar is het gewoon heel mooi dat mens en dier samen kan blijven. En het derde wat wij doen, is training en advies geven. Want ik ben van mening dat de vrouwenopvang, maar ook Veilig Thuis eigenlijk een... Dan is er al heel veel gebeurd. En ook andere hulpverleners, maatschappelijk werk, vanuit het wijkteam, scholen, noem het maar op, mensen die al heel vroeg bij anderen over de vloer komen, hebben echt een signalerende functie. En die kunnen daar al wat mee doen. Alleen al het zien van dieren, het meenemen van de aanwezigheid van dieren. We werken heel veel samen, ook met de politie. We geven gastlessen aan de Politieacademie. Vooral bij de taakaccenthouders, om daar aandacht voor te hebben. En ik geef even drie voorbeelden hoe dan hulpvragen bij ons binnenkomen. Vanuit een slachtoffer zelf. Die geeft aan, voor mijn lieve jonge Shar-Pei zoek ik een veilige plek. Mijn ex heeft ons beiden slecht behandeld. Politie, wijkteam, Veilig Thuis, vrouwenopvang is betrokken. Ik ben weggegaan zonder zijn paspoort. Lag nog in de kluis. Wacht al drie maanden op een plekje.

Verblijf momenteel in een camper met mijn hond, omdat hij niet mee de opvang in mag. Doordat er geen plek op het noodbed vrij was en hij daar ook niet mee mag. Ik heb een camper gekocht. De rechercheur in team terreur heeft mij op jullie gewezen. Hopelijk kunnen jullie ons helpen. Het is een lieve hond. Dan vanuit Veilig Thuis een hulpvraag. We zijn reeds enige tijd betrokken bij een fors huiselijk geweld casus. Mevrouw zal nooit naar een veilige plek vertrekken zonder haar honden. Mijnheer dreigt de honden iets aan te doen als zij dit zal doen. Mevrouw wordt stelselmatig mishandeld en drinkt veel alcohol. Dit heeft onder andere met de uitzichtloze situatie te maken. Nu ben ik ook met de politie in contact om de honden daar weg te krijgen, zodat mevrouw naar een veilige plek kan, maar dan worden de honden mogelijk afgemaakt, staat in de mail. Hebben we heel veel vragen over. Misschien kunnen jullie hulp bieden. En wat zou een eerste stap kunnen zijn? En dan een laatste, vanuit een vrouwenopvang. We hebben gisteren een noodopname binnengekregen in de opvang, waarbij twee katten achter zijn

25

gebleven in huis. Het vermoeden is groot dat de katten slachtoffer zullen worden van mishandeling/doodslag indien pleger vrijkomt. Onduidelijk wanneer. Misschien vandaag al. Er zijn begrijpelijkerwijs veel zorgen om de dieren. Kan iemand contact met mij opnemen? Dit zijn voorbeelden hoe wij hulpvragen binnenkrijgen. En wat je vooral veel hoort, ik hoorde het nu vanavond ook, we kijken vooral, we werken systeemgericht. En ik mis daar de dieren in, want ik denk dat dieren onderdeel zijn van het systeem. Als jij een kind vraagt, wie wonen er bij je thuis, dan wordt dat dier vaak in een adem meegenomen. En dan meteen al antwoord te geven op, wat zou dan de gemeente kunnen doen? We zijn een landelijke organisatie. En we zijn bestaan nu tien jaar. Vijf jaar geleden hielpen we alles wat binnenkwam. Dachten we, dit is gewoon heel belangrijk. Die fondsen halen we wel. Maar ook binnen fondsen zie je dat als er diergerelateerde fondsen zijn die zeggen, jullie doen ook wat met mensen, dus nee. Maatschappelijke fondsen zeggen, jullie geven ook wat voor dieren, dus nee. En toen hebben we de weg naar de gemeentes gevonden, omdat binnen gemeente zit zowel dierenwelzijn als sociaal domein. En we zien nu dat heel veel gemeentes daarin hun verantwoordelijkheid nemen. En als zij daar aandacht aan besteden, zijn er allerlei manieren om dat te doen. In Dordrecht hebben we dat nog niet.

Ik denk dat het een heel mooi moment is om daarover na te denken hoe we het in Dordrecht voor elkaar kunnen krijgen om ook dieren in dit hele systeem mee te nemen en om daar aandacht voor te vragen. Want ik ben ervan overtuigd dat je daarmee echt mensen bereikt die we op dit moment misschien nog niet bereikt hebben. De voorzitter: Hartelijk dank. Mevrouw Haaijema: Graag gedaan. De voorzitter: En dank voor uw oproep. Ik zag, er was net een vraag van mevrouw De Heer van FvD en dan mevrouw Kruger en de heer van Dam Timmers. Laten we even bij mevrouw De Heer beginnen. Mevrouw De Heer: Dank u wel. Ik was even benieuwd naar de anonieme meldingen en hoe jullie, welke precies, politie, slachtofferhulp of Veilig Thuis daarmee omgaan? Was ik even heel benieuwd naar. De voorzitter: De heer Van Mourik. De heer Van Mourik: In ieder geval vanuit het perspectief van Veilig Thuis zal ik dat noemen, misschien dat er ook bij politie op een andere manier anoniem nog meldingen toe te lichten zijn. Hoe gaan wij ermee om? Feitelijk is een anonieme melding voor ons ook daadwerkelijk dat we zeggen, die behandelen wij als anoniem zijnde. Wij kennen de beller wel. En dat is ook om te verifiëren voor ons, zoveel mogelijk als kan, degene die ons belt, klopt dat een gedeelte? En dat is altijd natuurlijk afhankelijk van de vraag en de context. Maar wij krijgen zeker ook gewoon anonieme meldingen.

En in ieder geval anonieme meldingen voor de buitenwereld. Zodat we ook borgen dat de anonimiteit van de melder geborgd blijft. Dat zit vaak in veiligheid, zit vaak in een aantal van dat soort dingen, omdat te doen. Uiteindelijk proberen we ook met diegene die belt ook wel echt te verkennen, in hoeverre is dat belangrijk? Want zoals ik eerder al benoemde, proberen

26

we te kijken in die telefoongesprekken, dat zijn vaak ook de burgers, de buurtbewoners, kunt u niet toch aanbellen? Want ik denk dat u zich kunt voorstellen, op het moment dat het u zelf zou betreffen dat u zegt waarschijnlijk, dat krijgen we namelijk ook met regelmaat te horen, waarom heeft die buurvrouw of de buurman niet bij ons gewoon aangebeld? Dan had ik misschien uit kunnen leggen of dan had ik misschien kunnen vragen. En nu ligt er een melding bij een instantie en dan gebeurt er van alles en nog wat. Dat is iets wat wij ons realiseren, op het moment dat wij ergens binnenstappen, nemen wij ook iets mee. En juist hoop je door in dat telefonisch gesprek met degene die bij ons anoniem zou willen melden, diegene ervan te overtuigen van, zitten er nog mogelijkheden om gewoon eens aan te bellen en zeggen, het valt me op dat je kinderen of het valt me op dat uw vrouw, valt me op dat... In de hoop dat je op die manier een gesprek kan voeren. Dat is ook niet zo dat we dat zonder meer zeggen, succes daar dan mee. Vaak probeer je met diegene het gesprek aan te gaan van, kunt u er wat mee? En als diegene daar dan wat mee kan, in het adviesstuk, dan zullen we daarna...

En die zegt, ik heb toch nog wel behoefte aan een vervolg, dan maken we een vervolgafspraak telefonisch om te kijken, hoe ging het gesprek? En zijn we op deze manier verder gekomen, kunnen we het daarmee ook afronden? Dan wordt het niet van Veilig Thuis. Dan blijft het nog bij die beller. Maar op het moment dat diegene zegt, ik wil toch een melding doen, dan zullen wij die melding aannemen en gaan we kijken wat we daarmee kunnen doen. Mevrouw De Heer: Ik stelde die vraag, omdat even een praktijkvoorbeeld van iemand die anoniem meldde en die kreeg te horen, dan moeten we wel uw identiteit bekendmaken aan degene waar het over gaat. Maar dat wil ik nou net niet. Dan is het jammer. Dan gaat het over. Herkent u dat? De heer Van Mourik: Nee, dat herken ik echt concreet niet. Het is heel lastig en dat soort dingen. Maar ik zou vooral diegenen, als die dat hebben ervaren en daar last van hebben, ook willen verzoeken om naar mij ook op dat moment te bellen, zodat ik daar uitleg over kan geven, want ik zou dat heel vervelend vinden. Vaak zit daar allereerst, al zou het al zo zijn, een verhaal achter. Iemand heeft daarin als particulier ook recht om een gedeelte anoniem daarin te blijven. Maar we zullen daar ook wel het gesprek hebben. Want het kan ook ingewikkeld zijn. Het kan zijn dat het informatie is die alleen bij u bekend is. Dat komt helaas ook voor.

En zo goed ben ik niet in de straten hier in Dordrecht. Maar dat u maar aan één kant buren heeft. En als alleen u het kan hebben gehoord, dan wordt het lastig om uw anonimiteit te borgen. En daarom hangt het van de context van degene die dit heeft meegemaakt af waarom dat misschien gezegd wordt. En dan kan het wel voelen voor diegene, er verandert niks. Maar als u echt anoniem wil blijven, helaas, en dat is een ver verleden, weet ik uit eigen ervaring, en dat was niet in deze regio, dat scheelt misschien nog voor hier, maar dat is dat ik namelijk een casus had en daarvan dachten we, dat is anoniem. En bleek dat dat een landweggetje te zijn en er waren twee huizen. En toen hadden we gezegd op dat moment, dat bleek een buurtmelding te zijn. Dan wist diegene natuurlijk ook dat het de buren waren. Dat was niet de bedoeling op dat moment, maar dat is wel gebeurd. En daarvan hoop je met elkaar te leren dat je zegt, welk verhaal heeft u nu wat misschien ook een voorbijganger zou kunnen hebben gehad, die de hond uitlaat, u noemde bijvoorbeeld net een hond, of

27

op een andere manier. En dat is wel wat je probeert te zoeken om juist die anonimiteit, die we hoog in het vaandel hebben, ook te kunnen borgen. En we zeggen, en dat speelt soms ook mee misschien... Ik word wat uitgebreid in mijn verhaal. Maar dat is misschien ook meer mijn manco. Maar is namelijk dat, het kan ook voorkomen dat... U heeft mij gebeld. We hebben dat afgesproken. U doet de melding anoniem. Voor mij weet ik dat u het bent, maar de rest weet het niet. Dan waarschuw ik u ook altijd, het kan zijn dat uw buurvrouw toch bij u aan gaat bellen. En wat heeft u nu gedaan? Jij hebt gebeld. Dat vraagt van jou een bepaalde stoïcijnse blik van, ik zou niet weten waar het over gaat. Ik heb geen idee. Op het moment dat diegene zich betrapt voelt van, dat ben ik inderdaad geweest, dan hef je in dat opzicht zelf ook je anonimiteit op. Dat is ook wat we vaak met diegene ook bespreken. Want dat voelt namelijk iets... Dat kan ik me ook zelf goed voorstellen. En ik denk dat u dat zich ook wel kunt voorstellen. Namelijk op het moment dat je iets anoniem bent, wie zou het kunnen zijn? Je wordt wantrouwend naar je omgeving. Zou het die buurvrouw kunnen zijn? Is het mijn beste vriendin? Is het mijn vader, die elders woont? En dat maakt dat we eigenlijk dat soort dingen meegeven aan degene die ons belt, om dat soort consequenties ook te bespreken.

Mevrouw De Heer: Blijft toch heel ingewikkeld. De voorzitter: Mevrouw De Heer, graag via de voorzitter. Mevrouw De Heer: Sorry. De voorzitter: Want deze vraag en beantwoording roept eigenlijk aanvullende vragen op. Want de heer Safranti en mevrouw Stevens zag ik even een vingertje... Stel uw vraag. Wie van de twee? De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Dit was eigenlijk een vraag die ik op het laatst wilde stellen. Want wanneer is iets een anonieme melding? Want u geeft wel keurig een aantal voorbeelden aan, maar juridisch gezien, AVG-technisch ook, klopt uw verhaal natuurlijk niet. Waarom? Als ik iets aangeef en ik geef aan dat ik Mehmet Safranti ben, dan ben ik niet meer anoniem, één. En waar ik eigenlijk naartoe wil, is dat die buurman of buurvrouw niet eens weet of de buurman of buurvrouw het gemeld heeft. Maar die kan altijd het dossier opvragen natuurlijk bij u. In hoeverre ben je dan nog anoniem? Dat stukje wilde ik nog even duidelijk hebben. Want dit was wel een algemene vraag die ik later wilde stellen, maar nu dat de mevrouw van Forum voor Democratie dit heeft gesteld, wil ik graag wat verdieping hierin. De voorzitter: Bedoelt u juridische implicaties van die anonimiteit? Ja. De heer Van Mourik. De heer Van Mourik: Het is wel degelijk zo dat op het moment dat wij met u afspreken dat u anoniem bent, bent u voor de buitenwereld anoniem.

En dat is namelijk dat wij met de wetgeving ook die mogelijkheid hebben gekregen. Ons handelingsprotocol voorziet daar ook in. Die zegt wel, op het moment dat wij ook niet weten wie de beller is, nemen wij de melding niet aan, tenzij... Het is, namelijk dan weten wij ook niet dat u gemeld

28

heeft. Dat komt soms voor, dat wij een briefje krijgen van een anonieme afzender. Dan weet ik niet wie degene is geweest. En dan in onze optiek zou het ook een lastenmelding kunnen zijn. We kunnen het niet polsen. We kunnen het niet verdiepen. Dan zijn we daar extra terughoudend. En ons handelingsprotocol geeft ons daarin ook expliciet de opdracht, die wordt niet aangenomen, tenzij. En die tenzij zit er hem in, is dat ik misschien in mijn informatiestroom van mijn eigen systeem zeg, er speelt wel zoveel, het is zo aannemelijk, dan ga ik het toch wel doen. Maar in de basis is het nee. Op het moment dat iemand ons belt, dan is die voor ons als Veilig Thuis niet anoniem. Want dan kunnen we daarmee het gesprek... Kunnen we ook later terugbellen. Alleen wij zorgen ervoor dat op het moment dat er een inzage komt, dat die informatie er niet staat. Ons systeem is zo ingericht dat op het moment dat er op de knop wordt gedrukt voor een inzage, dat die informatie gewoon wegvalt en anoniem blijft. Dan weet diegene niet dat u het bij ons gemeld heeft. Ik wel, maar degene waar het over gaat die weet dat niet. De voorzitter: Mevrouw Stevens had nog aanvullend hierop, of dekt dit de lading? Mevrouw Stevens: Het was geen aanvullende vraag. Ik heb wel een vraag, maar geen aanvullende vraag. De voorzitter: Dan ga ik eerst even mijn lijstje af. Dan schrijf ik uw naam op.

Is vanuit de politie nog in dit verband iets waar jullie toelichting op willen geven? Mevrouw Van der Enden: Wij hebben natuurlijk Misdaad Anoniem. Dan ben je inderdaad anoniem. En er zijn wel mensen die anoniem willen melden, maar dat is inderdaad heel ingewikkeld. Wij zullen altijd naar veiligheid kijken wat we dan wel kunnen betekenen, of verwijzen naar andere partners. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kruger, GroenLinks. Mevrouw Kruger: Ik had net ook wat verdiepende vragen. We hebben het steeds over vrouwenopvang. Hoe staat het met de mannenopvang? Is die er? Daar wil ik dan zo even een vraag op hebben. Of wordt daaraan gedacht? Daarnaast ook diversiteit. Want in het algemeen zien we toch de westerse vrouw die dan opgevangen wordt. Maar ik weet gewoon dat er in verschillende culturen, noem het de Somalische gemeenschap, dat is helemaal een kluwen iets, maar allerlei andere culturen is best ingewikkeld om daar dan interventies in te plegen. Ik weet niet of jullie, de politie of Veilig Thuis of u daar ook mee te maken krijgt en of u dan tegen bepaalde drempels aanloopt? Die maar even. Ik heb er nog veel meer. Mevrouw Kuijpers: Daar kan ik in ieder geval wel een stukje beantwoorden, collega's ook wel. Het hele cultuursensitief werken is een hele essentiële in de organisatie. Dat is echt een expertise waarop de mensen binnen Safegroup geschoold worden.

Omdat je weet, op het moment dat er een situatie speelt van huiselijk geweld, kindermishandeling, vraagt het echt om een cultuursensitieve aanpak om goed te weten, wat hebben wij nu te doen op welk moment? In welke cultuur stappen wij? En wat zijn daar misschien nog andere waarden en normen waar je rekening mee moet houden, los van dat wij ook

29

gewoon een wet hebben waarbij je elkaar niet mishandelt? Die veiligheid is natuurlijk altijd essentieel. Dat blijft staan. Maar je gaat wel heel erg kijken van, welke interventies kun je nu doen? En wat vraagt dat heel specifiek op de aanpak? Dat is zeker iets wat wordt meegenomen. Ik moet zeggen dat gewoon binnen de opvang zelf ook is de diversiteit aan culturen enorm. Die is groot. Daarmee laat je ook wel zien dat wel degelijk allerlei culturen uiteindelijk helaas soms het nodig hebben om van die opvang gebruik te maken. En op de andere vraag, mannenopvang, er zijn ook plekken heel specifiek voor mannen die opgevangen worden. Wij hebben dat binnen Safegroup hier in Dordrecht niet. Er is niet heel specifiek gericht op mannen, want dat dat roept ook vaak iets op bij de vrouwen. Op het moment dat je ook daadwerkelijk gaat kijken naar mannenopvang en mannen die mishandeld worden, zijn er specifieke plekken in het land die daarop ingericht zijn. En dat vraagt ook iets van hoe je huisvesting uiteindelijk is ingeregeld, om dat op een goede manier vorm te kunnen geven. Maar er zijn wel degelijk plekken in het land waar mannen opgevangen worden. Mevrouw Kruger: Even aanvullend. Ik heb het dan niet zozeer ook over de daders voor mannenopvang, met de uithuisplaatsingen, maar ook slachtoffers van mannen. Mevrouw Kuijpers: Die bedoel ik ook. Mannelijke slachtoffers die opgevangen worden.

Maar dat vraagt wel iets anders dan om gewoon te zeggen, er is een plek leeg, bij wijze van spreken, hier in Dordrecht. En zet daar ook even een man tussen. Mevrouw Kruger: Precies. Expliciet mannenopvang. Doe maar even zo. Ik heb nog veel meer. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Kruger. De heer Van Dam Timmers. Ik neem aan dat het een andere vraag is dan die uw eindvraag? Want die heb ik ook gekregen. De heer Van Dam Timmers: Zeker, want die eindvraag staat natuurlijk nog steeds, voorzitter. De voorzitter: Absoluut. De heer Van Dam Timmers: Maar dat spreekt voor zich. Ik had een vraag meer aan de aan de politie. Die blijven nog een beetje buiten schot op dit moment. Gelukkig maar. Als volgt heb ik een vraag eigenlijk over huiselijk geweld en ook de classificering daarvan. Ik vraag mij af namelijk, terwijl er iets in mijn keel zit, hoe dat eigenlijk geclassificeerd wordt in jullie systeem? Want we hebben verschillende soorten criminaliteit. En je hebt ook zogenaamde High Impact Crimes. Dat zijn bijvoorbeeld inbraken in buurten. Maar hoe zit dat in deze regio dan met huiselijk geweld? Mevrouw Kuijpers: Dat heeft een van de hoogste prioriteiten ook. Die pakken wij als een High Impact ook op.

De heer Van Dam Timmers: En hoe werkt dat dan? Wat betekent dat het High Impact heeft of wat betekent dat dan dat het als eerste wordt opgepakt? Ik probeer daar een beeld van te vormen hoe dat eruitziet.

30

Mevrouw Van der Enden: Eigenlijk is huiselijk geweld vaak heterdaad. Dan pakken we het gelijk op en heb je ook de dader. Maar als we die niet hebben, dan wordt die aangifte beoordeeld en dan gaan we kijken inderdaad wat daarvoor nodig is met het slachtoffer, maar kijken we ook intern of we die snel op kunnen pakken. In die zin heeft dat gewoon hoge prioriteit om daar snel op te acteren. De voorzitter: Dan ga ik naar mevrouw Stevens van Partij van de Arbeid. Mevrouw Stevens: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een vraag over de cijfers. Als je kijkt bijvoorbeeld naar de website van waarstaatuwgemeente, dan zie je dat met name ook bij Veilig Thuis er een toename is van huiselijk geweld. Ik vind het gewoon geweld in huis. Mijn vraag daarbij is, dat je ook kan zien, want er is net al wat over geroepen, dat die cijfers omhoog gaan. Als je daarnaartoe kijkt, dan zie je ook dat tachtig procent ongeveer van de professionals komen. Is dat herkenbaar ook hier voor Dordrecht? En de tweede vraag die ik daar dan heb, is er een oorzaak waarom, ik noem het even de burger, niet meldt? Is daar iets over te zeggen? De voorzitter: Mijnheer Van Mourik. De heer Van Mourik: Ik snap uw vraag heel goed, maar ik zit hem alleen even voor mij cijfermatig in mijn hoofd terug te brengen of... Ik herken namelijk niet de tachtig procent van de professionals. Mevrouw Stevens: Dat is een landelijk gegeven.

Dat staat op het CBS, op de site. Daar zie je eigenlijk landelijk dat door de professional sneller gemeld wordt. De heer Van Mourik: Herkenbaar. Dan snap ik de vraag beter. In mijn hoofd zit namelijk, de grootste melder is bij ons politie. En dat is van onze meldingen, pak hem beet, zeventig procent. Vandaar dat ik even zat te zoeken in mijn hoofd hoe u aan tachtig procent kwam. Maar het gaat om denk ik de verdeling tussen professionals en particulieren of de inwoners, de burgers. Dat klopt inderdaad. Wat denk ik daarin van oorsprong is, is namelijk dat, pak hem beet, sinds 2019 hebben we de meldcode hernieuwd. Dat maakt dat de verschillende beroepen of de professionals, namelijk vanuit hun beroepsgroep ook een beroepscode hebben opgesteld. Hoe gaan we om met het signaleren dan wel huiselijk geweld en kindermishandeling? En hoe moeten we daarop acteren? Dat is natuurlijk iets anders dan de burgers en de inwoners. Die hebben dat stuk natuurlijk niet. Daar gaat het natuurlijk over de buren dan wel degene die in uw buurt woont. Ik denk dat daar best wel een drempel ligt om daar ook over te bellen. Zoals wat ik eerder schetste, is dat het voor die mensen namelijk ook een stukje privacy is wat je opgeeft. Want ik heb je wel bij iemand gemeld. En wat loopt eruit voort? De professionals daarentegen hebben allemaal een meldcode gehad.

En in het verleden heeft ook uw gemeente, volgens mij, daar omarmd vanuit geweld hoort nergens thuis een stukje de meldcodetour, om langs scholen, et cetera, te gaan. Ik denk dat dat soort initiatieven, die u nu misschien ook nog heeft dan wel in het verleden, belangrijk zijn om ook deze professionele groepen te blijven activeren om te blijven signaleren. Want daar begint het, het signaleren van, wat zien we? En niet te blijven zitten op de handen, maar te reageren.

31

Mevrouw Stevens: Dan blijft het mij toch triggeren dat ik denk, hoe kan het zijn? Want die tachtig procent, of dat politie is of de andere professionals, het onderwijs bijvoorbeeld, die zien dan... Maar die melden dan vervolgens bij jullie. Je ziet dat daar een toename is in het aantal meldingen. En dan denk ik, is het dan zo dat de burgers sneller naar de politie toestappen of dat jullie het sneller signaleren of sneller zien? Dat is wel iets waar ik dan benieuwd naar ben. De voorzitter: Ik denk dat uw vraag werd begrepen, volgens mij. De heer Van Hoften: Ik wil daarop inhaken. De mensen bellen vaak ons. Wij zijn natuurlijk voor veiligheid zichtbaar. Vaak krijgen wij de melding van omstanders. En wij melden weer bij Veilig Thuis. En bij Veilig Thuis wordt natuurlijk geregistreerd wie er meldt. En dat zijn wij dan. Maar eigenlijk zijn we door de buurtbewoners of door kennissen of familie geïnformeerd. De voorzitter: Mevrouw Kamphuis had een vraag. Heeft u een vervolgvraag hierop? Nee. Dan ga ik even naar mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Dank u wel. Ik heb twee korte vragen. Eén voor die mevrouw. Geven jullie ook voorlichting op basisscholen? Want kleine kinderen durven het meestal niet te vertellen, in verband met de ouders worden bedreigd of ze worden zelf bedreigd door die waarschijnlijke dader.

En voor de vrouwenopvang, ik ben daar een half jaar geleden geweest en ik kon zo doorlopen naar de kindercrèche van de vrouwenopvang en zo doorlopen naar de vrouwenopvang zelf. Is daar inmiddels door de gemeente verandering in aangebracht of niet? De voorzitter: Dank u wel. Gaan we eerst even naar, sorry, even de namen, mevrouw Ten Hoor. Mevrouw Den Hoor: Volgens mij is dat aan scholen zelf. Ik weet dat er wel voorlichtingen worden gegeven op het moment dat scholen daarom vragen. Recent weet ik dat bijvoorbeeld bij zo'n Barendrechtse zaak die speelde. Die was gewoon heel actueel bij ons in de regio. Dat er op die manier ook de gesprekken worden aangegaan. Maar dan speelt er al wat. En verder ligt het bij de scholen en is die mogelijkheid er wel om daarop in te gaan. De voorzitter: Mevrouw Kuijpers, de tweede vraag. Mevrouw Kuijpers: Het zou niet meer moeten kunnen dat je zomaar echt tot aan de kinderopvang zou kunnen lopen. Daar zit een beveiliging op. We weten dat het nog steeds niet echt een geschikte plek is. Er werd net ook al even gevraagd, is het dan niet veilig? Op het moment dat vrouwen hun kamer niet uitkomen en je gaat kijken naar de camerabewaking aan de voorkant en de bedjes die nodig zijn om binnen te komen en ze zijn binnen dan zitten zij veilig, in principe.

Op het moment dat vrouwen zich door het pand moeten gaan begeven, dan weten we dat het niet een veilige plek is, wat je vrouwen en kinderen die echt uit een

32

verschrikkelijk geweldssituatie komen, anders kom je niet bij Safegroup terecht, tot rust moeten zien te komen. Dat we daar nog steeds op zoek zijn naar een andere plek, dat is absoluut zo. De voorzitter: Dank u wel. Ik wilde heel even nog, gezien de tijd, gaan naar de vraag van de heer Van Dam Timmers. En dan kijken we even hoeveel tijd er nog is en wat we verder nog nodig hebben. Corrigeer me als ik het niet goed zeg, maar de vraag van de heer Van Dam Timmers, wat zouden de gemeenten kunnen doen om te ondersteunen, uw organisatie te ondersteunen, dit proces te ondersteunen? Ik zou zeggen, wie wil daar het eerst antwoord op geven? Mevrouw van Mendoo had net ook al iets gezegd. U mag natuurlijk nog aanvullen als u wil. Gaat uw gang. Mevrouw Haaijema: Samenvattend, ik heb het eigenlijk al wel gezegd, ik denk dat het goed is dat de gemeente Dordrecht ook dieren mee gaat nemen en daar ruimte voor beschikbaar stelt. Heel simpel eigenlijk. De voorzitter: Dank u wel. De heer Van Mourik. De heer Van Mourik: Jazeker. Waar ik blij mee ben, is bijvoorbeeld met een avond als deze. Ik merk uw betrokkenheid op het onderwerp van huiselijk geweld en kindermishandeling. En ik zou u vooral ook willen oproepen om dat te blijven houden. En dat zit hem enerzijds op inhoud, de verdieping van, wat speelt er zich af? Omdat we merken dat het best ingewikkeld is.

Het is misschien ook voor u ingewikkeld, als u om u heen kijkt, om te melden bij een Veilig Thuis of een partij waarvoor dat is. Maar tegelijkertijd vertaalt dat zich door naar, wat ik zo zojuist al zei, we hebben meer meldingen. Zien we iedere keer stijgen. Dat doet ook iets met capaciteit aan onze kant. Het doet iets a met de samenwerking in de keten of in het netwerk, waarbij je ziet dat wij best met een regelmaat gaten ook opvullen van andere partijen. Zoals u heeft gezien in de eerdere begroting, die wij hebben ingediend van rond juli, is daar wel mijn oproep om ook daarnaar te kijken van, als u dit werk belangrijk vindt en u inwoners die daar hierin erg kwetsbaar zijn, wil ondersteunen om daarbij de benodigde middelen al dan niet beschikbaar te stellen. Want ik denk dat dat iets is wat... Deze mensen kunnen het niet zonder onze partijen, maar zeker ook niet zonder uw steun om daar wat aan te doen. Dat zou mijn belangrijkste oproep zijn in dit stukje. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Ten Hoor. Mevrouw Ten Hoor: Dan ga ik het even vergelijken met de stad waarvoor ik werk. Daar zie je dat er vaak campagnes zijn. En dan is seksueel geweld, maar bijvoorbeeld ook straatintimidatie echt een thema.

En ik zou dan niet zozeer een pleidooi willen voeren aan de gemeenteraad wat jullie kunnen doen voor ons als organisatie, behalve niet bezuinigen liever, maar vooral te kijken hoe je het bekend kan maken bij potentiële slachtoffers in jullie eigen stad dat dit centrum bestaat en wat de mogelijkheden zijn en wat de toegangswegen zijn. Mevrouw Kruger: Voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kruger.

33

Mevrouw Kruger: Dank voor deze opmerking. En dan wil ik gelijk even heel kort van de gelegenheid gebruik maken om iedereen even te attenderen op de tien dagen vanaf 25 november. Met Orange the World zijn er zeker hier in de regio verschillende activiteiten, die met name straatintimidatie, maar ook andere zaken voor geweld tegen vrouwen, meisjes, maar ook eigenlijk tegen elk geweld tegen de mens gewoon bespreekbaar maken. Dank dat u het even noemde. De voorzitter: Dank voor de reclame, mevrouw Kruger. Ga ik naar mevrouw Kuijpers. Mevrouw Kuijpers: Het sluit mooi aan wat ik even genoteerd had naar aanleiding van de vraag die gesteld werd. Ik denk namelijk dat het ontzettend belangrijk is dat er in de maatschappij veel meer bewustzijn komt en dat het taboe eraf gaat. Het hele taboe wat erop zit, het niet bespreekbaar maken van huiselijk geweld, kindermishandeling. Want het is ingewikkeld. Je gaat niet zomaar naar je buurman of buurvrouw, terwijl we dat denk ik veel meer zouden moeten willen stimuleren in onze maatschappij, dat dat veel meer gebeurt. Dat taboe eraf, daar kunnen campagnes heel erg bij helpen. Ik weet dat er in Amsterdam een goede campagne is geweest, waar overal in alle cafés, toiletten hing, als je onveilig bent, wat kun je doen? Ik weet dat VWS het inmiddels omarmd heeft om dat ook landelijk veel meer uit te gaan dragen. Dat gaat er sowieso ook aan komen.

En natuurlijk, als ik even het heel erg toespitst naar hier Safegroup, dan wens ik echt als vrouwen uiteindelijk toch in die opvang terechtkomen met die kinderen dat dat een betere plek is, waar ze mogelijk ook hun dieren mee kunnen nemen. Dat zou helemaal mooi zijn, omdat het inderdaad vaak echt een ingewikkeld issue ook is, weten we uit ervaring. Dat zou mijn pleidooi zijn. De voorzitter: Dank u wel. Vanuit Slachtofferhulp wie wil daar wat over zeggen? Mevrouw De Bruin: Als eerste zou ik zeggen, gemeente pak je verantwoording in de subsidie. Ik bedoel, we krijgen van iedere gemeente en inwoner een bepaald subsidiebedrag. En daarnaast zou ik gewoon, ik weet niet of jullie daar zelf iets mee kunnen, en ik denk dat wij als organisatie en zeker de regio Dordrecht heel graag een nauwer samenwerkingsverband hebben met Veilig Thuis. Omdat wij echt het idee hebben dat wij ook voor deze groep mensen, slachtoffers, hoe je ze wil noemen, echt van meerwaarde kunnen zijn. En zeker op het juridisch gebied. En dan hoeft het niet eens altijd te zijn het kopje schade verhalen, maar echt meegaan naar de zitting, het spreekrecht opstellen, het schadefonds. Ik denk dat daar de vrouwen echt tekort in gedaan worden. Ik zou heel graag een betere samenwerking willen met onder andere Veilig Thuis. De heer Van Dam Timmers: Voorzitter. De voorzitter: De heer Van Dam Timmers.

De heer Van Dam Timmers: Ik hoop dat de aanwezig aan tafel elkaar na deze zitting dan ook weten te vinden. Dan ontstaat er misschien nog wel iets moois vanavond. De voorzitter: Prachtig. Dat dacht ik ook. Ga ik nog even het woord geven aan de politie om antwoord te geven op deze vraag.

34

De heer Van Hoften: Ik denk dat veel al wel gezegd is. Wat ik daar wel aan moet toevoegen, wees kritisch. Het onderwerp komt vanavond aan bod, maar hou dat ook vast. Dit is een onderwerp... En wees kritisch op ons, maar ook op de partners, maar ook op jullie zelf, omdat we in het verleden te vaak hebben gezien dat er incidenten zijn geweest. Daar wil ik niet mee het verwijt maken dat wij daar als overheid of als hulporganisaties een rol in hebben gespeeld, maar het moge duidelijk zijn dat wij hierop geen fouten mogen maken en dat we gewoon kritisch op elkaar moeten zijn. En dat mag ook. De voorzitter: Mooie aanvulling. Ik kijk even naar de commissie, want het is half tien. We hebben hier twee uur over vergaderd. Ik zag ook wel weer wat handjes. En ik denk dat dit onderwerp inderdaad ook heel veel oproept. En terecht. Wat wil de commissie hiermee doen, is eigenlijk mijn vraag. Dit is een rondetafelgesprek naar aanleiding van artikel 40-vragen. Hier ligt natuurlijk geen besluit onder, maar er is een heel interessant... Mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Ik denk dat deze avond gewoon vooral ook is om weer iedereen op gelijke vlieghoogte te krijgen van wat er speelt, wat er allemaal aan de hand is. We hebben alles wel een beetje de revue laten passeren. Ik heb nog even niks gehoord over ouderengeweld, maar dat vindt ook plaats. Alle vormen van geweld, het is gewoon afschuwelijk.

Zeker als je kijkt wat er ook verder in de wereld gebeurt. Ook daar vinden weer deze specifieke geweldsvormen plaats. Dat is voor mij eigenlijk op dit moment denk ik wel ook weer de meerwaarde van deze avond. En zeker omdat ik ook nog even, ik zal hem nog een keer zeggen, Orange the World heb kunnen aankondigen. 10 december is er een specifieke film, met ook nog eens een paneldiscussie. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Kruger. Ik ga heel even naar de commissie. Mevrouw Kamphuis. Want de vraag is nu eigenlijk ook, hebben we hier voldoende of is er nog behoefte aan vervolg? Mevrouw Kamphuis en daarna mevrouw Balorian. Mevrouw Kamphuis: Ik had het volgende idee, om dit rondetafelgesprek eens per jaar te houden, zodat we per jaar elkaar op de hoogte kunnen houden en wat we voor elkaar kunnen gaan betekenen. De voorzitter: Ik heb hem even doorgepast naar rechts van mij. Mevrouw Balorian. Mevrouw Balorian: Het feit dat we dit sowieso doen, vind ik echt ontzettend fijn, ook vanuit de fractie. Wat ik nog wel mis, en daar ben ik een beetje aan het denken, hoe kunnen we hier een vervolg aan geven, dat is een beetje de koppeling... Want ik zag in de beantwoording van de vragen, er worden ook echt cijfers bijgehouden. Dat Veilig Thuis een dashboard heeft.

Hoe kunnen we dat koppelen en meenemen in het beleid dat we aan het ontwikkelen zijn binnen de gemeente? Daar zoek ik een soort van koppeling in. Maar ben ik nog even zoekende naar hoe we dat het beste vorm kunnen geven. Wellicht dat andere partijen daar een idee over hebben. De voorzitter: Mevrouw Stevens.

35

Mevrouw Stevens: Daar kan ik me bij aansluiten. We hebben deze avond georganiseerd met een aantal partijen, om toch maar weer eens het allemaal naar boven te halen van, waar staan we en waar zijn we? Tevens zien we wel in de begroting dat er elke weer meer geld gevraagd wordt. In die zin kan ik me daar wel bij aansluiten, dat we ook wat meer onderbouwing daarin willen en wat meer cijfers. Wat mij betreft kan dat gewoon nog een keer wel terugkomen, om op die manier erover te praten. Maar dan veel meer op echt de input die we hebben. De voorzitter: Inhoud. Wat ik ook merk, en geef het gerust aan als jullie het anders zien, want er komt eigenlijk ook een vraag vanuit de insprekers, met die samenwerking en de vraag van de heer Van Dam Timmers die beantwoord is. Jullie behoefte nu. Is het iets om niet per se een herhaling, maar om te denken aan een soort workshop of een soort werkbezoek, waarbij je meer diepgang kunt zoeken, met toch een bepaalde vraag die hieruit voortkomt? Ik kijk even rond. Mevrouw Balorian. Mevrouw Balorian: Maar echt de koppeling met, wat kunnen we er dan ook echt mee doen? Want bijvoorbeeld, u gaf aan, als de slachtoffers binnen zitten, dan is het eigenlijk wel veilig. Is het geen probleem.

Maar als ze door het pand lopen, dat zijn dan dingen waar ik liever langer over doorga om te kijken van, wat mist er dan en wat zouden we kunnen betekenen om dat toch op te lossen? Want ook dat is zorgelijk. Een werkbezoek is sowieso altijd heel erg fijn. Maar ik zoek wat meer die diepgang om daar ook echt concreet iets uit te kunnen halen. Daar ben ik naar op zoek. De voorzitter: Wat u aangeeft, die diepgang, want als we iets organiseren van een werkbezoek of een workshop dan... En de wethouder wil ook nog even reageren. Maar dan is dat natuurlijk iets wat we in samenwerking met de griffie en wellicht het college van tevoren kunnen opstellen, voordat we dat hebben. Ik ga even het woord geven aan mevrouw Van Benschop. Mevrouw Van Benschop: Dank u wel, voorzitter. Ik denk dat het goed is om nog even te benadrukken dat als het gaat bijvoorbeeld over de vrouwenopvang of over Veilig Thuis of over een heleboel aspecten die hier vanavond de revue zijn gepasseerd, dat dat natuurlijk wel langs de raad komt in de vormen van besluitvorming. Het is niet zo dat deze informatie nu weglekt en dat er niks mee kan gebeuren, want er wordt gewerkt op allerlei terreinen aan beleid, aan herijking, aan begrotingen voor DG&J. Dat komt heel vaak voorbij.

De vraag is even, wat is er dan extra nodig rondom besluitvorming of is dit vooral voedend geweest, dit gesprek, voor de besluitvorming die sowieso op de planning staat? En als ik vanuit het college spreek, dan denk ik dat dat vooral de momenten zijn dat deze input meegenomen kan worden. Ik zou niet weten wat we daar voor extra besluitvorming op zouden moeten organiseren. De voorzitter: Helder. De heer Van Dam Timmers: Voorzitter. De voorzitter: En ik denk, als ik nu een beetje de commissie... Dan is het volgens mij niet per se de besluitvorming, maar meer, wat kunnen we bijdragen? De heer Van Dam Timmers.

36

De heer Van Dam Timmers: Voorzitter, vanuit onze fractie nu geen vraag voor extra sessies. Ik denk wel, en dat is ook vooral richting mede-raadsleden, we kunnen natuurlijk altijd met elkaar het gesprek voeren, maar dat hoeft niet per se op een dinsdagavondsessie, om te kijken wat we hierin kunnen betekenen. Maar dat gebeurt net als in de voorbereiding van deze sessie vooral ook gewoon informeel en thuis, waarin we kijken of we eventueel iets extra's zouden willen doen. Maar daarvoor geen behoefte nu aan extra sessies, anders dan wat we normaal doorlopen. De voorzitter: Ik proef even twee dingen. Sowieso jaarlijks zo’n ronde tafel als dit, voorstel van mevrouw Kamphuis. Dat is denk ik wel iets wat... Dat zou gewoon geagendeerd kunnen worden natuurlijk. Geen probleem. Is daar steun voor inderdaad? De heer De Heer: Voorzitter. De voorzitter: De heer De Heer. De heer De Heer: Ik wilde daar graag even op inhaken, omdat ik dat wel een heel sympathiek voorstel vind. Tegelijkertijd hebben we inderdaad gedurende het jaar verschillende momenten dat die thema’s ook langskomen. Inderdaad Veilig Thuis, via DG&J. We hebben een tijd terug nog over Safegroup gesproken, ook over de nieuwe locaties, et cetera. Er zijn ontwikkelingen die op verschillende momenten in het jaar langskomen.

Als je nu al zegt, we gaan het één keer per jaar doen op een vast moment, dan is het soms op een heel gunstig moment en soms misschien op een heel onhandig moment. Ik denk dat het heel goed is dat we die aansporing hebben met elkaar. Laten we dit gesprek levendig houden. Zowel vanuit de insprekers als vanuit de raad heb ik die behoefte gehoord. Maar laten we dat niet misschien nu al vastleggen met elkaar, op die momenten wanneer we vinden, het is weer tijd, dat we dan al snel die meerderheid hebben en zorgen dat er weer een gesprek plaatsvindt. De voorzitter: Dat is inderdaad een hele goede suggestie. Mevrouw De Heer: Voorzitter. De voorzitter: Ik kom zo bij u, want ik wil hem even nu gaan kaderen. Want ik merk, de heer Van Dam Timmers zegt, wij hebben geen behoefte aan vervolg. Ik kan me ook voorstellen dat de mensen zeggen, ik heb wel behoefte aan vervolg, in welke vorm dat dan ook zal zijn. Of dat die verdieping is of verbreding of wat dan ook. Mag ik heel even handen zien van degenen die zeggen, ik heb geen behoefte aan vervolg, behalve de eventuele... Mevrouw De Heer: Maar ik wil iets verduidelijken, als het mag. Want ieder jaar wordt door de verbonden partijen een voorlichting gegeven Dit jaar was dat in Papendrecht. En dan heb je de GGD, of sorry, de Dienst Gezond & Jeugd, de brandweer, noem het maar op.

En ik denk dat dit juist bedoeld was om mensen weer wakker te maken van wat er gebeurt. In die zin ben ik het helemaal eens met de voorzitter. We hoeven niet ieder jaar hier om de tafel, want dat gebeurt al. Dat is er al. Het gaat veel meer om het feit dat je als je dingen niet snapt, dat je elkaar weet te vinden.

37

De voorzitter: Helder. Dat is eigenlijk ook wat de heer De Heer aangeeft. Ik denk dat iedereen het daarmee eens is. Maar dan nog steeds, hebben we voor nu voldoende aan dit rondetafelgesprek of is er vanuit een partij, en dan hebben we natuurlijk een meerderheid nodig, om het verder op te pakken dan wel verdiepend dan wel verbredend? En dan kijk ik even rond. Wie heeft er behoefte aan een vervolg? Dan zie ik één hand omhoog, twee. Wie biedt meer? Een half handje. Is dat geen handje? Nee. Mevrouw Balorian. Mevrouw Balorian: Mag ik nog iets toevoegen? Want het vervolg gaat niet per se of er een besluitvorming volgt of iets. Het is meer ter verheldering van dingen die nog spelen. Als ik bijvoorbeeld kijk naar de beantwoording van de vragen. Bij vraag zes wordt er echt gevraagd, wat is er concreet? Zijn er concrete maatregelen ten aanzien van het huiselijk geweld of het beleidsplan, om die koppeling te maken? Is dat er? En er wordt eigenlijk aangegeven, alleen een meldcode wordt gevolgd. En er zijn geen maatregelen specifiek op inwoners. Vandaar die koppeling te maken, om toch wel even meer vervolg op te geven. De voorzitter: Ik ga een voorstel doen. En ik hoop dat mevrouw Balorian zich daarin kan vinden. Is dat natuurlijk uw fractie of in combinatie met meerdere fracties... We hebben contactgegevens.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/775/documents/36766