CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.5 2024.05.28 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 18 juni 2024, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 21 mei 2024 en de Dordtse Dinsdag van 14 en 28 mei 2024 Vergaderzalen 1, 3, 535.979 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

55

De voorzitter: Helemaal tevreden. De heer Venderbos-Lambinon: Ik denk dat we het heel erg kunnen vinden. De voorzitter: Ik zag net ook nog een interruptie openstaan van de ChristenUnie/SGP, van mijnheer De Heer. En daarna gaan we verder. ChristenUnie/SGP, gaat uw gang. De heer De Heer: Voorzitter, dank u wel. Ik hoorde mevrouw Stolk zeggen dat het inderdaad heel moeilijk is om die keuzes te maken. Daar ben ik het helemaal met haar eens. Dat is ook bijzonder lastig. Dat vinden wij als fractie ook. Tegelijkertijd hoor ik mevrouw Stolk zeggen, laten we dan die telling doen om dat in beeld te krijgen. Ik zou mevrouw Stolk wel willen meegeven dat als dat al gebeurt dat het zomaar nog een jaar zou kunnen duren voordat we dan echt die cijfers goed in beeld krijgen. En dat er pas dan na die tijd ook keuzes gemaakt kunnen worden. Tegelijkertijd verwijst u naar de stad en dat er in de stad... En ik denk dat u daarmee ook verwijst naar belangengroepen. Dat die goede ideeën hebben en goede ideeën aandragen. Die dragen bijvoorbeeld aan om wel nu al wat aan die knop te draaien en die voorwaardes, die er soms worden gezet, om die er al uit te halen. Omdat we al weten dat het veel is van dak- en thuisloosheid qua cijfers en dat het mogelijk nog meer is. Hoeveel meer, dat is de vraag. Maar er gaat natuurlijk ook nog een hele periode aan vooraf, voordat we dat in beeld hebben.

Hoe kijkt mevrouw Stolk daar tegenaan? De voorzitter: VSP, mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Dat is een mooie vraag, maar die kan ik ook omdraaien. Hoe kijkt u daarnaar? Maar dat doe ik niet. Het is gewoon dat wat je nu kan doen, de dingen die aangegeven worden die we nu kunnen doen als gemeente door beleidskeuzes, beleidsregels te verruimen, dat zou je nu kunnen doen. Alleen daar gaan wij met elkaar over. Dat beslissen wij als raad. Neem in ieder geval mee datgene aan knowhow wat er zit in onze stad. En dat zijn best wel veel organisaties die met dak- en thuislozen bezig zijn. Ik ben blij dat ik niet een keuze moet maken tussen Pietje, Jantje of Klaasje, want dat lijkt me zo moeilijk. U zei het zelf, dat gaat je aan je hart. De voorzitter: Toch een nieuwe oproep om het via de voorzitter te doen. Ik snap het helemaal, maar ik heb echt al heel vaak u gehoord vanavond. En we hebben gewoon de afspraak dat we altijd dan elkaar bij de naam noemen en via de voorzitter. U doet dat zelf heel vaak ook hartstikke netjes en u draagt het zelf als voorzitter ook vaak aan. Maar ik blijf het herhalen om het zo te houden. Mevrouw Stolk: Voorzitter, ik probeer, laat ik het dan zo zeggen, om het op die manier te doen. Maar u weet zelf ook, politiek is een stukje gevoel en barmhartigheid. Ik neem maar even de woorden, via de voorzitter, van de heer Van der Kruijff en de heer De Heer.

Het is ook een stukje bevlogenheid. Excuses daarvoor als ik het niet via u doe. Maar het is in ieder geval geen scherp debat. Het is niet op de persoon. Laten we het gewoon ook luchtig houden, alhoewel ik het geen luchtig onderwerp vind. Maar ik hoop dat het een antwoord op uw vraag is, via de voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Ik snap uw punt helemaal. En aan mij de taak om de afspraken na te leven. Ik heb net gezegd dat dit even de laatste interruptie was, om ook nog wat ruimte over te laten aan de reflectie van het college. Ik ga het woord aan de heer Heijkoop geven.

56

De heer Heijkoop: Voorzitter, dank u wel. De reflectie van het college. Van harte bereid. En ik heb ook wat zaken genoteerd waar ik zeker op kan reflecteren. En misschien ook al antwoorden die ik kan geven. Daarbij benadrukken dat het nadrukkelijk uw debat is. Debat van uw raad. We hebben vanuit het college een aantal uitgangspunten op een rij gezet, omdat we al helemaal aan de voorkant met u het debat wilden voeren van, hoe gaan we nu verder richting die Huisvestingsverordening? En voor uw beeld, in het verleden kwam het geregeld voor dat de Huisvestingsverordening direct aan uw raad werd voorgelegd. En dat was een hamerstuk. Dat laat wel zien, het feit dat u er uitgebreid over debatteert, nu weer zeven kwartier, u heeft twee beeldvormende sessies met elkaar gehad, hoe ongelooflijk groot dit thema is geworden. En het is zeker geen luchtig thema. Dat ben ik met mevrouw Stolk eens. Het is een heel betekenisvol onderwerp. Het is iets waar u, vind ik, op een zeer bevlogen wijze met elkaar het debat over voert. Maar ook wel eigenlijk een onderwerp wat een permanente zoektocht met zich meebrengt. En eigenlijk een zoektocht naar, wat is de juiste balans? Hoe doe je mensen recht? Hoe doe je de verschillende groepen in de samenleving recht, die allen op zoek zijn naar een woning? En ik heb goed naar u geluisterd.

En ook in de vorige beeldvormende sessies sijpelde hier en daar al wat oordeelsvorming in het debat. En ik merk op een aantal onderdelen waar u eigenlijk wel van zegt, daar vinden we elkaar. Waar het gaat over het soepeler omgaan met het mogelijk maken om mensen onderdak te bieden, ook in eigen huis met verkamering, hospitaregeling, mantelzorg kwam langs, maar ook waar het gaat over het splitsen van woningen. Maar ook een socialer en inclusiever beleid waar het gaat over mensen die dakloos zijn. Daar doen wij ook voorstellen in. En de uitgangspunten. In die zin bemerk ik dat u die in grote lijnen kunt onderschrijven, maar dat u op onderdelen ook wel zegt, maar moeten we daar niet nog een stapje extra zetten? Bijvoorbeeld waar het gaat over die quoteringsregeling. Moet die niet naar vier procent, hoor ik de Partij voor de Dieren zeggen. En ik hoor ook partijen zeggen, wacht even, laten we ook leren van het verleden en laten we niet te snel naar die drie procent gaan. En als we dat wel doen, laten we dat dan op tijdelijke basis doen, zodat we het schip weer kunnen wenden, mocht het toch niet goed gaan. En je wil handelen, maar wat is wijsheid? En Forum voor Democratie, bij monde van mevrouw Pichel, geeft ook al terecht aan, je moet ergens ook wel solide en betrouwbaar en voorspelbaar beleid voeren.

Ik parafraseer mevrouw Pichel, want u heeft het niet precies zo gezegd, maar de woningmarkt is wel een hele grote, logge tanker. En we zien met de landelijke wet- en regelgeving, ook vanuit het ministerie, dat die woningmarkt daar voortdurend op reageert. Je ziet institutionele beleggers erop reageren. Je ziet projectontwikkelaars. En daar moet je gewoon heel voorzichtig mee omgaan. Bij deze Huisvestingsverordening zit dat niet zozeer op echt de woningbouw. Een aantal van u heeft dat ook nadrukkelijk aangegeven. Als het gaat over de wens om te komen tot meer sociale huurwoningen of meer betaalbare woningen, dan moeten we dat nadrukkelijk bespreken in relatie van het Woningbouwprogramma. U maakte er zelf ook al een opmerking over, voorzitter. Laat onverlet dat we ook met deze Huisvestingsverordening wel degelijk werken aan het vergroten van de woningvoorraad door die splitsing, door die verkamering, door die mogelijkheden te verruimen. En op die manier hebben we ook al de nodige woningen kunnen toevoegen. En deze uitgangspunten waren de uitgangspunten vanuit het college. En u heeft met elkaar het debat over wat u mee wilt geven en wat u misschien ook van harte onderschrijft. En ik stel me zomaar voor dat we hier nog wel een keer met elkaar over gaan spreken.

En dat klinkt misschien raar, maar dan zou het ook gewoon helpen als u op onderdelen meerderheden zoekt voor eventueel aanscherpingen of nog versoepelingen of wat u nog verder uitgezocht wil zien. Want ik hoor u ook al een aantal zaken zeggen, en dat bleek ook al uit de beeldvormende sessie, wat eigenlijk gaat over het flankerende beleid. Het gaat over welstand. Het gaat over bestemmingsplannen. Het gaat over de parkeernormen. Even

57

voor de goede orde, de inspreker waar een aantal van u aan gerefereerd heeft, zijn verzoek was volledig Huisvestingsverordening proof. Dat zat hem niet hierop. Dat zat hem puur op te parkeernormen. Als u daar meer mogelijkheden wil bieden, dan moet je ook eigenlijk uitspraken doen over het flankerende beleid. En ik denk dat collega Van der Linden ook daar graag met u over in debat gaat. Ik spreek daar met hem zelf natuurlijk ook over. En volgens mij heeft u recent de Mobiliteitsvisie ontvangen of die is eraan aan het komen. Dat lijkt mij ook een heel goed punt om daar te markeren van, hoe kunnen we dat ook meer mogelijk maken? En ik weet dat collega Van der Linden daar ook zeer constructief in zit. Er zijn ook nog wel een aantal vragen gesteld. En voorzitter, ik heb wat aantekeningen gemaakt. Ik ga daar proberen recht aan te doen, maar toch ook wel met enig tempo doorheen te lopen, om op die manier in ieder geval dit blok goed te kunnen afsluiten. Waar het gaat over de jongeren. Een aantal van u noemde de jongeren als zijnde van, hoe gaan we die meer kansen bieden? Het college staat ervoor om meer woningen via loting beschikbaar te stellen, waar jongeren per definitie meer kansrijk zijn, omdat ze een minder lange inschrijfduren hebben.

Boven paragraaf 2.3.2 maak ik ook al wat toespelingen op wat de heer Noldus aangaf, namelijk dat je ook zou kunnen kijken naar, hoe ga je om met inschrijfpunten, inschrijfduur ten opzichte van actief woningzoekenden? En zou je misschien ook... Dat gaf de heer Noldus aan, dat is best wel een denkrichting die interessant zou kunnen zijn. Beginnende woningzoekenden geef je die een soort bonus aantal punten, dat ze wat sneller van de kant komen. Dat soort zaken willen we zeker inderdaad meenemen. En ik snap ook dat de heer Noldus u ook uitnodigt om daarop te reflecteren, want dat helpt mij ook om het gesprek met de corporaties te voeren. Zij hebben daar namelijk ook nog een aantal kanttekeningen bij geplaatst. Het is ook wel spannend, want als je wijzigingen in dat woonverdeelsysteem gaat aanbrengen, dan doet dat ook iets. Dat doet ook iets met de positie van andere woningzoekenden. Andere woningzoekenden die misschien al langere tijd in een woning wonen, maar die heel vaak ook weer een woning achterlaten. Er zitten heel veel kanttekeningen bij. Maar het was in ieder geval wel een denkrichting die we wilden verkennen. En ik bespeur in ieder geval, ik beluister ook dat u zegt, die jongeren willen wij nadrukkelijk ook kansen bieden. Als het gaat over de opkoopbescherming.

Het klopt dat in de technische sessie de heer Weber heeft aangegeven dat hij toen net de cijfers binnen had en zou gaan werken aan een evaluatie. Ik begreep vanuit de ambtelijke organisatie dat er inderdaad aan die evaluatie gewerkt wordt. Dat er een concept ligt. En ik hoop hem zo snel mogelijk ook op mijn bureau te krijgen, zodat ik hem door kan geleiden naar het college en daarmee ook naar uw raad. Ik beluister uw vraag naar die evaluatie ook als zijnde een verzoek om dat te kunnen betrekken bij de volgende vergadering. We zullen proberen in ieder geval daar enige urgentie aan mee te geven. Ik weet dat daar hard aan gewerkt wordt. Voorzitter, de mantelzorgwoningen kwamen langs. Ik gaf net al aan, vanuit de Huisvestingsverordening willen we nadrukkelijk daar de mogelijkheden verruimen. Maar of dat per se via die Huisvestingsverordening gaat, is een tweede. Ik denk dat uw raad in ieder geval helder is. U wilt die mogelijkheden verruimen. U wil dat we daarmee soepeler omgaan. Het gaat dan over discussies van, wat mag je bebouwen op het bouwvlak? Hoe ga je om met de uitstraling, met de Welstandsnota? Al dat soort zaken. Zonnepanelen. U kent de discussies rondom welstand. Dat speelt daar ook allemaal een rol. Maar ik denk dat we in ieder geval die boodschap ter harte moeten nemen.

En goed moeten kijken naar, waar zitten nog belemmeringen? En gaandeweg de uitwerking richting die Huisvestingsverordening kunnen ook planjuristen, stedenbouwkundigen kunnen daarover meedenken wat daar eventueel nog in nodig is. Voorzitter, de woonwagens werd ook nog een opmerking over gemaakt. Daar wordt aan gewerkt, zeg ik richting de heer Schalken. En uw punt wordt erin meegenomen. Hoe je omgaat met op welke plekken op welke kamp je kunt inschrijven?

58

Dat is ook bedoeld, zodat mensen echt op hun voorkeurskamp een woonwagen toegewezen kunnen krijgen. Maar je kan het ook breder trekken. Alleen dat doet ook weer wat met die zoektijd. Maar daar gaan we gewoon met de mensen zelf over in gesprek. En als zij het anders willen, dan gaan we dat ook doen. En dat heb ik destijds ook in het debat over de woonwagentoewijzing met uw gedeeld. Er waren ook opmerkingen over de handhaving. De handhaving vindt in beginsel plaats binnen de bestaande budgetten. Op het moment dat wij wet- en regelgeving over ons uitgestort krijgen vanuit de landelijke politiek, dan komen daar ook uitvoeringsbudgetten in mee. En die zetten we in. Dat doen we bij voorkeur ook in regionaal verband, zodat we dat ook efficiënter, effectiever kunnen organiseren. Waar het gaat over aanvullende budgetten, we hebben wel gekeken of die er waren. Maar vandaag hebben ook de Perspectiefnota vastgesteld. En daar ook zal in staan, er is geen geld. Er is geen geld voor nieuwe intensiveringen. Er is geen geld voor nieuwe beleidswensen. Ook voor dit deel is dat niet beschikbaar. We hebben natuurlijk wel de bestaande budgetten die we zo goed mogelijk willen inzetten. En veel van de problematiek rondom wonen, huisvesting speelt ook in Dordt West. En daar komt het schip met dubbeltjes wel met een grotere frequentie binnenvaren. We hebben recent ruim zeventien miljoen ontvangen.

En wij verwachten dat vanuit die MPLV-gelden, Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid, we misschien nog wel bepaalde bedragen kunnen inzetten, om ook op het gebied van handhaving de goede dingen te kunnen doen. En wat er eigenlijk in de volle breedte aan de orde kwam, voorzitter... Mevrouw Pichel: Voorzitter. De voorzitter: Een korte interruptie van mevrouw Pichel van Forum voor Democratie. Gaat uw gang. Mevrouw Pichel: Dank u wel. Even een verhelderingsvraag aan de wethouder. Want er is natuurlijk handhaving, omdat er ook vanuit landelijk bepaalde regels zijn ingesteld. En we hebben daar dan ook al budget voor de reguliere handhaving. Maar als we dan toch de regels gaan versoepelen, hoe zit dat dan? Hebben we dan nog meer handhaving nodig of zou dat dan gewoon niet volstaan? Die probeer ik even te vatten. Hoe ziet de wethouder dat? De voorzitter: Wethouder Heijkoop. De heer Heijkoop: Voorzitter, dat moeten we even goed finetunen. Want op het moment dat je gaat versoepelen, kan het ook handhavingscapaciteit juist schelen. Op het moment dat je nieuwe verordeningen en nieuwe beleidsregels gaat invoeren, denk aan een Leegstandsverordening, moet je daar ook weer handhavingscapaciteit op gaan organiseren. We moeten gewoon even heel goed kijken hoe we daarmee omgaan.

Er is ook nog wat wet- en regelgeving vanuit de landelijke overheid dat nog in de pijplijn zit, waar we ook nog ons toe te verhouden hebben. We moeten daar even goed met elkaar naar kijken van, hoe gaan we die schaarse capaciteit goed inzetten? Als het gaat over handhaving op andere domeinen, ik ben ook verantwoordelijk, acht jaar al, voor de kinderopvang, daar zie je ook dat je voortdurend nadenkt van, gaan we risicogericht handhaven? Ga je generiek handhaven? Vanuit de GGD, leerplicht. Ik snap uw vraag. En ik vind het eigenlijk een hele terechte vraag. Maar daar moeten we straks, als dit allemaal geland is, gewoon eens goed gaan kijken naar, welk handhaversarrangement past daarbij? En dat zal ik ook nadrukkelijk samen met collega Merx doen, die dat in portefeuille heeft, ook in relatie tot leefbaarheid en de wijken.

59

De heer Noldus: Voorzitter. De voorzitter: Voordat u verder gaat, ik zie nog een interruptie van de heer Noldus. En dan wil ik wel inderdaad vragen aan het college om de termijn af te ronden. De heer Noldus, VVD. De heer Noldus: Voorzitter, dank u wel. Ik hoorde de wethouder zeggen over de handhaving en de budgetten. Kan u ook iets zeggen over de handhaving die nodig is voor het voorgestelde extra beleid rondom toeristische verhuur? Hoe dat zich dan verhoudt. De voorzitter: Wethouder Heijkoop. De heer Heijkoop: Voorzitter, in de technische sessie is ook aangegeven, dat is met name een administratieve handhaving. Dat zijn meer lijstencontroles. En op het moment dat het echt misgaat, dan moet je erop af. Dat is een zeer lichte vorm. Maar dat klopt, daar komt wel weer wat extra werk uit voort. Dat is wel iets wat we ook kritisch moeten bezien. En de heer De Heer maakte ook een opmerking van, die toeristische verhuur, wat doe je, 60, 75 nachten? Je kijkt een beetje naar je peers, naar de benchmark. Wat doen andere steden? En heel eerlijk, als je een keuze maakt, dan liggen daar bepaalde uitgangspunten aan ten grondslag. En dan kun je dat ook onderbouwen. Dat is een beetje, waar begin je? Maar ik ben het met u eens, dat mocht je een keuze maken, dan moet je die ook solide onderbouwen en dan moet je die kunnen handhaven.

En het zou ook een keuze kunnen zijn dat je zegt, we zijn hier om problemen op te pakken en op te lossen. Als we dit met elkaar niet ervaren als een probleem, dan zou je hier ook geen beleid op kunnen maken. Alleen we krijgen steeds meer berichten dat, dat gaf de heer Weber ook al aan in de technische sessie, doordat reguliere verhuur moeilijker wordt gemaakt en minder lucratief, dat het zich wat kan verplaatsen naar toeristische verhuur. Daarom willen we daar wel wat op organiseren. De voorzitter: Dank u wel. Gaat u verder met de afronding van uw woordvoering, alstublieft. De heer Heijkoop: Voorzitter, dan denk ik dat u wel wat reacties vanuit uw raad krijgt, want ik heb nog niet alle vragen beantwoord. De Groeiagenda kwam ook aan de orde. Ik zag niet direct de relatie. Maar dat raakt ook mijn eerste opmerking over het bouwprogramma, dat bespreken we hier niet. De heer van DENK is nu niet meer aanwezig. Maar als hij dat zou kunnen toelichten wat die Groeiagenda... Daar. Precies welke koppeling u wilt, dan hou ik me daarvoor aanbevolen. Want ik zag hem niet direct eigenlijk, in dit kader. De voorzitter: Een vraag aan de heer Kolkiliç van de wethouder. En u mag hem beantwoorden. De heer Kolkiliç: Dank u wel, voorzitter. Het college wil groeien de aankomende 6 jaar met 18.000 inwoners. We hebben Oekraïense vluchtelingen hier. Iets meer als 1.000 inwoners.

Dadelijk komt een azc, waarvan een groot deel ook status zal krijgen. Dan hebben we het gauw gezegd over 20.000 inwoners, wat we de aankomende 6 jaar kunnen verwachten volgens het plan van dit college. Waar wilt u al die mensen gaan huisvesten ,als we daar nu niet naartoe werken? De voorzitter: Wethouder Heijkoop.

60

De heer Heijkoop: Voorzitter, waar het gaat over de opvangcapaciteit, daarvoor dienen de opvangvoorzieningen. Het azc. En recent hebben we u ook een brief gestuurd dat we ook op zoek gaan naar flex oplossingen om een deel van de Oekraïense mensen langere tijd te kunnen huisvesten. En voor een groot deel is mijn antwoord dan toch echt, het bouwprogramma moet goed op gang blijven. Tenminste 1.000 woningen per jaar. Want die mensen moeten kunnen wonen in woningen. En die zullen we moeten bouwen. Ik snap nu wel uw vraag, maar het vraagstuk van vanavond en die Huisvestingsverordening ziet vooral op de verdeling van de schaarste. Maar ik snap nu uw punt. Voorzitter, ruimte voor splitsing, woningvorming verruimen, minder streng heb ik genoteerd. Ik denk dat het gewoon goed is dat u daar inderdaad een duidelijke uitspraak over doet. Binnen de Huisvestingsverordening gaan we nu het een en ander regelen, maar we moeten dat ook op andere vlakken regelen. De VSP kwam ook met de knarrenhofjes. Ik ben ongelooflijk fan van het concept knarrenhofjes. Ik heb met u ook kennisgenomen van de ingewikkeldheid om dat te realiseren. Uit de eerdere beantwoording vanuit het college blijkt dat dat met ruimtelijke belemmeringen te maken heeft van vastgesteld beleid, van uw beleid. Maar ik zag ook alweer vervolgvragen langskomen.

En ik weet dat collega Burggraaf en zijn mensen die zeer prudent zullen beantwoorden. En wellicht dat dat ook weer een onderdeel kan zijn van het debat van, welke keuzes maak je? Want ik zeg u eerlijk, ik vond het ook jammer dat er niet gewoon goede locaties beschikbaar kwamen. En we zijn goed in gesprek geweest vanuit de ambtelijke organisatie met de initiatiefnemers. Maar vooralsnog heeft het nog niet tot resultaat geleid. En ik snap dat u dat graag wat makkelijker en soepeler zou willen zien. Voorzitter, wat wel makkelijk en soepel gaat... De voorzitter: Wethouder Heijkoop, ik kan u alvast vertellen dat u het helaas niet gaat redden om alles aan te stippen, maar ik heb wel gezien dat u alles netjes heeft opgeschreven. En gezien de tijd, en u heeft ook een soort voorstel naar de commissie gedaan... We gaan het vanavond niet redden binnen de tijd. Dat ligt zeker niet aan de kwaliteiten en de inzet van het debat van de commissie. En de wethouder heeft aangegeven, kan de commissie de prioriteiten op deze Uitgangspuntennotitie, Huisvestingsverordening aanpassing bundelen en daarop de volgende oordeelsvormende sessie met elkaar in debat gaan en vervolgens uitspraken doen. Wat zou betekenen dat we het op die manier nog een keer agenderen voor een tweede oordeelsvormende sessie.

Is de commissie het daarmee eens of leven er andere ideeën voor het proces, hoe nu verder? ChristenUnie/SGP, de heer De Heer. De heer De Heer: Voorzitter, ik heb toch nog even een andere vraag. Ik ga er even doorheen, omdat ik nog die vraag heb over die ETHOS-telling. En er zit een deadline op van 1 juni. Ik zou toch willen vragen of de wethouder daar nog iets over wil zeggen. De voorzitter: Gezien de deadline lijkt me het goed om die vraag nog even te beantwoorden. Wethouder Heijkoop. De heer Heijkoop: Voorzitter, eerder deze maand heeft het college u een uitgebreide raadsinformatiebrief gestuurd over de aanpak dakloosheid. Volgens mij heeft u die vandaag in de Agendacommissie ook aan de orde gehad. Daarin heb ik ook een blokje opgenomen over de ETHOS-classificatie. En wij hebben ons aangemeld. Ik heb de brief zelf getekend. We gaan daaraan meedoen voor 1 juni. Dat staat ook in die brief overigens. Zeven van uw fracties zijn ook betrapt dat ze nog niet alle brieven van het college hebben gelezen. Nou zag ik ook dat er geloof ik 54 ingekomen stukken waren. Dat zei u vergeven. Maar in die zin wordt u bediend en gaan we daaraan meedoen. En ik denk dat dat zeker waardevolle informatie biedt. Laat onverlet dat het vraagstuk wat erachter wegkomt, namelijk hoe ga je om vervolgens met die versoepeling in relatie tot

61

regiobinding, dat is een ander vraagstuk. Die snap ik ook, maar dat is wellicht, voorzitter, voor de volgende keer. De voorzitter: Dank u wel. Dan terug naar de, hoe nu verder? Ik zie de heer Van der Kruijff, CDA. Gaat uw gang. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, procesvoorstel, inderdaad een aantal fracties heeft inderdaad hier en daar wat versoepelingen of aanscherpingen of verduidelijkingen voorgesteld. Het CDA heeft dat onder andere gedaan, waar het gaat over de woningsplitsing en de verkamering en de mantelzorg. En de wethouders zei terecht, zoek meerderheden, want dan kunnen we het ergens over hebben met elkaar. Ik ben zeer bereid namens het CDA het voortouw te nemen op dat punt. En ik zou het aardig vinden als andere fracties, op de punten die zij ingebracht hebben, dat ook doen. En dan moeten we elkaar naar de volgende vergadering daar maar op gaan vinden. De voorzitter: En u bedoelt dan naar de volgende vergadering toe? De heer Van der Kruijff: Ja. Totdat er dan echt beschikbaar is, dat we het daarover kunnen hebben met een soort concepttekst. De voorzitter: Zeker een goed idee. De heer Noldus: Voorzitter. De voorzitter: Ik zag eerst mevrouw Stolk van de VSP. Gaat uw gang. Mevrouw Stolk: Voorzitter, dank. Goed voorstel van de heer Van der Kruijff. En wij doen daar zeker aan mee.

Ik ga de heer Van der Meer in ieder geval als eerste benaderen over de Leegstandsverordening. En ik hoop dat meerdere partijen daarbij aansluiten. De voorzitter: We zien het tegemoet. Dank u wel.

De heer Van der Meer: Voorzitter, daaraan gekoppeld heb ik een vraag. De wethouder heeft nog niet op alle opmerkingen gereageerd. En ik zou het toch wel op prijs stellen om daar een reflectie op te hebben, voordat we moties en amendement gaan formuleren. De voorzitter: Klopt. Het vervolg van de termijn van de wethouder, normaal gesproken zetten we dat dan voort in de tweede oordeelsvormende sessie. Maar aangezien die ook toegespitster gaat worden met de reflectie van het college, is het misschien handig om dat nog schriftelijk naar de commissie toe te sturen. Is dat een mogelijkheid? Ik kijk even technisch naar de griffie en ook naar de wethouder. De heer Heijkoop: Voorzitter, u bent de voorzitter. U bepaalt ook de vergaderorde. Ik vind het een heel mooi voorstel. Want u heeft in ieder geval elkaars inbreng gehoord. Dat helpt mij ook vanuit het college. Wij leggen u uitgangspunten voor, dat u elkaar vindt en richting meegeeft aan die verdere uitwerking. De volgende oordeelsvormende sessie kan ik natuurlijk nog woorden geven en inhoudelijk ingaan. Een aantal vragen had ook een technisch karakter. Die had ik ook al genoteerd. Daar kon ik ook redelijk mee uit de voeten, maar die kan ik in ieder geval wel ook technisch beantwoorden. Ik heb altijd wel oog voor de belastbaarheid van de ambtelijke organisatie, maar hier komen we zeker wel mee verder.

Voor een ander deel, waar het echt gaat over het politieke deel,

62

denk ik dat ik dat meer recht kan doen echt in het debat, omdat dat ook weer tot vervolgvragen zal leiden. De voorzitter: Zeker. De heer Heijkoop: Ik denk als we dat met elkaar kunnen afspreken, zullen we daarin voorzien. De voorzitter: Gewoon een tweede oordeelsvormende sessie, met de wethouder erbij. Technische antwoorden die komen tegemoet. Dan nog de VVD. De heer Noldus. De heer Noldus: Toch even als verduidelijkende vraag. Ik snap het voorstel van de heer Van der Kruijff. Is dan het verzoek aan alle commissieleden om met conceptmoties, conceptamendementen al te komen of gaan we op andere manieren elkaar volgende keer verleiden in meerderheden? De voorzitter: CDA, de heer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, of het een motie of amendement is, maar in ieder geval een conceptstellingname wat je vindt. Dan kunnen we daarna altijd nog wel zien of het motie of amendement zou moeten zijn. Dat wil ik op een onderwerp doen, maar ik kan me voorstellen, u bracht het punt in, zou je niet anders punten kunnen gaan tellen, dat u daarop bij andere fracties een meerderheid gaat zoeken van hoe je dat zou kunnen verwoorden. En zoals de heer De Heer dat zou kunnen doen rondom bijvoorbeeld nietinstellingsverlatende daklozen, dat je zegt, dat willen we anders meenemen. En daar hebben we een concrete tekst waar we het over kunnen hebben.

De voorzitter: Voor de VVD is het ook helder. Dat betekent dat we hier een vervolg aan gaan geven met een tweede oordeelsvormende sessie. De commissie gaat op zoek naar bondgenoten, is het enige woord waar ik nu nog op kan komen, om de vergadering toe te spitsen op de prioriteiten. Dat kan zijn een duidelijk prioriteitenlijstje, oftewel moties en amendementen. Hartelijk dank voor deze vergadering. Ook bedankt aan de publieke tribune. Ik heb hier nog een griffie met een goede vraag. Hoelang? Commissie weer twee uur? Kom ik niet voorzitten hoor. Grapje. Laten we nu twee uur zetten. En de Agendacommissie is ook nog een instituut. Dat moeten we maar eventjes agendatechnisch... Anderhalf. Ik heb de niet officiële woorden gehoord, want het is buiten de microfoon. Maar ik ga terug naar mijn afsluiting. Fijne avond. Bedankt voor het luisteren en het kijken. Tot volgende week. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van …… 2024.

De griffier,

De voorzitter,

63

A.E.T. Wepster

A.W. Kolff

64

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/763/documents/33164