2.5 2024.02.13 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE GEMEENTE DORDRECHT DORDTSE DINSDAG 13 FEBRUARI 2024 Vergaderzaal 1 2. Vragenhalfuurtje Voorzitter: De heer Schalken-den Hartog Raadsgriffier: Mevrouw Wepster Verslag: NotuBiz Aanwezig: Mevr. Boom-Vos (VVD) Dhr. Van Dam-Timmers (CDA) Dhr. Gorter (Op Ons Eiland) Dhr. Stam (Fractie van Waardhuizen) Mevr. Stolk (VSP) Portefeuillehouders: wethouder R. van der Linden, wethouder T. de Jonge, M. Merx.
wethouder
De voorzitter: Beste mensen, goedenavond. Het is zeven uur. Ik wil graag starten met het vragenhalfuurtje van 13 februari. We hebben vanavond vier vragen en de eerste vraag is een vraag van de VVD en die gaat over het verstopt raken van het elektriciteitsnet. En mevrouw Boom, die kan hem nader toelichten. Gaat uw gang. Mevrouw Boom: Dank u wel, voorzitter. Zoals u al zei hebben wij een vraag. In het AD van een februari lazen wij dat netbeheerder Stedin een stop heeft aangekondigd voor bedrijven met zonnedaken en de teruglevering van de energie. In de tussentijd wordt door Stedin wel gezocht naar een tussenoplossing, maar ze doen deze stop vooral om ruimte op het stroomnet te doen voor nieuwe zonnedaken apart, zonneparken en windparken, om daar ruimte voor te maken. Dan de rijst bij ons de vraag, welke tussenoplossingen worden door Stedin aangedragen. Heeft de gemeente daar inzicht in? En aan welke projecten moeten we dan juist denken, waar de stop voor ingezet wordt, waar er ruimte voor gemaakt moet worden en waarom hebben die projecten voorrang op bedrijven met zonnedaken? En deelt het college onze opvatting dat, voor een rendabele energietransitie, die ook goed is voor de portemonnee vanuit bedrijven, maar ook inwoners, dat deze mogelijkheden niet belemmerd of ontnomen moeten worden. De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting.
Mevrouw De Jonge gaat de vraag beantwoorden? Mevrouw De Jonge: Ja, dat klopt. Dank u wel, voorzitter. En laat ik gelijk met het laatste beginnen. Ook wij vinden dat er, waar het mogelijk is, gewoon voortvarend verder gegaan moet worden met energietransitie en daar hoort ook de opwek bij. En dat is ook de inzet van het college waar het gaat over deze netcongestie.
1
U weet vast wel hoe het werkt, maar misschien even kort uitleggend. Stedin krijgt voor de opwek van, in dit geval grote aansluitingen, zoals dat heet, dat zijn vaak bedrijven of grootschalige projecten, krijgen ze aanvragen binnen. Zij kijken, tot hoeveel telt dat op qua megawatt of nog meer. En zij laten dat steeds toetsen met de capaciteit die het netwerk aankan en alle stations die erbij zitten. Op het moment dat zij zien van de hoeveelheid aanvragen, telt op totdat bijna het net vol is en dan roepen zij de netcongestie af. Dat is in onze regio gebeurd samen met Hoeksche Waard, want die zijn aan elkaar verbonden. En zij hebben aangekondigd, wij doen een vooraankondiging netcongestie. Dat betekent dat zij bij het ACM melding hebben gedaan en dat betekent dat ze ook een verplichting hebben nu om een tussenoplossing te gaan bedenken. En de tussenoplossing houdt in dat ze nu moeten gaan kijken, hoe zit nou het hele netcongestie, het belasten, welke tijdstippen, wie maken er dan op welk moment gebruik van? Om te kunnen gaan kijken of er iets te managen valt, met bedrijven gaan verzoeken, misschien af te schakelen op bepaalde momenten dat het net vol zit en dat is wat de opdracht is.
Dat gaan zij ongeveer een half jaar tot negen maanden, hebben zij daar de tijd voor om dat goed te onderzoeken en tot de definitieve conclusie te komen, hoe de netcongestie in onze gebieden in elkaar zit. Dus zij zijn nu aan zet om die gesprekken te houden. Maar wij waren natuurlijk zelf ook nogal teleurgesteld. We zitten net midden in de energietransitie en alle bedrijven aan het opporren. We zijn zelf ook weer naar ons zonnepark aan het kijken van, wat kan er wel in die tussentijd? Dus we hebben ook gezegd, wij zien zelf ook wel wat tussenoplossingen en wil je die overwegen of mogen we daar ook mee verder? We hebben ook gezegd, stel nou dat een bedrijf zegt, als ik toch mijn dak vol met zonnepanelen leg maar ik kan het echt zelf gebruiken. Dan zegt Stedin, dat is niet zo erg. Dat kan gewoon. Dat kan ook gewoon doorgaan tot aan het moment dat ze terug zouden willen gaan leveren. Dan kan dat niet. Dus daar zit wel een mogelijkheid voor een bedrijf die zegt, ik kan er 500 kwijt en dat kan ik gewoon op dezelfde dag zelf verbruiken. Dan hebben we ook gevraagd, hoe zit het eventueel met batterijen? Daar geldt hetzelfde voor. Dat staan ze toe, als die op eigen terrein zijn, dan zien zij dat ook als een mogelijkheid een tussenoplossing dat er toch opwek kan plaatsvinden en dat die energie door het bedrijf zelf kan worden gebruikt.
Ze zeggen natuurlijk ook, je mag het altijd doen maar dan zet je hem uit op moment dat er heel veel terug geleverd wordt. Dat is natuurlijk een hele makkelijke oplossing. Niet wenselijk, maar dat kan soms toch nog wel interessant zijn. En wat uiteindelijk de consequentie is, alles wat na 1 februari bij Stedin nu binnenkomt, gaat op de wachtlijst. En de wachtlijst, dat is landelijk geregeld, is de first come, first served. Er mag geen prioriteit worden gesteld, mag geen voorkeur worden. Dus als het artikel dat zou oproepen, dat kan niet, dat mag ook niet. Het is echt gewoon, alles wat aangevraagd was voor een netcongestie wordt in behandeling genomen, alles wat er na 1 februari is binnengekomen, staat vanaf nu op een wachtlijst. Mocht blijken dat er toch weer ruimte is, dan wordt de eerste in behandeling genomen om te kijken of die wel weer aangesloten kan gaan worden. Ik hoop hiermee uw antwoorden voldoende te hebben beantwoord. De voorzitter: Mevrouw Boom. Mevrouw Boom: Mag ik één verdiepende vraag stellen, dat ik het goed begrepen heb. Dus u zegt alles wat na 1 februari binnenkomt, dus ook windparken of zonneparken voor aanvraag, die staan dan ook op de wachtlijst?
2
Mevrouw De Jonge: Jazeker. Daar mag echt geen keuze in gemaakt worden, dat de één voor de ander kan. Wat bijvoorbeeld wel is, als er een aanvraag ligt voor een zonnepark, zal er ook gekeken worden, past dit nog wel of niet. En als de eerstvolgende een zonnepark zou zijn, dan zullen ze in gesprek gaan van, kunt u inderdaad misschien iets met batterij doen of doorschakelen. De voorzitter: Moment. Ik had ook nog een korte vervolgvraag van de heer Gorter. De heer Gorter: Dank u wel. Ik had ook nog een vervolgvraag. Is er al inzicht wat dat dan, voor bijvoorbeeld huidige Dordtse bedrijven … Zijn er Dordtse bedrijven die hierdoor al problemen ondervinden, omdat ze geen aansluiting kunnen krijgen? Is daar iets over bekend? De voorzitter: Mevrouw De Jonge. Mevrouw De Jonge: Dat hebben wij niet vernomen. We weten wel dat Stedin alle bedrijven die ook in het gebied zitten, hebben ze ook aangeschreven om uit te leggen wat er aan de hand is. We hebben niet van individuele bedrijven het signaal gekregen van, heb ik net die bestelling gedaan van die 1000 panelen en nou kan het niet. Wat we wel hebben gedaan hier intern is, omdat wij zeiden, naast dat we vinden dat Stedin naar oplossingen moet zoeken, willen we zelf gewoon extra vaart gaan zetten op die lokale energie systemen, om samen met de ondernemers op de bedrijventerreinen te gaan kijken.
Dan kunnen we misschien hier meer komen tot energie delen tot groepscontracten, zodat we eigenlijk daarmee ook een eigen lokale oplossing voor hen proberen te creëren. De voorzitter: Dank u wel, voor de nadere toelichting. Mevrouw Stolk had ook nog een korte vervolgvraag. Mevrouw Stolk: Voorzitter, misschien is die ietwat technisch, maar dan hoor ik dat graag. We hebben een aantal jaren geleden volgens mij voor twintig miljoen geïnvesteerd in Stedin, waardoor we vijf komma zoveel miljoen aan dividend kwijt zijn geraakt. Toen is altijd voorgehouden dat dat voor de netwerkbeheerder, voor juist de energietransitie dat we juist daarom moesten investeren. Hoe kan het dan nu zo zijn dat er nu een stop is op al deze bedrijven, inwoners? Dan is er ons toch een worst voorgehouden. De voorzitter: Kort nog een reactie van mevrouw De Jonge. En als het verder politiek wordt dan is het een vraag die op een ander moment moet komen. Mevrouw De Jonge: Ik zal heel kort zijn. Helaas is de situatie niet uniek voor Stedin. Ook Liander en Enexis kampen met dezelfde vraagstukken. Sterker nog, die hebben veel meer gebieden als je de kaart ziet, op rood. Dus in die zin heeft Stedin echt wel geïnvesteerd en echt wel flink vooruit gekeken. Maar het gesprek hebben wij ook gehad, want er is net ook weer 500 miljoen van de staat opgehaald.
Allemaal in het kader van het versnellen, verzwaren van de capaciteit. Maar we worden gewoon ingehaald. Althans we? Stedin wordt ingehaald door de snelheid die nog hoger is dan in alle prognoses werd meegenomen, hoe snel erover wordt gegaan op elektrificatie op stroom. En dat is waar zij nu ook tegenaan lopen. Ze kunnen de
3
investeringen niet bijhouden met het tempo waarin bedrijven en particulieren met opwekken bezig zijn. De voorzitter: Dank u wel voor de nadere toelichting. Ik wil dit onderwerp afsluiten en naar de volgende vraag gaan. En dat is een vraag over de speeltuin in het Zeehavenkwartier in Wielwijk. De vraag komt van de Fractie van Waardhuizen en het CDA. En ik begreep dat de heer Stam de vraag kort zal toelichten. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. In september ‘23 werd de speeltuin Zeehavenkwartier in Wielwijk verrast door een onbekende zwarte substantie die in het zwembad dreef en de coating aantastte. Ondanks uitgebreid onderzoek door de omgevingsdienst blijft de identiteit van deze zwarte stof nog steeds onduidelijk. Dit is een teleurstellende uitkomst voor de bewoners van de speeltuin. Met de naderende lente is er tot op heden echter geen verdere actie ondernomen om het zwembad weer veilig en bruikbaar te maken voor de jeugd. De vragen die wij hebben, is het college op de hoogte van het feit dat er nog geen actie is ondernomen om het zwembad gereed te maken voor de opening van het nieuwe seizoen.
Zo ja, welke plannen heeft het college hiervoor? Zo nee, wanneer verwacht u plannen te hebben? En de tweede vraag is, klopt het dat er 50.000 euro beschikbaar is voor de speeltuinvereniging, maar dat dit bedrag niet mag worden gebruikt voor de kosten van het herstellen van het zwembad? Zo nee, wat is dan de feitelijke situatie? Zo ja, is het college bereid ongeveer 17.000 euro van deze reservering te gebruiken voor het herstel, zodat het zwembad in mei 2024 weer in gebruik kan worden genomen, bij de opening van het aankomende speelseizoen. Zo niet, waarom niet? De voorzitter: Dank voor de toelichting. Ik ga naar de heer Merx voor het antwoord. De heer Merx: Dank u wel voorzitter. Een hele hoop zo ja, zo nee. Dit probleem is eerder door de VSP aan de orde gesteld vorig jaar. De aanname die u doet, ik zou toch nog even de antwoorden op de vragen goed nalezen, over waar de stof vandaan komt of waarom die er niet achter zijn gekomen. Ik kan alle vragen heel kort beantwoorden, in die zin dat we in september een subsidieaanvraag hebben binnengekregen, dat daar wat wijzigingen op zijn geweest op die subsidieaanvraag, zodat dat het elke keer even opnieuw moest worden beoordeeld. Maar dat jongstleden 8 februari de subsidiebeschikking is getypt, verstrekt, dus ze kunnen gewoon aan de slag met het renoveren van het van zwembad.
En vanochtend vroeg is toevallig nog contact geweest met de mensen daarvan en die waren erg blij. De voorzitter: Mijnheer Stam, voldoende antwoord op de vraag? De heer Stam: Ja, … dus wat dat betreft prima. De voorzitter: Dank u wel. Kort maar krachtig. Dan gaan we naar de derde vraag en die gaat over mogelijke drugslabs en het voorkomen ervan. Een vraag vanuit het CDA en de heer Van Dam-Timmers die kan de vraag kort toelichten. De heer Van Dam-Timmers: Dank, voorzitter. Midden in een woonwijk in Rotterdam-Zuid vond op maandag 29 september een enorme explosie plaats. En op die tragische dag vielen er drie doden. En voorlopige onderzoeken laten zien dat een drugslab de
4
vermoedelijke oorzaak is. Erg triest natuurlijk. Het CDA Dordrecht is bezorgd dat een dergelijke gebeurtenis ook in Dordrecht kan plaatsvinden. En daarom hebben we een paar vragen. Hoe kunnen de Dordtenaren bijdragen aan het voorkomen van zulke situaties in garages en werkplaatsen bij woningen in Dordrecht? En kunnen Dordtenaren op een makkelijke manier melding maken als ze zaken rondom een garage niet in de haak is en zo ja, wat is daar dan de beste manier voor? En zo nee, is het college voornemens om het eenvoudiger te maken voor inwoners, om situaties te melden of om dergelijke situaties ook met elkaar samen proberen te voorkomen. De voorzitter: Dank voor de vraag. Voor het antwoord naar de heer Merx. Gaat uw gang. De heer Merx: Deze neem ik even waar voor onze burgemeester, want die kon er helaas vanavond niet bij zijn, waarvoor zijn excuses. De zorgen die het CDA heeft, die heeft niet alleen CDA. Die heeft zo ongeveer de hele gemeenschap. Wekelijks worden er ook in Dordrecht hennepplantages, in woningen bijvoorbeeld, ontmanteld. Niks sluit uit dat er ook ergens drugslabs zijn. Of het in Rotterdam een drugslab is, dat weten we volgens mij nog niet helemaal zeker, maar dat doet er verder niet toe. We weten dat criminelen, want daar hebben we het gewoon over, panden in de Polder, in woonwijken enzovoort gebruiken om hennep te kweken.
Dat is ook al niet zo fijn, als ze daar met als ze daar met allerlei elektriciteit in de weer zijn. Dat levert allerlei gevaar op. Gelukkig weten onze inwoners de kanalen te vinden om meldingen te doen. Dat is ook de reden waarom regelmatig invallen worden gedaan. We besteden er veel aandacht aan. De meest eenvoudige manier en ook de meeste professionele manier en wij zouden echt niet willen dat we dat nog anders of beter gaan doen, dat is gewoon melden bij de politie via 0900-8844 en Meld Misdaad Anoniem, dat zijn ook mensen, dat is 0800-7000. Dat is voor de pers even, die kunnen even noteren ook. Daar zitten professional achter telefoon die precies weten welke vragen ze moeten stellen. Ook op onze website van de gemeente maken we daar via inwoners en dan veiligheid en dan als je doorklikt op veiligheidsthema's kom je aan bij ondermijning en daar staat ook precies uitgelegd, met ook weer verwijzingen naar andere websites, wat je zou kunnen doen en waar je ook op moet letten. Want bepaalde geurtjes, chemische luchtjes in je woonwijk, dat hoort er niet te zijn tenzij je vlak tegen een chemische fabriek aan woont. Maar anijsgeur en dat soort zaken, het zijn allemaal zaken die kunnen duiden op. Verdachte auto's, dure auto's, noem het allemaal op, het staat er allemaal op.
Waar ook op de website naar verwezen wordt, dan moet ik het er even bij pakken, dat zijn twee websites, die ga ik ook maar even hier noemen. Dat is nietondermijnneus.nl, daar staat ook van alles wat je kan nakijken om te kijken, wat ik hier nou in mijn buurt zie, lijkt dat op wat ze daar zien? En ook, dat is een beetje hetzelfde laken en pak, nietinmijnpand.nl en dat gaat over de verhuur van woningen en panden, waar je op moet letten als je een pand gaat verhuren. Want ook regelmatig zie je toch wel in de media hele treurige verhalen van mensen die hun woning, omdat ze in tijdelijk in buitenland gaan werken, verhuurt hebben en dan thuiskomen en de hele woning is verbouwd en helemaal verruïneerd en er zat een grote wietplantage in. Dus ik kan iedereen aanbevelen, let erop, kijk ernaar, maar hou ook vooral je eigen omgeving in de in de gaten. En nogmaals, dan ben ik weer terug bij het begin, gelukkig doen heel veel Dordtenaren dat en daarom zijn we ook in staat om met enige regelmaat dit soort ellende op te rollen. Althans de politie.
5
De voorzitter: Dank u wel voor het antwoord. Voldoende denk ik voor de heer Van DamTimmers. Dan gaan we naar de laatste vraag en dat is een vraag over gewichtsbeperking op de Zwijndrechtse brug. Een vraag komt van Op Ons Eiland en de heer Gorter zal kort toelichten. Gaat uw gang. De heer Gorter: Dank u wel, voorzitter. Rijkswaterstaat heeft met ingang van 15 januari jongstleden een gewichtsbeperking van maximaal 20 ton op de Zwijndrechtse brug toegepast. Om dit probleem tijdelijk op te lossen, wordt er een hulpconstructie aangebracht onder de brug. Daarna zal de beperking door Rijkswaterstaat er weer af worden gehaald. Kan de wethouder aangeven wanneer die werkzaamheden worden uitgevoerd. En is het niet in overweging te nemen om een permanente gewichtsbeperking van 20 ton op te nemen, dan komen die zware vrachtwagens niet in ons wijken. De Zwijndrechtse brug zou in 2027 op de nominatie staan voor groot onderhoud. Deze werkzaamheden zouden uitgevoerd worden nadat de Van Brienenoordbrug gerenoveerd is. Deze werkzaamheden stonden voor 2025 gepland en zijn zeker met vier jaar uitgesteld. Wat betekent dat voor het onderhoud van de Zwijndrechtse brug? Worden deze werkzaamheden mogelijk naar voren gehaald of ook naar achteren geschoven? De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Ik ga naar de heer Van der Linden. Gaat uw gang. De heer Van der Linden: Dank u wel, voorzitter.
Dank voor de vraag. klopt. Het bericht van de gewichtsbeperking is niet helemaal nieuw, want we hebben eerder bruggen gehad waarbij zo'n gewichtsbeperking is ingevoerd. Dat laat ook zien dat de infrastructuur en vooral de bruggen in dit geval die we in dit land hebben, hard aan heel groot onderhoud toe is. Laat ook zien dat ze veel gebruikt worden. En ooit zijn ze aangelegd in een tijd dat vrachtwagens vooral wat minder zwaar waren. Maar goed, dit is er niet voor niks gedaan, want de brug is oud en hard toe aan onderhoud. Wij kunnen niet zeggen nu wanneer die werkzaamheden worden afgerond of überhaupt uitgevoerd. Er wordt hard aan gewerkt en Rijkswaterstaat hanteert hele zorgvuldige procedures en ook hele veilige beheergrenzen. Dus daar hebben we het mee te doen. We hebben overigens wel even gecheckt, wij hebben geen klachten gehad en volgens mij Rijkswaterstaat ook niet echt veel, over het vervoer wat dan eventueel helemaal om moet rijden. Ik ben blij dat we ieder geval op een zodanige manier kunnen werken dat bijvoorbeeld een busje wel over de brug kunnen. Die zijn aanmerkelijk lichter. Tweede vraag, in overweging nemen om een permanente gewichtsbeperking te bepleiten. Dit kunnen we zeker inbrengen in ons overleg met Rijkswaterstaat. We hebben af en toe overleg, over onder andere werkzaamheden die plaatsvinden. En dan kunnen we dit wel even meenemen.
Laatste vraag is eigenlijk de grootste vraag, maar ook één die, dat heeft u ook wel gezien denk ik. Rond half januari zijn onder andere collega Kreukniet en ik voor de camera geweest van Eén Vandaag, waarin we ook in een item zaten over het gegeven dat heel erg veel van onze infra in dit land toe is aan groot onderhoud. Wij zien dat er enerzijds financiële beperkingen zijn, maar ook dat het wegennet zo verschrikkelijk vol zit, dat als je ergens iets gaat aanraken, bijvoorbeeld De Brienenoord, dat je dan in dat in die periode eigenlijk nergens anders aan het werk kan. En zo geldt dat in onze regio, even nageteld, voor 13 bruggen, 8 wegen en 13 tunnels, die achter elkaar moeten worden onderhouden. Dus als je ergens een schakel weggehaald, in dit
6
geval De Brienenoord, dan betekent dat ook voor de planning van alle andere werkzaamheden, waaronder onze brug. En die planning zijn ze nu opnieuw aan het maken. Daar moeten we het geduld over betrachten, om dat eventjes zijn werk laten doen. Tot zover. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie dat de heer Gorter nog een vervolgvraag heeft? De heer Gorter: Ja, een verdiepende vraag. Dus als ik het goed begrijp uit uw beantwoording, dan is het ook niet zeker dat de brug, die gepland stond op 2027, ook daadwerkelijk in die periode in onderhoud gaat? De voorzitter: Van der Linden. De heer Van der Linden. Dank voor de vraag. Op dit moment hebben we geen ander bericht, maar we weten De Brienenoord is onder andere niet doorgegaan omdat ze niet tot een goede aanbesteding konden komen. Dat heb je niet helemaal zelf in de hand, als Rijkswaterstaat zijnde. Dit is natuurlijk een aanmerkelijk simpeler brug en ook wat minder groot werk, maar wel een serieus werk. Er kunnen allerlei factoren van invloed zijn op het veranderen van de planning of op de marktbenadering of op nog meer technische vragen. We moeten het doen met de informatievoorziening die Rijkswaterstaat daarover geeft. Daar hebben we het contact over. Op dit moment staat dit jaar nog, maar zoals ik zei er zijn zoveel projecten in voorbereiding. Het kan best zijn dat dat ook iets gaat betekenen voor onze brug. De voorzitter: Dank u wel.
Hiermee hebben we vragen allemaal gehad en wens ik u een prettige vergaderavond.
3. Instemmen met Voorwaarden en geen medewerking verlenen aan wijzigen omgevingsplan Hel en Zuilespolder -Raadsvoorstel Voorzitter: Mevrouw Boom-Vos Raadsgriffier: De heer Den Boer Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Bootsman (GroenLinks) Dhr. Damen (PvdA) Dhr. Gorter (Op Ons Eiland) Mevr. Van Herwijnen (Partij voor de Dieren) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Dhr. Klerk (CDA)
7
Dhr. Kuhlmann (VVD) Dhr. Laban (ChristenUnie/SGP) Mevr. Lammens (VVD) Dhr. Portier (SP) Dhr. Stam (Fractie van Waardhuizen) Dhr. Stolk (VSP) Dhr. Van der Kruijff (CDA) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Dhr. Van der Spoel (Fractie Van der Spoel) Dhr. Wringer (Beter Voor Dordt) Ambtelijke ondersteuning: De heer Coomans (projectmanager) De heer Fiaschi-van der Est (adviseur ecologie) De heer Langenberg (ambtelijke ondersteuning) Mevrouw Van Middendorp (adviseur planjuridische zaken) Portefeuillehouder: wethouder mevrouw T. de Jonge De voorzitter: Welkom. Iedereen zit al klaar, dus ook al zijn we wat eerder, ik zie alle deuren dicht, we gaan gewoon beginnen. We kunnen alle tijd gebruiken die we hebben. Welkom raads- en commissieleden en wethouder De Jonge en ambtenaren de heer Coomans en Sven. Maar ik hoor dadelijk de achternaam. Voordat we gaan beginnen ga ik eerst vragen of dat alle raads- en commissieleden zich voorstellen. En ik ga beginnen met heer Stolk. De heer Stolk: Dan hoef ik het niet meer te doen. De voorzitter: Van welke partij bent u? De heer Stolk: Ik ben van de Senioren Partij. De heer Damen: Leo Damen, Partij van de Arbeid. De heer Van der Spoel: Wout van der Spoel, fractie Van der Spoel. De heer Laban: Vincent Laban, ChristenUnie, SGP. De heer Van der Meer: Frans Bouke van der Meer, GroenLinks. De heer Kleinpaste: Gert Jan Kleinpaste, Gewoon Dordt.
Mevrouw Lammens: Jeanine Lammens, Dordtse VVD. De heer Kuhlmann: Alexander Kuhlmann, Dordtse VVD. De heer Gorter: Wouter Gorter, Op Ons Eiland. De heer Stam: Marko Stam, Fractie van Waardhuizen.
8
De heer Portier: Ronald Portier, SP. De heer Van der Kruijff: Wim van de Kruijff, CDA. De heer Klerk: Albert Klerck, CDA De heer Langenberg: Sven Langenberg, ambtelijke ondersteuning. De heer Coomans: René Coomans, projectmanagement van de gemeente. Mevrouw de Jonge: Tanja de Jonge, wethouder. De heer Den Boer: Mark den Boer, commissie griffier. De heer Wringer: Jan-Willem Wringer, Beter Voor Dordt. Mevrouw van Herwijnen: Irma van Herwijnen, Partij voor de Dieren. De heer Bootsman: Nick Bootsman, GroenLinks. De voorzitter: Dank u wel. We gaan het vandaag hebben over wederom de Hel en Zuilespolder. Dit dossier loopt al een tijdje. In mei 2022 vond alweer de eerste commissievergadering plaats, waarin Rijkswaterstaat haar plannen toelichtte. In 2023 hebben we meerdere vergaderingen gehad en het college kondigde toen aan met een raadsvoorstel te komen, qua keuzemogelijkheden. Dit raadsvoorstel ligt nu klaar. Dat wordt besproken, samen met het aangekondigde projectbesluit van de minister van Infrastructuur en Waterstaat, in het geval dat de gemeente niet aan de plannen van Rijkswaterstaat meewerkt. Wij hebben nu ter bespreking twee keuzes. Onze Raad wijzigt het omgevingsplan naar natuur met een recreatief medegebruik, zoals verzocht door minister van Infrastructuur en Waterstaat. Of de Raad wijzigt het omgevingsplan niet. En dat heeft voor- en nadelen.
De technische sessie van vanavond is bedoeld om de Raad zo goed mogelijk te informeren over die voor- en nadelen en consequenties van beide opties, voordat de Raad hierover een besluit neemt. Over twee weken zitten we weer bijeen, dan hebben we weer een beeldvormende vergadering. Maar dan ruimen we tijd in voor insprekers om hun zienswijze te geven. En dan wil ik eigenlijk voor nu het woord geven aan wethouder Tanja de Jonge, voor een korte update. Mevrouw De Jonge: Dank u wel, voorzitter. Ik wil inderdaad even als eerste een actualiteit met u delen. We hebben u voor het kerstreces een raadsvoorstel gestuurd, waar we vanavond over willen spreken. Hij zit misschien wat ingewikkeld in elkaar, daarom meenden we ook twee commissies beeldvormend technisch hieraan te willen wijden met u, om goed geïnformeerd verder te kunnen. De actualiteit die wij recent hebben meegekregen vanuit de Rijkswaterstaat is dat de planning zoals deze ook in het raadsvoorstel staat, dat zij over willen gaan tot een projectbesluit vertraging oploopt. En ze kunnen niet precies aangeven hoeveel, de orde van grote, drie maanden schatten wij nu in, dat we dus ook iets meer tijd met elkaar hebben. Wij vonden het wel belangrijk om deze sessie en over twee weken door te laten gaan. En ik denk dat het goed is om dan met u te kijken wat de stand van zaken is.
En of we verder gaan of dat we nog afwachten of er nog mogelijk nieuwe informatie vanuit Rijkswaterstaat komt om mee te nemen. Maar dat bespreken we denk ik over twee weken met elkaar. Dat was de actualiteit.
9
De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Dan wil ik hierna het woord geven aan de heer Coomans, die ons door de presentatie leidt. Het verzoek is om te wachten met uw vragen tot het einde van de presentatie. De heer Coomans: Mijn naam is René Coomans. Ik ben sinds april betrokken bij dit bij dit project. Ben ik verstaanbaar? Ik ben sinds april betrokken bij dit project, bij de afdeling projectmanagement van de gemeente, ik ben ingehuurd. Ik ben werkzaam bij in projectmanagementbureau. We gaan even starten. Mijn officiële rol is projectleider. Het is natuurlijk een project van Rijkswaterstaat, dus liever heb ik het over de projectleider van de van de raakvlakken van de Hel en Zuilespolder. Ik heb een aantal collega's meegenomen. Sjoerd-Dirk Fiaschi-van der Est, adviseur ecologie en Yvette van Middendorp, adviseur planologische zaken. Alleen zij is digitaal aanwezig, dus mochten er vragen zijn, dan krijgen we digitaal de antwoorden. Ik had ook nog een andere collega uitgenodigd, Ruud Hakkeling, bodemadviseur, omdat er ook een PFAS-component in zit. Die zit in de zaal hiernaast, omdat daar ook een PFAS-zaak loopt. Dus die is niet aanwezig. Dus ik zal uw vragen op dat punt proberen te beantwoorden. Ik heb vooraf nagedacht over de presentatie.
Eigenlijk met name, wat wil ik nu overbrengen? Mijn doel voor vanavond is eigenlijk om de technische commissie te informeren over de samenwerking met Rijkswaterstaat. En wat de oorspronkelijke intentie was en wat eigenlijk de huidige realiteit is. Dan over het projectbesluit. En wat is nu de relatie met het wijzigen van het omgevingsplan? De reden van verdiepende vragen met betrekking tot verontreiniging. Dan een knelpunt of eigenlijk de oorzaak waarom we geen overeenstemming hebben bereikt met Rijkswaterstaat. Er zijn twee besluiten. Wat is nu de relatie tussen die besluiten en de zienswijze van het projectbesluit en wat is belang van de zienswijze? Ik heb eigenlijk een andere agenda, maar dit zijn eigenlijk vragen, op het eind van de presentatie zou hier wat meer over moeten weten. En mocht dat niet zo zijn, dan nodig ik u uit om daar vragen over te stellen. Eigenlijk is dit het lijstje wat je op het eind af zou moeten kunnen checken. Dan gaan we naar de agenda. De agenda die volgt eigenlijk niet die onderwerpen, dus vandaar dat ik ze even vooraf liet zien. Ik begin even met de projectdoelstelling in de hoofdlijnen. Dan ga ik het project aan de hand van een tijdlijn bespreken. Ik grijp eerst even terug op de commissies van begin 2023. En vervolgens neem ik u mee naar wat er gebeurd is na die commissies. Bij punt vier dan, de keuze die nu voorligt.
Daar ga ik iets dieper op in, wat zijn de consequenties van die keuzes en het vervolg. Projectdoelstellingen? Ik zie dat ik een typefoutje heb gemaakt bij een van de eerste zaken. Hoofdstelling moet natuurlijk de hoofddoelstelling zijn voor Rijkswaterstaat. Dat is verbeteren van de ecologische waterkwaliteit. En twee sub doelen, samenwerking met stakeholders en proberen in belangen tegemoet te komen waar mogelijk. Dit is niet de officiële doelstelling voor Rijkswaterstaat. Maar dit is zo om even in de presentatie te hebben benoemd. Dan speerpunten vanuit de gemeente. In de wetenschap dat die KRW afdwingbaar is, hebben we gezegd, we willen samenwerken om toegevoegde waarde te realiseren. We gaan zoeken naar kansen voor een bijdrage aan een groen en sterk Dordrecht. En we willen eigenlijk overeenstemming bereiken met Rijkswaterstaat, om daarna naar de Raad te gaan met een voorstel. Dan ga ik u even meenemen in het in het project. Linker plaatje is de huidige situatie, een luchtfoto. En rechts zien we eigenlijk het project van Rijkswaterstaat, het KRW project. Ik ga er even iets op inzoomen. Linksboven, rechtsboven zien we de Helsluis. Vanaf daar komt eigenlijk het water van de Beneden Merwede binnen. Dan heb je eronder de Helsloot en aan de Helsloot ligt ook de B&B De Zuileshoeve. Aan de rechterkant, aan de linkerkant, sorry, het Biesboschcentrum.
Eigenlijk alle drie die markeringspunten liggen formeel niet in het projectgebied. Ze liggen daar eigenlijk net buiten. Dan zien we links ook nog de zwemplas, ook een belangrijk onderdeel in het project. Ligt ook buiten het project, maar is wel degelijk
10
verbonden met het project, het is eigenlijk letterlijk verbonden met het projectgebied. Het is namelijk zo dat de zwemplas die wordt eigenlijk gevoed vanuit de Helsloot, via het slotenstelsel gaat er zo eigenlijk vers water naar de zwemplas. Op die manier kan je het spuien en met het spuien wordt er ook gezorgd dat blauwalg voorkomen of verminderd wordt. En die situatie die gaat veranderen als de KRW doorgaat. Wat zijn nog meer kenmerkende onderdelen voor dit gebied, voor de Hel en Zuilespolder. Je kan er natuurlijk prima recreëren. Je kan er wandelen, fietsen, met een beetje geluk kom je een schaapskudde tegen. Je ziet daar natuurlijk altijd de koeien in de weilanden rondlopen en het heeft ook een bepaalde waarde vanuit de cultuurhistorie. En dat zijn eigenlijk het oude gele patroon. Dan gaan we even naar het project van Rijkswaterstaat. Rechtsboven zien we de blauwe pijl waar straks het water het gebied binnenkomt en dat noemt Rijkswaterstaat de inlaat. Vanaf daar stroomt het water zuidelijk en twee andere blauwe pijlen, dat zijn de uitlaten. Daar kan het water het projectgebied weer. Nu hebben we wel gezien, vanuit het getijde rapport, dat eigenlijk een groot deel van het water in het gebied blijft of in ieder geval niet doorstroomt. Een heel groot deel gaat eigenlijk weer terug richting de Beneden Merwede en dat is eigenlijk om die getijde slag te borgen.
Andere kenmerken in het project. De schaapskudde die blijft. Het wordt natuurlijk straks natuur of getijdenatuur als het project doorgaat. Je kan er nog steeds fietsen en wandelen. Er komt ook een laarzenpad, zodat je de getijdenatuur van wat dichterbij kan ervaren en je kan ook met een kano het gebied in, al is dat wel onder begeleiding van een gids. Even een paar impressies van het project om toch even een beeld te schetsen van wat het straks moet worden, het zijn beelden van Rijkswaterstaat. Wat we hier zien is het zicht vanaf de Helsluis, zo het projectgebied in. Ik neem aan dat dit met laag water is, dat al die platen droogvallen. Zit straks natuurlijk een getijdeslag in van 60, 70 centimeter. Dan hebben we een beeld eigenlijk genomen vanaf de Zuileshoeve en eigenlijk zie je dan richting het Biesboschcentrum. Dit is een impressie vanaf het wandelpad. Dan heb ik eigenlijk nog een plaatje. Er komt ook een stukje wilgenbos in en dat zou dan min of meer zo eruit moeten zien, om gewoon even een beeld te schetsen van wat voor type project hebben we het straks over, hoe ziet die omgeving en straks uit, hoe verandert die omgeving. Dan ga ik beginnen met de tijdlijn. 2023, destijds waren er drie commissies. Ik loop ze even af. De eerste was in januari, toen waren de insprekers aan het woord. Rijkswaterstaat reageerde.
Een maand later in februari gaf Rijkswaterstaat antwoorden op vragen of beantwoorden ze nog een aantal vragen. En er was ook een inspreker met aandacht voor de getijdewerking. En dat had tot gevolg dat we daar een bureau voor ingeschakeld hebben, om naar die getijdewerking te kijken. Vervolgens de laatste sessie in april. Toen is er vanuit de gemeente een toelichting gegeven op vakdisciplines en toen zijn er nog twee insprekers geweest. Ik ga even door de bevindingen en de toezeggingen heen, vanuit de commissies. Kijken we naar natuur, dan waren eigenlijk de belangrijkste bevindingen dat er versterking plaats gaat vinden van unieke natuurwaarde. En als we het over unieke natuurwaarden hebben, dan hebben we het met name over dat zoetwater getijdegebied wat eigenlijk uniek is voor Europa. En dat wordt eigenlijk met dit project versterkt. Er is wel nader onderzoek nodig naar beschermde soorten in de polder. Kijken we naar de bevindingen van recreatie. Ik noemde net al fietsen en wandelen blijft mogelijk en kanomogelijkheden komen erbij en een laarzenpad. Er is wel een minpuntje of een aandachtspunt. Er zijn straks minder mogelijkheden voor toekomstige recreatiegroei. Dus eigenlijk de hele Zuilespolder heeft de bestemming recreatie. Een groot gedeelte lopen nu natuurlijk koeien, maar in principe zou je daar ook intensievere recreatie van kunnen maken.
Dus zou er bevolkingsgroei zijn, zou je dat gebied daarvoor kunnen gebruiken. Die mogelijkheid vervalt straks met de KRW. Kijken we naar de bevindingen van erfgoed. De belangrijkste of één van de belangrijkste bevindingen was wel dat dat historisch geulenpatroon dat dat gaat verdwijnen. En er waren natuurlijk opmerkingen dat dat ook bij andere polders
11
al gebeurd is en dat er eigenlijk weinig overblijft, wat betreft dat historische geulenpatronen. Een belangrijke bevinding was natuurlijk ook compensatie, want vanuit de commissie werd eigenlijk aangestipt dat er voldoende aandacht moet zijn voor de negatieve gevolgen die de stakeholders ondervinden. En kijken of we daar kunnen ondersteunen in de vorm van compensatie en wellicht ook hinderbeperkingen. In die commissie zijn ook een aantal vragen gesteld. Uit die vragen kwamen natuurlijk ook weer toezeggingen. Die toezeggingen heb ik hier naast staan, dus ik loop het even vrij snel door. Dat was een vraag over de recreatiecapaciteit, eentje over de getijdewerking, hebben we het al eerder over gehad, vervuiling of verontreiniging, ook in relatie tot de zwemplas. Er was een vraag over de voorkeursvariant van Rijkswaterstaat. En eigenlijk was er de vraag, waarom de hele Zuilespolder en waarom niet één van de andere polders. En er waren vragen over in hoeverre Rijkswaterstaat ons kan verplichten tot dat KRW project en is het juridisch afdwingbaar? Gaan we even naar de toezeggingen kijken. Vanuit de gemeente is er toegezegd om een onafhankelijk onderzoek uit te voeren. Dat is ook uitgevoerd en de uitkomst was dat de getijdeslag niet negatief beïnvloed wordt.
Het bureau wat het uitgevoerd heeft ook een aantal aanbevelingen gedaan en Rijkswaterstaat heeft gezegd dat die aanbevelingen over gaan nemen. Dus wat ons betreft is dat getij voldoende geborgd. Het volgende punt, er is destijds door een van de insprekers een alternatief aangedragen, het zogenaamde combi alternatief en het verzoek was om daar samen met Rijkswaterstaat naar te kijken. Dat hebben gedaan. Rijkswaterstaat heeft dat beantwoord en dat is ook een van de stukken die u terug kunt vinden, de stukken, het antwoord. Derde toezegging, de wethouder komt met een raadsvoorstel. Rijkswaterstaat heeft nog te toegezegd om een aantal stukken te delen of informatie te delen. Eentje ervan is de recreatiecapaciteit. Wat wordt er nu behouden en wat dient te vervangen te worden? Het is een lijst die heeft kunnen vinden bij een van de documenten. Dan het antwoord op de juridische afdwingbaarheid, een vraag van de heer Katif. Ook daar is inmiddels antwoord opgekomen vanuit Rijkswaterstaat. Destijds is Rijkswaterstaat gevraagd om het rapport van Witteveen en Bos te overhandigen. Dat hebben we ontvangen. En dat laatste was eigenlijk een verzoek om een rapport naar de effecten van de chemische waterkwaliteit, om daar een rapport voorop te stellen. Dit rapport heeft een vervolg gekregen in verdiepende vragen. En daar kom ik zo nog op terug.
Is eigenlijk een van de oorzaken waarom we niet tot overeenstemming kwamen. Dus eigenlijk naar aanleiding van één van deze vragen. We hebben de commissies gehad. De laatste was in april. Stap ik even over naar mei. Gemeente en Rijkswaterstaat die trekken gezamenlijk op. En we hebben een planning gemaakt, ik ben rond dat moment aangehaakt, de planning bestond er uit dat Rijkswaterstaat een informatiepakket samen zou stellen. Dus een aantal documenten, uit mijn hoofd gezegd een stuk of 15 documenten, ontwerpdocumenten, andere documenten, die zouden gereviewd worden door de vakdisciplines van de gemeente. Dat is het groene vakje wat u ziet. Wij geven het commentaar terug aan Rijkswaterstaat en Rijkswaterstaat past de documenten aan of ze geven een toelichting waarom ze niet aanpassen. Tegelijkertijd passen we dan vanuit de gemeente de voorwaarden aan of die stellen we bij, die houden actueel. Op het eind hebben we een set met voorwaarden en we hebben de documenten van Rijkswaterstaat. En dat zou input kunnen zijn voor een raadsvoorstel. Het raadsvoorstel had … Het idee achter het raadsvoorstel was om het omgevingsplan te wijzigen. Daar ga ik even iets verder op in, want waarom is het nou noodzakelijk dat omgevingsplan te wijzigen? Er zijn twee keuzes. We kunnen ervoor kiezen om het omgevingsplan niet zelf te wijzigen.
Dan heeft Rijkswaterstaat aangekondigd dat er een projectbesluit genomen wordt. Een project besluit is een nieuw middel in de omgevingswet die 1 januari ingegaan is, de nieuwe omgevingswet. Dat is eigenlijk een dwangmiddel waarmee de minister het project bij een lagere overheid af kan dwingen. Wat is dan de consequentie? Rijkswaterstaat neemt dat projectbesluit en dan moeten wij het omgevingsplan wijzigen of het omgevingsplan wordt gewijzigd. Wat betekent dat voor de positie van de gemeente? Het betekent dat Rijkswaterstaat niet
12
meer gebonden is aan de voorwaarden die de gemeente stelt. Dan de andere situatie. De gemeente wijzigt het omgevingsplan wel zelf. Volgt er dan een projectbesluit? Nee, in principe niet. Rijkswaterstaat heeft ook een brief opgesteld. Ik heb hier even een quote uit die brief genomen. Het projectbesluit is niet meer nodig wanneer tijdens de voorbereiding een gemeenteraadsbesluit valt, gericht op het wijzigen van het omgevingsplan. Wat is in dat geval de positie van de gemeente? De gemeente bepaalt dan zelf de regels, onder andere het toegestane recreatief medegebruik. Dus dit was ons plan, om een raadsvoorstel te maken waarin het omgevingsplan gewijzigd werd. Pak ik weer even terug die tijdlijn, dus we zitten in mei. Vervolgens krijgen we dat informatiepakket, een pakket met documenten, tekeningen, notities. Het is beoordeeld door de vakdisciplines van de gemeente en de conclusie was dat dat informatiepakket nog onvoldoende was voor een goed advies aan de Raad. Vervolgens zijn we in gesprek gegaan met Rijkswaterstaat over die zaken, waarom wij van mening waren dat het nog onvoldoende was. Eén van die dingen was die chemische waterkwaliteit. Het was een interpretatieverschil tussen Rijkswaterstaat en een gemeente, wat voor type document dat was.
Dus Rijkswaterstaat heeft ons gevraagd om een aantal verdiepende vragen te stellen over die verontreiniging, over de chemische waterkwaliteit. Wat ik erbij moet vertellen, inmiddels was er ook een rapport van Rijkswaterstaat met onderzoeken van de Hel en Zuilespolder, een bodemonderzoek en daaruit bleek ook dat er PFAS in de Hel en Zuilespolder zat. Nu zal iedereen zeggen, dat is geen verrassing. Ja, dat klopt ook, alleen de waarde van de PFAS was dermate dat we daar vragen over gesteld hebben. Dus we hebben verdiepende vragen gesteld over die impact en we hebben gesprekken gevoerd over de andere voorwaarden. Dus daar waren we mee bezig en op een gegeven moment komen we bij het laatste blokje aan, in november. Dat proces liep nog volop. En Rijkswaterstaat kondigt aan we gaan een projectbesluit nemen, we gaan het voorbereiden. Goed, dat kantelt eigenlijk het proces. Want de oorspronkelijke intentie die we hadden om pas na overeenstemming met Rijkswaterstaat naar de gemeenteraad te gaan, die werd doorkruist. Daar kwam een rood kruis doorheen. De vraag is natuurlijk, waarom is het niet gelukt om die overeenstemming te bereiken? En wat is nu het knelpunt? Daar wil ik even iets verder op ingaan. U heeft wellicht de verdiepende vragen gezien. In zo’n presentatie moet je altijd een beetje platslaan. Het jammere is, je verliest dan ook altijd een beetje de nuance van die vragen.
Maar waar het eigenlijk op neerkomt is dat we geen inzicht hebben in de impact van het project op de humane gezondheid. Daar horen een paar factoren bij. Wat belangrijk is, is dat het gebruik van dat gebied dat gaat veranderen. Het gebruik en de bestemming van het gebied. Het wordt natuur met mede gebruik recreatie, maar het wordt ook een gebied waar je meer natte recreatie krijgt. Terwijl het nu een droog gebied is. Wat natuurlijk ook veranderd, is die situatie richting de zwemplas. Die gaat op een andere manier gevoed worden. En de tweede factor is natuurlijk dat er een verontreinigen in die Hel en Zuilespolder aanwezig is. En wat gaat de Rijkswaterstaat daar mee doen? Een gedeelte halen ze weg, maar een gedeelte ook niet. Dat blijft achter. Derde punt is, we krijgen natuurlijk een soort kortsluitroute in het noorden en er komt straks direct water vanuit de Beneden Merwede, stroomt die polder in. Dat rivierwater heeft een bepaalde verontreiniging en wat is daar de impact van? Ik heb zelf meer een technische achtergrond, dus ik hou altijd een beetje van plaatjes om dingen te visualiseren. Er staat hier eigenlijk hetzelfde op. Je ziet de instroom van het rivierwater. Wat dan wel belangrijk is, is dat het lozingspunt van Chemours dat zit een paar kilometer stroomafwaarts.
Nou is het stroomafwaarts, aan de andere kant vindt er ook getij plaats, dus er zijn ook periodes dat het water richting de sluis gaat. Centraal staan natuurlijk die aanwezige verontreiniging in de polder en ik heb nog een pijltje gezet bij die inlaat van de zwemplas, want die wordt dan gevoed vanuit de getijdegeul. Verder ziet u onderaan nog twee pijltjes. Vanuit die uitlaat stroomt het water door, richting de Biesbosch. En de centrale vraag, wat is nou die impact op de
13
humane gezondheid bij toekomstig gebruik? Wat ik erbij vergeet te vertellen is, dat we die antwoorden niet gekregen hebben. Rijkswaterstaat is er wel druk mee bezig. Er zijn overleggen met het met het waterschap. Ze zijn intern druk bezig om die antwoorden voor ons te krijgen, maar die antwoorden hebben we op dit moment nog niet. En omdat er een projectbesluit aankomt zijn wij toch gedwongen om naar de Raad toe te gaan, om iets voor te leggen. En eigenlijk hebben we twee besluiten in relatie tot het wijzigen van het omgevingsplan. Besluit 1 is het voorstel om in te stemmen met de voorwaarden. En besluit 2 is dan geen medewerking te verlenen, zolang die impact niet duidelijk is. Vervolgstap daarna is dat het college dit kan verwerken in een in een zienswijze. Goed, wat is nu het gevolg van die besluitvormingen, als beide besluiten genomen worden? Wordt er dan nog een projectbesluit genomen? Dat is eigenlijk onzeker. Mogelijk wel, mogelijk niet. dat is geheel afhankelijk van Rijkswaterstaat. Dan de positie van de gemeente. Op het moment dat we die twee besluiten hebben, dan hebben we wel een goede basis voor een zienswijze en ook eventueel voor een beroep. En dat zou dan bij de Raad van State zijn. Verder zit er nog een kans in. De wethouder heeft net aangeven dat Rijkswaterstaat een vertraging heeft van een maand of drie.
Wellicht lukt het om in die drie maanden dat die impact van die PFAS wel helder wordt. Wat is nou het vervolg na dat besluit? De afspraak met Rijkswaterstaat is, dat ook na het projectbesluit Rijkswaterstaat zich houdt aan de aan de toezeggingen en de afspraken die tot nu toe gemaakt zijn. Dus we hoeven niet bang te zijn dat al dat werk voor niks is geweest. Over wat voor toezeggingen hebben we het dan? Rijkswaterstaat neemt die aanbevelingen over, ze gaan akkoord met het inschakelen van een bureau om de planschade van de Zuileshoeve te bepalen. Als gemeente ontvangen we ook zes percelen in de Noordbovenpolder. De schaapskudde die blijft. Kanovaren wordt mogelijk. En Rijkswaterstaat is ook druk bezig om drie steigers te realiseren in de buurt van het laarzenpad, waar dan het Biesboschcentrum gebruik van kan maken. Dat zijn educatieve steigers. Dat is met name bedoeld dat groepen kinderen onder begeleiding daar waterdiertjes uit kunnen vissen en zo wat onderzoek kunnen doen goed. Andere zaken die we nog graag gerealiseerd willen zien. Ten eerste natuurlijk dat onderzoek door Rijkswaterstaat naar die impact. Het tweede is gewoon een goede procesbegeleiding van de stakeholders en het compensatieproces. Wat ook belangrijk is, is dat hinder tijdens uitvoering of voorkomen wordt of geminimaliseerd. En dan met name voor de stakeholders die zich in dat gebied bevinden.
Verder moet het beheer en onderhoud nog afgestemd worden. Het laatste punt is, dat we graag een meewerkende houding van Rijkswaterstaat zouden willen hebben, om recreatieve voorzieningen in de omgeving te realiseren. Hoe ziet de planning er daarna uit? Ik heb even het traject tot de raadsvergadering geschetst en we hebben ook de planning van Rijkswaterstaat, waar we dan afgelopen week van gehoord hebben dat die inmiddels achterhaald is. Maar ik zal wel even de stappen benoemen. Ze zijn nu bezig met het voorbereiden van het projectbesluit. Dat wordt dan ter inzage gelegd. En dat is ook het moment dat de zienswijze ingediend kan worden. En dan wordt hij vastgesteld en na het vaststellen is er nog de mogelijkheid om naar de Raad van State te gaan. Dit was eigenlijk mijn verhaal. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Coomans. Ik kijk even rond of dat er nog verdiepende vragen zijn. De heer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Even op het detailniveau. De zienswijze brief is een bevoegdheid van het college. Wat zitten wij als Raad dan precies te doen? Hoe ligt precies die verhouding tussen die bevoegdheid en dat wat u van ons eventueel vraagt? De voorzitter: Mevrouw De Jonge.
14
Mevrouw De Jonge: Een technisch antwoord. Het is inderdaad collegebevoegdheid, maar zoals aan het begin ook aangaf, wij vinden het heel belangrijk in dit dossier om met de Raad goed af te stemmen. En dat ziet u ook in het raadsvoorstel, dat wij in het eerste besluit aan u vragen de voorwaarden vast te stellen bij de mogelijke ontwikkeling bij dit gebied. En dat zijn ook dan de voorwaarden die de voeding zijn voor de zienswijze die wij als college zullen opstellen. De voorzitter: Mag ik nog even terug wethouder, want volgens mij wordt eerst het besluit genomen, over of we het bestemmingsplan aanpassen of niet. En daar reageerde Rijkswaterstaat op. Klopt dat? Mevrouw De Jonge: Wat wij u voorgelegd hebben en dat heeft te maken met die korte tijdspanne die we hadden nadat wij te horen krijgen dat er een mogelijk een projectbesluit komt. Toen hebben wij gezegd we brengen nu in kaart voor de Raad, wat er allemaal is geregeld. Daar heeft net ook in een presentatie gehoord. Daarvan zeggen wij, als u dat kunt vaststellen, dan is dat voor ons ook het startpunt om zienswijze en andere procedures te kunnen starten. En we hebben wel meegegeven aan u, besluitpunt twee, na het vaststellen van die voorwaarden, dat wij ook uw voorstellen om nog niet mee te gaan met die bestemmingsplan wijziging, want dan hebben we nog niet genoeg informatie gekregen over de PFAS en andere zaken.
En vandaar die extra sessie hebben, want daar hebben we echt goed over nagedacht. Maar ik besef mij en samen met het hele team, dat we even dit goed moeten doorgronden met elkaar, waarom we toestemming vragen, instemming met de voorwaarden, maar tegelijkertijd ook vragen van en daarna gaan we nog geen bestemmingsplan wijzigen. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Kleinpaste, u heeft nog een verhelderende vraag? De heer Kleinpaste: Toch nog even een punt van doorvragen en ik probeer hem niet politiek te maken, maar technisch van aard. Hoe we precies moeten duiden, dat er van ons verwacht wordt dat we al over iets gaan besluiten, terwijl we cruciale informatie missen. Niet zozeer van u, maar van Rijkswaterstaat. En wat we er dan van moeten vinden, dat een andere overheid ons in die positie brengt? Mevrouw De Jonge: Voorzitter, heel kort. Dit is geen keuze. Als er een projectbesluit wordt genomen door Rijkswaterstaat dan is dat voor ons een voldongen feit en moeten wij de paden gaan bewandelen die ons ter beschikking staan. En dat is als allereerste een zienswijze vanuit deze gemeente naar degene die het project besluit heeft genomen toesturen. En daar willen wij graag van u te horen krijgen wat u zegt van, neem dat mee in de zienswijze en ga dan het proces lopen, als dat het tijdspad is en de ontwikkeling. De voorzitter: Helder. Dank u wel.
Mijnheer Van der Meer, u had ook een vraag? De heer Van der Meer: Ik heb vier feitelijke vraagjes. In de stukken lees ik dat een groot aantal voorwaarden, op wensen van de gemeente, door Rijkswaterstaat zijn omarmd, maar dat er nog twijfels zijn met betrekking tot humane gezondheid of volksgezondheid en fauna. Zijn er op andere terreinen nog eisen door de gemeente geformuleerd, die niet gehonoreerd zijn door Rijkswaterstaat? Dat is één. Twee, u heeft vervangende of
15
verdiepende vragen gesteld over de PFAS-verontreiniging. Maar lees ik het rapport waarbij de stukken zitten, nu goed, als ik daaruit concludeer dat er met het rivierwater ook, weliswaar in lage concentraties, nieuwe PFAS binnenkomt en dat dat ook gedeeltelijk daarachter blijft? Dat heet vracht, als ik het goed begrepen heb. Dus dat in de loop van de tijd de PFAS-concentratie in die polder sowieso zal toenemen, heb ik dat goed gelezen? Derde vraag gaat over wat u meldde over de mogelijke vervuiling, die andere vervuiling uit de rivier. Is daarbij ook gekeken naar de mogelijke uitwatering van de stort van Troost? En tenslotte het recreatieve medegebruik. Als wij het bestemmingsplan of het omgevingsplan niet aanpassen, dan hebben wij, begrijp ik, geen zeggenschap meer over recreatief medegebruik. Ligt dat dan volledig in handen van Rijkswaterstaat, of heb ik dat verkeerd begrepen? In uw tabelletje staat als voordeel van het bestemmingsplan aanstellen, dat wij zeggenschap krijgen over het recreatief medegebruik en dat staat niet in het andere tabelletje. De voorzitter: Dat waren vier vragen. De heer Coomans.
De heer Coomans: De verdiepende vraag over de PFAS. Uw vraag was of er nieuwe PFAS toegevoerd zal worden via de rivier. Ja, dat is iets wat wij niet weten. Dat is ook waarom we dat aan Rijkswaterstaat gevraagd hebben, om daar meer inzicht in te doen, daarmee onderzoek naar te doen. Daar hebben we geen informatie over, dus het is het is alleen een redeneerlijn. De heer Van der Meer: In het in het rapport wat bijzit, lees ik dat er een beetje PFAS inkomt. Sterk verdund, wordt dan gezegd. Dat is de concentratie. Maar er wordt ook gesproken over de vracht die achterblijft, want het is een persistente stof, dus als het water instroomt, dan zal dus een deel daarvan achterblijven. Dus geleidelijk aan, ik weet niet hoe snel, maar geleidelijk aan moeten die PFAS-concentratie toch toenemen. De heer Coomans: Maar goed, dat is ook de vraag die we gesteld hebben om die impact helder te krijgen. Dan had u een vraag over de uitstroom van de stort van Troost en volgens mij vindt daar in de zaal hiernaast een sessie over plaats. Dus daar heb ik verder ook geen informatie van. Het laatste, recreatief medegebruik. In principe kan Rijkswaterstaat als een planbesluit of projectbesluit nemen, kunnen zij het omgevingsplan wijzigen, ze kunnen alles wijzigen wat daar binnenvalt. We hebben daar geen...
De heer Van der Meer: En dan zouden ze dus, als ik het goed begrijp, kunnen vastleggen dat daar geen recreatie mag plaatsvinden. De heer Coomans: Dat zou kunnen. De voorzitter: De heer Langeberg wil ook wat zeggen. Is dat een … De heer Langenberg: Aanvullend op het antwoord. Het zou ook gewoon kunnen dat Rijkswaterstaat gewoon met ons meegaat in welke voorwaarden wij neerleggen, als het gaat om recreatief medegebruik. Dus beide kanten gaat het om.
16
De voorzitter: Beantwoordt dat uw vraag ook, mijnheer Kuhlmann? Nee? Gaat uw gang. De heer Kuhlmann: Op dit onderwerp, want ik had moeite met de presentatie op dit onderdeel, althans, het leek een beetje met elkaar in tegenspraak. Aan de ene kant wat er aan bod kwam voor als je nee zegt. Het omgevingsplan niet aanpast en er een projectbesluit komt, dan heb je geen ruimte meer om zelf invloed uit te oefenen op dat recreatief gebruik. En aan de andere kant, later in uw presentatie, als ik het goed citeer ‘Rijkswaterstaat houdt zich ook na een project besluit aan de overeengekomen toezeggingen en afspraken’. Ik het idee dat botst misschien een beetje. Kunt u daar iets over zeggen? En het andere is. Als ik goed begrijp een projectbesluit betekent dat het rijk voor ons het omgevingsplan op dat onderdeel aanpast, het bestemmingsplan. Maar het blijft natuurlijk zo dat de gemeente natuurlijk altijd zelf gaat over de bestemmingsplannen. Maar ook in de wet is natuurlijk niet tot in de eeuwigheid dat dat dan zo is. In de toekomst kunnen we altijd bestemmingsplannen aanpassen. Dus als we dan een jaar later zelf als Raad het plan aanpassen, met onze voorwaarden, voor bijvoorbeeld recreatief gebruik. Kunt u daar iets ook over zeggen? De heer Coomans: Het project besluit betekent dat Rijkswaterstaat dan gewoon het omgevingsplan aan gaat passen. En dat is dan het omgevingsplan.
Dat zou ik niet weten. Dat zou ik even aan Yvette moeten vragen. De heer Kuhlmann: Ik wil nog iets zeggen over het de in mijn misschien schijnbare tegenstelling, waar u aan de ene kant zei, als het projectbesluit wordt vastgesteld dan is het zo dat we geen mogelijkheden meer hebben om mee te praten of mee te beslissen over het recreatief gebruik. Terwijl aan de andere kant ik u ook hoorde zeggen, dat Rijkswaterstaat zich ook na het projectbesluit zich gaat houden aan de overeengekomen toezeggingen en afspraken. De voorzitter: gaat uw gang. De heer Coomans: Dat klopt. Het eerste was het theoretische kader, dus onder het theoretisch kader kan Rijkswaterstaat het wijzigen. En het tweede is de toezegging dat Rijkswaterstaat, die hebben daar toegezegd dat ze zich houden aan de aan de toezegging. De voorzitter: Mijnheer Langenberg, u wilt daar iets aan toevoegen, zie ik aan u? De heer Langenberg: Klopt. Het projectbesluit is gewoon het formele, het juridische. En in principe heeft Rijkswaterstaat of dreigt daarmee gewoon te zeggen, wij willen het zo of zo. Maar we blijven wel met elkaar in gesprek en we blijven wel samenwerken en er is al een traject daaraan voorafgegaan in goede samenstelling om tot voorwaarden te komen die onder anderen nu in de stukken zijn. Waarvan Rijkswaterstaat zegt, als wij dat projectbesluit indienen dan gaan wij mee in die voorwaarden.
Maar het hoeft niet, als je het heel formeel juridisch pakt. De voorzitter: Dank u wel. Volgens mij hoorde ik nog een vierde vraag. De eerste vraag van de heer Van der Meer. En die ging over of dat er ook dingen niet gehonoreerd waren in de aanvragen. De heer Langenberg: Maar buiten de gezondheids-en de fauna aspecten.
17
De heer Coomans: U moet dat document met voorwaarden moet u gewoon zien als een werkdocument, waar we mee bezig waren en waar we gewoon op dat moment gedwongen knippen in hebben gezet. Dus het is zeker niet zo dat we al die zaken af hebben kunnen stemmen met Rijkswaterstaat. De voorzitter: Oké. De heer Langenberg: Maar zijn er dingen te noemen en met name in aansluiting op de vorige discussie zou mij in interesseren, of er met betrekking tot recreatie vragen gesteld zijn aan Rijkswaterstaat en hoe daarop gereageerd is. Zijn er op dat punt toezeggingen gedaan of is dat iets waar nog over gesproken moet worden? De heer Coomans: Dat zijn zaken waar nog over gesproken moet worden. De voorzitter: Dan ga ik nu even door, want ik heb nog heleboel mensen die verdiepende vragen hebben. Mevrouw Lammens, u had ook een vraag. Mevrouw Lammens: Dank u wel voorzitter. Wij hebben in een van de eerste vergaderingen gevraagd aan Rijkswaterstaat hoe het met de PFAS zat. Dat was geen probleem, werd afgedaan als totaal niet belangrijk. Er zijn ook verschillende alternatieven aangeboden geweest, die zijn allemaal afgewezen door Rijkswaterstaat. Maar het alternatief de Thomaswaard, waarvan zij zeggen dat dit veraf is van de rivier, is gewoon niet waar. Want het water stroomt nu al via de Korte en Lange Ambacht daar binnen.
Het rivierwater gaat verder naar het Gat van Den Hengst en het is maar een heel klein stukje naar de Thomaswaard. Dus je zou veel beter de Thomaswaard kunnen nemen als de Hel en Zuilespolder. Het ligt veel verder van Chemours af, dus we hebben veel minder last van de PFAS. Rijkswaterstaat heeft aangegeven dat het niet kan omdat Staatsbosbeheer niet genoeg personeel heeft. Dat lijkt mij een kwestie van prioriteit dat Staatsbosbeheer misschien dan wel personeel kan vrijmaken om de Thomaswaard te bekijken. Minder robuuste getijdennatuur vergeleken met de Hel en Zuilespolder noemen zij ook als een goed antwoord. Ik denk dat dat natuurlijk wel te realiseren is, want je kan alles verbouwen. Ik heb in een App-gesprek met een oud boswachter gevraagd waarom de Thomaswaard niet kan. Hij gaf aan dat de Thomaswaard verpacht wordt. Dus het is gaat gewoon om geld. Het zijn allemaal antwoorden die de Dordtse VVD geen reden vindt om de Thomaswaard af te schrijven, maar eerder een reden om een onderzoek. Dus ik zou u willen vragen om toch de Thomaswaard verder te bekijken. Is dat een mogelijkheid om dat met Rijkswaterstaat op te nemen? De heer Coomans: Die vraag hebben we natuurlijk al gesteld aan Rijkswaterstaat en zij hebben daar ook op gereageerd. Maar verder is dat natuurlijk aan Rijkswaterstaat en niet aan de gemeente. Mevrouw Lammens: Het KRW is heel erg belangrijk.
Dus als zij het KRW zo belangrijk vinden en wij als Dordtse gemeenteraad zeggen, we willen graag meewerken aan het KRW, maar doe het dan in de Thomaswaard, dan zou dat toch een heel goed alternatief zijn? Het grootste probleem is dat ze denken dat het water te veraf is van de rivier. Maar het rivierwater stroomt nu al op een paar 100 meter er vandaan. De voorzitter: Dus mevrouw Lammens, u vraagt aan de gemeente of dat ze willen lobbyen, om dit alsnog mee te nemen? Mevrouw Lammens: Ja. De voorzitter: Ik weet niet, is daar een antwoord op te geven? Moet daar over nagedacht worden?
18
De Coomans: Naar mijn idee is dat al een gelopen traject. Rijkswaterstaat heeft gewoon de keuze gemaakt voor deze variant. Als het projectbesluit komt, dan is het op basis van deze variant. Dus volgens mij, het enige wat je dan nog kan doen is in je zienswijze, daar bezwaar maken. Mevrouw Lammens: Vindt u zelf deze antwoorden die Rijkswaterstaat heeft gegeven, want we hebben te weinig personeel voor Staatsbosbeheer en dat het verpacht is, dat zijn toch geen … Vindt u dat zelf goede antwoorden om dan niet de Thomaswaard … De voorzitter: Dit is geen … Beeldvormende vraag, dus daar ga ik even ingrijpen. Ik zie dat het na aan uw hart ligt. Volgens mij was kwam het antwoord al binnen. Kijk of het anders op de zienswijze mee kan. En daar is de raadscommissie voor om dat aan, zoals mevrouw De Jonge zei, ze mag het zelf bepalen maar ze staat wel open om wat toe te voegen. Dan ga ik door naar de heer Wringer, want die had ook een vraag. De heer Wringer: Dank, voorzitter. Dank voor de presentatie in eerste instantie. Een aardig opfrisser. Wel veel onzekerheid van hoe Rijkswaterstaat reageert naar onze keuze van de Raad. Mooi dat de schapenkudde mag blijven, maar hoe zit het met de koeien en hun boer? Dat vroeg ik me af. Zijn er nog andere participanten waar we rekening moeten houden en hoe is het participatieproces verlopen? Dat is mijn eerste vraag. Ik heb er nog eentje.