CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.5 2023.08.29 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 19 september 2023, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 4 juli en de Dordtse Dinsdag van 27 juni en 29 augustus 2023 Vergaderzalen 1, 3 en 531.184 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE GEMEENTE DORDRECHT DORDTSE DINSDAG, D.D. 29 augustus 2023 Vergaderzaal 1 2. Vaststellen Jaarstukken 2022 – Raadsvoorstel Voorzitter: de heer Struijk Raadsgriffier: mevrouw Vermeulen Verslag: NotuBiz Aanwezig: Mevr. Boom-Vos (VVD) Dhr. Damen (PvdA) Dhr. Van Dam Timmers (CDA) Dhr. Droog (CU/SGP) Dhr. Gorter (Op Ons Eiland) Dhr. Gündogdu (Op Ons Eiland) Mevr. De Heer (Forum voor Democratie) Dhr. Katif (Beter voor Dordt) Mevr. Koene (Gewoon Dordt) Dhr. Kolkiliç (DENK) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Dhr. Stam (Fractie van Waardhuizen) Dhr. Stolk (VSP) Dhr. Venderbos-Lambinon (Partij voor de Dieren) Mevr. Van Vugt-Roose (CDA) Dhr. Wringer (Beter voor Dordt) Portefeuillehouder: wethouder P.J. Heijkoop Ambtelijke ondersteuning: de heer Brouwer Overige aanwezigen: mevrouw Van Kempen De voorzitter: Beste mensen, als jullie willen gaan zitten, dan kunnen we bijna op tijd beginnen. André, kan jij de deur nog even dichtdoen? Komt goed. Gewoon even een voorstelrondje zo doen. Beste mensen, ik open deze vergadering met uw welnemen. We gaan het hebben over de jaarrekening. We krijgen een technische briefing. Ik heet u allen als raads- en commissieleden hartelijk welkom. Evenals wethouder Heijkoop, die er namens het college zit. De ambtelijke ondersteuning hebben we mevrouw Jolanda van Kempen.

Verder zit ook de heer Brouwer, de stadscontroller hier nog aan tafel. Wat de mensen aan tafel betreft, lijkt het me goed dat we eventjes een voorstelrondje doen. Dan kunnen ook de eventuele kijkers, die ik bij deze ook hartelijk welkom heet, in ieder geval zien wie wie is. Dan ga ik gewoon even linksom. Dan mag ook mijnheer Brouwer dat even doen. De heer Brouwer: Stefan Brouwer, stadscontroller.

1

Mevrouw Van Kempen: Jolanda van Kempen, coördinator jaarrekening. Mevrouw Koene: Irene Koene, Gewoon Dordt. De heer Stam: Marco Stam, Fractie van Waardhuizen. Mevrouw Boom-Vos: Karin Boom, Dordtse VVD. De heer Van der Meer: Frans Bauke van der Meer, GroenLinks. De heer Damen: Leo Damen, Partij van de Arbeid. Mevrouw Van Vugt-Roose: Franciske van Vugt, CDA Dordrecht. De heer Venderbos-Lambinon: Cees Venderbos, Partij voor de Dieren. De heer Wringer: Jan-Willem Wringer, Beter voor Dordt. De heer Droog: André Droog, ChristenUnie/SGP. De heer Kolkiliç: Masum Kolkiliç. Mevrouw De Heer: Betsy de Heer, Forum voor Democratie. De heer Stolk: Leo Stolk, VSP Dordrecht. De heer Katif: Jacques Katif, Beter voor Dordt. Mevrouw Vermeulen: Laurette Vermeulen, commissiegriffier. De voorzitter: Mijn naam is Leen Struijk en ik ben vandaag de voorzitter. Ik zie daar ook nog een paar mensen, als die meedoen, mijnheer Gündogdu. De heer Gorter: Wouter Gorter, Op Ons Eiland. De heer Gündogdu: Aydin Gündogdu, Op Ons Eiland. De voorzitter: De rest is toeschouwer, zo te zien. Ik word erop geattendeerd dat accountant ook aanwezig is. Wel de accountant, maar niet de verklaring, maar dat weet u allemaal. Misschien hadden we het liever andersom gehad, maar niets ten nadele van u.

Beste mensen, waarom zitten we hier? We krijgen vandaag informatie en u kunt vragen gaan stellen over de jaarrekening, zowel over de inhoud als over het proces. U wordt meegenomen in de vraag over hoe je de jaarrekening precies kan lezen en wat voor bijzonderheden er zijn. Zojuist heeft de Auditcommissie hier ook over vergaderd. De stukken in deze bijlage zijn nog niet definitief. Het hoe en waarom heeft u allemaal kunnen lezen in het wethoudersmemo en ook in het epistel van de provincie. Daar stond bijvoorbeeld ook in waarom die verklaring en dergelijke er nog niet is.

2

Het is een beetje anders dan andere jaren. Maar we gaan evengoed ernaar kijken en ons bij laten praten over het hoe en wat. Daarvoor ga ik het woord geven aan mevrouw Van Kempen, denk ik. Mevrouw Van Kempen: Dank je wel. Sowieso fijn om te zien dat er brede interesse is in deze technische briefing van de jaarstukken. Dank je wel. De eerste sheet, om even mee te beginnen. Over welk product hebben we het nu? Hoe zit dat in relatie tot de andere producten van de P&C-cyclus? Zoals bekend, de eerste bestuursrapportage en de Kadernota heeft al plaatsgevonden in de raad van juli. De begroting 2024 zal plaatsvinden in de raad van november, zoals ook de tweede bestuursrapportage. Zoals afgesproken zullen die tegelijkertijd behandeld gaan worden. De jaarrekening, normaal wordt die behandeld in de raad van juni of in juli, maar nu wordt het dit jaar september. Onder nog een schemaatje, wat denk ik bij veel mensen wel bekend is. Hier wordt wel gesproken over Voorjaarsnota. Wij noemen dat Kadernota. Maar om dat een beetje een beeld te geven van, hoe werkt het dan in die P&C-cyclus. Zijn er tussentijds vragen, wat mij betreft kunnen die ook gewoon tussentijds gesteld worden. Wat is nu dan de rol van het college en de raad. Uiteraard vanuit de raad de kaderstellende functie en het college ten aanzien van de uitvoering. Maar we hebben ook controlerende taken.

Dat geldt niet alleen voor de accountant. Ook een stukje het recht van de enquête voor de Rekenkamer. Dat zijn een beetje de rollen zoals die ook voor deze processen van toepassing zijn. Om een beetje een beeld daarbij te geven. Wat is nu dan de stand van zaken van de jaarstukken? In de eerste plaats wil ik even aangeven dat er vanuit de organisatie enorm hard wordt gewerkt. Er veel inspanning wordt gepleegd om de stukken toch nog op tijd of in ieder geval voor 19 september aan te leveren. De accountant heeft ons vandaag geïnformeerd over de strekking van het accountsverslag. Dat is zojuist in de Auditcommissie aan de orde geweest. In principe gaan we er nog steeds vanuit dat de stukken op 8 september door de accountant worden aangeleverd, het accountantsverslag. Dat voldoet nog steeds aan wat er ook in de wethoudersmemo is gecommuniceerd. De jaarstukken 2022 is inclusie het accountantsverslag die op 8 september dan komt. Die wordt dan aan de raad aangeboden op de 8 e september. De controleverklaring volgt later, maar wel voor vaststelling door de raad. Al met al, op 19 september zijn de jaarstukken ter bespreking in de raad en de accountantsverklaring en de controleverklaring zitten erbij. Even nog voor de duidelijkheid. De informatie van de jaarstukken van de website is nu de basis die ik heb gebruikt in deze presentatie.

Ondertussen zijn er natuurlijk al wel wat aanpassingen geweest, maar ik heb me nu even toch gebaseerd op de stukken zoals die in het college zijn vastgesteld van 30 mei, om ook niet onnodig onduidelijkheid te krijgen over de getallen en de cijfers zoals die voor de jaarstukken 2022 relevant zijn. Wat zijn nu dan de aanpassingen per heden? Momenteel zitten we niet op een voordeel van 36 miljoen, maar op een voordeel van 37,7 miljoen. Dat is echt puur financieel. In het jaarverslagdeel zijn er eigenlijk geen wijzigingen geweest. Ook misschien qua referentie naar de Auditcommissie van zojuist, dat betekent ook dat de stukken die eerder zijn gedeeld eigenlijk nagenoeg voor 99 procent gelijk zijn aan de stukken zoals die straks gerapporteerd gaan worden, met een aantal kleine financiële afwijkingen. De financiële mutaties, zoals die er nu inzitten, zijn eigenlijk nagenoeg te wijten aan één grote nagekomen post, op basis van een definitieve uitkomst van de verbonden partijen.

3

Ook hebben er nog enkele mutaties plaatsgevonden in de balans, maar die leiden tot op heden nog niet tot een effect op de ratio's. De voorzitter: Ik zie een vraag van mijnheer Stam. De heer Stam: Voorzitter, dank u wel. Een beetje vraag. Hij staat er al bij paragraaf verbonden partijen. In dit stuk staat nu GR Sociaal. Maar we hebben nog een Dienst Gezondheid & Jeugd. We hebben nog een Veiligheidsregio, Omgevingsdienst. Zijn die cijfers ook verwerkt en bekend? Mevrouw Van Kempen: Ja, omdat natuurlijk het proces vrij lang duurde, hebben we uiteindelijk ook de definitieve cijfers mee kunnen nemen van de verbonden partijen. Daar zijn nog aanpassingen voor geweest. De voorzitter: Gaat u verder met uw verhaal. Mevrouw Van Kempen: Als we kijken naar de opbouw van de jaarstukken, kunnen we een splitsing maken in de programmaverantwoording, waar natuurlijk de beleidsverantwoording en de indicatoren inzitten. We hebben een heel aantal paragrafen waarop we verantwoorden en uiteraard de financiële rekening waar zowel de balans en financiële verantwoording en de Sisa-verantwoording inzitten. De Sisa-verantwoording is al wel opgeleverd richting het Rijk. Op 17 juli zijn daarvoor de stukken aangeleverd. Die zijn wel voorlopig plausibel. Dat heeft te maken met het feit dat wij de jaarstukken binnen de raad nog niet hebben vastgesteld en dat er ook nog geen accountantsverslag is.

Maar in principe is dat goed verlopen. Wat zijn nu de relevante gebeurtenissen geweest van dit jaar? Ik denk allemaal bekende posten. De Oekraïneopvang, maar ook de start van het politiek akkoord, nasleep van de corona, ook de hoge inflatie. Misschien wel mooi om te melden dat dit eerste jaarrekening is inclusie het SGD. Dat is in die zin ook een mooie mijlpaal. Dan gaan we door naar de grootste verschillen. Wat denk ik met name opvallend is bij de grootste verschillen, is de vrijval van de stelposten vanuit het Gemeentefonds. Dat zijn met name de middelen die komen vanuit de Septembercirculaire. We zijn niet meer in de gelegenheid geweest om die middelen ook in de organisatie weg te zetten, waardoor er een groot overschot is. Zoals bekend is, zijn er ook veel Oekraïne crisis middelen binnengekomen. Ook die zijn niet meer weggezet. Even kijken. Dan hebben we ook nog de Decembercirculaire ontvangen, wat nog tot een groot verschil heeft geleid. Al met al heeft dat natuurlijk tot een heel groot positief resultaat voor 2022 geleid. De voorzitter: Mijnheer Damen heeft een vraag. De heer Damen: Dan ben ik meteen nieuwsgierig of dat dan eenmalig is of dat de kans groot is dat zo'n positief resultaat ook volgend jaar zich voordoet? Mevrouw Van Kempen: Dat weet je natuurlijk nooit aan voorkant.

Het is natuurlijk wel zo dat vanuit de komende septembercirculaire we natuurlijk niet zo heel veel wijzigingen met de val van het kabinet verwachten. Als we kijken naar de middelen voor de Oekraïne middelen, daar zijn de normbedragen ook wel weer op aangepast vanuit het Rijk. Die zijn lager bijgesteld. De kans dat we daar

4

meer op overhouden, wordt natuurlijk ook wel wat kleiner. Het is natuurlijk altijd lastig om aan de voorkant te bepalen wat de effecten zullen zijn. Maar ik verwacht wel dat in ieder geval het resultaat komend jaar minder zal zijn als dit jaar. De voorzitter: Nog een vraag van mevrouw Van Vugt. Mevrouw Van Vugt-Roose: Dank u wel, voorzitter. Het gaat even over de vorige dia. Er werd gezegd dat het mooie mijlpaal is dat het inclusie SGD is. Maar wij weten hier op rij niet wat SGD ook alweer is. Mevrouw Van Kempen: De Servicegemeente Dordrecht. De voorzitter: Het zijn altijd goede leerlingen die vragen durven stellen. U mag verder met uw verhaal. Nee, mijnheer stam heeft nog een vraag. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. Als ik zo het lijstje zie. Enerzijds ben ik mezelf rot geschrokken van het positieve saldo, 36 miljoen, zeker ten opzichte van de begroting. Als ik kijk naar die nummer 2, die niet bestede Oekraïne crisis middelen. Daar wordt nu ook een voorstel gedaan om dat in een fonds te stoppen. Maar in mijn gedachtegang was dat een soort cashflow, kasstelsel bijdrage. De kosten van het Rijk en dan weer terugbetalen. Maar nu lijkt het alsof het structurele middelen zijn die we van het Rijk hebben gekregen, die we in een fonds kunnen stoppen en over een X-aantal jaren kunnen besteden. Klopt dat? De voorzitter: Zegt u het maar.

Mevrouw Van Kempen: We hebben geen terugbetalingsverplichting richting het Rijk voor de overgebleven middelen. We kunnen ze nu toebedelen aan de gemeente Dordrecht en inderdaad vanuit de bestemmingsreserve daar ook plannen voor ontwikkelen. De voorzitter: Mijnheer Stam heeft een vervolgvraag. De heer Stam: Zijn dat dan vrij besteedbare middelen? Moeten die dan per se voor dit doel worden besteed of kunnen ze ook breder in onze begroting worden ingezet? De voorzitter: Daar komt er een antwoord van degene die het weet. De heer Brouwer: Technisch gezien zijn het vrij besteedbare middelen. Het is een keuze waar je die voor reserveert en niet. De voorzitter: Ik zie een vraag van mijnheer Gündogdu. De heer Gündogdu: Voorzitter, dank u wel. Even kijkend naar de verschillen. Ik kan me nog herinneren dat we vorig jaar op basis van de Europese Unie richtlijnen onze afspraken rondom energieleverantie vanuit Gazprom hebben opgezegd. Dat zou ons meerdere miljoen euro's kosten, had ik me laten vertellen. Komt dat hier nog in terug? Want ik meen dat hij in 2022 is ingegaan. De voorzitter: Mevrouw Van Kempen.

5

Mevrouw Van Kempen: Er is nog geen definitieve besluitvorming over. We weten eigenlijk al wel zeker dat we daar inderdaad een bijdrage voor gaan ontvangen, maar het bedrag is nog niet helemaal helder en wanneer we precies de middelen ontvangen, is ook nog niet helemaal duidelijk. Dat konden we nog niet betrekken bij de jaarrekening 2022. De voorzitter: Ik zie geen vragen meer. Gaat u verder met uw verhaal. Mevrouw Van Kempen: Dan gaan we door naar het weerstandsvermogen en de ratio. Die is nog 1,2. Als we hem vergelijken met de ratio van vorig jaar bij de jaarstukken, dan is dat toch wel een behoorlijke verlaging. Dat heeft ook te maken met de risico's die zijn toegenomen. Op het moment dat de risico's toenemen, heeft dat natuurlijk ook invloed op de ratio. De belangrijkste risico's waarvoor een stijging zit, is voor de jeugdhulp, de cybercriminaliteit en de GBD, vanwege verwachte toename van de WOZ-waarde van no cure no pay bureaus. Voorgestelde budgetoverhevelingen. De budgetoverhevelingen zijn dit jaar wat strakker georganiseerd. We hebben ook als organisatie een beslisboom opgesteld, zodat we daar wat kritischer naar kijken. In voorgaand jaar werd voor het jaarrekeningproces al een raadsvoorstel opgesteld waarin de budgetten zouden worden overgeheveld. Dit jaar heb ik gezegd, we gaan dat betrekken bij het jaarrekening verhaal.

Op die manier hebben we de dit jaar ook invulling aan gegeven. Dat is mede als uitvloeisel van de nieuwe financiële verordening. In de bijlage van de stukken die verzonden zijn, zit ook de bijlage voor de budgetoverheveling. We middelen budgetten over waarvan activiteiten die dit jaar niet meer gepland konden worden en die we toch nog willen realiseren in het begrotingsjaar 2023 om ze over te hevelen naar na dat jaar. Dan komen we tot het voorstel tot resultaatbestemming. Er zitten dan de voorstellen tot budgetoverheveling, waar ik net op doelde. Daar zitten ook een toevoeging aan die bestemmingsreserve, waar net ook al een vraag over gesteld werd voor de middelen omtrent de crisis Oekraïne. Er is een toevoeging aan de algemene reserve van het groenbedrijf van 15 miljoen. Er is een toevoeging aan een nieuw te vormen bestemmingsreserve voor havens en baggeren. Is dat wel echt een technische verschuiving, omdat dat eerst een voorziening was waarvoor de accountant heeft aangegeven dat we eigenlijk niet voldoen aan de criteria voor die voorziening. Daarom dat het nu is overgezet naar een reserve. Het laatste verhaal, de toevoeging en reserve afschrijving is ook een technische constructie. Uiteindelijk krijgen we dan een toevoeging aan het saldo van de algemene reserve stad van 4,6 miljoen. De voorzitter: Mijnheer Damen.

De heer Damen: Wat is het principiële verschil tussen een voorziening en een reserve? De voorzitter: Daar heeft u vast wel een antwoord op. Mevrouw Van Kempen: Een reserve heeft betrekking op eigen middelen en een voorziening heeft betrekking op vreemd vermogen. Middelen die gekoppeld zijn aan derden. De voorzitter: Begrijpt u het, mijnheer Damen?

6

De heer Damen: Nee. Want het gaat om gemeentelijke middelen en die zijn gekoppeld aan derden. Betekent dat dat die derden dan voorwaarden hebben gesteld aan de besteding van die middelen? De voorzitter: Hij staat nog aan. Mevrouw Van Kempen: Het gaat erom van, welke afspraken er zijn gemaakt van hoe je die middelen ook weer gaat besteden. Vanuit de reserve ben je vrij om die middelen te besteden. Vanuit de voorzieningen liggen daar plannen aan ten grondslag en afspraken aan ten grondslag hoe je die middelen moet gaan besteden. De voorzitter: Gaat u verder. Mevrouw Van Kempen: Het vervolg op het proces van de jaarstukken. Op 5 september is de vaststelling in het college. 8 september is het concept, maar ook meteen het accountantsverslag beschikbaar. Dat gaat heel snel, in één dag. Vervolgens worden ze aangeleverd richting de raad, de stukken inclusie het accountantsverslag. Op 12 september is de behandeling nog in het college van het verslag. Op 19 september, waar we natuurlijk met zijn allen naar streven, is de besluitvorming in de raad. De voorzitter: Mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Voorzitter, ik vraag me even af wanneer we dat dan in de commissie bespreken. Nee, dat is college. De voorzitter: Maar het college is ’s middags, mevrouw Koene, of ’s morgens. Dan zou het 's avonds nog in de commissie kunnen. Mevrouw Koene: 5 september? De voorzitter: 12 september.

Mevrouw Koene: 12 september? De voorzitter: Ja. Mevrouw Koene: Gaan we toch niet doen? De voorzitter: Daar gaan wij over met zijn allen en u niet alleen. Mevrouw Koene: Precies. De voorzitter: Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Even voor alle helderheid. Die besluitvorming in de raad, er even van uitgaande dat dat 19 september gebeurt, die gaat over het vaststellen van de jaarstukken, maar ook over de resultaatbestemming? Is dat correct? Mevrouw Van Kempen: Ja, klopt.

7

De voorzitter: Mevrouw Boom. Mevrouw Boom-Vos: Ik begrijp mevrouw Koene haar reactie van, dat gaan we toch niet doen? Ik denk wel dat ook de gevolgen... 19 september is de laatste besluitdatum die wij als raad kunnen doen om op tijd nog aan te leveren bij de provincie. Als wij dat niet doen, dan verzaken wij als gemeente bij de provincie. Dat is iets wat wij als Dordtse VVD zoveel mogelijk willen voorkomen. Ik snap wel de reactie van, dit is niet een normaal proces. We zouden normaal hier in meegenomen moeten worden en als raad een langere tijdsspanne hebben. Dat hebben we niet. Dat is gewoon simpel. Daar zijn we meegenomen al voor de vakantie. Wij hebben zelf zoiets, het getuigt niet van klasse, het getuigt niet van.. Daar zijn allerlei oordelen voor. Wijzelf denken van, laten wij als raad toch de moeite nemen op 12 september, met heel weinig tijd, kijken of dat we daar een oordeel over kunnen vormen om een besluit op 19 september te hebben. Dat heeft toch meer prioriteit. Als we het uitstellen, dan hebben we als gemeente meer problemen dan een raad die weinig tijd heeft. De voorzitter: Mevrouw Koene en daarna mijnheer Damen. Mevrouw Koene: Voorzitter, zonder echt inhoudelijk op elkaar in te gaan zitten hakken. Ik snap het. Ik bedoel, uiteindelijk gaat dat natuurlijk ook zo gebeuren. Maar wij verzaken richting de provincie, omdat het college richting de raad heeft verzaakt.

Dat wil ik dan toch nog wel een keer gewoon extra genoemd hebben. Want ik bedoel, we krijgen het wel een beetje ergens doorheen geduwd. De voorzitter: We hebben het allemaal gehoord. Mijnheer Damen. De heer Damen: Mijn vraag is, wat voor narigheid er op ons afkomt als we verzaken? Want ik heb niet zo'n probleem op zich met verzaken. De voorzitter: Heeft u daar antwoord op? De heer Brouwer: We krijgen dan misschien de provincie op bezoek. We hebben al een bevestiging van uitstel brief gehad waarin ze aangeven dit jaar is goed, maar doe dit nooit meer. Dat is ook onze lijn. Maar het kan betekenen dat je preventief toezicht krijgt en dan gaat ieder besluit wat wij willen nemen, wat afwijkt op de begroting, eerst via de provincie. Dat moet je ook niet echt willen, denk ik. De voorzitter: Mijnheer Stam en daarna mijnheer Van Dam. De heer Stam: Voorzitter, dit antwoord schrik ik wel een beetje van, want volgens mij zit er altijd nog een escape op bij de provincie. Je komt pas onder preventief toezicht als je geen sluitende begroting aanlevert, volgens mij. Dan moet je dat ook nog op meerjarenperspectief doen. Maar daarom heb ik ook in de Auditcommissie, voor degene die niet mee waren, gezegd van, die twaalf stemmen, die beoordeling, laten we dat dan in de gemeenteraad doen, want dan heb je een breder perspectief.

Maar stel dat er partijen zijn die zeggen, wij willen dat niet, we willen dat later doen, die straf van de provincie valt wel mee hoor. Want de provincie wil één ding niet en dat is werken en ons onder preventief toezicht zetten. Die gaan er alles aan doen om ons dan toch nog voor 31 december die mogelijkheid bestaat om die begroting in te laten dienen. Waarmee ik

8

niet wil zeggen dat we dat moeten doen. Maar evenals wat ik in de Auditcommissie heb gezegd, zitten we nu in een bijzonder jaar. Bijzonder in de organisatie late stukken. We moeten wel vertrouwen hebben in de organisatie en het college en in de accountantsrapportage dat dat goedkomt. Ik wil dat best wel steunen. Anderzijds heb ik nog wel een vraag over die 9,4 miljoen, want daar heb ik wel moeite mee dat die nu al in een bestemmingsreserve wordt gestopt. Ik zou er eigenlijk voor willen pleiten om daarop aan te geven van, 9,4 miljoen hebben we eigenlijk vrij besteedbaar. Laten we daar eerst een voorstel van maken van hoe we dat denken te gaan besteden. Of daar een deel voor zit in ontheemden. Want in het raadsvoorstel staat puur ontheemden. Daar schoot ik wel een beetje van in de stress en witte vlekken in mijn nek, omdat we ook met asielzoekers hebben gezegd van, dat wordt allemaal vergoed door het Rijk. Dat is een 100 in, 100 out. Nu zag ik opeens 9,4 miljoen. Ik zie nu in de presentatie staan dat het ook betrekking heeft op Oekraïense mensen. Dat begrijp ik ook nog wel. Maar ik wil wel dan eerst een bredere discussie in de gemeenteraad hebben hoe wij die totaliteit van die 9,4 miljoen dan willen gaan verdelen. De voorzitter: Dat was een heel verhaal. U wil nog antwoord op al die opmerkingen? De heer Stam: Volgens mij heb ik lesgegeven.

De voorzitter: Dat idee had ik ook een beetje. Ik ben ook blij dat u connecties bij de provincie heeft. Mevrouw Van Vugt. Mevrouw Van Vugt-Roose: Ik sluit me graag aan bij wat mevrouw Boom net zei. We hebben veertien dagen tijd om dan echt nog na te denken voor wat we er echt over vinden, want de jaarstukken liggen er gewoon op 5 september. Dat wil ik toch ook namens het CDA hier wel even inbrengen. De voorzitter: Dat is helder. Mijnheer Van Dam, u had nog een vraag? De heer Van Dam Timmers: Voorzitter, toch heel even een korte opmerking over de discussie. Want wat ik ingewikkeld vind, we hebben het hier vorige week best wel over gehad in de Agendacommissie. Daar was alle ruimte om ook de input daarvoor te leveren. Dat heeft eigenlijk geen fractie gedaan. Ik vind het wel ingewikkeld dat dan de discussie over een bepaalde planning hier weer opnieuw gevoerd wordt. De voorzitter: Waarvan akte. Dank u wel. Mijnheer Katif, u heeft ook nog iets. De heer Katif: Ik heb de neiging om te reageren op de heer Van Dam, maar dat is niet de bedoeling. De bedoeling is dat er een technische sessie is. Wij proberen gewoon te kijken, verhelderende vragen naar de ambtelijke ondersteuning. Dat is het. Iedereen mag vragen wat hij wil. Als je het mag herhalen twee keer, doe het dan vier keer. Is je goed recht. De voorzitter: Helemaal goed.

Zijn er nog die vragen hebben? Niemand? Mijnheer Stam, vooruit.

9

De heer Stam: Dan toch even naar aanleiding van mijn vraag zojuist. Vraag ik toch wel aan de collega’s in de raad hoe ze aankijken tegen die 9,4 miljoen en of ze dat breder willen bediscussiëren of daarachter een bestemmingsreserve staat? De voorzitter: Dat gaan we nu niet doen, want dat is politiek en dit is een technische briefing. Dat doen op een ander moment, als daar behoefte aan is. Mijnheer de wethouder, u mag altijd. De heer Heijkoop: Er is net kundig toegelicht hoe dat zit met het jaarrekeningdeel en ook het forse overschot op de Oekraïne gelden. De normbedragen worden aangepast. Dat financiële feest gaan we niet opnieuw beleven. Het uitgangspunt dat de heer Stam benoemt rondom ontheemden en de komst van een azc, die staan vierkant overeind. Het is absoluut niet de bedoeling, dat heb ik ook zo in het college besproken, hebben we ook zo besloten, dat deze reserve wordt aangewend om tekorten op de komst van een azc aan te vullen. Dat gaan we gewoon niet doen. Sterker nog, uitgangspunt is budgetneutraal. We hebben zelfs de formulering gekozen tenminste budgetneutraal. Want ik ga er eigenlijk gewoon vanuit dat we daar hele goede afspraken met het COA over kunnen maken. Die gesprekken lopen goed. Maar daar weet collega Van Benschop meer over.

Wat wel zo is, is dat we deze reserve hebben aangelegd omdat het kan zijn dat je op andere plekken in de stad misschien wat extra's wilt doen wat niet direct met het azc te maken heeft, maar wel met de opvang van ontheemden. Misschien op het gebied van ontsluiting op bepaalde plekken of bepaalde flankerende maatregelen zou willen nemen, dan zou het kunnen dat je die reserve daarvoor dan gebruikt. In die zin is het voorstel om hem herkenbaar te maken dat je er een beroep op kunt doen. Voor de rest is het prima om daar nog het debat over te voeren in de raad, want het staat aan uw raad uiteindelijk vrij hoe je met die 36, 37 miljoen omgaat en hoe je die gaat bestemmen. Maar dit is een beetje de achtergrond van de afweging. Ik wilde de onrust rondom de vraag van de heer Stam wegnemen. Zeker de witte vlekken. Ik hoop dat ze met deze toelichting ook weer wegtrekken. De voorzitter: Dank voor de toelichting, wethouder. De heer Stam: Mag ik reageren? De voorzitter: Mijnheer Stam reageert nog even en dan ga ik denk ik dit onderwerp afronden. De heer Stam: De onrust is nog niet helemaal weggenomen. Waar zit hem dat in? We hebben inmiddels ook vragen gesteld over de komst van een azc. We hebben ook informatie dat het COA eigenlijk niet over zoveel middelen beschikt en dat die dwangwet, die gebruikt is om het azc hier te vestigen, dat die middelen daar ook gekort worden.

Vandaar onze bezorgdheid van, hoe gaan we daarmee om? Wat gaat dat ons als gemeente kosten? Niet dat we geen azc willen of iets gelijks, maar we willen gewoon een helder, transparant verhaal rondom die financiën. De voorzitter: Maar daar gaan we het hier verder niet over hebben, denk ik. De heer Heijkoop: Voorzitter, vanuit het college begrijpen we die vragen en begrijpen we ook vragen met betrekking tot alle ontwikkelingen in Den Haag. Een kabinet dat gevallen

10

is en dergelijke. We zullen de vraag in alle zorgvuldigheid ook beantwoorden en daarover met uw in gesprek gaan. Primair collega Van Benschop, maar ook andere wethouders waar het hun dossier aangaat. We hebben sowieso een collectieve verantwoordelijkheid. Maar die vragen begrijpen we. Daarover gaan we met elkaar in gesprek. De voorzitter: Ik dank u voor die toelichting, want een technische briefing over de jaarrekening is niet het moment denk ik om het over een azc te gaan hebben. Mijnheer Damen. De heer Damen: Mijn vraag is in reactie op wat er net gezegd is van, wordt die bestemming van ontheemden dan voor de commissievergadering wat preciezer beschreven? De voorzitter: Laatste, denk ik. De heer Heijkoop: Voorzitter, het is inderdaad een technische sessie. In die zin ook een redelijk technisch antwoord. Het is een reserve. In die zin moeten we het ook niet te spannend maken. We hebben gemeend van, deze middelen houden we over rondom de opvang van Oekraïners. We zitten in een geopolitieke wereldwijde crisis, waar het gaat over vluchtelingen en ontheemden. We weten gewoon nog heel veel niet. We weten ook nog niet precies wat er op ons afkomt. Daarom hebben we gemeend van, laten we dan deze middelen herkenbaar even opzijzetten.

Mochten we in de toekomst voor uitdagingen gesteld worden waar ook financiën mee gepaard zijn, dan hebben we in ieder geval een herkenbare reserve waar we een beroep op zouden kunnen doen. Waaraan u zou kunnen denken bijvoorbeeld? Stel dat je komt tot de realisatie van een azc, maar voor de buurt is er nog iets nodig, bijvoorbeeld het veilig maken van een fietspad. Wat je eigenlijk niet kan zeggen van, dat gaat over dat azc, maar je wil er misschien wel wat kosten maken. Dan zou het kunnen dat je daar een beroep op doet vanuit zo’n reserve. Waarbij overigens, dat hebben we ook eerder in de raad gedeeld, altijd het uitgangspunt is dat je nagenoeg eigenlijk alle kosten direct en indirect met het COA verrekent. Die gesprekken lopen. Die inhoud kunnen we hier niet bespreken.

De voorzitter: Dank u wel. Ik denk dat we ongeveer kunnen gaan afronden. Er is op 12 september rekening gehouden met eventueel een oordeelsvormende commissievergadering. Maar de vraag is of jullie dat nog willen. Wie wil er dan nog een oordeelsvormende vergadering? Zo ja, dan is het wel prettig als je ook nog politieke vragen of zo erbij hebt. Laten we eerst dit afronden. Dan mag u daarna nog als uitsmijter de technische vraag stellen. Ik zie weinig vingers. Ik stel vast dat we geen oordeelsvormende commissievergadering meer krijgen, maar dat we... Ik zie niemand reageren. Of u bent nog aan het nadenken. Dan geef ik daar nog even. Mevrouw Boom. Mevrouw Boom-Vos: Voorzitter, er wordt niet zo snel gereageerd, denk ik, omdat we ook vooral in twijfel zijn. Qua oordeel denk ik niet dat wij veel kunnen veranderen aan een jaarrekening zelf, maar ik denk dat wij wel voor een oordeelsvormende sessie willen gaan. Vooral ook met de politieke vraag, hoe gaan wij volgend jaar voorkomen dat we in eenzelfde tijdstraject komen dan dit jaar.

11

De voorzitter: Dat is in ieder geval alvast één vraag en ook één partij die zo'n oordeelsvormende vergadering wil. Ik zie mijnheer Van der Meer knikken. Mijnheer Damen, u knikt ook? Uw vraag komt hoor. Dat weet ik. De heer Damen: Ik wil daar op zich ook nog wel de vraag aan koppelen, wat de raad vindt van de resultaatbestemming die er ligt. De voorzitter: Genoteerd? Helemaal goed. Mijnheer Katif. De heer Katif: Ik zal het heel kort houden. Ik sluit me volledig aan bij wat mevrouw Boom zei net. De voorzitter: Prima. We hebben in ieder geval voldoende steun. Er komt op 12 september een oordeelsvormende vergadering. Mochten mensen nog meer ideeën hebben over vragen, kunnen die altijd nog aangeleverd worden. Mijnheer Damen, u mocht nog een technische vraag stellen. De heer Damen: Als ik het goed begrepen heb, gaan die jaarstukken niet alleen over of het financieel allemaal klopt, maar ook over de resultaten die behaald zijn. Daar hebben wij nog een hele serie vragen over. Wij zijn blij dat we die dan 12 september mogen stellen. De voorzitter: Ik denk dat u niet tot 12 september moet wachten, maar die zou ik gewoon via de griffie gaan stellen. Mevrouw Vermeulen gaat na... De heer Damen: Formeel zijn het politieke vragen. De voorzitter: Maar u had het eerst over technisch, maar de politieke zou ik dan opsparen, maar de technische moet u zeker stellen.

Mevrouw Vermeulen heeft nog een aanvullen.

Mevrouw Vermeulen: Er was al een eerdere vragenronde. Daar zit ook wat antwoorden bij. Die worden nog aan het dossier dan toegevoegd, voor volgende keer. Ik denk dat het anders zaak is om alle vragen die hier nog zijn zo snel mogelijk in te sturen, als het een hele rits is, want er is geen extra vragenronde voorzien. De voorzitter: Helder. Mijnheer Heijkoop heeft nog een opmerking. De heer Heijkoop: Voorzitter, even naar aanleiding van de opmerking van de heer Damen. Ik vind het alleen maar heel mooi als de jaarstukken de aandacht krijgen die het verdienen. In de afgelopen vijf jaar was het heel vaak dat de raad wat minder interesse had en dat het vooral ging over de Kadernota. Was ook natuurlijk omdat het tegelijkertijd plaatsvond. Nu zie je dat dat anders gaat. Dat is eigenlijk alleen maar goed. Waarbij ik dan wel even mee wil geven, de jaarstukken gaan inderdaad gewoon over, wat hebben we gepresteerd als gemeente over het jaar op al die beleidsdomeinen? Het is heel goed om daar met elkaar politiek over te spreken. We hebben ook allemaal verschillende portefeuillehouders in het college. Het zou heel waardevol zijn als we een beetje weten

12

welke thema's u wil bespreken, zodat ook wij vanuit het college met de wethouders aan tafel kunnen zitten die het debat kunnen voeren. Want anders zou het zo kunnen zijn, stel dat u heel veel vragen heeft over de prestatie op openbare ruimte of verkeer en ik zit er als wethouder financiën, dan ga ik uw vragen geen recht doen. Dan weten we dat. Het is eigenlijk ook een vraag aan de griffie of enigszins in de agendering dat we daar rekening mee kunnen houden, dat ook vanuit het college daar voor een goede vertegenwoordiging kunnen zorgen. De voorzitter: Des te belangrijker dat die vragen tijdig naar de griffie gestuurd worden. Mijnheer damen. De voorzitter: Ik kan mij ook voorstellen dat waar het gaat om de verantwoording van wat er gepresteerd is door de gemeente dat je dan zegt van, dat tillen we over de vaststelling van de jaarstukken heen en we weiden daar een aparte commissievergadering aan. De voorzitter: Dat vind ik niet zo'n hele schone oplossing, eerlijk gezegd. Ik denk niet dat de jaarrekening daar het ding voor is. Niemand meer die wat heeft te zeggen? Dan dank ik u allen voor uw inbreng en sluit ik de vergadering. 3. Vragenhalfuur Plaatsvervangend voorzitter: de heer Van der Kruijff Raadsgriffier: mevrouw Wepster Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Burakçin (GroenLinks) Dhr. Groenewege (Partij voor de Dieren) Dhr. De Heer (CU/SGP) Mevr. Stolk (VSP) Mevr.

Van Vugt-Roose (CDA) Portefeuillehouders: wethouder M. Burggraaf, wethouder R. van der Linden, wethouder P. Heijkoop, wethouder T. de Jonge, wethouder M. Merx De voorzitter: Ik wacht nog even tot het precies zeven uur is op mijn klok. Maar ik denk, ik ga van tevoren maar alvast bellen, zodat iedereen klaar zit. We hebben veel vragen en we hebben echt maar een halfuurtje. Bij mij is het nu precies zeven uur. Welkom allemaal bij het eerste vragenhalfuurtje na dit reces. We hadden vandaag twaalf vragen in totaal. Dat is lastig om die allemaal te behandelen. Samen met plaatsvervangend voorzitter de heer Van der Kruijff hebben we helaas een keuze moeten maken van vragen die nu aan de orde kunnen komen. De overige vragen kunnen natuurlijk altijd op een andere manier nog onder de aandacht worden gebracht, bijvoorbeeld artikel 40vragen of technische vragen. We vinden het beiden echt jammer dat alle vragen niet aan de orde kunnen komen, maar aan de andere kant is het natuurlijk wel mooi dat we zo kunnen zien dat het vragenhalfuurtje in ieder geval leeft hier in deze raad. Er kunnen vanavond zes vragen aan de orde komen. Ik wil eigenlijk snel naar de eerste vraag gaan. Ik hoop dat iedereen de vraag kort samengevat kan toelichten, zodat we snel naar de

13

reactie vanuit het college kunnen komen. De eerste vraag heeft betrekking op het reclamebeleid. Die is ingediend door de ChristenUnie/SGP. De heer De Heer kan de vraag kort toelichten. Gaat uw gang. De heer De Heer: Voorzitter, dank u wel. Net voor de zomer kregen we de melding dat er met regelmaat direct voor de deur van het Yuverta mbo alcoholreclames in de abri's zichtbaar waren. Afgelopen week werd het duidelijk dat dit niet alleen op die locatie een misser is, want ook op het Leerpark waar meerdere alcoholreclames te vinden in de abri's, waaronder één recht voor het Marnix. Een aantal vragen aan de wethouder. Is de wethouder op de hoogte dat er in Dordrecht alcoholreclames in abri's zichtbaar zijn recht tegenover scholen van minderjarige kinderen? Twee. Is de wethouder zich bewust dat dit in strijd is met de Reclame Code Commissie, die ook geldt in de gemeente Dordrecht? Drie. Is de wethouder het met ons eens dat het, zelfs los van de wet- en regelgeving, ongewenst is om alcoholreclames direct voor scholen te plaatsen? Vier. Wat kan de wethouder doen om ervoor te zorgen dat Qbuzz, die verantwoordelijk is van de exploitatie van reclame in de abri’s, hier direct mee stopt en ook dat dit gehandhaafd wordt? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Wie van het college mag ik het woord geven? De heer Merx, gaat uw gang. De heer Merx: Dank je wel, voorzitter.

We zijn nu in ieder geval op de hoogte van het feit dat dit plaatsvindt. Zijn we ook helemaal niet gelukkig mee. De Reclame Code Commissie heeft samen, het is een zelfregulerend orgaan, met de branche bepaalde afspraken gemaakt. Het is overigens ook zelfregulering. Maar die regels hebben we opgenomen in ons reclamebeleid. Die regels hebben we ook meegenomen in de contracten die we sluiten met degene die die abri's ophangen. Is in dit geval overigens niet Qbuzz, maar Clear Channel. Maar dat doet er niet toe. Dat mag niet. We willen het niet. We treden ook nu op om te voorkomen dat dat nog gebeurt. We hebben vandaag toevallig gecheckt. Die reclames daar zijn in ieder geval weg. We hebben ze aangesproken op het feit dat dat gewoon niet mag, niet kan en dat weten ze ook, want dat staat in de overeenkomst. Even kijken. U zegt, voor het zomerreces hebben we dat gezien. Ik sluit niet uit dat het nog een keer gebeurt. Vergissen is menselijk, maar niet fijn, in dit geval in ieder geval. Mocht iemand dat zien, meld het alsjeblieft meteen en wacht niet te lang daarmee. Want al die dagen dat die reclame dat hangt zijn dagen te veel. De voorzitter: Dank voor het antwoord. De heer De Heer, voldoende of? De heer De Heer: Korte vervolgvraag. Toch ook een beetje over de handhaving.

Is het dan dat we vooral moeten gaan handhaven door inwoners te vragen om dit te melden of zijn er ook andere manieren dat de gemeente hier proactief de komende tijd wat meer bovenop gaat zitten, omdat tegelijkertijd de zorg leeft ook van, hoelang gebeurt dit eigenlijk al? De voorzitter: De heer Merx kort nog.

14

De heer Merx: We hebben de exploitant hier gewoon op aangesproken. Dat is degene die in de eerste plaats verantwoordelijk is. We kunnen niet handhaven in de zin van bestuurlijke boetes of dat soort zaken. We hebben gewoon een privaatrechtelijke overeenkomst. Als deze aanbieder daar te vaak en te veel de hand mee licht, dan houdt het op een gegeven moment gewoon op. Dan gaan we het gunnen aan iemand anders. Dat is de handhaving, tussen aanhalingstekens, die we kunnen doen. Antwoord op de tweede vraag is, dank voor deze vragen ook. Ook onze mensen zullen wat nauwer letten op bij scholen of er toevallig zo'n reclame hangt. Maar we gaan er niet een apart team opzetten of zo. Maar als we er voorbijkomen en we zien het, moeten we gelijk optreden. De voorzitter: Dank u wel. Ik denk voldoende reactie? Ja. Gaan we snel naar de tweede vraag. Dat is een vraag van GroenLinks over armoede. De heer Burakçin kan hem kort toelichten. De heer Burakçin: Voorzitter, dank u wel. Onze vragen gaan inderdaad over toenemende armoede in ons land en in onze stad. Heeft een en ander te maken met het verschenen CPB-rapport dat bepaalde landelijke regelingen binnenkort gaan stoppen. Ik zal het kort houden. Ik ga gelijk door met de vragen, als het college... Tenminste als het kabinet het probleem niet vroegtijdig oplost, kunnen bepaalde problemen ontstaan.

Deelt het college deze zorgen? Zo ja, heeft het college een plan voor als de regering niet ingrijpt om dit schrijnende probleem op te lossen? Aan welke maatregelen denkt het college dan? Onze tweede vraag gaat over kinderarmoede. Als er armoede speelt, worden kinderen altijd natuurlijk in meegezogen. Nu dat de scholen weer zijn begonnen, maken we ons toch zorgen over de kinderen die mogelijk niet voorzien worden van bepaalde spullen. Wij hebben daar natuurlijk de nodige maatregelen voor. Onze vraag aan het college is, is het college bereid om de komende periode in kranten en op social media en scholen actief meer publiciteit te geven om de ouders te informeren over de mogelijkheden die erin zijn en waar mogelijk meteen ondersteuning te bieden? Tweede vraag is, welke andere mogelijkheden ziet het college om belemmeringen voor het benutten van deze voorzieningen weg te nemen? Zijn daar bij andere gemeenten bruikbare ervaringen mee opgedaan. Dat was hem, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Een vraag volgens mij voor de heer Heijkoop. De heer Heijkoop: Voorzitter, dank u wel. De zorgen van de heer Burakçin worden gedeeld vanuit het college. U refereert aan het rapport van de Commissie Sociaal Minimum.

Die zijn kort voor de zomer gekomen met een rapport waaruit blijkt dat heel veel gezinnen erdoorheen zakken als er geen aanvullende beleidsmaatregelen vanuit het Rijk worden genomen. Die commissie is aan de slag gegaan op verzoek van het kabinet, omdat er al langere tijd onduidelijkheid was van, wat is voldoende om van rond te komen in de verschillende situaties? Na de zomer, hopelijk nog deze maand, de komende maand komt deze commissie ook nog met een tweede deel. Dat ziet veel meer op structurele verbeteringen. Aan welke knoppen moet je ook structureel draaien? Hoe moet je de toekomst van het toeslagenstelsel zien, het fiscale stelsel? Maar ze hebben al voor de zomer het eerste deel van het rapport opgeleverd. Aanvankelijk zou het één rapport zijn, maar ze hebben nu in tweeën geknipt. Juist, dan kom ik bij de beantwoording van vraag één, om het kabinet in de gelegenheid te stellen om te

15

handelen. Want dat moet daar wel gebeuren. Op dit moment zijn een aantal grote maatregelen weg per januari. Denk aan het energieplafond, denk aan de energiebelasting, denk aan een aantal aanvullingen op toeslagen. Het kabinet buigt zich daar nu over in het kader van de augustus besluitvorming. Bij Prinsjesdag moet duidelijk worden welk pakket dat is. Dat wat moet gebeuren staat al vast. Dat er wat gaat gebeuren, staat ook alvast. Al is het alleen maar omdat er een breed aangenomen motie in de Kamer... Dat die motie breed is aangenomen. Of het voldoende is, weten we niet. Wat we wel weten, is dat we vanuit de gemeente Dordrecht dat niet kunnen compenseren als het gaat over de impact van deze maatregelen. Dat zou op de Dordtse begroting over vele tientallen miljoenen gaan. Bovendien is dat echt inkomenspolitiek die aan het Rijk is voorbehouden, maar dat gaan ze wel doen. Waar wij in Dordrecht van zijn, dat kent u ook, dat is natuurlijk het Armoedeprogramma. Alle voorzieningen, alle regelingen vanuit het Armoedeprogramma. We zien dat dat programma eigenlijk goed werkt. Doet wat het moet doen. De grootste uitdaging blijft toch wel zitten in het bereik en het vinden van mensen, met name gezinnen en kinderen, om hen te kunnen ondersteunen. We zijn nu bezig met het voorbereiden van een campagne. Dat wordt een andere campagne dan anders.

Niet even eenvoudig wat advertenties plaatsen en van, dit is er. We zijn echt met mensen uit de doelgroep, met ervaringsdeskundigen zijn we nu echt aan het kijken van, hoe kunnen we jullie bereiken, hoe kunnen we mensen, kunnen we gezinnen bereiken ook die niet op een normale manier te bereiken zijn, omdat ze laaggeletterd zijn, de taal niet spreken, geen toegang hebben tot bepaalde voorzieningen, wat dan ook? Daar willen we binnenkort mee komen. Dat gaat u ook zeker merken. Ik hoop ook dat in alle gemeenschappen in Dordrecht dat doordringt. Scholen worden daar heel nadrukkelijk bij betrokken. Verenigingen worden daar heel nadrukkelijk bij betrokken. Die vindt plaats en krijgen een nog belangrijkere rol. In het najaar gaat die campagne lopen. Als het gaat over de huidige regelingen, wat kunnen we daar ook aan doen, vraagt u? Ook leren van andere gemeenten. We zien dat we met de Dordtpas een uitermate succesvol instrument hebben, als je gewoon kijkt naar de cijfers. We hebben een bereik, als je kijkt naar het kindtegoed, tussen de 90 en de 99 procent. Dat is ook op nationaal niveau, regionaal niveau echt heel erg hoog. Dat gaat redelijk goed. Maar toch willen we nog goed kijken naar groepen die we niet bereiken. We hebben het in het verleden in het kader van het Armoedeprogramma ook wel over gehad, dat zijn ouderen en dat zijn gezinnen en kinderen met name.

Daar kunt u aanvullende actie op verwachten vanuit het college. Over ik denk een maand of twee gaat die campagne echt starten. De voorzitter: Dank u wel. Uitgebreid antwoord. Is het voldoende voor de heer Burakçin? De heer Burakçin: Ja hoor. De voorzitter: Ja? Mooi. Dank u wel. Dan gaan we naar de derde vraag. Die is van de VSP. Die gaat over de Biesboshal. Mevrouw Stolk, kunt een toelichting... Ik vergeet hem. Sorry, dat was vraag vier. Het spijt me. Ik ga eentje te ver. Ik heb eerst nog een vraag van de heer Groenewege van de Partij voor de Dieren. Sorry dat ik u oversloeg. Kunt u uw vraag kort toelichten? De heer Groenewege: Zeker. Dank u wel. Mensen die aan het Bagijnhof wonen, hebben de laatste tijd heerlijk groen en rustig gewoond. Door het bewegende bos dat hier

16

tijdelijk geparkeerd stond, hadden zij eventjes geen last van het drukke verkeer, foutparkeerders en overlastgevende passanten. De coffeeshop aan het Bagijnhof trekt helaas niet alleen rustzoekers aan. Nu het bos weer weg is, is de overlast voor bewoners helaas weer terug. De Partij voor de Dieren vindt dat het college bewoners niet in deze situatie kan laten zitten, maar moet ingrijpen. Bijvoorbeeld door de straat niet zo aantrekkelijk of toegankelijk te maken voor automobilisten en/of door de straat ingrijpend te vergroenen. Is het college daartoe bereid? Zo ja, op welke manier? De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Een vraag voor de heer Merx, denk ik? Niet? Voor wie dan? De heer Van der Linden. De heer Van der Linden: Dank. Het bewegende bos. Het bos beweegt natuurlijk niet voor niks ergens heen. Het landt ergens om te kijken, hoe wordt het beleefd? Het wordt heel positief beleefd. Maar ook, kun je hier met de ervaringen die we opdoen, iets permanents van maken? Dat doen we eigenlijk ook met bijvoorbeeld met zoiets als een fietsvlonder. Je kan ook meteen zeggen, we leggen ergens een parkeerplaats aan voor fietsen. Maar we testen eerst uit, past dit eigenlijk wel in een drukke binnenstad als Dordrecht, waar je ook ruimte wil houden voor auto parkeren, ook voor lopen enzovoorts.

Een aantal fietsvlonderplekken hebben we veranderd in permanente plekken voor fietsparkeren. Zo is eigenlijk ook de bedoeling dat het wandelende bos of het reizende bos gaat functioneren. We zien plekken waar het een kans heeft. Daar laten we het een tijd staan om te kijken, wat doet dit met de parkeerbewegingen, maar ook met ruimtegebruik en woonbeleving. Hier is het allemaal heel goed gelukt. We hebben daar heel goede feedback op gehad. De bedoeling is ook dat we drie van de acht parkeerplekken in dat parkeervak in dat toch wat kleine straatje omvormen tot groenvakken. Daar gaan we binnenkort mee verder. Er zijn een paar bakken achtergebleven om sowieso iets meer groen te houden daar. Op termijn, we nemen dit mee in de Mobiliteitsvisie die we aan het ontwikkelen zijn om ook te kijken, hoe ga je op langere termijn met de autoluwe binnenstad om? Die willen we natuurlijk uitbreiden. Dan nemen we dit ook mee. De voorzitter: De heer Groenewege nog een aanvulling? De heer Groenewege: Ja. Ik heb nog geen oplossing gehoord voor de foutparkeerders. Want als het probleem is foutparkeerders, dat los je niet per se op door parkeerplekken te verwijderen. Wellicht kan er dan op die plek vaker gehandhaafd worden of anderszins. De voorzitter: De heer Van der Linden. De heer Van der Linden: Foutparkeren. Dan is de oplossing handhaven. Of het daar vaker moet dan elders, weet ik niet.

We hebben natuurlijk heel vaak mensen die foutparkeren. We weten natuurlijk dat de omgeving daar ook wel vaak bezocht worden door mensen die even snel uit de auto stappen, iets gaan halen bij de coffeeshop en dan weer doorrijden. Dat heeft natuurlijk wel de aandacht van handhaving. Ik kan u niet toezeggen dat we nog meer of nog frequenter gaan handhaven, maar dat dit een vraag is, is duidelijk. We hebben er ook al met de bewoners over gehad. We is onder andere collega De Jonge en ik. We zijn een paar momenten geweest daar dat er inderdaad best veel

17

meldingen zijn van niet helemaal passend rijgedrag, maar ook wat fout parkeergedrag soms. Daar handhaven we op. De voorzitter: Dank u wel voor de nadere toelichting. We gaan naar de volgende vraag. Die is nu wel van de VSP. Mevrouw Stolk. Die gaat over de Biesboshal. Kunt u hem kort toelichten? Mevrouw Stolk: Voorzitter, dank. Voorzitter, de VSP heeft kennisgenomen van het vierdaagse cultuurevenement die plaats zal vinden in september in de Biesboshal. Enige tijd geleden hebben diverse partijen een plan ingediend voor de invulling van de Biesboshal. Deze zijn vervolgens allemaal afgewezen, vanwege het niet voldoen aan de bouwenveloppe. Kunt u aangeven hoe het aanstaande evenement zich verhoudt tot de procedure? Wat is hiervan de stand van zaken? Welke invulling gaat het pand krijgen? Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel voor de korte toelichting. Mevrouw De Jonge. Mevrouw De Jonge: Dank u wel, voorzitter. Dank ook voor de vraag. Zoals u ook schetst, klopt het inderdaad dat eind ‘21 we de procedure voor verkoop dan wel verhuur hebben moeten stopzetten, omdat er geen partij aan de bouwenveloppe voldeed. We moesten de procedure opnieuw gaan opstarten. We moesten natuurlijk ook even goed kijken, wat is er niet goed gegaan en hoe moet je dat in de nieuwe procedure wel heel goed gaan weergeven. Ik neem u gelijk even een beetje mee in de stand van zaken ook.

Wat er toen is gebeurd, is dat we te maken kregen met de werkzaamheden aan de kade, in het project Stadswerven. Dat leverde vertraging op, al voordat we konden starten. Daar is vervolgens ook nog de ontwikkeling van Wantij-West bijgekomen. U heeft aan het begin van dit jaar denk ik dat Wantij-West vastgesteld, waar duidelijk is geworden dat we andere bouwopgaven gingen afspreken met de ontwikkelaar dan dat voorheen geldig waren. Dat leidde ertoe dat we weer met ontwikkelaar in gesprek moesten over de bouwenveloppe, want die had het eerste recht. We hebben in april te horen gekregen dat die daarvan afziet. We hebben het nu in eigen hand gekregen om de procedure weer te kunnen gaan starten. Daar zijn de eerste stappen voor genomen. We hopen echt de komende maanden even goed ons huiswerk te doen, goed te gaan definiëren van, hoe gaan we het uitvragen? Maar ook wel met de vrijheid dat we ook wel weer willen uitlokken van, wat is er mogelijk? Want de markt is heel creatief en heeft de ideeën van, hoe zouden zij daar nu een mooie functie in de omgeving van de Stadswerven van de stad willen doen? We hopen dat we eind van het jaar, begin van volgend jaar weer naar uw raad kunnen komen om aan te geven in ieder geval hoe we de uitvraag willen doen, de procedure willen laten lopen. Mevrouw Stolk: Voorzitter, nog een korte aanvullende vraag. De voorzitter: Dank u wel.

Een korte aanvulling nog. Mevrouw Stolk: Deze procedure heeft natuurlijk niet de schoonheidsprijs of verdient niet de schoonheidsprijs, laat ik dat zo even zeggen. Ik zou wel graag willen dat het college hier lering uit trekt en niet alleen... Nee, ik moet het anders zeggen. Dat je ook degene die de plannen ingediend hebben, meeneemt in je procedure. Want je vraagt eigenlijk als politiek, doe iets, stuur iets in en mensen of ondernemers of stichtingen gaan

18

daarmee aan de slag. Vervolgens voldoen ze niet aan de bouwenveloppe. Dat had je van tevoren natuurlijk al kunnen bedenken. Trek daar lering uit en neem ook de mensen die die plannen ingediend hebben mee in je procedure, want anders krijg je dadelijk niemand meer zo gek om een plan in te dienen, want daar zit tijd en geld in. De voorzitter: Dat is een lange vervolgvraag. Maar heeft u daar nog een reactie op? Mevrouw De jonge: Heel kort. Zeker, ik neem notie van uw oproep. We moeten altijd breed uitvragen. We mogen natuurlijk nooit een partij bevoordelen, in dit geval. Maar de contacten zijn er nog en we zullen hen ook proactief weer informeren dat we gaan starten. Er is een evaluatie geweest. Daar bent u als raad ook over geïnformeerd, begin van ’22. Nogmaals, die gaan we ook weer erbij pakken. Ook wat we in het afgelopen jaar hebben geleerd met andere processen, nemen we ook mee. Dank voor uw aandacht. De voorzitter: Dank u wel. Dan blijf ik bij mevrouw Stolk voor de volgende vraag. Die gaat over de Mariastraat. Kunt u die kort toelichten? Mevrouw Stolk: Voorzitter, even over de Mariastraat. Menig bewoner van Dordrecht ziet dat de Mariastraat in Nieuw-Krispijn op de nominatie staat om gesloopt te worden. Afgelopen week zijn er doeken aan de hekken gehangen om een beetje meer sfeer te geven.

Deze woningen staan al een jaar leeg en zijn, zoals de VSP opmerkt, voor de sloop bestemd, maar gesloopt wordt er niet. Het zijn woningen van Woonbron. Als VSP vragen wij ons af waarom ze nog niet gesloopt zijn en waarom is de nieuwbouw nog niet gestart? De VSP wil dat er gebouwd wordt en niet, zoals het nu gaat, dat het stagneert. De VSP heeft de volgende vraag aan de wethouder, waarom zijn deze woningen niet langer verhuurd? Is al bekend wanneer er gebouwd gaat worden? Wat kan het college hier voor invloed op uitoefenen? Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank voor de toelichting. Wie van het college mag ik het woord geven over deze vraag? De heer Heijkoop. De heer Heijkoop: Voorzitter, dank u wel. Mevrouw Stolk legt zeer terecht de vinger bij de zere plek. Ik vind het echt een volkomen logische vraag als je ziet hoelang daar al eigenlijk niets gebeurt. Dat is ook het college een doorn in het oog, want ook wij hebben de nodige bouwambities. Met uw raad hebben we ook afgesproken dat we daar tempo mee willen maken. Wat hier speelt, dat is het volgende. Het zijn inderdaad woningen van Woonbron. Het is best wel een mooi project. Ook wel een groot project. Er komen ook extra sociale huurwoningen, totaal 143. In het kader van de Wet natuurbescherming is daar een ontheffing nodig van de Omgevingsdienst. Dat doet de Omgevingsdienst Haaglanden.

Die aanvraag is gedaan vorig jaar november. Bij de normale termijnen zou er in principe in februari groen licht moeten komen. Nou is het zeer ongebruikelijk dat de normale termijnen gehaald worden door de omgevingsdiensten. Het is gewoon gebruikelijk dat dat niet halen en dat er automatisch ook weer verlenging achteraan komt. Dat gebeurt trouwens bij alle omgevingsdiensten. Worden we natuurlijk niet blij van, maar is wel de realiteit. Maar dan nog steeds had gewoon binnen het normale traject in mei die vergunning er echt moeten liggen, medio mei. Toen was er nog geen begin van een ontheffing te bespeuren. Toen kreeg ik in juni ook bericht van Woonbron van, college, wethouder, help. Ik heb daar toen met de gedeputeerde Wonen ook over

19

gesproken van, dit is echt een belangrijk project. Ook de provincie vindt dat. Die heeft er toen voor gezorgd dat hij op de urgentielijst bij de Omgevingsdienst kwam, zodat hij met voorrang behandeld zou worden. Want zodra die ontheffing er is, wordt gelijk het gebied gesaneerd, gesloopt en kan de bouw beginnen. Daar is het echt wachten op. Ik heb vorige week de gedeputeerde nog even gesproken, want we zijn er nog steeds niet. Sterker nog, er kwam een wat formalistische brief van, we hebben het heel erg druk. U bent echt de eerste waaraan we gaan werken, maar het is nog niet zover. We hebben nu een spoedgesprek aangevraagd, dat gaat deze week plaatsvinden. Met de gedeputeerde, met de provincie hebben we een goed contact. Ik heb ook het ministerie geïnformeerd. De minister is ook betrokken, omdat dit soort projecten ziet hij op verschillende plekken in het land niet goed gaan. Dan hebben we niet over bouwkosten, we hebben het niet over allerlei andere zaken. Nee, we hebben het gewoon over onze eigen overheid, namelijk een Omgevingsdienst die er helaas niet in slaagt om tijdig een ontheffing af te geven. Ik ga ervan uit dat het echt een dezer weken helemaal rondkomt. Mocht dat niet zo zijn, dat hebben we ook afgesproken onder andere met de gedeputeerde en minister, dan gaan we nog een keer bovenlangs om alles op alles te zetten, want dit is een heel belangrijk project.

De druk op dit project wordt steeds groter, want de prijzen stijgen. Het wordt moeilijker om het te realiseren, maar het gaat lukken. Maar waar u ook terecht een punt op maakt, de leefbaarheid wordt er ook niet beter op. Je kan er wel doeken ophangen, maar het wordt echt geen gezellige boel daar. Het moet nu gewoon heel snel gaan starten. Maar het heeft echt onze nadrukkelijke aandacht en wij delen uw zorg en ook de urgentie die u daaraan geeft. De voorzitter: Dank u wel voor de antwoord. Ik neem aan voldoende? Ja? Prima. Dan gaan we naar de laatste vraag. Die is van het CDA. Eens even kijken. Een vraag over de Dordtse wielerronde. Mevrouw Van Vught gaat hem toelichten. Mevrouw Van Vugt-Roose: Dank u wel, voorzitter. Het CDA heeft begrepen dat het evenement van de lokale wielervereniging, de DRC, de Dordtse Renners Club De Mol niet doorgaat. We nemen aan dat het college daar ook kennis van heeft genomen, maar we willen daar toch wel graag de bevestiging op. Ook wordt er gesteld dat de gemeente niet heeft meegedacht om dit evenement in stand te houden. In hoeverre kan het college dit beamen of ontkrachten? In het verlengde hiervan, mogen we erop rekenen dat ook de lokale evenementen met net zoveel inzet worden ondersteund als de evenementen die vooral georganiseerd worden voor mensen van buiten Dordrecht. In dit kader als voorbeeld de Tour de Femmes. Dat was hem.

De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Ik denk de heer Burggraaf. Andere naam. Gaat uw gang. De heer Burggraaf: Bedankt, voorzitter. Het is een evenement, vandaar, maar het had inderdaad net zo goed de wethouder sport, de heer Merx, kunnen zijn. Maar daar hebben we het ook samen over gehad. Want we vinden sportevenementen voor de stad heel erg belangrijk. Ik ben erg blij met de vraag van het CDA, zodat we ook een kans hebben om in dit geval even de andere kant van het verhaal te laten horen. Vrij eenzijdig heb ik die tot nu toe voorbij horen komen. Evenementen vinden we belangrijk voor de stad en lokale gewortelde evenementen al helemaal. Dat ziet u terug in alle efforts die we steken in evenementen als Dordt in Stoom, Big Rivers et cetera. Daar is dit evenement er zeker ook één van. Waarvan ons al bij de vorige editie bekend was dat ze worstelden met

20

voldoende vrijwilligers om het evenement te organiseren. Een lastige opgave om een route et cetera uit te zetten. We hebben in september, of tenminste we, dan is het ons evenementenbureau die we hebben ingesteld om evenementenorganisatoren te helpen. Die hebben direct in september vorig jaar contact opgenomen met de organisatoren om te vragen, hoe kunnen wij u assisteren? Toen was de boodschap, we zitten nu eerst met de worsteling, kunnen we genoeg mensen vinden die de schouders eronder kunnen zetten om het evenement te organiseren? Dat was toen ook al bekend dat één van de twee organisatoren zei van, ik kan het niet meer langer dragen. De ander zei, ik ga op zoek naar iemand anders. Daar is continu contact over geweest. Eigenlijk begin vorig jaar al het nieuws van, het lukt ons niet om voldoende vrijwilligers te vinden. Vervolgens hebben we ook wel aangegeven dat we tijdig moesten weten als we wel een route zouden hebben welke dat zou zijn, omdat we ook weten dat er inderdaad veel wegwerkzaamheden in de stad zijn. We hebben daar altijd ook open over gecommuniceerd van, dat wordt wel een puzzel, maar daar gaan we er graag bij ondersteunen om te kijken hoe je toch zo'n route neer kan zetten. De uitgestoken hand is daar. Volgens mij zag ik ook ergens het bericht weer dat misschien toch weer een poging wordt gedaan of het volgend jaar opgepakt wordt. Ik hoop het van harte.

We zijn erg blij met de Tour de Femmes. Het fietsen en het sport en bewegen vinden we erg belangrijk in de stad. Daarom was het ook zo mooi om te zien dat de avondvierdaagse natuurlijk dit jaar door ondernemers is opgepakt. Die zaten natuurlijk ook met een enorm vrijwilligersprobleem. Die hebben de schouders eronder gezet om dat evenement weer op de kaart te zetten. Hebben we ook erg veel bij geholpen. Hopelijk zijn er mensen die ook dat voor deze wielerronde doen. Dan kunnen ze de gemeente aan hun zijde vinden om hen daar te ondersteunen om het evenement mogelijk te maken. De voorzitter: Dank u wel voor het antwoord. Mevrouw Van Vugt, voldoende? Ja? Mooi. Dan zijn we in ieder geval binnen de tijd gebleven. Ik wil u danken voor uw aandacht en een prettige vergaderavond te wensen. 4. Kennisnemen van en beschikbaar stellen van een krediet Evenementen in december – Raadsvoorstel Voorzitter: mevrouw Van Vugt-Roose Raadsgriffier: mevrouw Vermeulen Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Van den Berg (CDA) Dhr. Droog (CU/SGP) Mevr. Van Engelen (GroenLinks) Dhr. Hartmeijer (SP) Dhr. Den Heijer (VVD) Mevr. Van Herwijnen (Partij voor de Dieren) Mevr. Koene (Gewoon Dordt) Mevr. Lammens-Oostdijk (VVD) Dhr. Van Pelt (Forum voor Democratie) Dhr. Safranti (DENK)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/581/documents/26053