2.4 Notulen Gemeente Dordrecht Commissie Sociale Leefomgeving 28 september 2021 - getekend.pdf
Tekst van het document
En waarbij ook vaak niet aan de voorkant ook al die andere mensen die betrokken zijn bij het systeem van het kind ook daar input van wordt gevraagd om aan de voorkant een goed beeld te krijgen. En wat bij mezelf ook bleef hangen was de vraag van, oke als we nu zien dat er een zorgvraag is van een kind of van een ouder, in hoeverre weten we dan ook of die zorg ook beschikbaar is? Want dat zie je ook heel veel. Even in een simpel geval dat een kind gewoon een plek buitenshuis nodig heeft. Je ziet vaak dat kinderen naar drie of vier tijdelijke adressen worden versleept voordat ze op het goede adres komen. En dan zijn er alweer een aantal trauma's bij gekonnen voordat het kind op de goede plek is. Dus dat zijn dingen die bij mij na vanavond bleven hangen. De voorzitter: Oke, dank u wel. Nou, wethouder Mevrouw Nijhof: Voorzitter, mag ik nog iets zeggen tegen de mensen aan de overkant die in die zin de twijfel hebben over ... Want nnisschien zijn wij wel niet duidelijk genoeg geweest in de voorbereiding en ook in wat wij hier Hoe wij deze avond en waaronn wij deze avond laten we zeggen voorbereid hebben. Waar het vooral over gaat is dat de zorgvrager hierover gehoord gaat worden. Dus precies wat u zegt zeg maar, dat zal ook gebeuren. Dit was gewoon een oefening met data.
Maar waar we natuurlijk ook al heel lang gewoon geen zicht op hebben, is wel dat we weten dat er gewoon bepaalde ouders knel zitten. Maar we weten niet hoeveel en dat we eigenlijk de informatie juist van de
19
zorgvrager niet hebben. En dat nu de bedoeling is om die dus door middel van deze methode wel te krijgen, om die dus mee te nemen in het hele plaatje.
De voorzitter: Oke. Nou, het is denk ik goed om onze wethouder nu ook even het woord te geven. We willen als commissie toch ook erg benadrukken dat we het sannen met elkaar doen. Dus nou, ga uw gang. De heer Van der Linden: Ja, dank. Ik zal proberen het kort te houden, want het is ook een lange avond. Misschien eerst even ... want het ging in de voorbeelden vaak over jeugd, maar het gaat natuurlijk over het hele sociaal donnein. En vorige week, twee weken terug, kwam een rapport uit waaruit bleek dat we als samenleving nu, als je over alle zorg praat, honderd miljard per jaar uitgeven. En dat is heel veel geld. En het wordt elk jaar meer. We worden ook steeds ouder en de innovatie gaat door, enzovoorts. Maar de conclusie van het rapport was ook, ergens kan dat niet heel veel verder gaan. Want alleen al gezien de handen die we hebben allennaal. Dus ergens moet je de rand van het zwem bad verkennen en ook bepalen wat het nou precies is. En dat heb ik ook steeds als gevoel als we het over jeugd hebben, in mijn geval dan. Ik heb een paar vrienden die werken in het jeugd in het sociaal domein. En ik had het er laatst met een paar vrienden over. En eigenlijk leven we in een rijk land waarin heel veel geld beschikbaar is voor jeugd, ook in onze regio. Er is veel geld beschikbaar. Maar als ik ga tellen door heel het land heen.
Ik ken bijna geen gemeentes waar ze zeggen, het gaat zo lekker. Ik heb echt wanhopige wethouders gesproken de afgelopen jaren die echt zeggen, wat moet ik nu nog dicht doen. De bieb is at dicht, het theater is al dicht. Ik wil meer geld voor het sociaal donnein en ook voor jeugd, maar ik weet niet waar ik het vandaan moet halen. Nou ik heb ook, jullie ook, ouders en ook gezinnen gesproken die zeggen, ja, waar haal ik dan de hulp vandaan? Ik heb zestien mensen gesproken, maar ik word nog steeds niet geholpen. Naast het feit dat er ook heel veel mensen wel geholpen worden. Dat juist die kwetsbare, moeilijke, connplexe gevallen gaat het niet altijd goed. Ik heb ook professionals gesproken die zeggen, nou ik ben in dit vak gaan werken omdat het fantastisch is en mooi. En het is ... Het was dertig jaar geleden at ingewikkeld, en sonnnnige dingen zijn nnakkelijker geworden, maar andere dingen zijn moeilijker geworden. Kortonn, heel veel geld, een rijke samenleving die er ook wel wil staan. En aan alle kanten is het moeilijk. Nou daar moet je uitkomen. En dat begint denk ik met dit soort gesprekken, ook over politieke moraal. Wat willen we he. Iedereen zegt altijd, nee, geen kind tussen wal en schip. En dat is ook zo, daar staan we voor. Maar betekent dat nou precies en wat betekent de duiding van de Jeugdwet die een rol bij de ouders legt en een rol bij de overheid legt.
Daar hebben we, ja, je kan het afbakeningen noemen. En eigenlijk vind ik afbakeningen, dan zoek je weer de rand van het zwembad op. le zou eigenlijk meer naar het midden moeten. Wat betekent het nou eigenlijk om gezond en veilig en kansrijk op te groeien. Dat betekent voor elk gezin wat anders en ook voor elke jeugdige wat anders. Nou en dan begint het ook met de mogelijkheden die we hebben. Tegelijk begint het ook wel met ... Een paar van jullie vooral, en ook Piet, die zeiden ook van, ja, het is best ingewikkeld, want je gaat in de schoenen staan die je eigenlijk niet hebt, die van de professional bijvoorbeeld of die van de zorgverlener. Professionals moet je maximaal de vrijheid geven om te doen wat nodig is. En tegelijkertijd hebben die ons ook nodig. Die professionals die krijgen natuurlijk ook veel
20
kritiek. En als de overheid, in ons geval de gemeente, er niet in slaagt om goed te fornnuleren wat we wel en dus ook wat we liever niet zien, dan blijft zo'n professional ook beetje zwemnnen. En die staat ook onder druk, enzovoorts. Dus het helpt wel als wij heel duidelijk zijn in wat we wel willen en dan ook in wat we niet willen. Nou en dan mag je ook van die professional vragen dat hij gewoon nnaximaal levert. En dat gaat ook een keer leiden tot een verordening. Ik ben heel blij dat we deze periode een aantal dingen hebben kunnen doen waardoor we die rol van de raad, rol van de lokale gemeente weer centraal kunnen stellen. Die is nog niet helemaal klaar. Ik denk dat de verordening het laatste stuk is en dat je dan daarna na het overgangsjaar volgend jaar zelf aan de bak bent. En er gaan ook verschillen komen tussen de gemeentes in onze regio. Maar ik hoop wel dat we ook allemaal wel ongeveer hetzelfde niveau en dezelfde ambitie kunnen blijven waarnnaken, want we hebben elkaar ook nodig. Tot zover. En dank voor de ... De voorzitter: Oke. Dank u wel. Dan nog even voor die verordening, die nieuwe verordening. Is dat nog lets waar deze raad nog wordt bij betrokken? Of is dat voor de nieuwe raad? De heer Van der Linden: Volgens mij gaan we binnenkort nog praten over de planning. Maar ik zou willen.
Kijk, we hebben dus de financiele solidariteit afgeschaft, waardoor jullie dus, de raad, er zelf over gaat. Natuurlijk met een afbouwtermijn. De beleidsvrijheid of de beleidsverantwoordelijkheid is meer naar ons gegaan. We blijven sannenwerken op inkoop. Ik zou wensen dat deze raad nog de nieuwe verordening kan vaststellen. En ik zou hopen Kijk, ik snap de ambitie hoor, en het mooiste is een verordening sociaal domein waarin je alles goed kan schakelen, enzovoorts. Maar ik zou wel hopen dat we in ieder geval voor het domein jeugd een zodanige heldere verordening hebben dat die goed aansluit bij de rest van de regio en de rest van het land, maar dat je ook zekerheid en duidelijkheid kan bieden. En ik denk dat dat ook moet kunnen. Er is nog ... We gaan nog een memo sturen deze week met een paar data die nodig zijn. Ja, en dan is het natuurlijk ook aan de discussie in de raad, in de commissie allereerst, of dat gaat lukken en welk ambitieniveau je daaraan vasthangt. En ik snap de behoefte om met veel warme data, enzovoorts er een groeimodel van de te maken. Het is nu niet aanbevelenswaardig om elke drie maanden nog eens een keer een update te maken. Ik zou hopen dat we zo compleet mogelijk deze periode een verordening kunnen afronden. De voorzitter: Oke, dank u wel. En dan kijk ik nog even naar de heren van 4Vitae.
JuHie hebben toegezegd om voor de 125.000 burgers die kunnen lezen, dat jullie een verslag gaan maken. En dat zal binnen drie-vier maanden zeggen jullie. Binnen een week. De heer Van Garderen: Binnen vier weken. De voorzitter: Binnen vier weken. Oke, en dat komt dan ook naar deze commissie toe. De heer Van Garderen: [buiten nnicrofoon]. De voorzitter: Ja.
21
De heer Van Garderen: [buiten microfoon]. De voorzitter: Oke. De heer Van Garderen: [buiten microfoon]. Hiermee kun je in principe zicht krijgen op hoe aanbieders de problennen waar ze in het sociale domein achter komen aan het oplossen zijn. Dus je krijgt zicht op, lossen ze het op. En dat is wat anders dan, hoe doen ze het en wat kost het en hoeveel zijn het er? Het gaat nneer over, welke problemen ontstaan er, komen in beeld? En worden die opgelost door die professionals die zo heel veel ruimte krijgen. Maar je gaat je burgers gebruiken, je clienten, als toezichthouder op helpt dat ook. En ik snap dat dat een andere manier, precies andersonn van denken is. Maar dat is ... Ik weet niet of ik het goed zeg, Arno. Maar dit is mijn kortste manier om het te zeggen. Je krijgt zicht op het oplossend vermogen van de professionals. En dan kunnen jullie dus zien of het wordt opgelost, of er leed wordt toegevoegd, of het niet oneindig duur is en niet helpt. Dat zijn dingen die je dan hier kunt van, vorig jaar was het nog zo, we hebben dat nogmaals besproken, is het nu
anders geworden. De voorzitter: Oke, duidelijk. En dan vraag ik gelijk aan de wethouder dat op het moment dat u met het verslag en met die handvatten komt, of we dan een reactie daarop kunnen krijgen van het college. Dat helpt denk ik al in de manier waarop De heer Van der Linden: Dat zou natuurlijk sowieso helpen. De voorzitter: Ja. De heer Van der Linden: la. De voorzitter: Top.
Ten slotte 4. Rondvraag 5. Sluiting De voorzitter: Nou dan denk ik dat we aan het eind zijn gekomen van een, nou, goede werkavond met de commissie. Ik wil in ieder geval de mensen van 4Vitae hartelijk danken, en ook alle commissieleden en mensen op de tribune van harte bedanken voor jullie komst en allennaal voor jullie inbreng voor vanavond. Het was positief onn het zo met elkaar te doen. Dus dank daarvoor en ik wens jullie allemaal wet thuis.
22
Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 9 november 2' 1. De vc(orzitter,
W. Kolff