CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.4 Concept Notulen Gemeente Dordrecht Commissie Bestuur en Middelen 15 juni 2021.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 13 juli 2021, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Raadsvergadering van 22 juni 2021, de commissies Bestuur en Middelen en Fysieke Leefomgeving van 8 juni, de commissies Bestuur en Middelen, Fysieke Leefomgeving en Sociale Leefomgeving van 15 juni 2021 en de Commissie So20.966 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Maar de bereidheid moeten wij echt met elkaar hebben om te blijven investeren in onze binnenstad, om die binnenstad vitaal te houden en toekomstbestendig, en de wensen in te vullen zoals die u ook met elkaar vanavond weer heeft geformuleerd. De voorzitter: Goed. Mevrouw Kruger: Voorzitter, één vraag. De voorzitter: Ja, nee, nee, nee. Mevrouw Kruger: Eén vraagje, één vraagje. De voorzitter: Ja. Mevrouw Kruger: Want de heer Sleeking heeft over die visie komt er, en de heer Den Heijer heeft gevraagd om een tijdspad … De voorzitter: Ja, nee, maar goed, helder. Dat is precies waar ik naartoe wilde. Mevrouw Kruger: Die vraag wilde u ook gaan stellen? De voorzitter: Nou ja, want u heeft een aantal concrete vragen gesteld. En wethouder, ik verzoek u gewoon antwoord te geven op de concrete vragen die zijn gesteld. De vraag is: waar is die 40 miljoen op gebaseerd? Ik weet niet of u er antwoord op kan geven maar de ene noemt het misschien is het nattevingerwerk, misschien zit er een hele goede onderbouwing achter, daar is men naar op zoek. En men is op zoek naar wanneer komen die plannen dan, wanneer komen er, wanneer wordt er een concrete invulling gegeven aan datgene wat er op deze, nou ja, deze twee A4’tjes staat. De heer Sleeking: Ja voorzitter, wij gaan natuurlijk aan de slag met het uitvoeringsprogramma, op het moment dat helder is dat wij de Visstraatparkeergarage

22

kunnen verwerven, dan zal er een concreet voorstel naar de raad komen waar ook een budget aan hangt. Wij hebben dat in het verleden geprobeerd, toen was er geen bereidheid bij de eigenaar om afstand te doen van die parkeergarage. De kansen lijken nu wat groter te zijn. Met de Grote Markt schat ik in dat wij daar zomaar 15 tot 20 miljoen voor nodig zullen hebben om dat echt op een goede manier te realiseren, nog los van de vraag wat voor externe partijen daaraan gaan bijdragen. Nog een aanvulling op de suggestie van de heer Veldman als het gaat om waterveiligheid: het is een buitendijks gebied, dus alles wat wij daar in dat gebied realiseren dat zal ook moeten voldoen aan de eisen die waterveiligheid stelt. Het is nou niet zo dat de Grote Markt heel regelmatig overstroomt, maar we moeten er wel rekening mee houden dat het in de toekomst kan gebeuren. Dus de voorzieningen die je daar realiseert zullen in ieder geval aan die criteria moeten voldoen, en dat doen we ook met alle plannen overigens die in onze stad gerealiseerd worden. Klimaatadaptief en rekening houdend met de effecten van de klimaatverandering. De voorzitter: En de … U kunt het misschien [niet alles in] openbaarheid zeggen,… De heer Sleeking: Nou ja, 15 miljoen is sowieso voor die parkeervoorziening aan de Spuiboulevard, dus haalt u die eraf dan heeft u er nog 25 over.

Als je de Grote Markt en de verwerving van de Visstraat bij elkaar optelt dan is mijn inschatting dat je al gauw rond de 20 miljoen uitkomt, en dan heb je nog een deel over om te investeren in vergroening, duurzaamheid en andere maatregelen. Maar een opmaat, nog geen rekening houdend met de bedragen die uit de fondsen nationaal en van Europa komen, waarmee je meer armslag krijgt om dat ook te realiseren. De voorzitter: U kunt nog geen duidelijkheid geven op wat voor termijn zeg maar de plannen, business cases verder worden ingevuld? De heer Sleeking: Nou ja, we hebben aangekondigd dat we binnenkort met een startnotitie komen rond de Grote Markt en de havens, dat … Is dat binnen een kwartaal te realiseren? Binnen een kwartaal zal dat naar de raad komen. Op het moment dat er zicht is op die Visstraat dan komt dat ook naar u toe. De parkeergarages en Spuiboulevard die vormen ook onderdeel van de hele transformatie van de Spuiboulevard, en nou ja … Toezegging op de visie is al gedaan voor ik dacht oktober, november, dat die visie er ook echt moet liggen, de nieuwe visie binnenstad. De voorzitter: Helder. Dan hebben we in ieder geval wat meer context bij de bedragen en bij de plannen die er komen. U had nog een vraag, mijnheer Polat? Niet? Oké, helder. Even kijken. Dan had … We hebben het gehad over de cofinanciering, althans heeft u over gesproken, ook uw inzet daartoe.

Balans wonen, werken en recreëren heeft u, nou ja, heeft u uw visie in ieder geval op verteld. Verrijdbare bomen en culturele instellingen is nog niet aan bod geweest, maar u heeft wel gezegd dat u groen heel erg belangrijk vindt, de verduurzaming. De heer Sleeking: Ja voorzitter, er werd wat om gelachen maar je zou natuurlijk goed kunnen denken aan mobiele groenvoorzieningen. Kijk, bomen die verrijdbaar zijn die

23

zullen niet zo heel erg groot worden, dat kunt u zich ook voorstellen, niet als de bomen die we op het Bagijnhof hebben geplaatst, maar je kunt natuurlijk met mobiel groen kan je best … Dat zie je al bij terrassen, hoe vrolijk soms terrassen zijn ingericht, dat zijn ook allemaal mobiele installaties waar je gewoon een hele prettige omgeving mee kunt creëren. Je kunt niet op alle plekken in de binnenstad bomen gaan planten, dat weet u ook, soms zit je met allerlei leidingen en andere problematiek waardoor je toch naar andere oplossingen moet zoeken. Maar het is zeker een suggestie die je op sommige plaatsen goed kunt uitvoeren, denk ik. De voorzitter: Oké. Nou, u bent ingegaan op de bewoners betrekken, waterveiligheid heeft u genoemd ook in relatie tot de parkeergarage. Diversificatie van het aanbod, dat is met name de winkels en dergelijke, volgens mij is dat genoemd door mevrouw Van den Bergh. En zij had het ook nog over de slimme stad en de bruisende stad. Daar heeft u volgens mij ook een antwoord op gegeven juist. De heer Sleeking: Ja voorzitter, diversificatie, we hebben natuurlijk eigenlijk geen, hoe noem je dat, een nota meer op dat gebied. Er wordt natuurlijk veel effort gepleegd om nieuwe ondernemers te stimuleren om zich hier te vestigen. Ook nieuwe ketens daar waar die mogelijkheden zijn. Maar ja, wij beginnen geen winkel.

We kunnen alleen maar ons best doen om ze naar Dordt te verleiden, en ik denk echt dat het gaat helpen als wij laten zien: Dordt heeft natuurlijk al een veel betere naam gekregen de afgelopen twintig jaar, dat hebben we ook gemerkt in onze gesprekken met de nieuwe eigenaren van het Drievriendenhof, die komen niet voor niks naar Dordt toe. Omdat ze zien toch op welke manier Dordt zijn ambitie heeft waargemaakt en wat ze nu weer van plan zijn, en dat gaat echt helpen. En ik ben ervan overtuigd dat dat ook weer nieuwe ondernemers en nieuwe investeerders naar Dordrecht trekt. En daar zullen we ook allemaal ons best voor moeten blijven doen, een ambassadeur van de stad willen zijn, net zoals Dordrecht Marketing daar een extra opdracht voor krijgt ook om de woonfunctie van de binnenstad nog sterker over het voetlicht te brengen. Want het is mooi dat heel veel Dordtenaren hier een woning kopen, elders of in de binnenstad, maar wij willen gezien onze ambitie ook heel graag dat mensen van buiten de kwaliteit van Dordrecht inzien en zich hier willen vestigen. Ook daar moeten we echt een extra inspanning op willen leveren. De voorzitter: Goed, en dan één punt wat nog niet, suggestie van volgens mij D66, en in ieder geval PvdA heb ik erover gehoord maar misschien GroenLinks ook, dat weet ik niet zeker meer, maar dat is … Jawel, GroenLinks ook. Alles in één grote pot, het geld.

De heer Sleeking: Ja voorzitter, dat hebben we natuurlijk bewust niet gedaan. Volgens mij is dat in het voortraject op die manier ook niet met de raad besproken, willen we juist door deze programma’s, door deze reserveringen in bepaalde programma’s aangeven dat daar onze focus ligt. En het zijn reserveringen, dus voor elk concreet plan zal de raad ook weer in positie zijn om daar een oordeel over te geven. En de heer Van der Kruijff zei geloof ik ook al: het geld hoeft niet op, nee, het geld hoeft zeker niet op. Dat geld dat je uiteindelijk niet nodig hebt vloeit terug naar de algemene middelen, en daar waar we mogelijkheden zien tot het binnenhalen van cofinanciering en waar we ook ons eigen geld niet nodig hebben, of dat nou dit programma is of een van die andere

24

investeringsprogramma’s, is de afspraak dat dat ook gaat gebeuren. Het is niet zo dat dat dan automatisch weer een stapeling wordt. De voorzitter: Oké. Dan hebben we volgens mij alle punten gehad. En ik kijk even rond, ja, dat is zo. Dan stel ik voor dat we een paar minuutjes even pauzeren, koffie halen, en over vijf minuutjes weer verdergaan met het volgende onderwerp. Welkom terug. We gaan verder met het volgende onderwerp, dat is Ruimte voor Banen. Daarvoor is de heer Burggraaf inmiddels binnengekomen, en die gaat aandachtig luisteren naar uw bijdragen op dit onderdeel en uw vragen voorzien van een antwoord. En hetzelfde rondje maar weer doen? Ja? Dan beginnen we bij de heer Wringer, gaat uw gang. De heer Wringer: Ja, dank u voorzitter. Toen ik dit zo las, deze reservering, 8 miljoen, denk ik: dat is niet zo heel veel. Zeker niet in verhouding tot andere programma’s. Als je daar voor die 8 miljoen dan ook je, hoe heet het, je distributieparken, bedrijventerreinen, dat woord zocht ik, wil gaan upgraden of gaan moderniseren of gaan verplaatsen, dan ja, dan twijfelt Beter Voor Dordt aan het bedrag zeg maar. Komt natuurlijk nog wel iets van een regiodeal bij, dus dan kom je uit op 11 miljoen. Er staat ook in het document dat we willen focussen op, nou ja, op toch wat hoger opgeleiden, op mbo-, hbo- en wo-banen.

Want daar bouwen we natuurlijk ook voor, want dat is … We bouwen voor alle inkomensklassen, maar ook voor die klassen, dus die banen wil je ook hier naartoe halen. En daarom zijn we even aan het kijken naar Distripark, of Dordtse Kil 4, kijk, is natuurlijk hartstikke mooi, het levert een hoop banen op maar misschien niet op het niveau waar we Dordrecht naar een hoger sociaaleconomisch niveau kunnen trekken. Ja, daar wil ik het even bij laten, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, dan ga ik door naar de heer Den Heijer. Sorry. Ja, mijnheer Polat. Ja, hoe … Dat ik daar niet aan gedacht heb, maar gaat uw gang, gaat uw gang. De heer Polat: Ja, ik wilde toch de vraag stellen over die banen. Ik zie in het verhaal zie ik weinig terug van dat er gewoonweg hightechbedrijven hierheen worden gehaald. Waar haalt u het vandaan? De voorzitter: Misschien moet u uw vraag iets toelichten. De heer Polat: Oké. Nou, mijnheer Wringer die zei van dat er gewoonweg er wordt ingezet voor hoogwaardige banen, en ik vroeg me af waar die … Ja, dus dat. De voorzitter: Dat staat in het stuk, wordt gezegd. De heer Polat: Ja, ik heb het gewoon over hightechbedrijven, of hoogwaardige banen waarbij dus ook innovatie is gerelateerd. De heer Wringer: Ja, die banen missen we.

Kijk, Distripark is natuurlijk logistiek en nou, logistiek wordt steeds meer geautomatiseerd en gerobotiseerd, dus dan ook misschien een vraag aan de wethouder, die hebben we in het verleden ook weleens in de raad gesteld, hoeveel banen heeft dat nou voor Dordrecht opgeleverd? Maar ja, hoeveel

25

banen, hoeveel mensen werken daar die daarvoor in de Dordtse kaartenbakken zaten, zeg maar. Maar in dit stuk lees ik dat we juist een niveau hoger willen binnenhalen. Want daar bouwen we ook onze huizen voor, dus ja, we zoeken denk ik bedrijven die hoogwaardige banen, mbo-, hbo-, wo-banen opleveren. De voorzitter: Ja, dat was het antwoord. Gaan wij door naar de heer Den Heijer. Gaat uw gang. De heer Den Heijer: Ja, ik zou bijna willen zeggen … Nee hoor. De voorzitter: Geen woordvoering? Dan gaan we … De heer Den Heijer: Ja. De voorzitter: Nee, maar mijnheer Polat wilde dezelfde vraag volgens mij stellen, dus ik geef aan jou het woord. De heer Den Heijer: Ja, dank u voorzitter. Ik sluit me eigenlijk aan bij Beter Voor Dordt dat er achter dat getal een hoop wegkomt, want het is een vrij ingewikkeld stuk. Er komt veel bij kijken.

En ik heb daarover ook gewoon een paar vragen aan het college die soms misschien ook een beetje technisch van aard zijn, maar vooropgesteld: het is een heel goed uitgewerkt plan, we zijn ook blij met die ambitie zoals we dat eerder ook in de commissie Bestuur en Middelen kenbaar hebben gemaakt dat we niet alleen vol door moeten met hogere getallen in de Dordtse Kils maar ook die 1, 2 niet moeten vergeten en dat we ook daar weer door moeten in de 21ste eeuw waar we nu zitten, want uiteindelijk valt of staat het met die 4.000 banen die we moeten halen, en dat is uiteindelijk een concreet bedrag. Ik ben het wel met D66 eens dat we naar de kwaliteit van de banen moeten kijken, en ook de innovatie die daarbij komt kijken. Maar daar kom ik zo op terug. De vraag is: we zien het bedrag van de regiodeal is eraan gekoppeld, eerder hebben we bijvoorbeeld bij Dolderman gezien dat er wel cofinanciering mogelijk was om dat bedrijf te verplaatsen, namelijk de provincie. Daarover staat in het stuk niet zo veel meer en wordt er juist expliciet niet aangegeven dat er niet aan cofinanciering zou worden gedaan, dus ik zou aan de wethouder willen vragen: waarom is daar op dit moment voor gekozen? Over de onrendabele top van de projecten.

In de presentatie staat dat die niet worden gedekt met dit fonds, ik zie het in een ander stuk wat de wethouder erbij heeft gevoegd zie ik daar wel weer opmerkingen over, ik zou gewoon graag van de wethouder willen weten hoe dat nou precies zit, dat is … Excuus voor, is een technische vraag, maar als hij toch bezig is zou ik dat gewoon graag willen weten. Positief punt is dat de opbrengsten na tien jaar weer terug dit fonds in vloeien, en dat er ook onderbouwd is in het stuk hoe dat dan in zijn werk gaat. Waar we ook blij mee zijn is dat er synergie wordt gezocht met die andere fondsen, en dat is dus ook met name die waar we samen met D66 aandacht voor hebben gevraagd ook met een motie, dat is dus ook die innovatie. Maar dan is mijn vraag aan het college: ja, hoe moet ik die synergie dan voor me zien? Is dat echt synergie of zeggen we dat dat synergie is? Nou, de investeringsstrategie lijkt de VVD gewoon in orde. Wat wij ook slim vinden, wat erin mee wordt genomen is bijvoorbeeld ook de geluidsoverlast, de impact

26

op het milieu. Dat dat gelijk ook aan de voorkant van die processen wordt meegenomen, dat je niet aan, ja, dat je al een heel traject in gang zet en de achterkant er tegenaan loopt. Het is slim dat dat meegenomen wordt. En op termijn komt ook een focus op de binnenstad te liggen. Nou ja, dit is al niet een superruim fonds, het staat wel in het stuk, dan zou ik graag willen weten, ja, hoe ziet die termijn er dan uit en hoe sluit dat zich dan aan bij de binnenstad? Verder zegt het toetsingskader wordt er flink gestuurd op, ja, op de outcome, en de outcome zijn dus die kwalitatieve banen. Dan zou ik eigenlijk graag willen weten, omdat ook meer kwaliteit toegevoegd wordt aan Dordtse Kil 1 en 2, ja, wat voor banen moeten we daar dan aan denken? En dat gaat eigenlijk, borduurt eigenlijk een beetje voort op de discussie die we eerder hebben gehad in deze commissie, volgens mij is dat inmiddels een week geleden. Maar laten we die discussie dan misschien voortzetten. Dat was hem, voorzitter, dank. De voorzitter: Dank u wel, dan ga ik daarna naar het CDA, mijnheer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Ja voorzitter, dank u wel. Waar ik bij het vorige punt zei dat er een business case ontbrak moet ik bij deze toch wel compliment geven dat er een goed onderbouwde business case bijgeleverd is.

En in die business case, door de, ik weet niet of ik dat op zijn Engels moet uitspreken, de Rebel-groep, of misschien moet ik zeggen de Rebel-groep, ik weet dat niet zeker, die gingen uit van een investering van 30 miljoen euro. Ik snap dat het niet het collegevoorstel is, maar er stond in de business case ging daarvan uit, las ik. 30 miljoen investering, en er werd zelfs bij verteld dat in tien jaar tijd je daar 24 miljoen winst mee genereert. Denk nou, als je het hebt over het compenseren van wegvallend Enecodividend is dit dan wel een lotje uit de loterij om te gaan doen. Maar ik vraag dat nog even aan de wethouder, geloven we daar met zijn allen ook in, of gelooft het college erin, als je hier 30 miljoen in zou investeren dat je in tien jaar tijd daar 24 miljoen euro winst mee kan genereren? En dat door met name het opknappen, het herverkavelen en het heruitgeven van oude, en ook een aantal nieuwe, bedrijfsterreinen. Want daar gaat het om hè, Ruimte voor Banen, zo heb ik het begrepen, dat focust toch wel heel groot gedeelte op de fysieke ruimte voor banen. En natuurlijk is dat fysieke ruimte voor kwalitatieve invulling van banen, dat snap ik wel, maar het geld is bedoeld voor de fysieke ruimte van banen.

En als dat zo is, want ik weet het voorstel, het werd er al even genoemd, 8 miljoen euro, maar als je het collegevoorstel leest wordt natuurlijk een aantal andere fondsen die we al hadden erbij opgeteld en dat telt dan op tot ongeveer 23,5 miljoen euro. Waarom we de 23,5 doen en geen 30 als het een zo’n renderende investering is? En als dat zo is, die vraag stel ik er achteraan, durven we het dan ook meerjarig zo te begroten? Ik begreep dat de winst dan in de reserve van het grondbedrijf komt, nou ja, goed, dat is dan wat technisch, maar uiteindelijk is natuurlijk de bedoeling als wij rendementen genereren met de investeringen, dat die rendementen ook weer breder voor de stad beschikbaar komen. Dus kunnen we daar naar de toekomst toe ook op gaan begroten? Ziet u dat zo voor zich? Vervolgens zag ik in de business case een heel verhaal met hoe je dit allemaal kon gaan aansturen door het oprichten van allemaal bv’s met een hele structuur omheen geformuleerd hoe dat allemaal zou moeten. Maar het college stelt nu voor om dat niet op die manier te gaan doen maar eerst binnen de gemeente gemeentelijke organisatie te gaan doen. Daar zou ik toch wel graag wat toelichting op willen, wat daar dan de

27

voor- en nadelen van elk zijn. En één laatste punt: toen ik dat allemaal las over al die structuren en hoe dat allemaal ging, dan kom je de rol van de raad eigenlijk maar beperkt meer tegen, behalve dat je ergens aan de voorkant, nou, noem het maar een soort variant op een GREX kunt vaststellen, maar dan op een investering op die te ontwikkelen bedrijventerreinen. Blijft het daar dan bij wat betreft de rol van de raad of kunnen we daar ondertussen, want het gaat nogal ergens over, een beoogd rendement van tegen de 24 miljoen euro, hoe we daarop kunnen blijven monitoren hoe we daar onderweg naartoe op weg zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik door naar mijnheer Polat. De heer Polat: Ja, dank voorzitter. Nou voorzitter, ik heb daarnet een vraag gesteld aan mijnheer Wringer over de hoogwaardige banen, dat heeft natuurlijk een bepaalde achtergrond. Wij willen natuurlijk in Dordrecht willen wij gewoonweg bepaalde clusters willen wij opzetten. Dordrecht kan gewoonweg ruimte bieden voor verschillende clusters zoals maritiem, maar ook logistiek zoals tegenwoordig Distripark. Daar hebben we ook in het kader van, en vorig jaar hebben we daar ook met VVD en andere partijen hebben we daar ook een motie ingediend om een integraal innovatieplan op te zetten.

Nou, wij hadden dat graag terug willen zien in deze plannen voor Ruimte voor Banen zodat we dat kunnen gaan beoordelen wat het college beoogt met Ruimte voor Banen in Dordrecht. Welke hoogwaardige banen komen er in Dordrecht, welke clusters komen er in Dordrecht? Dat missen we. Er wordt natuurlijk wel even heel, nou ja, even bij gemeld, dat daar gewoonweg kennis en innovatie, dat dat gewoonweg een rol kan spelen, dat clustervorming een rol kan spelen, maar dat wordt gewoonweg niet helemaal uitgewerkt. Daar hebben we vorige keer hebben we het ook tijdens een bespreking hebben we het daar ook een punt van gemaakt. Wij willen graag van het college weten van hoe op welke manier men de clustervorming wil gaan realiseren. Hoe wil men de innovatie wil gaan realiseren? Alles hangen aan regiodeal, dat vinden wij gewoonweg een beetje op dit moment, en natuurlijk aan Peute en nog een ander bedrijf, vinden wij gewoon zwak. Het moet gewoonweg beter uitkomen, er moet gewoonweg college moet er beter werk van maken om ervoor te zorgen dat innovatie en hightechbedrijven hier in Dordrecht een rol kunnen spelen, en dat Dordrecht gewoonweg een rol kan spelen in de regio. En dat missen we.

Dus zolang dat gewoonweg niet uitgewerkt is, want wij niet kunnen gewoonweg het college en met dit voorstel kan aantonen dat men gewoonweg ervoor gaat zorgen dat clustervorming, dat de bedrijven die elkaar kunnen aanvullen in Dordrecht zich kunnen gaan plaatsen en daar ook werkgelegenheid creëren, en de aantrekkelijkheid voor de hightechbedrijven dat gewoonweg niet wordt verbeterd, gaan we gewoonweg niet akkoord met het voorstel. Dank. De voorzitter: Dank u wel. Dan ga ik door naar GroenLinks, mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Ja voorzitter, dank u wel. Nou, ik wil eigenlijk in de eerste plaats ook de wethouder complimenteren met de business case die hier onderligt, hoe teleurgesteld ik was in de business case of het voorstel van de binnenstad, is dit veel verder uitgewerkt. Mijn voorgangers hebben er ook al iets over gezegd. Toch heb ik nog een paar vragen en een paar opmerkingen. Ja, er wordt vanuit gegaan dat als wij, moet ik

28

even kijken hoor, want ik probeer dan niet in herhaling te vallen, o ja, er wordt zomaar van uitgegaan dat we kleine bedrijven zijn op de Kil 1 en 2 bijvoorbeeld, dat die weinig werkgelegenheid hebben en als we dan andere branches neerzetten of grotere bedrijven dat dat automatisch meer werkgelegenheid genereert. Ja, ik weet het niet, hangt denk ik van de bedrijven af. Er kunnen kleine bedrijven zijn die toch aardig wat mensen hebben maar qua omvang in wat ze maken kleiner zijn, en het kunnen hele grote bedrijven zijn, als we denken aan de logistiek, de grote dozen die er staan waar relatief weinig mensen in werken. Dus daar wil ik wat uitleg over. Daarnaast, ja, waar de ontwikkeling, hoe dat met de banen gaat, want er wordt gezegd over een periode van dertig jaar gaan we circa 20 tot 25 hectare transformeren en dan met een gemiddeld dertig tot veertig arbeidsplaatsen per hectare. Ja, het is een beetje gegoochel met cijfers voor mij in ieder geval, waar komt die berekening vandaan en dan een termijn van dertig jaar, volgens mij gaan de ontwikkelingen binnen arbeid ontzettend snel en kan het zomaar zijn dat we dan met minder mensen nog op een hectare gaan werken en toch hetzelfde produceren. Dus daar een vraag over. En er wordt terloops genoemd over circulariteit, duurzaamheid, daar zou ik toch wat meer in uitgewerkt willen zien om, dat dat ook daadwerkelijk vorm gaat krijgen.

Even kijken, compliment ook over het noemen van de openbare ruimte, om die te verbeteren uiteraard met wat meer groen. En de diversiteit in werkgelegenheid, ja, daar vraag ik me ook een beetje af: wat wordt daar nou onder verstaan? Welke branches wordt daar dan aan gedacht? En ik blijf altijd een beetje protesteren in de hoger en laagopgeleiden, wil ik toch ook hier weer eens genoemd hebben. Volgens mij is iedereen in Nederland hier hoogopgeleid, alleen zijn er bepaalde functies en banen waar je gewoon minder betaald krijgt. En natuurlijk zit er verschil in het werk wat je doet, maar daar zit nou juist het grote verschil, in de beloning die iedereen krijgt. Maar iemand uit een mbo-opleiding kan net zo hoogopgeleid zijn als iemand die … Ja…, kijkt u nou zo boos of geïnteresseerd? Die is zeker zo hoogopgeleid als iemand die universitair is opgeleid. En hier wilde ik het even bij laten, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Dan de heer Veldman, ChristenUnie/SGP. De heer Veldman: Ja voorzitter, dank u wel. Ook hier is alweer veel gezegd.

Ik zou willen aftrappen met dat wij dit voorstel eigenlijk zien in relatie tot twee discussies die we eerder hier aan de hand hadden, dat was de ene over de afhandeling, of de uitwerking is misschien netter gezegd, naar aanleiding van de motie over innovatie, en het tweede is de discussie volgens mij vorige week, als ik het uit mijn hoofd goed zeg, over Kil 4 en hoe ga je nou om met bedrijventerreinen en wat doe je daarmee. Dus ik zou wel de wethouder ook willen oproepen eigenlijk die, ook al hebben we hier natuurlijk een losse business case en dat snap ik wel, maar om dat wel echt bij elkaar te houden. En ook, en dat is dan wat ik in het verhaal nog een beetje mis, echt de relatie te zoeken met hoe versterkt nou onderwijs ons bedrijfsleven en hoe versterkt het bedrijfsleven nou het onderwijs? Want ik denk dat je niet alleen moet kijken van nou, hoe kun je de structuur, de ruimtelijke structuur verbeteren, maar ik zou ook willen kijken van hoe kun je door slim te acteren ook de sociaaleconomische structuur en de bedrijfsstructuur op ons eiland verder brengen. En dan heb je het gelijk over innovatie en wat voor banen en dan komt er veel meer tot stand. Voorzitter, dus daar graag aandacht voor. En dan nog

29

een ander punt en dat trof mij toch ook wel toen ik het las, en dat is een beetje ingegeven vanuit het adagium voorkomen is beter dan genezen. Want we geven toch ook wel weer veel geld uit aan dingen waarvan je kan zeggen: ja, dat is historisch natuurlijk voor een deel gegroeid en dat moet je verplaatsen en dat kost heel veel geld. Maar als je nu naar het RO-beleid van de stad kijkt en naar de keuzes die we nu maken, bijvoorbeeld, ik heb het eerder gezegd, op De Staart, dan denk ik ja, we creëren daar eigenlijk alweer het probleem voor over tien of vijftien jaar. Dus ik zou dat ook willen oproepen van neem nou de lessen die je trekt uit zo’n rapport en uit het beleid wat je voert en zet het vooral door, maar betrek dat ook op keuzes in met name dus bestemmingsplannen en RO, zodat we niet over tien jaar onze opvolgers hier weer met bedrijfsverplaatsingen zitten, bijvoorbeeld vanaf De Staart naar elders, van loodsen die nog geen jaar oud zijn. Ik zal verder geen namen noemen, u weet waar het over gaat. Want dat zou ik eigenlijk toch, nou ja, ze staan er al, maar dat zou wel toch tamelijk jammer zijn. Dus voorzitter, graag de aandacht dus voor die onderlinge dwarsverbanden en dat, en daar sluit ik dan mee af, dan komen we misschien als Dordrecht ook met een net ietsje scherpere propositie nog dan alleen verschuivingen en that’s it.

Ik koppel het ook aan die, hoe noemde de wethouder het ook al weer, de paspoorten of de agenda, zou ik misschien beter zeggen, van wat is nou de agenda voor Kil 1 of 2 of 3, wat is … Waarom moet je daar zijn als bedrijf, waarom is dat interessant? En als je die vraag goed kan beantwoorden dan wordt zo’n bedrijventerrein ook meer waard zou je kunnen zeggen, in de goede zin van het woord, dan de som van al die losse bedrijfjes zomaar samen. Nee, dan kan er ook een interessante dynamiek en biocultuur ontstaan. Nou, voorzitter, tot zover. Ik word er zowaar enthousiast van. De voorzitter: Ja, ik merk het. Nou, dank u wel. Dan, nou, misschien gaat mevrouw Van den Bergh u wel overtreffen, dus gaat uw gang. Mevrouw Van den Bergh: Ja, voorzitter. Nou, wie weet. Maar ik ga in ieder geval vertellen wat de PvdA ervan vindt. Prima dat er zeg maar geïnvesteerd wordt in die banen, en met name dan in, en er worden ook wat bedragen genoemd, ik kom even in volgorde, de oudere bedrijventerreinen. Ik kan me nog herinneren dat we een keer ook een flink bedrag van de provincie kregen voor de revitalisering van oudere bedrijventerreinen, met name de Kil 1 en 2. En ik wilde weten: wat is daarmee gebeurd? Want er is, volgens mij wordt er toch wel van alles wel gedaan op Kil 1 en 2, maar ik wilde weten hoe dat zit met die gelden van de provincie, want ik zie dat nergens terugkomen.

En ook de opmerking triggerde ons wel in het stuk, dat een aantal oudere bedrijventerreinen ligt op plekken die aantrekkelijk zijn voor woningbouw. En dan denk ik als dat zo is, er wordt verder niet over uitgeweid, maar dan denk ik: als dat zo is, waarom gaan we dan eerst investeren in die oudere bedrijventerreinen om die zeg maar weer up-to-date te maken, er is op zich niks mis mee, maar als er plannen zijn om op een gegeven moment er toch woningbouw te gaan doen dan lijkt me dat wat, niet zo verstandig. Maar dat wil ik even weten of dat juist dan wel verstandig is, of dat het dezelfde terreinen betreffen waar we het nu over hebben. En ik denk, wij zien graag meer de focus liggen op de banen, de extra banen, volgens mij 4.000, en 140.000 inwoners. En wat voor, en ook dat de bedrijventerreinen geüpgraded worden, dat is ook wel prima maar het gaat ons ook om de arbeidsomstandigheden. Wat voor banen, wat

30

voor werk willen wij, en onder wat voor omstandigheden werken deze mensen? En ik wilde, wij willen eigenlijk ook weten van werken nou hier ook, of kunt u daar een overzicht van geven, van arbeidsmigranten, van mensen met name uit oostelijke Europalanden? De voorzitter: Mevrouw Van den Bergh. Mevrouw Van den Bergh: Ja. De voorzitter: Dit komt mij over als redelijk technische vragen die u ook vooraf had kunnen stellen, want om nou een lijstje op te laten noemen door de wethouder van hoeveel arbeidsmigranten en hoe zien precies de arbeidsomstandigheden eruit, misschien dat u zich kunt beperken tot meer politieke dingen dan. Mevrouw Van den Bergh: Oké. Dan gaan we verder. Dan doen we dat apart wel op een ander moment, ja, ik dacht: dit is een zij… Is toch belangrijk, ook in dat onderwerp. En ja, wij zien dat niet helemaal als technische vragen, maar goed, als dat zo gezien wordt dan is dat zo. Dan gaan we door naar Dordts fonds bedrijventerreinen waar nu uit geput gaat worden,... De heer Veldman: Maar voorzitter, dan … De voorzitter: Mijnheer Veldman. De heer Veldman: Dan zal ik mevrouw Van den Bergh helpen met een politieke vraag, want vindt u dan, want dat hoor ik u dan eigenlijk zeggen, of vraagt u zich dan af of … Nou ja, ik zal het dan maar gewoon zo zeggen, de bedrijven op de Dordtse bedrijventerreinen worden gekaapt door mensen uit Oost-Europa? Zo bedenkt u dat.

Mevrouw Van den Bergh: Nee, dat bedoel ik niet. De heer Veldman: O. Nou ja, dat suggereert u wel in ieder geval. Mevrouw Van den Bergh: Ja, nee, dan komt dat verkeerd over. Ik dacht alleen van je hebt zo de focus op die fysieke opfleuren van bedrijventerreinen, daar is niks mis mee, maar dat wij ons afvroegen van: hoe zit het gewoon met de omstandigheden van mensen die werken op die terreinen? En dat was eigenlijk meer de vraag, en hoeveel daarvan bijvoorbeeld komen uit Oost-Europa. Of hoe zit het met … U had ook de vraag over relatie met onderwijs en takt het allemaal aan het niveau van werknemers en bedrijven. Dus in die zin vroegen wij ons dat af,… De voorzitter: Nou, mevrouw Van den Bergh, u maakt wat los hoor. Mijnheer Polat heeft u nou ook uitgenodigd om een vraag te stellen. De heer Polat: Ja, ik wil toch vragen, voorzitter, is mevrouw Van den Bergh bang dat die mensen uit Oost-Europa worden uitgebuit?

31

Mevrouw Van den Bergh: Dat, nou ja, daar heb ik dus geen idee van. Maar dat is dus niet de bedoeling. Dat was een beetje ook van wordt iedereen gewoon netjes betaald volgens cao of … Want wij zien daar niks van terug en als je zeg maar hier zeg maar de bedrijventerreinen goed wil ontwikkelen en aantrekkelijk wil zijn voor bedrijfsleven, nou, dan denken we dan hoort ook zo’n sociale positie erbij. Maar of ik daar bang voor ben dat weet ik niet want ik heb, wij hebben geen idee. De voorzitter: Oké. Nou, dan gaat u verder met uw ideeën. Mevrouw Van den Bergh: Ja. En ik hoor wel hoe de wethouder daarop reageert en anders komen we daar op een ander moment wel op, daar gaan we iets mee doen. Even wat ons betreft, Dordts fonds bedrijventerreinen, dan komt er, en dat is een beetje voor mij hogere financiën, want de gemeente gaat zich als investeerder opstellen en bijvoorbeeld via special purpose companies, of zegt dat ook weer te veel technische vragen, maar ik dacht … En dan wordt er ook gekeken naar de ROM-D, of dat die die rol kan gaan vervullen, nou weet ik ook wel dat de ROM-D meerdere dingen heeft gedaan en alles niet altijd succesvol, maar het kunnen ook andere partijen zijn zegt u.

Maar wij vragen ons, en dat is een beetje ook in het verlengde van wat CDA zei, van in hoeverre worden de financiële perspectieven vanuit het investeren vanuit de gemeente, kunnen we daar, ja, laat ik het zo zeggen, is dat zo? Zijn dat lonkende perspectieven of zeg je van nou, als we dat zo vastpakken dan is dat een heel goede financiële positie voor de gemeente. Dus daar zijn we wel eigenlijk een beetje benieuwd naar want aan de ene kant vinden wij dat geweldig, maar de andere kant denken we van is het toch niet, is het reëel, laat ik het dan zo zeggen. En is het bijvoorbeeld, daarnet had ik het ook even bij de binnenstad, komen er niet te veel fondsen? Want we hebben nu dat fonds Dordtse bedrijventerreinen, of Dordts fonds bedrijventerreinen, maar we hadden het vorige week ook bij de jaarrekening ook over het regionaal fonds ruimte en economie, voor de Drechtsteden. Dat is ook allemaal met economie en ruimte, kun je dat niet wat meer bij elkaar brengen of hoe moeten we dat zien? Want zo langzamerhand raken wij een beetje het overzicht van de investeringen kwijt, en wij zijn het met CDA eens dat je ook als raad toch aangetakt moet blijven bij de ontwikkelingen, ook al zijn ze misschien wat specialistisch en ook al gaan ze over het investeren die die gemeente doet, maar ik denk: het is van belang dat we dat met zijn allen kunnen volgen en kunnen stimuleren.

De voorzitter: Ik dank u wel. Ik kijk even rond, er zijn geen vragen, dan geef ik het woord aan de wethouder. U heeft het een beetje kunnen bijhouden? De heer Burggraaf: Ja, zeker voorzitter. Ik heb het wat gestructureerd, dus ik hoop dat ieder zich herkent in hun vraag in het kopje waar ik het heb ondergebracht. Nou ja, allereerst eigenlijk om te beginnen met de bespiegeling van de heer Veldman van ChristenUnie/SGP die eigenlijk zegt van ja, je hebt hier een instrument en laat dat nou een onderdeel zijn van de gereedschapskist in de samenhang met de motie rondom innovatie die we inderdaad deze of vorige maand hebben besproken en discussie rondom Kil 4 waar we met elkaar hebben gehad over het type bedrijvigheid dat je moet hebben. Nou, daar ben ik het hartgrondig mee eens dat dit gewoon nogmaals een, ja,

32

instrument in een gereedschapskist is die je in die samenhang doet. Daar zal ik later ook nog wel even op terugkomen want er waren nog een aantal vragen ook over. En dat je daar inderdaad heel sterk moet kijken naar het type bedrijf wat je krijgt, versterkt dat het hele ecosysteem? En daar is onderwijs inderdaad een heel belangrijk onderdeel bij in relatie tot de bedrijven, omdat dat kennis oplevert waar bedrijven zich weer mee kunnen doorontwikkelen, maar wat ook zorgt dat je mensen, werknemers hebt die zich kunnen blijven ontwikkelen, het leven lang door. Want dat is uiteindelijk, zoals u die ook benoemde, hetgeen waarom je alles doet. We hebben een groeiagenda met elkaar bepaald en de inzet daarvan is vooral dat we in de atlas van de gemeenten zo goed scoren als het gaat om de woonaantrekkelijkheid van de stad, daar zitten we zeg maar in de top tien, de sociaaleconomische structuur daar bungelen we onderaan, van de top vijftig zitten we ergens onderaan die lijst.

En je moet echt scherp gaan kijken, dat is de langetermijnagenda, daar zitten deze middelen ook op, nogmaals op die groeiagenda, hoe ga je die sociaaleconomische structuur ook eigenlijk naar die top tien halen? Nou ja, dan moet je vaststellen dat dat zit in zorgen dat je de beroepsbevolking die we hebben in de inderdaad meer in het vakmanschap geschoold, zullen we maar zeggen, het mbo, dat je daar werkgelegenheid voor hebt maar dat je ook de kans geeft om de bedrijvigheid te vestigen die de stabiele werkgelegenheid bieden, dus die niet alleen maar in een bepaalde conjunctuur heel veel werkgelegenheid hebben en als het even slechter gaat ook iedereen weer op straat staat, maar dat je dat dus goed in je gebied, ja, kan uitbalanceren, en dat je werkt aan, nou ja, een type werkgelegenheid wat duurzaam is dus wat ook de toekomst nog steeds als bedrijf goed kan floreren en daarmee de werkgelegenheid biedt, en langzaam mee ontwikkelt in die versterking en die verhoging van de sociaaleconomische structuur. Dus binnen die hele context is dit echt als een instrument bedoeld en daar zal ik zo meteen op het eind nog een keer even op terugkomen. Dan allereerst de omvang van het fonds.

Er is een revolverend onderdeel en een onrendabele toponderdeel, en het revolverende onderdeel van het fonds dat is de 30 miljoen, en dat ziet u niet terug nu in het investeringsvoorstel want daarvan is gezegd: laten we dat deel financieren vanuit je GREX vanuit je grondbedrijf. Dat is een bedrag wat je investeert maar waar inderdaad een rendement op zit, dus dat krijg je terug en vervolgens met een opbrengst erbij. Nou, daar werd de vraag ook over gesteld van nou, geloven wij dan dat je in tien jaar inderdaad 24 miljoen winst kan halen zoals dat door Rebel geschetst was? Ik denk als ik kijk naar hoe enerverend die trajecten zijn, ik heb ze zelf niet meegemaakt rondom Doldermanverplaatsing en Nedstaal met Peute-terrein, heb ik denk ik ook wel twee hele ingewikkelde in het spectrum te pakken, maar dan zie je dat het hele taaie processen zijn, dat je er lang over doet. Dus of je dat in tien jaar zoveel, ja, van dit soort casussen kan doorlopen, dat vraag ik me nog wel af. Ik vind het een goede ambitie, dus laten we ervoor gaan. Maar nou ja, dat je dus daar dat rendement kan halen geloof ik, of het je ook in dat tempo gaat lukken dat gaan we in de praktijk zien. Ik denk zelf dat het wel wat meer tijd en moeite zal vragen. Dan heb je vervolgens een onrendabele toppenstuk, en dat is in totaal 23,5 miljoen euro.

Daarvan ziet u, 8 miljoen wordt nu gefinancierd uit de reservering van de Enecomiddelen, 3 miljoen had u reeds gereserveerd als cofinanciering in de regiodeal, en 12,5 miljoen of 12 miljoen komt uit een opbrengst van het WDO, dus wilt u in de kadernota, misschien een aantal hebben dat al gezien. Distripark hebben we ontwikkeld, dat is sneller gegaan dan we hadden verwacht. Daar

33

zitten winsten in en daarvan heeft u bij aanvang van die ontwikkeling gezegd, en daar zitten inderdaad ook subsidies van de provincie bij, de opbrengsten die daaruit komen daar gaat een deel van naar revitalisering van de oude bedrijventerreinen, want we leggen daar een nieuw bedrijventerrein neer, Kil 1 en Kil 2 zijn inmiddels verouderd, laten we de opbrengsten daarvan gebruiken om ook te zorgen dat die bedrijventerreinen weer meer de terreinen van nu worden, of van de toekomst, met hun tijd mee kunnen gaan. Dus je komt nogmaals daarmee op een financiering met die 8 miljoen die je nu reserveert voor onrendabele toppen van 23,5 miljoen, en een, ja, eigenlijk een soort revolverende pot waarmee je die investering kan doen van 30 miljoen. Waar doe je dat dan voor? Ja, dat is primair voor de bedrijventerreinen. U heeft er al eentje onlangs gefinancierd, dat waren garageboxen op de Einsteinstraat.

Het levert nul banen op, verloedering in het terrein, zoals de heer Veldman terecht zei: je hebt een aantal RObeslissingen in het verleden genomen waardoor de situatie kan ontstaan dat we zeker met elkaar ook kijken, en ik roep u daar ook toe op om ons daar ook scherp in te houden en zelf ook de kaders mee te geven, dat we inderdaad aan de voorkant ook op het RO-instrumentarium daar scherp op sturen, zodat je inderdaad de bedrijven ook in de toekomst blijft houden die die werkgelegenheid bieden. Dus dat is primair, maar de andere is de binnenstad. Dus het kan ook zijn dat als in de binnenstad, ja, die plekken ziet die je zegt van hé, daar kan je een verschuiving van functies krijgen, of bijvoorbeeld rondom de Spuiboulevard, de dienstensector is eentje die we echt nog heel slecht in scoren als stad, en juist zo’n groot verschil maken bij die sociaaleconomische ladder, als je daar meer banen voor weet te creëren denk ik ook dat je uiteindelijk de jongere doelgroep beter aan je stad weet te binden die nu nog vaak naar Rotterdam en nou ja, Breda vertrekken. Als je daar ook de werkgelegenheid en de woonfactoren hand in hand kan laten gaan, dan kan je daar ook in een keer enorme sprongen in maken. En dan als laatste de cofinanciering.

Ja, die zit natuurlijk ook deels in die onrendabele toppen, dus die 3 miljoen die u voor de regiodeal heeft gereserveerd daar komt ook zo meteen geld, ik weet niet of ik dat bedrag nu al kan noemen, maar er komt geld vanuit de regiodeal ook beschikbaar om mede in die ontwikkeling te investeren. Dat zal niet fiftyfifty zijn, maar die kansen zullen zich zeker voordoen. Dan het tweede kopje wat ik had gemaakt was de structuur van het fonds. Nou ja, daarvan hebben we gezegd, wat u ook in het Rebel-rapport leest is: zorg nou dat je het in een omgeving brengt die wat verder weg staat van je politieke besluitvorming, want het zijn toch ook zakelijke business cases die daardoor, nou ja, ook gewoon meer in die zakelijke omgeving kunnen plaatsvinden. En daar komt ook het voorstel van Rebel vandaan om het extern te organiseren. De vraag is alleen op dit moment nog even of dat al kan binnen de structuur zoals ROM-D is, en dat vraagt gewoon wat langer de tijd om dat uit te werken.

Tegelijkertijd is de opgave heel actueel, dus laten we die tijd niet verloren gaan, en daarom ligt nu het voorstel er om dat verder te onderzoeken, wat kunnen we aanpassen aan die structuur van de ROM-D, welke voor- en nadelen heeft dat, waarmee je het daarmee extern zou kunnen beleggen, en in de tussentijd laten we het dan vanuit de gemeente goed organiseren, waarbij ook ROM-D overigens wel een rol kunnen vervullen. Welke rol heeft de raad daar dan in, werd gevraagd door het CDA. Nou, de raad stelt vooraf de financieringsconstructie voor deze aanpak vast, gezamenlijk met een afwegingskader. Nou ja, dat afwegingskader, daar staan dan natuurlijk de belangrijke elementen in waarop je het wil scoren. Dat zijn zaken als in hoeverre is het een cluster,

34

ketenversterkende activiteit, is het vastgoed wat flexibel genoeg is om ook in de toekomst weer andere toepassingen te kunnen krijgen, nou ja, goed, een heel rijtje van zaken, die krijgt u nog. En daarmee stelt u het kader vast waarbinnen vervolgens je de investeringen op hun merites kan beoordelen binnen die kaders die u heeft meegegeven. Nou, volgens mij is dat ook een goede verdeling van de rollen die we ook onderling met elkaar hebben. Dan vervolgens als laatste punt, wat is dan die kwaliteit van de transformatie en die revitalisering van de bedrijventerreinen. Nou, ik heb het eigenlijk al een beetje geschetst in het begin, zoals de context door ChristenUnie/SGP ook werd geschetst, zo zie ik hem. Het gaat ook echt heel erg afhankelijk worden van de besluitvorming die we nemen rondom de gebiedspaspoorten. Die komen in de tweede helft van dit jaar uw kant op, waarbij je veel sterker de, nou ja, de kansen op verschillende bedrijventerreinen kan duiden. En ook welke terreinen je, welke kant je gaat verkleuren qua type bedrijvigheid en zorgen dat je daar een goede balans hebt.

Ik ben ervan overtuigd dat Distripark heel goed is dat we dat doen, nu ook een heel herkenbaar logistiek bedrijventerrein, maar het moet niet zo zijn dat dat, nou ja, omdat nu de economie vooral op de logistieke sector is gericht dat je uiteindelijk, ja, gaandeweg een monocultuur aan bedrijven krijgt en alleen maar blijft zitten met logistieke bedrijvigheid. Want ja, dat zou echt heel risicovol zijn want dan zit je puur in één sector. Als het daar een keer mis mee gaat of in de toekomst verandert de sector, ja, dan ben je, nou ja, schiet me ineens door het hoofd, volgens mij Chicago in Amerika met de auto-industrie, dan heb je opeens een heel groot probleem, dat moeten we niet hebben. Dus daar ziet u die gebiedspaspoorten om te kijken hoe we met elkaar ook daar een in balans zijnde en sterke economische structuur kunnen bouwen naar de toekomst toe, zodat vervolgens de arbeidsmarkt ook stabiel is naar die toekomst toe. De voorzitter: Mijnheer Polat. De heer Polat: Ja voorzitter, dank. Mijnheer Burggraaf die zegt van ja, we moeten natuurlijk niet naar een monocultuur van bedrijven gaan, we moeten gewoonweg meer diversificatie hebben. Maar bij clustervorming is er natuurlijk wel per saldo het gevolg dat er gewoonweg heel veel partijen uit één sector komen, en die elkaar aanvullen. Dat is eigenlijk ook binnen de sector zelf ook diversificatie.

Kijkt hij er tegenaan om op die manier in te richten? De heer Burggraaf: Nee voorzitter, heeft u helemaal gelijk in, het moet niet zo gediversifieerd zijn dat het duizend bloemen worden. Het moet wel, ja, dus je krijgt clusters, daar hebben we de roadmaps nu voor lopen, hebben we discussie over gehad hè, dat is al een begin van ontdekken: waar zitten nou je drijvende sectoren in de regio? Dat zit op de maakindustrie, zit in de maritieme sector, dat zit op zorg. Nou, zo gaan we dat scherper krijgen. En op dat niveau ga je zorgen dat je binnen dat cluster, ja, een aantrekkingskracht krijgt om bedrijven die daarbij passen, zeggen van hé, ik wil hier vestigen, als er weer zo’n plek vrijkomt dan ga ik hier naartoe. Zodat je, ja, uiteindelijk deels via dit harde instrument waarbij je gewoon iets opkoopt, vervolgens zelf nieuw kan ontwikkelen en dan kan bepalen wie de eindgebruiker wordt, dat er ook vanzelf een ecosysteem ontstaat waardoor bedrijven vanzelf, nou ja, op het moment dat er iets vrijkomt meteen het bedrijf erin springt wat past bij het cluster wat er is, omdat ze al

35

continu aan het zoeken zijn daar. En dat is iets wat echt nog, nou ja, in de kinderschoenen staat en iets wat van een lange adem is, maar wat we wel proberen op gang te brengen door meer focus in ons economisch beleid te maken. De voorzitter: Nou, ‘…’ toch? Ja. Gaat u verder. De heer Burggraaf: Dus nou ja, goed, en dan … Volgens mij heb ik daarmee dus de vraag ook beantwoord hè, dat vraagt dus gewoon scherpte in welke type banen wil je, wat voor kwaliteit van banen, en dat vraagt ook zoals mevrouw Kruger zegt, die noemde een getal, dat zijn niet zo heel veel banen per hectare, nou, voor een logistiek bedrijventerrein is dat heel veel, 30, 45, voor dienstensector is dat heel weinig. Dus je wil daarin ook, ja, proberen om op je bedrijventerreinen een hoog rendement aan hectaregebruik met arbeidsplaatsen die dat met zich meebrengt te krijgen. En dat is niet voor elk bedrijf met een nagelschaartje te knippen, er zijn bijvoorbeeld bedrijven die helemaal niet zo veel banen opleveren maar een hele belangrijke speler zijn in een hele sector. Ik heb daar onlangs een bedrijfsbezoek gehad bij een bedrijf die dat in de maritieme sector doet rondom lieren.

Nou, het is best wel een flink gebruik van een stuk grond, levert niet heel veel banen op maar is wel in de structuur een hele belangrijke speler, en daarmee trekken ze ook weer bedrijfjes aan die daar weer wat dingen op maken en wel weer veel werkgelegenheid hebben. Nou, vanuit die, ja, ecosysteemgedachte richten we ons beleid en kijken we naar deze opgave. De heer Veldman: Voorzitter, één vraag op dat punt. De voorzitter: Mijnheer Veldman. De heer Veldman: Want in het stuk staat wel vrij expliciet dat u zich richt, althans dat heb ik even dan onthouden, op bedrijven met dertig tot veertig banen per hectare. En ook een beetje refererend aan onze discussie rond Kil 4, ik las dat opnieuw en toen dacht ik van ja, zou je dat niet die ambitie dan nog een treetje hoger moeten kunnen leggen? Ik snap zo’n punt over dat bedrijf wat u net noemt, dat zijn zeg maar van die structuurbedrijven waar dan heel veel omheen zit, eigenlijk zou je dan misschien zelfs naar het gemiddelde van zo’n cluster moeten kijken. Maar wat mij betreft mag die doelstelling … Ben geneigd om te zeggen: nou ja, doe maar plus tien of plus twintig, zoiets. De heer Burggraaf: Nee voorzitter, ik ben het daar op zich mee eens.

Alleen zou ik deze willen parkeren tot de discussie die we hebben over de gebiedspaspoorten, want laten we daar vooral ook gewoon realistische doelstellingen op zetten en ook kunnen aangeven van nou, nogmaals, als je naar logistiek terrein kijkt, Distripark, is dat een hele ambitieuze opgave. Als je op een gegeven moment besluit, bij Amstelwijck bijvoorbeeld zegt: nou, daar zitten vooral kantoorontwikkelingen, dan moet je gewoon zeggen: ja, daar plak je een veel hogere doelstelling op voor die sector, nou, zo moet u hem zien. En laten we die discussie in de tweede helft van het jaar zodra dat stuk er ligt weer met elkaar verder voeren. En volgens mij, voorzitter, hoop ik in ieder geval dat ik hiermee alle vragen heb afgedekt.

36

De voorzitter: Ja, ik loop nog een paar vragen met u langs waarvan ik of zeker weet dat ze nog niet aan de orde zijn geweest of eraan twijfel. Cofinanciering heeft u volgens mij aan de orde gesteld door middel van de city deals en dergelijke die u daarbij betrokken heeft. De binnenstad heb ik u nu horen noemen, ik weet niet of daar voldoende tekst op is geleverd? Ja. Dan de circulariteit en duurzaamheid, heeft u daar nog aandacht aan besteed, niet hè? En wat is er met de gelden van de provincie gebeurt voor de revitalisering van de Dordtse Kil 1 en 2. En een suggestie van de PvdA om de verschillende potjes zeg maar waaruit geput wordt, daar raakt men het overzicht een beetje van kwijt, of daar wat structuur of overzicht in kan worden aangebracht. Nou, dat heeft u net gedaan, maar misschien dat dat ook nog een keer ergens op papier kan of zo. De heer Burggraaf: Ja voorzitter, de subsidie van de provincie, dat zat dus zoals ik noemde in de ontwikkeling onder andere van Distripark. En de gelden die dus vanuit die opbrengsten uiteindelijk weer toekomen naar die onrendabele pot, dus dat zit, ja, het is niet zo een-op-een maar dat zit in die hele case verwerkt. Circulariteit en duurzaamheid, ja, duurzaamheid zou ik zeggen, dat is inmiddels elk bedrijf is met duurzaamheid bezig anders heb je geen duurzaam bedrijfsmodel.

Maar ik noemde het afwegingskader, dat is er natuurlijk eentje die daar ook in terugkomt. En voor circulariteit, nou, daar hebben we het al eerder ook met elkaar over gehad, hebben we ook naar aanleiding van de discussie hier over de regiomonitoring gehad, hebben we ook gezegd: ja, in de regio moeten we dat ook meer verankeren nog, dat we ook op de circulaire bedrijvigheid ons richten, dus die komt ook terug. En voor wat betreft de potjes, ja, ik hoorde volgens mij Partij van de Arbeid over een fonds spreken die ook in het kader van de regiomiddelen was. Kijk, je hebt natuurlijk exploitatiegeld, dat is de groeiagendamiddelen, waarvan je regionaal met elkaar zegt: ja, een economische opgave beperkt zich niet tot de stadsgrens maar zo’n maritiem cluster dat strekt zich uit van Gorinchem tot aan Schiedam zelfs. Nou, dat je daarop regionaal met elkaar inzet pleegt, daarvoor betaalt u gewoon via de reguliere begroting zoals alle Drechtstedengemeentes jaarlijks een bijdrage aan. En nou ja, als daar in een jaar iets overblijft dan gaat dat naar dat fonds wat u noemde, dat is niets anders dan eigenlijk een soort schommel voor ons, een reserve om net uitgaves die in het ene jaar over het jaar heen schieten je op die manier kan verwerken.

Dus het is niet zo dat daar nog weer een apart fonds is, en dit is gewoon puur een fonds wat je reserveert voor je eigen fysieke opgave binnen je eigen stad waarmee je een bijdrage levert aan die totale regionale economische opgave. De voorzitter: Nou, dan zijn volgens mij alle vragen beantwoord en in ieder geval de revue gepasseerd. Ik zie ook niemand nog naar de knop grijpen. Dan dank ik de wethouder voor de beantwoording van alle vragen. En dan komen wij hier zoals eerder gezegd… Mevrouw Van den Bergh: Voorzitter. De voorzitter: Toch niet. Mevrouw Van den Bergh.

37

Mevrouw Van den Bergh: Ja, ik had nog een korte vraag omdat de wethouder antwoordde hoe de raad hierin zit en dat de raad dus op bepaalde terreinen besluiten neemt, maar ik zou toch willen voorstellen en ik wilde vragen of dat gerealiseerd kan worden om toch een stand van zaken te blijven, of komen we er straks op terug bij die gebiedspaspoort, maar ook om steeds een overzicht te geven in de P&C-cyclus. Hoe de ontwikkelingen zijn op de bedrijventerreinen en wat de banen betreft. De voorzitter: Wethouder. De heer Burggraaf: Ja voorzitter, de banenmonitor die leveren we minimaal één keer per jaar, ik weet niet of we nou al twee keer per jaar hadden gedaan, en daar is ook recent nog naar u een briefje gegaan dus die ambitie van die 4.000 banen die monitoren we, zitten nu op 2.500, 3.000. En daar krijgt u gewoon een of twee keer per jaar een overzicht van. De voorzitter: Mijnheer Polat. De heer Polat: Ik wou iets verzoeken. Kunnen wij van wethouder, kunnen wij hem van verwachten dat er een matrix komt van alle programma’s voor de komende periode zodat wij gewoon in één opslag kunnen zien wat de impact is van al die programma’s? De voorzitter: Heeft u het dan over de business cases of … De heer Polat: Van de business cases. Absoluut. De voorzitter: Dat is een vraag die ook eerder aan de orde is geweest […] De heer Burggraaf: Ja.

Ik [weet niet of ik u] goed begrijp, kijk, één is het zo dat nogmaals dat u zo meteen een afwegingskader vaststelt, dus die gaat nog naar u toe, en op basis daarvan wordt dan vervolgens individuele business cases, ja, getoetst en gedraaid zeg maar. Dat is dan een collegebevoegdheid. Als het gaat om de monitoring gewoon van alle business cases, dus ook van alle business case van de zeven die nu in de agenda 2030 zitten, daarvoor krijgt u een dashboard die we gaan ontwikkelen zodra dit is vastgesteld, en dat zal dan, ja, in de tweede helft van het jaar, begin volgend jaar volgen. Dus dan kan je daarmee monitoren op al je business cases binnen agenda 2030. En natuurlijk zal het zo zijn dat we u verder, ja, ik denk, ik probeer dan toch zo veel mogelijk daar bij de gewone reguliere P&C-cyclus te blijven waarin je monitort of terugkoppelt hoe je zit met betrekking tot je investeringsagenda, hoeveel je op dat moment hebt geïnvesteerd vanuit dit fonds. Maar dat is meer gewoon een globale terugkoppeling. De heer Polat: Voorzitter. De voorzitter: [mijnheer] Polat.

38

De heer Polat: Dank. Kijk, dat is pas na de vaststelling komt er een dashboard. Ik zou graag van tevoren zouden we graag van tevoren willen weten, dat is een matrix waarbij je dus kan zien wat de impact is van alle individuele business cases programma’s, zodat we gewoonweg een besluit kunnen over nemen en hem goed kunnen vaststellen. Dat is wat u vraag. De heer Burggraaf: Ja voorzitter, dat is bij de technische beantwoording van de vragen zijn een aantal tabellen geleverd als bijlage, omdat dat inderdaad een van de vragen was van goh, kunt u een poging doen om alle business cases ook vergelijkbaar met elkaar te maken, en daarvoor zit bij de beantwoording van de technische vragen zit daarvoor een, nou ja, een bijlage bij waaruit u daarmee wat eigenlijk wat u vraagt, het staat alleen niet in een matrix maar het zijn gewoon aparte A4’tjes, als je die naast elkaar legt kunt u die business cases tegen elkaar afzetten. De voorzitter: Nou, echt als laatste nu hoor. De heer Polat: De wethouder heeft natuurlijk een eigen ambtenarenapparaat die dat gewoonweg allemaal naast elkaar kan leggen en een matrix kan samenvatten. Kunnen we dat dan verwachten van u? De heer Burggraaf: Nou voorzitter, ik wil het gewoon houden bij hetgeen u is aangeleverd in de beantwoording van technische vragen. Ik heb ze zelf gezien, die vond ik zelf heel overzichtelijk.

Als we dan nog weer een stap verdergaan met een matrix, ja, dan ga ik een illusie beloven want dat zou betekenen dat je al die business cases precies een-op-een kan vergelijken, waarbij ook in die beantwoording staat aangegeven: ja, het zijn niet altijd een-op-een vergelijkbare investeringen, omdat het een veel meer maatschappelijk rendement heeft en het ander meer financieel rendement, dus er blijft altijd voor een deel appels met peren-vergelijking in zitten. Alleen met die bijlages die we hebben geleverd hebben we er wel het maximale uitgehaald om zo veel mogelijk er appels van te maken, zodat u in ieder geval daar het dichtstbij komt. En een stap verder, ja, is gewoon niet realistisch. De voorzitter: Oké. Dus daar zult u het mee moeten doen, mijnheer Polat. Maar u had toch al gezegd ik stem niet in met de voorstellen, dus dan is dit misschien voor u een extra argument. Maar het dashboard komt eraan. Komt eraan. Goed, ik kijk nog één keer rond, geen vragen meer. Dan sluiten we dit onderwerp, we komen hierover terug. En ik heb het daarstraks gezegd, volgens mij 7 juli, dus het duurt nog wel eventjes om ze integraal te bespreken, ook in deze commissie. 5. Raadsinformatiebrief Coronamaatregelen (8 juni 2021) – Raadsinformatiebrief De voorzitter: En dan ga ik door naar het volgende punt op de agenda, en dat is de raadsinformatiebrief coronamaatregelen.

Kunnen we die voor kennisgeving aannemen? Ja. 6. Vaststellen Kadernota 2022 – Raadsvoorstel

39

De voorzitter: Dan de nieuwe behandelvoorstellen, het vaststellen van de kadernota, die wordt voorgesteld met een raadsvoorstel ter bespreking aan de raad aan te bieden en te bespreken in de commissie ter voorbereiding op de besluitvorming. Ja hè. Of een hamerstuk. Ik heb er al twee. 7. Raadsinformatiebrief Gewijzigde SiSa2020-bijlage in Jaarstukken 2020 wegens verschrijving – Raadsinformatiebrief De voorzitter: Raadsinformatiebrief gewijzigde SiSa2020-bijlage in jaarstukken 2020 wegens verschrijving, hier wordt voorgesteld de raadsinformatiebrief ter kennisgeving gaan de raad aan te bieden. Akkoord? 8. Artikel 40 vragen RvO van de fractie SP over Nota Lokale Heffingen De voorzitter: Dan artikel 40 vragen van de fractie van de SP over de Nota Lokale Heffingen, en u wordt voorgesteld de vragen voor kennisgeving aan te nemen in afwachting van de beantwoording door het college. 9. Termijnagenda De voorzitter: En dan komen bij punt 9, en dat is de termijnagenda. En de vraag is hier: heeft hier iemand nog opmerkingen over dan wel vragen bij? Niet? 10. Rondvraag De voorzitter: Dan komen we bij de rondvraag. Heeft er nog iemand wat voor de rondvraag? Niet, de heer Wringer had daarstraks wel een vraag, wethouder, maar die wordt aan u doorgestuurd. Dat gaat over de sportvereniging Refter, of zeg ik dat goed? Ja, RetZef. 11.

Sluiting De voorzitter: Nou, dus dan als er geen vragen meer zijn voor de rondvraag dan sluit ik deze vergadering. Dan dank ik ieder voor zijn inbreng, ik wens u allen wel thuis en ik dank alle kijkers thuis en luisteraars voor hun geduld om dit weer mee te maken. Ik dank u wel. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 13 juli 2021. De griffier,

De voorzitter,

A.E.T. Wepster

A.W. Kolff

40

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/302/documents/11451