CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.4 2026.03.03 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 31 maart 2026, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Dordtse Dinsdag van 24 februari en 3 maart 2026 Vergaderzalen 1, 3 en 517.522 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Ik denk dat, als ik voor mezelf mag spreken, het even moet bezinken voordat iedereen het helder heeft. Kan ik dan wel concluderen dat wij voldoende informatie hebben voor deze beeldvormende sessie? Kan ik dan ook concluderen dat de beantwoording van de artikel 40-vragen ter kennisgeving kan worden aangenomen? Dan is het, denk ik, omdat dit de laatste commissie is, aan de volgende raad of zij hier nog verder actie of beeldvormend wil ondernemen. Dank u wel. Dan wil ik echt alle partijen heel erg hard bedanken voor de openheid en de wil om hier

20

te komen zitten, want sommige vragen zijn niet makkelijk. Dank u wel daarvoor. Dan nog mijn laatste vraag, wil iedereen zijn flesjes en glazen mee terugnemen? 3. Initiatiefvoorstel Kom tot een zero emissiezone stadslogistiek in Dordrecht van fractie GroenLinks – Raadsvoorstel De agendapunten 3, 4 en 5 worden gezamenlijk besproken. 4. Raadsinformatiebrief over Geen wensen en bedenkingen Initiatiefvoorstel kom tot een zero-emissiezone stadslogistiek Dordrecht - Raadsinformatiebrief De agendapunten 3, 4 en 5 worden gezamenlijk besproken.

5. Brief aan gemeenteraad van Stichting ONL voor Ondernemers over position paper zero emissiezones Voorzitter: De heer Struijk Raadsgriffier: Mevrouw Bronsveld Verslag: NotuBiz Aanwezig: Mevr. Van den Aardwegh-van Leeuwen (CDA) Dhr. Van Antwerpen (Beter voor Dordt) Dhr. Ayverdi (DENK) Mevr. Van den Bergh (PvdA) Mevr. Dijkstra (Gewoon Dordt) Dhr. Kuhlmann (VVD) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Mevr. Nieuwland-van den Bosse (ChristenUnie/SGP) Mevr. Pichel (Fractie Pichel) Dhr. Tutupoly (Op Ons Eiland) Dhr. In ’t Veld (VSP) Dhr. Venderbos-Lambinon (Partij voor de Dieren) Portefeuillehouder: wethouder J. Veldman De voorzitter: Iedereen weer wakker? Beste mensen, hartelijk welkom. We zijn hier bijeen voor het initiatiefvoorstel Kom tot een zero emissiezone stadslogistiek in Dordrecht van de fractie Groenlinks. Er is een RIB over, geen wensen en bedenkingen. Initiatiefvoorstel Kom tot een zero emissiezone stadslogistiek Dordrecht. Er is een quorum, heb ik geconstateerd. We kunnen wettig vergaderen. Ik heet u als raads- en commissieleden hartelijk welkom. Ik heet ook hartelijk welkom wethouder Veldman namens het college. Maar ik wil u er alvast op wijzen dat u niet met wethouder Veldman in discussie gaat, maar met collega Van der Meer, want het is een initiatiefvoorstel van GroenLinks. Zoals gebruikelijk, nadat ik ook mevrouw Bronsveld welkom heb geheten, de

21

mensen die ik daar op de tribune zie zitten en de vele kijkers en luisteraars thuis, gaan we ons eerst even netjes voorstellen. Mevrouw Bronsveld, begint u maar. Mevrouw Bronsveld: Niet geheel verrassend, Corine Bronsveld, commissiegriffier. De heer Tutupoly: Gersom Tutupoly, Op Ons Eiland. De heer Van Antwerpen: Dick van Antwerpen, Beter voor Dordt. De heer In ’t Veld: Richard In ’t Veld, VSP. De heer Ayverdi: Emin Ayverdi, DENK. Mevrouw Nieuwland-van den Bosse: Eline Nieuwland, ChristenUnie/SGP. Mevrouw Dijkstra: Marjanne Dijkstra, Gewoon Dordt. De heer Van der Meer: Frans-Bauke van der Meer, GroenLinks. Mevrouw Van den Aardwegh-van Leeuwen: Jolanda van den Aardwegh, CDA. De heer Kuhlmann: Alexander Kuhlmann, Dordtse VVD. Mevrouw Pichel: Ruby Pichel, Fractie Pichel. De heer Venderbos-Lambinon: Cees Venderbos-Lambinon, Partij voor de Dieren. Mevrouw Van den Bergh: Jacqueline van den Bergh, PvdA. De heer Veldman: Ik speel helemaal geen rol. Joost Veldman, wethouder.

De voorzitter: U zit hier nu eenmaal. Dan moeten ze ook weten wie u bent. Goed. Mijn naam is Leen Struik en ik ben uw voorzitter vanavond. Waarom zitten we hier? De invoering van de zero-emissiezone is vorig jaar uitgebreid in de commissies en de raad besproken. Ik ga u nu alvast vragen om dat niet allemaal even uitgebreid over te doen. Het raadsvoorstel werd uiteindelijk in de raad verworpen. Nu ligt er een initiatiefvoorstel van GroenLinks om de zero-emissiezone per 1 januari 2027 in te voeren. De Agendacommissie besloot vorige week het initiatiefvoorstel direct oordeelvormend te agenderen. We bespreken het vanavond aan de hand van de volgende politieke vragen, ik lees even voor, wat vindt de commissie van de ontheffingsregeling tot 2030 voor marktondernemers, zoals voorgesteld is in dit initiatiefvoorstel? Die vraag komt van de SP. Is het verstandig om Dordtse ondernemers, inclusief niet marktondernemers, middels dit voorstel te dwingen om je bedrijfswagen die nog jaren mee kan te vervangen door een dure elektrische wagen? Vraag van de VVD. Maakt dit initiatiefvoorstel voldoende duidelijk waar de grenzen liggen van de binnenstad van Dordrecht? Vraag van de Partij voor de Dieren. Dan is het aan GroenLinks om het initiatiefvoorstel te verdedigen.

Het college heeft in de raadsinformatiebrief aangegeven dat zij geen gebruik maakt van de mogelijkheid wensen of bedenkingen te uiten. Ze laat het nu verder over aan de raad,

22

maar de wethouder krijgt straks uiteraard nog wel de gelegenheid te reageren op eventuele vragen aan zijn adres. Bij dezen alvast een verzoek, mocht u een vraag hebben waarvan u denkt, die is voor de wethouder, geeft u dit dan even duidelijk aan. Dan kan hij het noteren. Ik stel voor dat we nu niet eerst even de drie indieners van de politieke vragen het woord geven, maar dat eerst Groenlinks de gelegenheid krijgt om het initiatiefvoorstel toe te lichten. Daarna wil ik wel de volgorde SP, maar die is er volgens mij niet, VVD en Partij voor de Dieren aanhouden en daarna wie er maar wil. Mijnheer Van der Meer, aan u her woord.

De heer Van Der Meer: Dank u zeer, voorzitter. We hebben veel vragen gekregen van verschillende fracties over waarom we dit initiatiefvoorstel nu hebben ingediend na de besluitvorming in de raad van oktober over dit onderwerp, waarbij we het niet eens bleken te kunnen worden, of in elk geval niet eens werden, over de voorwaarden en de uitzonderingen die daarbij moeten gelden. We hebben daar 3 redenen voor. Ten eerste, een uitstootvrije zone is zeer gewenst, zowel uit het oogpunt van luchtkwaliteit en gezondheid als vanwege de bijdrage aan klimaatneutraliteit. Dat belang wordt niet in de laatste plaats ook ondersteund door organisaties uit het bedrijfsleven, mits technisch en financieel haalbaar. Reden om opnieuw te kijken of we het over de voorwaarden eens zouden kunnen worden. Tweede argument, de betrouwbare overheid. In 2021, toen wij nog niet in de coalitie zaten, is het proces naar een zero-emissiezone in 2026 in gang gezet. In het politieke akkoord van 2022 is dat nog eens bevestigd. Het is niet goed uit te leggen dat zo'n zone er niet komt, zeker als je bedenkt dat die er in de toekomst door landelijk of nieuw lokaal beleid ongetwijfeld wel komt. Over betrouwbare overheid gesproken. Ten derde, verschillende ondernemers hebben al geanticipeerd op de komst van de zero-emissiezone en elektrische voertuigen aangeschaft.

Die ondernemers laten we in de kou staan als we de zone niet instellen. Niettemin hebben we in overleg met verschillende fracties gemerkt dat er veel ongemak is met deze discussie op dit moment. Wij voelen dat ongemak zelf ook, maar om de drie genoemde redenen, toch een poging om met dit initiatiefvoorstel tot overeenstemming te komen. Dat de marktondernemers in dit verband specifieke problemen kennen, is duidelijk. Wij kunnen na alle discussies die daarover gevoerd zijn, meegaan in de gedachte dat er daarom voor deze categorie ondernemers generieke maatregelen nodig zijn. Dat is ook in het initiatiefvoorstel neergelegd. Ongeveer langs de lijnen, zoals in het debat van oktober door Gewoon Dordt gesuggereerd. Voor andere ondernemers ligt dat gedifferentieerder. Een deel heeft, zoals ik zei, al geïnvesteerd. Voor een deel van de ondernemer zal dat geen probleem zijn en voor een deel mogelijk wel. In onze ogen biedt de hardheidsclausule voldoende ruimte om iedereen daarmee recht te doen en in feite beter dan een generieke regeling, waaronder mensen zouden kunnen vallen die het niet nodig hebben. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Meer. Zoals ik al gezegd had, de eerste die mag reageren is mijnheer Kuhlmann van de Dordtse VVD. De heer Kuhlmann: Dank u wel, voorzitter. Onze stad heeft heel veel om zuinig op te zijn.

De Dordtse vlag die vier wappert bovenop de Grote Kerk, de hertjes in Park Merwestein,

23

de ijsbaan met kerst, Big Rivers in de zomer en zo kan ik nog wel even doorgaan. In dat rijtje horen, wat betreft de Dordtse VVD, ook al die enthousiaste ondernemers in onze stad, van de pizzabakker tot aan de wasmachinespecialist, van de hovenier tot aan de marktkooplieden, van de loodgieter tot aan de uitbater van een feestzaal. Stuk voor stuk lokale ondernemers om zuinig op te zijn. Het baart ons zorgen dat GroenLinks met een voorstel komt dat juist onze lokale ondernemers keihard raakt en ze verplicht om hun trouwe bestelbus, die nog jarenlang mee kan, te vervangen door een dure elektrische bus. Helaas past dit in de wereldvreemde afslag die GroenLinks heeft genomen. Ze willen de tweede auto afpakken van Dordtenaren, voor jou beslissen hoeveel tegels je in de eigen tuin mag hebben, het uitzicht van Sterrenburg en Wilgenwende verpesten met megawindturbines langs de A16. De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann, ik stel voor dat we ons beperken tot het initiatiefvoorstel. De heer Kuhlmann: Ik heb nog een hele lange lijst met allemaal nare, gekke dingen. De voorzitter: Slaat u vooral om. De Kuhlmann: Als kers op de taart willen ze de zero-emissiezone die, wat hen betreft, het liefst uitstrekt van Stadspolders tot Sterrenburg en van Dubbeldam tot aan De Staart, in alle wijken van Dordrecht. Laat ik vooropstellen dat ik de mensen van GroenLinks ken als vriendelijk.

Ze zijn misschien niet altijd even lief voor elkaar binnen hun eigen partij, maar naar buiten toe zijn het hele zachtaardige mensen. Mijnheer Kuhlmann, ik denk dat het een opmerking is die u niet moet maken hier. Laten we het zakelijk houden. De heer Kuhlmann: Maar als je kijkt naar dit voorstel en andere toch wat wereldvreemde plannen van GroenLinks, dan schrik je, je helemaal te pletter. Zij kiezen met hun wereldvreemde afslag voor plannen die slecht zijn voor ondernemers, slecht zijn voor Dordtenaren met een auto, slecht zijn voor allerlei andere groepen. Kortom, slecht voor iedereen die van onze stad houdt. De voorzitter: U krijgt een vraag, mijnheer Kuhlmann, van mevrouw Nieuwland. Mevrouw Nieuwland-van den Bosse: Mijn vraag aan mijnheer Kuhlmann is, in hoeverre verschilt dit voorstel nu van het voorstel dat we een aantal maanden geleden hebben besproken en waar de VVD voor heeft gestemd? De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Het voorstel dat er toen uiteindelijk lag, na veel gesprekken en een hele gang om tot een compromis te komen, was iets wat voor ons net te doen was. Op belangrijke onderdelen verschilt het. Daar was een grote uitzondering voor alle ondernemers in opgenomen. We zitten nu in een hele andere situatie. GroenLinks heeft er zelf voor gekozen om dat voorstel weg te stemmen.

Zodoende zijn wij weer terug op onze oorspronkelijke positie, namelijk dat we tegen zo’n zero-emissie zone zijn. De voorzitter: Gaat u verder met uw woordvoering.

24

De heer Kuhlmann: Aan iedereen die geeft om onze stad zou ik willen zeggen, sta er even goed bij stil wat het zou betekenen als GroenLinks-PvdA het voor het zeggen zou hebben in onze stad. Er staat heel veel op het spel als zij de grootste worden in onze stad. Wie doorheeft wat er op het spel staat, begrijpt hoe noodzakelijk een grote Dordtse VVD is om tegenwicht te bieden. We hebben als Dordtse VVD helemaal niets op met al die wereldvreemde plannen van GroenLinks-PvdA. Wij maken echt een andere keuze voor de stad. Wij zitten niet te wachten op betutteling en we zijn zuinig op onze ondernemers. Voorzitter, het moge duidelijk zijn, wij zijn tegen dit voorstel. De voorzitter: Dank, mijnheer Kuhlmann. Ik had zoiets begrepen. De volgende op het lijstje. Dat was de Partij voor de Dieren, mijnheer Venderbos-Lambinon. De heer Venderbos-Lambinon: Dank, voorzitter. Voorzitter, beperk mij tot initiatiefvoorstel en zal niet gaan uitwijden over onze idealen betreffende een leefbaar en gezond Dordrecht. Zoals we tijdens de raad van 17 oktober hebben aangegeven, had de Partij voor de Dieren, in tegenstelling tot vele andere partijen, liever gezien dat de nulemissie zone op 1 januari 2026 ingegaan zou zijn. Invoering van de nul-emissie zone stadslogistiek zorgt immers voor schonere lucht en gezonde longen. De Partij voor de Dieren stelt dan ook gezondheid en welzijn boven winst.

Hoe eerder de zero-emissiezone wordt ingevoerd, hoe beter voor de luchtkwaliteit. We zijn een groot voorstander van het weren van vrachtverkeer uit het centrum en woonkernen. Distributie en overslagpunten aan de rand van de gemeente, waarna verder vervoer van goederen fossielvrij plaatsvindt, draagt hiertoe bij. De voorzitter: Mijnheer Venderbos-Lambinon, u heeft een interruptie van mijnheer Van Antwerpen, Beter voor Dordt. De heer Van Antwerpen: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, mijnheer Venderbos heeft het over de luchtkwaliteit. Hoe verhoudt zich dat als op hetzelfde moment een dieselschip langskomt varen over de Oude Maas en de wind staat vanaf de andere kant? De voorzitter: Mijnheer Venderbos. De heer Venderbos-Lambinon: Voorzitter, het is een stokpaardje dat vaak tevoorschijn gehaald wordt van, denk aan de omgeving. Dat klopt. Er zijn heel veel dieselvaartuigen. Ik woon er vlakbij, ik weet weel waar ik over praat. Alleen, ook in de scheepvaart zijn heel veel ontwikkelingen die ervoor gaan zorgen dat diesel veel schoner wordt. Motoren worden schoner, de luchtfilters. Vrij grote investeringen worden nu gedaan in elektrische vaartuigen. Als wij daarop gaan zitten wachten, dan hebben we een aantal jaren nodig. Waarom zou je ene niet doen als het ander ook in beweging komt? Je kan blijven wachten, maar dan gebeurt er niets. Ik ga even verder, voorzitter.

De Partij voor de Dieren ondersteunt dat ondernemers, ook marktondernemers, particulieren en andere eigenaren van voertuigen aangeschaft in 2022 of eerder, een ontheffing verleend wordt die uiterlijk 1 juli 2030 af moet lopen. Het is ons echter onvoldoende duidelijk waar volgens de initiatiefnemers de grenzen liggen van de binnenstad. Er zijn 2 beschrijvingen van de binnenstad. In de eerste beschrijving wordt de binnenstad begrensd door de Voorstaathaven en in tweede beschrijving door de Spuihaven. Graag een reactie van

25

initiatiefnemers over wat zij als grens hanteren en de vraag om dit duidelijker in het voorstel te definiëren. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Venderbos. Ik zie mevrouw Pichel en mijnheer Kuhlmann. Mevrouw Pichel: Dank, voorzitter. Vraag aan mijnheer Venderbos. Laten we zeggen, een zero-emissiezone, of als we het hebben over minder auto's in de binnenstad, minder uitstoot in de binnenstad, dan zijn we daar zeker een voorstander van. Mijn vraag is alleen, waarom de verplichting naar elektrische voertuigen? We kunnen ook aangeven dat er minder vervoersbewegingen zijn, minder vaak toegang tot het centrum, misschien grotere delen waar auto's gaan rijden. Elektrische voertuigen vragen weer om meer chemische middelen, toch weer PFAS dat vervaardigd moet worden, fijnstof dat vrijkomt. Waar komt het vandaan dat we niet gaan voor reductie, maar dat er toch een push moet zijn naar de elektrische voertuigen? De voorzitter: Mijnheer Venderbos. De heer Venderbos-Lambinon: Behalve elektrische voertuigen hebben we het nu over elektrische vrachtwagens, elektrische personenauto’s, Er zijn vele andere mogelijkheden om goederen de stad in te rijden. Ik zie regelmatig een bepaalde organisatie die huishoudelijke apparatuur levert met fietsen en een bakfiets ervoor. Dat is ook een mogelijkheid.

Als we gaan kijken naar de bijvoorbeeld PFAS in een voertuig, dat ben ik helemaal eens met mevrouw Pichel, het zit erin, dan moeten we ook niet meer gaan vliegen en niet meer met een oceaanschip gaan varen, want in elk vervoermiddel zit een hoeveelheid PFAS. Mevrouw Pichel: Mag ik nog een vervolgvraag stellen? De voorzitter: Ja. Maar ik ga u even wijzen op wat ik aan het begin heb gezegd, laten we niet de discussie gaan overdoen die we uitvoerig in de commissies en de raad hebben gedaan. Er zijn drie politieke vragen. Ik stel voor dat we langs die drie politieke vragen de discussie gaan voeren en niet weer, een beetje oneerbiedig, oude koeien uit de sloot gaan halen. Mevrouw Pichel: Ik denk dat deze vraag in ieder geval overeenkomt met de tweede politieke vraag, of het verstandig is om middels dit voorstel te dwingen om je bedrijfswagen te vervangen voor een dure elektrische wagen. Want mijn vervolgvraag aan mijnheer Venderbos is, ik hoor wat u zegt en ben het daar ook mee eens. Alleen, dit voorstel dwingt wel tot de overgang van de wagens die ze nu hebben te vervangen door elektrische voertuigen. Dat ligt er wel aan ten grondslag. Ondanks dat ik het met hem eens ben dat men ook met de … Een marktondernemer kan moeilijk alles aanleveren op de fiets, maar er zijn heus wel andere oplossingen te bedenken. Toch duwt dit voorstel wel die kant op.

Dan blijft mijn vraag nog steeds liggen. De voorzitter: Mijnheer Venderbos, misschien nog een korte reactie daarop?

26

De heer Venderbos-Lambinon: Voor de marktkooplui worden al uitzonderingen gemaakt voor een aantal jaren. Dat aantal jaren hebben ze nodig om een oude auto te kunnen vervangen. Wat ik al zei, wij gaan voor gezondheid en niet voor winst. De voorzitter: Dank. Mijnheer Kuhlmann, u had ook een vraag? De heer Kuhlmann: Een vraag aan mijnheer Venderbos van Partij voor de Dieren is waarom hij liever buitenlandse loodgieters en klusjesmannen in onze binnenstad ziet, dan Dordtse en Nederlandse klusjesmannen en loodgieters. Dat is namelijk de consequentie van het voorstel waar u zo enthousiast over bent. Nederlandse kentekens krijgen een boete, buitenlandse kentekens niet. Waar u zo enthousiast over bent, betekent dat er een heel ander type klusjesmannen en loodgieters in onze binnenstad actief zijn. Waarom vindt u dat zo leuk? De voorzitter: Even wachten. Dit wordt volgens mij een beetje een hele wonderlijke discussie. Nogmaals, ik ga het weer zeggen, niet de discussie over doen die we eerder gehad hebben. Dat moeten we echt, denk ik, niet willen ligt een. De heer Kuhlmann: Voorzitter, als u zegt, we moeten niet de discussie over doen, moet u naar mijn buurman van GroenLinks kijken. Zij komen met een voorstel. De voorzitter: Daar mag u heel kort best van zeggen dat u ertegen bent. Dat is helemaal prima, maar de hele discussie opnieuw overdoen, lijkt mij niet echt vruchtbaar.

Mijnheer Venderbos, zou u heel kort op de vraag van mijnheer Kuhlmann over de buitenlandse loodgieters willen reageren? De heer Venderbos-Lambinon: Natuurlijk. We hebben het over de binnenstad. De binnenstad wordt autoluw. Dit betekent dat er camera's komen te staan en handhaving. En als je buitenlandse, waar trouwens hele goede mensen onder zitten die ook elektrische bussen rijden, ik woon in de binnenstad en ik zie het voorbijkomen, die kan je op een bepaalde manier misschien wel door handhaving weren. Zij hebben namelijk een vervuilende auto. Een emissieloze en autoluwe binnenstad kan je controleren. De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann, kort nog. De heer Kuhlmann: Ik wil daar kort bij zeggen dat het een feit is dat die boetes niet bij de buitenlandse kentekens belanden. Het is heel spijtig, maar dat is nu eenmaal zo. De voorzitter: Dan zullen we daar misschien iets aan moeten gaan doen. Mijnheer Van der Meer, ik heb een vraag gehoord van mijnheer Venderbos. Het lijkt me handig als u daar nu direct op reageert, over de grenzen van de twee havens. De heer Van Der Meer: Wij zijn uitgegaan van de grenzen die in het oorspronkelijke voorstel stonden, maar dat kunnen we uiteraard verduidelijken in het voorstel zelf. De voorzitter: Duidelijk. Mevrouw Van den Aardwegh, u wil het woord? Die krijgt u bij dezen.

27

Mevrouw Van den Aardwegh-van Leeuwen: Dank, voorzitter. Het CDA ziet de meerwaarde van dit voorstel op dit moment niet in. Het was nota bene Groenlinks die het vorige voorstel naar de prullenbak verwees. We begrijpen dat Groenlinks spijtoptant is geworden, maar aangezien nog niet is gewerkt aan de oplossing voor de problemen die toen al bekend waren, is dat voor het CDA een reden om hierin nu niet mee te gaan. Het getuigt niet bepaald van een betrouwbaar bestuur als we dit onderwerp zo kort na de raadsbehandeling weer agenderen. We volgen hierin graag het landelijk beleid en niet een beleid dat met name een ontheffingencircus gaat worden zonder milieu- of gezondheidswinst. De voorzitter: Dank u wel. Wie mag ik verder nog het woord … Mijnheer van Antwerpen, daarna mijnheer In 't Veld en dan mijnheer Ayverdi. De heer Van Antwerpen: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, hoe serieus neem je jezelf als gemeenteraad door een voorstel dat 4 maanden geleden is afgewezen door diezelfde gemeenteraad, weer te gaan bespreken? De vraag stellen, is de vraag beantwoorden. Als we ons afvragen waarom mensen minder vertrouwen hebben in politiek, dan is dit, wat Beter voor Dordt betreft, een voorbeeld.

Mensen kunnen zich terecht gaan afvragen wat de houdbaarheid is van een beslissing, 4 maanden zoals in dit geval of de volgende keer nog korter? Voorzitter, we gaan het kort houden, Beter voor Dordt was 4 maanden geleden tegen het invoeren van de zero-emissiezone en dat zijn we nu nog steeds. Zoals mijn Beter voor Dordt-collega Jan-Willem Wringer aangaf in zijn woordvoering destijds, stop met het opdringen van de voertuigen. Laat de markt zijn werk doen, dan is rond 2040 heel Nederland vanzelf een zero-emissiezone. De voorzitter: Dank u wel. Mooie woordspeling over de markt, trouwens. Mijnheer In 't Veld. De heer In ‘t Veld: Dank u wel, voorzitter. In oktober 2025 heeft de VSP een amendement ingediend om de zero-emissiezone in de Dordtse binnenstad uit te stellen. tot 1 januari 2035. Dit heeft niet gehaald. Dat is jammer. Dit op basis van een bewuste keuze voor een eerlijke en realistische transitie die onze ondernemers, en met name de marktondernemers, de mogelijkheid biedt op een acceptabele manier de overstap te maken. Kijkend naar het initiatiefvoorstel, heeft de VSP nog steeds dezelfde bezwaren als bij het raadsvoorstel en biedt het initiatiefvoorstel hiervoor ook geen oplossing. Dan even langs de 3 politieke vragen, de volledige ontheffingsregeling roept vragen op over aan welke voorwaarden voldaan moet worden.

Wat houdt een ruimhartige hardheidsclausule in? Dit lijkt een beetje op tekenen bij het kruisje en we merken later wel waarvoor we getekend hebben. Daarnaast speelt nog altijd de problematiek met betrekking tot de oplaadmogelijkheden en de logistiek. De tweede vraag, een natuurlijke overgang naar elektrische voertuigen vraagt wel enige tijd. Geef de ondernemers die tijd dan ook en dwing ze niet voortijdig over te gaan. Het gaat om grote investeringen voor de betrokken ondernemers. Ik heb net iets gehoord over de onzekerheid die ze weg zouden nemen met het voorstel. Ik denk dat de onzekerheid beslist niet helemaal weggenomen wordt door de evaluatie die in 2028 uitgevoerd gaat worden en waarna het nog alle kanten op kan gaan. Ondernemers die al overgegaan zijn, waren er mogelijk al aan toe dat de vrachtauto vervangen moest worden. Het toont aan dat de tijd zijn werk vanzelf doet. Waarom nu alles overhoophalen? De grenzen waren ons ook niet duidelijk,

28

maar dat wordt nog wat verder toegelicht. Het zal duidelijk zijn dat de VSP niet zal instemmen met het initiatiefvoorstel. Dank u. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer In 't Veld. Dan ga ik naar mijnheer Ayverdi, DENK. De heer Ayverdi: Dank u wel, voorzitter. Schone lucht is geen discussie, dat willen wij allemaal, maar slecht doordacht beleid wel. De voorgestelde ontheffing tot 2030 voor marktondernemers wordt gepresenteerd als een oplossing. Maar laten we eerlijk zijn, als marktondernemers deze overstap financieel niet kunnen maken, dan geldt het net zo goed voor de loodgieter, de installateur en een kleine ondernemer. Een groep uitzonderen maakt het beleid niet rechtvaardig. Het is een politieke pleister op een probleem dat je zelf veroorzaakt. Wat hier in feite gebeurt, is dat ondernemers worden gedwongen hun bedrijfswagens die nog jaren mee kunnen, versneld af te schrijven en te vervangen door dure elektrische voertuigen. Dat zijn investeringen van tienduizenden euro's. In een tijd waarin ondernemers al onder druk staan, is dat geen duurzame transitie, maar helaas een gedwongen kapitaalvernietiging. Er wordt verwezen naar een groeiende tweedehandsmarkt en de technologische ontwikkelingen, maar zolang betaalbare alternatieven beperkt zijn en de laadinfrastructuur niet overal op orde is, blijft het beleid gebaseerd op aannames in plaats van de praktijk.

Daarnaast ontbreekt het nog steeds aan volledige duidelijkheid over de exacte afbakening van de zone. Ondernemers moeten weten waar ze aan toe zijn. Onduidelijkheid zorgt voor onzekerheid en dit remt investeringen. Een betrouwbare overheid schept eerst heldere kaders, voordat zij een ingrijpende verplichting oplegt. Dit voorstel dreigt een papieren overwinning te worden. Het ziet er ambitieus uit in een beleidsstuk, maar de rekening komt bij de hardwerkende Dordtse ondernemer te liggen. DENK kiest voor een realistische en betaalbare verduurzaming, niet voor symboolpolitiek en niet voor extra druk op het lokaal mkb. Daarom zullen wij dit voorstel niet steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Ayverdi. Ik zag in ieder geval mevrouw Dijkstra, maar Nieuwland ook? Dan doe ik maar even de volgorde. Mevrouw Nieuwland, ChristenUnie/SGP. Mevrouw Nieuwland-van den Bosse: De zero-emissiezone, we gaan het er weer over hebben. Ik moet zeggen dat het me echt wel spijt dat het zo gelopen is. We hebben hier enkele maanden geleden een hele goede discussie over gehad met elkaar. We zijn echt op zoek zijn gegaan naar waar nog de knelpunten zaten. Dan denken we aan de marktondernemers waar iedereen, denk ik, een warm hart voor heeft, maar ook aan de laadinfrastructuur en de bundeling van logistiek verkeer die nog onvoldoende is.

Als dat voorstel vervolgens wordt weggestemd met verschillende redenen, de ene vond het niet ambitieus genoeg en de ander vond het al veel te ver gaan, dan wordt het wel een heel ingewikkeld verhaal. Dat zien we nu terug. We gaan het er opnieuw over hebben met dezelfde samenstelling van de raad. Ik zou zeggen, kun je tellen, tel dan mee, maar dan verdoen we hier, volgens mij, echt onze tijd. Wij staan nog steeds als partij voor die gezondere lucht. Daarom willen we zeker kijken naar de zero-emissiezone, maar ik ga niet beginnen aan nog een amendement indienen op dit voorstel. Ik zie dat het geen nut heeft. Wie weet in de volgende periode. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van der Meer wil nog even een vraag aan u stellen.

29

De heer Van Der Meer: Even een vraag aan mevrouw Nieuwland. Suggereert zij dat het een beter idee zou zijn om de discussie verder te voeren na de verkiezingen? De voorzitter: Mevrouw Nieuwland. Mevrouw Nieuwland-van den Bosse: Ik wil niet zeggen dat de uitkomsten anders zullen zijn, want we kennen überhaupt de verkiezingsuitslagen nog niet. Maar de discussie herhalen, terwijl er niks veranderd is, dan denk ik, ik kan weer het voorstel amenderen op precies de manier die de VVD heeft voorgesteld en zelfs dan gaan we het niet halen, want de VVD voelt zich inmiddels ook daar niet meer aan gecommitteerd. Wat we ook doen, linksom of rechtsom, ik zie geen opening. Daarom snap ik het echt niet dat we hier dit initiatiefvoorstel bespreken. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Nieuwland. Ik ga naar mevrouw Dijkstra en daarna mevrouw Van den Bergh. Mevrouw Dijkstra: Voorzitter, de zero-emissie zone was er in oktober bijna. GroenLinks lijkt nu spijt te hebben van hun keuze in oktober en komt, onzes inziens, nu hiermee om voor de verkiezingen nog wat imago te redden. Wij zouden liever zien dat het oorspronkelijke raadsvoorstel weer op tafel komt, inclusief de amendementen, waaronder die van Gewoon Dordt. Die ging over de algemene ontheffing voor de marktondernemers. Het amendement werd aangenomen. Wellicht kan Groenlinks dan wel met het voorstel instemmen.

Dan zijn we er natuurlijk ook, maar dan niet als verdienste van GroenLinks. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Dijkstra. Ik ga naar mevrouw Van den Bergh. Mevrouw Van den Bergh: Voorzitter, commissieleden, volgens de VVD is het een volkomen wereldvreemd voorstel, maar de PvdA steunt het desondanks toch. We hebben er al uitgebreid over gediscussieerd, maar wij denken toch dat je een norm gaat stellen, of in ieder geval een datum, een perspectief geeft aan de mensen en de ondernemers in de binnenstad over dat het eraan zit te komen, laat ik het dan zo zeggen. Wij vinden zijn erg voor het systeem van ontheffingenverlening, met name over kleine ondernemers. De onkosten moeten niet onredelijk terechtkomen bij met name de kleinere ondernemingen. Daar moet maatwerk voor komen. Maar dat je een norm stelt, je op een gegeven moment toch een datum noemt dat het ingaat en dat je daardoor, met alle mitsen en maren, toch nog in overleg gaat, want er zijn allerlei gesprekken gaande in de binnenstad, vinden wij niet verkeerd. Wat dat betreft steunen wij nog steeds dit, volgens de VVD wereldvreemde, idee. Wij denken dat het niet zo wereldvreemd is, anders zouden wij daar toch niet voorstemmen, en dat je toch moet denken aan de ontwikkelingen die gaande zijn op het gebied van mobiliteit, gezondheid en beter leven. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Van den Bergh.

Ik denk dat wereldvreemd een subjectief begrip is, zullen we maar zeggen. Mijnheer Tutupoly, Op Ons Eiland. De heer Tutupoly: Dank u wel, voorzitter. U heeft ons gevraagd om de woordvoering van de laatste keer niet te herhalen. Dat gaan we ook niet doen. We hebben toen tegengestemd en we zullen het ook nu niet steunen.

30

De voorzitter: Dank u wel. Dat was kort, maar duidelijk. Dan krijgen we nog mevrouw Pichel van de Fractie Pichel. Mevrouw Pichel: Dank, voorzitter. Ik zal me beperken tot de beantwoording van de drie politieke vragen. De eerste, we zien dat de ontheffing alleen voor marktondernemers is, terwijl andere ondernemers zich hier ook tegen hebben uitgesproken. Waarom dan alleen de uitzondering voor de marktondernemers? Dat is een vraag aan de initiatiefnemer. De tweede vraag, daarvan zeggen wij dat ondanks dat de marktondernemers middels dit voorstel een aantal jaren uitstel krijgen, let wel, het is drie jaar later alsnog verplicht voor hen om een elektrisch voertuig aan te schaffen, de overige ondernemers wel worden, verplicht tot aanschaf. Het feit blijft dat onderzoek aantoont dat deze voertuigen niet schoner zijn, fijnstof, PFAS. En dan hebben we het nog niet eens over de duurzaamheid. Want de afschrijvingstermijnen zijn volgens de experts die de zero-emissiezone promoten, veel korter. Naast de hoge investeringskosten, wordt het voertuig ook nog eens in een kortere tijd afgeschreven. In hoeverre is dit meegenomen in de overweging van GroenLinks? Voor wat betreft de grenzen van deze zones, wij kunnen er echt heel ver meekomen in autovrije en autoluwe delen van de binnenstad. We doen dat als gemeente al voor een groot deel. Kunnen we sturen op ruimere autoluwe gebieden? Wellicht.

Kunnen we een grotere autovrije zone instellen? In goed overleg met onze inwoners kunnen we dat vast wel. Reduceren van verkeer, met elkaar bewust nadenken over wat we doen, maar dat werkt wel beide kanten op. Ik kan er met mijn hoofd niet bij dat de groene partijen elektrische voertuigen stimuleren waar meer PFAS voor nodig is en meer afgifte van fijnstof, terwijl er zo gestreden wordt tegen Chemours. Wij kunnen dit voorstel absoluut niet steunen. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Pichel. Ik denk dat iedereen zijn of haar zegje heeft kunnen doen. Het lijkt mij logisch dat mijnheer Van der Meer nu als eerste gaat reageren en daarna wellicht de wethouder nog. Mijnheer Van der Meer. De heer Van Der Meer: Dank u wel, voorzitter. Dank ook voor alle opmerkingen, vooral over de duidelijkheid daarvan. Ik wil er een paar dingen over zeggen. Over wereldvreemde, voorzitter, u zei het al, kan heel verschillend gedacht worden. Wij zien een wereld waarin klimaat, milieu, uitputting van grondstoffen enzovoort, dusdanig onder druk staat, dat wij ons zullen moeten realiseren dat we op behoorlijk korte termijn naar een andere manier van omgaan toe zullen moeten. Daar is dit een onderdeeltje van. Net zoals voor elk onderdeeltje geldt niet dat het ene onderdeeltje beslissend is, maar dat is waar we nu over spreken. Ik werp verre van mij het idee dat dit wereldvreemd is.

Als we een toekomst aan onze kinderen, kleinkinderen en aan de natuur willen laten, dan moeten we deze kant op. Iedereen realiseert zich dat het gaat gebeuren. Natuurlijk kun je discussiëren. Dat is ook gedaan, en terecht, over, hoe maak je het technisch mogelijk en betaalbaar? Daar zijn allerlei opmerkingen over gemaakt. In de hardheidsclausule is met name oog en ruimte om tegemoet te komen aan ondernemers die het zich financieel niet kunnen permitteren. Daar zijn mogelijkheden voor. Dat hoeven we niet expliciet toe te voegen, die zijn er. Ondernemers die het zich wel kunnen permitteren of al geïnvesteerd hebben, moeten we honoreren. Daar mag iets van gevraagd worden of dat mag beloond worden. Dat is onze inhoudelijke visie op dit voorstel. Natuurlijk kan het ook anders. Mevrouw Pichel vroeg zich af waarom we ondernemers dwingen om elektrisch te gaan. Als er betere

31

oplossingen zijn, ben ik daar erg voor in. Als we in staat zijn om vervoer in de stad van goederen te bundelen en met minder voertuigen te doen, dan is dat natuurlijk prima. Ik wil niemand dwingen om een elektrisch voertuig aan te schaffen, maar als er toch voertuigen gebruikt moeten worden, moeten we wel zorgen dat het schoon is. Wat is op dit moment de toegevoegde waarde van het voorstel? De voorzitter: Mijnheer Van der Meer, mevrouw Pichel wil daar heel even op reageren. Mevrouw Pichel: Ik wil mijnheer Van der Meer bedanken voor deze reactie. Hij geeft het zelf net al aan, in het voorstel wordt wel gesproken over het stimuleren van aanschaf. We kunnen zelfs compenseren. De ondernemers zeggen ook, maar we moeten, we hebben geen keus. De verplichting zit erg verweven in het voorstel. Ik vind het heel fijn dat we erover kunnen praten om te zeggen, misschien is er wat anders nodig. Alleen, ik lees dat elke keer niet terug in de voorstellen en in de intenties die erachter schuilen. De voorzitter: Mijnheer Van der Meer. De heer Van Der Meer: Ik zou het heel mooi vinden als er een nieuwe onderneming komt die voor allerlei ondernemingen bereid is het vervoer te doen. Dat zal voor de markt niet zo makkelijk kunnen. Daarom is daar een aparte regeling voor nodig. Maar voor andere ondernemingen zou ik dat prima vinden.

Het zou een interessante businesscase kunnen zijn, waardoor je met veel minder vervoersbewegingen toe kunt en niet iedereen een elektrisch voertuig hoeft aan te schaffen. Dat is een richting waarin je kunt denken. Dat zou heel goed zijn. Het gaat niet om het stimuleren dat elke ondernemer, individueel, een nieuw elektrisch voertuig neemt. Als dat gebundeld kan worden, graag. Daar wordt het alleen maar eenvoudiger van. Maar als er vervoerd moet worden, schoner. Mevrouw Pichel heeft allerlei feiten, zeg ik maar even tussen aanhalingstekens, genoemd over hoeveelheden fijnstof en andere schadelijke elementen van elektrisch vervoer. Natuurlijk zijn die er. Er zitten schaduwkanten aan. Maar per saldo, zeker als je ook de CO2-uitstoot meeneemt, weegt het, voor zover ik het ook maar enigszins kan overzien, tegen elkaar op en is elektrisch vervoer schoon. De voorzitter: Mevrouw Pichel, nog een poging. Mevrouw Pichel: Een poging, het is meer de laatste opmerking. Dat het per saldo schoner zou zijn, daar is continu geen antwoord op gegeven door de experts. Dat is niet om die discussie weer naar voren te halen, voorzitter. Het is wel constant aan de hand geweest dat er gevraagd is naar dat soort cijfers.

Wat levert het daadwerkelijk op? Is het schonere lucht ? Zoals mijnheer Van Antwerpen net zei, komt er een schip voorbij … Wat is het voordeel dat we eruit halen? En daar krijgen we geen antwoorden op. Moeten we dit soort besluiten baseren op geen antwoord? De voorzitter: Mijnheer Van der Meer. De heer Van Der Meer: Ik denk dat daar wel antwoorden op zijn. Als er een schip of een trein langskomt, daar kan ook van alles mee gebeuren. Maar daar gaat dit voorstel niet over. Dit voorstel gaat over wat we met een stadslogistiek op de weg kunnen doen. De voorzitter: Gaat u verder. Heeft u nog veel woorden?

32

De heer Van der Meer: Het CDA vroeg zich af wat het toevoegt. Het voegt toe dat we nu de weg opgaan met dit voorstel. De voorzitter: Sorry, ik ga u even onderbreken. Mijnheer Van Antwerpen wil ook nog een vraag stellen. De heer Van Antwerpen: Dank u wel, voorzitter. Ik zit een beetje in uw dode hoek. Daar komt het door. De voorzitter: Klopt. Maar ik word 13 maart geopereerd, als het goed is. De heer Van Antwerpen: Dan is het allemaal weer opgelost, gelukkig. Voorzitter, mijn naam werd genoemd. Ik vind wel dat we de voorbijgaande dieselschepen mee moeten nemen, want onderdeel van uw betoog is dat het gaat om verbetering van de luchtkwaliteit. Dan heb ik nog niet eens genoemd, stel dat de wind komt vanaf de industrie, vanaf een andere kant. Het gaat om een totaalplaatje. Als ik kijk naar sec de luchtkwaliteit, dan is de emissie-zone, mijns inziens, niet de oplossing. De voorzitter: Het gevaar dreigt dat we weer teruggaan naar de discussie van een aantal maanden geleden. De heer Van Der Meer: Ik zie graag voorstellen over het beperken van de uitstoot van de scheepvaart tegemoet. Daar praten wij graag over mee. Dan, over de toevoeging heb ik iets gezegd. Er was nog een vraag waarom we de markt apart behandelen. Daar heb ik al iets over gezegd.

Ik denk dat de situatie voor andere ondernemers veel gedifferentieerder ligt dan voor marktondernemers, dat daar met de hardheidsclausule beter op ingespeeld kan worden en dat voor andere ondernemers de alternatieve oplossingen, waar we het net over hadden, beter mogelijk zijn dan voor marktondernemers. Vandaar dat het rechtvaardigt om daar iets apart voor te regelen. In mijn ogen houden we voldoende rekening met ieders belang. Naar de schonere en gezondere wereld toe gaan met meer toekomst voor mens en natuur, daar zijn kosten mee gemoeid. De discussie over wie die moet dragen en hoe, zal op allerlei manieren en met name in het landelijk beleid gevoerd moeten worden. De suggestie van mevrouw Nieuwland om te kijken of het niet een verstandiger idee is om deze discussie verder te voeren na de verkiezingen, zal ik meenemen naar mijn fractie. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Meer. U zit ook in mijn dode hoek, maar als ik een beetje draai, dan zie u ik wel. Wethouder, heeft u nog behoefte om verder te reageren en in ieder geval mogelijke vragen te beantwoorden? De heer Veldman: Voorzitter, heel veel dank u. Volgens mij zijn er geen vragen aan mij gesteld. Dat geef mij al tien minuten de gelegenheid om na te denken over een soort wijze afsluiting, maar u heeft allemaal relevante dingen gezegd.

Ik constateer, en dat vindt het college wel jammer, zeg ik, dat het initiële voorstel van het college, waar het nog steeds achterstaat, het toentertijd niet heeft gehaald ondanks alle inspanningen van de verschillende fracties en dat Groenlinks nu dit initiatiefvoorstel heeft ingediend dat daar weliswaar sterk op lijkt. We hebben de realiteit van de politiek. We zitten in de laatste vergaderweken van deze raad. Daar hebben we het op dit moment mee te doen, ben ik bang. Daar wilde ik het bij laten.

33

De voorzitter: Dank u wel, wethouder. We kunnen het niet mooier en leuker maken dan het is. Goed, is er iemand die nog een tweede termijn nodig heeft? Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ik wil nog wel even reageren op wat mijnheer Van der Meer namens GroenLinks zei. Ik hoorde hem zeggen, dit is een goed plan, ook in verband met de uitputting van grondstoffen. Vergeef het me, voorzitter, maar het idee dat je bussen die nog lang mee kunnen laat afschaffen, vervangen, en die gaan op een andere plek van de wereld rijden, omdat het verplicht moet worden vervangen door een elektrische bus, daarvan vind ik het wereldvreemd als je daar het label opplakt, goed voor de grondstoffen. Maar goed, dat past dan een beetje bij al die andere hele gekke plannen van deze partij. De voorzitter: Dank u wel. We zitten een beetje in de verkiezingsmodus, zullen we maar denken. Mevrouw Pichel. Mevrouw Pichel: Voorzitter. Ik wilde toch nog even aan mijnheer Van der Meer vragen, want ik heb er niet helemaal een duidelijk antwoord op, waarom alleen de marktondernemers de uitzondering zijn. Er zijn ook andere ondernemers. Ik begrijp nog niet helemaal wat daar de reden voor is dat zij een uitzondering krijgen. De voorzitter: Ik moet u zeggen dat u niet goed geluisterd heeft, want ik heb wel degelijk het antwoord van mijnheer Van der Meer daarop gehoord.

Mevrouw Pichel: Dan heb ik het misschien niet helemaal logisch gevonden. De voorzitter: En ik geloof zelfs meerdere keren. Mevrouw Pichel: Mag ik het nog een keer vragen? De voorzitter: Mijnheer Van der Meer, kunt u heel kort nog een keer uw antwoord geven? De heer Van Der Meer: Op de markt gaat het vaak over hele specifieke voertuigen die ook technisch vaak niet zo snel te vervangen zijn. Daar heeft iedereen een probleem mee. Voor ondernemers ligt het heel verschillend. Er zijn ondernemers die het al geregeld hebben, er zijn ondernemers waar het geen enkel probleem voor is waar het wel een probleem voor is. Dat kunnen we met de hardheidsclausule goed regelen. Bovendien is de oplossing die wij samen construeerden, maak een aparte onderneming die het logistieke vervoer gaat regelen, veel toegankelijker voor ondernemers in allerlei winkels in de binnenstad dan voor de marktondernemers. Vandaar. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Meer. Mevrouw Pichel: Ik snap waarom het even niet landde. Ik begrijp wat mijnheer Van der Meer bedoelt, omdat bepaalde voertuigen nog niet beschikbaar waren. Maar als ze niet beschikbaar zijn, dan kun je ze ook niet aanschaffen. Dan zou de niet verplichting onlogisch zijn. Vandaar. De voorzitter: Dat is een hele heldere conclusie. Wat niet beschikbaar is, kun je niet aanschaffen. Dat klopt. Dat is een mooie afsluiting, denk ik.

Goed, beste mensen, verder

34

wil niemand het woord. Dan aan mij de eervolle taak om een conclusie te gaan trekken. In ieder geval is mijn conclusie dat het initiatiefvoorstel van GroenLinks zeer weinig kans heeft om door de raad aangenomen te worden. Sterker nog, die kans acht ik nul. Strikt genomen is het zo, GroenLinks, ik ga het maar vragen, dat het voorstel aangepast mag worden. Is daar behoefte aan? We kunnen het ook doorsturen naar de raad. Een hamerstuk lijkt me niet goed. Een stemstuk, in de raad erover stemmen en dat was het, zonder er verder over te praten, lijkt mij het meest verstandig. En of er dan nog wel wijzigingen komen of niet, ik vermoed eerlijk gezegd dat het aan de uitslag van de stemming niet veel zal veranderen. Als ik het niet goed geconcludeerd heb, dan hoor ik het nu graag van u. Bij dezen, mevrouw, is besloten dat het als stemstuk naar de raad gaat. Dat gaan we volgende week dan aftikken, denk ik. Ik dank u allen voor uw inbreng. Groenlinks voor de moeite van het maken en verdedigen van het initiatiefvoorstel, de wethouder voor zijn eervolle aanwezigheid alhier en zijn reactie. Ik verzoek iedereen om zijn spullen mee te nemen. Ik wens u verder nog een genoeglijke avond en sterkte in deze drukke campagnetijd. Goedenavond. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van …… 2026.

De griffier,

De voorzitter,

G.J.P. van Soest

N. Mol

35

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/1095/documents/47031