2.4 2024.07.02 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 3 - concept.pdf
Tekst van het document
Het handboek natuurinclusief bouwen heeft u onlangs ook als raad ontvangen en daar ziet u wel ook in beschreven wat het stellen van extra regels aan kostenvermeerdering heeft. Dus daar zijn we transparant in. Daar zoeken we ook altijd bij het invoeren van dat soort regels de bouwende en ontwikkelende partijen bij op om te toetsen of we niet teveel stapelen en daardoor onze andere ambitie, namelijk het snel bouwen, niet in de weg zitten. Dus we houden continu een vinger aan de pols en op zich de algemene oproep of pleidooi wat CDA daar ook over aangaf: zorg nou dat je zoveel mogelijk standaardisatie over het land hebt. Nou goed, daar kijken we ook altijd inderdaad kritisch naar, dat er niet teveel per verschillende gemeenten andere eisen gaan stellen. En tegelijkertijd willen we natuurlijk wel graag dat hier wel een mooie Dordtse kwaliteit wordt gerealiseerd. Dus we willen wel graag uiteindelijk ook onderscheidende bouw hebben, maar dat heb ik eigenlijk ook niemand hier horen zeggen dat, dat niet iets is wat we zouden moeten nastreven. Dan de vraag met betrekking tot het type woningen die we bouwen. U heeft recent ook de Bouwmonitor ontvangen. Daar kunt u teruglezen dat we enorm goed op weg zijn om het aantal sociale huurwoningen in planvoorraad te creëren. Ik hoorde het getal van achttienhonderdzestig al vallen.
Daarmee zitten we dus gewoon al heel erg dicht bij de totale opgave van te realiseren woningen van tweeduizend, zoals u in de woonvisie heeft vastgelegd. En in die tweeduizend is ook al opgenomen dat duizend woningen worden gebouwd die vervangen, daar waar het sloop of verkoop was en dat je er duizend vervolgens toevoegt. Dus we zitten daar gewoon al enorm ver op het creëren van de planvoorraad. Er zitten ook een aantal plannen die uw kant weer opkomen om weer nieuwe, harde planvoorraad erin te maken. Vandaag is gestart met de bouw op het Witte Dorp en aan de Charlotte de Bourbonstraat. Daar worden nu honderdnegenentwintig sociale woningen gebouwd, waar er eerst tachtig stonden. Dus daar wordt wel wat gesloopt, maar daar komen er uiteindelijk negenenveertig meer terug. Dus dat is ook iets wat we bij veel van die bouwprojecten zien, dat we door slimme stedelijke verdichting uiteindelijk ook meer kunnen realiseren, naast betere kwaliteit van woningen. De voorzitter: Goed om te horen, maar er staat een interruptie open van de heer Damen, PvdA. Gaat uw gang.
60
De heer Damen: Ja, de wethouder noemt nu twee keer hetzelfde, namelijk de ene keer dat we duizend woningen extra bouwen ter vervanging van de woningen die we slopen. Aan de andere kant dat wij een bepaald aantal nieuwbouwwoningen bouwen. Maar in dat aantal nieuwbouwwoningen zit gewoon die duizend woningen die we bouwen ter vervanging. Dus het gaat steeds om hetzelfde. De ene keer zeggen we heel trots: we bouwen zoveel nieuwbouwwoningen en we bouwen duizend extra woningen ter vervanging van de sloop. Nee, we bouwen zoveel nieuwbouwwoningen en we slopen zoveel woningen. De voorzitter: En is uw vraag dan eigenlijk, doen we nu en-en of doen we nu of-of? De heer Damen: We doen te weinig, voorzitter. De voorzitter: Wat is uw vraag aan de wethouder, zodat hij kan reageren? Zodat we een haakje hebben. De heer Damen: Waar ik zo nieuwsgierig naar ben is: wat is nou het netto resultaat van de toevoegingen? De voorzitter: Dank u wel. Gaan we naar wethouder Burggraaf. De heer Burggraaf: Dat is wat ik u net probeerde uit te leggen. De gemeenteraad heeft een woonvisie vastgesteld en de opdracht meegegeven aan het college om in totaal elfduizend woningen te gaan realiseren. Daarvoor hebben we de afgelopen tijd en zijn we continu bezig om daarvoor harde planvoorraad te creëren.
We bouwen ze niet zelf, maar we zorgen dat de planvoorraad is om de woningen te bouwen in de verdeling zoals u die rondom die elfduizend woningen hebt vastgelegd. Binnen die elfduizend woningen, heeft u gezegd: van die elfduizend moet u tweeduizend, zorgen dat er plan voor is om tweeduizend sociale huurwoningen te realiseren. Daarvoor zitten we inmiddels op de achttienhonderdzestig die u heeft gehoord. En die tweeduizend bestaat uit, het zijn ook allemaal bruto cijfers, maar die tweeduizend bestaat uit tweeduizend sociale huurwoningen waarvan netto een toename van duizend woningen is, omdat binnen die tweeduizend er duizend van waren, omdat het of gesloopt of verkocht wordt. Dus ter vervanging van dat deel. Dus dan met tweeduizend sociale huurwoningen bijbouwen kom je netto duizend woningen extra in je totale woonvoorraad in dat segment terecht. En even in perspectief zettend, als je puur naar corporatiewoningen kijkt dan zitten we in Dordrecht op een aandeel wat gelijk ligt op het Nederlands gemiddelde, dat is zo'n 27 procent. U heeft recent ook een overzicht gekregen wat er in de particuliere woonvoorraad aan sociale huur zit. Als je dat erbij betrekt, zitten we hier aan een totale woningvoorraad van 31 procent aan sociale huurwoningen. Dus daarmee is er ook echt gewoon een gezond aandeel aan sociale huurwoningen in de woonvoorraad.
En daar heb ik dan niet in meegeteld het aantal, het hoge aantal goedkope koopwoningen die je in onze woonvoorraad heb zitten. Dus het is ook zo dat best wel veel van de sociale huurwoning doelgroep ook in onze stad een koopwoning hebben. Dus er is als je het zo bekijkt voor de doelgroep sociale huurwoningen is eigenlijk de woningvoorraad nog veel hoger dan die 31 procent als je puur alleen naar de huurmarkt zou kijken. Het andere punt…
61
De voorzitter: Ik zie de heer Damen niet zozeer instemmend, maar wel begrijpend knikken, dus volgens mij was het een voldoende antwoord zo. Mijnheer Damen, was het onduidelijk wat de wethouder vertelde? De heer Damen: Nou ja, de wethouder heeft het over voldoende, maar we hebben wel te maken met een toenemend aantal mensen dat staat ingeschreven voor een woning. Dat is inmiddels zeventienduizend. Dat zijn bij lange na niet allemaal mensen zonder woning, maar wel een groeiend aantal mensen zonder woning. En we zien ook dat de wachttijden voor een sociale huurwoning ieder jaar weer verder toenemen. Dus dat maakt het voor mij moeilijk om te begrijpen dat we nu voldoende doen. De heer Burggraaf: Dat is een breed beeld wat we natuurlijk in het hele land en ook in onze stad zien als het gaat om de spanning op de woningmarkt. Er is gewoon in zijn totaliteit is er gewoon krapte op de woningmarkt. En daarin zie je ook dat er gewoon heel veel woningen ook in andere segmenten nog niet voldoende beschikbaar komen, die uiteindelijk weer tot doorstroming leiden. Dat zien we bijvoorbeeld bij Amstelwijck. Daar zie je dat 70 procent van de nieuwbouwwoningen, dat zijn allemaal woningen die in de duurdere categorie zitten, maar er zijn 70 procent van de woningen die daar verkocht worden, die worden aan Dordtenaren verkocht.
En je ziet, dat hebben we ook onderzocht, dat degene die daar gaat wonen vervolgens een verhuisketen van zeven teweeg brengt. Dus degene die daar gaat wonen die laat weer, dat is vaak iemand die dan een wooncarrière maakt, dus weer wat groter gaat wonen. Die laat een goedkopere woning achter. Diegene die daar gaat wonen laat ook weer een goedkopere woning achter. Dus per saldo zie je dan dat als je in een wat duurder segment een woning bouwt dat er vervolgens zeven mensen een wooncarrière kunnen maken, een woonstap kunnen maken. Dus je moet ook daarin goed blijven kijken naar juist ook in andere categorieën woningen toevoegen. Dat geeft uiteindelijk ook lucht voor de categorie waar u het over heeft. Alleen, ja, dat is een trein die natuurlijk wat langzamer in beweging komt. En dan is het feit ook dat we pas sinds 2018 met die enorme toevoeging van nieuwe woningen bezig zijn. Dus dat is eigenlijk een effect wat u nu langzaam ziet toenemen, maar wel een aanlooptijd vraagt. Dan heeft u ook kunnen lezen in Bouwmonitor, zeg ik dan richting de VVD die vraagt: hoe zit het dan met die betaalbare koopwoningen? Daar zit inderdaad, dat hebben we ook laten zien in het plan, daar zit nog een grote opgave om daar ook voldoende op te realiseren.
Dat komt binnenkort uw kant op naar aanleiding amendement of motie die u toen destijds bij Amstelwijck heeft aangenomen, om te zeggen: ga daar nou ook 10 procent betaalbaar in realiseren. Dus daar gaan we naar de tenderfase toe. Dat zult u terugzien op Spuiboulevard, waar ook een flink aantal betaalbare woningen in zitten. En het Maasterrasbestemmingsplan, waar natuurlijk ook in grote aantallen betaalbare woningen in verwerkt zijn. Dan tot slot, voorzitter… De voorzitter: Mijnheer Noldus, nog over de woningen? We moeten ook even ruimte geven nog aan de andere vragen. Korte interruptie, gaat uw gang. De heer Noldus: Ja, zeker. Ik had wel de vraag of er binnen die sociale huurwoningen voor deze periode, of er in die projecten, in die ontwikkelingen, te schuiven valt om in die projecten meer betaalbare koop te krijgen? Dus niet alleen de betaalbare koop in andere projecten, maar kunnen we iets doen om meer richting die 30 procent te gaan en die
62
verdeling deze periode iets aan te passen? Of zitten al die projecten al in een dermate fase dat die projecten qua invulling ongeveer vaststaan? De voorzitter: Dat is waar, die vraag stond nog open. Dank u wel. Wethouder Burggraaf. De heer Burggraaf: Heel veel projecten liggen natuurlijk ook al vast. Daar waar het grondverkoop is geweest voor een bepaald programma, daar ga je niet meer, als je daar dan vervolgens in gaat schuiven, dan doet het ook financieel natuurlijk wat. In het algemeen gezien is dat natuurlijk wel iets waar wij op letten op het moment dat we programmering aan u voorleggen voor specifieke ontwikkelingen. Waarbij niet zo is dat je per ontwikkeling bijvoorbeeld 30 procent sociaal realiseert of 30 procent betaalbaar en 30 procent duur. Daar kijk je: wat kan het in het gebied, financieel uit, maar ook: wat moet je hier toevoegen aan de totaalprogrammering te kunnen voldoen aan de opdracht die u ons heeft gegeven, dus om een betaalbare koop ook te kunnen realiseren. Dat ziet u terug in hetgeen wat nu bij de Spuiboulevard bij u voorligt. Ja, daar zit in het totaalprogramma 10 procent sociaal, zodat je ook juist op die betaalbare koop een flink aantal woningen kan realiseren en juist voor dat segment planvoorraad kan toevoegen waar juist we nog een flinke stap te maken hebben.
Waar we dus nog achterlopen in de totale planvoorraad zoals u die aan ons een opdracht toe hebt gegeven. En wat is dan betaalbare koop? Nou ja, dat is dan de definitie die ook landelijk is vastgesteld tot 390 duizend euro. Maar waar u ook aan ons heeft gevraagd om te kijken waar we ook woningen kunnen realiseren in de grens tot 300 duizend woningen. Dus daar kijken we ook bij projecten naar of we daar ook ruimte voor kunnen bieden. De voorzitter: Interruptie van mevrouw Kamphuis, SP. Mevrouw Kamphuis: Dank u wel, voorzitter. Onze vraag was specifiek: hoe denkt u, de wethouder erover om eigenlijk alleenstaande huizen te bouwen voor mensen die alleenstaand rond de twee ton? Want nu kunnen die mensen niet kopen gewoon. De voorzitter: Wethouder Burggraaf. De heer Burggraaf: Voorzitter, ik denk bij dat soort prijzen vooral, je moet kijken naar de bestaande woonvoorraad die er is waar nog regelmatig woningen beschikbaar komen die rond die prijscategorie zitten. Bij het nieuw realiseren rondom die prijzen is dat gewoon bij de huidige grondprijzen en bouwkosten is dat gewoon eigenlijk niet te realiseren voor die prijs, tenzij je daar enorme subsidies en dergelijke op gaat verstrekken.
Dat zit ook vaak weer met beperkingen verbonden, want voor sociale huurwoningen is het bekend dat je daar een sociale grondprijs voor betaalt, maar in de koopsector is dat een stuk ingewikkelder om met dat soort instrumenten te werken. Dan de tot slot, voorzitter, Partij van de Arbeid. Er is mij niet helemaal duidelijk wat daar nou precies eigenlijk de vraag aan het college is. Ik zou in het algemeen willen zeggen: daar waar het gaat om het…Ik haal er een beetje uit op, volgens mij, dat het pleidooi was: zorg nou dat je goed externe cofinanciering, subsidies en dergelijke op je doelstellingen binnen kan halen. Als het gaat bijvoorbeeld op de fietsroutes. Daar zijn we volop mee bezig. Onlangs is de regiodeal toegekend weer aan de regio en daar zit ook een mooie financiële bijdrage voor Dordrecht en Zwijndrecht bij voor het aanleggen van de fietsverbinding van de F16. Nou, dus maar even als een voorbeeld. We kijken continu naar waar de koppelkansen liggen om op die opgave externe financiering binnen te halen om de opdracht die u als
63
raad heeft meegegeven op fietsen te kunnen realiseren. En zo doen we dat eigenlijk bij alle onderdelen en plannen die we hebben. We proberen zo goed mogelijk daar cofinanciers voor te vinden, zodat we de ambitie ook met de middelen die u ons gegeven heeft kunnen realiseren. De voorzitter: Dank u wel. En ik hoorde net gefluister over tafel, F16 is een fietspad. Ja, oké, even ter verduidelijking. Ik wist het zelf ook niet. Dank jullie wel. Dan hebben we het eerste termijn van de commissie gehad en reactie van het college. En dat is wat we vanavond zouden doen. Mijnheer Noldus, heeft u nog een vraag aan het college? De heer Noldus: Ik sta nog op één stuk te kauwen. Dat zat in het begin van wat de wethouder aangaf, namelijk gaf aan over initiatieven en projecten dat het soms knelt met het beleid, maar dat er ook een afweging te maken is op die doelen. De vraag is dan concreet: is er bij het college dan die ruimte om die afweging te maken? Of is dat dan iets waar altijd de raad aan zet is of waar we de raad aan de voorkant aan zet kunnen krijgen om daar keuzes in te maken qua prioriteitsstelling? De voorzitter: Wethouder Burggraaf, u mag nog een keer. Gaat uw gang.
De heer Burggraaf: Nogmaals, in de zin dat op het moment dat u beleidskaders stelt, altijd de toets, dat wij in ieder geval altijd de toets doen: in hoeverre zijn dit eisen die aanvullend zijn op landelijke eisen? Dus waar ga je, nou ja, scherper aan de wind sturen? En we proberen aan u dan goed voor te leggen wat eventueel daar de consequenties van kunnen zijn of je daar moet afwegen van: nou, vinden we die ambitie zo belangrijk dat we voor lief nemen dat we mogelijke of duurdere woningen krijgen of dat projecten minder snel van de grond komen? Nou, dan zullen we dat altijd transparant ook aan u voorleggen. Ik denk dat het vooral belangrijk is dat het iets is wat u zelf ook alert op moet zijn. Dus als u een keer signalen daarover opvangt dan ontvangen we die ook graag, want dan kunnen we eens kijken: nou, speelt het hier inderdaad of spelen er andere zaken? Het is natuurlijk iets waar u zo meteen ook bijvoorbeeld bij het bestemmingsplan Maasterras tegenaan zult lopen in de zin van: je kan op een gegeven moment zelf kiezen om bepaalde veiligheidsnormen of geluidsnormen die je oplegt, je hebt wettelijke normen en je kan daar van afwijken en u heeft uw eigen wensenlijstje, waar u misschien scherpere eisen stelt.
Dus daar kunt u goed afwegen op een gegeven moment van: vinden we hier belangrijk dat we zoveel mogelijk woningen realiseren? Of willen we toch vasthouden aan dat soort strengere eisen? Verder proberen wij dat nogmaals altijd goed in de gaten te houden dat als er plannen liggen dat we ook de totaal aan kwaliteiten die we vragen goed afwegen. Het is niet dat je op elk terrein altijd een tien moet halen, dat je af en toe ook bereid bent om misschien op een van de aspecten eens een keer genoegen te nemen met een zesje, omdat je het heel belangrijk vindt dat in ieder geval de woningbouw daar ook gerealiseerd wordt. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik uw commissie bedanken voor de helderheid op dit late tijdstip. Ik zie u volgende week graag terug in de raadsvergadering. Nog een hele fijne avond en tot volgende week. Ja, en de heer Struijk maakt een terecht punt, of u al uw spullen wilt meenemen naar de pantry en de namenbordjestafel. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van …… 2024.
64
De griffier,
De voorzitter,
A.E.T. Wepster
P.A.C.M. van der Velden
65