2.4 2023.03.28 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 5 - concept.pdf
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE GEMEENTE DORDRECHT DORDTSE DINSDAG, D.D. 28 maart 2023 Vergaderzaal 5 1. Beschikbaar stellen van Uitvoeringskrediet Opgave Groen-Blauwe-Stad Raadsvoorstel Voorzitter: Mevrouw Kruger Commissiegriffier: De heer Boom Verslag: NotuBiz Aanwezig: Mevr. Boom-Vos (VVD) Dhr. De Feijter (CU/SGP) Dhr. Gündogdu (Op Ons Eiland) Mevr. Van Herwijnen (Partij voor de Dieren) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Dhr. Van der Kruijff (CDA) Dhr. Maroof (DENK) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Mevr. Nieuwland-van den Bosse (CU/SGP) Dhr. Portier (SP) Dhr. Roggekamp (Gewoon Dordt) Mevr. Schnabel (PvdA) Dhr. De Vries (VSP) Dhr. Wringer (Beter Voor Dordt) Ambtelijke ondersteuning: Mevr. Huibers, Mevr. Kelder. Portefeuillehouders: wethouder R. van der Linden. De voorzitter: Goedenavond allemaal. Ik vind het altijd leuk toch weer om dat knopje in te drukken. Ik zeg keer op keer. Het doet me altijd denken aan het oude V&D-pand waar dan een oproep gedaan werd. Toevallig heb ik het met iemand erover gehad, over de ouwe panden, en ook weer het V&D-pand, dus dan triggert dat weer. Maar welkom vanavond commissieleden en ook mevrouw Helder. En dan ben ik even weer uw naam … Mevrouw Huibers. Ik zal zo even een voorstelrondje laten doen.
We zitten hier vanavond ten aanzien van het raadsvoorstel een uitvoeringskrediet, het beschikbaar stellen van een Uitvoeringskrediet Opgave Groenblauwe stad. En de commissie heeft gevraagd aan mevrouw Helder, onder andere, om wat meer informatie te geven over de subsidies. Dus ik wilde eerst even een voorstelrondje doen. Mevrouw ja, ik wou zeggen mevrouw Boom, wilt u zeggen wie u bent en waarvan u vandaan komt. Mevrouw Boom: Goedenavond. Mijn naam is mevrouw Boom van de Dordtse VVD. De heer Maroof: Maroof, DENK Dordrecht. De heer Gündogdu: Aydin Gündogdu, Op Ons Eiland.
1
De heer Wringer: Jan-Willem Wringer, Beter voor Dordt. De heer Roggekamp: Erik-Jan Roggekamp, Gewoon Dordt. De heer Kleinpaste: Gert Jan Kleinpaste, Gewoon Dordt. Mevrouw Van Herwijnen: Irma van Herwijnen, Partij voor de Dieren. De heer Van der Meer: Frans-Bauke van der Meer, GroenLinks. De heer Boom: Hessel Boom, commissiegriffier. De heer Portier: Ronald Portier, Socialistische Partij. De heer De Feijter: Bart de Feijter, ChristenUnie/SGP. Mevrouw Nieuwland-Van den Bosse: Eline Nieuwland, ChristenUnie/SGP. Mevrouw Schnabel: Marije Schnabel, Partij van de Arbeid. De heer Van der Kruijff: Wim van der Kruijff, CDA. De heer De Vries: André de Vries, VSP. De voorzitter: En dan zal ik het nu nog even zeggen: mevrouw Kelder in plaats van Helder wat ik steeds … Ook welkom de mensen op de tribune. Ik weet niet. Er zitten er twee. En de mensen thuis. Mevrouw Kelder zal zo een presentatie geven over die subsidies. Aan u allen de vraag, als u een verduidelijkende vraag heeft heel kort te stellen, niet met een enorme inleiding en vervolgens dat we met z’n allen moeten zoeken naar de vraag. Excuus dat ik het zo uitleg, maar dat is een beetje de ervaring. Korte vragen, en anders laten we mevrouw Kelder haar verhaal doen en kunnen we daarna het debat voeren. Mag ik u het woord geven? Excuus, ja, het is geen debat, het is beeldvormend, dus vooral technische vragen stellen.
Hebben we net iedereen rustig zonder te veel uitgebreide vragen, en laat de techniek ons in de steek. Ja, precies dat kan ook. Clarie komt er al aan zie ik. Mevrouw Kelder: Maar dan begin ik toch, is dat goed? Want wij vragen eigenlijk in één keer voor vier jaar en dat wil ik in eerste instantie toelichten waarom dat is. We werken vrij veel met subsidies, en bijna alle subsidies die we tot nu toe hebben binnengehaald die co financieren we met het schrijven van uren, maar daar komt een eind aan. Ik weet niet of dat toelichting vraagt dat je schrijft met uren, dus je moet cofinanciering geven, maar dat kan ook als je gewoon zelf eraan werkt, en dus je uren schrijft daarop. En dat doen we, tot nu toe, maar daar komt natuurlijk een eind aan want het gaat eigenlijk over een Opgave Groen, en de mensen die aan groen werken die zijn bijna allemaal nu aan het schrijven op deze projecten. En als wij het budget willen inzetten, wat ook kan, want dat wordt gewoon vermeerderd, dan hebben we de garantie nodig dat het er is voor meerdere jaren. Dus daarom vragen we het budget voor meerdere jaren, dus dat is de reden. We kunnen het ook elk jaar aanvragen, maar subsidieaanvragen, als je niet kan laten zien dat je het budget hebt voor meerdere jaren, dat doen ze niet. Dus dat is de reden. Daar hoeven jullie niet bij mij in te stemmen of blij om te zijn, maar onze uren zijn bijna
2
op, voor die vier jaren, en ik zie …Nee, oké, dan ga ik nu snel weer door. Ja, ik heb eigenlijk het voorstel in een presentatie gezet, dus daar ga ik snel doorheen, op verzoek. Dit is wat er eigenlijk wat de coalitie als ambitie heeft. Dus ja, het is vergroenen. Wat er ook, dat staat niet in het coalitieakkoord, is eigenlijk het stimuleren tot bewegen en ontmoeten. Het groen, dat doen wij ook… De voorzitter: Mag ik nog heel eventjes inbreken, want het is slecht te verstaan. Ik weet niet of de microfoon het inmiddels wel doet? Mevrouw Kelder: Wel, er zit echt maar één knopje op. De voorzitter: Ja, ik zie wat gaan branden. Nee, en anders misschien even zittend bij die andere microfoon, als dat u niet ontrieft? Mevrouw Kelder: Dus dit is niks nieuws, volgens mij. Dus we werken aan dat wat er in het coalitieakkoord staat. Heb ik ook opgeschreven in het raadsvoorstel. En het komt allemaal ook nog terug. Wat ik graag enige tijd aan wil geven is … Kijk, het doel, dat werd ook gezegd, staat er wel in. Het doel is eigenlijk het werken aan de klimaatadaptatie, biodiversiteit en verleiden tot bewegen en ontmoeten. En die drie onderdelen die kan je heel erg oplossen met groen. Doet hij het nu? Nou fantastisch, dank je wel. Ik ben blij dat jullie me zo helpen. Fantastisch.
Ja, dus die drie onderdelen, klimaatadaptatie, biodiversiteit en verleiden tot bewegen ontmoeten draagt ook met groen bij aan tot een aantrekkelijke stad. Dat is ook een doel uit de Omgevingsvisie. Niet? Nou, en de werkwijze is eigenlijk we maken een beweging. Dat doen we intern in de organisatie, maar de meeste subsidies die wij binnenhalen die hebben een kenniscomponent, en de mensen die eraan schrijven die doen ook mee met het traject. Dat zijn heel veel Europese projecten ook dus die kunnen ook van andere steden leren. We doen dat met bewoners bedrijven en belangenorganisaties. Er zit ook een belangenorganisatie in één van onze Europese projecten, en we doen het ook heel veel met onze medeoverheden en kennisorganisaties. En vanuit de Europese subsidies zien we ook heel veel andere steden. En eigenlijk is dit een opgave die dus heel erg agenda zettend is. Ik zal straks een aantal onderdelen noemen, en die we ... Ja, bij heel veel onderdelen kan groen een rol spelen. Natuur heeft een positieve invloed op de zachte dimensies van de brede welvaart, en dat kan een rol spelen bij subjectief welzijn, dus mensen kunnen zich prettig voelen in groen. Is algemeen bekend eigenlijk, en ook bij de gezondheid speelt het een belangrijke rol, en ook bij de sociale contacten, dus dat dat groen zorgt voor het spelen, bewegen.
Het verleidt eigenlijk tot spelen, bewegen, en elkaar ontmoeten in de openbare ruimte. Dus de drie thema's staan in het blauw. En onze werkwijze die heb ik net toegelicht en dan hebben we nog vijf prestatielijnen en die ga ik nu snel doornemen. Thema klimaatadaptatie, dat is de robuuste structuur. Bij klimaatadaptatie proberen we eigenlijk mee te koppelen met meerjarenonderhoudsprojecten, dus zorgen dat er waterberging is bij de MOP-projecten. En bij elk nieuwbouwplan plan worden ook klimaateisen meegegeven. Ook daar hebben we aan gewerkt. Dat zijn de deels waterberging, waterveiligheid en ook groennormen. Maar we weten ook dat eigenlijk op termijn, dus het wordt steeds moeilijker, om bij al die overlast fysiek ervoor te zorgen dat dat niet meer gebeurt. De kans op een overstroming blijft eigenlijk, en daar moeten we ons ook op voorbereiden. Daar kom ik op terug. Mevrouw Boom-Vos: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Boom?
3
Mevrouw Boom-Vos: Mag ik een vraag stellen? Ja, graag. U gaf aan de waterberging en het klimaat adaptatie, dus meer regen. Bij nieuwbouwplannen, nemen jullie ook bestaande bouw mee, dus bijvoorbeeld wanneer een heftige regenbui is zijn bepaalde gebieden in de stad die altijd daar last van hebben? Mevrouw Kelder: Ja, dat klopt, die zitten er ook in. Die nemen we ook mee. Dus misschien kan ik bij de volgende scheet iets duidelijker uitleggen hoe zit? Ja, er komt een nieuwe klimaatscenario's volgend jaar, en dan doorlopen we deze trits. Dus je ziet hier op de kaart eigenlijk waar wateroverlast is in de stad. En waar wateroverlast zit, dat is een stresstest, dan zie je de kwetsbaarheden, maar dat wil nog niet zeggen dat het per se een probleem hoeft te zijn. Stel dat, dat is hier niet het geval, dat zie je wel, het een park is, is het misschien wat minder een probleem dan als het niet is. En dat stel je vast in knelpunten. Daar zit Veiligheidsregio, want die willen bijvoorbeeld een weg waarop de ambulance rijdt, gewoon niet onder water hebben. Dus ook met andere belangenorganisaties, die kunnen ook meepraten, en die zien gewoon op andere plekken dat daar staan bijzondere bomen en die kunnen niet tegen water.
Dus iedereen kan aangeven wat ze een knelpunt vinden, en dan ook iedereen kan meedenken met elkaar hoe gaan we het oplossen en wie gaat het dan financieren? Dus dat is een trits. En dus het is ook in de bestaande stad. Dat is een hele goeie vraag namelijk, die bestaande stad. Meestal willen we de bestaande stad alleen maar oplossen als daar een meerjarenonderhoudsproject is. Het moet echt heel erg zijn willen we daar gewoon echt direct op handelen, dus dan moet het hier eigenlijk uit blijken. Dat zou dan het geval moeten zijn. Eigenlijk moeten we deze gelijk koppelen aan wat vinden wij knelpunten vanuit de gemeente? Kijk, is dat echt ernstig, is daar een MOP-project binnen nu en vijf jaar, kunnen we het naar voren halen? Dan kan je dat doen. Dat is de manier waarop we werken. En dit systeem, dat doen we met alle... De voorzitter: Mevrouw Boom, een aanvullende vraag? Mevrouw Boom-Vos: Ja, ik ben toch ook een beetje op zoek hoe jullie de komende vier jaar, of dat jullie dat al gedaan hebben. In de Indische buurt weten we, dat is een grote kwetsbaarheid, er zitten grote risico's met wateroverlast in. Hoe nemen jullie dat mee, of zijn jullie daar al mee bezig? Wachten jullie op een meerjarenonderhoudsplan en wanneer komt het? Mevrouw Kelder: Nee. Dat is een groot probleem waar we echt nadrukkelijk mee bezig zijn, op meerdere fronten. Mevrouw Boom-Vos: Ja mag ook een andere keer.
Mevrouw Kelder: Ja, graag. Ik wil het wel, anders spreek ik nog een keer… Mevrouw Boom-Vos: Nee, maar het is wel fijn om te weten dat het bij jullie ook op het vizier staat en dat jullie ermee bezig zijn. En ik hoef niet gelijk oplossingen, maar … Mevrouw Kelder: Het is heel duidelijk iets waar we nadrukkelijk mee bezig zijn. De voorzitter: De heer Roggekamp had een vraag. De heer Roggekamp: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik ben eigenlijk benieuwd want wat ik eigenlijk hier mis is een stukje veiligheid. U geeft zelf aan groen nodigt uit te bewegen, maar groen nodigt, 's avonds als donker is, ook uit tot criminaliteit. En daar hebben we heel veel al meegemaakt in deze stad. We hebben ook wel aangegeven,
4
slimme verlichting zou een oplossing zijn. Maar ik zie hier eigenlijk helemaal niks terug in de veiligheid. Hoe wordt dat meegenomen? Mevrouw Kelder: Een paar sheets verderop kan ik dat toelichten, dat is makkelijker. Ja? Oké. Dus naar stresstest en kwetsbaarheden kijken, knelpunten en dan oplossingen, dat is eigenlijk wat we steeds doen. Dus ook hier. Dus er is een basiskwaliteit natuur. We zorgen voor de groenstructuren, we gaan natuurinclusief bouwen en ontwikkelen, en we passen ecologisch beheer toe. En we gaan ook weer met die stresstesten. En dan wil ik even voorbeelden geven van stresstest. Is ook weer hitte, droogte, hevige regen, maar ook invasieve planten kunnen stress opleveren voor de natuur. Ook geluid en licht. En ik heb de honingbij erbij gezet omdat de honingbij in de Biesbosch een probleem is voor de wilde bij. Dus dat is dan ook een stressfactor. Dus dat zijn stressfactoren, en dan zie je weer ook dat je dat ook met elkaar kan bekijken wat wil je bereiken, wat is de stress, welke stress komt ervoor en waar liggen de knelpunten en hoe kunnen we dat met mekaar oplossen? Dus het is altijd met elkaar kijken: wat wil je bereiken, wat is er aan de hand en hoe kan je dat oplossen? En dan kom ik nu bij de gezonde leefomgeving. Dus wij doen alleen het groen wat we neerzetten voor verleiden, maar er zit nadrukkelijk een veiligheidscomponent in.
En we hebben een adviesgroep gezonde leefomgeving, en daar zit iemand van veiligheid in, daar zit publieke gezondheid in, daar zit sport in, en we willen dat groen eigenlijk dat het dan past bij al deze dingen. Dus wij financieren eigenlijk de kant van het gezonde groen, maar dat moet natuurlijk ook met de veiligheid goed gaan. Dus dat zit in die adviesgroep. Dus wij hebben het initiatief genomen precies daarom, om zulke soort dingen. Dus wij kunnen wel groen aanleggen, en dan met het idee van dan kan je een leuk rondje lopen, maar mensen gaan niet zomaar lopen, dus dat inregelen doen we met het stimuleren, dat doen we dan weer met sport. En de veiligheid is ook belangrijk anders ga je het ook niet doen, dus dat moet ook. Dus dat is niet per se alleen bij ons, maar dat doen we dus met die adviesgroep. Dus dat ook hier, die gezonde leefomgeving, dat is er te veel aan verontreiniging en dergelijk. Dus we zien in Wielwijk waar die Emma Trompweg eruit is gehaald, dat monitoren al een aantal jaren, en nu die weg eruit is, is in één keer die lucht daar veel schoner. En zie je dat je een microklimaat krijgt, gewoon op die verbinding tussen het plein en het park. Het is buitengewoon interessant. Dus dat willen we eigenlijk ook bij buurtaanpak en dergelijk, maar daar kom ik straks ook nog op. De voorzitter: De heer Roggekamp. De heer Roggekamp: Ja dank u wel, voorzitter.
Voorzitter, ik heb dan wel over die veiligheid een vraag, want er ligt hier al een budget. Zit die veiligheid dan al in dat budget meegenomen, bijvoorbeeld zoals die slimme verlichting vanwege de … Mevrouw Kelder: Nee, de slimme verlichting zit daar niet. Nee, dat zit alleen in dat groen. Dat groen moet gewoon aangelegd worden zodat het veilig is, en anders gaan we dat niet doen. Dus dan regelen we dat licht. De heer Roggekamp: Maar dat zit dus niet in deze budgetten nog? Mevrouw Kelder: Nee, dat zit niet in deze budgetten. Dus het wordt of groene aangelegd omdat we dat groen toch willen en dan veilig, of we regelen op een of andere manier een budget zodat het veilig is. Daar zijn vaak van die kleine budgetten voor vanuit de wijkenaanpak. Nou, misschien moet ik deze overslaan. Hier staat eigenlijk hoe we werken via de beleidscyclus, dus daar zijn de trajecten waar we aan werken. Dit is de doorwerking, dus de programma's. Er was een vraag vanuit de griffie wat is nu het Groenblauwprogramma, en wat is de Opgave Groenblauw? Het Groen-Blauwprogramma
5
is eigenlijk een Uitvoeringsprogramma, en een Opgave Groenblauw is eigenlijk alles wat we hierin doen aan nieuwe kennis genereren en ondersteunen bij de uitvoering van projecten die je voor het eerst doet, en daarna regulier kan maken. Dus het Groenblauwprogramma is regulier en wij zorgen voor de nieuwe kennis. Does that make sense? Is dat duidelijk? De voorzitter: De heer Gündogdu? De heer Gündogdu: Voorzitter, dank u wel. Vraagje ter verduidelijking. Wij hebben, althans het college en ook de raad heeft het de ambitie klimaatneutraal 2040 bijgesteld. En wij hebben te maken ook met meerjarig onderhoudsplan, en dat is een continu proces. Betekent dat ook dat er nu een knip gaat komen dat we in het nieuwe meerjarig onderhoudsprogramma dat er wat meer effort moeten gaan steken om die doelstellingen te halen in dit programma? Want, laat ik het zo zeggen, het was natuurlijk naar 2050 toe berekent, en nu is het 2040 geworden. Dat betekent, zou ik zeggen, dat je nog meer moet investeren en nog sneller moet gaan investeren om die doelstelling te halen, en wat dat betekent op het meerjarig onderhoudsprogramma? Ja, misschien is het een politieke vraag en moet ik het aan de portefeuillehouder vragen hoor, maar ...
De voorzitter: Dit is een technische vraag, maar het kan zijn dat die toch te ver gaat nu, en dat u zegt we sparen hem op, en dan kan daar ook nog schriftelijk antwoord op gegeven worden? Tenzij u het ook... Mevrouw Kelder: Dat Groenblauwprogramma dat hebben we nu opgesteld, en dat ligt ook lastig al om dat gefinancierd te krijgen, dus het is al een issue, ja. Dat kan ik eigenlijk zeggen. Dus eigenlijk in de vorige opgave hebben we gewoon daar ook geld voor gehad voor de uitvoering, omdat we wel wilden leren. Dus alle maatregelen die waren soms nieuw, dus gewoon uitproberen. Daar moest op gemonitord worden, en als het functioneert, dan kunnen we het regulier maken. En we zien gewoon dat er eigenlijk, dat blijkt al wanneer in de versnelling, maar ik denk dat bij de versnelling niet eens zo heel veel extra komt. Want wat wij hebben 2035 altijd gehad en niet 2040. Wij waren al versneld. Maar het is wel zo dat het nog niet geregeld is. En wij willen heel graag dan gewoon extra geld ook gaan genereren om het alsnog allemaal ook te kunnen uitvoeren, dus daarom ook. Ja, al die andere dingen kom ik nog wel tegen, dus die … De voorzitter: Ik heb nog drie vervolgvragen. Mevrouw Schnabel. Mevrouw Schnabel: Dank u wel, voorzitter. Ik heb een vraagje. U vertelde net dat er een onderscheid is tussen Groenblauwprogramma en dit als in Opgave Groenblauw, wat we nu aan bespreken zijn.
En ik vroeg me eigenlijk af het budget van vier miljoen wordt gevraagd voor dan het maken van alleen plannen, en is dat dan alleen de uitvoering? Snapt u wat ik bedoel? Oké, dank u wel. Mevrouw Kelder: Ja, die vier miljoen is alleen voor de opgave. En dat is niet alleen kennis, wij voeren ook wel uit. Dus we dragen ook bij aan de uitvoering, maar dat is dan om te leren. Dus we hebben de vorige periode bijvoorbeeld Stadspark XXL ontwikkeld, en daar hebben we ook met geld, met budget van het rijk, 1,2 miljoen erin gestoken om het Sportpark Reeweg helemaal om te bouwen en dat te verbinden met de met de Vogelbuurt. Er komt een beweegroute, dus dat hebben we weer van de provincie gekregen. Dus we hebben daar heel veel ook ingestoken om het alvast te laten draaien. Dus dat. En op 10 mei gaat hij open, Sportpark Reeweg. Mevrouw Schnabel: Dank u wel. Mag ik nog een kleine vervolgvraag?
6
De voorzitter: Zeker. Mevrouw Schnabel: Dus in dit budget zit dan dus én uitvoering én het maken plannen, zodat jullie … Mevrouw Kelder: Ja, bij die uitvoering is echt ook om iets voor het eerst te doen, dus om te laten zien dat iets kan of het werkt. Dat. De voorzitter: Dan de heer De Feijter. De heer De Feijter: Dank u wel, voorzitter. Ja, ook een beetje doorgaand op dit punt. Ik probeer het gewoon even goed duidelijk te hebben. Dat Groenblauwprogramma dat is dus iets wat nu is opgesteld. Is dat iets wat inzichtelijk, is dat iets wat nog de raad ook toegestuurd krijgt? Mevrouw Kelder: Dat is naar de raad gestuurd, naar de vorige raad. Dus hier de lopen we de cyclus van de Omgevingsvisie, dus wij hebben in de Omgevingsvisie doelen staan voor biodiversiteit, voor gezonde leefomgeving en klimaatadaptatie, en daarvan is de volgende stap gemaakt, een Groenblauwprogramma. Dus een volgende stap uitvoering van dat wat je in de visie wil bereiken, is een programma opstellen. Dus dat hebben wij ook gedaan en nu ligt het voor, en dat ligt nog steeds voor. De voorzitter: En dan de heer De Vries. De heer De Vries: Dank u wel, voorzitter. Ik heb eigenlijk een vraagje over de aanpak wateroverlast bodemdaling.
Het is mij eigenlijk opgevallen, als je bijvoorbeeld naar Krispijn kijkt, en het nieuwbouwgedeelte tussen de Patersweg, de Rembrandtlaan, dat wordt min of meer op een soort terp gebouwd. Daar ligt het peil, dat is ongeveer 20 centimeter hoger als bij bestaande bebouwing. Betekent dat eigenlijk dan niet dat je de problemen gaat verleggen naar de lagergelegen gedeeltes? Want als er daar wateroverlast is dan is de nieuwbouw droog en de rest gaat de andere kant heen. Hoe wordt daarop gereageerd, en hoe werkt dat? Mevrouw Kelder: Ja, dat is een hele goeie en begrijpelijke vraag. Nu heb ik niet zo 1-2-3 het antwoord op. Is het goed als ik schriftelijk antwoord geef? Oké. De voorzitter: De vraag wordt al genoteerd, dus schriftelijk komt het naar u toe. Mevrouw Kelder: Heel fijn. Kijk, de meerjarenonderhoudsprojecten. Ik noem het eigenlijk voor het eerst nu een interact project. Ik heb vandaag gehoord dat die naar de tweede fase gaat, dus de eerste fase goedgekeurd is. Dit is nog in aanvraag. Maar dat dat is een interact project dat wil bijdragen aan het feit dat als je bij een meerjarenonderhoudsproject in Krispijn aan de slag gaat dan kom je erachter dat het heel erg vol zit onder de grond, en boven de grond best lastig is om ook wat parkeerplekken te vergroenen.
Dus als je wil dat een bestaande wijk klimaatbestendiger wordt dan heb je best veel issues op te lossen, sociaal, gewoon met de parkeren, maar ook onder de grond is het heel druk. En dat proberen we hierin ook met steden uit Europa te leren hoe we dat kunnen doen. Dat doen we ook met City Deal Openbare Ruimte, dus daar hebben we eigenlijk al heel veel van geleerd, maar het blijft toch nog altijd ook duur om het allemaal te doen, dus dat is ook een issue. De voorzitter: De heer Van der Meer heeft een vraag.
7
De heer Van der Meer: Ja, er waren net kaartjes waar eigenlijk de problemen of de uitdagingen in kaart worden gebracht. Hier kijk je naar mogelijke oplossingen. Is er een manier om die over elkaar heen te leggen? Anders gezegd, levert dit, deze analyse iets op voor hoe die knelpunten bijvoorbeeld moeten worden aangepakt? Mevrouw Kelder: Ja, dat werkt met giskaarten. Dus als wij dat weer doorlopen van die klimaatadaptatie bijvoorbeeld, die stresstesten, knelpunten, dan kennen we de kaart van de knelpunten, dus die is gewoon bekend. En als het dan ergens een MOP-project wordt, dan wordt het er gewoon doorheen gehaald en dan weten we of wat voor type issues daar spelen. Dus de MOP-projecten die weten gewoon waar ze voor staan, wat er vanuit de klimaatadaptatie gedaan moet worden. Vanuit de biodiversiteit zijn we niet zover, en vanuit gezonde leven omgeving ook niet. Maar we proberen dat echt de komende één of twee jaar proberen we dat ook scherp te krijgen. Deze methode is gewoon vanuit klimaatadaptatie ontwikkeld. Dus daar had ik een plaatje van in de presentatie zitten, van de Deltabeslissing, dat eigenlijk dat hele traject van de verschillende stappen van onze prestatielijnen, dat is een lijn, dat zijn stappen vanuit klimaatadaptie, om het allemaal op te lossen. Dus dat zie je. Dus die dingen, die kan je gewoon vinden. De heer Van der Meer: Een klein vervolgvraag.
Want die knelpunten zijn knelpunten, en sommigen zijn op zich urgent en anderen zijn wat minder urgent. Maar dat hoeft niet samen te vallen met, A, wat praktisch oplosbaar is, en hoeft ook niet samen te vallen met plekken waar je met een meerjarig onderhoudsproject bezig was. Dus hoe wordt nu eigenlijk de prioriteitsvolgorde bepaald? Kan het zijn dat een groot knelpunt pas over vele jaren wordt aangepakt omdat het geen onderhoudsproject is? Mevrouw Kelder: Ja, dat is een goede vraag. Dat probeerde ik net ook duidelijk te maken. Dus als er echt grote knelpunten zijn dan kijken we gelijk of er een MOP-project is. Als dat er niet is dan moeten we daar dus op een andere manier mee aan de slag. Dus dan kunnen we gewoon bij college, bij raad om geld gaan vragen om het op te lossen. We kunnen ook kijken of we daar dan een subsidietraject voor kunnen vinden of anderszins. Dus dat is de manier om dat dan op te lossen. En die knelpunten nogmaals, die geven we wel aan, dus bij die kaarten kunnen ook staan dat er bijvoorbeeld wel een knelpunt is, maar dat het eigenlijk meer van de Veiligheidsregio is. Dus dan kunnen we met hen in gesprek of zullen we dat samen oplossen nu met een MOP-project. Dat, ja. Ja, dus wij willen ook heel graag, als we met een MOP-project aan de slag gaan, ook eigenlijk de sociale wijkagenda daarin te integreren.
Dat zijn we nu, voor het eerst zijn we dat gestart, op Staart-Oost. En ja, dat is echt vanuit Team wijken wordt het heel erg gewaardeerd om op deze manier te werken. Maar is wel heel lastig, het is een compleet andere taal. En want ik net zei over al die lagen, wij weten eigenlijk van klimaatadaptatie op meerdere lagen wat er aan de hand is, maar het sociaal domein werkt niet met zulke kaartlagen, laat staan dat je weet wat je dan zou moeten doen. Dus dat is oefenen, en dat is heel interessant, en dat zijn we aan het doen. Dus dan proberen we ook bij de MOP … Want ook met groen kan je dat gewoon met sociale cohesie een beetje verbeteren en andere dingen. Nou, dat doen we dus met de provincie, de Groene Cirkel. Die heeft dat lang gesteund, dus de Groene Cirkel werkt eigenlijk met steeds kleine dingetjes met bewoners doen, en dan steeds groter. Dus we hebben daar al heel veel dingen bereikt bij De Staart. En het NWA is Nationale Wetenschapsagenda. Dat ‘BENIGN’ dat gaat over gezondheid en klimaatadaptie. Dus daar is een kennistraject. En ook hier zit weer Green Dance partner in. We moeten 60 procent van de openbare ruimte van de stad is niet van ons, dus we proberen met schoolplein, met bedrijventerreinen, met woningbouwcorporaties ook de klimaatadaptatie te bereiken. En de Groene Buur, dat is een nieuwe aanpak vanuit Weizigt om eigenlijk buren te helpen met het vergroenen. Dit
8
zijn onze nieuwe kennis ontwikkeltrajecten, De Staart als schuillocatie en aantrekkelijke leefomgeving. Er wordt een visie opgesteld voor De Staart. En op het moment dat die af is dan gaan wij een programma opstellen, Maasterras als schuillocatie. We hebben voorgaande jaren nagedacht over De Staart als schuillocatie. Ik weet niet of iedereen begrijpt wat dat is. Nou, dat Maasterras is ook buitendijks, dus we hebben 150.000 euro gekregen van de provincie, de Vliegende Brigade. En we zijn nu met Universiteit van TU Delft en Erasmusuniversiteit aan het kijken hoe kunnen we nu ook het Maasterras als grootschalige schuillocatie maken. Daar krijgen we ook de kennis van RED & BLUE. Dat gaat over vastgoedontwikkeling in laaggelegen gebieden. En die hebben interesse in langjarige … Dus er zitten pensioenfondsen in, en verzekeraars. Die vinden het heel interessant om langjarige trajecten te hebben die dan renderen. Dus dat is heel interessant om te kijken of die dus een bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van dat geheel. We hebben ook nog een Groeifonds aanvraag, Rethink The Delta. Dat is ook nu alleen kennis. En de Spoorzone. Daar hebben we een Europees project Live IP, en dat gaat over een kleine vijf ton voor klimaatadaptatie bij de Spuiboulevard.
En we hebben City Deal Openbare Ruimte en daarin is het Stadspark XXL een pilot, ook allemaal voor: hoe kan je dat gefinancierd krijgen, zo'n Stadspark? Hoe doe je dat goed? De voorzitter: Mevrouw Boom. Mevrouw Boom-Vos: Ja, dank u wel. Misschien staat het al op het volgende plaatje, maar in uw raadsvoorsteltekst zei u: bij De Staart daar staat Oost als Groene, Gezonde Stad, doen wij ontwikkelen via de Groene Cirkel-methode. Die klonk heel erg belangrijk, maar ik snapte niet wat dat is. Mevrouw Kelder: Ja, dat is een methode die ze eigenlijk eerst bij de Heinekenfabriek hebben uitgeprobeerd. En ik heb nooit begrepen wat de stap naar De Staart is maar ik weet wel wat er in De Staart gebeurt. Dus daar ga je met elkaar om de tafel en dan maak je een droom: hoe ziet jouw ideale Staart-Oost eruit? En wat kunnen we nu als eerste makkelijk met elkaar doen al? En dat was dat plaatje wat erbij staat. We hebben daar met 80 man om de tafel gezeten. Het was echt heel druk bij het zorgcentrum De Merwelanden. In tien werkgroepen, en hebben ze met elkaar gedacht wat willen we nu, als in een werkgroepje dit, en het ene wil het beheer verbeteren. En dat is ook gelijk gedaan. Dus dat zijn de dingen. En dan is het idee dat je steeds meer bij elkaar kan krijgen.
Ze wilden ook heel graag naar de noordkant, dus we willen nu met de bedrijven daar in gesprek om te kijken of we daar ook dingen kunnen vergroenen, en dat ze daarheen kunnen komen naar de noordkant. Dat is wat we doen. Dus het is heel klein, en we hopen dat er steeds meer Zwaan-kleef-aan, en dat we met elkaar meer budgetten kunnen vinden. Dat is het. Nou, hier staan onze projecten weer op de op de kaart, maar ik heb ze net allemaal vertelt dus misschien kunnen we deze dan overslaan. Ja, voorbereiden op calamiteiten. Dus het doel om zelf- en samenredzaam te zijn. Als je bijvoorbeeld denkt van overstroming, is het eigenlijk zo: je wordt gered door de buurman. En dit plaatje is van … Ja, ter geruststelling. Ja dus we zullen we hier gewoon maar vrienden blijven, want ja, alle hulpdiensten zijn ook gewoon thuis. Die hoeven niet paraat te zijn. Het leger wel, maar de hulpdiensten niet. Dus er zijn niet heel veel mensen die op het moment van een overstroming naast je staan, dus dat is wel een ding. En dus deze man hier is 73, en die draagt zijn buurvrouw van 103 naar een veilige plek. Is een Valkenburg? Dus dat is zo. En wij weten niet zoveel dat dat is, maar we weten dat vanuit het buitenland. Er is heel veel onderzoek geweest, en dit is echt de slogan. Dus de buurman red je, dus dat is samenredzaam. Dus je moet zelf weten wat je moet doen.
Daar hebben wij de waterveiligheidscampagne altijd voor: wat moet je doen? Kijk in postcodeoverstromingpunt.nl of je een droge zolder hebt. Als je die niet hebt dan moet je kijken of een vriend of buren dat wel hebben, en kan je daar dan heen in tijden
9
van nood. En dat wij dit communiceren is heel wat, maar dit is wel nationaal beleid, dus wij willen daarom dit Maasterras graag als schuillocatie, dat er veel mensen heen kunnen die niet een droge zolder hebben. Hier hebben we ook een Europees subsidie in aanvraag lopen. Die heet 4, en dat gaat helemaal over de watercampagne en over het evacuatieplan. Dat moet eigenlijk de Veiligheidsregio maken, het staat al heel lang op de agenda, maar die hebben het veel te druk gehad met corona en nu met asielzoekers. Dus dat komt niet. Dus dat gaan wij zelf maken als we die subsidie krijgen. De voorzitter: De heer Gündogdu. De heer Gündogdu: Ja voorzitter, dank u wel. Er zijn in het geval van calamiteiten twee locaties in Dordt waar mensen droge voeten hebben. Ik kan me zo voorstellen, en dat is weliswaar ook eerder besproken in dit gremium, maar hoe krijg je nu al die mensen, in het geval dat er een calamiteit zich voordoet, op die twee plekken? Want het is natuurlijk een behoorlijke, ik zou zeggen haast, een volksverhuizing, en zijn er überhaupt op het moment dat die calamiteit zich voordoet de wegen of de fietspaden wel bereikbaar? Wordt daar in het meerjarig onderhoudsprogramma wel rekening gehouden dat die randvoorwaarden wel goed zijn? Mevrouw Kelder: Nou bij dat Maasterras gaan we daar nu naar kijken, dus dat hoort erbij.
Dus je moet op de fiets komen, je kan niet met de auto want dat gaat natuurlijk niet, dus je moet op de fiets of lopend. Maar ten eerste, sommige mensen kunnen thuisblijven, die kunnen op zolder zitten. En het feit dat toch best veel mensen wel naar groepen gaan, dat is eigenlijk idealiter, zijn dat mensen die kwetsbaar zijn, dus die echt elektriciteit nodig hebben. Want dan willen we dat het daar kan blijven, dus met de beademing of zo. En ook in uw vraag is het ook: hoe kom je daar? Nou, wij verzinnen het juist eigenlijk op Het Eiland omdat anders moet je naar het zuiden, want naar het noorden is het zeer waarschijnlijk vol op de A15 dus daar kom je niet weg. Dus je moet naar het zuiden. En met windkracht 10 kan je eigenlijk al niet meer over de Moerdijk. Dus wij moeten eigenlijk op Het Eiland wat realiseren, en dat doen we zo. En het feit dat je daar dan mensen hebt zorgt ook dat die mensen kunnen helpen redden. Dus dat is een enorme extra. Dus dat is heel interessant om, als we een paar jaar verder zijn, dat we kijken of we ook mensen bijvoorbeeld bij de scouting kunnen vinden die dat interessant vinden om dat te doen. We hebben De Redders van Dordt, dus die min of meer trainen kinderen en lichten voor bij kinderen wat er aan de hand is. En dus lang was het zo: maakt ze dat niet bang? Maar het maakt ze heel trots en heel blij.
Dus wat we terug horen is dat ze op verjaardagen vertellen hoe interessant dat is dat ze dat kunnen. En dat maakt de community heel veerkrachtig. Nogmaals, je wordt gered door de buurman, en dat gebeurt maar eens in je leven, denken we. De voorzitter: En mag het ook de buurvrouw zijn? Mevrouw Kelder: Nou, ik weet het niet, De voorzitter: Ik hoor alsmaar buurman, maar stel dat je alleen maar de buurvrouw hebt en die zijn heel veerkrachtig, hoor, kan ik u vertellen. Mevrouw Kelder: Ik vind het heel goed punt. En excuses dat ik de hele tijd buurman noem. De voorzitter: Nee, hoor. Ik kon het niet laten om dat …
10
Mevrouw Kelder: Nee, ik ben ook blij om dat je het doet. Ik ben er blij om. Heel goed. De voorzitter: Gaat u verder. Mevrouw Kelder: Maar die bodemdaling. Dit is echt een ding, dus ik kom daar graag nog een keer uitgebreid op terug, onder andere met de mensen die dat graag willen, omdat het lastig is om het hier nu toe te lichten. Maar we zijn er echt heel intensief mee bezig. Het is een combinatie van bodemdaling en hevige regen. Dat is het probleem. Hebben we al vaker meegemaakt, dat is ook al genoemd, en daar moeten we echt wat aan doen. Daar zijn we ook mee bezig, dus daar wordt het Rijksdienst voor Ondernemend Nederland zijn we met Rotterdam aan het kijken hoe dat kan, wat kunnen we ermee, en hoe doen we dat? Ook daarin zit NWA, dus RED & BLUE. En de provincie Zuid-Holland die heeft samen met de waterschappen Hollandse Delta zijn wij een werkregio van Deltaprogramma Ruimtelijke adaptatie, en daar krijg je geld. Maar ja, als je met elkaar vaststelt waar het over moet gaan … Dus omdat het waterschap erbij zit, zitten we alleen met Zwijndrecht, Hendrik-Ido-Ambacht en Dordrecht in een werkregio. En alle drie de steden willen aan dit issue rekken. Dus ook daar zit het. Dus het is overduidelijk een dingetje waar we mee aan de slag moeten. Nou, dat was het.
En dan laat ik alleen nog zien, dit was de vorige periode met de subsidies, en alleen hierom vragen we het in één keer voor vier jaar. De voorzitter: Ik zie verschillende vingers omhoog. De heer Wringer. De heer Wringer: Ja dank, voorzitter. Laat ik maar even beginnen, dank voor de presentatie. Ik vind het geweldig dat er zoveel subsidie wordt aangevraagd. Dat zou bij meerdere projecten in Dordrecht moeten eigenlijk. 2,6 miljoen is nog niet toegekend, is er een plan B als dat niet toegekend wordt? En de tweede vraag is de vier miljoen die nu gevraagd wordt, is die al eerder gereserveerd? Of uit welk potje komt die? Maar misschien dat de wethouder die moet beantwoorden. Mevrouw Kelder: Nee, dat weet ik ook. De heer Wringer: Oké, dan hoor ik het graag van u. Mevrouw Kelder: Die vier miljoen die is gereserveerd, en die komt uit de Groeiagenda en dat komt weg bij het Stadspark XXL. Die is van 55 maar 51 gegaan. Maar wij helpen het Stadspark XXL nog de komende jaren. De heer Wringer: En, voorzitter, plan B als de subsidie niet wordt toegekend, is die er? Mevrouw Kelder: Nou ja, plan B. Eigenlijk is het zo we kunnen meer doen als het wordt toegekend. Dat is het. Wij doen gewoon meer. Dus plan B is het budget wat we krijgen van jullie, maar wij zeiden nu al, ik heb ook vandaag gehoord dat we alweer naar een tweede fase zijn. Afgelopen vrijdag is er eentje goedgekeurd.
Dus dat het gaat best goed denk ik. De voorzitter: De heer Roggekamp. De heer Roggekamp: Ja dank u wel, voorzitter. Ik heb een vraag over die subsidies, en dan niet zozeer over het verkrijgen van de subsidies maar wat is onze rol als raad nog voor de projecten waar u subsidie op dreigt? Hebben wij daar ook nog wat over te zeggen, of gaat dat dan helemaal buiten ons om?
11
Mevrouw Kelder: Nou, we kunnen het helemaal buiten jullie omdoen, maar het is misschien heel leuk om hier vast te stellen hoe we jullie kunnen betrekken. Ja, dat is prima mogelijk. Maar de doelstellingen zijn er wel. Dus we hebben vastgestelde doelen. En bijvoorbeeld eentje die goedgekeurd is, Biodiverse Cities. Die gaat over één pijler: wat is nu eigenlijk biodivers in de stad? De tweede pijler gaat over gedragsverandering, en de derde over governance. Dus governance, hoe kan je het ook inregelen? En die combinatie met gedragsverandering is ook … Ik bedoel, hoe kunnen we zorgen dat iedereen tevreden is? Dus wij moeten leren van wat mensen ervan vinden en andersom, dus hoe kunnen we een beetje zorgen dat er bemiddeld wordt? Daarin gaan we nog, want het is net goedgekeurd, kijken wat we willen doen. Nou, misschien kunnen we op enig moment even langskomen met een voorstel hoe we dat willen doen, en wat jullie rol daarin kan zijn. De heer Roggekamp: Ja, dat zou wel in ieder geval ik denk ons voorstel allemaal wel zijn, van hier van de raad, dat we erin ieder geval erin mee kunnen praten. De voorzitter: Dat lijkt mij ook, want anders waar zitten we anders voor? Wij praten graag. Ja. Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja dank u wel, voorzitter. Ik heb twee vragen. De ene gaat over de plekken die expliciet worden genoemd in het verhaal, bijvoorbeeld Staart-Oost.
Ik zou graag nog een kleine toelichting willen hebben op waarom staat Staart-Oost voorop, waarom bijvoorbeeld niet Vogelwijk of delen van Krispijn hoog op de agenda in het kader van klimaatadaptatie? En de tweede vraag is misschien wel filosofischer, maar ik mis een beetje greep op wanneer lopen we nu hard genoeg? Er zijn allemaal leuke aanzetten en mooie projecten die mij als heel goed lijken, maar waar moeten we naartoe? Op welk moment kunnen we nu eigenlijk zeggen, ja, we zijn voldoende klimaatadaptief? Is daar iets over te zeggen? Mevrouw Kelder: Nou dat is, ja filosofisch. Dat is een hele lastige, en dat komt omdat die klimaatverandering nog steeds doorgaat. Dus laten we zeggen in 2024 moeten we weer opnieuw aan de slag om te kijken wat is er nu aan de hand, en zijn er nieuwe kwetsbaarheden en andere knelpunten? Dus dat al. Dus we weten gewoon niet wanneer die klimaatverandering stopt, dus daarom zijn we ook nog steeds in opgave, we weten gewoon niet wat het in stadium is. Maar ik had daar niet op geattendeerd. Maar wij zijn het laatste kwart van de Omgevingscyclus is monitoren, en juist om deze vraag hebben we onze aangemeld bij het monitoringslab Klimaatadaptatie.
Dus eigenlijk heeft het rijk provincies en ook waterschappen vastgesteld hoe ingewikkeld het is, en hoe kunnen we daar nu grip op krijgen? Dus ik heb het antwoord nu niet, maar ik weet wel een richting waarop we gaan zoeken, en dat is veel meer zorgen dat je eigenlijk een veerkrachtige stad krijgt, en dan hopen dat je dat je dat eigenlijk veerkrachtiger krijgt op enig moment dan eigenlijk nodig is voor nu, en dat je dan al wat ruimte houdt. Dus dat je er eigenlijk ervoor blijft zitten. Dus nu zitten we overal nog achteraan, dus moeten we elke keer weer de problemen oplossen, en hopen we dat we als we vrij veerkrachtig kunnen worden dat dat we op een moment er ervoor kunnen blijven. Dan moeten we misschien alsnog wat blijven doen, maar dan kunnen we misschien voorkomen dat het zo ernstig wordt als het nu op een aantal plekken is. De voorzitter: Dank u wel. We hebben nog dertien minuten en ik heb nog twee vragen, en dan misschien nog tijd voor uw vraag. Mevrouw Schnabel, en dan de heer Portier. Natuurlijk Kruger, doe maar weer!
12
Mevrouw Schnabel: Dank u wel, voorzitter, en dank u wel voor uw presentatie. Ik heb een vraag of twee vragen eigenlijk. U benoemde net de vijf prestatielijnen. Zijn er nu ook bepaalde criteria om die voortgang van die vijf prestatielijnen te toetsen? Mevrouw Kelder: Nou, dat gaat dan over thema's waarin je voortgang moet maken. Nou ja, dat is eigenlijk ongeveer het antwoord wat ik net ook gaf. Dus we proberen dat ook nu weer met klimaatadaptatie omdat dat toch echt op dit moment het meest grijpbaar is, want die biodiversiteit die is eigenlijk ook pas recentelijk echt zover zich gaan ontwikkelen. Dus wij proberen dat vergelijkbaar met klimaatadaptatie te doen, maar dat blijft ingewikkeld, en dan hopen we dat antwoord te kunnen geven. Dus nu is het eigenlijk gewoon wat iedereen doet, maatregelen nemen, en eigenlijk niet eens goed weten hoeveel dat bijdraagt. Dus daarom, dat monitoren, is buitengewoon belangrijk dat we er veel meer grip op krijgen: hoe gaan we nu de goede kant op? Dus ik kan echt zeggen de eerste vier jaar hebben we echt gewoon gebruikt om grip te krijgen op die klimaatadaptatie, maar dat monitoren blijft echt heel belangrijk, en dat geeft ons veel meer gevoel ook om echt te kunnen aangeven hoever we zijn. Mevrouw Schnabel: En dan de tweede vraag. De voorzitter: Heel kort, want de Portier wil ook nog, en we hebben eigenlijk weinig tijd.
Mevrouw Schnabel: Oké, heel kort. Er wordt in het raadsvoorstel over een Midterm gesproken. Mevrouw Kelder: Ja, dat hebben we de vorige keer gedaan. Dus wij komen meestal niet vaak langs omdat we ondersteunend zijn bij heel veel. Nou ja, er is een voorstel gedaan om wel eens langs te komen. Ik denk dat het heel leuk is. Maar anders komen we met een Midterm, dan laten we zien aan welke projecten we hebben meegedaan en hoever en andere delen er zijn. Dus dat. Mevrouw Schnabel: Oké, dank u wel. De voorzitter: De heer Portier. De heer Portier: Voorzitter, ik heb een hele, bijna niet te bevatten, opsomming gezien van programma's en voorstellen, en werkgroepen en projecten, en regels en monitoring et cetera. Maar wat ik een beetje mis is wat is nog de verhouding tussen de overheid, het plannen maken, het vergaderingen organiseren, het participatie organiseren, het voorlichten, het kennis opbouwen, en de echte schop die in de grond gaat, en het asfalt wat eruit gaat en de stenen die er uitgaan, en de groene oevers die er komen, de bomen die er komen. Wat is echt de concrete uitvoering en de overheid bij al deze plannenmakerij, als ik het oneerbiedig mag zeggen? Mevrouw Kelder: Nee, echt een hele goeie vraag volgens mij. Ja, het verschil tussen het programma en een opgave is gewoon omdat wij niet weten wanneer we het goed doen en waar we heen gaan.
Dus de opsomming die wij maken is alleen maar omdat we veel meer grip willen krijgen op wanneer doen we het goed. En ik hoop serieus dat we het in vier jaar met het monitoren en al veel meer grip krijgen, en dan kunnen we met veel minder geld uit. Dus het is een terechte vraag, maar als wij nu een schop in de grond doen hoe dan, en wat dan? Dat is een beetje de vraag. Dus als je bouwt moet je ook weten van … Je wil gewoon dat wat er gebouwd wordt eigenlijk voor de komende 30, 40 jaar gewoon zorgt dat het probleemloos de klimaatverandering kan hebben.
13
De voorzitter: Mevrouw Nieuwland had nog een hele kleine vraag, begreep ik. Mevrouw Nieuwland-Van den Bosse: Ja, ook over de financiën. Het viel me op bij een stuk dat jullie vragen vier miljoenen, u heeft helder toegelicht ook waarom dat nodig is. Maar in de stukken staat alleen de wijziging van 1,125 miljoen. Hoe worden de komende jaren, hoe worden die gewijzigd of … Mevrouw Kelder: Dit is niet iets waar ik echt veel van weet, dus mijn PNC-adviseur, dus de controller, hij heeft het volgens mij geregeld voor vier miljoen. Of jullie zeggen: nee dan niet, dan gebeurt het niet. Maar tot dat moment is het zo dat dat geregeld is. De voorzitter: Dit is wel even een ding. Ik weet dat ook niet precies. Mevrouw Kelder: ik ook niet dus. Fijn dat je erop attendeert. Ik weet het ook niet, dus ik zal dat dan nagaan. De voorzitter: Dat is mooi om de schriftelijke vraag dat ook nog even na te zenden. We zijn eigenlijk aan het einde gekomen. Ik heb u wel horen zeggen, mevrouw Kelder, dat over bodemdaling en de hevige regen van tegenwoordig dat u daar mogelijk nog wat informatie over kunt geven. Ik weet niet of dat nu belangrijk is voor dit stuk om hiermee verder aan de slag te kunnen? Kijk ik even rond. Ik zie nee schudden. Maar we kunnen nog wel die vraag stellen om een keer daar een presentatie over te geven.
Dan is nu de vraag aan de commissie: kan dit stuk door als hamerstuk naar de raad? Op zich wel, hoor ik. Ik zie knikken. Mevrouw Schnabel kijkt nog een beetje: wat moet ik kiezen? Mevrouw Schnabel: Nou, ja ik was eigenlijk … U gaf het net al aan dat die Midterm, dat dat aan ons is om dat te agenderen wanneer het weer opnieuw op de agenda komt. Klopt dat? Mevrouw Kelder: Ja, jullie kunnen natuurlijk elk moment vragen om een update, toch? Mevrouw Schnabel: Ja, want dat is op dit moment nog niet duidelijk wanneer die nieuwe update komt? Nee ja. Mevrouw Kelder: Als jullie elk jaar een update willen of vaker, kijk, we zetten in de Burap een aantal activiteiten, en niet alles. De voorzitter: Ja. Nee, ik heb net een mooie aanvulling van de wethouder gekregen, als we dit gewoon als hamerstuk doen en dan een Midterm. Dat betekent dus niet over een aantal maanden, maar zeker een jaar, anderhalf tot twee jaar dat we dan weer een update krijgen over wat er allemaal gebeurd is en wat er is. Terwijl ik ook wel weet, mochten er calamiteiten zich voordoen, andere calamiteiten als nu net getoond zijn, dan is er een actieve informatieplicht en dan zullen we zeker geïnformeerd worden. Mijnheer van der Meer.
De heer Van der Meer: Ja, ik kan mij voorstellen, want een groot deel van waar je in het kader van deze opgave mee bezig bent is kennis verzamelen en meer inzicht verwerven van wat er allemaal nodig is. Ik kan me voorstellen dat op een bepaald moment dingen echt scherper worden, en dat dat ook een goede aanleiding is om de raad dan even te informeren, want ik geloof dat we allemaal een beetje zitten te zoeken naar hoe verhoudt de ambitie zich nu concreet aan de activiteiten aan de andere kant?
14
Mevrouw Kelder: Snap ik heel goed. Ja, wat dat betreft is het voor ons ook allemaal moeilijk. Het hele team is gewoon aan het werk met iets van je wil het beter doen, maar wanneer is het goed genoeg en hoe doe je dat dan? De voorzitter: Ja, en die toezegging kreeg ik net ook al van de wethouder in mijn oor gefluisterd. De heer Portier. De heer Van der Meer: Hij is ook proactief onze kant op… De voorzitter: Nog iets kort, want dan zal ik vergadering afsluiten. De heer Portier: Misschien is het een beetje in de lijn van wat de heer Van der Meer zegt. Ik heb wel de indruk dat er enorm veel werk en geld gestoken wordt om te kijken van wat is nu het perfecte plaatje? Maar aan de realisatie van het plaatje dat dat een beetje daardoor ondergesneeuwd dreigt te gaan. Ik kan dat fout zien, maar dat is in ieder geval de indruk die ik tot nu toe krijg. Mevrouw Kelder: Er is vorig vorige keer, dus de vorige opgave, is er meer dan vier miljoen ook gewoon aan de schop in de grond besteedt. De heer Portier: Kijk, dat zijn concrete cijfers. Mevrouw Kelder: En ik kan dat ook gewoon altijd doorgeven hoe het ervoor staat. De voorzitter: Nou, ik denk dat dat misschien wel, omdat er toch een enorm dossier is dat, mochten er duidelijke resultaten zijn, dat dat ook per raadsinformatiebrief naar ons toekomt. Mevrouw Kelder: Maar dan wordt er ook van geleerd, hè? Dus de uitvoering leren we ook van.
De voorzitter: Krijg ik ook weer een ja-knik van de heer Van der Linden, onze wethouder. Ik zie nog twee vingers omhooggaan. Dat krijg je altijd op het eind, moet er toch nog even snel wat. De heer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Voorzitter, het is namelijk een praktische vraag naar aanleiding van de mededeling de wethouder u deed, namelijk als we dit hameren doen we een budget voor vier jaar, en hoe verhoudt zich dat dan tot die Midterm die dan over anderhalf jaar te gebeuren staat? Hoeveel ruimte zit er dan op dat moment in om daar nog iets mee te doen, want we hebben dan al voor vier jaar iets vastgelegd? De voorzitter: Zeker, dat is een goeie vraag. En ja, we kunnen dan kijken, maar ik denk aan de andere kant, we hebben ook al gezegd voor ieder budget wat uitgegeven moet worden, en mochten daar hele andere veranderingen in zijn als waar we nu toestemming voor krijgen, dan wordt dat weer voorgelegd aan de raad. En ik denk dat er ook een stukje vertrouwen moet zijn, maar dat is misschien mijn naïeve inslag. Gezonde politiek argwaan van uw kant, mag allemaal. Nee hoor, maar ik denk dat wij zeker op dit dossier er allemaal heel erg alert op zijn mocht er iets gebeuren dat dat ogenblikkelijk weer geagendeerd wordt. Ja, en mocht dat na een jaar of drie zijn, dan zullen mogelijk weer andere mensen daar keihard mee aan de slag moeten of u allen nog hetzelfde. We weten het niet.
De heer Wringer nog kort, want dan wil ik het toch afronden.
15
De heer Wringer: Ja, heel kort voorzitter. Kunnen we afspreken dat we binnen zes maanden een politieke atechnische sessie over grondwaterstand voor de boeren... De voorzitter: Ja, de bodemdaling en de hevige regens. Is dat haalbaar, mevrouw Kelder? Ja hoor dat gaat gebeuren. Mevrouw Boom-Vos: Voorzitter, ik snap het niet. Wilt u nu een politieke sessie? De voorzitter: Apolitiek technische sessie. Mevrouw Boom-Vos: Ah oké, ik dacht dat je atechnisch zei. Ik denk: hè. De voorzitter: Nee, ik begreep apolitiek technische sessie. Oké, dus dit stuk gaat als een hamerstuk naar de raad. Mocht u toch nog bedenkingen hebben kunt u zeker een stemverklaring uitbrengen. Dan wil ik u allen hartelijk danken, vooral ook mevrouw Kelder. Nee, dank u wel voor alle dingen die u ons weer heeft laten zien, en we kijken uit naar de bodemdaling informatie met de hevige regenval. Dank u wel. Ja, na de informatie daarover, mijnheer Van der Meer.
2. Vaststellen en beschikbaar stellen van een reservering Doorstartnotitie Programma Energietransitie 2023-2026 - Startnotitie Voorzitter: Mevrouw Van Engelen Commissiegriffier: De heer Boom Verslag: NotuBiz
Aanwezig: Mevr. Boom-Vos (VVD) Dhr. De Feijter (CU/SGP) Dhr. Groenewege (Partij voor de Dieren) Dhr. Gündogdu (Op Ons Eiland) Dhr. Van der Kruijff (CDA) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Dhr. Van Leeuwen (FvD) Mevr. Nieuwland-van den Bosse (CU/SGP) Dhr. Portier (SP) Dhr. Safranti (DENK) Dhr. Schalken-den Hartog (Beter Voor Dordt) Mevr. Schnabel (PvdA) Mevr. Vol-van der Holst (Partij voor de Dieren) Dhr. De Vries (VSP) Dhr. Wringer (Beter Voor Dordt) Insprekers: dhr. … Ambtelijke ondersteuning: mevr. Van Damme, dhr. Leemans Portefeuillehouders: wethouder T. de Jonge.
16
De voorzitter: Goedenavond. Willen alle commissieleden plaatsnemen aan tafel, en alle publieksleden mogen lekker op de tribune gaan zitten. En ja commissie- en raadsleden. Als je in de raad zit dan ben je ook commissielid. Dan ga ik de vergadering starten. Excuus dat we vijf minuten later beginnen. Ik ben Yara van Engelen, ik ben jullie voorzitter en net was ik eventjes raadslid en toen zat ik bij een ander agendapunt, die liep wat uit. Als het stil kan worden in de zaal. Yes, dank jullie wel. We zijn vanavond bijeen om het te hebben over het raadsvoorstel Doorstartnotitie Programma Energietransitie. Welkom alle raads- en commissieleden die net zijn gaan zitten. Welkom ambtelijke ondersteuning. We gaan vanavond genieten van een presentatie van jullie. En welkom mensen op de publieke tribune achter mij. Fijn dat jullie er zijn. En natuurlijk welkom eventuele mensen die thuis meekijken, en welkom portefeuillehouder, mevrouw De Jonge. We gaan voor het verslag even een voorstelrondje doen. En ik begin rechts van mij. De heer Portier: Politiek links. Ronald Portier, Socialistische Partij. De heer De Feijter: Bart de Feijter, ChristenUnie/SGP. Mevrouw Nieuwland-Van den Bosse: Eline Nieuwland, ChristenUnie/SGP. Mevrouw Schnabel: Marije Schnabel, Partij van de Arbeid. De heer Van der Kruijff: En intussen aanbeland in het midden. Wim van der Kruijff, CDA.
De heer De Vries: André de Vries, VSP. Mevrouw Vol-van der Holst: Danielle Vol, Partij voor de Dieren. Mevrouw De Jonge: Tanja de Jonge, portefeuillehouder Mevrouw Van Damme: Kristie van Damme, beleidsadviseur Duurzame Stad. De heer Leemans: Joost Leemans, programmamanager Energietransitie in 2040. De heer Van Leeuwen: Van Leeuwen, Forum voor Democratie. Mevrouw Boom: Karin Boom, Dordtse VVD. De heer Safranti: Mehmet Safranti, DENK Dordrecht. De heer Gündogdu: Aydin Gündogdu, Op Ons Eiland. De heer Wringer: Jan-Willem Wringer, Beter voor Dordt. De heer Schalken-den Hartog: David Schalken, Beter voor Dordt. De heer Groenewege: Pieter Groenewege, Partij voor de Dieren. De heer Van der Meer: Frans-Bauke van der Meer, GroenLinks. De heer Boom: Hessel Boom, commissiegriffier.
17
De voorzitter: En ik ben nogmaals Yara van Engelen, jullie voorzitter voor vanavond. Nog even een korte toelichting op waarom we hier zijn. We hebben een variant op de ons welbekende startnotitie gekregen een Doorstartnotitie, die ziet toe op het Programma Energietransitie tot en met 2026. Dit is geen raadsvoorstel dat op zichzelf staat, we verwachten binnen enkele weken ook het raadsvoorstel Klimaatneutraal. De Doorstartnotitie wordt niet alleen vanavond ambtelijk toegelicht. Op 4 april is er een Rondetafel op initiatief van de raad zelf, zodat we ook verschillende reflecties ontvangen uit de stad en van belangengroepen. Vandaag kunt u al uw vragen stellen over het voorstel en de gevraagde besluiten. Dus nog even ter verduidelijking, we gaan kijken naar een presentatie vanuit de ambtelijke ondersteuning. En als het goed is komt Clark eraan en dan roep ik hem nu bij dezen op, meestal komt hij dan magisch binnengestormd, om de presentatie op het grote scherm te zetten. Oké, dan wil ik nog even vragen aan degenen die de prestatie gaan geven. Vindt u het fijn om vragen tussendoor te krijgen van de commissieleden of het liefst achteraf? Commissieleden, het mag tussendoor. Dus dan gaan we met z’n allen heel goed ons best om dat binnen een uur te regelen. De heer Leemans: O ja. Doet hij het? Dan sta ik met twee dingen in mijn hand, is wat onhandig, maar goed. Welkom.
Kristie en ik zullen jullie in ieder geval even meenemen in een korte presentatie door de startnotitie of door de Doorstartnotitie Energietransitie. We zullen zou nog even uitleggen waarom het ook een Doorstartnotities en niet sec een startnotitie. Ik begreep dat dat wat stof opwaaien, maar daar is een hele logische verklaring voor. Het eerste wat ik in ieder geval even ga doen is jullie even meenemen in het verhaal en de verhouding tussen het Programma Energietransitie en ook, het is net al genoemd, de startnotitie Klimaatneutraal 2040 die er ook aankomt. Het simpele verhaal is door dit college is de ambitie neergelegd om in 2040 klimaatneutraal te zijn. Daaronder zijn we al bezig op een aantal terreinen om daarnaartoe te werken. Een van die onderdelen is het programma, voorheen de Opgave Energietransitie. De Energietransitie had als doel om in 2050 energieneutraal te zijn. En er is een versnelde ambitie opgekomen, dat is in 2040 al klimaatneutraal. Onderdeel van klimaatneutraal is ook energieneutraal, maar het is niet precies hetzelfde. Klimaatneutraal gaat namelijk over nul uitstoot en energieneutraal gaat over het feit dat je alle energie die je gebruikt hernieuwbaar opwekt, dus dat daar de balans in zit. Zover duidelijk. Hoi.
En klimaatneutraal, daar komt een voorstel jullie kant op of een startnotitie waarbinnen we binnen vier grote transitiepaden die versnelling willen gaan realiseren. Die transitiepaden gaan we straks uitgebreid met de stad, althans dat zal het voorstel zijn, vormgeven. Maar ondertussen zitten we niet stil, en zijn we dus al aan het werk aan onderdelen van die route naar 2040. Nou, dat onderdeel, met de ambitie daarin vastgelegd voor 2026 en een stukje ook al richting 2030, zit in het Programma Energietransitie wat nu als voorstel of als Doorstartnotitie voorligt. Binnen dat Programma Energietransitie hebben we een doorstart gemaakt eigenlijk op de opgave die we eerder hadden, en daarbij hebben een specificatie of eigenlijk een meer focus gelegd op energiebesparing, warmte en opwek van hernieuwbare energie. En daar is expliciet bijgekomen, energiesysteem, en dat lichten we straks nog wel even toe. Is dit plaatje zo helder voor jullie, en hebben jullie dan ook een beetje de verhouding scherp tussen wat er straks nog komt op Klimaatneutraal en wat er nu voorligt op Energietransitie? Ja. De voorzitter: Ik zie een vraag van mevrouw Boom-Vos. Maar voordat u de vraag gaat stellen, ga ik even één mededeling tussendoor doen. Er kwam net een vraag vanuit de tribune van wanneer zijn de insprekers aan de beurt? Maar het is expres zo geregeld met
18
iedereen die zich heeft gemeld om inspreken, is geregeld met de griffie. Dat gaan we dus volgende week 4 april doen. Dat gaat over precies hetzelfde raadsvoorstel. Vanavond echter alleen de presentatie doen, en het is ook goed dat er nu mensen bij zijn die volgende week al komen inspreken, want dan zijn we allemaal van dezelfde informatie natuurlijk op de hoogte. Maar met de griffie is geregeld dat we gaan echt met elkaar in gesprek volgende week 4 april, dan hebben we daar ook goed de tijd voor, anderhalf uur, als ik het goed zeg. Ja, dat weet ik zeker want daar zat ik echt zelf bij. Anderhalf uur, en vanavond dus echt alleen maar even deze informatieve presentatie. De heer Safranti: Voorzitter? De heer …: ‘…’ (buiten de microfoon). De voorzitter: Ik kijk even naar mijn afgevaardigde vanuit de griffie en die gaat het even navragen. De heer Boom: Ik ga het even navragen, want ik heb doorgekregen dat dat niet het geval is maar dan ga ik dat even navragen. En als het zo is dan kunnen we dat straks na de presentatie nog even. Oké, top! De voorzitter: We wachten het antwoord van de griffie af. Voor nu gaan we even door met de presentatie zoals het op mijn planning staat, en dat betekent dat we zijn gebleven bij de vraag van mevrouw Boom. Mevrouw Boom-Vos: Dank u wel. Ja, ik vond het al zo frappant dat we zoveel geïnteresseerden hadden, maar dat ze speciaal hiernaartoe kwamen.
Ja, precies. Nog even terugkomen, uw vraag van de is dit helder? Ja, dit verheldert van mij een heleboel, maar ik heb vragen over het gebruik van de energie door de industrie, de elektrificering van de industrie. Moet ik daarmee wachten of kan ik die juist bij de energie stellen? De heer Leemans: Nee, die kunt u zo bij de behandeling van het programma stellen, dus het Programma Energietransitie. Het komt ook terug straks bij de grotere doelen in dat transitie pad, maar je kunt er nu zo meteen een vraag over kwijt. All right, geef ik hem even door voor jou, voor het meer inhoudelijke deel. De voorzitter: Er is ook nog een vraag van de heer Van der Meer, dus die wil ik ook even laten stellen. De heer Van der Meer: Ja, het is mij op zich duidelijk het plaatje waar het nu overgaat en waar het straks overgaat bij de echte startnotitie, maar ik zit toch nog een beetje met de puzzel, hoe verhoudt zich dat groene geheel nu tot dat bruine blokje energie? Anders gezegd, hoe zorgen we ervoor dat wat we in deze periode doen voldoende snel gaat om straks in 2040 klimaatneutraal te kunnen zijn wat energiewet betreft? De heer Leemans: Snap ik. Eén, dit raadsvoorstel focust zich op 2026, wat ik net al zeg, en de ambitie die daar al is opgeschroefd door het college.
Dat kun je duidelijk lezen in de Doorstartnotitie, dus daar zit al een versnelling op, maar we weten dat dat niet genoeg gaat zijn nu om klimaatneutraal te worden in 2040. Daar zit ook nog daarna nog 14 jaar aan vast, dus daar hebben we nog wat in te vullen. Dus wat we straks gaan doen is samen met de verschillende stakeholders kijken: hoe kunnen we die benodigde versnelling straks bereiken? Ondertussen gaan we nu de ambities inkleuren richting