CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.4 2022-02-08 Gemeente Dordrecht Commissie Sociale Leefomgeving - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 24 maart 2022, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen Gemeenteraad 22 februari, de Commissies Bestuur & Middelen, Fysieke Leefomgeving en Sociale Leefomgeving van 8 en 15 februari en de Auditcommissie van 2 februari 2022.26.686 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Dat is om allerlei reden niet gelukt. U heeft een volle agenda. Maar b) dat we ook sterker een loshangend advies … Of hoe heet zoiets? Een apart document hadden gehad met het advies erin op de juridische werking ervan. Dat had het gesprek geholpen in de eerste termijn. Had ook geholpen om de onafhankelijkheid van de heer Robben in dit geval gewoon klip en klaar duidelijk te maken, want, dat heb ik ook al in mijn wethouderbrief geschreven, het is echt niet handig hoor om weer hier, ja, beschuldigingen wil ik niet zeggen, maar die onafhankelijkheid ter discussie te stellen. Daar is helemaal geen aanleiding voor. Dus ik vind het ook vervelend in de richting van in dit geval de heer Robben. Dus het was handig geweest als we daar een apart document van hadden gehad, absoluut. De heer Burakçin: Ja. Nou ja, voorzitter. We komen hier nog op terug, maar iedere keer … De wethouder die heeft iedere keer gezegd: dit is een hoge drukproces geweest. Ik begrijp dat eerlijk gezegd niet. We zijn hier volgens mij al twee jaar mee bezig. Wat hij nou precies bedoelt met hoge drukproces snap ik niet. Maar goed, dat andere komen we later nog op terug. De heer Van der Linden: Ja, voorzitter. Ik wil hier toch iets over zeggen.

Ik heb vorig jaar een aantal maanden meer dan één keer, meer dan twee keer gezegd: kunnen we alstublieft een keer praten over het proces om te komen tot een verordening? Ik heb alle begrip voor het feit dat de commissie een heel drukke agenda had, ook meteen

40

heleboel andere thema’s, maar wat mij betreft hadden we echt vorig jaar mei of juni het eerste gesprek kunnen voeren over de verordening. Dan hadden we in veel rustiger cadans deze discussie kunnen hebben. Dat was echt heel behulpzaam geweest. Nogmaals, alle begrip daarvoor, maar dat bedoel ik met die opmerking over proces. Dat was echt veel fijner geweest. Dan waren we in mei niet zover geweest als nu hoor, maar dan hadden we wel misschien met een startnotitie of misschien met meer discussie over: hoe lokaal willen we hem eigenlijk maken? Misschien zelfs met: weet je wat, laten we hem in één keer helemaal integraal maken, hadden we dat gesprek kunnen voeren. Nou, om allerlei redenen niet gelukt. Nu ligt dit er en daar kunnen we goed mee werken. De volgende periode gaat een nieuwe raad aan de slag met een nieuw college om een integrale verordening te maken. Ik kijk er erg naar uit. Nu moeten we het hiermee doen en het is volgens mij een, nou ja, in ieder geval een goed onderbouwd verhaal. Dank u wel. De voorzitter: Dan komt er nog een treintje. Even kijken. Mevrouw Nijhof. Mevrouw Nijhof: Voorzitter, ik reageer op wat de wethouder nu net zegt over … Hij draait in mijn opinie om dat het aan ons zou liggen dat wij laten we zeggen niet hebben meegewerkt om snel tot een verordening te komen.

Ik kan mij herinneren dat ik zelfs een persoonlijk gesprek heb gehad met de ambtenaar erbij over een aantal zaken binnen de verordening die gewoon niet zouden kloppen. Nou, dat gesprek heeft volgens mij vlak voor de zomer plaatsgehad. Dat ging over de inkomenstoetsing zeg maar waar we toen een discussie over kregen, want die is op dit moment nog zo, en dat werd allemaal ontkent. Toen werd er ineens gezegd: nou, zullen we dan maar een nieuwe verordening gaan opstellen? En laten we die dan gewoon zo spoedig mogelijk voor 1 januari laten we daar dan mee beginnen. Volgens mij hebben wij er wat dat betreft alles aan gedaan om ook heel zorgvuldig te kijken naar het invullen van de nieuwe verordening, dus wij zijn als commissie denk ik in ieder geval, ik spreek even voor mezelf, heel serieus bezig geweest altijd met dit onderwerp, hebben daar veel vragen over gesteld. Nou, dat is één. Ik maak gewoon bezwaar tegen de manier waarop de wethouder dit omkeert. Ten tweede het stukje het Robben, Tim Robben: ik ga in ieder geval de band van de vorige keer naluisteren … De voorzitter: Ik wil u verzoeken om die naam niet zo te noemen. Mevrouw Nijhof: Ja. De voorzitter: Ik wil u toch verzoeken om … Mevrouw Nijhof: Mijnheer Robben. Nou goed, die wordt door de voorgangers ook genoemd.

In ieder geval er is in de vorige commissie in aanleiding naar deze tweede termijn is er wel degelijk gesproken over dat er een advies zou zijn afgegeven door die betreffende jurist. Er is ook nog een discussie geweest over het soort jurist dat dat zou zijn en dat er een partijdigheid zou zijn in verband met zijn adviseurschap. Dus het verbaast me in ernstige mate, omdat wij best wel daar lang over gesproken hebben, dat er helemaal geen advies is. Ik ga dat in ieder geval terugzoeken heb ik mij bedacht en ik kom daar nog op terug, want ik vind de manier waarop er nu omgegaan wordt met

41

informatie die er in de commissie besproken wordt en naar aanleiding daarvan heb ik bijvoorbeeld zelf een advies gegeven, want dat mochten wij van de wethouder, van wat dan wel een geschikte partij zou zijn om de verordening te beoordelen. Daar zijn we heel serieus mee bezig geweest. Ik vind het, nou ja, op zich zogezegd vreemd dat er nu ineens geen advies ligt. Dus ik ga dat terugzoeken en ik kom hier nader op terug. De voorzitter: Prima. De heer Boersma. De heer Boersma: Ja, voorzitter. Nog even over dat juridische advies hoor, want ik ga geen namen noemen, maar volgens mij hebben wij in de vorige commissie hebben we het erover gehad en toen werd er gezegd dat een niet nader te noemen jurist een advies had gegeven aan mevrouw Den Oud die was ingehuurd om een verordening op te stellen. Dus die heeft geen advies gegeven aan ons college, aan onze wethouder, maar aan iemand die ingehuurd was om een verordening op te stellen. Nou, toen hebben we gevraagd: kunnen wij dat advies zien? Nou, dat blijkt dan nu niet op papier te zijn, dus daar gaan we dan maar vanuit. Ik vind wel dat we als commissie een beetje op moeten passen dat we nu niet juristen tegen elkaar uit gaan spelen, hè. Want je vraagt vijf juristen hun mening en je krijgt vijf verschillende meningen, want zo zit het juristenvak ook een beetje in elkaar. Daar zit ruimte in, in een juridische beoordeling.

Daarom is het goed dat we ook gewoon uiteindelijk rechtbanken hebben die hier soms gewoon een beslissing over nemen en zeggen: nou, de wet moet je zo uitleggen en voortaan moet je het ook zo doen en wat daarvoor gebeurde was niet goed. Zo werkt het systeem dat we met elkaar afgesproken hebben. Dat is goed dat we dat doen. Ik denk dat we met het advies van AKD gewoon een heel goed advies hebben liggen. Dat er op een aantal punten gewoon nog wat discussie zit waar we dan met elkaar maar eens in de commissie moeten kijken van of we er uitkomen of dat we op een aantal punten de verordening nog iets gewijzigd willen hebben. Maar ik denk dat we wel een beetje uit moeten kijken dat we een soort tegenstelling gaan creëren tussen verschillende juridische adviezen, want waar het ons om gaat is dat wij als raad in positie blijven om te kunnen beoordelen zeg maar of een verordening ook gewoon goed is. Dat wil niet zeggen dat wij dan het werk van juristen over moeten doen, maar dat we zeker weten als er juridisch advies ligt dan is dat goed, dan is dat getoetst en dan is dat, ja, in dit geval AKD staat op papier en kunnen wij ook gewoon lezen en beoordelen. Dus nou ja, in die zin laten we ook niet elkaar te veel de maat nemen. Het is goed dat wij met elkaar hier kritisch op zijn en kijken hoe zo’n proces verloopt, maar … Nou ja, goed.

Laten we daar ook een beetje met … De voorzitter: Uw punt is duidelijk, mijnheer Boersma. De heer Boersma: Respect omgaan. Ja. Dank u. De voorzitter: De heer Van Verk. De heer Van Verk: Ja, voorzitter. Ook toch maar een duit in het zakje naar aanleiding van de laatste opmerkingen van de wethouder. Die vind ik jammer. Temeer omdat het proces waarnaar deze verordening is gegaan vrij, in ieder geval volgens het raadsvoorstel, uitgebreid heeft plaatsgevonden, maar pas gestart is nadat de tien

42

gemeentes een opdracht hadden verstrekt op basis van een programma van eisen aan het bureau jb Lorenz. Die mevrouw heeft zeker gemeenten waarvan wij niet weten welke het waren behalve Culemborg is ooit genoemd of Zaltbommel, een van die twee. Toen leek langs alle gemeenteraden, werksessies zijn er geweest, gesprekken met ervaringsdeskundigen en ouders. Vervolgens de VNG-verordening ernaast gelegd en een juridisch advies gevraagd waar overigens de naam van het bureau gewoon genoemd wordt, die ik niet nader zal noemen, voorzitter. Er is een vrij uitgebreid intern proces aan voorafgegaan wat uiteindelijk leidde tot een verordening. Wij hebben in november met die mevrouw gesproken. We hebben daarbij ook onze eisen op tafel gelegd en ik heb al eerder vastgesteld dat we daar weinig, te weinig van terugzien en dat gelukkig het advies van het AKD in ieder geval de zaak een stuk de goede richting inbuigt. Maar nogmaals, de hoge druk van waaronder het proces tot stand is gekomen die weiger ik te zien, omdat we al veel langer wisten dat het eraan zat te komen en ik vind dat de commissie niet veel te verwijten valt. Ik vind dat de wethouder en met hem zijn staf te verwijten valt dat er weinig verantwoording wordt afgelegd over de wijze waarop dit tot stand komt en ook weer bij de beantwoording van de suggesties van AKD lezen we steeds terug: modelverordening VNG.

Ja, het zal me de bout hachelen. Dat is geen argument. Geef dan inhoudelijk het argument, behalve dan dat we dicht bij de verordening van de VNG moesten blijven. Nou ja, volgens mij was de wens van de gemeenteraad Dordrecht dat het vooral eigenlijk een bijna lege verordening moest zijn die dicht bij de Jeugdwet bleef, dus in die zin heeft de wethouder niet aan zijn opdracht voldaan. Maar laten we het positief gaan proberen te labelen: er ligt nu een verordening waarom inbuigingen nog mogelijk zijn en nog nodig zijn. Nou, daar hebben we op 22 februari gesprek over met elkaar in de raad. Laten we daarmee doorgaan en laat de wethouder verwijten over en weer achterwege laten, want dat heeft geen zin. De voorzitter: Oké. Duidelijk. Dank u wel. Mijnheer Burakçin nog? De heer Burakçin: Ja, voorzitter. Ja, heel kort, hoor. Ik wilde eigenlijk reageren op de heer Boersma, want dat adviesstuk waar ik om heb gevraagd is niet om de adviseurs tegen elkaar op te laten spelen, maar juist misschien wel om die adviseurs zeg maar in bescherming te nemen. Dat was eigenlijk de reden waarom ik dat gevraagd heb. De voorzitter: Nou, volgens mij is dit punt zo voldoende. Ja, dan kom ik eigenlijk tot een conclusie over hoe we nou verdergaan.

Het is in ieder geval zo, en dan kijk ik ook even naar wethouder Van der Linden, dat het raadsvoorstel wat u vanuit het college naar de raad heeft gebracht als u dat anders wil, dan zult u een formeel stukje moeten aanleveren waarmee u uw terugtrekt. Dan kijk ik ook eventjes naar deze commissie of dan de commissie daarmee akkoord gaat, want dat is eigenlijk … Het is eigenlijk nu zo dat het raadsvoorstel dat is nu in handen van de raad. Dus de raad zal er ook mee akkoord moeten gaan dat het dan weer teruggaat naar het college, die trekt het terug en dat dan er een nieuw stuk komt, nou ja, met de toezeggingen die u heeft gedaan. Maar goed, ik kijk ook even … Laat ik eerst even dan u het woord geven. De heer Van der Linden: Ja. De voorzitter: Hoe u dat ziet.

43

De heer Van der Linden: Nou kijk, ik denk dat we gebaat zijn bij de procedure die het meest helpend is om de 22e tot een besluit te komen. Als het helpt om het stuk terug te nemen en een integrale aangepaste verordening uw raad aan te bieden dat kan denk ik technisch. Dat moet wel lukken. Wat we ook zouden kunnen doen, maar ik kijk ook dan even na wat de griffie handig vindt dan, dus dat horen we dan wel, is dat we de opgetelde wijzigingen waar een keurige was-wordt lijst bij zit, waar ook de gewijzigde artikelen al van aangeleverd zijn met de één of twee opmerkingen die nu gemaakt zijn waar we nog op terug reageren dat we die als een amendement aanbieden zodat u eerst, nou ja, dat jullie eigenlijk in één besluit de aangepaste … Of hoe heet dat ding? Een verordening amendeert en daarmee besluit. Dat zou ook kunnen, denk ik. Maar goed, het is inderdaad zoals u zegt in uw handen, dus ik laat me gewoon … Ik pas me daaraan aan. Ik denk dat er twee routes mogelijk zijn. Laten we de meest handige pakken. De voorzitter: Ja.

Ik kijk even naar de commissie en ik vraag eerst even van het procesvoorstel: gaan wij daarmee akkoord dat deze verordening dan teruggaat naar het college? De heer Van Verk: Voorzitter? De voorzitter: Ja? De heer Van Verk: Ik vind de suggestie die de heer Van der Linden doet om de verordeningswijzigingen via één groot amendement zoals nu in de gewijzigde vorm voor ons ligt, want er ligt al een gewijzigde verordening, om die als amendement in te dienen, dan moet er wel een partij zijn die dat wil doen. Maar goed, die vinden we vast wel. Dat lijkt me de snelste weg, want daarmee worden de amendementen waar we in ieder geval overeenstemming over hebben die worden in één klap in de verordening gezet. Klaar. Dat biedt ook nog de mogelijkheid aan … De voorzitter; Nou, voordat u dan verder gaat kijk ik even naar onze griffier met de vraag of het proces op die manier kan. Ja? Dus dat is akkoord? Ja. Dus er moet een partij zijn die dan dat amendement op die manier indient. De heer Van Verk: Ja. Die is vast wel. Dat geeft alle andere partijen en ook die partijen overigens de gelegenheid om nog amendementen of voorstellen in te dienen die verdergaan als wat er dan voorligt. Daarmee kunnen we op 22 februari al dan niet verder gewijzigd de verordening vaststellen. De voorzitter: Ja.

Het enige wat je dan krijgt is de mogelijkheid, ik zeg maar even mogelijk, dat er een hele discussie in de raad komt en die dan uiteindelijk door, ja, de voorzitter Kolff samen met Anneloes Webster bekeken wordt: wat is het meest verstrekkende amendement? Dat wordt dan een beetje het gevecht. De heer Van Verk: Ja. In volle orde van stemming, bedoel je? De voorzitter: Ja.

44

De heer Van Verk: Ja. De voorzitter: Maar goed. Want je moet wel weten wat blijft staan. De heer Van Verk: Ja. De voorzitter: Nou, wethouder Van der Linden. De heer Van der Linden: Ja. U zit natuurlijk ook een beetje … Ja, dit is natuurlijk ook altijd een onhandig moment in zo’n vergadering. Wat we ook kunnen doen, is het morgen even met de griffie bespreken en dan kijken wat het meest behulpzame en productieve voorstel is en dat volgende week aan de commissie voorleggen: zullen we het zo doen? Dat doet niks aan de inhoud af. De voorzitter: Maar dan zou ik het wel fijn vinden dat in die scenario’s dat dan ook deze commissie in ieder geval toestemming geeft dat als het nodig is, als dat de beste methodiek is dat dan ook dat raadsvoorstel helemaal teruggaat naar het college en dat dan gewoon een nieuw volledig wordt aangeleverd. Dat dat scenario ook geaccordeerd wordt door deze commissie. De heer Van der Linden: Nou kijk, ik zou het ook anders kunnen voorstellen. Ik zou kunnen voorstellen dat we het hele voorstel gewoon dan ter discussie terugnemen, alle wijzigingen waar we het al over gehad hebben erin verwerken, ook zichtbaar met een was-wordt lijst en dat opnieuw aanbieden. De voorzitter: Dat lijkt mij het meest zuivere. De heer Van der Linden: Ja. Prima. Als u het daarover eens bent, dan is dat een prima route.

De voorzitter: Dus de vraag aan de commissie: kunt u zich daar ook in vinden? De heer Van Verk: Ik kan me in elk voorstel vinden als maar 22 februari de zaken worden afgetikt. De heer Van der Linden: Ja. De voorzitter: Oké. De heer Van der Linden: Dan hoor ik u en dan nemen we het mee terug, dienen wij een gewijzigd voorstel in waarin zichtbaar is de was-wordt lijst, enzovoorts. De voorzitter: Ja, prima. De heer Van der Linden: Ja? Prima. De voorzitter: Ik kijk nog even naar mijnheer Boersma. Die heeft ook altijd hele verstandige opmerkingen op dit soort punten.

45

De heer Boersma: Ja. Dank u wel, voorzitter. Nou ja, ik ben het wel eens met de wethouder dat de zuiverste manier is om gewoon het in te trekken en dan de toezeggingen van de wethouder te verwerken in de nieuwe versie. Dan moet u maar even kijken welke dat zijn, maar volgens mij was dat artikel 5 en artikel 21 liet hij een beetje over aan mij of ik dat veranderd wou hebben, of aan de commissie. Ik denk dat het heel goed is dat die twee extra intrekkingsgronden eruit gaan. Dat scheelt weer. Dan blijft denk ik voor ons gewoon de ruimte om inderdaad op de punten waarvan nog het debat is en dat is wat ons betreft die onverplichte jeugdhulp. Ik weet niet of die in de was-wordt lijst straks terugkomt. Dat zullen we zien, gehoord de commissievergadering. Mocht die nou niet terugkomen, dan zou het zomaar kunnen dat daar nog een amendement op komt. Wachten we af. Om de onverplichte jeugdhulp toch in de verordening op te nemen. Maar goed, die wachten we eventjes af nog. De heer Van Verk: Ja, voorzitter. Ik kan aankondigen dat wij gaan kijken of de hele afbakening of we dat zo moeten laten of dat we daar toch een andere vorm voor zouden willen voorstellen in de verordening. Daar moet ik even wat overleg plegen met wat mensen. De voorzitter: Oké. Duidelijk. Mevrouw Nijhof. Mevrouw Nijhof: Ja.

Ik had in mijn woordvoering ook gevraagd om een legenda, een betere legenda zeg maar om de … Want ik denk dat dat echt ook noodzakelijk is. De voorzitter: Legenda bij alle begrippen. Mevrouw Nijhof: Ja. En echt. Maar ook in ieder geval met wat … Er is natuurlijk wel een begrippenlijst die aan het begin staat, maar die lijkt toch niet voldoende te duiden wat er nou precies bedoeld wordt. Daarnaast wordt er in de stukken ook gezegd dat er in B1-taal, want in principe is deze verordening natuurlijk ook bedoeld om uiteindelijk voor de inwoner ook te kunnen kijken waar hij laten we zeggen recht op heeft, zeg ik maar even. Of in ieder geval wat daarin staat. Ja, dan zouden we die ook wel het liefst direct in B1-taal willen zien. De voorzitter: Nou, dan … Mevrouw Nijhof: Kan de wethouder dat leveren? De voorzitter: De wethouder. Mevrouw Nijhof: Ja. De voorzitter: De eerste vraag is: lukt het u nog om de gevraagde legenda bij de begrippen aan te leveren? De heer Van der Linden: Het idee was om de legenda in de nadere regels te stoppen. We hebben het ook niet uitgebreid gehad nu over welke begrippen wel of niet nog in de definities moeten. Want op zich is de definitieparagraaf natuurlijk wel uitgeschreven, dus mijn suggestie zou zijn om die in de nadere regels te stoppen. Ja, anders moeten we dat

46

denk ik via een amendement doen. De tweede vraag was over de B1-taal. Ja, dat lijkt ons een heel nuttige aanvulling. Natuurlijk is het ook een verordening die je ook hier moet kunnen gebruiken met alle formuleringen van dien en de mitsen en maren van dien. Die heb je wel nodig om te kunnen gebruiken bij toekenning bij bezwaarmaking, enzovoorts. Dus ik zou, ja, binnen twee weken ligt die B1-taal er niet, maar die gaan we wel maken. Zo simpel is het ook. De voorzitter: Oké. Mevrouw Nijhof: Mag ik nog één vraag stellen? Goed. U zegt: de begrippenlijst is voldoende. Dus we moeten ook met het amendement zeg maar moeten we ook de begrippen amenderen? Begrijp ik dat goed? De voorzitter: Volgens mij heeft de wethouder … De heer Van der Linden: Nou, kijk … De voorzitter: Aangegeven dat hij het in de nadere regels wil doen en anders zegt hij: dan zult u het moeten amenderen. De heer Van der Linden: Ja. De voorzitter: Als u het … Mevrouw Nijhof: Oké. Nou, dan laten we het wel afhangen van wat er komt. Oké.

De voorzitter: Oké? Nou, dan stel ik vast dat er vanavond toch ondanks dat we het misschien op alle punten niet met elkaar eens zijn dat we toch een goed gesprek hebben gehad, dat morgen door de wethouder met zijn ambtelijke ondersteuning in samenspraak met de griffie wordt gekeken wat het beste is om te gaan doen waarbij we met grote waarschijnlijkheid toch akkoord zijn dat hele voorstel teruggaat en dat er een nieuw voorstel komt, maar dat wachten we even af. In ieder geval onze griffier heeft de ruimte gekregen om dat samen met het ambtelijk apparaat en de wethouder zo goed mogelijk te doen. Dan stel ik vast dat er in ieder geval in de raad van 22 februari dat het een bespreekstuk gaat worden. Volgens mij zijn daar ook al ruim voldoende fracties voor. Het enige wat nog ontbreekt dat is: wat wordt dan de politieke vraag? Is er iemand die daar een suggestie voor heeft? De heer Van Verk: Voorzitter? Dat kunnen we natuurlijk eenvoudig houden, namelijk of de raad kan instemmen met de verordening zoals die voorligt. Dat is een heel ruime politieke vraag, maar die is op dit moment denk ik het meest relevant, waarbij de kanttekening zou kunnen worden gemaakt waarbij er een discussie zit primair zou moeten toespitsen op de amendementen en moties die worden ingediend. De voorzitter: En het gewijzigde amendement. De heer Van Verk: Ja.

47

De voorzitter: Of de gewijzigde verordening. De heer Van Verk: Voorstel. Ja. De voorzitter: Hè? Toch? Oké. De heer Van Verk: Ja, dus op de totale verordening plus. De voorzitter: Ja, prima. De heer Van Verk: En dan zou ik vijf minuten spreektijd … De voorzitter: Vijf minuten spreektijd? Ja. Oké. Gaat iedereen daarmee akkoord? Mevrouw Nijhof, u wil nog wat zeggen? Mevrouw Nijhof: Ik zou wel gewoon nog een politieke vraag hierbij willen stellen. De voorzitter: Ja. Mevrouw Nijhof: En die vraag zou dan zijn: vinden wij als gemeenteraad dat wij een verordening hebben die voldoet aan de bedoeling en de opgave van de Jeugdwet? De voorzitter: Nou, die vraag is ook genoteerd. Ja. Dan gaan we dat op die manier de 22e doen. Nou, dan rond ik in ieder geval nu het bespreekpunt 5 af en ook punt 6: de memo van de wethouder over de beantwoording van de aanvullende vragen. 7. Politieke bespreking beantwoording vragen van rapport Advies – en Meldpunt Jeugd 8. Memo van wethouder Van der Linden over vragen BVD tijdens commissie 0707-2021 over toezicht JBW 9. RIB DG&J Eindrapportage IGJ rapport 10.Brief van Ouderplatform ZHZ met reactie op regiorapport vervolgtoezicht kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd De voorzitter: Dan kijk ik nog even of er iemand nog iets wil zeggen over de punten 7, 8, 9 of 10.

Dus dat gaat over die politieke bespreking beantwoording vragen van het rapport Advies en Meldpunt Jeugd, de memo van wethouder Van der Linden over vragen Beter Voor Dordt tijdens de commissie 7 juli 2021 over het toezicht van JBW, en dat staat voor Jeugdbescherming-West. Mevrouw Nijhof. Mevrouw Nijhof: Ja, ik wou nog even ook iets vragen over de beantwoording van het toezicht. We hebben, en daar wordt ook aan gerefereerd, natuurlijk een gesprek gehad ook met de GI’s zeg maar ook over hun taken en dat hele stukje. Dan valt mij op in de beantwoording dat de staat dat pleegzorg … Nee, het begeleiden van … Begeleid bezoeken. Daar hebben de GI-medewerkers echt van gezegd: daar zouden we echt in die zin af willen. Of in ieder geval: dat is voor ons werk is dat eigenlijk iets wat we ook niet 1) niet onafhankelijk kunnen uitvoeren en daarnaast is het een taak die zo veel tijd kost. Kunnen jullie daar als, ja, inkooporganisatie, want die zaten er toen bij, niet iets

48

mee gaan doen? We hebben daar toen een discussie over gehad. Ik zie in de beantwoording dat er eigenlijk geen beantwoording op die vraag gekomen is of de inkooporganisatie kon kijken of er eventueel een jeugdhulpaanbieder kon worden ingekocht die dat dus zou gaan verrichten. Ik vraag me eigenlijk af waarom daar niet verder naar gekeken is. De voorzitter: Oké. Nou, zullen we dat even aan de wethouder vragen? Mevrouw Nijhof: Ja. De voorzitter: En stel dat hij nou aangeeft dat hij dat op dit moment niet weet, dan stel ik voor dat dat gewoon volgende week als vraag aan het college wordt ingediend en dat de wethouder … Mevrouw Nijhof: Ja. De voorzitter: Dan de tijd heeft om dat antwoord even op te zoeken. Mevrouw Nijhof: Ja. De heer Van der Linden: Dat lijkt me een hele goede. Dan moet ik wel even vragen: over welk stuk heeft u het nu? Want dat heb ik de gauwigheid hier niet bij kunnen vinden. Mevrouw Nijhof: Oké. Zal ik even … De voorzitter: Dat is de memo van wethouder Van der Linden over vragen Beter Voor Dordt … Mevrouw Nijhof: Ja. De voorzitter: Tijdens de commissie … De heer Van der Linden: Oké. Mevrouw Nijhof: Ja. De voorzitter: 7 juli 2021 over het toezicht jeugdbescherming. Mevrouw Nijhof: Ja. De heer Van der Linden: Oké. Dat is … Mevrouw Nijhof: Ja. Toen hebben we ook dat gesprek gehad. De heer Van der Linden: Ja. Dat is agendapunt 8.

En de technische vraag, ik zeg maar eventjes, is dan dus inderdaad waarom dat niet … Of waarom niet ingegaan wordt op de vraag of …

49

Mevrouw Nijhof: Ja. Ja. De heer Van der Linden: Dat bezoek niet wordt meegenomen. Oké. De voorzitter: Als dat dan volgende week dinsdag bij vragen bij het college … Mevrouw Nijhof: Ja. De voorzitter: De vraag is al gesteld en dan kunt u het antwoord geven, wethouder. De heer Van der Linden: Ja, prima. Mevrouw Nijhof: Is prima. De heer Van der Linden: Uitstekend. De voorzitter: Oké. Mijnheer Van Verk, u heeft ook nog een opmerking over die stukken? De heer Van Verk: Ja, ik heb een paar opmerkingen zelfs. Voor wat betreft het rapport Advies- en Meldpunt Jeugd. Dat hebben we uitgebreid besproken. Dat is opgenomen tenminste in de verordening. Tegelijkertijd hebben wij ook in die bespreking vastgesteld dat het meldpunt een bijzondere waarde had. Heeft. Dat het in de lucht moet blijven. We hebben inmiddels begrepen dat zaken als meldpunt en het Ouderplatform en Mee nauw gaan samenwerken met elkaar. Harstikke goed. Goede richting. Daar waren wij allemaal enthousiast over. Alleen ik hoor nu wel uit het veld signalen dat in vertraging raakt. Ik zou de wethouder willen vragen om zo snel als mogelijk met voorstellen te komen, en dat zal waarschijnlijk niet meer deze periode zijn, maar met voorstellen te komen op basis waarvan er voort kan worden gemaakt met een onafhankelijke cliëntenondersteuning zoals de wetgever dat bedoeld heeft. Dat is één.

Twee: voor wat betreft het juridische toezicht JBW naar kwetsbare kinderen onvoldoende beschermd. Dat ging in op de gesloten plaatsing volgens mij, dat we daar voorstellen dat in de ideale wereld gesloten plaatsingen niet nodig zouden moeten zijn, dat de werkelijkheid gebiedt te zeggen dat het helaas wel regelmatig moet gebeuren, maar dat we zouden moeten streven naar kleinschalige opvang met goede procedurele begeleiding in de regio. De wethouder heeft daar een eerste stap in gezet en ik zou graag willen zien dat er in de komende periode vervolgstappen worden gezet waarmee we dit kunnen realiseren en dat deze gesloten plaatsingen in ieder geval uit het marktdenken worden getrokken en dus niet meer via aanbestedingen of wat dan ook worden verdeeld, maar vanuit overheidswege worden uitgevoerd. Dat was het, voorzitter. De voorzitter: Oké. Dank u wel. Wilt u daar nog op reageren, wethouder? De heer Van der Linden: Is wel heel verleidelijk. Dank u voor de gelegenheid. Ja, dat eerste punt: we hebben contact met de initiatiefnemers zeg maar eventjes hè, dus met Mee en de mensen van Ouderplatform om met een initiatief te komen. Dat komt zo snel als mogelijk. Ja, het tweede punt: ik onderschrijf de betooglijn die u heeft en inderdaad in een ideale wereld vindt geen gesloten plaatsing meer plaats. We hebben deze periode

50

wel een aantal initiatieven genomen waarbij het dichter bij huis en kleinschaliger kan. Daar ben ik heel blij mee. Ik denk dat je de ambitie moet hebben om terug naar nul te gaan. Maar dat is ook iets waar we natuurlijk niet alleen zelf over gaan, want ook een rechter kan een gesloten plaatsing uitspreken, enzovoorts. Maar we moeten daar denk ik wel alles aan doen om in ons eigen pakket die kleinschaligheid en zo dicht mogelijk bij huis om dat steeds beter te organiseren. Nou, dat is niet aan deze call meer, dat is duidelijk, maar ik denk dat dat sowieso een opgave is waar in de nieuwe raadsperiode over gesproken gaat worden en waar hopelijk ook een bestendige lijn in wordt getrokken die we wel zijn gestart, maar die echt nog wel tijd nodig heeft. De voorzitter: Oké. Dank u. Mevrouw Nijhof nog voor het laatste onderdeeltje. Mevrouw Nijhof: Ja. Nou, ik ga niet meer in op de gesloten plaatsingen. Ik heb daar een hele andere visie op. Zoals iedereen dat misschien inmiddels wel weet. Het is gewoon de opdracht vanuit de Jeugdwet dat er nul uithuisplaatsingen moeten zijn, dus punt. Nou, goed. Even over het toezicht van Jeugdbescherming-West in dit geval. Daar wordt ook op ingegaan in een van de stukken, ook door de inspectie.

Daar wordt nu natuurlijk uiteindelijk van gezegd dat er onvoldoende maatregelen ook door ons genomen zijn of in ieder geval door dit college genomen zijn om laten we zeggen Jeugdbescherming-West te helpen om laten we zeggen hun taak beter te kunnen uitvoeren, want inmiddels is er weer voor een halfjaar volgens mij toezicht opgelegd, omdat de jeugdbeschermingsketen nog niet zo functioneert als ze zouden moeten functioneren. Nou ja, goed. Verder ik ben heel benieuwd hoe de wethouder daarop reageert. De voorzitter: Nou, misschien kan hij dat punt dan ook volgende week beantwoorden gezien de tijd waar we nu op leven. Mevrouw Nijhof: Ja. Oké. De voorzitter: Dat is mijn voorstel. Mevrouw Nijhof: Ja. De voorzitter: Oké? Nou, de wethouder heeft mij gehoord. Nou, dan is de vraag … De heer Van der Linden: Zeker. De voorzitter: Ja, ik heb het 15. Nou, dan is de punten 6 tot en met 10 stel ik dan voor, we hebben nu een aantal vragen die worden volgende week nog beantwoord, om deze stukken dan ter kennisgeving aan te nemen. Nou, dat is akkoord. 12.Overzicht Moties 13.Overzicht Toezeggingen Agendadeel: Overig 26.Termijnagenda

51

De voorzitter: Dan kom ik nog even bij punt 12: de termijnagenda. Dus we hebben met elkaar afgesproken dat de themabijeenkomst over thuiszittersproblematiek Wet passend onderwijs die dragen we over aan de nieuwe gemeenteraad. Dan hebben wij volgende week de laatste commissievergadering waarin de themabijeenkomst sociaal wijkteam en bespreking van de raadsinformatiebrief over het vervolg op het adviesrapport van 4Vitae. Nee, die kan vervallen. Sorry. Daar hebben we het net al uitgebreid over gehad. Dus we hebben het dan alleen over de themabijeenkomst van het sociaal wijkteam. Nou, en dan is daarmee ook onze termijnagenda voor deze raadsperiode en van deze commissie is daarmee dan klaar. Oké. Tenslotte 27.Rondvraag De voorzitter: Nou, dan vraag ik aan jullie of iemand nog behoefte heeft aan een rondvraag? Dat is niet het geval. 28.Sluiting De voorzitter: Nou, dan gaan we deze vergadering om iets over elven afsluiten. Ik dank u allemaal voor uw inbreng vanavond. Wij zien elkaar volgende week dinsdag. Goedenavond. De heer …: Goedenavond. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 24 maart 2022. De griffier,

De voorzitter,

A.E.T. Wepster

A.W. Kolff

52

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/431/documents/16489