2.3 2026.07.07 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE GEMEENTE DORDRECHT - DORDTSE DINSDAG D.D. 7 JULI 2026 Vergaderzaal 1 1. Introductie Nieuwe raad - Werkbezoek Cultuur 2. Vragenhalfuur Voorzitter: De heer Gündogdu Commissiegriffier: De heer Van Soest Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Van Antwerpen (Beter voor Dordt) Dhr. Van der Graaf (PVV) Mevr. De Vries (GroenLinks-PvdA) Portefeuillehouders: wethouder W. van der Kruijff, burgemeester N. Mol, wethouder J. Veldman De voorzitter: Een goedenavond, beste raads- en commissieleden, het college, de griffier, van harte welkom. Ook van harte welkom voor het publiek op de tribune en uiteraard de kijkers thuis. Ik mag vanavond dit vragenhalfuurtje voorzitten. Mijn naam is Aydin Gündogdu. We hebben een drietal vragen die vandaag gesteld gaan worden aan het college en ik wil beginnen met een vraag van Beter voor Dordt. De heer Van Antwerpen, kunt u uw vraag kort inleiden en de vragen stellen? De heer Van Antwerpen: Ja, dat ga ik doen. Dank u wel, voorzitter. Het gaat over permanente bewoning op EuroParcs. Op 19 mei 2026 stelde mijn collega Jacques Katif namens Beter voor Dordt al vragen over dit onderwerp. Dit naar aanleiding van het collegebesluit om actief te gaan handhaven op permanente bewoning op EuroParcs De Biesbosch.
Onlangs heeft het kabinet echter besloten anders te willen omgaan met permanente bewoning op vakantieparken en hierover met de gemeenten in gesprek te gaan. Zo schreef het AD op 3 juli, mensen die het hele jaar in een vakantiehuisje wonen, worden er niet meer uitgezet. Daarover heeft het kabinet afspraken gemaakt met de gemeenten. Op rijksoverheid.nl stond eveneens op 3 juli het volgende bericht, het uitgangspunt van de minister is dat de situatie van bewoning onverantwoord blijft voor bewoning van recreatiewoningen, tenzij er voor gemeenten redenen zijn om te handhaven, zoals bijvoorbeeld bij ondermijning. Dat is voor Beter voor Dordt aanleiding voor de volgende vragen. Heeft het college kennisgenomen van het standpunt van de minister? Was dit standpunt al bekend bij het beantwoorden van de vragen van collega Katif op 19 mei? Geeft dit gewijzigde standpunt van de Rijksoverheid aanleiding om te stoppen met handhaven op de permanente bewoning op EuroParcs De Biesbosch? En zo nee, waarom niet? En als er gestopt wordt met handhaven, wanneer worden de bewoners van EuroParcs daar dan over geïnformeerd? Tot zover. De voorzitter: Mijnheer Van Antwerpen, dank u wel voor uw vragen. Ik kijk het college aan. En mijnheer Van der Kruijff geef ik het woord. 1 De heer Van der Kruijff: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ja, het college heeft kennisgenomen van de brief van de minister.
En nee, die brief was nog niet bekend bij de eerste de beantwoording op 19 mei. Het standpunt geeft vooralsnog geen aanleiding om de ingezette aanpak op EuroParcs te herzien. De minister vraagt inderdaad de gemeente wel terughoudendheid en zorgvuldigheid te betrachten als we overgaan tot handhaving, om er ook voor te zorgen natuurlijk dat er niemand op straat komt te staan. En dat is in de huidige aanpak ook geborgd. Dat kent u. En er staat ook, als er andere redenen zijn. Wij zullen dat ook nader bestuderen, maar u heeft in de RIB die wij destijds gestuurd hebben ook hele passages gelezen over onveilige situaties die zich op het recreatiepark voordoen. Dat weegt toch ook wel mee, omdat we vooralsnog niet van standpunt veranderen. De voorzitter: Voldoende, mijnheer Van Antwerpen? Dank u wel, portefeuillehouder. Vervolgens gaan we naar de tweede vraag en dan kijk ik de fractie van Partij van de Arbeid-GroenLinks aan. Mevrouw De Vries. Mevrouw De Vries: Dank u wel, voorzitter. Afgelopen week bracht het RIVM het zeer verontrustende bericht uit dat uit de recentere cijfers blijkt dat de vaccinatiegraad onder baby's en kleuters verder is gedaald en inmiddels onder de 90 procent ligt voor onder meer mazelen, bof en rodehond. Dit vergroot het risico op uitbraken en raakt juist kwetsbare kinderen.
Het kabinet wil inzetten op een wijkgerichte aanpak en wij willen daarover de volgende vragen stellen aan het college. Deelt het college de zorg van GroenLinks-PvdA dat een vaccinatiegraad onder de 90 procent een reëel risico vormt voor de volksgezondheid in Dordrecht? En is het college bereid om dit met prioriteit aan te pakken? Indien nee, waarom niet? Overweegt het college om aan te sluiten bij de door de minister bepleitte wijkgerichte aanpak en overweegt het college om gebruik te maken van de extra landelijke middelen voor deze wijkaanpak? Indien nee, waarom niet? Is het college bereid de gemeenteraad via een raadsinformatiebrief te informeren over extra maatregelen die in dit verband worden genomen, zoals bijvoorbeeld vaccinaties dichterbij huis aanbieden, inzet van sleutelpersonen in de wijk en gerichte campagnes tegen desinformatie? En zo ja, wanneer kunnen we die tegemoet zien? De voorzitter: Mevrouw De Vries, dank u wel voor deze vragen. Ik kijk het college aan. De heer Veldman. De heer Veldman: Voorzitter, dank. Dank ook aan mevrouw De Vries voor de vragen. Mijn microfoon doet een beetje vreemd. Inderdaad maakt het college zich, evenals de fractie van GroenLinks-PvdA, zorgen over de dalende vaccinatiegraad. Dordrecht is daarin overigens niet uniek en wij volgen daarin in die zin de landelijke trend die aangeeft dat er een steeds iets lagere vaccinatiegraad optreedt.
Op 20 januari heeft het college uw raad geïnformeerd over het rijksvaccinatieprogramma en de opstelling of de service die de Dienst Jeugd en Gezondheid daarin levert, ook op het gebied van het vaccineren. En daar is ook een iets hogere bijdrage van de gemeente toen afgesproken en daar is een zienswijze op uitgebracht die instemmend was vanuit de gemeente van Dordrecht. U bent daar ook in positie gebracht door het college. Dan uw tweede vraag, of wij ons aan zullen sluiten bij de wijkgerichte aanpak. In beginsel heeft Dordrecht een voorkeur voor die wijkgerichte aanpak. 2 Dat hebben we bijvoorbeeld bij het covidvaccin ook gedaan. Alleen het is wel zo dat er per 2027 dan wel geld bij moet. En dat is op dit moment nog niet voorzien, maar het college volgt de ontwikkeling landelijk, want het is een landelijk beeld. Ze zijn daar ook over in gesprek met het ministerie. En waar dat aan de orde is meld ik ook bestuurlijk dat wij vinden dat daarvoor voldoende budgetten voor beschikbaar moeten komen. Maar dat is wel in beginsel een rijksaangelegenheid. En onze GGD doet daarin op dit moment al meer op dan het Rijk vergoed, zeg ik er ook bij u. Dan uw laatste vraag over extra informatie. Zoals ik u al zei, heeft u informatie ontvangen over die zienswijze.
En voor het overige informeren we u gewoon over de werkwijze van de GGD via de P&C-cyclus, dus de reguliere begrotingsstukken die bij de dienst horen. En daarin treft u dan ook precies aan wat de stand van zaken is. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Veldman. Mevrouw De Vries, voldoende beantwoord? Dank u wel. Vervolgens gaan we naar de PVV-fractie. De heer Van der Graaf. De heer Kolkiliç: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Kolkiliç. De heer Kolkiliç: Voorzitter, het feestje van de PVV blijft drie vragenhalfuren op een rij doorgaan. Ik wil nogmaals een punt van orde maken. We hebben normen en waarden in deze stad, maar we hebben ook afspraken binnen dit huis. Drie van de vijf vragen zijn weer technisch en ik verzoek u ook vanuit loyaliteit richting de afspraken die wij hebben gemaakt en richting de raads- en commissieleden met klem rekening te houden met die met die technische vragen. De voorzitter: Mijnheer Kolkiliç, bedankt voor deze opmerking. De vragen van de PVV zijn beoordeeld vanochtend en die zijn voldoende gevonden om hier gesteld te worden. Ik geef het woord aan de heer Van der Graaf. De heer Van der Graaf: Dank u wel, voorzitter. In het coalitieakkoord lezen we op pagina 35 dat de pas aangetreden coalitie wil dat wordt gemerkt dat Dordrecht een stad is waar normvervaging niet wordt geaccepteerd.
Daar bleek afgelopen zaterdag na de wedstrijd Marokko-Canada helaas nog geen sprake van te zijn. In het AD lezen we dat er verkeersopstoppingen en overtredingen hebben plaatsgevonden, waarbij de verkeersveiligheid in het geding is geweest. Er hebben strafbare feiten plaatsgevonden. Met eigen ogen heb ik grote getallen Marokkaanse supporters al toeterend door de straten zien racen, veelal hangend uit hun zij- of dakraam met een grote Marokkaanse vlag. Levensgevaarlijk en echt totaal gestoord gedrag, voorzitter. Waar was het gezag? Daarover de volgende vijf vragen. Eén, waarom is er anderhalf uur lang niet opgetreden? Twee, krijgen supporters van andere landen of clubs voor dan ook anderhalf uur vrij spel om er een gevaarlijke bende van te maken? Drie, hoe draagt het anderhalf uur niet-optreden bij aan het voorkomen van normvervaging? Vier, wat gaat het college doen om herhaling te voorkomen? En vijf, heeft het college alle middelen tot haar beschikking om adequaat op te kunnen treden? En zo ja, waarom is dat dan anderhalf uur lang niet gedaan? En zo nee, wat is er dan nog extra nodig? Dank u wel. 3 De voorzitter: Mijnheer Van der Graaf, bedankt voor deze vragen. Ik kijk de burgemeester aan. Mijnheer Mol. Burgemeester Mol: Dank. Dank ook aan de heer Van der Graaf voor zijn vragen.
Voor wat betreft de geconstateerde overlast in de overtredingen ging het om langdurig toeteren, gooien van vuurwerk en rookbommen, beledigende teksten en ook beledigende teksten richting hulpverleners. En dat is gewoon buitengewoon vervelend. Ik gun werkelijk iedereen in deze stad zijn wedstrijd en zijn feestje, maar ik vind het ongelooflijk jammer dat dat gepaard gaat met deze vorm van overlast en plegingen. En dan is het gewoon ontzettend jammer dat een paar mensen een feestje voor de rest verzieken. En dat moeten we altijd in alle gevallen ook zo veroordelen en verwerpen. Er zijn 5 aanhoudingen gepleegd, 36 bekeuringen uitgeschreven en ik heb een aantal jongeren per brief gewaarschuwd en ook hun ouders per brief gewezen op hun verantwoordelijkheid. Want wederom constateer ik weer dat bij een hoop van dit soort acties minderjarigen betrokken zijn. Ik vind dat zij wel degelijk, en ik blijf daarop hameren, daar een belangrijke verantwoordelijkheid in hebben. Dan wat betreft de vragen. Waarom is er anderhalf uur lang niet opgetreden? Politie en handhaving werken altijd volgens een gefaseerde aanpak, waarbij eerst wordt ingezet op aanwezigheid, aanspreken en de-escalatie. Deze aanpak is vastgelegd in het WK-beleid, waarin is opgenomen dat verkeersopstoppingen gedurende een uur worden toegestaan, gevolgd door 30 minuten waarschuwen en daarna handhaving.
En de keuze om niet direct handhavend op te treden is geen gevolg van een gebrek aan bevoegdheden of van een behoefte aan terughoudendheid, maar vanuit een operationele afweging gericht op een veilige en proportionele aanpak. En daarbij worden openbare orde, verkeersveiligheid en de veiligheid van onze hulpverleners meegewogen. Krijgen supporters van andere landen of clubs voortaan ook anderhalf uur vrij spel om er een gevaarlijke bende van te maken? Voor alle supporters bij wedstrijden geldt altijd dezelfde aanpak. Gevaar aanzettend gedrag, geweld, vernielingen en andere strafbare feiten worden niet geaccepteerd en kunnen aanleiding zijn voor handhavend gedrag. En hoe draagt het anderhalf uur niet-optreden bij aan het voorkomen van normvervaging? Wij keuren gevaarlijk rijgedrag en overtredingen af. En de gekozen aanpak is niet bedoeld om gedrag te gedogen, maar om situaties beheersbaar te houden en escalatie te voorkomen. Het heeft gewoon allemaal met crowdmanagement te maken. En deze werkwijze betekent niet dat gedrag wordt geaccepteerd of genormaliseerd, maar dat er een afweging wordt gemaakt tussen directe handhaving enerzijds en het voorkomen van escalatie en grotere openbare ordeverstoringen anderzijds. En die aanpak hanteren we altijd.
Wat gaat het college doen om herhaling te voorkomen? Voor aankomende donderdag ligt er een verkeersplan gereed om met afsluitingen te werken rondom de Spuiboulevard. Er worden extra verkeersregelaars ingezet tussen 23.30 uur en 2.30 uur, die in direct contact staan met handhaving. En onze handhaving Dordrecht draait een extra avonddienst, zodat extra toezicht en ondersteuning beschikbaar zijn indien de situatie daarom vraagt. En daarnaast zijn er afspraken gemaakt met de organisatie van Big Rivers. De beveiliging heeft hele korte lijnen met de politie en de organisatie houdt zich gewoon aan het reguliere programma. En ook wordt er contact opgenomen met het Netwerk Bondgenoten, zoals we dat kennen in de stad, om de achterban aan te spreken op verantwoordelijk gedrag en worden er 4 extra suswachten ingezet om bij te dragen aan een ordelijk en veilig verloop van de avond. En volgens mij is dat een hele lijst met maatregelen hoe wij donderdag tegemoet gaan. Heeft het college alle middelen tot haar beschikking om adequaat op te treden? Zo ja, waarom is dat dan anderhalf uur lang niet gedaan? Zo nee, wat is er dan nodig? Volgens mij ben ik uitgebreid ingegaan op waarom we die norm van anderhalf uur hanteren. Dat is gewoon een bewuste overweging om grote groepen in de samenleving, als mensen zich op straat te bewegen, onder controle te krijgen.
Wij beschikken samen met politie, handhaving en het openbaar ministerie over de benodigde bevoegdheden en middelen om op te treden. En natuurlijk hebben wij altijd maatregelen in onze achterzak. Verkeersregelaars, verkeersafzettingen, de mogelijkheid tot opschaling en indien nodig een noodbevel. De voorzitter: Mijnheer Van der Graaf, u heeft een vervolgvraag. De heer Van der Graaf: Dank u wel, voorzitter. Eerst wil ik wel even complimenten uitdelen in ieder geval voor de inleiding van de burgemeester. Ik ben erg blij om te horen dat hij echt heel stevig afstand neemt van wat er gebeurd is. En mijn vraag is nog even over die anderhalf uur norm, want ik hoor best wel argumenten waarom dat goed zou zijn en ook argumenten waarom het niet goed zou zijn. Hoe vindt het college en hoe vindt de burgemeester zelf dat die anderhalf uur norm werkt in de praktijk? Is dat wenselijk of zouden we toch eens moeten kijken of dat misschien toch wat versneld kan worden, om het wat korter te laten duren? De voorzitter: Mijnheer Mol, wilt u daarop antwoorden? Burgemeester Mol: Ik vind het een goede vraag van de heer Van der Graaf. We hebben nu geen aanleiding om die ter discussie te stellen of te evalueren, maar we moeten nooit star zijn. Als we daar in de toekomst een reden voor hebben, dan zullen we dat zeker doen. Maar daar is ook wel gewoon over nagedacht.
Als er naast de wedstrijd gewoon heel veel verkeer is, heel veel mensen op straat met heel veel uitingen, als je er dan meteen bovenop duikt, heb je gewoon de kans dat het enorm escaleert. En dat wegen we gewoon mee, want wij hebben gewoon de openbare orde en de veiligheid met elkaar te handhaven. Het is echt vanuit die afweging dat die anderhalf uur norm er is. En ik hoop ook dat ik met het gehele pakket aan maatregelen die we daarbij hebben genomen u ook geruststel dat wij deze gedragingen, en dan bedoel ik echt de regel overschrijdende overtredingen, daar ook echt bovenop zitten. En dat we ook voor een volgende wedstrijd gesteld staan. Maar ik heb ook aangegeven dat hier echt ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid ligt. Wij kunnen niet doorlopend met blauw en handhaving overal opduiken. Wij hebben onze partners in de stad nodig om met elkaar ook tot een situatie in de stad te komen dat we met elkaar leuke dingen doen. En nog een keer, ik zeg dit altijd. Niet alleen specifiek over vandaag. Ik spreek daar altijd alle inwoners op aan die zich op elk moment misdragen, want uiteindelijk moeten we met zijn allen deze stad fatsoenlijk dragen. De voorzitter: Mijnheer Mol, bedankt voor deze uitvoerige uiteenzetting van de vragen. En uiteraard ook bedankt richting andere portefeuillehouders op de vragen die zijn gesteld en de antwoorden die ze hebben gegeven.
Ik wil hierbij dan dit vragenhalfuurtje sluiten. Dank u wel. 5 3. Vaststellen Perspectiefnota 2027 Voorzitter: De heer Struijk Raadsgriffier: De heer Boogaard Verslag: NotuBiz Aanwezig: Mevr. Van den Aardwegh-van Leeuwen (CDA) Dhr. Van Antwerpen (Beter voor Dordt) Dhr. Van der Graaf (PVV) Dhr. De Heer (ChristenUnie/SGP) Mevr. Kamphuis (SP) Dhr. Van der Net (VVD) Mevr. Van Valen (VSP Dordrecht) Dhr. Van de Vreede (VVD) Mevr. Vol-van der Holst (Partij voor de Dieren) Mevr. De Vries (GroenLinks-PvdA) Dhr. Vroon (VSP Dordrecht) Dhr. Winters (D66) Mevr. Yachou (DENK) Portefeuillehouders: wethouder W. Van der Kruijff, wethouder M. Stolk De voorzitter: Goedenavond, beste collega's. Ik open hierbij deze oordeelsvormende commissievergadering over de Perspectiefnota 2027. En dan gaat het dit eerste uurtje over het begrotingsprogramma Gezond, Sociaal en Zorgzaam Dordrecht. Allen hartelijk welkom. En met allen bedoel ik de raads- en commissieleden, bedoel ik wethouder Stolk en wethouder Van der Kruijff en uiteraard mijn buurman. Verder ook de mensen die op de tribune zitten. En mochten ze er zijn, mensen van de ambtelijke ondersteuning en van de pers. Zoals gebruikelijk beginnen wij met ons voorstelrondje. En laat ik gewoon maar weer rechtsom gaan, want daar is inmiddels iedereen aan gewend. De heer Boogaard: André Boogaard, commissiegriffier.
Mevrouw Van Valen: Sabine van Valen, VSP Dordrecht. De heer Vroon: Youri Vroon, VSP Dordrecht. Mevrouw Van den Aardwegh-van Leeuwen: Jolanda van den Aardwegh, CDA. De heer Winters: Hank Winters, D66. Mevrouw Yachou: Majda Yachou, DENK Dordrecht. De heer De Heer: Robert de Heer, ChristenUnie/SGP. De heer Van der Net: John van der Net, Dordtse VVD. De heer Van de Vreede: Marijn van de Vreede, Dordtse VVD. 6 De heer Van Antwerpen: Dick van Antwerpen, Beter voor Dordt. Mevrouw Vol-van der Holst: Daniella Vol, Partij voor de Dieren. Mevrouw De Vries: Frouke de Vries, GroenLinks. Mevrouw Kamphuis: Meta Kamphuis, SP Dordrecht. De heer Van der Graaf: Brian van der Graaf, PVV. Mevrouw Stolk: Margaret Stolk, wethouder. De heer Van der Kruijff: Wim Van der Kruijff, wethouder. De voorzitter: En mijn naam is Leen Struijk en ik ben vanavond uw commissievoorzitter. Op 23 juni hebben alle fracties hun algemene beschouwing op de Perspectiefnota gehouden en zijn diverse moties ingediend. Het college heeft toen op die moties ook een eerste reactie gegeven. De afgelopen dagen zijn er nog aangepaste moties en ook nieuwe moties bij de griffie aangeleverd. Vanavond bespreken we alle moties in een oordeelsvormende vergadering. En ik wijs u er even erop dat er bij een oordeelsvorming per fractie normaal gesproken 1 het woord voert. U mag over deze moties het politieke debat met elkaar gaan voeren.
Na de termijn van de commissie zal het college reageren. Omdat we maar 1 uur beschikbaar hebben en het college 24 juni al heeft gereageerd op de toen ingediende moties, is het dringende verzoek aan de commissie om zich vanavond vooral te focussen op de aangepaste en nieuwe moties, waarbij ik me wel voor kan stellen dat op de reeds ingediende moties mogelijk nog een reflectie verlangd wordt van de andere fracties. Maar dat gaan we proberen zo kort mogelijk allemaal te doen, want we moeten in een uur rondkomen. En misschien is het aardig om in dat verband ook wel te wijzen op wat ik las in de Tweede Kamer. Daar is al het afscheid genomen. Die zijn al met reces gegaan. En ik zag dat de voorzitter iemand speciaal eervol vermeld, die er op dat moment er niet bij was, maar die had gemiddeld de kortste interrupties. Tijs van den Brink. Gemiddeld duren zijn interrupties 13 seconden. Ik zou zeggen, dat kan beter. Knoop hem in de oren. Nee, hoor. 14 mag ook. Maar laten we proberen het in een uur af te gaan ronden. Verder behandelen we de Perspectiefnota in de raad van 14 juli en dan wordt er ook over de moties en eventuele amendementen gestemd. Woordvoering voor fracties. We gaan nu beginnen. En dat ga ik in de volgende volgorde doen. Ik begin met de fractie van de eerste moties die ik zag staan en dat is de Partij voor de Dieren.
Die gaat kort nog iets zeggen en daar kan op geïnterrumpeerd worden. En daarna ga ik naar de PVV dan wel Forum. Dat mogen ze zelf … Ik zie daar Bryan, inderdaad. Dat gaat de PVV doen. De heer Van der Graaf: Voorzitter, ik heb een punt van orde. Ik vind het een beetje ongemakkelijk hoe we het gaat doen, want we gaan eerst nu een oordeel vormen over elkaars moties, als ik het goed begrijp, en daarna gaat het college pas hun mening geven. Kunnen we dat niet beter omdraaien, dat we eerst van het college horen wat zij van die moties vinden? Want dan kunnen we dat meenemen. De voorzitter: Nee. De gebruikelijke gang is altijd dat je eerst als raad, wij zijn het hoogste orgaan tenslotte, je je oordeel vormt en dat daarna de reflectie komt van het 7 college. We doen het echt in die volgorde. En dan krijg je nog wel een tweede termijn, maar dat is in de raad van 14 juli. De heer Van der Graaf: Maar in de raad is het toch ook zo gegaan? Er zijn moties ingediend. Het college heeft daar een appreciatie over gegeven. En nu gaan we pas … De voorzitter: Nee. Over die moties is toen ook gesproken. En dat was, omdat het natuurlijk een lange avond was, niet zo lang. Maar dat is wel de reguliere gang van zaken. Dat eerst de raad dan wel commissie aan het woord is, daarna de reflectie van het college.
Maar bij de eerste twee moties gaat het college niet meer reflecteren, want dat hebben ze al gedaan bij de raadsvergadering twee weken geleden. Mevrouw Vol. Mevrouw Vol-van der Holst: Dank, voorzitter. Dank u wel. In het coalitieakkoord staat dat we willen investeren in een openbare ruimte die uitnodigt op bewegen. In onze eigen sportvisie 2030 hebben we als raad vastgelegd bekende 3-30-300 regel uit te breiden, met lange autovrije, veilige en groene beweegroutes van minimaal 3000 meter, waar je ongestoord kan hardlopen, skaten, wielrennen of wandelen. Mooie ambities op papier, maar als we naar buiten kijken, dan is de vraag, waar liggen die routes nou eigenlijk en in welke wijken ontbreken ze nog volledig? Daar hebben we geen zicht op. En wat je niet meet, kan je niet verbeteren. Daarom vragen we het college om duidelijk te maken waar de routes zijn, welke sporten we daar willen hebben en of het kosteneffectief en efficiënt kan. Voorzitter, willen we dat Dordtenaren meer gaan bewegen, dan moeten we de openbare ruimte daar ook op inrichten. Niet alleen in theorie, maar concreet in de buurt. En de ambitie sportgemeente 2023-24 staat ook nog steeds langs de weg. Wij hopen op brede steun van deze raad. Dank u wel. De voorzitter: Dat was motie M9. Is er iemand die daarop wil reageren? Mijnheer Van Antwerpen. De heer Van Antwerpen: Voorzitter, dank u wel.
Voorzitter, ik heb alleen een vraag. Kan de Partij voor de Dieren aangeven van hoe dan de veiligheid tussen de diverse sporten daar daarin gewaarborgd is? Ik kan me voorstellen als je bijvoorbeeld wielrenners en wandelaars naast elkaar hebt, daar zit nogal een tempo verschil in. De voorzitter: Meestal wel, denk ik. Mevrouw Vol. Mevrouw Vol-van der Holst: Hij stond nog aan. Excuus daarvoor. Dat is ook onze vraag aan het college. Hoe ziet het college dat? Omdat je meerdere dingen wil. En die vraag hebben wij ook bij het college neergelegd nu. Dank voor deze vraag. De voorzitter: Nog iemand de vraag? Dan mag u naar de volgende motie. Dat is M11. Mevrouw Vol-van der Holst: Dank, voorzitter, weer. Stikstofcrisis, klimaatcrisis, biodiversiteitsverlies en de druk op de woningmarkt hebben één gemene deler die we vaak onbenoemd laten en dat is onze voedselproductie. De veeindustrie beslaat inmiddels bijna de helft van het Nederlands grondoppervlak en speelt in al deze crisissen een hoofdrol. Wie serieus is over stikstof, klimaat, natuur en ruimte om te bouwen, kan om deze sector niet heen. Daarom ligt er vandaag de motie voor de Plant Based Treaty te ondertekenen. Stop landbouwverandering door veehouderij, stimuleer de plantaardige 8 transitie, herstel ecosystemen. En daarin gingen steden als Amsterdam, Utrecht, Groningen, Arnhem, Haarlem, Almere en Nijmegen ons voor.
Dordrecht is dit geen vreemde stap, maar een logische. De nieuwe Schijf van Vijf, onze voedselvisie, de Week zonder vlees en zuivel, de Voedselraad in oprichting. Het past al bij wat we doen, maar we kunnen meer, ook intern. Bij koffieautomaten en recepties kan het plantaardig aanbod beter. Wie anderen wil inspireren, begint bij zichzelf. Wethouder Veldman ontraadt deze motie, omdat de voorstellen zich op landelijk beleid zouden richten. Maar dat is juist de kracht ervan. Grote systeemverandering vraagt om landelijk beleid, maar dat betekent niet dat we als Dordrecht machteloos moeten toekijken. Door te ondertekenen laten we zien dat dit thema hier leeft en sturen we een signaal naar Den Haag. Steeds meer gemeenten vinden dit onderwerp urgent en zo begint verandering, van onderop. Het kost Dordt niks, maar het signaal weegt wel degelijk. Laten we stoppen met de slachtofferrol van conservatieve partijen te legitimeren. Dit gaat over leiderschap. Wil Dordrecht deel zijn van de oplossing of houden we de hand boven een systeem dat zichzelf ondermijnt? Wachten op Den Haag is geen beleid, maar uitstelgedrag, dus teken deze motie alstublieft. Laat zien dat verandering hier kan beginnen, net als in de steden die ons voorgingen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Vol.
Ik zag de heer Van der Net, maar vergis ik me daarin? De heer Van der Net: U kunt mijn ogen lezen, waarschijnlijk, voorzitter. De voorzitter: Ja, dat kan ik inmiddels. De heer Van der Net: Een schitterend betoog, maar ik kan me nog herinneren van de raadsvergadering dat wij dit al getekend hebben. En dan is de volgende vraag, wist u dat niet? En los wat ik vind van dit verdrag, daar gaat het eventjes niet om. Maar volgens mijn info is dit al ondertekend. De voorzitter: Mevrouw Vol. Mevrouw Vol-van der Holst: Bij mijn weten is deze treaty nog niet ondertekend. Als dat wel zo is, dan kunnen we deze uiteraard intrekken. Maar dan wil ik eerst wel zeker weten dat dat het geval is. De voorzitter: Dat antwoord kan ik u niet geven, maar misschien dat mijnheer De Heer, want die weet heel veel, u dat wel kan geven. De heer De Heer: Dank, voorzitter. De lat ligt weer hoog. Mijn aantekeningen zeiden dat de wethouder heeft gezegd dat we al veel doen. Dat was misschien niet hetzelfde als, we hebben het al ondertekend. Maar mijn vraag was wel, omdat toch het pleidooi van mijn collega Vol-van der Holst toch glas een beetje halfvol klinkt, alsof er in Dordrecht nog niks gebeurt, en tegelijkertijd doet ze zelf ook een opsomming van Voedselraad, voedselvisie. Ook met het nieuwe coalitieakkoord zit er zelfs ook budget bij voor meer uitvoering.
We zijn in Dordrecht ook al wat dat betreft, als je dat wenst, zoals de Partij voor de Dieren stelt, dan zijn we al heel goed bezig, zouden wij zeggen. Excuus 9 voorzitter, dat is geen 13 seconden. Maar mijn vraag is, wat levert het ondertekenen van dit verdrag dan echt concreet extra op voor Dordrecht. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer De Heer kan mijn ogen lezen. Mevrouw Vol. Mevrouw Vol-van der Holst: Dank voor de vraag. Wij zijn van mening dat je ook een heel mooi kan laten zien aan de inwoners en aan Den Haag dat we echt heel serieus zijn met de klimaatproblemen en alle problemen die ik opgenoemd heb. Al die vier gebieden. De voedselvisie en dergelijke zijn allemaal hele mooie idealen voor de gemeente, maar dat laat niet zien aan Den Haag hoe goed we bezig zijn. Ik denk dat het alleen maar kan bijdragen aan een nog duidelijkere visie vanuit Dordrecht. Ik denk, ik weet zeker. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Vol. Mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Dank u wel, voorzitter. Wij vragen ons af, als we minder koeien in de wei hebben, maar wel meer groenten en fruit, is de Partij voor de Dieren het er niet mee eens dat we dan beter kunnen werken ook aan geen gewasbescherming? Want daar zit ZZS in, dus meer groente en fruit, meer van die zorgwekkende stoffen. Dat mis ik in het verhaal. De voorzitter: Mevrouw Vol. Mevrouw Vol-van der Holst: Daar zijn we het mee eens.
We willen ook helemaal geen gif. Absoluut niet. Maar het gaat hier over het ondertekenen van een convenant waarin je aangeeft wat je wensen zijn en waar je aan wil gaan werken. En daar past inderdaad een gifvrije omgeving absoluut bij. Dat deel ik, die mening. De voorzitter: Dank u wel. Als er verder niemand meer is, dan stel ik voor dat we gaan, die heeft er toch weer alles mee te maken, dus wie weet levert dat ook nog wat respons op, naar de heer Van der Graaf van de PVV in verband met de motie Behoud de vrije voedselkeuze voor Dordtenaren. De heer Van der Graaf. De heer Van der Graaf: Dank u wel, voorzitter. Wij gaan de andere kant op van de Partij voor de Dieren. Want er is een beweging gaande waarbij mensen richting een bepaalde voedselkeuze worden geduwd. Dat horen we zojuist al middels een motie van de Partij voor de Dieren. En wij vinden als PVV dat overheden zich niet te bemoeien hebben met de voedselkeuze van onze inwoners. Want daar gaan zij zelf over. En daarom dienen wij samen met Forum van Democratie en inmiddels ook Beter voor Dordt deze motie in, want Dordtenaren dienen gewoon altijd hun vrije voedselkeuze te behouden. En daar dient de gemeente dan ook voor te zorgen. En dat is het. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Vol. Dat kan natuurlijk moeilijk anders. Die gaat daar wel wat van vinden. 10 Mevrouw Vol-van der Holst: Dank u wel.
Mijn vraag is dan aan de heer Van der Graaf. Hoe komt u erbij dat wij aan het bord komen van de Dordtenaren? Want wat de Plant Based Treaty probeert te beogen, is dat we als gemeente anders gaan inzetten op de toekomst. Op de toekomst ook voor uw kinderen en kleinkinderen. Ik weet alleen niet zo goed wat u bedoelt met dat wij naar uw biefstuk grijpen. De voorzitter: Mijnheer Van der Graaf. De heer Van der Graaf: Dank u wel, voorzitter. Eigenlijk kan ik deze vraag alleen maar beantwoorden met een wedervraag. Namelijk, heeft u het wel gelezen, wat erin staat? Want het staat letterlijk erin dat het doel is om inderdaad ervoor te zorgen dat mensen niet meer vlees eten, dat er onrecht wordt gegeven om geen vlees meer te eten. Dat staat er heel nadrukkelijk in, in het 40 puntenplan. Daar maken wij uit op dat er een beweging gaande is en dat ook de Partij voor de Dieren graag zou willen zien dat iedereen aan de plantjes gaat. De voorzitter: Mevrouw Vol. Mevrouw Vol-van der Holst: In principe zijn we er wel erg voor dat mensen die keuzes gaan maken, maar wij hebben helemaal niets met de vrijheden van uw keuzes te maken, mijnheer. Dat staat letterlijk in het Plant Based Treaty. Wat u thuis doet, dat is helemaal aan u. Daar kan ik geen keuzes over maken. Dat u beter keuzes kan maken, daar kunnen we over discussiëren.
Maar dat kunnen we beter tijdens de borrel doen met een vegan bitterbal. De voorzitter: Misschien even opfrissen. We spreken hier via de voorzitter. Maar voor de rest was uw betoog natuurlijk helder. Ik had eerst mijnheer De Heer en dan komt mevrouw Kamphuis. U mag er nog op reageren, uiteraard. De heer Van der Graaf: Voorzitter, dank u wel. Ik wil er wel even op reageren, want het klopt gewoon niet, wat de collega van de Partij voor de Dieren zegt. Er staat namelijk iets anders in. Namelijk, er staat letterlijk in dat de gemeente zich verplicht om zich in te gaan spannen. Tegelijkertijd met het voorbehoud dat het geen wettelijke verplichting is, maar wel de verplichting om ervoor te zorgen om de inwoners zo veel mogelijk plantaardig te laten eten. En daar conformeer je je aan als je die motie van de Partij voor de Dieren zou steunen en daar zijn wij fel op tegen. En daarom onze motie. De voorzitter: Dank u wel. Ik heb het idee dat u het niet eens gaat worden, dus wat mij betreft ga ik naar de heer De Heer. De heer De Heer: Voorzitter, als ik goed naar de heer Van der Graaf luister, dan zei hij dat de overheid zich niet heeft bemoeien met de voedselkeuzes van inwoners. Tegelijkertijd ben ik dan benieuwd, waar trekt u die grens? Ik denk dat we ook zien, ik stond laatst bij de Avondvierdaagse met mijn kinderen en dan wordt er groente en fruit uitgedeeld.
We zien dat op scholen ook, allerlei initiatieven om toch ook gezond te eten. Dat is toch ook beïnvloeding? Waar trekt de heer de grens dan? De voorzitter: Mijnheer Van der Graaf. 11 De heer Van der Graaf: Dank u wel, voorzitter. Dat is een goede vraag en ook een hele makkelijke te beantwoorden vraag. Namelijk, de grens trekken wij op het moment dat je keuzes echt afpakt. Dat je niet meer vrij kan kiezen bijvoorbeeld om dat stukje vlees te pakken, omdat het stukje vlees er niet meer is. En daarvan zeggen wij, dat moet je niet doen. De voorzitter: Helder. Mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Dank u wel. Is de PVV op de hoogte dat voor elke kilo vlees minimaal 5 kilo plantaardig voedsel en 15 duizend liter water nodig hebben? Is dit geen probleem? Zo ja, hoe denkt u er dan over? En zo nee, wilt u dan daar nog eens naar kijken voordat u de motie indient? De voorzitter: Mijnheer Van der Graaf. De heer Van der Graaf: Een goede vraag ook, voorzitter. En daar zijn we ons van bewust. En nee, wij vinden dat geen probleem. En tegelijkertijd is het ook een keertje zo dat al dat plantaardig voedsel ook ruimte nodig heeft. En als je kijkt hoeveel grond je nodig hebt om al dat plantaardig voedsel te verbouwen, die ruimte hebben we niet in Nederland. Ook om die reden, ruimtelijk gezien, zijn we geen voorstander van meer plantaardig eten. De voorzitter: Mevrouw Vol, nog één keer.
Mevrouw Vol-van der Holst: Dan ga ik toch even een kleine uitleg geven, via de voorzitter, aan mijnheer Van der Graaf. Dat als u een biefstuk wil eten, dat dat daadwerkelijk veel meer groen kost dan als wij zelf een plantaardig dieet zouden doen. Daar zijn allerlei onderzoeken voor en dat kan ik de heer Van der Graaf doorgeven. De voorzitter: Die vrijheid zou ik dan in ieder geval zeker nemen. En wie weet overtuigt u mijnheer Van der Graaf. Maar ik ben bang van niet. Ik zie verder niemand meer. Dan stel ik voor dat we gaan naar de fractie van GroenLinks-PvdA over de motie Samen spelen, samen praten, communicatieborden op Dordtse speellocaties. Ik geef het woord aan mevrouw De Vries. Mevrouw De Vries: Dank u wel, voorzitter. Spelen is essentieel voor de ontwikkeling, het sociale welzijn en de gezondheid van kinderen. Voor kinderen die zich verbaal nog niet goed kunnen uiten, bijvoorbeeld door een taal- of spraakontwikkelingsstoornis, kan het lastig zijn om mee te doen met andere kinderen. Borden door middel van pictogrammen kunnen ervoor zorgen dat kinderen op een andere manier met elkaar kunnen communiceren. Met deze motie willen we het college vragen om een pilot te starten met het plaatsen van dergelijke communicatieborden, zodat alle kinderen volwaardig met elkaar kunnen spelen. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw De Vries. Daar gaat mijnheer Van der Net op reageren.
Mijnheer Van der Net. 12 De heer Van der Net: Dank u wel. Zo te zien natuurlijk een motie waarvan je zegt, mooi. Maar welk probleem wordt hier nu opgelost? Hoeveel kinderen hebben dit? En moeten we dan bij elke speeltuin ook zo'n bord dan wegzetten? Ik zit een beetje te zoeken naar, waarom zouden we dat doen? En uiteindelijk ook wat levert het op, voorzitter? De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van der Net. Mevrouw De Vries. Mevrouw De Vries: Ik heb geen inzicht in hoeveel kinderen bijvoorbeeld een taal- of spraakontwikkelingsstoornis hebben of zich verbaal niet goed kunnen uiten. En inderdaad, het liefst zou je natuurlijk willen dat dit bij iedere speelplaats zou hangen, maar laten we vooral beginnen met de wat grotere speelplekken waar veel kinderen samenkomen, zodat alle kinderen met elkaar inderdaad in verbinding kunnen komen. De voorzitter: Mijnheer Van der Net nog een keer. De heer Van der Net: Mevrouw geeft aan, ik weet niet over hoeveel kinderen het gaat, maar we willen wel bij alle speelplaatsen zo'n bord. Ik wil hier gewoon echt veel meer toch van weten voordat ik hier überhaupt een beslissing over kan nemen, voorzitter. Maar dat geef ik eventjes door richting mevrouw. De voorzitter: U pleit voor een aanpassing van de motie, wat dat betreft.
Wil mevrouw De Vries daar nog op reageren? Mevrouw De Vries: Gezien de lage kosten van de communicatieborden denk ik dat het uiteindelijk … Natuurlijk hangt er een financieel plaatje aan, maar dat is niet zodanig hoog dat dit echt een slag op het budget gaat worden van de gemeente, waardoor je denkt dat je hier gewoon echt kinderen mee kunt helpen. De voorzitter: Dank u wel. U wil nog even reageren, mijnheer Van der Net? De heer Van der Net: De kosten vallen mee en dan komt er automatisch gewoon even politiek de vraag, weet dan wat zo'n bord gaat kosten en hoeveel kinderspeelplaatsen we hebben bij elkaar waar die borden moeten komen? De voorzitter: Dat is een behoorlijk technische vraag. Daar zou u of een makkelijk antwoord op moeten kunnen geven of … Mevrouw De Vries. Mevrouw De Vries: Ik heb daar geen concreet antwoord op. Volgens mij, wat ik had begrepen, zijn die borden ongeveer 1000 euro. En om hoeveel speelplekken dat zou gaan, weet ik niet. Ik ben ervan overtuigd dat het college dat in ieder geval wel weet, maar dat gaan we straks horen. Mijnheer Van der Graaf, ik stel voor dat ik eerst eventjes naar die twee mensen ga en dan kom ik daarna bij u. Mevrouw Vol. Mevrouw Vol-van der Holst: Dank u wel, voorzitter. Wij vinden het een hele sympathieke motie is. Wij neigen ook allemaal voor.
Alleen het enige wat wij missen is, hoe ziet het eruit? Is er een mogelijkheid dat er iets gedeeld kan worden over afbeeldingen en dergelijke. 13 De voorzitter: Voor de mensen die meeluisteren en niet meekijken, het antwoord van mevrouw De Vries is ja. Mijnheer Van Antwerpen. De heer Van Antwerpen: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, we hebben eigenlijk twee opmerkingen hierover. Bent u niet bang voor een stukje wildgroei van borden, weer een aantal borden erbij? En de tweede vraag, geïnspireerd door collega Van der Net, zou u het niet slimmer vinden om eerst te openen met een onderzoek en daarna pas te vervolgen met de rest van de motie? De voorzitter: Mevrouw De Vries, twee vragen. Wildgroei of eerst een onderzoek. Mevrouw De Vries: Omliggende gemeenten, bijvoorbeeld Papendrecht, die heeft deze borden al op speelplekken hangen. Ik zie niet waarom wij dan eerst een onderzoek zouden moeten doen als in andere gemeenten het al wel succesvol blijkt. De voorzitter: Ik denk dat mijnheer Van Antwerpen daar iets over gaat zeggen. De heer Van Antwerpen: Dat klopt. Om te spreken de woorden van de heer Van der Net, om hoeveel kinderen gaat het dan? En dat weten we niet van hoe het in Papendrecht zit, want wij zitten in Dordrecht. De voorzitter: Mevrouw De Vries. Mevrouw De Vries: In Dordrecht zullen het ongetwijfeld meer kinderen zijn dan in Papendrecht.
Ik hoop dat u dat zelf ook in kunt schatten. Maar de motie pleit in eerste instantie voor een pilot. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Vol, u had nog iets? Nee, u was geweest. Dat is waar. Dat kan ik naar mijnheer Van der Graaf. De heer Van der Graaf: Dank u wel, voorzitter. Een verduidelijkende vraag in reactie op het antwoord op de vraag van de heer Van der Net. U gaf aan, 1000 euro. Maar bedoelt u dan per bord of in totaal? Want dat maakt nogal een verschil. De voorzitter: Mevrouw De Vries. Er mag er één zijn die antwoord geeft. Per bord. U mag een vervolgvraag stellen. De heer Van der Graaf: Misschien bent u niet degene waar ik het aan zou moeten vragen, maar kunt ook verklaren waarom dat zo duur is? Want ik zou bij een bord echt denken, dat gaat geen 1000 euro kosten. De voorzitter: De heer Van der Graaf, bedoelt u met u mij of bedoelt u mevrouw De Vries? De heer Van der Graaf: Ja, u, voorzitter. De voorzitter: Ik weet het niet, maar ik ga het aan mevrouw De Vries vragen. Mevrouw De Vries, kunt u daar antwoord op geven? 14 Mevrouw De Vries: Dank u wel, voorzitter. Als we willen dat het bord duurzaam meegaat, dan wil je dat het ook wel van kwalitatief materiaal gemaakt wordt, zodat niet inderdaad ieder jaar dat bord vervangen moet gaan worden. Deze moeten wel lang mee kunnen gaan. De voorzitter: Ik schat in, genoeg over deze motie.
Dan komen we terecht bij de SP, Mevrouw Kamphuis, met een motie over ook in Dordrecht een sociale tandarts. Mevrouw Kamphuis. Het college gaat aan het eind reageren. Die sla ik over, met excuus. Ik kan niet zeggen, het is laat. Gewoon een fout van mij. Punt. Mevrouw De Vries. Mevrouw De Vries: Dank u wel. Helaas is er een groeiende groep Dordtenaren die worstelt met problematische schulden, wat leidt tot stress, gezondheidsproblemen en hierdoor minder deel kunnen nemen aan de samenleving. Vanuit het principe van bestaanszekerheid is het noodzakelijk dat inwoners weer perspectief krijgen en kunnen meedoen aan de samenleving. Onder andere de gemeente Arnhem heeft een innovatieve aanpak waarbij schulden in één keer worden afgekocht of geregeld, waardoor inwoners weer sneller participeren door middel van werk of anderszins. En daarom zouden wij graag ook hier zo'n aanpak willen zien in Dordrecht. De voorzitter: Dank u wel. U was net iets eerder. Mijnheer Van Antwerpen. De heer Van Antwerpen: fotofinish, bijna. Voorzitter, er wordt in deze motie gevraagd om een onderzoek en vervolgens te komen met een pilotvoorstel.
Wij vragen ons af, heeft de indiener niet gedacht om er een knip in aan te leggen door eerst het onderzoek plaats te laten vinden naar aanleiding van het onderzoek daarna eventueel te gaan vervolgen of niet te gaan vervolgen, afhankelijk van de uitkomsten van het onderzoek? De voorzitter: Mevrouw De Vries. Mevrouw De Vries: Daar heeft de heer van Antwerpen een goed punt. En we zijn wel bereid om daarnaar te kijken en de motie eventueel aan te passen. De voorzitter: Dat is nog eens mooi. Mijnheer Van der Net en daarna mijnheer De Heer. De heer Van der Net: Eventjes een vraag over de Arnhemse methode via stichtingen. Maar hoe komen die stichtingen dan aan dat geld in Arnhem? Ik vroeg me af of mevrouw dat weet. De voorzitter: Weet mevrouw dat, mevrouw De Vries? Mevrouw De Vries: Dat weet ik. Dat geld komt van de gemeente. De gemeente mag niet zelf de schulden afkopen en heeft daarvoor door via een stichting de regeling dat zij dat regelen voor de mensen met problematische schulden. Maar wel gesubsidieerd door de gemeente. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer De Heer. 15 De heer De Heer: Voorzitter, dank aan collega De Vries voor de motie. En ook hartstikke sympathiek. Ik weet ook het een en ander over die aanpak in Arnhem. Ook dat het niet alleen maar succes is. Het is ook enorm zoeken en ook vallen en opstaan. Ik vind eigenlijk de motie best ver gaan.
Een voorstel en een pilot, terwijl we eigenlijk als raad nog heel weinig weten over wat ze dan in Arnhem hebben gedaan en wat dan de actuele resultaten daarvan zijn. Is mevrouw De Vries er niet voor te bewegen om te zeggen, laten we een keer een agendering doen en een partij als mensen vanuit Arnhem, misschien een partij als De Verre Bergen uit Rotterdam die ook veel ervaring heeft met afkoop van schulden, om die een keer uit te nodigen? Onze fractie zou in ieder geval de eerste zijn om dat agenderingsverzoek te ondersteunen. De voorzitter: Mevrouw De Vries, die kunt u in uw zak steken. Wat vindt u ervan? Mevrouw De Vries: Als de raad dat zou willen, dan kan dat natuurlijk via een agenderingsverzoek. Maar als die aanpak al bestaat in Arnhem en daar toch succesvolle resultaten behaalt, ook met onder andere De Verre Bergen die een vergelijkbare aanpak nu in Rotterdam heeft, zou ik denken, waarom onderzoekt het college niet hoe die aanpak werkt en rapporteert dat aan ons terug, in plaats van dat de raad erover geïnformeerd moet worden? De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Vol. Mevrouw Vol-van der Holst: Een aanvulling op de heer De Heer, want daar sluit ik me eigenlijk bij aan. Wij waren ook benieuwd, wat is er dan zo goed inderdaad aan Arnhem? En als het daar goed gaat, dan is een pilot denken wij helemaal niet nodig.
Als het gewoon goed uitgelegd wordt en we weten wat we gaan doen, dan zou ik daarvoor gaan. Maar die uitleg missen we. Kunnen jullie daarvoor zorgen? Sorry, voorzitter. De voorzitter: Ik kan er niet voor zorgen, maar ik vraag aan mevrouw De Vries vragen of zij ervoor kunnen zorgen. Mevrouw Vol-van der Holst: Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw De Vries. Mevrouw De Vries: Dat kan ik inderdaad meenemen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Kamphuis en daarna mijnheer Van der Graaf. Mevrouw Kamphuis: Voorzitter, ik vroeg me af, als we die schulden hebben afgekocht, wat gebeurt er daarna met die mensen? Krijgen ze een vervolgtraject of worden ze gelijk weer in het diepe gegooid, waar ze misschien weer terug kunnen vallen naar het oude? De voorzitter: Mevrouw De Vries, vervolgtraject. Mevrouw De Vries: Dit is een van de maatregelen in de gehele schuldhulpaanpak. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van der Graaf. 16 De heer Van der Graaf: Dank u wel, voorzitter. Ik heb eigenlijk meerdere korte vragen. De eerste die ik heb is, vanaf welk bedrag is het problematisch? En zit er nog een minimum- of een maximumbedrag aan? En om hoeveel mensen gaat het, volgens de collega van GroenLinks-PvdA, die we willen gaan helpen? Want je hebt voor mij toch een enorme zak met geld nodig als je al die mensen zou willen helpen. De voorzitter: Dat waren ongeveer drie vragen, denk ik. Mevrouw De Vries.
Mevrouw De Vries: Ik denk niet dat ik degene ben die vragen moet beantwoorden wanneer schulden problematisch zijn. Daar hebben we de deskundigen bij de schuldhulpverlening voor. En die hebben daar zelf bepaalde methodes voor, om dat inzichtelijk te maken. Maar ik denk dat het wel per geval verschillend is, afhankelijk van het inkomen, wanneer schulden problematisch zijn en niet meer af te lossen. De voorzitter: Maar er werd nog meer gevraagd over hoeveel mensen. En minimum en maximum. Mevrouw De Vries: Ik vind deze vraag wel heel erg technisch voor een motie. De voorzitter: Maar een aantal, heeft u misschien een idee van over hoeveel mensen we het hebben? Mevrouw De Vries: Dat is denk ik meer voor de uitwerking, want ook daar zijn verschillende keuzes in te maken en daarvan denk ik dat die vanuit het college misschien uitgewerkt kunnen worden. De voorzitter: Laatste vraag, mijnheer Van der Graaf, en dan gaan we naar het volgende onderwerp. De heer Van der Graaf: Dank u wel, voorzitter. Gewoon even praktisch gezien. Collega De Vries, is ze het met de PVV eens dat je ook mensen hebt die bijvoorbeeld een onderneming hebben gestart, die gaan failliet en die hebben een miljoen of meer schuld opgelopen, dat je dat allemaal niet kan overnemen als gemeente? Dat we daar gewoon het geld niet voor hebben.
Dus dat er wel degelijk hoe dan ook, als je dit al zou willen, een maximum moet worden gesteld? De voorzitter: Mevrouw De Vries. Mevrouw De Vries: Dank u wel, voorzitter. Voor ondernemers zijn er andere regelingen om ze uit de schulden te helpen. Deze motie is wel specifiek bedoeld voor gezinnen. De voorzitter: Dank u wel. Ik had het net al aangekondigd en nu mag u echt, mevrouw Kamphuis. De sociale tandarts. Mevrouw Kamphuis: Dank u wel, voorzitter. Deze motie vloeit voort uit een mooi initiatief, recent opgestarte Ridderkerk. Echt vanuit de samenleving waar een tandartspraktijk samenwerkt met Social Store, een onderdeel van een 17 samenwerkingsverband van kerken. De gemeente Ridderkerk is bereid gebleken om een bescheiden bijdrage te leveren aan dit project. En wij zoeken naar een manier om in Dordrecht ook zo'n sociale tandarts of budgettandarts te realiseren. Met name de laatste jaren zie je dat minder mensen een bezoek brengen aan de tandarts en mede daarom ook hun kinderen niet meegaan. En dit houdt een op een verband met de angst voor een tandartsrekening die zij niet of nauwelijks kunnen betalen. Mondzorg is echt essentieel voor de gezondheid van de mensen en daarom roepen wij het college op om de samenwerking te zoeken met een sociaal maatschappelijk partner. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Kamphuis. Mijnheer Van der Net en daarna mijnheer Van der Graaf.
De heer Van der Net: Voorzitter, wij hebben ons huiswerk gedaan en wij hebben in ieder geval gehoord dat dit al wordt toegepast in Dordrecht, Stichting Urgente Noden en de gemeente draagt daar ook gedeeltelijk aan bij. Met andere woorden, wat u hier voorstelt gebeurt al. En misschien horen we zo meteen nog van het college ook nog wel wat aanvullingen hierop, voorzitter. De voorzitter: U zou een goede kandidaat voor het college zijn, bijna, denk ik. Mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Dank u wel. Wij wisten dit niet, laat staan dat de gewone burgers dit weten, de bewoners. En dan vraag ik me af aan het college, via de voorzitter, of er iets aan kan gedaan worden dat de burgers het wel weten. De voorzitter: Die vraag is genoteerd en daar gaat u straks het antwoord op krijgen. Mijnheer Van der Graaf. De heer Van der Graaf: Dank u wel, voorzitter. Mijn vraag is het volgende. Er staat in de motie dat er wordt verzocht om een eenmalige financiële injectie. Maar waarom maar eenmalig? Want mensen zullen meerdere jaren naar de tandarts moeten. De voorzitter: Mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Wij hopen eigenlijk dat het met één financiering mogelijk is. Maar als er blijkt dat het meerdere malen moet zijn, dan moeten wij structureel gaan denken. En als er meer mensen in de raad vinden dat het structureel moet, dan zijn we misschien wel bereid om de motie aan te passen.
Maar dat neem ik terug mee naar de fractie. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Kamphuis. Ik zie niemand meer. Dan denk ik dat we naar de laatste motie kunnen gaan en die is van DENK Dordrecht. Mevrouw Yachou. Mevrouw Yachou: Voorzitter, dank u wel. Voorzitter, iedere jongere verdient de kans om veilig op te groeien en zijn of haar talenten te ontwikkelen. Helaas zien we ook in Dordrecht dat jongeren worden benaderd voor ondermijnende criminaliteit en ronselpraktijken. Daarom vinden wij dat we niet alleen moeten in ingrijpen als het misgaat, maar juist moeten investeren in perspectief voordat het misgaat. Voorzitter, jongeren zijn niet het probleem dat we moeten bestrijden, maar het potentieel waarin we moeten investeren. Met onze motie vragen wij het college om een Dordts programma 18 jongerenperspectief uit te werken waarin scholen, jongerenwerk, sportverenigingen, maatschappelijke organisaties, geloofsgemeenschappen, ondernemers en wijkinitiatieven samenwerken om jongeren meer kansen te bieden. Want een mentor, een stageplek of een positief rolmodel kan voor een jongere het verschil maken. Preventie is niet alleen menselijker, maar uiteindelijk ook effectiever en goedkoper dan achteraf repareren. En met deze motie vragen we niet om opnieuw het wiel uit te vinden, maar juist om de krachten beter te bundelen en te versterken. Daarom hopen wij op steun voor onze motie.
De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Van der Net en daarna mevrouw Vol. De heer Van der Net: Dank u, voorzitter. Ook weer een motie natuurlijk waarvan je zegt, ik kan hier niet tegen zijn, maar er gebeurt al zoveel, voorzitter. Dan is de vraag natuurlijk wel, wat voegt dit dan nog toe aan alles wat we hier in Dordrecht al doen op dit gebied, voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Yachou. Mevrouw Yachou: Dank u wel voor uw vraag, voorzitter. Het klopt. En daar zijn we juist heel erg blij mee. Er gebeurt op dit moment enorm veel in Dordrecht en we zeggen ook niet dat er niets gebeurt. We vragen het college juist om al die bestaande initiatieven meer met elkaar te verbinden, zodat zij elkaar versterken en jongeren makkelijker hun weg kunnen vinden. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Vol, u had dezelfde vraag. Dan ga ik naar mijnheer De Heer. De heer De Heer: Voorzitter, een soortgelijke vraag, maar ook wel de vraag, hoe komt mevrouw Yachou bij de constatering dat het nog niet goed samenwerkt? Want ze zegt, het zou beter moeten samenwerken, meer van elkaar moeten leren, meer krachten bundelen. Maar hoe komt ze tot het idee dat dat nog niet gebeurt op dit moment? De voorzitter: Mevrouw Yachou. Mevrouw Yachou: Dank u wel voor uw vraag, voorzitter. Ik ben twee weken geleden ook in Dordt-West geweest bij het werkbezoek en daar heb ik het een en ander meegekregen.
Daarvandaan heb ik ook begrepen dat ze nog niet goed met elkaar samenwerken en dat ze juist daarnaar op zoek zijn. De voorzitter: Mijnheer De Heer. Voorzitter. De heer De Heer: Ik heb ook aan zo'n zelfde tafel gezeten bij het werkbezoek in Dordt- West en dat zat juist in mijn hoofd, dat ik denk, wat fantastisch, we hebben daar een enorm programma wat we daar optuigen. Alle partners betrokken, iedereen in beeld, heel veel partijen ook bij die sessie in de zaal. Ik kwam eigenlijk tot een hele andere conclusie. Misschien dat mevrouw Yachou mij daar toch iets meer info over kan geven, waar die zorg dan precies zit. 19 De voorzitter: Mevrouw Yachou. Probeer het nog een keer. Mevrouw Yachou: Ik ga het nog een keer proberen. Ik heb daar aan tafel gezeten en we hadden een casus. En met die casus kwamen we eigenlijk tot de conclusie dat men af en toe gewoon niet weet waar men moet zijn op het moment dat men hulp nodig heeft. Je merkt ook dat hier in Dordrecht in bepaalde wijken er gewoon minder is en minder zicht is op wat de jongeren doen. En op het moment dat al die partijen met elkaar gaan samenwerken, ook die sportverenigingen en de geloofsgemeenschappen, dan kun je gewoon veel meer bereiken. Want die zaten er die dag ook niet bij. De voorzitter: Mijnheer De Heer nog een keer. De heer De Heer: Dank aan mijn collega voor die toelichting.
En ik snap dan iets beter die zorg, al heb ik het zelf op een andere manier beleefd. Maar tegelijkertijd wordt er in de motie ook gevraagd, dat is best veel, een Dordts programma, jongerenperspectief, uitwerken, et cetera. Het is best heel volledig, terwijl we ook al heel veel doen met Glansrijke toekomst en Dordt-West. Er is best een hoop overlap. Dat vraagt ook allemaal diezelfde ambtelijke capaciteit. Ik ben dan toch benieuwd hoe mevrouw Yachou ernaar kijkt en of dat ook een passende vraag is aan het college. Of zou het misschien zijn, kan dit signaal worden afgegeven en kan er een reflectie op komen vanuit het college. Hoe kijkt ze daarnaar? De voorzitter: Mevrouw Yachou. Mevrouw Yachou: Ik moet hier even over nadenken, hoor. Dank u wel voor uw vraag. Hoe kijk ik hier naartoe? Mag ik hem even parkeren? Ik moet hier echt even over nadenken. Dank u wel. De voorzitter: Wie weet heeft het college er nog wel een reflectie op die het misschien duidelijk maakt voor mijnheer De Heer of voor u, dat het toch niet nodig is. Mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Voorzitter, ik heb nog een aanvulling over mijn motie over de tandarts, op de heer Van der Net. Het is niet toepasselijk normaal gesproken, maar ik vind echt wel dat de raad dit behoort te weten. De voorzitter: We hebben nog even de tijd, dus maak uw opmerking. Mevrouw Kamphuis: Dank u wel.
Ik heb het onderzocht op via internet en ik kon geen sociale tandarts vinden in Dordrecht. Dank u wel. De voorzitter: Mijnheer Van der Net, u hoort het. Mevrouw Kamphuis kon er geen vinden. De heer Van der Net: Nee, maar goed, we hebben ook nog een college die misschien iets meer weet nog dan dat wij weten, voorzitter. De voorzitter: Wij bouwen de spanning langzaam op. Dat college gaat zo meteen antwoord geven. Maar voor we daar zijn begin ik eerst met mevrouw Stolk, na u allen 20 gedankt hebben voor uw inbreng tot nu toe. En mevrouw Stolk zou, als ik het goed heb, de motie van de PVV over de vrije voedselkeuze beantwoorden. Want de eerste twee moties, M9 en M11, daar was de reflectie al op gegeven. Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, dank. 9 daar wil ik toch nog heel even … Mag dat? De voorzitter: Dat mag, hoor. Mevrouw Stolk: Even op terugkomen richting Partij voor de Dieren. Dat had ik namelijk in de raadsvergadering al aangegeven aan de heer Groenewege, want die vroeg namelijk, is er bekend hoeveel routes er zijn in Dordrecht? Die zijn er. Dat is in Wielwijk, de Ringparken. Die zijn 3,5 tot 3 kilometer. De Wantijdijk en de Dordwijkzone. En een volledige autovrije route van exact 3 kilo kilometer is eigenlijk in binnenstedelijke omgeving minder vanzelfsprekend. Daarvoor hebben we het ook in de sportvisie aangegeven dat het een wens is om die 3000 eraan toe te voegen.
Maar dat hebben we juist gedaan bij nieuwe gebiedsontwikkelingen. En u vraagt ook in de motie of we willen onderzoeken of in de wijken die gebieden ontwikkeld kunnen worden. Dat is niet de ambitie van dit college en daar zal dan ook geen plan voor elke bestaande buurt komen. De voorzitter: Dat is in ieder geval een heldere aanvulling op uw verhaal van toen. En dan mag u verder met … Mevrouw Vol, u mag daar een korte vraag over stellen. Mevrouw Vol-van der Holst: Maar dat betekent eigenlijk dat de ambities die geformuleerd zijn nu al worden afgezwakt? De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Nee, zo heb ik dat niet gezegd. De ambitie die staat in de sportvisie, is de wens toe te voegen die 3000 meter. Alleen die wens kunnen we helaas niet overal uitvoeren. En wat hebben we gezegd? Het is ook in de omgevingsvisie vastgelegd, dat we bij nieuwe gebiedsontwikkelingen juist die 3-30-300-3000 willen gaan toepassen. De voorzitter: Duidelijk voor zover, denk ik. De vrije voedselkeuze, mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, die heb ik even overgenomen van mijn collega. Maar zoals u weet, spreekt het college met één mond. En mijn collega heeft aangegeven dat we deze motie ontraden. En de heer De Heer heeft het al net in zijn in zijn woordvoering aangeven, dat we al ver zijn gegaan in het coalitieakkoord en dat er ook geld beschikbaar is gesteld.
En de Plant Based Treaty richt zich op 40 maatregelen gekoppeld aan onder andere klimaat, biodiversiteit, inrichting van landbouw of uitbreiding daarvan. Deze willen we ontraden. De voorzitter: Nu bent u denk ik met M11 nog bezig. Mevrouw Stolk: Ik ben nog met M11 bezig. Tegelijkertijd zou ik ook kunnen zeggen, M11 is nog niet ondertekend. Want de heer Van der Net gaf dat aan, die is niet ondertekend. Ik wil dan gelijk motie M19 erbij houden, van de voedselkeuze. Die willen we beiden ontraden, omdat motie … 21 De voorzitter: Hij is nog niet genummerd, hoor. U mag hem M19 noemen, maar voor ons is het nog een ongenummerde. Mevrouw Stolk: Een ongenummerde. Ondertekenen de Plant Based Treaty. Dat is niet ondertekend en die gaat het college niet ondertekenen. En de motie van Partij voor de Vrijheid. Omdat we de voedselkeuze heel erg belangrijk vinden en dat hierin staat, gaan we die niet aannemen en gaan we die ontraden. En blijft de keuzevrijheid gewoon aan mensen zelf. Tegelijkertijd doen wij natuurlijk wel al heel veel aan gezondheid. Op scholen wordt er gestimuleerd om gezond te eten, zoals fruit, bewegen. Dat zijn allemaal dingen die bijdragen aan de gezondheid. Maar het blijft ten alle tijden een eigen keuze van de mensen zelf. De voorzitter: Maar even duidelijk alle duidelijkheid, dit was nog steeds over M11. De motie van de Partij voor de Dieren. Mevrouw Stolk: Allebei.
De voorzitter: M9 was die andere over die sportroutes, maar de PVV had een soort omgekeerde motie. Mevrouw Stolk: Ja, dat is M19. De voorzitter: Oké. Volgens mij heeft die nog geen nummer. In ieder geval, wij hebben nog geen nummer. Hij is nog niet ingediend, dus dan kan die ook geen nummer hebben. Maar dat was om de vrije voedselkeuze te behouden. Stel u de vraag maar, want het is uw motie. In de goede volgorde gaat u eerst nog iets over M11 vragen en daarna mag u die vraag over die andere motie stellen. Want u snapt het nog niet en het is wel de bedoeling dat het zo meteen helder is. Eerst mevrouw Vol over M11. Mevrouw Vol-van der Holst: Dank u wel, voorzitter. Ik heb de Plant Based Treaty goed bekeken en ik denk dat wij, als ik even zo snel tel, de helft van alle maatregelen kunnen we lokaal iets mee doen. We kunnen het inkoopbeleid aanpakken, we kunnen vergunning en omgevingsvisies nog extra aanpakken, de inkoop catering kan, de gemeente kan voor het stadskantoor allerlei dingen inkopen, de ruimtelijke ordening en groen, bestemming van gronden, je kan inzetten op stadslandbouw, gemeenschappelijke moestuinen, vergroening, enzovoort. Mijn vraag is, is de wethouder echt van mening dat we daar dan niks mee kunnen en ook geen signaal afgeven aan Den Haag? De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Voorzitter, dank.