2.3 2024.06.04 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf
Tekst van het document
De heer Hartmeijer: Kort. Dank, voorzitter. Omdat Forum elke zegt, het is allemaal zo duur en duur. Maar is Forum het er niet mee eens dat het nieuw bouwen van gascentrales en kerncentrales nog vele malen duurder en complexer is en een aanslag op de belastingbetaler, dan steeds goedkoper en efficiënter wordende turbines en zonnepanelen die je zelf als individu gewoon kan bestellen en die met de week zo'n beetje goedkoper worden? Ik snap ook niet dat een rechtse partij heel erg op de overheid rekent voor onze energie, terwijl de keuzevrijheid er is voor zonnepanelen. Ik snap nu niet helemaal die overweging. De voorzitter: Mijnheer Van Pelt, een kort antwoord. Sorry. Kort antwoord hierop. De heer Van Pelt: Ik ga er tot nu toe vanuit dat hernieuwbare energie duurder is, vooralsnog, dan de traditionele energiebronnen. En daarnaast is het zo dat het natuurlijk
83
niet alleen maar over het geld gaat, over de kosten, maar dat het ook gaat over dat we in een heel klein land leven. Dat we helemaal niet de ruimte hebben om enorme windparken met windmolens te maken. Dat zonnepanelen ook een soort glazen stad geven waarvan ik denk, dat tast ook het landschap aan. En ik vind dat dat onvoldoende wordt meegewogen. Ze zijn in een tunnelvisie alleen maar op die temperatuur gericht. En het lijkt erop alsof we daardoor het grotere geheel ook niet meer kunnen zien. En dat vinden we zorgwekkend. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik nu het woord geven aan de wethouder. Mevrouw De Jonge: Dank u wel, voorzitter. Voor u ligt de Routekaart Klimaatneutraal 2040. Coproductie van de stad. Coproductie met maatschappelijke en zeer betrokken organisaties. Coproductie in het college. En zeker niet te missen een hele grote coproductie van alle medewerkers in onze organisatie. Want het gaat echt dwars door de organisatie heen, als je kijkt naar de onderwerpen die eronder geschaard zijn. Vanavond zouden we eigenlijk ook met alle trekkers van de vier routekaarten hier zitten. En alleen, u weet parallel aan deze sessie wordt er over een Mobiliteitsplan gesproken. En de heer Burggraaf, ik weet even niet zijn onderwerp, maar het zal ook superinteressant zijn.
Gelukkig is wethouder Van Benschop bij ons om vanuit de kant van de economie, de industrie en de commerciële dienstverlening ook beantwoording te verzorgen. Dat gezegd hebbende hoor ik mooie woorden. Die neem ik ook namens de hele organisatie in ontvangst. Er is hard gewerkt. En ik denk inderdaad dat we iets moois hebben opgeleverd. En ik begrijp ook gelijk alle vragen als je dit document leest. We kijken inderdaad zestien jaar vooruit. Gaan we dit halen? Is het realistisch? Met de kennis die we nu hebben, moeten we dan zeggen, denk ik dat we hele mooie inzichten hebben gegeven. Een heel concreet ’26. Al meer een wat voorzichtige doorkijk naar 2030, maar nog wel hopende dat we daar al een goed beeld bij hebben. En we realiseren ons ook tussen 2030 en 2040, we kunnen nu bedenken wat het zou moeten zijn. Maar er werd ook al gezegd, houden jullie rekening met techniek? Houden jullie met de ontwikkelingen... Dat moeten we inderdaad continu updaten om te kijken van, zetten we nog steeds de goede middelen in, in de juiste opgave die we aan het doen zijn?
En dit document zal in die zin levendig zijn, omdat we het steeds zullen actualiseren naar de meest actuele stand van de kennis en technologieën, middelen, mogelijkheden die er zijn om wel ervoor te gaan zorgen dat we 2040 inderdaad dat betonnen blokje aan de kant hebben geschoven en we gewoon in een hele mooie, comfortabele wereld in Dordrecht in ieder geval leven. Ik kijk eventjes wat een beetje de hoofditems waren. Er is best wel wat gezegd over het warmtenet. Het warmtenet heeft op dit moment gewoon de aandacht. De media hebben het opgepakt. Er zijn paar grote steden waar het echt tegen heeft gezeten. En daar zie je ook dat we nog met commerciële aanbieders te maken hebben, wat voor een maatschappelijk vraagstuk gewoon best lastig is. Omdat zij zoeken naar een business-case, ze zoeken naar bepaald rendement. Maar in dat perspectief moet je het ook zo zien dat daar nu een wet voor in omloop is om aan te nemen, dat we overgaan naar alleen nog publieke warmtebedrijven, zodat we daar in ieder geval meer invloed op kunnen gaan hebben. En ook de incentive van rendementen, die inderdaad ten koste gaan van onze inwoners, want die betalen het uiteindelijk, dat dat in ieder geval al in de perken wordt gehouden. En bij de behandeling
84
van de WGIW, oftewel de instrumenten die een gemeente kan hebben om bepaalde besluiten voor wijken te gaan nemen, is ook heel duidelijk door onze Tweede Kamer aangegeven, er zijn ook moties, amendementen aangenomen van, we moeten gaan kijken naar die betaalbaarheid van warmtenetten. En dat doen ze ook echt wel vanuit maatschappelijk inzicht, dat de lasten echt niet bij de inwoners mogen komen. U heeft misschien het Berenschot rapport van twee weken geleden, de samenvatting gehoord dat maatschappelijk zijn warmtenetten de beste oplossing, de goedkoopste oplossing. Alleen het vertaalt zich lokaal bij de inwoner niet tot de laagst maatschappelijke kosten. Dat is waar er echt nu op de trom wordt geroffeld. Dit moet anders. Het systeem van het doorberekenen van kosten in een warmtetarief wijkt heel veel af van hoe we op dit moment gastarieven en elektriciteitstarieven berekenen. En ik zal het niet te technisch houden. Maar één opmerking, wij betalen met zijn allen de elektriciteitsverzwaring, omdat we allemaal een elektriciteitsaansluiting hebben. Mensen op een warmtenet zijn de enige die betalen aan het aanleggen van een warmtenet, omdat zij als enige een aansluiting hebben. Daar zie je al dat daardoor er eigenlijk geen eerlijke verdeling is van de totale kosten die met energie en energiesystemen gemoeid gaat.
Ik mocht vorige week nog spreken met mensen van EZK, BZK, de nationale programma's op energie. En de boodschap is heel erg duidelijk op landelijk niveau van, dit moeten we gaan veranderen. We moeten ervoor gaan zorgen dat er wel geïnvesteerd wordt, want het warmtenet wordt ook echt serieus gezien als de tegenpool voor elektrificatie wat we al helemaal niet aankunnen op dit moment in Nederland. Het kabinet zegt ook, we moeten die warmtenetten echt goed en snel uitrollen, waar dat echt de kansrijke energieoplossing is. En zij gaan ook kijken hoe ze daarbij kunnen gaan helpen, door subsidies om onrendabele toppen eraf te halen. Kijk naar het Nationaal Isolatieprogramma. We gaan de mensen helpen om een investering in het huis te kunnen doen, zodat we voor hen een betaalbare aansluiting gaan krijgen en daarmee het warmtenet echt gewoon gaan uitrollen. Want het is echt wel één van de mooiste maatschappelijke oplossingen die we hebben. Ik vind het dan ook vervelend te horen dat er klachten zijn. Bij elke klacht zeg ik altijd, meld het bij de woningcorporatie. Of als het een particulier is bij HVC. Dit mag inderdaad gewoon niet voorkomen. Het is een hoog temperatuur warmtenet. Het kan eigenlijk niet zijn dat het te koud binnenkomt. Dan betekent dat er een installatie is naar de aansluiting. Maar die geef ik even mee. Meld het vooral, want het zou niet mogen voorkomen.
Dat even over het warmtenet. Er werd ook nog even gevraagd naar de duurzame energiebronnen die daarbij horen. In onze regio werken wij met HVC. HVC heeft een duurzame bronnenstrategie. En we zijn bezig met het aaneensluiten van de cirkel van warmte, ook met de andere Drechtsteden. Gemeente Sliedrecht heeft de potentie en verkent ook geothermie. Dat wordt een inlaatpunt voor geothermie. We zijn aquathermie aan het verkennen in Hendrik-IdoAmbacht. En in Dordrecht hebben we de afvalcentrale en de slibverwarming. En we hebben daar de E-boiler nu bij om ervoor te zorgen dat ook daar duurzame bronnen zijn. Zo moet HVC ook in opdracht van ons naar een duurzame bronnenstrategie en er ook rekening mee houden dat alles CO2-neutraal gebeurt wat zij voor warmte gebruiken. De voorzitter: Even een interruptie van heer Groenewege. De heer Groenewege: Op zich goed om te horen dat ze in Sliedrecht er wel aan werken. Maar is die aardwarmtebron dan voldoende om Dordrecht tot 2040 en daarna van
85
duurzame warmte te voorzien, ook als we bijvoorbeeld minder restafval hebben om te verbranden of minder rioolslib om te verbranden? Mevrouw De Jonge: Dat is inderdaad de opgave die HVC heeft. Zij moeten laten zien dat ze inderdaad helemaal voor honderd procent naar duurzame energiebronnen kunnen overstappen. En de bron van Sliedrecht is weer een aanvulling op de andere duurzame bronnen die we in onze regio kunnen inzetten om voor een honderd procent duurzaam net te gaan. Zij moeten er rekening mee houden dat de warmte van de afvalindustrie sowieso ook duurzaam wordt. En dat ze er rekening mee moeten houden als dat ooit minder zou gaan worden, dat er andere bronnen beschikbaar zijn, zoals de geothermiebron. En zo voor langere termijn kijken ze van, hoe kunnen we nog meer verschillende bronnen gaan toevoegen aan het netwerk van de Drechtsteden? De heer Groenewege: Voorzitter. De voorzitter: De heer Groenewege. De heer Groenewege: De wethouder schuift het eigenlijk naar HVC. Misschien ligt de verantwoordelijkheid daar ook wel.
Maar bijvoorbeeld bij elektriciteit doen we als gemeente natuurlijk zelf een onderzoek naar, waar kunnen er windturbines komen? Waar kunnen er zonnepanelen komen? Waarom tonen we niet datzelfde initiatief bij duurzame warmtebronnen, zoals geothermie? Of zegt de wethouder, die verantwoordelijkheid ligt gewoon niet bij ons, die ligt bij HVC? Mevrouw De Jonge: Het is een getrapte verantwoordelijkheid. HVC heeft de opdracht van haar aandeelhouders om naar duurzame energiebronnen te gaan wat betreft de warmte die zij leveren in onze gebieden. Via het aandeelhouderschap sturen wij op dat zij ook daadwerkelijk tot honderd procent duurzame energiebronnen komen. Wij gaan niet zelf een studie doen. Dat is expliciet bij hen belegd van, jullie willen leveren in ons gebied, dan vragen wij jullie ook daarop te investeren. Er werd ook even gezegd binnenstad. De binnenstad hebben we heel veel oog voor. Binnenkort start er ook een programma voor eigenaren van monumentale panden en dat ze advies kunnen krijgen en wat wij grotendeels subsidiëren. We zijn op weg naar een perspectief, want we weten ook wel dat dit de grootste uitdaging is. En we zijn daarin dan ook realistisch geweest. Met de technieken die we nu hebben, gaan we deze inwoners waarschijnlijk niet allemaal kunnen bedienen.
Maar we hopen wel, door de technologische ontwikkeling of andere dingen, dat we richting 2030 dat perspectief veel concreter kunnen maken. Vandaar dat we dat in een hink-stap-sprong voorzichtig formuleren, zodat hij hopelijk wel steeds concreter kan worden en wij hen ook echt daarmee kunnen begeleiden naar een duurzame oplossing voor deze huizen. Dan had ik nog een vraag over overstromingen en klimaatadaptatie. Naast klimaatneutraal hebben we ook het programma Klimaatadaptief, het groenblauwe programma. En dat richt zich ook inderdaad heel erg op, wat gebeurt er met Dordrecht als het water om ons heen gaat stijgen? We zijn bezig met een shelter op de Staart te ontwikkelen. En de Maasterras ontwikkeling, daar hebben we ook gekeken naar een stuk wat veel hoger komt te liggen van, kun je dat dan ook als het nodig is voor shelter gaan inrichten? En daarnaast vragen we ook eigenlijk in alle nieuwbouw uit om het klimaatadaptief in te richten. Amstelwijck is zo’n voorbeeld, 40-60. Zodat we ervoor zorgen dat het overtollige
86
water goed opgevangen kan worden. En laten we ook proberen zoveel mogelijk groen te behouden dan wel aan te leggen om de temperaturen te doen. En dat brengt me misschien ook gelijk eventjes bij de woningen, de vraag die daarbij gesteld is. Woningen bouwen, nou loopt mevrouw Boom weg. De voorzitter: Ik denk dat het komt, omdat mevrouw Boom wat aan het blauwe gedeelte wil gaan... Mevrouw De Jonge: Sorry. U had de vraag inderdaad van, als je woningen wil bouwen. En u leest ook in klimaatneutraal, daar willen we echt wel stappen maken om die echt klimaatneutraal te gaan bouwen. Daar hebben we ook met elkaar best veel over gesproken van, hoe gaat dat? Hoe zit dat? Ook hier weer, met partners in de stad is gesproken. En één, het hoeft niet altijd duurder te worden, geven zij ook ons mee. Je ziet dat bouwers zelf ook al veel meer aan het nadenken zijn van, hoe kunnen wij veel meer gewoon klimaatadaptief en energieneutraal ontwerpen? Zij zien dit ook echt als mogelijkheid. Ze investeren ook heel erg in kennis. En daarom zeggen ze ook eigenlijk weleens tegen mij... Die vragen er ook gewoon naar. Want dan hebben wij weer de mogelijkheid om het verder op te pakken. Diversen zijn ook aangesloten bij convenanten, zoals circulair bouwen, klimaatadaptief bouwen. Je ziet ook echt de aannemers en ontwikkelaars al aansluiten om in een collectief te helpen.
Het werd al even gezegd, ook hypotheekverstrekkers kijken steeds vaker niet alleen maar naar de eerste initiële investering, maar ook van, hoe verhoudt zich dat dan in de maanden daarna? Wat gaat een inwoner echt uiteindelijk betalen en hoe verhoudt zich dat tot de hypotheeklast die erbij hoort? Ook daar zie je echt een stimulans komen dat zij zeggen, bouw alsjeblieft voor de toekomst zoveel mogelijk energie- en klimaatneutraal, want anders krijgen we later een woningvoorraad die we alsnog moeten aanpassen. Die proberen ook echt wel mee te denken om het allemaal betaalbaar te houden en zo interessant mogelijk. En we worden ook af en toe gewoon door de wet op onze hielen gezeten. Januari ‘25 komt er weer een nieuwe wet en die zegt gewoon, de prestatie van gebouwen op het gebied van milieu wordt weer strenger. We worden ook nog eens een keer op die manier eigenlijk verplicht met elkaar om die woningen ook gewoon op die manier te gaan bouwen. Mocht het dan toch zo zijn dat het in een project om die reden of om een andere reden duurder of minder interessant er uit zou kunnen gaan zien... We kijken altijd naar het totaalpakket. Energie is een onderdeel. Er zit veel meer andere aspecten in als je het hebt over een woonwijk en een buurt ontwikkelen. Mochten we er echt niet uitkomen, dan vind ik ook dat wij naar uw raad moeten komen om ons dilemma aan u voor te leggen.
We hebben het helemaal uitgezocht. We komen niet uit misschien. Wat vindt u als raad? Gaan we er wel voor of zegt u, in dit geval maken we misschien andere keuzes? Laten we dat vooral ook altijd met elkaar doen als er mogelijk knelpunten ontstaan. De voorzitter: Is goed dat mevrouw Boom even gebleven is, want er komt een vraag op uw betoog. Mevrouw Boom-Vos: Even een vervolgvraag. Fijn dat u het zo zegt. Onze zorg lag ook een beetje bij dat u zegt, als dat tot een probleem leidt, willen wij als college met de raad in gesprek gaan. Onze zorg lag ook vooral even bij de uitgifte van bouwkavels voor
87
bedrijven. Kan ik daar dan ook uit uw laatste beantwoording het gevolg trekken dat u zegt, mocht zoiets spelen als we bouwkavels voor ondernemers uit gaan geven dan gaan we kijken hoe we tot een oplossing komen? Wil niet zeggen dat u gelijk korting moet geven, maar dat u wel moeite gaat doen om te zorgen dat die ondernemers naar Dordrecht komen. Mevrouw De Jonge: Voorzitter, als het goed vindt, dan komt wethouder Van Benschop daar... Want die heeft de economiekant. Dan probeer ik even mijn vragen af te maken. De voorzitter: Nog even geduld. Mevrouw De Jonge: En dan neemt mijn collega het over. En ik denk dat u echt aan de antwoorden gaat komen. Het laatste dingetje nog even over woningwaarde. Er werd heel veel over de corporaties gesproken. Die zitten echt inderdaad heel goed in de wedstrijd. En zij zijn ook beschermd tegen het doorberekenen van alle investeringen, omdat er nou eenmaal gewoon huurprijzen zijn afgesproken. Hopelijk stelt dat ook u gerust dat we er altijd naar kijken of het allemaal betaalbaar blijft. Er werd ook nog even over waterstof in de binnenstad gesproken. Het is algemeen bekend dat waterstof wordt eerst ingezet voor de zware industrie, dan voor het zware verkeer. En hopelijk komt er na 2030 misschien een oplossing om het ook in de gebouwde omgeving te kunnen gaan toepassen. Maar dit houden we natuurlijk wel in de gaten.
Alles wat kan ontlasten en om van gas af te kunnen gaan, is in dat geval interessant. Mobiliteit is vooral gegaan volgens mij over de 80 kilometer. Ik zei het al, Mobiliteitsplan wordt op dit moment beeldvormend hiernaast behandeld. We hebben eventjes contact gehad van, wie beantwoordt wat? Het staat ook in het Mobiliteitsplan. Het staat in dit plan. Want dat is gewoon een-op-een. We hebben er in het verleden inderdaad al vaak met Rijkswaterstaat over gesproken. We krijgen gewoon heel vaak nee te horen. Wij zouden het ook wel heel graag willen als college. En we hebben het er even over gehad. Het mooiste zou zijn, mochten er nog technische vragen zijn, dien ze in, dan laten we die meelopen met de behandeling van het Mobiliteitsplan. En daar zou mogelijk dan ook eventueel een motie of zo bij kunnen komen van uw kant als u zegt, we willen toch borgen dat vanuit de mobiliteitskant die 80 kilometer weer even goed stevig aangezet wordt. De heer Van Dam Timmers: Voorzitter. De voorzitter: De heer Van Dam Timmers. De heer Van Dam Timmers: Ik hoor de wethouder zeggen dat een motie helpend zou zijn. Maar als het staand beleid is en er al een aangenomen motie ligt, lijkt me dat toch overbodig. Mevrouw De Jonge: Voorzitter, in die zin is die overbodig. U kunt het college oproepen om nogmaals een keer het gesprek aan te gaan.
We zullen u in die zin nuchter antwoorden dan van, dat willen we met alle liefde doen. Alleen we kennen het standpunt van Rijkswaterstaat. En ik heb ook even vanuit mijn andere portefeuille gekeken. Kan ik het inderdaad meer vanuit de uitstoot benaderen of vanuit geluid. Ze zitten binnen de normen. We kunnen ook net niet even via de andere kant proberen van, doe er even iets
88
aan. U kunt hem indienen, maar we gaan op pad met hetzelfde verhaal en waarschijnlijk krijgen we hetzelfde antwoord terug. Daar moet ik wel eerlijk in zijn. De heer Van Dam Timmers: Dank, voorzitter. Dan hoop ik dat u gewoon met wat meer enthousiasme op pad gaat. Misschien heeft dat wel zin bij Rijkswaterstaat, en nog wat meer activistischer daar insteekt. Dat zou natuurlijk kunnen. Maar ik kan me ook voorstellen dat andere partijen misschien de tegenovergestelde motie gaan indienen. We gaan het zien. Mevrouw De Jonge: Het zou inderdaad kunnen. En ik twijfel nooit aan het enthousiasme en activisme van mijn collega Van der Linden, als het over mobiliteit gaat trouwens. Het is in goede handen bij hem. Het laatste wat ik hier nog heb genoteerd staan, is de motie ruimtelijke inpassing met de trafohuisjes. Daar hebben we het inderdaad al eerder over gehad. Stedin is ook bij ons langs geweest inderdaad met de mededeling, als de elektrificatie zich ontwikkelt, zoals we nu op basis van uw plannen zien, dan heeft Dordrecht 300 trafohuisjes extra nodig. We hebben met hen gezegd, laten we gezamenlijk 10 daarvoor gaan maken. Van, hoe moet je dat gaan doen? Want het is nogal wat. Stedin is ook heel reëel. Ze zeggen, als we dit willen halen binnen het tijdspad dat nodig is om niet in de knel te komen op elektriciteit, zullen wij dit vrij snel moeten uitrollen.
En sorry, maatwerk, participatie zal daarbij niet doorslaggevend zijn. Wij zullen ons wel steeds proberen in te zetten van, waar het kan, maak er dan alsjeblieft wel iets leuks van voor de wijk. Maar het is het dilemma van, we hebben met zijn allen elektriciteit nodig, die stations moeten er komen ten opzichte van langere periode van overleggen van, wat zou je willen en zien ze er mooi uit? Maar wellicht kunnen we ook met ze afspreken van, rol ze alsjeblieft uit, want dan is dat geborgd. En later nog een keer het gesprek aangaan van, kunnen we er ook nog wat leuks van maken? En volgens mij kan ik dan mevrouw Van Benschop het woord geven, via de voorzitter. De heer Van Dam Timmers: Voorzitter. De voorzitter: De heer Van Dam Timmers. De heer Van Dam Timmers: Dan toch nog één ding. De voorzitter: Een klein ding, want we zitten al tegen de tijd aan. De heer Van Dam Timmers: Ik snap het. Heel korte vraag dan. Ik hoor de wethouder, via u voorzitter, eigenlijk zeggen, ze willen het heel snel uitrollen. Dat snap ik. Maar op zich, iets leuks maken, hoeft natuurlijk niet per se langer te duren dan iets niet leuks maken. Welke macht ziet eigenlijk het college dat de gemeente heeft om hier wel iets in mogelijk te maken? Want nu klinkt het een beetje alsof we ons al neerleggen bij de uitkomsten. De voorzitter: De wethouder.
Mevrouw De Jonge: We hebben heel veel macht, want we kunnen zeggen, u krijgt geen vergunning, u krijgt die parkeerplaats niet, u krijgt het plantsoentje niet. Maar dan mag
89
ik aan de burger gaan uitleggen dat hij ook geen elektriciteit meer heeft. Stedin wil gewoon met standaardisatie hun medewerkers opleiden en eigenlijk als we de plekken weten, tjoep, tjoep, tjoep, echt gewoon... Ze noemen dat ook de wijkgerichte aanpak, het uitrollen. Zodat ze voldoende tijd hebben om, voordat de knelpunten er zijn, het hopelijk gerealiseerd hebben. Dan kunnen wij natuurlijk heel moeilijk gaan doen in de zin van, het mag alleen maar als hij leuk met bloemetjes is geverfd. Ik chargeer even hoor. Maar ik denk dat we slimmer zijn dat we zeggen, zet ze alsjeblieft neer. De opgave realiseren we. En we gaan daarna met ze in gesprek van, nu het weer even rustig is in uw planning kunnen we gaan kijken of we er wat moois van mogen maken. De voorzitter: De heer Hartmeijer slaat hier ook op aan. De heer Hartmeijer: Voorzitter, meer u zei van, we zitten al bijna aan de tijd. Maar ik heb hier tot elf uur staan. Het valt best mee. De voorzitter: Dat klopt. Maar we hebben ook nog een tweede termijn. En mevrouw Van Benschop moet ook nog beantwoorden. Ik wil toch een beetje voortgang hebben. De heer Hartmeijer: Dank u wel. De voorzitter: We hebben tot elf uur, maar we hoeven niet tot elf uur. En de temperatuur, of dat door klimaatverandering is of gewoon het slechte klimaat in het pand, in ieder geval loopt die behoorlijk op. En ik zie mensen ook echt onderuit zakken. U niet.
Maar laten we gewoon even vaart maken. Mevrouw De Jonge, u bent door uw vragen heen? Mevrouw De Jonge: Ik zie nog een vraagje van GroenLinks, volgens mij, die het even had over het meenemen van de raad. Stappen richting 2040. We zijn bezig met heel de monitoring in te richten. En we hebben gezegd, eigenlijk is het mooiste dat we proberen de Planning & Control cyclus ook te volgen, als je het hebt over rapportagemomenten. Dat is denk ik ook het meest logische met uw frequentie en de samenhang met andere dossiers of met de financiën. Uiteraard proberen we wel vanuit de vier pijlers onder de routekaart uw regelmatig een update te geven wat er gebeurt en hoe de voortgang is. En hoe we anticiperen op de hink-stap-sprong heb ik denk ik ook al even toegelicht. Dat wilde ik echt bij houden, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan wil ik nu even het woord geven aan mevrouw Van Benschop. Die zit er helemaal klaar voor. Gaat uw gang. Mevrouw Benschop: Dank u wel, voorzitter. Duurt maar twintig minuten. Nee, dat is een grapje. De enige vraag die echt heel duidelijk gesteld is, is gesteld door de VVD bij het agenderen van dit onderwerp. En dat ging over de uitgifte van kavels, als we strengere eisen stellen aan duurzaamheid. En er zijn eigenlijk een paar aspecten die ik toch even wil belichten. Eén is, ondernemers zijn over het algemeen sneller en verder dan de gemeente.
Dat heeft voor een deel te maken, omdat ze een goed hart hebben en ze graag iets goeds willen doen voor de maatschappij. Heeft voor een deel ook gewoon te maken met economisch belang, omdat het in sommige gevallen of in veel gevallen zelfs gewoon bedrijfseconomisch verstandig is om in te zetten op duurzaamheid, om ervoor te zorgen dat je je eigen energie kunt opwekken. Uiteindelijk denk ik dat we met deze
90
routekaart proberen ondernemers te ondersteunen in wat zij zelf al voor beweging maken. En ben ik daar hartstikke tevreden mee. Dan is er nog een categorie ondernemers die daar misschien wat minder aandacht, energie of wil op heeft. En wat ons betreft is dan ook de vraag, zijn dat de ondernemers die je graag zou willen faciliteren? We hebben een programma Ruimte voor banen, waar we met veel geld onrendabele top geld bedrijven opkopen eigenlijk, percelen opkopen, omdat we zeggen, bedrijventerreinen zijn niet meer toekomstbestendig. Ze zijn niet duurzaam genoeg. Klimaatadaptatie is een probleem. Er is weinig groen. Het verblijven daar voor personeel is ook niet prettig. Nog los van wat het met het milieu en voor de natuur doet. En daar zijn we best wel stevig in de uitgiftecriteria. Dat klopt. Daar hebben we basiscriteria en we hebben wegingscriteria. En daar vragen we ook echt iets terug aan ondernemers die zich hier willen vestigen. Het gaat over kwaliteit van banen onder andere. Ontwikkelmogelijkheden voor personeel. Maar dat gaat ook over duurzaamheid, klimaatadaptatie en hoe zij een bijdrage leveren aan onze regio. Wat ons betreft is de tijd dat we de keuze hadden, gaan we wel of niet dit mee laten wegen in de uitgifte, echt voorbij. We komen namelijk in de problemen op het moment dat we hier niet in investeren.
Dat geldt voor ons, dat geldt voor de bedrijven, maar dat geldt ook voor het personeel dat er moet werken. Als de vraag is, zijn we bereid om daar concessies op te doen, wat mij betreft niet. Uiteindelijk zijn het wegingscriteria. We hebben een basis. Vervolgens kun je punten scoren op bepaalde thema's. Duurzaamheid is er daar één van. En zal altijd degene met het beste plan op duurzaamheid ook op die categorie het hoogste scoren. Het is niet zo dat het duurder wordt, want de grondprijs staat vast. Het gaat echt om het totaalplaatje, wat kom je als bedrijf brengen naar de regio? Ik denk dat het verstandig zou zijn, we hebben het daar vaker over, ook in het kader van bouwen, dat er dan gezegd wordt, als het economisch minder goed gaat, dan moeten we wel door blijven bouwen. We moeten dan niet stilvallen, zodat je weer achter de feiten aanloopt. Ik denk dat dat ook best toepasselijk is op bedrijfsvestiging, eerlijk gezegd. Dat als het economisch minder gaat, moet je dan je schaarse grond, want die is echt schaar, zoveel grond hebben we niet meer, uitgeven aan bedrijven die weinig komen bijdragen aan de regio. Of zeg je dan, dan is er minder animo en moeten we uiteindelijk toch vasthouden aan onze doelstellingen? Voor nu is dat het uitgangspunt. Het zijn wel wegingscriteria, nogmaals. Als we het dan over het betonnen blok hebben, het staat niet vast.
Er zijn meer wegingscriteria dan alleen duurzaamheid. Maar uiteindelijk is het wel het totaalplaatje van, welk bedrijf wil zich hier vestigen, dat ertoe leidt dat een bedrijf zich kan vestigen. En nogmaals, ik wil dat best wel flink benadrukken. Echt concessies doen op, welk type bedrijven halen we hiernaartoe en wat is de bijdrage in de volle breedte, zou ik in ieder geval en het college niet toe bereid zijn. De voorzitter: Mevrouw Boom. Mevrouw Boom-Vos: Duidelijk. En ook mee eens. Wat ik me wel afvraag, wat u zegt van, vooral nieuwbouwkavels zijn belangrijk en dat is vaak ook voor grotere bedrijven. Het is schaars. En terecht dat u het vraagt. Met de reorganisaties van de huidige industrieterreinen zou je eigenlijk ook wel rekening willen houden met het MKB. Dat is best wel belangrijk. En niet elk klein bedrijf kan volledig duurzaam zijn. Kunt u daar ook rekening mee houden? Want ik hoor u wel zeggen van, duurzaamheid, we doen weinig concessies, maar het is wel een algemene afweging.
91
Mevrouw Benschop: Wat ik probeerde toe te lichten, is dat we hebben een basisprogramma. Als je kijkt naar Distripark bijvoorbeeld, dan is dat gewoon verankerd in het bestemmingsplan, in een stedenbouwkundig plan. Dat is de basis. En daarnaast heb je wegingscriteria. Dat gaat over bijvoorbeeld, welke ruimte laat je achter binnen deze regio? Heb je dan weer een locatie die je vrijspeelt voor andere bedrijvigheid? Wat doe je aan maatschappelijk betrokken ondernemen in termen van goed werkgeverschap? En duurzaamheid is er daar ook één van. We leggen daar geen extra eis op. We zeggen gewoon, kom met het allerbeste plan. En als er dan meerdere inschrijvers zijn, dan wordt het allerbeste plan, wat het hoogste scoort op al die wegingscriteria, de voorkeurspartij. Er zit een basis in die wel degelijk echt geëist wordt. Maar vervolgens dagen we bedrijven ook uit om te zeggen, wat kun je nog als plus doen, want daar kun je punten op scoren? De voorzitter: Dank u wel. En volgens mij zijn dan, ik heb helemaal mee zitten schrijven, de meeste vragen beantwoord. Nee. Mevrouw Van Benschop komt nog op een vraag. Ik zie niemand wakker zijn. Mevrouw Benschop: Dat was een beetje een vreemde eend in de bijt in mijn rijtje, maar ik vind het wel leuk om hem even te benoemen. Want Op Ons Eiland, de heer Gündogdu, begon over een fietspad dat laadt.
En vanuit het project Distripark zijn we nu aan het kijken om daar een pilot mee te starten. Daar waren we al redelijk ver mee, maar die partij ging mis. De voorzitter: Dank voor deze aanvulling. Volgens mij hebben we nu echt alles gehad. Dan heb ik een paar vragen aan de commissie. In de eerste plaats, is er iemand nog die een tweede termijn wil houden? Ik kijk even rond. De heer Groenewege. De heer Groenewege: Heel kort. Want ik hoorde de wethouder zeggen, HVC heeft eigenlijk die opdracht om aardwarmtelocaties te onderzoeken. En die opdracht geven wij als gemeente als aandeelhouder. Ik denk eigenlijk dat het helemaal niet verkeerd zou zijn om dat gedeelte op te nemen in dit plan. En ook misschien een achtervang voor als HVC niet uitvoert, wat doen we dan? Daar gaan we eens ons op beraden of dat misschien een amendementje waard is. De voorzitter: Heel goed. Iemand anders nog in tweede termijn? De heer Hartmeijer. De heer Hartmeijer: Voorzitter, dank. Alleen het punt dat ik steun zoek bij de collega's om de wooncorporaties weer eens uit te nodigen, hoe het is vanuit hun kant. Ik heb daar wel behoefte aan. Ik weet niet hoe de collega's daarover denken. De voorzitter: Ik zie allemaal duimpjes omhoog. Die hoeft niet meer in de agenderingsstool met duimpjes omhoog.
Wat zeg je? De heer Van Dam Timmers: Voorzitter, dat lijkt me een separaat voorstel, wat niet over het onderwerp van deze commissie gaat. Dat is iets wat we ook niet in deze commissie volgens mij zo kunnen besluiten. De voorzitter: Mijnheer Van Dam Timmers, u heeft helemaal gelijk. Ik kap u even... U heeft helemaal gelijk, maar ik ben altijd meer van het soepele van, we zitten hier nu
92
toch. En ik vind het een prima voorstel. Maar als het officieel via de agenderingscommissie moet, dan komt het via de agenderingscommissie. En kunnen daar de duimpjes omhoog, de digitale wel te verstaan. De heer Van Dam Timmers: Voorzitter. De voorzitter: Ik snap wat u wil zeggen, echt. Ik snap het. Vooruit dan maar. De heer Van Dam Timmers: Voorzitter, mijn punt daarbij is, omdat vaak als je mensen uitnodigt, is het goed om dat even in relatie tot alle andere stukken te zien die nu ook langskomen. En niet meer bij dit stuk, want dit gaan we oordeelsvormend richting een gemeenteraadsvergadering doen. Voor dit stuk zal het niet meer werken, denk ik. De voorzitter: Daar heeft u waarschijnlijk gelijk in. Wat ik wel de heer Hartmeijer heb horen zeggen, dat dat niet nu stante pede moet, maar op termijn. En dan zeker zoekend bij een bepaald onderwerp dat we dan gaan kijken, wat is de stand van zaken vanuit de woningcorporaties en wat zijn hun plannen verder in de tijd? Het hoeft zeker niet nu. En het zal zelfs na de zomer worden. De heer Hartmeijer: Ik bedoelde gewoon ergens na de zomer, als dit geland is. De voorzitter: Precies. Bent u gerustgesteld? De heer Hartmeijer: Ik kan toch staande de vergadering volgens mij gewoon een voorstel doen. De voorzitter: We hebben er in ieder geval een notitie van gemaakt. Kijk ik nog een keer rond. Ik zie niemand meer die een tweede termijn wil.
Dan heb ik de vraag, kan dit als hamerstuk door? De heer Groenewege: Nee. Mevrouw ...: Ja. De voorzitter: Ik hoor ja. Ik hoor nee. De heer Groenewege: Maar voorzitter, volgens mij heb ik net gezegd dat wij een amendement overwegen. De voorzitter: Dat kan altijd. Maar als het als hamerstuk doorgaat en er komt een amendement, dan wordt het onthamerd. En dan gaan we het amendement bespreken en niet meer het hele stuk. Mijnheer Bootsman. De heer Bootsman: Ik wilde eigenlijk voorstellen als hamerstuk naar de raad, mits moties en amendementen. Het staat partijen natuurlijk altijd vrij om die in te dienen. En dan wordt alleen daarover gesproken. De voorzitter: Exact. U haalt de woorden uit mijn mond. Kan iedereen zich daarin vinden? Maar als het besproken moet worden aan het amendement, bedoelt u? Ik denk dat het dan twee minuten maximaal is. Dan zijn we nu helemaal compleet. Ik wil u allen hartelijk
93
danken voor uw geduld. Neemt u allen uw flesjes, bekers, glazen en bordjes mee naar de gang. En tot de volgende keer maar weer. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 9 juli 2024.
De griffier,
De voorzitter,
A.E.T. Wepster
A.W. Kolff
94