CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.3 2022-02-08 Gemeente Dordrecht Commissie Fysieke Leefomgeving - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 24 maart 2022, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen Gemeenteraad 22 februari, de Commissies Bestuur & Middelen, Fysieke Leefomgeving en Sociale Leefomgeving van 8 en 15 februari en de Auditcommissie van 2 februari 2022.31.545 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE COMMISSIE FYSIEKE LEEFOMGEVING DORDRECHT D.D. 8 FEBRUARI 2022 Vergaderkamer 1 Voorzitter: mevr. Koene Commissiegriffier: dhr. Den Boer Verslag: NotuBiz Aanwezig: Mevr. Van den Bergh (PvdA) Dhr. Chapel (CDA) Dhr. Gündogdu (Beter Voor Dordt) Dhr. Hartog (PVV) Mevr. Jager (Fractie Jager) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Dhr. Nederhof (Beter Voor Dordt) Dhr. Van der Net (VVD) Dhr. Noldus (VVD) Dhr. Oostenrijk (CDA) Dhr. Portier (SP) Dhr. Stolk (VSP) Dhr. Struijk (CU/SGP) Dhr Tabak (D66) Portefeuillehouders: wethouder M. Stam, wethouder R. van der Linden Insprekers: dhr. Prins, dhr. Tiemersma, mevr. Pourfar, dhr. Steegh, dhr. Jongenelen. Rekenkamercommissie: dhr. Oostlander, mevr. Sijbrandi

1. Opening, mededelingen en vaststellen agenda De voorzitter: Zo goedenavond, dames, we hebben inmiddels nog een dame erbij, mevrouw Jager, mevrouw Van den Bergh is er ook. Dus we zijn eigenlijk met te veel inmiddels. Goed. Dames en heren, welkom bij de vergadering van de commissie Fysieke Leefomgeving van dinsdag 8 februari 2022. Wie zijn er aanwezig? Ik ga links begingen met mijnheer Den Boer namens de griffie, mijnheer Van der Meer, mijnheer Nederhof, mevrouw Van den Bergh dus in de achterhoede, mevrouw Jager, de heer Chapel, de heer Kleinpaste, de heer Hartog, de heer Stolk, de heer Struik, de heer Oostenrijk, de heer Tabak, de heer Noldus, de heer Portier en de heer Gündogdu. En jullie zitten hier allemaal namens een partij, dat klopt. Mevrouw Van den Bergh: Voorzitter, kan ik heel kort even iets melden? Dat ik ook … De voorzitter: Ik heb nog helemaal niet gezegd dat er mededelingen gedaan mochten worden, daar kom ik nu aan toe dus heeft er iemand een mededeling?

1

Mevrouw Van den Bergh: Ja, voorzitter, ik moet er weer helemaal inkomen. Maar ik wou zeggen, ik ga straks ook weer naar Bestuur en Middelen en dan kom ik daarna weer terug. De voorzitter: Nou, vind ik nou jammer maar goed, we doen het ermee. Even kijken, kan de agenda vastgesteld worden zoals die voorligt? Yes, oké. De heer Noldus: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Noldus. De heer Noldus: Ja, volgens mij was het voorstel van de griffie om de vragen aan het college blokje naar het einde te verplaatsen. Dat zou ik dan voor de volledigheid dan nog even willen opmerken. De voorzitter: O, oké, ja staat hier ook, dat wou ik nu net gaan voorlezen. Nee, dat is heel scherp, dat is heel scherp. Goed, vragen aan het college dus aan het eind van de vergadering, dat is dan dus ook bij iedereen akkoord. Want die zitten alle twee in een andere commissie. En de termijnagenda Fysiek ook aan het einde, maar dat hebben jullie dan ook al gelezen. Kijk, het is altijd net even testen natuurlijk. Is er verder nog iemand, behalve mevrouw Van den Bergh, die een mededeling heeft? Ook niks gezelligs? Nee, oké. Nou, jammer, jammer. 2. Vaststellen besluitenlijst adviescommissie van 25 januari 2022 De voorzitter: Dan gaan we naar punt 2, vaststellen van de besluitenlijst van de adviescommissie van 25 januari 2022.

Er zijn geen wijzigingsvoorstellen ingediend dus ik ga ervan uit dat jullie ermee kunnen instemmen. Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Voorzitter, ik zie de besluitenlijst niet bij de stukken. De voorzitter: Nou, mijnheer Van der Meer, u heeft al gelijk gescoord, hij staat er inderdaad niet het verslag, de besluitenlijst en die komt dus volgende week terug. AGENDADEEL: NIEUWE BEHANDELVOORSTELLEN 5. Vaststellen Adviesrecht Omgevingswet – Raadsvoorstel 6. Vaststellen Verordening op de gemeentelijke adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Dordrecht - Raadsvoorstel De voorzitter: Gaan we naar, even kijken, de nieuwe behandelvoorstellen. En ik lees alleen de dingen voor die van tevoren zijn gemeld. Dus dat is bij mij geel gearceerd en dan begin ik bij punt 5, vaststellen adviesrecht Omgevingswet. Mevrouw Jager heeft daar een opmerking op. Gaat uw gang. Mevrouw Jager: Dank u wel, voorzitter. Wij zouden graag zien dat dit besproken wordt, dit punt, omdat we van mening zijn dat het nu al invullen van een scenario ietwat

2

voorbarig is omdat de wet weer is uitgesteld, de invoering van de wet, en dat we dus helemaal nog niet precies weten hoe dat eruit gaat zien. Er worden voorstellen gedaan door deskundigen om de wet afgeslankt, af te slanken en te herijken voordat die ingevoerd zou gaan worden. Vier scenario’s en het hameren van voorstel 3, dat lijkt, dat gaat ons echt te ver. Want wij zouden bijvoorbeeld veel meer zien in scenario 4 dan in scenario 3 en misschien hebben daar andere mensen ook nog wel andere ideeën dus wij zijn van mening dat het in elk geval besproken moet worden. De voorzitter: Kijk, daar was ik naar op zoek. Even richting de commissie want we hebben ook nog een punt 6 wat hier mee te maken heeft in mijn beleving. Daar heeft mijnheer Van der Meer wat op maar ik weet niet of u dat ook in dezelfde komedie ziet als ik dat zie maar zo ja, dan mag u nu spreken en anders dan ronden we eerst punt 5 af. De heer Van der Meer: Ja, wat mij betreft kan eerst punt 5 afgehandeld worden want ik heb andere redenen om dit aan de orde stellen. De voorzitter: Ja, dat snap ik maar goed. Mevrouw Jager: Voorzitter? De voorzitter: Oké, we gaan punt 5 doen. Wie biedt? Mevrouw Jager. Mevrouw Jager: Nee, ik wilde even zeggen, ik vergeet het te zeggen maar punt 6 geldt hetzelfde voor. De voorzitter: Ja.

Nou ja, goed, dat idee dat had ik dus ook, dat die in combinatie met elkaar gezien konden worden maar … De heer Van der Meer: Ja, voor… De voorzitter: Ja, graag. De heer Van der Meer: Nou ja, bij punt 6 gaat het over de adviescommissie ruimtelijke kwaliteit en we hebben in deze commissie en op andere plekken de afgelopen jaren veelvuldig over de commissie Welstands- en Monumentenzorg gesproken. En de politieke vraag die ik dus graag zou willen stellen en daarom zou ik het ook graag willen bespreken, is of in het licht van de nieuwe taak en de nieuwe uitdagingen die de Omgevingswet gaat stellen, het eigenlijk wel opportuun is om die commissie ongewijzigd, zowel qua samenstelling als qua taken, voort te zetten? Daar zou ik graag een discussie over willen. De voorzitter: Oké, we hebben dus nu punt 5 met een politieke vraag, we hebben punt 6 met een politieke vraag. Mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Voorzitter, ik ben nog even op zoek, misschien kunnen de collega’s daar ook iets over zeggen, over het moment waarop je dit dan goed zou kunnen gaan bespreken omdat er een aantal onzekerheden is die mevrouw Jager ook al nadrukkelijk

3

noemde. Ik heb zoiets van, dan kunnen we het beste beter even aanhouden en ergens na de verkiezingen een keer opnieuw agenderen om te kijken of er dan ook meer zekerheid is over de Omgevingswet als zodanig? Mevrouw Jager: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Jager. Mevrouw Jager: Ik heb dat bekeken en naar mijn idee zou het een goed idee zijn om het over de verkiezingen heen te tillen en er sprake van dat die of in juli wordt ingevoerd of begin volgend jaar. En misschien is het dan een idee om dat eens in eind mei, begin juni of zo te bespreken, dan wel in november. En daar wilde ik nog iets bij zeggen, dat vergeet ik nu. Ik vergeet wat ik … Ja, dus voorlopig aanhouden, o ja, en wat de nieuwe raad nog niet zou weten over de Omgevingswet en zou moeten weten om dit te kunnen beoordelen, kan je allicht in een thema-avond een keertje aandacht aan besteden, dan weet de nieuwe raad ook hoe het in elkaar steekt. De voorzitter: Ja, dat is inderdaad wel wenselijk denk ik, dat ook de nieuwe raad op de hoogte is van wat het gaat inhouden. Er ligt dus een voorstel om dit te bespreken na de verkiezingen. Zijn er mensen die daarmee akkoord gaan? Mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Ja, voorzitter, een aantal van ons zal over zijn of haar graf heen regeren.

Ik heb geen problemen met het over de verkiezingen tillen, het is alleen de vraag of je dan, of er dan aanleiding is om het te gaan bespreken? Aanhouden, dat vind ik prima maar dat betekent nog niet automatisch bespreken. De voorzitter: Oké. Dus aanhouden. Mevrouw Jager: Aanhouden. De heer Van der Meer: Ja. Voorzitter, het lijkt me dat er ook na de verkiezingen commissies en vergaderingen … Mevrouw Jager: Ja, precies. De heer Van der Meer: … hun eigen agenda bepalen, dus in die zin daarmee eens. Maar ik heb wel een politieke vraag voorgesteld. De voorzitter: Ja, die nemen we er gewoon bij mee. Is iedereen akkoord dat we dit aanhouden en te zijner tijd degene die er dan over gaan of ervan zijn, dat die het dan agenderen. De agendacommissie, jawel. Maar dat betekent wel dat er een goed gemotiveerde aanvraag moet liggen, mijnheer Noldus, dus daar kan u nu alvast mee beginnen. Goed. 7. Initiatiefvoorstel monumentenstatus voor het Dordtse Poldergebied 8. Begeleidend schrijven Beter Voor Dordt m.b.t. initiatiefvoorstel Dordtse poldergebied gemeentelijke monument

4

De voorzitter: Dan heb ik op punt 7, initiatiefvoorstel monumentenstatus voor het Dordtse poldergebied. En 8, begeleidend schrijven de BVD met betrekking tot initiatiefvoorstel Dordtse poldergebied. Ik heb van de VVD een behandelverzoek hierop gekregen. Mijnheer Noldus. De heer Noldus: Ja, voorzitter, dank u wel. En het gaat eigenlijk over punt 7 en punt 8 tezamen wat ons betreft. Als voorstel om dit dan niet naar de raad te sturen maar eerst in de commissie te bespreken. Het voorliggende stuk is uit 2019, is in 2020, begin 2020 in de commissie besproken. Is door Beter Voor Dordt mee teruggenomen om onder andere samen met andere fracties te komen tot een beter passend voorstel wat wel aan de kaders voldoet en wat wel werkbaar is. In de memo die nu gestuurd is wordt gezegd dat er onderzocht is en dat de conclusie is dat het toch de beste garantie is. Nou, daar zouden wij dan graag wel over willen spreken in deze commissie.

Met als vragen daarbij: welke argumenten liggen ten grondslag aan de conclusie van Beter Voor Dordt dat dit de beste garantie geeft en welke inhoudelijke juridische onderbouwing past daar dan bij? En is de commissie van mening dat het behouden van de polder gebaat is bij een voorstel dat door inhoudelijk en juridisch adviseurs eerder is ontraden? En als derde vraag vooralsnog: is de commissie van mening dat er met het ondertussen vaststellen van de omgevingsvisie een voorliggend voorstel als zodanig nog nodig is en het best passende middel is? Tot zover, voorzitter. De heer Nederhof: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Nederhof. De heer Nederhof: Ja, want ik had ook aangegeven dat ik daar wat op zou zeggen. Voor ons is het eigenlijk wat er voorgesteld wordt, logische zaak. Dat het afgerond kan worden, dat het dus naar de raad kan en dat de partijen daar kunnen stemmen, dat is het voorstel, alleen stemmen. Om nou weer de hele discussie te gaan voeren, denken wij dat dat niet nodig is. Ik denk dat het voor Dordrecht is, een duidelijkheid geeft dat er dus in de raad een stem gebracht kan worden en dan wilden wij dat adviseren. De voorzitter: Oké, dank u wel.

We hebben dus twee voorstellen liggen, er ligt een voorstel van mijnheer Noldus om het te bespreken in de commissie, er ligt een voorstel van de heer Nederhof om het min of meer af te hameren, zeg maar erover te stemmen in de raad. Ik zie een heleboel handen, kijk, nou, dan begin ik tegenover en dan ga ik zo rond gezellig. De heer Kleinpaste: Ja, voorzitter, ik vind de argumentatie van de VVD volstrekt legitiem en de vraag ook helder. Ik zou me graag aansluiten bij dat voorstel en het bespreken. En waarschijnlijk na de verkiezingen pas als ik zo naar de tijdsdruk kijk. De voorzitter: Er ligt inderdaad nog het een en ander wat we nog af moeten ronden. Mijnheer Oostenrijk heb ik gezien. De heer Oostenrijk: Ja, voorzitter, ja, ik steun ook het pleidooi van de VVD, temeer ook omdat er namelijk het betreffende gedeelte van de Dordtse polder waar het

5

initiatiefvoorstel over gaat, is inderdaad maar een deel van het poldergebied. En dan heb ik het niet over het mogelijk bebouwde gedeelte, nee, we hebben het over een veel groter deel van het poldergebied. Dus als je er een visie over wil geven, dan moet je het totale poldergebied pakken en dat vereist veel meer onderbouwing. Dus wat dat betreft t.z.t. bespreken. De voorzitter: Oké. Ik zie mijnheer Tabak. De heer Tabak: Voorzitter, ook steun richting de VVD. Er ligt nu een onhaalbaar plan wat inhoudelijk en juridisch geen grondslag vindt dus eerst in de commissie bespreken. De voorzitter: Mijnheer Gündogdu. De heer Gündogdu: Voorzitter, dank u wel. Ik zou het initiatief van Beter Voor Dordt willen steunen, zij het zo omdat ik een van de mede-indieners ben van dit initiatiefvoorstel enige tijd geleden. Zij het zo dat op advies van portefeuillehouder Sleeking de fractie destijds dit voorstel weer heeft ingetrokken, althans aangehouden. Ik ben voordat ik een mening wil geven, wil ik eerst van het college weten of zij überhaupt het standpunt wat ze destijds hebben ingenomen nog steeds hetzelfde is? Want dan vraag ik me af, oprecht, wat we dan opnieuw gaan bespreken met elkaar. Dus eerst het antwoord van het college en dan beslissen of we dat kunnen bespreken of niet. De voorzitter: Met de nadruk erop dat u als raad natuurlijk dit prima met elkaar kunt bespreken. Mijnheer Portier.

De heer Portier: Ja, ik wou alleen maar zeggen dat ik het voorstel van de heer Noldus en de heer Tabak, het betoog ondersteun. De voorzitter: Oké. Ik zie nog links mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, dat geldt voor mij ook. Toen we het de vorige keer in de commissie weer besproken hebben heeft Beter Voor Dordt expliciet aan een aantal partijen gevraagd om daar nader over van gedachten te wisselen om tot een beter voorstel te komen. Daar is verder niks op gebeurd en om dat nu even snel door te jassen om het zomaar te zeggen, dat lijkt mij niet nodig. De voorzitter: Prima. Mevrouw Van den Bergh. Mevrouw Van den Bergh: Ja, ook wij steunen het voorstel van de VVD, van de heer Noldus, want wij denken dat je hier wel een goede discussie over moet voeren. De voorzitter: Oké. De heer Oostenrijk: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Struijk.

6

De heer Struijk: Ja, ik sluit me bij de vorige sprekers aan, ook ik ga mee met het voorstel van mijnheer Noldus, een goede discussie te zijner tijd hierover gebaseerd op argumenten. De voorzitter: Prima, dank u wel. Mijnheer Hartog. De heer Hartog: Ook de PVV steunt het voorstel van de VVD. De voorzitter: Dank u wel. En mijnheer Stolk namens de VSP ook. De heer Stolk: Ja. De voorzitter: Dan hebben we volgens mij iedereen gehad. Mijnheer Nederhof, dan mag u weer. De heer Nederhof: Ja, ik begrijp dat dat dus besproken gaat worden. Nou, we gaan zien wie er dus na de verkiezingen graag woningen in de polder gaat bouwen want dat is de achterliggende grond. En we gaan het zien, we houden ze aan de gedachte. Ik weet nog uit de vorige periode hoe hard geroepen werd: nooit bouwen in de polder. De heer Portier: Voorzitter? De heer Nederhof: We gaan het zien na de verkiezingen. Ik volg jullie. De voorzitter: Zo, dit was de uitzending voor politieke partijen. De heer Portier: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Portier. De heer Portier: Ja, als er nou toch politieke punten gemaakt gaan worden, dit is natuurlijk een stukje demagogie. De heer Nederhof weet natuurlijk net zo goed als wij allemaal dat er op dit moment helemaal geen voorstellen liggen van welke partij dan ook, om in de polder te gaan bouwen.

Even afgezien van het voorbouwen van De Kil, waar zijn partij een groot voorstander van was. De voorzitter: Waarvan akte. Dit wordt dus besproken. En we gaan straks bij de termijnagenda kijken waar het eventueel een plek kan krijgen. 12. Raadsinformatiebrief over Beantwoorden motie 211109/M7: Vaart met de woningbouw - Raadsinformatiebrief 13. Raadsinformatiebrief over Afhandelen motie 211109/M12: Neem het sociale heft in eigen hand! - Raadsinformatiebrief De voorzitter: Gaan we naar punt 12 en punt 13. 12 is beantwoorden motie: Vaart met woningbouw. En 13 is: Neem het sociale heft in eigen hand! GroenLinks verzoekt om beide raadsinformatiebrieven te verschuiven naar het agendadeel van volgende week,

7

als ik het goed begrepen heb. En als u dat nog eventueel wil toelichten waarom u dat wil, gaat uw gang. De heer Van der Meer: Nou, de belangrijkste reden is dat we straks naar aanleiding van het rekenkamerrapport over het woningbouwbeleid praten. Dan geven we ook wellicht via de raad een opdracht aan het college en in dat licht willen we graag het al of niet aanhouden of afgehandeld beschouwen van deze moties en bespreken. Dus dat kan volgende keer. De voorzitter: Prima, iedereen akkoord neem ik aan? Ja, oké, dank u wel. 23. Beantwoording door het college van technische vragen van de fracties GroenLinks en VVD over landtong Stadswerven De voorzitter: Gaan we naar 23, dat is de beantwoording door het college van de technische vragen van GroenLinks en de VVD over de landtong Stadswerven. U wordt voorgesteld de beantwoording van de technische vragen voor kennisgeving aan te nemen maar de VVD heeft nog aanvullende vragen gesteld heb ik begrepen en verzoekt dus ook dit aan te houden tot volgende week. Is dat akkoord? Yes, oké, dank u wel. 24. Brief van St. Bomenridders inzake Herplant bomen Lange Geldersekade De voorzitter: Dan krijgen we punt 24, de brief van de Stichting Bomenridders inzake herplant bomen Lange Geldersekade. En u wordt voorgesteld om de brief voor kennisgeving aan te nemen.

GroenLinks vraagt om een afschrift van de reactie van het college hierop en ik neem aan dat u zich daar ook in kunt vinden. Ja, dank u wel. 27. Brief aan gemeenteraad inzake informatievoorziening mbt plannen voor bouw appartementencomplex aan Noordendijk 275-315 De voorzitter: Dan krijgen we punt 27 en dat is een brief aan de gemeenteraad inzake de informatievoorziening met betrekking tot plannen voor bouw appartementencomplex aan Noordendijk 275-315. U wordt voorgesteld om dit ook ter kennisgeving aan te nemen. GroenLinks vraagt om een afschrift van de reactie van de brief aan het … Een reactie op de brief van het college. En ik neem aan dat iedereen zich daar ook in kan vinden? Yes, oké, dank u wel. De heer Van der Meer: Ja, één opmerking daarbij, voorzitter, het is geagendeerd als een brief aan de raad maar dat is een brief aan het college en daarom dit voorstel om een afschrift van het antwoord te sturen. Maar als het een brief aan de raad was geweest, dan hadden we daar als raad op moeten reageren. De voorzitter: Ja, klopt. Daar heb ik toevallig vanmiddag contact over gehad met de commissiegriffier, dat als een brief aan de raad gestuurd wordt, dat wij eigenlijk eens een keer, nou ja, misschien ook als raad brieven terug zouden moeten sturen als dat het geval is. Daar gaan we in de volgende periode gelijk mee aan het werk. Goed.

Nee, maar we zijn over het algemeen, reageert het college en dan denk ik: ja, maar wij zijn

8

de raad en wij mogen best daar een reactie op geven dus. En dan mag het college wel een advies geven maar … Goed, dan zal ik de volgende twee punten, drie punten overslaan. Aan het eind doen? 30. Stand van zaken Moties De voorzitter: 30 en 31 doen? 30, 30 is de stand van zaken moties. Voorstel is om dit agendapunt door te schuiven naar de commissie van volgende week. En even kijken, de moties M7, M12, daar hadden we net over zeg maar, die worden sowieso doorgeschoven naar volgende week hebben we net besloten. En vandaar dat het misschien handig is om het hele overzicht te verschuiven naar volgende week. Yes? 31. Stand van zaken Toezeggingen De voorzitter: Dan krijgen we 31, stand van zaken toezeggingen en ook … De heer Nederhof: O, ja. De voorzitter: … dit kan toege… De heer Nederhof: Een kort vraagje. De voorzitter: Mijnheer Nederhof. De heer Nederhof: Ja, wij willen graag weten met de toezeggingen, de stand van zaken betreffende de toezegging puntje 4, even goed zeggen anders gaat het fout, even kijken, waar was ik nou. Dat ging over HVC, een gesprek met HVC. Pagina 2, puntje 4. Dat willen wij weten hoe het daarmee staat. Het is al heel lang geleden afgesproken, ook Gewoon Dordt dacht ik dat die erom gevraagd had, uit mijn hoofd. Ja? Ja, oké. Dat was hem.

De voorzitter: Even voor de band, de vraag wordt uitgezet door de commissiegriffier en dan wellicht dat we volgende week het antwoord daarop hebben. En wie het verder geagendeerd heeft, dat weet ik niet want ik ben de voorzitter en ik ben neutraal. Sprekersplein 32. Vaststellen bestemmingsplan “12e Herziening Dubbeldam, locatie Oudland” Raadsvoorstel De voorzitter: Goed, we gaan naar het Sprekersplein. En de commissiegriffier gaat even in de tussentijd de insprekers halen. Sprekersplein over bestemmingsplan 12, de herziening Dubbeldam, locatie Oudland. En vanavond is het Sprekersplein hierover. In juni 2020 is het plan al consulterend in de commissie besproken, waarbij ook door diverse buurtbewoners is ingesproken, onder andere via een video. En vanavond ligt het daadwerkelijke bestemmingsplan op tafel. Alle indieners van de zienswijze zijn voor het Sprekersplein uitgenodigd, drie daarvan spreken vanavond in. Dat is de heer Prins, de heer Tiemersma en mevrouw Pourfar, dan hoop ik dat ik dat goed zeg. Ik stel voor deze

9

insprekers alle drie eerst aan het woord te laten en daarna is de gelegenheid tot het stellen van vragen hoe we dit bestemmingsplan verder afhandelen. Het woord is aan de heer prins. U heeft vijf minuten. De heer Prins: Ja. Ja, dank u wel, voorzitter, en dank voor de commissie voor de uitnodiging om hier de zienswijze toe te lichten. Mark Prins, ik woon met vrouw en kinderen van 6 en 3 jaar aan Visserstuin 43, met veel plezier moet ik zeggen. Ik wou daarom ook beginnen met een positief verhaal. Een paar jaar geleden werd het speeltuintje vernieuwd aan de Visserstuin en daar was een bijzonder goede communicatie met de gemeente, er werd ons om input gevraagd, wat zijn jullie wensen? Er werden twee ontwerpen gemaakt, we mochten kiezen. Ik maakte nog een opmerking dat de glijbanen op het zuidwesten waren georiënteerd. Toen zeiden ze: o, goed dat u dat ziet, dan draaien we dat om. Met andere woorden, ik wou alleen maar als inleiding even zeggen dat samen met constructief meedenkende burgers de gemeente goede oplossingen kan vinden. Het huidige plan ben ik helaas wat minder enthousiast over. Even kijken. Ja, de Corridor maakt deel uit van de stedelijke ecologische structuur zoals u weet, er staan hele mooie woorden over op de gemeentelijke website.

Deze zones glijden als het ware de Biesbosch de stad in, ze vormen ecologische en recreatieve verbindingen naar het buitengebied, zorgen voor recreatieve plekken in de wijk en voor veilige en aangename verbindingen tussen de wijk en voor sporters, recreanten en kinderen. Ja, ik vind het dus wel jammer, dat een stukje groene recreatie moet verdwijnen voor woningbouw. Ik ben ook de zoon van een sportleraar dus ik ben behoorlijk sportminded. Ja. Ja, tegelijkertijd snap ik ook wel weer dat er een woningtekort is en ja, dat dit soort dingen soms nodig zijn. Aan de andere kant toch nog twee kanttekeningen. Eentje is dat, ja, er wordt dan wel erg dicht bebouwd en ook heel dicht bij een vierbaansweg die ook wel door verkeer van de naar Stadspolders soms als snelweg wordt gezien. Met andere woorden, vijftig kilometer wordt regelmatig zestig of zeventig kilometer per uur. En dan gebruiken we eigenlijk sociale woningbouw, wat ik op zich prijzenswaardig vind, gebruiken we als geluidswal. Ja, zestig decibel aan de gevel, ja, dat is toch eigenlijk verzoek aan de commissie om daar misschien volgende week nog eens goed over na te denken of we echt de toekomstige bewoners aan zoveel geluid willen blootstellen. Ja, consequentie daarvan zou kunnen zijn dat die woningen verder weg moeten en misschien wat minder woningen.

En dat zou dan misschien nog gecompenseerd kunnen worden door het in één keer goed te doen en ook de tafeltennisvereniging alsnog te verhuizen. Dat zijn immers houten barakken, lijkt me niet heel erg duurzaam. Ook qua aardgas in een V-vorm gebouwd dus neemt vrij veel plek in. Dus ja, ik heb even kort mijn gevoelens benoemd en twee concrete aanwijzingen gegeven voor de commissie. Dus dank u voor de aandacht. De voorzitter: Dank u wel. Ik heb net even met de commissiegriffier afgesproken dat het misschien toch verstandiger is om de vragen gelijk na de inspreker te doen. Dan houden we het iets overzichtelijker. Dus wie heeft een vraag? Mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Ja, dank u, voorzitter. Ik was destijds betrokken bij het maken van de video met de toenmalige bezwaarmakers noem ik het maar even zo, dat is een ander woord voor insprekers, maar toen ging het over bezwaarmakers. Ik begrijp uit uw woorden, heer Prins, dat het niet zozeer gaat over de aantasting van uw eigen

10

privélevenssfeer maar dat u, laten we zeggen, wat kanttekeningen plaatst bij het plan an sich. Klopt dat beeld? De heer Prins: Ja, dat klopt. Ja, destijds, had ik geen tijd om in de video te verschijnen maar heb ik ook al een brief geschreven. Ja, ik denk niet zozeer eigenlijk aan mijn eigen belang maar eigenlijk ook aan het belang van de mensen die daar gaan wonen. De heer Oostenrijk: Oké. Ja, dank u. De heer Prins: Ja. De voorzitter: Mijnheer Nederhof. De heer Nederhof: Ja dank u, voorzitter. Korte vraag, mijnheer Prins, eigenlijk is het lawaai van het verkeer uw grootste probleem? Dat merk ik uit uw pleidooi. De heer Prins: Ja, nou woon ik er zelf redelijk ver vandaan. Maar ja, straks met ook wat andere bewoners en dat is in de huidige situatie al best fors. En ja, hoe dichterbij je woont, hoe meer je dat natuurlijk gaat merken. Ja, er zijn misschien wel dingen die je kan doen zoals een rij bomen die het geluid dempen of een groene geluidswal of zoiets. Ja, maar dat lijkt me zeer gewenst. Ja. De voorzitter: Mijnheer Struijk. De heer Struijk: Mijnheer Prins, fijn dat u hier bent. Een vraagje even aanvullend op de heer Nederhof, als er nu door de gemeente iets gedaan wordt aan het geluid, zou het plan dan zoals het er nu ligt voor u wel aanvaardbaar zijn? De heer Prins: Ja, dat is moeilijk te zeggen, dan zou ik graag de tekeningen willen zien.

Nou ja, dus op zich, wat ik dan wel sowieso goed vind is dat er dan concreet iets verandert. Tot nu toe is het een beetje het gevoel wat ik van de andere bewoners krijg is: er is een plan van de gemeente, bewoners mogen er iets van vinden maar aan het einde van de dag verandert het plan toch niet. Dus op zich, als er een tegemoetkoming is, ja, ben ik daar op zich al blij mee. Ja. Ja, dat was het? De voorzitter: Ik zie verder geen vingers meer, dank u wel. De heer Prins: Oké. De voorzitter: Gaan we naar de volgende inspreker, mijnheer Tiemersma. En ook u krijgt vijf minuten de tijd. Gaat uw gang. De heer Tiemersma: Goed, ook net als de heer Prins, dank voor de uitnodiging om hier onze toelichting te geven op onze zienswijze die wij een tijdje geleden hebben ingediend. Ja, ik wil toch, er moet mij eigenlijk in die zin even wat van het hart. U als bewo… Wij hebben als bewoners de mogelijkheid gekregen om onze zienswijze in te dienen. De plannen, de heer Prins refereerde daar ook even kort aan, lijken wel elke keer in ongewijzigde vorm naar ons toe te komen. Hoewel wij meerdere keren, ja, toch

11

wel input hebben gegeven daarvoor. We vinden dat jammer. Na het indienen van de laatste zienswijze was het stil tot 25 januari met de uitnodiging voor vandaag. Schetst onze verbazing, vijf dagen later zien wij een artikel in AD De Dordtenaar verschijnen dat onze vijf bezwaren, volgens mij zijn het zienswijzen en nog geen bezwaren maar dat even terzijde, zijn afgekeurd. Dan wordt er inhoudelijk gerefereerd aan een aantal zienswijzen die wij in onze laatste zienswijze hebben ingediend. Dus er is, ja, laatste inside information. Dat vind ik het zeer opmerkelijk dat wij geen inhoudelijke terugkoppeling hebben gekregen en een krant weet blijkbaar wel hierover. Ik zou graag heel kort na mijn betoog een korte toelichting willen van, klopt het dat ik hier, dat het er ook toe doet wat ik zeg of is het eigenlijk al beklonken? En ik hoop dat het niet verkeerd overkomt maar ik hoop dat u mij begrijpt want het is wel, wij vonden het wel opmerkelijk. Nou, dan even terug naar even de zienswijze die we hebben ingediend. We hebben iets genoemd over de aangepaste hoogte van het appartementencomplex van 15 naar 10 meter en de afstand tot de bestaande woning van minimaal 50 meter. Dat is destijds in de openbare, in het sportcomplex van de tafeltennisvereniging was toegezegd. Nu lees ik in de krant, ervan uitgaande dat dat klopt, dat 45 meter.

Maar voor de rest zie ik, horen of zien wij daar verder niets van. We zien ook steeds dat het complex nog steeds, het grote appartement aan het begin van de Visserstuinstaat. Ja, wij krijgen inhoudelijk te horen dat dat mogelijk met aannemers die niet over elkaars terrein mogen en dat dat reden is dat het appartementencomplex niet verplaatst kan worden. Ja, heel kort door de bocht, de aannemer is er tijdelijk, wij wonen er misschien nog wel 25 jaar of langer, wij kijken tegen een groot appartementencomplex aan. Met andere woorden, waarom mag het niet naar de andere kant richting de dijk waar het veel minder gezicht verstorend is verplaatst worden? Die inhoudelijke beargumentering hebben wij gewoon nog niet ontvangen. Ik zou heel graag willen weten wat daar dan echt de reden van is, even los van het argument wat voor ons geen argument is van een aannemer die niet over elkaars terrein mag. Dan de tweede zienswijze hadden we iets gezegd over de koplampen. Allicht dat het u niet bekend is maar de rij woningen, nummer 10 tot en met 26, die hebben de woonkamer een halve meter lager liggen dan de rest van de kamer.

Met andere woorden, zoals het in het huidige plan de weg getekend is, schijnen de koplampen als van verkeer wat uit de nieuwe bewoonde, het nieuwe stuk zeg maar richting de Recklinghausenweg vertrekt, schijnen dus wel rechtstreeks, zeker in huisnummer 13 waar ik woon en zeker bij onze buren, schijnen rechtstreeks de woonkamer in. En ik las ook in de krant, ik refereer toch weer even aan de krant, dat er een haag geplaatst zou worden. Dat is ons onbekend. Dat is dan wel informatie die ik eigenlijk, a, neem voor waar maar ook van dat krijgen we niet terug vanuit de commissie die het hele plan behandelt. En dan mis ik dat stuk communicatie, dat vind ik … Ja, dat vinden we gewoon jammer want nogmaals, we realiseren, de heer Prins zei het ook, we realiseren ons heel goed dat er woningen moeten komen. De woningnood is groot en we zijn ook echt niet de beroerdste om mee te denken, alleen we willen wel graag laten weten dat voor ons niet alles kan. Daarom ook de mogelijkheid gebruikmaken van dit traject. Dan nog even een stukje verkeer, de ontsluiting, is al vaker gezegd, merendeel van onze kinderen gaan zelfstandig naar school. Ze moeten nu al voor een deel oversteken. In de nieuwe omgeving wordt dat alleen maar drukker, 75 woningen zal een evenveel autoverkeer met zich meebrengen. Ja, als we nu al af en toe gekke situaties krijgen, en nogmaals, we vinden er alles van,

12

ik vind het ook, mijn kinderen steken ook over zonder te kijken, vind ik van alles van. Maar ja, het zijn 12-, 13-, 14-, 15-jarigen en we weten helaas van hoe dat werkt, op het moment dat het dan nog drukker wordt voorzien we daar echt wel grote problemen. Dus met de huidige situatie zoals die nu getekend is, is het wachten op de eerste ambulance die nu nog steeds voorbij scheuren richting Stadspolders et cetera, en dat die bij ons de afslag moet nemen. Ik wil niet het doembeeld schetsen maar daar zijn we gewoon oprecht bang voor. De voorzitter: Wilt u langzaam gaan afronden? De heer Tiemersma: Ja. De voorzitter: Want u zit al aan de vijf minuten. De heer Tiemersma: Goed. Nou, dan wil ik nog wel even kort benadrukken, wij weten nogmaals heel goed dat er huizen moeten komen en daar zijn we in de basis ook echt niet op tegen. Alleen we willen graag in conclaaf over, hoe kunnen we dat ook voor de bestaande bewoners zo optimaal mogelijk krijgen zodat we allemaal daar met plezier kunnen blijven wonen. Dank voor de tijd. De voorzitter: Dank u wel voor uw bijdrage. Ik heb in eerste instantie even een procesopmerking. Er zijn vragen die u stelt waar wij als commissie geen antwoord op kunnen geven, die ergens anders vandaan moeten komen. Wij zullen er zeker voor zorgen dat dit wel doorgespeeld wordt want wij begrijpen dat u geen terugkoppeling heeft gekregen, onder andere.

En dat moet dus echt even via het college. Dus dat is niet zeg maar iets wat wij hier kunnen beantwoorden. Wij kunnen wel vragen stellen als we die hebben en ik heb als eerste mijnheer Van der Meer gezien. De heer Van der Meer: Ja, u zei iets over de gevaarlijke situatie van de ontsluiting. Heeft u zelf concrete ideeën over hoe dat anders zou kunnen? De heer Tiemersma: Op basis van het huidige plan heb ik dat niet omdat het lastig is omdat, ja, wil je daar iets gaan veranderen, iets met de weg, dan zal je ook iets met de locatie van het appartementencomplex moeten, c.q. de groenstrook. Dus dan zal het plan voor een gedeelte wel gewijzigd moeten worden. Op het moment, op basis van het huidige plan, en daar heb ik wel even kort gekeken, en daarom niet aangegeven net maar wel meegenomen, op het moment dat het appartementencomplex naar de andere kant verplaatst wordt, heb je meer ruimte om flexibiliteit met je huizenrij te creëren en heb je ook meer ruimte om de weg te verleggen. En dan heb je dus meer overzicht, kun je creëren voor de fietsers en ook voor de automobilisten uiteraard zelf ook. De voorzitter: We gaan het rijtje even af. Mijnheer Nederhof. De heer Nederhof: Ja, dank u wel, voorzitter. Even, eigenlijk zegt u, ja, wij voelen ons niet gehoord, daar komt het eigenlijk een beetje op neer.

En die zienswijzen zijn ongegrond verklaard, ja, ik weet niet waarom maar goed, dat terzijde. Eigenlijk heeft u ook last van die koplampen, dat zou dagelijks zijn, dat kan ik me wel voorstellen. Maar

13

stel dat die haag er wel zou komen, dan zou het misschien opgelost zijn. Dan zou u zeggen: nou, dan hebben we toch wat. De heer Tiemersma: Dan zou inderdaad sec het probleem met de koplampen zeer mogelijk opgelost kunnen zijn. De heer Nederhof: En die ontsluiting, wat de heer Van der Meer ook zegt, ja, daar zal toch ook wel over nagedacht gaan worden, neem ik aan, door verkeersdeskundigen van de gemeente. Maar die zijn nog niet in beeld misschien. De heer Tiemersma: Nou, wat ik begrepen heb is dat er destijds wel een verkeerskundige is wezen kijken. Die heeft wel de situatie bekeken en die heeft het zodanig als veilig bestempeld. Alleen het is ons niet duidelijk of dat zeg maar gezien de bestaande situatie waar het appartementencomplex nu staat en de huizenbouw, op basis van die, dat die dan gekeken heeft, ja, oké, dan is dit veilig genoeg. Dat weet ik niet. Maar wat ik begreep is dat er wel iemand is wezen kijken maar daar hebben we ook in het vorige betoog al een keer op gereageerd. Maar dat was, ja, dat was omdat dat een deskundige was geweest, was dat … Wij hadden er geen kijk op. Maar dat is wat mij is blijven hangen. Dus in alle eerlijkheid … De voorzitter: Oké. De heer Tiemersma: Maar dat is mijn … Ja. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Kleinpaste. De heer Tiemersma: Ja, een vraag een beetje in het verlengde waarschijnlijk van de vraag van de heer Van der Meer.

U sprak uw specifieke zorg uit over het oversteken van kinderen. Heeft u daarbij zelf ook voor ogen dat dat opgelost zou kunnen worden met verkeerstechnische maatregelen, betere oversteekplaatsen, dat soort zaken? De heer Tiemersma: Dat zal ongetwijfeld alleen gezien de huidige situatie en de ruimte die daar is met de huidige bewoonde, de huidige huizen en de verkeers, hoe de weg loopt, en waar het fietspad nu loopt en waar die ontsluit zeg maar, dan is in de bestaande situatie met uitgaande van de tekening die er nu ligt waar de weg in principe gewoon evenwijdig aan het fietspad zou komen te liggen, ja, dan zou ik dat oprecht niet weten. Omdat een deel van de bewoners zeg maar die overigens gebruikmaakt van het huidige fietspad, lang niet alle bewoners daarlangs fietsen omdat de behuizing eigenlijk, ja, achter de rij huizen ligt die langs het fietspad liggen. Dus die komen van de andere kant dus die moeten daar al een oversteekje maken omdat het relatief rustig is, gaat dat elke keer net goed. Maar goed, ja, de heer Prins gaat ook met zijn kinderen daarlangs en die maakt het ook zelf mee. De voorzitter: Oké. Mijnheer Struijk. De heer Struijk: Ja, mijn vraag die is al door mijnheer Nederhof gesteld, dank u wel.

14

De voorzitter: Prima, gaan we snel verder. Iemand aan deze kant nog? Nee. Achterhoede, ook niet. Oké, dank u wel. De heer Tiemersma: Hartelijk dank. De voorzitter: Gaan we naar de volgende inspreekster en dat is mevrouw Pourfar. Nou hoop ik dat ik dat goed zeg dus dan … Mevrouw Pourfar: Ja. De voorzitter: Ja, oké. Ook u krijgt vijf minuten nu. U … De voorzitter: Clark? Ja, mevrouw heeft een foto maar dat is denk ik nu niet zo snel te regelen. Nee, nee, oké. Dan gooien we … Dan doen we gewoon de iPad even rond, ja. Oké. En dan kunt u in de tussentijd, als iedereen tijdens het doorgeven gewoon stil is, dan kan deze dame haar bijdrage doen. Gaat uw gang. Mevrouw Pourfar: Ja. Gezien de tijd heb ik alles op papier gezet om netjes aan die vijf minuten te houden. Geachte commissieleden, dank dat ik aan u eerder gemelde zorg die het plan Oudland op ons woon- en leefklimaat zal uitstralen mag toelichten. Bij deze wil ik benadrukken dat deze zienswijze geen bezwaar is tegen bouwplannen maar een verzoek om tijdelijk, om tegelijk met nieuwbouwplannen een plan van aanpak voor onze woonsituatie te integreren zodat de nadelige gevolgen van dit project op onze woonomstandigheden tot minimaal worden beperkt. Het plan waarover u binnenkort een besluit gaat nemen staat op een geringe afstand van onze woning. Visserstuin 203 ligt heel dichtbij van het appartementencomplex.

Tijdens het bouwen van onze woning zes jaar geleden hebben wij na contact met de gemeente, als bewuste keuze op onze oostgevel vier beglazing geplaatst. We kunnen hierdoor naar een horizon kijken die hoofdzakelijk groen is en we hebben nu nog geen inkijk in ons huis. Met de nieuwbouw van drie etages gaat dat dus veranderen. We zullen ons uitzicht en nog veel belangrijker, onze privacy kwijtraken. Hieraan toegevoegd dat de verkeersintensiteit en met bijbehorende lawaai richting ons huis en tuin zal stevig toenemen. Onze slaapkamers zijn gesitueerd aan de vijverkant, en met extra verkeer door de nieuwbouwwoningen zullen tijdens onze rust, zowel in de slaapkamer of als wij in de tuin zitten, als enige woning die vooraf aan de wijk staat flink benadeeld worden. En dat is eigenlijk niet als enige woning maar als een van de woningen. In het artikel van AD van 2 februari jongstleden stond alvast dat de gemeente de bezwaren van wijkbewoners afwijst. Het voelt erg onrecht voor ons als bestaande wijkbewoners dat deze belangrijke issues, dus verkeersoverlast, lawaai en inbreuk op onze privacy, niet serieus worden genomen. Zoals we u al eerder vermeld hebben begrijpen we heel goed dat er een zekere invulling voor Oudland moet komen, ook mede gezien de krappe woningmarkt, vooral voor de starters in Dordrecht.

Maar omwille het feit dat wij aan de plaatselijke vijver in de hoek en tegenover van appartementencomplex en nog tegen de provinciale weg wonen, verzoeken we de gemeente om een bevestiging maken voor een stevige dicht aan te brengen beplanting rondom de vijver aan onze kant, maar dan ook rond de waterpartij bij het nieuwbouwcomplex. Zodat onze privacy in redelijkheid te waarborgen en hiermee de inkijk naar onze woning in het oosten af te schermen. We hopen door

15

deze dichte beplanting de geluidsoverlast op een natuurlijk en duurzame wijze zal ook verminderd worden. Wij nodigen langs deze uw commissie uit dit laatste zeker te besluiten en ons daarvan in kennis te stellen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, keurig de binnen de tijd. Ik begin iedere keer, mijnheer Nederhof. De heer Nederhof: Duidelijk verhaal, mevrouw. En ja, eigenlijk, u zegt, stel dat er geluidswerende maatregelen getroffen worden, dan zou u alweer een heel eind beter content zijn, laat ik het zo zeggen. Mevrouw Pourfar: Ja, voor ons is het vooral twee issues, zijn er twee issues. Eén is geluidsoverlast want we hebben van aan onze tuin zeg maar, zijn gegrensd aan de Provincialeweg dus sowieso aan die kant hebben we heel veel last van lawaai, vooral als wij in de tuin zitten. Maar als er een nieuwbouwcomplex komt met de boven verdichting nieuwbouw is ook geluidsoverlast. Dus als iets daarmee gedaan kan worden, dan is het zeker gewoon, ja, toch heel belangrijk. De heer Nederhof: Dan is het voor u eigenlijk, oké, zal ik maar zeggen. Mevrouw Pourfar: Met geluid, met gewoon nadenken over hoe de geluidsoverlast kan opgelost worden en ook iets over de inkijk. De heer Nederhof: Privacy. Mevrouw Pourfar: Ja, want u ziet dat, het is gewoon tegenover … Dit, de foto is gewoon echt, ja, dat is daar … De heer Nederhof: Ja. Maar die weg was er al hè, mevrouw.

De weg was … Mevrouw Pourfar: De weg, de Provincialeweg was er. De heer Nederhof: Ja, die was er al. Mevrouw Pourfar: Natuurlijk, ja. De heer Nederhof: Oké. Mevrouw Pourfar: Maar dit komt nog erbij. De heer Nederhof: Ja, ja, ja. Mevrouw Pourfar: Ja. De heer Nederhof: Dank u wel. Mevrouw Pourfar: Ja. De voorzitter: Iemand anders nog? Achterhoede ook niet. Nee, oké. Heel erg …

16

Mevrouw Pourfar: Voorin. De voorzitter: Mijnheer Gündogdu, ja, ik keek echt uw kant op maar toen keek u niet naar mij. Gaat uw gang. De heer Gündogdu: Ik keek naar de inspreker. Bedankt dat u heeft ingesproken. Waar ik vooral ook benieuwd naar ben, wat is op dit moment zeg maar zo ongeveer de afstand tussen uw woning en de locatie waar dat appartementencomplex gaat komen? Heeft u enig idee? Mevrouw Pourfar: Dat is helemaal niet duidelijk want we hebben ook toch de plannen, net als onze buren hebben verteld, de plannen hebben wij twee keer tijdens de informatieavond te zien gekregen. En het is … Het was … Het werd ons ook nu gezegd van, nou, het is niet duidelijk of dit het definitieve plan is. Dus het is mij helemaal niet duidelijk wat nou de definitieve situatie van appartementencomplex wordt want tegenover ons, dan zou toch die appartementencomplex komen zoals die nu getekend is. En ik sluit me ook trouwens helemaal aan bij onze buurman van, het zal wel ook nog natuurlijk veel fijner zijn, ook voor de … Want wij wonen al langs die Provincialeweg en we hebben al heel veel last van verkeersgeluid. Dus die mensen die binnenkort ook langs die Provincialeweg komen wonen, die zullen ook geheid dezelfde overlast krijgen.

Dus het zou wel zeker een goed idee zijn als toch iets met het appartementencomplex ook toch daarover nagedacht wordt dat misschien toch richting de achterkant van het terrein gaat. De heer Gündogdu: Voorzitter, mag ik aanvullend een vraag. Ja, ik zet hier aanvullend een vraag. De voorzitter: Ja, dat mag. De heer Gündogdu: Gelukkig maar. Het verbaast mij wat u nu inbrengt, in die zin, wij hebben al meermaals gesproken over de ontwikkelingen in dit gebied. De voorzitter: Mijnheer Gündogdu, u mag een vraag stellen. De heer Gündogdu: Ja. De voorzitter: U gaat niet in debat. De heer Gündogdu: Nee, ik ga niet in debat, ik moet even inleiden. Ik ben even benieuwd, want al die punten die u zojuist ook heeft aangegeven, de haag bijvoorbeeld maar ook bomen, dat hebben wij volgens mij hier als commissie expliciet meegegeven aan het college. Dus ik ben even benieuwd, bent u nou op de hoogte gesteld, op enig moment van al die beslissingen die hier, althans, datgene wat de commissie aan het college heeft meegegeven waarvan het college heeft gezegd, dat gaan wij meenemen in de planvorming, of u daarvan op de hoogte bent? Mevrouw Pourfar: Nee.

17

De heer Gündogdu: Dank u wel, helder. Mevrouw Pourfar: Want wij hebben ook dezelfde punten zeg maar ook schriftelijk vermeld en ook geen inhoudelijke reactie gekregen. Dus het is voor ons, het is gewoon niet duidelijk wat er allemaal gaat gebeuren. En dat maakt het wel spannend en ook toch niet prettig. De voorzitter: Oké. Niemand verder een vraag? Nee. Nog niet één nabrander, mijnheer Gündogdu? Nee? Oké. Nee hoor, het hoeft niet per se. Dank u wel. Mevrouw Pourfar: U ook bedankt. De voorzitter: U allen bedankt voor uw bijdrage. En eens even kijken, volgens mij is nu de vraag aan de commissie of u dit allemaal inhoudelijk nog wilt bespreken volgende week? Mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Nou ja, voorzitter, het lijkt mij, u heeft dat zelf ook onderstreept, dat in de inbreng van de insprekers een aantal vragen besloten ligt waar ons op dit moment in elk geval het antwoord niet op duidelijk is. Dus ik zou ervoor willen pleiten om het antwoord op die vragen in elk geval te vragen voordat wij een beslissing nemen of wij hier verder over moeten praten of niet. De voorzitter: Oké, dus eigenlijk stelt u voor om het aan te houden in afwachting van een reactie van het college met betrekking tot de informatievoorziening onder andere. Ja? De heer Noldus: Voorstel. De voorzitter: Ik zie een stemmend geknik. Mijnheer Noldus die wil wat anders.

De heer Noldus: Ja, nee, voorzitter, even een vraag richting de heer Van der Meer, welke vragen dat dan expliciet zijn? Want we zitten natuurlijk ook met een besluitvormingstermijn en het lijkt me dan wel goed om te zeggen dat wij dat deze week ontvangen dat we dan volgende week het bespreken of niet. Dat we nu niet daarop doorschieten met elkaar, volgens mij is dat ook niet handig. De voorzitter: Even, mijnheer Noldus, wat bedoelt u nou concreet want … De heer Noldus: Nou, ik ben op zoek naar … De voorzitter: Dit kon ik even niet volgen. De heer Noldus: Nee, dat snap ik op zich wel, voorzitter. Maar de heer Van der Meer doet een voorstel om informatie te ontvangen en daarna te besluiten wat we ermee gaan doen. Ik ben dan wel benieuwd welke informatie dat dan is, dat is mij niet helemaal tastbaar, welke vragen dat dan zijn. En ik stel dus voor, volgende week is de laatst commissievergadering, om dat de opvolgende week op de agenda te hebben zetten nu met elkaar en dat ook echt te bespreken zodat die ook tijdig door kan.

18

De voorzitter: Ja, maar er is dus geconstateerd dat de bewoners niet op de hoogte lijken te zijn van wat er precies gaat gebeuren. En ik denk dat wij als raad ervoor moeten staan dat mensen goed meegenomen worden en in die zin dus eerst gecheckt moet worden of de informatie verstrekt kan worden die er nog niet is? De heer Kleinpaste: Voorzitter? De voorzitter: Eerst mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Ja, voorzitter, dan zou het gaan om vragen die niet zijn beantwoord in de zienswijze die we in de stukken vinden. Want daar moeten we dan ons op concentreren. Als het zo is dat de betrokkenen geen antwoord hebben gekregen op de zienswijze, of dat ze het commentaar op de zienswijze niet hebben gekregen. Dat is een procedurevraag en die moeten ze, ik zou zeggen, morgen in de bus hebben. Maar dat is een procedurekwestie. Maar verder ben ik van mening dat we de bespreking of het behandelvoorstel zoals het er nu ligt volgende week weer op de agenda moeten hebben. De heer Noldus: Ja, voorzitter … De heer Oostenrijk: Nee, als behandelvoorstel want dan komt aan de orde, is er reden voor bespreken of naar de raad? De voorzitter: Ja. De heer Noldus: Ja, voorzitter? Mag ik … De voorzitter: Mijnheer Noldus. De heer Noldus: Ja, want ik ben het helemaal eens met de opmerkingen en ook helemaal eens met de opmerking van de heer Oostenrijk daarop.

Dus als het gaat over het informeren van de bewoners kan dat volgens mij morgen al want die … Een groot deel van de vragen is denk ik beantwoord maar niet het antwoord als zodanig bezorgd, is mijn gevoel daarbij. Dus dat zou ik graag zo snel mogelijk dan ook uitzetten. Maar het laatste voorstel van de heer Oostenrijk in het proces om dan volgende week bij de agenderingsverzoeken op de agenda te zetten, dan komt het dus niet meer ter agendering of ter bespreking in deze raadsperiode. Dat is mijn opmerking van zojuist. Laten we het dan op de agenda zetten ter bespreking en het eventueel niet bespreken als het niet nodig blijkt, in plaats van dat we volgende week bespreken om het over drie maanden te gaan bespreken, waar het dan praktisch op neerkomt. Daar zou ik niet voor zijn. De voorzitter: Mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Nou, het voorstel wat de heer Noldus net deed was hetgeen ik net wou inbrengen ook dus ik sluit me daarbij aan. De voorzitter: Mijnheer Nederhof.

19

De heer Nederhof: Ja, het is duidelijk, dat is een voorstel. Maar goed, mensen hebben recht op antwoorden maar ze zijn ongegrond verklaard de zienswijzen, dus dat is ook al een proces probleem denk ik. De heer Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Stolk. De heer Stolk: Ja, ik wilde eigenlijk alleen maar een antwoord hebben volgende week in ieder geval in de bespreking wat we dan ook doen, of dat er is meegenomen waar de mensen nu over hebben, het verplaatsen van het gebouw naar de dijk toe? Want dat is nog eigenlijk een discussie wat de insprekers nu nog neerleggen. En als dat al besloten is, dan is het besloten. Maar als daar nog geen definitief besluit over is zou ik het graag willen weten. De voorzitter: Mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Ja, voorzitter, de kwestie van de plek van het appartementengebouw, dat was ook al in 2020 aan de orde dus dat is geen nieuw feit. En vervolgens blijft de vraag: hoe weet je dat? Nou, dat wordt dan volgende week besproken. De voorzitter: Oké, we zetten het … De heer Stolk: Voorzitter? De voorzitter: … ter bespreking op de agenda. We gaan ervan uit dat we de eventuele extra informatie krijgen die nodig is, daar gaat de commissiegriffier achteraan.

De heer Stolk: Ik had alleen maar, dus dat wil zeggen dat dat gebouw wat er nu daar gepland is, dus ook al definitief is? De heer Oostenrijk: Nee, voorzitter, dat is nog niet definitief als we er nog niet over hebben besloten. De voorzitter: Nee. Dus dat wordt dan dus in de bespreking meegenomen. Oké. Iemand nog een andere suggestie want anders doen we het zo. Yes. Oké, dank. 33. Vaststellen bestemmingsplan ‘5e herziening Krispijn, locatie Mauritsweg 157’ Raadsvoorstel De voorzitter: Dan gaan wij over naar het volgende punt en dat is punt 33, Sprekersplein, bestemmingsplan ‘5e herziening Krispijn, locatie Mauritsweg 157’. Ook hier over het bestemmingsplan en de globale plannen zijn al eerder aan, goedenavond, in de commissie gepresenteerd en vanavond ligt het daadwerkelijke bestemmingsplan ook hiervan op tafel. Alle indieners van de zienswijze zijn ook hier uitgenodigd. Eentje daarvan spreekt vanavond in, de heer Steegh is dat, voorzitter van de Stichting Bomenridders Dordrecht. Die krijgt vijf minuten de tijd. En daarna is de gelegenheid tot

20

het stellen van vragen en wat we verder met dit stuk doen. Mijnheer Steegh, gaat uw gang. De heer Steegh: Ja, dank u wel, voorzitter. Plezierig dat wij de gelegenheid krijgen om nog een paar woorden aan dit bestemmingsplan te wijden. Bij bouwplannen richten wij als Bomenridders ons uiteraard op wat staat er aan bomen en struiken. Komen die in gevaar door het bouwplan? En omgekeerd, zijn er kansen voor vergroening? Welnu, verscholen achter het voormalige verzorgingshuis Thureborgh staat een majestueuze moerascipres, een hele grote. O, ik ben zelfs in beeld, ja. En nog een paar mooie bomen. Voor ons was het meteen glashelder als Bomenridders, die mogen niet weg. Maar het bouwplan rept hier met geen woord over. Het bestemmingsplan niet maar ook het bouwplan dat we al gezien hebben ook niet. Een moerascipres is een boom met ballen, letterlijk. De enige naaldboom waarvan de vruchten geen kegels zijn maar bolletjes. Dat zeggen dan de biologen, bolletjes, om het wat netter te houden. Een boomsoort die zomaar zeshonderd jaar kan worden, die moerascipres moet dus blijven. Wij vragen u om de aanvrager projectontwikkelaar op te dragen het bouwplan zo aan te passen dat deze icoon blijft staan. En als dat echt onmogelijk is zou de boom verplant moeten worden.

Zo staat het ook in de recente brief, bomen spannen de kroon, van ons, het IVN, het platform Duurzaam Dordt en de Stichting De Stad als inbreng voor de nieuwe bomenvisie voor Dordrecht. Het college geeft ons in de zienswijzenota gelijk, onze zienswijze is gegrond, zo staat er. Daar zijn we blij mee. Maar daarmee is de moerascipres nog niet gered. Want het college wil onderzoek doen naar de conditie van de boom en bekijken of verplanting mogelijk is. De boom is uitdrukkelijk niet weg bestemd. Dan geldt dus wat de verantwoordelijke wethouder al vaker heeft gezegd: nee, niet kappen, tenzij. Wat ons betreft blijft de moerascipres dus staan maar mocht dat toch onhaalbaar zijn en verplanting ook niet mogelijk, dan vragen wij u de projectontwikkelaar een herplantplicht op te leggen binnen tweehonderd meter en binnen twee jaar. Het gaat dan om compensatie van het kroonvolume. Niet één vijftig jaar oude boom vervangen door één jonkie in de buurt. Om te berekenen wat een boom waard is kan de gemeente gebruikmaken van de i-Tree methode. Wij verwachten dat dan zal blijken dat compensatie vereist dat de projectontwikkelaar op korte afstand vijftig nieuwe bomen plant van tenminste tien jaar oud. De Bomenridders zijn er niet om bouwplannen tegen te houden, wel om ervoor te zorgen dat we ons natuurlijke portaal versterken.

Interen kunnen we ons door klimaatverandering en het verlies van biodiversiteit echt niet meer veroorloven. Tot slot, ik verwijs naar het eerdere debacle met een moerascipres op de Sluisweg, die ook weg moest voor een herontwikkeling. Achteraf zeggen velen dat die boom helemaal niet weg had gemogen. De ergernis over het kappen van die moerascipres is nog niet geluwd. Wij als Bomenridders zeggen daarom: nee, niet weer hè. We rekenen op uw steun. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor uw bijdrage. Even kijken, begin ik een keer aan die kant. Mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Ja, voorzitter, dank u. Wij hebben bij de stukken een verbeelding ook staan. Kunt u aangeven, voor zover dat kan natuurlijk, maar staat die boom op de groene contouren van die verbeelding?

21

De heer Steegh: Nee. Hij staat op de nieuwe vleugel. De heer Oostenrijk: Hij staat op de nieuwe vleugel. Dus de consequentie in uw ogen zou zijn van, als die boom blijft staan, dan kan je die nieuwe vleugel niet bouwen. De heer Steegh: Ja, of anders. Dat je het bouwplan daaraan aanpast. De heer Oostenrijk: Oké, nee, dat was eigenlijk voor de duidelijkheid. Nee, prima. Ja, prima in die zin, het is voor mij helder. De heer Steegh: Ja, dat hoop ik ja. De voorzitter: Oké, iemand anders aan deze kant? Mijnheer Gündogdu. Nee. Ja, ik vraag het even voor de zekerheid want anders dan vergeet ik u dadelijk weer. De heer Gündogdu: Ja, nu dat u toch mijn naam noemt, ik was even aan het kijken in de stukken. Maar u zegt, bedankt dat u overigens komt inspreken, u zegt heel concreet: die bomen moeten behouden worden. Dan heeft u mij aan uw zijde. Heeft u ook enig idee wat de ontwikkelaar als standpunt heeft ingenomen in deze kwestie? De heer Steegh: Ja, wij hebben recent met de ontwikkelaar gesproken, op zijn initiatief. En daarbij duidelijk gemaakt dat onze zienswijze gegrond was verklaard door het college. O, o, dat hadden ze nog niet gezien. Ja, dus dan moeten we iets met verplanten. Ja, oké, daar valt wat ons betreft over te praten, dat heb ik net ook aangegeven. Maar verplanten is natuurlijk niet zo eenvoudig, zeker niet bij zo’n joekel van een boom.

Dus hij heeft zichzelf ook gerealiseerd dat die waarschijnlijk flink zal moeten investeren om ofwel die boom te behouden, ofwel die boom te verplanten, ofwel wat ik net heb aangegeven, die vijftig nieuwe bomen te moeten planten van tien jaar oud. En die som van die vijftig jaar en tien jaar, vijftig bomen en tien jaar, dat sommetje hadden ze voor zichzelf al gemaakt. En ja, daar zullen we dan waarschijnlijk wel niet aan kunnen ontsnappen. Dat vinden ze natuurlijk niet prettig, dat snap ik ook, maar ja, als je inderdaad aan het behoud van bomen wil doen, dan heeft het zijn consequenties. De heer Oostenrijk: Mag ik even een tussenvraag stellen hierover? De voorzitter: Vooruit. De heer Oostenrijk: Ja, en dan kijk ik even naar onze griffier, want het gaat even over de terminologie. De zienswijze is gegrond verklaard. Dat betekent dat die valide is, die zienswijze. Maar dat betekent toch niet, en ik zeg dat even met een vraagteken, dat het college de zienswijze overneemt? Voor alle duidelijkheid even. De heer Den Boer: Er zijn twee termen, in eerste instantie kijkt het college of een zienswijze ontvankelijk is en dat wil eigenlijk gewoon zeggen: is iemand belanghebbend en is die op tijd ingediend? Dat is één. En daarna gaan ze kijken, is die gegrond of niet en als het college aangeeft, nou, hij is gegrond, dan zijn ze het er dus mee eens.

22

De heer Oostenrijk: Ja, dus dat betekent dan bijna rechtstreeks een vraag aan het college, wat voor consequenties betekent dat dan? De vraag is gesteld en want dat is voor ons van eminent belang, wat voor impact dat dan heeft wat we dan hier niet zien? De voorzitter: Mijnheer Struijk. De heer Struijk: Mag ik even, dank u wel. Eén korte vraag nog, klopt mijn conclusie dat eigenlijk de ontwikkelaar al zijn conclusie had getrokken, wij kiezen voor vijftig nieuwe bomen? De heer Steegh: Zover was die nog niet want hij werd ter plekke door ons geconfronteerd met die voor hem nieuwe werkelijkheid. Dus hij was zich aan het oriënteren maar een keuze hebben ze zeker nog niet gemaakt. De voorzitter: Mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ja, voorzitter, nog even een vraag over die herplantplicht. Als ik het goed onthouden heb, binnen twee jaar, binnen tweehonderd meter. Betekent met vijftig bomen dat er een hele wezenlijke verandering in een op zich al relatief groen gebied plaatsvindt en dat het park een hele andere uitstraling krijgt. Heeft u ook nagedacht over dat misschien die tweehonderd meter zou kunnen worden losgelaten dat er elders groen wordt toegevoegd? De heer Steegh: Ja, dat kan. Nou moet ik er wel bij zeggen dat als je aan de achterkant zal ik maar zeggen van Thureborgh kijkt, dan ligt daar een grasveld, een behoorlijk groot grasveld.

Daar zou je minstens een deel van die vijftig bomen kwijt moeten kunnen. In het park kan je daar misschien ook nog wel een aantal kwijt. Ik bedoel, kijk, en als het echt niet anders kan, dan moet je natuurlijk verder kijken. Ik bedoel, het is ook niet zo dat we een rigoureuze grens willen hanteren maar we halen dit wel uit handboeken van hoe mensen met herplantplichten om willen gaan. De voorzitter: Mijnheer Nederhof. De heer Nederhof: Dank u, voorzitter. Ja, een korte vraag, eigenlijk heeft u het idee of het gevoel sowieso dat de ontwikkelaar ervoor moet zorgen? De heer Steegh: Ja, want hij wil iets op een plek waar nu een hele mooie boom staat. De heer Nederhof: Dus aanvullend, u zegt: onze voorkeur, herplanten. De heer Steegh: Ja, de eerste voorkeur is natuurlijk toch altijd laten staan. De heer Nederhof: Ja maar … De heer Steegh: Want herplanten is altijd een riskante zaak. Ik bedoel, niet iedere herplant lukt, en zeker bij zo’n oude moerascipres als deze, hoewel die nog wel een aantal honderd jaar ouder zou kunnen worden, zeshonderd jaar, maar hij is nu iets in de

23

orde van vijfitg, zestig jaar oud. Dus herplant is een tweede optie, niet de eerste. Sorry, verplant is de tweede, ja, dank je wel, dank je wel. De heer Nederhof: Dank. De voorzitter: Verder niemand meer? Nee? Oké. Heel erg bedankt. Ja, de vraag is aan de commissie of het volgende week inhoudelijk nog besproken moet worden of dat het als hamerstuk naar de raad kan? Mijnheer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Ja, voorzitter, ik zou toch graag, en dat kan niet anders via een bespreking denk ik, antwoord willen hebben van het college over deze kwestie. Want ik denk dat dat, ja, raadzaam is om hierover duidelijkheid te krijgen. De voorzitter: Het kan eventueel in een hele korte bespreking zijn natuurlijk, dat kan. De heer Oostenrijk: Ja, dat kan een hele korte zijn. De voorzitter: Ik zie mijnheer Portier naast mij. De heer Tabak: Voorzitter? De voorzitter: Eerst mijnheer Portier. De heer Portier: Ja, voorzitter, ik wil dat inderdaad ondersteunen. Ik denk even aan de Lijnbaan toen die gebouwd werd, dat ze toch om een populier heen hebben gebouwd, na heel veel protest van Rotterdammers inderdaad dat ze er nu heel blij mee zijn. Wie weet zijn we straks heel blij als we om deze moerascipres heen hebben gebouwd, laten bouwen. Dus ik steun inderdaad een korte bespreking om ook dit op te nemen. De voorzitter: Mijnheer Tabak.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/431/documents/16488