2.2 Concept Notulen Gemeente Dordrecht Commissie Grote Projecten 20 mei 2021.pdf
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE COMMISSIE GROTE PROJECTEN DORDRECHT D.D. 20 MEI 2021 Vergaderkamer: 1 Voorzitter: mevr. Koene Raadsgriffier: dhr. Den Boer Verslag: NotuBiz Aanwezig: Mevrouw Van den Bergh (PvdA) Dhr. Kleinpaste (Gewoon Dordt) Mevr. Kruger (GroenLinks) Dhr. Van der Kruijff (CDA) Dhr. Kuhlmann (VVD) Dhr. Merx (VVD) Dhr. Nap (externe spreker) Dhr. Van Oosterhout (externe spreker) Dhr. Polat (D66) Dhr. Portier (SP) Dhr. Soy (Beter Voor Dordt) Dhr. Veldman (ChristenUnie/SGP) Dhr. Van Verk (PvdA) Dhr. Wringer (Beter voor Dordt) Portefeuillehouders: wethouder P. Sleeking, wethouder M. Stam, wethouder R. Van der Linden, wethouder M. Burggraaf 1. Opening, mededelingen en vaststellen agenda De voorzitter: Even kijken of het allemaal werkt. Er verandert bij mij aan mijn scherm helemaal niks. Ik kijk even naar de overkant. Ik zie twee knikkende mannen, dat betekent dat we in de lucht zijn en hoorbaar zijn. Dat is helemaal goed. Dames en heren, welkom bij de vergadering van de commissie Grote Projecten van donderdag 20 mei 2021. Het is een soort van, u had mij nog niet gezien van de week, slechts vier keer geloof ik. Dus een soort marathonslag deze week. Maar gezellig, we houden de moed erin. Voor het verslag ga ik eventjes kijken wie er allemaal aanwezig zijn bij deze vergadering. En daar moet hij eventjes over nadenken. Ik begin met de heer Van der Kruijff.
De heer Stam en de heer Sleeking namens het college. De heer Van Oosterhout. De heer Soy. Goed zo dat het gelukt is om binnen te komen. De heer Merx. De heer Van der Linden van het college. Mevrouw Kruger. Mijnheer Wringer. Mijnheer Veldman. Mevrouw Van den Bergh. Mijnheer Kleinpaste. Mijnheer Van Verk. Commissiegriffier, mijnheer De Boer. En ik noem hem toch even, de heer Bemer, onze techneut. De heer Kuhlmann van de VVD. Mijnheer Polat, D66. En ik ben uw voorzitter en u weet hoe ik heet. Kan de commissie instemmen met de agenda die voorligt? We schakelen wel even over naar de chat. Ahmet kan mij niet horen. Mijnheer Polat, kan u mij inmiddels wel horen? Nu wel, top.
1
De heer Polat: Jazeker voorzitter. De voorzitter: Goed zo. Ik zie geen mensen die iets aan de agenda willen veranderen. Dat is mooi, dan is hij bij deze vastgesteld. Er zijn vooraf geen mededelingen aangemeld dus die kunnen we ook gelijk overslaan. 2. Vaststellen besluitenlijst adviescommissie van 18 maart 2021 De voorzitter: Gaan we naar punt 2 en dat is het vaststellen van de besluitenlijst van de adviescommissie van 18 maart 2021. Ook hier zijn geen wijzigingsvoorstellen voor ingediend. Dus ik neem aan dat u hierbij instemt met die besluitenlijst. 3. Vragen aan het college De voorzitter: Gaan wij over naar punt 3. Er zijn geen vragen aan het college gemeld. Dus dat is dan ook gelijk afgerond. 4. Indexeren woningbouwprogramma – Raadsvoorstel De voorzitter: En dan gaan we naar punt 4 tot en met 7. Dat zijn de nieuwe behandelvoorstellen. Even kijken. Punt 4, dat is het raadsvoorstel Indexeren woningbouwprogramma. Behandeladvies hierbij is als hamerstuk naar de raad sturen. Daar zijn geen tegengeluiden op gekomen, dus dat gaan we zo doen. 5. Raadsinformatiebrief voortgang project Huis van Stad en Regio De voorzitter: Dan krijgen we punt 5, de Raadsinformatiebrief voortgang project Huis van Stad en Regio. Daar staat een behandeladvies, ter kennisname aan de raad sturen. Maar de CDA heeft in ieder geval een behandelvoorstel, behandelverzoek op dit punt.
Dus ik wil graag eerst even het CDA het woord geven. En daarna ga ik naar mijnheer Van Verk. De heer Van der Kruijff: Is goed voorzitter. Dank u wel. We hadden inderdaad het volgende gevraagd. Het gaat over de Raadsinformatiebrief over Huis van Stad en Regio. Daar heeft de griffie voor ons wat voorwerk gedaan, een aantal punten geconstateerd die vragen oproepen en wat verschillen aangeven bij het eerdere raadsvoorstel wat we als raad hebben vastgesteld. Dat is één ding. Ik heb namelijk twee punten. En het andere punt is, dat wij nog wel wat vragen hebben over hoe het verder gaat met de veranderende ruimtebehoeften vanwege het nieuwe werken. Zowel vanwege COVID-19, alsook door het invlechten van de GRD. En de raadsinformatiebrief geeft aan dat daar in de zomer een nadere uitwerking van komt. Nou, die twee dingen bij elkaar maken dat het ons verstandig lijkt om deze raadsinformatiebrief na het zomerreces met elkaar te agenderen. Waarbij we het college zouden vragen antwoord te geven en in te gaan op de punten die de griffie geadresseerd heeft. En daar aan het dossier toe te voegen de uitgewerkte, veranderende ruimtebehoeften vanwege het nieuwe werken en de invlechting van de GRD. De voorzitter: Mijnheer Van der Kruijff, eigenlijk zou het ook gewoon een idee kunnen zijn dat het college met een nieuwe raadsinformatiebrief komt na de zomer.
2
De heer Van der Kruijff: Ja, of ze het er invlechten of als bijlage erbij, daar kom ik wel uit. Maar in ieder geval willen we het in samenhang bespreken. En ik ben het met u eens, als het allemaal in één document geïntegreerd kan worden is dat wel zo fijn. De voorzitter: Oké. Ik zei daarnet mijnheer Van Verk, maar mijnheer Merx die was net eerder zie ik in de chat. Want die heeft hier ook nog wat over. De heer Merx: Ja, dank u wel voorzitter. Ik had ook een verzoek ingediend bij de heer De Boer. Dat komt grotendeels overeen met het verzoek van de heer Van der Kruijff. En ik wilde aanvullend daaraan, er komt een definitief ontwerp, alleen dat is een half jaar vertraagd geloof ik. En toch zou ik daar wel wat meer inzicht in willen hebben, mede naar aanleiding van de vragen die de heer Van der Kruijff heeft gesteld over de ruimtebehoefte. Enerzijds gaan we wat kwijtraken door veranderende omstandigheden met betrekking tot kantoorwerk of niet, maar anderzijds de invlechting van de GRD. En ik ben erg benieuwd wat dat betekent. En ook vooral of dat gevolgen heeft voor de kosten die we moeten gaan maken. En ik wilde het graag na de zomer inderdaad, of na het reces, toch wel bespreken. En als het even kan, met een presentatie van waar staan we eigenlijk.
De voorzitter: Dan ook aan u de vraag, van eigenlijk zou u dus gewoon, nou u vraagt dan om een presentatie, maar eigenlijk zou dat dus gewoon, zouden we deze voor kennisname naar de raad kunnen sturen. En dan dat het college ervoor zorgt dat er direct na de zomer een recente Stand van zaken wordt gegeven, inclusief presentatie. De heer Merx: Ja en hetzelfde wat de heer Van der Kruijff zei. Wat ons betreft dan ook meteen bespreken. Laten we het dan niet, om nog een paar maanden overheen gaan. De voorzitter: Nee, dat snap ik, maar wij gaan over onze eigen agenda mijnheer Merx. De heer Merx: Ja maar vandaar dat ik dit voorstel. En volgens mij deed de heer Van der Kruijff dat ook. De voorzitter: Ja, nou. En ik zie dat de heer Polat het eens is. We gaan dus eerst even naar mijnheer Van Verk luisteren wat die toe te voegen heeft. De heer Van Verk: Ja dank u wel voorzitter. In navolging van de heer Van der Kruijff en de heer Merx zou ik ook willen vragen of het college nader wil ingaan op de gevolgen die de vertraging heeft. En of er nog meer vertragingen in de pijplijn zitten, waarvan men nu al kennis heeft. Maar vooral de gevolgen. En twee, rondom de bevoegdheden van de raad zou ik duidelijkheid willen hebben waarom zij van mening zijn dat het college de bevoegdheid heeft om allerlei zaken vast te stellen, daar waar wij in het verleden volgens mij glasheldere afspraken hadden.
Namelijk, een voorlopig ontwerp en een definitief ontwerp van dit soort grote projecten wordt door de raad vastgesteld en is voorzien van een begroting. U heeft al een paar keer de vraag gesteld, moet dan deze brief nu door en kunnen we hem dan verder ter kennisgeving aannemen? Nee, ik denk dat de brief terug moet en het college een nieuwe brief dient te schrijven, waarin zij ingaan op alle gestelde vragen. En die dan inderdaad, zoals de heer Merx ook zegt, direct agenderen. Niet eerst nog weer in de behandelvoorstellen en dan ergens in december pas gaan bespreken, maar in september agenderen.
3
De voorzitter: Ja, oké. Komt in feite op hetzelfde neer. Er moet dus gewoon een nieuwe raadsinformatiebrief komen. Goed. Mijnheer Veldman. De heer Veldman: Ja voorzitter, dank. Met het risico dat u bij mijn opmerking hetzelfde constateert. Alleen, omdat ik nu niet in het stuk kan checken of dat zo is zeg ik het toch maar. In het stuk wordt gesproken over een wensen en bedenkingenprocedure. En wij zouden het toch beter vinden als er een raadsvoorstel volgt. En ik denk dat dat ook is wat de heer Van Verk zojuist beoogde in ieder geval. Verder eens met het voorgaande. De voorzitter: Oké. Ondanks dat dat niet gebruikelijk is ga ik dat toch even checken bij het college. Wie biedt van het college om hier een toezegging op te doen? De heer Burggraaf: Ja voorzitter, ik heb niet het hele, vanaf het allereerste begin volgens mij gehoord, maar. De voorzitter: Ik hoor Burggraaf, ik zie Sleeking. Oké, nu is Sleeking ook weg. Ga door. De heer Burggraaf: Ben ik nou degene die wat gaat zeggen, of is het de heer Sleeking. De voorzitter: Ja mijnheer Burggraaf gaat uw gang. Terwijl u in het park loopt gezellig, is goed. De heer Burggraaf: Nee ik zit in de tuin op het moment even. De voorzitter: O oké, ja. De heer Burggraaf: Maar, nee, nee dat is prima. Ik hoor, volgens mij kan ik sowieso toezeggen dat we voor de volgende commissie Grote Projecten nog even met wat meer informatie komen.
Misschien is het dan handig om het meer getrapt te doen, dat we bij de volgende commissie Grote Projecten nog even een presentatie geven. En ik hoorde iets van kort na de zomer met een raadsinformatiebrief. De voorzitter: Ik weet niet wat u allemaal aan het doen ben op dit moment in de tuin, maar het klinkt alsof u met één of andere luchtgrasmaaier in de rondte aan het rennen bent. Dus wellicht kan u eventjes in het schuurtje. De heer Burggraaf: Volgens mij staat die op de speaker, ik denk dat dat het probleem was. Excuus. De voorzitter: Even in het schuurtje gaan staan. De heer Burggraaf: Verstaat u mij nu beter? De voorzitter: Ik versta u nu beter. Jawel. De heer Burggraaf: Ja excuus, ik had hem op luidspreker staan. De voorzitter: Graag even herhalen wat u zei zojuist.
4
De heer Burggraaf: Nee, ik zei, mijn voorstel zou zijn dat wij voor de volgende commissie Grote Projecten een presentatie geven van de voortgang. En ik hoorde inderdaad een aantal vragen met betrekking tot wensen en bedenken, dan wel een raadsvoorstel. Nou, dat zal ik dan meenemen voor na de zomer. De voorzitter: Oké, maar de volgende commissie Grote Projecten stond volgens mij nog voor de zomer. De heer Burggraaf: Ja, in juni meen ik. Ja volgens mij. De voorzitter: Op 30 juni gepland. Prima. Dan gooi ik dat weer even terug in de groep. Het waren alleen maar heren die iets gevraagd hebben. Heren, kan u leven met deze oplossing? Dus dan houdt het in feite in dat de raadsinformatiebrief op verzoek van mijnheer Van Verk teruggaat. En dan gaat mijnheer Burggraaf daar een mooie tekst op dichten, een presentatie over maken, een begroting aan toevoegen. Ik weet het allemaal niet. Mijnheer Van Verk. De heer Van Verk: Toch heb ik hem dat allemaal niet horen zeggen. En dat, ik heb hem horen zeggen van ja ik kan zorgen dat er een presentatie komt. En verder heb ik hem geen toezegging horen doen. Dus als hij zou toezeggen dat alle vragen die gesteld zijn via de griffie, dan wel via de raad, dat die in een nieuwe raadsinformatiebrief worden beantwoord, letterlijk die tekst, dan ben ik tevreden. En anders blijf ik daar twijfel over hebben.
De heer Burggraaf: Nee voorzitter, sorry dat ik wat onduidelijk was, maar dat zeg ik bij deze toe. De heer Van Verk: Mooi, dank u wel. De voorzitter: En dan kan ik daaraan toevoegen dat mevrouw Kruger het heel mooi vindt zoals de heren het allemaal hebben voorgesteld. Goed. Dan gaan we dat zo doen. Als u eventueel daar nog nadrukkelijk andere dingen bij heeft, geeft dat zo spoedig mogelijk door aan de heer De Boer. En die zorgt er dan voor dat dat dan ook meegenomen wordt in het verhaal wat mijnheer Burggraaf gaat dichten. 6. Raadsinformatiebrief Stand van zaken Campusontwikkeling Leerpark
De voorzitter: Even kijken. Er zijn nog twee punten, daar is verder geen opmerking over geweest. Onder punt 6, Stand van zaken Campusontwikkeling Leerpark. Ter kennisname naar de raad. 7. Brief van Raad van State inzake beroepsprocedure bestemmingsplan Gezondheidspark West Middenzone De voorzitter: En 7, de Brief van Raad van State inzake de beroepsprocedure bestemmingsplan Gezondheidspark West Middenzone. Ook voor kennisgeving aannemen. De ingediende beroepsschriften zijn nu in behandeling bij de Raad van State.
5
De heer Van Verk: Voorzitter, even een vraag ter informatie. Het is een heel pakket. Er staat nu voor kennisgeving aannemen. Wie gaat dat voor kennisgeving aannemen? De raad neem ik aan en dan moet het naar de raad. Maar dat staat er dus niet bij. De voorzitter: Volgens mij wordt een brief altijd in de commissie ter kennisname genomen zeg maar. De heer Van Verk: Oké, nou dan nemen we er verder kennis van. De voorzitter: Goed. Mijnheer Veldman nog iets? De heer Veldman: Ja voorzitter, ook op dat punt 7. Wij vinden het heel fijn om dit ter informatie te hebben gehad. Maar wij dachten dat dat eigenlijk helemaal niet gebruikelijk is. En zouden dus eigenlijk het college willen vragen om als er nog eens zoiets komt in andere RO-zaken zal ik maar zeggen, om dat dan ook te doen. De voorzitter: Oké. De heer Veldman: Dus te doen bedoel ik ons daarover even via zo’n stukje te informeren. De voorzitter: Dat snappen we. Er zit minimaal vier man college met een oortje, dus die gaan dat, die hebben dat allemaal gehoord. Goed. 8. Raadsvoorstel Groeiagenda 2030 – uitvoeringsprogramma 2021 – lokale vaststelling opgavebladen 9. Raadsinformatiebrief Jaarverantwoording 2020 – Groeiagenda 2030 De voorzitter: Gaan wij verder naar de punten 8 en 9 die gezamenlijk worden besproken. Dat is het raadsvoorstel Groeiagenda 2030, uitvoeringsprogramma 2021, lokale vaststelling opgavebladen.
En 9, de raadsinformatiebrief Jaarverantwoording 2020, Groeiagenda 2030. De portefeuillehouder hiervan is de heer Burggraaf. En de commissie Bestuur en Middelen heeft eerder aangegeven dit voorstel te willen bespreken, maar die heeft het aan de commissie Grote Projecten overgelaten. De politieke vragen die voor de bespreking zijn meegegeven zijn: Moet het beleid worden bijgesteld nu de uitdagingen op het gebied van klimaatgezondheid en economie scherper zichtbaar worden? Die was van GroenLinks. En wat zijn de gevolgen van corona? Van de SP. Hoe kijkt Dordt aan tegen de ontwikkelingen op het gebied van woningbouwambitie van onze regio? En hoe verhoudt zich dat met het standpunt van de provincie over woningbouw? CDA. Ook de Drechtsteden samenwerking en de financiële gevolgen kunnen meegenomen worden in de bespreking. Ik geef eerst het woord aan de fracties die een politieke vraag hebben aangedragen. En de eerste vraag die ik opnoemde was van GroenLinks, dus GroenLinks krijgt hierbij het woord. Gaat uw gang. Mevrouw Kruger: Nou voorzitter, dank u wel. Ja we hebben het over het uitvoeringsprogramma en wij constateren dat het eigenlijk nauwelijks een uitvoeringsprogramma is. Er worden wel veel doelen geconcretiseerd, maar er wordt weinig gezegd over bijvoorbeeld waar worden hoeveel, en welke type woningen worden
6
er gebouwd. Er wordt wel een kaart getoond van waar de locaties zijn, maar niet hoe gaan we dan welke woningen ergens bouwen. Bijvoorbeeld ook, welke soort banen willen we realiseren? En als we dan naar de opgavebladen kijken bij bijvoorbeeld economie en werken, kunnen wij helaas geen woord over circulariteit vinden. Wel over corona. En natuurlijk moeten we de gevolgen van corona opvangen, maar als we niet nadrukkelijker inzetten op de Next Economy. En ik heb dat voor u opgezocht, de Next Economy, want dat is natuurlijk een moeilijk woord. Naar een economie waarin we zo min mogelijk inzetten op verspilling enzovoort. Dan is één ding zeker, namelijk dat we in de nabije toekomst te maken krijgen met veel grotere problemen dan corona. Dus als het aan ons ligt, veel duidelijker aangeven dat de innovatie, oftewel de vernieuwing, gericht moet zijn op een zo circulair mogelijk en schoon mogelijke economie. Als we kijken naar bereikbaarheid en mobiliteit, dan wordt de noodzaak van minder automobiliteit goed aangegeven. En daar zijn we natuurlijk hartstikke blij mee. Maar er staat ook, het verbeteren van doorstroming op het hoofdwegennet als ambitie. Waar wordt dan in concreto aan gedacht? Kennelijk niet en dat hebben we daarnet is dat ook al aan de orde gekomen, niet alleen meer aan thuiswerken, meer OV en een betere spreiding van werken vervoerstijden.
Maar wordt er ook gedacht aan verbetering van de infrastructuur? Om welke verbeteringen gaat het hier eigenlijk? De voorzitter: Mevrouw Kruger. Mijnheer Merx. Mevrouw Kruger: Ja, ik zag al wat verschijnen. De voorzitter: Ja, we waren er al bang voor. Mevrouw Kruger: Dat heb je hè, als je het over het wegennet gaat hebben. De heer Merx: Ja ik zit hier nou toch, dus ik kan beter mijn tijd maar goed besteden hè. Mevrouw Kruger: Ja, en als je het over het wegennet hebt, klop, daar komt de VVD. De heer Merx: Voorzitter, ja misschien dat mevrouw Kruger iets meer tekst wil geven bij hoe dan die Next Economy eruitziet, want anders blijft dat ook maar een beetje een vage term en een verdoemenis wat boven ons dak hangt. En dat het nog erger is dan corona. Maar veel verder dan dat kom ik niet bij uw tekst. Dus ik weet niet wat u daar nou verder mee bedoelt? Hoe ziet dat eruit? Mevrouw Kruger: Nou, zal ik dat eens eventjes. Ja de Next Economy. Ik kan dat ook zo slecht uitspreken. Het gaat erom dat we echt kijken naar hoe kunnen we de economie zo duurzaam mogelijk gaan inrichten. Waarbij we bronnen gebruiken die niet, god ik ga echt als een. Bronnen gebruiken die niet de aarde uitputten. Dus dat we de fossiele brandstoffen, dat we stoppen met fossiele brandstoffen gebruiken, meer in gaan zetten op allerlei andere brandstoffen. Ja lach me maar uit. Lach me maar uit.
De heer Merx: Ja maar hoe dan? Mevrouw Kruger: Hoe dan? De heer Merx: Hoe dan en wat dan?
7
Mevrouw Kruger: Nou, net wat ik zeg. Door te stoppen met fossiele brandstoffen te gebruiken. En daar wordt nu wel op ingezet, maar wij denken dat dat nog veel te langzaam gaat gebeuren. Ja ik weet niet wat u daar nog meer over wilt horen. Ik bedoel. De heer Merx: Nou, dit is wat u erover te vertellen heeft, dus hier moet ik het mee doen. Dank u wel. Mevrouw Kruger: Ja. Nou dat is goed. Ik zal een volgende keer een uitgebreide lezing daarover geven. Waar was ik? Over de energietransitie. Dan zeggen we dat wij koploper zijn in Nederland en ja, wij vragen ons af, wat doen we dan meer dan anderen? We hebben in ieder geval roepen we heel hard dat we niet meer windturbines op ons eiland moeten. En ja, wat doen we dan meer als de rest van Nederland? Als we kijken naar het Monitorenverslag Overleg Groeiagenda van 4 februari, dan worden we echt wel een beetje ongerust. Zeker als we kijken naar de woningbouw. Want dan lezen we dat het terugbouwen van sociale huurwoningen, dat corporaties te weinig geld hebben voor de verduurzaming. Dat de uitvoeringslasten en de benodigde invoeringskracht voor de gemeente met betrekking tot de energietransitie, ik ben echt, ik kan niet meer praten, substantieel zijn. Dus kennelijk hoger dan eerder dan verwacht.
Is daar voldoende geld, menskracht voor te mobiliseren? En dan lezen we naast het, bij het specifieke woningbouwprogramma nog een andere aantal zaken die we al vaker ter discussie hebben gesteld. Bijvoorbeeld het aantal te bouwen woningen. Hoe kan het dat het nog niet gelukt is de provincie te overtuigen van onze ambitie van 25.000 woningen? De provincie ziet de maximale behoefte tot 2030 van een kleine 10.000 woningen voor de gehele Drechtsteden. Met alle plannen in de regio. Dus wij vragen ons af van waarom zijn wij zo, ja ik zou bijna zeggen arrogant om te bedenken dat we gewoon veel meer woningen nodig hebben? En ja waarom staat de provincie die groei dan eigenlijk niet toe? Het bouwtempo ligt nog steeds te laag om de ambities te halen, waarmee we sociaaleconomisch in balans komen. Lokaal ligt het tempo hoog. En hoe gaan we dit realiseren? De voorzitter: Mevrouw Kruger, mijnheer Polat. De heer Polat: Ja dank voorzitter. Ik heb een klein vraagje aan mevrouw Kruger. Want mevrouw Kruger zegt het is de arrogantie van ons dat wij gewoon de provincie niet kunnen overtuigen.
Maar is dat gewoonweg niet incompetentie van ons dat wij de provincie niet kunnen overtuigen dat wij die woningen nodig hebben? Mevrouw Kruger: Voorzitter ik, volgens mij heb ik niet gezegd dat we de arrogantie hebben dat we de provincie niet kunnen overtuigen, maar dat wij de arrogantie hebben dat we het beter weten dan de provincie. De heer Polat: Nou wij hebben gewoon 25.000 woningen nodig in de regio. Bent u het daar niet mee eens? Mevrouw Kruger: Wij hebben, als GroenLinks hebben wij altijd gezegd dat wij niet overtuigd zijn dat we zoveel woningen nodig hebben. We hebben altijd gezegd, er moet gebouwd worden naar behoefte. Misschien hebben we wel 30.000 woningen nodig mijnheer Polat en dan wordt het probleem nog groter. Maar wij zijn ervan overtuigd dat
8
het aantal woningen wat we nodig hebben eigenlijk niet zo direct van belang is, maar wel dat er gebouwd wordt naar behoefte. De heer Polat: Ja die behoefte is. De voorzitter: Via de voorzitter. Via de voorzitter alstublieft, alle twee. De heer Polat: Dank voorzitter. Mag ik nog een aanvullende vraag stellen? Dus als ik het goed begrijp dan zegt u van, ja die 25.000 woningen hebben we niet nodig. Laten we gewoon maar gaan van de 10.000 van wat de provincie voorstelt en dan kunnen we zien of kijken of er extra behoefte is. Begrijp ik dat goed? Mevrouw Kruger: Nee, het is wat wij zeggen, dat het kennelijk nog niet goed in kaart is hoeveel woningen er nu precies nodig zijn. Het aantal woningen wordt berekend naar het aantal cijfers wat we nodig hebben om zogezegd een gezonde stad te worden om te kunnen groeien, groeien, groeien, groeien. Maar wij zeggen gewoon, kijk nou eens gewoon naar wat er echt nodig is. En wij zijn niet overtuigd. Wij hebben nog nergens dat precies allemaal kunnen vinden. En kennelijk de provincie ook niet. De heer Polat: Als laatste voorzitter, als het mag. Dus u bent niet overtuigd wat de groeiambitie van Dordrecht. De voorzitter: Ik ben daar niet van overtuigd nee, u bedoelt natuurlijk mevrouw Kruger is daar niet van overtuigd. De heer Polat: Ja natuurlijk. Natuurlijk mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Ik dacht al dat u mij ging steunen mevrouw de voorzitter.
Nee mijnheer Polat, wij hebben nooit gezegd dat we niet meegaan met een groeiambitie. Integendeel. Alleen het aantal, je moet natuurlijk een richtlijn hebben, dus dat is prima. Er is ook altijd gezegd het is niet in beton gegoten. En we denken dat er nu toch een groter probleem is als de provincie het er niet mee eens is. We kennen ook de provincie, dat ze de grootte van de steden bepalen door gewoon steden samen te voegen. Dan heb je ook het aantal woningen en inwoners die je volgens onze berekeningen, of niet onze maar volgens de gemeente berekeningen, nodig hebt. De heer Polat: Aan de andere kant. Voorzitter, mag ik. De voorzitter: Nou, als laatste echt want we willen door. De heer Polat: Precies. Wij gaan erover of wij willen gaan groeien of niet. Wij willen gewoonweg groeien naar 130.000 man, omdat wij op die manier de stad weer aantrekkelijk maken voor de RES. En daar gaat natuurlijk, moet de provincie in mee kunnen gaan. Daar moet gewoonweg een bepaald mechanisme zijn om de provincie te overtuigen dat dat gewoonweg nodig is. En dat wil ik van u weten van of dat u het daarmee eens bent of niet. De voorzitter: Ik denk dat ik daar al heel duidelijk in ben geweest. Mevrouw Kruger ook nog niet mijnheer Polat.
9
De heer Polat: Nou u bent dus niet overtuigd. Dank u. De voorzitter: Ja ik ga wel strenger zijn hoor met dat u enzo, want we gaan gewoon allemaal netjes via de voorzitter praten. Dat gaat mijnheer Van Verk nu ook doen, let op. De heer Van Verk: Natuurlijk voorzitter, met genoegen gaat ik via u het woord voeren. Richting mevrouw Kruger. Maar ik heb eigenlijk één vraag. Mevrouw Kruger, voor wat betreft de woningbouw, ze zegt ik ben er niet van overtuigd dat het er 25.000 moeten zijn. De 10.000 die genoemd worden door de provincie zijn volgens mij de vervangingsnieuwbouw. Dus de woningen die nodig zijn als gevolg van kinderen die ergens willen wonen en mensen die uit elkaar gaan. De verdunning dus van de maatschappij. Dus de behoefte van de bevolking van het eiland van Dordt, c.q. van de Drechtsteden. Als u dat nou als uitgangspunt neemt, dan is er toch geen sprake van groei, want dan blijft het aantal inwoners grosso modo gelijk. En als we willen groeien zullen we een plus erop moeten doen. Even nog geen discussie over de hoeveelheid, maar bent u het met mij, met die denkrichting eens? Mevrouw Kruger: Nou voorzitter, ik vind het een, voorzitter goed hè? Ik ga het ook al leren. Voorzitter, ik vind het een mooie denkrichting die de heer Van Verk zo aangeeft.
Maar ik kan nergens zien dat de provincie dat alleen als dus de verdunning van gezinnen of dat er meer woningen nodig zijn om, zoals mensen alleen willen wonen of wat dan ook, maar dat is iets wat wij ook altijd gezegd hebben. Bouw naar behoefte. Dus als er inderdaad meer kleinere woningen nodig zijn omdat mensen alleen gaan wonen of alleen komen te staan of jongeren, prima. En als dat er dan meer moeten worden dan het getal, dan is dat zo. Er moet ook ruimte overigens voor zijn, maar wij hangen niet zo aan dat getal. De heer Van Verk: Nee, maar dat is mij bekend van GroenLinks en daar verschillen wij denk ik per definitie, voorzitter, over van mening. Maar daar kom ik straks in mijn woordvoering op terug. De voorzitter: Prima. Dank u wel. Gaan we even over naar de heer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ja voorzitter, via u toch nog één poging om ook aan mevrouw Kruger wat meer concreetheid te ontlokken. Want ze verwijt aan de ene kant dat dit uitvoeringsprogramma blijft hangen in ambities en algemeenheden, maar haar termen, Next Economy of de woningbouwopgave, ook niet geconcretiseerd, ook nog erg in algemeenheden. En ik heb wel behoefte om te weten waar GroenLinks dan zelf concreet aan denkt als zij een uitvoeringsprogramma voor ogen hebben. Mevrouw Kruger: Ja voorzitter, wij gaan graag in op de uitwerking die het, de gemeente maakt.
En wij hebben al aangegeven, we willen een uitwerking die volgens ons ook realistisch is. En ja, ik heb nu geen direct uitvoeringsprogramma voor me van, en als we het dan hebben over het aantal woningen. We hebben al vaker, ik vind het gewoon echt jammer dat we daar aantallen voor moeten gaan noemen omdat dat, de cijfers dan gaan kloppen of wat dan ook. Ik weet niet wat u nu van mij wil. Ik bedoel, ik geef aan dat in dit uitvoeringsprogramma zoals het een uitvoeringsprogramma genoemd wordt, dat wij vinden dat het weinig concrete punten worden genoemd waar wij, ja iets van kunnen vinden.
10
De heer Kleinpaste: Ja voorzitter, ja ik wil mevrouw Kruger dan toch voorhouden dat, natuurlijk worden er aantallen genoemd. Ik ben het ten dele met u eens dat het uitvoeringsprogramma nog wat in de ambities en in de algemeenheden hangt. Maar ik ben het met mijnheer Van Verk dan wel eens dat het wel goed is om die aantallen te noemen. En ik heb steeds het gevoel dat GroenLinks dat in twijfel trekt, zonder met een concreet alternatief te komen. Mevrouw Kruger: Nou, daar heeft, voorzitter, daar heeft de heer Kleinpaste, dank u wel. Ja ik kan steeds beter lezen wat u zegt hoor. Daar heeft de heer Kleinpaste gelijk in. Wij hebben geen doorrekeningen gedaan naar wat er allemaal precies nodig is. Ik denk ook niet dat dat aan ons is om dat nu zo door te rekenen. Maar bij het collegeakkoord is een, zijn aantallen genoemd waarvan wij zeggen, ja die zijn ook gebaseerd op maar één ding. En dat is de groei van de gemeente, omdat het college er hevig van overtuigd is, en niet alleen het college, ook verschillende partijen, dat als we maar groter worden dat we een betere stad worden, een gezondere stad, een aantrekkelijkere stad. Terwijl wij zeggen, het is belangrijk om gewoon in ieder geval voor je inwoners die er al zijn, en daar mogen er ook best bij komen, daar dan de goede faciliteiten voor te hebben. De voorzitter: Mijnheer Merx. De heer Merx: Ja, sorry voorzitter. Ja, ja.
Maar ik kan het ook niet laten want het is. Mevrouw Kruger: Ja, ik vraag er om. Mijnheer Merx, ik vraag erom dat dit soort vragen gesteld worden. Mag hoor, mag. Ik probeer me best te doen om ze te beantwoorden. De voorzitter: Mijnheer Merx, gaat dat ook helemaal keurig via de voorzitter doen. Let op. De heer Merx: Jazeker, dus ik. Voorzitter, ja ik, nou ben ik helemaal van mijn á propos. De voorzitter: Ik hoor mevrouw Kruger zeggen, zoiets zegt u dan. De heer Merx: Ja, nee, ik ben er alweer. Voorzitter, we bouwen niet om grote, beter, nog en weet ik wat allemaal wat mevrouw Kruger er via u van maakt. We bouwen omdat we, en ik herhaal nog maar een keer wat we afgelopen vier jaar al tig keer herhaald hebben, omdat we moeten zorgen dat onze voorzieningen die we nu hebben straks ook betaalt kunnen worden. Daarom moeten we gaan bouwen, daarom moeten we zorgen dat er meer mensen naar Dordrecht komen, maar ook vooral blijven. En ik had het al eerst gevraagd, en u verweet het college van vaagheid. Nou, dus vroeg ik u daarom naar de Next Economy. U kwam er ook niet helemaal lekker uit, maar het is ook al de vierde avond. Maar nou is het college concreet en die zegt 25.000 woningen. Concreter kunt u het niet hebben. Mevrouw Kruger: Nee dat klopt. De heer Merx: Het zijn er geen 24.000, het zijn er geen 26.000. Het zijn er 25.000.
En u zegt dat is niet goed, want er moet naar behoefte worden gebouwd. Mevrouw Kruger: Nou voorzitter, dat.
11
De heer Merx: Maar wat is dat dan? Waar komt dat dan op uit? Want heeft u daarover nagedacht, voorzitter? En dan weet u ongeveer waar dat dan op zou moeten uitkomen. Ja. Mevrouw Kruger: Ja voorzitter, gaat u verder, gaat u verder. De heer Merx: Komt u dan uit met uw berekening op 30.000 of op 15? Mevrouw Kruger: Nee voorzitter, ik begrijp de vraag van de heer Merx. Het gaat er ook niet om dat wij zeggen van, inderdaad komt het college met een heel concreet aantal. Maar nog steeds niet over wat voor soort woningen dan. Ik weet dat de VVD heel erg graag, nou toch wel prijzige woningen vooropstaat. En dat zijn meer partijen die dat vinden, omdat men denkt dat dan de draagkracht van de stad beter wordt. Bijvoorbeeld ook om de voorzieningen die er zijn, die moeten dan ook in stand kunnen worden gehouden. En de programma’s die daar komen, daar moet men naartoe kunnen gaan. En daar hebben we mensen met draagkracht voor nodig. Dat hoor ik altijd zeggen. Terwijl, ja ik denk niet dat dat de oplossing is daarvoor. De heer Merx: Nou, een kleine correctie voorzitter. We hebben wekenlang, maandenlang gesproken over percentages, woningen, het lagere, middensegment en hoge segment. Dus ik verwijs u even terug naar allerlei verslagen van de afgelopen paar jaar, waarin de percentages keurig zijn terug te vinden als u een vraag heeft wat voor nieuwe type woningen gaan we dan bouwen.
Mevrouw Kruger: Want wat voor type woningen? Op die vraag wilt u antwoord? De heer Merx: Nee, ik geef u antwoord. En u zegt, ik weet niet wat voor woningen gebouwd gaan worden. Ik zeg, voorzitter, ik zeg, ik adviseer mevrouw Kruger via u om er een aantal verslagen op na te slaan. Daar staat precies in welke percentages voor welk woningsegmenten er gebouwd zullen gaan worden. Mevrouw Kruger: Ja voorzitter, dat is mij bekend. Net zo goed als de heer Merx mij gewezen heeft op een bepaalde pagina waar de Next Economy helemaal uitgelegd wordt. Het gaat erom dat, we hebben het dan over de soorten in ook weer lage, midden en hoge klassen, prijsklassen van woningen. Maar het gaat er ons ook om waar het gaat over de grootte van woningen, de levensloopwoningen, enzovoort. Daar gaat het ons over. En dat kunnen we heel moeilijk teruglezen in het uitvoeringsprogramma. En we zien ook dat zelfs bij de. De voorzitter: Uw geluid valt uit mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Excuus. De voorzitter: Misschien betekent dat dat u te lang aan het woord bent. Mevrouw Kruger: Ja maar dat is niet, ik word steeds geïnterrumpeerd. Ik bedoel, ik had niet zo’n hele lange woordvoering hoor. Nee, wat ik wil zeggen is dat, de heer Merx vindt dat de tijd ook voorbij is, moet hij geen vragen stellen. Waar het over gaat is dat ook in de evaluatie die op 4 februari 2021 gemaakt is door de wethouder die daarover gaat,
12
over de woningbouw, ook dit soort opmerkingen zijn gemaakt. En zich ook deze zorgen uitte. Nou, die delen wij. En dat probeer ik alleen duidelijk te maken. De voorzitter: Mevrouw Kruger, had u verder nog iets? Mevrouw Kruger: Ja. De voorzitter: Wilt u daar dan mee verdergaan alstublieft. Mevrouw Kruger: Ik wil daar zeker mee verdergaan. Het gaat er ook over dat, als we het dan toch nog over dat bouwen hebben, dat bouwtempo te laag zou liggen. En dat het omhoog zou moeten. Nou, wij vragen ons af, wat kan er dan gezegd worden over hoe dat dan te realiseren? Want er moeten ook nog steeds knelpunten worden weggenomen. Onder andere niet alleen in de evenementen, maar ook bij de vergunningverlening voor het bouwen van woningen is er kennelijk een enorme trage, zijn er trage processen. En er is een beperkte ambtelijke capaciteit. En dan de, we maken ons niet alleen zorgen over die beperkte capaciteit. Ook over de beschikbare capaciteit over het bouwen van woningen en dergelijke. Zijn daar voldoende mensen voor? Nou, dan keuzes op beschikbare ruimtes moeten nog gemaakt gaan worden. Dus waar, die worden wel steeds zichtbaarder, maar op welke manier worden ze dan steeds zichtbaarder? En tenslotte is de druk op de sociale huur voorraad nog zeer groot, mede doordat nog niet alle gesloopte woningen zijn teruggebouwd. En dan een laatste vraag, voorzitter, de Spoorzone.
Er wordt heel duidelijk beschreven en heel mooi beschreven dat dat een samenwerking is tussen Zwijndrecht en Dordrecht. En daar kunnen we op dit moment ook nog niet zo heel veel over terugvinden. Dus graag zou ik ook horen wat daar de stand van zaken is. Dank u wel. De voorzitter: Oké dank u wel mevrouw Kruger. Eens even kijken. Dan schakel ik over naar de SP, want dat was de partij met de volgende politieke vraag. Wat de gevolgen zijn van corona. En ik heb in de chat het één en ander gezien en ik heb het ook al gehoord. Laten we ook voorkomen om dingen te gaan noemen die we in andere commissies bij andere onderwerpen al ruimschoots aan bod hebben gehad. Bod, ja aan bod ja. En dat kan mijnheer Portier. Let op. De heer Portier: Ja voorzitter, ik ga niet heel veel tijd nodig hebben. Want, ja wat vooral heel goed blijkt te groeien is de hoeveelheid en de stapels documenten die we door moeten nemen. Ik zie nu enorm veel herhaling van wat we al eerder gezien hebben. Het uitvoeringsprogramma bevat 24 pagina’s over de doelstellingen die we al eerder hebben vastgesteld. En dan komen er nog wat begrotingscijfers of wat bedragen voor dit jaar bij. Dus om echt concreet te maken wat er nu op dit moment gebeurt.
Ja ik vraag me alleen af, we hebben al eerder twijfels gezet bij kun je, heb je inderdaad zoveel woningen in de hele regio nodig? Is groei de oplossing voor alles? En ook nu met de corona, nu veel mensen sociaaleconomisch getroffen zijn, de economische groei toch wat achterblijft, moet je nog wel vast blijven houden aan het idee dat als we maar veel huizen voor de rijken bouwen dat het allemaal goed zal komen. En voorzitter, daar ga ik het gewoon bij laten. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Portier. De volgende die een politieke vraag had gesteld was het CDA. Mijnheer Van der Kruijff.
13
De heer Van der Kruijff: Ja dank u wel voorzitter. Ja deze discussie neemt opeens een hele andere wending dan waar we het volgens mij eigenlijk over zouden hebben. Namelijk hoe hoog de ambitie eigenlijk zou moeten zijn. Laat ik het zo zeggen, ik hou het daar maar even heel kort over, maar ik wil er wel een paar woorden aan wijden. Volgens mij heb je de autonome groei en daar komt de behoefte uit voort. En die is voor onze regio 10.000 woningen. Wat die van Dordt is weet ik niet precies, maar misschien weet de wethouder dat straks wel te vertellen. En toch hebben we een ambitie vastgesteld op 25.000. En dat geldt voor Dordt natuurlijk ook. En dat is niet alleen om in de autonome groei te voorzien, maar vooral om de koopkracht in de stad en de financiële basis om de stad te versterken, zodat al die mooie culturele voorzieningen, sportvoorzieningen, hoger onderwijs wat we naar de stad halen, studenten die we naar de stad willen halen, ook allemaal te kunnen accommoderen en betalen. Dus volgens mij groeien we niet alleen voor autonome groei, maar groeien we ook om een aantal dingen die we heel graag willen mogelijk te laten blijven. En dan begrijp ik wel dat de provincie dat anders kan zien, want ik lees inderdaad in de regionale rapportages, in één van de documenten, dat mevrouw Baggerman, dat is dan de regionaal coördinator voor wonen, zegt van ja ik zie wat vertraging.
Dat komt deels door PFAS-problematiek. Dat komt ook door stikstofproblematiek. We hebben het daar hier in Dordrecht ook weleens over gehad, maar lokaal hoor ik dat eigenlijk niet zo terug. Dus ik ben toch wel benieuwd naar een reactie vanuit het college. Hebben wij nou hier in Dordt ook echt last van vertraging door PFAS-problematiek? En hebben we last van vertraging door stikstofproblematiek? Of speelt dat hier minder? En dat verhaal van dat de vergunningverlening te traag gaat staat er heel expliciet. En ik kan me herinneren dat wethouder Sleeking juist altijd heel expliciet dan antwoord, nee het ligt niet aan de vergunningen, het ligt eraan hoe snel er ontwikkeld wordt. Nou, mevrouw Baggerman ziet dat in de regio blijkbaar anders, dus ook graag daar een reflectie vanuit het college op, waarom mevrouw Baggerman dat dan zegt. En de allerlaatste gaat inderdaad dan over de woningbouwambitie van 25.000 woningen in de regio die niet door de provincie gesteund wordt. En daar komt de vraag achter vandaan? Kan dat betekenen dat de provincie ons kan stoppen? We hebben het van de week een technische sessie gehad over een aantal ambitieuze investeringsprogramma’s, waaronder de Spoorzone en anderen, waarin aangegeven is hoe belangrijk het is dat we cofinanciering van andere overheden en andere partners krijgen.
Als de provincie dit nu niet steunt, is dan, loopt dan de cofinanciering ook risico, waar we daar toch vanuit gaan en op hopen? Dat is ook een vraag die we in deze hebben. Ik wil er nu eigenlijk niet al te ver ingaan op woningbouwlocaties en over banen en over circulariteit. We bespreken dat gelukkig regelmatig wel in de andere commissies en bij andere agendapunten. Van de week nog uitgebreid over innovatie en duurzame innovatie. Dus dat wilde ik op dit punt maar laten. Maar ik maak me niet ongerust dat we dat als Dordt niet belangrijk vinden, want volgens mij agenderen we dat vaak en hebben we daar ook een vruchtbare dialoog over vaak met elkaar. Dus laat ik voor nu dat maar even rusten. De voorzitter: Mevrouw Kruger. Mevrouw Kruger: Ja voorzitter, ja ik wil toch even, ik snap de heer De Kruijff zeker hoor als hij zegt we hebben dat in gremia praten we zeker over duurzaamheid en over andere vormen van economie. Maar, circulariteit, ook in de andere gremia komt het heel weinig, ja ik moet het toch zeggen, concreet naar voren van hoe gaan we daar dan mee om. En
14
dat vinden wij echt, ja vinden we gewoon als GroenLinks een gemis. Want je kan het altijd wel noemen, maar uitvoeren op die manier dat is nog een tweede. En dat is iets waar we toch met nadruk meer aandacht aan willen besteden. De heer Van der Kruijff: Nee, het is heel terecht dat u er ook aandacht voor vraagt en dat doet u consequent mag ik wel zeggen. Ik weet bij de begroting. Mevrouw Kruger: Nou, dank u. De heer Van der Kruijff: Bij de begroting hebben we amendementen erover gehad. Bij diverse bouwplannen hebben we daar amendementen, dan wel moties of toezeggingen van het college naar aanleiding van besprekingen over gehad. Wat ook aangeeft overigens als die worden aangenomen dat het ook breder in de raad herkend wordt dat we daar iets mee willen en iets mee moeten. Dus ik wil het belang niet onder tafel schoffelen. Ik denk alleen, bij de Groeiagenda en bij deze bladen hoeven we het nu niet weer van voor tot achter een keer te gaan bespreken. Dat wilde ik alleen maar zeggen. Mevrouw Kruger: Voorzitter, mag ik daar nog één aanvulling op geven? Ja als u zegt van dat er amendementen zijn aangenomen en moties. Er zijn, voorzitter ik doe het toch nu goed via de voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Kruger en over mijnheer Van der Kruijff spreken. Mevrouw Kruger: Voorzitter, de heer Van der Kruijff geeft aan dat we het via moties en amendementen dat dat vaak wordt aangenomen.
Maar er worden zoveel moties en amendementen aangenomen die vervolgens qua uitvoering nogal eens op zich laten wachten. Want ik rust niet op het feit van dat het is aangenomen. Nee, dan wil ik het ook later terugzien. En dat wil ik zeggen, dat gebeurt nog te weinig. De heer Van der Kruijff: Dan gaan we dat samen in de gaten houden. De voorzitter: Gaan we dat doen. Even kijken. Wie van de commissie, was u al klaar mijnheer Van der Kruijff? Ik dacht namelijk dat u klaar was. De heer Van der Kruijff: Ja jazeker voorzitter. De voorzitter: Oké, prima. Dank u wel. Wie van de commissie heeft iets toe te voegen in dit kader of, ja anderszins een puntje hierover? Mijnheer Veldman, die gaat dat als eerste proberen. De heer Veldman: Ja voorzitter, dank. Kort. Eigenlijk naadloos aansluitend op wat de heer Van der Kruijff als zei. Wij zouden graag inderdaad een toelichting hebben van het college op het punt dat de provincie onze ambities feitelijk niet herkend. En we willen dan ook weten wat dat betekent voor de lobbykracht. Want als je gezamenlijk richting Den Haag met een verhaal gaat en één van de belangrijkste spelers, namelijk de provincie, steunt je verhaal niet, tenminste dat lees ik er in ieder geval in. Ik hoor graag of dat klopt. Dan denk ik dat onze lobbyagenda niet erg succesvol zal zijn. Dan mijn tweede vraag, dat gaat.
15
De voorzitter: Even een moment mijnheer Veldman, want ik denk dat mijnheer Soy een interruptie heeft. Of is mijnheer Van Verk, o nee, nee, nee oké. Mijnheer Van Verk ook niet? Woordvoering van mijnheer Soy. Niemand een interruptie op mijnheer Veldman, want dan gaat hij verder. Woordvoering. Oké. Prima. Mijnheer Veldman gaat u verder. De heer Veldman: Voorzitter dank, dat gaf mij de gelegenheid om mijn adequate achtergrondje nog eventjes in te stellen. Maar voorzitter, mijn tweede punt dat gaat ook over het verslag wat bij de stukken was gevoegd. En ja, daar maak ik dan toch wel uit op, en dat is een zorg die ik dan via u richting het college dirigeer en ik hoor daar graag ook wat reactie op, ik maak me wel zorgen over de uitvoeringskracht. In zowel de Drechtsteden, maar met name ook in Dordrecht. Daar spreken we nu in het bijzonder over. Heeft Dordrecht wel voldoende projectleiders, vraag ik via u aan het college? Met name ook omdat we, dat was gisteren aan de hand natuurlijk. We staan voor levensgrote opgaves, enorme ambities, die hebben we denk ik met zijn allen. Maar dat kan alleen met een capabel ambtelijk apparaat. Want, één voorbeeldje voorzitter, als ik dan de aanbesteding Vleiweide op mij in laat werken, ja dan denk ik, als dat de manier is waarop we het gaan doen de komende jaren, dan wordt het wel een heel lang en moeizaam traject. Dank u wel.
De voorzitter: Dank u wel. Dan krijgen we, heel kort, de heer Merx. De heer Merx: Ja. Dank u wel voorzitter. Ja nee, wij steunen nog steeds uiteraard, nou ja uiteraard, wij steunen gewoon nog steeds de groeiambitie. Nou, ik hoef niks meer te zeggen over die 10.000 woningen versus 25.000 woningen. Alle mogelijke vragen zijn daar al over gesteld. En dan kom ik tot mijn laatste punt eigenlijk en dat is het verslag gecombineerd met de brief van de burgemeester. Ja hij heeft hem als burgemeester ondertekend. En daar heeft hij drie aandachtspunten geformuleerd. Lokale vertaling van de regionale ambities, kwantitatieve en kwalitatieve ambtelijke capaciteit waar de heer Veldman het zojuist over had. En de integraliteit en samenhang tussen de vier opgaven. Nou, het is goed dat hij dat doet, maar ik vroeg me wel af, we zijn inmiddels een aantal maanden verder, hoe staat het daarmee? Hebben we daar vorderingen op gemaakt? Want het zijn drie belangrijke aandachtspunten denk ik die hij dat heel goed gezien heeft. En ik wil graag weten of daar voortgang op zit en de combinatie met het verslag is. Nou het is een feitelijk verslag, maar het spat er niet aan af zeg maar. Om het zo maar te zeggen. Nou, dat was ‘m. De voorzitter: U heeft over 10 minuten de gelegenheid om naar het songfestival te gaan kijken, daar spat het er misschien wel vanaf.
En of dat op het verslag van toepassing gaat zijn, dat wachten we dan nog maar even af. Even kijken, mijnheer Polat. Ook heel kort zei u. De heer Polat: Daar ga ik vanuit. Dank voorzitter. Voorzitter, nou we hebben de stukken doorgenomen. Maar het verslag dat is natuurlijk voor ons wel een hele belangrijke, één van de belangrijkste documenten geweest. Want daarin zitten dus heel veel elementen in die ook door de voorgaande sprekers is benoemd. Ik, één voor één zal ik dat even doornemen. Opgave Economie en Werken. Wij lezen dat dat op koers is. Maar daarin staat dat de economische instrumenten versterkt zijn. Ik wil van de wethouder weten van ja welke instrumenten zijn versterkt? En ook innovatie, welke concrete stappen zijn genomen, dat is neem ik aan richting de heer Burggraaf. Verder hebben wij over, wij
16
hebben zorgen over Bouwen en Wonen. Dat is ook door de sprekers voor mij al meerdere malen toegelicht. Er wordt gezegd dat er, gewoonweg dat de realisatie voor nu stopt. Dat heeft te maken met stikstof en PFAS. En wij willen graag weten van waar het vandaan komt. En we weten natuurlijk dat stikstof hier vast een belangrijke belemmering is geweest van de woningbouw in Nederland, maar dat hadden wij zoals mijnheer Veldman ook zei, dat missen wij nu in Dordrecht. Ja daar willen wij toch wel een beetje toelichting op hebben. Verder lezen we dat het bouwtempo laag is. En als knelpunt wordt benoemd dat de trage vergunningsverlening er beperkte ambtelijke capaciteit. De voorzitter: Mijnheer Polat, het is heel nobel om dit allemaal te noemen, maar het is allemaal al wel genoemd. Dus als u nog meer herhalingen heeft, dan mag u die skippen. De heer Polat: Nee. Dus mijn vraag is over wat betreft de beperkte ambtelijke capaciteit. Welke werving- en selectieprocedure is gestart door het college? Dan wil ik van het college weten. Verder horen wij dat er gewoonweg dat zij gewoon op zoek zijn naar meer betere samenwerking met de verschillende gemeenten in de regio. Waarom is dat niet eerder gebeurd en waarom nu pas aan bod? Verder zien wij dat de huurvoorraad om het zo te noemen, door mevrouw Kruger is dat al benoemd, dat de huurvoorraad, dat de sociale huurvoorraad zeer groot is.
Druk op de sociale huurvoorraad heel groot is. En wanneer worden er weer nieuwe woningen gebouwd? En als laatste voorzitter, willen wij toch even aan de Opgave Energie en Duurzaamheid. Daar zien wij dat de lobby dat dat gewoonweg goed werkt. En dat daar ook beroepentuinen worden ontwikkeld. Dat vinden wij een hele goede ontwikkeling. Dat helpt gewoonweg mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, worden gewoonweg ingezet om de energie en duurzaamheid vorm te geven in de toekomst. Ik heb gezegd dan als laatste wil ik iets zeggen over de Bereikbaarheid en Mobiliteit. Wij hebben vernomen van dat de wethouder goed kan dansen. En dat hij die kunsten onder, nou ja in ieder geval onder de knie heeft. Dus wat dat betreft, chapeau voor Rik Van der Linden. Dat was onze bijdrage. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Polat. Wij zitten hier even allemaal, het lijkt wel alsof er een ufo hier gaat landen in vergaderkamer 1. Er is allemaal geluid, maar goed. Mocht u mij ineens kwijt zijn zo meteen, dan weet u wat de oorzaak is. De heer Polat: Een ufo? De voorzitter: Ja, nee, ja geen idee. We horen ineens allemaal geluid hier. En raar. Dus, maar goed. Dus vandaar even winstwaarschuwing, van als ik wegval. Voor die tijd gaan we nog even naar mijnheer Van Verk luisteren. De heer Van Verk: Dank u voorzitter. Zou toch wel een sensatie zijn als u opeens uit beeld verdwijnt. Beep me up Scotty.
Maar goed, alle gekheid op een stokje. Ik heb een korte woordvoering. Voor wat betreft de Groeiagenda, daar staan wij onverkort achter. Wel zouden wij net zoals GroenLinks willen zien dat er toch meer aandacht komt voor de circulaire economie, de Next Economy, de maak me allemaal niet uit hoe het heet. Maar ik ben wel geschrokken van het rapport wat deze week is uitgekomen van het IEA in Amerika, waarin zij vaststellen dat een nul netto optie voor de CO2 uitstoot in 2050 nog altijd zal leiden tot anderhalve graad opwarming, wat gevolgen zal hebben voor iedereen. Dus in die zin is de urgentie neemt daar bijna per dag mee toe om daar aandacht voor te hebben. Tweede, nogmaals een korte uitleg of verantwoording waarom
17
wij achter die Groeiagenda staan. De groei voor de stad is nodig om een financieel gezonde stad te krijgen. Dat is ten één en ten andermaal te zien in de meerjarenbegroting, maar ook in de cijfers die in verschillende rapporten staan. Een financieel gezonde stad is inderdaad een betere stad. Dus een gezondere stad kan ook een groenere stad zijn. En heeft gewoon goede overheidsvoorzieningen. Maar zo ook betere particuliere voorzieningen aantrekken. Tegenover groei staat krimp. Krimp zal alleen maar leiden tot vertrek van particuliere voorzieningen. Denk daarbij aan winkels en aan afname aan overheidsvoorzieningen. En uiteindelijk komt je in een spiraal terecht die niet meer terug te draaien is en zal de krimp doorzetten totdat we een dorpje zijn geworden. En dat willen we als oudste stad van Holland natuurlijk niet. Dat was het voorzitter. De voorzitter: U brengt mij bijna in de verleiding, mijnheer Van Verk, om te reageren op het dorpje. Dat ga ik niet doen. Ik ga in tegenstelling daartoe ga ik het woord geven aan de heer Soy van Beter voor Dordt. Voor degenen die niet begrijpen waarom ik lachte, er verschijnt nu iets in de chat. Dus. De heer Soy: Ja ik zie het. Dank u wel voor het woord voorzitter. Voorzitter, ook ik zal het kort proberen te houden.
Ook wij hebben onze vraagtekens gezet bij wat er vanuit de provincie is gekomen, dus die vragen zal ik niet herhalen, maar we sluiten ons aan bij de heer Kruijff en de heer Veldman op dat punt. En we zijn benieuwd wat het college daarop zal antwoorden. En daarnaast als we kijken vanuit politieke vragen, even kort. Ja afgelopen dinsdag in de commissie Bestuur en Middelen het voorstel Innoveren in duurzame groei besproken. Dit voorstel is naar aanleiding van een motie van onder andere Beter voor Dordt tot stand gekomen. Er komen nog een aantal zaken in terug die één op één verbonden zijn met de Groeiagenda en het uitvoeringsprogramma. Daarin zie je dat innovaties worden meegenomen bij de uitwerking van de opgavelijnen. Kijkend naar de politieke vragen wordt beleid juist door de innovatieve manier van werken continue bijgesteld, om dichter bij de gestelde doelen te komen. Ook de gevolgen van corona worden waar mogelijk meegenomen. Op het gebied van de woningbouwambities wordt dat duidelijk. Wij ondersteunen de ambitie en blijven monitoren dat er een goede balans blijft met betrekking tot de kwaliteit van de leefbaarheid in de wijken. Met betrekking tot de Drechtsteden samenwerking gaan wij er nog steeds vanuit dat de nieuwe manier van samenwerken de slagkracht moet worden en de regie meer terugkomt waar hij hoort. Namelijk bij de lokale raden.
Wij gaan er ook vanuit dat in ons aller belang alle partners een passende bijdrage leveren en maximaal meewerken om alles op tijd opgetuigd te krijgen. Dank u wel voorzitter. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Soy. Mijnheer Kleinpaste. De heer Kleinpaste: Ja dank u wel voorzitter. Ik was even afgeleid door de separate discussie in de chat inmiddels. Maar kortheidshalve sluit Gewoon Dordt zich aan bij de vragen die de heer Van de Kruijff en de heer Veldman hebben gesteld. Ik zou daar nog aan toe willen voegen, ook omdat ik wel herken wat de heer Van Verk inbrengt over die neerwaartse spiraal die mogelijk dreigt. Als ik in de binnenstad kijk denk ik misschien zitten we al in die neerwaartse spiraal. Wat kan het college nou doen om aanzienlijke versnelling aan te brengen in al die ambities die we met elkaar hebben opgeschreven, want die groeiambitie wordt ook door Gewoon Dordt gewoon voluit gesteund. Maar we moeten dan ook echt bouwen, bouwen en bouwen en meters maken.
18
De voorzitter: Oké, dank u wel. En voor degenen die denkt, die dus niet de chat zien en denken wat gebeuren daar allemaal voor spannende dingen. Nee, de heer Van Verk die heeft het op een gegeven moment gehad over die IEA en dat is de, heb ik opgeschreven, International Energy Agency. En die kijken in landen over de hele wereld om naar zo sustainable mogelijke samenleving te gaan. Is allemaal vrij ingewikkeld, maar degenen die dat dus chatte die had een lettertype van 100 punten ofzo. Dus dat kwam ineens het scherm in. Goed. Even kijken, ik heb niemand meer in mijn lijstje staan die op dit moment het woord wil voeren. En daarom geef ik het woord graag aan de heer Burggraaf. De heer Burggraaf: Ja dank u wel voorzitter. Ja, de bespreking van het uitvoeringsprogramma Groeiagenda. Een bovenlokale samenwerking waarin ik inderdaad in dit debat ook wel twee aspecten terug hoor. Enerzijds aandachtspunten richting die bovenlokale samenwerking waarbij we in met de bestuurlijke trekkers op de regio het hebben over nou wat zijn daar de uitvoerings, ja focus op. Nou, dan hoor ik een aantal wat opmerkingen op maken. En anderzijds inderdaad de reflectie richting zowel van hoe gaat het tempo om daar ook tot die doelstellingen te kunnen bereiken bij de andere gemeentes, maar met name natuurlijk ook, hoe doen we dat binnen onze eigen gemeente.
Hoe, dat was het idee ook van die bovenlokale samenwerking. Op die manier zorg je dat je de uitvoeringskracht ook veel scherper belegd en inderdaad ook met elkaar scherp kan gaan toetsen of je ook in de uitvoering van die visie die je hebt ook de goede snelheid maakt. Heel veel van de opmerkingen zijn dan op het vlak van wonen RO, dus ik zal zo ook nog collega Sleeking op dat vlak antwoord geven op de verschillende vragen die er waren. Voor het algemene denk ik, vond ik zelf in ieder geval het een grote winst die we inmiddels gemaakt hebben in deze bovenlokale samenwerking. Waar ik niet zoveel mensen over heb gehoord is de bijlage met de kaartbeelden. We hadden natuurlijk een hele mooie Groeiagenda met klinkende getallen van 25.000 woningen, 30.000 banen, de energietransitie. Allemaal zaken die ook ruimte vragen. En dan vond ik het een grote winst nu dat we dat in een kaartbeeld hebben teruggelegd, dan kan je er ook verschillende lagen over elkaar leggen. En dan kan je zien van hé, al die ambities die je hebt, wat voor ruimtebeslag vraagt dat dan. En, nou ja, kan je dat allemaal waarmaken of waar moet je die keuzes maken. Nou dat is de eerste fase die we nu gemaakt hebben. En dat gaat nu verder in de verdere uitvoering. Daar zitten we nu nog in. Vraagt om ook de goede keuzes te maken.
Voor wat betreft het economisch domein, wat dan vanuit mijn positie een verantwoordelijk is ook, omdat ik dat als bestuurlijke trekker samen met André Vlag van Hendrik-Ido Ambacht doe in de regio, heb ik inderdaad velen gehoord over het circulaire aspect. En ik, dat in Dordrecht hebben we dat al, die ambitie al vertaald. En ik moet inderdaad vaststellen dat we dat hier in het uitvoeringsprogramma nog niet benoemd hebben. Het wel iets is overigens waar we oog voor hebben en eigenlijk dagelijks binnen verschillende sectoren ook mee te maken hebben. Alleen al om het feit dat het gewoon voor heel veel bedrijven, ja die naar de toekomst kijken ook weten dat het een noodzakelijk onderdeel van een businessmodel moet zijn om ook een toekomstbestendig bedrijf te hebben. Maar ik neem deze terug en ik zorg dat we deze ook met de collega’s bespreken, dat lijkt mij inderdaad een terechte aanvulling in die agenda om ook de inzet op te doen. Dan had ik nog een vraag van D66. Die zei van ja hoe, in welke mate is het economisch instrumentarium dan versterkt. Nou, daar hebben we natuurlijk dinsdag ook in de commissie Bestuur en Middelen een uitgebreide discussie gehad naar aanleiding van het raadsvoorstel Innovatie, waarbij de
19
regiodeal ons de middelen heeft gegeven om met zes business developers aan de slag te gaan om op die verschillende thema’s ook echt de sterkere focus op de agenda en de netwerkversterking te gaan maken op een aantal thema’s zoals duurzaam varen, de slimme industrie. Ik vertaal het even naar het Nederlands want dat is de wens van velen in de commissie. Nou, de digitaliseringsopgave, de zorginnovatie. Daar is echt een enorme versterking nu opgekomen doordat we daar per thema één iemand fulltime op hebben werken om daar bedrijven en overheid bij elkaar te brengen. En scherper te maken waar we als overheid in het vestigingsklimaat nog stappen hebben te zetten om dat beter te faciliteren. Dat zijn de, volgens mij de aspecten die mijn portefeuille raken. En de overige zaken kan collega Sleeking beantwoorden. De voorzitter: Maar eerst wordt u nog geïnterrumpeerd door de heer Polat, onder andere. De heer Polat: Ja dank voorzitter. Fijn dat de wethouder de innovatie hoog in het vaandel heeft. De business developers, die gaan de komende periode weer de roadmaps bepalen voor al die onderdelen wat u hier noemt, al die thema’s. En die komen binnenkort terug bij ons in de raad om daar wat van te vinden.
Begrijp ik het goed? De heer Burggraaf: Voorzitter, het klopt inderdaad dat de business developer faciliteert om die roadmap te maken, maar we hebben daar uitdrukkelijk een structuur ingebracht waarbij het bedrijfsleven leidend is. Dus er zit een stuurgroep in waarbij de vertegenwoordiging zit van bedrijven die gevestigd zijn in de regio. En het onderwijs, waaronder Dordrecht Academy, zijn daarbij aangehaakt. En we hebben echt gezegd, zij zijn degenen die moeten gaan zeggen hier zit, hier zijn wij brood in. Wij denken dat dat iets is waar we uiteindelijk duurzaam onze bedrijfsvoering op kunnen verbeteren. En inderdaad, we kunnen door ontwikkelen naar een sterkere toekomst. Dus die zullen leidend zijn in de agendabepaling. Ik zit daar zelf bij als vertegenwoordiger voor de regionale overhead, om inderdaad ook te kijken naar waar kunnen wij nog helpen en kritisch ook mee te toetsen of al die programma’s die er komen, naast het feit dat het voor de bedrijven wat oplevert, ook vooral voor onze regionale economie een versterking betekent. Want dat is wel het leidende principe. Iets kan een Groeiagenda zijn voor een bedrijf, maar als het regionaal economisch niks toevoegt dan zou ik zeggen, dan moet u het vooral doen maar niet binnen de context van onze regionale aanpak. Dus daar toets ik op.
En u krijgt inderdaad zodra die roadmaps staan, net zoals alle andere raden want dit is een bovenlokale aanpak, dus dat doen we voor alle Drechtsteden, doen we een themabijeenkomst waarin we die roadmap zullen toelichten aan u om te laten zien wat het heeft opgeleverd en welke stappen we gaan nemen. En nou, de regiodeal vraagt ook om na drie jaar verslag te leggen van de resultaten die je geboekt hebt. Dus dat gaan we ook doen. En dan zullen we u uiteraard dan ook bij uitnodigen om u daar over te informeren. Dus zo moet u het zien. Het is niet een iets waar uiteindelijk een raad een besluit over neemt. De heer Polat: Oké, dus u gaat dus een roadmap. Voorzitter, mag ik? Dank voorzitter. Nou ik ben blij dat u aangeeft dat dat gewoonweg niet een gezamenlijke actie is van verschillende partijen, want dat hadden we niet anders verwacht. Dat de overheid, de ondernemer en het onderwijs bij betrokken is om tot roadmaps komen. En dat we gewoonweg vast binnen de Drechtsteden. En dat u dat gewoonweg gaat voordragen aan ons allemaal. Dat is, begrijp ik dat goed?