2.2 2026.06.30 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 3 - concept.pdf
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE GEMEENTE DORDRECHT - DORDTSE DINSDAG D.D. 30 JUNI 2026 Vergaderzaal 3 1. Reactie college op brief met Verzoek tot overleg over Voorgenomen parkeerbeleid in het Land van Valk i.c.m. vastgestelde stappenplan voor de invoering van parkeerregulering. Voorzitter: De heer Den Hartog Raadsgriffier: De heer Den Boer Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Van Aarle (CDA) Dhr. Bootsman (GroenLinks-PvdA) Dhr. Dangerman (D66) Mevr. Van Dorresteijn (GroenLinks-PvdA) Dhr. De Feijter (ChristenUnie/SGP) Dhr. Groenewege (Partij voor de Dieren) Dhr. Hartmeijer (SP) Dhr. Kuhlmann (VVD) Mevr. Minnebreuker (VSP Dordrecht) Dhr. Rudoj (Op Ons Eiland) Dhr. Safranti (DENK) Dhr. Schalken-den Hartog (Beter voor Dordt) Dhr. Verdoorn (Forum voor Democratie) Dhr. Vroon (VSP Dordrecht) Dhr. Wringer (Beter voor Dordt) Portefeuillehouder: wethouder J. Veldman Ambtelijke ondersteuning: dhr. Coskun, dhr. Hiele De voorzitter: Welkom allemaal. Fijn om iedereen te zien. Als eerste wil ik even checken of we voldoende decorum hebben. Dat is het geval. Dat is mooi. Ik open hierbij deze oordeelsvormende vergadering over het beleid voor de invoering en uitbreiding van de parkeerregulering in het Land van Valk.
Ik heet van harte welkom, alle raads- en commissieleden, wethouder Veldman namens het college, de ambtelijke ondersteuning, het publiek op de publieke tribune en al die drommen mensen die niet meer pasten in deze kamer en daarom thuis kijken en dit volgen. Ik verzoek de mensen aan tafel om hun naam en functie even te zeggen. Naar goed gebruik begin ik altijd linksom. De heer Veldman: Joost Veldman, wethouder. De heer Coskun: Seref Coskun, ambtelijke ondersteuning. De heer Hiele: Rick Hiele, ambtelijke ondersteuning, adviseur Verkeer. 1 Mevrouw Minnebreuker: Anneke Minnebreuker, VSP Dordrecht. De heer Vroon: Youri Vroon, VSP Dordrecht. De heer Groenewege: Pieter Groenewege, Partij voor de Dieren. De heer Dangerman: Xander Dangerman, D66. De heer Rudoj: Alexander Rudoj, Op Ons Eiland. Mevrouw Van Dorresteijn: Floor van Dorresteijn, GroenLinks-PvdA. De heer Bootsman: Nick Bootsman, GroenLinks-PvdA. De heer Van Aarle: Sander van Aarle, CDA. De heer Safranti: Mehmet Safranti, DENK Dordrecht. De heer Van Aarle: Sorry, Mehmet. Mijn naam is Sander van Aarle, CDA Dordrecht. De heer Schalken-den Hartog: David Schalken, Beter voor Dordt. De heer Wringer: Jan-Willem Wringer, Beter voor Dordt. De heer Kuhlmann: Alexander Kuhlmann, Dordtse VVD. De heer Verdoorn: Dirk Verdoorn, Forum voor Democratie. De heer Hartmeijer: Raymond Hartmeijer, de Socialistische Partij.
De heer De Feijter: Bart de Feijter, ChristenUnie/SGP. De heer Den Boer: Mark den Boer, commissiegriffier. De voorzitter: Mijn naam is Paul den Hartog, ik ben vanavond uw voorzitter. De aanleiding eerst eventjes. Op 2 juni hebben we een uitgebreide technische sessie gehad over de werking van het huidige stappenplan voor de invoering en uitbreiding van de parkeerregulering. De commissie besloot toen het onderwerp oordeelsvormend te agenderen met de volgende politieke vragen. Nummertje 1, is de raad van mening dat het huidige stappenplan voor parkeerregulering correct wordt uitgevoerd? De tweede, is er meer maatwerk mogelijk en wenselijk bij de afbakening en de omvang van gebieden? Die 2 vragen werden door de VVD ingediend. Dan nummertje 3, is het wenselijk het stappenplan te evalueren nu blijkt dat niet overal beoogde effect wordt bereikt? Een vraag van ChristenUnie/SGP. Nummertje 4, is er meer flexibiliteit mogelijk en wenselijk in de verschillende typen parkeervergunning en de gehanteerde parkeertijden? Een vraag van Beter voor Dordt. 5, sluit het huidige stappenplan nog voldoende aan bij de huidige situatie en de actuele eisen en behoeften? Een vraag van DENK. Tot slot de zesde vraag, zijn we bereid, voordat wordt overgegaan tot parkeerregulering, maximaal in te zetten op het uitbreiden van de beschikbare parkeercapaciteit? Een 2 vraag van FvD.
Misschien is het nog goed om te vermelden dat in het vorige week gepresenteerde coalitieakkoord staat dat het college de huidige aanpak gaat evalueren en dat de indeling van de parkeersectoren tegen het licht wordt gehouden. Ik wil als eerste de fracties die een vraag hebben gesteld het woord geven en daarna is het woord aan de overige fracties. Dan probeer ik daar een eerlijke chronologische volgorde in aan te houden, voor zover dat mij lukt. Daarna, indien er vragen gesteld zijn, komt er nog een reactie van de portefeuillehouder. Laten we beginnen op volgorde. Dan wil ik als eerste, neem ik aan, mijnheer Kuhlmann het woord geven. De heer Kuhlmann: Dank u wel, voorzitter. Ik wil het graag in tweeën splitsen. Aan de ene kant achteruitkijken, dat heeft dan specifiek op Land van Valk betrekking, maar vooral ook vooruitkijken met het oog op de evaluatie die eraan komt. Als we achteruitkijken, dan denken we toch dat er op een aantal punten dingen niet goed zijn gegaan. Om dat te duiden moet ik heel even teruggaan in de tijd. Om vooraf te zeggen, het invoeren van betaald parkeren is altijd een gevoelig punt. Mensen kijken daar verschillend naar.
Dat is precies de reden waarom we in maar liefst 7 vergaderingen, 5 commissievergaderingen, 2 raadsvergaderingen, in 2019 uitgebreid hebben stilgestaan en uiteindelijk in de raadsvergadering van 17 december 2019 als raad akkoord hebben gegeven voor het stappenplan dat er dan ligt. 1 van de onderdelen van het stappenplan waar we toen akkoord voor hebben gegeven, en ik citeer, dat is stap 1, “bewoners melden de parkeeroverlast via een lijst met handtekeningen. Hiervoor hebben zij minstens 50 handtekeningen van verschillende adressen nodig.” Dat wordt dan ook verder toegelicht in de uitwerking, stap 1, verzoek bewoners, waar ook duidelijk staat, bewoners gebruiken voor het indienen van een verzoek de standaard handtekeningenlijst. Waarom noem ik dit nu zo specifiek? Omdat de toenmalige wethouder, en overigens ook de huidige wethouder die bij 1 van de vergaderingen als voorzitter heeft gezeten, heel goed weten, en ik ga ervan uit in de ambtelijke organisatie ook, hoe politiek gevoelig dit is en hoeveel tijd en moeite erin is gestoken om uiteindelijk tot dat stappenplan te komen. Dan is het vervelend om te zien dat er in Land van Valk in 2 gebieden niet volgens die procedure is gewerkt, de spelregels tijdens het spel toch wat zijn aangepast en dat niet vanuit het initiatief van bewoners de handtekeningen zijn ingezameld, maar dat de gemeente de handtekening is gaan inzamelen.
Dat over terugkijkend. Het is vooral ook van belang om naar de toekomst te kijken. Dat is altijd van belang, maar zeker ook op dit onderwerp. Als je ergens in de stad betaald parkeren hebt, dan heb je ook altijd te maken met een grens. Aan de andere kant van die grens, daar is het dan gratis. Daar kan het gebeuren, zeker als de tijd verstrijkt en de parkeerdruk groter wordt, dat er op een gegeven moment, in die straten, de behoefte ontstaat om daar ook betaald parkeren te doen. Als we dan kijken naar hoe we dat in de toekomst gaan doen, bijvoorbeeld, is het handig om ons huidige stappenplan te evalueren, om dat anders te doen, dan zeggen we, ja, dat is goed. Er zijn een aantal zaken belangrijk om daar echt in mee te nemen. In de eerste plaats vinden wij het als Dordtse VVD cruciaal dat bewoners de laatste stem hebben. Wij noemen dat in het huidige stappenplan, even kijken, stap 6, de enquête. In feite is dat een referendum. De meerderheid van de mensen die reageert, beslist. Dat vinden we een heel goed uitgangspunt en willen we graag zo houden. De heer Bootsman: Voorzitter? 3 De voorzitter: Ik hoor een interruptie van mijnheer Bootsman. De heer Bootsman: Dank u wel, voorzitter. Een vraag aan de Dordtse VVD.
De Dordtse VVD is het feitelijk met ons eens dat een zorgvuldig participatieproces een participatieproces is van en door de inwoners en dat de inwoners uiteindelijk degenen zijn die beslissen? Hoor ik dat goed? De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Wij vinden dat je betaald parkeren alleen moet invoeren als een meerderheid van de bewoners in dat gebied het ermee eens is, als zij dat willen. Dat is voor ons een heel belangrijk uitgangspunt. Een andere die voor ons heel belangrijk is, is, hoe wordt het hele proces gestart? Vandaar dat ik er ook aan het begin even bij stilstond, er zit wat ons betreft een heel verschil tussen of je vanuit het niets een brief van de gemeente krijgt met een verhaal erin van, we overwegen om bij u in de buurt betaald parkeren te gaan invoeren of wanneer het, zoals volgens de huidige procedure, en dat vinden we een goed onderdeel daarvan, van onderop komt, dat het zo is dat je de procedure kunt starten door handtekeningen op te halen.
Het betekent dan dat je niet een brief van de gemeente krijgt, maar dat er een vriendelijke buurman of buurvrouw bij jou aan de deur staat die vertelt van, bij mij in de straat, het is zo lastig, misschien herken je dat wel, ik kan mijn auto minder makkelijk kwijt, ik ben 's avonds elke keer rondjes aan het rijden, ik zou wel dat proces willen starten, wil je dat steunen, wil je je handtekening geven? Dan ben je met elkaar in gesprek. Wij vinden dat een heel goed startpunt. En ik weet ook dat het soms moeilijke gesprekken zijn, dat mensen in een buurt daar verschillend over denken, maar ik denk dat het altijd belangrijker is dat die gesprekken met elkaar worden gevoerd, in een buurt zelf, dan wanneer het van bovenaf, vanuit de gemeente, voor mensen wordt bedacht. Als je kijkt van, hoe kun je die procedure beter maken, dan is het goed om ook naar een stap 0 te kijken of om de volgorde, de cijfers, aan te passen. Dit is een vrij ingrijpende maatregel. Als je je niet lekker voelt en je gaat naar de dokter toe, dan is ook niet het eerste alternatief, we gaan u opensnijden. Dan wordt eerst gekeken naar andere opties. In dit geval zou je kunnen kijken van, een hele logische, is er ruimte, een mogelijkheid, om parkeerplekken toe te voegen? In een wijk waar bijvoorbeeld helemaal geen bushalte is, kunnen we misschien een bushalte toevoegen.
Je kunt andere dingen doen die minder ver gaan dan betaald parkeren invoeren. De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann, u heeft een interruptie. Ik geef wederom het woord aan mijnheer Bootsman. De heer Bootsman: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor mijnheer Kuhlmann praten over extra parkeerplaatsen plaatsen. Nu hebben we het vandaag ook over het gebied Hoekenessestraat en omstreken. Veel parkeerders in deze wijk blijken helemaal niet uit deze wijk te komen. Dat is ongeveer 15 procent, heb ik gehoord. Waarom moet je dan parkeerplaatsen toevoegen? Of gaan we er een openbare parkeerplek van maken? Wat is het idee dat de Dordtse VVD daarbij heeft? De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. 4 De heer Kuhlmann: Wij vinden het geen gek idee om, op het moment dat de parkeerdruk hoog is, los van wie de eigenaren van de auto zijn, eerst te kijken van, is er ruimte om parkeerplekken toe te voegen? Natuurlijk moet dat niet ten koste van alles gaan. Ik snap ook heel goed dat u en ik waarschijnlijk … Pardon, via de voorzitter. Ik snap heel goed dat GroenLinks-PvdA en de Dordtse VVD mogelijk verschillende ideeën hebben over hoeveel ruimte er is om plekken toe te voegen.
Ik vind het niet verkeerd om dit en andere punten, het kan ook een bushalte zijn, misschien zouden deelfietsen helpen, je kunt allerlei manieren bedenken … Het punt dat ik wil maken, het invoeren van betaald parkeren zou niet het eerste medicijn zijn wanneer dit speelt, maar het sluitstuk. Wanneer alle andere zaken en opties op zijn en je hebt nog steeds een hoge parkeerdruk, dan is het als service richting bewoners die last hebben van hoge parkeerdruk goed om het daarover te hebben. Een ander punt als we kijken van, hoe kunnen we die procedure nog wat verbeteren, is meer flexibiliteit in de tijden van het parkeren. Op zichzelf zit dat nu niet in die procedure. Er is in het stappenplan, ik heb het nog eens nagelezen, geen enkele beperking de tijden. Iedereen begrijpt ook dat het parkeerregime in Land van Valk, logischerwijs, wat anders is dan in het hart van de binnenstad. Misschien moeten we expliciet in het stappenplan opnemen dat de ruimte er is om verschillende tijden te hanteren. Hetzelfde geldt ook voor wat betreft het type parkeervergunningen. Het moeten er geen honderd worden, maar waar het kan, wat flexibiliteit is goed. Tenslotte een ander onderdeel, de grootte van de gebieden. Dan weer even terug naar waar mijnheer Bootsman ook aan refereerde, betaald parkeren is vaal een oplossing op het moment dat de parkeerdruk hoog is. Dat komt door veel vreemde auto's.
In een wijk waar de parkeerdruk heel hoog is, denk bijvoorbeeld aan Oudelandshoek, maar het alleen maar van bewoners is, verandert er weinig aan de situatie op het moment dat je daar betaald parkeren invoert. Het zit met name in vreemde auto’s en aan de grens van waar nu betaald parkeren is. Dan zie je dat in de straten die vlakbij de grens liggen de parkeerdruk heel hoog is en de bewoners daar zeggen, niet allemaal, maar vaak een behoorlijk deel, doe mij maar betaald parkeren. Dat terwijl mensen drie, vier straten verderop helemaal niet zo’n probleem ervaren. Als je geen probleem hebt, dan is het ook een ongevraagde oplossing. Wat dat betreft, als we het hebben over het kijken naar de procedure, zouden wij het niet gek vinden om te kijken naar de grootte van de gebieden. De voorzitter: Dank u wel. U heeft een interruptie van mijnheer Hartmeijer. De heer Hartmeijer: Dank, voorzitter. Ik heb het idee dat ik een stukje informatie mis. Mijnheer Kuhlmann heeft, denk ik, meer contact gehad met de bewoners in de casus waar het nu om gaat. Hij zei zo-even dat de enquête niet goed was doorlopen en dat de gemeente het had opgepakt. Bij de stukken zie ik vooral brieven van de buurt bij het agendapunt. Daar staat bijvoorbeeld de brief van André Lodder. Daarin staat dat zij het stappenplan op een goede manier doorlopen hebben.
Ik hoor mijnheer Kuhlmann nu zeggen dat het verkeerd is gegaan. Ik mis een brokje informatie. Kan hij dat helder maken? De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann, kunt u dat toelichten? De heer Kuhlmann: Ja, dat kan ik. Dank voor de vraag. Land van Valk is een groot gebied. Voor wat betreft het betaald parkeren is dat opgesplitst in 3 stukken waar 5 enquêtes zijn gehouden. Er is nog een vierde deel ook, maar er zijn 3 stukken waar de procedure is begonnen. Dat gaat om Hoekenessestraat en omgeving. Daar zijn wel handtekeningen opgehaald en is het wel volgens het stappenplan gegaan. Er is ook Krommedijk en omgeving en Leerpark-Noord. In die 2 gebieden, Krommedijk en omgeving en Leerpark-Noord, is er, en dat heb ik als bijlage bij de artikel 40-vragen die ik heb ingestuurd, ik weet niet of ze er dit keer ook bij zitten, die zaten er de vorige keer bij, ik heb de brief er even bij gedaan, een brief die mensen krijgen, waarbij het de gemeente is die de handtekeningen, stap 1, aan het doen is. Dat is in strijd met wat we hebben geaccordeerd, als raad, in 2019. Dat is daar een punt. Gedane zaken nemen geen keer. Ik wil er niet te lang bij stilstaan, maar als we vooruitkijken, is het voor ons, als Dordtse VVD, echt een heel belangrijk uitgangspunt dat het initiatief om het hele proces in werking te zetten vanuit bewoners komt.
Het kan ook 1 iemand zijn die zegt, ik wil graag betaald parkeren, daar gaan we het niet helemaal voor inzetten, maar dat je tenminste een aanzienlijk deel … Als er mensen zijn die zeggen van, een derde is een te grote drempel, dan is er, wat ons betreft, ook nog te spreken over aanpassen, maar er moet een aanzienlijke groep zijn, een aanzienlijke minderheid, die zegt, wij willen het aangaan. De voorzitter: Mijnheer Hartmeijer, is dat voldoende antwoord op uw vraag? Klopt mijn inschatting dat uw woordvoering hiermee afgelopen was? De heer Kuhlmann: Ja, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel voor uw bijdrage. Zijn er nog interrupties op mijnheer Kuhlmann? Ja? Dan geef ik eerst mijnheer Safranti het woord. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik heb goed geluisterd naar mijnheer Kuhlmann. Ik ben het met heel veel dingen eens. Het enige wat ik nog wil vragen, u gaf in uw inleiding aan dat het huidige college in het akkoord heeft opgenomen om het parkeerbeleid te gaan herzien. Wat vindt mijnheer Kuhlmann daar in dit geval van? De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Dat is een akkoord waar onze handtekening onder staat. Het gaat specifiek om het herzien van de procedure om betaald parkeren wel of niet in te voeren. Ik heb net een paar punten genoemd waarvan wij zeggen van, daar moet je naar kijken om die procedure te verbeteren.
Tegelijkertijd heb ik ook een aantal punten genoemd die voor ons heel belangrijk zijn om juist te behouden in die procedure. De voorzitter: Is dat voldoende antwoord voor u? Dank u wel. Dan zag ik nog een tweede interruptie van mijnheer Bootsman. De heer Bootsman: Dank u wel, voorzitter. Ook wij hebben goed naar mijnheer Kuhlmann geluisterd. In het begin van zijn bijdrage sprak hij erover dat bij de grens van de gebieden voor betaald parkeren vaak de overlast ontstaat en het waterbedeffect. Is mijnheer Kuhlmann niet bang dat er, juist als er een klein gebied aangewezen wordt, weer overlast ontstaat, omdat je dan niet makkelijk een logische grens kan trekken? Dat kan misschien bij een iets groter gebied wel. 6 De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ik begrijp het punt. Ik zou zeggen, de ideale oplossing tegen dat waterbedeffect, de enige effectieve oplossing, zou zijn als we nergens in Dordrecht betaald parkeren hebben. Voorzitter, ik begrijp ook dat dan de mensen die in het hart van de binnenstad wonen enorm gedupeerd zouden zijn, want dan betekent het dat je nooit meer de auto kan parkeren in de omgeving, van je eigen straat al helemaal niet, en zelfs niet in je buurt. Als we nu eenmaal betaald parkeren hebben in Dordrecht, betekent het dat er altijd ergens een grens is. Waar die grens ook ligt, er zal altijd aan de andere kant een probleem zijn.
De vraag is, en dat is, denk ik, de kern van waar mijnheer Bootsman en ik het over hebben, moet je vooraf zeggen, we voelen al aan dat als je het hier doet, het mogelijk in een volgend gebied een probleem gaat worden? Met andere woorden, wij weten hier op het Stadskantoor beter wat er bij u gaat gebeuren, wij hebben alvast een goed idee voor u. Of zeg je van, het is uiteindelijk toch van belang voor het draagvlak van dit hele proces, het betekent nogal wat, wel of niet parkeren in je eigen straat, we doen het in een klein gebied. Dit heeft als voordeel, voor de mensen die het graag willen, dat ze met meer gelijkgestemden te maken hebben, ze minder deuren langs hoeven en dat de kans dat ze over de drempel heen komen, dat dit het haalt, groter is. Dan kan het zijn dat een tijdje later het naastgelegen gebiedje aan de orde is, maar dan is het wel het moment dat die mensen daadwerkelijk een probleem ervaren waar ze een oplossing voor willen. De voorzitter: Dank u wel. Even kijken. Dan gaan we naar de volgende politieke vraag die gesteld is. Die is van ChristenUnie/SGP. Ik kijk even naar mijnheer Bart de Feijter. De heer De Feijter: Dat mag. Daar mag u naar kijken. De voorzitter: Of u klaar bent voor een woordvoering of toelichting. De heer De Feijter: Altijd klaar. Born ready. De voorzitter: Dan krijgt u het woord.
De heer De Feijter: Ik dacht dat er nog een andere vraag tussen zat, maar het zou kunnen dat die ook van de VVD was. Vandaar. In die zin ga ik het namens de ChristenUnie/SGP vrij kort houden, want wat zowel de voorzitter als mijnheer al hebben gezegd, het is zo dat het college al op pad is gestuurd op een evaluatie te doen van het huidige parkeerbeleid, voornamelijk de aanpak van de parkeerregulering, en om de indeling van parkeersectoren tegen het licht te houden. Die opdracht lig al bij het college. Ik denk dat het een passender moment is om het grote gesprek hierover te voeren als we de uitkomst van de evaluatie hebben, zodat we in volledigheid het gesprek kunnen voeren, met alle feiten op tafel. Ik vind de aanpak van mijnheer Kuhlmann in die zin de juiste voor deze vergadering van, geef het college dan nog een paar pointers mee. Dat is, denk ik, terecht. Wij hebben voor die evaluatie, wat dat betreft, niet heel veel pointers. We vinden het wel belangrijk om ook mee te nemen hoe de hele parkeerregulering verband houdt met de Mobiliteitsvisie 2040 die we vorig jaar hebben aangenomen en dat op zo’n manier integraal de visie overeind blijft voor de komende periode. We zijn benieuwd hoe het elkaar beïnvloedt en of het ook 7 meegenomen kan worden in de evaluatie. Dat zien wij die tegemoet en daarna kijken we uit naar het gesprek daarover.
De voorzitter: U heeft een interruptie van mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ik wilde vragen aan mijnheer De Feijter, zijn er, wat betreft de ChristenUnie/SGP, ook andere redenen om betaald parkeren in te voeren in bestaande wijken dan de wens van de bewoners in de wijk? U refereert aan de Mobiliteitsvisie 2040. Dit impliceert dat er, wat de ChristenUnie/SGP betreft, ook een andere reden zijn kunnen zijn om betaald parkeren in te voeren, of begrijp ik u dan verkeerd? De voorzitter: Mijnheer De Feijter. De heer De Feijter: Ik denk dat mijnheer Kuhlmann mij dan enigszins verkeerd begrijpt. Het is haast misschien meer een soort technische vraag die ik stel. Ik ben meer benieuwd hoe het verband houdt met elkaar. Ik wil daarna graag dat politieke gesprek erover voeren. Ik kan me wel voorstellen dat het invloed op elkaar heeft, maar of we dan wel of niet die keuze echt volledig op verzoek van inwoners laten doen of dat we wellicht ook vanuit het Stadskantoor zo nu en dan iets meer moet sturen, dat gesprek wil ik later nog een keer volgen als we alle feiten op zo'n manier op tafel hebben. Ik kan me voorstellen dat je daar nu al wel een politieke mening voor bent toegedaan. Wij hinken daarin nog enigszins op twee benen. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond. Ik denk dat we naar de volgende vraag gaan. Die is van de fractie van Beter voor Dordt. Nu zie ik twee personen.
Wie mag ik het woord geven? Mijnheer Schalken-den Hartog. De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter, dank u wel. Het is, denk ik, goed, en de anderen gaven het ook al aan, dat er de komende tijd wordt gekeken naar op welke manier we het stappenplan en de parkeerregulering goed tegen het licht houden en wellicht ook kunnen aanscherpen en aanpassen. Zoals mijnheer Kuhlmann al aangaf, het huidige stappenplan is al uit 2019 en in de loop van de jaren zijn er verschillende colleges geweest die het beleid hebben aangepast. Het vraagt wellicht ook nu om een aangepaste aanpak. Wat ons betreft is het belangrijk om ook te benadrukken dat inderdaad draagvlak krijgen het belangrijkste is bij bewoners, waarbij wij, vanuit Beter voor Dordt, ook al eerder hebben aangegeven dat we het heel belangrijk vinden dat goed mee wordt genomen en er goed rekening mee wordt gehouden wat invoering van parkeerregulering betekent voor de ondernemers met hun personeel, klanten en voor de bedrijfsvoering. Dat is, denk ik, ook heel belangrijk om mee te nemen in de afweging en in hoe je die maakt. Dan kom ik gelijk bij het stukje, wellicht moet je kijken of er wat meer maatwerk geleverd kan worden. Andersoortige vergunningen of waar de VVD het net over had, dat het misschien niet overal hetzelfde regime hoeft te zijn, van 9.00 uur tot 22.00 uur betaald parkeren en daarna niet.
Dat is iets wat wij zeker ook in die evaluatie terug willen zien. Eens even kijken. Andere punten die misschien nog niet aan de orde zijn gekomen. Het is mooi, dat gaf mijnheer Kuhlmann net ook aan, dat het belangrijk is dat uiteindelijk de meerderheid van de mensen, de bewoners uit het gebied, besluit of er voldoende draagvlak is voor de invoering. Als we het huidige parkeerbeleid en alles met 8 betrekking tot parkeren gaan herzien, dan zou het misschien ook heel goed zijn om samen met de bewoners te kijken, er zijn eerder al stappen gezet en besluiten genomen om 500 parkeerplekken te laten verdwijnen in bijvoorbeeld de binnenstad, waar je dat wel of niet op een goede manier kunt doen. Daarbij wordt, volgens mij, niet echt altijd naar de bewoners geluisterd, hebben we zo het idee. Het is heel belangrijk om dat ook mee te nemen als we die evaluatie gaan doen met elkaar. Eens even kijken. Wat ook belangrijk is om die evaluatie mee te nemen, is om te kijken waar je tot slimme, andere oplossingen kunt komen, zoals bijvoorbeeld het dubbelgebruik van parkeerterreinen bij sportvelden of scholen, waarbij je dit zou kunnen stimuleren en waar je ’s avonds op een leegstaand schoolparkeerterrein bedrijfsbusjes zou kunnen plaatsen om wat meer ruimte te creëren in de wijken.
Je moet dan wel kijken of je daar voorzieningen moet aanbrengen, zoals bijvoorbeeld camerabewaking, om te voorkomen dat de bedrijfsbusjes, die vaak vol zitten met spullen, leeg worden gehaald. Dit is iets, vanuit onze kant, waarvan we het belangrijk vinden dat het meegenomen wordt. Ik denk dat ik daarmee de belangrijkste punten wel heb gemaakt. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik denk dat u heel duidelijk bent geweest, want u heeft geen interruptie. Dat is altijd een goed teken, lijkt mij. Ik ga door naar de volgende politieke vraag die gesteld is en die is van DENK. Dan wil ik mijnheer Safranti het woord geven. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, volgens mij hadden wij gevraagd om een nieuw beleid tijdens ons laatste commissie. Sorry. Als ik dit zo hoor en lees in het coalitieakkoord, dan zijn wij daar alleen maar blij om. Er is blijkbaar gehoor aan gegeven. Nogmaals, blij om te horen dat in het collegeakkoord afgesproken is dat het parkeerbeleid herzien wordt. Sorry. De samenleving is de afgelopen jaren veranderd. Voor veel hardwerkende inwoners is de auto geen luxe meer, maar een noodzakelijk middel om naar het werk te gaan, kinderen weg te brengen of familie te bezoeken. Ons parkeerbeleid moet de die realiteit erkennen. Daarnaast heeft Dordrecht de ambitie om te groeien naar 140.000 inwoners.
Die groei realiseren we niet door de nieuwe en de bestaande bewoners het gevoel te geven dat zij met de auto niet welkom zijn. Een aantrekkelijke en bereikbare stad vraagt om een realistisch parkeerbeleid. Dank u wel. Daarom pleiten wij ervoor om terug te gaan naar een parkeernorm van 1,3 parkeerplaatsen per woning in plaats van 0,97. Het was ooit 1,3, maar het is teruggehaald naar 0,97. De heer Bootsman: Voorzitter? De voorzitter: U heeft een interruptie. Mijnheer Bootsman. De heer Bootsman: Dank u wel, voorzitter. Ik hoor mijnheer Safranti praten over het ophogen van de parkeernorm en over een groei naar 140.000 inwoners. Tegelijkertijd is het ook zo dat we in ieder geval het collegeprogramma hebben afgesproken dat er verdicht gaat worden en dat er niet gebouwd gaat worden aan de randen van de stad. Ik wil graag van mijnheer Safranti weten, hoe denkt hij dat dit gaat passen, meer woningen en meer parkeerplekken op de kleine ruimte die we hebben en de verdichting? De voorzitter: Mijnheer Safranti. 9 De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel voor de vraag. Dat is in dit geval aan het college. Ik kan daar heel veel voorbeelden van gaan noemen. Ik zal er ook een aantal kunnen noemen, maar daar zullen jullie niet blij mee zijn, denk ik. Als ik zeg van, geen parkeerplaatsen ten koste van groen, of andersom trouwens. Nogmaals, dat laat ik in dit geval aan het college.
Ik geef dit mee, omdat we het gevoel hebben dat het straks herzien gaat worden. 1,3 was altijd een prima optie qua parkeerplaatsen. Dat is teruggedraaid naar 0,97. Ik zeg niet dat het 1,3 wordt, maar de optie ligt open om daar gebruik van te maken. Uiteraard vinden we ook het groen belangrijk, maar vergroening mag niet ten koste gaan van voldoende parkeerplaatsen. Het moet mogelijk zijn om beide ambities in balans te brengen. Eigenlijk is het ook een antwoord op uw vraag, om dat een beetje in balans te kunnen hebben. Daar zou het college antwoord op kunnen geven. Over de vorm van de vergunningen kan ik kort zijn, want daar had ik ook een heel stuk over, maar volgens mij hebben Beter voor Dordt en de VVD een en ander benoemd dat wij ook wilden gaan benoemen. Wij zien de herziening van het parkeerbeleid dan ook als een kans om te komen tot een beleid dat aansluit bij de behoefte van onze inwoners en bij de groeiambities van Dordrecht. Dank u wel. De heer Groenewege: Voorzitter? De voorzitter: Dank u. Zag ik een … Daar. Ik moest even kijken waar de interruptie vandaan kwam. Mijnheer Groenewege van Partij voor de Dieren. De heer Groenewege: Dank u wel. DENK geeft aan dat ze de parkeerambitie en de groenambitie in balans willen brengen. Hoe vindt DENK dat die balans nu is in de omgeving van Hoekenessestraat, waar we het vandaag over hebben? De voorzitter: Mijnheer Safranti.
De heer Safranti: Daar kan ik kort over zijn, voorzitter. Ik wil mijnheer Groenewege trouwens bedanken voor de vraag. Ik heb tijdens de afgelopen commissie heel duidelijk aangegeven dat ik het vandaag wilde hebben over het herzien van het volledige parkeerbeleid. Ik kan wel een mening daarover geven, maar daar heb ik me van vandaag niet over gebogen. Waarom niet? Omdat ik juist wil dat het hele parkeerbeleid opnieuw herzien wordt. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u. Dan hebben we nog een laatste politieke vraag en die is van Forum voor Democratie. Mijnheer Verdoorn. De heer Verdoorn: Deze vraag moet gesteld zijn door mijnheer Cobben en die is afwezig. Ik improviseer eventjes naar aanleiding van de vraag die hij daar gesteld heeft. Zijn we bereid, voordat wordt overgegaan tot parkeerregulering, maximaal in te zetten op het uitbreiden van de beschikbare parkeercapaciteit? Wat ik nu net eventjes opving in de vergadering, was dat in bepaalde gevallen bewoners niet echt de behoefte hebben aan parkeerruimte, maar als er bijvoorbeeld voor sporten, werken of ondernemers wel behoefte is aan parkeerruimte, dan kan ik me toch voorstellen dat het van algemeen belang dan is dat die ruimte er wel komt, ook al is het voor de bewoners dan niet per se een noodzaak. Dat is dan een punt.
Dan werd net ook al eventjes gesproken over groen, 10 vergroenen en de bepaalde visie op voor 2040. Ik had al eens even wat contact met mensen die dan zeiden, dan is er vergroend in een bepaalde wijk, zijn er bosjes geplaatst, daar gooien mensen vuil in en daar komen dan de ratten op af. Ik zou zeggen, waarom zouden we dan niet kijken naar het planten van bomen? Die kunnen helemaal over de parkeerplaatsen heengaan zonder dat je last hebt van vuil, van wat in de bosjes terecht komt en ongedierte en op zich afroept. De voorzitter: Ik zie een interruptie van mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ik zat te denken, misschien kan ik mijnheer Verdoorn een handje helpen. Ik denk Forum en mijnheer Cobben zodanig te kennen dat achter het stellen van de politieke vraag ook de gedachte zat, voordat je in een buurt het gesprek voert over betaald parkeren, dat je overweegt dit te gaan doen, het goed is om, voor je dat ergste of sterkte middel inzet, te kijken van, kun je nog parkeerplekken toevoegen en kun je nog iets doen met die parkeercapaciteit? Ik hoop dat u dit kunt bevestigen. Dat is mijn vraag. Dat is toch ook wel iets wat Forum een goed vindt? Dat je, voordat je het over betaald parkeren hebt, het gesprek te voeren om te kijken of er ruimte is om nog wat plekjes toe te voegen. De voorzitter: Mijnheer Verdoorn. De heer Verdoorn: Dank u wel. Daar ben ik het inderdaad mee eens.
Verder dan nog een ander punt waar ik me wel in kan vinden, dat is wat gezegd wordt over schoolterreinen of busjes en dat je op een bepaald moment van de dag behoefte het aan een schoolterrein waar leerlingen kunnen zijn of waar auto's van docenten geparkeerd staan en in de avond, bij wijze van spreken, waar busjes weer gebruik kunnen maken van de parkeerruimte. Dat zijn wel een aantal overwegingen waar ik aandacht voor zou willen vragen. De heer Bootsman: Voorzitter? De voorzitter: Dank u wel. Ik zie dat u een interruptie heeft van mijnheer Bootsman. De heer Bootsman: Ik hoorde net het interruptiedebatje tussen mijnheer Verdoorn en mijnheer Kuhlmann waar het gaat over betaald parkeren, het sluitstuk van het hele proces. Dan maak je meer parkeerplaatsen bijvoorbeeld. De parkeerdruk blijft hetzelfde, er gaan meer mensen parkeren en dan gaan we betaald parkeren. Mensen die niet uit die wijk komen gaan daar niet meer parkeren en dan staan er parkeerplekken leeg waar bijvoorbeeld ook groen had kunnen zijn. Hoe kijkt Forum voor Democratie daar tegenaan? De voorzitter: Mijnheer Verdoorn. De heer Verdoorn: Ik kon het laatste gedeelte van uw vraag niet goed verstaan. De voorzitter: Wilt u de vraag nog eens herhalen, mijnheer Bootsman? De heer Bootsman: Zeker.
Als laatste zei ik, als je parkeerplaatsen hebt toegevoegd en daarna blijkt de parkeerdruk hoog te blijven, dan komt er alsnog betaald parkeren. Dan 11 staan de parkeerplekken leeg, want de mensen die niet uit de wijk komen gaan daar dan niet meer parkeren. Op die plekken had dan bijvoorbeeld ook iets van groen kunnen zijn. De voorzitter: Mijnheer Verdoorn. De heer Verdoorn: In dat geval had misschien het parkeertarief iets lager kunnen zijn, zodat die druk weer wat minder groot wordt om de auto's weg te jagen. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie nog een interruptie van Mijnheer De Feijter. De heer De Feijter: Dank u wel, voorzitter. Ik wil even terug naar het begin van de woordvoering van mijnheer Verdoorn, omdat ik dat eventjes goed wil begrijpen. Aan het begin van de woordvoering zei mijnheer Verdoorn dat zelfs als inwoners zelf geen behoefte hebben aan extra parkeerplekken, maar willen dat hun kinderen kunnen spelen in speeltuintjes, spelen in het groen en er bijvoorbeeld toch bedrijven zijn die wel parkeerplekken willen, dat het dan alsnog in het algemeen belang is dat er meer parkeerplekken komen. Begrijp ik mijnheer Verdoorn daarin goed? De voorzitter: Mijnheer Verdoorn. De heer Verdoorn: Dank u wel voor de vraag.
Het is ook in het belang van ondernemers, in de zin van bijvoorbeeld winkels die in een bepaalde wijk zitten, dat mensen goed de gelegenheid hebben om er met de auto naartoe te gaan, zodat ze daar eventjes een boodschap, of wat ze dan ook willen doen daar, kunnen doen. De voorzitter: Nog een vervolgvraag, zie ik. De heer De Feijter: Ik ben benieuwd vanuit het perspectief van de inwoners van die wijk. Wat doet dat met de democratie in Forum voor Democratie? De voorzitter: Mijnheer Verdoorn. De heer Verdoorn: Ik weet niet precies waar u heen wilt met deze vraag. Ik denk wel dat we toch zullen moeten kijken naar het algemeen belang. Dat is niet alleen maar het belang van de bewoners. De voorzitter: Dat is voldoende voor nu. Op dit moment hebben alle fracties die een politieke vraag hebben geformuleerd hebben ook het woord gevoerd. Even kijken. Hebben alle overige fracties de behoefte om een woordvoering te doen? Ik zie veel geknik. Voor mijn eigen overzicht wil ik het rijtje afgaan. Dan kan ik beter bijhouden wie er geweest is. Aan mijn linkerhand zie ik als eerste de fractie van de VSP. Wie van jullie wil graag het woord voeren? Ik zie mijnheer Vroon zijn vinger opsteken. U heeft het woord. De heer Vroon: Dank u wel, voorzitter. De VSP is van mening dat het huidige stappenplan voor een groot gedeelte goed is uitgevoerd.
We hebben wel een belangrijk aandachtspunt, parkeerregulering blijft een primair proces van de bewoners. Daarnaast is er ruimte voor maatwerk, maar ook voor flexibiliteit, kijkend naar wat mogelijk is binnen de kaders die we met elkaar hebben afgesproken en om die te herzien. We 12 hebben ook de ambitie voor een groenblauwe stad. Als dat meegenomen kan worden, kijkend naar uitbreiding of de herinrichting, dan is het, wat de VSP betreft, wel het doel dat samen te kunnen gaan voegen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De eerstvolgende op de rij is dan … De heer Safranti: Voorzitter? De voorzitter: Toch nog een interruptie. Mijnheer Safranti. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik weet dat VSP, in dit geval, afstandelijk is richting de ambitie van 140.000 inwoners. Hoe kijkt de VSP, gezien het nieuwe college, nu naar die ambitie van 140.000 inwoners qua groei? De voorzitter: Mijnheer Vroon, hoe kijkt de VSP daarnaar? De heer Vroon: Even een verduidelijkende vraag. Hoe bedoelt u verantwoordelijk ertegen? Tegen die 140.000? De voorzitter: Mijnheer Safranti. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, ik weet uit ervaring, uit het verleden, dat de VSP tegen de groeiambitie is van 140.000 inwoners, van onze stad. Nu de VSP in het college zit, wil ik graag weten hoe zij daarnaar kijken. De voorzitter: Mijnheer Vroon.
De heer Vroon: Wij zijn voor een groei en hebben de ambitie om te groeien. Voor de groei. Zeker. De voorzitter: Ik zie voldoende duidelijkheid nu. Het was voor. Dan zijn we nu bij de volgende fractie, Partij voor de Dieren. Mijnheer Groenewege. De heer Groenewege: Dank u. Ik wil ook wat laten zien. Voorzitter, het Land van Valk, en zeker de omgeving van de Hoekenessestraat, bulkt werkelijk van de parkeerplaatsen. Hele straten staan vol met stilstaand blik in plaats van groen, bomen, speelplekken of bankjes. Sommige straten zijn, wat de Partij voor de Dieren betreft, ronduit onleefbaar, omdat de enige ruimte die voor mensen, dieren en groen overblijft, een ontoegankelijke smalle stoep is. Probeer daar maar eens doorheen te komen. Er passen evident geen parkeerplaatsen bij, maar dat moeten we volgens de Partij voor de Dieren ook helemaal niet willen. Voorzitter, wat de Partij voor de Dieren betreft laten we het Dordtse parkeerbeleid vandaag nog los en voeren we morgen binnen de hele bebouwde kom betaald parkeren in. Mensen die hun auto op straat zetten, of dat 's ochtends, 's avonds of midden in de nacht is, nemen een stuk openbare ruimte in voor het stallen van hun privébezit. Daardoor kan er op dat stuk openbare ruimte geen groen geplant worden, kunnen er geen kinderen spelen, is er geen plek voor bankjes en ontmoeting en vermindert de algehele leefbaarheid.
De heer Dangerman: Voorzitter? 13 De heer Groenewege: De Partij voor de Dieren vindt het rechtvaardig als daar een vergoeding aan de gemeenschap tegenover staat. De voorzitter: Dank u. Heeft een interruptie van mijnheer Dangerman. De heer Dangerman: Ik sta bekend om mijn filosofische vragen, maar geldt het dan ook voor fietsen die je in de openbare ruimte parkeert? De voorzitter: Mijnheer Groenewege. De heer Groenewege: Best een goede vraag. We hebben niet echt een overschot aan fietsen of een tekort aan ruimte om fietsen te stallen, op de meeste plekken, maar bij auto's wel. Er zit ook een soort stimuleringsargument achter. De voorzitter: Dat is een voldoende filosofisch antwoord? Dank u wel. Mijnheer Groenewege, vervolgt u. De heer Groenewege: De Partij voor de Dieren wil de openbare ruimte leefbaarder en toekomstbestendiger maken, zodat we om kunnen gaan met de hittestress en wateroverlast die we, mede dankzij de auto's waar we het vanavond over hebben, steeds vaker zullen ervaren. De hele stad vol rammen met auto's gaat het niet worden, voorzitter. Hoe meer auto's, hoe meer files, hoe slechter de luchtkwaliteit en hoe minder groen.
Mensen die een auto echt nodig hebben, moeten daarover kunnen beschikken, maar daarnaast zullen we veel sterker moeten inzetten op de aantrekkelijkheid van alternatieven, zoals de fiets, deelvervoer en het ov, en op een alternatieve inrichting van onze oude, hete wijk. Met die blik kijkt de Partij voor de Dieren naar dit onderwerp. Geen populaire blik, dat snap ik. Geen verhaal waar je kiezers mee paait, maar het is wel een verhaal dat deze stad nodig heeft om leefbaar te worden en te blijven. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie dat u nog een interruptie hebt van mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Het verrast me niet dat de Partij voor de Dieren het liefst betaald parkeren in heel Dordrecht zou willen hebben. Ik heb niet de illusie dat we elkaar nu gaan overtuigen van wat daar het beste is. Toch wil ik wel even ingaan op het beeld dat zojuist geschetst en werd met de foto's die daar werden getoond, omdat het wel een eenzijdig beeld is. Ik ben benieuwd of mijnheer Groenenwege bereid is om dat te erkennen. Je kunt, als je een foto vanuit een bepaalde hoek maakt, een heel misleidend beeld schetsen. Kijk maar even naar de satellietbeelden van boven, er staan ook tuinen met groen erin, groen langs het spoor aan twee kanten.
De voorzitter: Mijnheer Kuhlmann, kunt u langzamerhand naar uw vraag toe komen? De heer Kuhlmann: Mijn vraag is of mijnheer Groenewege erkent dat het lang niet zo grijs is als hij nu doet voorkomen. Zijn stelling is dat er nergens parkeerplaatsen toegevoegd kunnen worden. Bij het stuk langs het spoor, bij de Crayesteynstraat, als bewoners dat zouden willen, waarom zou er dan in de ogen van de Partij voor de Dieren geen ruimte voor zijn? 14 De voorzitter: Mijnheer Groenewege. De heer Groenewege: Mijnheer Kuhlmann stelt een aantal vragen. Wat vooropstaat, is dat de Partij voor de Dieren mensen een groene voordeur gunt, of in ieder geval een omgeving van hun voordeur die groen is. We snappen dat er, als je een stukje verder loopt, wellicht wat groen te vinden is, ook in het Land van Valk. Dat is geen oplossing voor hittestress op jouw adres. Om onze stad leefbaar te houden met een klimaatverandering die, zoals we allemaal meemaken de afgelopen weken, steeds verder escaleert, zullen we ook escalerende maatregelen moeten nemen. Daarom zijn wij voorstander van radicale vergroening, ook van onze woonstraten. Niet een parkje om de hoek. Dat is voor ons niet voldoende. Het betekent ook dat we het groen dat er wel is graag met rust laten en niet om willen zetten in parkeerplaatsen. De voorzitter: Dank u wel. Dat was ook uw woordvoering? Dan ga ik het rijtje verder af.
Dan kom ik bij mijnheer Dangerman van D66. Gaat uw gang. De heer Dangerman: Dank u wel, voorzitter. Het was een interessante beeldvormende sessie, drie weken geleden. Het was daarin duidelijk merkbaar dat het moeilijk was om er geen politiek van te maken. Er ligt nu niet een raadsvoorstel voor, maar we gaan inderdaad evalueren. Met die blik kijk ik ook graag even terug naar wat voor mij en mijn fractie belangrijk is in het parkeerbeleid. Het is goed om te lezen dat we gaan evalueren. Het stappenplan, zoals de vorige keer is toegelicht, heeft genoeg haken en ogen om het grondig tegen het licht te houden. Zo is het voor onze fractie onlogisch dat voorwaarden voor parkeren zo vroeg al in het proces worden vastgesteld. Daardoor is later maatwerk moeilijker, als echt burgerparticipatie en informatie begint, en voelt het als voldongen feit. Laten we ook positieve kanten benoemen. Dan heb ik het over het parkeerreferendum. Het wordt steeds een enquête genoemd. Het is mij en mijn fractie totaal onduidelijk waarom, want het is in feite een referendum. Vraag aan de wethouder ook waarom het een enquête heet en geen referendum. Onzes inziens is het ook zo dat een referendum klinkt als een leuke stemming en een enquête als een ellenlange vragenlijst. Voorzitter, onze fractie is niet principieel voor of tegen betaald parkeren.
We vinden dat betaald parkeren niet mag worden ingevoerd puur om de gaten in de begroting op te vullen. Het is een besluit van de wijk. De drempel om het proces te starten is wel hoog. Daarom vinden wij het ook niet per se bezwaarlijk als de gemeente daarbij helpt, voornamelijk omdat de buurt in een parkeerreferendum uiteindelijk toch de sleutel in handen heeft en zal besluiten of betaald parkeren daadwerkelijk wordt ingevoerd. Wij zien uit naar de evaluatie van het stappenplan en het beleid. Dat lijkt ons het startpunt om verder te bouwen en ons standpunt verder uit te breiden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Dangerman. Dan de volgende op de rij. Dat is mijnheer Rudoj van Op Ons Eiland. De heer Rudoj: Dank, voorzitter. Mijn vraag is, waarom maakt de gemeente geen gebruik van flexibele alternatieven in plaats van betaald parkeren, zoals gratis eerste vergroening, vergoedingen voor de tweede auto's, blauwe zone of specifieke maatregelen voor bedrijfsvoertuigen? Volgens andere Nederlandse gemeenten, zoals Den Haag en Breda, is het veel effectiever en goedkoper voor de bewoners. 15 De voorzitter: Dank u wel. Die vraag is genoteerd. Dat was uw bijdrage? De heer Rudoj: Ja, dit was mijn bijdrage. De voorzitter: Uitstekend. U weet dat straks de wethouder aan de beurt komt. Eerst gaan we de ronde afmaken. Dan komen we bij de fractie van GroenLinks-PvdA.
Ik zie weer twee personen. Wie mag ik het woord geven? Mijnheer Bootsman steekt zijn vinger op en dat wordt gehonoreerd. De heer Bootsman: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, de parkeerdruk in de Hoekenessestraat en omgeving, wat vandaag de aanleiding is voor deze vergadering, zorgt bij een aantal Dordtenaren voor serieuze overlast. Bewoners geven aan dat zij in de avonduren soms geen parkeerplek meer kunnen vinden, dat de verkeersveiligheid en de leefbaarheid in de wijk onder druk staan. Die signalen moeten we serieus nemen. Tegelijkertijd maken we vandaag onderscheid tussen twee vragen. De eerste vraag is of het stappenplan voor parkeerregulering correct is uitgevoerd. Daarvan zijn wij overtuigd. De gemeente heeft het vastgestelde proces gevolgd. De tweede, wat ons betreft belangrijkere vraag, is of het stappenplan wel het meest geschikte instrument is. Het laat zien dat een zorgvuldig gedragen proces lang niet altijd hoeft te leiden tot een breed gedragen oplossing. Dat is voor ons een belangrijk leerpunt. Daarom vinden we het verstandig, en we zijn ook blij om te horen dat het gaat gebeuren, om het stappenplan te laten evalueren. Niet omdat voor per se het stappenplan afserveren en ook niet omdat we twijfelen aan de nut en noodzaak van betaald parkeren, maar juist omdat we zien dat het stappenplan niet altijd de oplossing is voor een parkeerprobleem in een wijk.
Daarvan willen we leren. We weten ook dat andere steden het anders doen. Zij maken andere keuzes als ze betaald parkeren invoeren en laten zich bijvoorbeeld leiden door de parkeerdruk. Voorzitter, wij staan positief tegenover maatwerk. Maatwerk is geen doel op zich, maar parkeerproblemen verschillen per gebied. In sommige buurten speelt het probleem vooral overdag, in andere juist in de avonduren. Als bewoners aangeven dat een meer gerichte aanpak beter aansluit bij hun situatie, moeten wij daarvoor openstaan. Daarnaast kan maatwerk ervoor zorgen dat belangrijke functies in de wijk, denk aan een gezondheidscentrum, ook per auto bereikbaar blijven wanneer dat nodig is. Dit betekent niet dat we nu al wijzigingen willen doorvoeren. Eerst evalueren, daarna conclusies trekken. Laten we niet op de uitkomsten vooruitlopen. De voorzitter: Dank u wel. U heeft een interruptie van mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ik zou graag willen weten of GroenLinks-PvdA bereid is om kleur te bekennen. Aan de ene kant heb je een hele heldere positie, zoals Partij voor de Dieren zojuist heeft ingenomen, principieel voorstander van de uitbreiding van betaald parkeren, ook in wijken waar het nu nog niet zo is, los van wat de bewoners er in de wijk van vinden.
Aan de andere kant heb je partijen die zeggen, ik heb het net D66 horen zeggen, maar ook een heel aantal partijen aan deze kant van de tafel, het is cruciaal dat je invoert dat bewoners beslissen. Nu ben ik heel benieuwd, aan welke kant staat GroenLinks-PvdA? De voorzitter: Mijnheer Bootsman. 16 De heer Bootsman: Dank voor de vraag. Ook dat is weer tweeledig. In sommige wijken kan het best goed zijn dat je wacht tot bewoners met iets komen, maar in andere wijken, waar je ziet bij de parkeerdrukmeting dat de parkeerdruk structureel gigantisch hoog is, zou je het ook op een andere manier kunnen doen. Ik denk dat het vooral heel belangrijk is dat we de evaluatie afwachten en dat we zien wat daar uitkomt. Dan gaan we na de evaluatie zeker dit gesprek met elkaar voeren. De voorzitter: Dit tweeledige antwoord is nog niet helemaal tot tevredenheid, geloof ik. Mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ik probeer het heel helder te krijgen. Ik begrijp het goed dat het voor GroenLinks-PvdA bespreekbaar is, u sluit het niet uit, dat er betaald parkeren, als het aan u ligt, wordt ingevoerd in een wijk of gebied waar bewoners er niet om vragen of dat niet in meerderheid willen? De voorzitter: Mijnheer Bootsman. De heer Bootsman: Jazeker, om overlast in de toekomst te voorkomen.
Als je al aan een parkeerdrukmeting ziet dat de parkeerdruk richting of misschien zelfs wel over de 100 procent gaat, dan ervaren mensen nu wellicht nog geen overlast, maar zeker weten over een paar maanden wel. De voorzitter: Tot slot dan, mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Tot slot, concluderend, jammer dat dan op dit onderdeel participatie voor GroenLinks-PvdA kennelijk minder zwaar weegt dan de wijsheid vanuit het Stadskantoor en dat daar toch maar betaald parkeren zou moeten komen. De voorzitter: Daar wil ik toch even tegen ageren. De voorzitter: Mijnheer Bootsman. De heer Bootsman: Als ik zo vrij mag zijn. Ik zeg niet dat we het dan zonder participatie moeten gaan doen. Je kan dan bijvoorbeeld een bijeenkomst organiseren waarin je met bewoners het gesprek aangaat. Je hoeft niet meteen te zeggen, jullie gaan nu betaald parkeren, punt, zonder participatie. Zo bedoelen wij dat dan ook weer niet. De voorzitter: Even kijken. Ik zie nog een interruptie van mijnheer Groenewege.
De heer Groenewege: Als ik mijn privébezit, een auto, in de openbare ruimte parkeer, ook in een wijk waar de parkeerdruk mogelijk niet zo hoog is, vindt GroenLinks-PvdA het dan gerechtvaardigd dat ik daarvoor een vergoeding betaal aan de gemeenschap, omdat die openbare ruimte dan niet voor iets anders gebruikt kan worden, zoals groen of bankjes of noem maar op? De voorzitter: Mijnheer Bootsman, is dat gerechtvaardigd? De heer Bootsman: Ja. Aan de ene kant denk ik dat het gerechtvaardigd is. Aan de andere kant denk ik dat we ook moeten kijken van, hoe doe je dat zonder dat je meteen 17 alle inwoners tegen je opzet? Dat het gerechtvaardigd is, ben ik in principe met mijnheer Groenewege eens. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Bosman, was dat meteen ook uw woordvoering? De heer Bootsman: Nee. De voorzitter: Nog niet? Gaat u dan verder. De heer Bootsman: Ik was bij mijn laatste punt. Tot slot, voorzitter, wat ons betreft is het uitbreiden van de parkeercapaciteit geen oplossing. De afgelopen dagen bleek dat sommige straten in Dordrecht tijdens de hete zomers, en die gaan we helaas vaker meemaken, bloedheet worden. Als we willen dat mensen naar buiten kunnen blijven gaan en als we onze kwetsbare mede Dordtenaren willen beschermen tegen de hittestress, moeten we ervoor zorgen dat die straten weer wat koeler worden. Gelukkig kan dat.
De voorzitter: U heeft wederom een interruptie van mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Het is al even eerder aan de orde geweest in dit debat en ik hoor nu ook mijnheer Bootsman heel scherp zeggen, het is of parkeerruimte of groen. Alsof die twee zaken niet te combineren zijn. Daar hebben we toevallig ook in het akkoord wat over opgenomen. Ik ben heel benieuwd hoe GroenLinks-PvdA daar tegenaan kijkt. Als het bijvoorbeeld gaat om van die tegels waar gras tussen groeit of een parkeergarage waarbij de buitenkant groen is, is dat dan vanuit de blik van GroenLinks-PvdA alsnog iets wat slecht is? Er komen dan parkeerplekken bij. Hoe kijkt u daar tegenaan? De voorzitter: Mijnheer Bootsman, hoe kijkt u tegen deze dingen aan? De heer Bootsman: Als je het kunt combineren, dan is het heel mooi. Als je een parkeergarage maakt, maak het lekker groen. Ten tweede is de ruimte op ons eiland wel schaars aan het worden. Met alleen een grasbetontegel met wat sprietjes tussen je parkeerplaats uit kom je er niet in de vergroeningsopgave. Daar ga ik zo nog wel verder iets over vertellen in mijn woordvoering. De voorzitter: Dank u. Ik begrijp dat uw woordvoering nog verdergaat? De heer Bootsman: Ja, ik heb nog een paar zinnen, maar k heb nog een interruptie, zie ik. De voorzitter: Ik zie eerst nog een interruptie van mijnheer Rudoj. De heer Rudoj: Ik heb een vraagje.
Hoe bedoel je dat straten koeler worden? Dat is interessant. De voorzitter: Mijnheer Bootsman. De heer Bootsman: Daar heb ik zo in mijn woordvoering nog wel een stukje over, maar ik kan een klein tipje van de sluier oplichten, parkeerplaatsen zijn over het algemeen versteend en steen wordt heel erg warm. Als je daar bijvoorbeeld een struik neerzet, dan 18 is het veel koeler, maar daar kom ik zo nog wat duidelijker op terug in mijn woordvoering. De voorzitter: Is dat voldoende voor u? De heer Rudoj: Het is niet helemaal duidelijk voor mij. Het wordt koeler, maar ik kan mijn auto niet parkeren. Het wordt groen. Ik vind het leuk, ik kom naar buiten. Ik vind het heel cool, maar mijn auto staat ergens 5 kilometer verderop. Dan moet ik lopen, word ik warm en krijg ik misschien een hartaanval in de hitte. Dat is de vraag. De voorzitter: Heeft u nog een vervolgvraag voor mijnheer Bosman of wil mijnheer Bootsman reageren? De heer Bootsman: Ja, voorzitter, ik wil zeker reageren. Inderdaad, als je een stukje moet lopen, dan krijg je het warm. Als het gaat over verkoeling, dan gaat het er niet om dat mijnheer Rudoj het niet warm heeft, maar wel om dat het misschien buiten geen 38 graden is, maar 36 graden. Dat maakt voor de volksgezondheid en voor kwetsbare mensen die heel veel last hebben van de warmte echt al een wereld van verschil.
De voorzitter: Tot slot, mijnheer Rudoj nog een laatste vraag. De heer Rudoj: Ik vind misschien een mooi woord. Ik weet het niet. Het is misschien de oplossing, misschien 36, misschien 38, misschien 20. Het lost geen parkeerprobleem op. Het wordt niet echt groener van dat woord. De voorzitter: Tot slot, mijnheer Bootsman. De heer Bootsman: Vergroenen lost geen parkeerprobleem op. Dat ben ik met mijnheer Rudoj eens. Het levert wel een bijdrage aan het tegengaan van hittestress. We hebben schaarse ruimte op ons eiland. Niet alles past nu eenmaal binnen de grenzen die met elkaar zijn afgesproken. De voorzitter: Akkoord. Mijnheer Bosman, was uw woordvoering klaar? De heer Bootsman: Nee. De voorzitter: Wilt u afronden? De heer Bootsman: Dat ga ik zeker doen. Ik zei, gelukkig kan dat ook door extra bomen te planten, te vergroenen en te zorgen voor een kwalitatief goede openbare ruimte. Meer parkeerplaatsen aanleggen past daar niet bij. Nu kom ik op het punt dat ik net heb aangekondigd, want als je een parkeerplaats die opmeet met een infraroodthermometer, dan is dat zo'n 10 graden warmer dan het gebied rondom een boomspiegel. Dit maakt dat de opgave juist is om beschikbare ruimte slimmer en eerlijker te gebruiken, want zo veel ruimte hebben we niet op ons mooie eiland. We kunnen niet en veel woningen toevoegen en veel parkeerplaatsen en voldoende groen.
Daarvoor is de ruimte te schaars. Dank u wel. 19 De voorzitter: Dank u voor uw bijdrage. Dan steken we als het ware over naar de andere kant van de tafel. Ik zie al dat er driftig gebaard wordt, maar ik ga naar degenen die nog niet aan het woord zijn geweest. Dit betekent dat ik mijnheer Va Aarle van het CDA het woord ga geven. De heer Van Aarle: Dank voorzitter. Ik zou niet mijnheer Safranti weer in de rede willen vallen. Voorzitter, dank. Er is al veel gezegd vanavond. Ik ga niet alles herhalen, maar de kern eruit halen van wat het CDA belangrijk vindt. We hebben kennisgenomen van de zaken rondom het parkeerbeleid. Er zijn een aantal zaken die ons wel echt hebben verbaasd, zeker ook als het gaat rondom het gebeuren bij het Land van Valk. Dat laat duidelijk zien dat het beleid aan herziening toe is. We zijn blij dat het college die opdracht oppakt in het coalitieakkoord. Ik denk dat we het met VVD eens zijn dat het goed is om het college een misschien aantal piketpalen of voorbeelden mee te kunnen geven om daarover na te denken en wellicht op terug te kunnen komen, zodat we het daarover kunnen hebben. Ik zit even te zoeken naar alles wat er al gezegd is en wat ik er dan uit kan laten.
Voor ons is het belangrijkste van, hoe gaan we nu met de burgers om en met de burgerparticipatie? Is het zo dat als de mensen in de wijk een handtekeningenactie starten vanwege de problemen rondom parkeerbeleid en parkeerschaarste in de straten dat het voor de gemeente een rechte lijn is naar betaald parkeren invoeren? Dat hopen wij niet. Die participatie mag, wat ons betreft, nog serieuzer genomen worden en wellicht als gemeente mee optrekken met de mensen, meer dan wat er nu al gebeurt, om misschien wel in een soort waaier van opties mee te geven, buiten alleen het betaald parkeren om. Betaald parkeren is niet per se, in een rechte lijn gaan we nu naar betaald parkeren toe. Er zijn veel meer mogelijkheden. Die zijn genoemd. Ik heb mijnheer Rudoj en mijnheer Kuhlmann voorbeelden horen noemen en andere partijen ook. Ik zou echt het college willen oproepen om daar aandacht voor te hebben. Hoe gaan we nu vanaf stap 1, die handtekeningenactie, tot aan dat die laatste stap, wellicht invoeren, maar vooral die enquête of het referendum, laat ik het woord maar in de mond nemen? Daartussenin gebeurt een hele hoop.
Hoe kunnen we de mensen in de wijk goed begeleiden, zodat de onrust tussen de burgers er niet hoeft te zijn? Die avonden worden wel georganiseerd, maar hoe kunnen we de mensen dusdanig begeleiden dat er niet allerlei tegenprotesten zijn, maar dat er veel meer begrip is voor alle opties die er liggen, zodat er goede keuzes zijn die de wijken kunnen maken? De voorzitter: Dank u wel. U heeft een interruptie van mijnheer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ik probeer even mee te denken met mijnheer Van Aarle. Hij noemt, denk ik, goede punten. Voor wat betreft de vraag die mijnheer Van Aarle stelde, hoe kun je mensen een beetje meenemen en zorgen dat er niet te veel tegenstellingen zijn, zou het daarbij helpen als we in plaats van een menukaart met een gerecht, namelijk betaald parkeren van 9.00 tot 22.00 uur, het menu wat uitbreiden, ook met andere tijden en wat opties voor verschillende zaken? Net als wanneer je naar een restaurant gaat en denkt, hier heb ik misschien wel trek in en op het moment dat iemand zegt, dit wil ik helemaal niet, het dan niet alleen maar ja of nee is, maar dat er ook iets is om het met elkaar over te hebben. De voorzitter: Mijnheer Van Aarle, hoe denkt u daarover? 20 De heer Van Aarle: Dat is wat ik zeg. Het komt wel overeen. Wij zeggen, gemeente, geef alsjeblieft meer opties, schets een breder beeld van wat mogelijk is.
Het lijkt er wel op alsof het invoeren van het parkeerbeleid 2019 nu te veel gericht is op de problematieken van het centrum, terwijl het naar de woonwijken die hieraan grenzen en richting Sterrenburg opschuift. Het zijn hele andere vragen die daar leven, een hele andere problematiek die daar speelt. Alsjeblieft, komt met meer gerechten op de menukaart, meer bullets op de waaier. Geef het een naam. Help de mensen meedenken en geef niet het gevoel, u bent een handtekeningenactie gestart en we gaan nu in een rechte lijn naar betaald parkeren toe. De voorzitter: Duidelijk. Ik zie nog wat vragen aan u. Allereerst mijnheer Groenewege van de Partij voor de Dieren. De heer Groenewege: Grappig hoe u de partijnaam steeds zo nadrukkelijk uitspreekt, voorzitter. Dank. Dat leidt mij enorm af. Even denken. Mijnheer Van Aarle legt heel erg de nadruk op participatie en bewoners betrekken bij besluiten die de gemeente neemt. Daar zijn we het als Partij voor de Dieren in algemeen zin mee eens, maar er zit ook een balans in. We zien ook dat sommige besluiten die populair zijn niet meer de problemen oplossen, omdat ze te slap zijn.
Dit is een probleem dat wij ook bij de bespreking van het coalitieakkoord hebben aangekaart, dat de politiek er, zeker de afgelopen decennia, niet meer in slaagt om grote problemen op te lossen, omdat sommige kwesties gevoelig liggen, best wel moeilijke besluiten vergen en ook het lef om dat moeilijke besluit te nemen. Ik ben wel benieuwd waar daarin de balans zit voor het CDA. In hoeverre moet het parkeerbeleid van de gemeente Dordrecht populair en gedragen zijn en in hoeverre mag het proactief problemen oplossen, ook als dat af en toe niet populair is? De voorzitter: Mijnheer Van Aarle, kunt u daar uw licht op schijnen? De heer Van Aarle: Ja, dat kan. Het is zo dat leidinggeven en beleid maken niet per se een populaire taak is. Daar ben ik mij helemaal van bewust. Het vraagt om eerlijk en … Ik moet eventjes nu een kleine reflectie maken op deze vraag. Het vraagt om eerlijk zijn en ook wel een langetermijnvisie kunnen schetsen aan de mensen met wie in gesprek ben. Het gaat er niet om dat je als overheid dan ook maar de populaire maatregelen voorhoudt. Je moet ook laten zien, wat doet het met de toekomst van jouw wijk als we hiervoor gaan kiezen en wat zijn dan de effecten daarvan? Het kan niet zo zijn dat je alle impopulaire maatregelen buiten de waaier houdt en alleen maar meepraat met wat de burgers willen.