CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.2 2025.09.09 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.pdf

Gemeenteraad Dordrecht 14 oktober 2025, gemeente DordrechtBij agendapunt: 2: Vaststellen van de notulen van de Gemeenteraad van 23 september 2025 en de Dordtse Dinsdag van 9 en 16 september 2025 Vergaderzalen 1, 3 en 534.614 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Nou heb ik natuurlijk goed gehoord, voor het grote scheepvaartverkeer één keer per maand, in die periode van negen maanden, moet de boel open kunnen. Als ik dan terugreken, negen maanden, en daartussen moet hij zeven keer open kunnen. Is het niet technisch mogelijk, tenminste, ik zou denken van wel, dat je bij wijze van spreken zeven keer de brug opbouwt en afbouwt? Dan heb je een brug voor fietsers, zoals mijn collega Lammens zojuist voorstelde, die op het moment dat die ene keer per maand, die zeven keer dat het nodig is, verdwijnt en daarna weer terugkomt. Ik begrijp, dat doet wat met de kosten, maar technisch zou het moeten kunnen. Of maak ik nu een denkfout? Mevrouw Wonnink: Wij zijn nu in gesprek met de maritieme maakindustrie. En het uitgangspunt was uiteraard één keer per maand, maar ik sluit niet uit dat die frequentie omhoog zal gaan, als dat haalbaar is. Want die vraag is er wel. De voorzitter: Helder. Ik ga nu echt het woord geven aan mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Hele rare vraag misschien. Maar is het de Merwedebrug of is het de Papendrechtsebrug? De voorzitter: Hoe heet de brug?

59

Mevrouw Wonnink: De Merwedebrug Papendrecht. Maar ik heb weleens een presentatie gezien, daar stond vrolijk een foto van de brug in Gorinchem. Daarom roep ik maar gewoon Papendrechtsebrug. Dan denk ik, dan weet iedereen waar we het over hebben. Maar een terechte vraag. De voorzitter: Helder. Zijn er verder nog vragen aan … Mevrouw Kruger, als laatste. Mevrouw Kruger: Ik bedacht me opeens, omdat ik dat kaartje weer zie, Kerkeplaat en zo, dat zijn niet echt prettige plekken om op een pontje te stappen. In hoeverre wordt er rekening gehouden met de veiligheid, vooral in de donkere dagen? Mevrouw Wonnink: Daar hebben we uiteraard naar gekeken. Dat was een van de afwegingen die we hebben gemaakt. Wij zijn ook gewoon gaan kijken, waar zouden we kunnen aanlanden? We hebben ook gekeken in de Biesbosch, maar toen stond ik daar 's avonds en toen was het donker, dacht ik, hier wil ik echt helemaal niet staan. Laat staan dat ik een dochter zou hebben die daar zou moeten fietsen. Dat zou ik al helemaal niet willen. Dit was nog een relatief sociaal veilige plek, omdat je redelijk snel in een bewoond gebied bent. Maar we gaan uiteraard kijken naar verlichting en als het onveilig is of we daar iemand neer moeten zetten. Daar wordt allemaal naar gekeken. De voorzitter: Helder. Dan nu denk ik dat we naar de volgende spreker kunnen gaan. Dat is de heer Van Bijsteren van de Veiligheidsregio.

En die heeft ook een aantal slides. Die gaat de heer Beemer voor ons op het scherm toveren. De heer Van Bijsteren: Even kijken. Ik heb een handjevol slides voor u voorbereid om u eigenlijk mee te nemen in hoe we als nood- en hulpdiensten omgaan met de vraag die hier bovenaan staat van, hoe zorgen we ervoor dat we tijdens de renovatie van de Papendrechtsebrug er toch voor zorgen dat de juiste hulp op tijd op de juiste plaats kan komen? Ik neem u graag even mee in het proces. En toch eerst even een stukje achtergrond, om te verklaren waarom we tot dat proces zijn gekomen. We hebben gezien dat de afgelopen jaren de intensiteit en de duur van renovatieprojecten echt fors aan het toenemen is. Dat zien we ook in dit plaatje. Het gaat anders worden dan wat we gewend zijn. We waren in het verleden gewend dat er eens een keer een weekend een klus werd uitgevoerd, waardoor er hinder was. We gaan echt, de Papendrechtsebrug is helaas wel een wel een goed voorbeeld in deze, een periode van 9 maanden tegemoet. We zien dat het steeds heftiger gaat worden. Leg je daar de planning naast, dan verklaart dat ook een hoop. Dit is de planning alleen voor Zuid-Holland. En ook nog eens een keer alleen vanuit Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid.

Voor de beeldvorming, dan moet hier eigenlijk nog eenzelfde laag overheen met de andere wegbeheerders, de provincie, de gemeente, de waterschappen, ProRail, ga zo maar door. Die infraopgave is echt ontzettend fors. Maar dat heeft er ook voor gezorgd, en ook goed om te weten, het zwaartepunt ligt echt op dit moment in Zuid-Holland. Vorig jaar gaven jullie nog aan dat ongeveer 80 procent van het budget voor alle renovaties op dat moment gewoon naar Zuid-Holland ging. Het zwaartepunt in de uitvoering ligt in Zuid-Holland. En daardoor zien we gelukkig ook dat we in de processen echt een stuk verder zijn dan gemiddeld gezien de rest van Nederland. Als ik dan inzoom op de nood- en hulpdiensten, dat is toch vaak een puntje wat wordt benoemd als zorgenkindje in dit soort processen, we hebben echt stappen gemaakt. We hebben

60

gezien dat na de renovatie van de Haringvlietbrug en de Heinenoordtunnel we afgestapt zijn van het projectmatig benaderen, maar dat we echt projectoverstijgend afspraken zijn gaan maken. Waardoor we de opgave die op ons afkomt en waar we met meer dan een half been in zitten eigenlijk in de overtuiging wel kunnen zeggen dat we die de baas kunnen. We hebben een proces neergezet met elkaar, een samenwerking. Voor elk project gaan we om tafel zitten, en we is dan Rijkswaterstaat en de nood- en hulpdiensten, met elkaar, dat zijn alle veiligheidsregio's in Zuid-Holland en Rijkswaterstaat West-Nederland Zuid, een handelingskader afgesproken. Dat is eigenlijk een heel simpel stappenplannetje. En we hebben eronder proces- en werkafspraken zitten. En dan toch nu de brug naar de Papendrechtsebrug. Wat ik net al noemde, dit is een kunstwerk wat niet alleen qua duur echt wel maatgevend is in de renovatieopgave, 9 maanden. Dat zorgt echt voor een extra dimensie in de opgave, maar ook in, hoe ga je maatregelen nemen? Als je iets voor 9 maanden moet gaan regelen, is dat echt anders organiseren dan wanneer je dat voor een paar weken moet doen. Maar het is ook nog gelijk zo’n beetje het meest complexe kunstwerk vanuit de nood- en hulpdiensten, gezien voor de regio. Vandaar ook het gesprek of de discussie die net een beetje begon rondom de Baanhoekbrug.

Als we bijvoorbeeld kijken naar de ambulancedienst, het Albert Schweitzer ziekenhuis heeft echt een regiofunctie. Op het moment dat het alleen maar erom zou gaan van, hoe krijgen we de juiste hulp op tijd op de juiste plaats, dan zou je nog kunnen denken in maatregelen van, zet maar wat extra ambulances neer of wat dan ook. Is wel een beetje simpel gezegd, maar dan kan je nog in die maatregelensfeer gaan denken. Maar op het moment als je een slachtoffer helemaal in je ambulance hebt zitten, niet meer op tijd in het ziekenhuis kan komen, dan heb je ook een probleem. En dat is echt aan de hand als we kijken naar de afsluiting van de Papendrechtsebrug. Zonder een nabijgelegen oeververbinding redden we het gewoon niet om ook dat stuk te kunnen gaan realiseren, mensen op tijd in het juiste ziekenhuis te krijgen. Verder is het ook goed om aan te geven dat we nu dat handelingskader aan het doorlopen zijn met elkaar. Klinkt een beetje stoffig. Maar de fase waar we nu in zitten, is dat we echt aan het kijken zijn met elkaar van, we hebben samen, nood- en hulpdiensten en Rijkswaterstaat, een verkeersbeeld voor ogen waarvan we echt zeggen, dit mogen we verwachten en daarmee moeten we ook voor dat beeld maatregelen gaan treffen.

En waar we nu zitten als nood- en hulpdienst, is dat we echt politie, ambulance en brandweer gezamenlijk aan het kijken zijn, welke maatregelen kunnen we dan gaan treffen? Waar hebben we het over? We hebben inmiddels een pakket liggen. Want alleen met toegang tot de Baanhoekfietsbrug zijn we er niet. Die Baanhoekfietsbrug is voor ons wel superbelangrijk. Even als voorbeeld de brandweer. We hebben heel veel normale tankautospuiten, de klassieke brandweerauto in de regio. Daar kan je nog gaan denken in die maatregelen als van, kan je wat verschuiven? Maar van een aantal dingen hebben we er maar eentje. Bijvoorbeeld, we hebben maar 1 duikteam. Die moet de hele regio bedienen. En op het moment dat je duikers er 1,5 uur over doen voordat ze bij een ongeval zijn, dan heb je ook een probleem. Die eenheden kunnen gelukkig over de Baanhoekbrug. Diana gaf net al aan, hij is smal. Zo'n grote brandweerauto kan er niet eens overheen. Hij kan niet zoveel gewicht hebben. Maar die specialismen waar we er maar 1 of een paar van hebben in de regio, die kunnen er net wel overheen, als de nood aan de man is. En hetzelfde geldt ook voor de ambulances en voor de politie-eenheden. Die Baanhoekbrug is een onderdeel van de oplossing. Maar het gaat veel verder dan dat. We zijn ook echt

61

aan de slag gegaan met buurregio's, wat kunnen we oplossen met burenhulp, met bijstand, zoals we dat dan noemen, waardoor het probleem verkleinen? We werken aan maatregelen als dubbelzijdig alarmeren. Dat we vanuit meerdere posten eenheden laten aanrijden, waardoor we de kans op te laat komen gaan beperken. We hebben zelfs scooters voor vrijwilligers, zodat als het dan druk is op de weg naar de kazerne toe, en een auto dan later weg kan, kunnen ze de dienstscooter pakken en dan zorgen we dat ze wat makkelijker door het verkeer kunnen gaan, waardoor we echt die opkomsttijden … Want we moeten, even heel simpel gezegd, binnen een uur nadat de pieper is gegaan, of binnen een uur, was dat maar waar, maar binnen een kwartier ter plaatse zijn. Dat betekent nogal wat. Zeker voor die vrijwilligers. Die moeten naar de post toe en dan moet de auto weg. Als de situatie zo is dat we het op kunnen lossen door de vrijwilligers wat hulp te geven in naar de post op komen, waardoor we dan nog wat meer rek hebben in het ritje van post naar incident, dan doen we dat. En in een aantal gevallen kunnen we ook niet anders, moeten we nog een stapje verder. We hebben ook maatregelen in de hoed zitten. Dan moet je denken aan wat extra mensen op een beroepspost, zodat we vanuit daar wat meer tegelijkertijd weg kunnen sturen.

Maar ook bijvoorbeeld vrijwilligers vragen om op een post te gaan zitten en daar hun normale werk te gaan doen. En als de pieper dan gaat, dat ze meteen weg kunnen. Ik wil toch even meegeven, de Papendrechtsebrug maakt het voor ons echt heel erg lastig daarin. Want normaal gesproken, bijvoorbeeld voor de Haringvlietbrug, had je het over een week of 7, even snel uit mijn hoofd, of 8, dat we dan mensen vroegen om dat te doen, hun gezinsleven aan te passen en hun werksituatie aan te passen. Nu moeten we diezelfde vraag gaan stellen voor een periode van 9 maanden. Daar hebben we het draagvlak eigenlijk niet voor. Dat is wat ik wil aangeven, ook die duur zorgt er echt voor dat we aan andere maatregelen moeten gaan denken. En daar zijn we volop mee bezig. Ik weet niet of er vragen zijn? De voorzitter: Er zijn vast vragen, denk ik. Mevrouw Kruger heeft een vraag. Mevrouw Kruger: Dank u wel. Een korte vraag. Ik zag net dat totale plaatje. De Verkeersbrug Dordrecht, dat is de Zwijndrechtsebrug, of niet? De heer Kokshoorn: Scherp. De voorzitter: Alle namen van bruggen. De heer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Dank u, voorzitter. Terecht denk ik dat het belang van goede zorgverlening wordt genoemd. Ook het pijnpunt juist die negen maanden, dat dat zo lang duurt.

En in dat verband, en dat is misschien meer een vraag voor mevrouw Wonnink, ik hoorde haar zojuist nog in de beantwoording zeggen, we kijken er ook naar of we vaker nog dan die één keer per maand doorgang voor de hoge scheepvaart … Ik begreep eerder uit uw presentatie, uit de presentatie van mevrouw Wonnink, dat het juist zo is dat doordat die openingen nodig zijn, dat maakt dat het werk zoveel langer duurt. Anders zou je het bij wijze van spreken in drie maanden kunnen doen. Als er meer vaarten tussenkomen, betekent dat dan niet dat we nog langer dan die negen maanden gaan doen, of is dat echt een ijzeren gegeven, negen maanden en niet meer?

62

De voorzitter: Mevrouw Wonnink. Mevrouw Wonnink: Het is negen maanden en niet meer. Dat is de randvoorwaarde. Alles wat aan maatregelen daarbovenop komt, is niet acceptabel. De voorzitter: Helder. De heer Bootsman. De heer Bootsman: Dank, voorzitter. Wij vinden het ook heel jammer dat die Baanhoekbrug dicht moet en daar niks anders voor is. We hadden eigenlijk nog een vraag over de pontjes. Want dat daalde net pas bij mij in. U had het over scootmobielen, brommobielen, dat wordt over één kam geschoren, maar dat zijn twee verschillende voorzieningen. Kan een rolstoel, zoals dit, dit is een rolstoel, met allebei de pontjes mee of alleen met die ene blauwe lijn? De voorzitter: Mevrouw Wonnink. Mevrouw Wonnink: Even kijken. Ik weet zeker dat hij mee kan met de blauwe lijn. Dan ga ik even Roy aankijken, want jij hebt u ook meegevaren met alle partijen? Hoe zit dat met de rode lijn? De voorzitter: De heer Kokshoorn. De heer Kokshoorn: Dank je wel. Wat ik in ieder geval wilde aangeven, is dat we nog volop in het ontwerpproces zitten. We moeten nog kijken waar precies een ponten en de brug en welke hoek … Kijk, het uitgangspunt is dat sowieso op één lijn al die groepen die net genoemd zijn comfortabel mee kunnen. En natuurlijk streven we ernaar om op allebei de lijnen dat te doen.

Maar het hangt echt af van hoe we het ontwerp van de pontons en de bruggen, et cetera, en de aansluiting op de kade en op de waterkeringen voor elkaar krijgen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Wringer. De heer Wringer: Dank, voorzitter. Even over de ziekenhuizen. Blijft het Albert Schweitzer ziekenhuis het centrale ziekenhuis waar iedereen naartoe gaat, of wordt ook het Maasstad of het Ikazia hier nog bij betrokken? De heer Van Bijsteren: Ik wilde zeggen, ik denk dat die van jou is, want die valt eigenlijk buiten … We hebben hem echt gesplitst. De politie, ambulance, brandweer hebben dan eigenlijk de witte kolom. En daar valt dan het ziekenhuis weer onder. Vandaar. De voorzitter: Mevrouw Wonnink. Mevrouw Wonnink: Het Albert Schweitzer ziekenhuis zitten we inderdaad mee aan tafel. En die zijn ook met buurziekenhuizen aan het kijken hoe de zorg eventueel anders ingeregeld zou kunnen worden. Daar zijn zeker gesprekken over, maar dat doet het Albert Schweitzer zelf. De voorzitter: Helder. Mevrouw Kamphuis.

63

Mevrouw Kamphuis: Dank u wel. Ik had nog een aanvullende vraag op de heer Bootsman, met het pontje. Geldt dat ook voor laagwater? En de mensen in een rolstoel zouden het ook fijn vinden om wel naar Sliedrecht te kunnen gaan. Ook dat daar echt rekening mee wordt gehouden, ook met laagwater. De heer Kokshoorn: Uiteraard houden we rekening met laagwater, want je kan hoog- en laagwater hebben in de Beneden-Merwede. En er zitten getijden in de rivier. Daar wordt bij het ontwerp van de pontons zeker rekening mee gehouden. Met betrekking tot uw andere vraag, ik zit even te broeden op wat het juiste antwoord is. De moeilijkheid is dat we nog volop bezig zijn met het ontwerpproces en het inkopen. Dat is even de reden dat ik misschien een beetje haper, om even te twijfelen. Wat ik wel kan zeggen … Of misschien kan ik het volgende week niet waarmaken. Dat is een beetje de moeilijkheid. Sorry. Mevrouw Kamphuis: Voorzitter. De voorzitter: Een vervolgvraag van mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Dank u. Kijk, ik vraag dit, want anders moeten we via … Een scootmobiel bijvoorbeeld kan maar 30 kilometer of 50 kilometer. En dan moet je via Papendrecht naar Sliedrecht. We willen ook graag thuiskomen. De heer Kokshoorn: Dat is absoluut duidelijk. We hebben gekeken, verkend. We weten wie er over de brug rijden. We weten waar de behoefte zit. En we proberen echt iedereen te faciliteren.

Dat is echt het uitgangspunt vanuit onze kant. De voorzitter: Het uitgangspunt is dat u weer thuiskomt. En dat is mooi. De heer Oostenrijk. De heer Oostenrijk: Voorzitter, misschien heb ik het verkeerd begrepen, maar tijdens dat hele proces dan zeven, acht keer, dat ponton wordt eruit gehaald om dat hoge scheepvaartverkeer erdoorheen te laten lopen. En als je het niet zou doen, begreep ik, maar ik denk dat het goed is als daar helderheid over komt, zou je het dan in drie maanden redden? De voorzitter: Mevrouw Wonnink.

Mevrouw Wonnink: Als je het niet zou doen, als we niks zouden regelen voor de maritieme maakindustrie, dan redden we het niet in drie maanden. Voor het wegverkeer wel, maar dan was die voor de scheepvaart ruim een jaar gesloten. Dan zou de scheepvaart meer dan een jaar er niet doorheen kunnen. Maar voor de weg? De heer Oostenrijk: Mijn basisvraag van, als je het niet zou doen, zou je het dan in drie maanden redden? Mevrouw Wonnink: Ja, veertien weken hadden we initieel staan.

64

De heer Oostenrijk: De balans is eigenlijk zeven keer het scheepvaartverkeer erdoorheen, betekent zes maanden extra dat de brug eruit ligt. Terwijl als je dan zegt, als je dan drie maanden dat scheepvaartverkeer via de Dordtse Kil en de Nieuwe Merwede zou laten varen, dan heb je het probleem ook opgelost. De voorzitter: Mevrouw Wonnink. Mevrouw Wonnink: Maar als dat zo zou zijn, zou dat ideaal zijn. Maar de scheepvaart heeft geen omvaarroute. Gewoon geen. Er is geen alternatief. Zij zitten gewoon klem. Dan zouden ze meer dan een jaar gewoon vastzitten in dat stukje. En dat kon niet. De voorzitter: Dank u wel. De heer Oostenrijk: Kunt u me uitleggen waarom dat niet kan? De voorzitter: Dat is de laatste doorvraag. En dan gaan we naar de volgende. Mevrouw Wonnink: Omdat er geen omvaarroute is. Er is geen alternatief waar een brug open kan of dusdanig hoog genoeg is voor deze scheepvaart. Echt niet. De voorzitter: Duidelijk. Er was nog een vraag van de heer Kuhlmann. En de heer Wringer nog. En ik denk dat we dan echt naar een afronding gaan, ook met het oog op de tijd. De heer Kuhlmann: Dank u, voorzitter.

We hebben het heel veel gehad over de negatieve punten, maar er zitten natuurlijk ook kansen in om juist die brug, nadat het hele project afgerond is, die nog beter te laten zijn dan dat die nu … Waar we specifiek aan denken, een ergernis die er wel is op het moment dat er een keertje, en dat valt misschien ook in de toekomst niet uit te sluiten, iets met die klep is, waardoor die niet dicht gaat of wat dan ook. Dan is het nu zo dat mensen die daar staan te wachten, voor die slagboom, die kunnen niet een U-bocht maken en weg gaan. Het komt weleens voor dat mensen daar echt heel lang staan te wachten. Over de hele lengte zijn daar betonnen blokken, die tussen de rijbanen zitten. Is het niet nu een kans om precies op het laatste stukje voor de slagbomen, aan beide kanten, daar een flexibele rijbaanscheiding te maken, zodat in dat soort bijzondere gevallen het aangepast kan worden en mensen even die bocht kunnen maken en niet soms heel lang zitten te wachten? Wilt u daarnaar kijken? De voorzitter: Mevrouw Wonnink, wilt u daarnaar kijken? Mevrouw Wonnink: Ik vind het wel een creatieve. Die gaan we meenemen. De voorzitter: Dat is helder. De heer Wringer. De heer Wringer: Dank, voorzitter. Nog even over die doorvaart voor die hoge boten.

Ik neem aan, voor mijn beeldvorming, als die ponton wordt weggevaren en die hoge boten kunnen erdoor, dat is toch maar voor een paar uurtjes of voor een dag of zo? En dan gaat hij weer dicht en dan wordt er verder gebouwd. Klopt dat?

65

De voorzitter: Mevrouw Wonnink, hoelang gaat dat ponton weggevaren worden elke maand? Mevrouw Wonnink: Het is nu de insteek dat op vrijdag eind van de dag de ponton uitgevaren gaat worden en dat die zondag aan het eind van de dag weer ingevaren gaat worden. Dan is in het weekend de doorvaart open. De voorzitter: Helder. Zijn er nog hele brandende vragen? En anders denk ik dat wij naar een afronding gaan van deze commissievergadering. Ik ben mijn tekst kwijt. Dan is de vraag natuurlijk of u een voldoende beeld heeft gekregen bij het wel en wee rond de bruggen? Of er behoefte is aan een vervolgsessie of niet? Over een maand of zes, hoor ik. Dat zien we dan wel weer. Dan stel ik voor dat we deze commissie beëindigen. Dan dank ik de sprekers voor hun duidelijke verhaal en ook de duidelijke antwoorden op de vele vragen. Wens ik u allen een fijne avond. En of u zelf uw vaat mee wil nemen. En u hoeft hem niet zelf af te wassen, maar alleen in de kratjes neer te zetten in de hal. Dank u wel. Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 14 oktober 2025.

De griffier,

De voorzitter,

A.E.T. Wepster

N. Mol

66

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/923/documents/43505