CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.2 20221115 Notulen Dordtse Dinsdag Vergaderzaal 1 - vastgesteld.pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 15 november 2022, gemeente Dordrecht39.818 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Mevrouw Van Engelen: Ik ben het op zich wel met uw voorstel eens omdat er zijn net veel vragen gesteld, maar dit is een stuk waarbij we allemaal nog steeds heel veel vragen hebben en ik denk dat het handig is als we als commissie even kunnen bepalen: wat willen we hier nu mee? In plaats van dat we een lange beantwoording, dan weer een lange tweede termijn, ik denk dat we dan niet heel veel verder komen. Ik denk dat het echt efficienter is om inderdaad of het debat te voeren of met elkaar even te bepalen waar we naartoe willen hiermee. Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Stolk.

58

Mevrouw Stolk: Ja, kijk, weet je wat het is? Je kan wel bepalen, maar ik had het liever vooraf gedaan, want we zitten hier om politiek te bedrijven en ik heb er niet zo een hele erge boodschap aan wat de wethouder er nu van vindt, maar wat wij als raad of connmissie ervan vinden. Daar gaat het om en zijn wij het eens met het voorstel of zijn wij het niet eens met het voorstel? En dat klinkt heel cru en lullig nu richting de wethouder, maar dat bedoel ik niet zo, maar we zijn voor of we zijn tegen en die argumenten wisselen we mij met elkaar en hij kan hele mooie antwoorden gaan geven, want daar is hij een kei in, maar ik ga liever het debat met u aan. Mevrouw Koene: Voorzitter, nnag ik dan nog een voorstel doen? De voorzitter: Mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Dus niet schorsen, maar gewoon de wethouder interrumperen, gewoon lekker met elkaar in debat gaan. De voorzitter: Mevrouw Koene doet een voorstel. Interrupties plegen op de portefeuillehouder op het moment dat hij wellicht een vraag niet goed beantwoordt of, althans, niet voldoende volgens u. Mevrouw Koene: Voorzitter? U geeft eerste wethouder aan het begin al een positie door een verhaal te kunnen houden.

Dat zet de toon al gedeeltelijk, ja, en dan daarna warden wij in feite platgeslagen en dan zouden wij nu alleen maar mogen reageren als er lets Nee, wij willen er gewoon bovenop op het moment dat dat nodig is, daar staan wij hier toch voor? De voorzitter: Om even iets recht te zetten, mevrouw Koene, ik heb de vrijheid genonnen om de portefeuillehouder even de ruimte te geven zodat ook de kijkers thuis weten waar dit onderwerp over gaat. Dat vind ik wel heel belangrijk voor het dennocratisch proces en, anderzijds, ik heb u aan het begin van de avond een voorstel gedaan eerste termijn alle partijen even de ruimte geven om het standpunt toe te lichten, vervolgens een reactie van het college en de tweede termijn gaat u met elkaar en met de portefeuillehouder in debat en dat is volgens nnij zoals we dat begin van de avond hebben afgesproken. Mevrouw Van Engelen. Mevrouw Van Engelen Ja, u zei net dan voeren we het debat via interrupties op de wethouder. Dat zou betekenen, we mogen elkaar officieel ook niet weer interrunnperen en dan voeren we alsnog niet het debat met elkaar als commissie, dus dan kunnen we elkaar alsnog niet overtuigen met elkaars argumenten. Ik ben het wel met mevrouw Stalk eens.

Ik wil ook heel graag op dit punt echt even met de partijen in debat, want het is gewoon een hele lastige overweging, dus ik wil inderdaad ook graag de wethouder horen, maar ik wil ook echt graag ruimte voor debat hebben hier. De voorzitter: Ik ga even opnnaken en ik ga een conclusie trekken. Het zal niet iedereen tevreden stellen. We geven nu de ruimte aan de portefeuillehouder om de vragen die er zijn gesteld in de eerste termijn om die zoveel mogelijk te beantwoorden, alles te

59

beantwoorden. Vervolgens in de tweede termijn gaat u met elkaar en de portefeuillehouder in debat. Dat is wat ik ervan opmaak. De heer Damen: Vooral met infornnatie moet reageren en dat we daarna in de tweede ronde het inhoudelijke debat doen. De voorzitter: Ja, hij gaat reageren op datgene wat u heeft ingebracht en vervolgens in de tweede termijn kunt u met hem ... Uiteraard. De heer Noldus: Ja, maar voorzitter, is het niet logischer om verduidelijkende vragen op de punten die komen vanuit het college om daar dan wel even het moment voor te nemen en niet in een mosterd na de maaltijdmoment in een tweede termijn nog te doen? En ik onderschrijf van harte, dat heb ik de eerste termijn best gemist, dat we als partijen onderling elkaar hebben mogen bevragen op elkaar standpunten. Het voelt ook een beetje oneerlijk om nu de wethouder aan de tand willen voeren in een debat terwijI we dat in de eerste termijn niet hebben gedaan als commissie. Dat voelt een beetje vreennd, maar in ieder geval verduidelijkende vragen op aspecten lijkt me wel gewenst hierin. De voorzitter: Mijnheer Noldus, ik begrijp uw volledig, maar omwille van de tijd. Het is half twaalf, pardon, half elf en om elf uur sluiten we deze vergadering, dus ik stel echt voor, laten we nu de portefeuillehouder de ruimte geven om zijn vragen te beantwoorden zodanig dat we nog tijd hebben om met elkaar in debat te gaan.

Portefeuillehouder, ik geef u het woord. De heer Heijkoop: Ja, voorzitter, dank u wel. Ik denk dat dit geheel niet echt goed is voor de kijkcijfers thuis, maar dat terzijde. Het is ook al een uur op de dag dat ik denk, het is half elf, dus laten we maar tempo proberen te maken. Ik ben wel blij, voorzitter, dat ik even de gelegenheid krijgt tot een reactie. Er zijn inderdaad een aantal vragen gesteld die vaak met elkaar samenhangen, dus je hebt ook het risico dat er heel veel deelinterrupties komen op deelonderwerpen en er zijn ook heel veel stellingen neergelegd die gewoon echt onjuist zijn, die gewoon echt niet kloppen of die heel prematuur zijn en dan is het ook wel goed om daar even met elkaar over te spreken en dat ik in ieder geval wat zaken ernaast kan leggen of wat zaken die niet kloppen kan corrigeren. Dat draagt denk ik ook bij aan de kwaliteit van het debat en ook aan de kwaliteit van de oordeelsvorming en besluitvornning. En richting de heer Damen, ja, ik zal me vooral op de inhoud richten, op de informatie. We hebben natuurlijk al een beeldvormende sessie gehad en het college heeft natuurlijk ook wel argumenten waarom wij tot dit voorstel zijn gekomen, dus als u hier en daar een opvatting vanuit het college bespeurt, dan hoop ik dat u mij dat niet euvel zal duiden, want wij geloven hierin.

Kijk, voorzitter, ik heb net al aangegeven, het is mooi om de reactie vanuit de raad te horen en het was wisselend. De ene helft van de partijen zegt: interessant, dat zou je verder uit kunnen werken. Een ander deel van de partijen zegt al op voorhand: daar moeten we niet aan beginnen. Waar iedereen het wel over eens was van complimenten voor het out of the box denken, dus ik probeer hem dan toch maar een beetje positief in te steken en dat is al goed dat jullie dat uitspreken, want op het moment dat je dat lam slaat, het creatief naden ken over oplossingen van hoe het wel

60

kan in plaats van je vast laten zetten in systeemproblemen en elkaar zestien keer uit te leggen dat het allemaal niet kan, daar komen we ook niet verder mee. En wat je ook wel nnerkt in dit gesprek, in dit debat, is dat het ook een ideologisch debat is. Ik hoorde daar een aantal mensen over van: hier vinden we wat van. Dit roept lets op en je nnerkt al in de eerste ternnijn dat de rot van de overheid komt een paar keer aan de orde, de rot van de markt. Ik hoor GroenLinks zeggen: we moeten de touwtjes stevig in handen houden en ergens anders wordt gezegd: we moeten de markt ook de ruimte geven en waarom ga je wel een hypotheek verstrekken, want dat kan de markt? Maar die hypotheek verstrek je ook om juist wel de touwtjes in handen te houden, dus je ziet ook dat ideologie loopt hier ook doorheen en ik ben eigenlijk gewoon een hele eenvoudige, pragmatische wethouder. Ik zie een groot nnaatschappelijk probleem. Dat constateer ik sannen met u en ik wil graag tot oplossingen komen vanuit het college en dan denk je soms kan het binnen de bestaande kaders en heel vaak denk je ook van: zouden we niet lets anders moeten bedenken? Want wat we at deden werkt niet, dus dat moet je ook niet blijven doen, want het werkt niet. De vraag vanuit GroenLinks op de opnnerking van: woningen uit de markt, dat werd door nog een aantal opgeworpen, ik vind dat echt geen argument eigenlijk.

Het gaat om maximaal tien woningen. Tot voor kort haalde beleggers tientallen woningen uit de markt elk jaar, jaar in jaar uit, jaar in jaar uit en we willen die opkoopbescherming. Mevrouw

Voorzitter?

De voorzitter: We hebben zojuist afgesproken dat we niet gaan interrumperen. Mevrouw

Ja, dan kunnen we beter naar huis gaan.

En we hebben de opkoopbescherming juist ingevoerd, heeft uw raad ingevoerd om beleggers te weren, commerciele beleggers te weren en daar gaat het hier niet over. Het gaat hier over lets anders. Het gaat hier over gezinnen die door onnstandigheden kwetsbaar zijn, dat je als overheid daar een stap naar voren zetten. En is het je grondwettelijke taak? Ik ben eigenlijk van mening van wel. In artikel twintig staat dat de overheid de bestaanszekerheid van haar inwoners moet borgen en we hebben ook een kerntaak om de opvang van nnensen die geen huis meer hebben om daarin te voorzien. Dat staat gewoon in de wet. Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Stolk, interruptie. Mevrouw Stolk: Ja, voorzitter, ik wit een ordevoorstel doen. De voorzitter: Mevrouw Stolk, mag ik even? We hebben zojuist een ordevoorstel besproken met elkaar en ik heb een voorstel gedaan. Mevrouw Stolk: Nee, u, u, U.

61

De voorzitter: Ik heb een voorstel gedaan en ik heb geen reactie daarop gekregen waarop ik vervolgens concludeerde, eerst de portefeuillehouder laten uitpraten, de vragen te beantwoorden en vervolgens in de tweede termijn, jazeker, tweede termijn met elkaar in gesprek te gaan. Dat is de volgorde die nu hanteren. Portefeuillehouder. De heer Heijkoop: Dank u wel voorzitter. Je hebt dus wel degelijk de gemeentelijke taak om in de opvang van deze gezinnen te voorzien en er zijn heel veel verschillende mogelijkheden. Ik vind de afdeling van een hotel afhuren vind ik nou ook niet per se eredivisie als het gaat over oplossingen, nog los van de kosten. Het zijn allemaal onorthodoxe oplossingen en we komen uiteindelijk tot dit voorstel omdat wij denken dat het wel degelijk echt een hele goede bijdrage kan leveren. En moeten het er tien zijn? Moeten het er twintig zijn? Dertig? Veertig? Wij denken dat we met tien, en wij zijn dan ook de nnensen die echt met hun poten in de klei staan, die echt in de vuurlinie staan en echt met deze gezinnen werken, een aantal van hen zijn ook hier aanwezig, die denken dat we met deze tien woningen echt het verschil kunnen maken in tal van leven eens.

En als je kijkt naar die persona die we hebben opgesteld dan zie je in wat voor onnstandigheden deze gezinnen vaak verkeren en wat ongelooflijk veel impact het kan hebben en ook de financien die ernnee gemoeid zijn. Het gaat over enornne bedragen, bedragen die je kan besparen, op een andere manier ten goede kan laten komen aan mensen of een andere afwegingen kan maken, bijvoorbeeld op het gebied van handhaving, op het gebied van verduurzaming, het zijn gewoon gemeenschappelijke middelen waarvan je zegt van: die kan je doelmatiger besteden als je hier een betere en efficientere en kwalitatief betere oplossing voor verzint. En er zijn ook andere gemeenten die al dit soort vormen van huisvesting aanbieden. Het is niet dat het helemaal uniek is. Elke gemeente heeft daar wel net een wat andere vorm in. Wij kiezen nadrukkelijk, we vragen hier eigenlijk om lets uit te gaan werken om dat eventueel met een private partij te doen omdat private partijen hebben vaak ook veel kennis en kunde en wij hebben ook niet alle kennis zelf in huis, dus dat willen we gewoon op die manier verder gaan uitwerken. We hebben nog niet alle antwoorden. Dat geef ik ook gelijk volmondig toe en zoals Forum aangaf van het is nnisschien helemaal niet zo uitgewerkt, dat het een De heer

Voorzitter?

De voorzitter: De heer Kolkilig, we hebben echt geen interrupties. De heer Kolkilic: Ik wil toch wel interrumperen. De voorzitter: U kunt het blijven proberen, maar dat gaat hem niet worden. De heer Kolkilig: Punt van orde, ik denk dat wij als commissieleden het recht hebben op interrupties en u kunt ons dat niet ontnemen. De voorzitter: Dat mag, in de tweede termijn. Mevrouw Stolk: Voorzitter, ik ga het nog een keer proberen.

62

De voorzitter: Nee, nee, alstublieft. Mevrouw Stolk: We hebben nu een onderwerp U bent in dienst van deze connmissie. U bent voorzitter en u mag deze connnnissie voorzitten. Ik ben nu heel vervelend. Dat weet ik, maar dat bedoel ik niet zo. Ik kijk in het rand en iedereen zit geIrriteerd en ongeInteresseerd te luisteren naar het betoog van de wethouder. De voorzitter: Mevrouw Stolk, nnevrouw Stolk, nee, nee, nee, nee. Nee, nnevrouw Stolk, zo praten we niet met elkaar. Ik probeer deze vergadering ordentelijk te laten verlopen. We hebben een voorstel gedaan en mijnheer Heijkoop vervolgt zijn verhaal. Mijnheer Heijkoop, alstublieft. De heer Heijkoop: Ja, voorzitter, ik vind het nogal wat, wat nnevrouw Stolk zegt. Ik ervaar dat niet zo. Ik mag oak, ik hoop oak wel, er zijn veel vragen gesteld, dat men dan ook geInteresseerd is in de antwoorden en dat ervaar ik in ieder geval wel aan de andere zijde, want het is namelijk best wel een voorstel wat veel vragen oproept en dat hoort bij nogmaals die out of the box oplossingen waar we nu mee komen. Voorzitter, het kan best met het uur van de avond te maken hebben, hoor, maar daar treed ik voor de rest niet in. We moeten hier gewoon over spreken en dat kan nu en dat kan op een ander moment en u bent als voorzitter de baas van deze vergadering en ik vroeg me naar elke uitkomst.

Voorzitter, de CU-SGP heeft een aantal punten gemaakt waar ik eigenlijk gewoon wel heel positief over ben in die zin dat zijn randvoorwaarden die ze ons meegeven bij de uitwerking van het voorstel, want wat Forum aangaf, daar was ik net gebleven van dat het nog niet helemaal uitgewerkt is vind ik niet zo een probleem, want dat gaan we nu doen en je komt vast nog dingen tegen en die creativiteit kan tot lets moois leiden. Nou, CU-SGP geef daar oak invulling aan. Die zegt van: zouden het nnisschien wat minder woningen moeten zijn? Als dat breed gedeeld wordt in de raad zouden we oak kunnen zeggen: we starten met vijf woningen. Dan kan je oak gelijk die woningen dan verduurzamen voordat je er gezinnen in zet en oak een nadrukkelijke randvoorwaarden, zorg dat ze niet leeg konnen te staan. Dat zijn allennaal zaken die kunnen we meenemen in de uitwerking en zo zie ik oak die opnnerkingen. Ik heb al wat gezegd over de kerntaak al dan niet. Ik denk dat er voldoende wettelijke bepalingen zijn, gemeentelijke bepalingen en oak gewoon de grondwet waarin echt heel goed een basis te vinden is am dit wel te doen, dus in die zin denken we dat we daar volnnondig ja op kunnen zeggen en zou ik daar niet te veel zorgen over hebben. Dit is een opvangachtige voorziening alleen dan een lets andere vorm, namelijk geen hotel.

Over dat hotel gesproken, het is een prikkelende gedachte, maar richting de heer Portier wil ik best aangeven, ik heb wel eens een hotel in het vizier gehad en ik heb annbtelijk wel eens laten uitzoeken of een bepaald hotel niet aangekocht kon warden samen met de corporatie. Nou, daar werd even wat op gerekend en getekend en dat bleek toen niet te kunnen en dat hotel is uiteindelijk naar een andere belegger gegaan en ik heb oak wel recenter aangegeven over een hotel dat een poosje leeg staat van: zijn daar oak geen mogelijkheden? Nou, am moverende redenen zijn die nnogelijkheden er niet, maar ik vind het helemaal niet zo een hele gekke gedachte am oak naar dat soort voorzieningen te kijken, want het zijn geclusterde woonvoorzieningen. Zo zou je het oak kunnen zien. Voor deze gezinnen is het niet direct een oplossing, want deze gezinnen passen eigenlijk

63

niet in hotelkamers, maar die wil je juist in een woning kunnen plaatsen, want even voor de goede orde, we zullen ook echt wel eens hotelkanners nodig hebben. Je hebt ook eenpersoonshuishoudens. Dat is een soort van flexibele schil die je ook wil benutten, alleen ik wil daar niet meer vijf, zes, zeven ton per jaar naar over maken onndat wij gewoon handelingsverlegen zijn waar het gaat over de huisvesting van deze gezinnen en dat kun je hiermee oplossen. Ja, voorzitter, de VSP maakte wat opmerkingen over een derde van het eiland dat maar bebouwd is. Nou ja, ik wil u toch wel teruggeven dat er geregeld met uw raad gesproken is over potentiele locaties voor woningbouw en dat dat echt niet altijd even nnakkelijk is, maar dat er heel veel belemmeringen zijn. Het raakt niet direct het voorstel, maar u nnag er echt op rekenen dat het college en collega Burggraaf zet zich daarvoor in samen ook met uw raad met ambtelijke ondersteuning om voortdurend te kijken naar: waar kunnen we eventueel nog bouwen? Waar zijn mogelijkheden? En het liefst pernnanente bouw. Als dat niet kan eventueel flexibele bouw. Ja, voorzitter, het tekort aan het aantal sociale huurwoningen dat wordt geconstateerd en die constatering deel ik. Dat blijkt ook gewoon uit objectieve cijfers. Ik vind het in die zin ook wrang als je zegt van: de voorrangregeling kan je soms ook toepassen.

Ja, dat kan je inderdaad soms ook doen alleen dan onttrek je voor een hele lange tijd een duurzanne gezinswoning aan de woningmarkt terwijI dat misschien helemaal niet nodig is, had het ook voor een kortere tijd gekund en ben je uiteindelijk ook aan het concurreren met een doelgroep op de woningmarkt die ook heel kwetsbaar is, dus in die zin is het ook van twee-een en kan het niet allemaal waar zijn. Vanuit de Partij voor de Dieren positief en ook in de zin het zorg dragen voor de zwakkeren en ook inderdaad de besparing. De besparing is echt in die zin redelijk hard. In die zin, we krijgen gewoon facturen binnen. We weten gewoon wat het kost en je kan dus echt ertegen af zetten, een aantal andere besparingen in de persona zijn wat zachter. Dat gaat over onder toezichtstellingen, dat gaat over Baanverlies, dat gaat over schuldenproblematiek, maar waarvan we wel weten over de voile breedte dat ze gewoon heel veel voorkonnen en als je vraagt aan de professionals die hiermee te maken hebben: over hoeveel gezinnen gaat dit? Het gaat niet over honderden gezinnen. Dit gaat over maximaal tientallen gezinnen die tussen wal en schip vallen waar je tijdelijk even iets voor nodig hebt, maar waarbij je gelijk een plan gaat maken. Dat werd ook nneegegeven door het CDA. Probeer ze zo snel mogelijk op eigen benen te brengen. Dat is het nadrukkelijke uitgangspunt. Dat wil je ook graag.

In die zin, dit zijn vaak mensen die gewoon werken. Het zijn vaak mensen die gewoon echt tussen wal en schip vallen, soms mensen die net iets te veel verdienen, maar ook niet op de private markt terecht kunnen, maar misschien over een jaar of anderhalf jaar wel gewoon zelf een woning kunnen kopen. Zelfs die gezinnen zit erbij, dus in die zin moeten we daar niet al te somber over zijn en natuurlijk nnoeten we kijken naar overlast gevende gezinnen en het is niet de bedoeling dat er overlast gevende statushouders inkomen. Het gaat echt over een andere doelgroep waarvan je echt je geen zorgen hoeft te maken dat daar eigenlijk een overlast Dat is helemaal geen gegeven. Heel vaak zijn het gewoon mensen die zoeken een dak boven hun hoofd. De contingent woningen werden ook nog genoemd. Contingent woningen hebben we inderdaad afspraken over gennaakt. Dat gaat over woningen die wijzen we toe, maar wel aan mensen met een zorgvraag en huishoudens met een zorgvraag. Daar gaat het hier heel vaak niet over. Het zijn gewoon mensen, nogmaals, een dak boven het hoofd die je niet als economisch daklozen in het Leger des

64

Heils wel hebben en at helemaal niet met kleine kinderen. Ja, voorzitter, opkoopbeschernning, geen steen, wel steun, met de private partij, niet met de private partij. DENK was daar heel erg uitgesproken over. Er werden wel allennaal aannannes gedaan, zeg ik richting de heer Kolkilig, die echt niet helemaal kloppen over die private partijen. We nnoeten nog heel veel zaken uitwerken. Beter voor Dordt gaf ook van: ja, details zijn niet uitgewerkt. Nee, dat is waar. De details zijn inderdaad nog niet uitgewerkt. Integrale benadering, ja, natuurlijk gaan we voor de integrale benadering, het is niet alleen een dak boven het hoofd. Je wil zo snel nnogelijk mensen weer zelfredzaam maken en laten doorstromen naar een reguliere woning. Ja, deze mensen gaan we helpen. Hoe zit het dan met de anderen, vraagt de SP. Dit wordt een voorziening waar mensen tijdelijk verblijven. Je wil daar een bepaalde doorstroming in. Je zal niet iedereen kunnen helpen, maar misschien ook wel. We weten gewoon niet om hoeveel gezinnen dit zal gaan en we hebben altijd natuurlijk nog de hotelvoorziening of het vakantiepark. Daar zullen we ook echt nog wel gebruik van maken, maar een groot deel van het probleenn kunnen we met deze tien woningen zeker oplossen. Opkoopbescherming, nogmaals, hebben we ingevoerd om comnnerciele partijen te weren die nnassaal woningen opkopen.

Daar gaat het hier gewoon echt niet over. Waarom dit besluit wel genonnen moet worden is niet zozeer voor ons als gemeente, maar als we de ruinnte, en nneerdere van u heeft aangegeven: neem ook de ruimte om met de private partijen te kijken, dan zou het wel nodig kunnen zijn dat we die opkoopbescherming niet van toepassing hierop verklaren onndat het gewoon een maatschappelijke doelstelling dient, dus daar is dat besluit voor nodig. Als we het zelf doen, dat klopt helemaal, is dat niet het geval. Het gaat over Dordtse gezinnen. Het gaat over Dordtse verantwoordelijkheid voor de opvang. Het gaat niet over regionaal beleid. In de gemeente om ons heen hebben ze sonns ook al dit soort voorzieningen. Wij gaan hier echt Dordtse gezinnen lokaal huisvesten, hoewel je je ook wel eens kan afvragen: gaat het echt over Dordtse gezinnen of gaat het gewoon over thuis- en dakloze gezinnen die op dit moment nergens een plek hebben, zoals de heer Damen al aangaf, mensen die eigenlijk nergens geworteld zijn en waar je toch je verantwoordelijkheid voor wil nemen.

Uiteindelijk komt het wel in belangrijke mate ten goede ook aan de Dordtse begroting als wij hier in investeren en we hebben al op onderdelen afspraken gemaakt in de regio, een soort bonusmalensysteem dat als je verantwoordelijkheid neemt dat je daar financieel voordeel van geniet en als je je verantwoordelijkheid niet neemt dat je daar nadeel van ervaart. Eigenlijk is dat een soort spreidingswet avant la lettre. Dat willen we eigenlijk nog verder uitbouwen omdat dat toch een extra prikkel geeft. Ja, voorzitter, dit waren de belangrijkste vragen denk ik. Ik hoop van harte dat u aangeeft van: werk dit toch verder ult. De enkelvoudige opmerking van de heer Kolkilig: neenn het nnee terug, zo werkt het niet. We hebben hier echt wel over nagedacht en we willen wel heel graag bij u terugkonnen met een voorstel van hoe we dit zouden kunnen doen met in acht neming van alle opmerkingen die u heeft gemaakt, alle kanttekeningen, alle randvoorwaarden, alle zorgen, want heel veel van die vragen begrijp ik heel erg goed, want die gaan we dus uitwerken. Die willen we graag verder brengen en als u zegt van: doe even rustig aan en doe hier de toezegging, begin met een aantal woningen en werk dit eerst goed uit. Daar ben ik ook van harte toe bereid. En ja, dit kost een fors bedrag, maar we hebben dit echt binnen no -time hebben we dit terugverdiend. De businesscase is echt bikkelhard.

In het sociaal donnein zijn er weinig businesscases die zo ongelooflijk

65

solide zijn als deze, dus ik hoop dat u dat ook meeneemt in uiteindelijk uw besluitvorming. Voorzitter, tot zover.

De voorzitter: Mijnheer Heijkoop, bedankt voor uw warme pleidooi voor deze ontwikkeling. Ik kijk nnevrouw Van Engelen aan. Zij wil het woord. Mevrouw Van Engelen: Dank u wel. De tweede termijn, dit is geen interruptie, voor de duidelijkheid. De voorzitter: Nee, dat begrijp ik. Mevrouw Van Enqelen: Ik was net wel nog geinteresseerd, maar inderdaad, daar had nnevrouw Stolk wel een beetje gelijk in, een beetje geirriteerd, maar dat kwam meer omdat ik de wethouder wilde duidelijk maken hoe ik lets bedoeld had. Ik ben heel erg blij met de laatste zinnen van de wethouder, want dit is een stuk voor ons waarin we graag overtuigd willen worden. Het is een hartstikke sociaal voorstel. Je laat geen gezinnen op straat staan, dus alstublieft, doe er alles aan om dit voorstel te maken waar ook wij mee kunnen instemmen en luister dan inderdaad alstublieft naar de commissie, want er zijn hier goede ideeen. Het riep bij mij nieuwe vragen op en de wethouder mag mu j ook interrunnperen, toch, voorzitter? Dus dan is het misschien handig een soort question answer.

Bijvoorbeeld, ik hoorde heel veel mensen of heel veel connnnissieleden ook alternatieven noemen van: hoort dit niet bij de sociale huur? Hoe zit het met die kleine woningen waar we ook ervaring mee hebben? Dat haalt het ook weg dat we dus woningen voor starters op moeten kopen en bij hun weghalen, want de wethouder zei net, voorzitter, dat hij dat geen terecht punt vond, maar tien woningen zijn in de huidige markt gewoon veel woningen en ze zijn ook niet eens goedkoop, dus ik vind echt dat we die doelgroep, want die heeft het nu ook moeilijk, die moeten we ook echt in overweging nemen. Het is een lastig parket. Ik had het heel netjes opgeschreven, maar het is zo laat. Oh ja, want lang thuis wonen, de mensen die lang thuis wonen en geen starterswoning kunnen krijgen dat geeft op den duur ook problemen. We hebben het hier over jonge mensen die niet verder kunnen met hun ontwikkeling in het leven en dat geeft later ook weer problemen en problemen geven ook weer kosten. Het is misschien een beetje ver nagedacht, maar het is wel zo, dus ik wil echt de wethouder vragen van: kijk opnieuw naar de alternatieven. Hoe gaan we deze mensen wel huisvesten? Niet in een hotel, maar zonder daar koopwoningen voor op te kopen.

3a, verder nogmaals de oproep om inderdaad alle overwegingen van de commissie mee te nemen en het plan wat breder te trekken en dan kijk ik heel erg uit naar het nieuwe voorstel van de wethouder en dan hoop ik dat we daar wat sneller mee in kunnen stemmen. Dank u wel. De heer Kolkilic: Voorzitter? De voorzitter: Ik geef het woord aan mevrouw van Vugt. Mevrouw Van Vugt-Roose: Dank u wel voorzitter. Ik heb in de eerste termijn een beetje gemerkt dat veel mensen al dachten dat ze nneteen met dit plan moesten instemmen terwijI er eigenlijk alleen nog maar gevraagd wordt: kunnen we ermee instemmen dat het plan verder ontwikkeld wordt? En dat wil ik toch meegeven, want dat is een

66

belangrijk verschil. Het is tweede termijn, dus ik mag ook nog even op wat andere mensen ingaan. Voor het CDA staat echt gewoon bovenaan dat het de taak van de overheid is om je eigen burgers te beschermen en in dit geval gaat het om gezinnen met kinderen en dat gaat voor op wat voor andere regels er dan ook maar zij. Die mensen hebben gewoon een dak boven hun hoofd nodig. Er wordt gerept over alternatieven, containerwoningen. Ik denk dat dit voorstel alternatieven niet uitsluit. Het is een oplossing en natuurlijk zijn er meer oplossingen denkbaar, maar laten we wel gewoon ergens starten en dan ben ik ook heel blij met wat Ruby Pichel daarnet zei en laten we gewoon beginnen en met enige creativiteit lossen we dat wel op, want ik ben het ook met de Partij van de Arbeid eens dat de containerwoningen niet bepaald de gewenste onngeving is voor gezinnen met kinderen. De woningen die we onttrekken, dat probleenn zie ik ook. Ik heb thuis ook kinderen wonen die graag op eigen benen willen en op een gegeven moment in een eigen huisje willen, maar het gaat hier om tien woningen van de 1400 die er worden aangeboden op jaarbasis, dus ik denk dat het wel meevalt. Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Stolk, interruptie. Mevrouw Van Vugt-Roose: Mijn zin mag af. De voorzitter: Ja.

Mevrouw Stolk: Maar wat zegt het CDA dan tegen al die mensen, die 16.000 mensen die nu op een woning zitten te wachten? Wij gaan tien woningen kopen. Die onttrekken we uit de markt en wat zegt u dan tegen die mensen die zeven jaar op een wachtlijst staan? Wat zegt u daar tegen? De voorzitter: Mevrouw Vugt. Mevrouw Vugt-Roose: Die communicatie zie ik inderdaad, dat moet heel zorgvuldig gaan gebeuren, maar tien huizen op dat hele grote aantal, tuurlijk, dat levert misschien weer een of twee weken vertraging op, maar dat is het dan ook wel en ik denk dat je dan altijd nog deze mensen moet laten voorgaan op je eigen wens om zo graag een huis te hebben. In andere plaatsen doen ze dit ook al en uiteindelijk moeten die mensen toch ergens wonen, dus vroeg of laat nemen ze plek in, dus je kan ze niet op straat laten staan. Daar houdt het gewoon op en ik hoop dat je andere mensen daar ook van kunt overtuigen. Dat is niet makkelijk, maar het is wel het eerlijke verhaal. De heer Damen: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Damen. De heer Damen: Ik vind dat toch een punt, met name als het gaat om dakloze gezinnen met kinderen dan moet je kunnen uitleggen waarom het ene dakloze gezinnen met kinderen wel in aanmerking komt en een andere niet. Daar moest de wethouder dadelijk

67

met het antwoord over komen, niet deze vergadering, hoor, maar op het moment dat er een uitgewerkt voorstel ligt. Dat is gewoon een punt. Mevrouw Van Vugt-Roose: Ja, zover ik weet is het niet de vraag of het ene gezin met kinderen wel dakloos blijft en het andere niet. Er blijft geen enkel gezin met kinderen dakloos. Dat is de bottom line. De voorzitter: Graag via de voorzitter, mijnheer Damen. De heer Damen: Voorzitter, dat vind ik een interessante. Dan zou dat ook inzichtelijk moeten worden gemaakt. De voorzitter: Bedankt voor deze aanvulling. Mevrouw Van Vugt. Mevrouw Van Vugt-Roose: Ja, ik heb het belangrijkste wel gehad. Ik denk dat we gewoon even die regels die er nog meer zijn en die nu belennmerend zijn dat we daar ook ruinnte in moeten zoeken en echt even lef moeten tonen ook als raad om ook met verdere voorwaarden te komen en laten we alstublieft deze sprong wagen. Mevrouw Van Encielen: Voorzitter, ter interruptie. De voorzitter: Mevrouw van Engelen, interruptie.

Mevrouw Van Engelen: Ik ben het helennaal met mevrouw Van Vugt eens dat we lef moeten tonen, alleen zo staat het juist ook zo mooi in het raadsvoorstel, we willen dit doen om deze gezinnen rust en stabiliteit te geven en daarom willen wij het zo uitgewerkt mogelijk zien, zodat we ook zeker weten als er raad dat we die stabiliteit en rust kunnen leveren en niet dat dit gaandeweg een nnislukt project schijnt te zijn omdat we het niet genoeg uitgedacht hebben en dat het dan misgaat en die mensen weer van hot naar her worden gestuurd. Bent u dat met mij eens? De voorzitter: Mevrouw Van Vugt. Mevrouw Van Vugt-Roose: Ja, dat ben ik helennaal met GroenLinks eens en met jou eens. Daarom heeft het CDA ook gevraagd: werk ook uit hoe die begeleiding eruitziet zodat je ook die gezinnen echt die rust geeft zodat ze niet te toch continu die angst in hun lijf houden dat ze nnisschien volgende week er weer uitgezet worden. De voorzitter: Mevrouw Van Engelen, vervolgvraag. Mevrouw Van Engelen: Dank u wel, ja, dan heb ik een vervolgvraag aan mevrouw Van Vugt. Is twee jaar dan genoeg? Want twee jaar gaat ook best snel voorbij. De voorzitter: Mevrouw Van Vugt. Mevrouw Van Vugt-Roose: Dat weet ik niet. Ik hoop dat daar ook iets van in de plannen terechtkonnt. Twee jaar lijkt me wel aardig als je een traject ingaat met een gezin om een bepaalde rust te creeren.

Dan is twee jaar, dat geeft wel ruimte.

68

Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Wat nou als we geen woning hebben na die twee jaar? Want we zitten met een woningtekort. Sociale woningen hebben we niet. Het gaat dan vaak om gezinnen die in sociale woningen zitten. Waar gaan die mensen dan naartoe? Mevrouw Van Vugt-Roose: Dat is een probleem waar ik nog niet over heb nagedacht, dus ik vind de vraag eigenlijk best wel goed. Ik zit ook even gewoon verder te denken. Hoe dan ook, het ontslaat ons niet van de plicht om nu te handelen en dat gaat voor en er zullen ongetwijfeld weer leeuwen en beren op de weg konnen, maar dat ontslaat is niet van gewoon de plicht om nu wat te doen. Mevrouw Stolk: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Het gaat er even om, wij zien ook wel het nut van het probleem dat de mensen niet onder een brug neer leggen, maar dat mensen een dak boven hun hoofd hebben, dat ze eten, drinken hebben en ieder gezin verdient rust, maar lossen we dat nou echt op door tien woningen te kopen? Moeten we nou niet het probleem gewoon bij de woningcorporaties neerleggen? En nnoeten we nou niet veel nneer sociale huurwoningen gaan bouwen wat we de afgelopen jaren niet gedaan hebben? We hebben meer afgebroken dan teruggezet.

Mevrouw Van Vugt-Roose: Het is natuurlijk buitengewoon jammer dat er dingen zijn afgebroken die voorheen wel goed waren, maar die tien woningen zijn misschien te weinig. Ze zijn misschien te veel voor mensen die er nu voorzichtig in zijn, maar met de woningcorporaties wordt natuurlijk ook volop gesproken. Dat is ook weer een deel van een mogelijke oplossing, dus laten we alstublieft al die oplossingen bij elkaar vegen en laat dat dan bij elkaar een substantiele oplossing worden. Mevrouw Vol -van der Hoist: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Vol -van der Hoist. Mevrouw Vol -van der Hoist: Volgens mu j is het ook sluit het een het ander niet uit, want ik begrijp van mevrouw Stolk dat zijn u zich zorgen maakt over dat andere dingen niet doorgaan, maar volgens mij heeft de wethouder heel duidelijk gezegd dat het een het ander niet uitsluit en dat we dit gewoon als extra optie nu hebben. Dat is wat ik heb begrepen eigenlijk, dus ik ben het eens met mevrouw van het CDA. Mevrouw Pichel: Voorzitter? De voorzitter: Mevrouw Stolk, voldoende? Mevrouw Pichel.

69

Mevrouw Pichel: Dank u wel voorzitter. Mevrouw Van Vugt gaf net aan dat het niet de bedoeling is dat we het plan niet helennaal goedkeuren, dat er nog ruimte is om daar aan te werken of dat verder uit te werken, maar de vraag is nu natuurlijk die opkoopbeschernning om die regeling te wijzigen. Hoe kunnen we dat dan zien? Want als we dan nu zeggen: ja, dat doen we, is dat niet al een vrijbrief voor het uitrollen van de plannen? De voorzitter: Mevrouw Van Vugt? Mevrouw Van Vugt-Roose: Nou, ik neem aan dat bij de verdere uitwerking van die plannen dat dan ook echt duidelijk wordt of het ijberhaupt mogelijk is om die opkoopregeling ook aan te passen. En als het niet mogelijk is dan houdt het op, maar als het wel mogelijk is dan kunnen we denk ik volgens het CDA gewoon lekker verder. De heer Noldus: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Noldus. De heer Noldus: Even richting het CDA, nnevrouw Van Vugt gaf eerder aan dat er ook alleen maar een uitwerking gevraagd werd terwijI als we toch het besluit kijken dan wordt er toch ook mandaat gevraagd, een besluit gevraagd om het college een mandaat te geven voor die drie miljoen voor die aankoop van die woningen. Dat gaat echt een paar stappen verder dan enkel laten we een voorstel verder uitwerken, dus ik wil daar toch wel even de nadruk op leggen.

Ik ben benieuwd of het CDA zich daar ook van bewust is dat het toch een wat verstrekkender besluit is dan wellicht in de tweede ternnijn van het CDA zich doet vermoeden. De voorzitter: Mevrouw Van Vugt. Mevrouw Van Vugt-Roose: Ja, ik denk dat ik die vraag ook even terug geven aan de wethouder, omdat er aan het begin van deze vergadering werd gesteld dat het ging om het vragen van toestemming om het verder uit te werken, dus hoe dat dan zit of meteen die woningen al worden aangekocht voordat er wordt uitgewerkt of dat er wordt gewacht tot na de uitwerking, dat weet ik ook niet, dus dat is een goede vraag. Daar wil ik eigenlijk ook wel antwoord op. De voorzitter: Nou, u hoort het. Goede vraag en de portefeuillehouder die zal dat ook kunnen oppakken. Beste collega's, u gaat over uw eigen agenda, maar het is al elf uur en gezien het verloop van deze vergadering ga ik er zomaar vanuit dat er nog heel veel vragen zijn, uiteraard richting de portefeuillehouder, maar ook voor het onderlinge debat. We kunnen het voorstel doen om dit punt wederom terug te laten komen oordeelsvornnend in een commissie, een debatcommissie, een lekkere debatcommissie. Ik denk niet dat we nu dit voorstel moeten afratelen vanwege gewoon eenvoudigweg dat er heel veel standpunten zijn. Daarnaast ook het college moet reageren op de tweede ternnijn.

Omwille van de tijd, het is al elf uur en er zijn drie fracties Oberhaupt nodig om een besluit te nemen om dit voorstel weer terug te laten komen, dus ik kijk u aan wat u van dit voorstel vindt.

70

De heer Heijkoop: Voorzitter? De voorzitter: De portefeuillehouder wil nog iets meegeven voor de behandeling. De heer Heijkoop: Sorry, voorzitter. Ik zou heel kort nog even in kunnen gaan, dat kost echt maar twee minuten, op de vragen die gesteld zijn, maar ik wil ook vooral op de vraag, dat gaat namelijk nog wel ergens over, ook voor het vervolg en ja, het klinkt een beetje flauw, maar u heeft allebei gelijk. In die zin, het plan moet nog verder uitgewerkt worden en daar gaan we u ook verder over informeren als we dat verder uitgewerkt hebben, maar we krijgen al wel mandaat dat wordt gevraagd om die woningen aan te kunnen kopen, dus om die budgetten vrij te geven om daar echt afspraken met zo een private partner over te kunnen nnaken. Als het gaat over de vervolgbehandeling, kijk, dit is iets nieuws. Dit is iets wat we verder gaan uitwerken. Als uw raad zegt: wij staan hier positief tegenover, maar we hebben nog wat buikpijn op onderdelen, ja, van harte bereid natuurlijk om die richting op een iets andere randvoorwaarde voort te zetten, dus als u daar meer comfort bij heeft, ik bedoel, het is een voorstel van het college.

Als u zegt van: prima richting, maar op onderdelen willen we net iets anders, ik zou het jammer vinden als iedereen zegt: op zich positief, maar zoals het er nu precies uitziet kan het niet op een brede meerderheid steunen, dus dat geef ik even aan u mee dat dat natuurlijk ook gewoon kan. De voorzitter: Bedankt, wethouder. De heer Portier: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Portier. Als ik daar iets op mag zeggen. Kijk, er is heel veel onduidelijkheid, verdeeldheid, et cetera. Kunnen we niet zeggen van: het voorstel mag verder uitgewerkt worden, maar we geven nog niets dat nnandaat voor die drie miljoen euro? En een van de dingen die ik alvast mee wil geven, leningen aan een private partij die de woningen op gaat kopen dat gaat er bij ons echt niet in. Of de gemeente koopt ze zelf op, maar de vraag of we dat steunen dat hangt van de verdere uitwerking af, maar ik denk dat het het beste is om nu eerst te kijken naar de verdere uitwerking van het voorstel voordat we zeg maar zo een mandaat geven. De voorzitter: Mijnheer Noldus wil ook inbrengen. De heer Noldus: Ja, ik denk dat ik de oproep van de heer Portier ook hoor, die heb ik eerder gehoord, neem het mee terug en konn met een voorstel wat de lading dekt en neem dan mee wat in de commissie is gewisseld. Dat zou op zich iets zijn waar wij ons in kunnen vinden.

Verder, als we toch verder gaan met dit voorstel denk ik: we zijn halverwege de tweede termijn, het voelt een beetje vreemd om dat af te breken. Wat mij betreft kunnen we daar nog op door en die behoefte die voel ik eigenlijk zelf wel, maar ik ben benieuwd hoe de rest erin zit.

71

De voorzitter: Mijnheer Noldus doet ook een voorstel. Wat denkt de corrinnissie daarover? U gaat over uw eigen tijd, maar het is al elf uur geweest. De heer Kolkilic: Ik stel ook voor om door te gaan. De voorzitter: Mijnheer Damen zegt: dan gaan we de zaak afraffelen. Daar heeft hij geen zin in. Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Ja, voorzitter, we hebben het hier over een bedrag van 3 miljoen. We hebben het in zee gaan met een private partij waarvan we het bestaan nog niet afweten. Er ligt nu een voorstel vanuit het college. Ik heb in het begin van de avond gezegd: we hebben vanavond een goed debat gehad op het armoedebeleid. Ik heb ook gezegd dat ik met een knoop in mijn maag zit over dit dossier. Ik heb ook gevraagd: wil de wethouder dit nou echt zo indienen? Hij zei: ja, want anders ligt dit voorstel er niet, dus ja, dan moeten we het ook maar afmaken en dan moeten partijen maar aangeven of ze het er nnee eens zijn of niet mee eens zijn. Ja, nu. Nee, nu. Ik weet nu wel op het moment wat er nu voorligt kunnen wij wel een beslissing nemen. De voorzitter: Mevrouw Van Engelen, het laatste woord aan u. Mevrouw Van Engelen: Dat geldt voor mu j echt niet. Ik denk niet dat we hier vanavond binnen een schappelijke normale tijd uit gaan komen. De voorzitter: Ik ga als voorzitter toch de knoop doorhakken, hoe moeilijk het ook is gezien de loop van de avond.

Gezien de zoveel tegenstellingen, maar ook het verloop van het debat stel ik voor, maar daar heb ik wel drie fracties voor nodig onn dit onderwerp met elkaar in een volgende commissie door te akkeren. De heer Kolkilic: Voorzitter? Punt van orde. U heeft eigenlijk net ons het woord ontnonnen door geen interruptiemogelijkheid te geven en nu ontneemt u ons het woord voor een tweede termijn. De voorzitter: Als u goed heeft geluisterd, nnijnheer Kolkilig, zijn er diverse meningen. Ik probeer een lijn te trekken in deze meningen. Dat wil niet zeggen dat ik u direct gelijk moet geven. De heer Kolkilic: Nee, maar er zijn net bijvoorbeeld vanuit de wethouder is er aangegeven dat mijn uitspraak over de private partijen een aanname is en ik wil daar vandaag nog een reactie op geven. De voorzitter: Dat zou kunnen, maar we zijn nu even bezig met de orde en mijnheer Boersma gaat ook een voorstel indienen. De heer Boersma: Nou, kijk, we gaan over ons eigen oordeel, maar er is verschil van opvatting binnen de commissie of we door moeten gaan of niet. Ik nnerk bij mijzelf dat ik hem even niet meer helemaal scherp hebben, want heel veel dingen zijn over de tafel gegaan. Er zitten een paar hele fundamentele verschilpunten volgens nnij die naar voren zijn gebracht. Die moeten we ook recht doen, want op het moment dat we daar nu met

72

zijn alien niet zeg maar tot het puntje gaan dan gaan we deze discussie straks in de genneenteraad krijgen en dat kan. Dat kan, maar dan gaan we weer naar elkaar kijken en zeggen: waarom hebben we dit in de commissie niet gedaan? Ik denk dat het goed is dat we nog eens een keer kijken naar de vergaderorde bij dit soort onderwerpen hoe we dat dan in het vervolg willen doen. Dat is ook misschien iets waar het presidium eens even achter zijn of haar oren moet krabben of achter de oren moet krabben, laat ik het onzijdig houden. En kijk, mijn voorkeur zou er naar uit gaan om gewoon eens een keer met elkaar de tijd hiervoor te nennen en dan nog weer eens eventjes te zeggen van: er zitten een paar punten in waarde gewoon fundannenteel het debat met elkaar aan moeten gaan en ik niet meer de scherpte om nu op een aantal punten die heel terecht zijn, want er zijn heel veel opnnerkingen ook terecht gennaakt, om daar nu even op in te gaan. Maar dat is mijn idee, hoor. De heer Noldus: Voorzitter? De voorzitter: Mijnheer Boersma, bedankt voor uw inbreng. Mijnheer Noldus laat ik echt als laatste. De heer Noldus: Ja, want ik had in mijn laatste voorstel nog even een vraag richting het college gesteld met het verzoek: kunnen we dit niet intrekken? De wethouder zegt eigenlijk ook er zitten wat tegenstrijdigheden ook in het besluit dat voorligt.

Dus vandaar nog een keer de vraag: kunnen we nou niet dit voorstel intrekken en een ander voorstel, een nieuw voorstel meer in lijn met wat de commissie vraagt, volgens mu j is daar best een redelijke termijn uit trekken. Ik weet niet of we daar dan gelijk met zijn alien het over eens zijn, maar om dit nog een keer een andere avond af te ma ken wordt opnieuw een uitwisseling van stellingen zou ik zeggen. De voorzitter: Even een reactie van de portefeuillehouder. De heer Heijkoop: Voorzitter, volgens mij als ik naar u luister dan heeft u allemaal een positieve grondhouding waar het gaat om dit voorstel, alleen vindt u het nu te ver gaan, met name de VVD, om al drie miljoen beschikbaar te stellen, maar wilt u het verder uitgewerkt hebben, ook omdat mevrouw Van Engelen vond ik een uitstekende bijdrage in haar tweede ternnijn waar het gaat ook over welke doelgroepen concurreren met elkaar? Ik zou me ook kunnen voorstellen dat u dit vaststelt, maar gewoon die drie miljoen eruit amendeert en dat u gaat platen over een voorstel dat we dan verder gaan uitwerken, want daar heeft u behoefte aan, alleen ik kan het nu ook niet echt verder gaan uitwerken omdat u zegt van: wij willen dat nog niet, dus in die zin, het is een beetje het kip en het ei. De voorzitter: Nee, nnevrouw Van Vugt was als eerste aan het woord.

Mevrouw Van Vugt-Roose: Ik zie daar als we die drie miljoen eruit halen, is dat dan voor de VVD inderdaad iets waardoor je zegt: dan werk het dan maar verder uit en dan kunnen we het hier nog een keer over hebben om de randvoorwaarden mee te geven?

73

De voorzitter: Ik ga even ingrijpen. Dit wordt nu een beetje koehandel en dat doet echt niet recht aan deze commissie en het onderwerp an sich. We hebben drie partijen nodig die instennmen om dit voorstel zoals het er nu voorligt Allicht dat de portefeuillehouder datgene wat u heeft ingebracht als allonge meeneemt in het voorstel, dat we vervolgens daarop in debat gaan met elkaar. Dat is concreet mijn voorstel en dat is ook mijn laatste voorstel. De heer Kolkilic: Voorzitter, punt van orde nogmaals. Nou, de wethouder die gaf net nogmaals aan dat een aantal partijen positief zijn over dit voorstel, nnaar alleen tijdens de eerste partij heb ik heel veel partijen negatief over dit voorstel horen praten en negatief advies over dit voorstel horen geven, dus ja, ik verander nog steeds niet van de idee dat we dit moeten uitstellen. Mevrouw Voorzitter? Daar sluit ik mij bij aan, dus ik zou voorstellen dit gewoon door te laten gaan en we gewoon stem men over dit voorstel. De voorzitter: U bedoelt in de raad? Mevrouw ...: Nee, nu. De voorzitter: Vanavond nog? Mevrouw Ja, je hebt drie partijen nodig zeg je, drie partijen die zeggen: we gaan vanavond beslissen of we doorgaan of niet doorgaan. De voorzitter: Nee, ik heb drie partijen nodig... Mevrouw

Ja, voorzitter van de discussie, nu.

De voorzitter: Ik heb drie partijen nodig die aangeven dit voorstel een volgende keer te behandelen, nu opnieuw te behandelen. De heer Voorzitter? Ik wil dat voorstel eigenlijk wel steunen. Als ik de wethouder hoor dat de grondhouding in de hele commissie positief is en ook onze input daarop terug hoor, dan denk ik: dan hebben we toch nog wel een rondje te wisselen denk ik, dus ik wil eigenlijk de volgende keer nog een oordeelsvormende commissie over dit onderwerp opnieuw op de agenda hebben. De voorzitter: Dat is er een, twee, drie. Nou, we zijn eruit. Dit agendapunt konnt weer terug oordeelsvormend en allicht dat de portefeuillehouder op basis van de input van vanavond ook nog wat aanvullingen doet voor zijn voorstel. Ik dank jullie wel en vergeef me als ik lets verkeerd heb gedaan.

Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 20 december 2022.

74

75

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/540/documents/21331