CConstaterende datDordrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

2.15 2023-11-28 Notulen Dordtse Dinsdag Vergaderkamer 5 - Vastgesteld.pdf

Dordtse Dinsdag – Beeld- en oordeelsvormende commissies 28 november 2023, gemeente Dordrecht15.842 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE GEMEENTE DORDRECHT DORDTSE DINSDAG D.D. 28 NOVEMBER 2023 Vergaderzaal 5

1. Startbijeenkomst/interactieve werksessie programma Participatie Raadsgriffier: De heer Den Boer Verslag: NotuBiz Aanwezig: Door ontbreken van voorstelronde geen aanwezigen kunnen noteren. Er zijn om deze reden ook een aantal onbekende sprekers in het verslag. Portefeuillehouders: wethouder T.F. de Jonge Overige aanwezigen: mevrouw Bakker Mevrouw De Joncie: Hallo. Hij doet het. Hallo, hallo. Goedenavond. Nee, niet. Ik ben een wethouder. Precies. Welkom in deze sessie. En inderdaad misschien enige verbazing dat dat er geen voorzitter is vanavond, maar we hebben ook geen reguliere commissie. We hebben namelijk een startbijeenkomst om met elkaar te gaan praten over participatie. Dat heeft u ook goedgekeurd, vastgesteld met de Startnotitie, dat de eerste stap die wij gaan maken is eens goed met elkaar uit gaan wisselen van, wat is eigenlijk participatie? Wat verstaan we daaronder? En we hebben ook altijd gezegd, participatie is niet een orgaan van de gemeente, is ook niet van inwoners, is ook niet van bedrijven, is ook niet van organisaties, het is van ons allemaal. En we zullen gezamenlijk erachter moeten komen hoe wij in Dordrecht die participatie vorm willen geven. En daar is vanavond eigenlijk de eerste sessie voor, om samen met u te gaan kijken van, wat gaan we opnemen in het Dordtse programma met betrekking tot participatie. Het is hartstikke leuk dat u er allemaal bent.

Toen we even zo rondkeken, zeiden we al van, er zit wel een gewoonte in. Want u heeft allemaal netjes uw naambordjes gepakt. Is helennaal niet nodig, want we gaan straks helemaal uit elkaar. Maar er is iets wat u wel had moeten doen. En dat is namelijk een kaartje pakken. Kijk, Leo, je bent geweldig. Dank je wel. Wat wij jullie willen vragen, voordat we gaan starten, dan geef ik het woord ook aan de programmamanager, loop even naar de tafel. Kijk eens even rond. En welk kaartje drukt voor u nu uit wat participatie is? En we nodigen ook iedereen achterin uit, want het is een sessie van iedereen. Iedereen die aanwezig is, ga even kijken. Mevrouw Bakker: Zijn er meer kaartjes nodig of is er nog voldoende keuze? Ik leg nog wel wat. Ik zie de laatste twee mensen nog heel een keuze nnaken. Dan hebben we ze. Dat was hem. En het is een aftrap. Net als dat Tanja zei inderdaad. Jet gaat om de eerste ideeen van participatie. We gaan een paar dingen doen. Zo dadelijk doen we even, wat mu j betreft, een kort rondje met de kaart die je hebt gekozen. Daar komen we zo dadelijk op met een heel kort, wie je bent. We gaan in groepjes uiteen.

1

We hoeven echt niet van iedereen straks alle namen te weten, maar het gaat evenwel om die korte introductie van dat inzicht, wat iedereen eronder verstaat. Hele korte theoretische introductie. Stukje van, wat zijn motieven voor participatie? Dat helpt vaak ook wel heel erg. Maar we willen ook graag input ophalen. We zijn met het programma van start. Mijn naam is Dorine Bakker. Ik ben de programmamanager. En we zijn van start met het progrannmateann. En die gaan ons vandaag ook helpen, want we willen input ophalen voor de visie. Daarvoor hebben we een aantal hulpvragen opgesteld en hebben we gezegd, er komen zo dadelijk drie groepen. Ik zal straks even tellen. Volgens mu j gaat het nog steeds in drie groepen, qua aantallen mensen. En aan de ene tafel zit je en beeld je je in, ik ben een raadslid en dan vind ik dit en dit en dit belangrijk als het gaat over participatie. Vervolgens ga je door naar de andere tafel. Daar ben je lid van het college van B&W. Beantwoord je weer dezelfde vragen, maar met de input van de groep die voor jou daar aan die tafel is geweest. En vervolgens gaan we naar tafel drie. En daarbij, hoe noem je dat, leef je je in in de inwoner en beantwoord je met elkaar, wat is de conclusie en wat moet er meegenomen worden in dat programma Participatie? En wat vinden wij belangrijk voor die visie? Het is een eerste aftrap. Het is een eerste inspiratie.

Er is geen goed of fout. Het idee is juist dat je daar samen, in samengestelde groepen, over na gaat denken. De uitlegt volgt zo dadelijk nog een keertje. Ik wil eerst even beginnen met, waarom het programma? Het programma is er, omdat er eigenlijk in Dordrecht al heel veel wordt gedaan met participatie op het gebied van participatie. Er wordt best wel veel al georganiseerd. Er worden gesprekken met de inwoners georganiseerd. Er is ruimte voor inwonersinitiatieven. Maar toch was er ook wel een behoefte om te zeggen, we willen dat iets meer eenduidig doen. Er zitten wat verschillen tussen nnisschien afdelingen. Er zijn andere ontwikkelingen waar we ook mee aan de slag willen. Daar zit een reden voor de overheid om daar iets nnee te doen. En ook voor de genneente Dordrecht. Ook is er vanuit de samenleving steeds meer roep om betrokkenheid, ruimte voor initiatieven, dingen aan mensen overlaten. Dat wil je ook serieus nemen. En dat mensen ook transparant kunnen zien, dat werkt zo in Dordrecht. Daarnaast zijn er ook wel een aantal wettelijke ontwikkelingen. Gemeenten zijn verplicht om sowieso een participatieverordening op te stellen. Maar ik zeg altijd, een verordening is ook maar een stuk papier. Je moet ook zorgen dat het werkt. Ook vandaar een programma.

Maar ook in de Omgevingswet zit die verplichting om participatie te organiseren, om inwoners te helpen om participatie te organiseren. Je ziet echt dat het ook wel wettelijk meer verplichtend wordt. Vanavond de eerste aftrap. En dat wilden we inderdaad op een andere manier doen dan met elkaar in gesprek met de naambordjes. Maar echt gewoon in kleine groepen met elkaar input leveren voor die visie, zodat wij daarmee aan de slag kunnen in het programma. En het programma heeft best wel een doorlooptijd en verschillende fases. Hierover is een Startnotitie geschreven. Die is eerder vastgesteld. Daarom is er nu ook een programma. Ga er ook vanuit dat over alle onderdelen in dit programma wij na zullen denken over wie wanneer te betrekken. En dat zal ook op meerdere monnenten gebeuren. Dat is wat we hebben gezegd van, daarom doen we vandaag met jullie een eerste aftrap. Maar wat we ook gaan doen, is een enquete onder de inwoners uitzetten om te vragen, wanneer wil u eigenlijk participeren?

2

Waarover wil u eigenlijk participeren? Om ook weer als input van, waar moet dat participatieprogramma straks antwoord op geven en waar moet participatiebeleid eigenlijk over gaan, en die werkwijze. Ik denk even genoeg voor de introductie. Ik zie hier een vraag. Ga uw gang. De heer Safranti: Die enquete was ik een beetje benieuwd naar. Gaat u dat digitaal doen of krijgt iedere burger zo'n brief thuis of hoe gaat dat? Mevrouw Bakker: Ja. Het eerste idee is wel om deze enquete digitaal te doen, maar dat is natuurlijk de vorm waarin die kan worden ingevuld. We zijn nog zelf ook aan het nadenken over hoe je daar dan bekendheid aan geeft. Want alleen dat online zetten en daar dan ook weer over communiceren en misschien mee op pad gaan om mensen te vragen op straat, dat is nog iets waar we mee bezig zijn van, hoe kun je echt breed en divers mensen bereiken? De heer Safranti: Waarom vraagt hij het? Omdat we natuurlijk ook met de vergrijzing te maken hebben. Heel veel mensen die bijvoorbeeld toch geen beschikbaarheid hebben over een computer of laaggeletterd zijn. Dat kan, dat ze dat dan... Dan neem je die groep niet mee. Dat zou ik dan jammer vinden. Hebben jullie daar nog aan gedacht? Mevrouw Bakker: Wij zijn nu bezig met het opstellen van, welke vragen willen we ze stellen? En de verspreiding is echt nog in wording.

Dit is fijne input al, waar we ook over na aan het denken zijn van, de vorm is een, maar vervolgens kun je het mensen op verschillende manieren aanbieden. Want als je inderdaad iemand hebt die of geen toegang heeft tot Internet kunnen wij wel zorgen dat we misschien ergens zijn met de vragenlijst beschikbaar op een... Ik zie nog een vraag. De heer Van der Meer: Ik wilde vragen... Doet hij het? Ja. Ik wilde vragen of naast een enquete ook wordt overwogen om met groepen burgers te praten, zodat men onderling kan discussieren over de vraag, hoe zou participatie vormgegeven kunnen worden? Want het nadeel van een enquete bij dit soort onderwerpen vind ik altijd dat je individuele voorkeuren krijgt, die alle kanten opgaan. En dan maakt de gemeente in haar wijsheid een keuze daaruit, terwijI als mensen samen daarover praten, daar hele constructieve ideeen vaak uitkomen. Mevrouw Bakker: Dat komt sowieso ook nog want dit is wat wij noemen de participate over de participate. Het is een heel proces. We maken eerst een visie en dan beleid. We zijn een programmateam aan het oprichten. We zijn aan het nadenken over hoe je intern kennis en expertise kan verspreiden en verankeren in de organisatie. Het is niet een enig moment. En we zijn inderdaad ook net van start met het programmateam.

En een van de opdrachten van dit programmateam is het maken van een communicatieplan, zowel interne als externe communicatie. Maar ook daarmee nadenkend over de communicatie slash participatie. Wat zijn de momenten, wie wanneer en over welk onderdeel? En dit is er zeker een, want je wil natuurlijk gewoon met mensen het goede gesprek ook voeren en niet alleen maar turflijstjes in enquetes.

3

De heer Van Dam-Timmers: Dan misschien nog een ding aanvullend of heel veel werk uit handen nemend. We hebben natuurlijk de Monitor Drechtsteden, die jaarlijks eigenlijk al die connmunicatie- en bestuursenquetes allemaal doet. Ik zou er vooral voor pleiten om dat niet opnieuw te doen. Maar als je al lets doet, dat je met mensen praat en het er verder vooral dan ook bij laat, want anders ben je al heel veel aan doen wat al gedaan is. Mevrouw Bakker: Dat is even denk ik technisch, maar we hebben contact ook over wanneer die nieuwe monitor moet plaatsvinden. Hij is net geweest. En het type vragen. En of wellicht dat je informatie oplevert ook naar de toekomst toe, die de juiste antwoorden geeft. Maar wij weten ervan, in ieder geval. Dat is wel belangrijk. En we nemen wat daar al inzit nnee. En dat gaan we niet opnieuw doen. Zeker niet. Ik denk dat we even doorgaan, want ik wil vooral ook van jullie heel veel horen. Want nu we er toch zijn, laten we dan ook maar gaan participeren en input leveren bij ons. Nou hadden wij gezegd, we doen even een rondje. Maar er zijn best wel veel mensen. Jullie hebben al een metafoorkaart gepakt. Ik ga dit gewoon zo dadelijk vragen als we in groepen uiteengaan om dat even met je eigen groep te doen. Want je gaat de drie rondes met diezelfde groep doen. Dan is het even een lets kleiner comite, maar wel een groep waarmee je wat !anger aan tafel zit.

Ik zet deze gewoon straks even terug op het scherm, als jullie het goed vinden. Want ik vind wel belangrijk en ik wil ook dat het wel genoteerd wordt. En eden van het progrannmateam die zijn tafel voorzitter zo dadelijk en die maken ook aantekeningen, want ik vind deze vragen wel interessant om te beantwoorden. Een, wat is participatie voor u en welke kaart heeft u daarvoor gekozen? En twee, gewoon uit nieuwsgierigheid, heeft u weleens geparticipeerd, niet zijnde als gemeenteraadslid in uw gemeente of waar u ooit heeft gewoond? En als dat niet het geval is, waar bent u het meest trots op qua participatie in Dordrecht? Aileen dat al geeft ons heel veel inzicht in, waar gaat het goed of wat inspireert? Ook dat is belangrijk. Maar dat doen we zo dadelijk even in groepen. Hij komt terug. Een klein stukje theorie, maar echt een heel klein stukje. Want heel vaak zeggen we participatie en dan kijk je elkaar aan en dan denk je, we hebben het over hetzelfde. Maar er zijn echt wel hele grote verschillen waaronn mensen denken dat participatie goed is, nodig is en welk doel het dient. Dat noemen wij de motieven voor participatie, waarbij je echt kan zeggen, op dit vlak, het is een instrument. Als gemeente zet je die in, omdat je draagvlak wil creeren. Dat is toch echt wel lets heel anders dan dat je zegt, ik wil mensen een stukje verantwoordelijkheid geven.

En het voorbeeld van een burgerbegroting, waar ook hierover nagedacht wordt en interesse naar is, het is een middel. En er nnoet goed nagedacht worden over, wat is ons motief en welke vornn van participatie past bij het vraagstuk dat we beantwoord willen hebben? Net als net de suggestie van, doe niet alleen een enquete, maar ook gesprekken. Alle vormen van participatie hebben voor- en nadelen. Maar het begint eigenlijk allemaal bij, waarom willen we eigenlijk participatie? Voor wie doen we het? En welke vraag beantwoorden we daarmee? Dit is geen koffiebreak, want we gaan gewoon... Maar we gaan wel bewegen. Ik kijk even naar Sophie. Die heeft bedacht waar welk groepje gaat zitten. Achter in de zaal zitten onze collega's die onderdeel zijn van het programmateam en een van deze tafels gaan begeleiden. Die verplaatsen zich vast even naar de tafel waar zij bij horen.

4

En dan wit ik de zaal graag vragen om in goed gemixte groepen, gennengde groepen... Maar dat weet ik nu ook niet wie wat is in het dagelijks leven. Maar een mix van raadsleden, college, collega-ambtenaren, wellicht inwoners die aanwezig zijn vandaag. Een beetje een gemengde groep. Dat je een gesprek hebt met verschillende perspectieven. Dames en heren, het einde is er. En ik heb mijn tafelvoorzitters op het hart gedrukt dat zij een sluitende conclusie hebben. Nee hoor, ik geef hun heel even de tijd. Als jullie allemaal een beetje verplaatsen weer naar een plek waar je een beetje naar voren kijkt, om na te denken over de rode draden en de tegenstrijdigheden van de drie rondes die zij hebben gehad. Dat is mooi. Je mag het even voor jezelf alvast een beetje samenvatten, want ik ga Jose, Patty en Robbert vragen om de rode draden en de tegenstrijdigheden of de grote vraagtekens nog even samen te vatten voor hun groep. Hun groep was natuurlijk de stakeholder, wie zij vertegenwoordigden. De groep was de hele zaal vandaag. En alles is input. We hebben aan het begin gezegd dat alle vragen beantwoord moesten zijn aan het einde. Ik weet niet of dat gelukt is, maar het heeft in ieder geval er wel voor gezorgd dat jullie hard hebben gewerkt, volgens nnij, met elkaar. Jose, mag ik jou als eerste vragen?

Mevrouw Haverkort: Ik heb me, om te beginnen, niet aan jouw opdracht gehouden, want mijn velletje is leeg. Dat krijg je dan weer, allemaal van die eigenwijze mensen. Maar ik was inwoner. En inwoners zijn eigenwijs, gelukkig. De rode draad. Wat mij heel erg is opgevallen, wat ik eigenlijk overal terug hoor, is duidelijkheid. Duidelijkheid in taal. Duidelijkheid in wat er wel en niet kan. Waar je wel en niet over mee kunt denken. Duidelijkheid over het proces van participate. Maar ook met van alles waar je mee bezig bent als gemeente, om het maar zo te zeggen. Ook in gesprek gaan. Een echt gesprek voeren. En ook het gesprek blijven voeren. Die terugkoppeling, die zo belangrijk is. De ruimte is ook een term die ik heel veel heb opgeschreven. Welke ruimte heb je om mee te denken? Maar is het ook een veilige ruimte? Zorgen we ook voor een veilige ruimte om je mening te kunnen geven? En de tegenstrijdigheid zit hem niet zozeer in wat de verschillende groepen hebben gezegd, maar misschien meer in, we willen dat mensen kunnen mee participeren. Maar het tegenstrijdige is dat je als inwoner ook niet overal wat van hoeft te vinden en ook niet overal over mee wil denken, omdat je van sommige dingen ook zoiets hebt van, gemeente, daar ben jij toch van? Dat vond ik een tegenstrijdigheid. En ik vond het vooral heel erg leuke gesprekken. Dank jullie wel. Mevrouw Bakker: Dank je wel, Jose.

Mooie inzichten. En inderdaad een tegenstrijdigheid of misschien een vraag die nog niet beantwoord is. Hoe gaan we daarmee om? Interessant. Ik kijk even. Hier wordt nog druk geschreven, maar zijn jullie er ook al kiaar voor? Ik zie hier een hand gereikt. Die neem ik. De heer ...: Dan zal ik maar. Ik was net nog bezig, maar dan ben ik er vanaf. Je merkt inderdaad dat je duikt meteen het gesprek in en dat gaat alle kanten op. Maar we hebben ook inderdaad hele leuke en interessante gesprekken gehad. We hebben wel iets op papier gekregen. In die zin ging dat wel redelijk. De eerste vraag inderdaad, wat verstaat u onder participate? Kwamen wij uit op dat ook wel een van de hoofdonderdelen van participate is in de kern misschien ook wel de gemeenteraadsverkiezingen, wat een belangrijk moment is.

5

En vervolgens ook gewoon de verdere invulling van wat het betekent inderdaad. Wat een politiek akkoord betekent. En daarbij horend ook het verder versterken van het draagvlak en het mandaat voor wat er inderdaad in de jaren die daarop volgen, wat daar gebeurt. En als je kijkt naar, wat willen we bereiken, dan is het inderdaad het verrijken van de input die we bij vraagstukken zoeken. Daarnaast ook het probleemeigenaarschap delen met anderen buiten de gemeente. Dat er inderdaad duidelijk wordt wat voor een dilemma's en wat voor keuzes je moet maken. En dat je niet alleen maar kunt winnen. Dat niet alleen maar alles kan altijd. De doelstellingen. Dan hadden wij inderdaad opgeschreven iets in de trant van betrokkenheid. Een band opbouwen tussen en met bewoners, vond ik ook wel een goede. En hier komt ook een stukje wat ik niet had uitgewerkt. Voor wie doen we het? Ik heb hier opgeschreven voor het algemeen belang, maar ook inderdaad voor zij die zich minder ma kkelijk kunnen uitspreken. Die vond ik ook wel goed. En de laatste twee vragen hadden we niet beantwoord, maar de vraag daarvoor hadden we nog. Wat er nodig om deze doelen te bereiken? Dat was inlevingsvermogen. Zeg ik dat goed? In ieder geval de competentie om anderen te zien. Inderdaad goede communicatie heb ik hier ook nog staan. Overeenstemming tussen betrokken partijen. De laatste twee vragen heb ik niet behandeld.

Misschien enkel de groep. Dat was het.

Mevrouw Kruger: Ik heb me ook niet aan je lijstje gehouden. Dat was ook echt in geen enkele mate mogelijk met die raadsleden, moet ik zeggen. De rode draden die erin waren, was wel van, wanneer weet je of beslis je dat het participatieproces voldoende, zorgvuldig en representatief genoeg is geweest? Hoe weet je dat? Je kunt natuurlijk ook kaders aan de voorkant afspreken. Maar we kwamen daarmee ook wel met een dilemma, dat er altijd wel mensen zijn die zich niet gehoord voelden of die het er niet mee eens waren. En wat doe je dan als raadslid als dat wel toevallig is waar jij ook, namens jouw partij of jouw achterban, voor staat? Daar hebben we het best wel, in ieder geval met twee groepen, heel intensief over gehad. En waar we het ook over gehad hebben, en eigenlijk in alle drie de groepen was van, welke vraagstukken lenen zich voor participatie en welke wat minder en in welke mate? Waarbij we eigenlijk steeds kwamen op van, als het gaat om je directe leefomgeving, of dat sociaal is of gewoon echt je fysieke leefomgeving, dan is dat makkelijker voor bewoners om daar iets van te vinden of iets mee te doen. Maar gaat het om lets als beleid of beleidskaders, dan wordt het al lastiger. En in welke mate ga je dan.. Of hoe ga je dan om met participatie? Dat is eigenlijk de rode draad in de raadsledengroep.

Ik denk dat dilemma van, hoe weet je dat dat participatieproces voldoende is voor de beslissing die je moet nemen als raadslid? Die vraag hebben we echt een aantal keer met elkaar gesteld. En het enige echte antwoord was van, ga het gewoon vragen aan je achterban? U zei dat met name. Maar we hebben daar nog niet echt een duidelijk antwoord op. Mevrouw Bakker: Dank jullie wel. Mooie dingen. En ik begin ook al wel rode draden tussen deze drie stakeholders te zien. En in de tussentijd heb ik ook mijn oor te luister gelegd hier en daar en zelf al wel weer gesproken en nagedacht over nog de... Er waren wat ambtenaren hier aanwezig vanavond, maar de organisatie ook te gaan betrekken bij dit onderwerp. Want die stond zomaar even niet op ons lijstje. De inwoners wel, maar niet de collega's hier in het gemeentehuis aanwezig.

6

Wat zei u? De presentatie is ook beschikbaar in het systeenn. Waarbij ik even hier op de laatste pagina twee linkjes naar recente artikelen over de twee wettelijke aanleidingen voor participatie heb neergezet. Er is natuurlijk van alles te vinden en te schrijven. Dit heb ik naar eigen inzicht even zo daaraan toegevoegd, als daar interesse naar is. Zijn er nog nabranders, dingen die jullie in de terugkoppeling niet hebben gehoord die echt van essentieel belang zijn voor ons, als wij hiernnee aan de slag gaan, met participatie? Ik zie hier een hand. Ga uw gang. De heer Van der Meer: Ik ben het eerlijk gezegd niet helemaal eens met de conclusie dat participatie vooral geschikt is voor, laat maar zeggen, de eigen directe woonomgeving. Daar is het ook geschikt voor. Laat daar geen misverstand over bestaan. Dat is heel belangrijk om mensen daarbij betrokken te laten zijn. Maar ik denk dat als je kijkt naar hoeveel burgers het vertrouwen in de politiek zijn verloren, dat er daarnaast een hele grote uitdaging ligt over juist de wat grotere vraagstukken als armoedebestrijding, participatie, tegenstellingen tussen groepen, klimaat, natuur, energietransitie en dat soort vragen. En daar moet je goede vormen voor vinden. Daar moet je goed over nadenken wat de randvoorwaarden daar voor zijn.

Maar ik denk dat het heel erg belangrijk is om op die terreinen iets te bereiken, om ook heel goed over participatie na te denken. Participatie betekent niet dat je je bij de grote meerderheid neerlegt. Mevrouw Bakker: Bedankt. Ik zie nog een... De heer De Heer: Misschien uit nieuwsgierigheid. Ik ga er natuurlijk vanuit dat jullie die aantekeningen niet voor de btlihne hebben verzameld en dat ze in de prullenbak belanden. We hebben naar jullie geluisterd hoor. Het cement wordt al hard. Ik ben benieuwd, gewoon een stukje inzicht, hoe gaan jullie hiermee aan de slag? Mocht daar een terugkoppeling over zijn, zou ik wel leuk vinden. Mevrouw Bakker: Zeker. Zal ik dat meteen maar even doen. Wij hebben inderdaad als onderdeel van onze eerste opdracht als programmateam staan een aantal zaken. Op de eerste sheet had ik die ook al opgesomd. Maar de visie komt tot stand, waarbij we hebben gezegd, dit is een ingredient. De enquete die we gaan uitzetten onder de inwoners, is een tweede ingredient. Net hebben we toegevoegd van, ook even nadenken over hoe we collega's... Al die perspectieven worden verzameld. Daarnaast doen wij ook een scan op alle beleidsdocumenten. Op de beleidsdocumenten, dan denk ik, waar iets in staat over... We halen op wat er al in de beleidsdocumenten staat, wat betrekking heeft op participatie.

Want ook dat geeft inzicht van, waar gebeurt het al? Kunnen we dat algemeen geldend verklaren? Het geeft ook wel een mooie weergave. We nemen verschillende ingredientjes mee. En daar gaan we met het programnnateam dan vervolgens aan schrijven. En komen we nog in diverse rondes ook terug. We hebben ook een cirkel van ambassadeurs, van collega's die ook veel met participatie doen, die dat eens tegenlezen. En wat ik al aangaf helemaal aan het begin, wij gaan ook een soort van communicatieplan en participatieplan, van wanneer kom je terug, voor de hele proces uitstippelen. Dat is voor nu even de stip op de horizon.

7

De heer Misschien nog een aanvullende vraag over die enquete. Beetje in lijn met wat we net met elkaar uitspraken. De vraag bij de raadsleden in de groep. Wanneer doet het recht aan de hele groep die je probeert te bevragen? En wanneer is het echt een afspiegeling van wat er leeft? Dat kun je natuurlijk ook met die enquete jezelf afvragen. Want hoeveel inwoners hadden we nu hier vanavond? Heel beperkt, behalve dat we zelf ook inwoners zijn. Velen van ons. Hoe gaan jullie te werk met die enquete? Is daar al iets over te zeggen, om daar iets meer inzicht in te krijgen?

Mevrouw Bakker: Op dit moment nog niet. We zijn nu bezig met de inhoud van de enquete van, wat vinden we relevante informatie en vragen? En de verspreiding staat eigenlijk ook op de agenda. En zoals we hier vandaag zaten, heb ik het ook daar wel weer met collega's over. Ook weer geinspireerd door deze bijeenkomst van, wat gaan we nog meer doen dan het alleen maar online zetten? Want dan zijn we nergens. Maar we zullen daar uiteraard ook over communiceren en transparant in zijn over hoe we dat doen. Ga je gang. In de Startnotitie, maar dat is eerder verspreid. Ik snap dat hij even nnisschien niet vers in het hoofd zit. En die planning is ook wel iets weer geupdatet hoor. Wij bevinden ons nu in ieder geval in fase een, zoals die ook omschreven is in die Startnotitie. En ons tijdpad is om voor de zomer het progrannnnateam draaiende te hebben, de visie met al deze stappen, de ingredientjes verzamelen en verwerken. Wat hadden we nog meer? We gaan ook werven voor een nieuwe permanente programmannanager. En ik vergeet iets. Precies. We zijn echt bezig met het inrichten van de organisatie ook om straks dit consequent en op een bepaalde werkwijze die inrichting te doen. Het opstellen van een communicatie- en implementatieplan. Dat heeft daar ook mee te maken. Het tijdpad van fase een is tot konnende zomer, zomer 2024. En in de tussentijd, er zitten allerlei kleine deelproducten in.

Mevrouw Misschien concreet ook nog over de enquete en hoe die verspreid gaan worden. Daar willen we wel zeer binnenkort nnee beginnen. Het liefst nog voor het einde van het jaar. En dan gaan schrijven, samen met het programmateam en eventueel tegenlezen ook van ambassadeurs begin volgend jaar. Om dat meteen wat concreter te make n. Mevrouw Bakker: Nog een vraag. De heer Van der Meer: Ik wilde nog een suggestie meenemen. Namelijk om een of twee participatieprojecten, die hebben plaatsgevonden in het verleden en waar zo wat kanttekeningen bij gemaakt zijn, door welke betrokkene dan ook van, het is niet helemaal goed gegaan, om die goed te evalueren en te kijken wat daarvan te leren is over de aanpak. Mevrouw Bakker: Dat herinnert mu j aan iets anders wat we ook gaan doen. Want we gaan ook deels onderdelen en de kennis en het expertisecentrum en alle producten die daarin ook ontwikkeld worden, ontwikkelen aan de hand van nu lopende participatieprojecten. Een soort van heen en weer leerproces. Want daar wordt al geparticipeerd. En kunnen we dat vertalen naar hulpmiddelen en afwegingskaders voor iedereen?

8

Wat mij betreft, want het is nooit erg om twee minuten voor tijd, of zoiets zitten we denk ik, drie minuten voor tijd, klaar te zijn en nog heel even op te kunnen staan. Want volgens mij moet het gros nog gewoon door de hele avond. Wil ik jullie hartelijk bedanken voor deze nnooie aftrap. En wij komen zeker bij jullie terug met de resultaten en ook regelmatig tussentijds, als dat oke is. Dank jullie wel.

2. Vaststellen Parkeerverordening, Verordening Parkeerbelastingen, Nadere regels Parkeerverordening en privaatrechtelijke parkeertarieven Dordrecht Voorzitter: De heer Den Heijer Raadsgriffier: De heer Den Boer Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. De Feijter (CU/SGP) Dhr. Hartmeijer (SP) Dhr. Van der Kruijff (CDA) Dhr. Van der Meer (GroenLinks) Dhr. Noldus (VVD) Dhr. Schalken-den Hartog (Beter Voor Dordt) Dhr. Stolk (VSP) Dhr. Tutu poly (Op Ons Eiland) Dhr. Venderbos-Lambinon (Partij voor de Dieren) Portefeuillehouder: wethouder R. van der Linden De voorzitter: Goedenavond, dames en heren. Welkom raads- en commissieleden en de wethouder, nannens het college, de heer Van der Linden. Gaat u allemaal zitten. De heer Van der Kruijff is inmiddels ook binnen. Het quorum is gehaald. We kunnen gaan starten. Ik begin aan nnijn linkerzijde bij de griffier om een voorstelrondje te doen, zodat de mensen thuis ook goed kunnen volgen wie straks wat gaat zeggen. De heer Den Boer: Mark Den Boer, connmissiegriffier. De heer Stam: Marco Stam, Fractie van Waardhuizen. De heer De Feijter: Bart de Feijter, ChristenUnie/SGP. De heer Hartmeher: Raymond Hartmeijer, SP. De heer Van der Kruijff: Wim van der Kruijff, CDA. De heer Venderbos-Lambinon: Cees Venderbos, Partij voor de Dieren. De heer Schalken-den Hartoq: David Schalken, Beter voor Dordt. De heer Stolk: Leo Stolk, VSP.

9

De heer Tutupolv: Gersom Tutu poly, Op Ons Eiland. De heer Noldus: Robin Noldus, Dordtse VVD. De heer Van der Meer: Frans-Bauke van der Meer. De heer Van der Linde: Rik van der Linden, wethouder. De voorzitter: En ik ben Rolin den Heijer. En ik ben vanavond de voorzitter. Er ligt een raadsvoorstel voor, oordeelsvormend. Is vanuit de agendacommissie in deze commissie terechtgekomen. En er zijn twee politieke vragen aan verbonden. Eerste vanuit de VVD. Is het verstandig om het tarief voor bewoners parkeervergunningen te verhogen of is het beter am het tarief van de bewoners parkeervergunningen stabiel te houden, zoals in de voorgaande jaren? En de tweede is van de Verenigde Senioren Partij. Is het niet beter am het tarief voor het Gezondheidspark en de Sportboulevard op hetzelfde niveau te houden? Voordat we van start gaan, zou ik even een inventarisatie willen doen wie het woord wenst in de eerste ternnijn? Dan zou ik bijna zeggen, wie niet? Ik zag bij Bart, bij de heer De Feijter, geen hand. Dan stel ik voor dat we gewoon af gaan trappen. En dan stel ik voor dat de heer Stam begint. Aan mijn linkerkant. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. Wat Fractie van Waardhuizen betreft, kort en krachtig. Met name richting de tarieven op de Sportboulevard en het ziekenhuis.

Daar hadden we eigenlijk vandaag oak een vraag over willen stellen in het vragenuurtje, maar die werd doorverwezen naar hier. Wij zouden die tarieven graag gelijk willen zien. En we hebben in het gemeenteblad gezien dat de gemeente op basis van zijn bevoegdheid de tarieven met 25 procent gaat verhogen per 1 januari 2024. En onze vraag daar is eigenlijk bij van, waaronn nu vooruitlopend die in het gemeenteblad al presenteren? En punt twee. Bij de Sportboulevard waren ze daar totaal niet van op de hoogte. De communicatie in het gebruikersoverleg heeft wel wat aan geschort. En voor de rest kunnen wij ons wel vinden in het parkeerbeleid. Ik heb nog wel een aanvullende vraag. En die hebben we al eerder gesteid, over een parkeerkaart voor mantelzorgers. Er is natuurlijk nu een proefperiode voor, voor een jaar. Maar we zouden graag van de wethouder de toezegging willen hebben dat die parkeerkaart er oak komt voor zorgverleners zonder BIG-registratie, omdat dat juist de mensen zijn die met patienten op pad gaan en de mensen met een BIG-registratie dat eigenlijk grotendeels niet doen of zelf al over een kaart beschikken. En dat is voor wat betreft de eerste termijn voor Fractie van Waardhuizen. De voorzitter: Dank, mijnheer Stam. Dan gaan we naar de heer De Feijter van de ChristenUnie/SGP. De heer De Feijter: Dank u wel, voorzitter.

ChristenUnie/SGP staat oak positief ten opzichte van deze nieuwe parkeerverordening. Om direct maar eventjes met het punt wat mijn buurman zojuist al aanstipte te beginnen. Die zorgverleningsvergunning zijn we oak positief over. Ik ben ook benieuwd hoe de wethouder tegenover het zojuist door de heer Stam aangedragen punt staat am zorgverleners die niet BIG-geregistreerd zijn, wat daar eventueel nog de mogelijkheden mee zijn.

10

Maar we zijn heel benieuwd hoe deze pilot uit gaat pakken. Voor de rest vinden wij het een niet hele spannende update eigenlijk, in die zin. En nodig ook om de bedragen zo nu en dan te indexeren en een beetje op te hogen. En in die zin ook in lijn met het STOMPprincipe, wat we als gemeenteraad natuurlijk hebben vastgesteld. En daarnnee een kleine, lichte, voorzichtige prikkel om de mensen toch zoveel mogelijk te stimuleren om te fietsen en met het ov te gaan. Daar blijft het bij namens ChristenUnie/SGP. De heer Noldus: Voorzitter. De voorzitter: Een interruptie vanuit de VVD. De heer Noldus: Een vraag aan de heer De Feijter. Hoe de heer De Feijter dan denkt dat ook met het verhogen van de parkeervergunning voor bewoners het STOMP-principe wordt gediend? Want de parkeervergunning zelf staat los van of je voor een ritje naar de stad of een voorziening de fiets pa kt of de auto. Die auto heb je en die staat daarin, daar heb je die parkeervergunning voor. De voorzitter: De heer De Feijter. De heer De Feijter: Dank u wel, voorzitter. Ik snap de vraag. Ik denk dat je sowieso vanuit dat eerste punt, indexeren eigenlijk in die zin van de prijzen, alles gaat nou eenmaal natuurlijk een beetje onnhoog. En ik denk ook dat, het is uiteindelijk openbare grond. Daar mag ook zeker wel een prijs voor worden betaald. En is ook logisch dat die meestijgt.

Zeker aangezien alle andere prijzen de afgelopen periode natuurlijk ook zijn gestegen. Daarnaast denk ik dat er misschien voor een aantal mensen, zeker met betrekking tot die tweede parkeervergunning, wel ergens een keer een omslagpunt zou konnen waardoor mensen wel misschien de keus zouden kunnen maken om in ieder geval te zeggen van, die tweede auto gaat de deur uit, onndat er nu genoeg alternatieven zijn die beter betaalbaar zijn, ook goed beschikbaar en goed bereikbaar zijn. En dat zou uiteindelijk denk ik hetgeen moeten zijn waar je naartoe wil gaan. De voorzitter: Ik zie de heer Noldus in berusting. Het is wel afdoende? De heer Noldus: Ja. De voorzitter: De heer Schalken. De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter, dank u wel. Even in reactie op wat de heer Feijter aangeeft, dat het verhogen van die tarieven waarschijnlijk mensen misschien een andere keus zou laten maken. Maar met het verhogen van die tarieven wordt het openbaar vervoer toch niet beter beschikbaar en een makkelijker alternatief? De voorzitter: De heer De Feijter. De heer De Feijter: Dank u, voorzitter. Dat klopt. Ik denk, dat is natuurlijk uiteindelijk een andere lijn waar we op aan het werk zijn.

11

We hebben als gemeente natuurlijk meermaals geconcludeerd dat we op het op ov niet megaveel invloed hebben, maar wel onder andere als het gaat over fietspaden en de fietsinfrastructuur, waar we natuurlijk ook laatst een fietsplan voor hebben vastgesteld en ook bezig zijn momenteel met de Mobiliteitsvisie verder uit te werken, Mobiliteitsplan wat daaruit volgt. Die alternatieve lijnen zijn we natuurlijk ook met zijn alien volop mee bezig. Aileen komen die niet echt aan de orde natuurlijk nu tijdens de parkeerverordening. De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter, nog een korte reactie. De voorzitter: Een vervolgvraag vanuit Beter voor Dordt. De heer Schalken-den Hartog: Dank u wel. Want de mensen die bijvoorbeeld twee parkeervergunningen hebben, omdat ze twee auto's hebben, die hebben dat vaak omdat ze hem wellicht ook voor werk nodig hebben. En dan is het vaak buiten de stad. Wanneer het binnen de stad zou zijn, dan zou het inderdaad mooi zijn wanneer mensen gaan fietsen. Maar heel vaak is dat niet zo. Dan kunnen we hier betere fietsvoorzieningen hebben, maar als mensen iedere dag buiten de stad moeten zijn en openbaar vervoer hebben we weinig invloed op, dat gaf u net ook at aan, dan is het toch wel gewoon ook dat het niet daarmee de keuze voor de mensen verandert, dat ze dan zeggen van, nou doe ik toch die twee auto weg. De voorzitter: De heer De Feijter.

De heer De Feijter: Mijn punt was ook niet dat ik denk dat deze verhoging die verandering direct teweegbrengt. Het lijkt mu j wel oneerlijk tegenover bewoners als je hem eeuwig laag houdt en dan in een keer hem omhoog gooit, om dan dat kantelpunt op te gaan zitten zoeken. Ik denk dat het goed is dat die geleidelijk een beetje meegaat. En voor de rest qua ov, ik zei, we hebben er weinig invioed op. In die zin weinig directe invloed. Maar we hebben wel wat invloed en die gebruiken we denk ik ook met zijn allen. Ik denk dat deze raad er over het algenneen ook redelijk vocaal in is geweest. Het behoud van goede buslijnen en gewoon sowieso goed ov, wat betaalbaar is en wat goed bereikbaar is, dat we ons daar meermaals echt over uitspreken. En ik geloof ook dat de wethouder daar vanuit zijn rol richting de provincie zich daarvoor inzet. De voorzitter: Was u klaar met uw betoog? Dan ga ik naar de SP. De heer Hartmeijer. De heer Hartmeijer: Dank, voorzitter. Ik wil er eigenlijk drie elementen uit pakken. Om te beginnen met de tarieven op het Gezondheidspark. Daar hebben wij eigenlijk niet zoveel bezwaar tegen. Het komt er volgens de cijfers op neer dat een ruime meerderheid van 92 procent altijd binnen dat tarief van 3 euro zou blijven. En als dat betekent dat als de tarieven niet omhoog hoeven, dan kunnen wij daar wel mee leven.

Maar dat hoor ik ook graag van de wethouder even of dat een overweging is. Dan de Leerpark-vergunning. Wij kunnen ons voorstellen dat je tegemoet wit komen aan medewerkers die wellicht van ver komen en afhankelijk zijn van de auto.

12

Maar zoals het er nu staat, vrezen wij toch wel een soort bureaucratische brij aldaar, met een onbeperkt aantal gebruikers, maar dan wet een maximum aantal plekken die gelijktijdig gebruikt mogen worden. Dat komt wellicht in de praktijk slechts ten goede aan een aantal directieleden misschien, maar niet voor de mensen voor wie zo'n regeling uiteindelijk bedoeld is. Onze vraag was eigenlijk, waarom er voor deze variant dan is gekozen? En dan het laatste punt, de zorgverlenersvergunning. Daarvan zouden wij liever zien, zoals de heer Stam inderdaad ook at aangaf, die criteria van het BIG -register en het gegeven dat de zorgverlener in Dordrecht gevestigd dient te zijn, dat lijkt echt beetje te nauw. Ik zie wet dat het een pilot wordt. Nog geen definitieve regeling. Maar de vraag is dan, waarom wordt er niet breder ingezet, bijvoorbeeld indicatie Wmogebruiker? Zodat je misschien ook een vollediger beeld hebt van, in welke mate hier gebruik van wordt gemaakt? De voorzitter: Ik zie een interruptie bij de Verenigde Senioren Partij. De heer Stam: Je had het over dat parkeren op 3 euro uitkomt op het Gezondheidscentrum, maar heb je ook beseft dat dit ook gevolgen heeft voor de sport wat daar bedreven wordt? En dat die 50 cent heel hoog is? Hoe kijken jullie daartegenaan? De heer Hartmeijer: ZoaIs het er nu staat, in het weekend heb je sowieso die 3 euro max.

En heel veel mensen, 92 procent, blijft in dat blok. Die betaalt altijd maar hoogstens 3 euro. Ik moest hierbij denken aan het Energiehuis, waar je dan 's avonds ook maar dat maximum van 3 euro betaalt. En daar kunnen wij eigenlijk wet mee leven, zeker als dat betekent dat je elders bijvoorbeeld niet bedrag onnhoog moet schieten. Wij kunnen ons daar eigenlijk wet in vinden. De voorzitter: Is het voldoende zo, mijnheer Stolk? Dan had de heer Stam nog een interruptie. De heer Stam: Dank u wet, voorzitter. De vraag aan de heer Hartmeijer is of hij op de hoogte is van de contractuele afspraken tussen de Sportboulevard, ziekenhuis en de gemeente over de parkeertarieven? De heer Hartmeijer: Niet direct. Maar als u daar iets over kan vertellen, dan hoor ik dat graag. De voorzitter: U krijgt twintig seconden, mijnheer Stam. De heer Stam: Dat laat ik graag aan de wethouder over. De voorzitter: Was u klaar met uw betoog? Dan gaan we naar het CDA. De heer Van der Krui,Iff: Dank u wet, voorzitter. Laat ik beginnen met de politieke vragen, zoals ze van tevoren bekend waren. Dat gaat over de tariefsverhoging voor zowel bewonersparkeren als Gezondheidspark et cetera, Sportboulevard. Wij den ken dat dat laten stijgen, zoals voorgesteld is, alleszins redelijk is. Alles wordt duurder.

13

Het klinkt een beetje eenvoudig wellicht, maar dat is het ook logisch dat dit op een gegeven moment ook mee duurder wordt. Autorijden wordt ook duurder. Auto parkeren wordt ook duurder. En als we het niet doorvoeren, dan zullen we als gemeente ook ergens anders weer geld vandaan moet halen. En dit vinden wij gewoon best redelijk, alles bij elkaar. En wij denken, als er at bij de Sportboulevard hier en daar mensen echt in de klenn konnen, dan zullen dat vooral de mensen zijn die heel vaak konnen, denk ik. Daar bijvoorbeeld vrijwilliger zijn of vaak training geven en dergelijke. Dan vinden we eerder dat je dat met subsidies aan sportverenigingen moet reguleren, zodat ze daar een vrijwilligersvergoeding of weet ik wat anders kunnen krijgen, als dat je dat met de parkeertarieven zou moeten reguleren. Wat dat betreft goed. Wat betreft de BIGregistratie is al een paar dingen gezegd. Daar sluiten we ons bij aan. Op voorhand lijkt het ons wel redelijk en verstandig om zo te beginnen, want dit is gewoon snel uitvoerbaar. We zouden toch als oordeel ons college mee willen geven om te kijken hoe je het ook breder kunt trekken voor degenen die niet onder een BIG vallen, hoe je dat zou kunnen doen. En wijzelf denken gewoon te werken met werkgeversverklaringen. Zo ging het tenslotte in de coronatijd ook, of je 's avonds op straat mocht. Maar ik ben benieuwd of dat werkt.

De voorzitter: Dank de heer Van der Kruijff. Dan gaan we naar de heer Venderbos van de Partij voor de Dieren. De heer Venderbos-Lambinon: Dank u wet, voorzitter. De Partij voor de Dieren is voorstander van een autoluwe binnenstad en ruim baan voor openbaar vervoer, elektrische fiets en voetgangers en om het parkeren op straat sterk terug te dringen. Echt, zolang er nog geen mogelijkheden zijn voor de bewoners van de binnenstad om elders te parkeren, begrijpen wij de noodzaak van parkeren op straat. Al jaren zijn de kosten voor de parkeervergunning niet verhoogd. En een indexering voor 2024 vinden we dan ook gerechtvaardigd. De Partij voor de Dieren is voorstander van betaald parkeer in de gehele stad. We zijn namelijk van mening dat als je gebruikmaakt van de openbare ruimte je daarvoor ook hoort te betalen, net als bij precariobelasting. Wat betreft parkeertarieven Gezondheidspark en de Sportboulevard, dit tarief is sinds 2013 niet meer verhoogd. Een verhoging in vergelijk met 2023 bedragen voor het jaar 2024 voor het eerste uur en voor het dagtarief 50 procent verhoging. En voor 2025 in beide gevallen 30 procent. Op zich lijken dit forse verhogingen, maar vallen mee met de inflatie in de periode 2013 tot 2023. Rekening houdend met de inflatie zouden de tarieven voor 2023 en 2025 belangrijk hoger geweest zijn. Verder hebben wij nog 2 vragen aan de wethouder.

En de heer Den Hartog heeft er at een beetje aan gereflecteerd, over de tweede parkeervergunning. Innniddels hebben inwoners met een tweede parkeervergunning in sector D een brief ontvangen dat vanaf december 2023 zij de mogelijkheid hebben om deze tweede parkeervergunning te wijzigen in een amendement om in 1 van de gemeentelijke parkeergarages in de stad te parkeren. Wij staan hier uiteraard positief tegenover. Er komt immers meer ruimte voor groen, water en klinnaatadaptatie. Volgens de brief is er onderzoek waaruit blijkt dat er voldoende parkeerruimte niet gebruikt wordt in de parkeergarages. Hier kunnen de tweede parkeervergunningen ondergebracht worden.

14

Kan de wethouder aangeven op welke dagen en op welke locatie dit onderzoek heeft plaatsgevonden, gezien de filevorming in de weekenden voor de ingangen van de parkeergarages. De brief is gedateerd op 24 november dit jaar. En het amendement moet ingaan in december 2023, maar is zeer vaag over uiterste datum van het overzetten naar een abonnement. Eveneens over de uiterste datum van ingang van het abonnement en welke parkeergarages in bezit zijn van de gemeente. Kan de wethouder toezeggen dat er betere informatie naar de betreffende vergunninghouders gestuurd wordt? En zo ja, op welke termijn? Dank u.

De voorzitter: Dank. Dan gaan we naar Beter voor Dordt. De heer Schalken. De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter, ik kan het kort houden. Want eigenlijk in de lijn met wat de andere aangegeven hebben, ik sluit me aan bij het grootste deel van het verhaal van de heer Van der Kruijff. De voorzitter: Dan de heer Stolk van de Verenigde Senioren Partij. De heer Stolk: De tarieven die omhoog gaan. Daar kan de VSP zich wel bij vinden, alleen zeker bij de Sportboulevard en het Gezondheidspark niet. Ik zou graag zien dat dat gewoon neutraal blijft, zoals het is. Er is al veel druk. En de clubs hebben al erg veel problemen om hun eden te behouden. Als dadelijk de sportclubs leeg gaan lopen, en dit kan een oorzaak ervan zijn, dat is in ieder geval in het verleden wel gebleken, dan moeten we toch zorgen dat dit stabiel blijft. De wens naar de wethouder is om daar een uitzondering voor te maken. Ten tweede is het zo dat de introductie van de Leerparkvergunning op het Leerpark... Ik zou toch in het kort nog willen weten van de wethouder wat dat eigenlijk inhoudt? Zelf heb ik wel vorige week een bezoekersavond meegemaakt. En daar kwam eigenlijk ook naar voren dat de studenten in het studentencomplex wel een autootje hebben, maar doordeweeks met de trein naar de school gaan. En die autootjes blijven staan. Schijnt geen regeling voor te zijn.

En het wil zeggen dat als het autootje op naam van de ouders staat, dat het niet kan. Dat was heel teleurstellend voor deze studenten. En ik vraag ook aan de wethouder om daar naar te kijken, dat daar toch een uitzondering voor moet komen. Het schippersinternaat is niet meegenomen met de Leerpark-vergunning. En ten derde over de Leerpark-vergunning. Is dit niet de pretendent om dadelijk bij het Gezondheidspark om dit ook toe te gaan passen? En wij zijn niet tegen dat ze het krijgen, maar ik wil wel kijken of dat dadelijk ook op het Gezondheidspark geprogrammeerd kan worden. Dan heb ik als derde nog even een punt over de kostenopbouw naheffingsaanslag 2024. Onderaan de regel staat, kosten per naheffingsaanslag is 295,68 euro. En als je een bekeuring krijgt, dan betaal je 76,70 euro. Dat wil zeggen dat ruim 220 euro op elke bekeuring de gemeente toelegt. Ik vraag me af of daar een berekeningsfout is of dat het werkelijk is of zijn de personeelskosten hierop geschreven? Maar misschien zijn het de stadswachten, die eigenlijk ook op een ander formulier staan. Bij deze de vraag aan de wethouder. De voorzitter: Dank. Dan gaan we naar Op Ons Eiland. De heer Tutupoly.

15

De heer Tutuoolv: In ieder geval voor wat de verhoging betreft voor de Sportboulevard. Op zich kunnen wij daarmee leven. Maar ik ben wel even benieuwd naar de afspraken die gemaakt zijn waar de heer Stolk naar refereerde. Ten aanzien van de Leerparkvergunning, daar wordt eigenlijk alleen gesproken over vergunning uitsluitend voor overheids- of onderwijsinstellingen. En ik vroeg me eigenlijk af hoe dat zit voor eventuele ondernemers die daar gevestigd zijn? Wat voor regeling eventueel daarvoor opgenomen kan worden? En tot hoever het gebied eigenlijk reikt? De voorzitter: Dan de Dordtse VVD. De heer Noldus. De heer Noldus: Voorzitter, dank u wel. Voor de Dordtse VVD weegt het verhogen van de bewonersvergunning toch wel zwaar. Zeker als het gaat om de eerste auto. En dat is de eerste auto die veel hardwerkende Dordtenaren, jonge gezinnen keihard nodig hebben. Ondanks dat we het STOMP-principe hanteren, is dit gewoon lets wat voor heel veel gezinnen keihard nodig is. En, voorzitter, zeker nu ook voor steeds meer gebieden in de stad betaald parkeren wordt uitgebreid. En met 120 euro per jaar in de gebieden tot aan de Oranjelaan en het spoor en 60 euro voor de nieuwe gebieden die erbuiten worden toegevoegd, zijn de tarieven wat ons betreft al redelijk aan de hoge kant.

Want voor ons is betaald parkeren vooral een oplossing voor parkeren in buurten waar de parkeerdruk heel hoog is en waar er geen extra ruimte is voor parkeerplekken. En dit is bedoeld als service voor de bewoners om hun auto goed kwijt te kunnen en niet als cash cow voor de gemeente. En we zien wat bij Alphen aan den Rijn een bewonersvergunning 40 euro per jaar kost en in Breda, toch niet heel ver hiervandaan in het zuiden, is deze heel recent verlaagd naar 0 euro. En dat zat ik te denken, dat is een goede service naar bewoners. Wat wij graag zouden willen, is in de toekomst, zeker als gebieden worden uitgebreid en er sprake is van passende tarieven en voor deze service... Omdat dit ook zeker in veel gevallen wordt opgelegd of althans in ieder geval zo wordt ervaren door een substantieel deel van de bewoners. Daarbij is het ook, en dat is als laatste, voorzitter, is het zo dat de parkeerdruk voor een belangrijk deel vanuit het centrum, vanuit de binnenstad begint. Vanuit daar uitbreidt als een waterbed naar buiten. En dat onderschrijft wat ons betreft ook echt het belang van goede parkeervoorzieningen in de binnenstad voor bezoekers en ook voor bewoners. Daarom nog een laatste oproep om eigenlijk de echte oplossing voor de parkeerdruk en ook de kosten voor de parkeervergunning in de wijken hier echt de oplossing in te zoeken.

De laatste vraag aan het college is, hoe wordt dit meegenonnen in de huidige plannen en het beleid en hoe kunnen we dat ook uiteindelijk terugzien in de verordening die we nu voor hebben liggen, in de toekomst dan tenminste? De voorzitter: Inbreng of interruptie, de heer Van der Meer? De heer Van der Meer: Eerst een interruptie, als het nnag. De voorzitter: Vooruit, eerst een interruptie. Gaat uw gang. De heer Van der Meer: Vraag aan de heer Noldus. Of hij bedoelt dat er in de binnenstad meer parkeerruinnte zou moeten komen? En of hij dat niet strijdig vindt met het streven naar een juist meer autoluwe binnenstad?

16

De voorzitter: De heer Noldus. De heer Noldus: Voorzitter, dank voor die vraag. Kijk, of het strijdig is of niet, dat hangt er ook vanaf waar je die inzet. We hebben een aantal projecten waar ook parkeervoorzieningen binnen de binnenstad gerealiseerd worden. Er zijn nu een aantal verbouwingen gaande, dat we minder plekken hebben. Dat zien we ook afgelopen zaterdag. Dat knelt. We zien de verschuiving van de openbare ruimte naar parkeren in de garages, waarbij je heel veel kwalitatieve en heel belangrijke buitenruimte vrij speelt. Maar als je uiteindelijk de druk in de binnenstad zo hard laat toenemen, dan zie je dat dat uiteindelijk verschuift, zowel voor bezoekers als voor bewoners. De druk steeds verder naar de buitenwijken verschuift. En zeker als dat gebeurt, en die grens zien we nu al optrekken, en dat zal ongetwijfeld nog wel vaker gebeuren, want we hebben nou eenmaal een afspraak dat de wijken zelf bij nneerderheid moeten bepalen of het wel of niet wordt ingevoerd. Als je ziet dat dat toeneemt, dan vinden wij dat je ook voor die wijken die verder weg liggen nog scherpere, beter passende tarieven moet bieden voor deze service, die uiteindelijk hier voor een deel in de binnenstad begint. En we vinden ook nog dat de oplossing dan voor een belangrijk deel hier in de binnenstad gevonden moet worden.

De voorzitter: Wordt het tijd voor uw inbreng of wordt het een vervolg interruptie? De heer Van der Meer: Dat sluit naadloos op elkaar aan. De voorzitter: Daar gingen we al vanuit. Gaat uw gang, de heer Van der Meer van GroenLinks. De heer Van der Meer: Ik heb drie punten, voorzitter. Ten eerste, door en voor parkeren wordt veel beslag gelegd op de publieke ruimte. In een verdichtende stad, waar we ook leefbaarheid en vergroening willen, levert dat in toenemende mate een knelpunt op. Mede daarom omarmen wij het STOMP-principe dan ook van harte. Betalen voor parkeren is in dat kader, om twee redenen, logisch. Het is een vergoeding voor het gebruik van de publieke ruimte. En het is een prikkel, zoals de heer De Feijter ook al zei, om het mobiliteitsgedrag waar mogelijk te veranderen. Het zou zelfs een zekere logica hebben... De heer Noldus: Voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Van der Meer, als u uw microfoon uit kunt zetten, dan kan de Noldus een interruptie plaatsen. De heer Noldus: Mag ik daar een vraag over stellen, voorzitter, want dan gaat het ook over... Ik kan me daar wat bij voorstellen als het gaat over het bezoekersparkeren. Dat is incidenteel.

Dan heb je de keuze, ga ik voor een paar uur parkeren in de binnenstad en betaal ik daar een aantal euro voor of pak ik de fiets of de bus tegen nul of tegen lagere kosten? Waar ik dat niet zo goed op kan plotten, is op het bewonersvergunning onderdeel. Kunt u aangeven hoe u dat plot op de hogere belasting op een bewonersvergunning ten opzichte van het beter inbedden van het STOMP-principe?

17

De voorzitter: De heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Deze vraag is ook al voor een belangrijk deel door de heer De Feijter beantwoord. En ik kan daar over zeggen dat het wellicht op heel korte termijn geen effect heeft, maar op lets langere termijn ongetwijfeld wel. Zeker als naast beter openbaar vervoer ook beter deelvervoer wordt geregeld. En zoals gezegd, wij omarmen het STOMP-principe. En in de visie op het mobiliteitsbeleid zijn deze uitgangspunten ook heel duidelijk verwoord. Als we in die richting werken, dan is een incentive via de parkeertarieven toegevoegd om naar andere vervoersmodaliteiten te gaan, denk ik, heel logisch. Het zou als ik mijn woordvoering mag... De heer Noldus: Voorzitter. De voorzitter: Het leidt tot een interruptie bij de heer Noldus, maar ook bij de heer Schalken van Beter voor Dordt. Gezien het een vervolginterruptie is, de heer Noldus eerst en dan kunt u na de interruptie van de heer Noldus er ook bij aanhaken. De heer Noldus: Met dien verstande dat uiteindelijk van deelvervoer of beter openbaar vervoer is natuurlijk niet direct sprake als je de bewonersvergunning qua prijs verhoogt. Hoe ziet u dan de relatie tussen het verhogen van de bewonersvergunning en beter openbaar vervoer? Dat zijn op zich twee dingen. Of beter openbaar vervoer en deelvervoer zijn dingen die je kunt nastreven en proberen te organiseren.

Staat los van de feitelijke vraag voor een bewonersvergunning, die vooral gaat over de schaarste aan parkeerplekken die je uiteindelijk wil vrijhouden en vrijmaken voor bewoners. Dat is daar toch een andere keuze in. De voorzitter: Voordat u dat beantwoordt, ik hoorde heel hard juist. Was dat de interruptie die ook u wilde plaatsen? De heer Schalken-den Hartog: Een kleine aanvulling daarop. Want vanuit Beter voor Dordt vinden wij eigenlijk dat je eerst moet zorgen dat je zorgt voor die betere voorwaarden, zoals beter openbaar vervoer en beter deelvervoer, voordat je mensen eigenlijk verder nog uit die auto kunt jagen of kunt verleiden om hun tweede auto bijvoorbeeld weg te doen of ergens anders te parkeren. Het is wat ons betreft de omgekeerde wereld. Hoe ziet u dat? De voorzitter: De heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Met verleiden tot een verstandiger keuze kun je niet vroeg genoeg beginnen, lijkt mu. Wat dat betreft, ik heb het nu over het principe dat je betaalt voor parkeren en voor een bewonersvergunning. Ik kom zo meteen op het verhogen daarvan. Maar simpelweg het principe van betalen daarvoor is natuurlijk een incentive om na te denken over alternatieve manieren van vervoer. En de alternatieven kunnen niet snel genoeg, wat ons betreft, verbeterd worden.

Maar tegelijkertijd is volkonnen duidelijk dat, zeker in de gebieden waar nu betaald parkeren is, er gewoon ruimtegebrek is. En andere oplossingen daarvoor moeten gestinnuleerd worden.

18

De voorzitter: Voordat u verder gaat, dat leidt toch tot nog een laatste interruptie van Beter voor Dordt. De heer Schalken-den Hartoq: Voorzitter, dan toch nog een keer. Want vanuit Beter voor Dordt zie ik niet het verband in dat het verhogen van die tarieven gaat betekenen dat er nneer en beter openbaar of deelvervoer komt. De heer Van der Meer: Dat is juist. Het ene leidt niet noodzakelijk tot het ander. Het een leidt wel tot een grotere noodzaak voor het ander, maar het is niet een causaal verband. Dat ben ik helemaal met u eens. Maar het kan wel, desondanks, stimuleren om over andere keuzes na te denken. Ik zou zelfs nog een stap verder willen gaan, voorzitter. Het heeft een zekere logica, zoals ook de heer Venderbos naar voren heeft gebracht, om in feite vanwege het ruimtebeslag betaald parkeren in de gehele stad in te voeren. En dat vereist natuurlijk inderdaad dat het mobiliteitsbeleid, inclusief beter openbaar vervoer en beter deelvervoer, wordt gerealiseerd. Dat was mijn eerste punt. De heer Stam: Voorzitter. De heer Van der Meer: Maar er zijn nog interrupties. De voorzitter: Er zijn er zelfs twee. En de heer Stam was eerst en dan geef het woord daarna het woord aan het CDA. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. Ik was eigenlijk een beetje verrast, verbaasd door de opmerking van mijnheer Van der Meer. En ik sluit me aan bij de woorden van mijnheer Schalken.

Volgens mij hebben we nog niet zo lang geleden in de gemeenteraad een STOMP-principe fietsplan behandeld. Daar zijn amendementen op aangenomen en ook moties, waarin juist werd gezegd van, zorg eerst voor die andere oplossingen voordat je overgaat tot het weg manoeuvreren van die parkeerplaatsen. Maar ik hoor u volgens mu j nu toch weer een andere ingang kiezen. Klopt dat? De heer Van der Meer: Nee, wij hebben het nu over het betalen voor parkeren en niet over het aantal parkeerplaatsen. De voorzitter: Vervolg interruptie. De heer Stam: Voorzitter, dan kom ik toch op uw paradeplaatje en de nnensen die het allemaal niet kunnen betalen. Indirect jaag je ze dan toch weg. Maar als u hem zo interpreteert, vind ik het prima. Maar ik sluit me wel aan bij de woorden van de heer Schalken, eerst een oplossing en dan eens goed gaan kijken wat je met die tarieven moet gaan doen en met het schrappen van parkeerplekken. De voorzitter: Wilt u daarop nog reageren, de heer Van der Meer? De heer Van der Meer: Ja. Dat komt zo meteen in mijn woordvoering verder aan de orde, zowel het punt van de betaalbaarheid als de hoogte van de tarieven.

19

De voorzitter: Dan stel ik voor dat de heer Van der Kruijff... Die had ook nog een interruptie. De heer Van der Kruijff: Voorzitter, het volgende. De heer Van der Meer betoogde net van, de huidige voorgestelde verhoging goed te vinden en dat zou wellicht stimulerend werken op het gebruiken van andere vervoersnniddelen. En u zegt, laten we ook parkeren in de hele stad invoeren. Vindt u dat we dat ook nu al moeten doen, vooruitlopend op eventuele verbeteringen in andere vervoersmiddelen? De voorzitter: De heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Het staat niet in het voorstel. En wij gaan dat op dit moment ook niet in concreto voorstellen. Ik zeg alleen dat het een logisch uitvloeisel is van de gedachte dat je betaalt voor het gebruik van de openbare ruimte die voor parkeren nodig is. En nnisschien sneller dan we willen, is het ook om andere redenen noodzakelijk om in de hele stad betaald parkeren in te voeren, maar dat zou moeten blijken. De voorzitter: Dat leidt toch nog tot een vervolgvraag. En ik stel voor dat dat ook de laatste is. De heer Van der Kruijff: Ik vind het een beetje bijzonder dat je zegt, ik vind het een logisch gevolg dat we dat zouden moeten doen, maar ik ga het toch niet voorstellen. Dan ben ik benieuwd waarom u het niet gaat voorstellen, terwijI u het wel logisch vindt. De voorzitter: De heer Van der Meer.

De heer Van der Meer: Ik weet niet hoe lang de heer Van der Kruijff ervaring heeft in politiek bestuurlijke processen. De heer Van der Kruijff: 23 jaar. De heer Van der Meer: Daar gaat wel even een tijd overheen. En ik vind het heel erg belangrijk dat voor dit soort dingen ook een geleidelijk proces en draagvlak gaat ontstaan. Ik pleit er op dit moment niet voor, maar ik vind wel dat het een optie is waar we serieus over na moeten denken. De voorzitter: Ik complinnenteer u met het prikkelende eerste blokje. En u bent vervolgens toe aan de tweede, volgens mij. De heer Van der Meer: Ik heb nog twee puntjes. Ten eerste, er is in inflatie, de prijzen, maar ook lonen en uitkeringen stijgen. En mede in het licht van de financiele positie van de genneente, de heer Van der Kruijff heeft daar lets over gezegd, en ook voor de gemeente stijgen de kosten, is er voor ons geen generieke reden om de parkeertarieven niet te verhogen. Wij onderkennen, en dat is mijn derde punt, wel dat er mensen zijn met een laag inkomen, die om welke reden dan ook, niet of nog niet een reeel alternatief voor de auto hebben. En waarvoor de verhoging van de tarieven misschien een probleem oplevert.

20

Dat is wat ons betreft geen reden om voor iedereen van de verhoging af te zien. Wellicht wel om na te denken over tegemoetkomende maatregelen voor deze specifieke groep. Daar wil ik het bij laten. De heer Noldus: Voorzitter. De voorzitter: Toch nog een interruptie van de heer Noldus. De heer Noldus: Mag ik daar wat op vragen, ook in relatie tot het eerste punt. Want bij het eerste prikkelende punt stelt GroenLinks eigenlijk voor om op ternnijn betaald parkeren in de hele stad, inclusief alle woonwijken, in te gaan voeren. Dan ben ik ook wel benieuwd, wat zou dat voor GroenLinks dan mogen kosten, voordat we zeggen een auto in Crabbehof of is Stadspolders in de wijk? Daar ben ik dan wel benieuwd naar. En dan ben ik ook wel echt verrast dat u zegt, laten we daar dan ook gelijk inkomenspolitiek van maken Laten we daar een hele kwijtscheldingsregeling voor optuigen. We gaan het eerst overal invoeren in alle wijken, om vervolgens dan over de as van inkomens daar dan nog eens een keer een regeling voor op te tuigen, die dat voor een deel of geheel gaat kwijtschelden. Ik ben benieuwd hoe u dat voor zich ziet, ook in de tarifering daarvan. De heer Van der Meer: Er zitten best een paar haken en ogen aan. Dat erken ik. Daaronn stellen wij dat op dit moment ook nog niet in concreto voor.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://raad.dordrecht.nl/api/v1/meetings/791/documents/29032