2.13 2023.11.28 Notulen Dordtse Dinsdag - Vergaderzaal 1 - concept.docx .pdf
Tekst van het document
VERSLAG VAN DE OPENBARE VERGADERING VAN DE GEMEENTE DORDRECHT DORDTSE DINSDAG D.D. 28 NOVEMBER 2023 Vergaderzaal 1 2. Vragenhalfuur Voorzitter: De heer Schalken-den Hartog Raadsgriffier: Mevrouw Wepster Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Gündogdu (Op Ons Eiland) Dhr. Kuhlmann (VVD) Portefeuillehouders: wethouder R. van der Linden, wethouder M. Merx De voorzitter: Beste mensen, het is zeven uur geweest, volgens mij. We gaan starten. Welkom allemaal bij het vragenhalfuurtje van dinsdag 28 november. We hebben vandaag een tweetal vragen. De eerste vraag is een vraag die gaat over de bladeren op de weg. En die komt van Op Ons Eiland. En de heer Gündogdu kan hem kort toelichten. Mijnheer Gündogdu, gaat uw gang. De heer Gündogdu: Voorzitter, dank u wel. Ieder jaar staat dit steevast op de agenda van de gemeenteraad, de bladeren op de weg. En nu weten we dat dat tot gevaarlijke situaties kan leiden. En wij krijgen de laatste tijd heel wat vragen. Kijkend naar het weer, het is meer winter dan herfst, maar die bladeren die liggen er nog steeds met alle gevolgen van dien. In dat kader hebben wij een tweetal vragen. Wat is het geldend beleid rondom het opruimen van bladeren op de wegen en trottoirs? En daarnaast, voorzitter, kennen wij het fenomeen van bladkorven? Dat hebben we heel wat jaren in de stad gehad. En we zien dat niet meer terugkomen.
Wat is in dat kader vanuit het college veranderd, in die zienswijze? Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor de korte, heldere toelichting. En voor een kort en helder antwoord naar de heer Merx. De heer Merx: Ik heb een eer hoog te houden. Dank u wel, voorzitter. Dank ook voor de vraag. En ik had nog een derde vraag, maar die doen we niet? Of we bereid zijn de korven terug te plaatsen? De heer Gündogdu: Dat is afhankelijk van uw antwoord. De heer Merx: Ik neem hem gelijk mee. Dat net zo makkelijk. Het beleid is niet gewijzigd. Al sinds een aantal jaren... Er valt hier wat naar beneden. Het begint langzamerhand in te storten, denk ik hier. Het is gewoon een steentje. Nieuw Stadskantoor. Precies. Van deze commotie weer bij te komen. De voorzitter: Ik stel voor, mijnheer Merx, gaat u verder.
1
De heer Merx: Ga ik verder. Het beleid is niet gewijzigd. Al sinds jaren doen wij de doorgaande wegen vegen. Maar het is net als het weer, het is een beetje onvoorspelbaar. Je weet wel wanneer de herfst komt, maar je weet niet precies wanneer die blaadjes gaan vallen. En de ene keer wat later, de andere keer wat eerder in de herfst. En we hebben gewoon de mensen en het materieel klaarstaan om dan de doorgaande wegen in ieder geval te gaan vegen. Dat gebeurt ook, maar het is wel vaak zo dat als er zo'n storm is geweest, net zoals een paar weken geleden of anderhalve week geleden, vorige week misschien zelfs nog, dan komt er ineens heel veel naar beneden. En we hebben beperkte mensen natuurlijk. En die doen hun best om dat te vegen. Daar gaan we gewoon mee door. En daar waar we klachten krijgen, kijken we ook nog eens een keertje extra van, verhip, moet daar de veegwagen niet wat eerder naartoe? Maar we doen met de mensen, de mail die we hebben, doen we zo goed mogelijk het allemaal aanvegen. En welke afweging hebben we gemaakt om de bladkorven niet meer te plaatsen? Die is eigenlijk vrij simpel. Die is wegbezuinigd, een aantal jaren geleden, die bladkorven. Die kosten, even kijken, 40.000 euro per jaar. Het plaatsen van die dingen en het legen ervan.
Het werkt prima, maar vooral voor heel veel mensen die hun eigen tuin schoonveegden en de blaadjes en de takjes in de bladkorven deden van de gemeente. Maar de straten lagen er redelijk ongewijzigd bij. Waren natuurlijk mensen die er wel op een hele goede manier gebruik van maakten en hun omgeving schoonmaakten, maar dat waren er maar heel erg weinig. Vandaar dat we gezegd hebben, het effect is te weinig om hiermee door te gaan. En daardoor zijn de kosten te hoog. Hebben we gezegd, althans heeft destijds de raad en ook het college besloten om die bladkorven weg te bezuinigen. En we hebben niet de indruk dat als we nu bladkorven gaan plaatsen, dat dan iedereen ineens de bezem pakt en de riek en de straat schoon gaat vegen en het in de korven doet. Vooralsnog zijn we niet voornemens om die zaken terug te plaatsen. De voorzitter: Dank u wel voor het heldere antwoord. Voor u voldoende, mijnheer Gündogdu? Ja. Dan gaan we naar de tweede vraag. En dat is een vraag die gaat over de parkeerfiles en parkeerplaatsen in de binnenstad. En die is van de VVD. De heer Kuhlmann gaat hem kort toelichten. De heer Kuhlmann: Dank u, voorzitter. Ik denk dat we het allemaal hebben kunnen zien afgelopen weekend, lange rijen voor de parkeergarages die volstonden. Dat is natuurlijk ongelooflijk vervelend.
Stel je maar voor, je zit als moeder in de auto met de kinderwagen in de achterbak, drie kinderen op de achterbank die aan het vragen zijn, zijn we er al bijna? En nog vervelender voor de ondernemers, die het natuurlijk juist van dit moment moeten hebben, in een moeilijke periode. We weten natuurlijk allemaal corona achter de rug, energiecrisis. Die kunnen die omzet goed gebruiken. En het is vooral ook pijnlijk, omdat een raad met onze motie Parkeerfiles de stad uit van 8 november vorig jaar, inmiddels ruim een jaar geleden, het college heeft verzocht om te investeren in oplossingen. Zoals dubbel gebruik van niet openbare parkeerplaatsen en semiautomatisch parkeersysteem. Ik ben daarom benieuwd of wij zijn daarom benieuwd, is de wethouder van oordeel dat hij in het afgelopen jaar de uitvoering van onze motie adequaat en met voldoende urgentie heeft opgepakt?
2
Hoeveel extra parkeerplaatsen zijn er sinds het aannemen van de motie op 8 november 2022 ontstaan door dubbel gebruik van niet openbare parkeergarages en parkeerterreinen? Denkt bijvoorbeeld aan terrein bij restaurant Post. Daarachter liggen een aantal plekken van het kantoor, die in het weekend volgens mij niet of nauwelijks worden gebruikt. En de derde vraag, hoe staat het met de ontwikkeling in ons centrum van semiautomatische parkeersystemen, om de beschikbare ruimte in het centrum zo efficiënt mogelijk te benutten? Hoeveel plekken zijn er op die manier sinds vorig jaar bijgekomen? De voorzitter: Dank u wel voor de toelichting. Lijkt mij een vraag voor de heer Van der Linden. De heer Van der Linden: Dat klopt. Dank, voorzitter. Inderdaad een hele drukke zaterdag. En dat past ook natuurlijk bij de decemberdagen die er aankomen, waarbij de stad bovengemiddeld vaak bezocht wordt op alle manieren die er zijn, waaronder ook met de auto. Past ook in het beeld dat we een aantal jaren geleden hebben geschetst bij het weghalen van de Veemarktgarage om het nieuwe Dordthuis te kunnen bouwen. Waarbij we ook hebben uitgerekend en kunnen analyseren dat de parkeerbalans uitwijst dat je vrijwel het hele jaar door voldoende parkeerruimte hebt, laten we zeggen, binnen de binnenstadgrenzen.
Dat er een aantal dagen zijn in het jaar, en dan is de decemberperiode eigenlijk wel de meest bekende en ook de maatgevende periode, waarin dat niet het geval zal zijn. Dan heb je alle andere parkeercapaciteit ook nodig. Dat heeft zich ook voorgedaan. De garages in het centrum waren op enig moment echt vol. Zat er wel wat doorstroming in, maar had het ook steeds weer nieuwe voeding. Gelukkig was nog steeds wel zowel op Weeskinderendijk als bij het Energiehuis plek beschikbaar. En natuurlijk weten we dat niet iedereen daarop rekent, maar we weten ook, en dat is een uitbreiding van vorig jaar, dat er veel meer gebruik wordt gemaakt van deze parkeerruimte, parkeergarage Energiehuis en parkeerruimte Weeskinderendijk, dan vorig jaar. Mede ook vanwege de extra inzet die we daarop plegen in deze periode. Want we weten dat je die overloopcapaciteit echt nodig hebt. Dit is wel iets wat je ook de komende jaren zult kunnen verwachten. We hebben gewoon minder garagecapaciteit in de onmiddellijke nabijheid van de binnenstad beschikbaar, waarbij je die andere capaciteit extra nodig hebt. En dat past ook. Dan even de concrete vragen. Even kijken. We kunnen uit een systeem afleiden hoeveel parkeerplekken op straat er zijn. Alleen ik heb daar niet de meest recente meting van.
Maar de gok is, en het is een educated guess, dat we netto geen parkeerplekken hebben onttrokken of er echt extra bij hebben gezet, de afgelopen jaren, binnen dit gebied. Er zijn er wel een paar afgegaan, maar er zijn ook wat bijgekomen. Een aantal lange werkzaamheden zijn afgerond. Het garagegebruik zelf is wel toegenomen. Daarmee is het gebruik van de parkeerplekken wel toegenomen. Een grote kans zagen we natuurlijk destijds in bijvoorbeeld zoiets als ParkBee, waarbij je garagecapaciteit achter een slagboom beschikbaar hebt. Daar hebben we tien kansrijke locaties aangeschreven. Ik heb daar geen resultaten van. Maar die kunnen we wel betrekken bij de toekomstige discussie die we nog gaan voeren over het parkeerbeleid. En de laatste vraag was... En die tien locaties waren plekken in de onmiddellijke nabijheid van het centrum, negentiende-eeuwse schil.
3
En de laatste vraag ging over dat systeem om eigenlijk dubbel gebruik van beschikbare garagecapaciteit te organiseren. En we hebben het toen besproken dat dat een optie zou zijn, bijvoorbeeld voor de Riedijksgarage. Een juist de Riedijksgarage is niet een garage waar je heel veel bezoekers van buiten de stad zou willen organiseren, want dan moet je best even de stad doorrijden. Maar in het kader van de hele gebiedsontwikkeling, waarbij we ook Merwekade, Kuipershaven, kijken hoe we daar de capaciteit anders kunnen verdelen, zou dit een interessante optie kunnen zijn. Hierbij geldt wel dat deze technische oplossing, die op zich heel goed werkt, heel kostbaar is per parkeerplek. Ongeveer orde grootte 50.000 euro per parkeerplek investering. Kan ook iets meer worden. En dan moet je ook goed kijken, is dat, in de afweging die we nog gaan maken, juist rond dit gebied, de juiste investering of kun je dan beter op een andere plek een nieuwe garage bouwen? En mocht dat een voorstel worden, dan gaan we eerst naar u, want het gaat wel om heel veel geld. Dat kunnen we niet zomaar uit de lopende budgetten weghalen. En voor al deze vragen, waar natuurlijk veel meer details over te melden zijn, die ik nu niet ga doen, voorzitter, denk ik, kunnen we doorpraten op enig moment in de komende maanden als we het gaan hebben over mobiliteitsbeleid. Maar daar ook bij betrekken de parkeerbalans.
Waarbij we echt goed in beeld hebben en houden hoe het gaat met het vraag en aanbod en ook met wat erbij komt en wat er afgaat aan parkeercapaciteit als gevolg van alle maatregelen die je met de levendige binnenstad aan het doen bent. Tot zover. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kuhlmann. De heer Kuhlmann: Ik heb veel woorden gehoord. Heb ik natuurlijk begrip voor. Maar toch even heel concreet. Want die extra parkeerplaatsen door dubbel gebruik, hoeveel zijn er... We zijn een jaar verder. Het stond duidelijk in de motie. Hoeveel zijn er bijgekomen? De heer Van der Linden: Op straat nul. De voorzitter: De heer Van der Linden. De heer Van der Linden: Dank u wel. Op straat nul. Fysiek nul. Het kunnen er iets meer zijn. Het kunnen er iets minder zijn. Ik heb daar geen telling van nu. Maar daar kan ik natuurlijk voor zorgen. We weten wel, de beschikbare capaciteit hoe die gebruikt wordt. Die wordt meer gebruikt. De facto wordt er meer gebruikt gemaakt van dezelfde capaciteit. Geldt in de garages ook. Achter de slagbomen weet ik niet. We hebben tien kansrijke locaties aangeschreven, heb ik net gezegd. En die motie daar zou geen tijd op van, het moet binnen negen maanden geregeld zijn. Dat kan ook niet namelijk. Maar we nemen hem mee. En u heeft ook gezien in de uitgangspuntennotitie hoe belangrijk wij de auto vinden, ook over twee, vijf, tien of vijftien jaar.
Hoe belangrijk de auto is en blijft de komende jaren. Naast dat we zien dat er heel veel, wat zeg ik, ongelooflijk veel nieuwe bewoners komen, die allemaal behoefte hebben aan mobiliteit. Die verhouding zal echt veranderen. Dat moet ook veranderen, anders kunnen we niet bouwen. Dat weet u. Hebben in oktober 4,5 uur over gepraat. Was een mooi gesprek. We weten ook dat die auto belangrijk blijft. Dat het nodig zal zijn om andere parkeeroplossingen te verzinnen.
4
Getal nu op straat is nul. Ik geloof niet dat daar meer bij gaan komen in de binnenstad. En dat wilt u ook niet, want u wilt heel veel andere functies om die binnenstad te organiseren. Groen, terrassen, levendigheid, evenementen, markt, noem maar op. Wat zeg je? Sorry, voorzitter, ik krijg een interventie. De voorzitter: Volgens mij heeft u het voldoende beantwoord. De heer Van der Linden: Ik wil nog even afronden op de omgeving. Kijk, het parkeren ietsje verder weg, daar komt natuurlijk veel meer capaciteit op. En u weet ook waar we mee bezig zijn. Energiehuisgarage wordt heel slecht gebruikt, maar wel steeds meer, elk jaar meer. Hij is gebouwd op piekbelasting. Daar zien we dat hij soms echt nokvol staat. Dat hebben we tot twee, drie jaar geleden nooit gehad. Weeskinderendijk gaan we natuurlijk een parkeervoorzieningen bouwen waar heel erg veel meer auto's kunnen staan dan nu. Op dit moment zit die balans goed in de balans. Maar we zien ook dat de druk wel toeneemt. En juist op piekmomenten dan hebben we echt alle capaciteit hard nodig. De voorzitter: Dank u wel. Ik denk dat we het hierbij laten. De heer Kuhlmann: Wilde ik kort zeggen, helaas rondom dat dubbel gebruik van bestaande plek, dan had ik gehoopt dat er iets meer was gebeurd dat tien brieven. Maar daar gaan we het later dan nog over hebben. De voorzitter: Dat lijkt me een goed voorstel.
Daar komt u vast nog op terug. Dit waren de twee vragen. Ik wens u een goede vergaderavond. 3. Toelichting op beantwoording art. 39 vragen RvO fracties FW en VSP inspraakbijdrage Vestiging AZC Voorzitter: Mevrouw Kruger Raadsgriffier: Mevrouw Vermeulen Verslag: NotuBiz Aanwezig: Dhr. Groenewege (Partij voor de Dieren) Dhr. Hartmeijer (SP) Mevr. Kamphuis (SP) Dhr. Katif (Beter Voor Dordt) Dhr. Klerk (CDA) Mevr. Koene (Gewoon Dordt) Mevr. Lammens-Oostdijk (VVD) Dhr. Van Leeuwen (Fractie van Leeuwen) Dhr. Van der Net (VVD) Mevr. Pichel (FvD) Mevr. Simon-van Waardhuizen (Fractie van Waardhuizen) Dhr. Van der Spoel (PvdA) Dhr. Stam (Fractie van Waardhuizen)
5
Dhr. Struijk (CU/SGP) Dhr. De Vries (VSP) Dhr. Wringer (Beter Voor Dordt) Portefeuillehouders: wethouder C. van Benschop Overige aanwezigen: Mevr. Vergouwe De voorzitter: Goedenavond allemaal. Ik geloof dat het nog iets voor half acht of acht uur is, maar volgens mij zit iedereen aan tafel en kunnen we beginnen. Welkom commissieleden en welkom mensen die op links en rechts voor mij op de tribune zitten. Vanavond gaan we het hebben over het de komst van het azc. Het college heeft een beeldvormende toelichting aangeboden in hun beantwoording van de artikel 39 vragen van de fracties Van Waardhuizen en de VSP. En daar is de Agendacommissie op ingegaan. We gaan vandaag horen over de gesloten overeenkomsten en de inhoudelijke en financiële afspraken die zijn gemaakt met het COA. Aan het dossier is ook de brief van het college aan de heer Groenewegen toegevoegd. En deze brief was toegezegd in de beantwoording van de artikel... Groenewege. Dank u. Zo ingewikkeld die verschillende... Net die ene letter. Maar kan zo belangrijk zijn. Vanuit de ambtenaren zal Anita Vergouwe straks de presentatie geven. Ik wil even aangeven, normaal gesproken hebben we een presentatie van vijf tot tien minuten. Deze presentatie is wat langer. En dat is met name ook omdat er zijn zoveel vragen gesteld dat alles beantwoord kan worden door deze presentatie.
Normaal gesproken houden we een presentatie en dan aan het eind van de presentatie kunnen vragen gesteld worden. Ik zou vanavond het liefst willen voorstellen om het zo interactief mogelijk te houden. Zodra u een vraag heeft, tenzij je denkt van, kan wel heel even wachten tot er iets meer uitgesproken is, maar stel ze dan gerust. Voor de notulen wil ik graag even dat iedereen zich voorstelt. Begin ik hier aan mijn rechterkant. De heer Hartmeijer: Raymond Hartmeijer, SP. Mevrouw Kamphuis: Meta Kamphuis, SP Dordrecht. De heer Van der Spoel: Wouter van der Spoel, Fractie van der Spoel. De heer Van der Net: John van der Net, Dordtse VVD. De heer Wringer: Jan-Willem Wringer, Beter voor Dordt. De heer Katif: Jacques Katif, Beter voor Dordt. Mevrouw Pichel: Ruby Pichel, Forum voor Democratie. De heer Groenewege: Pieter Groenewege, Partij voor de Dieren. De heer Klerk: Albert Klerk, CDA. De heer Struijk: Leen Struijk, ChristenUnie/SGP.
6
Mevrouw Lammens-Oostdijk: Jeanine Lammens, Dordtse VVD. De heer Van Leeuwen: Van Leeuwen, Fractie van Leeuwen. De heer Stam: Marco Stam, Fractie van Waardhuizen. De heer De Vries: André de Vries, VSP. Mevrouw Simon-van Waardhuizen: Claudia Simon-van Waardhuizen, Fractie van Waardhuizen. Mevrouw Van Benschop: Chris van Benschop, wethouder. Mevrouw Vergouwe: Anita Vergouwe, ambtelijke ondersteuning. Mevrouw Vermeulen: Laurette Vermeulen, commissiegriffier. De voorzitter: En op de tribune hebben we nog mevrouw Koene van Gewoon Dordt. En ik ben vanavond uw voorzitter, Kitty Kruger. Ik wil maar direct beginnen en het woord geven aan u. Mevrouw Vergouwe: Voorzitter, bedankt. Dames en heren, ik wil u graag meenemen in de stand van zaken van de afspraken die de gemeente Dordrecht heeft gemaakt met het COA. Wat mij betreft qua inhoud ingaan op, wat is eigenlijk de inhoud van de afspraken? Wat hebben wij gedaan met de begeleidingscommissie? Een verzoek wat u als raad al in het begin van dit jaar even gedaan. Betrek die omwonenden erbij. En hoe doet u dat nu? Daar wil ik graag wat over vertellen. Wat meer vertellen over de inhoudelijke afspraken. U ziet ze op het scherm staan, vier hoofdthema's. Ik wil u even meenemen in de actualiteit rondom de voortgang van het azc en de vergunningaanvragen en wat de planning daarin is. En ook in de artikel 39 en 40 vragen.
Uitgebreid aan de orde geweest. Wat zijn eigenlijk de financiële afspraken, zoals die met het COA gemaakt zijn? Ook daar wil ik u graag in meenemen. Het begint met een korte terugblik. Op 4 juli heeft het college het besluit genomen tot vestiging van een azc in Dordrecht. En dat was onder de ontbindende voorwaarde dat we wel akkoord moesten bereiken op alle inhoudelijke punten, zoals die aan de voorkant overigens ook met de raad gedeeld waren. En op 6 juli, kort na dat collegebesluit, is er ook een avond geweest voor de omwonenden, om ze te informeren over het besluit zoals dat genomen is. En ook over de inhoudelijke afspraken. Als je kijkt naar de basisafspraken, zoals we die met het COA gemaakt hebben, dan is dat eigenlijk dat het azc door het COA wordt ontwikkeld. Dat doet de gemeente niet. Het COA vraagt de omgevingsvergunning aan, plaatst de locatie ook en exploiteert het azc. Het gaat om het terrein, is u bekend, aan de Aquamarijnweg, Van der Dussenstraat. Gaat om 580 opvangplekken. En bij een reële bezetting van 90 procent heb je het dan over ongeveer 530 plekken. Termijn van 10 jaar. En uitgangspunt was, het moet budgettair neutraal zijn. De heer Van Leeuwen: Een vraagje, voorzitter, als mag. De voorzitter: Zeker, mijnheer Van Leeuwen. Gaat uw gang.
7
De heer Van Leeuwen: Dank u wel. Die termijn van tien jaar. Ik dacht dat het vijf plus vijf was. Vijf jaar nu en daarna nog ergens een knip, gaan we nog vijf jaar door? Klopt dat of heb ik me vergist? Mevrouw Vergouwe: In de afspraken, zoals ze zijn vastgelegd in de bestuursovereenkomst, is uitgegaan van tien jaar. Dat heeft onder andere te maken met het gegeven dat vanuit de raad tijdens de artikel 69 procedure, wensen en bedenkingen procedure, is meegegeven, ga ook voor een zo duurzaam mogelijk azc. Daar heeft het COA invulling aan gegeven. Maar dat kunnen zij financieel ook alleen opbrengen met basisafspraken die tien jaar duren. Vandaar die periode van tien jaar. Belangrijk uitgangspunt van de raad was budgettair neutraal, tenminste budgettair neutraal. Daar zal ik straks een toelichting op geven. En ik zal een toelichting geven op de vervolgafspraken die er gemaakt zijn, nadat het college 4 juli de primaire basisafspraken maakte. Even kijken. In het begin hebben wij al de volgende afspraken gemaakt. Eind september moet de bestuursovereenkomst ondertekend zijn. En dat is gelukt op 29 september. En de afspraken tussen gemeente en COA zijn daarin vastgelegd. Niet alleen in de bestuursovereenkomst, maar onder andere ook in de huurovereenkomst en in een aantal afspraken die daarbij komen.
Als we kijken naar de huidige politieke situatie, dan zien we dat er ook nu weer in toenemende mate door het COA een beroep gedaan wordt op gemeenten om extra plekken, crisisnoodopvang te bieden voor asielzoekers. Het is najaar. Vorig jaar zagen we dat rond deze tijd ook. En ook nu zien we weer dat dat gebeurt. Daarnaast zijn er verkiezingen geweest en denk ik dat het goed is om te melden dat de afspraken, zoals we die nu met het COA gemaakt hebben en die getekend zijn, in principe niet van invloed zijn, noch naar de bovenkant, noch naar de onderkant op de afspraken, zoals die met het COA gemaakt zijn. Waar gaat het over? Het gaat over de aantallen mensen die opgevangen moet worden, de duur, aantal jaren, welke locatie en een aantal inhoudelijk onderwerpen. De heer De Vries: Voorzitter. De voorzitter: De heer De Vries. De heer De Vries: Dank u wel, voorzitter. U had het daarnet over een reële bezetting van negentig procent. Waar is dat op gebaseerd? In alle andere asielzoekerscentra slapen ze buiten. Mevrouw Vergouwe: Er wordt bij Ter Apel gelukkig nog niet op dit moment buiten geslapen. Maar u heeft gelijk, het is ontzettend druk bij Ter Apel. Er is een enorme druk. Toch is het zo dat op locaties waar asielzoekerscentra gevestigd zijn een gemiddelde bezetting van 90, 91 procent gerealiseerd wordt.
Dat ziet u ook hier in Dordrecht terug bij de opvang voor onze Oekraïense vluchtelingen. Als er kamers zijn waar bijvoorbeeld 4 mensen kunnen slapen en daar zijn 3 mensen uit een gezin, dan wordt daar niet een vierde persoon bij geplaatst. Het kan wel zijn dat er op zo'n kamer bijvoorbeeld 4 vrijgezelle heren geplaatst worden. Maar dat leidt ertoe dat de gemiddelde bezetting op een azc, en dat doet het COA ook om de leefbaarheid op zo'n azc natuurlijk goed te houden, 90, 91 procent is. En dat is een langjarige ervaring van het COA. Want u zegt, ze slapen buiten. Dat gaat echt om Ter Apel. Het gaat om het aanmeldcentrum.
8
Dat is in die zin een niet vergelijkbare situatie. Korte toelichting op de inhoudelijke afspraken. U had al eerder gevraagd, zorg voor een goed overleg met de omgeving en betrek die er ook bij. Wij hebben aan de voorkant direct gevraagd om een begeleidingscommissie in te mogen stellen. Daar zitten leden in vanuit de bewonersvereniging, drie. En er zitten een aantal vertegenwoordigers van bedrijven in. Want zoals u weet, is de locatie van het azc op een bedrijventerrein. En dan is het ook goed om de omliggende bedrijven te betrekken. Wat hebben die nu gedaan, die leden van de begeleidingscommissie? Die hebben eigenlijk op alle thema's, zoals we die tot nu toe met elkaar behandeld hebben en afgesproken hebben, meegedacht. En dat hebben we ze aan de voorkant laten doen. Op het moment dat wij met het COA spraken over het thema veiligheid, hebben wij aan de voorkant opgehaald, geef ons de onderwerpen mee waar jullie aan denken als het over dit onderwerp gaat. Idem dito op meedoen en werken, enzovoorts. Naar aanleiding van de bewonersbijeenkomst 6 juli waren er vooral vanuit de bewoners veel opmerkingen rondom verkeersveiligheid. Ze vonden dat we dat onvoldoende goed hadden uitgewerkt. En de begeleidingscommissie heeft daar echt een grote rol in gehad om die afspraken rondom verkeersveiligheid verder uit te werken. En dat ging met name om de verkeersveiligheid op de Rijksstraatweg.
Wat is de rol van de begeleidingscommissie in de toekomst? Wat ons betreft het meedenken over het veiligheidsplan. Dat gaan we in 2024 uitwerken. Maar ook bijvoorbeeld het meedenken over meedoen en werk. En dat geldt zeker voor de werkgeversdelegatie. En daarnaast hebben we de afspraak dat we ook, gedurende de hele periode dat het azc er staat, in overleg blijven met die omwonenden. En daar kan de begeleidingscommissie natuurlijk een hele grote rol in spelen. Als we dan kijken naar de inhoudelijke afspraak, hebben we op een aantal hoofdthema's afspraken gemaakt. U begrijpt, zeker voor de omwonenden was veiligheid en heel belangrijk thema. Primaire uitgangspunt is dat de beveiliging op het azc-terrein zelf voor rekening en risico van het COA is. Wat heeft het COA toegezegd? Er is 24/7 bewaking aanwezig op de locatie. Mevrouw Kamphuis: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Kamphuis. Mevrouw Kamphuis: Heeft het COA ook gezegd hoeveel personen per zeven uur er is of acht uur? Mevrouw Vergouwe: Ja, dat hebben ze gedaan. En dat ligt ook vast. Er wordt een onderscheid gemaakt tussen de dag situatie en de avond- en nachtsituatie. In de dag situatie zijn ook personeelsleden aanwezig en worden er programma's aangeboden om mensen ook actief te houden. En dan is er één bewaker aanwezig. En in de nachtsituatie zijn er drie, en de avond. Na tien uur ’s avonds.
Op het moment dat het personeel weggaat, zijn er drie. Wij hebben afspraken gemaakt met het COA dat wij financiële middelen willen. En ik zal straks de financiële afspraken ook toelichten. Dat er extra ruimte is voor surveillance. En dat gaat om zeven dagen per week in de avond en nacht en ook in het weekend. Het weekend ook overdag. En we hebben afspraken gemaakt dat er extra boa’s komen. Boa's die niet alleen rondom het azc lopen, maar echt de ruime omgeving van dat terrein bestrijken. Dat betekent ook Dordtse Kil III, Dordtse Kil IV, de Wieldrechtse Zeedijk en de Rijksstraatweg.
9
En dat geldt ook voor de surveillancedienst. We hebben expliciet afgesproken dat er ook op de Wieldrechtse Zeedijk en ook op de Rijksstraatweg, naast de locatie van het azc, goed gekeken wordt, wat is er aan de hand, enzovoorts? De heer Van der Net: Voorzitter. Mevrouw Vergouwe: Met hele korte lijntjes richting politie. De voorzitter: De heer Van der Net. De heer Van der Net: Even voor de duidelijkheid, voorzitter. Die extra boa's worden ook betaald door het COA? Mevrouw Vergouwe: Jazeker. De heer Van der Net: Dat had u nog niet gezegd. Mevrouw Vergouwe: Volledig. De heer Van der Net: En dat wilde ik even bevestigen. Mevrouw Vergouwe: Wethouder Merx heeft dat buitengewoon helder gemaakt dat dat het uitgangspunt was. En dat hebben we uiteindelijk ook zo bereikt bij het COA. Het COA hanteert natuurlijk zelf een huishoudelijk reglement. En wij hebben daar voor een aantal punten echt aandacht gevraagd. Overlast. Ze gaan er natuurlijk vanuit dat primair de mensen zichzelf goed bezighouden. Dat er activiteiten worden aangeboden. En ik zal straks nog wat zeggen over werk. Maar als er overlast is, dan is er de ruimte voor het COA om daar ook op te acteren. En wij hebben specifiek aandacht gevraagd voor het hangen voor de ingang van het azc, om te voorkomen dat mensen daar hangen, ofwel bewoners, ofwel mensen die daar niet wonen, maar daar dan toch misschien graag verblijven.
In de bestuursovereenkomst is vastgelegd dat er mogelijkheid is tot ingrijpen van de burgemeester. En dat mag u zien van heel licht tot zwaar. Het ultimum remedium, zo heet dat dan, als zwaarste middel kan de burgemeester het sluiten van een azc inzetten. Dat mag een burgemeester natuurlijk nooit zomaar doen, omdat er een incident zich afgespeeld heeft. Het begint ermee dat de burgemeester met het COA in gesprek gaat als er sprake is van incidenten. En de burgemeester heeft diverse instrumenten. Dat kan variëren van aanwijzingen tot uiteindelijk het sluiten. Maar de mogelijkheid om dat te doen, is expliciet in de bestuursovereenkomst opgenomen. En wij hebben daar de huurovereenkomst aan gekoppeld. Daarmee denk ik een stukje waarborg. De voorzitter: De heer Klerk. De heer Klerk: Dank u wel, voorzitter. Even met betrekking tot de veiligheid. Want wat nu uitgelegd wordt, dat is vooral wat zich afspeelt rondom het azc. Geldt dit ook voor omliggende wijken, winkelcentra en dergelijke? Kan die extra inzet daar ook bijvoorbeeld flexibel worden ingezet als daar meer overlast wordt ervaren?
10
Mevrouw Vergouwe: Ja, wij, de gemeente krijgt twee boa's. Dat betekent dat de gemeente ook kan bekijken waar die boa's ingezet worden. Stel dat er meer aandacht gevraagd wordt in de omgeving van een winkelcentrum, dan kan dat. Voor uw informatie, wij hebben recent een subsidieaanvraag ingediend bij het Rijk, en we zijn nog in afwachting van honorering, om preventieve maatregelen te nemen. En die hebben onder andere betrekking op die winkelcentra, vandaar dat ik het nu ook even meld, om te kunnen kijken van, hoe aan de voorkant een schouw? Hoe is met de winkelcentra gesteld, voordat het azc er is? En welke maatregelen zou je dan kunnen nemen op het moment dat er sprake is van overlast? Dat hoeft niet, maar dat zou wel kunnen. Maar het is aan de gemeente zelf om die keus te maken. En daarom hebben we ook zo ingezet op die boa's omdat we er zelf sturing op hebben. Dat geldt overigens ook voor de surveillancedienst. Op het moment dat wij zeggen, in de dichte omgeving van het azc zien we niet direct overlast, maar wij hebben het beeld dat dat elders wel zo is, die flexibiliteit is er, want het is aan de gemeente om die keuzes te maken. Wat gaan we in 2024 doen? We gaan het veiligheidsplan opstellen. We hebben de basisafspraken gemaakt. Maar dat gaan we nog netjes vervatten in de veiligheidsplannen. Dat wordt ook voorgelegd aan het Openbaar Ministerie en aan de politie.
Die hebben al geadviseerd op de eerste stukken. En die betrekken we er nadrukkelijk bij. Wat we verder op het gebied van veiligheid hebben afgesproken, is dat de entree aan de Burgemeester van der Dussenstraat komt. Dat is op uitdrukkelijk verzoek van de omwonenden die wonen aan de Wieldrechtse Zeedijk. En die hebben een echte voorkeur om die entree ook gewoon elders te plaatsen. En we gaan een nulmeting doen op veiligheid en op leefbaarheid. En ook dat gaan we in 2024 doen. En dat doen we ook in de wat ruimere omgeving. Ook nadenken over, waar gaan asielzoekers mogelijk heen om hun boodschappen te halen? Zodat je dat wat breder kunt opzetten. We gaan de veiligheid en de leefbaarheid monitoren. We hebben een nulmeting. Daar komen resultaten uit. En we doen dat zowel op subjectieve veiligheid, veiligheidsgevoelens, als de objectieve gegevens van de politie. Welke cijfers zijn er eigenlijk te zien? En wat we de bewoners aanbieden, is een veilig wonen scan. En dan kunnen zij in ieder geval kijken van, hoe zijn ze gehuisvest en zou er op dat vlak, en dat hoeft helemaal niet eens met het azc te maken hebben, maar zouden er verbeteringen zijn? En dan is het aan de bewoners om daar daadwerkelijk ook zelf wat mee te doen. Ik zei het net al, op het moment dat het azc geopend is, dan gaan we natuurlijk, zou ik haast zeggen, door met het overleg. En dat doen we op diverse niveaus.
Dat ziet u ook staan in de presentatie. De voorzitter: De heer Stam heeft een interruptie. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. Goed opgebouwd verhaal. Dat begrijp ik allemaal hoe het bestuurlijk in elkaar wordt gestoken. Nou hebben wij contact met die bewoners. En die hebben toch op een aantal fronten een iets andere interpretatie van die afspraken, zoals zij ze beleven. Zij vinden dat ze niet voldoende gehoord zijn. Dit is wel geïnformeerd, maar er is weinig tot geen ruimte geweest voor inspraak. En als je dan kijkt naar die veiligheid, en daar moet ik ook wel bij zeggen dat mensen natuurlijk altijd van het hele slechte uitgaan, als je 580 mensen bij elkaar gaat zetten, dan zitten er altijd wel een aantal bij die je strak moet begeleiden. Laat ik het netjes zeggen.
11
Maar die mensen zeggen eigenlijk van, we hebben weinig zicht op welk gebied de gemeente eigenlijk pakt voor zo’n veiligheidsscan. Er komen een aantal boa's. Hoe vaak komen die boa’s daar dan? Die komen dan maar twee minuten. Die rijden een keer langs en die gaan verder kijken. En de bewoners die zijn ook niet dom van een COA. Die weten op den duur precies wanneer die boa’s daar lopen. En als je dan kijkt naar de veiligheidsscan voor bewoners, wat ze daar ook tegen de borst stuit is van, we krijgen wel een scan, maar alle daaruit voortvloeiende kosten zijn voor onze rekening. Dat vinden ze wel bijzonder. Ze zeggen eigenlijk van, wij krijgen iets neergelegd, waar we eigenlijk onvoldoende inspraak op hebben gehad. En op het moment dat je dat wel had gedaan, en wat wij vorige week hebben gehoord, dan ga je daar echt wel van schrikken, in positieve zin, hoe ze daarnaar kijken. De oproep is eigenlijk vanuit die bestuurlijke afspraken die zijn gemaakt, ga nog eens goed met die mensen in overleg. En ga even vragen waar die schoen wringt. Want dan zal je zien dat die bestuurlijke afspraken op een hele andere manier geïnterpreteerd zullen worden als dat we hier nu gewoon op tafel gelegd krijgen. Want er leven wel wat vragen, die je misschien op een goede manier kan oplossen. Mevrouw Vergouwe: Ik hoor u een aantal vragen stellen en een aantal opmerkingen maken.
Ik zal proberen ze een voor een te beantwoorden. Weinig ruimte voor inspraak. Wij hebben tot op heden 2 keer plenair met de bewoners gesproken. Eerste bijeenkomst waren ongeveer 120 mensen. Tweede bijeenkomst ongeveer 55. We hebben een mailadres azc Dordrecht opengesteld. Juist ook om mensen de gelegenheid te geven om te reageren. We gaan een pagina, en kijk ik even naar Jacqueline, mijn collega, openen waar mensen ook communicatie op kunnen plegen, via de website. En we hebben mensen de gelegenheid gegeven via de begeleidingscommissie inspraak te hebben. En ik weet dat de begeleidingscommissie, zeker de bewonerscommissie, ook geregeld contact heeft gehad met de omwonenden, om ook op te halen wat ze mee moesten nemen. Dan kan het natuurlijk altijd zijn dat mensen vinden dat ze te weinig gelegenheid hebben gehad om hun beeld naar voren te brengen. Ik ben zo vrij om daar iets anders over te denken. Ik kan me wel voorstellen dat mensen vinden dat ze misschien op de inhoud te weinig gehoord zijn. En dat is natuurlijk altijd het zoeken van het evenwicht tussen, wat is er mogelijk of wat is er niet mogelijk? Ik durf te zeggen dat we echt heel veel bereikt hebben, ook op het gebied van veiligheid. Maar u weet net zo goed als ik, als het gaat om onveiligheidsgevoelens, dan neem je die niet altijd weg.
Dat zullen we ook echt gaandeweg, op het moment dat we open zijn, moeten doen door echt met ze in gesprek te blijven. U zegt, weinig zicht op. Hoe ga je dat doen met een surveillance en hoe ga je dat doen met boa's? De surveillance gaat zeven keer per nacht rijden. En als het goed is op onregelmatige tijden. Dat is niet zomaar een keertje. Zeven keer. Dat stelt in mijn optiek toch wel wat voor. En langs die hele route. En wij vragen ze natuurlijk om niet altijd dezelfde route te rijden. We krijgen twee boa's. Niet een kwart van een boa, met ook nog taken in de binnenstad. We gaan daar mensen voor aannemen die echt de brede omgeving van het azc in hun werkgebied hebben. Natuurlijk betekent dat niet dat er altijd boa’s zijn. Maar ik denk dat je daarmee best iets substantieels biedt aan de omgeving. Als het gaat om de veiligheidsscan, die opmerking hebben we ook op de avonden al eerder gehoord. Ik snap die uitdrukking van bewoners. Ik woon niet in de omgeving van een azc.
12
En ik zou het ook heel fijn vinden als uit mijn scan kwam dat er iets te beveiligen viel dat dat door de overheid wordt gedaan. Tegelijkertijd is het natuurlijk zo dat iedere inwoner zelf verantwoordelijk is voor zijn eigen woonomgeving. Wij bieden iets aan. Wij zeggen ook niet, het wordt onveiliger doordat er een azc is. Maar we vinden wel dat het aanleiding is om een goed aanbod te doen. Er zullen mensen zijn die al veel hebben gedaan aan de beveiliging van hun huis. En die hoeven misschien heel erg weinig te doen. En er zullen mensen zijn die daar wat meer aan doen. Er zullen ook mensen zijn die zeggen, en toch voel ik mij veilig, ook al komt er uit die scan... Of ik heb er de middelen niet voor of niet voor over. Dat is echt de individuele afweging die mensen zelf moeten maken, zoals dat eigenlijk overal geldt. Ook daar waar er geen azc komt. Ik begrijp het sentiment. En tegelijkertijd zeg ik, ik vind het niet helemaal onlogisch dat de gemeente de kosten niet op zich neemt. Dat even in antwoord op uw vragen. Mevrouw Kruger: Gedeeltelijk, denk ik. Want de heer Stam heeft nog een vervolgvraag of vervolgopmerking. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. Nog niet echt. Wat die mensen eigenlijk vragen, is een meer menselijke benadering. Kijk, er zijn informatieavonden geweest. Eentje zijn minder politieke partijen geweest.
En daar zijn toch korte vragen, korte antwoorden algemeen. En ik snap heel goed dat het een heel lastig onderwerp is, wat je niet zomaar laat landen in een stad of in een gebied. Maar waar die mensen naar smachten, dat is eigenlijk die menselijke benadering. Ze zeggen vorige week nog, we hebben één keer de burgemeester en de wethouder zien, daarna niet meer. Bij de bijeenkomsten. Maar zoek dat persoonlijk contact op. Ga dat gesprek aan. En ga bij elkaar voelen waar die problemen zitten. Want die mensen zijn echt niet onwelwillend. En ik hoor u een heel technisch antwoord geven. Ik zou bijna zeggen, ga de politiek in. Maar daar zit een bepaald gevoel onder, wat je eigenlijk alleen maar weg krijgt door goed met elkaar in gesprek te gaan. En dat gebeurt naar de mening van die inwoners onvoldoende. Mevrouw Vergouwe: Ik hoor uw signaal. Mevrouw Kruger: Ik geloof dat de wethouder ook nog even een opmerking wil maken. Mevrouw Van Benschop: Dank u wel, voorzitter. Omdat ik merk dat dit een sentiment is waar het college iets mee zou moeten en niet zozeer de ambtelijke organisatie. Daarom wil ik er graag even op reageren. Ik begrijp het. Ik begrijp echt heel goed dat die zorgen er zijn.
Ik begrijp ook dat er in sommige gevallen gedacht wordt van, waar is de menselijke benadering? Het is zo dat het altijd een balans zoeken is tussen, hoever kun je gaan in de menselijke benadering, zonder dat je dingen toezegt die niet waargemaakt kunnen worden? Maar ik vind het wel een terecht punt als u aangeeft dat u dit terugkrijgt. Sorry, via de voorzitter. Dat we daar weldegelijk over na gaan denken hoe we dat meer een gezicht kunnen geven en hoe we meer richting die bewoners de menselijke kant ook kunnen laten zien. Want de zorgen, of ze terecht zijn of niet, ik begrijp wel dat mensen zorgen hebben. Het is een duidelijk signaal waar wij wat mee moeten. De voorzitter: Dank u. We gaan weer verder, denk ik.
13
Mevrouw Vergouwe: Als het goed vindt wil ik graag toelichten de afspraak, zoals we die hebben gemaakt rondom meedoen en rondom werken. Mevrouw Kruger: Ik wil nog even... Mevrouw Lammens heeft nog een vervolgvraag hierop. Mevrouw Lammens-Oostdijk: Ik heb even een vraag over, worden de bewoners ook gestuurd? Bijvoorbeeld, zij krijgen heel vaak medische hulp. Bij een opticien kunnen ze een bril halen. En ik hoorde ook van opticiens dat er dan bijvoorbeeld een groep van zes mensen tegelijk in de winkel staan. Die mensen moeten gemeten worden. Er is niet zoveel personeel. En die opticiens vinden het niet fijn dat er opeens zes mensen in de winkel staan. Zou het mogelijk zijn dat er een sturing is van, ga met zijn tweeën een bril halen. Mevrouw Vergouwe: Ik ken het voorbeeld, zoals u dat noemt, niet. Maar ik vind het een heel relevante opmerking. Dat gaan wij aan het locatiemanagement doorgeven dat ze daar sturing op houden. Mevrouw Lammens-Oostdijk: Dank u wel. Mevrouw Vergouwe: Want dat lijkt me niet moeilijk uitvoerbaar. Terecht. Dank u wel. Graag een stukje toelichting op afspraken rondom meedoen en werken. En dat is eigenlijk naast wat het COA al doet. Want het COA heeft daar ook een rol in, als het gaat om meedoen. We hebben afspraken gemaakt dat we extra aandacht gaan besteden aan dagbesteding.
Juist omdat we het zo belangrijk vinden dat iedereen meedoet en dat mensen zich niet vervelen. Dat gaan we echt doen. En ook extra aandacht specifiek gericht op taal en op integratie. Er zijn meer gemeenten met een meedoen balie. En wij hebben gezegd, wij willen een Dordrecht balie. Wij willen graag onze eigen Dordtse vrijwilligers activeren om mee te doen. En we hebben daar ook al een gesprek over gehad met Samen Dordt, die er wel voor voelt om daar echt een belangrijke rol in te spelen. En dat betekent dat we ze vragen om activiteiten voor asielzoekers te organiseren, vrijwilligerswerk te regelen voor en door asielzoekers. En dan echt met inzet van onze eigen vrijwilligers. Ook in de vorm bijvoorbeeld van taalmaatjes. Want zeggen we, eigenlijk iedereen doet mee. En we vinden het gewoon belangrijk dat iedereen zo zijn bezigheden heeft. De voorzitter: Mevrouw Kamphuis heeft een interruptie. Mevrouw Kamphuis: Dank u wel. Ik hoor vrijwilliger uit de wijk voor asielzoekers. Waarom niet gewoon werk? Want die mensen hebben heel weinig geld. En die willen heel graag, want dat heb ik gehoord bij Henrik-Ido-Ambacht, werken. Het blijkt wel mogelijk te zijn. Wat wil Dordrecht daaraan doen? Mevrouw Vergouwe: U vraagt meteen naar mijn volgende sheet. Ik ga er graag op in. Want wij hebben een pilot afgesproken met het COA van twee jaar rondom werk.
Juist rondom werk, omdat we denken dat werk een van de belangrijkste vormen van meedoen is.
14
Uitgangspunt is dat als volwassenen in Dordrecht op het azc komen wonen, dat ze in principe zoveel als mogelijk aan de slag gaan. Bij de Oekraïners is dat ook zo. Daar hebben we zestig tot tachtig procent van onze mensen aan de slag. Dat doen wij met inzet van KICKSTART. Wij hebben KICKSTART ook gevraagd om dat voor de asielzoekers mogen doen. Op dit moment worden we wat beperkt door de wettelijke mogelijkheden. Die zijn er wel voor statushouders. En voor asielzoekers heb je daar een wachtperiode. En we hebben een pilot uitgewerkt. Heel leuk. Want het COA wil daar zelf ook echt actief aan meedoen. Zet zich daar zelf voor in om binnen de wettelijke bepalingen, maar ook een pilot om buiten de wettelijke bepalingen te kijken hoe we mensen aan de slag kunnen krijgen. En we hebben daar een businesscase voor opgesteld, een financiële opstelling. En we hebben gezegd, en wij denken COA dat u dat ook kunt betalen, want u gaat geld besparen. Want als die mensen werken, dan hebben ze een stukje inkomen. Dan hebben ze geen leefgeld nodig. En dan kunnen ze zelf ook een stukje bijdragen aan de kosten, zoals die er zijn. En onze inzet is dat we tenminste veertig procent van de asielzoekers aan de slag krijgen. De heer Van Leeuwen: Voorzitter. De voorzitter: De heer Van leeuwen. De heer Van Leeuwen: Ik ben het er op zich mee eens dat die mensen gewoon aan het werk gaan.
Ik denk dat het goed is voor de integratie. Waarom maar veertig procent? Waarom niet een hoger percentage? Hoe komt u aan dat percentage? Mevrouw Vergouwe: Wij dachten, wij, gemeente Dordrecht, dachten, dat zou eigenlijk nog wel meer moeten zijn. Het COA zei, nou? Wat we hebben vastgelegd, is het volgende. Tenminste veertig procent. Daar gaan we vanuit. We hebben afspraken gemaakt. Stel dat het ons lukt om meer mensen aan de slag te krijgen, dan bespaart het COA meer. Daarvan hebben we afgesproken, de helft daarvan is voor de gemeente Dordrecht. En die zet dat in juist weer om nog meer mensen aan de slag te krijgen. Maar we vinden eigenlijk dat het al geslaagd is. En dat was echt wel de inzet van het COA, als ze veertig procent van de mensen aan de slag krijgen. En dat hangt een beetje samen met het gegeven dat ze niet direct mogen werken. In je telling duurt het even voordat... Dat is een dempende werking. Vandaar. Maar als het kan, willen we dat graag naar hoger. En we hebben de goede voorbeelden van de Oekraïners aanwezig. We hebben gesproken met de werkgevers. Die willen ook. Er zit een DHL achter de beoogde locatie voor het azc. En die zegt, wij gaan verdubbelen in capaciteit. Kom maar op. Dat. De voorzitter: De heer Wringer. De heer Wringer: Dank, voorzitter.
Mogen de asielzoekers die gaan werken veertig uur per week betaald werk doen? Want volgens mij was dat een voorwaarde van de gemeente aan het COA om hier een azc te vestigen. Mevrouw Vergouwe: De voorwaarde was niet om veertig uur per week te werken. Dat beogen we ook niet, want we vinden dat er ook ruimte moet zijn om taal te leren en te integreren. Maar het moet wel een, ik noem het maar even, bijna fulltime baan zijn.
15
Denk in orde grootte, zo hebben we in ieder geval gerekend, van rond de dertig uur. Dat betekent gemiddeld. Want er zullen mensen zijn die veertig uur werken en er zullen er zijn die wat minder werken. Die varianten mogen allemaal. Maar we zetten bij voorkeur in op iets stevigere banen qua omvang. De voorzitter: De heer Klerk. De heer Klerk: Dank u wel, voorzitter. Ik had nog een vervolgvraag op de vraag van de heer Van Leeuwen. En misschien heeft u het wel uitgelegd, maar is het mij ontgaan. Die minimaal veertig procent, waar hangt het van af of dat gehaald wordt? Is dat van de kant van de werkgevers of is dat van de kant van capaciteit of heeft het met KICKSTART... Waar ligt dat aan? Mevrouw Vergouwe: Dat hangt een beetje van de startkwalificatie van de asielzoekers af. Hoe makkelijk ze bemiddelbaar zijn naar werk. Als je kijkt naar de Oekraïners. Mensen die in het begin kwamen, waren gemiddeld genomen net wat hoger opgeleid, wat makkelijker te begeleiden naar werk, dan de mensen die nu komen. Daar moet je naar kijken. Het hangt ervan af hoeveel ruimte we krijgen om binnen of buiten de wettelijke kaders de pilot te doen. Het hangt natuurlijk ook af van de bereidheid van de ondernemers. Maar ik kan u vertellen dat ik daar heel positief over ben. Want er zijn echt diverse ondernemers ook in die omgeving die zeggen, wij hebben gewoon werk voor die mensen.
Het is misschien nog eerder de ervaring van het COA, maar die hebben ook nog nooit een pilot gedaan zoals wij hem voorgesteld hebben, waardoor het percentage misschien wat aan de lage kant is gesteld. Waarbij ons ambitie hoger is. De voorzitter: U mag nog een vervolgvraag stellen. Ik wil wel ook gelijk even zeggen, we zijn nu op de helft van de tijd en we zijn nog niet op de helft van de presentatie. Mevrouw Vergouwe: Ik ga er zo sneller doorheen. De voorzitter: Als het echt details zijn, het mag, maar... Gaat uw gang. De heer Klerk: Nu heb ik al zoveel tijd besteed aan deze vraag, dan zal ik hem stellen ook. Grapje. Maar ik kan me voorstellen dat juist bijvoorbeeld die taal weer zegt van, veertig uur is niet de bedoeling, want taal is belangrijk. Moet ook. Volgens mij zijn dat ook de verhalen die ik gehoord heb, is dat juist de grootste voorwaarde waardoor het makkelijker wordt voor iemand om ergens te werk te gaan. Is dat dan uitgedacht dat iemand eerst op een bepaald niveau komt, voordat hij aan zo’n pilot meedoet? Mevrouw Vergouwe: Dat hangt er ook weer vanaf, binnen of buiten de wettelijke kaders? Als je maar max 24 weken mag werken, kan je je voorstellen dat je zegt, je werkt 24 weken en daarna ga je wat intensiever met die taal aan de slag.
Op het moment dat je buiten de wettelijke kaders gaat en je mag het hele jaar door werken, dan kun je je voorstellen je zegt, 4 dagen werken en je gaat 1 dag wat doen aan taalonderwijs. Vinden we allebei belangrijk. Er zit een stukje flexibiliteit in. Ik zal proberen iets tempo te maken, voorzitter. We hebben afspraken gemaakt rondom onderwijs en zorg.
16
Basisidee, in principe gaan kinderen die op de middelbare of basisschool zitten in de stad naar school. COA verzorgt, als dat nodig is, vervoer voor de basisschool en peuteropvang op het terrein. En zorg, er is vijf dagen per week zorg aanwezig op het terrein van het azc. De voorzitter: Ik wil toch even onderbreken, want mevrouw Pichel heeft ook nog een vraag. Mevrouw Pichel: Dank u wel voorzitter. Ik wil hem ook wel aan het eind stellen hoor, maar ik denk... Ik weet niet. Even de voorgaande slide ook. Want ik vind het heel goed om te zien dat er goed aandacht wordt besteed aan de begeleiding en de taal en het werk. En een stukje wat ik wel weer aan wil halen en wat ik ook vaker heb aangehaald, is dat je toch merkt dat ondanks dat het goed is om natuurlijk naar een besteding te kijken en de mogelijkheid om ook te voorzien in de mogelijkheid om te werken, is dat deze mensen natuurlijk niet voor niks deze kant op zijn gekomen. En dat ze komen, en ieder misschien op een andere manier, maar vanuit of een oorlogssituatie of een onderdrukkende situatie of maar een deel van het gezin deze kant opkomen. En dat gaat deze mensen gewoon niet in de koude kleren zitten. En ondanks dat ik niks aan te merken heb op dat hier op de slide staat, want dat is prima, toch zie ik daar gewoon een gat wat niet wordt gevuld.
En dat zie je weer terug in mensen die hier toch al langere tijd zijn dat dat zijn effect heeft op het gezin of de mensen uit dat gezin. En mijn vraag is toch wel, wat wordt er door het COA mee gedaan? Mevrouw Vergouwe: U stelt een hele terechte vraag. En ik moet u heel eerlijk zeggen, ik ben vergeten het op de slide op te nemen. Want het COA heeft programma’s waar ze juist ook aandacht besteden aan het geestelijk welbevinden van die mensen. Staat er wel. Geestelijk welbevinden. Staat er inderdaad wel op. Geestelijk welbevinden, laatste regel. Die programma's zijn er. En die bepalen natuurlijk inderdaad mede hoe makkelijk mensen wel of niet mee kunnen in vrijwilligerswerk of aan de slag kunnen of wat dan ook. En we proberen dat ook in overleg met COA wel goed in de gaten te houden. Want wij begrijpen natuurlijk ook wel dat mensen inderdaad niet voor niets vluchten. Ook daar wel aandacht voor is. Maar er zijn programma’s van het COA, en die passen ze ook ruimhartig toe. Gelet op de tijd, afspraken verkeer en vervoer. Wij zorgen dat er vier keer per dag een busje rijdt richting relevante plekken. En we zullen zorgen dat er fietslessen gegeven worden. Hebben we voor de Oekraïners ook gedaan. En we gaan fysieke maatregelen nemen. En ik zal u straks vertellen hoe we dat allemaal betalen. Maar er gaan voet- en fietspaden aangelegd worden, want dat is er natuurlijk niet allemaal nu.
We kijken naar de verkeersveiligheid op de Aquamarijnweg, onder andere met extra stoplichten. En we hebben recent echt een stevig traject doorlopen, met onder andere de begeleidingscommissie, rondom verkeersveiligheid, de Rijksstraatweg, de Wieldrechtse Zeedijk en het tunneltje onder de A16 door. Daar besteden we, denk ik, ruim aandacht aan. Als u het goed vindt, ga ik deze slides heel snel door. Dit zijn plaatjes van het azc. Een volgend plaatje. Hoe gaat het eruitzien? En wat gaan ze doen? Woonunits voor max tien personen. Ze koken zelf. Ze houden het zelf schoon. En als ze werken, dan betalen ze ook een eigen bijdrage om daar te kunnen wonen. Wat is nu de planning? Aanvraag omgevingsvergunning verwachten wij eind van dit jaar.
17
Helemaal precies kan ik dat niet zeggen. Aanbesteding zou in Q2 plaats moeten vinden. Dan komt de productie, werkzaamheden. En het idee is dat toch, en dat is wat later dan gedacht, pas in Q1 2025 en Q2 de inhuizing kan plaatsvinden. We hadden u beloofd, en dat was natuurlijk ook aan de orde geweest in de artikel 39 en 40 vragen, wat te vertellen over de financiering. Er zijn vijf financieringsbronnen. Eenmalige middelen, faciliteitenbesluit schuine streep algemene uitkering, de huurovereenkomst en twee keer een eenmalige bijdrage. Wat gaan wij doen? We gaan een aparte projectadministratie inrichten, zoals we dat overigens ook voor Oekraïne doen. En daar gaan we alle inkomsten en uitgaven bijhouden. En richting de raad wordt er gewoon gerapporteerd via de reguliere Planning en Controlcyclus. En omdat het azc start in 2025, werken we ook op naar de begroting 2025. Is het nodig om in 2024 wat te doen, dan wordt er met een begrotingswijziging gewerkt. Als het gaat om de eenmalige middelen, dan zouden wij eigenlijk recht hebben op 16.000 euro. Dat is geld voor communicatiemiddelen. College heeft, en u heeft dat trouwens als raad ook heel duidelijk gezegd, wij willen dat het Dordrecht geen geld kost. Ook niet geld voor ambtelijke inzet. Wat hebben we afgesproken? Dordrecht krijgt 400.000 euro voor eenmalige kosten. En dat gaat over alle ambtelijke kosten, inhuur.
We huren iemand in voor verkeer en vervoer, maar ook de Omgevingsdienst die wij inhuren om een advies te geven over de windmolens. Dat. Alle ambtelijke kosten, communicatiekosten en eigenlijk alle kosten, zoals we die maken in aanloop naar de vestiging van het azc. En wij denken dat we daar heel goed mee uit moeten komen. Dat als het gaat om de eenmalige middelen. De voorzitter: De heer Stam heeft even een interruptie. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. Die financiën heb ik toch wel wat strakkere vragen over. Het is natuurlijk hartstikke mooi dat het geld binnenkomt, maar dat is evenals bij een begroting, zegt helemaal niks. Het gaat er gewoon om van, wat gebeurt er in zo'n jaar? En nou zijn er natuurlijk in het land ook andere gemeentes die bezig zijn met een asielzoekerscentrum. Niet zo heel ver hier vandaan dan Hoorn, daar is zelfs een college over gestruikeld. En er waren twee belangrijke uitgangspunten die daaraan ten grondslag lagen. Eén was draagvlak. Hebben we het net over gehad. En twee waren de financiële risico's. Hoe ziet u dan die verhouding tussen de Dordtse afspraken en de andere afspraken? Zijn die dan zo specifiek dat wij kostendekkend zijn? En de tweede vraag die ik heb, u geeft aan in die spreadsheet of in uw presentatie dat die uitkering onderdeel gaat uitmaken van de algemene uitkering. Dat stond daarnet voor...
Mevrouw Vergouwe: Ik zal het zo uitleggen. De heer Stam: Want als die in de algemene uitkering zit, dan heeft onze wethouder financiën nog niet zo lang geleden gezegd, die heeft te maken met plussen en met minnen. En dan is mijn vraag, blijft er dan één pilaar tien jaar lang keihard overeind staan in die algemene uitkering en dat is die bijdrage van het COA? Mevrouw Vergouwe: Vindt u het goed, mijnheer Stam, dat ik eerst mijn toelichting geef op alle financieringsbronnen en hem aan het eind even meepak als beantwoording van de vraag?
18
De heer Stam: Ik vind het prima, voorzitter. Maar dan ben ik ze in ieder geval kwijt. Mevrouw Vergouwe: Ja, zeker. Maar dat vind ik ook, als u dat goedvindt, dan wil ik dat graag zo doen. De voorzitter: Ze staan genoteerd. Mevrouw Vergouwe: Ik heb net gezegd wat we aan eenmalige middelen krijgen. En dat is denk ik aanzienlijk meer dan je regulier zou krijgen. En we hebben natuurlijk aan de voorkant echt gekeken, wat hebben we aan eenmalige kosten? En natuurlijk is dat een inschatting, maar ik durf in ieder geval van de afgelopen periode wel te zeggen dat we goed uitkomen. En u begrijpt dat we niet krap begroot hebben in de gesprekken die we met het COA gevoerd hebben. We hebben ook wel enige ruimte gecreëerd om een tegenvaller op te kunnen vangen. Als het gaat om faciliteitenbesluiten algemene uitkering, dat zijn communicerende vaten. Is een beetje technisch verhaal. Maar u heeft een financiële achtergrond. Wij zouden recht hebben op 397.000 euro, als je uitgaat van de 90 procent bezetting. Wij krijgen 435.000 euro. Dat hebben wij vastgelegd in de bestuursovereenkomsten. We krijgen een beetje meer. En daar gaat een deel van in de algemene uitkering zitten en een deel wordt aangevuld vanuit het faciliteitenbesluit. Hoe werkt dat? Het heeft te maken met de vraag, zijn mensen hier ingeschreven als inwoner of niet? En mensen kunnen niet direct ingeschreven worden als inwoner.
Dat duurt eventjes. En op het moment dat ze hier al wel wonen of in ieder geval de plekken er zijn, maar ze zijn nog niet ingeschreven, dan wordt het aangevuld vanuit het faciliteitenbesluit. Laat ik het maar zo... Dat is denk ik de meest eenvoudige beantwoording. Wij krijgen die middelen in de algemene uitkering. En dat betekent dat er alle ruimte is om daar zelf invulling aan te geven. Want ik zei net, we krijgen surveillance en we krijgen klassenassistenten. Wil je voor de surveillance 50.000 euro uitgeven of wil je daar 100.000 euro voor uitgeven? Wil je 4 parttime klassenassistenten of wil je daar fulltimers voor hebben? De heer Stam: Voorzitter. De voorzitter: De heer Stam. De heer Stam: Een verduidelijkende vraag. U geeft aan, wil je daar 50.000 voor besteden of 100.000? Bedoelt u daarmee de middelen vanuit COA of overige middelen uit de algemene uitkering? Mevrouw Vergouwe: Dit zijn de middelen die we extra krijgen in de algemene uitkering. Het is altijd aan de gemeente om alle middelen vanuit de algemene uitkering te bestemmen. Maar dit zijn de extra middelen die we krijgen in de algemene uitkering. En zoals dat geldt voor middelen in de algemene uitkering, is het aan de gemeente waaraan je ze uitgeeft. Op het moment dat we het azc niet meer hebben, hebben we die middelen ook minder in de algemene uitkering. We hebben een huurovereenkomst gesloten met het COA.
Wij krijgen een vergoeding voor alle grondexploitatiekosten, want het maakt deel uit van de grondexploitatie Dordtse Kil IV, omdat het nou eenmaal op dat bedrijventerrein gevestigd is.
19
Kosten voor bouwrijp maken, rentederving, OZB derving. Want stel dat we er een bedrijf hadden gevestigd, dan had de gemeente recht gehad op een andere OZB-bijdrage dan nu. Dat hebben we allemaal financieel verwerkt. En ik durf u te zeggen dat er nog best enige ruimte zit. We krijgen middelen voor onderwijshuisvesting. Dat gaat over middelbaar onderwijs en andere eenmalige uitgaven. Bijvoorbeeld de veilig wonen scan. En die middelen zijn, ik durf dat hier wel te zeggen, echt ruim voldoende om alle uitgaven, voor zover u ze niet kunt dekken vanuit de extra middelen in de algemene uitkering, om die op te vangen. Daar speelt een bijzonderheid bij. Voor de meer financieel ingestelde commissieleden, die weten dat waarschijnlijk. Geldt wat in een grondexploitatie zit, mag je er niet direct uithalen. Dat mag namelijk pas op het moment dat de grondexploitatie afgesloten wordt na tien jaar. Er is door de raad een reserve opvang ontheemden ingesteld. Die kan benut worden om bijvoorbeeld uitgaven voor onderwijshuisvesting te doen. Op het moment dat de grondexploitatie wordt afgesloten, wordt er afgerekend en vallen die middelen weer vrij. En daar mist die budgettair neutraal. De voorzitter: De heer Stam. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. Nog een vraag. Die middelen die gereserveerd zijn bij jaarrekening, die 9 miljoen, die zijn vrij besteedbaar.
Waar je onder andere je ontheemden van kan doen. Als je zoveel middelen hebt, waarom zeg je dan... En dan kijk ook een beetje naar de wethouder. Als je een gebied van één kilometer rond het azc pakt en je doet zo’n veiligheidsscan, waarom neem je die kosten dan ook niet voor je rekening? De voorzitter: Ik denk dat dit even een vraag is aan de wethouder. De heer Stam: Daarom keek ik ze al aan. De voorzitter: En die gaat ze ook... Dat was ook de goede kant op. En die gaat ze nu ook... Graag. Mevrouw Van Benschop: U heeft het denk ik... Sorry, via de voorzitter. Ik denk dat de heer Stam het heeft over de middelen die in die reserve opvang ontheemden zitten. De negen miljoen die gereserveerd is? De heer Stam: Ik hoor net uw collega zeggen van, er is een overvloed aan middelen, de algemene uitkering en die andere middelen. Ruimhartig is er begroot door het COA. Je hebt die negen miljoen. Dan kan ik me zomaar voorstellen als een kilometer rondom het azc pakt, dat die kosten echt geen miljoenen bedragen om die bewoners enigszins tegemoet te komen. De vraag is eigenlijk van, bent u bereid om daarnaar te kijken en eventueel toe te passen? Mevrouw Van Benschop: Dan begrijp ik de vraag. Als het gaat over de reserve opvang ontheemden, dan is dat breder dan alleen het azc. Want de middelen die daarin zitten, gaat ook over de Oekraïne-opvang.