2.1 20221108 Notulen Dordtse Dinsdag Gemeenteraad - concept.pdf
Tekst van het document
57
af aan vertrouwd te raken met de stadsbus; op deze wijze Dordrecht op een andere manier kunnen ontdekken; gratis stadsbusvervoer bijdraagt aan de klimaatdoelen; dit sluit ook goed aan bij de ambities van het college die voor een autoluwe binnenstad gaat. Mevrouw Koene: Voorzitter? De voorzitter: Bij interruptie, mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Ik ben even nieuwsgierig, want ik hoor de heer Safranti spreken over sport en bewegen, dat dat heel goed is. Dan vind ik het een beetje jammer dat hij dan probeert om kinderen gratis met de bus te laten gaan. Ik zou zeggen, die moeten gewoon lekker gaan fietsen. De heer Safranti: Voorzitter, daar heeft mevrouw Koene volledig gelijk in. Ik ben als fietsliefhebber daar ook een voorstander van, maar als we moeten uitrekenen dat een gezin met twee of drie kinderen vanuit Sterrenburg naar de binnenstad moet komen, dat dat ruim twintig euro moet kosten, zo’n ritje heen en weer, dan wordt het dus lastig. Daarnaast kan ik ook even aangeven aan mevrouw Koene dat wanneer we dus fietsen stimuleren, dat we ook goede alternatieven, goede wegen, goede fietspaden moeten hebben. Oké? De voorzitter: Gaat u verder. De heer Safranti: Dank u wel. De voorzitter: Of heeft u nog een interruptie? Mevrouw Koene: Nou ja, goed, maar daar kan ik dan heel flauw op zeggen: dus die zijn er nu helemaal niet? De heer Safranti: Sorry, ik verstond u niet.
Mevrouw Koene: Daar kan ik dan op zeggen: die zijn er nu helemaal niet, die goede fietspaden? De heer Safranti: Nee, die zijn er wel, maar omdat … Mevrouw Koene: Nee, gelukkig, want anders wordt mijnheer Van der Linden heel ongelukkig. De heer Portier: Voorzitter? De voorzitter: De heer Portier. De heer Portier: Even één vraag over dat gratis busvervoer tot twaalf jaar. In uw motie staat onder begeleiding van een oudere. De heer Safranti: Klopt. De heer Portier: Dat betekent dus dat als een kind van tien die best wel zelfstandig met de bus kan reizen, bijvoorbeeld naar sportvereniging of naar school of wat dan ook gaat – het liefst wil je dat inderdaad met de fiets als dat kan, maar ik kan me voorstellen als het glad is,
58
dat je toch de bus wil nemen – dat dat niet mogelijk is. Of er moet altijd een oudere meegaan. Waarom heeft u die voorwaarde gesteld? De heer Safranti: Daar hebben wij natuurlijk heel goed over nagedacht. Ik vind het persoonlijk niet verantwoord dat een kind … Ja, u noemt tien jaar, maar het kan ook zijn natuurlijk een kind van zeven jaar, zes jaar, die dus ook bijvoorbeeld naar een sportschool moet. Ik vind het niet verantwoord dat een kind van zes jaar, of acht jaar, zelfs tien jaar alleen de weg op moet en daarom heb ik aangegeven in de motie: onder begeleiding. Dus het hoeft niet eens een ouder te zijn. De heer Portier: Voorzitter, daar denken we dan echt anders over. De enige dag dat ik ooit naar school werd gebracht was de allereerste schooldag ook inderdaad. Ik vind het gewoon te absoluut gesteld. Je kan natuurlijk zeggen: kinderen tot een X leeftijd, laten we even zeggen acht jaar of zo, die moeten onder begeleiding zijn. Waarom zo absoluut? Tot twaalf jaar, dat ze altijd aan het handje van papa of mama of een andere ouder mee moeten. De heer Safranti: Ik heb zelf nog een kleintje van negen jaar en als ik dus terugkijk, dan vind ik het persoonlijk nogmaals niet verantwoord dat zij nu met de bus twee wijken verderop gaat. Het is niet alleen de bus, maar ook naar de bus toe en terug en zeker met donkere dagen vind ik dat persoonlijk niet verantwoord.
De voorzitter: Dank u zeer, maar volgens mij moeten we … Dat heeft natuurlijk ook een beetje te maken met hoe de relatie tussen het individuele kind en de individuele ouder, daar moeten we volgens mij als gemeenteraad verder niet al te veel op ingaan. De heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Dank u wel, voorzitter. Door sommigen wordt hier bepleit gratis openbaar vervoer voor 65-plus. U pleit voor gratis openbaar vervoer voor twaalf-min. Er is ook genoemd gratis openbaar vervoer voor iedereen en er zijn gedachten gelanceerd voor gratis of goedkoper openbaar vervoer voor mensen met een laag inkomen. U kiest specifiek voor twaalf-min, waarom, hoe komt u tot die afweging? De heer Safranti: Wij willen dit ook als alternatief bieden, want we willen natuurlijk een autoluwe binnenstad aan de ene kant, maar aan de andere kant vinden we ook wel fijn als ouders met de kinderen fatsoenlijk naar de stad kunnen. Voor mensen die in de stad wonen is dat natuurlijk niet erg, of de rand van de binnenstad wonen is dat niet erg, maar als je drie wijken verderop woont en de kinderen willen graag de stad in, dan wordt het lastig voor een ouder om de kinderen handje te nemen om naar de stad te gaan, zeker gezien de kosten. Daar gaat het om, dus het is meer een alternatief. De voorzitter: Gaat u verder. De heer Safranti: Dank u wel, voorzitter.
Voorzitter, mijn voorgangers mijnheer Burakçin en mijnheer Van der Spoel hebben dat net ook aangekaart en de grootste klap eigenlijk gevangen, mijn laatste punt is dus over de Keti Koti. Het Rijk gaat excuses maken voor de rol van Nederland bij het slavernijverleden en gaat hier middelen voor vrijmaken, dit hebben wij allen kunnen lezen. Onze burgemeester heeft in mei in de Augustijnenkerk en recent nog in de krant terecht aangegeven dat er aandacht hiervoor belangrijk is, zeker omdat onze gemeente een behoorlijk aandeel had in de slavernij. Het inhoudelijke heeft mijn
59
voorgangers al benoemd. Samen met de SP en PvdA dienen wij een motie in waarin wij het college verzoeken om in gesprek te gaan met initiatiefnemers uit de stad. Mevrouw Vol-van der Holst: Voorzitter? De voorzitter: Bij interruptie, mevrouw Vol. Mevrouw Vol-van der Holst: Dank u wel, voorzitter. Wij vinden het een hele sympathieke motie, ik denk dat iedereen dat ook wel snapt naar aanleiding wat ik hiervoor heb gezegd. Het enige is dat wij niet helemaal duidelijk krijgen wat het initiatief precies inhoudt, want er staat bij ‘verzoekt het college’ het initiatief te ondersteunen. Maar we halen er geen initiatief uit, behalve een soort voornemen om iets te gaan bedenken nog. De heer Safranti: Dank u wel. Misschien kan ik dat extra toelichten, voorzitter. Een aantal burgers hadden ons al hierover benaderd en mijnheer Burakçin gaf ook aan dat zij dus vorig jaar ook hier al mee bezig waren, maar er zijn een aantal initiatiefnemers vanuit de stad die dus eigenlijk dit verder willen oppakken. Het is niet aan mij of aan de fractie van ons, maar wij willen wel met deze motie aangeven dat er dus vanuit de gemeente ook daar gehoor aan moet gegeven worden, zodat de initiatiefnemers vanuit de stad daar gebruik van kunnen maken. Uit de woorden van de burgemeester heb ik dat ook kunnen uithalen dat hij dus juist, mijnheer de burgemeester, ook openstaat voor de initiatieven uit de stad.
Mevrouw Vol-van der Holst: Oké, dank u wel. Ik ben heel benieuwd naar dat initiatief. Dank u wel. De heer Safranti: Dank u wel. Tot slot, voorzitter, dit huis heeft een Henk Tazelaar gekend, die vond dat het geld – daar komt ‘ie – eerlijk verdeeld moest worden. Dat moment ben ik nooit vergeten. Sorry, ik word er een beetje emotioneel van. Henk, rust zacht, we zijn je niet vergeten. Dank u wel, voorzitter, dat was het. De voorzitter: Mooi, dank u wel. Dit zijn uw moties. Het zijn drie moties. M29 van DENK, Partij Voor de Vrijheid en Forum voor Democratie over de ‘Gratis stadsbusvervoer tot en met twaalf jaar’; M30, DENK, SP en Partij van de Arbeid, ‘Motie Keti Koti’; en M31, DENK, VSP, Partij voor de Dieren, Op Ons Eiland, Partij Voor de Vrijheid en Forum, ‘Toegankelijke speelen sportvoorzieningen voor kinderen met een beperking en ouderen’, 31. Dan gaan we naar Gewoon Dordt, mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Dank, voorzitter. Voorzitter, de Begroting 2023 is een nette verwerking van het politiek akkoord van dit college. Hier en daar schuurt de inhoud met de diverse partijbeginselen van de coalitiefracties, maar dat is precies de amusementswaarde voor ons als oppositie. Dat is ook iets vergroot ten opzichte van de vorige periode en we weten nu ook beter waar we kunnen prikken om het politieke spel wat meer op gang te brengen en dat is waarvoor we hier zitten.
Goed om te zien trouwens dat de begroting op sommige punten concreter is geworden, zodat de controlerende taak van de raad makkelijker uit te voeren is. We vertrouwen erop dat hier de komende jaren verder op doorgepakt wordt. Als Gewoon Dordt willen we graag een paar punten noemen die voor ons belangrijk zijn. Dat is allereerst de aanpak van laaggeletterdheid die genoemd staat, maar waarvan we het idee hebben dat de aandacht hiervoor verslapt. Dan hebben we het niet over de uitvoering van het Taalpact, maar meer over welke mogelijkheden er voor laaggeletterden zijn en blijven taalvaardiger te
60
worden. Het gaat erom dat het nu een beetje doorsuddert en dat de aanpak weinig energie uitstraalt en dat is zorgelijk, zeker omdat we hebben begrepen dat het aantal jonge laaggeletterden weer aan het toenemen is. Voor veel van deze jongeren kan dat betekenen dat ze het op school niet kunnen bijbenen en dat zorgt weer voor nog meer voortijdig schoolverlaters. Wij vinden dat beide thema’s, eventueel in combinatie met elkaar, structureel meer aandacht, liever nog structurele aanpak verdienen, met gebruik van de misschien wat suffe, maar ook allerlei innovatieve methoden. De investering die dit vraagt in geld staat in geen verhouding tot wat het de gemeente kost, de afhankelijkheid van sociale voorzieningen is drie keer zo hoog als onder niet-laaggeletterden. Ook voor wat betreft andere vraagstukken lijkt het te kunnen lonen om voor een meer integrale aanpak te kiezen – waarbij we direct erkennen, daar hebben we het vorige week in de commissie ook al over gehad, dat het woord ‘integraal’ in de categorie jeukwoorden valt. Maar ik denk dat iedereen snapt wat we hiermee bedoelen. Gert-Jan heeft dit punt genoemd om mee aan de slag te gaan in de commissies, te zorgen voor meer bewustzijn over wat we misschien beter gecombineerd kunnen aanpakken om een beter resultaat te halen. Wie hier ook iets mee wil, hij gaat er graag over in gesprek.
Hij is er trouwens, dus dat kan u ook gelijk doen zo meteen. Dan hebben we nog wat opmerkingen vanuit een aantal van onze kernwaarden en het gaat hier om eerlijkheid, transparantie en betrouwbaarheid, in dit geval van de overheid en van de politiek. Erik-Jan gaf hierover aan dat de onderwerpen waarbij deze thema’s het meeste spelen lastig zijn voor ons als inwoners en volksvertegenwoordigers van Dordt om directe invloed op uit te oefenen. Neem bijvoorbeeld de komst van de nieuwe Omgevingswet waarmee participatie en invloed uitoefenen op de directe leefomgeving makkelijker gemaakt zou worden en dat dit bij voorbaat al mislukt lijkt te zijn. Er is wat ons betreft één voordeel aan het wel invoeren van de Omgevingswet en dat is dat de welstandscommissie afgeschaft zou worden. Dat is al genoemd door mevrouw Stolk, die zou daar ook heel blij van worden, nou, wij ook. Over niet eerlijk, niet transparant en niet betrouwbaar gesproken. Voorzitter, maar nu naar ons speerpunt, op naar een burgerbegroting.
Voor degenen die het fenomeen burgerbegroting niet kennen, dit is, ik citeer: “Een georganiseerd proces waarin inwoners van in dit geval een gemeente samen bepalen welke onderwerpen en vraagstukken ze belangrijk vinden, waar ze in willen investeren, welke oplossingen en innovaties ze waardevol vinden en welke eindkeuzes ze maken.” Dat betekent dat de macht voor een gedeelte van het totale budget bij inwoners komt te liggen. Daar laat ik graag een filmpje over zien, met toestemming. (voice-over in video) Wat zou jij doen met 300.000 euro? Via de burgerbegroting mag jij namens gemeente Maastricht en provincie Limburg een bedrag van 300.000 euro uitgeven. Waaraan? Dat beslis je samen met alle inwoners van Maastricht. In de startbijeenkomsten op diverse plekken in de stad kies je samen met een aantal andere burgers welke thema’s jullie belangrijk vinden. Verduurzaming, armoedebestrijding, of misschien buurtcentra? De vijf meest gekozen thema’s gaan door naar de volgende ronde. In deze ronde verdeel je samen met andere inwoners 300.000 euro over de gekozen thema’s. In ronde drie mogen jullie zelf projecten indienen die passen binnen de thema’s en het geld dat jullie daarvoor hebben gereserveerd. Bijvoorbeeld speeltoestellen, pop-up parkjes, huiswerkbegeleiding, of een buurttaxi. Bedenk het maar.
De finale wordt een feestelijke afsluiter, dat is het moment waarop jij samen met alle Maastrichtenaren je favoriete projecten kiest. De projecten met de meeste stemmen worden gerealiseerd. Doe dus mee, beslis mee. Hoe, wat en wanneer? Je vindt het op burgerbegrotingmaastricht.nl. (einde voice-over) Nou ja, we zijn hier in Dordrecht en dit hoeft niet per se drie ton te zijn, maar het is een idee. Onze vraag aan het college is om te reageren op onze wens. Wel een reactie …
61
De voorzitter: Sorry, bij interruptie. De heer Portier, gaat uw gang. De heer Portier: Het is ergens een leuk idee, een burgerbegroting, maar het gaat hier om 300.000 euro. Er zijn ongetwijfeld een aantal ambtenaren bezig geweest om dit voor te bereiden, er zijn waarschijnlijk wat communicatiemedewerkers en -bureaus ingeschakeld, er is een website opgezet. Hoe groot acht u de kans dat dat ook al iets van 300.000 euro gekost zal hebben, of heeft u enig idee van wat de kosten hiervan zijn in verhouding tot de bedragen waar het om gaat? Mevrouw Koene: Voorzitter, ik weet dat dit een speerpunt is van de heer Portier, in ieder geval wat betreft communicatiemedewerkers. Ik heb niet aan de gemeente Maastricht gevraagd wat de kosten zijn geweest om dit op te tuigen. Ik ben altijd bereid om dat alsnog voor de heer Portier te doen en dan kom ik daarop terug. Ik bedoel, ik neem aan dat dat wel geld kost, maar we hebben nou eenmaal al die medewerkers, mijnheer Portier, dus we kunnen ze ook gebruiken. De heer Portier: Maar voorzitter, voor de duidelijkheid.
Ik denk, als je zoiets inderdaad zou willen en ik weet dat er goede voorbeelden zijn uit Latijns-Amerika, zou het dan niet om veel substantiëlere delen van de begroting moeten gaan? Mevrouw Koene: Dat is een discussie die ik graag aanga, maar zoals ik daarnet aangaf, voorzitter, willen wij in eerste instantie graag dat het college reageert op onze wens. Ik wil daarom graag verder mijn woordvoering afmaken, zodat wellicht mijnheer Portier daar ook iets in hoort waar hij blij van wordt. Mevrouw Van Engelen: Voorzitter? De voorzitter: Ja, gaat uw gang. Mevrouw Van Engelen: Dank u wel. Ik wil nog een klein vraagje stellen hierover, want het klinkt inderdaad hartstikke leuk, zo’n burgerbegroting en dat kan natuurlijk een stimulans zijn om de relatie tussen burger en overheid weer een beetje goed te krijgen en mensen juist weer naar de stembus te krijgen, want daar is een hele lage opkomst geweest. Dus ik vroeg mij af: weet u iets over de opkomst bij dit project in Maastricht? Mevrouw Koene: Nee, dan zou ik nu moeten gaan schatten en dat doe ik niet. Dus ook daar wil ik best op terugkomen. Ik weet wel dat ze inmiddels aan de laatste ronde begonnen zijn, dus om met mevrouw Stemband te spreken, zeg maar, niet de eerste, maar de laatste ronde. Ik kom er graag op terug.
De voorzitter: Ik taxeer dit filmpje en uw inzet ook meer als een oproep aan het college om dat een keer uit te werken. Mevrouw Koene: Precies, daar was het ook voor bedoeld, maar daarom vroeg ik net al of ik mijn woordvoering verder kon afmaken, omdat ik daar namelijk ook aangeef wat we daarmee hopen te bewerkstelligen. Ik vroeg dus om een reactie van het college en ik hecht wel waarde om nog eventjes daarbij te zeggen dat ik graag een reactie wil die inhoudelijk recht doet aan het idee. Dat is dan meer, en dat is toch een kleine sneer dan even: we hebben dat al eens gedaan, toch, dat was toch niet een succes? Nee, college, we hebben
62
hier nog geen serieuze poging toe ondernomen. Het kan een idee zijn dat wethouder Heijkoop van Financiën samen met de wethouder die burgerparticipatie het hoogst in het vaandel heeft staan, wethouder De Jonge, hier eens samen naar kijken. Dan hebben wij er alle vertrouwen in dat we bij de Kadernota 2024 een mooi voorstel hiervoor krijgen. Maar goed, dat horen we dus graag in de termijn van het college. Wellicht kan dat wel gecombineerd worden met andere vormen van burgerparticipatie waartoe opgeroepen wordt. Ik heb zowel de heer Burakçin als mevrouw Van Engelen een essay gestuurd over de lage opkomst van de verkiezingen en wat daar eventueel aan kan gebeuren. Het is nog niet nagekeken, dus mijn excuus als het nog niet helemaal op en top is, maar ook ik ben heel erg bezig om te zorgen dat de mensen in de stad, dat het vertrouwen in de politiek toeneemt bij hen en dat kan maar op één manier: door ze gewoon beter overal bij te betrekken. Dank, voorzitter. De voorzitter: Heel hartelijk dank. Dan gaan we door naar Op Ons Eiland. De heer Gündogdu, gaat uw gang. De heer Gündogdu: Ik moet hier wat vaker staan. De voorzitter: Gaat uw gang, hoor, mijnheer Gündogdu. De heer Gündogdu: Voorzitter, fijn dat ik hier mag staan namens vele bewoners en ondernemers van Op Ons Eiland.
Voorzitter, om te beginnen ook een dankwoord richting de ambtelijke organisatie en het college uiteraard voor het boekwerk en huiswerk die ze hebben gemaakt. Ik wil de mensen op de publieke tribune van harte welkom heten en de kijkers thuis, want we hebben het vandaag over het huishoudboekje van de gemeente Dordrecht. Wat gaan we nou volgend jaar concreet doen? Voorzitter, het getal 16,8, het is even gerefereerd, maar het is een getal met een enorme impact. Dat is namelijk de inflatie. Vandaag is dat ietsjes bijgesteld naar 16,4, maar deze inflatie in de afgelopen zes decennia is nog nooit zo hoog geweest. Schrikbarend. Onze koopkracht is enorm gedaald en we weten niet wat ons perspectief zal zijn, want de signalen zijn niet echt rooskleurig. Dit is even wel een aandachtspunt die we willen meegeven aan het college met daarbij de vraag, we leven in onzekere tijden met mondiale crisissen en we willen perspectief bieden aan onze inwoners en aan onze ondernemers. Voorzitter, hoe toekomstbestendig is deze begroting? Eenvoudigweg niet alleen vanuit financieel opzicht, maar ook kijkend naar de klimaatverandering, de urgente klimaatverandering, maar ook woningnood, spanningen in de samenleving, lokale economie en noem maar op. Wij hebben gekeken naar de vertaalslag.
Het college heeft duidelijk aangegeven bij aantreden om de samenwerking met de raad en diverse organisaties aan te willen gaan. Onze dank daarvoor, het is noemenswaardig om dit ook vandaag even te noemen. Waar de landelijke politici elkaar verwijten dat ze geen verantwoordelijkheid nemen of niet voelen en de uitdaging niet willen aangaan met elkaar, zag ik de afgelopen dagen wel iets bijzonders gebeuren. Ik heb zoveel moties en amendementen voorbij zien komen, er is dus wel degelijk een mooi spel tussen oppositie en bestuurderspartijen, allemaal vanuit de intrinsieke motivatie om zoveel mogelijk goeds te doen voor deze stad en dat is mooi. Voorzitter, we hebben de begroting bestudeerd langs ons verkiezingsprogramma en ook vanuit datgene wat zich ontwikkelt in de stad en in de samenleving. Wat ons in ieder geval opvalt, voorzitter, er is weliswaar een sluitend meerjarenperspectief, maar wij vragen ons wel degelijk af of dat houdbaar is. Heel plat gezegd: ook deze begroting is onderhevig aan inflatie. Kunnen we ervan uitgaan dat deze begroting vanuit financieel perspectief houdbaar is, lettend op de stijgende prijzen van
63
diensten die wij als gemeente laten uitvoeren? Concrete vraag aan het college. Voorzitter, daarnaast kennen we het fenomeen budgetoverschrijding bij projecten. We zijn daar diverse keren mee geconfronteerd en dat gaat altijd om hele forse bedragen. Het college heeft er vast over nagedacht hoe zij de komende jaren in ieder geval daar iets mee wil gaan doen. We horen graag ook in dit kader een reactie van het college. Voorzitter, de woningnood, dat is al even aangestipt, volgens mij door alle politieke partijen. De ambitie is vierduizend woningen, dat ondersteunen wij van harte, maar we weten ook dat de werkelijkheid weerbarstig is, dat hebben we de afgelopen collegeperiode ook gezien. Daarnaast hebben we nog een Raad van State die ook een uitspraak heeft gedaan en dat heeft impact ook op onze bouwopgave. Daarnaast wat ook zich voordoet, voorzitter, de laatste jaren is – althans, in ieder geval het laatste jaar – dat de rentes enorm stijgen. Dat betekent, de doelgroep waarbij het voor wilden bouwen, woningen die wij wilden bouwen, dreigen niet meer bereikbaar te zijn voor degenen die wij in ons vizier hadden.
Hoe kijkt het college daar tegenover? En beleid stellen we altijd meerjarig vast, maar is het college bereid om met ons, om met deze raad toch wel even een evaluatie te houden? Met in ons achterhoofd de tijd waarin we nu leven, dus als het gaat om concreet de doelgroepen en de prijssegmenten waar we woningen in gaan bouwen. De heer Den Heijer: Voorzitter? De voorzitter: De heer Den Heijer. De heer Den Heijer: Hoe verhoudt dat verzoek zich tot het feit dat 70 procent van de nieuwbouw gevonden wordt door Dordtenaren die op zoek zijn naar een woning? De heer Gündogdu: Voorzitter, wij hebben een lokale uitwerking van de Woonvisie, die hebben we vastgesteld in deze raad, waarbij we segmenten hebben gemaakt, prijssegmenten waar we voor gaan bouwen. Ons verhaal is dat juist die leraar, de brandweer, de middeninkomens, die dreigen dus geen woningen meer te kunnen kopen vanwege gewoon eenvoudigweg de veranderende omgeving, of de situatie waarin we nu zitten. Onze vraag is: kunnen wij met het college van gedachten wisselen, ook al is het een beleid voor de langere termijn, om niet woningen te bouwen voor mensen die het eenvoudig niet kunnen kopen. De heer Den Heijer: Voorzitter? De heer Gündogdu: Dat is de concrete oproep. De voorzitter: De heer Den Heijer. De heer Den Heijer: Voorzitter, ik hoor een heel lang verhaal, maar ik hoor geen antwoord op mijn vraag.
Hoe verhoudt dat zich tot die 70 procent, dat de nieuwbouwwoningen die nu gebouwd worden, daarvan 70 procent gaat naar Dordtenaren die een woning zoeken. Hoe verhoudt dat zich tot uw verhaal en tot uw verzoek? De heer Gündogdu: Mijnheer Den Heijer, … Voorzitter, excuses. Voorzitter, mijnheer Den Heijer kijkt terug, en terecht. Ik heb ook meegewerkt aan dat beleid. Mijn oproep is: kijk vooruit. De vooruitzichten zijn niet zo rooskleurig als wat u schetst, vandaar de oproep aan de raad om met ons, samen met het college nog eens een keertje te kijken naar die
64
prijssegmenten en de woningen die wij willen gaan bouwen, of dat bereikbaar is voor onze Dordtenaren, want daarvoor in beginsel bouwen wij die woningen. Dat is de oproep. De voorzitter: Gaat u verder. De heer Gündogdu: Ik vervolg … De heer Stam: Voorzitter? De heer Gündogdu: Volgens mij is er een vraag. De voorzitter: Ik zie het ook. De heer Stam, gaat uw gang. De heer Stam: Dank u wel. Ik hoor inderdaad de heer Gündogdu zeggen vooruitkijken, daar ben ik het helemaal mee eens. Maar als je dan kijkt naar de verschillende prijssegmenten is natuurlijk ook in die Woonvisie naar voren gekomen dat de stad dit nodig heeft. Als je dan kijkt naar die betaalbaarheid nogmaals, ik weet niet of u vandaag het journaal of het nieuws heeft gezien, dan is mijn vraag: vindt u dat nou een lokale oplossing of een rijksoplossing? Want het Rijk is voornemens om starters en mensen met een mindere beurs dadelijk een extra subsidie te verlenen om juist wel die woningen te kunnen kopen. Want bouwkosten zijn bouwkosten, dus bent u het dan met mij eens dat dat echt een lokale oplossing moet zijn, of kijkt u dan ook naar het Rijk? De heer Gündogdu: Voorzitter, heel plat gezegd, Op Ons Eiland maakt het niks uit of er nou lokale of landelijke oplossingen komen, als er maar oplossingen komen.
Onze oproep hierbij is om juist te kijken naar de mogelijkheden die binnen onze macht ligt en dat is wat wij vorig jaar of het jaar daarvoor hebben vastgelegd in deze raad, dat we hebben gezegd: we hebben prijssegmenten, wij gaan in die prijssegmenten de opdracht geven aan het college om woningen te bouwen. Maar ja, wederom – en ik blijf dan in herhaling – die woningen dreigen dus voor een groot deel van onze inwoners, waar het toen voor bestemd was, niet meer bereikbaar te zijn, vandaar verwacht ik een reactie van het college, die zegt: we willen graag het gesprek aangaan met deze raad. De voorzitter: Prima, gaat u verder. De heer Gündogdu: Ik ga verder, voorzitter. Ik moet gezien de tijd wat dingen heel snel vertellen. De voorzitter: Zeker, want de tijd gaat nu lopen weer en die staat nu op 2 minuut 26. De heer Gündogdu: Voorzitter, daarnaast, gelukkig in deze begroting zien we een enorme inhaalslag, of althans budgetten voor de minima, maar wij missen middengroepen. Ook modale inkomens hebben problemen. Wat doen wij onder andere voor deze inkomensgroepen, die weliswaar in een probleem zitten, maar niet daarover openlijk durven te praten. Wat zijn de mogelijkheden voor die mensen, is er een luisterend oor, wil het college daar ook in dat kader iets in betekenen? Is een concrete vraag.
Voorzitter, een andere groep Dordtenaren die het enorm zwaar heeft, dat zijn de ondernemers. Ik hoef u natuurlijk niet te vertellen dat het enorm lastig is geweest de afgelopen jaren met de coronapandemie. De Rijksoverheid heeft aangekondigd om met een TEK-regeling te komen,
65
maar die vinden wij te laat. We willen, urgente problemen moeten snel en kordaat opgepakt worden. Daartoe dienen wij ook een voorstel in, samen met de Verenigde Senioren Partij en de Partij van de Arbeid. Ik blijf daar even niet bij stilstaan omwille van mijn tijd. Daarnaast, voorzitter, de sportverenigingen. We hebben hier een college die heel veel wil gaan doen als het gaat om sport. Ambitie alom, tot de beste tien sportsteden van het land behoren, maar de afgelopen jaren hebben heel veel verenigingen helaas weinig daarvan gemerkt. We hebben hier een collegelid, ooit eens een raadslid, die heeft aangegeven: als er geld nodig is voor sport, dan krijgen zij dat ook. Nou, we kijken dan vervolgens naar de vertaalslag in de begroting. Wat zien we? Nou ja, weer een bedrag, nou ja, wat is het? Een klein bedrag waar veel sportverenigingen een beroep op moeten doen. Dat vinden wij te kort en te weinig, vandaar dat we een verzoek indienen bij het college om dat te wijzigen. Voorzitter, als laatste. Wij hebben ook een N3, wat heel veel Dordtenaren behoorlijk wat irritaties oproept als het gaat om de Papendrechtse brug bijvoorbeeld, of de file op de A16-A15. Heel eenvoudig, zorg ervoor dat Dordtenaren die de N3 op willen, die de snelweg op willen, dat ze vooraf, voordat ze afslaan duidelijkheid krijgen dat er een file is en dat ze daar rekening mee kunnen houden.
Ik hoop dat ik wat vragen krijg, zodat ik wat meer tijd kan krijgen. De voorzitter: Nee, dit is het. De heer Gündogdu: Alsjeblieft? De voorzitter: Bent u er al, heeft u alle moties aangekondigd? De heer Gündogdu: Nou … Ja, ja. De voorzitter: Volgens mij is het dan prima. De heer Gündogdu: Laten we het daarbij houden, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dan hebben we de moties M32, 33 en 34. 32 is Op Ons Eiland, VSP, Partij van de Arbeid over de Dordtse ondernemers; een volgende is met de VSP samen over de signaleringsborden N3; en tot slot met VSP en PvdA over de toekomstbestendigheid van de sportaccommodaties. Dan gaan we door naar de SP-fractie, de heer Portier. De heer Groenewege: Voorzitter? De voorzitter: De heer Groenewege. De heer Groenewege: Een kort vraagje. Misschien heb ik het verkeerd begrepen … De voorzitter: Ik versta u niet. Mag ik stilte in de zaal? De heer Groenewege: Misschien heb ik het verkeerd … De voorzitter: Dames en heren, stilte graag. De heer Groenewege heeft een vraag, gaat uw gang. De heer Groenewege: Volgens mij is die motie over sportverenigingen van Op Ons Eiland een amendement.
66
De voorzitter: Ja, dat is zo. Kom even terug, als je wil. Zeer scherp van u, dank u wel. Dat wordt nu rechtgezet, dus dat is niet motie M34, maar dat is amendement A2. Dank. Het woord is aan de heer Portier. De heer Portier: Voorzitter, steeds grotere groepen Dordtenaren ervaren dat het kapitalistische systeem waarin wij leven heeft gefaald. Ik ben oud genoeg om opgegroeid te zijn in een tijd waarin we dachten dat groeiende wetenschappelijke en technische vooruitgang zou leiden tot meer welvaart, kortere arbeidstijden, oplossen van problemen als milieuvervuiling en dat we ook naar een meer vreedzame wereld zouden gaan waarin andere landen ook mee zouden kunnen komen. Maar sinds de zeventiger jaren zijn de verschillen tussen arm en rijk steeds groter geworden en inmiddels hebben we het punt bereikt waarop mensen ook in onze stad niet meer weten: kunnen wij nog wel ons een warm huis veroorloven, kunnen wij nog wel voldoende voedsel veroorloven wat gezond is? Dat is de situatie waarin we op dit moment zitten. We zien ook dat zeg maar een flink deel van onze industrie is afgebroken in enkele tientallen jaren, omdat bedrijven gebruik wilden maken van goedkope arbeid in Azië.
De schijn van welvaart is alleen maar in stand gehouden de afgelopen jaren door een financiële zeepbel die nu aan het leeglopen is en mede daarom een enorme inflatie veroorzaakt, nog verergerd door de economische zelfmoordsancties tegen Rusland. Het is goed daarom dat in de begroting aandacht wordt besteed aan het armoedebeleid en de verruimingen van het minimabeleid wordt voorgenomen, maar wij denken echt dat dat verder moet gaan dan wat op dit moment in de begroting staat en dat zowel de problemen van de minima en de mensen met een uitkering als ook van de mensen met werk en toch een laag inkomen aangepakt moeten worden. In dat kader hebben wij wel wat twijfel over bijvoorbeeld die teruggave van 75 euro voor iedereen. Wij gaan niet zeggen dat die teruggaven niet plaats moeten vinden, maar wij zouden inderdaad liever gezien hebben dat de stijging van de tarieven tegengehouden was, zodat het ook voor komende jaren een effect zou hebben op wat mensen moeten betalen. Daarnaast zien we dat er nog steeds, ook in onze stad, groeperingen zijn die bezittingen hebben, denk aan de grote vastgoedbedrijven, en die hun kapitaal enorm in waarde hebben zien stijgen de afgelopen jaren, waar je best wel wat aan de belastingtarieven zou kunnen doen zodat die een meer evenredige bijdrage leveren aan wat we nodig hebben om onze stad op peil te houden.
Voorzitter, wij vinden het belangrijk dat de lasten van mensen verlaagd worden. De hoogste lasten waar mensen nu vaak mee te maken hebben zijn de kosten van energie. De begroting spreekt over het aanpakken van woningen met een E, F en G-label, maar het kan zeker dat er vele woningen zijn met een D-label – je kan je afvragen hoe die labels tot stand komen – waar enkel glas is, waar de kou uit de vloer optrekt, waar de warmte door het dak verdwijnt. Waar mensen ook met enorme kosten zitten dan wel de verwarming niet meer aan hoeven te doen. Wij vinden dat dat systematisch en in samenwerking met de woningbouwverenigingen aangepakt moet worden en niet huis voor huis op het moment dat er een keer een andere bewoner in komt. Want dit is echt iets waarvan we vinden dat het in enkele jaren dat de woningen niet alleen met E, F en G, maar ook met D-labels uit onze stad verdwenen moeten zijn, bij voorkeur niet door ze af te breken, maar door ze goed te isoleren als dat maar enigszins mogelijk is. De voorzitter: Ik interrumpeer u zelf even. Ik wil de heer Schalken vragen om de vergadering even één minuutje over te nemen, dan ben ik zo weer terug. Maar blijft u daar zitten, zou ik zeggen. Gaat u verder.
67
De heer Portier: Goed, wij vinden ook dat we moeten kijken naar maatregelen om de armoedeval tegen te gaan en daarom hebben wij een motie ingediend dat mensen die onder het minimabeleid vallen en recht hebben op een persoonlijk minimabudget, dat die niet in één keer het hele bedrag kwijtraken als ze net een paar euro te veel verdienen om daarvoor in aanmerking te komen. We zijn wat dat betreft voor een geleidelijke afbouw. Natuurlijk willen we ook graag dat mensen werk hebben, dus daaraan kan zo’n isolatieprogramma bijdragen. Als mensen naar het werk gaan is het ook handig als ze met de bus kunnen gaan. We hebben een voorstel gedaan voor uitbreiding van het gratis busvervoer voor een grotere groep mensen, met weinig geld en ook kinderen tot zestien jaar. Dat is ook goed voor ondernemers die dan meer mensen ontvangen in de stad. Uiteindelijk zijn wij als SP voor gratis openbaar vervoer voor iedereen. Dat is niet wat wij nu voor de gemeentebegroting voorstellen, maar dat is wel iets wat wij als stip op de horizon altijd in het oog houden, dus zullen wij in ieder geval ieder voorstel ondersteunen dat dan een stap in die richting is. De heer Groenewege: Voorzitter? De plaatsvervangend voorzitter: Ja, ik zie alleen niet waar. De heer Groenewege: Hier. De plaatsvervangend voorzitter: De heer Groenewege, gaat uw gang. Sorry hoor, dat ik u niet zie.
De heer Groenewege: Waarom de SP gratis openbaar vervoer wil voor mensen met een laag inkomen snap ik nog, maar waarom wilt u gratis openbaar vervoer voor kinderen onder de zestien jaar? De heer Portier: Dus om het, als je met een gezin met enkele meerdere kinderen zeg maar ergens naartoe wil reizen, dat je gelijk een heleboel geld kwijt bent. Natuurlijk ben ik ervoor dat mensen gestimuleerd worden om de fiets te nemen als ze enigszins kunnen fietsen en ook dat ze met het gezin gaan fietsen. Soms lukt dat niet, soms is het gewoon glad, sneeuwt het, regent het pijpenstelen, of zijn de afstanden daarvoor te groot. Dus om die reden zeggen wij inderdaad gratis openbaar vervoer tot zestien jaar. Dat wil niet zeggen dat als het mogelijk is om met de fiets te gaan dat we mensen niet zouden willen stimuleren om dat te doen. Ik hoop dat dat een antwoord is op uw vraag. De voorzitter: Ik weet niet wie er had geïnterrumpeerd … De plaatsvervangend voorzitter: Gaat u verder. Ja, sorry. De heer Portier: Ik hoorde geen vervolgvraag, dus dan ga ik gelijk inderdaad … De voorzitter: Ik neem het weer van u over. Mijnheer Portier, gaat u verder. De heer Portier: Dus dan neem ik aan dat het inderdaad voldoende beantwoord is. Nu we het ook over jongeren hebben, wij vinden het ook belangrijk even voor een wat oudere groep jongeren vanaf zestien jaar, dat we die in onze stad vasthouden.
Op dit moment geldt de Dordtpas voor mensen met lage inkomens, maar om de een of andere duistere reden worden jongeren die een studiebeurs hebben of die studeren daarvan uitgesloten. Wij
68
begrijpen echt niet waar deze discriminatie op gebaseerd is, vandaar ons voorstel, zal ik maar zeggen, om ook uitwonende jongeren, die hoger onderwijs volgen of mbo volgen, dus maakt eigenlijk niet uit welk onderwijsniveau, om die de Dordtpas te verstrekken. Voor de rest, voorzitter, uiteindelijk is politiek altijd een kwestie van keuzes maken. Waar geef je wel geld aan uit, waar geef je niet geld aan uit? Het is opvallend dat in de begroting weinig gesproken wordt over het allerduurste project wat we op dit moment ondernemen, de bouw van het Huis van Stad en Regio. Wat ons betreft moeten we echt goed nadenken of daar niet versoberingen mogelijk zijn, of misschien dingen wat langzamer gedaan kunnen worden als dat nodig zou zijn om de maatregelen te nemen waardoor onze bevolking het hoofd boven water kan houden. Verder een paar kleine opmerkingen nog over de diverse moties. Sowieso dienen wij ook de motie over lokale voedselketens mede in. Dat was ik misschien nog vergeten te zeggen. We hebben een motie samen met Partij voor de Dieren, DENK en Partij Voor de Vrijheid met ‘Dordtpas ook voor jongeren’, die overhandig ik hierbij. De motie ‘Voorkom armoedeval minima’, ook samen met de Partij voor de Dieren en Partij Voor de Vrijheid.
Een amendement ‘Ook met energielabel D trekt de kou op uit de vloer en vliegt de warmte weg uit het dak’, wederom samen met de Partij voor de Dieren en Partij Voor de Vrijheid. En ons amendement ‘Alternatief voor gratis busvervoer 65+’, dat we alleen indienen. Bij deze, dank u wel. De voorzitter: Heel hartelijk dank en die zijn genummerd M34, M35 en amendement 3 en amendement 4. Dank u wel, mijnheer Portier. Dan gaan we naar de PVV, het woord is aan de heer Van Leeuwen. Nog even voor de volledigheid, het is nu tien voor zes, we hebben nog twee fracties te gaan. Mijn voorstel zou zijn om dat echt even af te ronden, dat we de eerste termijn van de raad hebben gehad. Ik hoop dat we dan rekening houden dat we nog wel met elkaar even goed moeten kunnen eten natuurlijk en overleggen et cetera. Dus snel het woord aan de heer Van Leeuwen, gaat uw gang. De heer Van Leeuwen: Dank u wel, voorzitter. Ik zal niet snel gaan praten. Voorzitter, allereerst dank aan het college en het ambtenarenapparaat voor het opstellen van de Begroting 2023.
Deze begroting is in een hele speciale tijd opgesteld, om een aantal zaken te noemen: er is oorlog in Oost-Europa, er is de hoogste inflatie van de afgelopen zestig jaar, Nederland kampt met de naweeën van de coronamaatregelen, inwoners worden geconfronteerd met bizar hoge energietarieven en veel ondernemers overwegen te gaan stoppen door de hoge energieprijzen. Deze zaken brengen risico’s met zich mee voor de voorliggende begroting, denk alleen al aan de inflatie die mee of tegen kan vallen. Daarnaast is het nog onduidelijk in hoeverre de Rijksoverheid gemeenten gaat ondersteunen. Ook verwachten de inwoners hulp van de gemeente inzake de kosten van energie, en terecht. Ik kom daar zo op terug in mijn woordvoering. Voorzitter, de PVV heeft een gemengd gevoel over deze begroting, we weten ook nog niet of we voor of tegen gaan stemmen. Allereerst is het natuurlijk goed dat Dordrecht een sluitende begroting kan presenteren. Een aantal zaken die in de begroting staan zijn positief te benoemen, bijvoorbeeld de PVV is blij met de uitbreiding van de handhavingscapaciteit. Op die manier kan een betere veiligheid worden bevorderd. Een aandachtspunt is nog wel het Kromhoutgebied, we krijgen signalen dat er nog te veel onrust is in dat gebied en vragen aan de wethouder: hoe kijkt u daar tegenaan? Of aan de portefeuillehouder.
Dan zijn we er ook positief over dat de samenwerking tussen overheid, onderwijs, bedrijfsleven en maatschappelijke partners binnen de Drechtsteden en zuidelijk Zuid-Holland verder groeit. We zijn negatief over de inspanningen van de gemeente om in 2040 al een klimaatneutrale
69
stad te zijn. De PVV is bang dat de hogere kosten in deze periode tot 2040 een negatieve impact zullen hebben op de welvaart en het welzijn van Dordtse inwoners. Daarnaast is nog onduidelijk wat het totale kostenplaatje zal zijn, zoals we eerder gezien hebben. Wij geloven niet zozeer in klimaatdoelstellingen, maar wel willen we inzetten op een schoner milieu. Natuurlijk zijn we voor energiebesparende maatregelen zoals woningisolatie en zonnepanelen. Voor het overige zijn we voor macro-oplossingen zoals kernenergie, thoriumcentrales en waterstofcentrales. Maar die eerste, kernenergie en waterstofcentrales, die komen ook wat meer op bij de andere partijen, dus heel mooi om te zien. Dit zijn oplossingen die op regionaal niveau of nationaal niveau liggen. We zijn tegen overlastgevende warmtepompen en ook de elektrische auto zien we niet zitten. Waar moet je namelijk naartoe uiteindelijk met al die miljarden afgedankte accu’s? Nieuw probleem. En hebben mensen wel eens stilgestaan bij de erbarmelijke condities van de mensen in Afrika die grondstoffen moeten winnen voor de accu’s? Er zijn andere oplossingen. Over een schoner milieu gesproken, het wordt tijd dat chemische bedrijven verdwijnen uit stedelijke gebieden, dus ook uit Dordrecht.
Wat betreft de mensen met problematische schulden in de gemeente, het is goed dat de verschillende instanties financiële problemen vroegtijdig signaleren en met mensen gaan praten. Financiële autonomie van de mensen moet daarbij wel voorop blijven staan. Wat betreft het plan van maatschappelijke diensttijd is de PVV positief. Het is goed als jongeren geprikkeld worden om te investeren in zichzelf en de maatschappij. Overigens is voor een grote groep jongeren dit niet nodig, omdat ze vanuit zichzelf al bezig zijn om hun leven vorm te geven – een bepaalde groep. Nu komen we op een aantal kritiekpunten op de begroting. Mevrouw Koene: Voorzitter? De heer Van Leeuwen: We hebben bij een aantal van die punten een motie gemaakt. Als eerste … De voorzitter: Bij interruptie, mevrouw Koene. Mevrouw Koene: Ik heb even een vraag, het drong even wat later tot me door. Maar over de schulden, ik hoor de heer Van Leeuwen zeggen dat het wel belangrijk is dat mensen wel financiële autonomie moeten houden. Ik snap het, hè, ik bedoel, want ik ben ook erg van dat ik zelf wil bepalen wat ik doe. Maar heel vaak is het zo dat als er sprake is van schulden, dat er dan iets schort aan die financiële autonomie.
Hoe ziet de heer Van Leeuwen dat? De heer Van Leeuwen: Mevrouw Koene, daarom vinden wij het ook erg goed dat er naar die mensen toe wordt gegaan, alleen je kan dan binnenkomen in dat huis met: wij gaan het even voor je oplossen. Daar zijn we dus geen voorstander van. Maar je kan ook binnenkomen met: we gaan een goed advies geven aan u en dit gezin. Dat verstaan wij dus onder andere onder financiële autonomie, dat iemand zelf een keuze heeft om een bepaald advies wel of niet op te volgen. Natuurlijk kan het best zijn dat er een lichte druk wordt uitgeoefend, maar in principe ligt de keuze wel bij de cliënt en natuurlijk ook de gevolgen van die keuze bij de cliënt, dat is logisch. De voorzitter: Gaat u verder. De heer Van Leeuwen: Oké, even kijken. Als eerste noem ik de woningbouw – ik ga door met mijn betoog. Het vorige college begon met enorme ambities op dit punt. De plannen voor
70
sociale woningbouw waren in die plannen al ver onder de maat vanaf het begin en het huidige college wil een armzalig aantal van 450 woningen toevoegen aan de sociale woningvoorraad. Voor de duidelijkheid, de PVV wil voor iedereen bouwen, dus rijk en arm, maar het valt ons wel op. Daarmee is er vanaf 2016 nog steeds meer gesloopt dan gebouwd. Ronduit schandalig in deze stad met grote wachtlijsten. Helaas is er dus in vergelijking met de plannen veel te weinig gebouwd. Het is de PVV onduidelijk hoe dat komt, daarom komen wij met een motie om het college in beeld te laten brengen waar eventuele ambtelijke knelpunten zitten inzake capaciteit en deskundigheid op het gebied van woningbouw, teneinde de bouw van nieuwe woningen te versnellen. Onze volgende motie gaat over mensen die afhankelijk zijn van de Drechthopper. In juni of juli jongstleden kwam het bestuur van de Drechthopper met het bericht dat er sprake is van een groot ziekteverzuim, er is ook een personeelstekort en dat betekent dus wel dat mensen heel erg lang moeten wachten op de Drechthopper, of dat die gewoon niet komt. Deze mensen, dat zijn vaak ouderen of mindervaliden. We vragen daarom het college om haar uiterste best te doen om dit samen met de vervoerder op te lossen. Ik wil ook graag van het college horen wat daarin mogelijk is. Dan hebben wij een motie over de duurzame opvang van asielzoekers.
Het standpunt van onze partij is bekend, we zijn tegen de grootschalige instroom van mensen in ons land. We maken wel een uitzondering voor Oekraïense vluchtelingen die hier tijdelijk welkom zijn. Of en hoeveel asielzoekers we opvangen valt naar ons idee binnen de gemeentelijke autonomie. Het kabinet heeft wel mogelijkheden om opvang met inzet van het ruimtelijke ordeningsinstrumentarium bij gemeenten af te dwingen, maar de PVV vindt dit niet wenselijk en de vraag is of het juridisch houdbaar is. Daarom onze motie met het verzoek aan het college om er alles aan te doen om te voorkomen dat de gemeente mogelijk in de toekomst wordt gepasseerd bij genoemde en andere besluitvorming. Met andere woorden, ik vind dat wij als raad hierover iets te zeggen moeten hebben en niet dat ons iets wordt opgelegd. De voorzitter: Bij interruptie, de heer Safranti. De heer Safranti: Een vraag aan mijnheer Van Leeuwen. Waarom die onderscheid, mijnheer Van Leeuwen? De voorzitter: Wilt u in de microfoon spreken, want we kunnen u niet verstaan. De heer Safranti: O sorry, mijn excuses. Ik ging ervan uit dat het al hoorbaar was. Waarom die onderscheid? Dat wilde ik alleen vragen. De heer Van Leeuwen: Onderscheid tussen? De voorzitter: Ik denk het onderscheid tussen Oekraïners en anderen. Klopt toch? Ja. De heer Van Leeuwen: Nou, laat ik het zo zeggen. Dat is best wel een interessante vraag.
De PVV ziet Oekraïense vluchtelingen als echte vluchtelingen. In die andere groep zitten ook echte vluchtelingen bij, alleen vanwege het grote aantal stellen wij als partij dat die eigenlijk – als je het hebt over asielzoekers dan, niet over statushouders, hè – dat die dan eigenlijk minder welkom zijn, laat ik het zo zeggen. Het gaat om de grote aantallen en onze partij zegt: de vluchtelingen uit Oekraïne zijn echte vluchtelingen. De heer Safranti: Voorzitter?
71
De voorzitter: De heer Safranti. De heer Safranti: Niet om mijnheer Van Leeuwen hierop aan te spreken, maar ik hoorde dat hedenmiddag ook, bijvoorbeeld met het vuurwerk, dan wordt er dus wel de Oekraïners genoemd, maar geen andere vluchtelingen. Dus dat vind ik een beetje jammer dat hij daar een onderscheid in maakt en dat wilde ik gewoon even duidelijk maken dat wij dus juist geen onderscheid daarin maken. De heer Van Leeuwen: Goed, ik ga door met mijn betoog. De heer Burakçin: Voorzitter? De voorzitter: Bij interruptie, de heer Burakçin. De heer Burakçin: Voorzitter, ik had eigenlijk dezelfde vraag. Ik moet eerlijk zeggen, dat antwoord wat de PVV hier zegt, dat is natuurlijk bekend, maar ik vind het eerlijk gezegd ook beschamend wat hij hier ook zegt, dat hij gewoon onderscheid maakt in mensen. Dus dat wil ik in ieder geval sowieso gezegd hebben. Maar mijn vraag gaat met name over, u begon eigenlijk uw betoog over allerlei problemen in de wereld en we zien inderdaad nu dat we dus hobbelen van crisis naar crisis en de vluchtelingencrisis is daar eentje van. Dat is natuurlijk een politieke keuze geweest, het geval waarin we nu zitten. Maar het is natuurlijk nu zo dat de verschillende gemeentes daar de verantwoordelijkheid voor nemen om vluchtelingen op te vangen en heel veel gemeentes niet.
Om daar een fatsoenlijke oplossing voor te vinden en eigenlijk een effectieve oplossing te vinden, dan moet het toch wel goed in de oren klinken dat er bijvoorbeeld eerlijk verdeeld wordt, de vluchtelingen, zodat daar zeg maar minder polarisatie over ontstaat, zodat ook onze gemeente daarvan ontlast wordt. Hoe ziet u dat? De heer Van Leeuwen: Nou kijk, het landelijke PVV-standpunt is bekend, we willen gewoon die hele grote instroom indammen. Dat is één. Nou goed, we zitten niet hier in de landelijke politiek, maar dat is wel het standpunt van mijn partij. Daarnaast is het zo, ik ben een politicus van de gemeente Dordrecht en ik vind dat wij hier als raad de belangrijkste stem moeten houden of moeten krijgen of wij asielzoekers hier gaan opvangen. Of je nou voor of daartegen bent, ik vind niet dat de landelijke overheid dit ons mag opdringen, maar dat wij als raad daarover een besluit kunnen nemen. U zult er dan waarschijnlijk een ander besluit over nemen dan ik, maar buiten dat vind ik niet dat de Rijksoverheid ons dit mag opleggen. De heer Portier: Voorzitter? De heer Burakçin: Voorzitter? De voorzitter: Nee, eerst nog de heer Burakçin. De heer Burakçin: Voorzitter, dat is inderdaad zo. U heeft het ook over democratie. Maar democratie is ook dat de regering ook een mandaat heeft gekregen om dit soort besluiten te kunnen nemen.
Of dat doorkomt, ja ofte nee, maar zij hebben dat mandaat gekregen om dit soort beslissingen te kunnen nemen. Dus dat is ook democratie. Dat is in ieder geval wat ik eventjes mee wil geven. Maar voorzitter, kijk, verschillende partijen hier hebben het gehad over het afnemend vertrouwen in de politiek in het algemeen en de overheid. Zodra dus de
72
overheid, de regering, die probeert nu een oplossing hiervoor te vinden om meer draagvlak te creëren ook bij de gemeentes om mensen op te kunnen vangen. Maar zodra u voortdurend dit soort zaken nu aan het licht brengt, veroorzaakt u wel dusdanige polarisatie waardoor dus het vertrouwen nog meer afneemt in de overheid, in de politiek. Hoe ziet u dat? De heer Van Leeuwen: Ik heb juist heel veel vertrouwen in de lokale democratie en dat is een van de redenen waarom ik dit naar voren breng. Dus ik vind namelijk dat wij lokaal een hele belangrijke stem hierin hebben. U denkt daar waarschijnlijk anders over, maar ik vind op een gegeven moment dat de mensen die hier zitten vind ik voor Dordrecht de belangrijkste mensen op dit punt. De voorzitter: Goed, dank u wel. De heer Portier nog. De heer Portier: Voorzitter, kijk, er zijn dorpen in ons land van een paarhonderd mensen die met enkele duizenden asielzoekers geconfronteerd worden, daar kun je natuurlijk je vraagtekens bij zetten. Maar of u dat fijn vindt of niet, er is een bepaalde stroom asielzoekers naar ons land, of vluchtelingen – het zijn allemaal vluchtelingen, een deel daarvan vraagt asiel aan. Als de Rijksoverheid daar geen verdeelsleutel voor vaststelt, dan kan iedere gemeente zeggen: niet bij ons. Hoe ziet u dat? Want uiteindelijk komt het er dan op neer dat mensen nergens terecht kunnen.
Hoe ziet u dat dan voor zich? De heer Van Leeuwen: Ik vind het heel apart. U beweert dus dat elke gemeente kan zeggen: niet bij ons. Wat dat betreft, en u bent dus ook bang dat heel veel gemeentes dat gaan doen. Het lijkt me toch juist logisch dat op het moment dat je … Laat ik het zo zeggen. Als je vindt dat die mensen welkom zijn in jouw gemeente, dan stel je je gemeente daarvoor open. Er zullen best gemeentes zijn die dat doen, dat moeten ze zelf weten. Alleen, als Dordtse politicus vind ik dat wij als Dordtse raad daarover gaan en niet een aantal mensen in Den Haag. Heel simpel. U kan daar eigenlijk moeilijk op tegen zijn, vind ik zo. De heer Portier: Het lukt mij eigenlijk toch wel. De voorzitter: Tot slot, de heer Portier. De heer Van Leeuwen: Even ter verduidelijking, mijnheer Portier. Dit is niet zozeer een vraag van … Of tenminste, het punt waar het hier om gaat is: wie bepaalt uiteindelijk wat hier in Dordrecht gebeurt? Ik zeg dan: op dit punt vind ik de raad heel erg essentieel in dat hele vraagstuk. U vindt kennelijk, en ook andere mensen vinden kennelijk de Tweede en de Eerste Kamer heel belangrijk. Ik vind dat de lokale democratie hier een hele stevige vinger in de pap moet houden. De heer Portier: Voorzitter, ik vind natuurlijk ook lokale autonomie heel erg belangrijk. Maar ik zou bijna zeggen, we zitten niet op een eiland, maar we zitten wel op een eiland.
Maar uiteindelijk heb je toch ook een regering nodig om een aantal zaken nationaal te regelen die gewoon plaatselijk niet lukken. De heer Van Leeuwen: Nou ja, ik denk dat een deel van het vertrouwen, dat de Dordtse inwoner het vertrouwen een beetje kwijt is geraakt in de lokale democratie is juist dit punt,
73
dat we alles doorschuiven naar boven. Ik denk dat de democratie begint hier bij de basis. Maar goed, zo sta ik ertegenover. Mevrouw Vol-van der Holst: ‘…’ voorzitter. Mag ik … De voorzitter: Beste mensen, het is vijf over zes. Normaal gesproken hadden we al vijf minuten geleden de vergadering geschorst. Als we op dit punt uitgebreid doorgaan, dat kan, maar dan stel ik voor dat we daar om acht uur mee doorgaan. Ik wou eigenlijk de eerste termijn van de raad behandeld hebben voor de dinerschorsing. Mevrouw Vol. Mevrouw Vol-van der Horst: Ik heb een kleine, ja, iets wat ik terecht wil zeggen denk ik. Wij zijn met onze vuurwerkmotie werd gezegd dat we alleen voor Oekraïense slachtoffers spraken, en ik wil even bij mijnheer Safranti doorgeven dat wij niet alleen de Oekraïense bedoelen natuurlijk, maar dat is als voorbeeld gesteld, dus ik vind het vervelend om geassocieerd te worden als iemand die alleen die groep als vluchtelingen … De voorzitter: Die correctie is dan geplaatst en mijnheer Safranti weet het ook, dus … De heer Safranti: Duidelijk. Duidelijk, voorzitter, want ik benoemde het ook alleen omdat ik dat heb gehoord. De voorzitter: Ik snap het. Gaat uw verder, mijnheer Van Leeuwen. De heer Van Leeuwen: Dank u zeer, voorzitter.
Eens even kijken, onze vierde motie verzoekt het college om mantelzorgers een jaarlijks mantelzorgcompliment te geven, zo noemen we dat, te geven van 150 euro. Tot een aantal jaren geleden was dat volgens mij uit mijn hoofd gezegd 200 euro. Ik stel dus voor om nu 150 euro te geven, het is van wezenlijk belang dat deze mensen een financiële beloning krijgen, compliment krijgen, voor de liefdevolle diensten die zij aan onze ouderen en/of mindervalide medemensen verlenen. Dan hebben wij het in een motie, andere motie, over het in stand houden van de betaling met contant geld bij parkeerautomaten. Ouderen, buitenlandse bezoekers en mensen die onder financieel bewind staan worden getroffen door de ban op geld, vandaar deze motie. Dan kom ik bijna aan het einde, hebben we nog een motie over de voedselbanken. Meer mensen worden afhankelijk van de voedselbanken door hogere kosten van levensonderhoud. Een grotere vraag naar voedsel bij de voedselbank en het teruglopend aanbod vanuit de supermarkten zorgt voor problemen. Onze vraag aan het college, opgenomen in deze motie: breng knelpunten in kaart bij de Dordtse voedselbanken en zoek uit hoe wij ondersteuning kunnen bieden. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Keurig binnen de tijd, dank u wel. En dan zes moties als ik het goed heb. Te beginnen bij nummer 36, klopt dat? Dat is de motie Knelpunt woningbouw wegnemen.
Dan de motie samen met de SP, Drechthopper, dat is de volgende. Nummer 37. 38 is met Forum voor Democratie, Strijden voor lokale autonomie. Dan de motie van de PVV over mantelzorgcompliment, nummer 39. Motie 40, met de SP en Forum, Geen ban op contant geld bij parkeerautomaten. En samen met DENK, SP en Op Ons Eiland en Forum, motie M41, Waar mogelijk voedselbanken ondersteunen. Dan kom ik tot slot bij Forum voor Democratie. En ik weet dat daar een aantal amendementen gaat worden ingediend waar ook over al gesproken en van gedachten gewisseld is voor een deel, dus die discussie hoeft zich niet
74
helemaal opnieuw te herhalen maar ik wil u natuurlijk wel de gelegenheid geven uw eigen verhaal te doen. Gaat uw gang. Mevrouw Pichel: Geachte aanwezigen, dank u wel voorzitter. En allereerst dank aan het college en iedereen die een bijdrage heeft geleverd aan het opmaken van deze begroting. Ik zit hier niet, of ik sta hier niet, om de plannen af te kraken, en ik zie ook de bijdrage niet om te zeggen wat ik wel goed vind en wat ik minder goed vind. Zoveel mensen, zoveel meningen. En daarom kijk ik graag naar het grotere plaatje. Het zal u niet verbazen als ik zeg dat Forum voor Democratie anders aankijkt tegen de beleidsplannen van het huidige kabinet of het kartel, zoals de heer Baudet dat zo mooi zou zeggen, en daardoor dus ook anders aankijkt naar de lokale plannen die eruit voortvloeien. Als lokaal raadslid is het mij meer dan duidelijk dat het Dordtse college plannen maakt gericht op het verbeteren van de stad en zoveel mogelijk onderneemt om de zaken te verbeteren voor de Dordtenaren. En we kunnen allemaal wel van mening verschillen over de verschillende keuzes die je dan maakt, en daar mogen we best over van gedachten wisselen. En dat doen we dan ook. Ik haal graag een aantal onderwerpen aan waar we fundamenteel anders tegenaan kijken.
En ik ben hier niet om u van mijn standpunten te overtuigen, ik vertel u graag hoe ik de wereld zie en u mag zelf weten wat u daarmee doet. Groen, duurzaam en ruimtelijk Dordrecht klinkt natuurlijk prachtig. Echter zien we al snel de klimaatagenda er doorheen druipen. Het plan is om Dordrecht versneld een klimaatneutrale stad te maken, en daardoor wordt er nog steviger ingezet op de maatregelen. In een eerdere speech heb ik al benadrukt dat Forum voor Democratie juist voorstander is van het behoud van de planeet, en dat we daar met zorg en liefde mee om dienen te gaan. U zult uw naasten liefhebben als uzelf, betekent niet alleen dat je goed moet zijn voor een ander. Het gaat erom dat u een ander behandelt zoals u ook uzelf behandelt. En we zijn vaak veel te hard en veel te streng voor onszelf. Over onszelf oordelen we het hardst. En daarnaast zorgen we ook vaak slecht voor ons lichaam. We luisteren er niet naar en geven het pas rust als het te laat is. Ons lichaam is een sensorisch orgaan wat ons constant signalen geeft, en wij doen altijd maar alsof er iets mis mee is. Het lichaam is niet mooi genoeg, het lichaam is niet sterk genoeg, het is niet flexibel genoeg, en al deze projecties, verwachtingen en oordelen op onszelf en op ons lichaam is de grootste oorzaak van de separaties en de afwijzingen.
En als je dan bedenkt dat ons lichaam onderdeel van de natuur is, dan is dat precies waar we zo ver van verwijderd zijn. En ergens weten we dat wel, en daarom wordt er zo hard gevochten om de natuur te redden. Maar de natuur heeft geen redding nodig. De natuur laat ons alleen maar zien dat wij niet functioneren als de natuur. Als wij ons lichaam zouden erkennen voor het geschenk dat het is en ons dermate bewust zijn hoe we ons lichaam kunnen eren, dan zijn we één met de natuur. En zoals u uzelf liefhebt, zult u ook uw naasten liefhebben. Je kunt niet van een ander houden als je niet van jezelf houdt, en een beter milieu begint letterlijk bij jezelf. Dus begin bij uzelf. Houd onvoorwaardelijk van uzelf, en heb uw naasten lief als uzelf. En als u uw naasten zou leren en laten zien hoe dat moet, dan kunnen zij keuzes maken vanuit bewustzijn, en niet omdat de overheid zegt dat we dit moeten doen. De klimaatplannen van het kabinet zijn onhaalbaar gebleken, blijven nog steeds onhaalbaar en hebben niks bijgedragen aan het milieu. En de superieure arrogantie dat zij de planeet wel even gaan redden door mensen onder druk te zetten is lachwekkend en volkomen ineffectief. Ik rond het af met het voorbeeld dat de wet een mens niet tegenhoudt om dronken achter het stuur te gaan zitten. Je kunt achteraf hooguit beboeten.
Alleen ons eigen bewustzijn en het erkennen van onze verantwoordelijkheid van de keuze voorkomt dat we onder invloed gaan rijden. Voor Bouwend en Bereikbaar Dordrecht kunnen we lezen dat de woningmarkt
75
gespannen is en daar worden problemen genoemd zoals forse prijsstijgingen, stikstofproblemen en rentestijgingen. En dan zou Forum voor Democratie daar ook nog het asielzoekersbeleid bij noemen, waardoor we moeten dweilen met de kraan open. Dit is allemaal het gevolg van het beleid van het kabinet en de internationale betrekkingen, en het college moet het in onze stad maar voor elkaar zien te krijgen. Voorzitter, ik wens hen veel sterkte en wijsheid. Ik wil niet negatief zijn. Ik heb vertrouwen in het college. Zij hebben mijn stem en mijn steun gekregen aan het begin van deze periode. En vertrouwen is tevens een onderwerp wat wordt genoemd in de begroting. Men wil werken aan het vertrouwen van de burgers omdat de verhouding is verstoord. Het terugwinnen van vertrouwen is echter niet zomaar iets. Als het vertrouwen in de overheid is afgenomen dan is het van belang om niet op dezelfde manier verder te gaan. Als je doet wat je altijd deed, krijg je meer van wat je al hebt. Nog meer armoede, nog meer schaarste, nog meer ellende. Als je zou willen dat er iets verandert, kun je niet streven naar een gedragsverandering. Dan moet je anders zijn. Anders dan wat je altijd hebt gedaan, anders dan hoe je denkt dat het moet. Verandering is de keuze om alles te waarnemen, weten, zijn en ontvangen van waar het werkelijk om gaat op de wereld. En is dat comfortabel? Nee.