2.1 2022-12-20 Notulen Gemeenteraad Dordrecht - concept.pdf
Tekst van het document
83
plaats van geel, doe maar rood en een bel hoeft niet meer. Dat gaat nog wel. Maar op het moment dat je gaat zeggen, die trappers, u mag ook geen trappers erop zetten en er mag geen zadel op komen en een stuur mag ook niet. Dan hou je geen fiets meer over. Dat is even in antwoord op wat de SP ... De beantwoording in technische vraag is gezegd. Het klopt, als er een bouwenvelop en daarna een bestemmingsplan volgt en in het bestemmingsplan zijn er wijzigingen, dan moet de ontwikkelaar, die daar op ingeschreven heeft, daar rekening mee houden. Maar er zitten wel grenzen aan. Die grens zit op het moment dat je zoveel voorwaarden gaat stapelen dat je in die kwaliteiten gewoon onmogelijk het kan realiseren. Ik zie hier nu amendementen liggen die het ontwikkelgebied echt zo klein maken, dat je dwingt om in een hele kleine vlek woningen te gaan bouwen ... De heer Portier: Voorzitter. De heer Burggraaf: Waar je vervolgens wel die openheid moet hebben, waarbij je in een bouwenvelop zegt dat er drie niveaus worden onderscheiden. Wonen aan het getijdenlandschap, op de oever. Wonen in het zoetwatergetijde, drijvend. Wonen boven het zoetwatergetijde, op palen of aan de dijk. De voorzitter: Bij interruptie, de heer Portier. De heer Burggraaf: Als je daar vervolgens allerlei grenzen op gaat zetten, dan begrens je het te ver. De voorzitter: Ik had even een punt gehoord.
De heer Portier, gaat uw gang. De heer Portier: Voorzitter, laat ik om te beginnen constateren dat als ik de oppervlakte van het gebied deel door het aantal woningen, dat er 642 vierkante meter per woning aanwezig is. Daar gaat natuurlijk een deel vanaf voor openbaar terrein. Maar als ik ga kijken naar het voorstel voor het oeverrapport of het wandelpad, op het moment dat je een pad langs de oever hebt, dat vervolgens van de oever afgaat, om een aantal huizen heen gaat en dan weer naar de oever toegaat, dan neemt dat meer ruimte in beslag dan een pad dat min of meer rechtdoor gaat. Hoe neemt het amendement van de SP, zoals wij dat hebben voorgesteld, om zoveel mogelijk langs de oever te blijven gaan met dat pad, hoe neemt dat ruimte weg van de plannen voor woningbouw? De heer Burggraaf: Voorzitter, ik zal zo even ingaan op het pad, want ik heb weldegelijk in de commissie daar ook wel ruimte voor geboden. Maar ik zal zo even aangeven welke ruimte het is. Ik wil hier toch ook wel weer een beeldspraak gebruiken. Als je aan partijen vraagt om iets in een mooie puzzel te gaan leggen en je geeft alleen maar rechte stukjes en er moeten af en toe ook wat krommingen inzitten, dan geef je iemand een onmogelijke puzzel. Dan krijg je geen kwaliteit. Die ruimte die ik ook geboden heb in de commissie, is gezegd, ik hoor heel goed het belang dat u als raad hecht aan een wandelpad.
Het feit dat er een wandelpad is die de oost- en westzijde met elkaar verbindt. Dat die minimaal dezelfde lengte heeft als wat er nu in het gebied zit, zodat iedereen ook van het gebied kan profiteren. Dat er zoveel mogelijk ook het contact met het water gemaakt moet worden, want de Vlij is mooi en het hoeft niet alleen voor bewoners te zijn, maar die moet voor alle Dordtenaren op te beleven zijn. Ik heb gezegd,
84
een amendement waarin je zegt, zorg dat je minimaal dezelfde lengte hebt, dat het oostwest is en dat je hem zoveel als mogelijk probeert, in afweging met die andere belangen, langs de oever te doen. Dat kan ik u toezeggen, dat hoeft u eigenlijk niet eens in een amendement te doen, dat zeg ik u bij deze toe. Is een keiharde toezegging. Daar gaan we op toetsen en daar gaan we op sturen. Maar niet, zoals hier in de amendementen staat, dat het alleen maar op natuurwaarden af getoetst kan worden. Of het amendement, zoals die van Partij voor de Dieren, er ligt, waarbij gewoon een hele strook langs de structuurbepalende oever wordt ingeruimd als zijnde niet te bebouwen. Dan maak je echt het ontwikkelgebied veel te klein. De voorzitter: Ik zag nog een interruptie van de heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Het was al een tijdje terug, voorzitter. Ik wilde de wethouder vragen of hij met mij deelt het gevoel dat het ongemakkelijk is dat eerst een bouwenvelop hebben en een aanbesteding en pas daarna het bestemmingsplan vaststellen. De vraag eigenlijk of dat in de toekomst voorkomen kan worden, want eigenlijk is de raad, als u volgen, niet meer vrij om keuzes te maken in het bestemmingsplan.
Bent u dat met mij eens? De heer Burggraaf: Voorzitter, je kan het ongemakkelijk noemen, je kan het ook lef noemen dat we hier een traject hebben gedaan die inderdaad niet de standaard manier is zoals we gebiedsontwikkeling deden. Zoals de oude manier van het bestemmingsplan. We hebben de vorige raadsperiode gezegd, we gaan een periode in van de Omgevingswet met een Omgevingsvisie, waarin je veel meer met de participatie met de buurt gaat doen. Dat hebben we in de Amsteldijk gedaan, met heel veel participatierondes. Dat hebben we voor dit traject ook gedaan, voor de Vlijweide. We hebben uw raad in 2019 geïnformeerd welk traject we zouden doorlopen en dat we dat vooral met een bestemmingsplan, met verbrede reikwijdte, zouden doen. Waarbij je niet dingen in tekent, maar veel meer ruimte geeft, almaar algemene vlakken geeft, kwaliteitseisen formuleert, zodat je vooral de kracht van de omgeving in de participatie van de ontwikkelaar, met zijn kennis en kunde in ontwikkelen, van de natuurdeskundigen, dat je die de ruimte geeft om in samenspraak met elkaar het beste te ontwikkelen. Wij hebben een heel intensief traject doorlopen. Wat ik vooral ongemakkelijk vind, is dat we al sinds 2019 bezig zijn en dat we nu nog steeds niet een plan hebben waarmee we aan de slag kunnen.
Maar ik ben het ook met u eens dat je wel moet proberen met elkaar die kaderstelling zo dicht mogelijk op elkaar te organiseren. Ik vind wel dit ook een evaluatie waard. Nogmaals, het is een andere manier van werken, maar om nog eens een keer te evalueren van, zou je in dat traject niet ergens nog misschien een formele ophaal met de raad kunnen doen, zodat je daar wat meer richtlijnen ook bij de kaders vanuit de raad hebt. Ik zeg toe dat we dat gaan evalueren. Maar ik prijs me ook gelukkig dat we het aangedurfd hebben om dat experiment, is eigenlijk niet helemaal het goede woord, maar in ieder geval die vrijheid hebben genomen om zo’n traject wel in te gaan. Ik ben er ook vol van overtuigd dat we daarmee de hoogste kwaliteit aan gebiedsontwikkeling hier gaan bereiken. De voorzitter: Dank. Dan zag ik nog de heer Groenewege en dan nog een keer de heer Portier.
85
De heer Groenewege: Dank, voorzitter. Ik ben het totaal oneens met de duiding die de wethouder hier probeert te geven. Want hij probeert de raad voor te houden dat het amendement van de Partij voor de Dieren is dat de oppervlakte voor woningbouw beperkt. Maar zelf heeft de wethouder in het raadsvoorstel, citeer het nog een keer, opgenomen: “Op de verbeelding is de strook langs de Vlij aangeduid als structuurbepalend groen. In de regels is bepaald dat de groenstructuur gehandhaafd dient te blijven. Het gevolg hiervan is dat de oppervlakte van het gebied waarop woningen kunnen worden gebouwd afneemt.” Einde citaat. De wethouder beperkt in het raadsvoorstel de ruimte voor woningen. Dat doet niet het amendement van de Partij voor de Dieren. Het enige wat het amendement van de Partij voor de Dieren doet, is die tekst in raadsvoorstel, waarin staat dat het in de regels geborgd is, daadwerkelijk toepassen in de regels. Daadwerkelijk borgen dat er op die oever niet gebouwd wordt. Dat wat al in het raadsvoorstel staat. Kan de wethouder dat bevestigen? De heer Burggraaf: Mijnheer de voorzitter, ik begrijp de verwarring, maar ik kan het niet bevestigen. Want hetgeen wat u nu aanhaalt. Is de strook langs de Baden-Powelllaan. Dat is nu de verbeelding W in het bestemmingsplan. Dat stuk mag je niet bebouwen, omdat daar geluidsbeperkingen op zitten.
Daarnaast hebben we inderdaad gezegd, er is een hele strook die structuurbepalend is. Dat is langs de oever. Daar moet je zoveel mogelijk gaan zorgen dat die bomen die erin zitten, dat je die behoudt. Dat zal ook in die plannen altijd getoetst worden. Altijd gekeken worden, als u iets daar wil bouwen, één, zorg dat het wandelpad zoveel mogelijk erlangs kan lopen. Twee, zorg dat die structuur in stand blijft en dat je altijd eerst alle alternatieven bekijkt voordat je toekomt op het punt dat je zou overwegen om een boom weg te halen. Dan heb je in die strook weldegelijk ook nog ontwikkelruimte. Wat u doet, is een amendement maken waarmee je die hele strook weg kan strepen en niet meer kan gebruiken om te ontwikkelen. Dan krijg je echt een dusdanig klein ontwikkelgebied dat ik er niet voor insta dat de kwaliteit bereikt kan worden die volgens mij ieder hier voor ogen heeft. De voorzitter: De heer Groenewege. De heer Groenewege: Volgens mij strepen we helemaal niks weg. We behouden juist de groene kwaliteit die er nu is. De volwassen bomen beschermen we. We zorgen dat die behouden blijft in de nieuwe ontwikkeling. Volgens mij klopt het niet wat de wethouder zegt. De wethouder heeft het over de strook wonen uitgesloten. Die staat op de verbeelding van het bestemmingsplan. Maar die staat niet hier in deze tekst. Hier staat in deze tekst, de strook structuurbepalend groen.
Dat is de oever van de Vlij, waar dit amendement over gaat. Ik wil die onbebouwd laten, voor de bewoners van Dordrecht. De heer Burggraaf: Voorzitter, die wens heb ik gehoord. Ik heb ook toegelicht waarom dat er niet in te passen is, met een aantal argumenten. Daar heb ik verder niks aan toe te voegen. De voorzitter: Dan nog een keer de heer Portier. De heer Portier: Voorzitter, de wethouder houdt er heel sterk aan vast dat als er meer dan symbolische wijzigingen komen in het bestemmingsplan ten opzichte van de bouwenvelop dat dat tot problemen zou leiden en dat het gebied enorm in zou krimpen.
86
Ik heb net al aangegeven wat voor oppervlakte er nog voor per woning is in dit gebied. Dat is echt enorm. Daar kun je forse villa’s op bouwen, met een hele flinke tuin eromheen. Dat is echt geen argument om de oevers ook nog op te offeren aan tuinen en nog bouwen. Maar vind het wethouder daadwerkelijk dat alleen maar symbolische wijzigingen in het bestemmingsplan mogelijk zijn ten opzichte van de bouwenvelop? Hoe verhoudt zich dat dan tot de beantwoording van onze technische vragen, waarin staat dat in de aanbesteding gezegd is van, wijzigingen zijn mogelijk in het bestemmingsplan en daar moet rekening mee gehouden worden? De voorzitter: Dank. De wethouder. De heer Burggraaf: Voorzitter, ik ben het niet eens met de kwalificering symbolische wijzigingen, dat heb ik u toegelicht. Ik heb het net uitvoerig uitgelegd, toegelicht, waar het verschil zit tussen een wijziging en een dusdanig fundamentele wijziging dat je de kwaliteit van het plan niet meer kan ontwikkelen, met daaruit ook financiële consequenties mogelijk. Maar met name, dat lijkt me het allerbelangrijkste, dat we niet meer in kunnen staan voor de kwaliteit van de ontwikkeling van dit gebied. De heer Groenewege: Voorzitter, nog een vraag. De voorzitter: Voordat u verdergaat nog een keer de heer Groenewege. Dan wil ik graag dat u uw betoog vervolgt. Mijnheer Groenewege. De heer Groenewege: Ik heb nog een vraag.
Want de wethouder geeft aan dat hij wel de kwaliteit van de oever van de Vlij wil behouden. Hoe wil hij die behouden als hij er woningen laat neerzetten? De heer Burggraaf: De structuurbepalende strook? Dat heb ik u net toegelicht. Door in de volgorde, doordat de structuur in stand moet blijven en in de volgorde dat er nog weldegelijk langs die oever ruimte is om te bouwen, zonder dat je een boom daarvoor hoeft weg te halen. Dat als in die hele puzzel blijkt dat daar toch een dusdanig kwalitatieve ontwikkeling ontstaat op een plek waar dat toch moet gebeuren, dan moeten ze dat dusdanig toelichten dat je dat kan afwegen in alle kwaliteiten van de totale ontwikkeling. Daar zitten we in het college op dezelfde stoel als dat u als raad zit. Maar u zegt, die volwassen bomen daar zijn van grote waarde die willen we in stand houden totdat het moment is dat het eigenlijk een onmogelijke combinatie wordt. Maar dan maak je een weging van andere belangen. We hechten er wel degelijk heel veel waarde aan. Voorzitter, er was nog een vraag van de Fractie van Waardhuizen. Die ging over de scouting. Ik ben in ieder geval tevreden dat we nu in het plan net zo hebben gebracht dat ze ook echt in dezelfde kwalitatieve ontwikkeling in het gebied komen. We willen echt een natuurinclusieve ontwikkeling. Ook de scouting komt er in die mate te zitten.
Dan is er nog de vraag, zou dat overlast voor de omgeving kunnen geven? Gegeven de situering en de aard van de activiteiten, verwacht ik daar geen problemen mee, want aan de andere zijde zit ook een havenstuk, waar ik denk dat aan die zijde toch de meeste activiteiten zullen zitten. Dan heb je de weg ertussen en dan pas de bewoning. Goed, je kan nooit dingen uitsluiten natuurlijk. Maar bewoners weten waar ze gaan wonen. Het is een ruimtelijk opgezet plan, wat toch wel heel wat anders is dan de voetbal, waar u het over heeft, wat een veel dichter gebouwd en dichter op elkaar
87
zittende situatie was. Er was nog een vraag over parkeren, maar die is me even ontschoten, voorzitter. Misschien dat die nu nog herhaald kan worden. De heer Stam: Voorzitter, in de Reeland, Vogelbuurt, Woonbron gaat daar nieuwe appartementen bouwen. Daar is nog een geldende parkeernorm van 1,8, als het goed is, per woning. De parkeerdruk is daar enorm. Is er dan een escapemogelijkheid naar de Vlijweide of wordt die afgesloten? De heer Burggraaf: Daar overvraagt u me, eerlijk gezegd, voorzitter. Ik zou daar geen antwoord op kunnen geven. Maar ik zou eigenlijk anders willen voorstellen dat we hem als technische vraag kwalificeren en dat we daar nog eens even apart een reflectie op geven. Ik zie, voorzitter, volgens mij dat dat voldoende is. Verder heb ik niks, volgens mij, aan vragen meer liggen. De voorzitter: Dank. Dan kijk ik rond of er ... De heer Burggraaf: Excuus, voorzitter, er was ook nog een tweede deel en dat was over het warmtenet. Dat is collega De Jonge. De voorzitter: Wethouder De Jonge, gaat uw gang. Mevrouw De Jonge: Dank u wel, voorzitter. Ik neem inderdaad namens het college de reactie op de amendementen en de motie met betrekking tot het warmtenet voor mij rekening. Dat zal ik doen langs twee lijnen, namelijk de formele lijn en een praktische lijn. Om te beginnen met de formele lijn.
Het amendement heeft inderdaad geleid dat de bouwverordening inmiddels niet meer geldig is. Maar bij het herzien van het bouwbesluit is met overgangsrecht wel bepaald dat wat daarin stond gewoon geldig blijft, ook de aansluitplicht op het warmtenet. Dat is niet het enige waar dit is vastgelegd. Onze gemeente Dordrecht heeft namelijk zowel een Regionale Energiestrategie als een Transitievisie Warmte, waarin twee keer dezelfde voorkeursvolgorde voor het verwarmen van woningen is aangenomen, opgenomen. Dat is namelijk als eerste het gebruiken van alle restwarmte die we hebben in de regio, oftewel warmtenet. Pas daarna komt de optie om te kijken of je warmte die er is kunt opwaarderen, oftewel geothermie en warmtepomp, al dan niet met buitenunit, want daar zijn de technologieën gelukkig al verder. Als laatste krijgen we nog, dat is nog wat verdere toekomst, dat we gebruik kunnen maken van mogelijk warmtestof, waterstof of groen gas. Dat even als eerste over, waar ligt dat vast? Het tweede had de SP ook een vraag over. Sinds wanneer is dan de verplichting om bij HVC aan te sluiten? Dan gaan we terug naar 2012. We hebben in 2012 met HVC een concessie afgesproken, een leveringsgebied vastgesteld, waaronder ook dit project valt, waarin staat dat HVC ... Dat we daar afspraken hebben over het aansluiten op het warmtenet. Dat even aan de kant van de formele lijn.
Daar komt dan ook gelijk op het amendement. Op het moment dat u besluit om in het bestemmingsplan de verplichting te schrappen, vallen we terug op deze beleidsdocumenten. Hebben we nog steeds die verplichting. In die zin hebben we dan ook de motie die ernaast ligt nodig om met HVC het gesprek aan te kunnen gaan. HVC heeft namelijk op basis van de afspraken die we hebben waarschijnlijk van best een juridische casus om te zeggen van, eenzijdig afwijken betekent dat wij verhaal komen doen. Daar moet je in gezamenlijkheid gaan doen. Kom ik op de praktische lijn. Want
88
hier heb ik met HVC ook over gesproken van, hoe zitten jullie dan in zo’n wedstrijd, om het zo maar te zeggen, als het gaat over het aansluiten of kijken naar alternatieven? Hun verhaal, dat heb ik ook in de commissie al aangegeven, is eigenlijk van, we hebben die concessie gedaan. Op basis daarvan hebben wij in het leveringsgebied gekeken, om hoeveel woningen gaat het? Op basis daarvan voorinvesteringen gedaan dan wel nog in de planning. Ook een capaciteit aangelegd om al dat soort woningen aan te kunnen sluiten. Ze zeggen ook, zodra er woningen weg gaan vallen, gaan dat onze totale kostenplaatje beïnvloeden en verleg je eigenlijk de kosten van de woningen die niet meedoen naar de woningen die nog wel mee gaan doen. Zij zeggen ook met klem van, het gaat hier wel om een collectieve warmtevoorziening. In een collectieve warmtevoorziening zit ook een solidariteitsbeginsel. Is namelijk dat je alle kosten met elkaar weet te delen. Doe je aan een project niet mee, dan verschuiven de kosten naar de nog volgende projecten, of de afnemers van de warmte. Dat zijn toch vaak te dichtbebouwde gebieden, waar de mensen zitten met ofwel sociale woningen of de betaalbare woningen. Daar gaven ze ons wel mee van, realiseert u dat heel goed. Kan het dan nooit? Nee, zeggen ze, ook wij zijn uiteindelijk geen winstorganisatie. Ook wij hebben uiteindelijk wel onze aandeelhouders.
Daar zijn wij als Dordrecht er één van. We zijn ook aan hen verplicht om te laten zien dat we natuurlijk geen verlieslatende projecten gaan draaien. Ze zeggen ook van, wij zijn er heel reëel in. Op het moment dat het verlieslatend zou zijn, zouden we altijd al terugkomen. Daar helpt ook die motie bij. Want daar hebben we het ook wel over gehad van, wanneer besluiten jullie dat dan? Wanneer laat je het dan weten? Zei ze, dat is maatwerk. Dat willen we ook graag met de gemeente doen. U noemt het een afwegingskader. Dat kan ik ook wel, denk ik, aan hen uitleggen van, laten we eens goed met elkaar een soort beslisboom hebben van, hoe kom je van een verplichting, die we samen zijn aangegaan, tot het kiezen van, wat is voor dit project, voor deze buurt, voor deze wijk de beste oplossing? Zij ontraden echt gespikkelde aansluiting. Wat ik ook hier hoor van, als de helft wel meedoet en de helft niet, ze zegt, daar kunnen we eigenlijk helemaal niks mee, want dan is de businesscase gewoon weg. Ga daar alsjeblieft niet voor. Met betrekking tot de motie. Ik denk dat het heel mooi is, zoals het geformuleerd is, want dan kunnen we inderdaad ook de integrale afweging doen van een all-electric variant, als tegenhanger van het warmtenet. Is dat dan de meest betaalbare en duurzame oplossing.
Want in die zin wil ik wel de uitspraak die hier werd gedaan over het onduurzaam zijn van het net echt weerleggen, want in Q1 van 2023 is HVC namelijk helemaal gasvrij wat betreft het Dordrechtse warmtenet, want dan zijn ze over op de eboiler en op de warmte die ontstaat uit de slibverbranding. De voorzitter: Bij interruptie, de heer Stam. De heer Stam: Dank u wel, voorzitter. Ik vind het echt een heel mooi verhaal, ook concessies en wanneer wil HVC wel wat weten. Ik denk dat het wat ons betreft nog niet eens zo zeer gaat of het wel of niet warmtenet is, het gaat ook om het kostenplaatje wat eraan vastzit voor de toekomstige bewoners. We zijn bezig geweest als gemeenteraad om een jaar lang vragen te stellen over de financiële handel en wandel van HVC, ook met name over, welke kosten worden er toegerekend aan het warmtenet? Er zit ook nog een gaskoppeling. Ik vind het dan wel bijzonder dat HVC aan de ene kant vragen stelt van, wanneer komen jullie dan met een motie en dat wordt dan onze onderhandeling. Terwijl we al een jaar bezig zijn om meer inzicht te krijgen van HVC. Ik denk wel twee jaar. Dat vind ik wel wat kort door de bocht. Ik vind dan wel, op het moment dat dan HVC
89
een concessie heeft, dat wij daar als mede-eigenaar best wel wat over te zeggen hebben. Dan moeten we maar die discussie op een ander vlak aangaan. Want ik vind, op basis van de concessie en de vraagstukken die al een jaar voorliggen met betrekking tot HVC, het iets te makkelijk gezegd om te zeggen, dan volgen we die concessies maar. Wat vindt u daarvan? Mevrouw De Jonge: Voorzitter, reactie daarop is dat we inderdaad in de hele energietransitie het altijd hebben over de laagst maatschappelijke kosten. In die zin krijgt HVC ook van ons natuurlijk de vraag van, misschien aansluitplichtig, maar hoe legt u het uit dat u de maatschappelijk laagste kosten voor onze inwoners weet te realiseren? Gelukkig komen er ook voor hen subsidies op dit moment beschikbaar, zodat ze kun kapitaallasten kunnen financieren. Maar een terechte vraag die wij steeds moeten stellen, ook aan HVC, van, we hebben met elkaar de aansluitplicht, maar het kan nooit ten koste van alles gaan. Daar moeten we het gesprek over hebben. Daar helpt die motie, denk ik, nog eens extra mee, omdat die ook de nadere kosten en baten, maar niet alleen van de exploitant, maar ook van de inwoner ... Daar willen ze ook echt wel over meepraten. Daar zie ik de bottleneck niet zozeer. De voorzitter: Mijnheer Stam. De heer Stam: Voorzitter, dank voor het antwoord.
Ik snap uw antwoord, maar ik heb continu het gevoel dat we dan een beetje in blessuretijd opereren. Dat we dan eerst dingen gaan doen en dan achteraf wel eens een keer gaan constateren van, wat gaat HVC dan veranderen? Ik zou eigenlijk hier vooraf antwoorden willen van HVC, voordat we een beslissing nemen ook over het warmtenet in de Vlijweide. Mevrouw De Jonge: Voorzitter, ik interpreteer de combinatie van een amendement met motie eigenlijk, volgens mij hoorde ik dat ook de indiener zeggen van, het amendement past het bestemmingsplan aan, maar u krijgt gelijk de opdracht vanuit de motie om met HVC aan tafel te gaan zitten, wat betekent dit nu voor Vlijweide? Wat zijn dan de verschillende scenario’s en wat is de beste uitkomst? Ik combineer die, dat dit ook gelijk voor mij de opdracht is om met HVC over Vlijweide aan tafel te gaan zitten hierover. Dat lijkt me alleen maar goed. De heer Portier: Voorzitter. De voorzitter: Dan is er nog een interruptie van de heer Portier. De heer Portier: Voorzitter, ik begrijp dat er een afspraak met HVC in 2012 gemaakt is, om ook dit gebied aan te sluiten op het warmtenet. Toen waren er nog scholencomplexen et cetera. Was toen al de beslissing genomen om hier duur te gaan bouwen? Want we hebben gezegd, in gebieden met veel grondgebonden woningen met veel oppervlakte, dat daar warmtenet niet de meest optimale oplossing is.
Is dat dan daarin al meegenomen? Mevrouw De Jonge: Kijk, zij hebben een bepaald aantal woningen nodig. De grote objecten nemen ze wel mee, maar we rekenen vanuit het aantal woningen dat aangesloten gaat worden. Zij geven zelf ook aan, hoe verder de bebouwing uit elkaar
90
ligt, hoe inefficiënter het wordt, hoe duurder het ook wordt per aansluiting. Vandaar dat zij ook zeggen van, dat is voor hun onderdeel van die totale businesscase om te kijken of het echt wel betaalbaar is wat we nog kunnen aanbieden. Als dat niet is, dan zeggen ze dat ook gewoon eerlijk van, dan is het alsnog een keus, maar wij begrijpen wel dan dat we in samenspraak daar geen gevolg aan geven. Ik heb ook met hen wel gesproken van, hoe zit dat nu? Want als je inderdaad naar de bouwenvelop kijkt, het moet ‘...’ zijn, het is allemaal circulair. Het is eigenlijk al zo energieneutraal mogelijk. Zij zeggen ook van, dat is precies waar wij met warmtenet heel goed op kunnen aansluiten. Maar het blijft altijd maatwerk bij projecten om te kijken van, hoe komt het uiteindelijk uit voor HVC, of zij zeggen, wij stappen uiteindelijk ook in. De voorzitter: Dank. De heer Gündogdu. De heer Gündogdu: Voorzitter, dank je wel. Een vraagje aan de portefeuillehouder. Ik kan me zo voorstellen dat deze discussie nog meermaals gevoerd gaat worden, omdat we natuurlijk heel veel ontwikkelgebieden hebben, Op Ons Eiland.
Is de wethouder bereid om met HVC dan ook wel, in het gesprek die zij gaat voeren, mogelijk gaat voeren, om überhaupt het standpunt van HVC met betrekking tot toekomstige ontwikkelingen in relatie tot warmtenet mee te nemen en de raad daarover te informeren? Mevrouw De Jonge: Voor mij is dat vanzelfsprekend dat ik uw raad informeer over ontwikkelingen die er zijn. Kijk, dat we met HVC de concessie hebben afgesloten, is dat wij zien dat zij een betrouwbare partner zijn. Dat zijn in dit gebied, dat geldt ook groter voor de Drechtsteden, dat zij voldoende warmte kunnen leveren om ook ons te voorzien van deze duurzame en ook met name op de lange termijn stabiele leveringszekerheid kunnen geven, omdat zij met hun fabriek sowieso hier blijven. Maar dat neemt niet weg dat HVC ook openstaat voor het gesprek om altijd te kijken, dat doen ze ook in de buurgemeenten, van, zijn we nog altijd wel met de slimste dingen bezig? Ook zij willen innoveren, ook zij maken slagen, ze verduurzamen al waar het kan, omdat ze ook wel zien dat wij als gemeente dat vragen. Maar uiteraard, als ik gesprekken met HVC heb, sowieso komen ze graag ook naar de raad toe. Dat hebben ze aan het begin van deze nieuwe periode gedaan, maar als we zeggen, tussendoor doen we het nog een keer, dan komen ze zeker ook weer even bijpraten van, hoe gaat het nu met de ontwikkeling in Dordrecht en in deze regio.
Voorzitter, volgens mij heb ik meegegeven op de amendementen en de moties wat ik mee wilde geven. De voorzitter: Dank. De voorzitter: We hebben daarmee ... De heer Van der Kruijff: Voorzitter. De voorzitter: Toch nog een vraag. De heer Van der Kruijff. De heer Van der Kruijff: Het is me nog niet helemaal duidelijk. Ontraadt u nu het amendement en motie of omarmt u ze? Wat doet u per saldo? De voorzitter: Kunt u dat nog even toelichten?
91
Mevrouw De Jonge: Ja. Kijk, als u alleen het amendement pakt, dan zou ik hem ontraden, omdat we anders terugvallen op andere beleidsstukken waarin toch die verplichting staat. Of je zegt daarin van, volg het beleid wat we hebben. Maar de combinatie met de motie maakt dat we wel veel meer mogelijkheden krijgen voor onze inwoners om naast HVC wel te verkennen van, hebben we nog meerdere opties en kunnen we misschien HVC uitdagen om ook iets te doen? De combinatie maakt het wel weer heel mooi om te zeggen, we maken wel het gesprek met HVC veel rijker dan alleen maar wel of niet aansluiten. De voorzitter: Maar als het amendement wordt aangenomen, weet je nog niet of de motie wordt aangenomen en andersom. Mevrouw De Jonge: Dat is voor een dilemma, maar voor deze raad ook, vrees ik. De voorzitter: Het advies is toch wat troebel, zal ik maar zeggen. Mevrouw De Jonge: Ja, voor de raad wordt dat sowieso. De voorzitter: Dan kijk ik rond of er behoefte is aan een tweede termijn in de raad. De heer Groenewege. De heer Groenewege: Voorzitter, ik weet niet of het weer op volgorde gaat, maar de heer Van der Meer wilde ook. De voorzitter: Ik vroeg of er behoefte is aan een tweede termijn. Als daar het antwoord ja op is, dan ga ik toch even snel alle fracties weer af. Is daar behoefte aan? Het antwoord is ja. Kijk ik even naar de VVD. De heer Noldus. De heer Noldus: Voorzitter, heel kort.
Voor ons is het duidelijk voor de amendementen, uit mijn hoofd A8 en A9, zullen wij na even de toelichting tegen stemmen. De voorzitter: Dank. Dan ga ik naar GroenLinks, de heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ik ben in verwarring. Is dit nou een tweede termijn of ... De voorzitter: Ja, dit is uw tweede termijn. Maak er zinvol gebruik van, zou ik zeggen. De heer Van der Meer: Prima. Wij handhaven onze motie. Ik wilde een alternatieve motie voor die van de SP indienen, waar de voorwaarde van natuur voor eventueel afwijken van dat pad uit is weggeschrapt. Dat betekent dat de betreffende zin alleen wordt, zo dicht mogelijk langs, zoveel mogelijk langs de oever laten lopen van dat pad. Ongeacht wat de redenen zijn om daarvan af te wijken. De voorzitter: Even, welk amendement of motie wilt u nu aanpassen? De heer Van der Meer: Dit is een nieuwe motie. Die is gelijkluidend aan die van de SP, met uitzondering van die conditie.
92
De voorzitter: Een extra motie? De heer Van der Meer: Ja. De voorzitter: Extra motie. De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter. De voorzitter: Maar even voor de duidelijkheid. Nu wordt het verwarrend. De SP heeft een amendement ingediend. De heer Van der Meer: Ja, amendement. Bedoel ik ook. De voorzitter: U dient een extra amendement in, wat bijna hetzelfde is als de SP, maar net anders? De heer Van der Meer: Ja. De voorzitter: Dat kan. Dat is dan amendement A11. De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter. De voorzitter: De heer Schalken. De heer Schalken-den Hartog: Mag ik daar misschien nog even duidelijk over dat verschil, want dat heb ik niet meegekregen. De voorzitter: Als de heer Van der Meer terug is op zijn plek, dan zal hij dat toelichten. De heer Van der Meer, gaat u zitten. Als u nog even kort wilt toelichten ... Even stilte in de zaal graag, anders dan wordt het een hele late kerstborrel. Mijnheer Van der Meer, wilt u kort toelichten waar nou precies het verschil tussen uw amendement en dat van de SP? De heer Van der Meer: Ja. Moet ik even het amendement van de SP erbij pakken. Waar heb ik dat nou weer? Heb jij hem hier? In het amendement van de SP staat deze, dat gaat over het wandelpad zal zoveel mogelijk de oever volgen, tenzij dat strijdig is met de realisatie van natuurwaarden.
Ons amendement nu is gelijkluidend, alleen is die toevoeging na de komma, tenzij dat strijdig met de realisatie van de natuurwaarden, geschrapt. Waardoor er alleen staat, zoveel mogelijk langs de oever. Mevrouw Stolk: Voorzitter. De voorzitter: Mevrouw Stolk. Mevrouw Stolk: Ik sta toch eigenlijk een beetje met verbazing te kijken dat de SP dient een amendement in en u overlegt niet met de SP om eventueel dat amendement aan te passen.
93
De heer Van der Meer: Dat heb ik gedaan. Mevrouw Stolk: Maar dat blijkt niet. De heer Van der Meer: Dat zeg ik er dan nu bij. Mevrouw Stolk: Want dit komt een beetje heel raar over. De SP dient een amendement in en vervolgens komt GroenLinks met een motie om het over te nemen wat de SP nu ... Maar goed, dat is even de samenwerking hoe die in de raad nu is. Dat is helder. De voorzitter: Goed, even ... De heer Schalken-den Hartog: Voorzitter. De voorzitter: De heer Schalken, gaat uw gang. De heer Schalken-den Hartog: Dan vanuit Beter voor Dordt de vraag, GroenLinks is de partij juist die die natuurwaarden zo belangrijk vindt, waarom vindt GroenLinks het dan niet nodig dat dat stukje in het amendement blijft staan? De heer Van der Meer: Door het te schrappen blijven natuurvoorwaarden natuurlijk een voorwaarde. Alleen er kunnen ook andere redenen zijn om van die oever af te wijken. De heer Struijk: Voorzitter. De voorzitter: Voldoende? De heer Struijk: Voorzitter. De voorzitter: De heer Struijk. De heer Struijk: Vraagje aan de heer Van der Meer. Er kunnen ook andere redenen zijn. Bijvoorbeeld woningbouw? De heer Van der Meer: Dat zou theoretisch kunnen, maar als u daar tegen bent, dan kunt u tegen het amendement van de Partij voor de Dieren stemmen. De heer Struijk: Voorzitter, een kleine aanvullende. Dan heb ik een vraag aan de heer Van der Meer.
Wat voegt dit amendement toe aan de harde toezegging van de wethouder dat dat wandelpad er komt? De heer Van der Meer: Het voegt toe dat dat zoveel mogelijk langs de oever gaat. De voorzitter: Mijnheer Van der Meer ... De heer Van der Meer: Als de wethouder dat expliciet toezegt, vind ik het ook prima.
94
De voorzitter: Dit was uw betoog, bijdrage in tweede termijn? Dan gaan we naar Beter voor Dordt, de heer Schalken. De heer Schalken-den Hartog: Nee, voorzitter, dank. De voorzitter: De VSP-fractie, niet meer. ChristenUnie/SGP, de heer Struijk, ook niet meer. CDA-fractie, de heer Van der Kruijff, gaat uw gang. De heer Van der Kruijff: Kort, voorzitter. Wat betreft de amendementen die voorliggen over het wandelpad en de oever, hebben wij, het verhaal van het college gehoord hebbend, niet het idee dat we dat moeten gaan steunen, omdat er voldoende harde toezegging gedaan wordt dat het college zich maximaal zal inspannen en wij ook best begrijpen dat bij inrichting van dit gebied je best tegen zaken aan kunt lopen die flexibiliteit vergen. Dat sla je hier helemaal dicht. Tegelijkertijd houden we het college wel aan de toezegging dat ze zich maximaal zal inspannen, zoals gezegd. Wij denken overigens dat het gewijzigde amendement van GroenLinks, dat is identiek aan wat het college al heeft toegezegd, als ik het goed begrepen heb, maar dat mag de heer Burggraaf straks nog maar eens bevestigen, of niet. Dat lijkt ons dan wat overbodig. Aan de andere kant, als het voorkomt en het wordt omarmd, zoals dat zo mooi heet tegenwoordig, zouden we dat ook kunnen steunen wellicht.
Wat betreft het warmtenet, begrijpen wij dat als we het nu uit het bestemmingsplan zouden agenderen, dat er feitelijk niets verandert, want het blijft gewoon een verplichting om het aan te leggen. Alleen kun je het gesprek met HVC gaan voeren op een iets makkelijkere manier. Dat zal ik straks nog even met mijn fractie overleggen. Daar hebben we de tijd niet voor gehad. Maar mogelijk steunen we het om die reden. De motie willen we in ieder geval steunen, dat het goed is om eens met HVC te gaan praten hoe dit in de toekomst allemaal verder moet. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar de Partij van de Arbeid. Niet meer. Partij voor de Dieren, mijnheer Groenewege. De heer Groenewege: Dank u wel. Er ligt vanavond een heel fundamentele keuze voor. Kiezen we als raad voor een groene Vlijoever voor alle Dordtenaren of kiezen we ervoor om die over te privatiseren, in stukjes te knippen en te verpachten om er wat luxe villa’s te kunnen neerzetten. Kiezen we voor het algemeen belang of kiezen we van het smalle deelbelang van de lucky few. Het college heeft zich vanavond een dienaar van dat hele smalle deelbelang getoond, maar uiteindelijk beslist de raad. Ik wens mijn collegaraadsleden veel wijsheid in die keuze. De voorzitter: Hartelijk dank. Partij DENK, niet meer. Gewoon Dordt, mevrouw Koene, ook niet. Op Ons Eiland, de heer Gündogdu.
De heer Gündogdu: Voorzitter, niet zozeer inhoudelijk, maar een procesvoorstel. Ik kan me voorstellen dat de kijkers thuis allang zijn afgehaakt. Voorzitter, ik doe maar even een voorstel. Ik hoop dat mijn collega-gemeenteraadsleden daarmee willen instemmen. Als we het de volgende keer hebben over een bestemmingsplan, zou ik graag hier een enorm grote kaart willen hebben waarbij we al die varianten die nu besproken worden, niet zozeer alleen voor ons, maar ook voor de kijkers thuis, volgbaar is. Dank u wel.
95
De voorzitter: Misschien is dat dan meer iets voor een technische sessie in plaats van voor de raadsvergadering, zeg ik er dan nog meteen maar even bij. De SP-fractie, de heer Portier. De heer Portier: Voorzitter, ik zal toch een laatste poging doen om het argument te ontkrachten dat er te weinig ruimte overblijft voor kwalitatieve woningbouw als ons amendement wordt aangenomen. Ik zie hier op Funda een prachtige villa in Baarn staan, prijs net geen 1,4 miljoen euro, op een perceel van 382 vierkante meter. Als we 70 van dat soort villaatjes neerzetten op de Vlijweide, dan blijft er nog 60 procent van het plangebied over om iets mee te doen. Het lijkt me dat daar ruimschoots een wandelpad, een natuurlijke oever en ook nog straten en stoepen op aangelegd kunnen worden. Het argument van er is echt te weinig ruimte om mooie woningen neer te zetten, dat gaat gewoon absoluut niet op. Dank je wel. De voorzitter: Hartelijk dank. PVV nog? Niet meer. Forum voor Democratie? Ook niet. De Fractie van Waardhuizen ook niet. Dan kijk ik nog even naar het college. Er is nog een nieuw amendement ingediend, met een klein verschil. De heer Burggraaf: Voorzitter, het amendement, zoals hij nu gewijzigd is, komt overeen met hetgeen ik al hard heb toegezegd, namelijk dat een wandelpad, oost-westverbinding zoveel als mogelijk langs de oever zal lopen. Ik zou zeggen, niet nodig, oordeel raad.
Ik wil toch nog wel daar even op ingaan. Want ik vind echt dat de Partij voor de Dieren een valse tegenstelling neerlegt, als ware het plan alleen maar voor de lucky few en er geen openbaarheid overblijft. Dat heb ik nou juist betoogd dat die kwaliteit van het gebied alleen maar beleefd kan worden doordat er zoveel geïnvesteerd wordt en doordat er heel veel uitgangspunten zitten waarbij die vrije zichtlijn en die vrije toegang tot het gebied allemaal geborgd is. Zoals ik al in mijn pleidooi zei, juist door te veel te stapelen maakt u het voor al die Dordtenaren de kans dat het een veel minder mooi gebied is en doet u de natuur echt geen plezier, want dan kan je er veel minder in investeren. De voorzitter: Goed, volgens mij hebben we dan de beide termijnen van raad en college gehad. Dan gaan we over tot de stemming. De heer Van der Meer: Voorzitter. De voorzitter: Wie roept mij? De heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ik heb kennelijk in de eerste termijn niet helemaal goed geluisterd. De toezegging die de wethouder nu nog een keer herhaald, is voor ons voldoende. Ik trek de laatst ingediende motie weer in. Amendement, sorry. De voorzitter: Kijk, amendement A11 wordt ingetrokken. Dan kunnen we nu gaan stemmen, denk ik. Ga ik naar amendement A8. Amendement van de SP. Zijn er nog stemverklaringen? Dat is niet het geval. Dan kunnen we gaan stemmen op amendement A8.
Amendement van de SP. Voor is plus, tegen is min. Heeft iedereen gestemd? Behalve ... Dan moet het pasje er even uit. Dan moet u toch allemaal nog een keer stemmen. Het amendement is verworpen. 25 stemmen tegen, 13 stemmen voor. Voor waren Beter
96
voor Dordt, DENK, Forum voor Democratie, Op Ons Eiland, Partij van de Arbeid, PVV, SP en 3 van de 4 leden van de VSP en de overige leden waren tegen. Dan gaan we naar amendement A9. Het amendement van de Partij voor de Dieren, SP, Partij van de Arbeid en GroenLinks. Zijn er nog stemverklaringen? Is niet het geval. Gaan we stemmen op amendement A9. Plus is voor en tegen is min. Dat is weer grappig, want de stemmen staken. Betekent dat we het moeten verdagen tot de volgende raadsvergadering, het hele voorstel, zeg ik dan meteen erbij. Ik weet niet of dat tot problemen leidt? Dan is hiermee het agendapunt afgesloten. Dan gaan we dat de volgende raadsvergadering vervolgen. Dat kan niet. Wat gebeurt hier nou weer? Waar is mijnheer In ’t Veld? Mevrouw Stolk: Die is ziek naar huis. De voorzitter: Dan is het niet anders. Het enige, we hebben wel een probleem met de GREX dan, begrijp ik net. Misschien dat de wethouder dat even kan toelichten. Mevrouw De Jonge: Ik heb de eer om dat toe te mogen lichten, krijg ik van mijn collega ... Het is zo, deze GREX loopt al lange tijd. Als je na vijf jaar hem nog steeds niet officieel geopend hebt, dan kunnen er allereerst kosten die gemaakt zijn niet meer binnen de GREX worden opgevangen. Die moeten we dan uit andere potjes gaan dekken, uit de reserves of in de begroting.
Vandaar dat we nu ook dit op de agenda hebben gezet, om het voor het einde van het jaar te besluiten, zodat de GREX netjes voor 1 januari is geopend en alle kosten die al gemaakt zijn binnen de GREX opgevangen kunnen worden. Dat is even de toelichting, voorzitter. De voorzitter: Mijnheer Portier. We hebben gewoon een RvO. We hebben een RvO dat zegt dat we in principe bij staken de stemmen, dan gaan we naar de volgende keer. Maar het heeft wel consequenties, zeg ik erbij. De heer Portier. De heer Portier: Strikt genomen is het vaststellen van de grondexploitatie een ander voorstel dan het bestemmingsplan. Is het echt strikt noodzakelijk om het bestemmingsplan vast te stellen voordat we de GREX vaststellen? De voorzitter: Dat hebben we van tevoren laten uitzoeken. Het antwoord was ja. Maar nu de vraag nog eens een keer wordt gesteld, is het wellicht in deze situatie de moeite waard. Maar daar moeten we echt eventjes wat juristen erbij halen. Ik kan dat zo ook niet beoordelen. De heer Noldus: Voorzitter. De voorzitter: Er is wel gestemd op het amendement. Dat betekent dat het bestemmingsplan vanavond niet gaat worden vastgesteld. Je kunt hooguit nog zeggen, de grondexploitatie wel. Maar de vraag is of dat kan. Dat moet even worden uitgezocht. Ik schors de vergadering even voor een aantal ogenblikken. Schorsing De voorzitter: Gaat u zitten alstublieft, allemaal, op uw eigen plek.
De vergadering is heropend. Even voor de helderheid, zowel in ons eigen Reglement van Orde, maar ook in
97
de Gemeentewet, staat een bepaling opgenomen, artikel 32, lid 4, waarin staat dat als de stemmen staken het stemmen over het voorstel wordt doorgeschoven naar de volgende vergadering. Dat betekent dat we de amendementen en het voorstel 23, namelijk het bestemmingsplan, niet deze vergadering meer kunnen behandelen, en de motie. Want die motie vloeit ook voort uit het bestemmingsplan. Wat wel kan, dat is net even juridisch nagegaan, is niet heel gebruikelijk, maar het kan wel, is dat we de grondexploitatie nu vaststellen. Dan is volgens mij ook de problematiek, waar de wethouder net op duidde, in elk geval uit de wereld. Dat betekent dat we de volgende vergadering de stemming hervatten over het bestemmingsplan, de amendementen en de motie, maar dat we nu wel kunnen stemmen over de grondexploitatie Vlijweide. Ik kijk even rond of er nog stemverklaringen zijn ten aanzien van die grondexploitatie. Agendapunt 24. Dat is niet het geval. Dan wil ik die graag in stemming geven. Of zijn er raadsleden tegen de grondexploitatie, laat ik het zo vragen? Ja. Dan wil ik hem in stemming kunnen geven. Dan is hij nu opengesteld. Kunt u voor stemmen als u wilt door op plus te drukken, of tegen door op min te drukken. Die is aangenomen. 35 voor, 3 tegen. Tegen Partij voor de Dieren en de SP en de overige leden voor. Agendapunt 24 is daarmee vastgesteld. 23 komt de volgende raadsvergadering terug.
24.Vaststellen grondexploitatie Vlijweide – Raadsvoorstel Samen behandeld met agendapunt 23. 25.Sociaal domein: Maatwerk huisvesting – Raadsvoorstel De voorzitter: Dan gaan we nu door met agendapunt 25, het sociaal domein, maatwerk huisvesting. Dit voorstel is op 27 september beeldvormend besproken in de commissie. Twee keer oordeelsvormend besproken, te weten op 15 november en 13 december. Op 13 december heeft een aantal partijen amendementen aangekondigd en heeft de commissie besloten alleen daar nog over te spreken. Drie amendementen aangekondigd. Eentje van de SP, eentje van Op Ons Eiland en eentje van GroenLinks, ChristenUnie/SGP en Partij voor de Dieren. De heer Gündogdu: De voorzitter: Klopt dit, de heer Gündogdu? De heer Gündogdu: Nee, dat klopt niet. De voorzitter: Dat klopt niet. Gaat uw gang. De heer Gündogdu: Na uitvoerig beraad met mijn fractie gaan wij geen amendement indienen. De voorzitter: Mijn pen houdt er spontaan mee op. Maar dan hebben we er nog twee over van de SP en van GroenLinks en de andere partijen. Klopt dat wel? Ja. Dan wil ik graag de heer Portier gelegenheid geven zijn amendement in te dienen. De heer Portier: Voorzitter, ik kan er heel kort over zijn. Als raad gaan wij mogelijkerwijze, dat moeten we nog beslissen, 3 miljoen ter beschikking stellen voor de
98
aankoop van een aantal woningen. Wij vinden dat die woningen dan niet in handen moeten komen van een private partij, omdat die eigendom moeten blijven van de gemeente en dat alleen het beheer overgedragen moet worden aan een organisatie die daar het meest geschikt voor is. Dan kun je denken inderdaad aan een woningcorporatie of aan een zorginstelling. Maar wat ons betreft, op het moment dat die woningen ooit een andere bestemming krijgen, of dat zaken op een andere manier opgelost worden, dan vinden wij dat die woningen gewoon weer verkocht moeten worden, waarbij de winst ten goede komt weer aan de gemeente en niet aan een private partij. Vandaar dat wij een amendement indienen. De voorzitter: Hartelijk dank. Dat is dan amendement A11, 12 inmiddels, want 11 is ingetrokken. A12. Dan ga ik naar, even kijken, wat had ik nou gezegd, GroenLinks. Gaat uw gang, mevrouw Van Engelen. Mevrouw Van Engelen: Dank u wel, voorzitter. We hebben de afspraak met elkaar dat we gezinnen met kinderen niet op straat laten staan en dat we zorgen voor onze inwoners. Als we dat doen, dan moeten we dat ook goed doen. Het is een creatief voorstel wat de wethouder ons heeft voorgelegd. Wij vinden het ook goed om buiten de kaders te denken. Zoals uit de commissievergaderingen bleek, is het juist daarom zo nodig dat er een plan van aanpak is.
Dit amendement, wat wij samen met de Partij voor de Dieren, ChristenUnie/SGP en Forum voor Democratie indienen, vraagt om een plan van aanpak ter onderbouwing bij het raadsvoorstel, zodat de raad de voordelen en risico’s goed tegen elkaar kan afwegen voordat we de wethouder het totaalbedrag van 3 miljoen meegeven om het plan uit te voeren. Ik heb het amendement al bij de griffie neergelegd. Die is bij deze ingediend. De voorzitter: Klopt. Dat heet amendement A13. Die wordt nu ook in het systeem gezet. Dan geef ik ze graag in bespreking. Dan begin bij de VVD-fractie. Wie wil het woord voeren? De heer Noldus. De heer Noldus: Voorzitter, dank u wel. Voor ons ligt een opvallend voorstel. Het is ongetwijfeld vanuit de beste intenties ook gemaakt, maar dat gaat voor de Dordtse VVD wel een principiële grens over, zonder, wat ons betreft, een goed plan of eigenlijk duidelijk kader. In die zin snappen we ook eigenlijk direct het amendement van GroenLinks niet helemaal, omdat daar het doel toch ook vast wordt gezet, terwijl eigenlijk ook geconstateerd wordt dat de onderbouwing daarin nog onvoldoende is, namelijk het doel het opkopen van die woningen. Wij vinden het geen rol van de overheid om starterswoningen voor de neus van Dordtenaren weg te kopen.
We vinden het ook niet uit te leggen voor iedereen dat de opkoopbescherming afgelopen jaar is ingevoerd, maar daar we zelf wel de pareltjes uit de markt gaan vissen. We vinden het niet per se de oplossing voor het geschetste probleem. De doelgroepen zijn onvoldoende duidelijk en de gestelde vragen zijn onvoldoende duidelijk beantwoord. Er is op dit moment een oplossing voorhanden door middel van hotelovernachtingen voor de gezinnen. Die staan inderdaad niet op straat, zoals GroenLinks beweert. In de beantwoording van de beschreven persona’s die dit voorstel zijn meegestuurd, wordt ook duidelijk dat het hier veelal gaat over gezinnen zonder Dordtse binding of zelfs zonder regiobinding. Dit betekent dat we woningen voor Dordtse starters wegkopen voor mensen zonder directe regiobinding. Op de vraag die we gesteld hebben over hoe hier
99
de samenwerking en de verdelingen zijn met de regio kwam het antwoord dat het eigenlijk niet echt een samenwerking is en dat we dit als Dordt naar ons toe lijken te trekken vanuit deze regiofunctie. Verder verwachten we binnen no time een uitbreiding van doelgroepen, als we hier eenmaal mee gestart zijn. Als we deze grens overgaan van 0 naar 10 woningen, is de grens van 10 naar 20 en van 20 naar 30 immers niet zo heel groot meer. Is dit nou echt iets wat we moeten willen als lokale overheid? Dan als laatste, voorzitter, het gaat over iets heel praktisch, waar ook veel partijen in de commissie bij stil hebben gestaan, het onderhouden en optreden als huisbaas is voor de verhuurders echt geen taak van de gemeente. Er is onvoldoende duidelijk wie dit gaat doen, maar voor ons is het leidend dat als er iets gedaan moet worden dit in combinatie met de private partij gedaan dient te worden. Dit zijn toch de partijen die hiervoor opgelijnd staan. Het amendement van de SP zullen we dan ook niet steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank. Ik wil iedereen wel echt oproepen om zich zoveel mogelijk te beperken tot de woordvoering over de amendementen, zo noem ik het maar even. De heer Portier: Voorzitter. De voorzitter: Een vraag van de heer Portier. De heer Portier: De heer Noldus zei van, de gemeente moet niet als huisbaas op gaan treden.
De huisbaas is degene die het onderhoud in de gaten houdt, kijkt of de huur wel binnenkomt, et cetera. Dat is wat ons betreft ook een taak per se die de gemeente op zich moet nemen. Dat kan inderdaad een zorginstelling zijn of een corporatie. Heeft u ons amendement, wat dat betreft, goed gelezen? De heer Noldus: Voorzitter, het amendement van de SP gaat inderdaad iets verder dan alleen het huisbaas zijn. Wat wij ook missen in het voorstel, is ook het stuk rondom de corporaties. Zien we daarin onvoldoende terug, die rol daarin. Maar het amendement van de SP gaat wel echt veel verder. Voor de taak die we als gemeente willen hebben, we geloven juist, als je iets doet, dan hoort dit bij een private partij te liggen. We gaan dit echt niet als gemeente moeten rooien om deze woningen uit de markt te onttrekken. De heer Portier: Voorzitter. De voorzitter: De heer Portier. De heer Portier: We gaan ook nog kijken naar het andere amendement. Het enige wat ons amendement beoogt, is dat als de gemeente dit gaat doen, dat als de gemeente hier geld voor beschikbaar gaat stellen, dat het dan ook eigendom van de gemeente moet worden. Ziet u dat anders? Vindt u het aanvaardbaar dat ... U bent ertegen om het geld uit te geven.
Maar als het geld uitgegeven wordt, vindt u het dan aanvaardbaar dat de woningen met gemeentegeld in private handen komen? De heer Noldus: Voorzitter, wij zijn echt niet voor dit voorstel. Als er iets komt, vinden we dat dat meer in combinatie met een privaat-publieke samenwerking moet komen dan zonder. Ik zou de vraag ook om willen draaien. Als het amendement van de SP niet wordt aangenomen, bent u dan ook bereid dit voorstel te verwerpen?
100