RIB 27 - BIJLAGE 1 ROA-Hart-van-Brabant-versie-1 0---02-december-2021
Tekst van het document
Deelagenda’s
Met de ordening van hoofdopgaves naar schaalniveaus sluiten we aan bij de provincie en haar verschillende deelagenda’s, en bij de regionale mobiliteitsagenda en het regionaal mobiliteitsprogramma waar ook met deelagenda’s wordt gewerkt. Wat ons te doen staat op deze verschillende niveaus bestaat namelijk uit verschillende soorten acties: het is soms samen investeren/uitvoeren, soms onderzoeken en innoveren, soms lobbyen en het gaat soms over het organiseren van (nieuwe) samenwerkingsverbanden, zoals de SRBT. Bij het werken met de ROA maken we concreet welke acties voor welke hoofdopgaven op welke deelagenda komen te staan. De ROA voedt daarmee de RIA, maar geeft op deze manier ook input aan de landsdelige omgevingsagenda, de provinciale verstedelijkingsstrategie en het verstedelijkingsakoord (zie afbeelding 5-1). Ook kan de ROA een onderzoeksvraag in een integrale gebiedsopgave neerleggen.
24
Hoe de deelagenda’s van de ROA sturend werken hebben we al in afbeelding 1-1 weergegeven. Met onderstaande uitsnede (afbeelding 5-2) laten we dat nog eens zien.
Afbeelding 5-2: uitsnede van de ROA en RIA als gezamenlijke sturingsinstrumenten richting uitvoering
25
6
Uitvoering/Afspraken
4. De in kaart gebrachte relaties en afhankelijkheden integreren we in een gebiedsgerichte aanpak waarbij we op zoek gaan naar slimme combinaties en meekoppelkansen; we zoeken daarbij ook naar het vergroten van de uitvoeringskracht door samenwerking over de regiogrenzen heen (bijv. in SRBT- en VGNP-verband).
6.2
De regio wil de ROA gebruiken om meer uitvoeringskracht te ontwikkelen binnen de regio, en in samenwerking met elkaar en met andere overheden, en wellicht later ook private partijen. Het vergroten van de uitvoeringskracht is nodig om de urgente opgaven in de fysieke leefomgeving voortvarend en in samenhang aan te pakken. Deze agenda geeft daar richting aan via een aantal afspraken. Dit hoofdstuk zal gaan over de bestuurlijke samenwerkingsafspraken en werkwijze om tot deze uitvoeringskracht te komen.
6.1
Samenwerkingsafspraken 1. De ROA is een instrument in ontwikkeling. We gaan komend jaar met deze 1.0 versie werken, evalueren de ervaringen en gebruiken de ‘lessons learned’ in de volgende versie. We denken aan een eerste evaluatie op de Bestuurlijke ontwikkeldag van december 2023 en eventueel een actualisatie voor de zomer van 2024. 2. Via de ROA werken we toe naar integrale gebiedsontwikkelingen. We maken daarom zowel thematische als gebiedsgerichte inventarisaties van onze ambities, hoofdopgaven en projecten, en brengen relaties en afhankelijkheden in beeld. 3. In regio-overleggen (Poho’s, HvB-dagen, BOD’s) zorgen we voor afstemming en uitwisseling binnen de hoofdopgaven en tussen de hoofdopgaven.
Werkwijze / uitvoering van de afspraken
Bij de vier samenwerkingsafspraken hoort ook een bepaalde werkwijze of middel die de samenwerkingsafspraken daadwerkelijk tot uitvoering laten komen. Die wordt hieronder uiteengezet. 1. Instrumenten in ontwikkeling We beseffen in de regio Hart van Brabant dat de ROA en RIA nieuwe instrumenten zijn en als combinatie alleen in Brabant voorkomen. We verrichten planologisch pionierswerk! Het zijn instrumenten in ontwikkeling (en dat blijft nog even zo). Het is vooral belangrijk dat we met elkaar blijven klankborden zowel op proces als op inhoud. Daarom spreken we nu met elkaar af samen te gaan werken op basis van de huidige ROA 1.0 en dat we over een tijdje samen besluiten er met de opgedane ervaring een ROA 2.0 van te maken. 2. Thematische en gebiedsgerichte inventarisatie De ‘ruimtepuzzel’ wordt steeds lastiger: we hebben in de regio veel ambities, hoofdopgaven en projecten. Een collectief beeld hierover vormen en samen optrekken is een must om effectief te kunnen samenwerken. ‘Als we de samenhang beter gaan zien, kunnen we gerichter investeren’, werd tijdens het bestuurlijk werkatelier van 18 november 2021 gezegd. Tijdens die bijeenkomst werd ook de bestuurlijke behoefte uitgesproken om te kunnen beschikken over thematische en gebiedsgerichte kaarten. We willen de eerste helft van 2022 daarom benutten om een aantal kaartbeelden gaan maken voor specifieke thema’s in lijn met de
26
hoofdopgaven uit deze ROA 1.0. Bij de opgave duurzame verstedelijking denken we bijvoorbeeld aan thematische kaarten zoals: Kaartlaag 1: Woningbouwprogramma o Op deze kaart gaat het niet alleen om locaties en aantallen, maar ook om beoogde doelgroepen/typen woningen en de ontwikkelopgaven( bijv. transformatie bedrijventerrein, uitlegbied of ‘kans transformatie voormalig militair oefenterrein’) • Kaartlaag 2: Werklocaties/bedrijventerrein(afspraken) o Ook hier gaat het om meer specifieke informatie, zoals revitalisering, inbreiding/uitbreiding, type bedrijvigheid • Kaartlaag 3: Recreatie en Leisure o Deze kaart richti zich op leisuregebieden en maakt duidelijk om welk type leisure het gaat en op welke doelgroep wordt gemikt In afstemming met de regionale mobiliteitsagenda (RMA) ligt ook voor de hand een • Kaartlaag 4: Mobiliteit o Op deze kaart zouden de verschillende typen gebieden die in de RMA zijn benoemd kunnen worden gevisualiseerd •
Daarnaast onderzoeken we met behulp van kaarten en visualisatie naar inzicht in projecten die van elkaar afhankelijk zijn of elkaar beïnvloeden. Dit speelt bijvoorbeeld in de spoorzones. Ook de klimaatonderlegger en REKS-kaarten worden in deze methodiek meegenomen. De thematische kaarten geven inzicht in de programmatische vragen en kunnen worden gebruikt voor afstemming, uitwisseling en een eerste, beleidsmatige prioritering 5.
Door deze thematische kaartlagen over elkaar heen te legen, en er op basis van die kaarten en kaartlagen dwarsverbanden zichtbaar worden, krijgen we de bouwstenen voor de integratie in handen die we in gebiedsopgaven verder uitwerken. 3. Afstemming en uitwisseling Naast de Poho’s, HvB-dagen en BOD’s kunnen we nog een middel inzetten: tussentijds bestuurlijke werksessies (zoals het werkatelier van 18 november 2021). Binnen deze werksessies, die ambtelijk goed worden voorbereid rondom een thema of gebied, behandelen we met elkaar de kaartlagen, inventariseren we dwarsverbanden (kansen en knelpunten), koppelen we projecten aan elkaar (1 + 1 = 3) en komen we tot een set aan nieuwe afspraken hoe we verder gaan met gebiedsgerichte of thematische uitwerking. Tijdens deze werksessies passen we de systematiek van ontwikkelprincipes die in hoofdstuk 4 zijn genoemd toe. Mocht in de voorbereiding van zo’n werksessie naar boven komen dat verbinding of samenwerking met andere regio’s binnen Landsdeel Zuid nodig is, signaleren we dit tijdig en bespreken we met elkaar de mogelijkheden om ook de betreffende gemeenten uit een andere regio uit te nodigen. 4.
Gebiedsgerichte aanpak en slimme combinaties Door verdergaand en meer integrerend gebiedsgericht te werk te (blijven) gaan (zoals we al doen in de lopende integrale gebiedsopgaven) bepalen we steeds duidelijker waar de focus in de regio op ligt én versterken we de uitvoeringskracht. Met dit duidelijke beeld, dat soms in de vorm van een concreet bod zal zijn, kunnen we het gesprek met andere overheden beter en gerichter voeren. Wij weten als regio Hart van Brabant waar we voor staan en voor willen gaan! En dat brengen we woordelijk én visueel op de (onderhandelings-)tafel bij de andere overheden en/of samenwerkingspartners.
5
‘eerste’ omdat er later vanuit samenhang en investeringen in RIA-verband ook nog naar de prioritering wordt gekeken.
27
28
Bijlage: De achtergronden van ROA en RIA ROA en RIA – ‘Working together’ In Noord-Brabant wordt gewerkt met Regionale OmgevingsAgenda’s (ROA) en Regionale InvesteringsAgenda’s (RIA). Dit zijn beide nieuwe beleidsinstrumenten. In dit achtergronddocument leggen we uit waar deze agenda’s vandaan komen, waarom het twee aparte agenda’s zijn en wat de overeenkomsten en verschillen zijn. Het beginpunt van de ROA: de Omgevingswet en Nationale Omgevingsvisie (NOVI) Met de introductie van de Omgevingswet en de NOVI heeft het Rijk duidelijk gemaakt dat zij het beheer en de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving anders wil aanpakken: integraal, gebiedsgericht en als één overheid. Met deze nieuwe aanpak wordt geoefend door landsdelige omgevingsagenda’s op te stellen. Deze landsdelige omgevingsagenda’s sluiten aan op de indeling die ik het kader van het MIRT wordt gehanteerd. Noord-Brabant valt daarbij, samen met Limburg, onder landsdeel Zuid. De Provincie Noord-Brabant heeft in het verlengde van deze ontwikkeling in de Omgevingsverordening bepaalt dat ook elke Brabantse regio minimaal eens per vier jaar een regionale omgevingsagenda (ROA) moet maken. In de ROA staan: 1. De gezamenlijke ambities en hoofdopgaven voor de regio binnen het fysieke domein; 2. De inbreng van de regio voor de landsdelige en nationale omgevingsagenda; 3.
Het schaalniveau waarop ambities en hoofdopgaven worden uitgewerkt. De ROA is vervolgend leidend voor de verdere uitwerking en bespreking van de opgaven en vormt de basis voor het halfjaarlijkse bestuurlijke ontwikkeldag.
De regio Hart van Brabant heeft de ROA aangegrepen om focus aan te brengen in de veelheid aan ambities, de uitvoeringskracht te vergroten en de gezamenlijke, integrale aanpak van ruimtelijke opgaven te verstevigen. De ROA Hart van Brabant is een gezamenlijk product van de negen regiogemeenten, beide waterschappen en de provincie. Het beginpunt van de RIA: de NOVI alliantie De NOVI-Alliantie - bestaande uit een aantal gemeenten, maatschappelijke organisaties en markpartijen – is in 2019 opgericht vanuit de gezamenlijke ‘wens’ om de urgente, ruimtelijke opgaven op verantwoorde manier tot uitvoering te brengen. Opgaven zoals het bouwen van ongeveer 1 miljoen nieuwe woningen, ruimte voor opwekking van duurzame energie, aanpassing aan een veranderend klimaat, ontwikkeling van een circulaire economie en omschakeling naar kringlooplandbouw. De NOVI-alliantie pleit voor een nieuwe ruimtelijke sturingspolitiek met regionale investeringsagenda’s als belangrijk instrument. Via de RIA wil de NOVI-alliantie komen tot concrete uitvoeringsplannen op regionaal niveau. In Brabant hebben onder andere Breda, Eindhoven en Tilburg zich aangesloten bij de NOVI-alliantie. In 2020 hebben Breda en Tilburg elkaar opgezocht om te onderzoeken of ze gezamenlijk als Stedelijke Regio Breda-Tilburg (SRBT) kunnen optrekken richting Rijk. Beoogd wordt samen met het Rijk een verstedelijkingsakkoord te sluiten.
Ter voorbereiding op dit akkoord zijn de regio’s Breda (10 gemeenten) en Hart van Brabant (9 gemeenten) gestart met het opstellen van een RIA. Een belangrijke drijfveer voor de RIA is het bij elkaar brengen van investeringen in verschillende opgaven, zoals woningbouw, duurzame werklocaties, mobiliteit, energietransitie, klimaatadaptatie en ruimtelijke kwaliteit, én het bij elkaar brengen van partijen die de uitvoering ter hand willen nemen. RIA heeft plaats gekregen in de uitvoeringsagenda van de NOVI Voor de vaststelling van de NOVI is door de NOVI-alliantie aan de minister van BZK voorgesteld de RIA overdeel te maken van het NOVIinstrumentarium. Bij de behandeling van de NOVI in de Tweede Kamer in een motie aangenomen die ervoor zorgt dat de RIA een centrale plaats 29
krijgt in de uitvoeringsagenda van de NOVI. In de motie is de regering verzocht een RIA als voorwaarde te stellen in de voorlopige NOVIgebieden, en omgekeerd dat opgestelde RIA’s kunnen leiden tot toekenning van een nieuw NOVI-gebied in de komende jaren. ROA en RIA versterken elkaar Beide agenda’s zijn dus los van elkaar ontstaan, maar komen op hetzelfde schaalniveau bij elkaar. In de regio Hart van Brabant is gelijktijdig aan beide instrumenten gewerkt en zijn beide agenda’s op elkaar afgestemd. Beide agenda’s hanteren hetzelfde vertrekpunt, te weten het ‘DNA van de regio’ en het Brabants mozaïeklandschap als belangrijke omgevingswaarden die hun oorsprong vinden in de gelaagde opbouw (lagenbenadering). Ook de overkoepelende ambitie, het verhogen van brede welvaart in de regio, en de gebiedsgerichte, integrale aanpak zijn identiek.
De ROA is te zien als een schakelkast tussen verschillende beleidsterreinen en verschillende overheden. De agenda zorgt voor afstemming over de gezamenlijke ambities en hoofdopgaven en de prioriteiten daarin voor de lopende bestuursperiode. Hierdoor kunnen de verschillende overheidslagen de krachten beter bundelen en werken als
één overheid. De ROA richt zich zowel op de lange als op de korte termijn. De opgaven in de fysieke leefomgeving vragen om een lange termijn perspectief. De opgaven zijn namelijk niet op korte termijn op te lossen. Tegelijkertijd richt de ROA zich ook op de vraag: wat moeten we dan nu doen? Het korte termijn deel wordt daarom minimaal eens per vier jaar geactualiseerd.
Van de RIA gaat een sterk organiserende werking uit. De RIA is gericht op het versnellen van de uitvoering van de opgaven door partijen, geld en energie bij elkaar te brengen. Daarbij spelen private partijen die (een deel van) de uitvoering ter hand willen nemen en in gebieden willen investeren een belangrijke rol. In de ROA zijn de hoofdopgaven en prioriteiten zijn aangegeven. Daarmee zoekt de RIA naar de locaties en partijen waar en waarmee de opgaven kunnen worden aangepakt en brengt in kaart wat er nodig is om tot uitvoering te komen. Beide agenda’s werken toe naar afstemming met provincie en Rijk: de ROA op beleidsniveau, de RIA op investeringsniveau. 30