RIB 25-10 Bijl-1 Behoefte- en Capaciteitsonderzoek door onderzoeksbureau Newae
Tekst van het document
Rapport
Behoefte- en capaciteitsonderzoek Olympia‘60 Gemeente Dongen
Colofon Titel: Soort document: Projectnummer: Ons kenmerk: Opdrachtgever: Contactpersoon:
Behoefte- en capaciteitsonderzoek Olympia‘60 Rapport 24NW74101 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60 Gemeente Dongen Mevr. N. Verdult
Status: Datum: Auteur: Gecontroleerd: Vrijgegeven:
Concept 27 september 2024 Dhr. R. Verdonschot Mevr. A. Bakker Dhr. R. Bouten
Pagina 2 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
Inhoud Begrippenlijst:.......................................................................................................................................... 5 1.
Inleiding ........................................................................................................................................... 7 1.1.
2.
3.
4.
5.
Ruimtelijke scan............................................................................................................................... 8 2.1.
Bestemmingsplan................................................................................................................... 8
2.2.
Inventarisatie sportpark......................................................................................................... 8
2.3.
Inventarisatie kabels en leidingen ......................................................................................... 9
Trends en demografische ontwikkelingen .................................................................................... 10 3.1.
Sport- en beweegdeelname ................................................................................................. 10
3.2.
Bevolkingsprognose gemeente Dongen .............................................................................. 11
3.3.
Leerlingenprognose basisonderwijs..................................................................................... 12
3.4.
Conclusie .............................................................................................................................. 12
Behoefte- en capaciteitsbepaling .................................................................................................. 14 4.1.
Organisatorische behoefte .................................................................................................. 14
4.2.
Technische behoefte ............................................................................................................ 14
4.3.
Organisatorische behoefte Olympia’60 ............................................................................... 15
4.4.
Organisatorische behoefte DVV Concordia ......................................................................... 16
4.5.
Technische behoefte Olympia’60 ........................................................................................ 16
4.6.
Conclusie .............................................................................................................................. 18
Scenariostudie ............................................................................................................................... 19 5.1.
Conclusie ..................................................................................................................... 20
5.1.2.
Investeringen scenario 1 ............................................................................................. 20
5.2.1. 5.3.
7.
Scenario 1: Kunstgras ........................................................................................................... 19
5.1.1. 5.2.
6.
Onderzoeksgebied ................................................................................................................. 7
Scenario 2: Zondag-/zaterdagvereniging ............................................................................. 21 Conclusie ..................................................................................................................... 23 Scenario 3: Samenwerking Olympia’60 en DVVC ................................................................ 23
5.3.1.
Conclusie ..................................................................................................................... 24
5.3.2.
Investeringen scenario 3 ............................................................................................. 25
Exploitatielast per scenario ........................................................................................................... 26 6.1.
Scenario 1............................................................................................................................. 26
6.2.
Scenario 3............................................................................................................................. 27
Conclusie en aanbevelingen .......................................................................................................... 28 7.1.
Conclusies ............................................................................................................................ 28
Pagina 3 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
7.2.
Aanbevelingen ..................................................................................................................... 30
Bijlage I: Organisatorische behoeftebepaling (huidige situatie) ........................................................... 31 Bijlage II: Technische behoeftebepaling (huidige situatie) ................................................................... 32 Bijlage III: Technische behoeftebepaling (scenario 1) ........................................................................... 33 Bijlage IV: Schetsontwerp scenario 1 .................................................................................................... 34 Bijlage V: Investeringsraming ................................................................................................................ 35 Bijlage VI: Organisatorische behoeftebepaling (za/zon vereniging) ..................................................... 36 Bijlage VII: Schetsontwerp scenario 3 ................................................................................................... 37 Bijlage VIII: Organisatorische behoeftebepaling (samenwerking) ........................................................ 38 Bijlage IX: Technische behoeftebepaling (samenwerking) .................................................................... 39 Bijlage X: Exploitatie .............................................................................................................................. 40
Pagina 4 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
Begrippenlijst: Begrip / afkorting Kanaalzone KLIC WSP-leidingenbeheer ABF Type velden
Organisatorische capaciteit
Betekenis: Gebied aan de noordzijde van het Wilhelminakanaal waar meerdere sportverenigingen zijn gehuisvest. Kabels en Leidingen Informatie Centrum. Ingenieursbureau dat namens ECCO betrokken is bij het beheer van de gevaarlijke stoffenleiding die onder het sportpark doorloopt. Afspraken bevestigingsformulier. Natuurgras wedstrijdveld: veld dat alleen gebruikt wordt om wedstrijden op te spelen. Natuurgras trainingsveld: veld dat alleen gebruikt wordt om trainingen op af te werken. Natuurgras wetraveld: Wetravelden zijn primair wedstrijdvelden waarop slechts in gedoseerde mate trainingen mogelijk zijn. Het speelveld moet namelijk altijd wedstrijdwaardig blijven. Kunstgrasveld: kunstmatig alternatief voor natuurgras met hoge belastbaarheid. Op een kunstgrasveld kunnen zowel wedstrijden als trainingen worden afgewerkt. Het aantal uren dat een veld ingezet kan worden voor het spelen van wedstrijden en het afwerken van trainingen. Doordeweeks 5 avonden en de woensdagmiddag voor trainingen en eventuele wedstrijden. Zaterdag en zondag voor wedstrijden.
Technische capaciteit
Het aantal speeluren dat een bepaald type veld (natuurgras, Hybride of kunstgras) aankan per jaar, voordat de slijtage van het veld dusdanig groot is dat deze niet meer voldoet aan de kwaliteitseisen. Natuurgrasveld in gebruik voor wedstrijden: 250 uur Natuurgrasveld in gebruik voor trainingen: 600 uur Natuurgrasveld in gebruik voor wedstrijden en trainingen: 400 uur Kunstgrasveld in gebruik voor wedstrijden en trainingen: 1500 uur
Organisatorische behoefte Technische behoefte Bruto speeltijd Netto veldbezetting Capaciteit wedstrijdveld
Het aantal uren dat een vereniging aan beschikbare velden nodig heeft om al haar wedstrijden en trainingen af te kunnen werken. Het aantal uren (in speeldruk) dat een vereniging nodig heeft om al haar wedstrijden en trainingen af te kunnen werken. Netto speeltijd + pauze + wisseltijd (inloop/uitloop). De totale tijd die nodig is om een wedstrijd af te werken. Het netto aantal uur dat er effectief op thuisvelden gevoetbald wordt. Bruto speeltijd zaterdag is van 09:00 tot 16:30. Bruto speeltijd zondag is van 10:00 tot 16:30.
Pagina 5 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
Benodigde wedstrijdvelden
Bruto veldbezetting / capaciteit wedstrijdveld.
AK
Algemene kosten: Algemene kosten zijn kosten die niet toe te schrijven zijn aan afzonderlijke posten en niet direct samenhangen met bepaalde werken. Onder de Algemene Kosten (AK) worden de eigen apparaat kosten van de aannemer of de ontwikkelaar verstaan.
UK
Uitvoeringskosten: Kosten van materieel en/of arbeid die nodig zijn voor de uitvoering van een bouwproject, voor zover deze kosten niet zijn verbonden aan middelen, zoals materialen, die op de bouwplaats bij oplevering achterblijven.
W&R
Winst & risico: Winst is het bedrag dat overblijft nadat alle kosten en risico's verrekend zijn die met het project samenhangen. Onder risico vallen alle onvoorziene omstandigheden, uitvoeringsrisico's en niet-verrekenbare loon- en prijsstijgingen.
btw VAT Investeringskosten
Belasting toegevoegde waarde (Technische) Voorbereiding, Administratie en Toezicht. Kosten die nodig zijn om een betreffend scenario te realiseren. Kosten voor de instandhouding en verzorging van de sportvelden. Kosten die gemaakt worden voor investeringen in kapitaalgoederen. Het zijn de kosten die terugkomen bij de financiering van investeringen. Denk hierbij het vervangen van inrichtingselementen of natuurgras toplaagrenovaties. Alle jaarlijkse kosten van kapitaalgoederen. Daarbij gaat het om afschrijvingen, rentekosten en onderhoudskosten. Een optelling van de onderhoudslast en kapitaalslast.
Onderhoudslast Kapitaalslast
Exploitatielast
De uitkomst wordt naar boven afgerond. Er wordt geen onderscheid gemaakt in gebruik hoofdveld en overige wedstrijdvelden. De hoogste uitkomst is bepalend voor het aantal benodigde wedstrijdvelden.
Pagina 6 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
1. Inleiding Sportpark Crispijn is in gebruik door voetbalvereniging Olympia’60. Olympia’60 heeft bij de gemeente Dongen aangegeven dat zij een tekort ervaart aan velden en heeft dit onderbouwd met een eigen onderzoek. De gemeente Dongen heeft Newae gevraagd om een onafhankelijk behoefteonderzoek uit te voeren naar het capaciteits- en kwaliteitsvraagstuk van Olympia’60 en de eventuele mogelijkheden voor het vergroten van de capaciteit en kwaliteit van de velden voor deze voetbalvereniging. Daarbij is ook gekeken naar mogelijkheden buiten Sportpark Crispijn. Van de uit te werken mogelijkheden dient ook de financiële context inzichtelijk gemaakt te worden. Naast het in beeld brengen van de huidige capaciteit wordt de meest waarschijnlijke (toekomstige) behoefte van Olympia’60 in beeld gebracht.
1.1. Onderzoeksgebied Het onderzoeksgebied betreft de Kanaalzone. Binnen dit gebied is gekeken naar (on)mogelijkheden op ruimtelijk gebied. Omdat in hetzelfde gebied nog een voetbalvereniging is gevestigd, is ook de capaciteit van DVV Concordia (DVVC) meegenomen in het onderzoek. Olympia’60 beschikt over 3 natuurgrasvelden en een trainingshoek van ongeveer 0,5 natuurgrasveld. DVV Concordia beschikt over 3 natuurgrasvelden en een trainingshoek ter grootte van ongeveer 0,25 natuurgrasveld. Op onderstaande afbeelding is een overzicht van de Kanaalzone weergegeven. Om een volledig beeld te krijgen van de mogelijke oplossingen bij een capaciteitsprobleem van Olympia’60 wordt ook de huidige behoefte van DVVC berekend.
Afbeelding 1. Onderzoeksgebied: Kanaalzone waar de sportparken Crispijn en Dongekant liggen
Aan de zuidkant van de Kanaalzone is gestart met de aanleg van een snelfietsroute. Het fietspad verbindt in de toekomst het centrum van Oosterhout, via Dongen, met het TweeSteden Ziekenhuis in Tilburg. Vooralsnog heeft dit geen invloed maar mogelijk dient hier in te toekomst rekening mee gehouden te worden.
Pagina 7 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
2. Ruimtelijke scan 2.1. Bestemmingsplan Er is gekeken naar de mogelijk- en onmogelijkheden met betrekking tot het geldende bestemmingsplan. Onderstaand is een uitsnede van het bestemmingsplan van de Kanaalzone te zien.
Figuur 1. Uitsnede bestemmingsplan: BRON: Omgevingsloket
Het grootste gedeelte van de Kanaalzone bestaat uit de bestemming Sport met functieaanduiding sportveld. Door de gehele zone loopt een dubbelbestemming Leiding-Gas-1. Binnen deze bestemming loopt een leiding gevaarlijke stoffen, in paragraaf 2.3 wordt hier verder op ingegaan. De voor sport aangewezen gronden zijn onder andere bestemd voor: a. Ter plaatse van de aanduiding 'sportveld': sportvelden. Ter plaatse van deze aanduidingen geldt een maximale hoogte voor lichtmasten, vlaggenmasten en antennes van 20 meter. Op basis van het bestudeerde bestemmingsplan blijken op de gasleiding na geen andere eventuele beperkingen aanwezig waar op voorhand rekening mee gehouden moet worden.
2.2. Inventarisatie sportpark Ten behoeve van het onderzoek heeft op 1 juli 2024 een rondgang plaatsgevonden langs de velden van Olympia’60. Tijdens deze rondgang is gekeken naar de kwaliteit van de natuurgrasvelden en de bijbehorende sporttechnische inrichting. De velden zijn bekeken gedurende de periode van het groot onderhoud. Het kan zijn dat de geconstateerde kwaliteit van de velden niet representatief is voor het gehele seizoen. De grasbezetting op de velden was over het algemeen goed. Veld 4 (het Hertog Jan veld) bleef ten opzichte van de andere velden iets achter qua grasgroei. Door het achterblijven en de hierdoor ontstane kale plekken is het microreliëf van dit veld minder goed dan bij de andere velden.
Pagina 8 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
De sporttechnische inrichting van het sportpark oogt over het algemeen wat gedateerd maar is nog functioneel. Veld 2 en 3 zijn voorzien van ledverlichting en veld 4 is voorzien van een conventionele verlichtingsinstallatie. Naast veld 4 ligt een afwateringssloot die meermaals per jaar machinaal gereinigd dient te worden. Bij toekomstige ontwikkeling is het belangrijk rekening te houden met de ruimte die nodig is voor de machines. Inspecties KIWA ISA In april 2024 zijn de velden uitgebreid geïnspecteerd door Kiwa ISA Sport, hieruit is gebleken dat, op dat moment, de velden in een redelijke tot goede staat verkeerden.
2.3. Inventarisatie kabels en leidingen Naast de bovengrond is ook de ondergrond van het sportpark geïnventariseerd doormiddel van een bureaustudie. De bureaustudie is uitgevoerd doormiddel van een KLIC-melding. Uit bestudering van de KLIC-melding is gebleken dat tussen de natuurgrasvelden van DVVC en Olympia’60 een hoge druk gasleiding loopt van noord naar zuid. Van oost naar west loopt onder alle sportvelden een buisleiding gevaarlijke inhoud door. Deze buisleiding heeft aan beide zijden een eisvoorzorgmaatregelzone van twintig meter. Het volgende dient daarbij ten alle tijden in acht genomen te worden:
Opslag van grond en/of materiaal in een strook van 5 meter aan weerszijden van de leiding is niet toegestaan; Transport over de leiding is uitsluitend toegestaan na overleg met WSP Leidingbeheer.
De aanwezigheid van deze buisleiding houdt in dat eerst de exacte locatie van de leiding in kaart gebracht moet worden alvorens gestart kan worden met eventuele uitvoer van de werkzaamheden. Daarnaast dienen voor de aanvang van eventuele werkzaamheden schriftelijke afspraken te worden gemaakt met de WSP d.m.v. een ABF. Tot slot lopen meerdere laagspanningskabels onder het sportpark door, het betreft hier waarschijnlijk de stroomvoorziening van de verlichtingsinstallaties.
Pagina 9 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
3. Trends en demografische ontwikkelingen Om de meest waarschijnlijke toekomstige behoefte van Olympia’60 goed in beeld te brengen wordt onderzoek gedaan naar de verwachte demografische ontwikkelingen. De uitkomst is een verwacht groei- of krimppercentage waarmee een nauwkeurige schatting gemaakt kan worden van het ledenverloop van de vereniging voor de komende jaren. Het berekende percentage wordt gebruikt als basis voor de behoeftebepaling in deze rapportage. De behoeftebepaling wordt vervolgens afgezet tegen de beschikbare voorzieningen die Olympia’60 tot haar beschikking heeft, zo kan bepaald worden of de vereniging voor nu en in de toekomst voldoende capaciteit heeft aan voorzieningen. Voor dit onderzoek is een prognose gemaakt voor de jaren 2030 en 2040 aan de hand van onderstaande bronnen:
Sport- en beweegdeelname, Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM);1 Bevolkingsprognose, Dongen.incijfers;2 Leerlingenprognose basisonderwijs, Pronexis;3
De sport- en beweegdeelnamecijfers van het RIVM geven inzicht in het percentage van inwoners van de gemeente Dongen dat lid is van een sportvereniging en hoeveel procent voldoet aan de beweegrichtlijn. De bevolkingsprognose van Dongen.incijfers geeft de meest aannemelijke ontwikkeling van de bevolking van de gemeente weer tot en met 2050, verdeeld over verschillende leeftijdscategorieën. De cijfers uit de leerlingenprognose van het (speciale) basisonderwijs geeft inzicht in het te verwachten aantal basisschoolleerlingen per schooljaar in de gemeente Dongen van 2030 tot en met 2040.
3.1. Sport- en beweegdeelname Uit onderzoek van het RIVM uit 2022 blijkt dat 45,8% van de inwoners van de gemeente Dongen voldoet aan de beweegrichtlijn van het RIVM. Landelijk ligt dit gemiddelde op 47,5%. Wat inhoudt dat in de gemeente Dongen gemiddeld minder mensen voldoen aan de richtlijn dan landelijk. Bij de wekelijkse sporters zien we een andere trend. Wekelijks doet 55,1% van de volwassenen aan sport tegenover een landelijk gemiddelde van 53,6%. In Nederland is gemiddeld 24% van de bevolking lid van één of meerdere sportbonden (mensen met meerdere lidmaatschappen tellen maar één keer mee). In Dongen is 27,3% van de bevolking lid van minimaal één sportbond. Het onderzoek wijst dus uit dat mensen in de gemeente Dongen meer dan gemiddeld lid zijn van een sportbond die is aangesloten bij NOC*NSF. In de leeftijdscategorie 10 tot 25 is de deelname het grootste, namelijk 49,1%. Het percentage is het laagste bij de bevolkingsgroep 65+.
1
Bron: https://www.sportenbewegenincijfers.nl/ (geraadpleegd op 26-06-2024) Bron: https://dongen.incijfers.nl/dashboard/prognoses (geraadpleegd op 26-06-2024) 3 Bron: Rapport LP BO Dongen 2023-2043, opgesteld in 2023 door Pronexus 2
Pagina 10 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
In 2022 waren in totaal 1.182.000 personen lid van de KNVB. Dit is 6,7% van de totale Nederlandse bevolking. Voor de gemeente Dongen geldt dat 7,7% van de inwoners lid is van de KNVB, in de gemeente zijn dus relatief veel mensen lid van een voetbalvereniging. Dit percentage is interessant omdat aangenomen kan worden dat eenzelfde percentage van een eventuele bevolkingsgroei in de toekomst zal gaan voetballen.
3.2. Bevolkingsprognose gemeente Dongen De bevolkingsprognose van Dongen.incijfers beschrijft het meest waarschijnlijke toekomstige verloop van de bevolkingsdemografie. Waar bijvoorbeeld het Centraal Planbureau voor Statistiek (CBS) vooral rekening houdt met de landelijke trend, houdt de gemeente rekening met gebeurtenissen op lokaal niveau. Enkele voorbeelden zijn de uitbreiding van het aantal woningen in een wijk of een nieuwbouwwijk. Daarbij speelt het type woningen een belangrijke rol, vooral woningen voor jonge gezinnen geven een impuls aan het aantal leden dat lid is van een sportvereniging. Onderstaande tabel toont de in 2030 en 2040 verwachte bevolkingsaantallen per leeftijdscategorie in Dongen ten opzichte van 2023. Jaren 2023 2030 2040
Totaal 27.220 27.700 28.830
0 t/m 14 jaar 15 t/m 29 jaar 4.100 4.480 4.300 4.010 4.770 3.860
30 t/m 64 jaar 12.590 12.250 12.120
65 jaar of ouder 6.050 7.140 8.080
Tabel 1. Bevolkingsprognose Dongen
Percentage groei t.o.v. 2023 Groeipercentage jeugd 0-14 Groeipercentage 15-29 Groeipercentage senioren 30-65 Groeipercentage 65+ Totale bevolkingsgroei t.o.v. 2023
2030 + 5% - 10% - 3% + 18% + 2%
2040 + 16% - 14% - 4% + 34% + 6%
Uit bovenstaande tabellen blijkt dat de bevolkingsgroei alleen in de oudste en jongste leeftijdscategorieën plaatsvindt. De prognose voor 2040 laat eenzelfde beeld zien als de prognose voor 2030, de bevolking neemt in de jongste en oudste leeftijdscategorie toe, in de middelste leeftijdscategorieën neemt deze af. De bevolkingsprognose voor de groep 0-14 is interessant omdat de meeste nieuwe aanwas van leden voor sportverenigingen waarschijnlijk bestaat uit personen uit deze leeftijdscategorie. De prognose van deze bevolkingsgroep dient daarnaast als vergelijkingsmateriaal voor de leerlingenprognose die verderop wordt uitgewerkt. In totaal neemt het aantal inwoners in deze bevolkingsgroep toe van 4.100 naar 4.300 in 2030 en naar 4.770 in 2040. In totaal komen er naar verwachting dus 670 jonge inwoners bij in deze bevolkingsgroep in de gemeente Dongen.
Pagina 11 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
3.3. Leerlingenprognose basisonderwijs In opdracht van de gemeente Dongen heeft Onderzoeksbureau Pronexis prognosemodellen ontwikkeld voor de leerlingenramingen voor instellingen die onderwijs aanbieden in het kader van de WPO (wet op primair onderwijs). De leerlingenprognoses geven inzicht in de meest elementaire vraag voor onderwijsplanning. Onderstaande tabel toont de in 2023, 2030 en 2040 verwachte leerlingaantallen van de basisscholen in de dorpskern Dongen. Vanwege de afstand en andere sportvoorzieningen in de nabijheid zijn de basisscholen van andere dorpskernen binnen gemeente Dongen niet meegenomen in de prognose. Naam school 2023 RK Basisschool Sint Jan 151 RK Basissch Achterberg 284 Basissch De Vlinderboom 214 J.J. Anspachschool 275 Basissch De Biezenkring 262 Basisschool Heilig Hart 420 Basisschool Westerkim 72 Groeipercentage gemiddeld
2030 170 289 258 331 290 454 97
Groei/krimp 13% 2% 21% 20% 11% 8% 35% 16%
2040 176 299 246 334 278 419 92
Groei/krimp 17% 5% 15% 21% 6% 0% 28% 13%
Tabel 2. Leerlingenprognose basisonderwijs Dongen
De verwachting van de leerlingenprognose is dat het aantal basisschoolleerlingen in de komende 16 jaar zal toenemen met ongeveer 13%. In 2030 zal de toename iets meer zijn met een groei van ongeveer 16% die daarna weer iets afvlakt. De basisschool die de grootste groei door zal maken is basisschool Westerkim (28%). Basisschool Heilig Hart zal over 16 jaar weer ongeveer even groot zijn als in 2023.
3.4. Conclusie Uit onderzoek blijkt dat het aantal volwassenen in de gemeente Dongen dat voldoet aan de beweegrichtlijn van het RIVM iets lager is dan het gemiddelde in Nederland. Aan de andere kant blijkt dat het percentage dat lid is van een sportvereniging weer hoger is dan het gemiddelde in Nederland. Van de inwoners van de gemeente is 7,7% lid van de KNVB. Volgens de gegevens van de gemeente Dongen is een groei te verwachten in het aantal inwoners van de gemeente. Wat opvalt is dat de jongste en de oudste leeftijdscategorieën het hardste gaan groeien, waarbij de oudste leeftijdscategorie het meeste gaat toenemen. De leerlingenprognose voor het basisonderwijs gaat uit van een groei van het aantal basisschoolleerlingen over de komende 16 jaar. De verwachting is dat het aantal basisschoolleerlingen zal toenemen met 16% in 2030 en 13% in 2040 ten opzichte van 2023. Om de meest waarschijnlijke toekomstige behoefte van Olympia’60 te kunnen berekenen dient een groeipercentage bepaald te worden. Gekozen is om voor zowel 2030 als 2040 een theoretisch groeipercentage te bepalen zodat voor beide jaartallen een doorkijk gemaakt kan worden. Zo kan worden gewaarborgd dat de keuzes die nu gemaakt worden voor de voorzieningen op het sportpark ook nog passend zijn voor de toekomst.
Pagina 12 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
De groeipercentages zijn berekend op basis van de bevolkingsprognose van de gemeente en de leerlingenprognose van Pronexus. Voor de bevolkingsprognose is gekeken naar de groei van de jongste bevolkingsgroep (0 t/m 14 jaar). Deze groei wordt vergeleken met de groei van leerlingen in het basisonderwijs. Voor deze leeftijdscategorie is gekozen, omdat het de verwachting is dat zij zich als nieuw lid aansluiten bij een buitensportvereniging. De prognose van de vraag naar basisonderwijs wordt gebruikt omdat dit ongeveer dezelfde leeftijdscategorie is als de jongste uit de bevolkingsprognose (0-14 jaar). Wat opvalt is dat de prognose voor het aantal basisschoolleerlingen in 2030 duidelijk hoger is dan de verwachte toename van de jongste bevolkingsgroep voor deze periode. In 2040 liggen beide prognoses dichterbij elkaar, echter is de prognose van de gemeente nu hoger dan de prognose van het aantal basisschoolleerlingen. Om deze reden is dan ook gekozen om de gemiddelde van beide prognoses aan te houden. De cijfers van de gemeente laten een verwachte groei zien van 5% van de jongste bevolkingsgroep voor 2030. De cijfers van de basisscholen in Dongen laten een gemiddelde groei zien van 16% in 2030. Dit betekent een gemiddeld percentage van 11% groei voor het jaar 2030. Voor het jaar 2040 voorspelt de gemeente een groei van 16% van de jongste bevolkingsgroep.
Pronexus voorspelt voor de basisscholen een groei van 13% in 2040. Dit betekent een gemiddeld percentage van 15% groei voor het jaar 2040. De gemeente Dongen heeft vier voetbalverenigingen, waarvan er drie verenigingen (Olympia’60, DVVC en VV Dongen) in de dorpskern Dongen liggen. Het is aannemelijk dat de verwachte groei in de dorpskern Dongen invloed heeft op alle drie de voetbalverenigingen. In het onderzoek gaan we uit van een gelijkmatig verdeling van extra leden over de verenigingen. Echter is het in de praktijk mogelijk dat een vereniging sneller groeit dan een andere vereniging. Mogelijke oorzaken hiervan zijn; capaciteitsproblemen, faciliteiten, populariteit etc.
Pagina 13 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
4. Behoefte- en capaciteitsbepaling In het behoefte- en capaciteitsonderzoek worden de richtlijnen van de KNVB gehanteerd voor het berekenen van het benodigd aantal velden en kleedkamers per vereniging. De behoefte- en capaciteitsberekening is een theoretische berekening, waarin wordt uitgegaan van een goede kwaliteit van de sportvoorzieningen. Bij het bepalen van de behoefte van het aantal velden, wordt onderscheid gemaakt tussen trainingsen wedstrijdvelden. Dit onderscheid is van belang voor het wel of niet verlichten van de velden. De berekeningen zijn gemaakt op basis van de rekentool ‘veldbehoefte’ van de KNVB. Met behulp hiervan wordt uitgerekend hoeveel kleedkamers, wedstrijd- en trainingsvelden een vereniging nodig heeft, uitgaande van het aantal teams zoals deze staan vermeld op www.voetbal.nl. In het vorige hoofdstuk zijn de prognosecijfers beschreven, voor 2030 wordt gerekend met een groei van 11%, voor 2040 wordt gerekend met een groei van 15%.
4.1. Organisatorische behoefte Als eerste wordt de organisatorische behoefte van Olympia’60 berekend. De organisatorische behoefte is gebaseerd op het aantal beschikbare uren dat een vereniging nodig heeft voor het afwerken van de wedstrijden en trainingen. Het bepalen van de organisatorische behoefte wordt gedaan aan de hand van de rekentool ‘veldbehoefte’ van de KNVB. De rekentool gaat uit van bepaalde tijden waarop doordeweeks getraind kan worden en bepaalde tijden waarop wedstrijden kunnen worden afgewerkt. De behoefte aan wedstrijdvelden wordt naar boven afgerond op hele velden, dit betekent dat bijvoorbeeld 1,1 wedstrijdveld wordt afgrond naar 2 wedstrijdvelden. Bij het bepalen van de organisatorische behoefte is de huidige situatie het uitgangspunt. In bijlage I zijn de behoeftebepalingen voor de huidige situatie toegevoegd en de toekomstige behoeftebepalingen toegevoegd.
4.2.
Technische behoefte
Naast de organisatorische behoefte heeft een vereniging een technische behoefte. De technische behoefte wordt bepaald door het aantal speeluren dat een vereniging nodig heeft. Wanneer een veld te veel bespeeld wordt, dan kan het zijn dat de kwaliteit van het veld niet meer voldoet aan de eisen en normen van de KNVB. Verschillende type velden kunnen een verschillende speeldruk aan. Natuurgrasvelden kunnen minder speeldruk aan dan bijvoorbeeld kunstgrasvelden. De technische behoefte wordt bepaald aan de hand van een door Newae zelf ontwikkeld model. De uitgewerkte modellen zijn bijgevoegd in bijlage II. De volgende uitgangspunten zijn hierbij van belang:
Capaciteit natuurgras wedstrijdveld: Capaciteit natuurgras trainingsveld: Capaciteit natuurgras wetraveld: Capaciteit kunstgrasveld:
250 speeluren per seizoen 600 speeluren per seizoen 400 speeluren per seizoen 1500 speeluren per seizoen
Pagina 14 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
4.3. Organisatorische behoefte Olympia’60 Bij het bepalen van de organisatorische behoefte is het uitgangspunt de huidige situatie. In onderstaande tabel wordt de organisatorische capaciteit die Olympia‘60 tot haar beschikking heeft afgezet tegen haar huidige en toekomstige behoefte. Onderscheid wordt gemaakt tussen wedstrijden trainingsvelden. Uitgangspunt voor de berekening is dat Olympia’60 de volgende velden tot haar beschikking heeft:
1 x natuurgras hoofdveld (wedstrijdveld) 1x natuurgras wedstrijd/trainingsveld (wetra), telt als wedstrijd en trainingsveld4 1x natuurgras wedstrijd/trainingsveld (wetra), telt als wedstrijd en trainingsveld 4 0,5 x natuurgras trainingsveld (soms een jeugdwedstrijd)
Prognose Soort veld
Capaciteit
Huidige behoefte
Groei 2030 (+11%)
Groei 2040 (+15%)
Aanwezige Benodigde Over/ Benodigde Over/ Benodigde Over/ velden velden tekort velden tekort velden tekort
Wedstrijdveld
3
4
-1
4
-1
4
-1
Trainingsveld
2,5
1,5
+1
1,5
+1
2
0,5
Tabel 3. Organisatorische behoefte Olympia'60 2024, 2035 en 2043
Conclusie: Volgens de richtlijn behoeftebepaling zoals vastgesteld door de KNVB, VNG en VSG, heeft Olympia‘60 in de huidige situatie behoefte aan 4 wedstrijdvelden en 1,5 trainingsveld. Het aantal wedstrijdvelden komt uit op iets meer dan 3, de KNVB-rekentool rond dit getal naar boven af dus 4 wedstrijdvelden. In de huidige situatie komt de vereniging 1 wedstrijdveld tekort en hebben ze een overschot van 1 trainingsveld. In 2030 wanneer Olympia‘60 is gegroeid met 11% dan groeit de behoefte naar 3,3 wedstrijdveld, afgerond dus 4. Het benodigde aantal trainingsvelden stijgt niet ten opzichte van 2023-2024. Het tekort aan 1 wedstrijdveld blijft dus hetzelfde. Wanneer Olympia’60 in 2043 groeit met 15% ten opzichte van 2023-2024 dan stijgt de behoefte aan wedstrijd- en trainingsvelden naar 3,6 wedstrijdveld en 2 trainingsvelden. In totaal heeft de vereniging dan een behoefte van 4 wedstrijdvelden en 2 trainingsvelden. Het tekort blijft dan nog steeds 1 wedstrijdveld. In de berekeningen die Olympia’60 heeft aangeleverd aan de gemeente is voor het seizoen 2023-2024 ook nog 1 veteranen team toegevoegd. Omdat deze niet op voetbal.nl staat is deze in bovenstaande berekeningen niet meegenomen. Mocht deze wel meegenomen worden dan zou voor er voor elk jaartal ongeveer 0,2 wedstrijdveld extra benodigd zijn. Dit heeft, vanwege afronding, geen effect op het aantal velden.
4
Dit veld kan niet het hele seizoen ingezet worden als trainingsveld aangezien de kwaliteit van het veld dan dermate achteruit is gegaan vanwege de hoge bespelingsintensiteit. Pagina 15 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
4.4. Organisatorische behoefte DVV Concordia Bij het bepalen van de organisatorische behoefte is het uitgangspunt de huidige situatie. In onderstaande tabel wordt de organisatorische capaciteit die DVVC tot haar beschikking heeft afgezet tegen haar huidige en toekomstige behoefte. Uitgangspunt voor de berekening is dat DVVC de volgende velden tot haar beschikking heeft:
1 x natuurgras hoofdveld (wedstrijdveld) 2x natuurgras wedstrijd/trainingsveld (wetra) telt als zowel wedstrijd als trainingsveld5 0,25 x natuurgras trainingsveld
Prognose Soort veld
Capaciteit
Huidige behoefte
Aanwezige Benodigde Over/ velden velden tekort
Wedstrijdveld
3
2
+1
Trainingsveld
2,25
1
+1,25
Tabel 4. Organisatorische behoefte DVVC 2023-2024
Conclusie: Volgens de richtlijn behoeftebepaling zoals vastgesteld door de KNVB, VNG en VSG, heeft DVVC in de huidige situatie behoefte aan 2 wedstrijdvelden en 1 trainingsveld. Het aantal wedstrijdvelden komt uit op 1,7 wat naar boven afgerond wordt naar 2. In de huidige situatie heeft de vereniging een overschot van 1 wedstrijdveld en 1,25 trainingsveld.
4.5. Technische behoefte Olympia’60 Voor het bepalen van de technische bespelingsbehoefte is uitgegaan van de netto wedstrijd- en trainingstijden. De berekeningen zijn opgesteld aan de hand van de duur van één seizoen (gebaseerd op 36 weken wedstrijden en 40 weken trainen). In de berekeningen is gerekend met dezelfde velden zoals deze staan beschreven in hoofdstuk 3.3. Uitgangspunt is dat de senioren 35+, 45+ en de veteranenteams niet trainen en alleen wedstrijden spelen. Het aantal netto wedstrijduren is gebaseerd op de rekentool ‘veldbehoefte’ van de KNVB. De netto trainingstijden zijn bepaald aan de hand van in den lande veel voorkomende trainingsduur per type team. In deze paragraaf is de technische behoefte voor de huidige situatie en toekomstige situatie doorgerekend. In onderstaande tabel zijn de benodigde wedstrijd- en trainingsuren per afgerond op gehele uren. In berekeningen is met de gebroken getallen gerekend.
5
Dit veld kan niet het hele seizoen ingezet worden als trainingsveld aangezien de kwaliteit van het veld dan dermate achteruit is gegaan vanwege de hoge bespelingsintensiteit. Pagina 16 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
Huidige situatie
Olympia‘60 2023-2024 Wedstrijdbehoefte Trainingsbehoefte
Uren per week 14 31
Aantal weken 36 40
Totaal per jaar 513 1233
Huidige situatie Maximale capaciteit (per veld)
W
W/T
W/T
0,5 T
250
400
400
300
Behoefte wedstrijduren Olympia’60
257
256
0
0
Behoefte trainingsuren Olympia’60
0
294
539
400
Overcapaciteit per veld
-7
-150
-139
-100
Totaal uren 513 1233 -396
Tabel 5. Technische bespelingsbehoefte Olympia’60 2023-2024
Conclusie: In de huidige situatie heeft Olympia‘60 een tekort aan technische bespelingscapaciteit. Dit betekent dat de huidige velden meer belast worden dan ze aan kunnen. Dit houdt in dat de velden aan het einde van het seizoen niet meer van voldoende kwaliteit zijn en deze ook te weinig tijd krijgen om na bespeling weer te herstellen. In de huidige situatie heeft Olympia’60 een tekort van 396 speeluren. Waar een klein organisatorisch tekort nog weggewerkt kan worden door eerder te starten en later te eindigen met wedstrijden en op meer momenten te gaan trainen is dat bij een technisch tekort niet het geval. De velden zijn namelijk gewoon op. Toekomstige situatie 2030
Olympia‘60 2030 Wedstrijdbehoefte Trainingsbehoefte
Uren per week 15 33
Aantal weken 36 40
Totaal per jaar 555 1327
Huidige situatie Maximale capaciteit (per veld)
W
W
W/T
0,5 T
250
400
400
300
Behoefte wedstrijduren Olympia’60
277
278
0
0
Behoefte trainingsuren Olympia’60
0
300
600
427
Overcapaciteit per veld
-27
-178
-200
-127
Totaal uren 555 1327 -532
Tabel 6. Technische bespelingsbehoefte Olympia’60 2030
Na de groei heeft Olympia’60 in 2030 net als in de huidige situatie een tekort aan technische bespelingscapaciteit. Dit betekent dat de huidige velden in dit toekomstige scenario meer belast worden dan ze aan kunnen. In 2030 heeft Olympia’60 een tekort van 532 speeluren.
Pagina 17 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
Toekomstige situatie 2040
Olympia‘60 2040 Wedstrijdbehoefte Trainingsbehoefte
Uren per week 17 36
Aantal weken 36 40
Totaal per jaar 603 1433
Huidige situatie Maximale capaciteit (per veld)
W
W/T
W/T
0,5 T
250
400
400
300
Behoefte wedstrijduren Olympia’60
301
302
0
0
Behoefte trainingsuren Olympia’60
0
300
633
500
Overcapaciteit per veld
-51
-202
-233
-200
Totaal uren 603 1433 -686
Tabel 7. Technische bespelingsbehoefte Olympia’60 2040
Na de groei in 2040 heeft Olympia‘60 een nog groter tekort aan technische bespelingscapaciteit. Dit betekent dat de huidige velden in dit toekomstige scenario meer belast worden dan ze aan kunnen. In 2030 heeft Olympia’60 een tekort van 686 speeluren.
4.6. Conclusie Uit de behoeftebepaling blijkt dat Olympia’60 in de huidige situatie (2023-2024) een behoefte heeft aan 4 wedstrijdvelden. In de huidige situatie beschikt de vereniging over 3 wedstrijdvelden en 2,5 trainingsveld. De behoefte aan trainingsvelden is op dit moment 1,5 veld. In theorie komt de vereniging dus 1 veld tekort. Daarbij dient wel de kanttekening geplaatst te worden dat in de berekeningen gerekend is met twee wetravelden. Door de huidige hoge belasting van de velden is de verwachting dat de kwaliteit van deze velden aan het einde van het seizoen behoorlijk verslechterd. Dit blijkt ook uit de technische behoeftebepaling, waar inzichtelijk wordt dat Olympia’60 in de huidige situatie zowel beschikbare wedstrijd- als trainingsuren een tekort komt. Wanneer de behoefte van Olympia’60 berekend wordt voor de toekomst blijkt dat de vereniging uiteindelijk in 2040 nog steeds dezelfde behoefte van 4 wedstrijdvelden heeft. Het technische tekort is dan wel verder opgelopen tot 686 speeluren waarvan het grootste gedeelte trainingsuren.
Pagina 18 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
5. Scenariostudie Naar aanleiding van de inventarisatie, de uitkomsten van het behoefte- en capaciteitsonderzoek en overleggen met de gemeente Dongen zijn we tot de conclusie gekomen dat het ruimtelijk en planologisch vrijwel onmogelijk is om extra veldcapaciteit te creëren buiten de Kanaalzone. Dat komt mede door het kanaal aan de zuidkant, daarnaast grenst het stedelijk gebied direct aan de noordzijde van het sportpark. In overleg met de gemeente Dongen zijn daarom drie scenario’s opgesteld waarbij gekeken wordt naar oplossingen binnen de grenzen van de Kanaalzone. In scenario 1 worden het hoofdveld en veld 3 omgebouwd naar kunstgras om de capaciteit van deze velden te vergroten en meer zekerheid te bieden bij slechte weersomstandigheden. Scenario 2 richt zich op het verplaatsen van de wedstrijden van de seniorenteams van zaterdag naar zondag. In scenario 3 wordt onderzocht of de overcapaciteit van velden bij DCC Concordia een mogelijke oplossing kan bieden. Van elk scenario zijn ook de benodigde investeringskosten in beeld gebracht. Op wat voor manier de benodigde investeringskosten worden gedekt zal nog nader uitgewerkt moeten te worden.
5.1. Scenario 1: Kunstgras In scenario 1 wordt een deel van de bestaande natuurgrasvelden van Olympia’60 vervangen door kunstgras. Door de aanleg van anderhalf kunstgrasveld kan de technische capaciteit van Olympia’60 fors worden verhoogd. Een kunstgrasveld kan namelijk een belasting aan van 1500 speeluren. Daarnaast biedt kunstgras meer speelzekerheid in slechte weersomstandigheden dan natuurgras. Na hevige regenval is een kunstgrasveld bijvoorbeeld eerder bespeelbaar dan een natuurgrasveld. In scenario 1 is gerekend met de organisatorische behoefte zoals deze is opgesteld in hoofdstuk 3. De technische behoeftebepaling is bijgevoegd in bijlage III. Onderstaand figuur 1 geeft een globaal overzicht van de velden die worden omgebouwd.
Figuur 2. Overzichtstekening scenario 1
Pagina 19 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
Door het omvormen van het natuurgras hoofdveld wordt de vergroting aan technische bespelingscapaciteit maximaal benut. Naast het hoofdveld wordt op de trainingshoek een half kunstgrasveld (64x50m) gerealiseerd. Op het halve trainingsveld kunnen naast trainingen ook wedstrijden voor verschillende jeugdteams en 7x7 seniorenteams worden afgewerkt. Aan de noordkant van de trainingsstrook blijft een deel van het natuurgras over. Deze ruimte zou bijvoorbeeld gebruikt kunnen worden als doelopslagplaats of als trainingshoek voor de keepers. De verharding rondom het halve kunstgrasveld sluit aan op het bestaande voetpad van de kantine naar de velden. Van scenario 1 is het volledige schetsontwerp opgenomen in bijlage IV.
5.1.1. Conclusie In de huidige situatie heeft Olympia’60 een behoefte aan iets meer dan 3 wedstrijdvelden (afgrond 4) op zaterdag en een behoefte aan 1,5 trainingsveld. Door het hoofdveld om te bouwen naar een kunstgrasveld kan door optimaal gebruik hiervan voldaan worden aan de behoefte van iets meer dan 3 wedstrijdvelden. De vereniging heeft dan waarschijnlijk genoeg capaciteit tot 2030. Doordat op een kunstgrasveld ook getraind kan worden behoudt de vereniging genoeg trainingscapaciteit. Wanneer Olympia’60 in 2030 gaat groeien met 3 teams stijgt de behoefte aan wedstrijdvelden naar 3,3 veld (afgrond 4) de behoefte aan trainingsvelden blijft hetzelfde namelijk 1,5. Het halve kunstgrasveld dat is gerealiseerd op veld 3 kan naast trainingen ook gebruikt worden om jeugdwedstrijden en 7x7 wedstrijden af te werken. Door hier slim gebruik van te maken zou de vereniging nog uit moeten kunnen komen met haar behoefte. Dit veld kan dan ingezet worden als het 0,3 wedstrijdveld dat Olympia’60 tekort komt. Als in 2040 Olympia’60 doorgroeit naar 35 teams dan neemt naast de wedstrijdbehoefte (van 3,3 naar 3,6) ook de behoefte aan trainingsvelden toe naar 2,0. Ondanks de aanleg van 1,5 kunstgrasveld kan het tekort aan wedstrijdvelden waarschijnlijk niet meer worden opgevangen met de kunstgrasvelden. Een deel van de trainingen zal afgewerkt moeten worden op het wetraveld.
5.1.2. Investeringen scenario 1 Om een volledig beeld te krijgen van het scenario is naast de ruimtelijke inpassing ook een doorkijk gemaakt naar de financiële aspecten van het scenario. De aanleg van anderhalf kunstgrasveld brengt een bepaalde investering met zich mee. Om dit inzichtelijk te maken is een globale investeringsraming opgesteld. Deze investeringsraming is bijgevoegd in bijlage V. In de investeringsraming is rekening gehouden met 15% AK, UK en W&R en 10% onvoorziene kosten, de raming is exclusief voorbereidingskosten en btw. Overige uitgangspunten zijn vermeld op het bijbehorende voorblad van de investeringsramingen. De investering voor het ombouwen van het hoofdveld van natuurgras naar kunstgras komt uit op € 984.000,00 exclusief. VAT (voorbereiding, administratie en toezicht) en btw. De investering voor de
Pagina 20 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
aanleg van een half kunstgrasveld (64x50) op veld 3 komt neer op € 492.000,00 exclusief VAT en btw. De totale investering bedraagt dus € 1.476.000,00 exclusief VAT en btw6. Wanneer gekozen wordt om veld 2 of veld 4 om te bouwen naar kunstgras zal de investering daarvan goedkoper zijn. De afmeting van een hoofdveld zijn namelijk groter dan een standaard trainingsveld. De investering voor het ombouwen van veld 2 of 4 naar kunstgras zal in dat geval ongeveer €100.000,- goedkoper zijn. Eventueel kan gekozen worden om eerst alleen het hoofdveld om te bouwen naar kunstgras. Om vervolgens later het halve kunstgrasveld te realiseren, Olympia’60 kan dan in ieder geval de eerste 4 jaar vooruit. Voordeel hiervan is dat de investeringen verspreid kunnen worden over meerdere jaren. Nadeel is dat naar alle waarschijnlijkheid de totale investering hierdoor wel hoger wordt en Olympia’60 dan naar verwachting nog steeds een capaciteitsprobleem heeft.
5.2. Scenario 2: Zondag-/zaterdagvereniging In scenario 2 wordt onderzocht welke invloed het heeft op de behoefte aan velden als de seniorenteams van Olympia’60 op zondag wedstrijden gaan spelen7. Het voordeel hiervan is dat de organisatorische piekbelasting op de zaterdag afneemt. Door de wedstrijden te spreiden over 2 dagen zijn gelijktijdig minder wedstrijdvelden nodig. Voor dit scenario zijn specifieke organisatorische behoeftebepalingen gemaakt, deze zijn bijgevoegd in bijlage VI. 2023-2024 In de huidige situatie (30 teams) betekent dit dat de 7 seniorenteams op zondag gaan voetballen. De behoefte aan wedstrijdvelden op zaterdag afneemt van 3 (afgerond 4) naar 2 velden. De organisatorische behoefte neemt dus af met 2 velden.
Afbeelding 2. Behoefte Olympia’60 zondag-/zaterdag vereniging huidige situatie
De totale behoefte aan trainingsvelden komt uit op 1,5 veld. Organisatorisch heeft Olympia’60 dan een behoefte van 3,5 natuurgrasvelden. Wanneer de seniorenteams op zondag zouden gaan voetballen kan met het huidig aantal velden dus voldaan worden aan de organisatorische behoefte van de vereniging.
6
Voor een volledig overzicht zijn in de bijlage zijn de VAT-kosten en btw wel opgenomen. Dit is tegen de landelijke trend in waar we zien dat er steeds meer seniorenteams de overstap maken naar zaterdagvoetbal. 7
Pagina 21 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
Echter is dit niet het geval voor de technische behoefte. Het aantal teams verminderd niet ten opzichte van de huidige situatie die is doorgerekend in hoofdstuk 4.5. Olympia’60 zal als zaterdag/zondag vereniging dus nog steeds een te hoge technische behoefte hebben, het tekort bedraagt dan in totaal 396 speeluren. Dit betekent dat de natuurgrasvelden aan het einde van het seizoen niet meer van voldoende kwaliteit zijn. 2030 Wanneer het aantal teams groeit naar 33 in 2030 zal de behoefte op zaterdag toenemen van 2 naar 2,2 (afgerond 3) wedstrijdvelden. Op de zondag blijft het aantal seniorenteams gelijk en neemt de behoefte aan wedstrijdvelden dus niet toe.
Afbeelding 3. Behoefte Olympia’60 zondag-/zaterdag vereniging 2030
De behoefte aan trainingsvelden blijft 1,5 net als in 2023-2024. In totaal heeft Olympia’60 dan dus een organisatorische behoefte van 4,5 natuurgrasvelden. In 2030 heeft Olympia’60 een organisatorisch tekort van 1 natuurgrasveld. Het aantal teams groeit dus zal ook de technische behoefte toenemen wat de speeldruk op de velden verder zal verhogen. Het tekort aan speeluren loop op naar 532. Het grootste gedeelte van het tekort zit in trainingsuren. 2040 In 2040 groeit het aantal teams naar 35, de behoefte aan wedstijdvelden groeit op zaterdag naar 2,4 (afgerond 3), op zondag groeit de behoefte van 1,2 naar 1,4 veld (afgerond 2). In deze situatie heeft de vereniging een organisatorische behoefte van 3 wedstrijdvelden.
Afbeelding 4. Behoefte Olympia’60 zondag-/zaterdag vereniging 2040
Naast de groei van de behoefte aan wedstrijdvelden neemt ook de behoefte aan trainingsvelden toe van 1,5 naar 2 velden. De totale organisatorische behoefte komt dan uit op 5 natuurgrasvelden.
Pagina 22 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
Net als het aantal teams groeit ook de technische behoefte. Het totaal aantal benodigde speeluren bedraagt 2.036 uur. In totaal kunnen de bestaande velden samen een speeldruk aan van 1.350 uur. Het tekort aan speeluren bedraagt 686 uur, het grootste gedeelte hiervan zit weer voornamelijk in de trainingsuren.
5.2.1. Conclusie Wanneer de seniorenteams op zondagen zouden gaan spelen heeft Olympia’60 een organisatorische behoefte van 2 wedstrijdvelden en een behoefte aan 1,5 trainingsveld. In deze situatie heeft zij dus geen organisatorisch tekort. Echter worden in deze situatie de natuurgrasvelden nog steeds te zwaar belast. Waardoor het realiseren van bijvoorbeeld 1 kunstgrasveld nog steeds noodzakelijk is. Wanneer Olympia‘60 in 2030 groeit naar 33 teams stijgt de behoefte aan wedstrijdvelden naar 2,2 (afgrond 3) op de zaterdag en blijft deze 2 op zondag. De behoefte aan trainingsvelden blijft 1,5. De technische behoefte neemt ook iets toe. Wanneer een kunstgrasveld reeds is aangelegd kan dat ook dienst doen als wedstrijdveld. Hierdoor beschikt Olympia’60 over 3 wedstrijdvelden en 1,5 trainingsveld en heeft de vereniging dus ook in 2030 voldoende veldcapaciteit. In 2040 groeit de behoefte aan wedstrijdvelden naar 2,4 op zaterdag en 1,4 op zondag. Daarnaast groeit de behoefte aan trainingsvelden naar 2,0. In deze situatie heeft de vereniging dus geen organisatorisch tekort aan velden. Echter dient in deze situatie structureel getraind te worden op het wetraveld wat de kwaliteit hiervan niet ten goede komt. De belasting van de velden blijft in dit scenario even groot als in scenario 1.
Alleen de verdeling van de wedstrijden wordt anders waardoor meer uren in het weekend beschikbaar komen om wedstrijden te kunnen spelen. Het feit dat Olympia’60 van oudsher al een zaterdagvereniging is maakt het niet aannemelijk dat teams op zondag gaan spelen. Geconcludeerd kan worden dat scenario 2 eigenlijk geen uitkomst biedt voor het capaciteitsprobleem en daarnaast geen voordelen biedt ten opzichte van scenario 1. Het wordt dan ook niet als een reëel uitvoerbare oplossing gezien en daarom ook niet financieel doorgerekend.
5.3. Scenario 3: Samenwerking Olympia’60 en DVVC Scenario 3 onderzoekt de mogelijkheden die een eventuele samenwerking tussen Olympia’60 en DVVC op het gebied van veldgebruik zou kunnen bieden. Olympia’60 beschikt over 3,5 natuurgrasvelden, DVVC beschikt over 3,25 natuurgrasvelden. Samen beschikken de verenigingen over 6,75 natuurgrasvelden. In scenario 3 worden alle wedstrijden op zaterdag gespeeld en is gekozen voor een andere indeling van de velden dan in hoofdstuk 4. Voor dit scenario is gerekend met volgende velden:
3 natuurgras wedstrijdvelden (waarvan 2 hoofdvelden); 2 natuurgras wetravelden; 1,75 trainingsvelden.
Deze keuze is gebaseerd op het optimaal houden van de kwaliteit van de natuurgrasvelden. Eventueel zouden meer velden ingezet worden voor zowel wedstrijden als trainingen, echter is dit niet goed voor de kwaliteit (bespeelbaarheid) van de velden.
Pagina 23 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
Onderstaand figuur toont de indeling van de velden zoals hierboven weergegeven. De volledige tekening is opgenomen in bijlage VII.
Figuur 3. Overzicht veldindeling scenario 3
Door de keuze om 2 velden als wetravelden mee te nemen kunnen hierop wedstrijden en trainingen worden afgewerkt. Dit betekent wel dat het bij de organisatorische behoeftebepaling lijkt of er een groot overschot is aan trainingsvelden, maar vanwege dubbelgebruik van de wetravelden is deze ‘overcapaciteit’ nodig om de kwaliteit op peil te houden. Voor dit scenario zijn specifieke behoeftebepalingen opgesteld, deze zijn bijgevoegd in bijlage VIII en IX. In het huidige seizoen komen beide verenigingen samen uit op een totaal van 43 teams. Prognose Soort veld
Capaciteit
Huidige behoefte
Groei 2030 (+11%)
Groei 2040 (+15%)
Aanwezige Benodigde Over/ Benodigde Over/ Benodigde Over/ velden velden tekort velden tekort velden tekort
Wedstrijdveld
5
5
+0
6
-1
6
-1
Trainingsveld
3,75
2,5
+1,25
2,5
+1,25
2,5
+1,25
Tabel 8. Behoeftebepaling bij samenwerking Olympia'60 en DVVC
5.3.1. Conclusie Voor het seizoen 2023-2024 komt de gezamenlijke behoefte van beide verenigingen uit op 4,6 wedstrijdvelden (afgerond 5) en 2,5 trainingsvelden. In deze situatie beschikken de verenigingen samen dus over genoeg velden. Door de 2 wetravelden komt de overcapaciteit aan trainingsvelden uit op 1,25 veld. De twee verenigingen hebben in deze situatie voldoende technische capaciteit. In totaal is er een overschot van 41 speeluren. In 2030 groeit de behoefte aan wedstrijdvelden van 4,6 naar iets meer dan 5 (afgrond 6), de behoefte aan trainingsvelden blijft gelijk op 2,5 velden. De samenwerkende verenigingen hebben dan een tekort van 1 wedstrijdveld. Aan speeluren ontstaat er een tekort, namelijk -209 uur. Als de ledengroei doorzet richting 2040 ontstaat een behoefte aan 6 wedstrijdvelden en blijft de behoefte aan trainingsvelden 2,5. In deze situatie hebben de verenigingen net als in 2030 een tekort van 1 wedstrijdveld. De verenigingen hebben daarnaast een tekort van -447 speeluren.
Pagina 24 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
5.3.2. Investeringen scenario 3 Om een volledig beeld te verkrijgen van het scenario is naast de ruimtelijke inpassing ook een doorkijk gemaakt naar de financiële aspecten van het scenario. Het aanpassen van de natuurgrasvelden brengt een bepaalde investering met zich mee. In deze investeringen zit het aanbrengen van leunhekwerken bij de wedstrijd- en wetravelden waar deze nog niet aanwezig zijn en het plaatsen van dug-outs bij veld 4 van Olympia’60. Deze investeringsraming is bijgevoegd in bijlage V. In de investeringsraming is rekening gehouden met 15% AK, UK en W&R en 10% onvoorziene kosten, de raming is exclusief voorbereidingskosten en btw. Overige uitgangspunten zijn vermeld op het bijbehorende voorblad van de investeringsramingen. De investering voor het aanpassen van de natuurgrasvelden komt uit op € 55.000,00 exclusief. VAT (voorbereiding, administratie en toezicht) en btw. Naast deze initiële investering dient onderzocht te worden of verdere eventuele aanpassingen aan bijvoorbeeld de kleedruimte, parkeervoorzieningen en het openbare (fiets)pad tussen de beide verenigingen benodigd zijn.
Pagina 25 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
6. Exploitatielast per scenario In voorgaande paragrafen zijn de investeringskosten van de drie scenario’s in beeld gebracht. Dat zijn de kosten die nodig zijn om een betreffend scenario te realiseren. In dit hoofdstuk worden de exploitatiekosten beschreven. De exploitatiekosten zijn alle jaarlijkse kosten van kapitaalgoederen, daarbij gaat het om afschrijvingen, rentekosten en onderhoudskosten. Het is een optelling van de onderhoudslast en kapitaalslast. Deze kosten zijn noodzakelijk om de accommodatie in goede staat te houden en te zorgen dat deze aan de gewenste kwaliteitseisen voldoet. De exploitatie van scenario 1 en 3 worden in dit hoofdstuk beschreven, in bijlage X staat een uitgebreide uitwerking van de exploitatie. Scenario 2 blijkt geen reëel scenario en is daarom niet financieel berekend. De exploitatie van scenario 1 en 3 zijn niet één op één te vergelijken. In scenario 1 zijn namelijk niet de velden van DVV Concordia meegenomen. Uitgangspunten:
Prijspeil 2024 Prijzen kapitaalslasten incl. AK, UK, W&R 15%, onvoorzien 10% en rente 1,0% Prijzen onderhoudslasten incl. AK, UK, W&R 8% Prijzen onderhoudslaten en kapitaalslaten excl. btw en VAT
6.1. Scenario 1 In onderstaande tabel zijn de jaarlijkse exploitatielasten opgenomen voor scenario 1. Dit betreft alleen de exploitatie voor de velden van Olympia’60. Jaarlijkse Kapitaalslasten
Jaarlijkse Onderhoudslasten
Jaarlijkse theoretische fictieve exploitatielast
Kunstgrasveld Kunstgrasveld 1/2 Natuurgras wedstrijdveld Natuurgras wetraveld
€ € € €
63.807,36 31.243,79 8.175,82 9.268,78
€ € € €
6.000,00 3.000,00 16.000,00 14.000,00
€ € € €
69.807,36 34.243,79 24.175,82 23.268,78
Natuurgras wetraveld
€
9.268,78
€
14.000,00
€
23.268,78
Totaal
€
120.444,77
€
53.000,00
€
175.424,43
Scenario 1
Tabel 9. Exploitatielasten scenario 1
Pagina 26 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
6.2. Scenario 3 In onderstaande tabel zijn de jaarlijkse exploitatielasten opgenomen voor scenario 3. Dit betreft de gezamenlijke exploitatie voor de velden van Olympia’60 en DVVC. Jaarlijkse Kapitaalslasten
Jaarlijkse Onderhoudslasten
Jaarlijkse theoretische fictieve exploitatielast
Natuurgras hoofdveld Natuurgras hoofdveld Natuurgras wedstrijdveld Natuurgras wetraveld
€ € € €
8.175,82 8.175,82 7.675,40 9.268,78
€ € € €
16.000,00 16.000,00 14.000,00 14.000,00
€ € € €
24.175,82 24.175,82 21.675,40 23.268,78
Natuurgras wetraveld
€
9.268,78
€
14.000,00
€
23.268,78
Natuurgras trainingsveld
€
7.578,62
€
14.000,00
€
21.578,62
Natuurgras trainingsveld 1/2
€
4.627,17
€
7.000,00
€
11.627,17
Natuurgras trainingsveld 1/4
€
3.038,90
€
3.500,00
€
6.538,90
Totaal
€
57.809,29
€
98.500,00
€
156.309,29
Scenario 3
Tabel 10. Exploitatielasten scenario 3
Pagina 27 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
7. Conclusie en aanbevelingen In dit hoofdstuk wordt de conclusie van het behoefte- en capaciteitsonderzoek beschreven. De conclusies worden opgevolgd door een aantal aanbevelingen.
7.1. Conclusies Om de meest waarschijnlijke toekomstige behoefte te bepalen is onderzoek gedaan naar de demografie van de gemeente en in het bijzonder de kern Dongen. Het onderzoek heeft uitgewezen dat het aannemelijk is dat de hoeveelheid voetbalteams in de toekomst gaat groeien. Zowel de bevolkingsprognose van de gemeente Dongen als de prognose van het aantal bassischoolleerlingen in de kern Dongen laten in de toekomst een groei zien. Voor dit onderzoek is gekozen om het gemiddelde aan te houden van de groeipercentages van de bevolkingsprognose en de prognose van het aantal leerlingen van het basisonderwijs. Wat betekent dat de verwachting is dat Olympia’60 in 2030 met 11% en in 2040 met 15% gaat groeien ten opzichte van 2024. Uit de behoefte- en capaciteitsbepaling blijkt dat Olympia’60 in de huidige situatie een tekort heeft van één wedstrijdveld. Daarnaast heeft zij een tekort aan speeluren, van 346 per jaar, wat betekent dat de natuurgrasvelden meer belast worden dan ze aankunnen. De verwachting is dat in de toekomst het tekort verder oploopt naar een wedstrijdveld en een half trainingsveld in 2040. DVV Concordia heeft in de huidige situatie juist een overcapaciteit aan wedstrijd- en trainingsvelden. In de scenariostudie zijn drie mogelijke varianten onderzocht die mogelijk een uitkomst kunnen bieden voor het capaciteitsprobleem van Olympia’60.
In scenario 1 worden het hoofdveld en veld 3 omgebouwd naar kunstgras zodat de belastbare capaciteit van deze velden wordt vergroot en om tijdens slechte weersomstandigheden meer speelzekerheid te bieden. Scenario 2 onderzoekt het effect van de verplaatsing van de wedstrijden van de seniorenteams van de zaterdag naar de zondag. Of de overcapaciteit aan velden van DCC Concordia een uitkomst kan bieden wordt onderzocht in scenario 3. In scenario 1 is uitgegaan van een veldbehoefte van Olympia’60 zoals deze is berekend in hoofdstuk 3. De aanleg van beide kunstgrasvelden vergroot de belastbaarheid van deze velden aanzienlijk van respectievelijk 250 en 300 uur naar 1500 uur per veld. Hiermee kan voldaan worden aan de behoefte van Olympia’60 in de huidige situatie. Wanneer het halve kunstgrasveld (veld 3) slim ingezet wordt, bijvoorbeeld voor jeugdwedstrijden, dan zal waarschijnlijk ook nog voldaan kunnen worden aan de behoefte in 2030. In 2040 groeit de behoefte van Olympia’60 naar 3,6 wedstrijdveld en 2 trainingsvelden en kan met anderhalf kunstgrasveld niet meer voldaan worden aan de behoefte. De aanleg van beide kunstgrasvelden zal neerkomen op een investering van € 1.476.000,00, - exclusief VAT en btw. Bij de aanleg van eventueel één of meerdere kunstgrasvelden dient rekening gehouden te worden met de aanwezigheid van meerdere leidingen onder het sportpark.
Voordat gestart kan worden met de realisatie van deze velden dienen de risico’s van de aanwezigheid van deze leidingen in kaart gebracht te worden. Daarnaast dienen afspraken gemaakt te worden met de beheerder van deze leidingen.
Pagina 28 van 40 240927 24NW74101 CON Beh. en cap. onderzoek Olympia'60
Voordelen:
Nadelen:
- Met de ombouw van het hoofdveld van natuurgras naar kunstgras kan Olympia’60 waarschijnlijk tot en met 2030 vooruit. - Op een kunstgrasveld kan meer getraind worden dan op een natuurgrasveld. - Met een kunstgrasveld wordt meer speelzekerheid gecreëerd. Minder afhankelijk van het weer.
- Hoge initiële investeringskosten ten opzichte van de andere scenario’s.
Tabel 11. Voor- en nadelen scenario 1
Het aantal benodigde speeluren blijft in scenario 2 even groot als in scenario 1. Alleen de organisatorische verdeling van de wedstrijden wordt anders door het spelen van de seniorenteams op zondag. Hierdoor komen organisatorisch meer uren in het weekend beschikbaar om wedstrijden te kunnen spelen. Net als in scenario 1 dient nog steeds geïnvesteerd te worden in kunstgrasvelden. Voordelen: