CConstaterende datDongen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijl1- 25-62 Programmabegroting 2026-2029

Raadsvergadering 13 november 2025, gemeente DongenBij agendapunt: Raadsvoorstel 25-62 Begroting 202632.018 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Begroting in één oogopslag

1

Aan onze gemeenteraad Versterkt en vernieuwd de toekomst in Hierbij bieden we u aan: de Programmabegroting 2026-2029 van de gemeente Dongen. Het is de vierde en laatste begroting van deze bestuursperiode. Medio dit jaar heeft uw raad unaniem de Kadernota 2026 vastgesteld. Daarmee is een duidelijke en stevige basis gelegd voor deze begroting. We gaan door met het versterken en vernieuwen van onze vitale kernen Dongen, ’s Gravenmoer en Klein-Dongen-Vaart. Dat doen we met herkenbaar beleid op onze drie belangrijke actuele maatschappelijke opgaven: wonen, duurzaamheid en sociale basis. Voor doelen en keuzes op de lange(re) termijn, werken we aan de Toekomstvisie Dongen 2040. De visie is een kompas, beschrijft de richting voor onze gemeente en helpt bij het maken van keuzes die passen bij de gewenste toekomst. De toekomstvisie maken we samen met onze inwoners, ondernemers, verenigingen en maatschappelijke organisaties. In dit proces blijkt wederom dat Dongenaren inventief, flexibel en zorgzaam zijn. Goed voor elkaar, goed met elkaar. Samen zijn we in staat om een toekomstbeeld te schetsen voor een gezond, sterk en leefbaar Dongen. Opgaven duurzaamheid, sociale basis en wonen De gemeentelijke organisatie is eind 2024 begonnen met opgavegericht werken. Een manier van werken om brede maatschappelijke opgaven integraal, slagvaardig en mét de samenleving op te pakken.

Duurzaamheid Voor een gezond en toekomstbestendig leefklimaat stimuleren we klimaatbewustwording en gedragsverandering van onze inwoners en ondernemers. In 2026 zetten we extra in op het ondersteunen van inwoners bij het verduurzamen van hun woning. We faciliteren een energieloket en organiseren acties om bewustwording over verduurzaming te vergroten. We doen mee aan het Manifest Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen en Inkopen (MVOI) en het convenant Schoon en Emissieloos Bouwen (SEB). We maken een lokaal hitteplan en zijn aangesloten bij het Schone Lucht Akkoord. We stellen in 2026 het – wettelijk verplichte – warmteprogramma op waarin we aangeven in welke wijk(en) we beginnen en wat het alternatief wordt voor aardgas. De verduurzaming van het gemeentehuis wordt in 2025 afgerond. Ook de dependances aan Dwarsweg en Sluisweg worden verduurzaamd. In 2026 beginnen we met het verduurzamen van brandweerkazerne ‘s Gravenmoer, Jongerencentrum Dongen-Vaart en Eagle Shelter. Het verduurzamen van het gemeentelijk wagenpark gaat verder en is meegenomen in het Investeringsplan 2026-2029. Sociale basis De sociale basis wordt steeds belangrijker omdat inwoners steeds vaker te maken krijgen met complexe vraagstukken rondom gezondheid, bestaanszekerheid, participatie en sociale samenhang. Tegelijkertijd groeit het belang van nabijheid, vertrouwen en ondersteuning in de directe leefomgeving.

We zetten daarom gericht in op de sociale basis. De visie op de sociale basis bieden we u binnenkort aan. Wonen Wonen is ook voor 2026 speerpunt van beleid, met als opgave een wendbare en slagvaardige aanpak van de woonproblematiek. Er ligt een forse en goed onderbouwde opgave op het gebied van woningbouw. Tot 2040 is in Dongen behoefte aan 2.115 nieuwe woningen (prognoses eind 2023). Van die 2.115 woningen zijn er inmiddels 245 gerealiseerd. We zetten in op een evenwichtige verdeling

2

tussen binnenstedelijke verdichting en uitbreidingslocaties. Waar mogelijk bouwen we binnen de bestaande dorpsgrenzen. Daarbij onderzoeken we ook andere oplossingsmogelijkheden, zoals woningsplitsen en vrienden wonen.

Financiën In de Kadernota 2026 hebben we gewezen op de voortdurende onzekerheid over het geld dat gemeenten van het rijk (moeten) ontvangen. Op het moment van besluiten door het college was daar nog steeds onvoldoende duidelijkheid over. Daarom zijn in de Kadernota 2026 twee financiële scenario’s uitgewerkt: we krijgen wel extra geld van het rijk of we krijgen geen geld extra. In het scenario ‘wel extra geld’ konden we een sluitend meerjarenperspectief presenteren, conform de afspraak in het coalitieakkoord. In het scenario ‘geen extra geld’ gaven we aan dat bezuinigingen onontkoombaar zijn. Ravijnjaar vooruitgeschoven Als het gaat om duidelijkheid over het geld dat we krijgen van het rijk, dan zijn we eigenlijk niet heel veel verder op het moment van opstellen van de Begroting 2026-2029. De meicirculaire van het rijk is in feite een ‘tussen scenario’: we krijgen wel extra geld, maar slechts voor twee jaar. Het rijk heeft daarmee het zogenoemde ravijnjaar twee jaar vooruitgeschoven: het ravijn openbaart zich niet in 2026 maar in 2028. Bekostiging jeugdzorg De angel in de discussie tussen rijk en gemeenten is de bekostiging van de jeugdzorg. Gemeenten stellen, terecht, dat het rijk de kosten moet vergoeden. ‘Geen knaken, geen taken’ is de titel van een door de leden van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) aangenomen motie.

Het rijk beroept zich op de hervormingsagenda die moet leiden tot het terugdringen van de kosten(stijgingen) in de jeugdzorg. Het rijk gaat er daarbij vanuit dat de maatregelen uit de hervormingsagenda in 2028 en later effect gaan hebben en dat dit dus tot lagere kosten bij de gemeenten zal leiden. Door dit inverdieneffect is verdere verhoogde financiering door het rijk dan niet meer nodig. Ook in Dongen is de bekostiging van de jeugdzorg een heikel onderwerp. In de Kadernota 2026 hebben we aangegeven dat het gaat om een bedrag van € 1,8 miljoen: een kostenstijging die we niet structureel vergoed krijgen door het rijk. Begroting 2026 en 2027 sluitend Zoals aangegeven heeft het rijk voor 2026 en 2027 extra geld beschikbaar gesteld. Het lukt dan ook om de begroting voor die beide jaren sluitend te maken. Dat geldt echter niet voor de jaren 2028 en 2029, waarin we het extra geld van het rijk niet krijgen. Deze jaren sluiten met een tekort dat rond de € 1,5 miljoen ligt. Deze uitkomst van de Begroting 2026-2029 past niet bij de afspraak in het coalitieakkoord: een structureel sluitende begroting. Tegelijkertijd voldoet het wel aan de eis van onze financieel toezichthouder: het eerste begrotingsjaar is sluitend.

Advies VNG De VNG roept gemeenten in haar begrotingsadvies op om voor 2026 en 2027 de begroting zo mogelijk sluitend te maken en de effecten van kortingen transparant te tonen. Voor 2028 en 2029 adviseert de VNG om stelposten op te nemen, in afwachting van het nieuwe advies van de commissie-Van Ark. Doel is om duidelijk te laten zien dat gemeenten geld tekortkomen. Dit om te voorkomen dat het rijk kan concluderen dat er geen probleem is. Het college volgt in deze begroting het advies van de VNG. Voor 2026 en 2027 is de begroting sluitend, voor 2028 en 2029 laten we een tekort zien. Zoals in de Kadernota is aangegeven, hebben we ervoor gekozen om de incidentele lasten voor 2026 ook incidenteel te dekken uit de algemene reserve ( afgerond € 1,2 miljoen, conform beoordeling door de provincie). We kiezen ervoor om een aantal uitgaven niet structureel maar incidenteel op te nemen voor 2026 (en 2027). Aanvullend nemen we op dat we een uitkomst verwachten van de commissie-Van Ark ter grootte van € 1,8 miljoen, zoals ook in de Kadernota 2026 is aangegeven. Oplossingen Belangrijke aanvullende overweging voor het college is dat het alternatief betekent dat er bezuinigd moet worden in 2028 en 2029. In de Kadernota 2026 hebben we daar een aantal – pijnlijke – richtingen voor gegeven. Nu inzetten op deze bezuinigingen leidt tot grote maatschappelijke onrust. Bezuinigingen en

3

onrust die volgens het college niet nodig zijn, zeker niet op dit moment. Het college is ervan overtuigd dat de inverdieneffecten van de hervormingsagenda dan wel het extra geld van het rijk, oplossingen bieden. Samengevat ziet het financieel perspectief er als volgt uit: € x 1.000

2026

2027

2028

2029

Saldo begroting

493

156

-1.679

-1.339

1.800

1.800

121

461

Uitkomst commissieVan Ark Saldo

493

156

Ontwikkelingen sinds de Kadernota 2026 In deze begroting zijn drie belangrijke ontwikkelingen opgenomen die niet in de Kadernota 2026 staan. Onderhoud wegen Het beheerplan wegen loopt in 2025 af. De weginspectie is net voor de zomer afgerond en de resultaten daarvan vormen de basis voor het beheerplan wegen voor de komende vier jaar, inclusief de benodigde middelen. Het nieuwe beheerplan wegen vraagt extra budget om ons kwaliteitsniveau te behalen en te waarborgen. Daarnaast is het vorige budget niet geïndexeerd, hetgeen – gezien de marktontwikkelingen – leidt tot een extra budgetvraag. Het budget moet passen bij het beheerprogramma dat staat in het beheerplan wegen, onderdeel van de toets door onze toezichthouder, de provincie. Overigens is ook geconstateerd dat het bekostigen van het wegenonderhoud uit de exploitatie, niet verstandig is. Het college doet daarom het voorstel om een voorziening te treffen met een jaarlijkse dotatie. Daarmee worden schommelingen tussen de jaren opgevangen en wordt enige flexibiliteit ingebouwd. Integraal huisvestingsplan scholen 2026 Voor gemeenten wordt het verplicht om elke 4 jaar een integraal huisvestingsplan onderwijs (IHP) vast te stellen en tevens om de reële gevolgen van dit plan op te nemen in de begroting. In een IHP leggen gemeente en onderwijsbesturen een langetermijnvisie vast op onderwijshuisvesting.

De staat van de onderwijsgebouwen en noodzakelijke investeringen in de toekomst worden in beeld gebracht. Voor het overgrote deel van de onderwijsgebouwen geldt dat deze in beeld zijn gebracht in het door de gemeenteraad vastgestelde plan van aanpak onderwijshuisvesting 2018-2024 en ontwikkelingen (nieuwbouw) zijn of worden uitgewerkt. Drie schoolgebouwen - te weten Cambreur College gebouw B en de basisscholen Sint Jan en Achterberg - hebben in overeenstemming met de (toenmalige) schoolbesturen geen plaats gekregen in het plan van aanpak onderwijshuisvesting 2018-2024. Om in 2026 een nieuw IHP op te stellen, is het noodzakelijk om onderzoek te doen naar deze drie schoolgebouwen. In dat onderzoek wordt uiteengezet wat de staat van de schoolgebouwen is en welke scenario’s noodzakelijk en/of voorstelbaar zijn om de huisvesting te laten voldoen aan de eisen van deze tijd. Daarbij wordt een doorrekening gemaakt van de scenario’s in de vorm van een businesscase. Vervolgens worden keuzes voorgelegd aan de gemeenteraad bij de vaststelling van het IHP. Voor de onderzoeken hebben we € 135.000 in de begroting opgenomen. Het betreft een totaalbedrag waarbij we starten met een onderzoek naar de staat van de gebouwen. De scenario’s en doorrekeningen van de business cases doen we later (binnen het opgenomen totaalbudget).

De gemeenteraad wordt vooraan in het proces betrokken in de vorm van een startnotitie; deze hebben we inmiddels aan uw raad aangeboden. Finale besluitvorming over het IHP heeft ook plaats in de gemeenteraad. Doorontwikkeling van de organisatie In 2025 heeft de vernieuwde directie in opdracht van het college een analyse gemaakt van de organisatie en een aantal organisatieprincipes opnieuw vastgelegd. Een belangrijke conclusie was dat, naast dat er

4

veel dingen goed gaan, de ambtelijke organisatie en het gemeentebestuur op een aantal onderdelen van elkaar zijn afgedreven. Op een aantal plekken was zelforganisatie verworden tot zelfsturing, er was te weinig focus, sturing en monitoring, geen HR-gesprekscyclus en daarmee te veel vrijblijvendheid. Het gevolg was bestuurlijke onduidelijkheid en ontevredenheid over de kwaliteit van producten en werkprocessen. Het college en de directie hebben een doorontwikkeling van de organisatie in gang gezet. Een belangrijk uitgangspunt is het verbeteren en versterken van de dienstverlening. Eind 2025 worden nieuwe dienstverleningsprincipes vastgesteld die we in 2026 voor de hele organisatie uitrollen en monitoren. Inmiddels is de nieuwe sturingslijn duidelijk weggezet in de ambtelijke organisatie. Het college stuurt met duidelijke opdrachten (het ‘wat’) en deze opdrachten worden vanuit ambtelijk vakmanschap opgepakt en uitgevoerd (‘het hoe’). Het bestuurlijk-ambtelijke ‘contracteren’ (maken van afspraken) heeft plaats in periodieke portefeuillehouders-overleggen. Daarbij worden reële afspraken gemaakt over haalbaarheid en termijnen. Met het inzetten van bijvoorbeeld opgavenmanagers en procesverantwoordelijken, sturen we op opgaves en reguliere processen. De voortgangsbewaking ligt bij de directie, evenals de kwaliteitsbewaking van producten en de organisatie als geheel.

Onderdeel van de doorontwikkeling is het inrichten en tegelijk optimaliseren van processen om de kwaliteit en betrouwbaarheid van producten en diensten te waarborgen. Daarbij zorgt procesmatig werken ook voor integraliteit, eigenaarschap en uniformiteit. In 2026 gaan we hiermee verder. Hierbij wordt ook geïnvesteerd in een betere (procesmatige) afstemming tussen ambtelijke organisatie, college, griffie en gemeenteraad. In de ambtelijke organisatie worden een duidelijke gesprekscyclus en een vernieuwd systeem van functiewaardering ingevoerd. Daarmee houden directie en medewerkers periodiek het goede gesprek over verwachtingen, wensen, ontwikkeling en resultaten. Hier worden ook acties aan verbonden. Om de doorontwikkeling en de nieuwe manier van werken te realiseren en te borgen, is voor de komende jaren een extra investering nodig. Enerzijds tijdelijk om de noodzakelijke stappen te zetten en om mogelijke frictiekosten op te vangen; anderzijds ook structureel om de sturing te borgen in de organisatie. Ook is er geld nodig voor inhuur: voor expertise die we niet permanent nodig hebben en voor tijdelijke opvulling van vacatures die we in de huidige arbeidsmarkt niet gevuld krijgen met vast personeel. De afgelopen jaren werd de inhuur gedekt door een post onderuitputting op de personele kosten, maar deze post hebben we moeten schrappen op aanwijzing van de provincie.

Tot slot In deze begroting zetten we de beleidsontwikkelingen per thema op een rij. We sturen op het maken van realistische keuzes. We zijn waakzaam en kritisch – financiën en capaciteit moeten beschikbaar zijn. Bij de uitvoering van het gemeentelijk beleid gaan we voor professioneel vakmanschap, daadkracht, efficiëntie, maatwerk. We willen er écht zijn voor degenen die ons ook écht nodig hebben. Op deze manier zijn we erin geslaagd een meerjarig sluitende begroting te realiseren, passend bij onze bestuurlijke ambities en afspraken uit het coalitieakkoord. Versterkt en vernieuwd beginnen we aan 2026 en de volgende bestuursperiode. Burgemeester en wethouders van Dongen, De secretaris,

De burgemeester,

Dr. G.W. Goedmakers

Ir. J.C. Slagboom

5

Financieel Perspectief 2026-2029 De afgelopen vijf jaar is een gedegen financieel beleid neergezet, waardoor we steeds door konden gaan met investeren in onze gemeente Dongen. We zagen schommelingen in de uitkering van het rijk wat zou leiden tot fors minder geld vanuit het rijk. Voor de jaren 2026 en 2027 geldt dat de rijksoverheid, via de meicirculaire van het gemeentefonds, over de brug is gekomen met extra middelen, met name bedoeld ter compensatie van de alsmaar stijgende kosten in de jeugdzorg. Zoals het er nu uitziet daalt de rijksbijdrage vanaf 2028, een verplaatsing van wat het ravijnjaar wordt genoemd. Dit betekent wel dat ook Dongen de komende jaren minder te besteden heeft. Binnen de beschikbare budgetten zijn daarom keuzes gemaakt. In de basis is dit gebeurd binnen de drie grote thema’s die voortkomen uit het coalitieakkoord: de sociale basis, duurzaamheid en circulaire economie, wonen en bouwen. De totale woonlasten voor onze inwoners liggen ook dit jaar onder het landelijk gemiddelde. Vanuit onze solide koers kunnen we door blijven gaan met stevig investeren in onze drie lokale kernen Dongen, ’s Gravenmoer en Klein-Dongen-Vaart. Algehele financiële positie In onderstaande tabel is het begrotingssaldo (voor en na mutaties van de reserves) opgenomen. Voor 2026 presenteert het college een nadelig saldo voor reservemutaties van € -710.000.

Doordat (per saldo) een bedrag van € 1.203.000 wordt onttrokken aan de reserves, ontstaat een positief begrotingssaldo (na reservemutaties) van € 493.000. Ook jaar 2027 kent een positief begrotingssaldo, vanaf 2028 slaat het om. Waar in 2026 en 2027 extra gelden worden ontvangen ter dekking van de hogere uitgaven jeugdzorg, vervallen die vanaf 2028. Gemeenten worden dan geacht deze hogere last dan zelf te dragen of door bijvoorbeeld aan de hand van de Hervormingsagenda de besparingen te realiseren. 2028 wordt daarom ook wel gezien als het nieuwe ravijnjaar. Op advies van de VNG presenteren we in de voorliggende Programmabegroting het begrotingssaldo waarbij wordt uitgegaan van de lagere Algemene Uitkering. Op die manier wordt (op landelijk niveau) zichtbaar voor welke tekorten Nederlandse gemeenten zich vanaf 2028 weer gesteld zien. Belangrijkste financiële cijfers

2026

2027

2028

2029

Begrotingssaldo voor reservemutaties

-710

163

-1.672

-1.332

-/- Reservemutaties

1.203

-7

-7

-7

493

156

-1.679

-1.339

0,4%

0,2%

-1,8%

-1,4%

105%

113%

123%

127%

Begroting (x € 1.000)

Begrotingssaldo na reservemutaties Kengetallen Structurele exploitatieruimte Netto schuldquote

Tevens is in de tabel opgenomen de ontwikkeling van de solvabiliteit en de netto schuldquote. Ten aanzien van beide kengetallen heeft uw raad twee belangrijke normen vastgesteld. Allereerst is besloten dat de hoogte van de netto schuldquote uiterlijk in 2028 moet zijn afgebouwd tot onder de 130%. Dit doel wordt gerealiseerd. In paragraaf B is de ontwikkeling van de financiële positie beschouwd in een breder perspectief. Financieel meerjarenperspectief In de eerste Bestuursrapportage van 2025 (Berap 2025-1) hebben we uw raad geïnformeerd over het actuele meerjarenbeeld van de gemeentelijke begroting. Normaliter is dit beeld het begin voor het opstellen van het nieuwe financieel begrotingsperspectief. Dit jaar is de Kadernota 2026 een belangrijk vertrekpunt geweest als (financiële) verkenning voor het opstellen van de Begroting 2026-2029. Aanleiding hiervoor waren de aangekondigde ravijnjaren waarvan de impact nog niet bekend was. Hiermee was uw raad eerder in staat om eventuele bezuinigingen weloverwogen te nemen. Tenslotte is

6

de verhoging verwerkt van de algemene uitkering uit de Meicirculaire 2025. Uw raad is eerder geïnformeerd over de uitkomsten hiervan. In onderstaande tabel worden per categorie de belangrijkste mutaties weergegeven die in de begroting zijn verwerkt. Grofweg worden hierbij mutaties met een omvang van meer dan € 50.000 weergegeven en toegelicht. In de programmahoofdstukken worden per thema de mutaties toegelicht. Financieel Perspectief (bedragen x € 1.000)

2026

2027

2028

2029

Perspectief na Kadernota 2026 en Berap 2025-1

-2.203

-946

-1.100

-946

Meicirculaire 2025

3.623

3.230

1.590

1.715

Indexering bijdragen, subsidies en contracten

-222

-213

-213

-172

Ontwikkeling kapitaallasten

419

-152

-169

-179

Ontwikkeling personeelsbegroting

313

313

313

313

Kostenontwikkeling Jeugd

-339

-359

-459

-459

Kostenontwikkeling Wmo

-102

-102

-102

-102

Ontwikkeling uitkeringslasten en bijzondere bijstand Inflatieontwikkeling (IMOC 2,1%) en areaaluitbreiding OZB Overige autonome ontwikkelingen

-472

-872

-872

-872

115

115

115

115

262

469

469

469

3.597

2.428

673

828

Autonome mutaties

Totaal autonome mutaties Ruimtevragers Haalbaarheidsonderzoek IHP

-135

0

0

0

Parkmanager Tichelrijt

-50

-50

-45

-40

Actualisatie geprogrammeerd wegenonderhoud

-466

-466

-466

-466

Verhogen inhuurbudget

-500

-500

-500

-500

Organisatieontwikkeling

-874

-470

-420

-395

Formatie-uitbreiding

-155

-58

-58

-58

Overige ruimtevragers

-172

-75

-75

-75

-2.352

-1.619

-1.564

-1.534

292

292

312

312

1.159

0

0

0

1.451

292

312

312

493

156

-1.679

-1.339

Totaal ruimtevragers Ruimtebieders Inzet niet benodigde reservering indexering Inzet algemene reserve als dekking incidentele lasten Totaal ruimtebieders Begrotingssaldo na reservemutaties

Autonome ontwikkelingen In de meerjarenbegroting 2026-2029 zijn diverse autonome ontwikkelingen verwerkt. Dit betreft mutaties waarop we als gemeente niet of nauwelijks invloed kunnen uitoefenen. Het gaat hierbij om: • Meicirculaire 2025: zoals eerder toegelicht leidt de meicirculaire 2025 tot een toename van de hoogte van de algemene uitkering. Deze circulaire kenmerkte zich door compensatie voor jeugdzorg in 2026 en 2027. Vanaf 2028 vervallen deze aanvullende middelen weer, waarmee het ravijnjaar wordt verlegd van 2026 naar 2028. • Sociale lasten personeel, inclusief cao: de personeelslasten zijn bepaald op basis van de actuele inzichten per 1 juli 2025. De rekenfactor sociale lasten is teruggebracht naar een meer reëel percentage, dit leidt tot een voordeel.

7

•

• •

•

Indexering subsidies en verbonden partijen: subsidiebudgetten en veel contracten (bijvoorbeeld binnen de zorg) stijgen met het landelijk inflatiepercentage. Deze wordt gebaseerd op de meicirculaire 2025 en bedraagt voor 2026: 2,1%. Hierdoor nemen onze uitgaven toe. De bijdragen aan de gemeenschappelijke regelingen volgen uit de besluitvorming over de begroting in het algemeen bestuur van de betreffende regeling. Herijking kapitaallasten: de kapitaallasten zijn herijkt op basis van het bijgestelde investeringsplan 2026-2029. Hierbij is in 2025 gerekend met een rekenrente van 1,0%. Sociaal Domein: de kosten voor de jeugdzorg blijven stijgen. Hoewel het aantal cliënten in de jeugdzorg stabiel lijkt, neemt de zorgzwaarte wel toe. In de bijstand stijgt het aantal cliënten; dit is een landelijke ontwikkeling die ook in Dongen zichtbaar is. Tenslotte stijgen de kosten voor ontwikkelgerichte arbeidsmatige dagbesteding. Deze regeling slaat goed aan, waardoor er meer mensen gebruik van maken. Indexering OZB (onroerendezaakbelasting): zoals aangegeven in de Kadernota 2026 wordt bij de vaststelling van het OZB-tarief rekening gehouden met de inflatie. Dit betekent dat de opbrengst meerjarig stijgt met 2,1%. Wel worden voor de verschillende OZB-categorieën verschillende percentages gehanteerd. Zie hiervoor ook paragraaf A Lokale Heffingen.

Ruimtevragers Naast de autonome ontwikkelingen, is ook sprake van beleidsintensiveringen oftewel ruimtevragers. Het kan hier gaan om nieuw beleid, maar doorgaans is sprake van een uitbreiding of het simpelweg duurder worden van bestaand beleid. Dit kan lokaal geïnitieerd zijn, maar even goed kan het gaan om landelijke wetgeving. De belangrijkste ruimtevragers worden hieronder toegelicht: • Voor gemeenten wordt het verplicht om elke 4 jaar een integraal huisvestingsplan onderwijs (IHP) vast te stellen en tevens de reële gevolgen van dit plan in de begroting op te nemen. In een IHP leggen gemeente en onderwijsbesturen een langetermijnvisie vast op onderwijshuisvesting. De staat van de onderwijsgebouwen en noodzakelijke investeringen in de toekomst worden in beeld gebracht. Om in 2026 een nieuw IHP op te stellen, is het noodzakelijk om onderzoek te doen naar drie schoolgebouwen (Cambreur College gebouw B, de basisscholen Sint Jan en Achterberg). • Parkmanagement Tichelrijt: voor het uitvoeren van het plan van aanpak transformatie toekomstbestendig bedrijventerrein Tichelrijt, voortkomend uit de economische visie, is capaciteit nodig: een parkmanager. Dit om projecten uit te voeren en voor het bevorderen van de samenwerking tussen ondernemers onderling en tussen gemeente en ondernemers. • Het onderhoudsplan geprogrammeerd onderhoud wegen is geactualiseerd.

Enerzijds is duidelijk geworden dat op sommige plaatsen de wegen er slechter aan toe zijn als gedacht. Anderzijds is er ten opzichte van het oude onderhoudsplan sprake van een aanzienlijke kostenstijging. Vanaf deze begroting wordt een onderhoudsvoorziening ingesteld. • Al enkele jaren is er sprake van forse inhuur. Uitbreiding van het gemeentelijk takenpakket en de knelpunten in de beschikbaarheid van capaciteit op de arbeidsmarkt, maken dat er vaker een gebruik moet worden gemaakt van een flexibele schil. Eerder werden deze kosten gedekt uit de stelpost onderuitputting personeelslasten. Op last van de provincie is deze echter geschrapt. • Formatie-uitbreiding van de gemeentelijke organisatie: om de landelijke groei aan gemeentelijke taken en rollen lokaal bij te kunnen benen, is uitbreiding van de personele formatie noodzakelijk. In totaal is verspreid over de organisatie 5 fte aan extra capaciteit nodig. • Organisatieontwikkeling: in 2025 heeft de vernieuwde directie in opdracht van het college een analyse gemaakt van de organisatie en een aantal organisatieprincipes opnieuw vastgelegd. Het college en de directie hebben een doorontwikkeling van de organisatie in gang gezet. Een belangrijk uitgangspunt is het verbeteren en versterken van de dienstverlening.

Eind 2025 worden nieuwe dienstverleningsprincipes vastgesteld die we in 2026 voor de hele organisatie uitrollen en monitoren. Om de doorontwikkeling en de nieuwe manier van werken te realiseren en te borgen, is de komende jaren een extra investering nodig. Enerzijds tijdelijk om de noodzakelijke stappen te zetten en om mogelijke frictiekosten op te vangen, anderzijds ook structureel om de sturing te borgen in de organisatie. Ruimtebieders Tegenover de ruimtevragers staan ook enkele ruimtebieders: • Bij het in beeld brengen van de financiële ontwikkelingen in de Kadernota 2026, is rekening gehouden met het opnemen van een stelpost voor het indexeren van de baten en lasten. Aangezien de meicirculaire nog niet was verschenen, is op basis van de toen bekende CPB-cijfers een inschatting gemaakt. Voor de te verwachten stijgingen van baten en lasten is een stelpost

8

•

opgenomen in de Kadernota 2026. Daarna is het indexeringspercentage 2,1% bekend geworden bij de meicirculaire 2025, aanpassing prijsindex materiële overheidsconsumptie (imoc). Bij het opstellen van de Begroting 2026 zijn indexeringen doorgevoerd waar nodig en is vast komen te staan dat niet alle budgetten geïndexeerd hoeven te worden (lopend contract of bestaand budget is toereikend om kostenstijging op te vangen). Het niet benodigd deel kan dus vrijvallen. Hoewel het oorspronkelijke ravijnjaar 2026 is verplaatst naar 2028, bleek de financiële ruimte toch te beperkt om alle ontwikkelingen te kunnen dekken direct uit het begrotingssaldo. Voor 2026 is er voor gekozen om de incidentele lasten te dekken met incidentele middelen. Dat wordt op onderdelen al vaker toegepast, maar is nu doorgevoerd voor alle incidentele lasten. Dat betekent een inzet van de algemene reserve ter dekking van de ruimtevragers in de jaarschijf 2026.

Beoordeling structureel begrotingssaldo Voor de beoordeling van het structurele begrotingssaldo, daar waar de Provincie naar kijkt, moeten de incidentele baten en lasten worden gecorrigeerd. In onderstaande tabel is het gecorrigeerde saldo weergegeven. Hieruit blijkt dat er sprake is van een structureel sluitende begroting. In 2028 slaat dit om in een negatief begrotingssaldo, als gevolg van de daling van de algemene uitkering (de ravijnjaren 2028 en 2029). Structureel begrotingssaldo (x € 1.000)

2026

2027

2028

2029

Begrotingssaldo na reservemutaties

493

156

-1.679

-1.339

Saldo van incidentele baten en lasten

-81

7

7

2

412

163

-1.672

-1.337

Structureel begrotingssaldo

9

Inhoudsopgave Begroting in één oogopslag ........................................................................................................ 1 Aan onze gemeenteraad ............................................................................................................ 2 Financieel Perspectief 2026-2029 .............................................................................................. 6 Inhoudsopgave ......................................................................................................................... 10 Beleidsbegroting ....................................................................................................................... 12 Leeswijzer ....................................................................................................................... 13 Kerngegevens ................................................................................................................ 14 1. Dongen Leeft!............................................................................................................. 18 2. Dongen Zorgt! ............................................................................................................ 36 3. Veilig Dongen! ............................................................................................................ 53 4.

Dongen Onderneemt! ............................................................................................... 60 5. Dongen Dient! ............................................................................................................ 67 Algemene dekkingsmiddelen en overhead ................................................................ 79 Paragraaf A. Lokale heffingen ..................................................................................... 82 Paragraaf B. Weerstandsvermogen en risicobeheersing ........................................ 88 Paragraaf C. Onderhoud kapitaalgoederen ............................................................... 96 Paragraaf D. Financiering ............................................................................................. 99 Paragraaf E. Bedrijfsvoering ...................................................................................... 104 Paragraaf F Verbonden partijen ................................................................................ 109 Paragraaf G. Grondbeleid .......................................................................................... 116 Paragraaf H. Openbaarheid .......................................................................................

118 Financiële begroting ............................................................................................................... 120 Overzicht van baten en lasten ................................................................................... 120 Uiteenzetting van de financiële positie ..................................................................... 126 Investeringsplan 2026 - 2029 ..................................................................................... 131 Bijlagen ................................................................................................................................... 136 Bijlage 1: Overzicht van geraamde baten en lasten per taakveld ........................ 136 Bijlage 2: Risicoprofiel ................................................................................................. 138

10

11

Beleidsbegroting

12

Leeswijzer Opbouw van de begroting Deze begroting bestaat uit twee delen en een aantal bijlagen. In deel 1 "Beleidsbegroting" kunt u de programma's en de verplicht voorgeschreven paragrafen lezen. In deel 2 "Financiële begroting" geven we het overzicht weer van baten en lasten, de uiteenzetting van de financiële positie en het investeringsplan. Deze Programmabegroting heeft dezelfde opzet als vorig jaar. Het programmaplan is opgebouwd aan de hand van de vijf pijlers van de toekomstvisie en de overzichten van algemene dekkingsmiddelen en overhead. De vijf pijlers uit onze toekomstvisie zijn: Dongen Leeft, Dongen Zorgt, Veilig Dongen, Dongen Onderneemt en Dongen Dient. Dat zorgt voor herkenbaarheid, uniformiteit en duidelijkheid. Een programma is onderverdeeld in een aantal thema's. Beleidsthema’s De indeling binnen de thema’s is zoals we die bij de Programmabegroting 2022-2025 hebben ingezet. U vindt in elk thema antwoord op de vragen: • Wat willen we bereiken? Hierbij is onderscheid gemaakt tussen enerzijds de strategische doelstellingen (het bovenliggende doel binnen een bepaald thema) en anderzijds de beleidsdoelstellingen (de concrete doelstellingen van het beleid binnen een thema). • Welke risico’s kunnen onze doelstellingen in de weg staan? Deze vraag geeft inzicht in de belangrijkste beleidsrisico’s. Daar waar relevant is aangegeven hoe we met deze risico’s omgaan.

• Wat gaan we daarvoor doen? Nieuw is dat we hierbij onderscheid maken tussen reguliere activiteiten, speerpunten voor 2026 en overige ontwikkelingen. • Wat mag het kosten? De kosten zijn onderverdeeld naar taakveld, waarbij de kolom 2026 is gebaseerd op de primitieve begroting. Deze taakvelden zijn landelijk gedefinieerd en voorgeschreven. Daarnaast vindt u in elk thema de relevante beleidsindicatoren. Het hierboven genoemde onderscheid tussen speerpunten en overige ontwikkelingen, geeft de mogelijkheid om de voortgang in 2026 op een heldere wijze te monitoren. Van de speerpunten zullen we dat doen in de eerste twee bestuursrapportages. In de jaarrekening zullen we met een stoplichtenmodel aangeven in hoeverre deze zijn gerealiseerd. Elk programma opent met een infographic en daarna de belangrijkste kerncijfers binnen dat programma. Die kerncijfers zijn ontleend aan ons eigen dashboard dongen.incijfers.nl. We nodigen u uit op deze website te kijken naar meer beschikbare data. Een link via een QR-code is te vinden op de pagina met kerncijfers. Paragrafen Na de beleidsthema’s zijn de (verplicht voorgeschreven) paragrafen opgenomen. Een paragraaf geeft een dwarsdoorsnede van de Begroting vanuit een bepaald perspectief over alle programma's heen. De begroting bevat de volgende paragrafen: A. Lokale heffingen B. Weerstandsvermogen en risicobeheersing C.

Onderhoud Kapitaalgoederen D. Financiering E. Bedrijfsvoering F. Verbonden Partijen G. Grondbeleid H. Openbaarheid

13

Kerngegevens

14

15

16

DONGEN LEEFT

Scan de QR-code voor meer informatie.

17

1. Dongen Leeft! Het programma Dongen Leeft! gaat over het brede terrein dat bepaalt hoe het is om in Dongen te leven. Leven gaat dan om het vinden van een duurzame eigen plek om te wonen. De vraag naar woningen is groot. Er wordt volop inzet gepleegd om voor de verschillende doelgroepen voor de langere termijn de juiste woningen te realiseren. Maar leven is meer dan wonen alleen. We bouwen aan een gezonde leefomgeving door te investeren in leefbare en sociale wijken en kernen met voldoende groen en voldoende voorzieningen. Een gezonde leefomgeving vraagt ook om een (vitaal) buitengebied met een rijke biodiversiteit, schoon water, een groen landschap met ruimte om te ondernemen en te recreëren. Dongen kent een rijk verenigingsleven. Veel inwoners zijn lid van sportverenigingen, bezoeken evenementen en gaan naar de bibliotheek. In de basis zijn alle ingrediënten aanwezig om Dongen ook in de toekomst de gemeente te laten zijn waar het prettig duurzaam wonen, werken, leven en verblijven is, maar waar ook onze geschiedenis en herkomst herkenbaar zijn en met eigen ervaring beleefbaar blijven. Duurzaamheid en klimaat nemen al jaren een belangrijke plaats in als het gaat om prettig te kunnen leven - en dat geldt zeker ook voor de toekomst. Dongen is dan ook volop aan het verduurzamen.

Zonnepanelen worden geplaatst, nieuwe woningen worden aardgas-loos gebouwd en bestaande gebouwen worden verduurzaamd, waarbij wordt ingezet op het stimuleren van isoleren. De hoge energiekosten geven hiervoor een extra aanleiding. Met het oog op de klimaatveranderingen zoals droogte, hittestress en hevige regenval, zal Dongen blijven investeren om onze leefomgeving leefbaar te houden. Dongen Leeft! is vooral een programma waarbinnen kaders worden geschapen en waar wordt ingespeeld op nieuwe ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving. Bij de ontwikkelingen in het maatschappelijk domein wordt (waar mogelijk) gezocht naar andere invullingen en een andere manier van werken. De instandhouding van onze duurzame en leefbare omgeving, zien wij als dienstverlening aan onze inwoners. Dit is daarom opgenomen in het programma Dongen Dient!.

110 Omgeving Strategische doelstellingen De openbare ruimte is (verkeers)veilig en (multi)functioneel ingericht. Goede toegankelijkheid, verkeer, bewegen, beleving, ontmoeting en veiligheid komen hier samen. Er is een woningvoorraad die past bij de omvang, aard en samenstelling van de bevolking. Het is fijn wonen, werken en verblijven in Dongen. Wat willen we bereiken? Beleidsdoelstellingen • Verkeersveiligheid vergroten door mensgerichte maatregelen die gedrag beïnvloeden. • Bij de inrichting van de openbare ruimte passen we, indien mogelijk, circulaire economie toe en we hebben aandacht voor groen, biodiversiteit, de inclusieve samenleving, water, duurzaamheid, recreatie, bewegen, gezondheid, tegengaan van hittestress, verkeer, kunst, veiligheid, bewustwording, beheer en ondergrondse infrastructuur. • Onze woningvoorraad brengen we meer in lijn met de demografische opbouw van onze bevolking, op basis van de provinciale woningbouwcijfers. De meest recente provinciale prognoses zijn verwerkt in de woondeal en verwerkt in onze plannen. Daarbij is gezocht naar nieuwe inbreidings- en uitbreidingslocaties. • We proberen een gevarieerd aanbod te realiseren voor verschillende doelgroepen. Er is een groeiende behoefte aan kleine en aan levensloopbestendige woningen. Daar houden we rekening mee. Dat geldt ook voor de betaalbaarheid.

In onze woonzorgvisie is conform de afspraken uit de woondeal een verdeling opgenomen van 30% sociale huur en 40% middel-dure huur en/of betaalbare koop (in totaal 70% betaalbaar) en 30% vrije sector. • De inwoners van onze kernen waarderen de leefbaarheid tenminste als ‘ruim voldoende’. We gaan voor een inclusieve samenleving waarin zorg, sport, cultuur en onderwijs voor iedereen toegankelijk

18

•

zijn. Een gezonde leefomgeving is groen, met voldoende mogelijkheden om deze te gebruiken voor ontmoeting en ontspanning. Bewoners en ondernemers van het buitengebied krijgen meer duidelijkheid over ontwikkelingsmogelijkheden in diverse deelgebieden. Er wordt gestreefd naar een gezonde bodemen waterkwaliteit ter bevordering van de biodiversiteit.

Beleidsrisico’s • Bij de ontwikkeling van woningbouwlocaties zijn we afhankelijk van landelijke ontwikkelingen, onder meer de langere doorlooptijd voor de aanleg van nutsvoorzieningen en stijgende bouwkosten. In Dongen hebben we binnen bestaand stedelijk gebied weinig last van beperkingen door stikstof bij de bouw. Bij uitbreidingslocatie is stikstof een punt van aandacht. • Om locaties voor woningbouw geschikt te maken, worden ruimtelijke procedures doorlopen. Bij de ruimtelijke procedures kan worden gedacht aan de volgende procesrisico's: o Vertraging door onverwachte tegenvallers of uitvoeren van eisen voortvloeiend uit diverse weten regelgeving; o Bezwaar- en/of beroepsprocedures; o Geen vaststelling van het omgevingsplan door de raad of vernietiging van het plan na een gerechtelijke procedure. Actief sturen op realisatie van gewenste woningtypes, in een vroeg stadium integraal een ontwikkeling bespreken en aan de voorzijde en gedurende de procedure de goede dialoog voeren, zijn effectieve middelen om de risico’s te beperken. • Werken met de Omgevingswet (vanaf 1 januari 2024): o Zorgen dat het gemeentedekkend omgevingsplan (één integraal plan dat alle regels van een gemeente voor de fysieke leefomgeving bevat), tijdig gereed is: voor 2032. o De processen zowel intern als met externe partners inrichten en afstemmen.

o ICT blijft landelijk in ontwikkeling om functionaliteit, stabiliteit en gebruiksvriendelijkheid te verbeteren. o Mogelijke vertraging in processen en inhoudelijke onduidelijkheid (eigen maken van en leren werken met de nieuwe wet). TAM-IMRO omgevingsplannen zijn vanaf 1 januari 2026 niet meer toegestaan. Deze risico’s proberen we te beperken door gezamenlijk op te trekken met regiogemeenten en ketenpartners, met ondersteuning van VNG en externe adviseurs. • Voor de aanleg van de provinciale weg N629 zijn we afhankelijk van landelijke wet- en regelgeving en beleid van de provincie. Deze factoren bepalen voor een groot deel of er binnen afzienbare tijd een doorstart kan worden gemaakt met de plannen voor een nieuw tracé N629. Als dit positief uitvalt, zullen de onderzoeken waarvan de houdbaarheid is verstreken, opnieuw moeten worden uitgevoerd met eventueel nieuwe consequenties. Wat gaan we daarvoor doen? Belangrijkste reguliere taken • We zorgen voor een inrichting van de openbare ruimte waar wonen, werken, verblijven en verplaatsen met elkaar in balans kunnen bestaan. Dit doen we met zowel fysieke maatregelen als ook met maatregelen die gericht zijn op educatie en gedragsbeïnvloeding/ gezondheid. • We faciliteren gebiedsontwikkeling en voeren planologische procedures uit, van individueel verzoek tot grote uitbreidingslocaties.

• We zorgen dat we voldoende bouwgrond beschikbaar hebben voor wonen, werken en verblijven. Het sturen hierop kan door het verwerven en ontwikkelen van gronden, maar ook door het opstellen van gebiedsvisies en sturing via planologische procedures.

19

Speerpunten 2026 • Implementeren van de opgave wonen in de organisatie. • Implementeren wet versterken regie volkshuisvesting: voorbereiden en vaststellen huisvestingsverordening en programma wonen • Ontwikkeling Noorderbunder – Start van de bouw van de woningen in fase 1. • Ontwikkeling Vijf Turven – Het stedenbouwkundig plan is definitief en het planologisch traject is in gang gezet. Overige ontwikkelingen Wonen • Opgavegericht werken Wonen We geven verder invulling aan de ambities en opgaven op het gebied van wonen. De ambities op dit gebied zijn hoog. De organisatie is in 2025 begonnen met opgavegericht werken. Wonen is één van de drie geprioriteerde opgaven. Door het formuleren van doelen en baten, worden de inspanningen op het gebied van wonen integraal in beeld gebracht en ondergebracht in planningen. De opgave is daarmee niet één product maar een totaal van inspanningen. De opgave wonen is gericht op wonen, de leefomgeving en mobiliteit. Alle onderdelen binnen het thema 110 Omgeving zijn hierin vervat. De resultaten van de toekomstvisie 2040 worden hierbij meegenomen. Ook wordt de opgave wonen afgestemd met de twee andere opgaven: duurzaamheid en sociale basis. •

Omgevingswet o Opstellen Omgevingsplan In 2025 wordt de aanbesteding voorbereid om te komen tot het gefaseerd opstellen van het omgevingsplan. In 2032 dient de gemeente Dongen over een gemeentedekkend omgevingsplan te beschikken. We verwachten dat de eerste fasen meer tijd en inzet vragen, maar dat de daaropvolgende fasen (met meer ervaring) sneller tot afronding komen. Waar nodig worden activiteiten gedurende het proces verder aangescherpt. o

Opstellen programma Wonen en volkshuisvestingsprogramma In 2026 werken we verder aan het programma wonen en bereiden we het verplichte volkshuisvestingsprogramma verder voor. De programma’s wonen en volkshuisvesting zijn nauw met elkaar verbonden, maar hebben een iets andere focus. Het programma wonen is een brede term die alle beleidsmaatregelen en activiteiten omvat die betrekking hebben op wonen in een gemeente. Dit kan gaan over nieuwbouw, renovatie, betaalbaarheid, leefbaarheid, etc. Het volkshuisvestingsprogramma is een specifiek instrument binnen de Wet versterking regie volkshuisvesting (Wvrv). Het is een uitwerking van de gemeentelijke omgevingsvisie op het gebied van wonen en vervangt de huidige woonvisie. Dit programma geeft concrete invulling aan de woonambities van de gemeente en beschrijft welke woningen er voor welke doelgroepen gebouwd moeten worden en waar. De Wvrv wordt waarschijnlijk per 1 januari 2026 van kracht.

o

Uitvoeringsprogramma Buitengebied Na afronding van het programma Buitengebied (eind 2025/begin 2026) wordt in 2026 uitvoering gegeven aan dit programma. Een onderdeel hiervan is het organiseren van een frequent overleg met jonge agrarische ondernemers en samen te werken en elkaar te versterken via netwerken zoals De Duinboeren. Agrarische ondernemers zijn van belang voor de transformatie van het landelijk gebied. Door afspraken te maken over herinrichting en het inzetten van ecosysteemdiensten, werken we aan betere waterberging, natuurontwikkeling en een hogere kwaliteit van water en bodem. Ook helpen we ondernemers bij de energietransitie op hun bedrijf.

20

In 2026 onderzoeken we binnen Stedelijke Regio Breda Tilburg of een subsidieloket op regionaal niveau kan worden opgezet. Hiervoor kijken we ook samen met de agrarische ondernemers naar de mogelijkheden binnen agrarisch natuurbeheer. Daarnaast verkennen we andere subsidies en kansen om de ecologische verbindingszone (EVZ) te versterken en wandelverbindingen te creëren. •

Woningbouwprogramma o Eind 2023 zijn de laatste provinciale bevolkingsprognoses bekend geworden. Daaruit blijkt dat er tot 2040 behoefte is aan 2.115 nieuwe woningen in de gemeente Dongen. Dat betekent een forse en goed onderbouwde opgave. Van die 2.115 woningen zijn er inmiddels 245 gerealiseerd. Voor de resterende opgave van 1.870 woningen zijn al verschillende plannen in voorbereiding. We streven naar een planvoorraad van 130% (2.431 woningen). In de praktijk blijkt namelijk dat verschillende projecten uiteindelijk geen doorgang vinden, om meerdere redenen. o De gemeente zet in op een evenwichtige verdeling tussen binnenstedelijke verdichting en uitbreidingslocaties. Waar mogelijk bouwen we binnen de bestaande dorpsgrenzen en daarbij onderzoeken we ook andere oplossingsmogelijkheden (bijvoorbeeld woningsplitsen, vrienden wonen). o Binnen de bestaande dorpsgrenzen worden mogelijke woningbouwlocaties onderzocht door het opstellen van gebiedsvisies. In 2026 ronden we de gebiedsvisie Achter de Vennen af. Indien actueel wordt aansluitend de gebiedsvisie Kanaalzone opgepakt. Daarnaast zijn er inbreidingslocaties waarvoor al een gebiedsvisie is vastgesteld. Zo bereiden we de ontwikkeling van het terrein van Glorieux verder voor. In 2025 is gestart met de uitwerking van de gebiedsvisie Kloosteromgeving. Dit wordt in 2026 vervolgd.

o Naast de locaties waarvoor een gebiedsvisie is vastgesteld / in voorbereiding is, wordt ook de herontwikkeling van de vrijgekomen schoollocaties en de aangekochte locatie aan de Hoofdstraat in ’s Gravenmoer in 2026 verder opgepakt. o Om de resterende woningbehoefte op te vangen, kijkt de gemeente naar uitbreidingslocaties. De focus ligt hierbij op het gebied Berlagestraat–Procureurweg. In 2025 is gestart met het verplaatsen van een melkveehouderijbedrijf. De planologische procedure wordt in 2026 afgerond. In 2026 zetten we de nodige vervolgstappen voor de ontwikkeling van woningbouw. De locatie is in beeld als versnellingsopgave. Ook verkennen we andere potentiële locaties. o Daar waar nodig speelt de gemeente actief in op ruimtelijke ontwikkelingen, bijvoorbeeld door de aankoop van gronden en/of gebouwen. Dit biedt sturingsmogelijkheden en kan de uitvoering van woningbouwprojecten versnellen. o De ontwikkelingen van het woningbouwprogramma blijven wij volgen middels de regionale woningbouwmonitor. Als deze goed is ingeregeld (data en dagelijks beheer), willen we de monitor ook ontsluiten middels een publieksversie.

•

Grondexploitaties woningbouw en grondbeleid Om goed te kunnen koersen op de woningopgave voor Dongen, is het van belang om de gemeentelijke grondexploitaties voortvarend te ontwikkelen. De ontwikkeling van de locatie Noorderbunder is in volle gang. In 2025 wordt gestart met de verkoop van de woningen en in 20262028 worden de woningen gebouwd. De Vijf Turven wordt verder uitgewerkt om nieuwe woningbouw mogelijk te maken in 's Gravenmoer. Tweemaal per jaar wordt verantwoording afgelegd in de voortgangsrapportage grondexploitatie. We houden kansen die zich voordoen goed in de gaten om onze ambities te verwezenlijken. Gezien de opgaven die binnen wonen voor ons liggen, sluiten we niet uit dat we de komende jaren effectief gebruik gaan maken van de mogelijkheid van actieve grondpolitiek.

•

Vereveningsfonds betaalbare woningen

21

In opdracht van de gemeenten Dongen en Waalwijk heeft StecGroep advies uitgebracht over mogelijkheden om sociale huurwoningen en betaalbare koopwoningen te realiseren. Op basis van dit advies is een regeling opgesteld voor een vereveningsfonds. Dit fonds zal in 2026 operationeel zijn. Er is in de begroting rekening gehouden met een eerste inleg in het fonds. Daarna zal het fonds gevoed worden met bijdragen van projectontwikkelaars die niet in staat blijken de afgesproken percentages betaalbare woningen te realiseren. In 2026 zullen de eerste resultaten zichtbaar worden van de werking van de regeling. •

Stimuleringsregelingen Stichting Volkshuisvesting Nederland (SVn) De gemeente Dongen biedt via SVn drie regelingen aan die inwoners in staat stellen om een eerste woning te kopen. Sinds 2019 is dat de starterslening voor het aankopen van de eerste woning. In 2025 zijn daar bij gekomen de stimuleringslening en de verzilverlening. Hiermee kunnen huiseigenaren hun eigen woning verduurzamen of levensloopbestendig maken. De leningen kunnen worden aangevraagd via de website van de gemeente Dongen. Daar zijn ook alle voorwaarden te vinden die gelden voor de verschillende leningen. De belangstelling voor de starterslening is groter dan het aantal leningen dat kan worden gehonoreerd. Omdat er de eerste drie jaar geen rente en aflossing betaald hoeft te worden voor een starterslening, duurt het een aantal jaren voordat uitgekeerde middelen terugvloeien in het fonds (revolveren) en het fonds voldoende wordt gevoed voor nieuwe deelnemers. Om die reden is het voor 2026 nodig om het fondsdeel starterleningen aan te vullen om daarmee starters blijvend te kunnen ondersteunen. Hoe de belangstelling voor de twee andere SVn-leningen is, wordt in 2026 gemonitord en aan het einde van het jaar geëvalueerd.

•

Nieuwe wetgeving en huisvestingsverordening De rijksoverheid neemt de regie steviger in handen, onder andere vanwege de wooncrisis. Op 1 januari 2026 treedt de Wet versterking regie volkshuisvesting (Wvrv) in werking. De wet verplicht elke gemeente om een huisvestingsprogramma (zie omgevingswet) en een huisvestingsverordening vast te stellen. In de verordening moet in elk geval voorrang zijn geregeld voor de in de Wvrv genoemde doelgroepen. Samenwerking en afstemming binnen de SRBT-regio over de voorrangsregeling wordt verplicht. Daarom wordt in regionaal verband gewerkt aan de voorbereiding van een huisvestingsverordening.

•

Regio Hart van Brabant en Stedelijke Regio Breda Tilburg In 2025 is het uitvoeringsprogramma van het ontwikkelingsperspectief Stedelijke regio Tilburg-Breda (SRBT) vastgesteld. De uitvoering hiervan heeft in 2026 en verder plaats. Onderwerpen in 2026 kunnen onder meer zijn: o Het verder verdiepen van de dorpenstrategie. De dorpenstrategie wordt in 2025 provincie breed opgesteld in de vorm van een toolbox. o Opstellen van een handboek voor naoorlogse wijken. o Landelijk gebied-verkenning voor een nieuw perspectief voor het landschap en de landbouw o Regionaal (ruimtelijk) economische visie SRBT.

Leefomgeving • Uitvoering van het speelruimteplan Een groot deel van de huidige speeltoestellen is aan het einde van hun levensduur. We hechten belang aan veilige en uitdagende speelvoorzieningen die stimuleren om te bewegen. Deze bieden ook ruimte voor ontmoeting van inwoners van 0-100 jaar. In samenspraak met betrokkenen kinderen en ouders wordt het speelareaal vervangen of aangepast waar dat nodig is. Hierdoor ontstaat de komende jaren gefaseerd een goed netwerk van speelplekken. Deze vormen een

22

beweegvriendelijke leefomgeving voor actieve en gezonde bewoners, waarbij we ook kijken naar inclusiviteit. Het uitgangspunt hierbij is dat een aantal kleine speelplekken met beperkte waarde verdwijnt ten gunste van grotere speelvoorzieningen met meer uitdaging. Voor de met name wat grotere speelplekken (buurt- en wijkspeelplekken), worden de bewoners betrokken en wordt hun inbreng gevraagd. Voor de kleine speelplekken en incidentele vervangingen wordt de omgeving geïnformeerd. Beweegzone • Voor de ontwikkeling van de beweegzone, waarin sport- en beweeglocaties in en rondom Dongen worden verbonden, zijn al verschillende initiatieven gerealiseerd en in gang gezet. Onderdeel hiervan is het versterken van de fysieke verbindingen tussen Dongen, ’s Gravenmoer en Klein-Dongen-Vaart via de ecologische verbindingszone. In 2026 wordt een visiedocument opgesteld dat de kansen en mogelijkheden in kaart brengt voor een samenhangend en toekomstgericht netwerk van sport, bewegen en ontmoeten in het buitengebied. Mobiliteit o Verkeersbeleidsplan In 2026 wordt het verkeersbeleidsplan opgesteld. De uitvoering heeft in de jaren daarna plaats. o

Het herinrichten van de Eindsestraat De onderhoudsmaatregelen die gepland staan voor de Eindsestraat, worden opgenomen in een compleet herinrichtingsplan. Er wordt een ontwerp uitgewerkt, waarin de verkeersveiligheid voor met name fietsers verbetert. Daarnaast wordt ruimte gezocht voor de aanplant van bomen en groen met de bedoeling een kwaliteitsslag te maken voor deze invalsweg van Dongen. Daarmee draagt de herinrichting van de Eindesestraat zowel bij aan de mobiliteit als ook de leefomgeving.

o

Nieuwe kruising Duiventorenbaan-Moerkensdreef Bij een nieuwe wegverbinding N629 moet het onderliggend wegennet worden aangepast. Eén van deze projecten is het realiseren van een nieuwe kruising ter hoogte van de DuiventorenbaanMoerkensdreef. De aanleg van deze kruising moet klaar zijn vóórdat de nieuwe N629 aansluit op de kruising Duiventorenbaan-Westerlaan-Steenstraat. We bekijken wat kan en wat moet worden voorbereid. Verkeersplan 's Gravenmoer In 2026 wordt de herinrichting van de Vaartweg in 's Gravenmoer afgerond. Het volgende project vanuit verkeersplan 's Gravenmoer is de herinrichting Hoofdstraat-Molendijk, tussen de Kerkebosdreef en de Grutterijstraat. Naar verwachting is dat project in de loop van 2026 gereed om aan te besteden.

o

Beleidsindicatoren 110 Omgeving Nieuwe woningen

Leefbaarheid

Aantal nieuwgebouwde woningen per 1.000 woningen bestaande woningvoorraad 2021 2022 2023 2024 10,7 20,7 2,7 19,5 Leefbaarheidssituatie per kern 2020 2022 2024 Goed Ruim Voldoende Dongen voldoende Goed Goed Ruim ‘s Gravenmoer voldoende

23

Verhouding

Koopsom (in € 1.000)

Goed Zeer goed Ruim Klein-Dongen-Vaart voldoende Percentage koop- en huurwoningen 2021 2022 2023 2024 Huur 30% 30% 30% 29% Koop 71% 70% 70% 71% Gemiddelde verkoopprijs van een te koop aangeboden woning 2021 2022 2023 2024 355 393 408 430

120 Leven Strategische doelstellingen • De Dongense samenleving is gezond, vitaal en veerkrachtig. • Inwoners hebben een goede, positieve, fysieke en mentale gezondheid. • Dongen is een omgeving waar het prettig wonen, werken, leven, verblijven en recreëren is. Wat willen we bereiken? Beleidsdoelstellingen Sport We willen dat iedereen in Dongen de mogelijkheid heeft om te sporten en te bewegen. Daarom stimuleren we deelname en zetten we in op toegankelijke en passende sportvoorzieningen. We ondersteunen sportverenigingen in hun ontwikkeling naar sterke, toekomstbestendige organisaties met voldoende vrijwilligers om ook in de toekomst vitaal te kunnen blijven. We besteden actief aandacht aan een sociaal veilige sportomgeving. Zo dragen we bij aan gezondheid, verbondenheid en leefbaarheid in onze gemeente. Verenigingsleven/ sociaal-cultureel • We zetten in op een samenleving waarin mensen elkaar ontmoeten, samen dingen ondernemen en zich betrokken voelen bij hun omgeving. Activiteiten, evenementen en het rijke verenigingsleven dragen bij aan leefbaarheid, verbondenheid en meedoen voor jong en oud. Cultuur • Kinderen en jongeren ontwikkelen zich op het gebied van kunst en cultuur (zie ook Dongen Zorgt, thema onderwijs), daarnaast bevorderen we cultuurparticipatie, gelijke kansen en een centrale vindplaats voor kunst- en cultuuraanbieders in Dongen.

• We zetten in op het in stand houden van cultuurhistorie, onze rijks- en gemeentelijke monumenten en identiteitsbepalende objecten. Daarmee leveren we een bijdrage aan een aantrekkelijke woon- en leefomgeving, voor zowel bewoners als bezoekers. Recreatie en toerisme • Stimuleren van mogelijkheden voor dag- en verblijfsrecreatie in onze gemeente (in samenwerking met de Dongense recreatieve ondernemers) om daarmee onze positie in de regio op het gebied van recreatie en toerisme te versterken. Beleidsrisico’s

N.v.t.

24

Belangrijkste reguliere taken We onderhouden en versterken de contacten met inwoners, maatschappelijke organisaties, ondernemers en het verenigingsleven. Sport • We werken vanuit de sport- en beweegvisie, waarbij we inzetten op het stimuleren van sport en bewegen, het benutten van sport als middel voor gezondheid en participatie en het versterken van het lokale aanbod. We gebruiken financiële middelen vanuit SPUK (specifieke uitkering van overheid) en GALA (Gezond en Actief Leven Akkoord) om projecten en activiteiten te realiseren die bijdragen aan de vitaliteit van onze inwoners. We bevorderen een gezonde leefstijl, met speciale aandacht voor de doelgroepen jongeren (van 9 maanden tot 18 jaar) en 65-plussers. Ook stimuleren we gezonde sportomgevingen, onder andere via de gezonde sportkantine. Samen met onze partners organiseren we activiteiten die hieraan bijdragen, zoals de Koningsspelen, de Vitaliteitsmarkt en de Nationale Wandel Uitdaging. Daarnaast geven we uitvoering aan het Lokaal Sportakkoord (onderdeel van GALA) in samenwerking met lokale en regionale partners. Verenigingsleven/ sociaal-cultureel • We zorgen voor toegankelijke voorzieningen waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten, ontspannen en actief kunnen deelnemen aan sportieve of culturele activiteiten. Daarmee dragen we bij aan een gezonde, inclusieve en vitale samenleving. •

We stimuleren sport- en cultuurdeelname, met extra aandacht voor jeugd en senioren. Via Sjors Sportief & Creatief en Max Vitaal kunnen inwoners op laagdrempelige wijze kennismaken met het lokale aanbod, zonder direct lid te hoeven worden van een vereniging. In 2026 worden de platformen voortgezet, inclusief coördinatie, om duurzame deelname en doorstroming te stimuleren.

•

We passen het subsidiebeleid toe om maatschappelijke initiatieven te ondersteunen. Subsidies maken het mogelijk dat organisaties initiatieven kunnen realiseren die bijdragen aan een leefbare en betrokken samenleving.

Cultuur • We werken vanuit de visie op kunst- en cultuureducatie en zorgen voor subsidiëring van maatschappelijke organisaties. • We zorgen voor invulling en subsidiëring van bibliotheekwerk. • We zetten ons in voor het behoud van de kwaliteit van ons cultureel erfgoed op de langere termijn en waar mogelijk zetten we cultuurhistorie in als inspiratiebron in ruimtelijke ontwikkelingsprojecten. Hierbij betrekken we onze partners, zoals museum en de lokale heemkundekringen. We zetten ons in om samen met inwoners en ketenpartners onze geschiedenis beleefbaar te houden voor volgende generaties. Recreatie en toerisme • Het stimuleren van dag- en verblijfsrecreatie in onze gemeente – bij voorkeur in samenwerking met recreatieve ondernemers uit Dongen – draagt bij aan het versterken van onze regionale positie op het gebied van recreatie en toerisme. Hierbij zoeken we actief de samenwerking op met verschillende ondernemerscollectieven.

Verbonden partijen • Beheermaatschappij Zwemsport- en recreatieobjecten BV • Belastingsamenwerking West-Brabant Speerpunten 2026 • We bouwen aan een toekomstbestendig verenigingsleven door ondersteuning te bieden, in samenwerking met lokale partners en sportbonden. • We stimuleren sport- en cultuurdeelname bij kinderen en senioren, zonder drempel van lidmaatschap.

25

• • •

• •

•

We geven uitvoering aan het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA), met aandacht voor preventie en participatie. In 2026 ligt de focus op sociale veiligheid, valpreventie en een gezonde leefstijl. De visie sociale basis (gereed in 2025) wordt uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma, waarna herijking volgt van het subsidiebeleid. Hiermee wordt in de loop van 2026 begonnen. Het herijkt subsidiebeleid zal naar verwachting per kalenderjaar 2028 in werking treden. Met de komst van een verenigingsadviseur ondersteunen we de sport- en cultuurverenigingen. In 2025 is met een vragenlijst geïnventariseerd welke behoeften en uitdagingen er leven bij de verenigingen. De verkregen inzichten vormen de basis voor verdere ondersteuning. In 2026 wordt dit traject voortgezet, met inzet op gedeelde vraagstukken en samenwerking met sportverenigingen, sportbonden en regiogemeenten. De periode tussen de start van de verenigingsadviseur en het opstellen van deze begroting is te kort om effecten te meten, daarom is het voorstel de pilot verenigingsadviseur met één jaar te verlengen, tot en met december 2026. Voorstel is om op het complex van voetbalvereniging Olympia ‘60 1,5 kunstgrasveld aan te leggen. Bij goedkeuring is de aanleg hiervan voorzien in de zomer van 2026.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16038225/2