Bijlage 2 Jaarstukken 2020.pdf
Tekst van het document
Jaarstukken 2020
Jaarverslag en jaarrekening 2020
Datum: 18 februari 2021 Status: versie AB vergadering 24-3-2021 © Omgevingsdienst Achterhoek
2
Elderinkweg 2, 7255 KA Hengelo (Gld) info@odachterhoek.nl www.odachterhoek.nl www.gelderseomgevingsdiensten.nl @odachterhoek /OmgevingsdienstAchterhoek 2
INHOUDSOPGAVE
JAARVERSLAG
2020
_____________________________________________________________
_________________________________________________________________
4
4
I.
II.
Voorwoord Inleiding
_________________________________________________________________ 6 III. Programma 1 – Vergunningverlening ___________________________________________
8
IV.
Programma
_______________________________________
10
V.
________________________________________________
14
2
–
Programma VI.
Toezicht 3
Programma
en –
4
Handhaving Specialismen
-
Stelseltaken
_________________________________________________ 16 VII. Programma 5 – Overige activiteiten en projecten ________________________________
19
VIII.
Financiële
uitkomsten
____________________________________________________ 20 IX.
Paragrafen ______________________________________________________________ 21 1.
Bedrijfsvoering _________________________________________________________ 21
2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing ____________________________________ 25
3.
Financiering ____________________________________________________________ 31
4.
Onderhoud kapitaalgoederen ______________________________________________ 32 JAARREKENING 2020
3
___________________________________________________________ 33 Balans per 31 december 2020 ___________________________________________________ 34 Toelichting op de balans _______________________________________________________ 37 WNT-verantwoording 2020 Omgevingsdienst Achterhoek ____________________________ 42 Overzicht van baten en lasten ___________________________________________________ 44 Toelichting overzicht van baten en lasten _________________________________________ 45
JAARVERSLAG 2020 I. Voorwoord In 2020 zijn we geconfronteerd met Corona, een pandemie die ons allemaal in de greep houdt en die een enorme impact heeft op de samenleving. In dit jaarverslag van de Omgevingsdienst Achterhoek, blik ik terug op dit bijzondere jaar, in de wetenschap dat de gevolgen begin 2021 nog niet voorbij zijn. Halverwege maart 2020 wordt duidelijk dat ook Nederland maatregelen moet nemen tegen de verspreiding van de pandemie. Thuiswerken en 1,5 meter afstand is de nieuwe norm. De ODA kon hier direct mee aan de slag omdat alle medewerkers al gewend waren om tijd- en plaats onafhankelijk te werken. Onduidelijk was of we voldoende werk zouden hebben en of de controles bij bedrijven door konden gaan. Door goede afspraken hebben we snel een passende invulling kunnen geven aan de
3
controles. We hebben andere werkzaamheden gezocht voor een mogelijke terugloop van vergunningen, meldingen of specialistische adviesvragen. We hebben (betaalde) werkzaamheden verricht, o.a. voor Provincie en ODRN. Deze inspanningen leveren nieuwe inzichten op die voor de ODA en de medewerkers verfrissend zijn. In de praktijk is gebleken dat de werkzaamheden niet teruggelopen zijn. Gemeenten zagen dat ook terug in bijvoorbeeld de bouwactiviteiten. Waar nodig en mogelijk hebben we onze partners ondersteund bij toezicht op Coronamaatregelen. Verder hebben we ons gericht op de reguliere taken en ontwikkelingen. De Omgevingswet is uitgesteld tot 2022 en de beschikbare tijd gebruiken we zo goed mogelijk voor de voorbereiding en het oefenen in de praktijk. We trekken intensief op met onze partners en faciliteren waar mogelijk. Samen zijn er pilots opgezet of in ontwikkeling. ICT is een ingewikkeld vraagstuk. De ODA is inmiddels aangesloten op DSO (Digitaal Stelsel Omgevingswet: het loket voor vergunningaanvragen en voor raadplegen van regels per locatie) en samen gaan we door met de ontwikkelingen. We leren van elkaar en we trekken intensief op met de andere partners, VNOG, Waterschap en GGD zodat we ons samen beter kunnen voorbereiden. Vanuit ons vakgebied kijken we kritisch mee met de ontwikkeling van de wet aan de voorkant.
Samen met de Omgevingsdiensten in het Gelders Stelsel reageren we op de consultatierondes. Helaas zijn ondermijning en drugscriminaliteit niet gestopt in 2020. Onze medewerkers dragen bij aan de signalering en opsporing van drugslabs of -plantages en vervolgens aan de afhandeling van de milieueffecten die het gevolg zijn. Een relatief nieuw fenomeen zijn Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS). Van stoffen die enkele jaren geleden een innovatie leken, zien we soms na jaren dat ze negatieve gevolgen hebben voor mens en milieu. De lijst met ZZS groeit gestaag. De ODA heeft veel kennis over ZZS in huis en speelt een belangrijke rol bij de kennisontwikkeling bij de Omgevingsdiensten in het land. In 2019 hebben we geconstateerd dat we een deel van onze producten en diensten onvoldoende konden vertalen naar de partners waarvoor we de taken hebben uitgevoerd. Daarom hebben we onze omzet in de eerste helft van 2020 intensief gemonitord en geanalyseerd. Daarop zijn de rapportages verder verbeterd. We zijn verheugd dat we u een positief resultaat kunnen laten zien over 2020. Ondanks Corona is het resultaat hoger dan verwacht. De toelichting daarvoor vindt u in het jaarverslag Net als de meeste mensen snakken we naar meer persoonlijk contact. Thuiswerken gaat de meeste mensen goed af, maar vervreemding van elkaar ligt op de loer. De balans tussen werk en privé staat onder druk.
We faciliteren onze medewerkers waar mogelijk en we zijn ons bewust van onze voorbeeldrol waardoor de mogelijkheden voor contact zeer beperkt zijn. Vooral in een tijd waarbij de samenwerking rond de Omgevingswet centraal staat.
5 4
Met het vooruitzicht dat een vaccin ons in de tweede helft van 2021 weer meer ruimte gaat geven blijven we ons enthousiast inspannen voor een veilige, leefbare en nu meer dan ooit gezonde Achterhoek,
Hengelo, 18 februari 2021. Met vriendelijke groet namens Het Dagelijks Bestuur van de Omgevingsdienst Achterhoek,
Ir. Petra G.M. van Oosterbosch Directeur
4
II. Inleiding 1.
Algemeen
Voor u ligt het jaarverslag en de jaarrekening 2020 van de ODA. De ODA is opgericht op 7 november 2012, de eerste vergadering van het Algemeen Bestuur van de ODA. De ODA kent twee bestuursorganen namelijk het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur. De voorzitter wordt door en uit het Algemeen Bestuur gekozen. Op 31 december 2020 waren de besturen als volgt samengesteld. Algemeen Bestuur:
6
5
Lid
Functie
Gemeente/ Provincie
Plaatsvervanger
Functie
T.M.M. Kok
Wethouder
Aalten
M.J. Veldhuizen
Wethouder
J.H.A. van Oostrum
Burgemeester
Berkelland
M.H.H. van Haaren
Wethouder
W.W. Buunk
Wethouder
Bronckhorst
P.L.P.S. Hofman
Wethouder
F.H.T. Langeveld
Wethouder
Doetinchem
H.G. Bulten
Wethouder
B.J. Groot Wesseldijk
Wethouder
Lochem
S.W. van ‘t Erve
Burgemeester
W.J.A. Gerritsen
Wethouder
Montferland
O.G. van Leeuwen
Wethouder
B.T.M. Porskamp
Wethouder
Oost Gelre
M.G. Frank
Wethouder
O.E.T. van Dijk
Burgemeester
Oude IJsselstreek
S.L. Hiddinga
Wethouder
I.T.F. Klein Gunnewiek
Wethouder
Winterswijk
B.J.J. Bengevoord
Burgemeester
L.J. Werger
Wethouder
Zutphen
A. De Jonge
Wethouder
P.G.J. Kerris
Gedeputeerde
Gelderland
J.W.M. van der Meer
Gedeputeerde
Directeur
ODA
R. Reinders
Afdelingshoofd
Lid
Functie
Gemeente/ Provincie
J.H.A. van Oostrum
Burgemeester vz
Berkelland
B.J. Groot Wesseldijk
Wethouder
Lochem
W.J.A. Gerritsen
Wethouder
Montferland
W.W. Buunk
Wethouder
Bronckhorst
P.G.M. van Oosterbosch
Directeur
ODA
Secretaris P.G.M. van Oosterbosch
Dagelijks Bestuur:
2.
Plaatsvervanger
Functie
Gemeente
R. Reinders
Afd.hoofd
ODA
Financiële uitkomsten
6
7
7
x 1.000 euro
Taakveld
Begroting 2020
Begroting na wijz
Realisatie 2020
Begr-real
Baten
Baten
Baten
Saldo
Lasten
Lasten
Lasten
Programmaplan Programma 1 Vergunningverlening
7.4 Milieubeheer
2.051
1.112
2.051
1.112
1.937
1.079
-81
Programma 2 Toezicht en handhaving
7.4 Milieubeheer
4.649
2.929
4.649
2.929
4.691
2.742
228
Programma 3 Advies
7.4 Milieubeheer
1.423
1.027
1.423
1.027
1.455
1.118
-59
Programma 4 Stelseltaken
7.4 Milieubeheer 106
124
106
124
85
98
5
552
64
289
23
266
Eigen stelseltaak Kosten Gelders stelsel van Omgevingsdiensten Programma 5 Projecten
616
616
7.4 Milieubeheer
Overzichten Overhead
0.4 Overhead onderst. Organisatie
Algemene dekkingsmiddelen
0.5 Treausury
Bedrag onvoorzien
0.8 Algemene baten en lasten
Geraliseerde totaal saldo van baten en lasten normale bedrijfsvoering
8.229
2.359
2.359
0
2.305
54
62
62
0
0
62
8.229
8.456
7.918
538
8.229
8.229
Bijdrage deelnemers in het tekort 2019 Toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves
Gerealiseerde resultaat
495 0
0
0
0
8.229
8.229
8.229
8.229
8.951
495 495
-495
8.413
538
Procedure jaarrekening • De procedure inzake de jaarrekening ziet er als volgt uit: Het Dagelijks Bestuur zendt de ontwerp jaarstukken 2020 vóór 15 april 2021 aan Provinciale Staten en de gemeenteraden. • Provinciale staten en de gemeenteraden kunnen hun zienswijzen over de ontwerp jaarstukken indienen bij het Dagelijks Bestuur van de Omgevingsdienst. • Het Dagelijks Bestuur verzamelt de zienswijzen en biedt de ontwerp jaarstukken voorzien van de zienswijzen aan het Algemeen Bestuur. • Het Algemeen Bestuur stelt de jaarstukken 2020 vervolgens vóór 15 juli 2021 vast. • Onmiddellijk na de vaststelling van de jaarstukken door het Algemeen Bestuur zendt het Algemeen Bestuur de jaarstukken aan Provinciale Staten en de gemeenteraden. • Het Dagelijks Bestuur zendt de jaarstukken vóór 1 augustus 2021 aan de minister.
III. Programma 1 – Vergunningverlening 1. Wat hebben we bereikt Het aantal afgehandelde procedures in is ten opzichte van voorgaande jaren toegenomen. Er is daarbij een verschuiving opgetreden t.o.v. 2019 naar minder arbeidsintensieve producten waardoor we binnen de begroting zijn gebleven. Vergunningen en meldingen zijn vraag gestuurd.
8
Vergunningen en meldingen
2493 Aantal
1781 1965
0
500
1000 2020
1500 2019
2000
2500
3000
2018 de
Percentage WABO vergunningen binnen wettelijke termijn (KPI gesteld op 90%) Tijdigheid van een besluit binnen de wettelijke termijn is van belang voor zowel partners als burgers en bedrijven vanuit het oogpunt van een goede service en het voorkomen van ongewenste situaties door van rechtswege afgegeven WABO vergunningen. Met de wettelijke termijn wordt hierbij bedoeld de wettelijk maximale tijdsduur (inclusief eventuele verlengingen) tussen inboeken van een aanvraag en het afgeven van de definitieve beschikking. Dit kan een fatale termijn (waarbij het daarna van rechtswege verleend is) of een termijn van orde zijn. In het Gelders Stelsel is een kritische prestatie indicator (KPI) bepaald voor het tijdig verlenen van vergunningen. Deze KPI is gesteld op 90 % WABO vergunningaanvragen binnen wettelijke termijn t.o.v. alle WABO vergunningaanvragen. We hebben de buiten behandeling gelaten en ingetrokken vergunningsaanvragen niet meegeteld in de berekening van de KPI’s. Ook de meervoudige besluiten zijn niet meegeteld omdat de gemeente dan het besluit neemt. Bij een meervoudig besluit geeft de ODA advies over het milieudeel van het besluit.
9 8
We hebben 140 procedures afgehandeld in 2020. Van deze procedures zijn 23 procedures buiten de (wettelijke) termijn afgehandeld. Van deze 23 aanvragen zijn er 21 aangevraagd voor 1 juli 2019. Destijds was er een capaciteitsprobleem waardoor de aanvragen niet tijdig zijn opgepakt. Dit heeft geresulteerd in een besluitdatum in 2020. 84% van de procedures zijn binnen de (wettelijke) termijn afgehandeld. Dit is een verbetering ten opzichte van vorig jaar (toen 57%). Er wordt nog steeds verder toegewerkt naar de doelstelling van 90%. Er zijn geen negatieve effecten geconstateerd uit het niet halen van de termijnen. Er zijn geen reguliere procedures van rechtswege verleend.
2. Wat hebben we daarvoor gedaan In 2020 heeft het team Vergunningen zich met name gericht op: • De uitvoering van primaire taken in het kader van vergunningverlening en milieumeldingen. • Het bieden van extra ondersteuning bij het afhandelen van asbestsloopmeldingen op verzoek van een van onze partners. • Het uitvoeren van agrarische IPPC actualisaties. Vergunningen van alle Achterhoekse agrarische IPPC-bedrijven moeten voor februari 2021 op Best Beschikbare Technieken (BBT) worden geactualiseerd en fysiek gecontroleerd. De vergunningen zijn voor een groot deel gereed gekomen in 2020. De controles zijn opgestart, maar door de corona-crisis zullen we de planning van februari 2021 niet kunnen halen en loopt dit dus verder door in 2021 en zo nodig in 2022. 3. Wat heeft het gekost (bedragen in 1.000 euro’s)
9
Overzicht baten en lasten Programma 1 Vergunningverlening Begr. 2020 Na wijz. Baten
Realisatie 2020
Lasten
Saldo
Baten
Begr - rel
Lasten
Saldo
Saldo
Programmaplan Programma 1 Vergunningverlening
2.051
1.112
939
Overhead
501
Onvoorzien
1.937
1.079
858
-81
-501
495
-495
6
13
-13
0
0
13
2.051
1.626
425
1.937
1.574
363
-62
2.051
1.626
425
1.937
1.574
363
-62
Overzicht Algemene dekkingsmiddelen
Saldo van baten en lasten
Mutaties reserves
Resultaat
De baten uit Vergunningverlening liggen lager dan begroot. De lasten zijn gebaseerd op de salarislasten van het team vergunningen en de inhuur derden. Opbrengsten uit gedetacheerde medewerkers zijn ten gunste gebracht van de lasten. De netto-lasten zijn lager dan begroot. De collega’s van vergunningverlening zijn ingezet op externe projecten. Die opbrengsten zijn verantwoord onder de externe bijdragen.
IV. Programma 2 – Toezicht en Handhaving 1. Wat hebben we bereikt Reguliere en aspectcontroles Ingebracht in HUP 2020
Uitgevoerde controles
2271
2044
Controles t.o.v. HUP 2020 90%
Volledige naleving na 1e bezoek 70%
Er is een aantal controles van het HUP 2020 niet uitgevoerd om verschillende redenen. De belangrijkste reden was dat we door de Coronacrisis en bijbehorende lockdown-periodes in het voorjaar en aan het eind van 2020 niet overal heen konden gaan voor deze controles. In plaats daarvan hebben we ons tijdens de lockdown-periodes zo veel mogelijk gericht op de niet fysieke controles zoals gevelcontroles en administratieve controles. Percentage volledige naleving na 1e controlebezoek Dit percentage wordt berekend door de controles te registreren waar geen hercontrole nodig is geweest. De 70% van dit jaar is lager dan de 78% in 2019 en de 80% in 2018. Dit komt omdat we steeds meer daar toezicht houden waar de grootste risico’s zijn en/ of er een minder naleefgedrag is. Dus deze dalende trend betekent niet meteen dat over de Achterhoek gemiddeld een mindere naleving van de milieuwetgeving ontstaan is. Afhandeling klachten/ meldingen en meldingen ongewone voorvallen/ incidenten
10
Er waren in 2020 1520 klachten/ meldingen. Ten opzichte van de 1877 klachten in 2019 zijn dat er veel minder. Dat komt omdat we 2 situaties, waar in 2019 veel klachten over waren, opgelost hebben. De hoeveelheid klachten/ meldingen is nu weer vergelijkbaar met de 1501 klachten/ meldingen in 2018. Over het algemeen zie je sowieso dat de meeste klachten over een beperkt aantal bedrijven binnen de Achterhoek gaan. Deze bedrijven worden door ons gezien als aandachtbedrijven (zie kopje aandachtsbedrijven). Er zijn in 2020 verder geen grote noemenswaardige voorvallen/incidenten bij bedrijven geweest. Percentage klachten/ meldingen binnen termijn afgehandeld Hiervoor hanteren we de norm dat klagers/melders binnen drie werkdagen worden geïnformeerd over het vervolg van hun melding en dat tenminste 85% van de klachten/meldingen binnen twee weken is afgerond. Dat wil zeggen dat of de klacht/ melding helemaal afgehandeld is of dat er vervolgstappen zijn afgesproken (b.v. geluidsmeting bij geluidsklachten). Van de klachten/ meldingen die we in 2020 hebben ontvangen is 87% (1316) binnen de afgesproken termijn van 2 weken afgerond. Bij het overschrijden van de termijn van twee weken gaat het vooral om klachten en meldingen van lang(er)lopende handhavingszaken. Aandachtsbedrijven Dit betreft bedrijven die extra aandacht nodig hebben en daardoor vaak ook veel tijd kosten.
Je kunt hierbij aan 4 verschillende categorieën denken: bedrijven met een hoog risicoprofiel; bedrijven met een slecht naleefgedrag; bedrijven met veel (gegronde) klachten uit de omgeving; bedrijven in verband met mogelijke ondermijning/ milieucriminaliteit. Het aantal bedrijven is dynamisch en het kan ook een combinatie van bovenstaande categorieën zijn. Elk jaar vallen er bedrijven af, maar er komen ook wat bij. Over 2020 hebben we het over 47 bedrijven, waarvan 3 met een hoog risicoprofiel, 10 met een slecht naleefgedrag, 27 met veel klachten en 7 door ondermijning/ milieucriminaliteit. Onder de laatste categorie zitten ook 6 opgerolde drugslabs waarbij we met name helpen bij de opruimwerkzaamheden. Energiecontroles en beoordelingen Erkende Maatregelenlijsten energiebesparing (EML) Sinds 1 december 2015 zijn de EML’s van kracht. Hierin staan besparingsmogelijkheden die binnen vijf jaar terugverdiend kunnen worden. Gebruikt een bedrijf meer dan 50.000 kWh elektriciteit of 25.000 m3 gas per jaar, dan geldt een verplichting om de energiebesparende maatregelen uit te voeren. Ondanks de lockdownperiodes hebben we 346 van de voor 2020 geplande 426 EML controles kunnen uitvoeren. Na de controle wordt in een plan van aanpak aangegeven op welke termijn welke maatregelen genomen gaan worden. Hierop houden we toezicht.
We merken dat ondernemers steeds meer aandacht hebben voor energiebesparingsmaatregelen. Het probleem is vaak wel dat er op het moment van de controle geen investeringsmogelijkheden zijn (zeker in de huidige Coronatijdperk) of dat er te weinig kennis (en tijd) op het gebied van energiebesparing is. Informatieplicht energiebesparende maatregelen De ondernemer was verplicht om uiterlijk voor 1 juli 2019 door middel van een melding het bevoegd gezag te informeren welke energiebesparende maatregelen zijn getroffen. Deze wordt dan gebruikt om te controleren of aan de energiebesparingsplicht is voldaan. Op basis van een schatting kan gesteld worden dat ongeveer 60% van de bedrijven in de Achterhoek, die dit moesten doen, zich nu ook gemeld hebben. De informatie uit deze meldingen hebben we ook gebruikt voor onze EML-controles. Voor de komende jaren blijft het van belang om de bedrijven die zich niet gemeld hebben te controleren en aan te geven dat ze dat alsnog moeten doen. Helaas hebben we geen 100% inzicht in welke bedrijven moeten voldoen aan de registratieplicht. Dat is een landelijk probleem waar nog geen oplossing voor is. Bijdrage aan stimulering energiebesparing MKB bij regionale en lokale initiatieven De ODA helpt de gemeentes aan de voorkant mee bij de stimulering van energiebesparing voor bedrijven. Dit betreft o.a.
de volgende taken: • Ondernemer op de hoogte stellen van mogelijkheden voor aangeboden energiescans; • Waar mogelijk ondernemers wijzen op mogelijke andere subsidies binnen gemeentes; • Informatieverstrekking over de verplichtingen van ondernemers ten aanzien van energiebesparing in de Wet edenken met lokale initiatieven.
11
1
Controles in het kader van de stoppersregeling Bedrijven moesten of voor 2020 hun intensieve tak beëindigen of voldoen aan het Besluit emissiearme huisvesting. In 2020 hebben we een project gedraaid om alle bedrijven te controleren die aan de stoppersregeling meegedaan hebben. In totaal waren dit 556 bedrijven. Voor het vervolg is nog aandacht nodig voor: • Illegaal gebruik van stallen van voormalige agrarische bedrijven (ondermijning); • bedrijven die nog geen melding willen indienen vanwege de onduidelijkheid met betrekking tot de stikstofregelgeving en de (mogelijke) rechten die zij daaraan willen ontlenen. Overige controles en handhaving Vuurwerkcontroles De ODA had de opdracht om 42 vuurwerkverkooppunten te controleren in 2020. Hiervoor zijn controles uitgevoerd in het najaar op brandveiligheids- en installatietechnische aspecten (zoals veiligheidsafstanden, brandwerendheid van bouwdelen en keuring van de sprinkler). Door het verbod op verkoop van vuurwerk in 2020 zijn in overleg met de partners de jaarlijkse eindejaarscontroles niet doorgegaan. Slopen/ Asbest We hebben in 2020 voor 6 gemeentes asbestcontroles uitgevoerd. Er is steeds meer sprake van illegale asbestverwijdering. Dit wordt door de ODA opgepakt. Verder hebben we in 2020 weer uren gemaakt bij een aantal asbestbranden.
Wij helpen waar mogelijk dan al bij het incident zelf, maar met name ook bij de nasleep van zo’n brand. Geluidmetingen Dit betreft geluidmetingen bij evenementen. Door de Coronacrisis zijn er maar enkele geweest in de maanden januari, februari en maart. Toezicht bodem Dit betreft controles op het gebied van bodemsaneringen (Wet bodembescherming) en grondtoepassingen (Besluit Bodemkwaliteit). We doen dit op basis van een risico- en effectgerichte benadering.
1
Verzoeken tot handhaving Wij krijgen verzoeken van derden om op een bedrijf te gaan handhaven. Deze verzoeken moeten beoordeeld worden en vervolgens wordt besloten om wel of niet te gaan handhaven. Van deze mogelijkheid wordt steeds meer gebruik gemaakt. Last onder dwangsom of bestuursdwang Door de Landelijke Handhavingstrategie (LHS) meer toe te passen zijn de laatste jaren steeds meer (vooraankondigingen) lasten onder dwangsom of bestuursdwang opgelegd. Het betreft over het algemeen zaken van kleinere overtredingen die allemaal of al opgelost zijn of snel opgelost kunnen worden. Het wil dus niet zeggen dat het allemaal leidt tot een daadwerkelijke dwangsom of bestuursdwang. De meeste bedrijven hebben voor het zover komt de overtreding(en) al opgelost. Strafrechtelijke handhaving door BOA’s De buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA’s) hebben voor alle partners strafrechtelijke handhaving uitgevoerd. Dit betreft diverse soorten overtredingen. Er zijn 77 strafrechtelijke onderzoeken opgestart waarbij 17 processen-verbaal c.q. BSBm-en zijn uitgeschreven en 7 strafrechtelijke waarschuwingen (zowel schriftelijk als mondeling) zijn uitgedeeld. Er zijn 53 zaken in onderzoek geweest dat niet geleid heeft tot vervolging. In overleg met de functioneel parket hebben de boa’s het stoppersproject binnen de agrarische branche strafrechtelijk ondersteund.
Met als doel een gelijke aanpak in Gelderland en Overijssel om het wederrechtelijk verkregen voordeel weg te nemen. In het voorjaar van 2020 hebben de boa’s bij enkele gemeentes meegedraaid met toezicht op de COVID maatregelen. 2. Wat hebben we daarvoor gedaan Verbeterde uitvoering toezicht We werkten met een risico & effectgerichte benadering, gebaseerd op steeds meer beschikbare informatie vooraf. Dit hebben we voor enkele branches (b.v. agrarisch en automotive) vertaald naar specifieke brancheplannen. Deze brancheplannen hebben we geïmplementeerd in de uitvoeringsplannen om nog gerichter en daarmee efficiënter te kunnen werken.
12
Gevelcontroles Een goede uitvoering van de milieutaken in de huidige wetgeving begint bij een goed inrichtingenbestand (inrichtingen zijn bedrijven/ instellingen die moeten voldoen aan de Wet milieubeheer). In de meest ideale situatie staan alle inrichtingen in dit bestand, waardoor er een goed overzicht is waar de grootste risico’s zijn en welke prioriteiten er dus zijn bij toezicht & handhaving. Met de komst van de Omgevingswet vervalt het begrip “inrichting” en wordt er specifiek gekeken naar milieubelastende activiteiten. Hiervoor is een nog completer bedrijvenbestand nodig om al deze milieubelastende activiteiten in beeld te hebben. Daarom is de ODA begonnen met het uitvoeren van gevelcontroles. Dit houdt in dat locaties aan de buitenkant worden bekeken of er mogelijkerwijs (milieubelastende) activiteiten plaatsvinden. Landelijke handhavingstrategie (LHS)/ naleefgedrag Binnen de ODA wordt gewerkt met de LHS. Hierbij wordt per overtreding in stappen bekeken wat de vervolgacties moeten zijn. Dit kan betekenen dat zowel bestuursrechtelijk als strafrechtelijk opgetreden moet worden. Een belangrijk aspect hierbij is het naleefgedrag van het bedrijf (overigens ook een onderdeel van het risico- en effectgerichte toezicht). Ondermijning Ondermijning is de vermenging van de onderwereld met de bovenwereld. Je kunt hierbij b.v.
denken aan drugslabs in leegstaande bedrijfspanden maar ook aan fraudezaken en milieucriminaliteit. De ODA kan hierbij vaak helpen, o.a. omdat onze medewerkers de ogen en oren kunnen zijn voor het signaleren van deze zaken. Binnen de ODA hebben we daarvoor een coördinator ondermijning die in nauw contact staat met de gemeentes en andere handhavingspartners. We merken dat we steeds vaker hiervoor ingezet worden. Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) We willen meer inzicht in ZZS bij gemeentelijke bedrijven, knelpunten inventariseren en de kennis verbeteren bij gemeentes, provincie en omgevingsdiensten. Samen met ODNL (ODA is namens ODNL de coördinerende Omgevingsdienst), IPO en VNG is een projectplan gemaakt voor de uitvoering 2020 en 2021. Hiervoor is ook subsidie verkregen bij het Rijk. 3. Wat heeft het gekost (bedragen in 1.000 euro’s)
1
13
Overzicht baten en lasten Programma 2 Toezicht en Handhaving Begr. 2020 Na wijz. Baten
Realisatie 2020
Lasten
Saldo
Baten
Begr - rel
Lasten
Saldo
Saldo
Programmaplan Programma 2 Toezicht en Handhaving
4.649
2.929
1.720
Overhead
1.304
Onvoorzien
4.691
2.742
1.948
228
-1.304
1.288
-1.288
16
34
-34
0
0
34
4.649
4.267
382
4.691
4.030
660
278
4.649
4.267
382
4.691
4.030
660
278
Overzicht Algemene dekkingsmiddelen
Saldo van baten en lasten
Mutaties reserves
Resultaat
De baten uit toezicht en handhaving zijn hoger dan begroot. De toegerekende kosten vallen lager uit met name door minder inzet derden.
V. Programma 3 – Specialismen 1. Wat hebben we bereikt Het totaal aantal adviezen in 2020 is ten opzichte van 2019 afgenomen. Deze afname zien we met name bij: bodem, constructieve veiligheid, externe veiligheid en lucht en geur. Voor een verdere toelichting zie hieronder in paragraaf 2. Percentage adviezen binnen de servicenorm van 4 weken (doel 80%) 93% van de adviezen zijn binnen de afgesproken 4 weken geleverd. Dit is een verhoging ten opzichte van het jaar ervoor toen 88% van de adviezen binnen de servicenorm van 4 weken lag.
2. Wat hebben we daarvoor gedaan Archeologie Naast regulier werk zoals het beoordelen van opgravingsrapporten, het toetsen van archeologische bureauonderzoeken en booronderzoeken zijn in 2020 de volgende projecten uitgevoerd: • De monitoring van de archeologische monumenten in Berkelland. • Presentatie over archeologie in planvorming (bij b.v. riolering, bouw, etc.). • Daarnaast is het project Erfgoed gezocht voor de Achterhoek opgestart. Om de kwaliteit van de archeologietaken te borgen en te voldoen aan de kwaliteitscriteria wordt er samengewerkt met de archeologische dienst van de gemeente Zutphen.
14
Bodem Naast reguliere taken zoals het geven van bodemadviezen in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen en het beoordelen van bodemrapporten zijn in 2020 de volgende projecten uitgevoerd: • Er is samen met onze partners gewerkt aan het actualiseren van de Bodemkwaliteitskaart. De kaart vormt de basis voor al het grondverzet in de regio. PFAS is hierin meegenomen. • De nota bodembeheer is opgesteld. • Het actualiseren van BIS data voor een tweetal partners. • Voor een aantal van onze partners loopt het project “Warme Overdracht”. Voor hen hebben wij een inventarisatie van voormalige stortplaatsen en loodlocaties uitgevoerd. Daarnaast zijn we voor deze partners gestart met een impactanalyse. Hiermee wordt in beeld gebracht welke extra bodemtaken en bevoegdheden er met de komst van de Omgevingswet van de provincie overgaan naar gemeenten en de omgevingsdienst. Hierin werken we ook samen met de andere omgevingsdiensten in het Gelders Stelsel. Externe veiligheid RRGS In 2020 vonden zijn er reguliere taken uitgevoerd zoals het geven van externe veiligheidsadviezen in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen en het beoordelen van externe veiligheid in omgevingsvergunningen (milieu).
Luchtkwaliteit Naast reguliere taken zoals het geven van luchtkwaliteitsadviezen in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen en het beoordelen van luchtkwaliteitsrapporten is in 2020 voor zes gemeenten de monitoring van de luchtkwaliteit uitgevoerd in het kader van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL). Begin 2020 is voor zes gemeenten een notitie over houtstook door particulieren opgeleverd.
Wet natuurbescherming De stikstofcrisis heeft ook in 2020 de gemoederen nog volop bezig gehouden. Onder toepassing van de nieuwe provinciale beleidsregels over stikstof is de natuurvergunningverlening weer op gang gekomen, waarbij de provincie grote achterstanden heeft opgelopen in de afhandeling van aanvragen. De mogelijkheden voor bedrijfsuitbreiding en uitvoering van projecten zijn tot op heden echter beperkter dan ten tijde van de PAS. De focus op stikstof heeft geresulteerd in een toename van het aantal ter beoordeling voorgelegde stikstofberekeningen en volop discussie over de wijze waarop moest worden omgegaan met de provinciale beleidsregels. Voor enkele gemeenten heeft er het nodige werk gezeten in het opstellen van stikstofregelingen voor het bestemmingsplan buitengebied. Juridisch Naast de reguliere taken zoals het juridisch toetsen van omgevingsvergunning en handhavingsbesluiten, het behandelen van bezwaarprocedures, voorlopige voorzieningen en (hoger)beroepsprocedures, het afhandelen van verzoeken tot handhaving en de WOB verzoeken van de provincie zijn in 2020 de volgende werkzaamheden uitgevoerd.
• het opstellen van een verwerkingsregister in verband met de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG); • het (juridisch) verbeteren van de uniforme handhavingsbrieven; • Traject actualiseren DVO’s en mandaten in verband met de Omgevingswet • Bijdrage behandeling gemeentelijke WOB verzoeken • juridische bijdrage aan de implementatie van de Omgevingswet bij de partners Geluid Naast de reguliere taken zoals het geven van geluidadviezen in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen, het beoordelen van geluidsrapporten en zonebeheer zijn er in 2020 verder geen bijzondere projecten uitgevoerd. Omgevingswet De werkzaamheden die de ODA heeft opgepakt in het gezamenlijke project omgevingswet zijn via Programma 3, specialismen, bij de partners in rekening gebracht.
15
1
3. Wat heeft het gekost (bedragen in 1.000 euro’s) Overzicht baten en lasten Programma 3 Advies Begr. 2020 Na wijz. Baten
Realisatie 2020
Lasten
Saldo
Baten
Begr - rel
Lasten
Saldo
Saldo
Programmaplan Programma 3 Advies
1.423
1.027
396
Overhead
528
Onvoorzien
1.455
1.118
337
-59
-528
522
-522
6
14
-14
0
0
14
1.423
1.569
-146
1.455
1.640
-185
-39
1.423
1.569
-146
1.455
1.640
-185
-39
Overzicht Algemene dekkingsmiddelen
Saldo van baten en lasten
Mutaties reserves
Resultaat
In het afgelopen jaar is er veel aandacht geweest om tot kostendekkende activiteiten te komen. Met name voor de specialistische adviezen heeft dat effect gehad. De opbrengsten zijn duidelijk verbeterd ten opzichte van vorig jaar en liggen nu op niveau van de begroting hoewel er nog enkele incidentele effecten inzitten. De laatste onderdelen zullen in 2021 verwerkt worden.
VI. Programma 4 - Stelseltaken Kwaliteit en coördinatie Gelders stelsel (ODDV)
Naast het organiseren van de reguliere coördinatiemechanismen (overleg AB-voorzitter, Directeurenoverleg, overleg OGO-voorzitters, enz) is uitvoering gegeven aan de Visie Gelders Stelsel, ‘Krachtige samenwerking in een wereld die verandert”. In 2019 is de stap gemaakt van vaste structuren naar werken vanuit de bedoeling op een goede voedingsbodem en hebben we ons verdiept in het thema opgavegericht werken en werken vanuit de bedoeling. In 2020 hebben we ons de vraag gesteld: ‘Als we werken vanuit de opgave, hoe kunnen we daar dan op sturen en hoe kunnen we dat anders verantwoorden?’. Het kwaliteitsmanagement binnen de Gelderse omgevingsdiensten heeft zich tot nu toe gericht op de geldende kwaliteitscriteria. Daarmee hebben we de basis op orde gekregen. Samenwerking in het stelsel is gericht op kwaliteitsverbetering door van elkaar te leren en op het toevoegen van waarde aan de eigen kwaliteitsdoelen. Ketentoezicht (ODR)
De projectmatige samenwerking ‘ketenaanpak synthetische drugs’ is – mede door bestuurlijke aandacht en goede resultaten - doorgegaan in 2020. Handelingskader Het gezamenlijk ontwikkelde ‘handelingskader’, is daarin belangrijk. Daarin is benoemd welke rollen met name bevoegde gezagen, omgevingsdiensten en politie hebben als een drugslab, dumping van drugsafval of aanverwante activiteit wordt aangetroffen of daar informatie over binnenkomt.
16
De regie op deze taken ligt in het Gelders stelsel bij de Omgevingsdienst Rivierenland (ODR). De ODA heeft zelf de taken uitgevoerd en is daarbij ondersteund door de ODR.
Daarnaast is het team Ketentoezicht gevraagd om het landelijke ‘Dreigingsbeeld Milieucriminaliteit 2021’ mee te helpen ontwikkelen. Dat doet ze samen met landelijke inspectiediensten en enkele andere omgevingsdiensten. Portaal en kenniscentrum (OVIJ) De Omgevingsdienst Veluwe-IJssel (OVIJ) fungeert als portaal en kenniscentrum. De OVIJ verzorgt de gemeenschappelijke contacten vanuit het stelsel met andere organisaties zoals het Openbaar Ministerie. Daarmee hebben deze organisaties in Gelderland één aanspreekpunt. Als kenniscentrum verzorgt de OVIJ de rol van makelaar in kennis, opleidingen etc.. Uitgangspunt is de beschikbare capaciteit zo efficiënt mogelijk in te zetten. In 2020 is gestart met de bouw van interactieve
websites voor de afzonderlijke OD’s en GO (loopt door in 2021). Hiermee ontstaan platforms die klaar zijn voor de vraag-gestuurde aanpak die de Omgevingswet van meebrengt. Portaal heeft in 2020 de opleidingen Omgevingswet aanbesteed voor het stelsel. Complexe vergunningverlening Op het grondgebied van de ODA liggen complexe gemeentelijke inrichtingen. De impact van complexe bedrijven is groot
door bijvoorbeeld luchtuitstoot, geur- en geluidoverlast of omdat deze bedrijven met gevaarlijke stoffen of afval werken. De ODRN stelt voor de omgevingsdiensten in Gelderland en dus ook voor de ODA het milieudeel voor de omgevingsvergunning op voor dit type bedrijven. ODRN levert hiervoor de technische inhoud en alle onderdelen die te maken hebben met aspecten zoals externe veiligheid, geluid, lucht en geur. De totale regie van de procedure, zoals het versturen van brieven en het bewaken van wettelijke termijnen, ligt bij de lokale omgevingsdienst.
Complexe handhaving (ODRA) De ODA is robuust voor handhaving bij complexe bedrijven en voert deze taak zelf uit voor de gemeentelijke complexebedrijven. De provincie heeft vanaf januari 2020 toezicht & handhaving van de provinciale bedrijven belegd bij de ODRA en daarvoor is een programmamanager aangesteld. De toezichthouders en projectleiders die vóór 2020 betrokken waren bij de provinciale bedrijven blijven in dienst van de regionale OD’s en worden voornamelijk in de regio ingezet. Wel zullen deze medewerkers Gelderland breed meer samen optrekken en kennis delen. Bij capaciteitsproblemen of specifieke kennisbehoefte kunnen ze ook ingezet worden bij andere diensten. Voor specialistische werkzaamheden (geluidmetingen, geurmetingen, etc.) is in 2019 het Bureau Milieumetingen ODRA (Omgevingsdienst Regio Arnhem) ingezet.
1
P&O stelseltaak (ODA) De Gelderse Omgevingsdiensten werken intensief samen op het gebied van HRM/P&O. De basis hiervoor ligt vast in onze Lokale Arbeidsvoorwaardenregeling Gelderse Omgevingsdiensten (LAGO).
De HRM expertgroep adviseert het directeurenoverleg over uiteenlopende thema’s. De belangrijkste thema’s: Medezeggenschap – WNRA Corona/covid-19 – thuiswerken - Nieuwe cao – 2021 Uitbreiding HR21 functiehuis Toekomst stelseltaak HRM Arbeidsmarktcommunicatie en werving en selectie
Bestuurlijk & juridisch (ODA) De expertgroep adviseert de directeuren over diverse thema’s waaronder: Voorbereiding bestuurlijke besluitvorming Aanpassing mandaatregeling als gevolg van Omgevingswet Vereenvoudiging van procedures Samenwerking taskforce Omgevingswet
BSBm (Bestuurlijke Straf Beschikking milieu) ODNV) De bevoegdheid voor de BSBm is toebedeeld aan de directeuren van de omgevingsdiensten en wordt uitgevoerd door BOA’s. Binnen het stelsel is de coördinatie van de uitvoering van de BSBm’s en het aanspreekpunt voor het OM belegd bij omgevingsdienst Noord Veluwe. Een opmerkelijk resultaat in 2020 was de aanzienlijke toename van het aantal
opgemaakte bestuurlijke strafbeschikkingen.
17
Wat heeft het gekost (bedragen in 1.000 euro’s)
1
18
Overzicht baten en lasten Programma 4 Stelseltaken Begr. 2020 Na wijz. Baten
Realisatie 2020
Lasten
Saldo
Baten
Begr - rel
Lasten
Saldo
Saldo
Programmaplan Programma 4 Stelseltaken
106
740
-634
Overhead
26
Onvoorzien
85
625
-540
94
-26
26
-26
0
1
-1
0
0
1
106
767
-661
85
651
-566
95
106
767
-661
85
651
-566
95
Overzicht Algemene dekkingsmiddelen
Saldo van baten en lasten
Mutaties reserves
Resultaat
Voor een toelichting verwijzen wij u naar het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening.
19
VII. Programma 5 – Overige activiteiten en projecten Project implementatie van de nieuwe Omgevingswet Per 1 januari 2022 treedt de nieuwe Omgevingswet in werking. Hiervoor moeten door de ODA en haar partners verschillende zaken geregeld worden. Zo moet er een technische aansluiting komen op het Digitale Stelsel Omgevingswet (DSO), voorheen het Omgevingsloket Online (OLO). Ook moeten medewerkers (verschillende niveau’s en specialismen) worden opgeleid en voorbereid op de nieuwe wetgeving. In 2019 zijn de nodige voorbereidingen hierop getroffen. Veelal zijn zaken Geldersstelsel breed opgepakt. Eind van dit jaar is een projectleider aangesteld om de connecties te leggen met de partners, het Geldersstelsel en Omgevingsdiensten Nederland (ODNL). De werkzaamheden die de ODA heeft opgepakt in het gezamenlijke project omgevingswet zijn via Programma 3, specialismen, bij de partners in rekening gebracht.
Externe bijdragen De ODA heeft buiten de reguliere taken bijdragen gerealiseerd voor in totaal € 266.000,-. Deze worden verantwoord onder programma 5 in het kader overige activiteiten. Voor nadere toelichting zie jaarrekening onder baten en lasten; externe bijdragen.
2 1
VIII. Financiële uitkomsten 1. Algemeen De Omgevingsdienst Achterhoek verkrijgt haar inkomsten hoofdzakelijk uit bijdragen van de deelnemende partners. Daarnaast kan zij opbrengsten verkrijgen buiten de deelnemende partners. Per saldo verlagen deze de netto kosten van de ODA en daarmee dus ook de netto kosten voor de partners. 2. Financiële resultaten Onderstaand de financiële resultaten over 2020. Omschrijving
2019
2020
2020
Realisatie
Begroting
Realisatie
x € 1.000
na wijz. LASTEN
1
Personele kosten/Inhuur en diensten derden
6.068
6.120
6.007
2
Organisatiekosten
884
631
557
3 4
Organisatieontwikkeling en SPP
73
103
47
Bovenregionale taken
672
740
651
5
Organisatie ondersteuning
601
573
656
6
Algemene lasten
0
62
0
8.298
8.229
7.918
Totaal Lasten
20
BATEN 21
Bijdragen van derden
240
106
374
25
Bijdragen deelnemers
7.390
8.123
8.082
Totaal Baten
7.630
8.229
8.456
Resultaat reguliere bedrijfsvoering
-668
0
538
Verrekening tekort 2019 26
Bijdrage deelnemers in het tekort 2019
495
27
Toevoeging algemene reserve agv tekort 2019
-495
Gerealiseerde resultaat
-668
0
538
De ODA sluit 2020 af met een mooi positief resultaat. Dit is een combinatie van hogere opbrengsten en lagere kosten. Beide kunnen, hoe vreemd misschien ook, gerelateerd worden aan de corona beperkingen. Bij de uitgaven hebben bepaalde activiteiten gewoon weg niet plaats gevonden en daardoor ook de uitgaven niet. Meest in het oog springende post zijn de niet genoten opleidingen, een post waar we juist op ingezet hadden. Per saldo houden we daar op over. De hogere baten zijn voor een deel te verklaren door de subsidie externe veiligheid waar we in de begroting geen rekening mee hadden gehouden, maar die toch een jaar verlengd werd. De overige hogere omzet dienen we te bezien in combinatie met de lagere personele lasten/diensten derden waar de opbrengsten uit detacheringen ten gunste van zijn gebracht. Het daaruit af te leiden productiviteitscijfer bedraagt 74%. Met een begrotingsnorm van 72% pakt dat positief uit. Verschillende elementen komen daarin samen. Dat valt samen met de vroegtijdige aanpak om opdrachten buiten de deur te halen om daarmee eventuele leegloop te voorkomen. De vervolgens, ondanks corona, toch doorzettende vraag bij vergunningen, konden we met externe inhuur verzorgen. De fysieke inspecties hebben we tussen de twee lockdowns voor een groot gedeelte kunnen uitvoeren.
Doordat we minder aan opleidingen (4% norm) konden doen, hebben we meer eigen tijd aan productie kunnen besteden en per saldo minder werkzaamheden uitbesteed. Dit viel al op tijdens de zomerperiode waar, ongebruikelijk, niet of nauwelijks sprake bleek van een lagere productie. Deze lagere productie kwam pas in november en december toen de 2 e lockdown inging. Daarnaast hebben we een aantal stafmedewerkers op projecten ingezet die we normaal gesproken buiten de declarabele werkzaamheden houden. Het gaat om incidentele projecten in het kader van de Omgevingswet en de projectleiding bij een aandachtsbedrijf. Andere zaken verschuiven daardoor naar achter. Het goede productiviteitscijfer over 2020 vormt daarmee ook direct de verklaring ten opzichte van de verbetering over 2019. Over 2019 was daar geen sprake van. De continue aandacht voor het tijdig en volledig verantwoorden van de activiteiten en de aangepaste normen vormen de grote resultaat verbetering ten opzichte van 2019. Voor een nadere toelichting op de verschillende onderdelen wordt verwezen naar de toelichting in de jaarrekening.
IX. Paragrafen Inleiding In het Besluit Begroting en Verantwoording zijn zeven verplichte paragrafen opgenomen voor provincies, gemeenten en hun gemeenschappelijke regelingen. Deze zijn niet allemaal relevant voor de Omgevingsdienst Achterhoek. Om die reden zijn de paragrafen lokale heffingen, grondbeleid en verbonden partijen achterwege gelaten. De volgende paragrafen worden achtereenvolgens behandeld: 1. Bedrijfsvoering 2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3. Financiering 4. Onderhoud kapitaalgoederen
21
2
1.
Bedrijfsvoering
Klanttevredenheid dienstverlening (ODA totaal)
De ODA streeft naar tevreden klanten. In het Gelders Stelsel is een kritische prestatie indicator (KPI) bepaald voor de mate van klanttevredenheid op diverse producten en diensten. Deze KPI is gesteld op 80% klanttevredenheid. In 2020 heeft de ODA voor de onderstaande producten en diensten de klanttevredenheid gemeten: • Asbestmeldingen • Controlebezoeken, inclusief asbestcontroles De ODA scoort voor alle uitgevraagde producten en diensten samen een gemiddelde klanttevredenheid van 96 % tevreden of zeer tevreden. De respons op het klanttevredenheidsonderzoek voor 2020 op 33 %. In de onderstaande grafiek staan de resultaten en de respons van de klanttevredenheidsvraag over alle uitgevraagde producten en diensten voor 2020.
22
I-GO (informatievoorziening Gelderse Omgevingsdiensten) De provincie heeft medio 2015 het initiatief genomen de informatievoorziening van, door en tussen de zeven omgevingsdiensten en de provincie te verbeteren. Dit is gebeurd door de ontwikkeling van een centrale Informatievoorziening (I-GO).
2
Door I-GO zijn in 2020 weer een aantal slimme innovaties op het gebied van informatie gestuurd werken ondersteund. Niet alleen eerder ontwikkelde voorzieningen zijn beheerd en verder verbeterd, ook nieuwe voorzieningen zijn gebouwd. Bijvoorbeeld een nieuw gegevensmodel (de zogenaamde Kernregistratie) is uitgerold, met onder meer de aansluiting op de landelijke ZTC voor de Omgevingswet en uniformering van zaak- en documenteigenschappen tussen Gelderland en Overijssel.
Formatie en Personeel Hieronder een overzicht van de ontwikkeling van de bezetting van de ODA tot en met 31 december 2020 (in aantallen fte). 31-12-2016
31-12-2017
31-12-2018
31-12-2019
31-12-2020
65 ,2 fte
66 ,3 fte
69 ,4 fte
71 ,1 fte
70 ,6 fte
In verband met de coronaproblematiek is de ODA in eerste instantie terughoudend geweest in het uitzetten van vacatures. Inmiddels is gebleken dat het werk op het gebied van vergunningen en specialismen niet af is genomen. Dus daarvoor wordt momenteel geworven. De aangekondigde komst van de Omgevingswet vraagt meer van de medewerkers. Steeds vaker worden zij door de partners gevraagd om advies bij beleidsontwikkeling. Ook wordt door de Oda geïnvesteerd in informatievoorziening over de Omgevingswet richting haar partners. Dit vraagt capaciteit van huidige medewerkers die goed thuis zijn in de materie. Ondertussen loopt het regulier werk door, daarvoor zetten we extra capaciteit in.
23
Ziekteverzuim Het ziekteverzuimpercentage van de ODA over 2020 bedraagt 4,97%. Dit ligt iets hoger dan het landelijk gemiddelde voor openbaar bestuur en overheidsdiensten (bron CBS). Wel is er een daling zichtbaar ten opzichte van vorig jaar. Medewerkers hebben zich minder vaak ziek gemeld. De verminderde kans op overdracht van virussen vanwege de coronamaatregelen kunnen hiervoor een verklaring zijn. Het percentage langdurig zieken is echter wel gestegen. Van één langdurig zieke medewerker namen we afscheid wegens instroom in de WIA. P&O: kwaliteitscriteria en e-portfolio In 2020 zijn de KC 2.2. in werking getreden. Dit jaar heeft de ODA genomen als overgangsjaar van 2.1. naar 2.2. Dat houdt in dat middels een nieuw systeem in kaart wordt gebracht in hoeverre medewerkers voldoen aan de kwaliteitscriteria. Deze technische transitie is in gang gezet. Medewerkers gebruiken de eerste maanden van 2021 om daar een aanvulling op te doen. Personele wijzigingen, waarbij ervaren goed opgeleide medewerkers zijn aangetrokken, hebben ertoe geleid dat de ODA qua criteria robuuster is dan voorheen. Ook wordt er nu gewerkt met supervisie. Voor medewerkers die op individueel niveau niet voldoen aan de kwaliteitscriteria geldt dat zij onder supervisie werken van hun collega’s.
Opleiding omgevingswet Als voorbereiding op de verwachte komst van de Omgevingswet zijn er in 2020 opleidingen gestart in het kader van de nieuwe wet. Middels een Gelderse aanbesteding is er een opleidingstraject voor de gehele organisatie ingekocht. De verschillende disciplines volgen een passend opleidingstraject waarmee zij worden voorbereid op hun veranderende rol. Vanwege Corona en uitstel van de invoering van de Omgevingswet zijn de meeste opleidingen niet doorgegaan. In 2021 wordt hier een vervolg aan gegeven. Arbeidsmarkt De arbeidsmarkt is nog steeds krap. Uit onderzoek van Werken In Gelderland bleek dat de functies uit het VTH werkveld in de top 5 moeilijk vervulbare functies bij de overheid thuishoren. Dit geeft aan hoe moeilijk het is voor de Oda om geschikte medewerkers te vinden. Soms zijn we daardoor genoodzaakt om tijdelijk in te zetten op inhuur, ook als het een vaste formatieplaats betreft. Het blijft een punt van aandacht. Er wordt geïnvesteerd in doorgroeimogelijkheden voor huidige medewerkers. Op Gelders niveau wordt er in 2021 opnieuw geïnvesteerd in arbeidsmarktcommunicatie om de bekendheid van de Omgevingsdienst als werkgever te vergroten.
2
Arbobeleid RI&E Begin 2020 ontvingen wij het rapport over de in 2019 uitgevoerde RI&E. Daaruit kwam naar voren dat er geïnvesteerd moet worden in communicatie rondom arbo. Uitleg van het gebruik van beschikbare middelen is belangrijk. Daarnaast zijn er n.a.v. de RI&E extra persoonlijke beschermingsmiddelen aangeschaft. Zorgelijk is de situatie op kantoorwerkplekken van de Oda. Met name het werken op de ontmoetingsplek in Hengelo Gld. wordt als probleemsituatie bestempeld. Dit heeft te maken met de akoestiek en het grote aantal medewerkers dat zich in de kantoorruimte bevindt. Er is steeds meer behoefte om elkaar fysiek te moeten voor overleg, maar ook om samen te werken. De beschikbare werkplekken en de bijbehorende vergaderruimten kunnen dat onvoldoende faciliteren. Medewerkers krijgen hierdoor te kampen met concentratieproblemen of nemen noodgedwongen plaats op een niet-arboproof werkplek. Uit het MTO bleek dat 49 van de 78 deelnemende medewerkers huisvesting als nr.1 verbeterpunt aanmerkt. We hebben daarom aandacht voor dit punt en zoeken naar een structurele oplossing. Inmiddels werken alle Odacollega’s voornamelijk thuis wegens de coronamaatregelen. Afhankelijk van de ontwikkelingen hier omtrent wordt er een vervolg gegeven aan de zoektocht naar een passende werkplek.
Zo veel mogelijk thuiswerken De coronamaatregelen zorgden er vanaf maart 2020 voor dat alle Oda medewerkers zo veel mogelijk thuis moesten gaan werken. De omschakeling van systemen verliep soepel. ICT mogelijkheden waren aanwezig om die overstap goed te kunnen maken. Het beschermen van medewerkers die toezichthouder op locaties bij bedrijven hebben we telkens af laten hangen van de situatie op dat moment. In samenspraak met de partners en binnen de richtlijnen van de partners. Om de thuiswerkplek zo in te kunnen richten dat medewerkers klachtenvrij kunnen werken zijn er arbo-middelen aangeschaft op basis van behoefte. Uit een enquête van de OR en HR aan het eind van 2020 blijkt dat medewerkers tevreden zijn over de aanpak van het MT. Dienstverleningsovereenkomsten (DVO’s) ondersteunende diensten
24
Onderstaande partners verrichten voor ons de volgende ondersteunende diensten. Partner
Ondersteunende dienst
Berkelland
Financiële administratie
Bronckhorst
Facilitaire zaken en huisvesting
Doetinchem
Informatisering en automatisering inclusief archief
Lochem
Personeels- en salarisadministratie
Om het verwachtingspatroon van de te leveren en te ontvangen diensten op elkaar af te stemmen, zijn hiervoor DVO’s afgesloten.
25
2.
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
De wereld om ons heen verandert continu. Dat betekent dat er altijd ontwikkelingen zijn waar geen rekening mee is gehouden. Deze ontwikkelingen kunnen de ODA geld kosten. Het is daarom verstandig financiële middelen te reserveren voor eventuele tegenvallers. Hoeveel we moeten reserveren hangt af van de risico’s die we lopen. Het Algemeen Bestuur van de ODA heeft daartoe in november 2015 een notitie vastgesteld waarin de risico’s en de benodigde weerstandscapaciteit zijn bepaald. Overigens merken we dat het benoemen van de risico’s al helpt bij het beperken van de gevolgen. We letten meer op de mogelijke risico’s en proberen eerder in te grijpen. Definities Hieronder worden de begrippen weerstandscapaciteit, risico en weerstandsvermogen gedefinieerd. Voor de begrippen bestaan soms meerdere definities. Er is steeds gekozen voor de definitie die het meest algemeen in gebruik is of die het beste bij de ODA past. Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden waarover de ODA beschikt om niet begrote kosten, die onverwachts en substantieel zijn, te dekken, zonder dat de begroting en het beleid aangepast hoeven te worden. Het gaat om die posten waaruit tegenvallers eventueel bekostigd kunnen worden, zoals de algemene reserve. Onderscheid wordt gemaakt in incidentele en structurele weerstandscapaciteit.
Onder incidentele weerstandscapaciteit wordt verstaan de capaciteit die de organisatie heeft om eenmalige tegenvallers op te vangen. Onder structurele weerstandscapaciteit verstaan we middelen die permanent inzetbaar zijn om structurele tegenvallers op te vangen. Risico Een risico is een onzekere en ongewenste gebeurtenis die een nadelig effect kan hebben op de ODA, de doelen die zijn gesteld of de financiële positie van de ODA. Weerstandsvermogen De beschikbare weerstandscapaciteit afgezet tegen de benodigde weerstandscapaciteit noemen we ‘weerstandsvermogen’. Het weerstandsvermogen is toereikend wanneer financiële tegenvallers goed opgevangen kunnen worden. Anders gezegd: Het weerstandsvermogen geeft aan hoe robuust de financiële positie van een organisatie is. Door voldoende aandacht aan het weerstandsvermogen te besteden, kan worden voorkomen dat elke financiële tegenvaller dwingt tot bezuinigingen of een hogere bijdrage van de deelnemers. Om het weerstandsvermogen objectiever te kunnen beoordelen is door het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR) een waarderingstabel ontwikkeld: Waarderingscijfer
Ratio weerstandsvermogen
Betekenis
A
Groter dan 2,0
Uitstekend
B
Groter dan 1,4 maar kleiner dan 2,0
Ruim voldoende
C
Groter dan 1,0 maar kleiner dan 1,4
Voldoende
D
Groter dan 0,8 maar kleiner dan 1,0
Matig
E
Groter dan 0,6 maar kleiner dan 0,8
Onvoldoende
F
Kleiner dan 0,6
Ruim onvoldoende
Bepaling weerstandscapaciteit ODA De weerstandscapaciteit bestaat uit middelen en mogelijkheden om niet begrote kosten, die onverwacht en substantieel zijn, op te vangen. Binnen de ODA is de beschikbare weerstandscapaciteit aan de hand van twee posten worden berekend: • Post algemene lasten/onvoorzien (structurele weerstandscapaciteit, begroting 2020: € 62.000). • Algemene reserve (incidentele weerstandscapaciteit, stand 1-1-2020: € -389.000).
26
2
•
Gedurende het jaar is conform AB-besluit een bedrag toegevoegd aan de algemene reserve als resultaat verrekening 2019. Hierdoor bedraagt de actuele algemene reserve € 107.000.
Welk bedrag is er met de risico’s gemoeid? Om tot een waardering van een risico te komen moeten de (financiële) gevolgen/impact van een risico worden geschat. Vaak is niet exact aan te geven wat de omvang van een risico in financiële zin zal zijn. Daarom maken we gebruik van onderstaande tabel:
Klasse
Omvang
1
€0-€25.000
2
€25.000-€75.000
3
€75.000-€200.000
4
€200.000-€500.000
5
> €500.000
Hoe groot is de kans dat het risico zich voordoet? Voor elk risico is een inschatting gemaakt van de kans dat zich een risico voordoet. Daarbij is gebruik gemaakt van de volgende kans-klasse indeling: Klasse
Waarschijnlijkheid
Kans
Referentiebeeld
1
Zeer klein
10%
1 keer per 10 jaar of >
2
Klein
30%
1 keer per 5-10 jaar
3
Gemiddeld
50%
1 keer per 2-5 jaar
4
Groot
70%
1 keer per 1-2 jaar
5
Zeer groot
90%
1 keer per jaar of <
2
Gekozen uitgangspunten voor inventarisatie van de risico’s Afspraken dienstverleningsovereenkomsten Met de deelnemers worden afspraken gemaakt over de dienstverlening en de informatievoorziening over en weer voor de taakuitoefening. Afwijkende situaties per deelnemer kunnen de efficiencydoelstellingen onder druk zetten of kunnen leiden tot te weinig werk per medewerker. Het is ook van belang de afspraken met de andere ’OD’s juridisch goed te verankeren. Het risico bestaat uit dat er meer uren noodzakelijk zijn om de taken uit te voeren waardoor minder vraag naar producten ontstaat dan verwacht. Door regelmatig overleg met de partners wordt de kans hierop risico verkleind. Het risico schatten we op € 50.000 (klasse 2) en de kans dat zich dit voordoet op 30% (klein). Taakuitvoering Hieronder verstaan we het risico van aansprakelijkheidsstelling bij de reguliere taakuitoefening. Hiervoor zijn de gebruikelijke aansprakelijkheidsverzekeringen gesloten. Het restrisico bestaat uit het betalen van schadevergoedingen waarbij het eigen risico voor de ODA blijft. We schatten de omvang op € 12.500 (klasse 1) en de kans dat zich dit voordoet op 10% (zeer klein). Calamiteit bij bedrijf De ODA kan het verwijt krijgen niet goed te hebben gehandeld, nalatig te zijn geweest of onvoldoende te hebben gecommuniceerd tijdens of na een calamiteit.
Ook is het mogelijk dat de ODA het verwijt krijgt dat ze vooraf (dus voordat de calamiteit plaats vond) niet goed heeft gehandeld. Het vertrouwen in de ODA bij opdrachtgevers en burgers neemt af; schadeclaims en negatieve pers. Voor financiële consequenties zie taakuitvoering.
27
Als beheersingsmaatregel stellen we hier tegenover het opstellen van een communicatieplan/protocol hoe te handelen bij calamiteiten, praktijksituaties simuleren, kwaliteitsborging producten en kennis blijven delen binnen omgevingsdiensten en met de partners. Het (rest)risico schatten we daarmee op nihil. Rechtmatigheid Het niet voldoen aan de rechtmatigheidseisen kan leiden tot juridische procedures en claims. De ODA wordt geacht rechtmatig, d.w.z. overeenkomstig wet- en regelgeving te handelen en moet daarin de opdrachtgevers adviseren. Het onvoldoende rechtmatig functioneren doet afbreuk aan het imago en het vertrouwen in de ODA. Bovendien vormt het rechtmatigheidsaspect onderdeel van de accountantscontrole en de accountantsverklaring. We schatten het (rest)risico op nihil. Bezuinigingen bij de deelnemers Het risico is dat het rijk bezuinigt op provinciale- en gemeentelijke uitkeringen (Provinciefonds /Gemeentefonds) en/of dat de partner zelf bezuinigingsmaatregelen doorvoert. Voor de ODA bestaat het risico dat provincie en gemeenten een deel van de rijks- of eigen bezuinigingen afwentelen op de ODA. In de eind 2016 vastgestelde verrekensystematiek zijn onder meer afspraken gemaakt, hoe we met tekorten omgaan wanneer deze worden veroorzaakt door bezuinigingen bij de partner. Het (rest)risico voor de ODA schatten we daarmee op nihil.
Loon- en prijsontwikkelingen In de loop van 2019 is een nieuw onderhandelaarsakkoord gesloten tussen de VNG en de werknemersorganisaties wat resulteerde in loonstijgingen in 2019 en 2020: per 1 oktober 2019 van 3,25%. De loonstijgingen voor 2020 waren 1% per 1-12020, 1% per 1-7-2020 en 1% per 1-10-2020. De daadwerkelijke verhoging bleef hiermee binnen het gestelde risico. Het risico hebben we ingeschat op € 137.500 (klasse 3) en de kans dat het zich voordoet op 50% (gemiddeld). Eigen risico voor werknemersverzekeringen De ODA is eigen risico drager voor de ziektewet, WW en premiedifferentiatie voor WGA (Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgehandicapten). De ODA betaalt het eigen risico en de premiedifferentiatie indien een medewerker ziek, verplicht uit dienst gaat of in de WGA komt. We schatten het risico op € 50.000 (klasse 2) en de kans dat zich dit voordoet op 50% (gemiddeld). Dit risico heeft zich in 2018 niet voorgedaan. Ziekteverzuim De ODA werkt met een norm aan productie uren van 1.350. Omgerekend is dit 72% naar beschikbare uren. Indien het ziekteverzuim te hoog is, denk bijvoorbeeld aan de medewerkers die werkzaam zijn binnen het primair proces, zet dat de productieve norm onder druk en daardoor de opbrengsten. We schatten het risico op € 50.000 (klasse 2) en de kans dat dit zich voordoet op 50% (gemiddeld). Het ziekteverzuim van de ODA over 2020 bedraagt 4,9%.
Dit ligt redelijk in lijn met het landelijk gemiddelde voor openbaar bestuur en overheidsdiensten (circa 5,0%; bron CBS). Wel stellen we vast dat het ziektepercentage vooral zichtbaar is in het primair proces. Werkkostenregeling Op 1 januari 2015 is de werkkostenregeling in werking getreden. Deze regeling begrenst het maximaal te besteden bedrag aan onbelaste vergoedingen en verstrekkingen voor de werknemers. Boven de vrije ruimte is loonbelasting in de vorm van een eindheffing van 80% verschuldigd. Deze regeling kan financiële gevolgen hebben voor de loonkosten. We gaan daar vooralsnog niet van uit. We schatten het risico in op € 12.500 (klasse 1) en de kans dat zich dit voordoet op 50% (gemiddeld). BTW Het plafond van het BTW-compensatiefonds (BCF) is per 2015 gekoppeld aan de accrespercentages zoals deze volgen uit de normeringssystematiek voor het gemeentefonds. Het plafond wordt aangepast voor taakmutaties (zoals decentralisaties) die gepaard gaan met onttrekkingen of toevoegingen aan het BCF. Als het plafond wordt overschreden, komt het verschil ten laste van het gemeentefonds. Het risico is dat de gemeenten deze overschrijding (deels) gaan afwentelen op de ODA en daardoor minder producten gaan afnemen. Vooralsnog schatten we dit risico op nihil.
Vennootschapsbelastingplicht Met ingang van 1 januari 2016 worden ook de lokale overheden belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. Dit geldt in beginsel ook voor de gemeenschappelijke regelingen zoals de ODA. In 2016 zijn door de Omgevingsdiensten afspraken gemaakt met de Belastingdienst. De inschatting is dat de kans dat ODA vennootschapsbelasting moet betalen zeer klein is.
28
2
Productenboek Het risico is dat de gehanteerde normen in het productenboek afwijken af van de werkelijkheid waardoor de kosten per product hoger of lager zijn dan vooraf verwacht. Het is zaak de normen regelmatig te toetsen en bij te stellen waar nodig. In 2019 had de ODA een behoorlijk tekort. In 2020 hebben we een tijdschrijfanalyse uitgevoerd. Aan de hand hiervan bleek dat de productvergoeding voor specialistische ondersteuning onvoldoende kostendekkend was en zijn daarop de normen aangepast. We schatten het risico van onvoldoende dekking op € 50.000 (klasse 2) en de kans dat zich dit voordoet op 30% (klein). Automatisering Het risico is productieverlies door uitval en reparatie van de verschillende systemen waardoor meer uren noodzakelijk zijn om de taken te verrichten dan waarmee rekening is gehouden. We schatten het risico op € 12.500 (klasse 1) en de kans dat zich dit voordoet op 50% (gemiddeld). Aanbestedingen Het risico is dat aanbestedingen niet worden uitgevoerd volgens vastgesteld (Europese en ODA) inkoop- en aanbestedingsbeleid waardoor financiële middelen zijn benodigd voor rechtszaken en de consequenties van deze rechtszaken. We schatten het risico op € 137.500 (klasse 3) en de kans dat zich dit voordoet op 10% (klein).