Bijlage 2.3.02.2 - Geluid Deelrapport Doorgaand spoor - bijlagen 6 tm 10 en colofon.pdf
Tekst van het document
Bijlage 6 Maatregelenonderzoek
X27-SM-HS-RAP-23009223 / Proj.nr. MN002205 / Vrijgegeven / Versie 1.0 / 27-11-2023
47
Doelmatigheidsafweging Deze bijlage gaat per gemeente in op de clusters met knelpunten en beschrijft per cluster de plansituatie zonder aanvullende maatregelen. Tevens staat per cluster beschreven wat de doelmatige geluidbeperkende maatregelen zijn, evenals de achterliggende afweging over de bepaling van deze doelmatige maatregelen. Leeswijzer De gemeenten in deze bijlage zijn op alfabetische volgorde gerangschikt. Per gemeente zijn de clusters op basis van de clusternaam op alfabetische volgorde geordend. De oriëntatie van de clusters in een gemeente is aangegeven op kaart. Op deze kaart is ook de naam van ieder cluster te vinden. Toelichting afwegingsmethodiek Maatregelen zijn erop gericht om, voor zover mogelijk, de streefwaarde te bereiken. Of dit mogelijk is hangt onder andere af van de doelmatigheid van een maatregel, zoals beschreven in het Besluit geluid milieubeheer en de Regeling geluid milieubeheer en de randvoorwaarden die in de Regeling geluid milieubeheer zijn gesteld aan geluidbeperkende maatregelen (zie ook bijlage 1). Toelichting standaard maatregelvarianten en eindvariant Bij veel clusters zijn zogenoemde ‘standaard maatregelvarianten’ onderzocht. De opzet van deze varianten is steeds gelijk (vandaar de naam ‘standaard maatregelvarianten’). Hieronder is een omschrijving van deze varianten gegeven. Naam maatregelvariant Lden,project
Omschrijving De geluidsituatie in de plansituatie met bestaande maatregelen.
Raildempers (RD’s) alle sporen
Toepassing van raildempers op alle sporen over de gehele lengte van het cluster, voor zover dat technisch mogelijk is.
RD’s enkel zuidelijk/noordelijk spoor
Toepassing van raildempers op enkel het zuidelijk of noordelijk spoor over de gehele lengte van het cluster, voor zover dat technisch mogelijk is.
Brugmaatregel
Een maatregel aan een stalen brug, zijnde 3 dB of 5 dB reductie ten opzichte van de gemeten brugtoeslag. De reductie die in de variant is toegepast, is bij de beschrijving weergegeven.
Bronmaatregel
De maatregel die volgt uit de afweging van bronmaatregelen.
Scherm 1.0 m + Bronmaatregel
Combinatie van een scherm met een hoogte van 1.0 meter ten opzichte van bovenkant spoor over de gehele lengte van het cluster (voor zover dat mogelijk is) en de maatregel die volgt uit de afweging van bronmaatregelen.
Eindvariant
De plansituatie met bestaande en doelmatige maatregelen.
Voor diverse clusters zijn naast ‘standaard varianten’ ook ‘maatwerk’ varianten onderzocht. Dat is enkel gedaan als daarvoor een locatie specifieke aanleiding is. Deze varianten zijn dan per cluster nader beschreven. Toelichting termen in tabellen In de tabellen voor de afweging van maatregelen zijn termen gebruikt, die hieronder nader worden toegelicht. Naam maatregelvariant:
In de ‘maatwerk’ varianten is de naam afwijkend van de standaard benaming zoals in bovenstaande tabel is weergegeven. Elke maatregelvariant correspondeert met een nummer dat is gebruikt in de database. Bij de onderbouwing van de doelmatige maatregelen wordt hier enkele malen naar verwezen.
Geluidreductie:
De optelsom van de geluidreductie per geluidgevoelig object voor alle geluidgevoelige objecten in een cluster. De geluidreductie per geluidgevoelig object is berekend ten opzichte van de geluidsbelasting in de situatie met standaard akoestische kwaliteit (Lden,SAK). Bij het bepalen van de geluidreductie per geluidgevoelig object geldt de streefwaarde voor het geluidgevoelig object als ondergrens. Afnamen van de geluidsbelasting beneden deze streefwaarde tellen niet mee voor de bepaling van de geluidreductie.
Maximale geluidbelasting: De hoogste geluidbelasting op een object binnen het cluster. Dit object is niet persé het object met een overschrijding van de streefwaarde. Maximale geluidreductie:
De hoogste geluidreductie op één object binnen het cluster. Dit object is niet persé het object met een overschrijding van de streefwaarde. De getoonde reductie in deze kolom heeft niet de streefwaarde als ondergrens.
Maximale overschrijding:
De hoogste overschrijding van de streefwaarde binnen het cluster. Het gaat dan om de overschrijding van de streefwaarde op de maatgevende gevel van één woning.
Maatregelpunten:
De ‘kosten’ voor de maatregel. Deze mag niet hoger zijn dan het beschikbare ‘budget’ aan reductiepunten.
Toelichting kleurgebruik in tabellen In de tabellen voor de afweging van maatregelen is de tekst in enkele cellen rood. Dit is het geval als er bij een variant sprake is van: • Een resterend object boven de streefwaarde (kolom ‘Aantal objecten boven streefwaarde’); • Op geen enkel object binnen het cluster een reductie van minimaal 5 dB wordt behaald (kolom ‘Maximale geluidreductie op één object [dB]’). Dit is overigens enkel relevant voor de schermvarianten met en zonder bronmaatregelen. Voor de varianten met enkel bronmaatregelen (ook als het een eindvariant met enkel bronmaatregelen betreft) geldt dit criterium niet en kan de rode kleur genegeerd worden; • Een overschrijding van de streefwaarde optreedt (kolom ‘Maximale overschrijding streefwaarde [dB]’); • Het budget wordt overschreden (kolom ‘Aantal maatregelpunten’). Als er geen sprake is van een van de bovenstaande punten dan is de tekst in de cel zwart.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
1/61
Gemeente Doetinchem De onderstaande figuur geeft de clusters weer in de gemeente Doetinchem.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
2/61
Gemeente Doetinchem Cluster Beste Vaderskamp Omschrijving situatie Het cluster Beste Vaderskamp is gelegen ten zuiden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 39.1. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 77 meter. Ter hoogte van het cluster zijn geen bestaande maatregelen gesitueerd. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 158 meter raildempers verdeeld over beide sporen. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn. Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven. Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage. De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant.
Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 6.600 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Met raildempers op beide sporen (maatregelvariant 5) worden binnen het beschikbare budget alle knelpunten opgelost; Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteren geen knelpunten. De kosten van de raildempers worden in de eindvariant conform onderstaande ** verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters Stationsstraat en Beste Vaderskamp. Daarom zijn er in de eindvariant minder maatregelpunten weergegeven dan in maatregelvariant 5.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen Eindvariant
0.0 4.0 4.0
0% 100% 100%
56.60 55.24 54.74
4 0 0
0 3 3
0.67 -1.26 -1.51
0 4.582 2.494
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Afweging schermmaatregelen Na het toepassen van raildempers op beide sporen resteren geen knelpunten. Tevens geldt dat voor schermen over de gehele lengte van het cluster meer punten zijn benodigd dan voor het toepassen van raildempers op twee sporen. Schermen zijn derhalve niet doelmatig. Dit is de reden dat schermen niet zijn doorgerekend voor dit cluster. De doelmatige bronmaatregel is daarmee meteen de eindvariant, zie bovenstaande tabel.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
3/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
4/61
Gemeente Doetinchem Cluster Bleeksestraat Omschrijving situatie Het cluster Bleeksestraat is gelegen ten zuiden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 38.4. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 81 meter. Ter hoogte van het cluster zijn geen bestaande maatregelen gesitueerd. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Opgemerkt wordt dat ter hoogte van het cluster een overweg is gelegen, waardoor schermen en raildempers niet overal binnen de 2D-zichthoek toepasbaar zijn. Doelmatige geluidmaatregel Voor dit cluster is geen maatregel doelmatig. Om die reden staan er geen geluidmaatregelen bij dit cluster op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn. Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven. Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage.
De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant. Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 1.000 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Raildempers, zowel op beide sporen (maatregelvariant 5) als op één enkel spoor (maatregelvarianten 6 en 7) passen niet binnen het beschikbare budget. Derhalve zijn raildempers niet doelmatig; Na de afweging van bronmaatregelen resteert 1 knelpunt.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 6 7 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen RD’s enkel noordelijk spoor RD’s enkel zuidelijk spoor Eindvariant
0.0 1.0 1.0 1.0 0.0
0% 100% 100% 100% 0%
56.36 54.12 55.39 55.40 56.36
1 0 0 0 1
0 2 1 1 0
0.87 -1.37 -0.10 -0.09 0.87
0 4.350 2.175 2.175 0
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Afweging schermmaatregelen Voor de afweging van schermen is het cluster gelijk aan het cluster voor de afweging van bronmaatregelen, zie kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Het budget voor het treffen van schermmaatregelen bedraagt 1.000 reductiepunten. Binnen het beschikbare aantal punten is een scherm over de gehele lengte van het cluster niet mogelijk. Schermen zijn daarom niet doelmatig. Op basis van de bron- en schermafweging wordt geconcludeerd dat maatregelen voor dit cluster niet doelmatig zijn.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
5/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
6/61
Gemeente Doetinchem Cluster Blokhuislaan Omschrijving situatie Het cluster Blokhuislaan is gelegen ten noorden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 36.0. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 118 meter. Ter hoogte van het cluster zijn geen bestaande maatregelen gesitueerd. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 118 meter raildempers op het noordelijk spoor. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn. Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven. Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage. De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant.
Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 4.000 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Raildempers op beide sporen (maatregelvariant 5) passen niet binnen het beschikbare budget; Met raildempers op slechts één spoor (maatregelvarianten 6 en 7) worden binnen het beschikbare budget alle knelpunten opgelost; De behaalde geluidreductie met raildempers op het noordelijk en zuidelijk spoor is gelijk, zijnde 4.0 dB; De maximale geluidbelasting is het laagst voor maatregelvariant 6. Daarom is deze variant de doelmatige bronmaatregel. Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteren geen knelpunten.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 6 7 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen RD’s enkel noordelijk spoor RD’s enkel zuidelijk spoor Eindvariant
0.0 4.0 4.0 4.0 4.0
0% 100% 100% 100% 100%
56.25 54.15 55.28 55.37 55.28
4 0 0 0 0
0 2 1 1 1
0.76 -1.34 -0.21 -0.12 -0.21
0 6.844 3.422 3.422 3.422
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Afweging schermmaatregelen Na het toepassen van raildempers op het noordelijk spoor resteren geen knelpunten. Tevens geldt dat voor schermen over de gehele lengte van het cluster meer punten zijn benodigd dan voor het toepassen van raildempers op één enkel spoor. Schermen zijn derhalve niet doelmatig. Dit is de reden dat schermen niet zijn doorgerekend voor dit cluster. De doelmatige bronmaatregel is daarmee meteen de eindvariant, zie bovenstaande tabel.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
7/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
8/61
Gemeente Doetinchem Cluster Bramenhof Omschrijving situatie Het cluster Bramenhof is gelegen ten noorden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 36.3. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 95 meter. Ter hoogte van het cluster zijn geen bestaande maatregelen gesitueerd. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 126 meter raildempers verdeeld over beide sporen. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn. Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven. Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage. De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant.
Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 3.300 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Raildempers op beide sporen (maatregelvariant 5) passen niet binnen het beschikbare budget; Met raildempers op slechts één spoor (maatregelvarianten 6 en 7) worden binnen het beschikbare budget alle knelpunten opgelost; De behaalde geluidreductie met raildempers op het noordelijk en zuidelijk spoor is gelijk, zijnde 3.0 dB; De maximale geluidbelasting is het laagst voor maatregelvariant 6. Daarom is deze variant de doelmatige bronmaatregel. Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteren geen knelpunten. Aangezien voor het tegenover gelegen cluster Hof van Cambridge raildempers op beide sporen de doelmatig maatregel is, wordt binnen het cluster Bramenhof ook een deel van het zuidelijk spoor voorzien van raildempers. De kosten van de raildempers worden in de eindvariant conform onderstaande ** verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters Bramenhof en Hof van Cambridge. Daarom zijn er in de eindvariant meer maatregelpunten weergegeven dan in maatregelvariant 6.
Dit aantal punten past binnen het beschikbare budget van het cluster Bramenhof.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 6 7 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen RD’s enkel noordelijk spoor RD’s enkel zuidelijk spoor Eindvariant
0.0 3.0 3.0 3.0 3.0
0% 100% 100% 100% 100%
56.55 54.34 55.43 55.74 55.42
3 0 0 0 0
0 3 2 1 2
0.42 -2.00 -0.82 -0.44 -1.08
0 5.510 2.755 2.755 3.219
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Afweging schermmaatregelen Na het toepassen van raildempers op het noordelijk spoor resteren geen knelpunten. Tevens geldt dat voor schermen over de gehele lengte van het cluster meer punten zijn benodigd dan voor het toepassen van raildempers op één spoor. Schermen zijn derhalve niet doelmatig. Dit is de reden dat schermen niet zijn doorgerekend voor dit cluster. De doelmatige bronmaatregel is daarmee meteen de eindvariant, zie bovenstaande tabel.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
9/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
10/61
Gemeente Doetinchem Cluster Burgemeester de Bruijnstraat Omschrijving situatie Het cluster Burgemeester de Bruijnstraat is gelegen ten noorden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 34.3. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 973 meter. Ter hoogte van het cluster zijn momenteel over een lengte van 228 meter raildempers gelegen. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Opgemerkt wordt dat ter hoogte van het cluster twee overwegen, een stalen brug over de Oude IJssel en een wissel zijn gelegen, waardoor schermen en raildempers niet overal binnen de 2D-zichthoek toepasbaar zijn. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 943 meter raildempers verdeeld over de sporen en een 5 dB brugmaatregel aan de brug over de Oude IJssel. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn. Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen.
Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven. Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage. De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant. Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 285.200 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Raildempers op alle sporen (maatregelvariant 5) passen binnen het beschikbare budget, maar lossen niet alle knelpunten op; Dit geldt ook voor een 3 en 5 dB brugmaatregel aan de brug over de Oude IJssel (maatregelvarianten 8 en 9); En ook geldt dit voor een brugmaatregel 3 en 5 dB in combinatie met raildempers op alle sporen (maatregelvarianten 10 en 11); Enkel maatregelvariant 11 haalt een geluidreductie van meer dan 95%. Daarom is deze variant de doelmatige bronmaatregel. Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteren 9 knelpunten.
De kosten van de doelmatige bronmaatregelen worden in de eindvariant conform onderstaande ** verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters Burgemeester de Bruijnstraat en Winnipegstraat. Daarom zijn er in de eindvariant minder maatregelpunten weergegeven dan in maatregelvariant 11.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 8 9 10 11 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen 3 dB Brugmaatregel 5 dB Brugmaatregel 3 dB Brugmaatregel met RD’s 5 dB Brugmaatregel met RD’s Eindvariant
21.0 102.0 225.0 316.0 304.0 381.0 381.0
5% 26% 58% 81% 78% 98% 98%
66.43 66.42 63.61 62.78 63.59 62.07 62.07
148 102 120 67 63 9 9
2 3 3 5 3 5 5
4.96 4.94 2.06 1.49 1.98 0.58 0.58
6.612 27.347 24.900 41.700 52.247 69.047 39.570
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
11/61
Afweging schermmaatregelen Na de afweging van bronmaatregelen resteren 9 knelpunten. Deze knelpunten zijn ondergebracht in een nieuw cluster voor de schermafweging. Dit cluster is weergegeven op de kaart 'Eindvariant'. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 510 meter. Het budget voor het treffen van schermmaatregelen bedraagt 205.400 reductiepunten. Uit de afweging van schermmaatregelen blijkt: Met een scherm van 1.0 meter ten opzichte van bovenkant spoor in combinatie met de doelmatige bronmaatregelen (maatregelvariant 15) worden alle knelpunten binnen budget opgelost; De extra punten van een scherm boven op de punten voor de doelmatige bronmaatregelen (maatregelvariant 13) wegen niet op tegen de extra te behalen geluidreductie; Een schermmaatregel is daarom (op basis van regel 3 van de doelmatigheidsafweging, zie bijlage 1) niet doelmatig; De doelmatige bronmaatregel is daardoor meteen de eindvariant.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten
* **
13 15
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Bronmaatregel** Scherm 1.0m + Bronmaatregel**
316.0 325.0
97% 100%
62.07 61.59
9 0
5 7
0.58 0.00
55.649 92.833
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. Voor een schermafweging worden de bronmaatregelen niet verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters.
Schermen zonder bronmaatregelen zijn niet doorgerekend. Voor een dergelijke situatie is de 2D-zichthoek 973 meter (gelijk aan de 2D-zichthoek voor de afweging van bronmaatregelen). Om schermen binnen deze gehele zichthoek te plaatsen zijn veel meer punten benodigd dan het toepassen van de doelmatige bronmaatregel. Daardoor zijn schermen zonder bronmaatregelen niet doelmatig op basis van regel 3 van de doelmatigheidsafweging (de extra kosten wegen niet op tegen de extra geluidreductie die wordt behaald ten opzichte van maatregelvariant 13). Dit is dan ook de reden dat schermmaatregelen zonder bronmaatregelen niet zijn doorgerekend.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
12/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
13/61
Gemeente Doetinchem Cluster Gentiaanveld Omschrijving situatie Het cluster Gentiaanveld is gelegen ten noorden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 36.8. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 104 meter. Ter hoogte van het cluster zijn geen bestaande maatregelen gesitueerd. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 104 meter raildempers op het zuidelijk spoor. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn. Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven. Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage. De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant.
Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 3.900 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Raildempers op beide sporen (maatregelvariant 5) passen niet binnen het beschikbare budget; Met raildempers op slechts één spoor (maatregelvarianten 6 en 7) worden binnen het beschikbare budget alle knelpunten opgelost; De behaalde geluidreductie met raildempers op het noordelijk en zuidelijk spoor is gelijk, zijnde 3.0 dB; De maximale geluidbelasting is het laagst voor maatregelvariant 7. Daarom is deze variant de doelmatige bronmaatregel. Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteren geen knelpunten.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 6 7 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen RD’s enkel noordelijk spoor RD’s enkel zuidelijk spoor Eindvariant
0.0 3.0 3.0 3.0 3.0
0% 100% 100% 100% 100%
56.75 54.00 55.59 55.52 55.52
3 0 0 0 0
0 3 2 2 2
0.25 -2.50 -0.91 -0.98 -0.98
0 6.032 3.016 3.016 3.016
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Afweging schermmaatregelen Na het toepassen van raildempers op het zuidelijk spoor resteren geen knelpunten. Tevens geldt dat voor schermen over de gehele lengte van het cluster meer punten zijn benodigd dan voor het toepassen van raildempers op één spoor. Schermen zijn derhalve niet doelmatig. Dit is de reden dat schermen niet zijn doorgerekend voor dit cluster. De doelmatige bronmaatregel is daarmee meteen de eindvariant, zie bovenstaande tabel.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
14/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
15/61
Gemeente Doetinchem Cluster Hof van Cambridge Omschrijving situatie Het cluster Hof van Cambridge is gelegen ten zuiden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 36.2. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 63 meter. Ter hoogte van het cluster zijn geen bestaande maatregelen gesitueerd. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 126 meter raildempers verdeeld over beide sporen. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn. Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven. Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage. De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant.
Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 7.800 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Met raildempers op beide sporen (maatregelvariant 5) worden binnen het beschikbare budget alle knelpunten opgelost; Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteren geen knelpunten. De kosten van de raildempers worden in de eindvariant conform onderstaande ** verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters Bramenhof en Hof van Cambridge. Daarom zijn er in de eindvariant minder maatregelpunten weergegeven dan in maatregelvariant 5.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen Eindvariant
0.0 12.0 12.0
0% 100% 100%
56.86 54.63 54.52
6 0 0
0 3 3
1.37 -0.86 -0.97
0 3.654 3.219
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Afweging schermmaatregelen Na het toepassen van raildempers op beide sporen resteren geen knelpunten. Tevens geldt dat voor schermen over de gehele lengte van het cluster meer punten zijn benodigd dan voor het toepassen van raildempers op twee sporen. Schermen zijn derhalve niet doelmatig. Dit is de reden dat schermen niet zijn doorgerekend voor dit cluster. De doelmatige bronmaatregel is daarmee meteen de eindvariant, zie bovenstaande tabel.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
16/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
17/61
Gemeente Doetinchem Cluster Prins Pieterstraat Omschrijving situatie Het cluster Prins Pieterstraat is gelegen ten noorden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 39.8. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 89 meter. Ter hoogte van het cluster zijn geen bestaande maatregelen gesitueerd. Ten gevolge van het plan wordt een deel van de Beekseweg (waaronder de overweg) over een kleine afstand verlegd richting het oosten. Tevens wordt langs de Beekseweg een voetpad gerealiseerd. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Opgemerkt wordt dat ter hoogte van het cluster de overweg voor het nieuwe voetpad is gelegen, waardoor schermen en raildempers niet overal binnen de 2D-zichthoek toepasbaar zijn. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 83 meter raildempers op het zuidelijk spoor. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn.
Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven. Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage. De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant. Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 3.300 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Raildempers op beide sporen (maatregelvariant 5) passen niet binnen het beschikbare budget; Met raildempers op slechts één spoor (maatregelvarianten 6 en 7) worden binnen het beschikbare budget alle knelpunten opgelost; De behaalde geluidreductie met raildempers op het noordelijk en zuidelijk spoor is gelijk, zijnde 3.0 dB; De maximale geluidbelasting is het laagst voor maatregelvariant 7. Daarom is deze variant de doelmatige bronmaatregel. Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteren geen knelpunten.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 6 7 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen RD’s enkel noordelijk spoor RD’s enkel zuidelijk spoor Eindvariant
0.0 3.0 3.0 3.0 3.0
0% 100% 100% 100% 100%
56.68 54.43 55.79 55.61 55.61
3 0 0 0 0
0 3 1 1 1
0.94 -1.72 -0.07 -0.31 -0.31
0 4.901 2.494 2.407 2.407
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Afweging schermmaatregelen Na het toepassen van raildempers op het zuidelijk spoor resteren geen knelpunten. Tevens geldt dat voor schermen over de gehele lengte van het cluster meer punten zijn benodigd dan voor het toepassen van raildempers op één spoor. Schermen zijn derhalve niet doelmatig. Dit is de reden dat schermen niet zijn doorgerekend voor dit cluster. De doelmatige bronmaatregel is daarmee meteen de eindvariant, zie bovenstaande tabel.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
18/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
19/61
Gemeente Doetinchem Cluster Stationsstraat Omschrijving situatie Het cluster Stationsstraat is gelegen ten noorden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 39.1. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 126 meter. Ter hoogte van het cluster zijn geen bestaande maatregelen gesitueerd. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Opgemerkt wordt dat ter hoogte van het cluster een overweg is gelegen, waardoor schermen en raildempers niet overal binnen de 2D-zichthoek toepasbaar zijn. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 206 meter raildempers verdeeld over beide sporen. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn. Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven.
Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage. De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant. Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 50.800 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Met raildempers op beide sporen (maatregelvariant 5) worden binnen het beschikbare budget alle knelpunten opgelost; Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteren geen knelpunten. De kosten van de raildempers worden in de eindvariant conform onderstaande ** verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters Stationsstraat en Beste Vaderskamp. Daarom zijn er in de eindvariant minder maatregelpunten weergegeven dan in maatregelvariant 5.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen Eindvariant
0.0 14.0 14.0
0% 100% 100%
61.18 58.86 58.86
14 0 0
0 3 3
0.52 -0.93 -0.93
0 5.974 3.886
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Afweging schermmaatregelen Na het toepassen van raildempers op beide sporen resteren geen knelpunten. Tevens geldt dat voor schermen over de gehele lengte van het cluster meer punten zijn benodigd dan voor het toepassen van raildempers op twee sporen. Schermen zijn derhalve niet doelmatig. Dit is de reden dat schermen niet zijn doorgerekend voor dit cluster. De doelmatige bronmaatregel is daarmee meteen de eindvariant, zie bovenstaande tabel.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
20/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
21/61
Gemeente Doetinchem Cluster Uijlenbroeklaan A Omschrijving situatie Het cluster Uijlenbroeklaan A is gelegen ten noorden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 35.6. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 64 meter. Ter hoogte van het cluster zijn momenteel over een lengte van 23 meter raildempers gelegen. Deze raildempers worden in de plansituatie gehandhaafd. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 55 meter raildempers op het noordelijk spoor. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn. Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven. Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage.
De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant. Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 1.600 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Raildempers op beide sporen (maatregelvariant 5) passen niet binnen het beschikbare budget; Raildempers op slechts één spoor (maatregelvarianten 6 en 7) passen ook niet binnen het beschikbare budget; Omdat binnen de 2D-zichthoek reeds raildempers zijn gelegen is het voor het cluster mogelijk om binnen het beschikbare budget de bestaande raildempers uit te breiden met een maximale lengte van 32 meter (maatregelvariant 12); Met deze variant wordt voldaan aan de vereiste 1 dB extra reductie. Daarom is deze variant de doelmatige bronmaatregel; Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteert 1 knelpunt.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 6 7 12 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen RD’s enkel noordelijk spoor RD’s enkel zuidelijk spoor Bestaande RD’s 32m verlengd Eindvariant
1.0 3.0 2.0 1.0 2.0 2.0
33% 100% 67% 33% 67% 67%
57.40 55.11 56.19 56.61 56.30 56.30
1 0 1 1 1 1
1 3 2 1 2 2
1.91 -0.38 0.70 1.12 0.81 0.81
667 3.712 1.856 2.523 1.595 1.595
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Afweging schermmaatregelen Voor de afweging van schermen is het cluster gelijk aan het cluster voor de afweging van bronmaatregelen, zie kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Het budget voor het treffen van schermmaatregelen bedraagt 1.600 reductiepunten. Binnen het beschikbare aantal punten is een scherm over de gehele lengte van het cluster niet mogelijk. Schermen zijn daarom niet doelmatig. De doelmatige bronmaatregel is daarmee meteen de eindvariant, zie bovenstaande tabel.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
22/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
23/61
Gemeente Doetinchem Cluster Uijlenbroeklaan B Omschrijving situatie Het cluster Uijlenbroeklaan B is gelegen ten noorden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 35.4. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 53 meter. Ter hoogte van het cluster zijn momenteel binnen de gehele zichthoek raildempers gelegen. Door het realiseren van een wissel ter hoogte van het cluster kan slechts 25 meter aan raildempers op het toekomstige noordelijke spoor worden gehandhaafd. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Opgemerkt wordt dat ter hoogte van het cluster een wissel is voorzien, waardoor raildempers niet overal binnen de 2D-zichthoek toepasbaar zijn. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 50 meter raildempers verdeeld over beide sporen. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn.
Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven. Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage. De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant. Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 1.600 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Raildempers op beide sporen (maatregelvariant 5) passen binnen het beschikbare budget, maar lossen niet alle knelpunten op; Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteert 1 knelpunt.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen Eindvariant
1.0 1.0 1.0
33% 33% 33%
57.45 57.05 57.05
1 1 1
1 1 1
1.96 1.56 1.56
725 1.450 1.450
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Afweging schermmaatregelen Voor de afweging van schermen is het cluster gelijk aan het cluster voor de afweging van bronmaatregelen, zie kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Het budget voor het treffen van schermmaatregelen bedraagt 1.600 reductiepunten. Binnen het beschikbare aantal punten is een scherm over de gehele lengte van het cluster niet mogelijk. Schermen zijn daarom niet doelmatig. De doelmatige bronmaatregel is daarmee meteen de eindvariant, zie bovenstaande tabel.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
24/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
25/61
Gemeente Doetinchem Cluster Winnipegstraat Omschrijving situatie Het cluster Winnipegstraat is gelegen ten zuiden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 34.4. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 670 meter. Ter hoogte van het cluster zijn momenteel over een lengte van 120 meter raildempers gelegen. Deze raildempers worden in de plansituatie gehandhaafd. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Opgemerkt wordt dat ter hoogte van het cluster twee overwegen en een stalen brug over de Oude IJssel zijn gelegen, waardoor schermen en raildempers niet overal binnen de 2D-zichthoek toepasbaar zijn. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 595 meter raildempers op het spoor en een 5 dB brugmaatregel aan de brug over de Oude IJssel. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn.
Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven. Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage. De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant. Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 65.900 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Raildempers op het spoor (maatregelvariant 5) passen binnen het beschikbare budget, maar lossen niet alle knelpunten op; Dit geldt ook voor een 3 en 5 dB brugmaatregel aan de brug over de Oude IJssel (maatregelvarianten 8 en 9); En ook geldt dit voor een 3 en 5 dB brugmaatregel in combinatie met raildempers (maatregelvarianten 10 en 11); Maatregelvarianten 10 en 11 halen beiden een geluidreductie van 95% of meer.
Aangezien maatregelvariant 10 voor het cluster Burgemeester de Bruijnstraat geen geluidreductie van 95% of meer haalt is deze variant niet de doelmatige bronmaatregel; De doelmatige bronmaatregel voor dit cluster is derhalve maatregelvariant 11; Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteert 1 knelpunt. De kosten van de doelmatige bronmaatregelen worden in de eindvariant conform onderstaande ** verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters Burgemeester de Bruijnstraat en Winnipegstraat. Daarom zijn er in de eindvariant minder maatregelpunten weergegeven dan in maatregelvariant 11.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 8 9 10 11 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen 3 dB Brugmaatregel 5 dB Brugmaatregel 3 dB Brugmaatregel met RD’s 5 dB Brugmaatregel met RD’s Eindvariant
4.0 51.0 28.0 34.0 61.0 62.0 62.0
6% 80% 44% 53% 95% 97% 97%
68.11 68.11 65.18 63.25 65.16 63.23 63.23
36 7 30 29 2 1 1
2 3 3 5 3 5 5
3.61 3.61 2.34 1.87 1.65 1.10 1.10
3.480 17.255 24.900 41.700 42.155 58.955 29.478
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
26/61
Afweging schermmaatregelen Na de afweging van bronmaatregelen resteert 1 knelpunt. Dit knelpunt is ondergebracht in een nieuw cluster voor de schermafweging. Dit cluster is weergegeven op de kaart 'Eindvariant'. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 112 meter. Het budget voor het treffen van schermmaatregelen bedraagt 6.200 reductiepunten. Uit de afweging van schermmaatregelen blijkt: Een schermmaatregel in combinatie met de doelmatige bronmaatregel die is gelegen ter hoogte van het cluster voor de schermafweging (raildempers over een lengte van 90 meter) past niet binnen het beschikbare budget voor schermmaatregelen. Een schermmaatregel is derhalve niet doelmatig; De doelmatige bronmaatregel is daardoor meteen de eindvariant.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten
* **
3 13 15
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project Bronmaatregel** Scherm 1.0m + Bronmaatregel**
0.0 7.0 8.0
0% 78% 89%
59.89 57.60 57.11
4 1 1
0 4 5
3.39 1.10 0.61
0 2.610 8.503
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. Voor een schermafweging worden de bronmaatregelen niet verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters.
Opgemerkt wordt dat voor het cluster Burgemeester de Bruijnstraat bronmaatregelen doelmatig zijn, waardoor deze ook automatisch worden toegepast ter hoogte van het gehele cluster Winnipegstraat. Daarom zijn schermmaatregelen zonder bronmaatregelen voor dit cluster niet doorgerekend.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
27/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
28/61
Gemeente Montferland De onderstaande figuur geeft de clusters weer in de gemeente Montferland.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
29/61
Gemeente Montferland Cluster Dijksestraat Omschrijving situatie Het cluster Dijksestraat is gelegen ten zuiden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 45.5. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 38 meter. Ter hoogte van het cluster zijn geen bestaande maatregelen gesitueerd. De situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Opgemerkt wordt dat ter hoogte van het cluster een overweg is gelegen, waardoor schermen en raildempers niet overal binnen de 2D-zichthoek toepasbaar zijn. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 66 meter raildempers verdeeld over beide sporen. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn. Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven.
Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage. De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant. Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 2.400 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Met raildempers op beide sporen (maatregelvariant 5) worden binnen het beschikbare budget alle knelpunten opgelost; Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteren geen knelpunten. De kosten van de doelmatige bronmaatregelen worden in de eindvariant conform onderstaande ** verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters Dijksestraat en Valkstraat. Daarom zijn er in de eindvariant minder maatregelpunten weergegeven dan in maatregelvariant 5.
Geluidreductie* [%]
Maximale waarde geluidbelasting (Lden[dB])
Aantal objecten boven streefwaarde
Maximale geluidreductie op één object [dB]
Maximale overschrijding streefwaarde [dB]
Aantal maatregelpunten**
* **
3 5 21
Geluidreductie* [dB]
Naam maatregelvariant Lden,project RD’s alle sporen Eindvariant
0.0 1.0 1.0
0% 100% 100%
61.48 59.21 59.06
1 0 0
0 2 2
0.98 -1.29 -1.44
0 1.914 957
De geluidreductie kan negatief zijn in situaties dat de bovenbouw in Lden,project luider is dan de bovenbouw in Lden,SAK. In de maatregelvarianten, behalve in de eindvariant, zijn de kosten voor raildempers volledig aan het cluster toebedeeld. In de eindvariant zijn de kosten over het algemeen 50/50 verdeeld over de tegenover elkaar gelegen clusters ter plaatse van de 'overlap'.
Afweging schermmaatregelen Na het toepassen van raildempers op beide sporen resteren geen knelpunten. Tevens geldt dat voor schermen over de gehele lengte van het cluster meer punten zijn benodigd dan voor het toepassen van raildempers op twee sporen. Schermen zijn derhalve niet doelmatig. Dit is de reden dat schermen niet zijn doorgerekend voor dit cluster. De doelmatige bronmaatregel is daarmee meteen de eindvariant, zie bovenstaande tabel.
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
30/61
Bijlage 6 - Maatregelenonderzoek
31/61
Gemeente Montferland Cluster Eg Omschrijving situatie Het cluster Eg is gelegen ten noorden van de spoorlijn Winterswijk - Zevenaar ter hoogte van km 44.6. De 2D-zichthoek voor de minimale lengte van maatregelen bedraagt 509 meter. Ter hoogte van het cluster zijn momenteel over een lengte van 213 meter raildempers gesitueerd. Een deel van deze raildempers komt te vervallen door de spoorverdubbeling, waardoor in de plansituatie voor maatregelen enkel op het noordelijk spoor over een lengte van 106 meter raildempers zijn gelegen. Door de spoorverdubbeling kan ook de wal die ter hoogte van het cluster is gelegen niet worden gehandhaafd. In de plansituatie voor maatregelen is dan ook geen rekening gehouden met een wal. Deze situatie is aangegeven op de eerstvolgende kaart ‘Plansituatie voor maatregelen'. Opgemerkt wordt dat ter hoogte van het cluster twee overwegen zijn gelegen, waardoor schermen en raildempers niet overal binnen de 2Dzichthoek toepasbaar zijn. Doelmatige geluidmaatregel De doelmatige maatregelen voor dit cluster zijn 984 meter raildempers verdeeld over beide sporen. Deze maatregelen zijn weergegeven op de kaart ‘Eindvariant’. Daarnaast is in deze figuur ook een (verlegde) grondwal opgenomen. Deze wal is niet financieel doelmatig, maar wordt op basis van bestuurlijke afspraken mogelijk gemaakt.
Onderbouwing doelmatige geluidmaatregel De doelmatigheidsafweging vindt over het algemeen in twee stappen plaats. Eerst worden bronmaatregelen afgewogen. Mochten er na bronmaatregelen nog knelpunten resteren of mocht blijken dat voor schermen minder punten nodig zijn dan voor raildempers, dan worden schermmaatregelen afgewogen. Hieronder is toegelicht waarom de hiervoor benoemde maatregelen de doelmatige maatregelen zijn. Dit is gedaan door de twee beschreven stappen te volgen. Ter onderbouwing zijn de resultaten van de berekeningen in tabelvorm weergegeven. Een toelichting op de ‘standaard maatregelvarianten’ uit deze tabel vindt u aan het begin van deze bijlage. De resultaten bij de eindvariant kunnen overigens verschillen van de resultaten bij de standaardvariant. Dit komt in zo’n geval door de invloed van maatregelen ten behoeve van een nabijgelegen cluster. Afweging bronmaatregelen Voor de afweging van bronmaatregelen is het cluster uit de kaart ‘Plansituatie voor maatregelen' gehanteerd. Het beschikbare budget voor het treffen van bronmaatregelen bedraagt 38.600 reductiepunten. Uit de afweging van bronmaatregelen blijkt: Raildempers op beide sporen (maatregelvariant 5) passen binnen het beschikbare budget, maar lossen niet alle knelpunten op; Na het toepassen van deze doelmatige bronmaatregel resteert 1 knelpunt.