CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Reactienota (anoniem).pdf

gemeenteraad 8 juli 2021, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 4: Beheersverordening Landelijk Gebied - 202139.870 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Geen.

Reactie 19. (1611961) Bij het ontwerp voor de beheersverordening zijn een aantal documenten als bijlage opgenomen waaronder het document 'Landelijk gebied - 2020 Bijlagen bij de toelichting' waarin de geldende bestemmingsplannen staan opgesomd. De naam van het geldende bestemmingsplan dat vermeld staat onder nummer 15 (Steverinkstraat 39 - 2009) vormt de basis voor de verkeerde informatie en bevat tevens de informatie van de verkeerde gegevens die bij onze kavel staan genoteerd. Als we het betreffende document zoeken op de website van de gemeente Doetinchem staat er de tekst 'Steverinkstraat bij 39 - 2009'. Dit document bevat de bouwaanvraag van onze huidige buren voor een nieuw te bouwen woning aan de Steverinkstraat 37 te Gaanderen. Zij hebben deze aanvraag echter gedaan toen ze woonachtig waren op het adres waar wij nu wonen. Dit betekent dat de informatie in dit bestemmingsplan niet slaat op onze kavel maar op het adres van onze buren, Steverinkstraat 37, 7011 JN te 1434859 / 1602599

Pagina 24 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

Gaanderen. Als we de link van de site volgen, komen we uit bij het bestemmingsplan. Hier staat in het vaststellingsbesluit dat er vergunning verleend is voor het bouwen van een woning op Steverinkstraat 39. Deze woning heeft echter adres Steverinkstraat 37 gekregen dus de informatie in dit bouwplan slaat ook op dat adres. Door daarnaast het woord ‘bij’ uit de documentnaam te verwijderen, krijgt het document een andere betekenis waardoor informatie van deze bouwaanvraag onterecht op ons perceel is bijgeschreven.

De informatie die onterecht bij onze kavel staat genoteerd is: 1. Maatvoering: maximum goothoogte (m), maximum bouwhoogte (m) = 4,8m; 4,8m; 2. Maatvoering: maximum oppervlakte bijgebouwen (m²) = 75m²; 3. Maatvoering: maximum volume (m3) = 347 m3. De nummers 2 en 3 zijn terug te vinden in de toelichting van de bouwplannen voor Steverinkstraat 37 in hoofdstuk 2.4 Slooprechten en bouwkader. Nummer 1 staat op de plankaart als op te maken is uit de Nota van inspraak, punt H welke opgenomen is onder 'Bijlagen bij toelichting'. Wij hopen u hiermee voldoende informatie te hebben verschaft om de betreffende gegevens in het definitieve besluit te verplaatsen van Steverinkstraat 39 naar Steverinkstraat 37. De constatering is juist. Alle aanduidingen die in het ontwerp beheersverordening op Steverinkstraat 39 liggen, horen op Steverinkstraat 37 te liggen. De situatie zal worden aangepast. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 19: •

De betreffende aanduidingen die in de ontwerpbeheersverordening op het perceel Steverinkstraat 39 liggen worden verplaatst naar het perceel Steverinkstraat 37. Het gaat om de maatvoeringaanduidingen ‘maximum hoogte (m), maximum bouwhoogte (m) = 4,8 m; 4,8 m’, ‘maximum oppervlakte bijgebouwen (m²) = 75 m²’ en ‘maximum volume (m3) = 347 m3’.

Reactie 20. (1612113) 20-1. In het nieuwe plan staat dit adres vermeld als (overige zone – openheid). Maar in het nu geldende bestemmingsplan buitgebied 2002 is dit (ALN) gebied, Agrarisch gebied met Landschaps - en natuurwaarden. Dat houdt in dat ook het reliëf van de bodem beschermd moet worden. Dit geldt ook voor de naast gelegen percelen nummer 5 nummer 3 & 1. Ook kunnen wij niets terug vinden over de bestemming van het gebied zoals bij ons nummer 7 (woonbestemming). En nog veel belangrijker de bestemming van nummer 5, dat is nu namelijk een gedeelte recreatie (R4) en een gedeelte uitloopgebied op (ALN) gebied voor het plaatsen van extra caravans. Ook staat in het bestemmingsplan buitengebied 2002 niets vermeld over intensieve dag recreatie op koningsweg nr. 5, dat wordt wel vermeld in het nieuwe plan, dit is niet juist! De bestaande situatie is namelijk Extensieve dagrecreatie.

1434859 / 1602599

Pagina 25 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

Koningsweg 5 Op de locatie Koningsweg 5 te Wehl is er sprake van een nieuwe ontwikkeling. In de beheersverordening mogen geen nieuwe ontwikkelingen worden opgenomen. Voor de locatie Koningsweg 5 zal naar verwachting een afzonderlijke ruimtelijke procedure worden doorlopen. Deze locatie is om die reden niet meer opgenomen in de beheersverordening. In deze reactie is dan ook niet ingegaan op de opmerkingen die betrekking hebben op Koningsweg 5.

Koningsweg 7 Voor de locatie Koningsweg 7 is de hoofdfunctie ‘Wonen’ opgenomen. Daarnaast is ook een dubbelhoofdfunctie voor archeologie en de gebiedsaanduiding: ‘overige zone – openheid’ opgenomen. Dit is overeenkomstig het bestaande gebruik (wonen) en inventarisatie (archeologie en landschap). Ten zuiden van het perceel geldt de hoofdfunctie ‘Verkeer’. De aansluitende agrarische gronden beschikken over de hoofdfunctie ‘Agrarisch met waarden’. Er zijn gronden binnen het plangebied van de beheersverordening die van de aanduiding ‘overige zone – reliëf’ en 'overige zone - openheid en reliëf' zijn voorzien. Er bevinden zich in de omgeving van de Koningsweg geen landschapselementen die met de aanduiding reliëf moeten worden beschermd. Voor openheid is dit wel aan de orde en om die reden is deze aanduiding wel opgenomen. Genoemde functies en aanduidingen zijn dus in de beheersverordening opgenomen. Wellicht is de onduidelijkheid ontstaan vanwege het raadplegen van de pdf-kaarten. Om de kaarten leesbaar te houden, zijn de ‘hoofdfuncties’ en ‘aanduidingen’ op afzonderlijke pdf-kaarten geprojecteerd. Deze dienen integraal te worden gelezen.

20-2. Ook wordt er gezegd dat gebouwen geen gebouwen zijnde de hoogte 3,5 meter bedragen ook dit is niet juist tegenover het geldende bestemmingsplan daar wordt namelijk gezegd 2 meter. In de beheersverordening is in artikel 21.2.7 het volgende opgenomen; Voor het bouwen van bouwwerken geen gebouwen zijnde gelden de navolgende regels: a. de bouwhoogte mag maximaal 1 m bedragen; b. in afwijking van het bepaalde in sub a, mag de bouwhoogte van 1. erf- en terreinafscheidingen op ten minste 1 m achter de voorgevel, maximaal 2 m bedragen; 2. in afwijking van het bepaalde onder 1 mag de bouwhoogte van erf- en terreinafscheidingen, indien bij een woning de aanduiding 'gevellijn' is opgenomen, 2 m bedragen op ten minste 1 m achter (het verlengde van) de in de gevellijn gesitueerde gevel van de woning; 3. speeltoestellen en tuinmeubilair maximaal 3,5 m bedragen; 4. verlichting, vlaggenmasten en vergelijkbare bouwwerken maximaal 6 m bedragen; 5. antennedragers inclusief antennes maximaal 15 m bedragen. De hoogte van 3,5 meter geldt voor speeltoestellen en tuinmeubilair. Deze hoogte is in principe overal voor deze bouwwerken in de gemeente Doetinchem toegestaan. 1434859 / 1602599

Pagina 26 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

20-3. Wij willen in dit mooie bosrijke gebied onze (ALN) waarden blijven behouden, om de natuur te beschermen. En niet te vergeten de ecologische doorgang te beschermen gelegen naast de Koningsweg. En geen pretpark naast de deur! met alle negatieve gevolgen. Het nieuwe plan Beheersverordening Landelijk gebied 2020 is na onze mening zodanig opgesteld dat Teamgamez er de voordelen van plukt en nog verdere uitbereiding mogelijk maakt. Zie reactie onder 20-1. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 20: •

Geen.

N.B. De locatie Koningsweg 5 is buiten het verordeningsgebied gehouden, vanwege de lopende ontwikkeling en de procedures die daarvoor lopen en nog moeten gaan lopen.

Reactie 21. (1612132) 21-1. Specificatie ontwerp beheersverordening. In artikel 3.5 zijn diverse gebruiksregels opgenomen. Namens initiatiefnemer vragen wij u: Op welke wijze wordt artikel 3.5.3. specifiek gebruikt en toegepast? En wat voor een gevolgen heeft deze regeling voor bestaande veehouderijen? Cliënt houdt varkens: kan hij op grond van deze regeling nog wel wisselen in diercategorieën binnen de hoofdcategorie varkens? En is het bijvoorbeeld op grond van deze regeling niet toegestaan om een andere hoofdcategorie te gaan houden? De beheersverordening biedt beperkte ontwikkelingsmogelijkheden. In de Regeling ammoniak en veehouderij worden de volgende hoofdcategorieën onderscheiden:  Hoofdcategorie A: Rundvee;  Hoofdcategorie B: Schapen;  Hoofdcategorie C: Geiten;  Hoofdcategorie D: Varkens;  Hoofdcategorie E: Kippen;  Hoofdcategorie F: Kalkoenen;  Hoofdcategorie G: Eenden;  Hoofdcategorie H: Pelsdieren;  Hoofdcategorie I: Konijnen;  Hoofdcategorie J: Parelhoenders;  Hoofdcategorie K: Paarden;  Hoofdcategorie L: Struisvogels; In de ontwerpbeheersverordening was nog opgenomen dat niet mocht worden uitgebreid met een andere hoofdcategorie. Bij nadere bestudering is deze bepaling zodanig gewijzigd, dat een omschakeling naar een andere hoofdcategorie mogelijk is onder de voorwaarde dat de achtergrondgeurbelasting niet toeneemt.

Daarnaast blijft ook artikel 3.5.2 van toepassing. Conform dit artikel mag een omschakeling naar een andere categorie dieren niet leiden tot een toename van stikstofdepositie. Een dergelijke wisseling moet ook met een omgevingsvergunning (milieu) worden aangevraagd. Hierbij 1434859 / 1602599

Pagina 27 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

vindt ook een toetsing plaats of de omwisseling/uitbreiding niet strijdig is met andere milieunormen zoals bijvoorbeeld geur of geluid.

21-2. Tot slot, welke van de twee verbeeldingsvarianten zijn leidend in het raadplegen van de online verbeelding behorende bij de beheersverordening? Aangezien er een contradictie zit tussen de gepresenteerde verbeelding via de Webapp-viewer van de gemeente Doetinchem en de gepresenteerde verbeelding op www.ruimtelijkeplannen.nl voor wat betreft de situering van het bouwvlak aan de zuidzijde van de bebouwing. Op basis van www.ruimtelijkeplannen.nl is de bebouwing namelijk deels niet gelegen binnen het bouwvlak. Mocht deze laatste verbeelding leidend zijn, dan vragen we u de bebouwing alsnog binnen het bouwvlak te brengen. De lijnen die zichtbaar zijn in de viewer van www.ruimtelijkeplannen.nl zijn de lijnen van een eerdere ruimtelijke procedure ‘Wehl Buitengebied 2002, 8e wijziging Doesburgseweg 40’. Deze situatie is in een later stadium alsnog op deze website geplaatst. Daarmee is er sprake van een afwijkende situering op deze website. De kaarten die onderdeel uitmaken van de beheersverordening en te vinden zijn onder het kopje ‘documenten’ zijn wel identiek aan elkaar. Op deze kaarten bevinden de gebouwen zich wel binnen het bouwvlak. 21-3. Verzoek: verduidelijken reikwijdte artikel 3.5.3 en bouwvlak Wij verzoeken u de reikwijdte van artikel 3.5.3. te verduidelijken en aan te geven welke verbeelding leidend is.

Mocht dit de verbeelding van www.ruimtelijkeplannen.nl zijn, dan vragen wij u de bestaande bebouwing binnen het bouwvlak te brengen. Zie hiervoor de beantwoording onder 21-1 en 21-2.

21-4. Bouwvlakverandering. In het ontwerp is ter plaatse een bouwvlak ingetekend (op basis van de Webappviewer) dat aan de zuidzijde strak langs de bestaande bebouwing ligt en aan de westzijde ruimte voor nieuwe bebouwing biedt. Cliënt waardeert deze ontwikkelingsruimte, maar ziet het bouwvlak met het oog op de meest doelmatige aansluiting bij de bestaande varkenshouderij graag van vorm veranderd. Met het oog op de meest doelmatige bedrijfsontwikkelingen is het gewenst om de ruimte aan de westzijde te verplaatsen naar de noordkant. Als bijlage 2 is daartoe een voorstel voor een bouwvlakverandering opgenomen, waarbij 1.180 m² van de westzijde verplaatst wordt naar twee vlakken aan de noordzijde van de reeds bestaande bedrijfsbebouwing, namelijk 780 m² en 135 m². Per saldo is dit een afname van het bouwvlak oppervlak. Omdat de omvang van de varkenshouderij beperkt wordt middels het stikstofplafond uit het ontwerp én nieuwe bouwplannen dienen te voldoen aan de geldende milieuwetgeving, is de gevraagde bouwvlakverandering ruimtelijk en milieu hygiënisch inpasbaar. Indien gewenst is cliënt bereid om een nadere onderbouwing daarvan aan te leveren. Verzoek: bouwvlak overeenkomstig voorstel aanpassen Deze gevraagde nieuwe ontwikkeling kan niet worden meegenomen in de beheersverordening ‘Landelijk gebied - 2020’. In een beheersverordening kunnen namelijk 1434859 / 1602599

Pagina 28 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt die kunnen leiden tot milieueffecten op de omgeving. Daarbij dient een zorgvuldige toetsing aan wet- en regelgeving plaats te vinden. Beperkte uitbreidingsmogelijkheden, zoals erfbebouwing of dakopbouwen overeenkomstig eerder vastgestelde bestemmingsplan mogen wel worden opgenomen in een beheersverordening. Dat is dan ook gebeurd. Overigens betekent dit niet dat de gemeente niet kan of zou willen meewerken aan de gevraagde ontwikkeling. Er moet hiervoor een afzonderlijke planologische procedure doorlopen worden, waarin een concrete beoordeling en toetsing plaatsvindt. Hiervoor kan men zich in eerste instantie richten tot het loket bouwen en wonen van de gemeente. De medewerkers kunnen initiatiefnemers informeren over de mogelijkheden. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 21: •

De bepaling met betrekking tot ‘strijdige gebruik veebezetting’ wordt aangepast.

Reactie 22. (1612143) We hebben via de opgegeven weg de bestemming gecontroleerd en deze staat momenteel op Wonen. We merken op dat deze Wonen-1 zou moeten zijn: Wonen met praktijkruimte. De hoofdfunctie ‘Wonen-1’ is voorbestemd voor een specifieke situatie, die afwijkt van de standaardregeling. Een praktijkruimte is in de beheersverordening al ‘bij recht’ toegestaan. Dat is in de regels van de beheersverordening bepaald in artikel 21.1.f. ‘aan huis gebonden beroepen en bedrijven in en of bij de woning’. In artikel 21.5.1. ‘Specifieke gebruiksregels staan de voorwaarden opgesomd waaraan (de praktijk van) een aan huis gebonden beroep of bedrijf met voldoen’ Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 22: •

Geen.

Reactie 23. (1612189) 23-1. In de huidige situatie (en zo is het al sinds wij de woning hebben gekocht in 2015) staat onze plattelandswoning (plw) kadastraal geregistreerd object 1875, gekoppeld aan het bedrijf gevestigd aan de Smidstraat 1. In het ontwerp-beheers-verordening "Landelijk gebied-2020", staan de aanduidingen van de plattelandswoning (plw) en het koppelteken van deze plattelandswoning, gekoppeld vanaf kadastraal object 1874 (het bijgebouw) in plaats van kadastraal object 1875 (de plattelandswoning). Dit klopt niet ten opzichte van de vorige plannen en is ook in strijd met de huidige situatie. De percelen in kwestie vormen planologisch één geheel, waardoor op de kaart sprake is van één agrarisch bouwvlak.

1434859 / 1602599

Pagina 29 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

Het deel van briefschrijver is qua eigendom afgesplitst van het agrarisch bedrijf Smidstraat 1, maar wordt in het kader van de beheersverordening beschouwd als behorend bij dit bedrijf. Daarom is dit hele deel voorzien van de aanduiding voor de plattelandswoning. Dit was overigens ook zo opgenomen in het vernietigde bestemmingsplan Buitengebied 2012.

23-2. De aanduiding chw is veranderd naar ch. Ook deze aanduiding staat bij het verkeerde kadastrale object, de plattelandswoning. De aanduiding chw geldt voor het bijgebouw en moet dan naar 1865. Vermoedelijk is nummer 1865 een verschrijving. Dit perceel komt niet op deze locatie voor en wordt 1874 bedoeld. De aanduiding ‘cultuurhistorie’ (ch) was ook zo opgenomen in het vernietigde bestemmingsplan Buitengebied - 2012 en er toen en nu bewust zo opgelegd. Er is hier sprake van een cultuurhistorisch waardevol ensemble. Er is sprake van meer dan één gebouw op deze gronden die een waarde heeft vanuit de cultuurhistorie. Daarom is deze aanduiding op het hele bouwvlak in eigendom van briefschrijver opgenomen. Het onderzoek wat ten grondslag ligt aan het bepalen of sprake is cultuurhistorische waarden is overigens toegevoegd aan de regels. Zie het antwoord op reactie 15-4. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 23: •

De inventarisatierapporten cultuurhistorische bebouwing zijn als bijlagen toegevoegd aan de regels.

Reactie 24. (1612227) 24-1. De schrijver heeft het verzoek om de woning te splitsen, aangezien deze voldoende groot is. In de beheersverordening worden geen nieuwe ontwikkelingen meegenomen. Woningsplitsing wordt als nieuwe ontwikkeling gezien. Er komt immers een woning bij. De briefschrijver kan een verzoek doen op basis van het beleid dat door de gemeenteraad recentelijk is vastgesteld. Als briefschrijver in aanmerking wil komen voor een gesplitste of extra woning dan zal dit plan moeten worden getoetst aan de in december 2020 door de gemeenteraad vastgestelde notitie ‘Wonen landelijk gebied’. De betreffende notitie is te vinden op de website van de gemeente Doetinchem. Een verzoek kan via het Omgevingsloket bij de gemeente Doetinchem worden ingediend. Vervolgens zal deze worden beoordeeld en kan er besluitvorming over plaatsvinden. Voor meer informatie kan er contact worden opgenomen met het loket Bouwen en Wonen.

24-2. Ook is briefschrijver van plan om de bestaande garage te vervangen door een grotere. Om te vernemen onder welke voorwaarden de bestaande garage kan worden vervangen door een grotere garage, kan briefschrijver in eerste instantie contact opnemen met het 1434859 / 1602599

Pagina 30 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

loket bouwen en wonen van de gemeente. De medewerkers kunnen briefschrijver informeren over de mogelijkheden en de eventuele procedure(tijd) die daarmee is gemoeid. 24-3. De plannen genoemd onder bij de vorige punten wil briefschrijver binnen redelijk tijdsbestek ten uitvoer brengen en wil onder de huidige omstandigheden een aanvraag doen. Men vraagt hoe dit verder kan gaan. Zie reactie onder 24-2. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 24: •

Geen.

Reactie 25. (1612240) 25-1. Naar aanleiding van de brief van de Gemeente Doetinchem van 15-12-2020 inzake de ontwerp-beheersverordening melden wij dat het werkelijke gebruik van ons perceel dat onder de bestemming ‘Bedrijf’ valt op 3 punten afwijkt van de bestaande beheersverordening en wel als volgt: Bedrijf (kadastrale percelen Wehl M 1094/1097/1098/1100). Het perceel wordt gedeeltelijk gebruikt als bouwbedrijf en daarnaast als opslagruimte (SBI code 52109) en als groothandel overige consumentenartikelen (SBI code 464). Bedrijfswoning nr, 26A (kadastraal perceel Wehl M 1159) Deze woning is als sinds 33 jaar niet meer in gebruik als bedrijfswoning. Sinds 1988 werd de woning bewoond door de weduwe van de oprichter/oud-eigenaar van het bedrijf. Na haar overlijden in 2012 is de woning bewoond door diverse personen. Bedrijfswoning nr, 26 (kadastrale percelen Wehl M 275/1158/1101/1095/1096). In deze woning is geen sprake van bedrijfsactiviteiten en wordt sinds 1983 bewoond als normale woning. Ook de bij de woning liggende gronden worden niet gebruikt voor bedrijfsactiviteiten. Als de woningen Broekhuizerstraat 26 en 26A de hoofdfunctie ‘wonen’ zouden moeten krijgen, is dat te beschouwen als een nieuwe ontwikkeling. Deze nieuwe ontwikkeling kan niet worden meegenomen in de beheersverordening ‘Landelijk gebied - 2020’.

In een beheersverordening kunnen namelijk geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt, mede vanwege het ontbreken van bezwaar en beroepsmogelijkheden. Een wijziging hiervan zal eerst moeten worden beoordeeld op mogelijk negatieve effecten op nabijgelegen functies en percelen. Een verzoek kan via het Omgevingsloket bij de gemeente Doetinchem worden ingediend. Vervolgens zal deze worden beoordeeld en kan er besluitvorming over plaatsvinden. Voor meer informatie kan er contact worden opgenomen met het loket Bouwen en Wonen. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 25: •

Geen.

Reactie 26. (1612328) 26-1. Sinds kort, 30 december 2020 zijn wij de eigenaar van Hogenslagweg 5 te Doetinchem. We hebben de woning met bijbehorend weiland gekocht met de 1434859 / 1602599

Pagina 31 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

bestemming agrarisch met (landschappelijke) waarden. Nu lezen wij in deze beheersverordening wat anders. Het weiland is bestemd als Natuur terwijl het bestaand gebruik Agrarisch met (landschappelijke) waarden is. Hoewel het klopt dat wij aan de rand van het bos wonen, vinden wij het heel erg vreemd dat enkele percelen IN het bos hebben nog steeds de aanduiding Agrarisch met waarden hebben gehouden. We maken dan vervolgens ook bezwaar tegen de mogelijk hier uit volgende aanduidingen van natuur ontwikkelingsgebied en groene ontwikkelingszone. Bij de reactie zijn delen van de kaart weergegeven om te laten zien wat we bedoelen.

1434859 / 1602599

Pagina 32 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

In 2009 heeft de toenmalige eigenaar een vrijstelling van het bestemmingsplan en een vergunning gekregen voor een functieverandering aan de Hogenslagweg 5. In de voormalige boerderij, nu Hogenslagweg 7 en 9, zijn daarmee twee woningen gerealiseerd. Als compensatie is met de toenmalige eigenaar afgesproken dat hij op een deel van zijn grond natuur zou gaan ontwikkelen. Deze grond heeft in de beheersverordening de functie ‘Natuur’ gekregen. In het provinciale Natuurbeheerplan heeft de grond de natuurwaarde ‘botanisch waardevol grasland’. Op dit perceel moet dus natuur aanwezig zijn binnen deze natuurwaarde en dit moet ook zo beheerd blijven. Het planologisch vastleggen is daarbij ook nodig. Dit houden we daarom ook zo in de beheersverordening.

1434859 / 1602599

Pagina 33 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

26-2. Momenteel gebruiken we het weiland voor enkele biologische runderen. We zoeken aansluiting bij de stadsboerderij zodat we zelfvoorzienend kunnen worden en zelf kunnen voorzien in melk en vlees. Op basis hiervan hebben we bezwaar tegen de beheersverordening die ter inzage ligt en zouden we graag zien dat u de huidige situatie vastlegt als Agrarisch met waarden. Zie antwoord 26-1. Mogelijk dat op botanisch waardevol grasland wel enkele biologische runderen gehouden kunnen worden. Het is in ieder geval toegestaan om hobbymatig een aantal dieren bij een woning te houden.

26-3. Tevens is de situatie van de schuren gewijzigd. Graag zouden we met u in gesprek gaan over dit alternatief en het gebruik van de schuur zodat er een beheersverordening vastgesteld wordt die past bij de huidige situatie. De gevraagde nieuwe ontwikkeling voor de bestaande bebouwing kan niet worden meegenomen in de beheersverordening ‘Landelijk gebied - 2020’. In een beheersverordening kunnen namelijk geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt. Overigens betekent dit niet dat de gemeente niet kan of zou willen meewerken aan de gevraagde ontwikkeling. Er moet hiervoor een concreet, goed onderbouwd plan worden ingediend, waarna – ingeval van medewerking – een afzonderlijke planologische procedure doorlopen moet worden. Een verzoek kan via het Omgevingsloket bij de gemeente Doetinchem worden ingediend. Vervolgens zal deze worden beoordeeld en kan er besluitvorming over plaatsvinden. Voor meer informatie kan er contact worden opgenomen met het loket Bouwen en Wonen. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 26: •

Geen.

Reactie 27. (1612339) 27-1. De situatie dat het voorgestelde bestemmingsplan is vernietigd en dat nu tijdelijk een beheersverordening van toepassing is totdat het omgevingsplan gereed is voor ons bewoners lastig te begrijpen. Dit is in de brief aan alle bewoners van het landelijk gebied uitgelegd. Een beheersverordening is een alternatief voor een bestemmingsplan. De Wet ruimtelijke ordening biedt deze keuze. Onder meer vanuit financiële overwegingen en de korte procedure heeft de gemeente gekozen voor een beheersverordening. De wetgeving gaat veranderen, waarna we voor het hele grondgebied een nieuw plan moeten opstellen, het omgevingsplan. De onderzoeken die daarvoor gedaan moeten worden, had de gemeente ook moeten doen als er een nieuw bestemmingsplan opgesteld zou zijn. Dan had de 1434859 / 1602599

Pagina 34 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

gemeente dus dubbele onderzoekskosten moeten maken. Met de beheersverordening is dit niet nodig.

27-2. In de brief wordt aan bewoners gevraagd naar de eigen situatie te kijken en met name of het huidige gebruik overeenkomt met de weergave in het omgevingsplan. Een aantal bewoners hebben dit gedaan maar stuiten toch op kaarten en codes die lastig te begrijpen zijn. Daarvoor was in de brief al aangegeven, dat men bij vragen contact met de gemeente kon opnemen. Het is voor de gemeente niet mogelijk om per adres specifiek in een brief aan te geven hoe het voor die situatie is.

27-3. Nog complexer wordt het wanneer je naar de leefomgeving van onze buurt kijkt. Mede vanwege de aanleg van de Oostelijke randweg (compensatie) en andere ontwikkelingen en ambities zijn natuurontwikkelingsplannen voor de Zumpe ontwikkeld. Zie het antwoord bij 27-2.

27-4. Vanwege de stikstofproblematiek (2019) is de uitvoering uitgesteld. Bewoners vragen zich af wanneer de uitvoering nu wel kan starten omdat in de brief wordt aangegeven dat voor grote veranderingen de beheersverordening meestal geen oplossing is en het omgevingsplan er nog lang niet is. De ontwikkeling van natuur voor de Zumpe is een project die niet in zijn geheel in de beheersverordening opgenomen kan worden. Het project is namelijk nog niet afgerond. Nieuwe ontwikkelingen kunnen niet mogelijk gemaakt worden in een beheersverordening. De percelen in dit gebied waarvan de natuur al ontwikkeld is, zijn wel met de hoofdfunctie ‘Natuur’ opgenomen in de beheersverordening. Daar waar de ontwikkeling nog niet afgerond is, is de agrarische hoofdfunctie nog behouden in de beheersverordening. Pas na realisatie zal dit in een plan verwerkt worden. Mogelijk is dit pas bij het omgevingsplan (nieuwe planvorm na de inwerkingtreding van de Omgevingswet) het geval.

27-5. We willen voorstellen dat er een digitale bewonersbijeenkomst komt waarin het omgevingsplan en de voortgang van de natuurontwikkeling rondom de Zumpe worden belicht. Bewoners kunnen vervolgens gericht de afweging maken of ze willen reageren op de beheersverordening. In de planning voor de beheersverordening was helaas geen ruimte voor een bijeenkomst waar briefschrijver om vraagt. Zoals in de gemeentelijke brief en ook hierboven is aangegeven, is in de beheersverordening alleen de bestaande situatie vastgelegd. 1434859 / 1602599

Pagina 35 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 27: •

Geen.

Reactie 28. (1612351) 28-1. Cliënt beschikt op de genoemde locatie over een agrarisch bedrijf in de vorm van een pluimveehouderij. Ten behoeve van deze pluimveehouderij zijn er binnen het perceel diverse bedrijfsgebouwen, voorzieningen en bouwwerken alsmede een bedrijfswoning aanwezig. Het bedrijf kent de laatste jaren een gezonde ontwikkeling en wenst deze ontwikkeling ook de komende jaren duurzaam als gezinsbedrijf voort te zetten. Een actuele luchtfoto van het bedrijf is in (de reactie) opgenomen. Opgenomen bestemmingen. De ontwerpbeheersverordening 'Landelijk gebied - 2020' bestaat uit drie delen, te weten de verbeelding, de planregels en de toelichting. Uit de verbeelding volgt dat aan het perceel de volgende bestemmingen zijn toegekend: Hoofdfunctie: Agrarisch, met bijbehorend bouwvlak; Functieaanduiding: niet grondgebonden (bouwvlak); Dubbelbestemming Waarde - Archeologische verwachting 3. Bouwvlak. Op 1 augustus 2018 is voor onderhavige veehouderij een omgevingsvergunning Wabo verleend (kenmerk 20180383/2018.11843) ten behoeve van het realiseren van een wintergarten aan de, noordelijk gelegen, stal. De omgevingsvergunning bestaat uit de activiteit 'bouwen' (art. 2.1 lid la Wabo) en 'handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening' (art. 2.1 lid 1c Wabo).

De voor de uitbreiding noodzakelijke melding Activiteitenbesluit is op 6 juli 2018 onder nummer 18ZK001129 door de omgevingsdienst Achterhoek geaccepteerd. De wintergarten is inmiddels gerealiseerd en zichtbaar op de luchtfoto opgenomen. De toegekende vorm van het bouwvlak loopt langs de 'oorspronkelijke' gevel van de noordelijk gelegen stal. Hierdoor komt de wintergarten volledig buiten het bouwvlak te liggen wat in strijd is met artikel 3.2.2. sub a van de ontwerpbeheersverordening. Wellicht ten overvloede benoemen we dat in de webappviewer van BugelHajema een oudere luchtfoto als ondergrond is gebruikt waardoor de, inmiddels gerealiseerde wintergarten, hierop niet zichtbaar is. Namens cliënt verzoeken we het bouwvlak aan te passen, zodanig dat de planologische situatie overeenkomt met de feitelijk gerealiseerde milieutoestemming van respectievelijk 1 augustus 2018 en 6 juli 2018. In onderstaande afbeelding is het voorgestelde bouwvlak weergegeven. De zwarte pijl geeft de witte windveer van de wintergarten aan als indicator dat deze nu binnen het bouwvlak valt. Voor de wintergarten zijn de noodzakelijke vergunningen aangevraagd en verleend. Daarnaast is geconstateerd dat de wintergarten is gerealiseerd. Het bouwvlak is aangepast in die zin dat de wintergarten ook in het bouwvlak is opgenomen.

1434859 / 1602599

Pagina 36 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 28: •

Bouwvlak is zodanig aangepast dat de vergunde en gerealiseerde wintergarten daarbinnen komt te liggen.

Reactie 29. (1612416) 29-1. We wonen aan de Koningsweg 4 te Wehl en hebben te maken met een nieuwe bedrijfsvoering op het adres van de Koningsweg 5. Op deze locatie is het bedrijf TeamGamez gevestigd. Meerdere malen hebben wij en buurtbewoners contact opgenomen met de gemeente omtrent de omstreden bedrijfsvoering en klachten welke ontstaan uit het bedrijf en bezoekers hiervan. In een eerder gesprek met de gemeente is onze zorg uitgesproken. Hierin hebben we de gemeente ook herinnerd aan de uitspraak van de gemeente dat ze het Wehlse bos wil behoeden voor onrust door toekomstige economische en recreatieve activiteiten. Hierbij verwijs ik naar het Ontwerpend Onderzoek Wehl en Omgeving. De beheersverordening bevat ten opzichte van het bestemmingsplan Buitengebied – 2012 geen nieuwe ontwikkelingen. Dit is wettelijk niet toegestaan. Op de locatie Koningsweg 5 te Wehl is er sprake van een nieuwe ontwikkeling. In de beheersverordening kunnen geen nieuwe ontwikkelingen worden opgenomen. Voor de locatie Koningsweg 5 zal naar verwachting een afzonderlijke ruimtelijke procedure worden doorlopen. Deze locatie is om die reden niet meer opgenomen in de beheersverordening. In deze reactie is dan ook niet ingegaan op de opmerkingen die betrekking hebben op Koningsweg 5.

Het Ontwerpend Onderzoek Wehl en Omgeving zal worden betrokken bij het opstellen van de omgevingsvisie en waar nodig het omgevingsplan. 29-2. In het oude bestemmingsplan staat ongeveer de helft van het perceel aan de koningsweg 5 gemarkeerd als recreatie (R4) en dan in de zin van een ‘terrein voor stacaravans, met dien verstande dat recreatief verblijf…..is toegestaan’. In het huidige beheersverordening 2020 staat het volledige terrein onder de noemer recreatie (waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen ‘intensief’ en ‘bebouwing uitgesloten’). We vinden het opvallend dat bestemmingen in het buitengebied met name ongewijzigd blijven en voor dit adres bestemmingswijzigingen doorgevoerd zijn zonder hiervoor een vergunning aangevraagd te hebben en verleend te krijgen. Met name door onze ervaring met de huidige bedrijfsvoerder en onze ervaring van het gedrag van de bezoekers willen we met klem de gemeente verzoeken hierin actie te ondernemen. Zoals wij al meerdere malen hebben aangegeven, vinden wij dat het belang van een ondernemer vóór het leef-genot van bewoners en natuur wordt geplaatst. De gemeente geeft zelf aan dat het Wehlse bos juist een plek voor rust en ontspanning moet zijn. Met name in de ‘corona-periode’ kun je ‘meten’ hoe belangrijk het bos voor de bewoners van Wehl is. Zie antwoord 29-1.

1434859 / 1602599

Pagina 37 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 29: •

Geen.

N.B. De locatie Koningsweg 5 is buiten het verordeningsgebied gehouden, vanwege de lopende ontwikkeling en de procedures die daarvoor lopen en nog moeten gaan lopen.

Reactie 30. (1612948) 30-1. Op grond van het bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied 2002, Wehl' volgt uit de verbeelding dat aan het perceel de volgende bestemming is toegekend: Bestemming: Agrarisch met bijbehorend bouwperceel. Op grond van het bestemmingsplan 'Parapluherziening Buitengebied Doetinchem, 2009' volgt uit de verbeelding dat aan het perceel de volgende bestemming is toegekend: Zonering streekplan: multifunctioneel gebied. Op grond van het bestemmingsplan 'Bestemmingsplan Buitengebied 2002, Wehl' volgt uit de verbeelding dat aan het perceel de volgende bestemming is toegekend: Bestemming: Agrarisch met bijbehorend bouwperceel. Op grond van het bestemmingsplan 'Parapluherziening Buitengebied Doetinchem, 2009' volgt uit de verbeelding dat aan het perceel de volgende bestemming is toegekend: Zonering streekplan: multifunctioneel gebied. In bijlage 1 van de ontwerpbeheersverordening is een overzicht opgenomen met verleende vergunningen op grond van de Wet natuurbescherming. Er is een vergunning van 2013 in bijlage 1 opgenomen. Echter is voor het bedrijf van cliënt ook op 30 januari 2018 (kenmerk 2017-010344) een natuurvergunning afgegeven. Deze vergunning is destijds aangevraagd om de nieuwe geitenstal (incl. melkerij) te realiseren. Het bedrijf is conform de natuurtoestemming in werking.

We verzoeken dan ook de natuurvergunning uit 2018 in bijlage 1 op te nemen. Een afschrift van de natuurvergunning is voor de volledigheid als bijlage 1 achter de reactie gevoegd. Het besluit tot verlenen van de vergunning Wet natuurbescherming d.d. 18 januari 2018 met zaaknummer 2017-010344 is toegevoegd aan bijlage 1 Lijst vergunning Wet natuurbescherming van de Beheersverordening Landelijk gebied - 2020. Het besluit betreft een onherroepelijk vergunning. De uitspraak over het Programma Aanpak Stikstof (PAS) heeft geen gevolgen voor de onherroepelijke vergunningen Wet natuurbescherming, die verleend zijn onder het PAS. 30-2. Perceel Fokkenkampsweg 13-13a. Het naastgelegen perceel 'Fokkenkampseweg 13-13a' verliest in de ontwerpbeheersverordening de 'Agrarisch' en is aangeduid als 'Hoofdfunctie Wonen'. Cliënt kan zich niet verenigen met de voorgenomen bestemmingswijziging omdat het per direct de geitenhouderij "op slot" zet. En wel om de onderstaande redenen. De Wet geurhinder en veehouderij (Wgv) is het toetsingskader voor de omgevingsvergunning milieu voor het aspect geurhinder van dierenverblijven van veehouderijen. Met minimum afstanden en maximale waarden voor geurbelasting krijgen geurgevoelige objecten bescherming tegen geurhinder.

Voor bedrijfswoningen (en andere geurgevoelige objecten) die onderdeel zijn van een andere veehouderijen geldt een vaste afstandseis van 50 meter op grond van artikel 3 Wgv. Dit is van toepassing op de agrarische bedrijfswoning Fokkenkampseweg 13-13a. Omdat de bedrijfswoning net binnen de 50 meter ligt heeft cliënt zijn nieuwe geitenstal (BI) binnen deze geurcirkel dicht uitgevoerd. Dit 1434859 / 1602599

Pagina 38 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

volgt uit de vigerende milieutoestemming uit 2018. Met andere woorden, de woning aan de Fokkenkampseweg 13-13a wordt bezien als een agrarische bedrijfswoning. Waarom zet de bestemmingswijziging van het naastgelegen perceel nu het bedrijf van cliënt "op slot"? Dat zit hem in de toetsing van de geurbelasting. Als de bestemming planologisch de functie 'Wonen' krijgt toegewezen dan wordt de bedrijfswoning op grond van de Wgv een 'geurgevoelig object' oftewel, bij bedrijfsontwikkeling dient het perceel ineens meegenomen te worden in de geurberekening. Daar waar dit als de bestemming 'Agrarisch' niet hoefde (dan geldt alleen een vaste afstand). De geurhinder op een geurgevoelig object moet volgens de Wgv worden bepaald zoals aangegeven in de artikelen 3 tot en met 9. In artikel 3, eerste lid, van de Wgv is opgenomen dat een vergunning voor een veehouderij wordt geweigerd indien de geurbelasting van die veehouderij op een geurgevoelig object, buiten de bebouwde kom (binnen een concentratiegebied) meer bedraagt dan 14,0 odour units per kubieke meter lucht. Conform artikel 2, eerste lid van de Rgv moet de geurbelasting berekend en getoetst worden met het verspreidingsmodel V-Stacks Vergunningen.

In onderstaande tabel zijn de resultaten van een geurberekening opgenomen van de vigerende milieutoestemming (1.500 melkgeiten Cl, 750 opfokgeiten C2 en 500 opfokgeiten C3) geprojecteerd op de toekomstige planologische situatie. De volledige V-stacksberekening is opgenomen als bijlage 2 van de reactie. De resultaten van de geurberekening laten zien dat er op de "toegevoegde" woonbestemming Fokkenkampseweg 13-13a een forse overbelasting is. Zoals reeds beschreven kan een toekomstige omgevingsvergunning op grond van artikel 3, eerste lid nu niet meer worden verleend voor onderhavig bedrijf waardoor het "op slot" zit. Uiteraard is ons en cliënt bekend dat in provincie Gelderland sinds 2017 een vestigings- en uitbreidingsverbod voor geitenhouderijen geldt. Deze regeling voorziet erin dat de aantallen geiten op bedrijven niet mogen toenemen. Echter zijn er wel uitzonderingen, zoals het oprichten van een nieuwe stal zonder dat het aantal dieren toeneemt (zoals de ondernemer in 2018 ook heeft gedaan). De duur en toekomstige inhoud van de aangehaalde regeling is niet bekend en zal zondermeer wijzigen. Wat dat betreft kan uw gemeente niet op voorhand veronderstellen dat het bedrijf van cliënt toch al sterk in haar ontwikkelingsmogelijkheden beperkt is en zal worden door de regeling. Wetgeving is volop in ontwikkeling en jurisprudentie laat deze ook dikwijls wijzigen.

Wat wel de bedrijfsontwikkeling permanent op slot zet is het toevoegen van de 'Enkelbestemming - Wonen' op naastgelegen perceel Fokkenkampsweg 13-13a. Een dergelijke aanduiding zal nooit planologisch meer worden teruggedraaid naar de 'Hoofdfunctie - Agrarisch' leert de ervaring. Daarbij is in de ontwerpbeheersverordening geen nadere motivatie opgenomen waarin wordt onderbouwd dat de beoogde bestemmingswijziging niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Er is geen belangen afweging gemaakt tussen beide percelen en de daaraan gekoppeld bestemming. Zo zijn voor de beoogde woonbestemming geen onderzoeken uitgevoerd inzake bijvoorbeeld geluid, fijn stof en wordt niets beschreven over de 'omgekeerde werking' van de Wet geurhinder en veehouderij. Tevens worden de bedrijfsbelangen van cliënt niet onderzocht. Aangezien de beoogde bestemmingswijziging van het perceel Fokkenkampseweg 13-13a op dit moment in strijd is met een goede ruimtelijke ordening verzoekt cliënt het perceel als 'Hoofdfunctie - Agrarisch' aan te duiden. Dit is de aanduiding conform de feitelijk planologische situatie en tevens de aanduiding in het vigerende bestemmingsplan.

1434859 / 1602599

Pagina 39 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

De woningen aan de Fokkenkampseweg 13 en 13a in Wehl zijn geurgevoelige objecten conform de Wet geurhinder en veehouderij. Deze wet definieert een geurgevoelig object namelijk als: ‘gebouw, bestemd voor en blijkens aard, indeling en inrichting geschikt om te worden gebruikt voor menselijk wonen of menselijk verblijf en die daarvoor permanent of een daarmee vergelijkbare wijze van gebruik, wordt gebruikt'. De hoofdfunctie van de woningen doet niets af aan het feit dat het geurgevoelige objecten zijn. De woningen aan de Fokkenkampseweg 13 en 13a in Wehl zijn voormalige agrarische bedrijfswoningen van de (voormalige) veehouderij aan de Fokkenkampseweg 13 in Wehl. Deze veehouderij heeft op of na 19 maart 2000 de bedrijfsactiviteiten gestaakt. Daarom gelden voor de woningen aan de Fokkenkampseweg 13 en 13a in Wehl vaste afstanden voor geur afkomstig van agrarische bedrijven, waaronder de geitenhouderij aan de Fokkenkampseweg 11 in Wehl. De minimale afstand tussen de geurgevoelige objecten (de woningen aan de Fokkenkampseweg 13 en 13a in Wehl) en het dichtstbijzijnde emissiepunt van de geitenhouderij aan de Fokkenkampseweg 11 in Wehl moet 50 meter zijn. Uit de vigerende omgevingsvergunning onderdeel milieu blijkt dat aan deze afstand voldaan wordt.

Met het toekennen van de hoofdfunctie ‘Wonen’ aan de woningen aan de Fokkenkampseweg 13 en 13a in Wehl blijven de woningen geurgevoelige objecten in de zin van de Wet geurhinder en veehouderij én voormalige agrarische bedrijfswoningen, waardoor een vaste minimum afstand voor geur geldt conform de Wet geurhinder en veehouderij. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 30: •

Het besluit tot verlenen van de vergunning Wet natuurbescherming van 18 januari 2018 met zaaknummer 2017-010344 is toegevoegd aan bijlage 1 Lijst vergunning Wet natuurbescherming van de beheersverordening.

Reactie 31. (1612504) 31-1. Grondgebonden veehouderijbedrijf Het bedrijf is in totaliteit aangemerkt als grondgebonden veehouderijbedrijf. Dit klopt niet met de feitelijke bestaande situatie. Deze discrepantie is ontstaan door een wijziging van de begrippen 1.64/1.65 'grondgebonden veehouderij (bedrijf/tak) en 1.92/1.93 'niet grondgebonden veehouderij (bedrijf/tak). Het bedrijf van cliënt is een melkvee- en legkippenbedrijf. Op de vergunning d.d. 22-2004 zijn 105 melkkoeien, 30 vrouwelijk jongvee, 9000 legkippen en 2 paarden vergund. In die jaren was het bedrijf biologisch voor de legkippen. Dit betekende dat de stal voorzien moest worden van een overdekte uitloop (wintertuin/wintergarten) en een buiten uitloop (m.a.w. in de wei). Om te kunnen voldoen aan de biologische eisen dient er voldoende buitenuitloop beschikbaar te zijn. Op 1 ha grond mogen 2500 leghennen gehouden worden (1 hen per 4m² onbeperkte buitenuitloop) en de gronden moeten op biologische wijze onderhouden worden. De stal waarin de leghennen gehuisvest werden was een scharrelstal en voorzien van roosters met mestbanden. Op 14 september 2011 (bijlage 2 van de reactie) is er een nieuw besluit genomen voor het houden van dezelfde hoeveelheid melkkoeien, jongvee en paarden maar is het aantal legkippen vergroot naar 15.500 stuks.

De stal voor de leghennen is voorzien van een volièresysteem waardoor het leefoppervlak in de stal vergroot werd en er dus meer dieren gehouden konden worden. Het bedrijf is gestopt met de 1434859 / 1602599

Pagina 40 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

biologische houderij en overgeschakeld naar "freiland/vrije uitloop"-houderij. Om aan het certificaat 'vrije uitloop' te kunnen voldoen moet er naast een overdekte uitloop (wintertuin/wintergarten) ook een buiten uitloop (in de wei) zijn. Net als bij de biologische houderij moet een leghen 4m² buitenuitloop hebben. De feitelijke bestaande situatie is dat het bedrijf ai sinds 2004 de kippen vrije uitloop geeft. Bijlage 3 geeft een overzicht van de gronden die gebruikt worden t.b.v. de buitenuitloop van de legkippen. In het bestemmingsplan 'Buitengebied - 2012' was, en nu ook in de beheersverordening van de gemeente Doetinchem is, het bedrijf aangemerkt ais grondgebonden. De huidig bestaande situatie van dit bedrijf paste binnen de oude omschrijving van grondgebonden veehouderijbedrijf. Nu blijkt dat de Provincie het begrip grondgebonden veehouderij veranderd en passen de feitelijke activiteiten van het bedrijf niet meer binnen de definitie van "grondgebonden veehouderij". De begripsbepaling 'Grondgebonden veehouderij bedrijf' is als volgt: agrarisch bedrijf dat gericht is op het ontwikkelen van activiteiten waarbij de productie voor meer dan 50 procent afhankelijk is van het producerend vermogen van de grond waarover het bedrijf in de omgeving van de bedrijfsgebouwen kan beschikken.

Ondanks dat het bedrijf de leghennen feitelijk een buitenuitloop geeft en hier dus voldoende grond voor heeft, krijgen de leghennen geen voer dat is dat verbouwd is op deze gronden. Deze is situatie is ook niet in de toekomst te verwachten. Leghennen krijgen immers speciaal geproduceerd voer om het dierenwelzijn te kunnen waarborgen. Verzoek: om dit bedrijf gezien bovenstaande op te nemen als niet-grondgebonden bedrijf en de buitenuitloop (bijlage 3 van de reactie) voor de legkippen als zodanig vast te leggen. Onder het bestemmingsplan ‘Buitengebied - 2012’ werd biologische veehouderij niet gezien als intensieve veehouderij. De provincie heeft de begripsbepaling voor grondgebonden en niet-grondgebonden veehouderij in de Omgevingsverordening Gelderland aangepast, waarmee de aangehaalde bedrijfstak nu als niet-grondgebonden moet worden aangemerkt. De bedrijfssituatie is met de provincie besproken en zij stemt er mee in dat op het bouwvlak van deze locatie de aanduiding ‘niet-grondgebonden’ voor de bestaande pluimveestal krijgt. Gewenste aanpassingen zoals een overdekte buitenloop moeten wel voldoen aan het plussenbeleid zoals deze door de gemeente is vastgesteld. Hiervoor dient een afzonderlijke ruimtelijke procedure doorlopen te worden. Een verzoek kan via het Omgevingsloket bij de gemeente Doetinchem worden ingediend.

Vervolgens zal deze worden beoordeeld en kan er besluitvorming over plaatsvinden. Voor meer informatie kan er contact worden opgenomen met het loket Bouwen en Wonen.

31-2. Specificatie ontwerp beheersverordening In artikel 3.5 zijn diverse gebruiksregels opgenomen. Namens initiatiefnemer vragen wij u: Op welke wijze wordt artikel 3.5.3. specifiek gebruik en toegepast? En wat voor een gevolgen heeft deze regeling voor bestaande veehouderijen? Cliënt houdt melkkoeien en legkippen: kan hij op grond van deze regeling nog wel wisselen in diercategorieën binnen de hoofdcategorie legkippen? En is het bijvoorbeeld op

1434859 / 1602599

Pagina 41 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

grond van deze regeling niet toegestaan om een andere hoofdcategorie te gaan houden. Zie antwoord 21-1.

31-3. Bouwvlakverandering In het ontwerp is ter plaatse een bouwvlak ingetekend (op basis van de Webappviewer) dat aan de oostzijde strak langs de bestaande bebouwing ligt en aan de westzijde niet alle bebouwing binnen het bouwvlak getekend is. Aan de westzijde is een sleufsilo gelegen. Artikel 3.2.2. geeft u aan dat dergelijke bouwwerken binnen het bouwvlak horen. Graag verzoeken wij u de bestaande sleufsilo binnen het bouwvlak te plaatsen. Aan de oostzijde bevindt zich de pluimveestal. Er zijn vergaande plannen om de bestaande overdekte uitloop te vergroten om te kunnen gaan voldoen aan verder gaande dierenwelzijnseisen. Het dieraantal zal hierbij niet worden vergroot, alle te creëren extra ruimte komt dus ten goede aan het dierenwelzijn. Dit plan kan gerealiseerd worden binnen de afwijkingsregels artikel 3.4.3. Bijlage 4 van de reactie geeft een tekening van de plannen. Omdat de omvang van de pluimveehouderij beperkt wordt middels het stikstofplafond uit het ontwerp én nieuwe bouwplannen dienen te voldoen aan de geldende milieuwetgeving, is de gevraagde bouwvlakverandering ruimtelijk en milieu hygiënisch inpasbaar. Indien gewenst is cliënt bereid om een nadere onderbouwing daarvan aan te leveren. Verzoek: bouwvlak overeenkomstig voorstel (bijlage 5 van de reactie) aanpassen 1.

de bouwvlak lijn aan de westzijde van de bebouwing op te rekken zodat ook de bestaande sleufsilo binnen het bouwvlak komt te liggen. 2. de bouwvlak lijn aan de oostzijde met 11 meter voor de lengte van de pluimveestal op te rekken zodat de geplande uitbereiding t.b.v. dierenwelzijn gerealiseerd kan worden. Het uitgangspunt is dat een sleufsilo binnen het bouwvlak wordt gerealiseerd. De initiatiefnemer kan hiervoor een onderbouwd verzoek om afwijking van deze hoofdregel indienen. In veel situaties is de gemeente bereid om hieraan medewerking aan te verlenen. Een dergelijke bereidwilligheid kan er niet automatisch toe leiden dat het bouwvlak vervolgens op de door de initiatiefnemer gewenste sleufsilo wordt aangepast. Een dergelijke aanpassing kan ook leiden tot de bouw van stallen ter plaatse van de sleufsilo met mogelijk consequenties voor de omgeving. Dergelijke consequenties dienen in een afzonderlijke procedure te worden beoordeeld en kunnen niet ‘zo maar’ worden meegenomen bij de vaststelling van een beheersverordening. Dit is dan ook van toepassing op de gevraagde overdekte uitloop voor de kippen. Hoewel het niet ondenkbaar is dat deze uitbreiding niet leidt tot aantasting van bestaande rechten in de omgeving dan wel overschrijding van normen, dient dit wel zorgvuldig beoordeeld en onderbouwd te worden. Een beheersverordening is hiervoor niet het geëigende instrument.

Daarbij dient de uitbreiding ook te worden getoetst aan het Plussenbeleid van de gemeente Doetinchem. Dit beleid is te vinden op www.overheid.nl/lokale-wet-enregelgeving. Een verzoek kan via het Omgevingsloket bij de gemeente Doetinchem worden ingediend. Vervolgens zal deze worden beoordeeld en kan er besluitvorming over plaatsvinden. Voor meer informatie kan er contact worden opgenomen met het loket Bouwen en Wonen.

1434859 / 1602599

Pagina 42 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 31: • •

De bepaling met betrekking tot ‘strijdige gebruik veebezetting’ wordt aangepast. De functie aanduiding ‘niet grondgebonden’ is opgenomen voor het bouwvlak.

Reactie 32. (1612541) Door middel van deze brief wens ik mijn rechten veilig te stellen, een verdere motivatie omtrent het bezwaar zal op korte termijn volgen en zal ingediend worden door een door ons ingehuurde derde partij. Om valide redenen was het niet mogelijk dit voordien in te dienen.

Aanvulling per mail Kerkhofweg 12: Het bestemmingsvlak is te klein ingetekend. Een gedeelte van de hooiberg valt buiten het bouwvlak en een gedeelte van de oprit ook. Het lijkt me niet dat het zo kan zijn dat deze nu zijn ingetekend in agrarisch gebied. Mocht ik dit in de toekomst willen renoveren, dan zou dit formeel tegen bezwaar kunnen oplopen.

Derhalve verzoek ik u het bestemmingsvlak te vergroten zoals op bijgevoegde tekening is aangegeven.

Daarnaast is de erfgrens met de openbare weg ingetekend op gronden van het perceel van perceel 12 en 12A, hierdoor zou een gedeelte van de voornoemde percelen toebehoren aan de openbare weg. Dit lijkt mij niet juist en hierbij verzoek ik u dit aan te passen. Ik verzoek u derhalve de begrenzing aan te passen.

Ik wil u erop attenderen dat deze situatie al zo is sinds begin jaren ’90. Voor de omvang van het hoofdfunctievlak voor ‘Wonen’ wordt verwezen naar het antwoord op reactie 11-1. Op grond van de regeling ‘bestaande maten’ (artikel 41.3 van de regels) kan de aangehaalde hooiberg ook worden gerenoveerd, al is deze niet geheel gelegen binnen het hoofdfunctievlak ‘Wonen’. Alleen de gronden die in eigendom zijn van de gemeente hebben de hoofdfunctie ‘Verkeer’. Gronden die horen bij Kerkhofweg 12 en 12a hebben deze hoofdfunctie niet. Het aanpassen van de begrenzing van deze hoofdfunctie is dus niet aan de orde.

1434859 / 1602599

Pagina 43 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 32: •

Geen.

Reactie 33. (1612561) 33-1. Zoals U schrijft is het Bestemmingsplan Buitengebied/ Landelijk gebied, vernietigd op 19 februari 2020, waardoor de oude Bestemmingsplannen weer herleven. Dit betekent dat het oude 'Bestemmingsplan Buitengebied 2002' het geldige bestemmingsplan is. In dit Bestemmingsplan staat de Heijendaalseweg naast onze woning tot aan het varkensbedrijf aan de Heijendaalseweg 3/3a aangegeven als een niet openbare weg, categorie 6, dit blijkt uit de voorschriften en de toelichting daarop. Nu, in deze 'ontwerp-beheersverordening Landelijk gebied 2020', staat het betreffende wegdeel aangegeven met de letter 'V', zoals ook op de andere wegdelen, categorie 4, deze 'V' vermeld staat. De betekenis hiervan is dat de gehele Heijendaalseweg dezelfde status zou hebben, hiertegen maken wij bezwaar, omdat dit een wijziging inhoudt t.o.v. het geldende Bestemmingsplan Buitengebied 2002, nu geldig en door de Raad goedgekeurd op 13 nov. 2003. In de inspraaknotitie is een uitvoerige terugblik en toelichting op de bezwaren geschetst. Kortheidshalve wordt hiervoor verwezen naar de reactie. In het bestemmingsplan Buitengebied 2002 gemeente Wehl is de Heijendaalseweg in Wehl tussen het kruispunt met de Kerkhofweg en de Heijendaalseweg 3 op de plankaart en in de planregels aangewezen als “Wegen”, “categorie 6 niet-verharde wegen”.

Dat er in de toelichting staat “daar waar het geen openbare wegen betreft is een subcode zandwegen binnen de agrarische bestemming opgenomen (wegcategorie 6)” betekent niet, dat de wegen met de aanduiding “niet-verharde wegen” allemaal niet-openbare wegen zijn. Dit is namelijk niet als zodanig vastgelegd op de plankaart en/of in de planregels. De plankaart en de planregels zijn het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan. De toelichting is dat niet. Verder regelt een bestemmingsplan (en ook een beheersverordening) het al dan niet openbaar zijn van een weg niet. De Wegenwet bepaalt wanneer een weg openbaar is. Wegen die op de gemeentelijke wegenlegger staan, worden geacht openbaar te zijn. Voor het onttrekken van een weg aan de openbaarheid moet het bevoegde gezag een besluit nemen op grond van de Wegenwet.

33-2. Op dit moment hebben wij ons bijgebouw in gebruik, mede als kantoor, omdat onze zoon en schoondochter, die bij ons inwonen momenteel, de ruimte als kantoor gebruiken. Maar wij willen er een Bed&Breakfast locatie aan toevoegen, zodat wij de weekenden en de momenten dat het ons schikt, op die manier er mede gebruik van willen maken naar de reactie. Ik heb in 2017 reeds mijn diploma Sociale Hygiëne daarvoor behaald hetgeen vereist was door U en tevens biedt het huidige Bestemmingsplan de mogelijkheid voor recreatie, omdat het hier ook om een verwevingsgebied gaat. Wilt U mij hierover berichten op korte termijn, door Uw 1434859 / 1602599

Pagina 44 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

goedkeuring hiervoor te verlenen, zodat wij hiermee verder kunnen? Ook in mijn zienswijze op de concept-wegenlegger heb ik daar al uitvoerig over geschreven en om verzocht. Als bovenliggend beeld en mede de reden van deze lange en uitvoerige tekst in dit schrijven, wil ik U verzoeken, eindelijk de Ruimte, die er is in deze en mede onze woonomgeving omvattende, eerlijk te verdelen. Niet alleen voor ons, maar ook voor de vele recreatieve gebruikers van dit gebied, zodat ook zij veilig in onze interessante omgeving kunnen vertoeven. Er is ruimte voor iedereen, zonder dat iemand daarmee benadeelt zou worden, wilt U a.u.b. gehoor geven aan ons verzoek en ieder mens mee laten tellen? In de beheersverordening is een mogelijkheid opgenomen voor een bed&breakfast. Om te beoordelen of het gevraagde gebruik binnen de regels past, kan er contact worden opgenomen met loket Bouwen en wonen van de gemeente. In veel gevallen is dat mogelijk. Als het plan niet past, dan wordt het aangemerkt als een nieuwe ontwikkeling. Een nieuwe ontwikkeling kan niet worden meegenomen in de beheersverordening. In een beheersverordening kunnen namelijk geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt. Een verzoek kan in die situatie via het Omgevingsloket bij de gemeente Doetinchem worden ingediend. Vervolgens zal deze worden beoordeeld en kan er besluitvorming over plaatsvinden.

Voor meer informatie kan er contact worden opgenomen met het loket Bouwen en Wonen.

Gevolgen voor het plan naar aanleiding van reactie 33: •

Geen.

Reactie 34. (1612572) 34-1. Kamperen De Ooijmanlaan 24 is een groepsaccommodatie met meerdere gebouwen gericht op groepen. Evenals kleinere bungalows/recreatiewoningen/stacaravans. Naast de groepsaccommodatie functie wordt er jaarlijks ook meerdere malen gekampeerd op de Ooijmanlaan 24. Dit zijn bijvoorbeeld grotere groepen die meerdere tenten en/of toercaravans neerzetten. Denk bijvoorbeeld aan een grote scholengemeenschap die op kamp komt of bepaalde verenigingen. Dit is al sinds 1976 het geval. Wij zien hier niks van terug in de beheersverordening en het lijkt nu dat onze gasten geen enkele tent op mogen zetten. Dat is incorrect. Naast het kenmerk "verblijfsrecreatie" willen wij ook het kenmerk "kamperen" daaraan toegevoegd. Evenals dat ons terrein ook gekenmerkt wordt als kampeerterrein. Dat geldt voor alles binnen de blauwe doorgetrokken en stippel lijnen. Alle kleuren groen op ons terrein dienen daarvoor in aanmerking te komen. Dit wil zeggen: ons hele terrein. Aanvullend dienen wij de vermelding groepskamperen te hebben. Grotere groepen met meerdere tenten komen geregeld bij ons overnachten. In het verleden hebben wij altijd gebruik gemaakt van de kampeerwet; hieronder vielen 20 tenten en 10 toerwagens. Graag willen wij hiervan een duidelijke vermelding, zodat dit duidelijk omschreven staat en dit in de toekomst geen discussie kan opleveren.

Op het gehele terrein is een (mini)camping mogelijk. Onderstaand (in de reactie) vindt u enkele foto's m.b.t. actuele situatie waarbij groepen gebruik maken van tenten en camping faciliteiten.

1434859 / 1602599

Pagina 45 van 111

26 mei 2021 / aanv 5 juli 2021

Briefschrijver vraagt om het vastleggen van de mogelijkheid voor kamperen op het terrein. In de hoofdfunctieomschrijving is bij de hier aanwezige aanduiding ‘verblijfsrecreatie’ namelijk aangegeven dat hier verblijfsrecreatie, niet zijnde een kampeerterrein, is toegelaten. Briefschrijver heeft waarschijnlijk niet gezien dat in artikel 16.5.2 en 16.5.3 is opgenomen dat ter plaatse van de aanduiding ‘verblijfsrecreatie’ ook groepsaccommodaties en groepskamperen toegestaan is. Daarmee is dus zowel het gebruik als groepsaccommodatie en als groepskampeerterrein mogelijk. 34-2. Recreatiewoning De Ooijmanlaan 24 heeft 0 recreatiewoningen en 5 stacaravans benoemd in de tabel op 16.2.3. Er staat echter 1 recreatiewoning. 0 dient vergroot te worden naar 1. Het object omcirkelt in onderstaande afbeelding (in de reactie), met nummer 10, is een stacaravan met aanbouw. Totaal 72,8 vierkante meter. Dit is al meer dan 35 jaar zo. Momenteel wordt dit als stacaravan gezien, dit is echter niet de juiste benaming. Stacaravans mogen maximaal 50 vierkante meter groot zijn en recreatiewoningen 75 vierkante meter. Dit gebouw kan dus geen stacaravan zijn en is meer dan 35 jaar geleden veranderd naar recreatiewoning. Helaas is dit nooit goed in het bestemmingsplan gekomen. Graag goed vermelden als recreatiewoning in de nieuwe beheersverordening.

Dit zien wij ook als belangrijk om in de toekomst discussies te voorkomen. Evenals controles, handhaving en dergelijke moeilijkheden dat het met zich mee kan brengen als dit verkeerd benoemd blijft. Graag de aanpassing en bevestiging dat dit een recreatiewoning is. De stacaravans dienen wel 5 te blijven. Bij de gemeente is geen toestemming bekend voor een recreatiewoning op het terrein. Als briefschrijver dit wil, is dit dus een nieuwe ontwikkeling. Deze gevraagde nieuwe ontwikkeling kan niet worden meegenomen in de beheersverordening ‘Landelijk gebied 2020’. In een beheersverordening kunnen namelijk geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk worden gemaakt. Een eventueel verzoek daarvoor zal via het Omgevingsloket bij de gemeente Doetinchem worden ingediend. Vervolgens zal deze worden beoordeeld of het wenselijk en haalbaar is en kan er besluitvorming over plaatsvinden. Voor meer informatie kan er contact worden opgenomen met het loket Bouwen en Wonen of de bij briefschrijver bekende projectleider. 34-3. Functieaanduiding 16.2.3.a. (Recreatiewoningen, stacaravans en inclusief bijbehorende bouwwerken.). In artikel a staat: Realisatie is alleen toegestaan ter plaatste van de aanduiding "kampeerterrein". Hierbij dient dit aangevuld te worden bij: "Verblijfsrecreatie".

De Ooijmanlaan 24 heeft namelijk recht op recreatiewoningen/stacaravans en heeft de aanduiding "verblijfsrecreatie". Graag kampeerterrein toevoegen. Dus als functie verblijfsrecreatie en kampeerterrein van maken. Ook dient het duidelijk te zijn dat de Ooijmanlaan 24 een groepsaccommodatie is en ook alle rechten heeft in de beheersverordening die daarbij horen. Daarnaast mogelijkheden heeft om horeca aan te bieden aan de gasten. Indien groepen een verzorgde BBQ willen, buffet, feestavond met lekkernijen, ontbijt of dergelijke, alcoholische & non-alcoholische drankjes, dan dient dit mogelijk te zijn. De aanduiding die hierbij hoort dient aan de Ooijmanlaan 24 gekoppeld te worden. Evenals dagrecreatie voor gasten die alleen overdag komen. De redactie van artikel 16.2.3 onder a is niet volledig. Deze is ook voor de Ooijmanlaan 24 van toepassing, waar de aanduiding ‘kampeerterrein’ niet aanwezig is. Daardoor was in het ontwerp artikel 16.2.3. niet van toepassing, terwijl het adres wel genoemd werd in 1434859 / 1602599

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/7471/documents/37569