CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Jaarstukken gemeente Doetinchem 2025

gemeenteraad 25 juni 2026, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 6.1: Jaarstukken 2025 gemeente Doetinchem38.521 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Deze subsidieregelingen zijn allemaal mogelijk door landelijk beschikbaar gestelde middelen. We zien dat steeds meer inwoners gebruik maken van de subsidieregelingen. Het vraagt blijvende inzet van de gemeente en het Energieloket Achterhoek.

23

B3 Starten met de 2e tranche volkshuisvestingsfonds. We hebben november 2025 de subsidieregeling voor woningisolatie en de bijbehorende uitvoeringsaanpak vastgesteld. In 2026 komt deze tot uitvoering. Om aan te kunnen sluiten op de ontwikkeling van een integrale wijkaanpak voor alle buurten in wijk Noord, starten we iets later dan beoogd. Wat wilden we bereiken? C. Doetinchem is duurzaam in 2050 Doetinchem heeft zich verbonden aan duurzaam zijn in 2050. Het begrip duurzaamheid omvat drie thema’s: energie, circulaire economie en klimaatadaptatie. Middels gerichte maatregelen dragen we bij aan besparing en opwek, zorgvuldig (her)gebruik en bewuste inrichting. Wat hebben we daarvoor gedaan? C1 Informeren, faciliteren en stimuleren van de energietransitie We hebben in 2025 de nodige stappen gezet om energieneutraliteit in 2050 te bereiken. We bieden directe hulp aan onze inwoners en bedrijven om hun gebouwen te verduurzamen. Dat doen we door het inzetten van Energieloket Achterhoek B.V. en door het inzetten van stichting Duurzaam Ondernemerscentrum Achterhoek. Beide partijen bieden adviezen, informatie, diensten en producten die aansluiten bij de vragen die inwoners en ondernemers hebben. We hebben in 2025 veel tijd besteed aan natuurvriendelijke na-isolatie en het aanbesteden van een onderzoek Soorten Managementplan.

Door een uitspraak van de Raad van State is het niet meer mogelijk om zonder onderzoek een woning te isoleren. Het soorten management plan moet dit probleem ondervangen. We denken mee bij nieuwe ontwikkelingen en de energievraagstukken die daaruit naar voren komen. Zo hebben we een onderzoek gedaan naar mogelijke energiebronnen zoals bodemenergie. En dragen actief bij aan de ontwikkeling van uitbreiding van het hoogspanningsstation in Langerak. We zijn regionaal een proces gestart om de warmtetransitie te versnellen. We werken toe naar regionale doelstellingen voor afschakelen van wijken van het aardgas en aan doorontwikkeling van Energieloket Achterhoek B.V. om te zorgen dat er een versnelling komt in de Isolatieopgave. C2 Vaststellen RES 2.0 en starten met uitvoering In 2025 bereikten we met de regio overeenstemming over de RES 2.0. Samen met de 7 andere gemeenten in de Achterhoek maakten wij keuzes over hoeveel zonne- en windenergie wij de komende jaren gaan opwekken. Ook bepaalden we dat de RES organisatie breder gaat kijken naar de ontwikkeling van het energiesysteem in de Achterhoek. Vaststelling van de RES 2.0 verwachten we begin 2026. In 2025 werkten wij ook door aan de uitvoering van de RES 1.0 en is een voortgangsrapportage opgeleverd.

C3 Uitvoering geven aan de uitvoeringsagenda klimaatadaptatie 2022-2026 Bij de begroting 2025 hebben we voor 2025 t/m 2034 extra middelen beschikbaar gekregen om bebouwde gebieden met wateroverlast (veroorzaakt door extreme neerslag) aan te pakken. Dit doen we onder andere in de wijk De Pas en De HappertLeerinkstraat met een integrale aanpak. Ook hebben we diverse locaties klimaatbestendiger ingericht zoals De Wingerd (vergroenen) en Ampsen (afkoppelen) in wijk de Huet.

24

In 2025 is de regionale signaleringskaart Water en Bodem sturend opgeleverd. Op deze kaart zijn ook de waterbeelden van de bovenregionale stresstest (de Limburg-bui) verwerkt. We conformeerden ons om deze kaart als basis te gebruiken bij toetsing van ruimtelijke ontwikkelingen al het gaat om locatiekeuze en inrichtingskeuze. Doetinchem doet vanaf 2025 mee met het project Tuinrangers van Stichting Steenbreek. Tuineigenaren krijgen daarbij gratis advies om hun tuin groen, biodivers en klimaatbestendig in te richten. Diverse klimaatacties zijn voortgezet in 2025 wegens succces zoals tegelacties, gratis bloembollen, regentonactie, blotevoetenpad en de informatieavond groene daken. C4 Een wijkuitvoeringsplan opstellen voor de gehele wijk Dichteren en uitvoering geven aan het buurtuitvoeringsplan voor de Kleurrijke buurt en de Romantische buurt zuid We stelden het wijkuitvoeringsplan Dichteren vast. In de wijk hebben we met regelmaat overleg met een koplopersgroep. Maandelijks organiseert het Energieloket Achterhoek samen met de gemeente een Loket op locatie in de wijk Dichteren. Vanaf 2026 vindt een verdere intensivering van de uitvoering plaats. Ook zijn we begonnen met het wijkuitvoeringsplan De Huet. Vanwege de grote belangstelling van bewoners, hebben we twee informatiebijeenkomsten voor bewoners georganiseerd.

Verder zijn we het proces voor het wijkuitvoeringsplan Wehl en Nieuw-Wehl gestart. C5 Onderzoek naar een warmtenet in Gaanderen en de buurten Overstegen/Muziekbuurt Voor twee gebieden zijn we gestart met onderzoek naar de mogelijkheden voor het aanleggen van warmtenetten. We hebben met de betrokken partijen een intentieovereenkomst afgesloten. Voor het warmtenet Overstegen-Muziekbuurt hebben we een businesscase opgesteld. Samen met het Gelders Warmtebedrijf (GWB) en Sité werken we verder in de richting van een samenwerkingsovereenkomst. C6 Uitvoering geven aan het plan van aanpak circulaire economie De uitvoeringsagenda Circulaire Economie 2025–2027 is vastgesteld als vervolg op het eerdere plan van aanpak. We voeren concrete acties uit die bedragen aan de beoogde doelen zoals: • We volgen het landelijke ‘Nieuwe Normaal’ voor circulair, energieneutraal en klimaatbestendig bouwen. In de projecten De Kwekerij en Augustinuspark hebben we onze lat van 25% circulair bouwen verhoogd. Hierdoor zijn we landelijk koploper voor deze projecten. Deze aanpak zetten we voort in de Spoorzone. • We startten met een digitaal systeem om materialen uit de openbare ruimte opnieuw te gebruiken. • Bij de aanbesteding van de nieuwbouw van school Bloei hebben we voor toekomstbestendig bouwen gekozen. De school voldoet aan de norm Frisse School Klasse A.

• Bij inkoop van goederen en diensten letten wij op circulariteit. Zo kopen we verkeersborden van hergebruikte materialen en laten we onze ICT-apparatuur opnieuw gebruiken. • We stimuleren circulaire initiatieven in wijken en bij kleine ondernemers door een subsidieregeling. C7 Continueren van de aanpak bestrijding energiearmoede We hebben de aanpak energiearmoede in 2025 uitgevoerd. We merken dat het steeds moeilijker wordt om nieuwe deelnemers voor het programma Bespaarhulp aan huis te krijgen. We hebben daardoor het aantal van 250 huishoudens niet bereikt. De bij ons 'bekende' huishoudens die voor het programma in aanmerking komen zijn inmiddels allemaal benaderd. De Isolatiesubsidie laag inkomen liep zeer goed. In september 2025

25

hebben we daarom de subsidiepot aangevuld, zodat we meer huishoudens kunnen helpen. C8 Het opstellen van een warmteprogramma: de routekaart naar een aardgasvrije gebouwde omgeving Samen met Sité en Liander zijn we gestart met het opstellen van het Warmteprogramma Doetinchem. Aan het begin van het proces hebben we een enquête uitgezet. Het proces loopt volgens planning. We zijn aan het onderzoeken of we regionale afspraken over de uitgangspunten warmtetransitie kunnen maken. C9 Het opstellen van een Lokale Energiestrategie (LES) voor de gemeente In 2025 hebben wij als een van de eerste gemeenten een Lokale Energiestrategie (LES) opgesteld. De LES geeft ons inzicht in de benodigde energievoorziening die past bij onze groeiambitie. Netcongestie vormt een risico voor de voortgang van woningbouw, het bedrijfsleven, en maatschappelijke organisaties. De LES maakt inzichtelijk wat wij zelf kunnen doen om netcongestie op te lossen en om te voorkomen dat wij in de toekomst weer in dezelfde situatie belanden. Het helpt ons ook in de afstemming met de netbeheerder en andere overheden. Wat wilden we bereiken? D. Doetinchem heeft een vitaal landelijk gebied We werken aan de vergroten van de leefbaarheid en versterking van het landschap in het landelijkgebied. Dit doen we omdat het landelijk gebied belangrijk onderdeel is van de gemeente dat te maken heeft met een sterke vergrijzing.

Daardoor komt het verenigingsleven, het sociaal leven, onderwijs en bedrijvigheid onder druk te staan. Zo ondersteunt het LEADER programma lokale initiatieven om het landelijk gebied vitaal te houden. Daarnaast werken we aan de versterking van de agrarische sector en de natuur door onder andere een aanpak voor het tegengaan van verdroging. Dit doen wij samen met provincie, Waterschap en stakeholders in het gebied. Wat hebben we daarvoor gedaan? D1 Aan de slag met het uitvoeringsprogramma VLGG Ondanks het vervallen van het VLGG zijn we in Doetinchem verder gegaan met de doelen zoals opgeschreven in het VLGG. In het sleutelproject Slangenburg, Gaanderen en de Zumpe van de Aanpak Droogte en Wateroverleg Achterhoek en Liemers worden verschillende opgaves geïntegreerd en gewerkt aan een uitvoeringsplan. We hebben een gebiedsproces met een pre-verkenning opgestart. Er is ingezoomd op Water en landbouw, Water en natuur en Water en klimaat. D2 Opstellen beleidsnota landelijk gebied Er speelt veel in het landelijk gebied, waaronder de beëindiging van veehouderijen gestimuleerd door de landelijke subsidieregeling. Instandhouding van de leefbaarheid in combinatie met het versterken van het landschap en biodiversiteit is noodzakelijk. Hiertoe zijn de beleidsuitwerking Wonen landelijk gebied en Solitaire bedrijvigheid opgesteld.

D3 Opstellen beleidsuitwerking wonen landelijk gebied In 2025 is de beleidsuitwerking Wonen Landelijk Gebied als ‘omgevingsprogramma’ opgesteld in de zin van de Omgevingswet. Het is daarmee ons kader voor versterken van de vitaliteit en leefbaarheid van het landelijk gebied. Het toevoegen van woonvormen

26

zien wij daarbij als een passend middel. De beleidsuitwerking is met een zeer succesvol participatieproces tot stand gekomen. We hebben hiervoor een jongerenavond georganiseerd met een interactieve informatiemarkt. We zijn ook gestart met de deelname aan het provinciale pilotproject Wonen op de boerderij. D4 Uitvoering geven aan een nieuwe lokale ontwikkelstrategie (LOS) In 2025 zijn er twee cofinancieringsverklaringen aangevraagd en toegekend. Een derde aanvraag is aangekondigd, maar een aanvraag is nog niet definitief ingediend. D5 Uitrollen initiatieven Platform Achterhoek Food Het produceren en vermarkten van duurzaam voedsel is een actueel thema. Niet alle initiatieven zijn even zichtbaar, maar een mooi initiatief binnen de gemeentegrens in het project de Herenboeren in Gaanderen. Een initiatief waar samen duurzaam voedsel wordt geproduceerd. Maar ook ondersteunen we het project op basisschool IKC Noorderlicht waar een gezond ontbijt wordt verstrekt. D6 Vaststellen maatregelen/oplossingen aanpak droogte achterhoek Eind 2025 is de pre-verkenning voor de aanpak van droogte in het gebied Slangenburg, Gaanderen, De Zumpe afgerond. Dit leidde tot een concept routekaart.

In de routekaart is een meerjarenplanning van activiteiten opgenomen welke uiteindelijk moeten leiden tot een gedragen gebiedsuitvoeringsprogramma met meerjarige concrete maatregelen om te komen tot een klimaatbestendig, vitaal landelijk gebied. Wat wilden we bereiken? E. Doetinchem heeft een leefomgeving die schoon, heel en veilig is De gemeente heeft een taak in het onderhouden van de openbare ruimte. Dit doen we volgens de gedachte schoon, heel en veilig. De uitvoering van deze taken zijn grotendeels uitbesteed aan Buha B.V. Dit functioneert alleen met een goed werkende buitendienst en dat is in 2025 wederom gebleken. Dit geldt ook voor gladheidbestrijding. In het mobiliteitsplan zijn wegen aangewezen die de komende jaren heringericht/ gereconstrueerd moeten worden in verband met de staat van onderhoud en de verkeersveiligheid. Hierbij wordt waar mogelijk verbinding gelegd met klimaatadaptatie, vervanging riolering en het mobiliteitsplan. Daarnaast hebben we als gemeente een zorgplicht ten opzichte van onze bodem. Wat hebben we daarvoor gedaan? E1 Continueren van de aanpak PFAS locaties We zijn gestart met de sanering van de bodem op een locatie, die verontreinigd is met polyfluoralkylstoffen (PFAS). De sanering van de grond is in 2024 gestart en medio 2025 afgerond.

Tijdens de grondsanering is een grote hoeveelheid met PFAS-verontreinigde kleigrond afgegraven, afgevoerd en gestort. De volgende fase is de sanering van het met PFAS verontreinigde grondwater. Deze start in 2026 en loopt volgens planning door tot en met 2030. De grondsanering is gedekt met een bijdrage uit de Tijdelijke regeling uitkering Bodem (SPUK Bodem) van het Rijk en deels ook door een bijdrage van de eigenaar van het terrein. Uitgangspunt is om gemaakte kosten zoveel als mogelijk te verhalen op de veroorzaker. Wij zetten voor de dekking van de grondwatersanering in op een continuering van de subsidie SPUK Bodem. De PFAS-bodemsanering hebben we ook aangegrepen om bij te dragen aan de ontwikkeling van oplossingen voor de PFAS-problematiek in Nederland. Een innovatie is de verwerking van met PFAS verontreinigde kleigrond van de saneringslocatie tot 50.000

27

schone, PFAS-vrije bakstenen. Met de door Doetinchem georganiseerde bestuurlijke netwerkbijeenkomst PFAS in het najaar van 2025 is de landelijke bewustwording rondom PFAS vergroot en zijn er stappen gezet om bestuurlijke samenwerking op overheidsniveau te vergroten. E2 Reconstructie wegen Het beheer van onze bestaande wegen, voetpaden en fietspaden en infrastructurele kunstwerken zijn vormgegeven binnen de wettelijke, bestuurlijke en financiële kaders. Het afgesproken kwaliteitsniveau waarop we de wegen en kunstwerken onderhouden zijn ook in 2025 behaald. Wij hebben in de beschikbare middelen voor het wegbeheer zo efficiënt mogelijk ingezet. Er zijn verschillende onderhoudsprojecten uitgevoerd. Voorbeelden hiervan zijn Steverinkstraat en Vreeltstraat in Gaanderen en Diepenbroekstraat in Wehl. In 2025 zijn de eerste voorbereidende werkzaamheden uitgevoerd voor de herinrichting van de Plattenburgstraat. Ook het groot onderhoud van de Varsseveldseweg buiten de bebouwde kom is voorbereid. Het maken van een plan voor het afkoppelen van wijk De Pas en de daarbij behorende herinrichting is in inmiddels gestart. Daarnaast is het onderhoud aan de J.F. Kennedylaan uitgevoerd. Bij het groot onderhoud wordt rekening gehouden met de categorisering zoals deze is opgenomen in het mobiliteitsplan.

E3 Uitvoering maatregelen grondstoffenplan 2020-2024 In december 2024 stelde de raad het nieuwe grondstoffenplan vast, met als doel om in 2028 65% van het afval te recyclen. In 2025 hebben we extra ingezet op afvalpreventie, betere scheiding en meer passende containers bij hoogbouw. Afvalcoaches ondersteunden wijken en we sloten een convenant met McDonald’s tegen zwerfafval. In nieuwbouwprojecten werd restafval altijd naar een ondergrondse container gebracht. In 2025 hebben wij de ontwerpen voor het circulair ambachtscentrum afgerond en is de vergunning verleend. Het terrein is leeg en de bouw start in 2026. We maakten een communicatieplan om inwoners tijdig te informeren. Wat heeft het gekost? Programma 3

Primitieve begroting 2025

Begroting ná wijziging 2025

Baten

29.972

44.287

48.517

39.388

Lasten

36.680

52.219

52.378

48.194

Het totaal saldo van baten en lasten

-6.708

-7.932

-3.861

-8.806

Onttrekkingen aan de reserves

1.835

3.997

3.997

3.660

Toevoegingen aan de reserves

521

3.368

3.367

4.822

Saldo mutaties in de reserves

1.314

629

630

-1.162

-5.394

-7.303

-3.231

-9.968

(bedragen x € 1.000)

Het resultaat van programma 3

Realisatie 2025

Realisatie 2024

28

1.5 Programma - Organisatie en financiën Voor dit programma waren in 2025 de volgende doelstellingen geformuleerd: A. Doetinchem heeft een toekomstbestendige organisatie B. Doetinchem zet Informatietechnologie in voor een eigentijdse en efficiënte organisatie C. De gemeentelijke organisatie heeft een passende kantooromgeving D. Doetinchem blijft werken aan het verbeteren van de dienstverlening E. Samen maken we Doetinchem, Gaanderen en Wehl: aan de slag met participatie F. Doetinchem is een solide financiële gemeente Wat wilden we bereiken? A. Doetinchem heeft een toekomstbestendige organisatie Doorontwikkeling van de organisatie heeft plaatsgevonden aan de hand van de drie ontwikkelthema’s (menselijk kapitaal en arbeidsmarkt, efficiëntie en innovatie, Doetinchem Centrumstad). Stappen zijn gezet onder andere op vlak procesmanagement (werkwijze wat betreft processen en verbetering van processen), beleid gericht op werving en selectie in de krappe arbeidsmarkt en verkenning van positionering van Doetinchem met oog op wijze van samenwerking in de regio. Wat hebben we daarvoor gedaan? A1 Strategische personeelsplanning We brachten ons personeel in 2025 in beeld op individueel, team- en organisatieniveau. We onderzochten welke kennis en vaardigheden aanwezig waren en welke we nog nodig hadden voor de toekomst.

De inzichten die hieruit volgden, bundelden we in de stuurgroep Menselijk Kapitaal & Arbeidsmarkt. Vanuit deze stuurgroep legden we basis aan plannen voor onder andere werving en selectie, stagebeleid en het profiel van de medewerker van de toekomst. A2 Profilering op de arbeidsmarkt Wij profileerden ons sterker in een krappe arbeidsmarkt. Wij trokken in 2025 de juiste mensen aan door ons verhaal helder te delen. Wij kozen voor een belofte die ons onderscheidde van anderen en communiceerden die belofte actief en steeds op dezelfde manier. Hierbij gebruikten we al onze kanalen. Wij bouwden daarmee voort op de nieuwe organisatievisie. Zo lieten wij zien waar werken bij Doetinchem voor staat. A3 Verduurzaming gemeentelijke panden De verduurzaming van de vijf panden (stadhuis, de Pol (Gaanderen), MFA het Kleurrijk, de Bongerd en KBC Wehl) startte in 2025. Voor alle vijf panden geldt dat we toewerken naar gedetailleerde technische en financiële uitwerking van de te nemen verduurzamingsmaatregelen. Hierbij is het ene project complexer -en vergt dus meer tijd- dan het andere. Onvoorziene omstandigheden hebben voor enkele panden impact op de verduurzamingsmogelijkheden en kunnen leiden tot een bijstelling van de projectscope. In alle gevallen geldt dat we verwachten dat we de betreffende panden in de jaren 2026 tot en met 2028 een goede duurzaamheidsimpuls kunnen geven.

Budgettair zijn de hiermee samenhangende investeringen in meerjarig perspectief gedekt. Wat wilden we bereiken? B. Doetinchem zet Informatietechnologie in voor een eigentijdse en efficiënte organisatie Het informatie- en ICT-domein ontwikkelt zich snel. Nieuwe technologische ontwikkelingen bieden ons de mogelijkheid om beleid en uitvoering te verbeteren.

29

Tegelijkertijd stelt nieuwe wetgeving in het informatiedomein eisen aan hoe we technologie inzetten. Afgelopen jaar hebben we ingezet op datagedreven werken in onze organisatie. Ook zijn de eerste stappen gezet om verantwoord AI in te zetten. Daarnaast hebben we moderne technieken geïmplementeerd die hybride werken, bereikbaarheid en digitaal samenwerken faciliteren. Tot slot hebben we ons voorbereid op wetgeving in het informatiedomein: de Wet open overheid en de wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer. Wat hebben we daarvoor gedaan? B1 Werken aan een datagedreven organisatie Goed gebruik van data helpt ons om effectiever beleid te ontwikkelen en middelen goed te besteden. Dit blijven we de komende jaren doen. Het fundament voor meer en beheersbaar datagedreven werken versterkten we met het in gebruik nemen van een centraal dataplatform. Ook zijn datavaardigheden van medewerkers in diverse domeinen vergroot. We hebben de samenwerking met de regionale datasamenwerking Datalab Gelderland Oost (GO) vernieuwd, waarmee we regionaal kennis en kunde blijven bundelen. Verder ontwikkelde we enkele dashboards op het gebied van wonen die onze organisatie ondersteunen bij het maken van beleidskeuzes. Tot slot is een datavolwassenheidsscan uitgevoerd. Daarmee kan het ambitieniveau bepaald worden voor de komende jaren.

B2 Verdere implementatie van wetten in het informatiedomein Nieuwe wetgeving in het informatiedomein stelt eisen aan hoe we technologie inzetten. We liggen op koers met de stappen die we konden zetten. De volledige implementatie van de wetten neemt meerdere jaren in beslag. Afgelopen jaar werkten we aan de volgende onderdelen: • De Wet open overheid (Woo) wordt landelijk gefaseerd ingevoerd. We hebben de eerste verplichtingen voor actief en passief openbaar maken geïmplementeerd. In 2025 hebben we de impact van de volgende fase van de Woo bepaald en een plan van aanpak opgesteld voor 2026. • De Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) geeft inwoners en ondernemers het recht om officiële berichten zoals aanvragen, klachten en zienswijzen digitaal naar ons te sturen. Daarnaast hebben we de verplichting om een ontvangstbevestiging te sturen. We troffen voorbereiding voorafgaand aan inwerkingtreding op 1 januari 2026. We voldoen aan de eisen van deze wet. Middels een aanwijsbesluit hebben we per product vastgesteld welk formulier of kanaal gebruikt kan worden. We hebben een formulierenapplicatie in gebruik genomen waarmee we aan diverse wettelijke eisen kunnen voldoen. Inwoners kunnen nu digitaal contact met ons opnemen en ontvangen een ontvangstbevestiging.

• De Wet Digitale overheid (Wdo) regelt dat Nederlandse burgers en bedrijven veilig en betrouwbaar kunnen inloggen bij de (semi-)overheid. Daarmee wordt bedoeld dat burgers elektronische identificatiemiddelen (eID) krijgen met een substantiële of hoge mate van betrouwbaarheid. Ook digitale toegankelijkheid en technische standaarden ten aanzien van informatieveiligheid vallen onder deze wet. Onze websites voldoen aan de eisen van digitale toegankelijkheid. In maatregel D2 leest u meer. Het landelijke stelsel voor elektronische identificatiemiddelen is nog niet gereed. Wij passen onze planning aan op de landelijke planning die nu uitgaat van juli 2028. B3 Voorbereiden inzet Kunstmatige Intelligentie AI biedt kansen om efficiënter te werken, maar ook risico’s. De EU heeft daarom in 2024 de AI-Act vastgesteld die eisen stelt aan de inzet van AI. Onze organisatie wil ‘in staat

30

raken’ om op verantwoorde wijze te profiteren van AI. In 2025 hebben we met een deel van de de organisatie ervaring opgedaan met een AI-toepassing. Ook hebben medewerkers in het kader van AI-geletterdheid een e-learning gevolgd. Daarnaast hebben we een proces en AI-impactanalyse ontwikkeld om in te schatten of een bepaalde AI-toepassing verantwoord is om in te zetten of niet. We werken de komende jaren verder aan de inzet van AI binnen onze werkwijzen. B4 Werken aan een moderne hybride werkplek In onze organisatie werken we vanuit onze visie op het werkconcept plaats- en tijdonafhankelijk. In 2025 hebben we moderne technieken geïmplementeerd die dit optimaal ondersteunen. Zo hebben we een nieuw telefonieplatform ingevoerd waarmee we onze interne en externe bereikbaarheid verbeterden. We namen moderne vergaderfaciliteiten in gebruik die hybride vergaderen prettiger en efficiënter maken. Hiermee hebben we nieuwe technieken ingezet die we vanuit onze ICT-samenwerking aan al onze partners aanbieden. Wat wilden we bereiken? C. De gemeentelijke organisatie heeft een passende kantooromgeving Het voorlopig ontwerp is opgeleverd. Er is een start gemaakt met de uitwerking van het definitief ontwerp. Wat hebben we daarvoor gedaan? C1. Herinrichten kantooromgeving Er is een externe projectleider aangetrokken om ons te begeleiden bij de uitwerking van de herinrichting van het stadhuis.

De opbrengsten van de werksessies zijn grotendeels verwerkt in het voorlopig ontwerp. De uitwerking van het definitief ontwerp is tijdelijk uitgesteld geweest vanwege ontwikkelingen rondom de uitbreiding van de dienstverlening van de RNI (Registratie Niet Ingezetene). Inmiddels is duidelijk dat dit geen invloed zal hebben op het ontwerp. Parallel zijn in samenwerking met project DUMAVA (Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed) verduurzaming stadhuis de voorbereidingen getroffen voor het bepalen van de inkoopstrategie. Een andere inrichting van het kantoor op basis van activiteit gerelateerd werken vraagt om een andere manier van werken. Medewerkers kiezen per activiteit de meest passende werk- of overlegruimte. Dit vraagt een aanpassing van houding en gedrag en betekent dat medewerkers meegenomen moeten worden in deze verandering. Er is een plan van aanpak uitgewerkt met verschillende activiteiten met aandacht voor draagvlak en gedrag van medewerkers. Wat wilden we bereiken? D. Doetinchem blijft werken aan het verbeteren van de dienstverlening Ook dit jaar is onze dienstverlening op meerdere punten verbeterd door focus te hebben en houden op dienstverlening. De activiteiten ontwikkelden we integraal en in samenwerking met de organisatie om de dienstverlening op pijl te houden en ook echt te kunnen verbeteren.

Door van binnen naar buiten te kijken is weer extra kennis opgehaald. Die kennis zetten we in om de dienstverlening aan de inwoners te optimaliseren. Tegelijkertijd hebben we ook aandacht voor de veiligheid in de publiekshal voor zowel medewerkers, inwoners en bezoekers.

31

Wat hebben we daarvoor gedaan? D1 Afstemmen van onze werkprocessen op inwoners en deze continue verbeteren We hebben het overgrote deel van onze activiteiten kunnen uitvoeren. De terugbelverzoeken worden gemonitord en in het MT zijn afspraken gemaakt over de opvolging van de resultaten. Ook zijn we gestart met de eerste verkenning van een persoonlijk digitaal portaal (MIJN-Doetinchem). Op basis van feedback uit “waar staat je gemeente” is de organisatie aangesproken en geholpen bij het begrijpelijker schrijven. Ook hebben we een AI component toegevoegd aan onze chatbot Do, zodat de inwoner zelf vragen kan stellen. Met het onderzoeken van onderwerpen voor een klantreis wordt in 2026 een eerste start gemaakt. We hebben ook een aantal extra activiteiten uitgevoerd die we vooraf niet hadden gepland. We zijn gestart met onderzoeken hoe we de veiligheid van onze collega’s in de publieke ruimte kunnen verbeteren. Ook hebben we gekeken of we de dienstverlening van de RNI (Registratie Niet Ingezetene) kunnen uitbreiden. Dit wordt verder uitgewerkt in een vernieuwde visie op dienstverlening. D2 De (digitale) toegankelijkheid van onze (overheids)informatie verbeteren We zijn trots op de resultaten die we hebben bereikt. Er is gezocht naar alternatieve applicaties om de inhoud van onze websites digitaal toegankelijk te maken voor alle inwoners.

We zijn gestart met een applicatie die ervoor zorgt dat we digitale inhoud voor elke inwoner, ongeacht een handicap, beschikbaar is. Waar het toegankelijkheid van onze websites betreft voldoen we volledig aan de wet. Ten opzichte van het gemiddelde van alle gemeenten draaien we in de top mee. Voor dit onderwerp is een extra activiteit uitgevoerd. De rekenkamer heeft een onderzoek naar digitale dienstverlening uitgevoerd. Er is veel werk verzet om dit onderzoek in goede banen te leiden. We verwachten het rapport van de rekenkamer in het eerste kwartaal van 2026. D3 We kijken van 'buiten naar binnen' We zijn aangesloten bij de Vereniging Directeuren Publiekszaken. Dit is een enorm netwerk waarmee we veel kennis en ervaring uitwisselen. Daarnaast hebben we regelmatig VNG congressen en gemeenten bezocht om verschillende inzichten op te doen. Ook voor dit speerpunt zijn extra activiteiten uitgevoerd. We zijn trots op het feit dat we een inwonerspanel hebben opgericht. Het panel is onder andere ingezet voor het gebruikersonderzoek voor de Rekenkamer. Ook deden we vanuit het panel onderzoek naar de begrijpelijkheid van veelgebruikte brieven. De terugkoppeling gebruiken we om de begrijpelijkheid van onze brieven te verbeteren. Wat wilden we bereiken? E.

Samen maken we Doetinchem, Gaanderen en Wehl: aan de slag met participatie Participatie heeft zichtbaar vorm gekregen in heel Doetinchem. Er staat nu een stevig fundament om verder te bouwen. Wat hebben we daarvoor gedaan? E1 De gelegde basis verder verstevigen en uitbouwen Vanuit het opleidingsprogramma hebben drie communicatieadviseurs hun mastercertificaat behaald voor het toepassen van de methodiek van Relevant Gesprek en hebben incompany trainingen plaatsgevonden.

32

Online participatie heeft een flinke boost gekregen met het lanceren van het platform denkmeedoetinchem.nl. Vanaf mei 2025 is het platform beschikbaar. Meer dan 10.000 mensen hebben het platform bezocht en op de tien projecten die erop staan/ stonden zijn in totaal 908 reacties binnengekomen. In november evalueerden we de projecten waar participatie in plaats gevonden met het college. Hoofdlijn daarin was de (h)erkende positieve toegevoegde waarde van participatie in projectaanpakken. Evaluatie met de raad en invulling van het uitdaagrecht met de vaststelling van de nieuwe participatieverordening vindt begin 2026 plaats. In de buurt De Hoop zijn bewoners begeleid om samen een buurtagenda op te stellen. Een Dorpendeal voor Wehl en wijkendeals voor De Hoop en Oosseld zijn in voorbereiding. Ook zijn verschillende initiatieven uit de samenleving ondersteund. Wat wilden we bereiken? F. Doetinchem is een solide financiële gemeente Wij onderkennen twee pijlers voor solide financieel beleid: een structureel sluitende begroting met een gezond meerjarenperspectief en voldoende weerstandsvermogen. Een belangrijk uitgangspunt in de coalitieagenda is dat de financiën op orde zijn en blijven. Als uitgangspunt hierbij is gesteld dat er niet meer geld wordt uitgeven dan er binnenkomt.

In de coalitieagenda is aangegeven dat we bij de uitvoering van taken binnen de vanuit de medeoverheden beschikbaar gestelde geoormerkte middelen blijven. Mede doordat we vanuit het rijk incidentele middelen hebben ontvangen voor de jeugdzorg hebben we onszelf iets meer tijd kunnen geven om de taakstelling in het sociaal domein in te vullen. Inmiddels hebben we onder andere door deze maatregelen in 2026 een sluitende begroting kunnen presenteren. In deze jaarrekening kunnen we u een positief resultaat presenteren. De uitvoering van het financiële beleid voldoet aan de in- en externe regelgeving. In februari 2026 heeft u met terugwerkende kracht naar 1 januari 2025 de financiële verordening vastgesteld. Als gevolg van de wijzigingen van het Besluit begroting en verantwoording (BBV) en Bedrijfsvoering, auditing decentrale overheden (BADO) geldt voor de rechtmatigheidsverantwoording vanaf begrotingsjaar 2025 een nieuwe gemaximeerde grens voor fouten en onduidelijkheden samen van 2% op basis van lasten (exclusief dotaties aan reserves). De wijzigingen gaan in voor verantwoordingen over het begrotingsjaar 2025. In deze jaarrekening heeft het college de rechtmatigheidsverantwoording op basis van de nieuwe eisen opgenomen. In de rechtmatigheidsverklaring (zie jaarrekening 3.3) hebben wij gerapporteerd over rechtmatigheidsfouten en onduidelijkheden.

Samenvattend kan worden geconstateerd dat ondanks de lagere grens voor fouten en onzekerheden de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig binnen deze grens tot stand zijn gekomen. In 2025 hebben we verder ingezet op de doorontwikkeling van de planning en controlstukken om te voldoen aan de vigerende wet- en regelgeving. Wat hebben we daarvoor gedaan? F1 Inzetten op een structureel sluitende begroting en gezond meerjarenperspectief In de begroting 2025 is net als afgelopen jaren ingezet op een structureel sluitende begroting. Langjarige uitgaven worden in de begroting gedekt door langjarige inkomsten. De financiën zijn en blijven op orde. Uitgangspunt hierbij is dat we bij de uitvoering van de taken binnen de vanuit medeoverheden beschikbaar gestelde geoormerkte middelen blijven en dat er een voldoende financiële buffer is om daadwerkelijk te kunnen groeien en risico’s te kunnen opvangen. In de jaarrekening presenteren we u een positief resultaat. Het financieel resultaat bij deze jaarrekening ten opzichte van de eindwijziging 2025 bedraagt met name als gevolg van incidentele meevallers € 15.205.000 voordelig. Het voorstel is om het resultaat 2025 te bestemmen door € 720.000 toe te voegen aan de Bestemmingsreserve Bovenwijkse voorzieningen, € 1.348.000 toe te voegen aan de

33

Bestemmingsreserve Doorgeschoven activiteiten, € 2.386.000 toe te voegen aan de Bestemmingsreserve Gebiedsontwikkeling, € 3.492.000 toe te voegen aan de Bestemmingsreserve Investeringsfonds, € 169.000 te onttrekken aan de Bestemmingsreserve Spaarverlof, € 461.000 toe te voegen aan de Bestemmingsreserve Werkgelegenheid en € 6.967.000 toe te voegen aan de algemene reserve. In de jaarrekening wordt een toelichting gegeven op het rekeningresultaat en de bestemmingsvoorstellen. Het financieel voordelig jaarresultaat werkt positief op het niveau van het weerstandsvermogen (zie F2). Op basis van de in 2025 uitgekomen septembercirculaire en decembercirculaire van het gemeentefonds ontwikkelt zich het financieel meerjarenperspectief licht negatief. Op het moment van schrijven van deze jaarstukken is de meicirculaire 2026 nog niet uitgekomen. We hopen dat de ontwikkelingen in deze meicirculaire 2026 voldoende zijn om de nieuwe plannen van de nieuwe coalitie te kunnen dekken. F2 Inzetten op voldoende weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is een belangrijk aspect voor het beoordelen van de financiële positie van de gemeente Doetinchem. In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing worden de ontwikkelingen in 2025 met betrekking tot de risico's en het weerstandsvermogen 2025 geschetst.

Het financieel voordelig jaarresultaat wordt toegevoegd aan de algemene reserve en werkt hiermee positief op het niveau van weerstandsvermogen. Ook het laten vrijvallen van het Crisisherstelfonds ten gunste van de algemene reserve zal een positief effect hebben op het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen onze weerstandscapaciteit (algemene reserve en de stelpost onvoorziene uitgaven) en de financiële risico’s. Die verhouding drukken we uit in de ratio van ons weerstandsvermogen. We zetten in op een ratio die ligt tussen de 1,0 en 1,5. Dan beschikken we over voldoende buffer om risico’s op te vangen, zodat ze geen bedreiging vormen voor onze financiële positie. Beneden de ondernorm dienen maatregelen te worden genomen om de weerstandscapaciteit aan te vullen en/of de risico’s te beperken. Boven de norm geeft ruimte om de weerstandscapaciteit in te zetten voor andere doeleinden. Bij de afwegingen hierover worden ook de financiële kengetallen ‘solvabiliteit’ en ‘schuldpositie’ betrokken. De financiële kengetallen hebben zich in 2025 in positieve richting ontwikkeld. De uitkomsten van de financiële kengetallen worden in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing toegelicht. Samenvattend kan geconcludeerd worden dat de financiële positie zich positief heeft ontwikkeld. Wat heeft het gekost? Programma 4 (bedragen x € 1.000)

Primitieve begroting 2025

Begroting ná wijziging 2025

Realisatie 2025

Realisatie 2024

Baten

5.412

5.305

8.705

5.225

Lasten

19.914

21.565

21.006

13.359

Het totaal saldo van baten en lasten

-14.502

-16.260

-12.301

-8.134

Onttrekkingen aan de reserves

1.683

23.885

23.993

11.963

Toevoegingen aan de reserves

1.721

20.656

22.199

7.274

Saldo mutaties in de reserves

-38

3.229

1.794

4.689

-14.540

-13.031

-10.507

-3.445

Het resultaat van programma 4

34

1.6 Overige algemene dekkingsmiddelen en het gebruik van onvoorzien Artikel 25 van de BBV schrijft voor dat de programmaverantwoording ten minste uit de verantwoording over de realisatie van de programma's en het overzicht algemene dekkingsmiddelen bestaat. Daarnaast wordt inzicht gegeven in het gebruik van het geraamde bedrag voor onvoorzien. Taakveld+Omschrijving

Primitieve begroting 2025

Begroting ná wijziging 2025

Realisatie 2025

Baten (bedragen x € 1.000) Lokale heffingen

19.533

20.323

20.210

Algemene uitkeringen

194.752

182.074

194.263

Dividend

656

656

778

Saldo financieringsfunctie

200

771

1.087

Overige algemene dekkingsmiddelen Totaal Algemene dekkingsmiddelen (baten) Taakveld+Omschrijving

1.837

1.961

2.353

204.300

217.974

219.180

Primitieve begroting 2025

Begroting ná wijziging 2025

Realisatie 2025

Lasten (bedragen x € 1.000) Lokale heffingen

1.020

1.017

1.067

Algemene uitkeringen

3.248

12

13

Dividend

15

15

4

Saldo financieringsfunctie

197

654

1.115

Overige algemene dekkingsmiddelen

74

74

156

4.554

1.772

2.355

Onvoorzien

175

175

-

Subtotaal Onvoorzien

175

175

-

4.729

1.947

2.355

Subtotaal Algemene dekkingsmiddelen

Totaal Algemene dekkingsmiddelen en Onvoorzien (lasten)

In 2025 is géén gebruik gemaakt van het geraamde bedrag voor onvoorzien.

35

2 Paragrafen

36

2.1 Lokale heffingen Deze paragraaf bevat informatie over de gemeentelijke belastingen. De gemeentelijke belastingen zijn te onderscheiden in drie typen belastingen. De algemene belastingen, de bestemmingsheffingen en retributies. Na de algemene uitkering uit het gemeentefonds zijn dit de belangrijkste inkomstenbronnen van de gemeente. Kaders De inwoners van de gemeente krijgen jaarlijks een aanslag gemeentelijke belastingen. Voor de beoordeling van de lastendruk zijn de tarieven dan ook van groot belang. Naast volumeontwikkelingen en ontwikkelingen in de waarde als gevolg van de jaarlijkse herwaardering (in geval van de onroerendezaakbelastingen) is uitgegaan van een indexering van de tarieven voor 2025 met 2,3% voor loon- en prijsontwikkelingen. Dit is in overeenstemming met het percentage BBP (Bruto Binnenlands Product) uit de meicirculaire gemeentefonds 2024. De bestemmingsheffingen en de retributies mogen niet meer dan kostendekkend zijn. We kennen een gesloten belastingstelsel. Dit betekent dat de gemeente een belasting alleen kan heffen als de wet daar de bevoegdheid toe geeft.

Het beleid betreffende de gemeentelijke belastingen is opgenomen in de volgende beleidsdocumenten: • Landelijke wet- en regelgeving (alle belastingen); • Belastingverordeningen 2025, raadsbesluit van 19 december 2024 (alle belastingen); • Coalitieprogramma 2022 – 2026 “Samen groeien in kwaliteit” raadsbesluit van 9 juni 2022 (alle belastingen); • Grondstoffenplan 2025-2028, raadsbesluit van 25 september 2025 (afvalstoffenheffing en reinigingsrechten); • Omgevingsvisie Doetinchem waarin het beleidsmatige deel van de gemeentelijke watertaken zijn opgenomen, raadsbesluit van 30 november 2023 en de uitvoeringsagenda klimaatadaptie 2022 – 2026, informatieve raadsbijeenkomst van 9 maart 2023 (rioolheffing); • Financiële verordening gemeente Doetinchem 2023, raadsbesluit van 28 maart 2024 (toerekening overheadkosten en BTW-Compensatiefonds); • Parkeervisie 2024, raadsbesluit van 28 maart 2024 (parkeerbelastingen); • Uitvoeringsagenda Armoedebeleid & Schulddienstverlening 2022 – 2024, raadsmededeling van 16 november 2021 (kwijtschelding afvalstoffenheffing en rioolheffing). De samenhang van het beleid met betrekking tot de gemeentelijke belastingen wordt geborgd in de bovengenoemde documenten. Daarnaast houden we rekening met de aanbevelingen van de gemeentelijke rekenkamer.

Vorming voorziening Om een gelijkmatige ontwikkeling van tarieven te bewerkstellingen worden overschotten en tekorten zo nodig verrekend met een voorziening. Dit is het geval bij de voorziening afvalstoffenheffing en rioolheffing. Hieronder wordt per type en soort belasting toegelicht op welke wijze het beleid is verwerkt. Daarnaast hebben we inzichtelijk gemaakt hoe bij de berekening van de tarieven wordt bewerkstelligd dat de geraamde baten de geraamde lasten niet overschrijden. Dit hebben we alleen gedaan voor de tarieven van belastingen die hoogstens kostendekkend mogen zijn.

37

Algemene belastingen De opbrengsten van de algemene belastingen komen ten goede aan de algemene middelen van de gemeente. Dit betekent dat de opbrengsten van deze belastingen niet gelabeld zijn maar voor alle gemeentelijke taken en voorzieningen kunnen worden ingezet. De onroerendezaakbelastingen, parkeerbelastingen, precariobelasting, reclamebelasting, bedrijveninvesteringszone en de toeristenbelasting behoren tot deze categorie. Hierbij moet opgemerkt worden dat de opbrengsten van de reclamebelasting en de bedrijveninvesteringszone niet worden toegevoegd aan de algemene middelen, maar worden uitgekeerd aan de verschillende ondernemersfondsen. Onroerende-zaakbelastingen Onder de naam onroerende-zaakbelastingen (verder OZB) worden een gebruikers- en een eigenarenbelasting geheven. Voor woningen mag alleen een eigenarenbelasting in rekening worden gebracht. Op basis van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) wordt ieder jaar van elk object de waarde vastgesteld. De waarde vormt de grondslag voor de berekening van de OZB-aanslagen. Ontwikkelingen in de waarde als gevolg van de jaarlijkse herwaardering worden gecompenseerd via het tarief. Eigenaren van woningen in de gemeente Doetinchem hebben in 2025 gemiddeld ongeveer 2,3% meer OZB betaald. Parkeerbelastingen Op 28 maart 2024 heeft uw raad de Parkeervisie 2024 vastgesteld.

De maatregelen uit de parkeervisie zijn verwerkt in de tarieventabel parkeerbelastingen voor 2025. In de parkeervisie is besloten om de bestaande tariefstructuur te handhaven. Dit betekent dat de binnenstad verdeeld blijft in vier tariefzones (€ 1,25, € 1,55, € 1,85 en € 2,45 per uur). De parkeertarieven zijn in 2025 verhoogd met het jaarlijkse percentage voor loonen prijsontwikkelingen. Precariobelasting Precariobelasting wordt geheven voor het in gebruik nemen van gemeentegrond, zoals het inrichten van een terras of het innemen van een standplaats. Het gebruik van gemeentegrond is gekoppeld aan een vergunning en gebaseerd op het standplaatsenbeleid 2012. De tarieven voor 2025 zijn verhoogd met de algemene prijsverhoging van 2,3%. Reclamebelasting Reclamebelasting is ingevoerd op verzoek van de ondernemers in vijf afgebakende gebieden. Het gaat om de binnenstad en de bedrijventerreinen De Huet, Keppelseweg, Verheulsweide en Akkermansweide. De opbrengst van de reclamebelasting wordt, na aftrek van de heffingskosten, uitgekeerd aan de ondernemersfondsen van de desbetreffende gebieden. Hieruit worden activiteiten betaald om de binnenstad en de bedrijventerreinen economisch aantrekkelijk te houden. De tarieven voor 2025 zijn geïndexeerd met de algemene prijsverhoging van 2,3%.

Bedrijveninvesteringszone (BIZ) Vanaf het belastingjaar 2019 is voor vastgoedondernemers in de binnenstad de BIZ ingevoerd. Het principe is hetzelfde als bij de reclamebelasting, dit betekent dat de opbrengst wordt uitgekeerd aan het ondernemersfonds van de vastgoedondernemers. Alle vastgoedondernemers die eigenaar zijn van een bedrijfspand in het BIZ-gebied betalen een bijdrage om activiteiten en investeringen mogelijk te maken. Dit zijn extra activiteiten naast dat wat de gemeente standaard aan onderhoud en investeringen doet. De BIZ geldt voor vijf jaren.

38

Toeristenbelasting Het doorvoeren van de prijsverhoging van 2,3% bij de toeristenbelasting zou onwerkbare tarieven met zich meebrengen. De tarieven van de toeristenbelasting zijn daarom niet verhoogd in 2025. Dit betekent dat we in 2025 voor een hotelovernachting € 1,50 in rekening hebben gebracht en voor de overige overnachtingen een bedrag van € 1,00. Bestemmingsheffingen Bestemmingsheffingen zijn belastingen waarvan de opbrengsten zijn bestemd voor specifieke voorzieningen met een duidelijk algemeen belang. Onder deze categorie vallen de afvalstoffenheffing, reinigingsrechten en de rioolheffing. Afvalstoffenheffing en reinigingsrechten Afvalstoffenheffing wordt geheven voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen en reinigingsrechten worden betaald voor het ophalen van bedrijfsafval. De kosten van de afvalinzameling worden gedekt door de opbrengsten uit de afvalstoffenheffing en reinigingsrechten. Dit gebeurt op basis van 100% kostendekkendheid. Sinds 1 januari 2022 betalen inwoners voor het aantal keer dat zij de container voor het restafval aanbieden of afval aanbieden in een ondergrondse verzamelcontainer. Het grondstoffenplan levert een sterke afname van de hoeveelheid restafval op en daarmee van de verbrandingskosten voor restafval. Dit dempt de verhoging van de afvalbeheerskosten.

De verwachte kostenstijging is wel afhankelijk van de mate van stijging van de verwerkingstarieven en de mate van afvalscheiding. De btw die we moeten betalen voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen en reinigingsrechten kunnen we verhalen op het btw compensatie fonds. Doordat we deze btw kunnen verhalen zijn alle gemeenten gekort op de algemene uitkering. Op grond hiervan mogen we de btw als last aan de afvalstoffenheffing toe rekenen. Zoals vermeld is het uitgangspunt binnen de gemeente om de tarieven voor 2025 van alle belastingen, heffingen en leges met het inflatiepercentage te laten stijgen met het BBP, zijnde 2,3%. Voor de afvalstoffenheffing is ervoor gekozen om het vaste tarief te verhogen met 2,3% en het variabele tarief gelijk te houden. In 2025 betaalden inwoners daarom een basistarief van € 249,60 voor éénpersoonshuishoudens en € 284,40 voor meerpersoonshuishoudens. De variabele tarieven voor het ledigen van de grote en kleine rolcontainer en het storten in de ondergrondse verzamelcontainer waren in 2025 € 12,00, € 6,00, € 2,40 en € 1,20. Bedrijven betaalden in 2025 een vast tarief van € 420,00 incl. btw. Ook bij reinigingsrechten is er sprake van 100% dekking. Het inzamelen en verwerken van afval, wordt door Buha bv uitgevoerd. (Bedragen x € 1.000) Taakveld

Afvalstoffenheffing Lasten

7.3 Afval

7.026 Opbrengsten belastingen

BCF

1.461 Overige opbrengsten

6.3 Kwijtschelding Subtotaal Dotatie voorziening Totaal (Bedragen x € 1.000) Taakveld

Baten

Dekking

9.239 478

591 9.078

9.717

107%

9.717

100%

639 9.717 Reinigingsrechten Lasten

Baten

7.3 Afval

218 Opbrengsten belastingen

218

Totaal

218

218

Dekking 100%

39

Rioolheffing De gemeente kan uit de rioolheffing naast de zorg voor het riool ook voorzieningen bekostigen die het mogelijk maken in te spelen op de zorg voor het hemel- en grondwater binnen de gemeente. Het beleid en de investeringsplanning rondom riolering, water en klimaatadaptatie is met ingang van 2024 opgenomen binnen de Omgevingsvisie. Het beheer en onderhoud van de riolering wordt eveneens uitgevoerd en ingekocht bij Buha bv. Door klimaatverandering neemt de kans op wateroverlast, hitte, droogte en overstromingen toe. Dat levert risico’s op voor onze economie, gezondheid en veiligheid. We moeten ons aanpassen aan deze veranderingen om schade en overlast te beperken. We kunnen niet alle risico’s wegnemen. Wel kunnen we maatregelen treffen om schade en overlast zoveel als mogelijk te beperken. De aanpak bestaat uit het aanpassen (adaptatie) van onze ruimtelijke omgeving aan klimaatverandering door maatregelen in de ruimtelijke inrichting. Hiervoor zijn stevige investeringen (€ 22 mln.) nodig om de kwetsbaarheid te verminderen. Het gaat niet alleen om aanpak van wateroverlast maar ook over de aanpak van hitte(stress) en droogte. Maatregelen kunnen veelal in samenhang en in combinatie met andere opgaven worden getroffen. De nieuwe klimaatscenario’s laten zien dat de urgentie alleen maar toeneemt.

In de Informatieve raadsbijeenkomst van 9 maart 2023 bent u geïnformeerd over de uitvoeringsagenda klimaatadaptie (aanpak van wateroverlast, hitte en droogte). Voor dekking van deze extra investeringen van € 22 mln. is gekeken naar een tariefsverhoging van de rioolheffing. De rioolheffing is hiervoor namelijk het instrument. Omdat we met extra maatregelen ervoor zorgen dat het ‘schone’ water niet in het riool terecht komt. Naast de jaarlijkse verhoging wordt daarom het tarief van de rioolheffing de komende 10 jaren extra verhoogd met 1,3% per jaar. De extra investeringen van € 22 mln. worden immers ook besteed in de komende 10 jaren. Het tarief voor de rioolheffing was in 2025 een bedrag van € 245,76. Met de vernieuwde BBV is het vanaf de begroting 2018 verplicht om de omslagrente toe te rekenen aan onze taakvelden. Uitzondering hierop zijn de projectfinancieringen en de GREX. Voor nadere info wordt u verwezen naar de paragraaf financiering. Voor de investering riolering hanteren we een ander rentepercentage dan ons omslagrentepercentage. Dit wordt gedaan, gelet op de lange looptijden met een langdurige financiering. Deze vergoeding was voor 2025 berekend op 2,77% en is gebaseerd op het historisch gemiddeld rentetarief voor leningen met een looptijd van 20 jaar. Ten opzichte van 2024 is dit een daling van 0,07%.

In onderstaande tabel is te zien dat er sprake is van 100% dekking. (Bedragen x € 1.000) Taakveld 7.2 Riolering

Rioolheffing Lasten 4.745 Opbrengsten belastingen

BCF

804

Rente

578

6.3 Kwijtschelding Subtotaal Dotatie voorziening Totaal

Baten

Dekking

6.987

397 6.523

6.987

107%

6.987

100%

464 6.987

Retributies Retributies worden geheven als de gemeente een specifieke dienst verleent. De belangrijkste retributies zijn het marktgeld en de leges. Marktgeld Ondernemers die een standplaats op de markt innemen moeten hiervoor marktgeld betalen. De tarieven zijn marktconform en in overeenstemming met de tarieven uit regiogemeenten.

40

(Bedragen x € 1.000) Taakveld

Marktgelden Lasten

3.3 Warenmarkt

Taakveld

Baten

128 3.3 Warenmarkt

0.4 Overhead

Dekking

122

2

Totaal

131

122

94%

Leges De leges zijn belastingen die de gemeente kan heffen voor het verstrekken van diensten. Uitgangspunt bij het vaststellen van de legestarieven is maximaal 100% kostendekkendheid. Er mag geen winst worden gemaakt. Kruissubsidiëring in de legesverordening is wel toegestaan. Onder kruissubsidiëring wordt verstaan: het hoger vaststellen van tarieven van leges voor sommige diensten om daarmee de tarieven voor andere diensten laag te kunnen houden. Voor bouwwerken met een lage bouwsom brengen we bijvoorbeeld een tarief in rekening dat niet kostendekkend is. Dit compenseren we met een overdekking bij de grote projecten met een hoge bouwsom. Uit de hieronder ingevoegde tabel blijkt dat er inderdaad geen winst wordt gemaakt op de leges. Hoofdstuk/ paragraaf

Onderwerp

Taakveld

(bedragen x 1.000) Hoofdstuk 1

Lasten (incl. rente)

Overhead Lasten Baten Dekking totaal

Algemene dienstverlening

1.1 Burgerlijke stand

0.2 Burgerzaken

95

34

130

115

89%

1.2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

0.2 Burgerzaken

832

143

976

859

88%

1.3 Rijbewijzen

0.2 Burgerzaken

182

44

226

239

106%

1.4 Verstrekkingen in het kader van de 0.2 Burgerzaken BRP

66

22

88

77

87% 0%

1.5 Bestuursstukken

0.4 Overhead

-

-

1.6 Vastgoedinformatie

0.2 Burgerzaken

-

-

0%

1.7 Overige publiekszaken (RNI VOG naturalisatie)

0.2 Burgerzaken

66

98%

1.8 Gemeentearchief

0.4 Overhead

1.9 Bijzondere wetten 1.10 Diversen

63

5

67 -

-

0%

2.2.Parkeren

34

6

40

32

81%

0.2 Burgerzaken 0.4 Overhead

2

1

2

2

95%

1.274

256

1.529 1.390

91%

2.026

693

2.719 4.593

169%

2.026

693

2.719 4.593

169%

115

44

Subtotaal Hoofdstuk 1 Hoofdstuk 2

Dienstverlening en besluiten in het kader van de Omgevingswet

2.3 Activiteiten met betrekking tot bouwwerken

8.3 Wonen en bouwen

Subtotaal Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3

Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn en niet vallend onder Hoofdstuk 2

3.1 t/m 3.9 Diversen o.a evenementen kinderopvang en horeca Subtotaal Hoofdstuk 3 Totaal

1.2 Openbare orde en veiligheid

159

39

39

115

44

159

3.415

993

4.407

6.023

25%

25% 137%

41

De ontwikkeling van de tarieven Belastingsoort

Tarief 2025

Tarief 2024

OZB voor woningen Tarief eigenaar per WOZ-waarde

0,0947%

0,0958%

Tarief eigenaar per WOZ-waarde

0,3023%

0,2888%

Tarief gebruiker per WOZ-waarde

0,2687%

0,2610%

Éénpersoonshuishouden

249,60

244,80

Meerpersoonshuishouden

284,40

278,40

Lediging per keer 240 L

12,00

12,00

Lediging per keer 140 L

6,00

6,00

Inwerptrommel per keer 60 L

2,40

2,40

Inwerptrommel per keer 30 L

1,20

1,20

Extra emmer groen voor gft-afval

40,80

40,68

Extra emmer grijs voor restafval

158,40

155,64

Extra emmer blauw voor papier

40,80

40,68

Extra emmer oranje voor plasticafval

40,80

40,68

Per object

245,76

237,12

OZB voor niet-woningen

Afvalstoffenheffing

Rioolheffing

Lokale lastendruk Onderstaand overzicht geeft de berekende belastingdruk voor Doetinchem in 2025. Het gaat hierbij om de onroerendezaakbelasting, afvalstoffenheffing en rioolheffing, de zogenaamde gemeentelijke woonlasten. De volgende uitgangspunten golden bij de berekening van de belastingdruk van 2025: • gemiddelde woningwaarde van € 318.000 (2024: € 307.500 + 3,5 %); • één- en meerpersoonshuishoudens. De belastingdruk voor een bewoner die ook eigenaar is ziet er in 2025 als volgt uit: Soort huishouden

OZB

Afval vast

Afval variabel

Riool

Eenpersoonshuishouden

301,15

249,60

18,00 245,76

Meerpersoonshuishouden 301,15

284,40

60,00 245,76

Verlaging belasting

Belasting druk 2025

Belasting druk 2024

n.v.t.

814,51

794,51

n.v.t.

891,31

870,11

In bovenstaand overzicht is rekening gehouden met 5 ledigingen (240 L) per jaar voor een meerpersoonshuishouden en 3 ledigingen (140 L) voor een eenpersoonshuishouden. Dit kan natuurlijk per huishouden afwijken. Het kwijtscheldingsbeleid In de belastingverordeningen is geregeld dat kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen verleend kan worden voor de afvalstoffenheffing, rioolheffing en OZB. Kwijtschelding wordt verleend op basis van de rijksnormen. De kwijtscheldingsnorm is 100 % van de bijstandsnorm. We hebben dit vastgelegd in de Uitvoeringsagenda Armoedebeleid & Schulddienstverlening 2022 – 2024. In onderstaand overzicht wordt inzicht gegeven in de begrote en benutting van de kwijtscheldingsbudgetten. Soort kwijtschelding

Primitieve begroting 2025

Begroting ná wijziging 2025

Realisatie 2025

(bedragen x € 1.000) Afvalstoffenheffing

582

582

591

Rioolheffing

469

469

397

-

-

-

1.051

1.051

987

OZB Totale kwijtschelding

42

De opbrengsten van de gemeentelijke belastingen Het beleid ten aanzien van de gemeentelijke belastingen heeft geleid tot onderstaande belastingopbrengsten voor 2025. De gerealiseerde belastingopbrengsten hebben we vergeleken met de begrote opbrengsten. Belastingsoort (bedragen x € 1.000)

Primitieve begroting 2025

Begroting ná wijziging 2025

Realisatie 2025

Ozb - woningen

8.382

8.608

8.612

Ozb - niet woningen gebruikers

3.007

3.138

3.136

Ozb - niet woningen eigenaren

3.761

4.018

4.002

-

-

-

Toeristenbelasting

95

95

104

Belasting bedrijven investeringszone (BIZ)

214

214

160

Reclamebelasting

395

395

410

Precariobelasting

122

122

119

Parkeerbelastingen

3.557

3.733

3.666

Totaal Algemene dekkingsmiddelen

19.533

20.323

20.210

Afvalstoffenheffing

8.930

9.223

9.239

Rioolrecht

6.839

6.839

6.987

Reinigingsrechten

174

218

218

Marktgelden

182

119

122

Leges - Hoofdstuk I Algemene dienstverlening

1.774

1.313

1.359

Leges - Hoofdstuk II Omgevingsvergunningen

1.994

3.630

4.593

117

53

72

39.543

41.718

42.801

Heffingskorting

Leges - Hoofdstuk III Dienstverlening vallend onder Europese richtlijnen Totale belastingopbrengsten

43

2.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing In deze paragraaf informeren we u over de wijze waarop we in 2025 ons risicomanagement door middel van risicogestuurd werken hebben uitgevoerd. Risicogestuurd werken is onderdeel van de reguliere werkprocessen in de organisatie. De informatie erover gebeurt via college- en raadsvoorstellen en in de documenten van de planning- en controlcyclus. Wat hebben we in 2025 gedaan aan risicogestuurd werken? Naast voldoende buffers in het beschikbare weerstandsvermogen is een goede sturing op en beheersing van de risico’s belangrijk. De jaarlijkse risico analyses zijn uitgevoerd op de processen binnen de gemeente, waarbij ook is gekeken welke (beheers)maatregelen er zijn genomen. Door middel van interne controles is beoordeeld of deze maatregelen in de praktijk ook effectief werken. Om het College van B&W in staat te stellen een rechtmatigheidsverklaring af te kunnen geven, zijn er ook controles uitgevoerd om te beoordelen of er wordt voldaan aan de eisen vanuit wet- en regelgeving met betrekking tot de baten en lasten en balansmutaties. In de risicomanagementtool worden steeds meer controles standaard vastgelegd. In 2026 zal het gebruik van de tool weer verder worden uitgebreid. Doetinchem heeft grote ambities in de ontwikkeling richting het jaar 2036. Dit vraag om investeringen in woningen, economie en voorzieningen.

Om dergelijke grote ruimtelijke en maatschappelijke opgaven te realiseren is een solide basis van interne beheersing van essentieel belang. In 2025 heeft de gemeente weer mooie verbeterslagen gerealiseerd in het verder door ontwikkelen van interne beheersing. Onze accountant geeft aan dat er op dit gebied geen significante tekortkomingen zijn. Het is van belang om inzicht te hebben in de financiële positie (hoe financieel gezond is de gemeente) en de financiële continuïteit (welke mogelijkheden zijn er financieel). Met andere woorden hoe financieel stevig is de gemeente Doetinchem? Het weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen onze weerstandscapaciteit en de financiële risico's. De financiële positie van Doetinchem wordt met een vijftal financiële kengetallen (schuldquote, solvabiliteit, kengetal grondexploitatie, structurele exploitatieruimte en belastingcapaciteit: woonlasten als een percentage van het landelijke gemiddelde) in samenhang met het weerstandsvermogen in beeld gebracht en beoordeeld. Financiële positie De financiële positie is het vermogen van de gemeente in relatie tot de exploitatie en met inachtneming van de risico's. De financiële positie is een breder begrip dan het vermogen, dat kan worden afgeleid van de balans, maar is ook een breder begrip dan het weerstandsvermogen.

Het weerstandsvermogen richt zich op de mogelijkheden tot het opvangen van onverwachte tegenvallers, terwijl de financiële positie ook betrekking heeft op de reguliere exploitatie. Over het jaar 2025 is een positief saldo van inkomsten en uitgaven gerealiseerd en bedraagt het voordelig resultaat € 15,2 miljoen ná resultaatbestemming. Het financieel voordelig jaarresultaat heeft positief doorgewerkt op meerdere niveaus van stevigheid aan de hand waarvan is te beoordelen hoe de gemeente er voor staat. • De begroting 2025 is sluitend gemaakt met een uitname uit de algemene reserve. Ondanks deze uitname bedroeg het structurele begrotingsresultaat voor de jaarschijven 2025, 2026 en 2028 positief en in 2027 nagenoeg nihil. De begroting was hierdoor voldoende stevig. In de realisatie over 2025 zijn de baten hoger dan de lasten, wat resulteert in een voordelig jaarrekeningresultaat.

44

•

•

Bij het opstellen van de begroting werd voor 2025 uitgegaan van een weerstandsratio van 1,53. De weerstandsfactor bij de jaarrekening bedraagt per 1 januari 2026 (ná resultaatbestemming) 2,79. De hogere weerstandsfactor ten opzichte van de begroting is ontstaan doordat de risico’s vanaf de begroting 2025 gelijk zijn gebleven en in de jaren daarna iets zijn afgenomen. De beschikbare weerstandscapaciteit is ondanks de toevoeging vanuit de algemene reserve aan de bestemmingsreserve Investeringsfonds toegenomen. Per saldo resulteert dit in een stijging van de ratio met 1,26. De robuustheid van de balans: Hierbij gaat het onder andere om de omvang van de schulden van de gemeente (netto schuldquote) en de verhouding tussen eigen en vreemd vermogen (solvabiliteit). De financiële kengetallen hebben zich in 2025 in positieve richting ontwikkeld. Met name de schuldquota en de solvabiliteit is beter dan voorgaande jaren. Dit is het gevolg van meerdere incidentele meevallers die leiden tot een hogere algemene reserve. De uitkomsten van de financiële kengetallen worden verderop in deze paragraaf toegelicht Samenvattend is te zeggen dat de financiële positie van de gemeente in 2025 steviger is geworden op basis van het hierboven geschetste beeld. De financiële positie is 'op orde' en toereikend om de risico's op te vangen.

Risicogestuurd werken in 2025: wat werd verwacht en wat is gebeurd? In deze jaarstukken evalueren we in hoeverre de in de begroting 2025 opgenomen risico's zich hebben gemanifesteerd en welke onverwachte risico's realiteit zijn geworden. Dat verantwoorden we in het betreffende programma waarop het risico betrekking heeft, deze paragraaf en/of bij de analyse van het jaarrekeningresultaat 2025. We beperken ons tot de gebeurtenissen met de grootste impact. Toelichting op de ontwikkeling van de risico's in 2025 In de geamendeerde begroting 2025 waren onderstaande risico's beschreven. We schetsen de belangrijkste ontwikkelingen in 2025 bij deze risico's. 1. Sociaal domein Het sociaal domein kent veel taakvelden. Ieder taakveld kent eigen financiële risico’s, deze verschillen sterk in (financiële) omvang. De grootste risico’s zien we terug op het werkgebied van de Jeugdwet, Wmo (inclusief Beschermd Wonen) en de participatiewet en deze zijn ten opzichte van voorgaande jaren niet veranderd. Deze wetten kennen een open-einde regeling, waarbij er maar een beperkte mate van tussentijdse sturing mogelijk is. In de afgelopen jaren zien we de benodigde budgetten voor het BUIGbudget, Jeugdhulp, Wmo en Beschermd Wonen sterk fluctueren. In 2023 hebben we daarbij te maken gehad met een onvoorziene grote prijsstijging binnen de regionale maatwerkcontracten Jeugd en Wmo.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8380/documents/52530