Bijlage 1 Jaarstukken gD 2022 - boekwerk.pdf
Tekst van het document
Bedrijveninvesteringszone (BIZ) Vanaf het belastingjaar 2019 is voor vastgoedondernemers in de binnenstad de BIZ ingevoerd. Het principe is hetzelfde als bij de reclamebelasting, dit betekent dat de opbrengst wordt uitgekeerd aan het ondernemersfonds van de vastgoedondernemers. Alle vastgoedondernemers
52
die eigenaar zijn van een bedrijfspand in het BIZ-gebied betalen een bijdrage om activiteiten en investeringen mogelijk te maken. Dit zijn extra activiteiten naast dat wat de gemeente standaard aan onderhoud en investeringen doet. De BIZ geldt voor vijf jaren. De tarieven worden in deze periode niet gewijzigd. Toeristenbelasting Het doorvoeren van de prijsverhoging van 1,6 % bij de toeristenbelasting zou onwerkbare tarieven met zich meebrengen. De tarieven van de toeristenbelasting zijn daarom niet verhoogd in 2022. Dit betekent dat we in 2022 voor een hotelovernachting € 1,50 in rekening hebben gebracht en voor de overige overnachtingen een bedrag van € 1,00. Bestemmingsheffingen Bestemmingsheffingen zijn belastingen waarvan de opbrengsten zijn bestemd voor specifieke voorzieningen met een duidelijk algemeen belang. Onder deze categorie vallen de afvalstoffenheffing, reinigingsrechten en de rioolheffing. Afvalstoffenheffing en reinigingsrechten Afvalstoffenheffing wordt geheven voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen en reinigingsrechten worden betaald voor het ophalen van bedrijfsafval. De kosten van de afvalinzameling worden gedekt door de opbrengsten uit de afvalstoffenheffing en reinigingsrechten. Dit gebeurt op basis van 100 % kostendekkendheid. Als gevolg van een stijging van de verwerkingstarieven gaan de afvalbeheerskosten de komende jaren omhoog.
Deze stijging geldt voor vrijwel alle Nederlandse gemeenten. Het verbrandingstarief voor restafval gaat ook stijgen. Samen met Buha bv en inspraak van bewoners is een nieuw grondstoffenplan opgesteld. De methode “betalen per lediging van de restafvalcontainer” vormt de basis van dit plan. De afvalbeheerskosten zijn met dit plan lager dan de kosten, die de gemeente gehad zou hebben als de maatregelen uit het grondstoffenplan niet uitgevoerd zouden worden. De kostenstijging van de verwerking- en verbrandingstarieven wordt dus gedempt door de maatregelen uit dit grondstoffenplan. Het grondstoffenplan levert een sterke afname van de hoeveelheid restafval op en daarmee van de verbrandingskosten voor restafval. Dit dempt de verhoging van de afvalbeheerskosten. De verwachte kostenstijging is wel afhankelijk van de mate van stijging van de verwerkingstarieven en de mate van afvalscheiding. Hoe beter de afvalscheiding hoe lager de kosten. In 2022 betaalden inwoners een basistarief van € 238,80 voor éénpersoonshuishouden en € 270,36 voor meerpersoonshuishouden en daarnaast per lediging van een grote restafvalcontainer (240 L) een bedrag van € 10,00 en voor een kleine restafvalcontainer (140 L) een bedrag van € 5,00. Het inzamelen en verwerken van afval, wordt door Buha bv uitgevoerd. Bedrijven betalen een vast bedrag van € 388,80 per jaar.
De btw die we moeten betalen voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen en reinigingsrechten kunnen we verhalen op het btw compensatie fonds. Doordat we deze btw kunnen verhalen zijn alle gemeenten gekort op de algemene uitkering. Op grond hiervan mogen we de btw als last aan de afvalstoffenheffing toe rekenen. De toegerekende btw is weer realistisch toegerekend.
53
Afvalstoffenheffing Taakveld
Lasten
Baten
7.3 Afval
€ 6.964.000 Opbrengsten belastingen
BTW
€ 1.394.000 Overige opbrengsten
6.3 Kwijtschelding
€ 364.000
€ 477.000 Bijdrage uit voorziening
Totaal
Dekking € 8.282.000 € 189.000
€ 8.835.000
€ 8.835.000
100%
Reinigingsrechten Taakveld 7.3 Afval Btw Totaal
Lasten
Baten € 170.000 Opbrengsten belastingen
Dekking € 170.000
€0 € 170.000
€ 170.000
100%
Rioolheffing De gemeente kan uit de rioolheffing naast de zorg voor het riool ook voorzieningen bekostigen die het mogelijk maken in te spelen op de zorg voor het hemel- en grondwater binnen de gemeente. Op 14 april 2016 is het Gemeentelijk Rioleringsplan Doetinchem 2016 – 2020 vastgesteld. Deze is met één jaar verlengd (2016 – 2021). Het beleid en de investeringsplanning rondom riolering, water en klimaatadaptie wordt met ingang van 2022 opgenomen binnen de omgevingsvisie en plannen. In het huidige GRP is bepaald dat het tarief, naast de algemene prijsverhoging, extra moet stijgen de komende jaren (met circa 2 %). Dit doen we om nu en in de toekomst 100% kostendekkend te werken. Het beheer en onderhoud van de riolering wordt eveneens uitgevoerd en ingekocht bij Buha bv. Met de vernieuwde BBV is het vanaf de begroting 2018 verplicht om de omslagrente toe te rekenen aan onze taakvelden. Uitzondering hierop zijn de projectfinancieringen en de GREX. Voor nadere info wordt u verwezen naar de paragraaf financiering. Voor de investering riolering hanteren we een ander rentepercentage dan onze omslagrentepercentage. Dit wordt gedaan, gelet op de lange looptijden met een langdurige financiering. Deze vergoeding is voor 2022 berekend op 3,12 % en is gebaseerd op het historisch gemiddeld rentetarief voor leningen met een looptijd van 20 jaar.
Ten opzichte van 2021 is dit een daling van 0,27 %. Door de positieve ontwikkeling van de voorziening ten opzichte van het vastgestelde GRP 20162021, was het niet nodig om een extra tariefsverhoging door te voeren. Om de voorziening de komende jaren op peil te houden wordt het tarief alleen geïndexeerd met de algemene prijsstijging van 1,6 %. Het tarief voor de rioolheffing in 2022 bedroeg € 223,44 per object.
54
Rioolheffing Taakveld
Lasten
7.2 Riool
Baten € 4.732.000 Opbrengsten belastingen
Storting voorziening
€ 0 Bijdrage voorziening
BTW
€ 681.000
Rente
€ 578.000
6.3 Kwijtschelding
Dekking € 6.200.000 € 212.000
€ 421.000
Totaal
€ 6.412.000
€ 6.412.000
100%
Retributies Retributies worden geheven als de gemeente een specifieke dienst verleent. De leges vormen met het marktgeld de belangrijkste retributies in de gemeente Doetinchem. Marktgeld Ondernemers die een standplaats op de markt innemen moeten hiervoor marktgeld betalen. Uit onderstaande tabel blijkt dat de markt kostendekkend is. In overleg met de marktcommissie is hiertoe besloten. De tarieven blijven daardoor marktconform en in overeenstemming met de tarieven uit regiogemeenten. Marktgeld Taakveld 3.3 Warenmarkt
Lasten
Baten € 122.000 Opbrengsten belastingen
0.4 Overhead
€ 19.000
Totaal
€ 141.000
Dekking € 127.000 € 127.000
90%
Leges De leges zijn belastingen die de gemeente kan heffen voor het verstrekken van diensten. Uitgangspunt bij het vaststellen van de legestarieven is 100% kostendekkendheid. Er mag op begrotingsniveau geen winst worden gemaakt. Kruissubsidiëring in de legesverordening is wel toegestaan. Onder kruissubsidiëring wordt verstaan: het hoger vaststellen van tarieven van leges voor sommige diensten om daarmee de tarieven voor andere diensten laag te kunnen houden. Voor bouwwerken met een lage bouwsom brengen we bijvoorbeeld een tarief in rekening dat niet kostendekkend is. Dit compenseren we met een overdekking bij de grote projecten met een hoge bouwsom.
55
Titel hoofdstuk
Onderwerp
Taakveld
Titel 1
Algemene dienstverlening
1
Burgerlijke stand
0.2 Burgerzaken
€ 105.000
€ 29.000 € 134.000
2
Reisdocument
0.2 Burgerzaken
€ 297.000
€ 67.000 € 364.000 € 362.000
99%
3
Rijbewijzen
0.2 Burgerzaken
€ 166.000
€ 40.000 € 206.000 € 208.000
101%
4
Verstrekkingen uit basisregistratie 0.2 Burgerzaken personen
€ 25.000
€ 8.000
€ 33.000
€ 22.000
67%
5
Verstrekkingen uit het kiezersregister
0.2 Burgerzaken
€0
€0
€0
€0
6
Verstrekkingen op grond van Wet 0.2 Burgerzaken bescherming persoons-gegevens
€0
€0
€0
€0
7
Bestuurs-stukken
0.4 Overhead
€0
€0
€0
€0
8
Vastgoedinformatie
0.2 Burgerzaken
€0
€0
€0
€0
9 t/m 19
Diversen
2.2 Parkeren
€ 25.000
€ 4.000
€ 29.000
€ 26.000
90%
€ 618.000 € 148.000 € 766.000 € 711.000
93%
Subtotaal Titel 2
Omgevingsvergunning
8.3 Wonen en bouwen
Titel 3
Dienstverlening vallend onder Europese Dienstenrichtlijn
1.2 Openbare orde en veiligheid
Totaal
Aan leges toe te Overhead Lasten rekenen lasten (incl totaal rente en btw)
€ 1.378.000 € 607.000
€ 91.000
Baten
€ 93.000
69%
€ € 1.985.000 2.205.000
€ 27.000 € 118.000
€ 2.087.000 € 782.000
Dekking
111%
€ 31.000
26%
€ € 2.869.000 2.947.000
103%
Belangrijkste tarieven Overzicht van de belangrijkste tarieven voor 2022 Belastingsoort
Tarief 2022
OZB voor woningen -
Tarief eigenaar per WOZ-waarde
0,1098%
OZB voor niet-woningen -
Tarief eigenaar per WOZ-waarde
0,2721%
-
Tarief gebruiker per WOZ-waarde
0,2551%
Afvalstoffenheffing -
Éénpersoonshuishouden
€ 238,80
-
Meerpersoonshuishouden
€ 270,36
-
Extra emmer groen voor gft-afval
€ 38,64
-
Extra emmer grijs voor restafval
€ 147,96
-
Extra emmer blauw voor papier
€ 38,64
-
Extra emmer oranje voor plasticafval
€ 38,64
Rioolheffing -
Per object
€ 223,44
Hondenbelasting -
1 hond
€ 26,16
-
2 honden
€ 65,40
56
Lokale lastendruk Onderstaand overzicht geeft de berekende belastingdruk voor Doetinchem in 2022. Het gaat hierbij om de onroerendezaakbelasting, afvalstoffenheffing en rioolheffing, de zogenaamde gemeentelijke woonlasten. De volgende uitgangspunten golden bij de berekening van de belastingdruk van 2022: • Gemiddelde woningwaarde van € 256.000; • Eén- en meerpersoonshuishoudens. De belastingdruk voor een bewoner die ook eigenaar is ziet er in 2022 als volgt uit. In onderstaand overzicht is rekening gehouden met 5 ledigingen (240 L) per jaar voor een meerpersoonshuishouden en 3 ledigingen (140 L) voor een eenpersoonshuishouden. Dit kan natuurlijk per huishouden afwijken. Jaar
Soort huishouden
OZB
Afval vast
Afval variabel
Riool
Totaal
2022 Eenpersoonshuishouden
€ 281,09
€ 238,80
€ 15,00
€ 223,44
€ 758,33
2022 Meerpersoonshuishouden
€ 281,09
€ 270,36
€ 50,00
€ 223,44
€ 824,89
Kwijtscheldingsbeleid In de belastingverordeningen is geregeld dat kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen verleend kan worden voor de afvalstoffenheffing, rioolheffing en OZB. Kwijtschelding wordt verleend op basis van de rijksnormen. De kwijtscheldingsnorm is 100% van de bijstandsnorm. We hebben dit vastgelegd in het beleidsplan armoedebeleid 2018 - 2022. In onderstaand overzicht wordt inzicht gegeven in de begrote en benutting van de kwijtscheldingsbudgetten. Hierbij wordt rekening gehouden met kwijtschelding als gevolg een aanpassing van de momenteel geldende vermogenstoets en de mogelijkheid tot kwijtschelding voor zzp’ers. De kosten voor kwijtschelding worden gedekt door een opslag op de tarieven voor afvalstoffenheffing en rioolheffing. Soort kwijtschelding
Rekening 2022
Begroting 2022
Kwijtschelding afvalstoffenheffing
€ 477.000
€ 550.000
Kwijtschelding rioolheffing
€ 421.000
€ 443.000
€ 2.000
€ 0,00
Kwijtschelding OZB
De opbrengsten van de gemeentelijke belastingen Het beleid ten aanzien van de gemeentelijke belastingen heeft geleid tot onderstaande belastingopbrengsten voor 2022. De gerealiseerde belastingopbrengsten hebben we vergeleken met de begrote opbrengsten.
57
Belastingsoort
Rekening 2022
Begroting 2022
OZB -
Eigenaar Gebruiker
woningen
€ 7.614.000
€ 7.580.000
niet woningen
€ 3.275.000
€ 3.266.000
niet woningen
€ 2.773.000
€ 2.717.000
Afvalstoffenheffing en reinigingsrechten
€ 8.452.000
€ 8.590.000
Rioolheffing
€ 6.200.000
€ 6.084.000
Hondenbelasting
€ 149.000
€ 125.000
Parkeerbelastingen
€ 2.869.000
€ 3.284.000
Precariobelasting
€ 118.000
€ 111.000
Reclamebelasting
€ 392.000
€ 363.000
Baatbelasting Belasting bedrijven investeringszone (BIZ)
€ 4.000
€0
€ 178.000
€ 197.000
Toeristenbelasting
€ 84.000
€ 75.000
Marktgeld
€ 127.000
€ 155.000
Leges -
Algemene dienstverlening
-
Omgevingsvergunning
-
Dienstverlening vallend onder Europese richtlijn
€ 837.000
€ 863.000
€ 2.205.000
€ 1.710.000
€ 31.000
€ 86.000
58
2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Wat hebben we in 2022 gedaan aan risicogestuurd werken? In deze paragraaf informeren we u over de wijze waarop we in 2022 ons risicomanagement door middel van risicogestuurd werken hebben uitgevoerd. Risicogestuurd werken is onderdeel van de reguliere werkprocessen in de organisatie. De informatie erover gebeurt via college- en raadsvoorstellen en in de documenten van de planning- en controlcyclus. Veel onderwerpen hadden in 2022 bijzondere aandacht. Hoewel de coronacrisis op zijn retour lijkt, stapelden andere crises, zoals de klimaat-, vluchtelingen, energie- en economische crisis, zich in snel tempo op. Ook de oorlog in Oekraïne had (en heeft) een enorme impact op ons dagelijks leven. In het vervolg van deze paragraaf informeren we u over deze onderwerpen. Het is van belang om inzicht te hebben in de financiële positie (hoe financieel gezond is de gemeente) en de financiële continuïteit (welke mogelijkheden zijn er financieel). Met andere woorden hoe financieel stevig is de gemeente Doetinchem? Het weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen onze weerstandscapaciteit en de financiële risico's.
De financiële positie van Doetinchem wordt met een vijftal financiële kengetallen (schuldquote, solvabiliteit, kengetal grondexploitatie, structurele exploitatieruimte en belastingcapaciteit: woonlasten als een percentage van het landelijke gemiddelde) in samenhang met het weerstandsvermogen in beeld gebracht en beoordeeld. Financiële positie De financiële positie is het vermogen van Doetinchem in relatie tot de exploitatie en met in achtneming van de risico’s. De financiële positie is een breder begrip dan het vermogen, dat kan worden afgeleid van de balans, maar is ook een breder begrip dan het weerstandsvermogen. Het weerstandsvermogen richt zich op de mogelijkheden tot het opvangen van onverwachte tegenvallers, terwijl de financiële positie ook betrekking heeft op de reguliere exploitatie. Over het jaar 2022 is een positief saldo van inkomsten en uitgaven gerealiseerd en bedraagt het voordelig jaarresultaat € 9.851.000 na resultaatsbestemming. Het financieel voordelig jaarresultaat heeft positief doorgewerkt op meerdere niveaus van stevigheid aan de hand waarvan is te beoordelen hoe de gemeente er voor staat. • Vanaf de begroting 2022 werden ruim sluitende jaarschijven gepresenteerd. Hierbij was reeds rekening gehouden met de mogelijke nadelige effecten van de herverdeling van het gemeentefonds voor Doetinchem.
Hierdoor hebben wij er voor gezorgd dat de basis van de meerjarenbegroting op orde bleef. De begroting was voldoende stevig. In de realisatie over 2022 zijn de baten hoger dan de lasten, wat resulteert in het voordelige jaarresultaat. • Bij het opstellen van de begroting werd voor 2022 uitgegaan van een weerstandsfactor van 2,08. De weerstandsfactor bij de jaarrekening per 1 januari 2023 is 2,49. Deze hogere weerstandsfactor ontstaat vooral doordat de beschikbare weerstandscapaciteit (de buffers voor risico’s) hoger is. Verderop in deze paragraaf wordt dit toegelicht. • De robuustheid van de balans: Hierbij gaat het onder andere om de omvang van de schulden van de gemeente (netto schuldquote) en de verhouding tussen eigen en vreemd vermogen (solvabiliteit). De financiële kengetallen hebben zich in 2022 in positieve richting ontwikkeld. Met name de solvabiliteit is hoger dan voorgaande jaren. Dit is het gevolg van meerdere incidentele meevallers die leiden tot een hogere algemene reserve. De uitkomsten van de financiële kengetallen worden verderop in deze paragraaf toegelicht
59
Samenvattend is te zeggen dat de financiële positie van de gemeente in 2022 steviger is geworden op basis van het hierboven geschetste beeld. De financiële positie is 'op orde' en toereikend om de risico’s op te vangen. Risicogestuurd werken in 2022: wat werd verwacht en wat is gebeurd? In deze jaarstukken evalueren we in hoeverre de in de geamendeerde begroting 2022 opgenomen risico's zich hebben gemanifesteerd en welke onverwachte risico's realiteit zijn geworden. Dat verantwoorden we in het betreffende programma waarop het risico betrekking heeft, deze paragraaf en/of bij de analyse van het jaarrekeningresultaat 2022. We beperken ons tot de gebeurtenissen met de grootste impact. Toelichting op de ontwikkeling van de risico's in 2022 In de geamendeerde begroting 2022 waren onderstaande risico's beschreven. We schetsen de belangrijkste ontwikkelingen in 2022 bij deze risico's. 1a. Sociaal domein - structureel Binnen het sociaal domein zijn er veel factoren, die grote invloed kunnen hebben op de ontwikkeling van de zorgvraag en daarmee de uitnutting van het budget. Het was lastig te voorspellen welke impact de coronacrisis, het opheffen van alle maatregelen begin dit jaar, de nieuwe inkoopsystematiek, de veranderingen rondom beschermd wonen en maatschappelijke opvang en de Rijksontwikkelingen hadden op de ontwikkeling van de zorgvraag.
De bijstellingen van de begroting in de eerste bestuurlijke monitor 2022 hebben er in geresulteerd dat er bij de jaarstukken in relatie tot de financiële omvang van het sociaal domein geen noemenswaardige afwijkingen zijn ontstaan. Op de onderdelen participatie, woon- rolstoel- en vervoersvoorzieningen en jeugdhulp ontstonden kleine nadelen. Voor een toelichting wordt verwezen naar het resultaat op het sociaal domein in de jaarrekening. 1b. Sociaal domein - lokale implementatie vernieuwde inkoop 2022 - incidenteel In 2021 is na het opstellen en vaststellen van de begroting 2022 door vertraging in de aanbestedingsprocedure en de mogelijk hieruit voorvloeiende juridische risico’s, regionaal besloten de nieuwe regionale inkoop Sociaal Domein Achterhoek met een half jaar uit te stellen van 1 januari naar 1 juli 2022. Dit half jaar uitstel heeft, mede doordat de prijzen in het zorgdomein fors waren toegenomen, behoorlijke financiële consequenties voor onze begroting, waarin rekening was gehouden met een inkoop per 1 januari 2022. Tezamen had dit naar verwachting een negatieve impact op onze begroting van totaal € -3.300.000. In de realisatie zijn op de inkoop geen grote afwijkingen ontstaan. Wel wordt er voorgesteld om te reserveren voor de afrekening die nog moet plaatsvinden binnen de afgesproken bandbreedtes. 2.
Verbonden partijen Op grond van de BBV wordt de lijst van verbonden partijen onderverdeeld in: gemeenschappelijke regelingen, vennootschappen en coöperaties, stichtingen en verenigingen en overige verbonden partijen. In de paragraaf verbonden partijen is een nadere toelichting per verbonden partij opgenomen. Een aantal verbonden partijen zien financiële uitdagingen door inflatie (met name op energiekosten en lonen), waarbij de verwachting is dat deze prijsontwikkeling zich in 2023 voortzet. 3. Ontwikkellocaties: grondexploitaties en gebiedsontwikkelingsprojecten In de paragraaf grondbeleid van deze jaarstukken en het MPO 2022 wordt u uitgebreid geïnformeerd over de resultaten en ontwikkelingen van de grondexploitaties en
60
gebiedsontwikkelingen. Het MPO wordt gelijktijdig met de jaarstukken 2022 aan uw raad voorgelegd. De resultaten 2022 uit het MPO zijn in het rekeningresultaat van deze jaarstukken verwerkt. 4. Garanties en leningen Bij de garanties en geldleningen staat de gemeente onder meer garant voor een lening van de SAZA Topsporthal. De gemeente is ook in 2022 als borgsteller aangesproken voor betaling van de rente termijnen tot een totaalbedrag van € 68.252. Dit bedrag is meegenomen in het resultaat 2022 (SAZA) in deze jaarstukken. De SAZA Topsporthal maakte bij de start geen onderdeel uit van het Sportbedrijf Doetinchem BV die per 1 januari 2021 van start is gegaan. Sinds 2020 is de gemeente Doetinchem in gesprek met het bestuur van Stichting Achterhoekse Zaalsport Accommodatie (SAZA) over de toekomst van de Topsporthal. Op 22 maart 2022 is de raad geïnformeerd over een tussenstap tot de overgangsdatum van 1 januari 2024. Dit houdt in dat Sport-ID toetreedt tot het bestuur van de stichting. Daarnaast hebben we een dienstverleningsovereenkomst tussen ons als gemeente en de stichting opgesteld. Door middel van college- en raadsbesluiten zijn middelen vrijgemaakt voor de Topsporthal en is de exploitatieverantwoordelijkheid bij Sport-ID neergelegd. Er zijn afspraken gemaakt dat toekomstige aflossings- en rentebetalingen worden voldaan. 5.
Subsidies van derden In 2022 hebben zich geen risico's voorgedaan bij subsidies van derden. 6. Gemeentefonds: reguliere risico's De ontwikkelingen van het gemeentefonds worden verantwoord in het programma Organisatie en financiën. De afwijkingen in de algemene uitkering worden daar nader toegelicht. De afwijkingen als gevolg van de meicirculaire 2022 zijn verwerkt in de 2e bestuurlijke monitor 2022. De afwijkingen 2022 uit de september- en decembercirculaire 2022 zijn in de jaarrekening 2022 verantwoord. 7. Algemene basis algemene reserve onvoorziene risico's Niet alle risico's kunnen worden voorzien of met ramingen worden onderbouwd. We houden voor dergelijke risico's een basisreserve aan. Daarom hanteren we een algemene basis in onze algemene reserve voor onvoorziene risico's van twee miljoen. Uit deze algemene basis dekken we ook de risico's voor kapitaallasten en lopende procedures als specifieke risico's. Kapitaallasten Bij de kapitaallasten hebben zich in 2022 geen risico's voorgedaan. In de tweede bestuurlijke monitor er een voordeel genomen op de investeringslasten van per saldo € 913.000. Dit was de resultante van investeringen die een langere doorlooptijd hebben dan financieel begroot. Als gevolg hiervan wordt later begonnen met afschrijven en vallen de hiervoor begrote lasten vrij.
De betreffende investering zijn op het gebied van beheer en onderhoud van wegen, overhead (ICT) en aanvalsplan binnenstad. Het later uitgeven van geld betekent dat we minder hoefden te lenen. Daarnaast konden we goedkoper lenen. De hierdoor verwachte voordelen zijn ingezet om de onttrekkingen aan het vastgoedfonds realistisch te maken. Er is in de toelichting op de kapitaallasten een te verwaarlozen nadeel van € 7.000,- verantwoord in het programma Organisatie en financiën. Handhavingstraject Voltastraat 86A In 2022 zijn de aan de Voltastraat 86A opgeslagen vloeistoffen met PFAS afgevoerd naar een erkende afvalverwerker en zijn de silo's ontmanteld. De volgende stap is de bodemsanering. De
61
kosten van met name de grondwatersanering zijn nog moeilijk te kwantificeren. Ondanks dat de dekking van de kosten vooralsnog grotendeels uit subsidie komt, blijft de kans bestaan dat de gemeente een deel van de kosten voor haar rekening moet nemen. Verder worden de kosten zoveel als mogelijk verhaald. Echter of, en in welke mate dit gaat lukken, is nog niet te voorspellen (zie raadsmededeling: 2023-31). Behandeltijd Registratie Niet-ingezetenen (RNI) Door de verplichte wijziging in het werkproces is de behandeltijd van een inschrijving verdubbeld. Voor 2022 was de verwachting dat het totaal aantal inschrijvingen aanzienlijk lager zou liggen. In 2022 zijn er echter meer arbeidsmigranten ingeschreven dan in 2021. Het gaat hierbij om een toename van 2423 arbeidsmigranten. Ook heeft het ministerie de vergoeding per inschrijving verhoogd van € 26,55 naar € 31,00, waardoor de opbrengst (€ 384.610) € 92.560 hoger is dan de prognose (€ 292.050). Naheffing Belastingdienst Afvalbrengpunt De extra kostenpost ziet op de btw-component van het door de Belastingdienst nageheven bedrag over de inkomsten van het afvalbrengpunt.
De Belastingdienst heeft aangegeven dat de btw niet verrekend kan worden, terwijl de gemeente zich op het standpunt heeft gesteld dat deze btw door de gemeente Doetinchem kan worden gecompenseerd uit het btwcompensatiefonds (BCF) in verband met inzameling huishoudelijk afval. De btw is door de gemeente Doetinchem verrekend in de opgaaf BCF 2022. De Belastingdienst is hiervan op de hoogte gebracht. Mogelijk dat hiervoor een correctie wordt opgelegd. Het gaat om een bedrag van € 174.000. 8. Risico's i.v.m. landelijke, regionale en plaatselijke beleidsontwikkelingen In de begroting 2022 zijn hierin onzekerheden genoemd zoals de invoering van de omgevingswet, aanvullende taakstellingen op de jeugd en investeringen in verband met de bestuurlijke ambities en plaatselijke ontwikkelingen. Op deze onderwerpen hebben zich in 2022 geen risico's voorgedaan. De invoeringsdatum van de Omgevingswet is uitgesteld naar 1 januari 2024. Gedurende het jaar 2022 hebben we voor de begroting 2023 ook een aantal risico's geïdentificeerd, die nog niet waren opgenomen in de begroting 2022. Het gaat hier om de risico's (zie begroting 2023): • Belastbaarheid leningen; • Rentestijgingen; • Loon - en prijsontwikkelingen; • Databeveiliging; • Onvolledige compensatie door het Rijk van de opvang voor vluchtelingen; • Legesderving als gevolg van de implementatie van de omgevingswet.
De genoemde risico's hebben met uitzondering van de loon- en prijsontwikkelingen en de compensatie door het Rijk van de opvang van vluchtelingen geen effect gehad op de resultaten van de jaarrekening. Bij de tweede bestuurlijke monitor 2022 was een stelpost opgenomen voor de enorm gestegen prijzen als gevolg van de coronacrisis, de ontwikkelingen in wereldeconomie, de oorlog tussen Rusland en Oekraïne en de sancties tegen Rusland. Met name werd ingeschat dat de energieprijzen, maar ook de prijzen van vele andere grondstoffen en producten zouden stijgen. Dit zou met name gevolgen hebben voor de producten en diensten die de gemeente inkoopt, en voor bijvoorbeeld de grondexploitatie- en ruimtelijke projecten en de infrastructurele investeringen. Ondanks onze inschattingen is gebleken, dat de gevolgen beperkt zijn geweest voor onze gemeentebegroting en kunnen deze middelen grotendeels
62
vrijvallen ten gunste van de algemene reserve. Doetinchem draagt zijn steentje bij de opvang van asielzoekers en Oekraïners. We hebben forse bedragen uitgegeven voor de opvang van ontheemden en vluchtelingen, waarvan er veel onduidelijkheden waren omtrent de compensatie van het Rijk. Bij het opstellen van deze jaarrekening is gebleken dat we voldoende zijn gecompenseerd voor de kosten die we hebben gemaakt voor de opvang. Echter ook het komende jaar blijven we kosten maken. We weten nog niet of de vergoedingen van het Rijk op termijn naar beneden worden bijgesteld of dat onze kosten als gevolg van de loon- en prijsontwikkelingen verder zullen toenemen. Derhalve wordt voorgesteld om het voordeel toe te voegen aan de reserve crisisherstelfonds. Mede omdat andere crises zich in een hoog tempo opstapelden is bij de eindwijziging 2022 besloten om het doel van de bestemmingsreserve corona te verbreden naar een crisisherstelfonds. De middelen kunnen vanuit deze reserve breder voor verschillende crises worden ingezet. Fraude Binnen onze gemeente is er aandacht voor frauderisico’s en de preventie daarvan. Op dit moment wordt er een interne frauderisicoanalyse opgesteld. Dit zal inschatting zijn van de frauderisicofactoren. Op dit moment zijn er geen signalen dat er sprake is van fraude.
Relevante gebeurtenissen na 2022 Op 6 februari 2023 vond in de nacht een zware aardbeving plaats in delen van Zuid-Turkije en Noord-Syrië. De aardbeving veroorzaakte een humanitaire ramp van enorme omvang. Het verlies van grote aantallen naasten en het perspectief van jarenlang werken aan de wederopbouw is bijna onvoorstelbaar. Deze ramp heeft ook zijn doorwerking in Nederland en in onze gemeente. De gemeente Doetinchem heeft daarom besloten om één euro per inwoner bij te dragen aan Giro555, wat neerkomt op een bedrag van afgerond € 60.000. Dit bedrag is ten laste van het budget onvoorzien gebracht in 2023. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen onze weerstandscapaciteit (algemene reserve en de stelpost onvoorziene uitgaven) en de financiële risico’s. Die verhouding drukken we uit in de ratio van ons weerstandsvermogen. Sinds de begroting 2022 geldt dat de ondernorm van de ratio bepaald is op 1,0 en de bovennorm op 1,5. In de begroting 2022 werd geconstateerd bij confrontatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de berekende benodigde weerstandscapaciteit, dat de gemeente Doetinchem in 2022 met een weerstandsratio van 2,08 over voldoende weerstandsvermogen zou beschikken. Onderstaand treft u het bij de begroting 2023 geïnventariseerde risicoprofiel aan, dat in de Kadernota 2024 wordt geactualiseerd:
63
Nr
Risico's
2023
2024
2025
2026
€ 5.000
€ 5.000
€ 5.000
€ 5.000
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
€ 1.800
€ 1.800
€ 1.800
€ 1.800
4 Garanties & leningen
€ 890
€ 890
€ 890
€ 890
5 Belastbaarheid leningen
€ 50
€ 50
€ 50
€ 50
6 Rentestijgingen
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
7 Subsidies van derden
€ 250
€ 250
€ 250
€ 250
8 Gemeentefonds: reguliere risico's
€ 700
€ 700
€ 700
€ 700
€ 2.000
€ 2.000
€ 2.000
€ 2.000
Bedragen x € 1.000,1 Sociaal domein (inclusief BUIG) 2 Verbonden partijen (GR's en BV's gD) 3 Ontwikkellocaties (grexen en gebiedsontwikkelingen)
9 Algemene basis AR onvoorziene risico's, w.o. kapitaallasten, lopende procedures 10 Loon- prijsontwikkelingen
€ 2.300
€ 2.300
€ 2.300
11 Data-beveiliging
€ 1.000
€ 1.000
€ 1.000
€ 1.000
12 Onvolledige compensatie door het Rijk voor de opvang van vluchtelingen
€ 1.000
€ 1.000
€ 1.000
€ 1.000
€ 500
€ 500
€ 500
€ 500
€ 2.000
€ 2.000
€ 2.000
€ 2.000
13 Leges derving a.g.v. implementatie omgevingswet 14 Risico's i.v.m. landelijke en regionale beleidsontwikkelingen Totaal gekwantificeerde risico's
€ 16.190 € 18.490 € 18.490 € 18.490
De weerstandscapaciteit per 1-1-2023 verbetert door de toevoeging van het resultaat van ruim € 10 miljoen aan de algemene reserve. Weerstandscapaciteit
2023
2024
2025
2026
Bedragen x € 1.000,Algemene reserve (stand per 1-1) Stelpost incidentele onvoorziene uitgaven Rekeningresultaat 2022
€ 30.532
€ 40.847
€ 40.927
€ 41.007
€ 20
€ 80
€ 80
€ 80
€ 10.295 -
Totale beschikbare weerstandscapaciteit
€ 40.847
-
-
€ 40.927
€ 41.007
€ 41.087
* In 2023 is de bijdrage van de gemeente Doetinchem van één euro per inwoner aan Giro555, wat neerkomt op een bedrag van afgerond € 60.000 voor de slachtoffers van de aardbeving in Turkije en Syrië ten laste van het budget onvoorzien gebracht. Wanneer we de omvang van risico’s afzetten tegen de beschikbare weerstandscapaciteit, dan blijkt dat onze weerstandscapaciteit ten opzichte van de begroting 2022 in de komende jaren verbeterd. Bij de Kadernota 2024 wordt deze opnieuw berekend. Verhouding gewenst versus beschikbaar weerstandsvermogen
2023
2024
2025
2026
Totaal gekwantificeerde risico's per 1-1
€ 16.190
€ 18.490
€ 18.490
€ 18.490
Totale beschikbare weerstandscapaciteit per 1-1
€ 40.847
€ 40.927
€ 41.007
€ 41.087
2,52
2,21
2,22
2,22
Bedragen x € 1.000,-
Ratio weerstandsvermogen
Financiële kengetallen De vijf financiële kengetallen zijn vastgesteld in het BBV. De berekeningswijze is vastgelegd in een ministeriële regeling. Omdat de rente en schulden van verstrekte leningen en
64
grondvoorraden niet drukken op onze begroting hebben we aan de verplichte kengetallen het kengetal 'netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen' (1a) en het kengetal 'solvabiliteitsratio exclusief verstrekte leningen en grondvoorraden' (2a) toegevoegd. Hieronder leest u een overzicht van de financiële kengetallen. Vervolgens geven we een toelichting bij ieder kengetal. Financiële kengetallen
Rekening 2021
Begroting 2022
Rekening 2022
1. Netto schuldquote
67%
86%
56%
1a. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
62%
81%
51%
2. Solvabiliteitsratio
23%
20%
30%
2a. Solvabiliteitsratio exclusief verstrekte leningen en grondvoorraden
28%
24%
36%
3. Kengetal grondexploitatie
14%
19%
13%
4. Structurele exploitatieruimte
1,82%
2,87%
10,02%
5. Belastingcapaciteit: woonlasten als % van landelijk gemiddelde
101%
100%
91%
Toelichting op de financiële kengetallen De vijf kengetallen zijn vastgelegd in het Besluit begroting en verantwoording (BBV); hun berekeningswijze is vastgelegd in een ministeriële regeling. Twee belangrijke factoren nuanceren het beeld. Ten eerste kan een grote portefeuille uitgeleende gelden aan derden en aan verbonden partijen het beeld vertekenen. Ten tweede kunnen grote voorraden bouwgrond (inclusief bouwgrond in exploitatie) het beeld vertekenen. Bij de uitgeleende gelden wordt de rente doorberekend. Met de ontvangen aflossing van het uitgeleende geld wordt onze schuld afgelost. Bij de voorraden bouwgrond wordt onder normale condities de rente van de financiering voor de aankoop bijgeschreven bij de voorraad. De rente drukt zodoende niet op de exploitatie. Bij de verkoop van de kavels worden de rentekosten van deze schulden goed gemaakt. Ook worden met de verkoopopbrengsten de leningen afgelost. Netto schuldquote Bij de netto schuldquote worden alle schulden, verminderd met geldelijk bezit, afgezet tegen alle inkomsten minus de reserve mutaties. De omvang van de inkomsten bepaalt in belangrijke mate hoeveel schulden een gemeente kan dragen. Een lagere netto schuld in combinatie met een hogere inkomsten zorgt voor een lagere schuldquote ten opzichte van de begroting.
In 2022 hoefden we minder te lenen dan begroot enerzijds doordat de kredieten nog niet volledig zijn uitgegeven anderzijds doordat we geld hebben over gehouden in onze begroting. Hierdoor hoefde er minder geleend te worden. De hogere inkomsten ontstaan onder andere door verkoop gronden en ontvangen subsidies of uitkeringen. Een deel van onze schuld zijn we aangegaan om deze vervolgens door te lenen. Daarom wordt ook de netto schuldquote berekend gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen. De provincie Gelderland geeft de volgende norm: zodra de netto schuldquote boven 130 % is, is sprake van een zeer hoge schuld. Is de quote hoger dan 100%, dan is waakzaamheid geboden. Tot 100 % is deze voldoende. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio is het eigen vermogen afgezet tegen het balanstotaal (eigen en vreemd vermogen samen). Het cijfer geeft weer in hoeverre gemeentelijke bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Wanneer we het balanstotaal zouden verlagen door grondverkopen en/of door aflossingen van verstrekte leningen waarmee onze schulden kunnen worden afgelost, dan wijzigt de solvabiliteitsratio. De provincie Gelderland acht een solvabiliteit lager dan 20 % risicovol, tussen 20 % en 50 % voldoende en boven 50 % minst risicovol.
65
Kengetal grondexploitaties Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de boekwaarde van de grondpositie is ten opzichte van de jaarlijkse baten van de gehele gemeentebegroting. Gemeenten met gronden met een lage boekwaarde lopen minder risico dan gemeenten met een hoge boekwaarde. De provincie Gelderland stelt geen norm voor dit kengetal. Alleen de boekwaarde afgezet tegen de totale baten zegt immers weinig. Om te kunnen beoordelen of een gemeente goed scoort met haar grondbedrijf, moeten ook afzetprognoses en getroffen voorzieningen beoordeeld worden. Wij doen de beoordeling en bijstelling jaarlijks via het Meerjarenperspectief Ontwikkellocaties (MPO) en onze accountant beoordeelt deze vanuit zijn verantwoordelijkheid. Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de begroting is. Ook geeft het aan of de gemeente in staat is om structurele tegenvallers op te vangen en/of er ruimte is voor nieuw beleid. Voor de berekening zoals die nu is voorgeschreven moeten we het saldo van structurele baten en lasten delen door de totale baten minus de onttrekking aan de reserves. Het kengetal moet hierdoor minimaal groter dan 0 zijn, anders duidt dit op een tekort in de structurele ruimte.
Belastingcapaciteit: woonlasten als percentage van het landelijk gemiddelde Bij dit kengetal worden de Doetinchemse woonlasten van een gezin bij gemiddelde WOZwaarde afgezet tegen het landelijk gemiddelde tarief van het jaar vóór het begrotingsjaar. Het gaat om de woonlasten: OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing. Aanpassingen van deze belastingen beïnvloeden het percentage van de belastingcapaciteit. Het veranderen of vervallen van de hondenbelasting heeft geen invloed op dit kengetal. Is het kengetal lager dan 100%, dan zijn de woonlasten in Doetinchem lager dan gemiddeld in Nederland.
66
3. Onderhoud kapitaalgoederen
Inleiding Buha is de verbonden uitvoeringsorganisatie van de gemeente Doetinchem als het gaat om het beheer en onderhoud van de openbare ruimte. Op basis van de gemaakte afspraken tussen opdrachtgever (gemeente Doetinchem) en opdrachtnemer (Buha BV) (OGON) worden de kapitaalgoederen onderhouden volgens de samenwerkingsovereenkomst en bijhorende dienstenkaarten. Waar gaat deze paragraaf over? Kapitaalgoederen zijn goederen waarvoor investeringen nodig zijn. Het gaat om zaken die regelmatig onderhoud vergen, zoals wegen, gebouwen, groen, riolering en watervoorziening. Het onderhouden van kapitaalgoederen is van groot belang voor het zo optimaal mogelijk functioneren van de gemeente, onder meer op het gebied van leefbaarheid, veiligheid, vervoer en recreatie. Overzicht beheerplannen voor begrotingsjaar 2022 Vastgesteld in
Looptijd t/m
Wegen
Beheerplannen
2021
2031
Riolering
2022
2025
Groen
2017
2027
Gebouwen
2015
2021*
Civieltechnische kunstwerken
2020
2021*
Openbare verlichting
2022
2027
*Het meerjaren onderhoudsplan gebouwen en beheerplan de civieltechnische kunstwerken worden in 2023 geactualiseerd.
Kapitaalgoed wegen Te onderhouden kapitaalgoederen De omvang van het gemeentelijke wegennet bedraagt ongeveer 3.700.000 m2 verharding. • 53 % elementenverhardingen (betontegels en klinkerverhardingen); • 42 % asfalt; • 1 % cementbeton • 4 % half- en onverhard (zandwegen in het buitengebied). Het beleidskader De beleidskaders: • Wegenbeleidsplan 2021-2031; • Mobiliteitsvisie 2016-2026; • Uitvoeringsprogramma mobiliteit; • Wegcategoriseringplan 2009; • Nota Verkeerslichten 2013; • Beheerplan Verkeersinstallaties 2016; • Richtlijnen, normen en instrumenten voor het wegontwerp van het Centrum voor regelgeving en Onderzoek in de Grond- water en Wegenbouw en de Verkeerstechniek (CROW). De leidraad voor onderhoud van de wegen is de systematiek voor rationeel wegbeheer van het Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond- water en Wegenbouw en de Verkeerstechniek (CROW). Jaarlijks houden we een weginspectie en wordt een meerjarig
67
beheer- en onderhoudsplan opgesteld. In het beheerplan wegen wordt jaarlijks aangegeven welk onderhoud uitgevoerd is, wat de kwaliteit is van het wegennet en welke onderhoudsmaatregelen met bijbehorende financiën de komende jaren uitgevoerd worden. Het nieuwe beleidsplan Wegen is in 2021 aan het college van burgemeester en wethouders en de raad voorgelegd en vastgesteld. Daarnaast is er een amendement aangenomen om ook de elementenverharding op het kwaliteitsniveau basis te onderhouden. Door het toegekende extra budget is de verwachting dat de kwaliteit van de wegen weer zal gaan toenemen. Financiële consequenties in de begroting De raad heeft het beleidsplan wegen vastgesteld in 2021. Hiermee is er in 2022 € 100.000,- extra beschikbaar ten opzichte van 2021. Daarnaast is er een amendement elementenverharding aangenomen. Hiermee is een extra budget van € 278.775,- beschikbaar voor onderhoud elementenverharding. Stand van zaken planuitvoering begroting 2022 De uitvoering van het reguliere onderhoud wegen loopt volgens planning. Verder zijn de volgende werkzaamheden uitgevoerd: • Keppelseweg; • Broekstraat Doetinchem; • Beekstraat; • Berkelaarlaan; • Varkensweide; • Slagenweg; • Fokkenkampseweg; • Onderhoud markeringen; • Onderhoud puin- en zandwegen.
Kwalitatieve indicatoren voor kapitaalgoed wegen Product wegen Kwaliteit totaal areaal verhardingen Norm CROW totaal areaal verhardingen Kwaliteit areaal asfaltverhardingen Norm CROW asfaltverhardingen Kwaliteit areaal elementenverhardingen Norm CROW elementenverhardingen
Voldoende
Matig
Onvoldoende
92%
2%
6%
77-87%
9-14%
4-9%
89%
4%
7%
75-85%
10-15%
5-10%
93%
1%
6%
80-90%
7-12%
3-8%
Voor het totale areaal wegen is geen sprake van achterstallig onderhoud. Echter we zien dat 7% van het asfaltareaal onvoldoende van kwaliteit is. Dit percentage is ten opzichte van 2021 met 1% gedaald. Dit valt binnen de normen die het CROW daaraan stelt (5-10%). Bij het nieuwe beleidsplan Wegen 2021-2031 is extra onderhoudsbudget toegekend om het onderhoudsniveau van de infrastructuur op peil te houden en te voorkomen dat onveilige situaties of kapitaalvernietiging ontstaat.
Kapitaalgoed riolering Te onderhouden kapitaalgoederen • 380 km vrijverval riool; • 17,5 km persleiding; • 9.000 stuks inspectieputten; • 19.750 straatkolken; • 25 overstorten; • 7 randvoorzieningen / bergbezinkbassins;
68
• • •
48 rioolgemalen; 491 drukrioolunits; 123 IBA’s (individuele behandeling afvalwater).
Het beleidskader • Beheerplan Rioleringen 2022-2025; De volgende doelen zijn opgenomen in het Gemeentelijk Rioleringsplan 2016-2021 (GRP). Deze is verlengd tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Daarna zal middels de bouwsteen water het beleid worden vastgelegd in de Omgevingsvisie: • Duurzame bescherming van de volksgezondheid; • Handhaving van een goede leefomgeving; • Duurzame bescherming van natuur en milieu. Deze doelstellingen bereiken we door: • Het afkoppelen van verhard oppervlak van de riolering; • Het renoveren van rioolgemalen, mechanische riolering en IBA’s; • Het renoveren, vervangen en vernieuwen van riolen; • Het dagelijkse beheer en onderhoud aan rioolgemalen, drukriolering, IBA’s, kolken en de overige rioleringssystemen. Door het afkoppelen van verharde oppervlakten wordt geanticipeerd op de klimaatverandering door afvalwater en hemelwater te scheiden. Zo wordt de kans op wateroverlast vanuit de gemengde rioolstelsels verkleind. Jaarlijks inspecteren we een deel van het rioolstelsel, alle gemalen, drukrioleringsunits en IBA’s. Financiële consequenties in de begroting De verwachting is dat de komende jaren door de maatregelen vanuit het Delta Programma Ruimte Adaptatie (DPRA) de uitgaven zullen stijgen. De maatregelen rondom riolering, water, klimaatadaptatie wordt opgenomen binnen de Omgevingsvisie en plannen.
De financiële consequenties worden in de begroting 2023 meegenomen. Stand van zaken planuitvoering begroting 2022 Het reguliere onderhoud aan de riolering is volgens planning uitgevoerd. Verder zijn de onderstaande onderzoeken en projecten gestart/uitgevoerd. Onderzoek: • Dit jaar is het uitvoeringsplan Klimaatadaptatie 2022-2026 definitief gemaakt. Hieruit zijn gebieden naar voren gekomen die we samen met de gemeente aan gaan pakken. Buha heeft dit ambtelijk ondersteund. • Er is dit jaar veel tijd gestoken in de ondersteuning en voorbereiding van gemeentelijke projecten, waar de riool en water kennis en expertise van Buha nodig was: o Wijnbergen De Kwekerij; o A18 Bedrijvenpark Noord; o Wijnbergseweg-Doetinchemseweg; o Vijverbergroute; o Wehl Heideslag; o Wehl Fokkenkamp; o Plan Heelweg;
69
• •
Het onderzoek naar het hydraulisch functioneren van de persleiding van het A18 Bedrijvenpark naar Europaweg is afgerond; Verder onderzoek gedaan naar mogelijkheden voor Blauwe Aders (fysieke hemel waterstromen, boven- en ondergronds) in de Pas en Oosseld.
Binnen het vervangingsplan zijn de volgende investeringen uitgevoerd: • Er zijn 2 IBA’s compleet vervangen en we hebben weer een deel van het renovatieprogramma van de IBA’s uitgevoerd; • Het laatste deel van de kolkenreparatieronde die we de afgelopen jaren gedaan hebben is afgerond; • De vervanging van de riolering en het afkoppelen van de openbare ruimte in het project Vijverbergroute is door Buha gefinancierd; • Vervangen van ca. 250 meter hoofdriool in de Brouwerskamp, incl. nieuwe bestrating en uitleggers; • De persleiding van het gemaal A18 Bedrijvenpark is gereinigd en er zijn aanpassingen gedaan. De werking van het gemaal is hiermee geoptimaliseerd. De onderstaande investeringen zijn in 2022 voorbereid / in voorbereiding en worden in 2023/2024 uitgevoerd: • Afkoppelen ca. 2.000 m2 Akkerstraat i.c.m. wegrenovatie; • Afkoppelen ca. 15.000 m2 Wijnbergseweg-Doetinchemseweg; • Afkoppelen ca. 5.100 m2 JF Kennedylaan; • Het ontwerp van het nieuwe gemaal bij de Esbro is uitgewerkt en daar is opdracht voor gegeven. In het voorjaar van 2023 zal deze gerealiseerd worden; • Het vervangen van ca. 60 modems en loggers van ons grondwatermeetnet; • Inventarisatie van duikers binnen de bebouwde kom van onze kernen; • Het ontwerp van het nieuwe gemaal bij de Esbro is uitgewerkt en daar is opdracht voor gegeven. In het voorjaar van 2023 zal deze gerealiseerd worden.
Verder is het Rioolbeheerplan 2022 – 2025 opgesteld. Een uitvoeringsplan voor de komende jaren. Deze heeft door uitval van personeel wat vertraging opgelopen. Ook is het onderhoudsbestek voor het onderhoud van de drukriolering en de gemalen gezamenlijk met de gemeente Oude IJselstreek (voor 4 jaar) aanbesteed. Ook zijn de digitale riooltekeningen omgezet naar NLCS en is er een update gedaan in het beheerssysteem met 3DI, waardoor er nu nog betere analyses gemaakt kunnen worden ter voorbereiding op nieuwe plannen. In 2022 is wederom goed gebruik gemaakt van de stimuleringsregeling voor het afkoppelen van woningen. In totaal zijn 42 woningen geheel of gedeeltelijk afgekoppeld. Hiermee is circa 15.000 m2 dakoppervlak afgekoppeld van de gemengde riolering. Kwalitatieve indicatoren voor kapitaalgoed riolering Product afvalwatersysteem Aanlegperiode riolering:
Voldoet aan doelen, functionele eisen en maatstaven GRP 2016-2021
16% ouder dan 1970
Ja
31% tussen 1970 en 1989
Ja
38% tussen 1990 en 2009
Ja
16% na 2010
Ja
Ouderdom is echter niet alleen maatgevend voor de kwaliteit van de riolering. De aantasting door afvalstoffen en gassen, invloeden van de omgeving zoals, boomwortels, zettingen van de ondergrond, grondwater e.d. zijn mede maatgevend voor de kwaliteit van de riolering.
70
Kapitaalgoed groen en spelen Te onderhouden kapitaalgoederen Plantsoenen, bermen, parken, bospercelen inclusief de daar binnen aanwezige technische voorzieningen. • Openbaar groen ca. 568 ha.; • Bomenbestand ca. 37.000 stuks; • Speeltoestellen 659 stuks. Het beleidskader Het technisch en functioneel in stand houden van de openbare groen- en recreatievoorzieningen op het niveau ‘eenvoudig’ binnen de budgettaire kaders. Voldoen aan de wettelijke zorgplicht met betrekking tot bomen, groen en spelen. Met de instandhouding wordt concreet bedoeld het onderhoud en de noodzakelijke vervanging van bomen en overig groen op het land en in het water, zodanig dat de voorzieningen in stand blijven op het kwaliteitsniveau ‘eenvoudig’ zoals vastgesteld in de Beeldkwaliteitcatalogus / Structuurvisie / Groenstructuurplan. (In de programmabegroting 2012 zijn de kwaliteitsniveaus aangepast naar ‘eenvoudig’). In 2017 is het Groenstructuurplan vastgesteld, waarin een visie wordt neergelegd met betrekking tot de groenontwikkeling in en om de stad. Stand van zaken planuitvoering begroting 2022 De onderhoudsniveaus zoals deze zijn vastgelegd in de beeldkwaliteit catalogus worden gehaald, 1/3 van de werkzaamheden is uitbesteed aan de markt.
Doetinchem werkt met het Wijkbedrijf: een slimme combinatie van eigen vakmensen, mensen van het werkvoorzieningsschap en wijkbewoners met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het wijkbedrijf doet ruim 2/3 van de werkzaamheden binnen de gemeente Doetinchem. Het reguliere werk is volgens planning uitgevoerd. • Inspectie 1/3 deel van het bomenbestand; • Onderhoud 1/3 deel van het bomenbestand; • Onderhoud openbaar groen, bos en natuur; Uitvoering gegeven aan het bestek ruw gras, gazon, sierplantsoen en schapenbegrazing. Als gevolg van de prijsstijgingen (brandstofprijzen en inflatie) zijn de kosten over het algemeen voor het onderhoud en beheer van de openbare groene ruimte flink gestegen (circa 10-14%). Bestrijding invasieve exoten In totaal zijn er op dit moment 264 locaties geregistreerd waar de Japanse Duizendknoop is aangetroffen. Het betreft circa 10.000 m2. Momenteel worden er 109 locaties bestreden (circa 3.800 m2). Met betrekking tot de eikenprocessierups is de plaagdruk in 2022 wederom lager gebleken dan voorgaande jaren. Er is aandacht voor het verhogen van biodiversiteit, bijvoorbeeld door het aanleggen bloemrijk gras en gebruik van diverse soorten beplantingen. Spelen Op 4 november 2021 heeft de gemeenteraad, nadat daartoe een amendement was ingediend, besloten om de bezuiniging ter hoogte van €100.000,- op het budget speelvoorzieningen terug te draaien.
In eerste instantie voor een periode van 3 jaar, waarna geëvalueerd wordt. In september 2022 is er opdracht gegeven voor het plaatsen van een speeltoren op de Koekendaal. Deze is als gevolg van vertraging in de levering pas in januari 2023 geplaatst.
71
Kapitaalgoed gebouwen Te onderhouden kapitaalgoederen • 12 binnensportaccommodaties; • 6 buitensportaccommodaties; • 2 wijkcentra; • 1 welzijnsgebouw; • 3 cultuurgebouwen; • 2 gebouwen eigen huisvesting gemeente Doetinchem; • Huisvesting Buha; • 2 centra voor kinder-, en peuteropvang; • 3 gebouwen op de begraafplaatsen; • Riool, - trafo en nutsgebouwen; • Diverse gebouwen molens, kinderboerderij en opstallen Koekendaal etc. • Kunstwerken. Het beleidskader Het gemeentelijk vastgoed wordt beheerd en geëxploiteerd vanuit het Vastgoedfonds. Uitgangspunt hierbij is dat er gewerkt wordt vanuit een sluitend meerjarenperspectief. Het gaat om beleidsondersteunend of strategisch vastgoed. Bij de instelling van het Vastgoedfonds heeft de gemeenteraad besloten om het onderhoud aan de accommodaties op een sober onderhoudsniveau 4 volgens de NEN 2767 uit te voeren tot en met 2017. Vervolgens is door de raad bij de evaluatie van het Vastgoedfonds besloten om deze maatregel te verlengen tot en met 2021. Het meerjaren onderhoudsplan gebouwen 2022-2031 (MJOP) wordt voorjaar 2023 aan het college van burgemeester en wethouders voorgelegd.
Stand van zaken planuitvoering begroting 2022 Naast het reguliere beheer en onderhoud van het gemeentelijk vastgoed zijn de volgende werkzaamheden uitgevoerd: • Begeleiding overgang werkzaamheden Sportbedrijf/ Sport ID • Voorbereiding verkoop Roerstraat 17, verwachte levering 2023; • Verkoop voormalige Martinusschool, overgedragen eind 2022; • Huisvesting vraagstuk Kentalis Zorg opgelost. Doorloop uitvoering in 2023 • Voorbereiding evaluatie Vastgoedfonds, afronding medio 2023. Kwalitatieve indicatoren voor kapitaalgoed gebouwen Product Accomodaties Onderhoudsniveau conditiescore conform NEN 2767
Sober Sprake van onderhoudsschade en onderhoudsbehoefte
Voldoet aan onderhoudsniveau 4
Kapitaalgoed civieltechnische kunstwerken Te onderhouden kapitaalgoederen We beheren 87 grote civieltechnische kunstwerken: • 5 beweegbare bruggen • 59 bruggen (beton/staal/hout) • 9 tunnels • 10 steigers • 1 geluidsscherm • 2 kademuren • 1 flaneersteiger
72
Het beleidskader Het in stand houden van de civieltechnische kunstwerken op het kwaliteitsniveau ‘eenvoudig’ zoals vastgesteld in de Programmabegroting 2012. De gebruikers moeten de kunstwerken veilig kunnen gebruiken. In de wegenverkeerswet staat dat de wegbeheerder maatregelen moet treffen om de verkeersveiligheid te waarborgen. Net als bij wegbeheer wordt naar duurzaamheid gekeken ter voorkoming van kapitaalvernietiging. Het beheerplan voor de civieltechnische kunstwerken 2022-2032 wordt voorjaar 2023 aan het college van burgemeester en wethouders voorgelegd. Stand van zaken planuitvoering begroting 2022 Het reguliere onderhoud aan de civieltechnische kunstwerken is volgens planning uitgevoerd. Verder zijn de onderstaande werkzaamheden uitgevoerd: • Inspecties van de kunstwerken uitgevoerd; • Er zijn bij diverse betonnen objecten beton reparaties uitgevoerd; • Er zijn voegovergangen vervangen bij meerdere tunnels; • Er zijn slijtlagen vervangen op loopoppervlakken bij diverse kunstwerken. Er is een ABC onderzoek uitgevoerd naar de technische staat en compleetheid van de dossiers van de beweegbare bruggen. Aan de hand van de resultaten wordt in 2023 gestart met de voorbereiding voor de vervanging van de besturing van de beweegbare bruggen. Kwalitatieve indicatoren voor civieltechnische kunstwerken Product Kunstwerken Norm NEN 2767-4 Brug beton
Redelijk
Beweegbare brug
Redelijk
Brug hout
Redelijk
Brug staal
Redelijk
Geluidsscherm
Goed
Kademuur
Redelijk
Steiger
Redelijk
Tunnel
Redelijk
Kapitaalgoed openbare verlichting Te onderhouden kapitaalgoederen De openbare verlichting binnen de gemeentegrenzen totaal ongeveer 13.075 lichtmasten. Het beleidskader De kaders voor de komende periode (vastgestelde beheerplan 2022-2027) zijn: • Verlichten op maat; • Het tegengaan van lichtvervuiling; • Het toepassen van duurzame materialen en het benutten van de technische levensduur; • Het energieverbruik verminderen; • Producten circulair inkopen. Financiële consequenties in de begroting 2022 In 2022 is het nieuwe beheersplan Openbare Verlichting 2022-2027 aan het college van
73
Burgemeester en Wethouders voorgelegd. In de Begroting 2023 zijn de financiële gevolgen meegenomen. Stand van zaken planuitvoering begroting 2022 De volgende werkzaamheden zijn uitgevoerd: • Ca. 350 stuks conventionele armaturen vervangen door Led-armaturen; • Naar aanleiding van de inspectie zijn circa 90 masten vervangen; • Normaal onderhoud gepleegd zoals het vervangen van lampen die defect zijn. • Er zijn verlichtingsplannen gemaakt en uitgevoerd voor o.a. Iseldoks. Financieel overzicht Voor het uitvoeren van het onderhoud op onze kapitaalgoederen is door de raad budget beschikbaar gesteld. Het onderhoud van de kapitaalgoederen wordt voornamelijk gedaan door Buha bv. Hiervoor zijn afspraken gemaakt. Onderstaande tabel laat de uitgaven per product, exclusief de investeringslasten zien. Taakveld nr.
Product omschrijving
2.1
Wegen, straten en pleinen e.d.
2.1
Openbare verlichting
5.7
Openbaar groen
5.7
Speelvoorzieningen (groen)
7.2
Riolering en Watervoorziening Jaarlijks bedrag voor het periodiek onderhoud voor de gebouwen
Begroting 2022
Gewijzigde Begroting 2022
Rekening 2022
€ 4.650.000
€ 5.691.000
€ 5.691.000
€ 378.000
€ 373.000
€ 373.000
€ 5.065.000
€ 5.056.000
€ 5.056.000
€ 181.000
€ 279.000
€ 279.000
€ 1.992.000
€ 2.289.000
€ 2.289.000
€ 951.000
€ 1.030.000
€ 1.030.000
74
4. Financiering
Waar gaat deze paragraaf over? Om onze bezittingen te financieren is geld nodig. Dit kan ons eigen gespaarde geld zijn of van derden geleend geld. Omdat geld lenen geld kost, is de uitvoering van ons financieringsbeleid een risicovolle taak. Deze taak is daarom gebonden aan wettelijke kaders (met name de wet Fido en de wet Hof) en aan kaders in het door het college vastgestelde treasurystatuut. In deze paragraaf gaan we in op ons financieringsbeleid en de beheersing van de risico’s. Welke beleidsdocumenten vormen de basis voor deze paragraaf? In het treasurystatuut hebben we kaders gesteld ten aanzien van financiering. Wat wilden we bereiken in 2022? Het gemeentelijk financieringsbeleid is erop gericht om: • Te voorzien in de financieringsbehoefte op korte en lange termijn; • De risico’s die met deze transacties verbonden zijn te beheersen; • De rentekosten van de leningen zoveel mogelijk te beperken; • De interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities te beperken. Wat hebben we gedaan in 2022? Om onze investeringen te financieren gebruiken we ons eigen gespaarde geld in de reserves en voorzieningen en lenen we geld. Wat betreft de langlopende geldleningen (dat zijn leningen met een looptijd langer dan één jaar) hebben we in 2022 € 17,0 miljoen afgelost en nieuwe langlopende leningen zijn niet afgesloten.
Voor het aantrekken van leningen vragen we minimaal twee offertes op. Eind 2022 hebben we in totaal € 155,4 miljoen aan langlopende leningen opgenomen (was eind 2021 € 172,4). Naast langlopende leningen lenen we ook met kort geld. Om de inflatie te beteugelen zijn de renteniveaus in de loop van 2022 fors gestegen. Desondanks blijft kort lenen goedkoper dan lang. Door de lagere prijs en gelet op de financieringsbehoefte hebben we het afgelopen jaar 'kort geld' geleend. Kort geld lenen mogen we niet onbeperkt. De kasgeldlimiet bepaalt hoeveel we met kort geld mogen financieren. De limiet is door het rijk vastgesteld en bedraagt 8,5% van de totale lasten in de begroting. De kasgeldlimiet is voor 2022 berekend op € 21,5 miljoen. In 2022 hebben wij kasgeldleningen aangetrokken met een looptijd van telkens een maand. De gemiddelde omvang van deze leningen was € 11,25 miljoen, daarmee ruim binnen de limiet. De rente wordt verantwoord op het taakveld treasury. Vanuit dit taakveld worden rentelasten toegerekend aan de overige taakvelden. Rentelasten in de jaarrekening Rente lening portefeuille Een groot deel van onze (externe) rentelasten ligt vast omdat in het verleden geldleningen zijn opgenomen waarbij de op dat moment geldende markrente voor langere tijd contractueel is vastgelegd. Het rentepercentage dat we in 2022 gemiddeld betaalden voor de opgenomen leningen was 1,65%.
Bespaarde rente door financiering met reserves en voorzieningen De rente die we over reserves en voorzieningen berekenen noemen we bespaarde rente. We hoeven immers minder te lenen
75
en dus minder rente aan externen te betalen. In 2022 brachten we voor de reserves en voorzieningen de begrote bespaarde rente ad 1,65% in rekening. Een deel van de bespaarde rente is toegevoegd aan de reserves en voorzieningen en een deel is ten gunste gekomen van de algemene middelen. Toerekening rente aan taakvelden Rente van de Grondexploitaties Ook de grexen betaalden een specifieke rente die is berekend volgens de BBV- voorschriften. De rentekosten voor de grexen mogen alleen gebaseerd worden op de rentekosten van de geldleningen. Er mogen geen rentekosten worden berekend over de reserves en voorzieningen. Omdat onze investeringen voor 18% worden gefinancierd met onze reserves en voorzieningen berekenen we voor de grexen een korting van 18% op de rente voor de geldleningen van 1,65%. Het rentetarief voor de grondexploitatie kwam hiermee op 1,32%. De rente van projectfinanciering De raad heeft eerder besloten om voor de investeringen van rioleringen en de parkeergarage Lookwartier een specifiek rentepercentage toe te rekenen. Voor 2022 is dat 3,12%. Dat gebeurt omdat voor deze investeringen een langer dan gemiddelde afschrijvings- /aflossingstermijn geldt. Daarnaast zijn leningen aangetrokken specifiek voor financiering van het bedrijventerrein aan de A18 en het duurzaamheidsfonds.
Omslagrente Hierboven hebben we aangegeven dat de rentekosten voor onze geldleningen en de reserves en voorzieningen gemiddeld 1,65% bedragen. Aan een aantal projecten wordt specifieke rente toegerekend: • Aan de grondexploitaties is 1,86% in rekening gebracht op basis van de BBV-voorschriften; • Aan A18 Bedrijvenpark 1,495%; 1,159% en 0,84% van de leningen die specifiek voor de A18 zijn afgesloten; • Voor de financiering van het duurzaamheidsfonds een lening tegen 1,06% . Voor alle overige investeringen op de taakvelden zijn de resterende rentekosten in rekening op gebracht op basis van de boekwaarden. Deze omslagrente was voor 2022 1,65%. Renteschema In dit schema leest u de rentelasten en hoe we dit omslaan op de diverse onderdelen van onze begroting. Resultaten op treasury komen ten gunste van de algemene middelen in de gemeentebegroting. De commissie BBV vindt een saldo op het taakveld treasury binnen een bandbreedte van 0,5% acceptabel. Het is namelijk niet de bedoeling om de omslagrente zo ver mogelijk naar boven of naar beneden bij te stellen. Dan wordt namelijk het risico gelopen dat de omslagrente meteen moet worden aangepast op het moment dat de rentelasten wijzigen.
76
1-12022
31-122022
31-122022
Begroot Begroot x €1.000
Rekening
x €1.000 x €1.000
De externe rentelasten over de korte en lange financiering
€ 3.486
€ 2.925
De externe rentebaten (idem) -/-
€ -175
€ -224
€ -198
Saldo rentelasten en rentebaten
€ 3.311
€ 2.700
€ 2.577
De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend (-/-)
€ -520
€ -350
€ -530
De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend (-/-)
€ -248
€ -248
€ -248
De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend +/+ €
€0
€0
€0
Aan taakvelden toe te rekenen externe rente €
€ 2.543
€ 2.102
€ 1.799
Rente over eigen vermogen /voorzieningen
€ 1.195
€ 1.276
€ 1.276
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
€ 3.738
€ 3.378
€ 3.075
De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) -/- €
€ 4.020
€ 3.813
€ 3.637
€ 282
€ 435
€ 561
Renteresultaat op het taakveld Treasury
€ 2.775
Risicobeheersing Belangrijkste risico bij financiering zijn de stijgende rentelasten. De wet Fido begrenst deze risico’s. De kasgeldlimiet bepaalt wat maximaal met kort geld mag worden geleend. Bij kort geld ligt de afgesproken rentevergoeding maximaal 1 jaar vast. De kasgeldlimiet is in de wet gesteld op 8,5% van de totale begrotingsuitgaven. De renterisiconorm bepaalt dat jaarlijks maximaal 20% van het begrotingstotaal onderhevig mag zijn aan renteherziening of herfinanciering. Hiermee is een maximumgrens gesteld aan het renterisico op de langlopende lening portefeuille. De omvang van de her te financieren leningen dan wel te herziene rentes bleef in 2022 ruim onder de norm. Gemeenten zijn verplicht om overtollig geld bij het rijk te stallen: het schatkistbankieren. Banktegoeden boven de drempel € 4,5 miljoen moeten worden aangehouden bij het Rijk. Onze gemeente is een lenende gemeente. In 2022 hadden we enkele keren tegoeden uitstaan bij het Rijk. Geld uitlenen Een gemeente mag alleen geld uitlenen uit hoofde van haar publieke taak. Wij hebben dit beleid bekrachtigd in ons treasurystatuut. Wij hebben leningen verstrekt aan onderstaande organisaties/instellingen. Leningen en garanties voor uitoefening van de publieke taak worden alleen verstrekt aan door de raad goedgekeurde derde partijen. Uitstaande geldleningen Omschrijving (bedragen x € 1 miljoen)