CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Financieel overzicht ODA.pdf

gemeenteraad 6 juli 2023, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 10.9: Jaarstukken 2022, begrotingswijziging 2023 en begroting 2024 Omgevingsdienst Achterhoek14.753 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

We schatten het risico op € 50.000 (klasse 2) en de kans dat zich dit voordoet op 30% (klein). Gelders Stelsel Er is een verbeterplan opgesteld op basis van de uitgevoerde evaluatie van het Gelders Stelsel. De mogelijke maatregelen zijn niet op geld doorgerekend. Mogelijk kunnen een aantal maatregelen leiden tot extra kosten voor de ODA. We schatten het risico op € 12.500 en de kans dat zich dit voordoet op 70% (groot). Omgevingswet De invoering van de Omgevingswet kan tot een andere taakverdeling tussen gemeenten, provincie en de ODA leiden. Het is zowel mogelijk dat dit tot meer als tot minder taken voor de ODA leidt die in de begroting zo mogelijk worden meegeraamd. Het risico schatten we daarom op nihil.

28

28

Datalekken Iedereen heeft recht op eerbiediging en bescherming van zijn persoonlijke levenssfeer en een zorgvuldige omgang met zijn persoonsgegevens. De regels hiervoor zijn vastgelegd in de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). Hierin staat dat persoonsgegevens moeten worden beveiligd tegen verlies en tegen onrechtmatige verwerking. Een datalek moet worden gemeld aan de Autoriteit Persoonsgegevens als het leidt tot een aanzienlijke kans op ernstige nadelige gevolgen voor de bescherming van persoonsgegevens, of als het ernstige nadelige gevolgen heeft voor de bescherming van persoonsgegevens. Het datalek moet daarnaast ook worden gemeld aan de betrokkene indien het waarschijnlijk ongunstige gevolgen zal hebben voor diens persoonlijke levenssfeer. Bij overtreding van de meldplicht datalekken uit de Wbp kan de Autoriteit Persoonsgegevens een bestuurlijke boete opleggen. We schatten het risico op € 137.500 (klasse 3) en de kans dat zich dit voordoet op 10% (zeer klein) Financieel effect van deze risico’s We willen het totale financiële effect van deze risico’s weten. Dit hebben we nodig om vast te stellen of onze financiële buffer voldoende is. In de volgende tabel wordt het financieel effect berekend. Niet alle risico’s komen tegelijk voor. Ook zijn de gevolgen van de risico’s niet altijd maximaal.

Het geld dat nodig is om de risico’s op te kunnen vangen is daarom minder dan alle risico’s bij elkaar opgeteld. Een praktische methode om het effect te berekenen is het maximale risico te vermenigvuldigen met de kans dat het risico zich voordoet. We noemen dit het kwantificeren van de risico’s. In de tabel kwantificering risico’s zijn de eerder genoemde risico’s gekwantificeerd.

Risico

Afspraken dienstverleningsovereenkomsten Taakuitvoering Calamiteit bij bedrijf Rechtmatigheid Bezuinigingen bij de deelnemers Loon- en prijsontwikkelingen Eigen risico voor werknemersverzekeringen Ziekteverzuim Werkkostenregeling BTW Vennootschapsbelastingplicht Productenboek Automatisering Aanbestedingen Outputmodel Gelders Stelsel Omgevingswet Datalekken Totaal

Geschatte omvang

€ 50.000 € 12.500 nihil nihil €0 € 150.000 € 50.000 € 70.000 € 12.500 nihil nihil € 50.000 € 12.500 € 137.500 € 50.000 € 12.500 €0 € 137.500

Geschatte kans (in %) 30% 10% 0 0 0% 50% 50% 50% 30%

30% 50% 10% 30% 70% 0% 10%

Financieel effect van de risico's € 15.000 € 1.250 €0 €0 €0 € 75.000 € 25.000 € 35.000 € 3.750 €0 €0 € 15.000 € 6.250 € 13.750 € 15.000 € 8.750 €0 € 13.750 € 227.500

29

29

In de becijfering is rekening gehouden met de kans dat een risico zich voordoet. Het gaat dan om de individuele risico’s en de kans dat dit (individuele) risico zich periodiek voordoet. De kans dat alle risico’s zich op enig moment tegelijkertijd voordoen is o.i. aanzienlijk lager. Daartoe hanteren we een dempingfactor van 0,5. Het totaal van de financiële risico’s komt daardoor op € 113.750. Weerstandsvermogen Zoals hierboven becijferd, hebben we de benodigde weerstandscapaciteit bepaald op € 114.000. De beschikbare weerstandscapaciteit is € 178.000. (Per 31-12-2022 is € 150.000 van de Algemene Reserve vrij besteedbaar + het in de begroting 2022 beschikbare bedrag voor onvoorzien van € 28.000). Gebruiken we de formule en waarderingstabel (zie hiervoor) dan ziet dit er als volgt uit:

Ratio weerstandsvermogen =

Beschikbare weerstandscapaciteit ------------------------------------Benodigde weerstandscapaciteit

In bedragen: € 178.000 / € 114.000 = 1,6 Waarderingscijfer: B Betekenis: Ruim voldoende Uit de analyse blijkt dat het weerstandsvermogen op basis van de berekening die voor ligt voldoende is.

30

Kengetallen en ratio’s Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten dient een aantal financiële kengetallen in de jaarrekening te worden opgenomen. Deze kengetallen dienen om een beter inzicht te bieden in de financiële positie van de ODA. Het overzicht bevat de volgende kengetallen. Verlooptabel Kengetallen en ratio’s in procenten

Jaarverslag 2022 Kengetallen (in procenten)

Verloop van de kengetallen Jaarrekening Begroting Jaarrekening 2021 2022 2022 1a. Netto schuldquote -5 4 0 1b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen -5 4 0 2. Solvabiliteitsratio 17 12 -5 3. Structurele exploitatieruimte 0 0 -1 4. Grondexploitatie n.v.t. n.v.t. n.v.t. 5. Belastingcapaciteit n.v.t. n.v.t. n.v.t. De netto schuld quote en de netto schuld quote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen geven inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuld quote is in balans; we hebben net zoveel uitzettingen dan schulden. De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de ODA in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het percentage is in 2022 negatief en minder goed dan 2021 en dit hangt samen met negatieve resultaat 2022. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. De meeste verschillen zijn

30

van incidentele aard. Zie hiertoe het overzicht van de incidentele baten en lasten als onderdeel van de jaarrekening. 3. Financiering De wet Financiering decentrale overheden (FIDO) verplicht gemeenschappelijke regelingen richtlijnen vast te stellen voor het beheer van de geldstromen en de risico’s die daaraan zijn verbonden. Hiervoor heeft het algemeen bestuur op 15 december 2016 een geactualiseerd treasurystatuut vastgesteld. De wijzigingen betreffen onder meer het opnemen van het in 2014 ingevoerde schatkistbankieren en het schrappen van bepalingen die voor de ODA niet van toepassing zijn. Qua vormgeving is overgestapt van een beschrijvend statuut naar een artikelsgewijs opgebouwd treasurystatuut. Treasuryfunctie De uitvoering van de treasuryfunctie maakt onderdeel uit van de ondersteunende financiële diensten die de gemeente Berkelland voor de Omgevingsdienst Achterhoek verricht. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft aan in welke mate in de financiering van investeringen mag worden voorzien in de vorm van kortlopende middelen. De kasgeldlimiet voor een GR volgens de Wet FIDO bedraagt 8,5% van het totaal van de primitieve begroting, voor 2022 is dit € 8.387.000. De kasgeldlimiet bedraagt dan € 712.895. Tot nu toe heeft de ODA nog niet hoeven lenen. Aan de hand van de tijdige bevoorschotting worden de lopende activiteiten gefinancierd en is externe financiering niet nodig.

Wel moet geconstateerd worden, dat bij een behoorlijke toename van activiteiten zoals in het jaar 2018, er een financieringsprobleem kan ontstaan omdat er pas aan het einde van het jaar wordt afgerekend met de partners. In dat geval zal de ODA actie ondernemen om het financieringsprobleem op te pakken. 4.

Onderhoud kapitaalgoederen

Kapitaalgoederen zijn aankopen die een meerjarig gebruik dienen en die we meestal aanduiden als investeringen. Artikel 3 van de financiële verordening bepaalt dat nieuwe investeringen in de begroting moeten worden vermeld. Mocht de Omgevingsdienst Achterhoek met investeringen worden geconfronteerd dan hanteren we de volgende afschrijvingstermijnen. Voor investeringen hanteren we de volgende afschrijvingstermijnen. hardware: 3 jaar software: 5 jaar dienstvervoermiddelen: 7 jaar Overigens bepaalt de financiële verordening (artikel 6) dat materiële vaste activa met economische waarde annuïtair worden afgeschreven. In 2022 zijn er geen investeringen in kapitaalgoederen gedaan. 5.

Wet open overheid (Woo)

De wet Open Overheid (Woo) is in werking getreden medio 2022 en vervangt de wet Openbaarheid van Bestuur WOB. Ook is de Wet Elektronische Publicaties afgelopen zomer in werking getreden. De ODA is een project gestart om de wetten te implementeren in het systeem, en daarmee het primaire proces, van de omgevingsdienst. Ook is de ODA in gesprek met de deelnemers om, omwille van toegankelijkheid, meer en gerichter stukken openbaar te maken.

31

31

Daarnaast is heeft de ODA de wens om meer data gedreven en informatie gestuurd te werken. We zijn gestart met het in kaart brengen van de informatiebehoefte c.q. verplichting bezien vanuit de Omgevingswet en de Woo. Aan de hand hiervan bepalen we welk niveau van datavolwassenheid en dataorganisatie nodig is om in de behoefte te voorzien en om aan de verplichtingen van de Woo te voldoen. Aansluitend bepalen we wat nodig is om op het gewenste niveau te komen. Vooralsnog is er nog geen inschatting te geven over de beoogde kwaliteit en aantal documenten. Dat komt omdat we samen met onze deelnemers nog geen keuzes gemaakt hebben over wat we openbaar gaan maken. We weten ook nog niet wanneer we beginnen met openbaar maken.

32

32

JAARREKENING 2022 ▪

Balans per 31 december 2022

▪

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

▪

Toelichting op de balans

▪

WNT-verantwoording

▪

Overzicht van baten en lasten

▪

Toelichting op overzicht van baten en lasten

33

33

Balans per 31 december 2022 Bedragen x € 1.000 ACTIVA Vaste activa Financiële activa Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer

Ultimo 2021

2

2

Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden Onderhanden werk

Ultimo 2022

2

0

2

0 0

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar: Vorderingen op openbare lichamen Rekening courant verhouding met het Rijk

902 1.080

0 1.622 1.049

1.982 Liquide middelen Banksaldi

88

2.671 5

88 Overige vlottende activa Overige vorderingen De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voor financiering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Vooruitbetaalde bedragen

5 10

0

56 0

66

Totaal vlottende activa

2.070

2.742

TOTAAL ACTIVA

2.072

2.744

PASSIVA

Ultimo 2021

Ultimo 2022

Vaste Passiva Eigen vermogen: Algemene reserve Bestemmingsreserve Gerealiseerd resultaat

150 100 104

150 100 -384

Voorzieningen

62

134

Totaal vaste passiva

416

0

Vlottende Passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar: Banksaldi Overige schulden

466

991

Overlopende passiva De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren Nog te betalen bedragen

19 1.171

1.271 482

Totaal vlottende passiva

1.656

2.744

TOTAAL PASSIVA

2.072

2.744

0

0

Aan natuurlijke of rechtspersonen verstrekte borg- en of garantstellingen

34

34

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling Inleiding Deze jaarrekening is samengesteld met inachtneming van de voorschriften die het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen de nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico´s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden als last genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming te weten vier jaar.

BALANS ACTIVA Vaste activa Financiële activa Waarborgsommen Betreffen betaalde waarborgsommen voor geleasede dienstauto’s.

35

Vlottende activa Voorraden Het onderhanden werk is gewaardeerd tegen reeds gemaakte uren maal het geldende uurtarief. Overige vlottende activa De overige vlottende activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

PASSIVA Vaste passiva Voorzieningen De voorziening harmonisatietoelagen betreft een voorziening voor verplichtingen samenhangend met rechten van voormalig provinciale medewerkers. De voorziening is gevormd

ter hoogte van verkregen gelden die voor de medewerkers wordt aangewend. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Overlopende passiva Deze passiva worden tegen de nominale waarde opgenomen.

35

RESULTAATBEPALING

De exploitatielasten van de Omgevingsdienst Achterhoek bestaan hoofdzakelijk uit bedrijfsvoeringskosten. Er is geen sprake van een rechtstreeks risico voor de Omgevingsdienst omdat de deelnemers in de Gemeenschappelijke Regeling uiteindelijk garant staan voor de bijdragen aan de ODA. De verdeling van de kosten vindt plaats op basis van de in de begroting 2022 afgesproken verdeelsleutel: De (verwachte) afname van de partners per programma.

36

36

Toelichting op de balans ACTIVA Vaste activa Financiële activa Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van één jaar of langer (€ 2.000) Het betreft hier betaalde waarborgsommen in het kader van lease van bedrijfsauto’s. Vlottende activa Voorraden Onderhanden werk (€ 0) Aangezien de onderhanden werk positie per jaareinde is verrekend met de deelnemers, maakt de “onderhanden werk positie” in 2022 onderdeel uit van de nog te ontvangen deelnemersbijdragen en is derhalve verantwoord onder de verantwoord onder de vorderingen op openbare lichamen. Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen (€ 1.622.000) Het betreft vorderingen op enkele deelnemende gemeenten van de gemeenschappelijke regeling, op andere omgevingsdiensten en de Provincie.

37

Rekening courant verhouding met het Rijk (€ 1.049.000) Saldo tegoed op het Ministerie van Financiën in het kader van schatkistbankieren van € 1.049.000. Liquide middelen Banksaldi (€ 5.000) Het banksaldo van de lopende rekening bij de BNG per 31 december 2022. Drempelbedrag schatkistbankieren Van de verplichting om overtollige middelen bij het rijk aan te houden is een bepaald “drempelbedrag” uitgezonderd. Dit drempelbedrag is voor de ODA met ingang van 1 juli 2021 € 1.000.000. Voor ieder kwartaal over 2022 dient te worden toegelicht welk bedrag met inachtneming van het drempelbedrag door de ODA buiten ’s Rijks schatkist is aangehouden. De ODA is in 2022 elk kwartaal onder het drempelbedrag gebleven. Hieronder wordt de specificatie per kwartaal weergegeven

37

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)

Drempelbedrag

Kwartaalcijfer op dagbasis (2) buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het (3a) = (1) > (2) drempelbedrag Overschrijding van het (3b) = (2) > (1) drempelbedrag (1) Berekening drempelbedrag

1.000

1.000

1.000

1.000

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

45

52

46

59

955

948

954

941

0

0

0

0

Verslagjaar (4a)

(4b)

(4c) Minimumbedrag

Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat Drempelbedrag

8.387

8.387

1.000

1.000

1.000

1.000

(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

(5a)

(5b) (2) - (5a) / (5b)

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

Kwartaal 1

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

4.018

4.709

4.246

5.432

90 45

91 52

92 46

38

92 59

Drempelbedrag kasgeldlimiet De kasgeldlimiet zorgt ervoor dat er niet te veel kortlopende leningen worden aangetrokken. De gemiddelde netto-vlottende schuld per kwartaal van een openbaar lichaam mag de kasgeldlimiet niet overschrijden. In 2022 is er in geen enkel kwartaal sprake geweest van een overschrijding. De ruimte onder de limiet was voor: 1e kwartaal 2022 € 1.523.000 2e kwartaal 2022 € 2.866.000 3e kwartaal 2022 € 1.660.000 4e kwartaal 2022 € 1.726.000

38

Overige vlottende activa Overige vorderingen (€ 10.000) Per 31-12-2022 is er, buiten de vorderingen op openbare lichamen, een vordering op een leverancier. Wij hebben de creditnota al ontvangen. De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel (€ 0) Per 31 december 2022 staan er geen voorschotbedragen open. Vooruitbetaalde bedragen (€ 56.000) In 2022 zijn 100 Smartlockr licenties afgesloten en betaald. De licenties zijn geldig tot 30 maart 2025. De lasten (totaal 8.000 euro) voor 2023, 2024 en 2025 worden geparkeerd voor die boekjaren. Ook zijn er licenties voldaan voor digitale checklijsten ter waarde van 25.000 euro die geldig zijn tot 1 juli 2023. Daarnaast is in 2022 een betaling van 23.000 euro gedaan die betrekking heeft op een evenement dat plaatsvindt in januari 2023.

PASSIVA Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve (€ 150.000) Bestemmingsreserve (€ 100.000)

Omschrijving

Saldo

Bestemming resultaat 1-1-2022 2021

Algemene reserve

150.427

Gerealiseerd resultaat

103.913

Uitkering deelnemers Bestemmingsreserve omgevingswet

100.000

Totaal

354.340

Toevoe-

Onttrek-

Saldo

gingen

kingen

31-12-2022

-87

0

0

150.340

0

0

100.000

0

0

250.340

39

104.000

103.913

Toelichting Algemene reserve (€ 150.000) Het saldo van de algemene reserve bedroeg per 1 januari 2022 afgerond € 150.000. Vanuit het resultaat van 2021 is een afrondingsverschil gemuteerd met de algemene reserve. Met deze mutatie blijft de algemene reserve op € 150.000. Tezamen met de ruimte in de begroting ad € 28.000, die meetelt voor het weerstandsvermogen, komt het weerstandsvermogen uit op € 178.000. Dit is het afgesproken maximumbedrag behorende bij de kwalitatieve eis van ‘niet meer dan uitstekend’. Bestemmingsreserve (€ 100.000) Bij de vaststelling van de jaarrekening 2020 is besloten om van het resultaat € 100.000 te reserveren voor uitgestelde opleidingen en aanpassing van systematiek en systemen met het oog op de invoering van de omgevingswet. Gerealiseerd resultaat ( -/- € 384.000) Het nadelig exploitatieresultaat over 2022 beloopt € 384.000. 39

Voorzieningen Verloop van de voorzieningen: Omschrijving Voorziening harmonisatietoelagen Voorziening Spaarverlof Totaal

Saldo 1-1-2022 62.131 0 62.131

Toevoegingen

90.720 90.720

Vrijgevallen 18.641 18.641

Aanwendingen

Saldo 31-12-2022 43.490 90.720 134.210

Toelichting De provincie heeft in 2014 enkele rechtspositionele verplichtingen, waaronder de harmonisatietoelagen, voor voormalige provinciale medewerkers die zijn overgegaan naar de ODA afgekocht. De ODA heeft daartoe in 2014 een bedrag van € 401.065 ontvangen. Voor harmonisatie van toeslagen resteert per 1 januari 2022 € 62.000. In 2022 is € 19.000 vrijgevallen. Per einde boekjaar is de voorziening € 43.000. Daarnaast is een nieuwe voorziening gevormd, omdat medewerkers vanaf 1 januari 2022 vakantie-uren kunnen sparen. Dit noemen we verlofsparen. Aangezien er bij verlofsparen sprake is van arbeidskostengerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook onvoorspelbare afbouw kennen, is hier een voorziening voor gevormd. Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige schulden (€ 991.000) De belangrijkste overige schulden per 31 december 2022: Omschrijving Belastingdienst, loonheffing december 2022 Gem. Doetinchem, dienstverl. 4e kw. 2022 ODRN, omzet 2022 ABP, premie december 2022 DPA Cauberg-Huygens, controle sept-nov. 2022 Exsin, uitbestede werkzaamheden Gemeente Berkelland, fin. administratie 2e hjr Diverse kleine(re) overige schulden Totaal

Bedrag € 442.000 € 114.000 € 97.000 € 86.000 € 68.000 € 27.000 € 21.000 € 136.000 € 991.000

40

40

De van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkering met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren (€ 1.271.000) Het gaat hierbij om de volgende voorschotbedragen: Omschrijving Prov. Z-H, ontwikkeling Open Wave ODRN, circulaire economie RvO, Ondersteuning energiebesp. plicht F21 Min. Infra en waterstaat, IB programma VTH E93 Gem. Berkelland, bijdrage 1e kw. 2023 Gem. Oude IJsselstreek, bijdrage 1e kw. 2023 Gem. Winterswijk, bijdrage 1e kw. 2023 Totaal

Saldo 1-1-2022 9.000

Toevoegingen

Aanwendingen 9.000

Saldo 3112-2022 0

254.870

10.000 23.328

0 231.542

71.700

4.623

67.077

10.000

19.000

477.587

477.587

241.123

241.123

254.009

254.009

1.299.289

46.951

1.271.338

Nog te betalen bedragen (€ 482.000) Omschrijving Gemeente Berkelland, afrekening 2022 DPA Cauberg-Huygens, diverse controles Gemeente Zutphen, 4e kw. 2022 archeologie Gemeente Bronckhorst, detachering + afrek. 2022 Diverse kleinere bedragen nog te betalen Totaal

Bedrag € 337.000 € 79.000 € 22.000 € 12.000 € 32.000 € 482.000

41

Niet uit de balans blijkende verplichtingen. De gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Achterhoek heeft een huurverplichting voortvloeiend uit een 1-jarig huurcontract eindigend op 31 december 2022 met een optie tot jaarlijkse verlenging. De huur wordt jaarlijks geïndexeerd. De huurlasten voor 2023 bedragen € 175.000.

41

WNT-verantwoording 2022 Omgevingsdienst Achterhoek De WNT is van toepassing op de Omgevingsdienst Achterhoek. Het voor de Omgevingsdienst Achterhoek toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2022 € 216.000,-. Dit betreft het algemeen WNT-bezoldigingsmaximum. 1. Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling

Gegevens 2022

bedragen x € 1

P.G.M. van Oosterbosch

Functiegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2022

Directeur 01/01 t/m 31/12

Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

0,89

Dienstbetrekking?

ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

101.476,02

Beloningen betaalbaar op termijn

18.005,04

Subtotaal

119.481,06

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum 192.240,00

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging

Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

42

N.v.t.

119.481,06

N.v.t.

N.v.t. N.v.t.

Gegevens 2021 bedragen x € 1

P.G.M. van Oosterbosch

Functiegegevens

Directeur

Aanvang en einde functievervulling in 2021

01/01 t/m 31/12

Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

0,89

Dienstbetrekking?

ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

96.184,52

Beloningen betaalbaar op termijn

18.110,76

Subtotaal

114.295,28

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum 186.010,00

Bezoldiging

114.295,28

42

1b. Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 12: niet van toepassing. 1c. Toezichthoudende topfunctionarissen: niet van toepassing. 1d. Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 1.800 of minder: niet van toepassing.

NAAM TOPFUNCTIONARIS J.H.A van Oostrum B.T.M. Porskamp M. Eggink-Meuleman S.L. Hiddinga T.M.M. Kok H.G. Bulten J.R. Mos G.E. Visser H.J.M. Verschure P. van 't Hoog W.J.A. Gerritsen W.W. Buunk F.H.T. Langeveld O.E.T. van Dijk I.T.F. Klein Gunnewiek L.J. Werger P.G.J. Kerris R.R.S. Bosch

FUNCTIE DB/AB vz DB/AB DB/AB DB/AB AB AB AB AB AB AB voormalig DB/AB voormalig DB/AB voormalig AB voormalig AB voormalig AB voormalig AB voormalig AB voormalig AB

43

1e. Topfunctionaris met een totale bezoldiging van meer dan € 1.800: niet van toepassing. 1f. Topfunctionaris met een totale bezoldiging van meer dan € 1.800 waarop de anticumulatie bepaling van toepassing is: niet van toepassing. 1g. Topfunctionaris met een totale bezoldiging van € 1.800 of minder waarop de anticumulatiebepaling van toepassing is: niet van toepassing. 2. Uitkeringen wegens beëindiging dienstverband aan topfunctionarissen: niet van toepassing. 3. Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2022 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.

43

Overzicht van baten en lasten Baten en lasten per programma Jaar 2022; x 1.000 euro x 1.000 euro

Taakveld

Begroting 2022

Begroting na wijz Realisatie 2022

Begr-real

Baten

Baten

Saldo

Lasten

Lasten

Baten

Lasten

Programmaplan Programma 1 Vergunningverlening 7.4 Milieubeheer Programma 2 Toezicht en handhaving 7.4 Milieubeheer Programma 3 Advies 7.4 Milieubeheer Programma 4 Stelseltaken 7.4 Milieubeheer Eigen stelseltaak Kosten Gelders stelsel van Omgevingsdiensten Programma 5 Projecten 7.4 Milieubeheer

2.027 4.957 1.297

1.053 2.895 952

2.027 4.957 1.529

1.442 2.922 1.210

1.923 5.007 2.095

1.325 3.219 1.955

13 -247 -180

102

120 701

75

89 257

56 424

66 459 219

4 -202 201

0

2.646

-2

4

4

Overzichten Overhead Algemene dekkingsmiddelen Bedrag onvoorzien

0.4 Overhead onderst. Organisatie 0.5 Treausury 0.8 Algemene baten en lasten

Geraliseerde totaal saldo van baten en lasten normale bedrijfsvoering

2.601

2.644

65

28

0

0

28

8.387

8.387

8.592

8.592

9.505

9.889 104

-384 -104 104

8.387

8.387

8.592

8.592

9.609

9.993

-384

Verrekening met deelnemers batig saldo 2021 Ontrekking algemene reserve ivm saldo 2021

Gerealiseerde resultaat

104

De baten en lasten over de programma’s zijn op directe wijze toegerekend aan de hand van de directe kosten en opbrengsten per productgroep. De baten en lasten zijn weergegeven aan de hand van het format dat met de Gelderse Omgevingsdiensten onderling is afgesproken. Voor de toelichting op de programma’s wordt verwezen naar de desbetreffende beleidshoofdstukken. Baten en lasten naar kosten categorieën Omschrijving

2021

2022

2022

Realisatie

Gewijzigde begroting

Realisatie Periode P12

6.602

6.746

8.066 843

Periode P12

x € 1.000 LASTEN

44

'

1

Personele kosten/Inhuur en diensten derden*

2

Organisatiekosten

641

750

3

Organisatieontwikkeling en SPP

35

107

16

4

Bovenregionale taken

542

346

347

5

Organisatie ondersteuning

567

615

617

6

Algemene lasten

0

28

0

Totaal Lasten

8.387

8.592

9.889

BATEN 21

Bijdragen van derden

407

79

480

25

Bijdragen deelnemers

8.084 8.491

8.513 8.592

9.025 9.505

104

0

-384

Totaal Baten Resultaat reguliere bedrijfsvoering Verrekening resultaat (t-1) 26

Verrekening met deelnemers rekeningsaldo

-395

27

Bijdrage/Onttrekking algemene reserve

395 104

Gerealiseerde resultaat

-104 0

104 -384

44

Toelichting overzicht van baten en lasten LASTEN (€ 1.297.000 nadelig) Personeelskosten/ Inhuur en diensten derden (€ 1.320.000 nadelig) De personele kosten en inhuur diensten derden bestaan uit de kosten van eigen personeel en de capaciteit van derden die wordt ingehuurd. Deze inhuur betreft zowel detacheringen als gerichte dienstverlening door bureaus. De capaciteit van derden is de flexibele schil naast de eigen capaciteit van de ODA. Opbrengsten uit detachering van medewerkers van de ODA komen ten gunste van deze post. De totale lasten vallen ruim € 1.320.000 hoger uit. Door toenemende werkzaamheden in combinatie het zeer lastig kunnen invullen van vacatures, ziekte en het starten van trainees liggen de kosten hoger dan begroot. Hier staan echter deels ook hogere opbrengsten tegenover. Organisatiekosten (€ 93.000 nadelig) De organisatiekosten worden gevormd door de verschillende vormen van bijkomende kosten voor personeel en organisatie. De ODA heeft meer kosten gemaakt voor opleidingen en minder voor reiskosten. Het nadelige effect op de organisatiekosten is voornamelijk de dotatie aan de verplichte, voor ons nieuwe, voorziening verlofsparen. Medewerkers kunnen vanaf 1 januari 2022 bovenwettelijke vakantie-uren sparen. Hiervoor hebben wij een voorziening getroffen waar wij in 2022 een dotatie doen van € 90.720.

Deze dotatie is gebaseerd op: 1 het verlof uit voormalige verlofspaarmogelijkheden, 2. bovenwettelijke vakantie-uren bij onregelmatig werken en beschikbaarheidsdienst, 3. de bovenwettelijke vakantie-uren en 4. de bovenwettelijke vakantie-uren gekocht uit het IKB. Organisatieontwikkeling en SPP (€ 91.000 voordelig) De kosten hangen samen met de ontwikkeling van de informatievoorziening van de gemeenschappelijke Omgevingsdiensten in het Gelders stelsel. Er bleven middelen over op de ontwikkeling en beheer van I-Go een informatie uitwisselingsysteem. Daarnaast blijven er middelen over voor ontwikkelingen ICT voorzieningen. De verwachting is dat deze middelen in 2023 weer benut zullen worden voor de inzet van Power BI. Bovenregionale taken ( € 1.000 nadelig) Bovenregionale taken (x € 1.000) Omschrijving

2021 Realisatie

2022 Primaire begroting

2022 gewijzigde begroting

2022 Realisatie

OD De Vallei - Kwaliteit en coördinatie stelsel

18

21

21

17

OD Rivierenland - Ketentoezicht

79

77

77

72

OD Veluwe en IJssel - Portaal en kenniscentrum

55

83

82

74

OD Regio Nijmegen - C omplexe vergunningverlening

133

326

OD Regio Arnhem - C omplexe handhaving, meetdienst en bezwaar en beroep

147

159

41

110

OD Noord Veluwe - Bestuurlijke Strafbeschikking Milieu

10

10

10

8

OD Achterhoek - Personeel en Organisatie

97

119

90

66

Diversen

3

25

25

0

542

821

346

347

Totaal

0

45

45

De totale uitgaven aan de partners in het stelsel bedragen € 347.000,-. Binnen de uitgaven is een onderscheid te maken tussen de pure bovenregionale taak die als organisatiekosten/overhead gelden en kosten die betrekking hebben op dienstverlening op de primaire processen vergunningverlening en toezicht en handhaving. Organisatie ondersteuning ( € 2.000 nadelig) Ondersteunende dienst (x € 1.000) Omschrijving

2021

2022

2022

Realisatie

Begroting

Realisatie

Berkelland - Financieel (beheer)

39

43

39

Bronckhorst - Huisvesting en Fac. Ondersteuning

150

159

159

Doetinchem - Informatisering en automatisering

347

381

388

Lochem - Personeel- en salarisadministratie) Totaal

31

32

31

567

615

617

De hogere kosten van de ICT ondersteuning betreffen hogere kosten voor telefonie doorbelasting netwerk, apparatuur. Algemene lasten (€ 28.000) Deze post wordt gebruikt ter dekking van hogere kosten voor personele capaciteit en inhuur derden; als zodanig begroot om flexibel in te zetten. Werkelijke uitgaven vinden plaats op de andere kostencategorieën.

BATEN (€ 913.000 voordelig) Bijdragen van derden (€ 401.000 voordelig) Onder bijdrage derden zijn de opbrengsten verantwoord die buiten de reguliere partner werkzaamheden worden verkregen. Deze bestaat uit verschillende onderdelen. Ten eerste betreft het de inzet die we hebben geleverd voor de aanpak en ondersteuning van de stikstofdossiers bij de Provincie e.e.a. gestart in 2020. Daarnaast hebben we verdere inzet gepleegd op de coördinatie van de groene BOA’s zoals dat eveneens was opgestart in 2020. Een project vanuit de Provincie. De ODA heeft subsidie ontvangen ter ondersteuning van de regionale archeologie voor de komende 4 jaar met een bedrag van € 20.000 per jaar. Tevens is er een tegemoetkoming, in de vorm van een subsidie van € 8.000 ontvangen vanuit de provincie ter versterking van de boa’s. Deze is ingezet voor de aanschaf van uitrustig. Ook zijn er vanuit het ministeries twee specifieke uitkeringen ontvangen, namelijk een uitkering IPB (interbestuurlijk programma) en een uitkering energietoezicht. De onderstaande bedragen dekken de, in 2022 gemaakte, kosten. Voor het overige betreft het kleinere bijdragen zoals de participatie in het PGS en inzet voor thema groepen externe veiligheid. De bijdrage die we andere partners vragen voor de stelseltaak P&O is eveneens verantwoord onder deze post.

Specificatie bijdrage derden (x € 1.000) Omschrijving Bijdrage stelseltaak HRM - Gelders stelsel Subsidie archeologie- bevordering en ondersteuning Ondersteuning Stikstofdossiers Provincie

2022

2022

Begroot

Realisatie

75

59 20 219

Asbestdaksanering

15

Bijdrage opleiding circulaire econoie

10

Bijdrage inzet groene BOA's

67

Subsidie groene boa's

8

Specifieke uitkering IBP

14

Subsidie project Werken aan de toekomst

32

Specifieke uitkering Energietoezicht

23

Overige

4

13

Totaal

79

480

46

46

Bijdragen deelnemers (€ 512.000 voordelig) Bijdrage per deelnemer (x € 1.000)

2021

2022

2022

Realisatie

Gewijzigde begroting

Realisatie

469

483

554

1.185

1.361

1.082

Bronckhorst

921

1.026

1.010

Doetinchem

1.076

1.078

1.164

Lochem

771

709

866

Montferland

442

351

636

Oost Gelre

1.067

1.124

1.219

Oude IJsselstreek

665

700

927

Winterswijk

604

674

741

Zutphen

597

609

687

Provincie Gelderland/ ODRA

252

398

174

C orrectie workshops 2021

34

0

-34

8.084

8.513

9.025

Aalten Berkelland

Totaal

De bijdrage van de partners was geraamd op € 8.513.000 en komt dit jaar ruim hoger uit. We zien dat de vraag vanuit de partners sterk is toegenomen. De grootste stijging is zichtbaar binnen specialistische adviezen. De verschillen per partner zijn in de afzonderlijke partner rapportages toegelicht.

Verrekening resultaat 2021 Vorig jaar sloot de ODA af met een positief resultaat. De partners hebben, conform AB besluit, een bedrag teruggestort gekregen van in totaal € 104.000,-. Dit bedrag is betaald vanuit de algemene reserve.

Incidentele baten en lasten x € 1.000 Baten n.v.t

Totaal nadelig

0

Kosten Lagere deelnemersbijdrage; personele inzet; diensten derden Eenmalige uitkering personeel Dotatie aan voorziening spaarverlof Inzet trainees Lagere organisatiekosten/organisatieontwikkeling Algemene lasten Totaal nadelig

-305 -43 -91 -62 89 28 -384

Totaal per saldo voordelig

-384

I I S I I I

I = Incidenteel S= Structureel

47

47

De meeste verschillen zijn van tijdelijke aard. Afwijkingen in omzet en personele inzet, tezamen met de inzet vanuit de ketenpartners, bezien we als communicerende vaten. Hogere vraag maken we mogelijk door inzet vanuit de flexibele schil die als het ware meebeweegt met meer of minder omzet. Door het lastig invullen van vacatures en ziekte hebben we, naast de hogere vraag, ook voor deze gemiste capaciteit een beroep moeten doen op externe inzet om de werkzaamheden te kunnen verrichten. Per saldo leidt de hogere externe inzet bij aan een tekort. Deze verklaren we door het hogere uurtarief dat betaald moet worden voor de externe inzet waardoor de dekkingsbijdrage op de vaste kosten minder wordt. Met het zelf opleiden van trainees hopen we de afhankelijkheid van externe inzet voor de komende jaren te verminderen. Dat leidt nu tot extra kosten maar op termijn tot minder externe inzet. De lagere kosten voor ICT ontwikkelingen en informatievoorziening zijn ook van tijdelijke aard. De verwachting is dat deze middelen in 2023 weer nodig zullen zijn voor de ontwikkeling van o.a. Power BI. De hogere kosten vanwege de nieuwe cao uit 2022 (en daarmee de mogelijkheid om bovenwettelijke uren te blijven sparen) zijn van structurele aard. Jaarlijks zullen wij hogere kosten hebben de reservering/voorziening voor deze bovenwettelijke verlofuren.

We zullen de opgenomen, en niet opgenomen, uren strak gaan monitoren. Structureel lagere kosten worden vertaald naar de begroting.

Aldus opgemaakt door het Dagelijks Bestuur van de Omgevingsdienst Achterhoek, Bronckhorst, 22 februari 2022.

48

48

Bijlage: SiSa verantwoordingsinformatie

49

49

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/7865/documents/43503