Begroting 2025 gD - Boekwerk.pdf
Tekst van het document
Begroting 2025
Inhoudsopgave Leeswijzer ............................................................................................................ 4 1. Hoofdlijnen van beleid ........................................................................................ 6 1.1 Inleiding ...................................................................................................... 7 1.2 Programma - Doetinchem 2036 ...................................................................... 8 1.3 Programma - Sociale en veerkrachtige samenleving .......................................... 9 1.4 Programma - Aantrekkelijke, gezonde en duurzame leefomgeving ................... 10 1.5 Programma - Organisatie en financiën ........................................................... 11 2. Financieel beeld tot en met 2028 ....................................................................... 12 2.1 Inleiding .................................................................................................... 13 2.2 Hoofdlijnen financieel begrotingsbeleid .......................................................... 14 2.3 Financiële uitgangspositie ............................................................................ 15 2.4 Ontwikkelingen ...........................................................................................
16 2.5 Financiële positie begroting ná nieuwe ontwikkelingen en gemeentefonds .......... 24 2.6 Structureel en reëel sluitende begroting ......................................................... 26 2.7 Ontwikkeling algemene reserve .................................................................... 28 2.8 Vermogenspositie ....................................................................................... 29 3. Beleidsbegroting .............................................................................................. 30 3.1 Het programmaplan .................................................................................... 31 3.1.1 Programma - Doetinchem 2036 .............................................................. 32 3.1.2 Programma - Sociale en veerkrachtige samenleving .................................. 44 3.1.3 Programma - Aantrekkelijke, gezonde en duurzame leefomgeving .............. 65 3.1.4 Programma - Organisatie en financiën ..................................................... 80 3.1.5 Overzicht van de algemene dekkingsmiddelen .......................................... 92 3.1.6 Overzicht van de kosten van overhead ..................................................... 95 3.1.7 Vennootschapsbelasting ........................................................................
100 3.1.8 Onvoorzien .......................................................................................... 101 3.2 Paragrafen ................................................................................................ 102 3.2.1 Lokale heffingen .................................................................................. 103 3.2.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing ............................................... 113 3.2.3 Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................. 122 3.2.4 Financiering ......................................................................................... 128 3.2.5 Bedrijfsvoering .................................................................................... 132 3.2.6 Verbonden partijen............................................................................... 138 3.2.7 Grondbeleid ......................................................................................... 159 3.2.8 Openbaarheid ...................................................................................... 163
2
4. Financiële begroting ........................................................................................ 167 4.1 Het overzicht van baten en lasten en de toelichting ........................................ 168 4.1.1 Het overzicht van baten en lasten .......................................................... 169 4.1.2 De toelichting op het overzicht van baten en lasten .................................. 172 4.2 De uiteenzetting van de financiële positie en de toelichting ............................. 203 4.2.1 De financiële positie ............................................................................. 204 4.2.2 De toelichting op de uiteenzetting van de financiële positie ....................... 225 4.3 Bijlage met het overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld .......... 227
5. Bijlagen ......................................................................................................... 232 Bijlage 1: Risicomatrix garanties en verstrekte leningen ....................................... 233 Bijlage 2: Verplichte beleidsindicatoren .............................................................. 242 Bijlage 3: Gemeenteraad .................................................................................. 246 Bijlage 4: College van burgemeester en wethouders ............................................ 248 Bijlage 5: Afkortingenlijst ................................................................................. 251
3
Leeswijzer Voor u ligt de begroting 2025 van de gemeente Doetinchem. In deze leeswijzer lichten we kort de onderdelen van deze begroting toe. De begroting is opgebouwd uit de volgende onderdelen: 1.Hoofdlijnen van beleid Hier vindt u een beschrijving van de bestuurlijke hoofdlijn voor 2025 en de daaropvolgende jaren. De bestuurlijke hoofdlijn bevat de bestuurlijke kernboodschap. Langs de lijnen van het coalitieakkoord wordt beschreven wat we belangrijk vinden en wat we gaan doen. Daarnaast worden in het financiële deel de financiële keuzes vertaald naar de van toepassing zijnde programma's en taakvelden. 2. Financieel beeld tot en met 2028 Dit hoofdstuk bevat een samenvattend beeld van de hoofdlijnen van ons financieel begrotingsbeleid, het financiële beeld, de toelichting op de ontwikkelingen en de vermogenspositie. 3.1 Beleidsbegroting De beleidsbegroting is een samenhangende verzameling van taken, activiteiten en geldmiddelen, wat gericht is op het bereiken van de vooraf bepaalde doelstellingen. Elk programma gaat in op de drie W-vragen: - Wat willen we bereiken? (geeft inzicht in de gestelde doelen); - Wat gaan we daarvoor doen? (geeft een beschrijving van de doelen en activiteiten); - Wat mag het kosten? (bevat een overzicht van baten, lasten en taakvelden). Ieder programma wordt afgesloten met een toelichting op het nieuwe beleid.
Naast de programma's worden de algemene dekkingsmiddelen, de overhead, de vennootschapsbelasting en het budget voor onvoorzien toegelicht. In de begroting 2025 hebben wij conform de uitgangspunten van het besluit begroting en verantwoording (BBV) in de tabel ‘Wat mag het Kosten?’ onderscheidt aangebracht in bestaand en nieuw beleid. De inhoud van het gepresenteerde nieuwe beleid is zodanig dat een mutatie van het bestaande beleid in voorkomende gevallen ook als nieuw beleid is opgenomen. Mutaties in het bestaande beleid (een aanmelding) en de nieuwe beleidsvoornemens zijn samengevoegd tot het nieuwe beleid. 3.2 Paragrafen In de paragrafen worden financiële en bedrijfsmatige onderwerpen (van belang voor het inzicht in de financiële positie) gebundeld en per thema gepresenteerd. De volgende paragrafen maken onderdeel uit van de begroting: Lokale heffingen, Weerstandsvermogen en risicobeheersing, Onderhoud kapitaalgoederen, Financiering, Bedrijfsvoering, Verbonden partijen, Grondbeleid en Openbaarheid. Deze onderwerpen zijn wettelijk verplicht. 4. Financiële begroting Dit onderdeel bevat naast het overzicht van baten en lasten en de toelichting daarop, een uiteenzetting van de financiële positie van de gemeente Doetinchem.
Met onder andere de geprognosticeerde balans in meerjarenperspectief, de meerjarige ontwikkeling van het EMU-saldo en een meerjarig overzicht van baten en lasten. Ook een overzicht van de reserves en voorzieningen en de grondslagen waarop de ramingen zijn gebaseerd, wordt gepresenteerd. 5. Bijlagen De begroting wordt gecompleteerd met enkele bijlagen, waaronder het overzicht garanties en leningen, de verplichte beleidsindicatoren, een overzicht van de leden van
4
de gemeenteraad, de portefeuilleverdeling van het college van burgemeester en wethouders en een afkortingenlijst. Op het moment van het opstellen van deze begroting vervangt mevrouw Rabella Wiersma - de Faria wegens ziekteverlof portefeuillehouder Patrick Moors. Voor de programmaonderdelen waar portefeuillehouder Patrick Moors staat genoemd kunt u zich wenden tot portefeuillehouder Rabella Wiersma - de Faria.
5
1. Hoofdlijnen van beleid
6
1.1 Inleiding Groeien in kwaliteit, dat is de stip op de horizon die door het Doetinchems gemeentebestuur is gezet. In dat licht memoreren we graag aan een recente uitspraak van voormalig rijksbouwmeester Floris van Alkemade, namelijk dat het van belang is om te bouwen aan gemeenschappen. Die visie onderschrijven wij van harte en deze sluit dan ook naadloos aan bij onze inzet voor het komende begrotingsjaar. Dat we ambitieus zijn in Doetinchem, mag duidelijk zijn. De aandacht die we krijgen vanuit de landelijke en provinciale politiek laat zien dat onze gemeente volop in de schijnwerpers staat. We hebben een prachtige positie als middelgrote centrumgemeente die op allerlei terreinen groeit en bloeit. We zijn blij en trots dat Koning Willem-Alexander met zijn familie volgend jaar zijn verjaardag bij ons komt vieren. De organisatie voor Koningsdag is in volle gang en we zijn volop bezig met het ontwikkelen van het programma dat ook op de dag voor en de dag na Koningsdag tot een waar volksfeest zal leiden. Tegelijk houden we een scherp oog voor onze sociale basis en de veerkracht in onze samenleving. We hebben goed in beeld welke uitdagingen op onze samenleving afkomen.
Zo wordt de arbeidsmarkt steeds krapper, zijn er in het sociaal domein uitdagingen op gebied van bestaanszekerheid en gezondheid en ligt er druk op de fysieke ruimte om de vraag naar woningen, energieopwekking, bedrijvigheid, mobiliteit en groen in balans te houden. Tegelijk zien we dat we ook in onze gemeente uiterst zorgvuldig moeten omgaan met de beschikbare middelen. Het kan niemand ontgaan zijn dat de Rijksbijdragen via het gemeentefonds de kostenstijgingen aan de uitgavenkant bij de Nederlandse gemeenten niet voldoende compenseren. Doetinchem staat er in vergelijking met andere middelgrote gemeenten gelukkig relatief goed voor. Door een behoedzaam financieel beleid in de afgelopen jaren hebben we een behoorlijk gevulde algemene reserve. Tegelijkertijd biedt de nieuwe Regiodeal die de 8RHK met het Rijk heeft gesloten extra kansen om onze ambities te kunnen waarmaken. In deze begroting zult u zien dat we onze ambities hoog houden en slim investeren. Tegelijk zijn we kritisch op onze uitgaven en zorgen we voor een goede balans tussen inkomsten en uitgaven.
7
1.2 Programma - Doetinchem 2036 In 2025 gaan we weer met veel energie aan de slag met de grote opgaven die bijdragen aan de ambities voor Doetinchem 2036. We brengen daarin, meer nog dan voorheen, focus aan en zetten in op versnelling van projecten. Focusproject Spoorzone en versnelling woningbouw De gebiedsontwikkeling in de Spoorzone is met afstand de meest in het oog springende opgave voor de komende jaren. De structuurschets wordt in 2025 uitgewerkt in een masterplan en wordt daarmee steeds concreter. Ook start de uitvoering van de eerste deelprojecten, waaronder de ontwikkeling van de Laborijnlocatie. Daarnaast zijn er diverse andere woningbouwprojecten in Doetinchem die bijdragen aan onze ontwikkelopgave. We zetten daarbij in op versnelling waarbij we de focus leggen op de grote projecten die deel uitmaken van de woondeal en op het slimmer organiseren van de uitvoering. Bruisende Binnenstad Onze Doetinchemse binnenstad zal de komende jaren (nog) veel aantrekkelijker worden. We slaan wederom de handen in één met de ondernemers en vastgoedeigenaren om onze gezamenlijke visie om te zetten in concrete projecten. In de binnenstad starten we met het Hamburgerkwartier. Dit is het eerste deelproject uit de hernieuwde binnenstadsvisie.
Ruimte voor ondernemen en ontspanning Als groeigemeente zetten we het komend jaar stevig in op de ontwikkeling van onze economische kracht, voorzieningen en mogelijkheden voor ontmoeting en ontspanning. Conform het vastgestelde mobiliteitsplan gaan we aan de slag met het verbeteren van de bereikbaarheid, waarbij we aandacht hebben voor alle weggebruikers, van voetganger tot automobilist. Op de bedrijventerreinen gaat een gebiedsmakelaar samen met het bedrijfsleven aan de slag om de beschikbare ruimte optimaal te benutten. Ook kijken we naar mogelijkheden om bestaande bedrijvenlocaties in te breiden en onderzoek te doen om (nieuwe) bedrijfslocaties uit te breiden. Onze gemeente heeft tal van voorzieningen, zowel voor de dagelijkse dingen als gemeentebreed. Op basis van een eerste analyse weten we dat niet alle (dagelijkse) voorzieningen optimaal verdeeld zijn over onze wijken en dorpen. We komen met voorstellen om dat verder te verbeteren.
8
1.3 Programma - Sociale en veerkrachtige samenleving Samen groeien – gewoon doen is de titel van het onlangs vastgestelde beleidskader sociaal domein. Vanuit dit kader werken we aan vier integrale opgaven die elk hun eigen uitvoeringsagenda krijgen. Voor 2025 zijn voor elke opgave de concrete doelen en projecten uitgewerkt, waarmee we niet alleen voor onszelf maar ook voor de vele uitvoeringspartners helder aangeven waar de prioriteiten liggen. Bestaanszekerheid als basis voor een sociaal en veerkrachtig Doetinchem We werken aan het versterken en herstellen van de bestaanszekerheid, zoals de zekerheid van inkomen of een woning. In 2025 starten we onder andere met het Doetinchemse Doorbraakteam, dat creatieve oplossingen bedenkt vooral voor complexe casussen. Ook gaat veel inzet naar versterken van de positie van de beroepsbevolking op de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld door extra inzet op het onbenut arbeidspotentieel. We verstevigen de sociale basis in buurten en wijken Het gewone leven staat centraal in deze opgave. Extra inzet en middelen gaan er in 2025 onder andere naar de versterkte aanpak van eenzaamheid en de uitvoering van de ambities op het gebied van wonen en zorg, zie momenteel worden uitgewerkt in de visie op wonen en zorg. Ook blijven we inzetten op het versterken van de sociale basis met onze wijk- en buurtverbinders.
Kansrijk opgroeien en een leven lang leren Onbekommerd opgroeien en jezelf kunnen ontplooien; wat bij het kind begint, blijft een leven lang van belang. Bij deze opgave zetten we in 2025 onder andere in op het bestendigen van het jongerenwerk, een ketenaanpak voor kwetsbare ouders rond de geboorte van hun kind, de transformatie van de jeugdhulpvoorzieningen en uiteraard de uitvoering van het nieuwe onderwijshuisvestingsplan. Gezond en gelukkig leven Het voorkomen van ziekte en het verminderen van gezondheidsverschillen. Daar gaat het om bij deze opgave. Voor 2025 zetten we in op betere ondersteuning van mantelzorgers en vrijwilligers. Ook sport en bewegen krijgt meer focus; vanuit een nieuwe uitvoeringsagenda zetten we concrete projecten in de steigers. De uitvoering van onze cultuurvisie verdient bij dit programma een speciale vermelding. De prioriteiten voor 2025 vinden bij elk van de vier grote opgaven in het sociaal domein hun plek. De inzet voor 2025 zien we in de doorontwikkeling van de bibliotheek, het creëren van een culturele broedplaats, een doorlopende leerlijn voor cultuureducatie en het ondersteunen van de amateurkunst.
9
1.4 Programma - Aantrekkelijke, gezonde en duurzame leefomgeving In dit programma ligt de focus op alle inzet voor de fysieke leefomgeving. Veel van de complexe ruimtelijke puzzels die gelegd moeten worden, komen hier samen. De omgevingsvisie als levend document We benoemen hier allereerst de omgevingsvisie. Lokaal kijken we inmiddels al voorbij 2036; wat zijn de ontwikkelopgaven richting 2050? Uiteraard zijn we aangesloten bij de regionale, provinciale en landelijke actualisaties. Extra inzet op een duurzame woningvoorraad, mobiliteit, circulariteit en water en groen Als we naar het komend begrotingsjaar kijken dan zien we een aantal belangrijke accenten. We blijven inzetten op het verduurzamen van de bestaande woningvoorraad, onder andere via een subsidie die wij de komende jaren aan onze inwoners kunnen bieden dankzij het Volkshuisvestingsfonds. De groei van de stad Doetinchem maakt het noodzakelijk om te investeren in een betere centrumring, niet alleen voor de verkeersdoorstroming maar ook vanuit het oogpunt van veiligheid en een gezonde leefomgeving. Ook zetten we in op meer 30km zones in de wijken en dorpen en verbetering van het openbaar vervoer. We willen structureel inzetten op groen: meer bomen, meer groen en minder stenen. Daartoe maken we de subsidieregeling structureel.
De duurzaamheidsambities die we voor de lange termijn hebben gesteld, komen in 2025 weer een stap dichterbij. De wijkwarmteplannen worden over meer wijken in Doetinchem uitgerold en we doen onderzoek naar een warmtenet voor o.a. Gaanderen.
10
1.5 Programma - Organisatie en financiën We gaven het in de perspectiefnota al aan: hoewel onze gemeente er in vergelijking met andere gemeenten op financieel gebied goed uitspringt, is er geen reden om de vlag uit te steken. We zien dat de algemene uitkering uit het gemeentefonds de komende jaren minder wordt en in elk geval onvoldoende is om de loon- en prijsstijgingen te dekken. Op diverse posten in onze begroting zien we dan ook dat we uit eigen middelen moeten bijspringen om taken te kunnen blijven uitvoeren, zoals bij de VNOG, Buurtplein, Laborijn, BUHA en de VNG en ook bij de inkoop van software en diensten in het sociaal domein. Wanneer het rijk niet met aanvullende middelen over de brug gaat komen, zullen we in aankomende begrotingen geen nieuwe structurele uitgaven meer kunnen doen en is er de kans dat er bezuinigd moet gaan worden om de autonome ontwikkelingen te kunnen financieren. We zullen dus creatief moeten blijven in het vinden en verzilveren van (externe) subsidies, het verhogen van onze inkomsten en het behoedzaam inzetten van onze incidentele middelen. Dat de 8RHK een nieuwe Regiodeal van 25 miljoen heeft weten als te sluiten met het Rijk is in die zin niet alleen noodzakelijk, maar tegelijk ook een enorme kans om nieuw beleid in Doetinchem en de regio tot stand te brengen. Daar hoort ook zeker een gezonde Doetinchemse organisatie bij.
Op basis van de organisatievisie Groei door doen zetten we in 2025 extra in het binden en boeien van ons personeel in deze krappe arbeidsmarkt. Op die manier blijven we niet alleen in onze samenleving, maar ook in onze eigen organisatie groeien in kwaliteit!
11
2. Financieel beeld tot en met 2028
12
2.1 Inleiding In dit hoofdstuk geven we een samenvattend beeld van de hoofdlijnen van ons financieel begrotingsbeleid, het financiële beeld en het weerstandsvermogen. Net als de afgelopen jaren is het uitgangspunt een financieel solide beleid. We willen graag dat de financiën van onze gemeente op orde zijn en deze ook naar de toekomst op orde houden. Als uitgangspunt hierbij stellen we dat er niet meer geld wordt uitgeven dan er binnenkomt. In onze coalitieagenda hebben we aangegeven dat we bij de uitvoering van taken binnen de vanuit de medeoverheden beschikbaar gestelde geoormerkte middelen blijven. Bij de behandeling van de perspectiefnota heeft u ons meegegeven om, daar waar dat mogelijk is en binnen de kaders van het toezicht, minder behoedzaam te begroten. Uw suggestie hebben wij ter harte genomen en op onderdelen vertaald in deze begroting. Hoewel het minder behoedzaam begroten ook risico's met zich meebrengt, denken wij dat we met de voorgestelde maatregelen de risico's tot een minimum beperken. De meicirculaire 2024 geeft zoals gebruikelijk inzicht in de ontwikkeling van het gemeentefonds voor de komende jaren. Wij moeten daarbij wel opmerken dat ten tijde van het uitbrengen van de meicirculaire het nieuwe kabinet nog niet was geïnstalleerd. Of het nieuwe kabinet nog aan de ontwikkeling van het gemeentefonds gaat tornen is op dit moment nog ongewis.
Wel zijn in de meicirculaire twee omvangrijke wijzigingen doorgevoerd. Om tot een stabiele en beter beheersbare financiering voor gemeenten en provincies te komen, is besloten over te gaan tot het schrappen van de oploop van de opschalingskorting in combinatie met het vervroegd invoeren van de nieuwe financieringssystematiek in 2024. Dit houdt in dat de koppeling van het accres aan de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp) per 2024 vervroegd is ingevoerd. De 2e belangrijke wijziging is het besparingsverlies Jeugd. In het coalitieakkoord Rutte IV is een aanvullende besparing op Jeugdzorg opgenomen die oploopt naar structureel € 511 miljoen vanaf 2027. De geraamde besparing van € 500 miljoen in 2025 kan nog niet gerealiseerd worden, omdat de landelijke maatregelen die tot besparing moeten leiden nog niet zijn gerealiseerd. Daarom wordt incidenteel landelijk € 500 miljoen toegevoegd aan de algemene uitkering van het gemeentefonds. De gevolgen voor 2026 en 2027 zijn nog niet duidelijk. Zoals hiervoor aangegeven hebben we de afgelopen jaren behoedzaam en behoudend geraamd. In deze begroting hebben we ervoor gekozen om behoedzaam te blijven ramen, maar wel met iets meer risico.
Geen onnodige risico's, maar ramingen die in het licht van onze reservepositie en de ontwikkeling van de resultaten van de jaarrekening in de afgelopen jaren verantwoord zijn en hiermee bij kunnen dragen aan onze ambities. De uitgangspunten die we in de perspectiefnota hebben benoemd zijn in deze begroting overgenomen. Daarnaast is er ruimte om nieuwe beleidsvoorstellen te vertalen in deze begroting. Het ingezette beleid in 2024 en het op onderdelen minder behoedzaam begroten, hebben er aan bijgedragen dat wij u een sluitende structurele begroting voor jaarschijf 2025 kunnen presenteren. We presenteren u een begroting waarbij in het eerste jaar een onttrekking aan de algemene reserve moet plaatsvinden om de begroting sluitend te maken. Ondanks deze onttrekking aan de algemene reserve bieden wij u wel een structureel sluitende begroting aan (zie 2.6 Structureel en reëel sluitende begroting). We hebben hierbij de in de perspectiefnota gepresenteerde ambities vertaald in de begroting 2025. We stellen u voor, mede gezien onze goede reservepositie, om het resterende tekort in 2025 eenmalig uit de algemene reserve te onttrekken.
13
2.2 Hoofdlijnen financieel begrotingsbeleid De financiën van onze gemeente zijn op orde. Desondanks staat deze financiële positie onder druk. We geven niet meer geld uit dan dat er binnen komt. We kennen een relatief lage schuldpositie en de omvang van de algemene reserve is ruim voldoende. Er is incidenteel voldoende financiële buffer, maar een structureel sluitende meerjarenbegroting is een forse opgave gebleken. Uitgangspunt bij de uitvoering van taken is dat we binnen de vanuit medeoverheden beschikbaar gestelde geoormerkte middelen blijven. Deze uitgangspunten uit de coalitieagenda ‘Samen groeien in kwaliteit’ passen binnen de afgelopen jaren gehanteerde financiële hoofduitgangspunten: • Een structureel sluitende begroting en een gezond meerjarenperspectief Structureel sluitend wil zeggen dat we ervoor zorgen dat langjarige uitgaven ook worden gedekt door langjarige inkomsten. Dat is ook het belangrijkste toetsingscriterium van de provincie als toezichthouder. We ramen in de gemeentebegroting ook incidentele lasten en baten. Die worden voor drie jaren of korter geraamd. Het totaal van de structurele en incidentele uitgaven minus de inkomsten leidt tot het totale resultaat van de gemeentebegroting. Begrotingsoverschotten of -tekorten worden gemuteerd op de algemene reserve.
De begroting vertoont een financieel meerjarenperspectief, waarbij in 2025 een onttrekking moet worden gedaan aan de algemene reserve, vanaf 2026 sluit de begroting met positief resultaat. Wij presenteren u een structureel sluitende begroting voor de jaren 2025, 2026 en 2028. De jaarschijf 2027 is nagenoeg structureel sluitend. We beschikken over een voldoende weerstandsvermogen. • Voldoende weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen onze weerstandscapaciteit (algemene reserve en de stelpost onvoorziene uitgaven) en de financiële risico’s. Die verhouding drukken we uit in de ratio van ons weerstandsvermogen. In 2021 heeft de raad besloten dat, wanneer de ratio tussen de 1 en 1,5 is, we dan beschikken over voldoende buffer om risico’s op te vangen. De risico's vormen dan geen bedreiging voor onze financiële positie. Beneden de ondernorm dienen maatregelen te worden genomen om de weerstandscapaciteit aan te vullen en/of de risico’s te beperken. Boven de norm geeft ruimte om de weerstandscapaciteit in te zetten voor andere doeleinden. Mede door onze hoge weerstandsratio hebben we een deel van de algemene reserve in 2025 kunnen inzetten ter dekking van het nadelige resultaat 2025. In de afgelopen jaren hebben we meer ervaring opgedaan met risicomanagement.
Daarbij zien we dat naast de gekwantificeerde risico's, zich in de komende jaren ontwikkelingen en/of risico's voordoen die op dit moment (nog) niet of nauwelijks zijn te kwantificeren, maar die wel een beroep zullen doen op onze algemene reserve. De omvang ervan hangt af van bestuurlijke keuzes van Rijk, onze gemeente en van maatschappelijke ontwikkelingen. Denk hierbij aan hervormingsagenda jeugd, klimaatadaptatie, de warmtetransitie, de omgevingsvisie, duurzaamheid en circulariteit en onze groei-ambities in het kader van 2036. Evenals in de begroting 2024 zijn de crisis in de Oekraïne, de enorme inflatie, de schaarste aan arbeidskrachten en soms ook productiemiddelen (bijv. in de woningbouw) de grotere risico’s. De afhankelijkheid van en de onzekerheid over het Rijksbeleid blijft een grote factor. We achten het daarom gewenst om over een algemene reserve te beschikken die ruimer is dan alleen de gekwantificeerde risico's. In het verleden hebben we ervaren welke impact Rijksmaatregelen kunnen hebben op onze financiële positie. Het blijft belangrijk dat raad en college voortdurend het open gesprek voeren over het weerstandsvermogen. Immers, een incidentele uitschieter buiten de onder- of bovennorm hoeft niet onmiddellijk te leiden tot maatregelen of geeft bestedingsruimte.
Het gaat om de tendens van het weerstandsvermogen in relatie tot een gezonde financiële positie op langere termijn.
14
2.3 Financiële uitgangspositie In de begroting 2025 nemen we het financieel meerjarenperspectief 2025-2028 op. De basis hiervoor is de geamendeerde begroting 2024. Onderstaand de financiële uitgangspositie conform het vertrekpunt in de perspectiefnota 2025. Uitgangspositie (bedragen x € 1.000)
Begroting 2025
Meerjarenraming 2026
Meerjarenraming 2027
Meerjarenraming 2028
Resultaat geamendeerde begroting 2024
986
148
218
218
Uitgangspositie programmabegroting 2025 c.q. Perspectiefnota 2025
986
148
218
218
Vervolgens zijn in de begroting 2025 (inclusief het meerjarenperspectief) de volgende ontwikkelingen opgenomen: • de ontwikkeling van het gemeentefonds op basis van de september- en decembercirculaire 2023 en de meicirculaire 2024; • het voorgestelde nieuwe beleid inclusief de structurele doorwerking van de 1e bestuurlijke monitor 2024; • besparingsmogelijkheden. De bovenstaande ontwikkelingen worden toegelicht in paragraaf 2.4 Ontwikkelingen.
15
2.4 Ontwikkelingen De ontwikkeling van het gemeentefonds op basis van de meicirculaire 2024 Via raadsmededeling 2024-67 d.d. 9 juli 2024 bent u geïnformeerd over de ontwikkeling van het gemeentefonds op basis van de meicirculaire 2024. Hieronder volgt een samenvatting van deze raadsmededeling. Ontwikkeling omvang algemene uitkering Ten opzichte van de decembercirculaire 2023 wijzigt de algemene uitkering voor de gemeente Doetinchem als volgt: Bedragen x € 1.000
Beginstand decembercirculaire 2023 Mutatie t.o.v. de decembercirculaire 2023 Aanvulling stelpost Jeugd Eindstand meicirculaire 2024
Begroting ná wijziging 2024
Begroting 2025
MeerjarenMeerjarenMeerjarenraming 2026 raming 2027 raming 2028
172.448
177.752
170.418
176.034
180.815
4.098
1.875
3.903
3.431
3.628
-
-
1.068
794
529
176.546
179.627
175.389
180.259
184.972
De hogere uitkering heeft géén 1-op-1 relatie met het resultaat van de gemeentelijke begroting. Het nettoresultaat van de meicirculaire 2024 lijkt voordelig in het meerjarenperspectief. Echter om de budgetten vanaf 2025 te kunnen verhogen met de nominale compensatie (de inflatie) zal het nettoresultaat van de algemene uitkering grotendeels ingezet moeten worden. Het netto resultaat wordt onderstaand gespecificeerd en betreft de mutatie t.o.v. de decembercirculaire 2023: Nr. Bedragen x € 1.000
Begroting ná wijziging 2024
Begroting 2025
MeerjarenMeerjarenMeerjarenraming 2026 raming 2027 raming 2028
1 Accres
-316
-3.187
-1.508
-1.823
2 Plafonds BCF
703
-
-
-
-
-
-
2.222
2.223
2.229
3 Opschalingskorting 4 Overige mutaties UF 5 Ontwikkeling uitkeringsbasis 6 WOZ 7 Taakmutaties Totaal mutatie Algemene uitkering t.o.v. de decembercirculaire 2023 7 Taakmutaties Netto resultaat meicirculaire 2024 t.o.v. de decembercirculaire 2023 Stelpost Jeugd Netto resultaat meicirculaire 2024 inclusief stelpost jeugd
-1.718
10
80
58
87
78
-182
435
549
517
537
397
-626
-621
-617
-615
3.486
5.173
3.203
3.044
3.117
4.098
1.875
3.903
3.431
3.628
-3.486
-5.173
-3.203
-3.044
-3.117
612
-3.298
700
387
511
-
-
1.068
794
529
612
-3.298
1.768
1.181
1.040
16
Stelpost jeugdzorg In de Meicirculaire 2024 worden voor de jeugdzorg 2024 en 2025 wederom incidenteel middelen beschikbaar gesteld. Deze stelpost wordt in de begroting 2025 volledig ingezet ten gunste van het sociaal domein om hiermee iets meer tijd te hebben voor het invullen van de in de begroting 2024 opgenomen taakstelling voor jaarschijf 2025 (zie ook 2.5 onderdeel taakstellingen). Vanaf 2026 hebben wij zoals eerder gerekend met een stelpost van 75% op basis van de Hervormingsagenda. In 2026 en 2027 leidt dit als gevolg van het dit jaar gesloten principeakkoord voor de Hervormingsagenda Jeugd tot een nadeel. Dit nadeel wordt zoveel als mogelijk ondervangen in de beheersmaatregelen binnen het sociaal domein. Waar nodig worden bij de begroting 2026 en 2027 aanvullende voorstellen gedaan. Financieringssystematiek Dit voorjaar is gesproken over een stabiele en beter beheersbare financiering van gemeenten en provincies. Er is besloten over te gaan tot het schrappen van de oploop van de opschalingskorting in combinatie met het vervroegd invoeren van de nieuwe financieringssystematiek in 2024. Dit houdt in dat de koppeling van het accres aan de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp) per 2024 vervroegd is ingevoerd. De gekozen vorm van indexatie levert door de vormgeving op twee componenten de gewenste stabiliteit op.
Uitgangspunt is dat de fondsen (gemeentefonds en provinciefonds) meerjarig de ontwikkeling van het nominaal bbp volgen. De indexatie is gesplitst in een volumedeel en een prijsdeel. De volumeontwikkeling van de fondsen wordt gebaseerd op een 8-jaars (t-9 t/m t-2) historisch gemiddelde van de ontwikkeling van het bbp, waardoor het fonds minder schommelt (volumedeel). De indexatie voor inflatie volgt de prijs bbp van het lopende jaar, waardoor de fondsen reëel ‘op niveau’ blijven (prijsdeel). Het ravijnjaar 2026 Sinds een aantal jaren wordt gesproken over het ravijnjaar 2026. In de 1e tabel van deze paragraaf zie u financieel wat hiermee wordt bedoeld. De algemene uitkering in 2026 is ten opzichte van 2025 maar liefst € 4.200.000 lager. Met het ravijnjaar wordt de overgang van het de huidige financieringssystematiek naar de nieuwe systematiek weergegeven (zie de toelichting in de vorige alinea). Met name door het behoudende financiële beleid van de afgelopen jaren, de genomen besparingsmaatregelen waaronder de maatregelen in het sociaal domein, alsmede het op landelijk niveau ongedaan maken van de opschalingskorting door het rijk, hebben geresulteerd in een klein structureel resultaat in 2026. We verwachten wel, dat vanaf 2026 de beperkte ontwikkeling van het gemeentefonds een behoorlijke invloed zal gaan hebben op de structurele sluitendheid.
Dit geeft ons voor toekomstige begrotingen weinig mogelijkheden om nieuw beleid te kunnen bekostigen. Taakmutaties Zoals gebruikelijk kent de circulaire van het gemeentefonds een aantal taakmutaties. De taakmutaties worden doorgegeven aan het betreffende beleidsveld. In raadsmededeling 2024-67 zijn de diverse taakmutaties toegelicht. Onderstaand een specificatie van de taakmutaties zoals opgenomen in de meicirculaire 2024.
17
Taakmutaties Bedragen x € 1.000 Handelsregister Compensatieregeling niet beoogde kosten jeugdzorg
Begroting ná wijziging 2024 -3
Begroting 2025
Meerjarenraming 2026
-1
MeerjarenMeerjarenraming 2027 raming 2028
-1
-1
-1
117
122
126
-105
Wmo hulpmiddelen
15
Landelijke Vreemdelingen Voorziening
-44
Werkdrukverlaging jeugdbescherming
112
120
-2
-3
Dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden
136
151
151
160
170
Loon- en prijsbijstelling Voogdij 18+
6
7
7
7
7
Basisregistratie Personen (BRP) experiment
2
122
127
131
1
1
Ketensystemen Jeugd
Besparingsverlies Jeugd
23
1.936
Vrijval reservering compensatieregelingen Voogdij 18+
124
Handhaving energielabel C kantoren Correctie extrapolatie participatie
1 30
IU/DU/SU Uitvoeringskosten Omgevingswet
216
Uitvoeringskosten Lbv en Lbv-plus
32
Gemeentelijke antidiscriminatie voorzieningen
8
Nationaal actieplan dakloosheid
559
559
559
Regionale doelgroepspecifieke aanpak
137
137
137
Voorschoolse voorziening peuters (DU)
-
-
Maatschappelijke begeleiding (DU)
9
Jeugdhulp kinderen in een AZC (DU)
20
Einde lening inburgeringsplichtig (DU)
3
559
559
-
-
-
20
20
20
20
-
-
-
-
1.566
1.567
1.567
1.567
1.567
818
533
523
484
508
3.486
5.173
3.203
3.044
3.117
Armoedebestrijding kinderen (DU) 3 D’s in het sociaal domein Beschermd wonen (IU) Participatie (IU) Totaal
Het voorgestelde nieuwe beleid Bij de behandeling van de perspectiefnota 2025 (uw raadsvergadering van 30 mei 2024) heeft u besloten om de volgende uitgangspunten te hanteren voor de begroting 20252028: a. een structureel sluitende begroting en een gezond meerjarenperspectief; b. voldoende weerstandsvermogen. Daarnaast hebben wij in de perspectiefnota de verwachte trends, ontwikkelingen, kansen en risico’s nader geduid. Wij hebben u aangegeven dat in de begroting 2025 de concrete voorstellen en uitwerkingen volgen. Naast de inhoud van de perspectiefnota hebben zich nog diverse ontwikkelingen voorgedaan die tot nieuwe voorstellen leiden. Onderstaand treft een samenvatting aan van de bedragen van het door ons voorgestelde nieuwe beleid. De in de onderstaande tabellen opgenomen voorstellen worden in het betreffende programma verder toegelicht met corresponderende nummering. In uw raadsvergadering van 27 juni 2024 heeft u de 1e bestuurlijke monitor 2024 vastgesteld. In deze bestuurlijke monitor zijn diverse structurele mutaties opgenomen die van invloed zijn op de begroting 2025. Deze structurele mutaties zijn verwerkt in de begroting 2025 en het meerjarenperspectief 2026-2028. In de volgende tabellen treft u een overzicht aan van alle nieuwe ontwikkelingen in deze begroting.
18
Programma 1. Doetinchem 2036 Omschrijving nieuw beleid
Begroting 2025 Meerjarenraming Meerjarenraming Meerjarenraming 2026 2027 2028 Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
1 Kadernota VNOG 2025-2028
-
160
-
-37
-
38
-
143
2 In- en uitbreiding bedrijventerreinengereedsschapskist gebiedsmakelaar
-
50
-
-
-
-
-
-
3 Doetinchem 2036, 1 FTE werkvoorbereiding
-
64
-
86
-
86
-
86
4 Doetinchem 2036, 1 FTE projectleiding
-
82
-
109
-
109
-
109
5 Doetinchem 2036, 1 FTE programmamanager wonen
-
91
-
122
-
122
-
-
6 Regioprogramma 80 jaar Vrijheid Achterhoek Liemers
-
24
-
-
-
-
-
-
7 Uitvoeringsprogramma mobiliteit
-
200
-
-
-
-
-
-
8 Verdeling extra indexatie maatschappelijke organisaties
-
30
-
30
-
30
-
30
9 Hogere indexatie software (Gibit) dan Pbbp
-
3
-
3
-
3
-
3
10 Gemeentefonds 2028
-
-
-
-
-
-
-
-78
11 Amendement BUHA 2024
-
663
-
663
-
663
-
663
12 Woningbouwontwikkeling en samenhangende voorzieningen
-
500
-
500
-
-
-
-
13 Investeringen (Meerjaren Investeringsplan - MIP)
-
-7
-
52
-
280
-
513
-
1.860
-
1.528
-
1.331
-
1.469
Totaal nieuw beleid programma 1
19
Programma 2. Sociale en veerkrachtige samenleving Nr. Omschrijving nieuw beleid
Begroting 2025
Meerjarenraming Meerjarenraming Meerjarenraming 2026 2027 2028
Baten
Baten
Lasten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
14 Autonome ontwikkelingen Hbh
-
426
-
426
-
426
-
426
15 Verlengen overeenkomst Saza
-
6
-
6
-
6
-
6
16 Structurele financiering IHP (2028 e.v.)
-
-
-
-
-
-
-
67
17 Laborijn
-
-
-
109
-
67
-
700
700
700
700
700
700
-
-
19 Verdeling extra indexatie maatschappelijke organisaties
-
-30
-
-30
-
-30
-
-30
20 Reparatiebudget binnensport
-
136
-
136
-
136
-
136
21 Uitvoering lokale leerplicht
-
12
-
12
-
12
-
12
22 Regionaal inkoopproces WMO/Jeugdhulp 2024-2025
-
43
-
-
-
-
-
-
23 Jongerenwerk
-
80
-
80
-
80
-
80
24 Verstevigen sociale basis met wijk- en buurtverbinders
-
115
-
115
-
115
-
115
25 Afbouw formatie regionale toegangstaak Wmo beschermd wonen
-
-
-
-
-
-
-
-
26 Hogere indexatie software (Gibit) dan pBbp
-
2
-
2
-
2
-
2
27 Septembercirculaire 2023 gemeentefonds
-
392
-
281
-
277
-
277
28 Gemeentefonds 2028
-
-
-
-
-
-
-
-476
29 Verlaging gemeentebrede subsidies vanaf 2025 met € 750.000
-
-462
-
-582
-
-582
-
-582
700
1.420
700
1.255
700
1.209
-
33
18 Cultuurvisie
Totaal nieuw beleid programma 2
Programma 3. Aantrekkelijke, gezonde en duurzame leefomgeving Nr. Omschrijving nieuw beleid
Begroting 2025 Meerjarenraming Meerjarenraming Meerjarenraming 2026 2027 2028 Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
30 Subsidieregeling water en groen
25
50
25
50
25
50
25
50
31 Amendement BUHA 2024
33
814
33
814
33
814
33
814 87
32 Formatie Bouwloket
-
71
-
87
-
87
-
33 Aanpak Hitte(stress) en droogte
500
500
500
500
-
-
-
-
34 Hogere indexatie software (Gibit) dan pBbp
-
2
-
2
-
2
-
2
35 Septembercirculaire 2023 gemeentefonds
-
311
-
311
-
311
-
311
36 Pilot afgestemde projecten in 1 wijk met meerwaarde en benutting van koppelkansen
-
20
-
-
-
-
-
-
822
822
878
878
1.058
1.058
1.115
1.115
1.380
2.590
1.436
2.642
1.116
2.322
1.173
2.379
37 Investeringen (Meerjaren Investeringsplan - MIP) Totaal nieuw beleid programma 3
20
Programma 4. Organisatie en financiën Nr. Omschrijving nieuw beleid
Begroting 2025
Meerjarenramin g 2026
Meerjarenramin g 2027
Meerjarenramin g 2028
Baten
Baten
Baten
Baten
Lasten
Lasten
Lasten
Lasten
38 Griffie - Raadscommunicatie
-
63
-
63
-
63
-
63
39 Hogere indexatie software (Gibit) dan pBbp
-
4
-
4
-
4
-
4
40 Septembercirculaire 2023 gemeentefonds
-
1.233
-
1.128
-
3.491
-
3.491
41 Gemeentefonds 2028
-
-
-
-
-
-
-
-65
42 Verlaging gemeentebrede subsidies vanaf 2025 met € 750.000
-
671
-
582
-
582
-
582
43 Functioneel beheerder personeelsinformatiesysteem
-
71
-
82
-
82
-
82
44 Verduurzaming gemeentelijk vastgoed met Dumava-subsidie
-
-
-
-
-
-
-
-
45 Luchtfoto’s
-
5
-
5
-
5
-
5
46 eHerkenning
-
-
-
-
-
-
-
-
47 VNG (Fonds GGU)
-
80
-
80
-
80
-
80
48 BUHA (niet sluitende begroting agv loon- en prijsontwikkelingen)
-
2.429
-
-
-
-
-
-
49 Amendement BUHA 2024
-
-1.444
-
-1.444
-
-1.444
-
-1.444
50 Verlengen overeenkomst Saza
-
-6
-
-6
-
-6
-
-6
51 Investeringen (Meerjaren Investeringsplan - MIP)
-
-
-
30
-
30
-
29
-
3.106
-
524
-
2.887
-
2.821
Totaal nieuw beleid programma 4
Algemene dekkingsmiddelen Nr. Omschrijving nieuw beleid
Begroting 2025 Baten
52 Septembercirculaire 2023 gemeentefonds
2.287
Lasten
Meerjarenraming 2026
Meerjarenraming 2027
Meerjarenraming 2028
Baten
Baten
Baten
Lasten
Lasten
Lasten
-
1.738
-
3.800
-
3.800
-
-
-
-
-
4.516
-
53 Gemeentefonds 2028
-
-
54 Inhuur WOZ-capaciteit
-
50
55 MC24 - 19 uitkeringspunten BCF (100%)
1.908
-
1.841
-
1.857
-
1.871
-
56 MC24 - extra inwoners en woningen (uitgangspunt = BZK)
539
-
627
-
686
-
738
-
57 Hogere indexatie software (Gibit) dan pBbp
-
3
-
3
-
3
-
3
4.734
53
4.206
3
6.343
3
10.925
3
Totaal nieuw beleid Algemene dekkingsmiddelen
21
Overhead Nr. Omschrijving nieuw beleid
Begroting 2025
Meerjarenramin Meerjarenramin Meerjarenramin g 2026 g 2027 g 2028
Baten
Lasten
Baten
-118
-
-
-
-
-
-
-
-
135
-
134
-
135
-
104
60 ICT Begroting 2024
1.273
1.273
1.273
1.273
1.273
1.273
1.273
1.273
61 Kantoorwerkconcept
-85
-244
-85
-244
-85
-85
-85
-85
62 Omzettaakstelling Doetinchem 2036, 1 FTE werkvoorbereiding
-
-108
-
-108
-
-108
-
-108
63 Hogere indexatie software (Gibit) dan Pbbp
-
25
-
26
-
26
-
26
-
-5
-
-5
-
-5
-
-5
52
-
52
-
52
-
52
-
1.240
1.205
58 Huurinkomsten Bergzicht 59 Opslag Overhead nieuwe functies
64 Luchtfoto's 65 Bijdrage partners functioneel beheerder personeelsinformatiesysteem Totaal nieuw beleid Overhead
1.122
1.076
1.240
Lasten
Baten
1.076
1.240
Lasten
Baten
1.236
Lasten
Mutaties in de reserves De structurele financiering van het IHP wordt toegevoegd aan het Investeringfonds onderwijs. Zie voor de toelichting programma 2. Sociale en veerkrachtige samenleving (nummer 16 toelichtingen nieuw beleid). De woningbouwontwikkeling en samenhangende voorzieningen wordt onttrokken aan het Investeringsfonds. Zie voor de toelichting programma 3. Aantrekkelijke, gezonde en duurzame samenleving (nummer 12 toelichting op het nieuwe beleid). Nr. Omschrijving nieuw beleid
Begroting 2025
Meerjarenraming Meerjarenraming Meerjarenraming 2026 2027 2028
Baten
Baten
16 Structurele financiering IHP (2028 e.v.)
Lasten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
-
-
-
-
-
-
-
205
12 Woningbouwontwikkeling en samenhangende voorzieningen
500
-
500
-
-
-
-
-
Totaal nieuw beleid Mutaties in de reserves
500
-
500
-
-
-
-
205
Naast de bovenstaande mutaties wordt u voorgesteld om ter dekking van de nog niet gerealiseerde maatregelen in het sociaal domein in jaarschijf 2025 € 681.000 ten laste van de bestemmingsreserve crisisherstelfonds te brengen. Besparingsmogelijkheden Om de nieuwe beleidsvoorstellen uit te kunnen voeren, stellen wij u de onderstaande besparingsmogelijkheden voor. Het totaal van de voorstellen is in de onderstaande tabel opgenomen met onder de tabel een toelichting: Omschrijving bedragen x € 1.000
Begroting 2025
Meerjarenraming 2026
Meerjarenraming 2027
Meerjarenraming 2028
Afronding bedragen
328
329
331
332
Besparing loonkosten 2025 (incidenteel)
500
-
-
-
Verlenging regeling ontheemden Oekraïne
1.000
-
-
-
100
100
100
100
1.928
429
431
432
Opbrengst dividend o.b.v. 5-jaars gemiddelde Totaal
22
Toelichting besparingsmogelijkheden Afronding bedragen De bedragen in de begroting groter dan € 10.000 hebben wij afgerond op € 1.000. Hiermee kan een voordeel worden behaald van € 328.000 in het begrotingsjaar 2025. In het meerjarenperspectief wijken de bedragen gering af van het voordeel in 2025. Besparing loonkosten inclusief overhead In verband met de verwachte onderuitputting van de loonkosten en overhead wordt een voordeel in 2025 geraamd van € 500.000. Op basis van de ervaringen van de laatste jaren is de besparing op de loonkosten en overhead opgenomen. Dividend Met betrekking tot de dividendopbrengsten hebben we de opbrengst van de laatste 5 jaren in beeld gebracht. Op basis van deze analyse kunnen we een voordeel inboeken van € 100.000. Regeling ontheemden Oekraïne Onlangs is de regeling ontheemden Oekraïne verlengd tot en met 4 maart 2026. Op basis van de verlenging hebben wij een netto voordeel opgenomen van € 1.000.000.
23
2.5 Financiële positie begroting ná nieuwe ontwikkelingen en gemeentefonds Indien we de financiële uitgangspositie uit hoofdstuk 2.3 en de ontwikkelingen uit hoofdstuk 2.4 samenvatten dan ontstaat het volgende beeld: Omschrijving (bedragen x € 1.000)
Begroting 2025
Meerjarenra ming 2026
Meerjarenra ming 2027
Meerjarenra ming 2028
Resultaat geamendeerde begroting 2024
986
148
218
218
Ontwikkeling gemeentefonds 2024 (MC)
-3.298
1.768
1.181
1.040
Nominale ontwikkeling 2025 (netto)
-915
-1.606
-781
-4.662
Nieuw beleid programma 1 (saldo van baten en lasten)
-1.860
-1.528
-1.331
-1.469
Nieuw beleid programma 2 (saldo van baten en lasten)
-720
-555
-509
-33
Nieuw beleid programma 3 (saldo van baten en lasten)
-1.210
-1.206
-1.206
-1.206
Nieuw beleid programma 4 (saldo van baten en lasten)
-3.106
-524
-2.887
-2.821
Nieuw beleid algemene dekkingsmiddelen (saldo van baten en lasten)
4.681
4.203
6.340
10.922
Nieuw beleid overhead (saldo van baten en lasten)
46
164
4
35
Nieuw beleid mutaties in de reserves (saldo van baten en lasten)
500
500
-
-205
Besparingsmogelijkheden
1.928
429
431
432
Mutaties bestaand beleid
-68
2
-2
-94
-3.036
1.795
1.458
2.157
Totaal resultaat van baten en lasten ná ontwikkelingen
In 2025 presenteren we een nadelig begrotingsresultaat, voor de volgende begrotingsjaren kunnen we een positief begrotingsresultaat tonen. In hoofdstuk 2.6 geven wij u inzicht in de structurele ontwikkeling van het begrotingsresultaat. Op basis van deze uitkomst (het structurele begrotingsresultaat bedraagt voor de jaren 2025, 2026 en 2028 positief en in 2027 nagenoeg nihil) stellen wij u voor, mede gezien de huidige omvang van de algemene reserve, het incidentele nadeel in het begrotingsjaar 2025 te dekken uit de algemene reserve. Invulling taakstellingen In de begroting 2025 zijn een aantal taakstellingen verwerkt die wij in de onderstaande tabel hebben samengevat. Behoudens de taakstelling 'besparing loonkosten 2025' zijn de taakstellingen de uitkomst van de maatregelen zoals zijn ingezet bij de begroting 2024. De taakstellingen zijn voor jaarschijf 2025 ingevuld. Aan de taakstelling voor 2026 wordt tot eind 2024 nog gewerkt. De definitieve voorstellen worden verwerkt in de begroting 2026. Omschrijving (bedragen x € 1.000)
Begroting 2025
Meerjarenra ming 2026
Meerjarenra ming 2027
Meerjarenra ming 2028 89
Restant taakstelling bezuiniging subsidies (€ 750.000)
-
89
89
Programma 2. Sociale en veerkrachtige samenleving
-
180
-
-
Totaal taakstellingen
-
269
89
89
Toelichting taakstellingen Restant taakstelling bezuiniging subsidies ( voor 2025 ingevuld, nog in te vullen in 2026 € 89.000 van de voorgenomen besparing van € 750.000) In de afgelopen periode zijn er moeilijke keuzes gemaakt die de financiën van onze verbonden partijen hebben geraakt. De huidige financiële positie geeft geen ruimte om structurele investeringen te doen. Zodra er in de komende jaren ruimte ontstaat zoeken we naar gerichte incidentele impulsen om de uitvoeringskracht van onze verbonden partijen en gesubsidieerde instellingen te versterken om daarmee te werken aan de brede sociale basis. Naast de verbonden partijen maakt de gemeente Doetinchem in dit verband ook afspraken met gesubsidieerde instellingen. Voor de invulling van het restant
24
van de taakstelling bezuiniging subsidies wordt op dit moment een voorstel ontwikkeld. Het voorstel wordt aan het einde van het jaar 2024 afgerond en verwerkt in de begroting 2026. Programma 2. Sociale en veerkrachtige samenleving (voor 2025 € 2,6 mln. ingevuld, nog in te vullen in 2026 € 180.000) In het sociaal domein zijn beheersmaatregelen ingezet sinds de zomer van 2023, ter voorkoming van overschrijding van budgetten. Aanleiding van de overschrijding was de herijking van tarieven met aanbieders voor maatwerkvoorzieningen. Door deze beheersmaatregelen wordt op dit moment gewerkt aan een nieuw inkooptraject voor maatwerkvoorzieningen Wmo en Jeugd, met als doel nieuwe contracten per 1 januari 2026. Ondanks de na-ijlende gevolgen van de Coronacrisis en de opvang van Oekraïners zien we een stabilisatie in de aantallen indicaties en cliënten. Deze stabilisatie is toe te schrijven aan het succes van in de toegang genomen beheersmaatregelen. Bij andere vergelijkbare gemeenten is namelijk nog steeds sprake van toenames. Wel constateren we dat de genomen maatregelen een vertraagd effect hebben als gevolg van lang lopende indicaties van inwoners met maatwerkvoorzieningen en het feit dat de aangescherpte Verordening op 1 juli 2024 van kracht is geworden. Dit maakt dat het lastig wordt om de nog in te vullen taakstelling van € 2,6 mln. in 2025 te realiseren.
Dit zal ook in 2024 financiële consequenties hebben, waarover we zullen rapporteren in de tweede Bestuurlijke Monitor 2024. In de meicirculaire 2024 zijn voor de jeugdzorg incidenteel voor € 1,9 mln. middelen beschikbaar gesteld, om niet beoogde kosten in de jeugdzorg te compenseren. Dit na onder andere een oproep en gesprekken vanuit de G7 gemeenten, waar Doetinchem onderdeel van uitmaakt. Deze middelen willen we inzetten ter invulling van de hiermee samenhangende taakstelling. Resteert voor 2025 nog een incidenteel tekort van € 681.000. Hiertoe doen we een incidenteel beroep op de reserve Crisisherstelfonds, die dient ter dekking van extra kosten als gevolg van crises of daartoe in het leven geroepen regelingen ter ondersteuning van Inwoners, bedrijven, maatschappelijke instellingen en verenigingen in Doetinchem. Ook in 2025 zullen we de effecten van de beheersmaatregelen op de voet volgen. Aan de hand daarvan wordt waar nodig bijgesteld. Het resultaat daarvan wordt vastgelegd in de P&C cyclus. Het inkooptraject, met als doel nieuwe contracten met aanbieders van maatwerkvoorzieningen Wmo en Jeugd per 1 januari 2026, geeft de gemeente meer sturingsmogelijkheden in de toegang dan de huidige contracten. Het gaat hier met name om de sturing op doorlooptijd van indicaties en intensiteit van ingezette voorzieningen.
Met deze aanvullende sturingsmogelijkheden zullen de structurele overschrijding van budgetten worden ondervangen. Voor het incidentele tekort van € 180.000 in 2026 wordt een voorstel voorbereid en verwerkt in de begroting 2026.
25
2.6 Structureel en reëel sluitende begroting Structureel evenwicht Het eerste hoofduitgangspunt van ons financieel begrotingsbeleid is een structureel sluitende begroting. Bij de toelichting op de uitgangspunten in paragraaf 2.2 is aangegeven dat het erom gaat dat we ervoor zorgen dat de langjarige (structurele) uitgaven ook worden gedekt door langjarige (structurele) inkomsten. In onderstaande overzicht is het financiële beeld uitgedrukt in structurele en incidentele ontwikkelingen. In het volgende overzicht is de meerjarige ontwikkeling van het structurele begrotingssaldo weergegeven. Ter bepaling van dit saldo moet duidelijk zijn welke geraamde baten en lasten structureel zijn en welke incidenteel. In deel 5, de financiële begroting, treft u de onderdelen aan die als onderbouwing dienen voor het volgende overzicht: • Het overzicht van baten en lasten (art. 17 BBV) • Het overzicht van beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves (art. 19, lid d BBV) • Het overzicht van geraamde incidentele baten en lasten (art. 19, lid c BBV) Uit het volgende overzicht blijkt dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten in de begroting 2025 te dekken. Omschrijving (bedragen x € 1.000)
Begroting 2025
Meerjarenraming 2026
Meerjarenraming 2027
Meerjarenraming 2028
Het geraamde totaal saldo baten en lasten vóór de beoogde reservemutaties
5.827
2.976
2.651
3.636
Structurele onttrekkingen aan de reserves conform hoofdstuk 4.1.2
3.030
3.149
3.127
3.124
Structurele toevoegingen aan de reserves conform hoofdstuk 4.1.2
-4.661
-5.357
-4.566
-4.561
Het structurele saldo van baten en lasten ná bestemming
4.196
768
1.212
2.199
Incidentele baten conform hoofdstuk 4.1.2
-40.331
-19.891
-7.248
-6.526
Incidentele lasten conform hoofdstuk 4.1.2
38.799
19.254
5.983
5.331
Het structurele saldo van baten en lasten
2.664
131
-53
1.004
Het structurele saldo uitgedrukt in de structurele baten
0,95%
0,05%
-0,02%
0,35%
Reëel evenwicht Naast structureel evenwicht moet de begroting ook reëel in evenwicht zijn. De geraamde bedragen in deze begroting zijn volledig en realistisch. De provinciale toezichthouder stelt de (wettelijke) eis dat de structurele baten minimaal de structurele lasten dekken en de ramingen realistisch zijn. Wanneer de jaarschijf 2025 van de begroting 2025 niet structureel en reëel in evenwicht is, dan moet aannemelijk zijn dat dit evenwicht uiterlijk in het laatste jaar van de meerjarenraming tot stand wordt gebracht. Als aan het structurele evenwicht en het reëel ramen wordt voldaan komt de gemeente in aanmerking voor de minst belastende vorm van toezicht, namelijk repressief toezicht door de provincie. We stellen vast dat de begroting 2025 structureel sluitend is en reëel in evenwicht is. Hiermee voldoen we aan beide normen. De jaarschijven 2026 en 2028 zijn eveneens structureel sluitend, jaarschijf 2027 sluit nagenoeg nihil. Inzet surplus In de perspectiefnota is aangegeven dat er de mogelijkheid bestaat, wanneer er onvoldoende structurele begrotingsruimte is, dat gemeenten het surplus op de algemene reserve, bij een voldoende solvabiliteit mogen inzetten.
26
Het surplus van de algemene reserve is dat deel dat niet nodig is voor het afdekken van risico’s (weerstandscapaciteit). Van dit vrij besteedbare deel (surplus) kan een gemeente jaarlijks maximaal 10% inzetten voor het dekken van structurele lasten. Met de voorwaarde dat de solvabiliteit groter of gelijk aan 20% is en blijft. De inzet van het surplus algemene reserve (= vrije reserve) wordt door dit gebruik als structurele baat bestempeld. Omdat in Doetinchem in jaarschijf 2025 de structurele ruimte voldoende is, kan er een incidentele uitname plaats vinden aan de algemene reserve en behoeft de spelregel inzet van het surplus niet te worden toegepast. Voldoende structurele ruimte in 2025 is ook mede de reden dat de bestemmingsreserve Crisisherstelfonds vooralsnog wordt gehandhaafd. We zullen volgend jaar een definitieve afweging maken en u een voorstel doen op welke wijze we met deze reserve om willen gaan.
27
2.7 Ontwikkeling algemene reserve Het hiervoor gepresenteerde financiële beeld leidt tot mutaties in de algemene reserve. De algemene reserve vormt, naast de stelpost onvoorziene uitgaven, het hoofdbestanddeel van de weerstandscapaciteit. De weerstandscapaciteit vormt de buffer voor de financiële risico's van de gemeente. De verhouding tussen beide bestanddelen noemen we het weerstandsvermogen. (Verwachte) stand algemene reserve (bedragen x € 1.000) Stand per 1-1
Realisatie 2023
Begroting ná wijziging 2024
Begroting Meerjaren- Meerjaren- Meerjaren2025 raming raming raming 2026 2027 2028
30.532
41.344
37.470
35.147
37.688
Mutaties jaarstukken (saldo)
14
2.304
-
-
-
-
Rentetoevoeging
503
776
711
745
762
762
1e bestuurlijke monitor 2024
39.908
-
-2.904
-
-
-
-
Resultaat jaarstukken c.q. begroting
10.295
-4.050
-3.034
1.796
1.458
2.160
Stand per 31-12
41.344
37.470
35.147
37.688
39.908
42.830
28
2.8 Vermogenspositie Het tweede financiële hoofduitgangspunt van de begroting betreft voldoende weerstandsvermogen. Dat geeft de verhouding weer tussen onze weerstandscapaciteit en de financiële risico’s. Deze verhouding wordt uitgedrukt in de weerstandsratio. Zoals in 2.2 al is vermeld, stellen we vanaf de begroting 2022 de norm voor de weerstandsratio tussen de 1,0 en 1,5. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing is de meest recente vermogenspositie geschetst. Daarbij zijn de mutaties in de algemene reserve verwerkt, die voortvloeien uit het financieel meerjarenperspectief. Hieruit blijkt dat wanneer de beschikbare weerstandscapaciteit in de gehele perspectiefperiode 20252028 wordt afgezet tegen de gekwantificeerde risico's, de gemeente Doetinchem over voldoende weerstandsvermogen beschikt. De weerstandsratio bedraagt in 2025 circa 1,52 en loopt in de jaren erna licht op tot 1,85. Dit ligt boven de norm zoals in de begroting 2022 is vastgesteld. Zoals eerder in dit hoofdstuk en in de 'Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing' wordt betoogd, dient de weerstandsratio mede te worden bezien in relatie tot maatschappelijke ontwikkelingen en nog niet te kwantificeren risico's voor onze gemeente.
29
3. Beleidsbegroting
30
3.1 Het programmaplan
31
3.1.1 Programma - Doetinchem 2036 In november 2023 stelde uw gemeenteraad de ambitie vast voor Doetinchem 2036 in de omgevingsvisie 'Kloppend hart van de Achterhoek'. Onze groeiambitie wordt vormgegeven met een aantal grote opgaven, die hieronder samen met een aantal voorwaardelijke opgaven worden genoemd: A. Doetinchem geeft prioriteit aan gebiedsontwikkeling in de spoorzone B. Doetinchem zet in op versnelling van woningbouwontwikkeling C. Doetinchem versterkt haar economie met aantrekkelijke werklocaties D. Doetinchem centrumstad met goede en aantrekkelijke voorzieningen E. Doetinchem investeert in een bruisende binnenstad F. Doetinchem investeert in een vitaal landelijk gebied G. Doetinchem is goed bereikbaar per fiets, openbaar vervoer en met de auto H. Doetinchem is een veilige gemeente Wat willen we bereiken? A. Doetinchem geeft prioriteit aan gebiedsontwikkeling in de spoorzone Doetinchem wil graag als centrumgemeente een sterke gemeenschap zijn met goede voorzieningen. Vanuit de ambitie om in 2036 door te groeien naar 70.000 inwoners is de spoorzone aangewezen als geprioriteerde opgave. Dat betekent dat we als eerste naar dit gebied kijken om de opgaven te laten landen. Daardoor is het een gebiedsontwikkeling waar wonen, werken, leren en ontmoeten bij elkaar komen.
Wat gaan we daarvoor doen? A1 Opstellen masterplan en ontwikkelstrategie gebied spoorzone Spoorzone is een groot herontwikkelingsgebied van ruim 50 ha. waarin tal van gemeentelijke opgaven en (deel-)projecten samenkomen. Om de onderlinge samenhang en de integraliteit daarvan te borgen, wordt programmasturing toegepast. Na de vaststelling van de Structuurschets Spoorzone door de gemeenteraad wordt deze structuurschets opgewerkt naar een Masterplan Spoorzone. Dit Masterplan kent drie hoofdelementen. Het eerste is het nader formuleren van de gemeentelijke beleidsambities voor dit gebied. Het tweede element betreft een verdere aanscherping van de stedenbouwkundige spelregels. Het derde element gaat over het financieel raamwerk, waarin onder meer de kosten van de gebiedsinrichting worden begroot, de financiële gevolgen voor de eigen grondexploitaties en het kostenverhaal richting derden. Het ontwikkelingsgebied Spoorzone bestaat uit meerdere deelontwikkelingen en opgaven. Twee van deze deelontwikkelingen zijn de herontwikkeling van de Laborijnlocatie en de realisatie van de Woongemeenschap. Daarnaast liggen er voor dit gebied meer algemene opgaven om uit te werken, zoals lobby, marketing, communicatie, subsidieverwerving en place making. Ook het mobiliteits- en parkeervraagstuk is een meer algemene opgave voor de Spoorzone.
Bovendien zijn deze vraagstukken sterk verweven met de gemeentelijke mobiliteits- en parkeervisies. De kosten worden, na het maken van een overall grondexploitatie Spoorzone, naar rato aan de verschillende deelontwikkelingen toegerekend. Dat zijn enerzijds eigen deelgrondexploitaties (zoals de ontwikkelingen Laborijnlocatie en Woongemeenschap) en anderzijds via kostenverhaal ingeval van ontwikkelingen die door derden worden getrokken. Vooralsnog worden deze kosten gedekt vanuit het Voorbereidingskrediet Ruimtelijke Projecten. Het budget hiervan is € 2,2 mln. Daarmee is er voldoende dekking voor programma Spoorzone en kunnen ook andere projecten worden bediend. De provincie heeft een toezegging gedaan qua budget en personele inzet in het kader van ‘versnelling woningbouw’. Naar de toekomst wordt in het programmateam actief gekeken waar kansen liggen voor subsidies en wordt aangehaakt op de lobbystrategie van de gemeente om cofinanciering te vinden op de verdere uitvoering van het programma.
32
Wat willen we bereiken? B. Doetinchem zet in op versnelling van woningbouwontwikkeling. In 2024 hebben we de ontwikkelstrategie wonen opgesteld. Daarin staat aangegeven waar we de komende jaren nieuwe woningbouwontwikkelingen uitvoeren of faciliteren. En welke instrumenten we daarbij inzetten. Wat gaan we daarvoor doen? B1 Uitvoering geven aan de ontwikkelstrategie wonen In 2025 zullen de eerste locaties opgepakt worden. Dit gaan we samen met de markt doen op een efficiënte en innovatieve wijze. Ook betrekken we financieringsvormen zoals fondsvorming en bovenplans verevenen bij projecten. Uitgangspunt is het realiseren van de afspraken in zowel Woondeal A als Woondeal B, waar het gaat om de sociale en betaalbare opgave. Wat willen we bereiken? C. Doetinchem versterkt haar economie met aantrekkelijke werklocaties Samen met ondernemers en organisaties werken we aan het verder versterken van de economie. Hierbij kennen we de ambitie om Doetinchem neer te zetten als de banenmotor in een krachtige Achterhoekse economie, ruimte te bieden voor ondernemerschap en bedrijvigheid en talent op alle niveaus te boeien en te binden. Hierbij kent de gemeente Doetinchem een unieke beleving door haar mentaliteit, voorzieningen en groene omgeving.
Wat gaan we daarvoor doen? C1 Uitvoering geven aan de strategische economische koers De diverse pijlers uit de strategische agenda Toplocatie Oost hebben in 2023 en 2024 vorm gekregen. Binnen ieder van de vier pijlers lopen diverse acties in samenwerking met het bedrijfsleven. In 2025 worden de strategische doelen herijkt, passend bij de huidige kansen en uitdagingen van Doetinchem en haar omgeving. Zo wordt de Strategie Werklocaties verder omgezet in acties en keuzes over in- en uitbreiding. Ook wordt de opgestelde citybrandingsstrategie ten uitvoer gebracht en worden voor de steeds krapper wordende arbeidsmarkt slimme campagnes en samenhangende acties met Werk & Inkomen opgezet. De Spoorzone krijgt een sterke economische lading (ook in termen van studentenhuisvesting) en de lobby om Rijkswerkgelegenheid naar Doetinchem te halen wordt voortgezet. Daar waar onze gemeentelijke verantwoordelijkheid en invloed op de lokale en regionale economie ligt, wordt deze voortvarend opgepakt. We zetten ons in om de sterke centrumfunctie van onze stad verder te versterken, gebruikmakend van de kansen die "Elke Regio Telt!" biedt voor de Achterhoek.