CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

B13.13 Bijlage 13 onderbouwing - archeologisch vooronderzoek

beeldvormende raad 14 oktober 2026, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 1: Wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2026-1G15.081 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Laagland Archeologie Rapport 1653 Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Noaberhoek en Laborijnlocatie , Doetinchem , gemeente Doetinchem (GD). september 2025 Versie 1. 1 (concept) In opdracht van: BJZ. nu Colofon v3.3 Laagland Archeologie Rapport 1653 Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Noaberhoek en Laborijnlocatie te Doetinchem, gemeente Doetinchem (GD) Auteur: EEN . NN (geanonimiseerd)(geanonimiseerd)(geanonimiseerd)(geanonimiseerd) In opdracht van: BJZ.nu Foto’s en tekeningen: Laagland Archeologie Status rapport: concept Redactie: MN (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) Senior KNA-archeoloog/Senior KNA-prospector: (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) kiwa gecertficeard ISSN 2468-4759 Laagland Archeologie BV Virulyweg 21F-G Almelo (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) E-mail: info@laaglandarcheologie.nl KvK-Nummer: 75251876 © Laagland Archeologie BV, Almelo, september 2025 Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie of op welke wijze dan ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgevers. Laagland Archeologie BV aanvaardt geen aansprakelijkheid voor eventuele schade voortvloeiend uit de toepassing van de adviezen of het gebruik van de resultaten van dit onderzoek.

Samenvatting Laagland Archeologie heeft in Augustus 2025 een Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase uitgevoerd aan de Noaberhoek en Laborijnlocatie te Doetinchem. Het onderzoek vond plaats in verband met de ruimtelijke procedure rondom de ontwikkeling van een woningbouwproject (Noaberhoek) en nieuwbouw en vervanging van de bebouwing voor Laborijn (Laborijnlocatie). Het onderzoek is uitgevoerd conform de protocollen SIKB KNA 4002 en 4003. Het bureauonderzoek had tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen. Centraal staat daarbij de vraag of en zo ja welke archeologische resten (complextype , datering , diepteligging en gaafheid) in het plangebied kunnen worden verwacht. Hiertoe zijn landschappelijke , archeologische en historische bronnen geraadpleegd. Aan hand van de geomorfologische kaart en aardkundige kaart van de gemeente Doetinchem ligt deelgebied Noaberhoek in een geul op een terraslaagte en deelgebied Laborijnlocatie ligt op de overgang van een zone met een plaggendek op dekzanden in het oosten en een rivierterrasvlakte van de Oude IJssel in het westen. Bodemkundig worden in het oostelijke deel van deelgebied Laborijnlocatie hoge bruine enkeerdgronden in leemarm en zwak lemig zand verwacht en in de rest van het plangebied kalkloze poldervaaggronden in lichte zavel.

Onder het plaggendek van de hoge bruine enkeerdgronden kan nog podzolvorming verwacht worden. Het plaggendek fungeert eveneens als een beschermende laag tegen bodemingrepen uit moderne tijden. In de omgeving van het plangebied zijn archeologische resten uit het Neolithicum tot en met de Nieuwe Tijd bekend. In historische tijden (vanaf circa 1832) werd deelgebied Noaberhoek en het westelijke deel van deelgebied Laborijnlocatie omschreven als weiland. Het oostelijke deel van deelgebied Laborijnlocatie werd omgeschreven als bouwland. Uit oude kaarten blijkt dat in deelgebied Noaberhoek rekening is te houden met bodemverstoring als gevolg van bebouwing vanaf ca. 1970. In deelgebied Laborijnlocatie is sprake van bebouwing vanaf ca. 1893. Voor deelgebied Noaberhoek is een lage verwachting opgesteld voor alle perioden vanaf het Paleolithicum tot en met de Nieuwe Tijd. Voor deelgebied Laborijnlocatie is een hoge verwachting opgesteld voor het Paleolithicum tot en met de Late Middeleeuwen. Het uitgevoerde verkennende booronderzoek heeft tot doel het verwachtingsmodel te toetsen en zonodig aan te vullen. Hiertoe zijn verspreid over het toegankelijke deel van het plangebied verkennende boringen gezet. In dit stadium is verkennend booronderzoek de meest efficiënte onderzoekswijze om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen.

Op de Lamborijnlocatie kan een gebied met een hoge archeologische verwachting , waar een dikke of matig dikke A-horizont is aangetroffen op de natuurlijke ondergrond worden afgebakend. De natuurlijke ondergrond in het plangebied bestaat uit dekzandafzettingen en/of afzettingen van vlechtende rivieren. Tegelijkertijd zijn er twee zones waar de boringen gestagneerd zijn. Om die reden is niet bekend in hoeverre de natuurlijke ondergrond intact is. Slechts in een relatief kleine zone is een duidelijk verstoorde profielopbouw aangetroffen en is duidelijk sprake van een lage archeologische verwachting. Op de Noaberhoek is een zone met een dik opgebracht grondpakket , waar de bodem eerst tot op de Laag van Wijchen is afgegraven. Ondanks dat er theoretisch nog resten van het Laat-Paleolithicum kunnen worden verwacht , wordt de archeologische verwachting voor deze zone in het noordwestelijk deel van het plangebied als laag ingeschat. Voor de rest heeft deelgebied Noaberhoek een hoge archeologische verwachting. Voor een deel is een Bw-horizont bewaard gebleven onder een bouwvoor (initiële A-horizont waar de oorspronkelijke A-horizont waarschijnlijk is afgegraven). Verder is in twee boringen een dikke A-horizont bewaard gebleven.

Op de Laborijnlocatie en de Noaberhoek zijn met behulp van de resultaten van het verkennend booronderzoek archeologische verwachtingszones aangewezen (Bijlage 13). Voor de zones met een lage archeologische verwachting adviseren we geen vervolgonderzoek uit te voeren en het plangebied vrij te geven. In de zones met een hoge archeologische verwachting of waar deze onbekend is , omdat de boringen zijn wordt nader archeologisch onderzoek geadviseerd conform protocol 4003 IVO (landbodems). Gelet op de te verwachten prospectiekenmerken en prospecteerbaarheid van een eventuele vindplaats wordt geadviseerd dit vervolgonderzoek uit te voeren in de vorm van een proefsleuvenonderzoek conform de KNA Leidraad Inventariserend Veldonderzoek Deel: Proefsleuvenonderzoek (IVO-P). Hiervoor is een door het bevoegd gezag goed te keuren Programma van Eisen benodigd. De implementatie van dit advies is in handen van de bevoegde overheid , de gemeente Doetinchem. De gemeente wordt hierin vertegenwoordigd door haar deskundige , de regio-archeologen van de Omgevingsdienst Achterhoek Mochten tijdens de werkzaamheden onverhoopt toch archeologische resten worden aangetroffen , of resten waarvan redelijkerwijze kan worden vermoed dat het om archeologische resten gaat , dan geldt op grond van de Erfgoedwet (art. 5. 10) een meldingsplicht. Dit kan bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE , www.

cultureelerfgoed). Samenvatting | ___________________________________________________ | 3 1 Inleiding | ____________________________________________________ | 6 1. 1 Aanleiding | onderzoek______________________________________________ | 6 1. 2 Afbakening | plan- en onderzoeksgebied | ________________________________ | 6 1. 3 Administratieve | gegevens | __________________________________________ | 7 1. 4 Huidige | situatie en toekomstig | gebruik ________________________________ | 9 1. 5 Geplande | verstoring _____________________________________________ | 11 1. 6 Gemeentelijk | beleid ______________________________________________ | 11 1. 7 Onderzoeksdoel | _________________________________________________ | 11 2 Inventarisatie | _______________________________________________ | 12 2. 1 Inleiding _______________________________________________________ | 12 2. 2 Landschappelijke | ontwikkeling | _____________________________________ | 12 2. 3 Archeologie | ____________________________________________________ | 14 2. 3. 1 | Bekende | archeologische | waarden | _________________________________ | 14 2. 3. 2 | Waarnemingen | _______________________________________________ | 14 2. 3. 3 | AMK-terreinen | ________________________________________________ | 15 2. 3. 4 | Gemeentelijke | verwachtingskaart | _________________________________ | 15 2. 3.

5 | Eerder archeologisch | onderzoek | __________________________________ | 15 2. 4 Historie _______________________________________________________ | 22 3 Conclusie | en verwachtingsmodel | _________________________________ | 28 3. 1 Conclusie ______________________________________________________ | 28 3. 2 Verwachtingsmodel | ______________________________________________ | 28 3. 3 Advies | ________________________________________________________ | 29 4 Veldonderzoek | _______________________________________________ | 30 4. 1 Beschrijving | onderzoeksmethodiek | __________________________________ | 30 4. 2 Resultaten: | lithologie , lithogenese en bodemontwikkeling | ________________ | 30 4.

3 Resultaten: | archeologie ___________________________________________ | 32 5 Conclusie | en verwachting | ______________________________________ | 33 6 Selectieadvies | _______________________________________________ | 34 literatuur _____________________________________________________ | 35 BIJLAGE | 1 | AMZ-cyclus | __________________________________________ | 39 BIJLAGE | 2 | Archeologische | perioden | _______________________________ | 40 BIJLAGE | 3 | Niet-toegankelijke | delen | voor veldonderzoek | _______________ | 41 BIJLAGE | 4 | Aardkundige | kaart ____________________________________ | 42 BIJLAGE | 5 | Geomorfologische | kaart ________________________________ | 43 BIJLAGE | 6 | Actueel | Hoogtebestand | Nederland | ________________________ | 44 BIJLAGE | 7 | Gemeentelijke | archeologische | verwachtingskaart | ____________ | 45 BIJLAGE | 8 | Bodemkaart | _________________________________________ | 46 BIJLAGE | 9 | Waarnemingen | , AMK-terreinen | en onderzoeksmeldingen | ______ | 47 BIJLAGE | 10 | Boorpuntenkaart | veldonderzoek | ________________________ | 48 BIJLAGE | 11 | Boorstaten | _________________________________________ | 50 BIJLAGE | 12 | Zonering | bodemopbouw | op basis van Voronoi-polygonen | _____ | 61 BIJLAGE | 13 | Advies | ____________________________________________ | 63 BIJLAGE | 14 | Verklarende | woordenlijst | ______________________________ |

65 Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Noaberhoek en Laborijnlocatie te Doetinchem , gemeente Doetinchem , Gelderland H O O F D S T U K 1 INLEIDING 1. 1 AANLEIDING ONDERZOEK De aanleiding voor het onderzoek vormt de geplande bouw van nieuwe woningen aan de Hamburgerbroeklaan-Ambachtsstraat-Terborgseweg te Doetinchem , gemeente Doetinchem (GD). De gemeente Doetinchem heeft een eigen archeologiebeleid. Op basis van het Omgevingsplan dient archeologisch onderzoek uitgevoerd te worden om aan te tonen dat eventueel aanwezige archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden geschaad door de geplande bouwactiviteiten. De opdrachtgever beoogt met het onderzoek de gemeentelijke paraaf te krijgen voor het onderdeel archeologie. Aanvullende wensen zijn niet kenbaar gemaakt. 1. 2 AFBAKENING PLAN- EN ONDERZOEKSGEBIED Het plangebied betreft de Noaberhoek en Laborijnlocatie in Doetinchem , gemeente Doetinchem (GD) , zie onderstaande afbeelding. 6 Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Noaberhoek en Laborijnlocatie te Doetinchem , gemeente Doetinchem , Gelderland Afbeelding 1. Ligging van het plan- en onderzoeksgebied. Bron: pdok. nl Het plangebied heeft een omvang van totaal 57 , ha. Voor een beter begrip van de bodemkundige omstandigheden en de archeologie van de planlocatie is een groter gebied bestudeerd.

Een zone van 250 m rondom het plangebied wordt voldoende geacht om de archeologische potentie van het plangebied in kaart te brengen. Deze zone wordt aangeduid als ‘onderzoeksgebied’. 1. 3 ADMINISTRATIEVE GEGEVENS ADMINISTRATIEVE GEGEVENS Provincie Gelderland Gemeente Doetinchem Plaats Doetinchem Beheerder/eigenaar grond - Toponiem Noaberhoek en Laborijnlocatie Kadastrale 1 perceelnummer(s) DTC01-L-2899 , -3065 , -3874 , -4840 , -4844 , -5185 , -5186 , -5475 Laagland Archeologie projectnummer DONO25 Datum conceptrapportage 25-9-2025 1 kadastralekaart. com 7 - Bureauonderzoek | en Inventariserend | veldonderzoek | verkennende | fase | Noaberhoek | en Laborijnlocatie | te Doetinchem, | gemeente | Doetinchem, | Gelderland XY-coördinaten | N: 217144/441493 O: 217752/441324 Z: 217645/441194 O: 217137/441403 Oppervlakte/lengte | totaal 5,7 ha Plangebied Datering Complextype Onderzoeksmeldingsnr | 5829630001 AMK-terrein | n.v.t.

- Type onderzoek | Bureauonderzoek | en Inventariserend | veldonderzoek verkennende | fase Datum | begin veldonderzoek | 18-9-2025 Datum | eind veldonderzoek | 18-9-2025 Opdrachtgever Goedkeuring | bevoegde | nog niet beoordeeld overheid Bevoegde | overheid | gemeente | Doetinchem Adviseur namens | bevoegde | de regio-archeologen | van de Omgevingsdienst | Achterhoek overheid Beheer | documentatie | Archeologisch | Depot | Gelderland E-depot | voor de Nederlandse | archeologie Archief Laagland | archeologie | BV Uitvoerder | Laagland | Archeologie | BV Virulyweg | 21F-G (geanonimiseerd)(geanonimiseerd)Ameo B (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) Projectleider/opsteller | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd) onderzoek | (geanonimiseerd)(geanonimiseerd)@laaglandarcheologie.nl Tabel | 1. Objectgegevens. 2 www.imergis.nl/htm/opentopo800.htm Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Noaberhoek en Laborijnlocatie te Doetinchem , gemeente Doetinchem , Gelderland 1. 4 HUIDIGE SITUATIE EN TOEKOMSTIG GEBRUIK Het plangebied bestaat uit twee deelgebieden , deelgebied Noaberhoek en deelgebied Laborijnlocatie. Het westelijke deel van deelgebied Noaberhoek ligt momenteel braak , het oostelijke deel is in gebruik als parkeerplaats. Deelgebied Laborijnlocatie is vrijwel volledig bebouwd of bestraat.

Het terrein bevat voor zover bekend geen kelders of andere ondergrondse kunstwerken en er zijn geen historisch waardevolle 3 bouwwerken in het plangebied aanwezig. Er vindt een ontwikkeling plaats van een woningbouwproject (Noaberhoek) en nieuwbouw en vervanging van de bebouwing voor Laborijn (Laborijnlocatie). In dit stadium is de exacte invulling van de plannen nog niet bekend. De milieutechnische condities , huidige en eventuele nieuwe waterpeil en of en zo ja wie de toekomstige gebruiker(s) wordt/worden zijn in dit stadium evenmin bekend. Onderstaande afbeelding toont de huidige en de gewenste nieuwe situatie. 3 bron: gemeentelijke monumentenlijst 9 Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Noaberhoek en Laborijnlocatie te Doetinchem , gemeente Doetinchem , Gelderland Afbeelding 2. Huidige situatie Noaberhoek (boven) en Laborijnlocatie (onder). Bron: pdok. nl 10 Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Noaberhoek en Laborijnlocatie te Doetinchem , gemeente Doetinchem , Gelderland 1. 5 GEPLANDE VERSTORING De ingrepen vinden plaats binnen het plangebied. De diepte van de geplande verstoring reikt vermoedelijk overwegend niet dieper dan ongeveer 100 cm –mv. Rioleringsbuizen kunnen dieper aangelegd worden. 1. 6 GEMEENTELIJK BELEID Per 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden.

In het omgevingsplan is aangegeven dat archeologisch onderzoek is vereist bij ingrepen groter dan 100 m 2 , indien geen andere regeling is opgenomen in het tijdelijke deel van het omgevingsplan (de zogenaamde ‘bruidsschat’ , waarin de oude bestemmingsplannen zijn opgenomen). Gemeenten hebben tot eind 2031 de tijd om die bestemmingsplannen om te zetten naar nieuwe onderdelen van het omgevingsplan. In de praktijk geldt dus nog het oude bestemmingsplan. Hierin is geregeld dat 2 archeologisch onderzoek nodig is bij ingrepen groter 250 men dieper dan 04 , m - 2 mv of 5000 m en dieper dan 03 , m -mv (Parapluherziening Archeologie – 2020 , Artikel 9 Waarde – Archeologische verwachting 3 en Artikel 12 Waarde – Archeologische verwachting 6). De omvang van de geplande verstoringen overschrijdt de vrijstellingsgrenzen zoals die in het vigerende Omgevingsplan zijn aangegeven. 1. 7 ONDERZOEKSDOEL Het uitgevoerde onderzoek behoort tot de eerste fasen in het huidige archeologische onderzoeksproces (zie bijlage 1). De initiatiefnemer beoogt met het hier uitgevoerde onderzoek te voldoen aan de gemeentelijke regelgeving omtrent archeologisch onderzoek. Het bureauonderzoek heeft tot doel een archeologisch verwachtingsmodel op te stellen aan de hand van bestaande bronnen , en te bepalen of en zo ja welke delen van het plangebied in aanmerking komen voor vervolgonderzoek.

Het verwachtingsmodel wordt getoetst en zo nodig aangevuld door middel van een verkennend booronderzoek. Op grond van de resultaten van dit onderzoek kan worden beoordeeld of en zo ja , welke vorm van vervolgonderzoek nodig is om de archeologische waarde van het gebied te kunnen vaststellen. 11 Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Noaberhoek en Laborijnlocatie te Doetinchem , gemeente Doetinchem , Gelderland H O O F D S T U K 2 INVENTARISATIE 2. 1 INLEIDING In dit hoofdstuk worden de relevante landschappelijke ontwikkeling en huidige bodemkundige situatie beschreven. Tevens wordt ingegaan op de bekende archeologische waarden in de omgeving van het plangebied en de historische situatie. Voor wat betreft de in de tekst genoemde archeologische perioden wordt verwezen naar bijlage 2. 2. 2 LANDSCHAPPELIJKE ONTWIKKELING Het plangebied ligt in het Overijssels-Gelders zandgebied. Dit landschap is gevormd tijdens de voorlaatste ijstijd (Saalien) en de laatste ijstijd (Weichselien). Kenmerkend voor dit gebied is het dekzandlandschap , met dekzandvlakten , - welvingen en –ruggen. Beken doorsnijden dit landschap en her en der komen grotere en kleine stuwwallen voor. Gedurende het Saalien was dit deel van Nederland geheel met landijs bedekt dat een dikte van honderden meters kon bereiken.

De stuwwallen ontstonden langs de flanken en het front van de voortkruiende , dikke ijsmassa. Ze bestaan uit oudere afzettingen van de voorloper van de Rijn (klei , zand , grind) , die door de gletsjers zijn weggedrukt. De glaciale afzettingen afkomstig van de ijskap (glaciaal , inclusief subglaciaal (keileem/grondmorene) , fluvioglaciaal (sandur , kame en esker ; (kei)zand) , en glaciale meersedimenten (klei met warven) die toen tot afzetting kwamen worden gerekend tot de Formatie van Drenthe. Tijdens de laatste fasen van het Weichselien werd het keileem afgedekt door dekzand (Formatie van Boxtel , Laagpakket van Wierden). Op de geomorfologische kaart (Bijlage 5) ligt het plangebied in een zone die niet in kaart gebracht is in verband met bebouwing. Ten zuidoosten en verder ten noordwesten van het plangebied liggen dekzandruggen (3B53) , een complex van dekzandwelvingen (3L51) , landduinen (14B58) met bijbehorende vlakten en laagten (11L54). Ten zuidwesten van het plangebied liggen meanderruggen en -geulen (3L42) en terrasvlakten (1M42) met restgeulen (22R43) en terrasresten of -ruggen (3B43) gerelateerd aan de Oude IJssel. In het plangebied zijn vermoedelijk dekzandruggen en meanderruggen en -geulen te verwachten. De gemeente Doetinchem heeft een eigen aardkundige kaart (zie Bijlage 4). Op de aardkundige kaart ligt deelgebied Noaberhoek op een geul in terraslaagte.

Deelgebied Laborijnlocatie ligt grotendeels in een zone met plaggendek. Het westelijke deel van het plangebied ligt in een rivierterrasvlakte met geul in terraslaagte. Op het AHN (Actueel Hoogtebestand Nederland) , zie bijlage 6 , is te zien dan het plangebied op de rand van het stroomgebied van de Oude IJssel en de dekzanden ligt. Op het detailoverzicht (Afbeelding 4) liggen beide deelgebieden relatief laag. In 12 Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Noaberhoek en Laborijnlocatie te Doetinchem , gemeente Doetinchem , Gelderland het zuidoostelijke deel van deelgebied Laborijnlocatie lijkt sprake te zijn van enige ophoging. Afbeelding 3. Uitsnede van het plangebied en omgeving op het AHN. Bodemkundig (Bijlage 8) ligt het plangebied in een zone die niet in kaart gebracht is in verband met bebouwing. Op de dekzanden en landduinen ten oosten van het plangebied liggen voornamelijk hoge bruine en zwarte enkeerdgronden in leemarm en zwak lemig fijn zand (bEZ21 , zEZ21) , vorstvaaggronden in lemig fijn zand (Zb23) en veldpodzolgronden in leemarm en zwak lemig fijn zand (Hn21). Ten oosten van deze dekzanden liggen voornamelijk beekeerdgronden in lemig fijn zand (pZg23) en leemarm en zwak lemig fijn zand (pZg21).

Direct ten westen van het plangebied liggen kalkloze poldervaaggronden in lichte zavel met profielverloop 5 (Rn15C) of zware zavel en lichte klei met profielverloop 5 (Rn95C). Verder ten westen van deze kalkloze poldervaaggronden liggen vorstvaaggronden in grof zand (Zb30) , vorstvaaggronden in lemig fijn zand (Zb23) , ooivaaggronden in lichte zavel (KRd1) , vlakvaaggronden in lemig fijn zand (Zn23) , poldervaaggronden in klei (KRn8) , zware zavel (KRn2) en lichte zavel (KRn1). In de plangebied zijn vermoedelijk hoge bruine enkeerdgronden leemarm en zwak lemig fijn zand en kalkloze poldervaaggronden in lichte zavel verwachten. Enkeerdgronden zijn zandgronden met een plaggendek van tenminste 50 cm dik. Dit plaggendek is vanaf de Late Middeleeuwen ontstaan door het periodiek opbrengen van met mest vermengde plaggen op de akker. Doel hiervan was de bodemvruchtbaarheid op peil te houden of te verbeteren. Enkeerdgronden zijn voor wat betreft archeologie om twee redenen relevant. De oudste enkeerdgronden zijn meestal ontstaan op locaties die ook vóór het in zwang komen van plaggenbemesting al als akker in gebruik waren.

Dat waren meestal relatief hooggelegen , goed ontwaterde zandgronden die redelijk goed met de toenmalige 13 Bureauonderzoek | en Inventariserend | veldonderzoek | - verkennende | fase | Noaberhoek | en Laborijnlocatie | te Doetinchem | , gemeente | Doetinchem | , Gelderland landbouwtechnieken | konden | worden | bewerkt. | Door | deze | eigenschappen | zijn | deze gronden | vaak | al heel | vroeg | – soms | al vanaf | het | Midden-Neolithicum | – in gebruik genomen | als landbouwgrond. | Resten | van | bewoning | uit deze | perioden | worden daarom | vaak | onder | een | plaggendek | aangetroffen. Daarnaast | fungeert | het | plaggendek | in meer | moderne | tijden | als | een | dikke beschermende | laag , waardoor | eventueel | aanwezige | resten | niet | of in mindere | mate zijn aangetast | door | allerlei | bodemingrepen. Poldervaaggronden | zijn sterk | – zwak | siltige | klei/ of zavelgronden | zonder | duidelijke bodemvorming | , waarin | periodieke | hoge | grondwaterstanden | kunnen | voorkomen. | Ze hebben | geen | veen | binnen | 80 | cm | en | geen | donkere | bovengrond. | Ze | kunnen kalkhoudend | of kalkloos | zijn. | De | gronden | zijn geheel | gerijpt. 2. 3 | ARCHEOLOGIE 2. 3.

1 BEKENDE | ARCHEOLOGISCHE | WAARDEN Bijlage | 9 toont | de | locaties | van | de bekende | archeologische | waarden | en | de uitgevoerde | archeologische | onderzoeken | in de omgeving | van | het | plangebied. 2. 3. 2 WAARNEMINGEN In het | onderzoeksgebied | zijn diverse | waarnemingen | bekend: Objectnummer | 1026618: | Op | ongeveer | 215 | m | ten | zuidwesten | van | het | plangebied (Havenstraat) | is in 1952 | bij niet-archeologische | werkzaamheden | een | vuurstenen Flint-Ovalbeil | uit het | Vroeg | Neolithicum | – Midden | Neolithicum | B aangetroffen | – complextype: | onbekend. Objectnummer | 1087859: | Op | ongeveer | 180 | m | ten | oosten | van | het | plangebied (Randweg | Oost) | zijn | in 2008 | bij archeologisch | booronderzoek | enkele | fragmenten aardewerk | uit het | IJzertijd | – Vroege | Middeleeuwen | aangetroffen | – complextype: | niet te bepalen. Objectnummer | 1095561: | Op | ongeveer | 235 | m | ten | noorden | van | het plangebied (Terborgseweg) | zijn in 2011 | bij archeologisch | booronderzoek | enkele | fragmenten aardewerk | uit de Vroege | Middeleeuwen | – Nieuwe | Tijd en | enkele | fragmenten vuursteen | uit het | Paleolithicum | – Nieuwe | Tijd | aangetroffen | – complextype: | niet | te bepalen.

Objectnummer | 1224947: | Op | ongeveer | 120 | m | ten | noorden | van | het plangebied (Terborgseweg) | zijn in 2018 | bij een | archeologische | begeleiding | een | grote hoeveelheid | vondstmateriaal | (aardewerk | , metaal | , bot , glas) | en | sporen | (greppels | , kuilen | , muurrestanten | , put) | uit de Late | Middeleeuwen | – Nieuwe | Tijd aangetroffen | – complextype: | versterking | onbepaald. Objectnummer | 1291052: | Op | ongeveer | 125 | m | ten | noorden | van | het plangebied (Terborgseweg | 74-78) | zijn in 2021 | bij archeologisch | booronderzoek | aardewerk | uit de perioden | Neolithicum | – Vroege | Middeleeuwen | en | Late | Middeleeuwen | – Nieuwe | Tijd aangetroffen | – complextype: | onbekend. 14 Bureauonderzoek | en | Inventariserend | veldonderzoek | - verkennende | fase | Noaberhoek | en Laborijnlocatie | te Doetinchem | , gemeente | Doetinchem | , Gelderland Objectnummer | 1382672: | Op | ongeveer | 120 | m | ten | noorden | van | het | plangebied (Terborgseweg | 74-78) | is in 2022 | bij proefsleuvenonderzoek | sporen | van | bewoning (inclusief | verdediging) | uit de | IJzertijd | aangetroffen. 2. 3. 3 | AMK-TERREINEN AMK-terreinen | ( = Archeologische | Monumentenkaart) | zijn | terreinen | waarvan | bekend is dat | zich | archeologische | resten | in de | grond | bevinden.

| Het | archeologisch | belang daarvan | is bovendien | gewaardeerd. | Zo | zijn | er AMK-terreinen | van | archeologische waarde | en | van | hoog | , zeer | hoog | archeologisch | belang | en wettelijk | beschermde | AMK- terreinen | van | zeer | hoog | archeologisch | belang). Binnen | het | onderzoeksgebied | zijn | geen | AMK-terreinen | geregistreerd. 2. 3. 4 | GEMEENTELIJKE | VERWACHTINGSKAART Op | de | gemeentelijke | verwachtingskaart | (bijlage | 7) | ligt het | deelgebied | Noaberhoek | in een | dalvormige | laagte | en | is tot | > 40 | cm | -mv | afgegraven. | Deelgebied | Laborijnlocatie ligt grotendeels | in een | zone | met | een | hoge | verwachting | en | waarschijnlijk | goede conservering. | Het | westelijk | deel | van | het | deelgebied | heeft | een | lage | verwachting | en het | zuidoostelijke | deel | van | dit plangebied | is tot > 40 | cm | -mv | afgraven. 2. 3. 5 | EERDER | ARCHEOLOGISCH | ONDERZOEK In de | omgeving | van | het | plangebied | hebben | eerder | archeologische | onderzoeken plaatsgevonden. | De | onderzochte | locaties | zijn | afgebeeld | in bijlage | 9. Zaakidentificatienummer | 2012609100: | Direct | grenzend | aan | de | noordzijde | van deelgebied | Laborijnlocatie | is in 2000 | door | RAAP | Archeologisch | Adviesbureau | een archeologisch | booronderzoek | uitgevoerd.

| Er | zijn | bij het | onderzoek | geen archeologische | resten | aangetroffen. | Bovendien | is de | bodem | in het | plangebied grotendeels | verstoord. | De | diepte | van | de | bodemverstoringen | varieert | van | 05 , tot maximaal | 11 , m | -mv. | Er is geen | archeologisch | vervolgonderzoek | aanbevolen. | 4 Zaakidentificatienummer | 2080293100: | Op | ongeveer | 55 | m | ten | zuidoosten | van het | plangebied | is in 2001 | door | RAAP | Archeologisch | Adviesbureau | een | archeologisch bureauonderzoek | en | karterend | booronderzoek | uitgevoerd. | De | westelijke | en oostelijke | delen | van | dit tracé | lopen | door | zones | met | middelmatige | en | hoge archeologische | verwachting. | In | het | middendeel | is geen | archeologisch | onderzoek uitgevoerd | gezien | er een | lage | archeologische | verwachting | geldt | voor | deze | zone. | Uit het | booronderzoek | blijkt | dat | in het | westen | de bodem | bestaat | uit jonge rivierafzettingen | van | de | Oude | IJssel. | Het | oostelijk | deel | doorsnijdt | een | dekzandrug waarvan | de | westelijke | flank | deels | is afgedekt | door | jonge | rivierafzettingen. | De | top van | de | dekzandrug | is grotendeels | verstoord. | Er | zijn geen | archeologische | indicatoren aangetroffen. | Verder | archeologisch | onderzoek | werd | niet | verder | noodzakelijk | geacht.

| 5 Zaakidentificatienummer | 2115536100: | Op | ongeveer | 175 | m | ten | noordoosten | van het | plangebied | (Holterbroek) | is in 2006 | door | RAAP | Archeologisch | Adviesbureau | een bureauonderzoek | en | inventariserend | veldonderzoek | uitgevoerd. | De | verwachting | op 4 Broeke | , 2020 | (indirect). 5 Bente | , 2001. 15 Bureauonderzoek | en Inventariserend | veldonderzoek | - verkennende | fase | Noaberhoek | en Laborijnlocatie | te Doetinchem | , gemeente | Doetinchem | , Gelderland basis | van | het | bureauonderzoek | is de | verwachting | dat | de | ondergrond | bestaat | uit rivierduingronden. | In | 8 van | de | 9 boringen | is een | afdekkend | plaggendek aangetroffen. | Eveneens | zijn in 8 | boringen | archeologische | indicatoren | aangetroffen uit zowel | het | plaggendek | , de | onderliggende | menglaag | en | de oude | cultuurlaag. | Het plangebied | werd | beschouwd | als vindplaats | met | mogelijke | resten | van | een prehistorische | nederzetting. | De | kans | op | archeologische | grondsporen | onder | het plaggendek | wordt | groot | geacht. | Bodemingrepen | dieper | dan | 50 | cm | -mv | dienen | te worden | voorkomen. | Indien | de | vindplaats | niet | behouden | kan | worden | , wordt vervolgonderzoek | in de | vorm | van | proefsleuven | geadviseerd.

| 6 Zaakidentificatienummer | 2125329100: | Op | ongeveer | 180 | m | ten | noordoosten | van het | plangebied | (Holterhoek) | is in | 2006 | door | RAAP | Archeologisch | Adviesbureau | een proefsleuvenonderzoek | uitgevoerd. | Er | is vastgesteld | dat | er goed | geconserveerde archeologische | sporen | aanwezig | zijn. | De | sporen | dateren | tot | de | IJzertijd | – Romeinse Tijd | op | basis | van | het | vondstmateriaal | en | zijn | afgedekt | door | een | akkerpakket | uit de Late | Middeleeuwen | en | Nieuwe | Tijd. | De | bodemopbouw | was | vrijwel | geheel | intact. | Het behoud | van | de | archeologisch | waarden | werd | aanbevolen | , maar | indien | dit niet mogelijk | is wordt | vervolgonderzoek | door | middel | van | een | archeologische | opgraving. | 7 Zaakidentificatienummer | 2140119100: | Overlappend | met | het | plangebied | van | het plangebied | (De | Schil) | is in 2007 | door | RAAP | Archeologisch | Adviesbureau | een bureauonderzoek | en | booronderzoek | uitgevoerd. | Uit het | onderzoek | blijkt | dat | in het gebied | een | gehucht | heeft | gelegen | op | basis | van | historische | kaarten | en | de aanwezigheid | van | archeologische | resten | aan | de | overzijde | van | de | Terborgseweg. | Bij het | veldonderzoek | zijn | archeologische | resten | aangetroffen | die dateren | uit de IJzertijd | – Romeinse | Tijd.

| Het | gebied | lijkt langdurig | bewoond | te zijn | geweest. | 8 Zaakidentificatienummer | 2140484100: | Op | ongeveer | 160 | m | ten | noordoosten | van het | plangebied | (De | Schil) | is in 2007 | door | RAAP | Archeologisch | Adviesbureau | een archeologisch | booronderzoek | uitgevoerd. | In het | centrale | deel | van | dit | plangebied | is voorgaand | boor- | en | proefsleuvenonderzoek | uitgevoerd | waaruit | blijkt | dat | de Holterhoek | een | lange | bewoningsgeschiedenis | kent. | Tijdens | het | booronderzoek | ten noorden | en | ten | oosten | zijn | in 8 van | de | 15 | boringen | archeologische | indicatoren aangetroffen | (aardewerk | , bouwpuin | , roodleem | en breuksteen). | Vier | boringen | bevatte aardewerk | gedateerd | tot de | Romeinse | Tijd | – Vroege | Middeleeuwen | en | één | boring bevatte | aardewerk | gedateerd | tot | de | IJzertijd | – Romeinse | Tijd. 9 Zaakidentificatienummer | 2182053100: | Op | ongeveer | 100 | m | ten | zuidoosten | van het | plangebied | (Terborgseweg) | is in 2007 | door | een | RAAP | Archeologisch Adviesbureau | een | archeologisch | booronderzoek | uitgevoerd.

| Op | basis | van | de resultaten | hiervan | is gesteld | dat | er een | (verstoord) | plaggendek | aanwezig | is van | 50 tot 100 | cm | dik | met | aan | de | basis | een | al dan | niet | verstoorde | fossiele | akkerlaag | of menglaag | , met | plaatselijk | daaronder | een | intacte | B- of | BC-horizont | aan | de | oost- | en westzijde | van | het | plangebied. | Er | zijn | geen | archeologische | indicatoren | aangetroffen. Vervolgonderzoek | werd | niet | noodzakelijk | geacht. | 10 Zaakidentificatienummer | 2218252100: | Op | ongeveer | 230 | m | ten | noordoosten | van het | plangebied | (Randweg | Oost) | is in 2008 | door | RAAP | Archeologisch | Adviesbureau 6 Oosterhout | , 2006. 7 Schabbink | , 2007. 8 Oosterhout | , 2008. 9 Oosterhout | , 2008. 10 Ringenier | , 2008. 16 Bureauonderzoek | en | Inventariserend | veldonderzoek | - verkennende | fase | Noaberhoek | en Laborijnlocatie | te Doetinchem | , gemeente | Doetinchem | , Gelderland een | bureauonderzoek | en | verkennend | booronderzoek | uitgevoerd | in verband | met | drie mogelijke | tracés. | Er geldt | een | uiteenlopende | archeologische | verwachting | voor verschillende | delen | van | het | onderzoeksgebied. | Met | name | in | het | zuiden | en | midden komen | terreinen | met | een | hoge | archeologische | verwachting | voor.

| Uit | het veldonderzoek | bleek | dat | grote | delen | van | de | terreinen | met | een | hoge | en | middelmatige verwachting | een | intacte | bodemopbouw | hebben. | Archeologische | sporen | zijn | te verwachten | op | ongeveer | 55 | cm | -mv. | In | enkele | gevallen | is de | natuurlijke | ondergrond afgetopt. | 5 | van | de | 12 | boringen | bevatte | archeologische | indicatoren. | Deze | zijn aangetroffen | tussen | de | onderste | lagen | van | het | cultuurdek | en | het | grensvlak | van | de BC- | en | C-horizont. | De | voorkeur | gaat | naar | tracé | 1 met | het | advies | aanvullend archeologisch | vooronderzoek | uit | te voeren | in de | vorm | van | inventariserend veldonderzoek | karterende | fase. | 11 Zaakidentificatienummer | 2250352100: | Op | ongeveer | 130 | m | ten | oosten | van | het plangebied | (Oostelijke | Randweg) | is in | 2009 | door | RAAP | Archeologisch | Adviesbureau een | karterend | booronderzoek | uitgevoerd. | Er zijn | drie | vindplaatsen | vastgesteld tijdens | het | karterend | veldonderzoek. | Vindplaats | 1 ligt | op | een | rivierduin | , vindplaats | 2 ligt op | een | dekzandrug | ter | hoogte | van | het | bouwlandcomplex | ten | noorden | van | de Varsseveldseweg | en | vindplaats | 3 | ligt op | de | dekzandrug | van | de | IJzevoorde.

| Voor vindplaatsen | 1 en | 2 geldt | een | datering | van | IJzertijd | – | Middeleeuwen. | Vindplaats | 3 bevat | een | vuurstenen | afslag | en | heeft | een | datering | van | Paleolithicum | – | Vroege Bronstijd. | De | overige | delen | van | het | plangebied | hebben | een | bouwvoor/cultuurdek van | maximaal | 40 | cm | en | daaronder | een | scherpe | overgang | naar | de | C-horizont. | Hier heeft | waarschijnlijk | aftopping | plaatsgevonden. | Er is geadviseerd | de | drie | vindplaatsen in situ | te behouden | waarbij | verstoringen | respectievelijk | niet | dieper | dan | 40 | , 50 | en | 30 cm | -mv | plaatsvinden. | Indien | dit niet | mogelijk | is wordt | voor | vindplaatsen | 1 en | 2 vervolgonderzoek | in de | vorm | van | proefsleuvenonderzoek | aanbevolen. | Voor vindplaats | 3 voor | vervolgonderzoek | in de | vorm | van | een | waarderend | booronderzoek aanbevolen. | 12 Zaakidentificatienummer | 2269259100: | Op | ongeveer | 35 | m | ten | zuiden | van | het plangebied | (Fabriekstraat) | is in 2010 | door | Archeodienst | Gelderland | BV | een bureauonderzoek | en | verkennend | booronderzoek | uitgevoerd. | Op | basis | van | het bureauonderzoek | gold | een | middelhoge | verwachting | voor | een | oude | rivierduin | in het oostelijke | deel | van | het | plangebied | en | een | lage | verwachting | voor | de | rest | van | het plangebied.

| Uit het | booronderzoek | bleek | dat | het | plangebied | tot grote | diepte verstoord | was. | Vervolgonderzoek | werd | niet | noodzakelijk | geacht. | 13 Zaakidentificatienummer | 2333491100: | Op | ongeveer | 185 | m | ten | oosten | van | het plangebied | (Randweg-Oost) | is in 2011 | door | RAAP | Archeologisch | Adviesbureau | een karterend | booronderzoek | uitgevoerd. | Tijdens | het | booronderzoek | zijn | in het | zuidelijke deel | van | het | plangebied | aanwijzingen | voor | een | intacte | archeologische | vindplaats aangetroffen. | Voor | het | Esbro-terrein | werd | geadviseerd | bodemingrepen | te beperken tot 100 | cm | -mv | en | in | de | rest | van | het | plangebied | tot | 40 | cm | -mv. | Indien | dit niet mogelijk | is vervolgonderzoek | in de | vorm | van | een | archeologische | begeleiding | (Esbro- terrein) | en | proefsleuvenonderzoek | aanbevolen. | 14 Zaakidentificatienummer | 2338002100 | & 2338010100: | Op | ongeveer | 200 | m | ten noorden | van | het | plangebied | (Terborgseweg) | is in 2011 | door | Econsultancy | BV | een bureauonderzoek | , verkennend | en | karterend | booronderzoek | uitgevoerd. | Op | basis | van 11 Keunen | , 2008. 12 Schuurman | , 2009. 13 Helmich | , 2010. 14 Schuurman | , 2011.

17 Bureauonderzoek | en Inventariserend | veldonderzoek | - verkennende | fase | Noaberhoek | en Laborijnlocatie | te Doetinchem | , gemeente | Doetinchem | , Gelderland het | bureauonderzoek | gold | een | hoge | verwachting | voor | alle | perioden | van | het | Laat- Paleolithicum | tot | en | met | de | Nieuwe | Tijd | en | werden | verwacht | in | de | top | van | de rivierduinafzettingen/dekzandafzettingen. | Tijdens | het | booronderzoek | bleek | de ondergrond | uit | rivierduinafzettingen | te | bestaan. | In het | centrale | deel | van | het plangebied | zijn | grotendeels | intacte | vorstvaaggronden | aanwezig. | In het zuidwestelijke | en | noordoostelijke | deel | van | het | plangebied | zijn | tot in | de | ondergrond verstoord. | In | het | centrale | deel | zijn | aardewerkfragmenten | uit de | Late | Middeleeuwen aangetroffen. | Vervolgonderzoek | in | de | vorm | van | proefsleuvenonderzoek | is aanbevolen. | 15 Zaakidentificatienummer | 2358959100 | & | 2359793100: | Op | ongeveer | 115 | m | ten zuiden | van | het | plangebied | (Fabriekstraat | 17) | is in 2012 | door | Econsultancy | BV | een bureauonderzoek | en | verkennend | en | karterend | booronderzoek | uitgevoerd.

| Op | basis van | het | bureauonderzoek | wordt | de | verwachting | op | archeologische | resten | vanaf | het Laat-Paleolithicum | laag | geacht | in tegenstelling | tot | de | hoge | verwachting | op | de gemeentelijke | beleidskaart. | In het | geval | er toch | archeologische | resten | aanwezig | zijn worden | resten | uit | het | Laat-Paleolithicum | en | Mesolithicum | verwacht | in | de | top | van | de terrasafzettingen | en | in de | Laag | van | Wijchen. | Resten | uit | het | Neolithicum | tot | en | met de | Middeleeuwen | worden | verwacht | in | de | top | van | de | Laag | van | Wijchen | of in overstromingsklei | van | de | Rijn. | Resten | uit de | Nieuwe | Tijd | worden | alleen | verwacht | in de | overstromingsklei | van | de | Rijn. | Uit | het | veldonderzoek | blijkt | de | bodemopbouw bestaat | uit | een | dik | pakket | van | zwak | tot | matig | humeus | , matig | siltig , matig | grof | zand met | recent | puin. | Hieronder | rivierterrasafzettingen | van | Terras | X. | Het | terrein | is naar verwachting | verstoord | of vergraven | tot | in | de | rivierterrasafzettingen. | Kleiafzettingen uit het | Vroege | en/of | Late | Holoceen | zijn | niet | meer | aanwezig | en | archeologische | resten worden | dus | niet | meer | verwacht. | Er | is geen | archeologisch | vervolgonderzoek aanbevolen.

| 16 Zaakidentificatienummer | 2408076100 | & | 2418647100: | Op | ongeveer | 170 | m | en 185 | m | ten | oosten | van | het | plangebied | (Oostelijke | Randweg) | is in | 2013 | door | RAAP Archeologisch | Adviesbureau | een | proefsleuvenonderzoek | en | opgraving | uitgevoerd. Het | tracé | doorsnijdt | een | reeks | rivierduinen | ten | noordoosten | van | en | parallel | aan | het dal | van | de | Oude | IJssel. | Ten | zuidoosten | van | de | spoorlijn | loop | een | zwak | glooiende | en reliëfarme | voet | van | een | rivierduin. | Ten | oosten | van | de | Rembrandtweg | ligt | het hoogste | reliëfrijke | deel | van | het | tracé | waar | zich | dikke | pakketten | stuifzand | bevinden. Ter | hoogte | van | de | Vijverlaan | gaat | de | rivierduin | abrupt | over | in | een | reliëfarme | , Laat- Pleistocene | terrasvlakte | van | de | Rijn. | Aan | hand | van | het | proefsleuvenonderzoek | zijn vier | vindplaatsen | onderscheiden. | Uit | de | opgraving | bleek | dat | vindplaatsen | 1-1 | en | 1-2 een | gebied | vormen | met | archeologische | resten | van | de | Vroege | Bronstijd | tot | en | met | de Vroege | Romeinse | Tijd. | Hier | is een | Midden-Bronstijd | grafheuvel | en | meervoudige palenrij | ontdekt | en | sporen | van | agrarisch | gebruik | vanaf | de | Middeleeuwen.

| Vindplaats 1-1 | bevatte | ook | een | vuursteenvindplaats | daterend | uit | het | Laat | Paleolithicum. | Dit | was een | goed | geconserveerde | vuursteenvindplaats | van | de | Ahrensburg-groep | , hetgeen zeer | zeldzaam | is. Vindplaats | 1-3 | bevatte | resten | van | een | Duits | stelsel | van | loopgraven en | kleine | bunkers | van | het | einde | van | de | Tweede | Wereldoorlog. | Vindplaats | 4 bevatte agrarische | sporen | van | de | periferie | van | een | 18/19 e | e eeuw | erf. 17 Zaakidentificatienummer | 2423530100: | Op | ongeveer | 200 | m | ten | noorden | van | het plangebied | (Terborgseweg | 63) | is in 2013 | door | RAAP | Archeologisch | Adviesbureau | een proefsleuvenonderzoek | uitgevoerd. | In | een | deel | van | het | gebied | was | sprake | van | een intact | plaggendek | en | cultuurlaag. | Het | vondstmateriaal | bestaat | uit | handgevormd | en gedraaid | aardewerk | , natuursteen | en | een | ijzerslak. | Het | aardewerk | dateert | deels | uit de | Late | Bronstijd | en | deels | uit | de | Late | Middeleeuwen | of Nieuwe | Tijd. | Het | overige 15 Broeke | , 2011. 16 Broeke | , 2012. 17 Scholte | Lubberink | et al. , 2016.

18 Bureauonderzoek | en Inventariserend | veldonderzoek | - verkennende | fase | Noaberhoek | en Laborijnlocatie | te Doetinchem | , gemeente | Doetinchem | , Gelderland dateert | uit de | Bronstijd | tot | en | met | de | Middeleeuwen. | De | grondsporen | bestaan | uit greppels | , kuilen | en | paalkuilen. | De | paalkuilen | zijn | geïnterpreteerd | als nederzettingssporen. | De | greppels | zijn | geïnterpreteerd | als | perceelgreppels | uit de | Late Middeleeuwen | en | de | Nieuwe | Tijd. | Er | is een | houtskoolmeiler | aangetroffen | daterend tot de | Vroege | Middeleeuwen. | Deze | staat | waarschijnlijk | in verband | met ijzerproductie. | 18 Zaakidentificatienummer | 2453711100: | Op | ongeveer | 210 | m | ten | noorden | van | het plangebied | (Terborgseweg) | is in 2014 | door | Movares/MUG | Ingenieursbureau | B. V. een archeologische | opgraving | uitgevoerd. | Dit | plangebied | ligt op | rivierduinafzettingen. | Op de | C-horizont | is een | restant | van | een | oudere | akkerlaag | of | esdek | aanwezig | en | daarop een | recente | ophooglaag. | Tijdens | het | onderzoek | zijn | sporen | uit | de | IJzertijd | tot | en | met de | Vroege | Middeleeuwen | aangetroffen | , eveneens | is vondstmateriaal | uit | de | IJzertijd tot en | met | de | Nieuwe | Tijd | aangetroffen.

| Vermoedelijk | is het | plangebied | in gebruik geweest | als nederzettingsterrein | vanaf | de | IJzertijd | of Romeinse | Tijd | , daarna | als productieplaats | voor | vervaardiging | van | houtskool | in en | Vroege | Middeleeuwen | en later | als | akkerland. | 19 Zaakidentificatienummer | 2472074100 | & | 2472082100: | Op | ongeveer | 75 | m | ten noorden | van | het | plangebied | (Terborgseweg | 74-78 | en | Stationsplein | 2) | is in 2015 | door Econsultancy | BV | een | bureauonderzoek | en | verkennend | booronderzoek | uitgevoerd. | Op basis | van | de | gemeentelijke | waarden- | en | verwachtingskaart | ligt dit | plangebied | binnen een | laaggelegen | terrasrest. | Het | AHN | duidt | er | echter | op | dat | het | plangebied | op | een rivierduin | ligt | welke | een | gunstige | ligging | is geweest | voor | jager-verzamelaars. | Vanaf het | Neolithicum | waren | vooral | overgangsposities | gunstige | locaties | voor | bewoning. | De rivierduinen | die | vanaf | de | Late | Middeleeuwen | bedekt | werden | met | plaggendekken vormde | een | goede | locatie | voor | landbouwactiviteiten. | Deze | beslaan | grote | delen | van het | landschap | ten | oosten | van | de | Oude | IJssel. | De | verwachting | op | archeologische resten | is hoog | voor | zowel | jager-verzamelaars | als landbouwers.

| Deze | kunnen verwacht | worden | direct | onder | het | plaggendek. | Op | basis | van | het | veldonderzoek | bleek de | bodemopbouw | grotendeels | intact | te zijn. | Verstoringen | van | bouwwerkzaamheden zijn plaatselijk | en | beperkt. | De | opbouw | bestaat | uit een | plaggendek | tot | gemiddeld | 75 cm | -mv | , gevolgd | door | het | resterende | deel | van | het | natuurlijk | gevormde holtpodzolprofiel | tussen | 75 | – 120 | cm | -mv. | Het | duidelijk | archeologisch | niveau | wordt tussen | 100 | – 120 | cm | -mv | verwacht. | Eén | boring | in het | zuidwestelijke | deel | stuitte | op een | betonverharding | op | ca. | 60 | cm | -mv. | De | hoge | verwachting | is bevestigd | en vervolgonderzoek | in de | vorm | van | een | archeologisch | karterend | booronderzoek | werd geadviseerd. | 20 Zaakidentificatienummer | 4643969100: | Direct | grenzend | aan | de | noordzijde | van deelgebied | Laborijnlocatie | (Terborgseweg) | is in 2018 | door | Econsultancy | BV | een archeologische | begeleiding | uitgevoerd. | Het | plangebied | is goed | geconserveerd | als gevolg | van | een | dik | plaggendek. | Het | plangebied | ligt aan | de | Terborgseweg. | Deze | staat al aangegeven | op | een | kaart | uit | de | 16 e eeuw | als | een | belangrijke | verkeersader.

| De resten | van | een | voorloper | van | de | Terborgseweg | en | aangelegen | bebouwing | kunnen aangetroffen | worden. | Het | noordelijke | deel | van | dit | plangebied | ligt binnen | de historische | kern | van | Doetinchem. | Tijdens | het | onderzoek | zijn | recente | verstoringen | , vier | paalkuilen | uit de | prehistorie | , karrensporen | en | een | greppel | van | de | oude Terborgseweg | uit | de | 14 e tot | 19 e eeuw | en , in het | noordwestelijke | deel | , een | deel | van het | vestingwerk | van | de | Hamburgerpoort | uit de | 16 e tot 17 e eeuw | aangetroffen. | 21 18 Zielman | , 2015. 19 Wit , 2015. 20 Broeke | , 2016. 21 Wemerman | , 2020. 19 Bureauonderzoek | en Inventariserend | veldonderzoek | - verkennende | fase | Noaberhoek | en Laborijnlocatie | te Doetinchem | , gemeente | Doetinchem | , Gelderland Zaakidentificatienummer | 4894364100: | Overlappend | met | deelgebied Noaberhoek | is in 2020 | door | Econsultancy | BV | een | bureauonderzoek | uitgevoerd | in verband | met | persleidingtracé | papierfabriek | Doetinchem. | De | noordwestelijke | en zuidoostelijke | deel | van | het | tracé | ligt binnen | middelhoog | gelegen | terrasresten | van | het Laagterras | of de | laaggelegen | terrasresten | van | het | Terras | X. | Later | behoorde | het | tracé tot het | overstromingsgebied | van | de | Rijn.

| Enkele | delen | van | het | tracé | liggen | binnen hooggelegen | terrasresten | van | het | Laagterras | en | zijn | grotendeels | afgedekt | met rivierduinzand. | De | hooggelegen | terrasresten | en | rivierduinen | hadden | een | gunstige ligging | voor | jager-verzamelaars | van | het | Laat | Paleolithicum | en | Mesolithicum | en landbouwers | vanaf | het | Neolithicum. | Grotendeels | conform | aan | de | archeologische beleidskaart | geldt | voor | de | hooggelegen | terrasresten | en | rivierduinen | een | middelhoge tot hoge | verwachting | voor | resten | van | het | Laat-Paleolithicum. | In | twee | delen | van | het tracé | , de | kruising | van | de | Terborgseweg | en | Havenstraat | , ter | hoogte | van | de Ettenseweg | en | ten | zuiden | van | de | kruising | met | de | Gaanderenseweg | , heeft | een loopgraaf | gelegen | en | hebben | twee | schuttersopstellingen | gestaan. | Hier | kunnen | in de bovenste | 1 – 15 , | m | resten | uit | de | Tweede | Wereldoorlog | verwacht | worden. | Er is geadviseerd | aanvullend | onderzoek | uit te | voeren | in de | vorm | van | een | inventariserend veldonderzoek | verkennende | fase | in | de | delen | van | met | middelhoge | tot | hoge archeologische | verwachting.

| 22 Zaakidentificatienummer | 5022975100: | Overlappend | met | deelgebied Noaberhoek | is in 2021 | door | Econsultancy | BV | een | verkennend | booronderzoek uitgevoerd | in verband | met | persleidingtracé | papierfabriek | Doetinchem. | Op | basis | van het | voorgaande | bureauonderzoek | geldt | een | middelhoge | tot | hoge | archeologische verwachting | voor | de hooggelegen | terrasresten | en | rivierduinen. | Uit | het booronderzoek | bleek | dat | het | tracé | grotendeels | diep | verstoord | is als gevolg | van moderne | bodemingrepen. | De | verstoringsdiepte | varieert | van | 70 | – 220 | cm | -mv. | In slechts | twee | uiteen | gelegen | boringen | is bodemvorming | aangetroffen | in de | C- horizont. | Gezien | de | grootschalige | en | diepgaande | recente | bodemingrepen | worden geen | archeologische | resten | meer | verwacht. | Er is geen | archeologisch vervolgonderzoek | geadviseerd. | 23 Zaakidentificatienummer | 5077091100: | Op | ongeveer | 70 | m | ten | noorden | van | het plangebied | (Terborgseweg | 74-78) | is in 2021 | door | Bureau | voor | Archeologie | een karterend | booronderzoek | uitgevoerd. | De | bebouwing | die | ten | tijde | het | verkennend booronderzoek | aanwezig | was | is inmiddels | gesloopt. | Op | twee | locaties | na | is de | bodem gedeeltelijk | intact.

| In | de | A-horizont | zijn vier | fragmenten | handgevormd | aardewerk | uit het | Neolithicum | – Vroege | Middeleeuwen | , een | fragment | roodbakkend | aardewerk | uit de Late | Middeleeuwen | – | Nieuwe | Tijd | en | fragmenten | pijp | uit | de 16 e – 19 e eeuw aangetroffen. | Deze | wijzen | op | een | vindplaats | uit het | Neolithicum | – Nieuwe | Tijd. | Het archeologische | niveau | wordt | op | 50 – | 130 | cm | -mv | verwacht. | Vervolgonderzoek | in de vorm | van | proefsleuven | is geadviseerd. | 24 Zaakidentificatienummer | 5143640100: | Op | ongeveer | 70 | m | ten | noorden | van | het plangebied | (Terborgseweg | 74-78) | is in 2022 | door | Vestigia | BV | een proefsleuvenonderzoek | uitgevoerd. | Vier | van | de | acht | proefsleuven | bleken | tot in | de | C- horizont | verstoord. | Werkputten | 1 en | 3 | hebben | nog | een | restant | van | het | plaggendek met | daaronder | een | B-horizont | of verbruinings- | en | inspoelingslaag | opgeleverd. Werkputten | hebben | alleen | een | mogelijke | B-horizont | of verbruinings- | en inspoelingslaag. | Enkele | fragmenten | handgevormd | aardewerk | zijn | aangetroffen | , waarschijnlijk | daterend | uit de | IJzertijd. | Sporen | van | drie | waterputten | en | enkele paalkuilen | zijn | aangetroffen | , daterend | tot de | 19 e of 20 e eeuw.

| De | recente | datering en slechte | conservering | maken | dat | het | van | lage | archeologische | waarde | is. De 22 Broeke | , 2021. a 23 Broeke | , 2021. b 24 Jong , 2021. 20 Bureauonderzoek | en | Inventariserend | veldonderzoek | - verkennende | fase | Noaberhoek | en Laborijnlocatie | te Doetinchem | , gemeente | Doetinchem | , Gelderland waterputten | zijn | deels | vergraven | en | de | paalkuilen | vormen | geen | structuur. | Er | is geen archeologisch | vervolgonderzoek | aanbevolen. | 25 Zaakidentificatienummer | 5289458100: | Op | ongeveer | 240 | m | ten | noordoosten | van het | plangebied | (Holterhoek) | is in 2022 | door | Hamaland | Advies | vof | een bureauonderzoek | en | verkennend | booronderzoek | uitgevoerd. | Dit | plangebied | ligt op een | rivierduin | en | had | een | hoge | verwachting | voor | het | Laat-Paleolithicum | – Nieuwe Tijd. | Uit het | booronderzoek | bleek | de | bodemopbouw | uit een | of meerdere | opgebrachte en/of | geroerde | pakketten | te | bestaan. | De | onderkant | van | de | eerdlaag | en | de | top | van het | dekzand | lag op | 110 | – 115 | cm | -mv. | In | één | boring | lag | het | dekzand | op | 85 | cm | -mv. Ter | plaatse | van | boringen | 3 en | 4 | is vervolgonderzoek | aanbevolen | in de | vorm | van proefsleuvenonderzoek | bij | bodemingrepen | dieper | dan | 75 | cm | -mv.

| 26 Zaakidentificatienummer | 5295443100: | Op | ongeveer | 140 | m | ten | zuidwesten | van deelgebied | Laborijnlocatie | (Fabriekstraat | 29) | is in | 2022 | door | KSP | Archeologie | een bureauonderzoek | en | verkennend | booronderzoek | uitgevoerd. | Op | basis | van | het bureauonderzoek | ligt het | plangebied | binnen | een | rivierterrasvlakte | van | de | Oude IJssel | en | heeft | een | lage | verwachting. | Uit | het | booronderzoek | bleek | het | plangebied | tot minimaal | 110 | cm | -mv | afgegraven | te zijn. | Vervolgonderzoek | werd | niet | nodig geacht. | 27 Zaakidentificatienummer | 5335805100: | Op | ongeveer | 240 | m | ten | noordoosten | van het | plangebied | (Holterhoek) | is in 2023 | door | Laagland | Archeologie | BV | een proefsleuvenonderzoek | uitgevoerd. | De | bodem | bestond | uit dekzand. | De oorspronkelijke | podzol | is verploegd | en | is een | oude | akkerlaag | ontstaan. | Deze | is afgedekt | door | een | plaggendek | van | minimaal | 80 | cm | dik. Veertien | sporen | zijn herkend | , daterend | uit de | Late | Bronstijd | tot | en | met | de | Romeinse | Tijd. | Verder | zijn | een greppel | uit de | Late | Middeleeuwen | – | Vroege | Nieuwe | Tijd | en | paalsporen | uit | de | Nieuwe Tijd | aangetroffen.

| Het | plangebied | maakt | deel | uit | van | de | periferie | van | een | eerder onderzocht | nederzettingsterrein | uit de | Late | Bronstijd | – Romeinse | Tijd. Vervolgonderzoek | werd | niet | noodzakelijk | geacht. | 28 Zaakidentificatienummer | 5356793100: | Op | ongeveer | 30 | m | ten | oosten | van | het plangebied | (Terborgseweg) | is in 2023 | door | Laagland | Archeologie | BV | een bureauonderzoek | en | verkennend | booronderzoek | uitgevoerd. | Op | basis | van | het bureauonderzoek | ligt het | plangebied | op | een | dekzandrug | en/of | een | landduin. | Tijdens het | booronderzoek | is midden | op | het | terrein | een | verstoorde | bodemopbouw aangetroffen | of | is gestuit | op | een | puinlaag. | Verder | is een | overwegend | onverstoorde bodemopbouw | aangetroffen. | De | hoge | archeologische | verwachting | bleef | gehandhaafd en | vervolgonderzoek | in de | vorm | van | proefsleuvenonderzoek | aanbevolen. | 29 Zaakidentificatienummer | 5500745100: | Overlappend | met | deelgebied Laborijnlocatie | (Terborgseweg | 106-110) | is in 2024 | door | Hamaland | Advies | vof | een archeologisch | booronderzoek | uitgevoerd. | Op | basis | van | de | eerste | bevindingen | zijn geen | intacte | bodems | aangetroffen | en | de | bodem | diep | verstoord | is door | eerdere bebouwing | en | bodemingrepen. 25 Brouwer | et al. , 2022.

26 Woolschot | & Kuijl , 2022. 27 Schorn | , 2022. 28 Hendriks | , 2023. 29 Wijnen | & Kost , 2025. 21 Bureauonderzoek | en | Inventariserend | veldonderzoek | - verkennende | fase | Noaberhoek | en Laborijnlocatie | te Doetinchem | , gemeente | Doetinchem | , Gelderland Zaakidentificatienummer | 5538516100: | Op | ongeveer | 185 | m | ten | noorden | van | het plangebied | (De | Pas) | is in | 2024 | door | ADC | ArcheoProjecten | een | bureauonderzoek | en verkennend | booronderzoek | uitgevoerd. | De | natuurlijke | ondergrond | bestaat | uit rivierduinafzettingen | met | een | relatief | intacte | top | van | het | rivierduin. | In enkele boringen | is nog | een | intact | plaggendek | aanwezig | , in de | meeste | boringen | ligt op | de natuurlijke | ondergrond | een | verstoord | pakket. | De | bovengrond | was | in alle | boringen verstoord | en | reikt | tot | 40 | – 250 | cm | -mv. | Voor | enkele | zones | geldt | een | hoge archeologische | verwachting. | Voor | deze | zones | is vervolgonderzoek | in de | vorm | van een | archeologische | begeleiding | aanbevolen. | 30 Zaakidentificatienummer | 5647550100 | & | 5647559100: | Op | ongeveer | 235 | m | ten noordoosten | van | het | plangebied | (Spoorstraat) | is in | 2024 | door | Econsultancy | BV | een bureauonderzoek | en | verkennend | en | karterend | booronderzoek | uitgevoerd.

| Op | basis van | het | bureauonderzoek | heeft | het | plangebied | een | hoge | archeologische | verwachting uit de | perioden | (Laat) | Paleolithicum | – | Middeleeuwen. | Uit | het | booronderzoek | bleek een | groot | deel | van | het | plangebied | tot gemiddeld | 2 | m | -mv | geroerd/verstoord | te zijn met | een | scherpe | overgang | naar | de | C-horizont. | In het | noordwestelijke | , noordelijke | , zuidwestelijke | en | oostelijke | deel | van | het | plangebied | bestaat | de | eerste | meter | uit geroerde/verstoorde | lagen | met | daaronder | een | grotendeels | intact | hoge enkeerdgrond. | Op | zes | locaties | waar | een | (deels) | intacte | oorspronkelijke bodemopbouw | is aangetroffen | , is sprake | van | een | fossiele | akkerlaag/cultuurlaag | met archeologische | indicatoren | uit | de | IJzertijd | – Late | Middeleeuwen | A. Op | deze | locaties | is vervolgonderzoek | in de | vorm | van | proefsleuvenonderzoek | geadviseerd. | 31 2. 4 | HISTORIE Op | de | eerste | kadastrale | kaart | (circa | 1832) | 32 is het | plangebied | en | haar | omgeving | nog onbebouwd | (zie | onderstaande | afbeelding). | Deelgebied | Noaberhoek | is op | de | OAT (Oorspronkelijke | Aanwijzende | Tafel) | aangeduid | als | weiland | , deelgebied Laborijnlocatie | deels | is aangeduid | als | weiland | en | deels | als | bouwland. 30 Hanemaaijer | , 2024.

31 Broeke | , 2025. 32 bron: | hisgis. nl 22 Bureauonderzoek | en | Inventariserend | veldonderzoek | - verkennende | fase | Noaberhoek | en Laborijnlocatie | te Doetinchem | , gemeente | Doetinchem | , Gelderland Afbeelding | 4. Uitsnede | uit | de | eerste | kadastrale | kaart | , circa | 1832. | Bron: | hisgis. | nl. Op | de | topografische | kaart | van | 1850 | (zie | Afbeelding | 5) | is het | plangebied | onbebouwd en | in | gebruik | als | weiland | en | bouwland. | Op | de | topografische | kaart | van | 1893 | (zie Afbeelding | 7) | is direct | ten | noorden | van | deelgebied | Noaberhoek | de | spoorlijn aangelegd. | In | deelgebied | Laborijnlocatie | is de | eerste | bebouwing | binnen | het plangebied | aangelegd | , maar | bestaande | uit | een | enkel | erf. | Gedurende | de | eerste | helft van | de | 20 e eeuw | (zie | Afbeelding | 8) | breidde | de | bebouwing | in | de | Laborijnlocatie | zich uit tot | enkele | erven | aan | de | Terborgseweg. | Op | de | topografische | kaart | van | 1955 | (zie Afbeelding | 9) | zijn | meerdere | grote | gebouwen | achter | de | erven | tot | stand | gekomen. Door | deelgebied | Noaberhoek | is | een | weg | aangelegd | richting | een | fabriek. | De | eerste bebouwing | in | de | Noaberhoek | is voor | het | eerst | te | zien | op | de | topografische | kaart | van 1970 | (zie | Afbeelding | 10).

| Op | de | Laborijnlocatie | is de | bebouwing | richting | het zuidoosten | uitgebreid. | Rond | 1995 | (zie | Afbeelding | 11) | is het | weiland | aan | de | westzijde van | de | Laborijnlocatie | in gebruik | genomen | , maar | is de | bebouwing | in het | zuidoosten van | het | deelgebied | verwijderd. | Rond | 2006 | (zie | Afbeelding | 12) | is het | zuidoostelijke deel | van | het | deelgebied | bebouwd | met | kantoorpanden. | De | fabriek | bij Noaberhoek | is volledig | afgebroken | (zie | Afbeelding | 13). 23 Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Noaberhoek en Laborijnlocatie te Doetinchem , gemeente Doetinchem , Gelderland Afbeelding 5. Uitsnede uit de topografische kaart van 1850. Bron: topotijdreis. nl. Afbeelding 6. Uitsnede uit de topografische kaart van 1893. Bron: topotijdreis. nl. 24 Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Noaberhoek en Laborijnlocatie te Doetinchem , gemeente Doetinchem , Gelderland Afbeelding 7. Uitsnede uit de topografische kaart van 1931. Bron: topotijdreis. nl. Afbeelding 8. Uitsnede uit de topografische kaart van 1955. Bron: topotijdreis. nl. 25 Bureauonderzoek en Inventariserend veldonderzoek - verkennende fase Noaberhoek en Laborijnlocatie te Doetinchem , gemeente Doetinchem , Gelderland Afbeelding 9. Uitsnede uit de topografische kaart van 1970. Bron: topotijdreis. nl.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8370/documents/53000