CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

B13.05a Bijlage 5a onderbouwing - aanvullend verkennend bodemonderzoek Kop van de Passerelle

beeldvormende raad 14 oktober 2026, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 1: Wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2026-1G25.419 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

X | 2 | 7 | 16 | 27 | 37 Y | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 2 De kwaliteit van de bodem overschrijdt niet de maximale waarde voor de kwaliteitsklasse wonen wanneer bij meting van X stoffen maximaal Y stoffen verhoogd zijn ten opzichte van de maximale waarde voor kwaliteitsklasse wonen. De verhoging mag per stof ten hoogste de maximale waarde voor de kwaliteitsklasse wonen vermeerderd met de achtergrondwaarde voor die stof bedragen, waarbij voor alle stoffen geldt dat de gehalten van de gemeten stoffen kleiner zijn dan of gelijk zijn aan de maximale waarde voor kwaliteitsklasse industrie van de betreffende stof. X | 2 | 7 | 16 | 27 | 37 Y | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 september ’26 | 32 verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 33 asbest in grond en puin De resultaten van het onderzoek asbest in grond worden getoetst aan de wetgeving inzake asbest in bodem en puin welke door de ministeries van SZW en I&M is vastgesteld. In het beleid is voor asbest een restconcentratienorm en een interventiewaarde opgenomen. Voor asbest in grond is een interventiewaarde van 100 mg/kg d.s. vastgesteld. Aan deze waarde zijn de gewogen asbestconcentraties (mg/kg ds) getoetst. Gewogen betekent het gehalte serpentijnasbest (chrysotiel) vermeerderd met tienmaal het gehalte amfiboolasbest (amosiet, crocidoliet).

Indien de gewogen asbestconcentratie in grond c.q. puin boven 100 mg/kg ds is vastgesteld, is sprake van met asbest verontreinigde grond c.q. puin. De restconcentratienorm beschrijft de concentratie asbest, waaronder hergebruik nog is toegestaan. De interventiewaarde beschrijft de concentratie asbest in bodem, waarboven in principe gesaneerd dient te worden. Voor asbest is de restconcentratienorm gelijk aan de interventiewaarde en deze waarde bedraagt 100 mg/kg gewogen asbest. Indien asbest in de grond boven 100 mg/kg ds aanwezig is en deze verontreiniging vóór 1993 is ontstaan, is ongeacht de omvang van de verontreiniging sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met asbest in grond. Indien overschrijding van de restconcentratienorm plaatsvindt, dan dienen werkzaamheden met de betreffende bodem/puinverharding plaats te vinden onder asbestcondities. Bij asbestconcentraties lager dan de restconcentratienorm zijn geen aanvullende maatregelen noodzakelijk bij be- en verwerking van de grond of puinverharding. Voor puinverhardingen dient de asbestconcentratie te worden getoetst aan de normen uit het Besluit Asbestwegen Wet Milieugevaarlijke Stoffen (WMS). Hierin wordt tevens een restconcentratie van 100 mg/kg gewogen asbest genoemd.

Het resultaat van het verkennend onderzoek is een indicatieve uitspraak over de mogelijke verontreiniging van het toegepaste bouw- en sloopafval of recyclinggranulaat / bodem op basis van verzamelde stukken asbesthoudend materiaal en (meng)monsters. Aan de hand van het verkregen indicatieve gehalte aan asbest wordt nagegaan of nader onderzoek asbest al dan niet noodzakelijk is. Door de lagere onderzoeksintensiteit van het verkennend onderzoek kan in deze fase niet direct worden getoetst aan de grenswaarde. In het verkennend onderzoek wordt het gehalte getoetst aan de grenswaarde gecorrigeerd met een factor 2. Deze correctiefactor is een maat voor de betrouwbaarheid van het verkennend onderzoek in relatie tot het nader onderzoek. Bij een asbestgehalte groter dan de helft van de interventiewaarde is een nader onderzoek asbest verplicht. De hoogste bepaalde waarde binnen een (deel)locatie is hiervoor bepalend. Alleen als in het verkennend onderzoek de onderzoeksintensiteit (hoeveelheid geïnspecteerd materiaal in de gaten en aantal analyses) op hetzelfde niveau zit als in het nader onderzoek is een directe toetsing aan de grenswaarde mogelijk. Als het asbestgehalte kleiner is dan de helft van de grenswaarde is het statistisch aannemelijk dat ook in een nader onderzoekstraject de grenswaarde niet zal worden overschreden.

In deze gevallen geldt er geen noodzaak tot het uitvoeren van een nader onderzoek asbest. Bij een asbestgehalte groter dan de helft van de grenswaarde is een nader onderzoek asbest verplicht. De hoogst bepaalde waarde binnen een(deel)locatie of (deel)partij is hiervoor bepalend. verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 34 Van de bodemlagen waarin zintuiglijk asbesthoudende materialen zijn aangetroffen in de fractie >20 mm is een berekening gemaakt van de asbestconcentratie. Hiertoe is gebruik gemaakt van de navolgende formule: Cmi=∑ (Mk x %k,I /100) / Mlok Cmi = De concentratie aan asbest van asbestsoort ‘i’ is afkomstig van de verzamelde asbesthoudende materialen van het type ‘k’, in mg/kg d.s.; Mk = de massa verzamelde asbesthoudende materialen van het type ‘k’, in mg; %k,i = het percentage aan asbest van het asbestsoort ‘i’ in de verzamelde asbesthoudende materialen van het type ‘k’, in %; Mlok = het drooggewicht van het verzamelmonster grond op locatie, in kg.

Als het gewicht van het geïnspecteerde monster (gat of sleuf) op locatie exact is gewogen, moet het drooggewicht van het monster uitgegraven materiaal op locatie worden bepaald volgens: Mloc = Mvloc x Ma/Mva waarin: Mvloc is de massa van het uitgegraven veldvochtige materiaal op locatie, in kg; Ma is de massa van het gedroogde analysemonster, in kg; Mva is de massa van het veldvochtige analysemonster, in kg. Wanneer een groot monster (toplaag of sleuf of gat) is geïnspecteerd op locatie kan dit in principe niet worden gewogen. In deze gevallen moet het drooggewicht van het monster worden afgeleid volgens: Mloc = (1 000 x V x ns) x (%E/100) x Ma/Mva waarin: V is het volume van het geïnspecteerde monster op locatie, in m3; ns is de volumieke massa van het geconsolideerde materiaal op locatie, in kg/dm3; %E is een schatting van de inspectie-efficiëntie, in %. waarin: V (in dm3) : volume (V) van de sleuf of het gegraven gat. Mk (in mg) : massa van de verzamelde asbesthoudende materialen van het type "k" (bijvoorbeeld asbestplaatjes). %k,i : gemiddeld % van asbestsoort "i" (bijv. chrysotiel) in de verzamelde asbesthoudende materialen van type "k". Ns (in kg/dm3) : stortgewicht van de grond/puin. ds : percentage droge stof verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr.

22 te Doetinchem september ’26 35 toetsingskader PFAS Het toetsingskader voor PFAS in grond is opgenomen in het “handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie d.d. december 2023”. In tabel 17 zijn de toepassingsnormen voor PFAS stoffen opgenomen. tabel 17: toepassingsnorm voor toepassen grond en baggerspecie op landbodem boven grondwaterniveau (in µg/kg d.s.) Categorie toepassingssituatie toepassingswaarde (µg/kg d.s) op de landbodem 4.1 Grond en baggerspecie toepassen boven grondwaterniveau bodemkwaliteitsklasse bodemfunctieklasse wonen of industrie wonen of industrie overige PFAS en PFOS: 3.0 PFOA: 7.0 landbouw / natuur wonen of industrie overige PFAS en PFOS: 1.4 PFOA: 1.9 landbouw / natuur, wonen of industrie landbouw / natuur overige PFAS en PFOS: 1.4 PFOA: 1.9 4.2 Baggerspecie verspreiden, als bedoeld in artikel 4.1269, derde lid onder a van het Bal (verspreiden inclusief verspreiden in weilanddepots van baggerspecie afkomstig uit regionale wateren op aangrenzende percelen of op landbouwgronden gelegen tot 10 km afstand van de plaats van vrijkomen) overige PFAS en PFOS: 3.0 PFOA: 7.0 4.3 Grond en baggerspecie grootschalig toepassen boven grondwaterniveau(1) overige PFAS en PFOS: 3.0 PFOA: 7.0 4.4 Grond en baggerspecie toepassen in grondwaterbeschermingsgebieden Gebiedskwaliteit, indien niet bekend 0,1 4.5, vervallen Grond en baggerspecie

toepassen onder grondwaterniveau, met inbegrip van grootschalige toepassing. Vervalt, zie categorie 4.1, 4.2 en 4.3 in oppervlaktewaterlichaam 4.6 Grond toepassen Vervalt, zie categorie 4.8.2, 4.9.1 en 4.9.2 4.7 Baggerspecie verspreiden in hetzelfde oppervlaktewaterlichaam of aansluitende (sedimentdelende)(10) stroomafwaarts gelegen oppervlaktewaterlichamen (als bedoeld in artikel 4.1269, derde lid onder b en c van het Bal). Toepasbaar, wel meten en toetsen op uitschieters. 4.8.1 Baggerspecie toepassen in hetzelfde oppervlaktewaterlichaam in toepassingen, als bedoeld in artikel 4.1269, tweede lid onder f, g en h van het Bal Toepasbaar, wel meten en toetsen op uitschieters. 4.8.2 Het in een ander oppervlaktewaterlichaam: • verspreiden van baggerspecie (bij niet-sedimentdelende oppervlaktewaterlichamen) als bedoeld in artikel 4.1269, derde lid onder b van het Bal en • het toepassen van baggerspecie en grond in toepassingen als bedoeld in artikel 4.1269, tweede lid onder f, g en h van het Bal.

Rijkswater: PFOS = 3,7 PFOA = 0,8 Overige PFAS= 0,8 Anders: PFOS = 1,1 PFOA = 0,8 Overige PFAS = 0,8 4.9.1 Baggerspecie en grond toepassen in niet-vrijliggende diepe plassen die in open verbinding staan met een rijkswater ( 1) (8) PFAS = 0,8 PFOS = 3,7 4.9.2 Baggerspecie en grond toepassen in niet-vrijliggende diepe plassen die in open verbinding staan met een rijkswater (1 ) (6) PFOS = 1,1 PFOA = 0,8 Overige PFAS = 0,8 verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 36

verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 37 toetsing PFAS in grondwater aan INEV inclusief of exclusief drinkwater De toetsing aan de Indicatieve niveaus voor ernstige verontreiniging (INEV) is hieronder toegelicht. Het RIVM heeft twee INEV-waarden voor grondwater afgeleid: • INEV exclusief drinkwater – voor normaal gebruik van een locatie en bescherming van het grondwaterecosysteem • INEV inclusief drinkwater – voor situaties waarin grondwater wordt gebruikt als bron voor drinkwaterproductie Voor locaties wordt standaard getoetst aan de INEV exclusief drinkwater, omdat het consumeren van grondwater op een locatie niet behoort tot normaal gebruik. Alleen in de volgende situaties wordt getoetst aan de INEV inclusief drinkwater: • De locatie ligt in een grondwaterbeschermingsgebied • De locatie ligt in de directe omgeving van een geregistreerde drinkwater- of industriële grondwaterwinning. Voor particuliere grondwaterwinningen geldt dat in Nederland iedereen toegang heeft tot schoon en betaalbaar drinkwater. Daarom wordt hierbij niet getoetst aan normen voor consumptief gebruik van grondwater. tabel 18: samenvatting toetsingswaarden PFOA PFOS overige PFAS grondwater in µg/l INEV (incl. drinkwater) 0.02 0.0099 niet afgeleid INEV (excl.

drinkwater) 8.6 2.7 verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem 4.3 | Analyseresultaten en interpretatie In deze paragraaf zijn de resultaten van de chemische analyses van de grond | - en grondwatermonsters, gerelateerd aan toetsingswaarden, weergegeven in tabelvorm. Na | de tabellen worden de onderzoeksresultaten besproken. In bijlage 4 zijn van alle uitgevoerde analyses de analysecertificaten opgenomen. | In bijlage 5 zijn de toetsingsresultaten opgenomen. 4.3.1 | Verkennend bodemonderzoek volgens NEN-5740 onderzoeksresultaten grond In tabel 19 staat een samenvatting weergegeven van de toets resultaten van de onderzochte mengmonsters van de boven- en ondergrond.

tabel 19: samenvatting toets resultaten boven- en ondergrond grondmeng- | landbouw/ | matig | sterk | toetsing monster/ | zintuiglijk | natuur | wonen | industrie | verontreinigd | verontreinigd | eindoordeel boring | (> I) MM1 | - | alle | - | - | - | - | landbouw/natuur* (5+6+11+15) | onderzochte (0.6-1.0) | parameters MM2 | - | overige | cadmium1 | - | - | - | landbouw/natuur* (4+14+16+17) | onderzochte (0.0-0.5) | parameters MM3 | - | alle | - | - | - | - | landbouw/natuur* (7+8+9) | onderzochte (0.6-1.0) | parameters MM4 | - | alle | - | - | - | - | landbouw/natuur* (1+2+3+4) | onderzochte (0.9-2.0) | parameters landbouw/ | beoordeling omgevingswet: kwaliteitsklasse landbouw / natuur / natuur wonen | maximale waarde landbouw/natuur < gehalte (gssd) ≤ maximale waarde wonen beoordeling omgevingswet: kwaliteitsklasse wonen industrie | maximale waarde wonen < gehalte (gssd) ≤ maximale waarde industrie beoordeling omgevingswet: kwaliteitsklasse industrie matig | maximale waarde industrie < gehalte (gssd) ≤ interventiewaarde verontreinigd | beoordeling omgevingswet: kwaliteitsklasse matig verontreinigd sterk | beoordeling omgevingswet: kwaliteitsklasse sterk verontreinigd verontreinigd >I 1= hier geldt de uitzonderingsregel zoals in paragraaf 4.2 vermeld *= beoordeling is excl.

onderzoek naar PFAS-verbindingen, onderzoek naar deze verbindingen is vanaf 8 juli 2019 verplicht bij beoordeling van hergebruiksmogelijkheden van de grond september ’26 | 38 verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 39 onderzoeksresultaten grondwater In tabel 20 staat een samenvatting weergegeven van de toets resultaten van de onderzochte grondwatermonsters. tabel 20: samenvatting toets resultaten grondwater Peilbuis zintuiglijk <streefwaarde >streefwaarde >signaleringsparameter toetsing eindoordeel Pb1 (3.5-4.5) - overige onderzochte parameters barium - <signalerings parameter beoordeling grondwatersanering <streefwaarde Bij overschrijding zijn er geen significante risico’s voor mens, plant of dier aanwezig. >streefwaarde en <signalerings parameter Bij overschrijding zijn er geen significante risico’s voor mens, plant of dier aanwezig. >signalerings parameter Bij overschrijding zijn er mogelijk significante risico’s voor mens, plant of dier aanwezig (voormalige interventiewaarde). interpretatie onderzoeksresultaten excl. PFAS-verbindingen bovengrond (0.0-0.5 m-mv) Bovengrondmengmonster MM2 bevat een verhoogd gehalte cadmium (zware metalen) t.o.v. de maximale waarde voor de bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur.

Op basis van de uitzonderingsregel zoals omschreven in paragraaf 4.2 geldt in dit geval dat het eindoordeel alsnog landbouw/natuur is. Het verhoogd gemeten gehalte cadmium (zware metalen) in bovengrondmengmonster MM2 is op basis van zintuiglijke waarnemingen niet te relateren aan zintuiglijk waargenomen afwijkingen in het opgeboorde monstermateriaal. In gebieden welke reeds langere tijd door de mens in gebruik zijn (o.a. langdurige bewoning of menselijk gebruik) worden vaker verhoogde gehalten aan o.a. zware metalen, PAK’s en /of minerale olie in de grond gemeten. In algemene zin wordt opgemerkt dat antropogene beïnvloeding van een locatie in de meeste gevallen een negatief effect heeft op de kwaliteit van de bodem. Zware metalen bezitten veelal een geringe mobiliteit in de bodem en hechten zich met name aan slib - en kleideeltjes. Zware metalen komen van nature in bepaalde concentraties in de bodem voor. Deze concentraties kunnen verhoogd voorkomen in het stedelijk milieu. De afgifte vindt onder andere plaats door dakpannen, dakgoten, kabels en leidingen, verkeer en afval. Ook depositie van zware metalen op de bodem door industriële activiteiten is een mogelijke oorzaak van verhoogde concentraties. ondergrond (0.6-2.0 m-mv) De ondergrondmengmonsters MM1, MM3 en MM4 bevatten geen van de onderzochte stoffen verhoogd t.o.v.

de maximale waarde voor de bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur. grondwater peilbuis 1 (3.5-4.5 m-mv) Het grondwater ter plaatse van peilbuis 1 bevat een verhoogd gehalte barium (zware metalen) t.o.v. de streefwaarde, de signaleringsparameters beoordeling grondwatersanering worden niet overschreden. Opmerking: Wanneer het gehalte van een parameter beneden de rapportagegrens van AS3000 ligt mag er, conform de Wijziging Regeling Bodemkwaliteit (Stc. 122, 27 juni 2008), voor de betreffende parameter van uit worden gegaan dat deze voldoet aan de achtergrondwaarde (AW2000), e.e.a. geldt voor de gecorrigeerde som 1,2- dichlooretheen, gecorrigeerde som dichloorpropaan en som xylenen. Op basis van de circulaire bodemsanering 2009 zijn de toetsingswaarden voor barium (zware metalen) tijdelijk ingetrokken. Indien er op een locatie sprake is van een antropogene bron kan het gemeten gehalte barium indicatief worden getoetst aan de voormalige interventiewaarde verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 40 onderzoek PFAS-stoffen in de grond en grondwater Het uitgevoerde onderzoek PFAS stoffen in de grond en het grondwater heeft tot doel om een indicatief inzicht te verkrijgen in de evt. aanwezigheid van PFAS stoffen in de bovengrond. E.e.a. n.a.v.

het “handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie december 2023”. Om een indicatie te verkrijgen zijn twee bovengrondmengmonsters en één ondergrondmengmonster samengesteld en geanalyseerd op PFAS-stoffen. Tevens zijn twee grondwatermonsters onderzocht op PFAS-stoffen. bovengrond (0.0-0.5 m-mv) Bovengrondmengmonster PFAS1 bevat PFBA, PFPeA, PFHxA, som PFOA en som PFOS verhoogd t.o.v. de bepalingsgrens. Het verhoogd gemeten gehalte PFPeA overschrijdt de toepassingsnorm voor landbouw/natuur uit het handelingskader PFAS (bij toepassing op landbodem, boven grondwaterniveau en buiten een grondwaterbeschermingsgebied). Op basis van het gehalte PFPeA wordt dit mengmonster geclassificeerd als wonen/industrie. Bovengrondmengmonster PFAS2 bevat PFHxA, som PFOA en som PFOS verhoogd t.o.v. de bepalingsgrens. De gemeten gehalten in bovengrondmengmonster PFAS2 overschrijden de toepassingsnorm voor landbouw/natuur uit het handelingskader PFAS (bij toepassing op landbodem, boven grondwaterniveau en buiten een grondwaterbeschermingsgebied) niet. ondergrond (0.5-2.0 m-mv) Ondergrondmengmonster PFAS3 bevat PFHxA, som PFOA en som PFOS verhoogd t.o.v. de bepalingsgrens.

De gemeten gehalten in ondergrondmengmonster PFAS3 overschrijden de toepassingsnorm voor landbouw/natuur uit het handelingskader PFAS (bij toepassing op landbodem, boven grondwaterniveau en buiten een grondwaterbeschermingsgebied) niet. Let op; bij meer kritische gebieden (zoals grondwaterbeschermingsgebieden, Natura 2000-gebieden) gelden strengere regels voor het toepassen van grond. grondwater Het grondwater uit peilbuis 1 bevat geen van de onderzochte PFAS-verbindingen verhoogd t.o.v. de bepalingsgrens. De INEV waarde (excl. drinkwater) worden niet overschreden. Het grondwater uit peilbuis 19 bevat PFBS verhoogd t.o.v. de bepalingsgrens. De overige onderzochte PFAS-verbindingen zijn niet verhoogd aangetoond t.o.v. de bepalingsgrens. De INEV waarde (excl. drinkwater) worden niet overschreden verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 41 4.3.2 Verkennend onderzoek asbest in grond volgens NEN-5707+C2 In deze paragraaf zijn de resultaten van de analyses van de grondmonsters, gerelateerd aan toetsingswaarden weergegeven in tabelvorm. Na elke tabel worden de onderzoeksresultaten besproken. In bijlage 4 zijn van alle uitgevoerde analyses de analysecertificaten opgenomen.

De totale concentratie aan asbest per inspectiegat wordt conform NEN-5707+C2 bepaald door de concentratie visueel zichtbaar asbest in de grove zeeffractie (fractie >20 mm) te sommeren met de concentratie visueel niet zichtbaar asbest in de fijne zeeffractie (fractie <20 mm). Door het gewicht te bepalen van de evt. handmatig verzamelde asbesthoudende materialen en dit te delen door de massa (inhoud / soortelijk gewicht) van het betreffende inspectiegat wordt de concentratie asbestverdacht materiaal in het inspectiesleuf bepaald. Deze concentratie moet echter nog worden gecorrigeerd voor het percentage asbest in de materiaalmonsters dat door het laboratorium is bepaald. De analyseresultaten van de grond(meng)- en materiaalmonsters zijn samen met de interpretatie opgenomen in tabel 21 en 22. tabel 21: resultaten asbestanalyse materiaal verzamel monsters in de fractie > 20 mm (absoluut gewicht) Monsteromschrijving (inspectiegat) Vorm Asbestgehalte (%) Serpentijn Amfibool chrysotiel amosiet crocidoliet (mg) (mg) (mg) maaiveld - - - - G1 t/m G14 - - - - Toelichting HB = hecht gebonden tabel 22: overschrijdingstabel resultaten totaal asbestanalyses inspectiegat (m-mv) Berekende asbestconcentratie (fractie > 20 mm) mg/kg d.s. (gewogen) Asbestconcentratie (fractie < 20 mm) mg/kg d.s. (gewogen) Totale asbestconcentratie mg/kg d.s. (gewogen) gem. conc. ondergrens bovengrens gem. conc.

onder- grens boven- grens gem. conc. onder- grens boven- grens onverharde deel van de onderzoekslocatie G1 t/m G5 (0.0-0.5) - - - <0.5 0.0 0.9 <0.5 0.0 0.9 G6+G7+G13+ G14 (0.0-0.5) - - - <0.7 0.0 1.3 <0.7 0.0 1.3 G8 t/m G12 (0.0-0.5) - - - <0.5 0.0 0.9 <0.5 0.0 0.9 toelichting =geen asbest aangetoond (concentratie beneden of gelijk aan de bepalingsgrens) =concentratie boven de bepalingsgrens en beneden of gelijk aan de interventiewaarde: licht verhoogd =concentratie boven de interventiewaarde: sterk verhoogd verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 42 interpretatie resultaten asbest in grond maaiveld Op basis van de indicatieve visuele locatie-inspectie zijn op het maaiveld t.p.v. het geïnspecteerde maaiveld geen asbestverdacht materiaal waargenomen. bovengrond (0.0-max. 0.5 m-mv) Ter plaatse van het inspectiegaten G1 t/m G14 is in de uitgegraven bovengrond (bodemlaag tussen 0.0-max. 0.5 m-mv) in de fractie >20 mm zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal waargenomen. De gemiddeld indicatief gewogen asbestgehalten in de bovengrondmengmonsters M1, M2 en M3, samengesteld uit de inspectiegaten G1 tot en met G14, liggen beneden de bepalingsgrens. In geen van de onderzochte mengmonsters wordt het criterium voor nader onderzo ek van 50 mg/kg d.s. overschreden.

Tevens wordt de interventiewaarde voor asbest van 100 mg/kg d.s. niet overschreden. ondergrond (0.5-2.0 m-mv) fractie >20 mm Op basis van de uitgevoerde inspectie van het opgeboorde materiaal uit de inspectiegat G1, G7 en G12 zijn vanaf ca. 0.5-2.0 m-mv visueel geen asbestverdachte materialen waargenomen. fractie <20 mm Van de ondergrond vanaf 0.5 m-mv zijn in deze fase van het onderzoek geen grondmonsters geanalyseerd op de fractie <20 mm. Omdat geen asbestverdacht materiaal (met fractie > 20 mm) in de ongeroerde ondergrond is aangetroffen is de verwachting dat er geen asbest met fractie < 20 mm in de ongeroerde ondergrond aanwezig is. verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 43 4.3.3 verkennend onderzoek asbest in puin volgens NEN-5897+C2 In deze paragraaf zijn de resultaten van de analyses van de puinmonsters, gerelateerd aan toetsingswaarden weergegeven in tabelvorm. Na elke tabel worden de onderzoeksresultaten besproken. In bijlage 4 zijn van alle uitgevoerde analyses de analysecertificaten opgenomen.

De totale concentratie aan asbest per inspectiegat wordt conform NEN-5897+C2 bepaald door de concentratie visueel zichtbaar asbest in de grove zeeffractie (fractie >20 mm) te sommeren met de concentratie visueel niet zichtbaar asbest in de fijne zeeffractie (fractie <20 mm). Door het gewicht te bepalen van de evt. handmatig verzamelde asbesthoudende materialen en dit te delen door de massa (inhoud / soortelijk gewicht) van het betreffende inspectiegat/inspectiesleuf wordt de concentratie asbestverdacht materiaal in het inspectiegat bepaald. Deze concentratie moet echter nog worden gecorrigeerd voor het percentage asbest in de materiaalmonsters dat door het laboratorium is bepaald. De analyseresultaten van het puinmengmonsters zijn samen met de interpretatie opgenomen in de tabellen 23 en 24. tabel 23: resultaten asbestanalyse materiaal verzamel monsters in de fractie > 20 mm (absoluut gewicht) Monsteromschrijving (inspectiegat) Vorm Asbestgehalte (%) Serpentijn Amfibool chrysotiel Amosiet crocidoliet (mg) (mg) (mg) maaiveld - - - - G15 t/m G32 - - - - Toelichting HB = hecht gebonden tabel 24: overschrijdingstabel resultaten totaal asbestanalyses inspectiegat (m-mv) Berekende asbestconcentratie (fractie > 20 mm) mg/kg d.s. (gewogen) Asbestconcentratie (fractie < 20 mm) mg/kg d.s. (gewogen) Totale asbestconcentratie mg/kg d.s. (gewogen) gem. conc. ondergrens bovengrens gem.

conc. onder- grens boven- grens gem. conc. onder- grens boven- grens G15 t/m G20 (0.1-0.5) - - - <0.3 0.0 0.6 <0.3 0.0 0.6 G21 t/m G26 (0.1-0.49) - - - <0.3 0.0 0.6 <0.3 0.0 0.6 G27 t/m G32 (0.1-0.48) - - - <0.4 0.0 0.6 <0.4 0.0 0.6 toelichting =geen asbest aangetoond (concentratie beneden of gelijk aan de bepalingsgrens) =concentratie boven de bepalingsgrens en beneden of gelijk aan de interventiewaarde: licht verhoogd =concentratie boven de interventiewaarde: sterk verhoogd verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 44 interpretatie resultaten asbest in puin puinmateriaal (0.01-max.0.5 m-mv) Ter plaatse van de inspectiegaten G15 t/m G32 is in het uitgegraven puinmateriaal in de fractie >20 mm zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal waargenomen. De gemiddeld indicatief gewogen asbestgehalten in de puinmengmonsters M4, M5 en M6, samengesteld uit de inspectiegaten G15 tot en met G324, liggen beneden de bepalingsgrens. In geen van de onderzochte puinmengmonsters wordt het criterium voor nader onderzoek van 50 mg/kg d.s. overschreden. Tevens wordt de samenstellingswaarde voor asbest van 100 mg/kg d.s. niet overschreden. verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr.

22 te Doetinchem september ’26 45 5 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Naar aanleiding van de resultaten van het verkennend bodemonderzoek worden de volgende conclusies getrokken en aanbevelingen gedaan. zintuiglijke waarnemingen Onder de verharding van de parkeerplaats bevindt zich een funderingslaag bestaande uit gebroken puin. Op basis van zintuiglijke waarnemingen zijn in het opgeboorde monstermateriaal zijn voor het overige geen bijzonderheden waargenomen die duiden op een vorm van bodemverontreiniging. Op basis van zintuiglijke waarnemingen is in het opgeboorde bodemmateriaal geen asbestverdacht materiaal waargenomen (indicatieve waarneming). eindconclusie verkennend bodemonderzoek NEN-5740 De onderzochte boven- en ondergrondmengmonsters voldoen aan de maximale waarde voor de bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur. Op basis van het gehalte PFAS wordt de bovengrond plaatselijk geclassificeerd als wonen/industrie. In het grondwater zijn geen van de onderzochte stoffen verhoogd gemeten t.o.v. de signaleringsparameters beoordeling grondwatersanering. De gemeten gehalten in de grond en het grondwater geven, naar onze mening , uit milieuhygiënische overweging geen aanleiding tot het instellen van nader onderzoek.

Op basis van de resultaten van het uitgevoerde bodemonderzoek geldt, ten aanzien van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem, naar onze mening, geen belemmering voor het beoogde gebruik van de onderzoekslocatie. Echter, het is van belang te benadrukken dat het bevoegd gezag hierin de uiteindelijke beslissing neemt en hierbij beleidsmatige afwegingsruimte heeft, wat kan resulteren in een afwijkend besluit. Aan onze inschatting (expert-judgement) kunnen dan ook geen rechten worden ontleend en deze is louter indicatief van aard. eindconclusie verkennend onderzoek NEN-5707 Ter plaatse van het inspectiegaten G1 t/m G14 is in de uitgegraven bovengrond (bodemlaag tussen 0.0-max. 0.5 m-mv) in de fractie >20 mm zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal waargenomen. De gemiddeld indicatief gewogen asbestgehalten in de bovengrondmengmonsters M1, M2 en M3, samengesteld uit de inspectiegaten G1 tot en met G14, liggen beneden de bepalingsgrens. In geen van de onderzochte mengmonsters wordt het criterium voor nader onderzo ek van 50 mg/kg d.s. overschreden. Tevens wordt de interventiewaarde voor asbest van 100 mg/kg d.s. niet overschreden. eindconclusie verkennend onderzoek NEN-5897 Ter plaatse van de inspectiegaten G15 t/m G32 is in het uitgegraven puinmateriaal in de fractie >20 mm zintuiglijk geen asbestverdacht materiaal waargenomen.

De gemiddeld indicatief gewogen asbestgehalten in de puinmengmonsters M4, M5 en M6, samengesteld uit de inspectiegaten G15 tot en met G324, liggen beneden de bepalingsgrens. In geen van de onderzochte puinmengmonsters wordt het criterium voor nader onderzoek van 50 mg/kg d.s. overschreden. Tevens wordt de samenstellingswaarde voor asbest van 100 mg/kg d.s. niet overschreden. verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 46 toetsing hypothese In tabel 25 is de hypothese en de noodzaak tot vervolgonderzoek beoordeeld aan de hand van de onderzoeksresultaten.

tabel 25: toetsing hypothese Locatie Hypothese Correct? Verkennend onderzoek met nieuwe hypothese? Nader onderzoek? verkennend bodemonderzoek volgens NEN-5740 onderzoeks- locatie bovengrond voldoet aan wonen/industrie, ondergrond voldoet aan landbouw/natuur, grondwater voldoet aan de signaleringsparameters beoordeling grondwatersanering nee, de bovengrond voldoet aan de bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur nee, onderzoeksinspanning voldoende nee, er zijn geen gehalten boven de grenswaarde/ interventiewaarde, de toetsingswaarden voor nader onderzoek of het MTR-humaan gemeten verkennend onderzoek asbest in grond volgens NEN-5707 onverharde deel van de onderzoeks- locatie verdacht voor asbest in grond nee nee, onderzoeksinspanning voldoende nee, er zijn geen gehalten boven de grens voor nader onderzoek gemeten verkennend onderzoek asbest in puin volgens NEN-5897 verharde deel van de onderzoeks- locatie verdacht voor asbest in puin nee nee, onderzoeksinspanning voldoende nee, er zijn geen gehalten boven de grens voor nader onderzoek gemeten Afwijkingen t.o.v. normen en protocollen In afwijking van protocol 2018 en NEN-5707 is de maaiveldinspectie vanwege de aanwezigheid van vegetatie indicatief uitgevoerd. Door de aanwezigheid van plassen op het maaiveld was de inspectie- efficiëntie laag. Het was niet mogelijk een maaiveldinspectie volgens het protocol 2018 uit te voeren.

Door een lage inspectie-efficiëntie kan asbest gelegen op het maaiveld gemist zijn. Het risico van deze afwijking wordt als laag beoordeeld, omdat de evt. op het maaiveld aanwezig asbesthoudend materiaal niet mee weegt in de concentraties van de bovengrond of toplaag. Er hebben bij de uitvoering van veldwerkzaamheden geen andere afwijkingen plaatsgevonden t.o.v. de geldende protocollen 2001, 2002 en 2018. Er hebben bij de uitvoering van analysewerkzaamheden geen afwijkingen plaatsgevonden t.o.v. de geldende protocollen AS3000 en/of overige geldende analysemethoden. verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 47 Aanbevelingen 1●) Indien de puinverharding onder de parkeerplaats, in het kader van de herontwikkeling wordt opgebroken en moet worden verwijderd, wordt geadviseerd na te gaan of er van het materiaal nog kwaliteitsgegevens bekend zijn. Mocht dit niet het geval zijn dan wordt geadviseerd om om voorafgaand aan de werkzaamheden een samenstellingsonderzoek van het puinmateriaal uit te voeren. Dit onderzoek is noodzakelijk om de definitieve hergebruiksmogelijkheden van het materiaal als bouwstof vast te stellen dan wel de acceptatievoorwaarden voor afvoer naar een erkende verwerker te bepalen.

2●) Als grond van de locatie vrijkomt, moet er rekening mee worden gehouden dat deze niet zonder meer elders toepasbaar is. Op basis van de regels in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) moeten voor de milieubelastende activiteiten graven in bodem > 25 m3, het toepassen van grond en het opslaan van grond meldingen worden ingediend via het Omgevingsloket DSO. Met behulp van de ‘Vergunningcheck’ in het DSO kan worden nagegaan om welke meldingen het gaat in de betreffende situatie. Opgemerkt wordt dat evt. afvoer van grond met de bodemkwaliteitsklasse “wonen”, “industrie” en “matig en sterk verontreinigde grond” meer kosten met zich meebrengt dan de afvoer van grond met de “bodemkwaliteitsklasse landbouw/natuur”. verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 48 Algemeen/opmerkingen/betrouwbaarheid/uitsluitingen Het onderhavige onderzoek heeft betrekking gehad op de locatie gelegen aan de Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem (zie bijlage 2). Op basis van het onderhavige onderzoek kan alleen een uitspraak worden gedaan omtrent de bodemkwaliteit van het onderzochte terreindeel, zie bijlage 2.

Op basis van het onderhavige onderzoek kan geen uitspraak worden gedaan: omtrent de bodemkwaliteit van niet onderzochte terreindelen, de milieuhygiënische bodemkwaliteit van niet bekende verdachte terreindelen, de milieuhygiënische bodemkwaliteit van niet verkende bodemlagen, de milieuhygiënische kwaliteit van het diepere grondwater etc. Daarnaast kan op basis van dit onderzoek geen uitspraak worden gedaan omtrent de eventuele aanwezigheid van asbest in de bodem/puin. Indien echter een formele uitspraak over het voorkomen van asbest in de bodem gewenst is dient een asbestonderzoek uit gevoerd te worden conform de NEN 5707+C2 of NEN 5897+C2. Alleen een asbestonderzoek volgens NEN-5707+C2 / NEN- 5897+C2 geeft meer zekerheid over de aanwezigheid van asbest in de bodem resp. puin. In algemene zin wordt opgemerkt dat bij analyse van mengmonsters de gehalten in de individuele deelmonsters van een mengmonster zowel hoger als lager kunnen zijn dan de aangetoonde gehalten in het betreffende mengmonster. Er kan in gevallen waarbij sprake is van ruime overschrijdingen van de achtergrondwaarde, gemeten in een mengmonster, niet worden uitgesloten dat individuele deelmonsters gehalten boven de tussen- of interventiewaarde bevatten. T.a.v. historische (bodem) informatie van de locatie wordt opgemerkt dat de geraadpleegde bronnen niet altijd zonder fouten en volledig zijn.

Voor het verkrijgen van historische informatie is Sigma Geo- & Milieutechniek afhankelijk van deze bronnen, waardoor Sigma Geo- & Milieutechniek niet kan instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie. Het kan voorkomen dat niet alle bronnen zijn geraadpleegd, doordat ze niet voorhanden waren. Hierdoor kan informatie ontbreken. Dit bodemonderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd conform de toepasselijke en van kracht zijnde regelgeving en methoden. Een bodemonderzoek wordt in zijn algemeenheid echter uitgevoerd door het, conform de geldende richtlijnen, steekproefsgewijs bemonsteren van de bodem d.m.v. een representatief geacht aantal monsters, waardoor het, op basis van de resultaten van een bodemonderzoek, onmogelijk is om garanties af te geven ten aanzien van de milieuhygiënische bodemkwaliteit. Een verkennend bodemonderzoek geeft nooit volledige zekerheid omtrent de toestand van de bodem ter plaatse van een locatie. Het onderzoek dient geïnterpreteerd worden als een inschatting van de verontreinigingssituatie op een bepaald moment. Het is echter op basis van dit onderzoek nooit uit te sluiten dat er lokaal afwijkingen in de bodem voorkomen. Het kan op basis van dit onderzoek niet uitgesloten worden dat zich op de locatie verontreiniging bevindt welke in dit onderzoek niet is aangetroffen/ontdekt.

De resultaten van het onderzoek kunnen minder representatief worden naarmate de tijd verstrijkt. Eventuele toekomstige activiteiten, calamiteiten, sloopwerkzaamheden, bouwrijp maken en/of aanvoer van grond van elders, kunnen de bodemkwaliteit (sterk) beïnvloeden. Tijdens werkzaamheden in de bodem dient men alert te blijven op waarneembare bijzonderheden, die kunnen duiden op eventuele verontreinigingen Het onderzoek is gebaseerd op informatie van derden en het verrichten van een beperkt aantal boringen en analyses, conform de geldende richtlijnen. Hierdoor is het mogelijk dat niet alle informatie is verkregen, dan wel dat niet alle afwijkingen in de bodem zijn geconstateerd. Sigma Geo- & Milieutechniek B.V. aanvaardt derhalve op generlei wijze aansprakelijkheid voor de gevolgen/schade dan wel enige andere indirecte incidentele of gevolgschade welke voortvloeien uit beslissingen welke worden genomen op basis van de onderzoeksresultaten van het onderhavige onderzoek als in de praktijk blijkt dat de verontreinigingssituatie anders is dan in dit onderzoek vermeld. verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem 6 | LITERTUURLIJST 1.

| 'Bodem | – Landbodem | – Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek | – onderzoek naar de milieuhygiënische | kwaliteit van bodem en grond' (Nederlandse norm 5740+C1: november 2024). 2. | 'Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek (Nederlandse norm 5725:2023, oktober 2023).). 3. | Bodem-Monsterneming van grondwater, NEN 5744, (NNI maart 2011). 4. | NEN 5707+C2; Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond; uitgifte december 2017. 5. | NTA 5755, Strategie voor het uitvoeren van nader onderzoek,NNI, juni 2022). 6. | Boringen zijn geplaatst volgens de eisen uit het SIKB-protocol 2001 (vigerende versie). 7. | Grondmonsters zijn genomen volgens de eisen uit het SIKB-protocol 2001 (vigerende versie), grondwatermonsters zijn genomen volgens de eisen uit het SIKB-protocol 2002 (vigerende versie). 8. | De conservering van monsters in het veld is uitgevoerd volgens de eisen uit de SIKB | - protocollen 2001 en 2002 (vigerende versie). 9. | Classificatie van onverharde grondmonsters, NEN 5104, september 1989. september ’26 | 49 verkennend milieukundig bodemonderzoek en verkennend onderzoek asbest in grond en puin Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem september ’26 50 7 COLOFON Auteur Paraaf Gecontroleerd door Paraaf Datum Status R.F. Dob H.

Kroon 8 september 2026 definitief opdrachtgever : BJZ.nu project : Hamburgerbroeklaan achter nr. 22 te Doetinchem omvang rapport : 50 blz. datum : 8-9-2026 projectleider : ing. A.D.M. van Wuijkhuijse

11 50 22 Stationsstraat Hamburgerbroeklaan Geo- & Milieutechniek AGS BIJLAGE 2A ONDERZOEKSLOCATIE grind asfalt/beton klinkers Legenda puin, split ed. gras/braak tegels onderzoekslocatie G1 G2 G3 G5 G6 G7 G8 G4 G10 G9G11 G12 G13 G14 11 50 22 Stationsstraat Hamburgerbroeklaan Geo- & Milieutechniek AGS BIJLAGE 2B ONDERZOEKSLOCATIE grind asfalt/beton klinkers Legenda puin, split ed. gras/braak tegels onderzoekslocatie G15 G16 G20 G25 G27 G28 G30 G26 G19 G29 G31 G32 G24 G23 G22 G18 G17 G21

G0 1 | groenstrook / cm tov m aaiveld | G0 6 | groenstrook / cm tov m aaiveld 0 | 0 | 0 | 0 33x31cm , zand, m atig fijn, zwak | 32x34cm , zand, m atig fijn, zwak 1 | siltig, zwak grindig, zwak hum eus, | siltig, zwak hum eus, donker bruin, donker bruin, grijs, resten puin | grijs, schep 50 | fractie > 20 m m = < 5%, schep | 50 | -50 -50 zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak | type | inspect iegat hum eus, donker bruin, grijs, edelm an | datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 100 | boorm eester | Ryon Dobb -90 zand, m atig fijn, zwak siltig, licht | G0 7 geel, edelm an | 0 | groenstrook / cm tov m aaiveld | 0 150 | 32x35cm , zand, m atig fijn, zwak 1 | siltig, zwak hum eus, donker bruin, grijs, schep 50 | -50 200 | -200 | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak 2 | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an type | inspect iegat datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 | 100 | -100 boorm eester | Ryon Dobb | zand, m atig fijn, zwak siltig, licht 3 | geel, edelm an G0 2 | groenstrook / cm tov m aaiveld 0 | 0 | 150 34x32cm , zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak grindig, zwak hum eus, | 4 donker bruin, grijs, resten puin 50 | fractie > 20 m m = < 5%, schep | 200 | -200 -50 | type | inspect iegat zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak hum eus, bruin, grijs, grijs, beige, | datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 type | inspect iegat | schep | boorm eester | Ryon Dobb datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 | -70 boorm eester | Ryon Dobb | G0 8

groenstrook / cm tov m aaiveld G0 3 | 0 | 33x31cm , zand, m atig fijn, zwak | 0 0 | groenstrook / cm tov m aaiveld | 0 1 | siltig, zwak hum eus, donker bruin, 32x33cm , zand, m atig fijn, zwak | grijs, schep siltig, zwak hum eus, donker bruin, grijs, resten puin, schep | 50 | -50 50 | -50 | type | inspect iegat zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak | datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 hum eus, donker bruin, grijs, schep | boorm eester | Ryon Dobb type | inspect iegat | -70 | G0 9 datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 | groenstrook / cm tov m aaiveld boorm eester | Ryon Dobb | 0 | 0 33x35cm , zand, m atig fijn, zwak G0 4 | siltig, zwak hum eus, donker bruin, groenstrook / cm tov m aaiveld | grijs, schep 0 | 0 32x31cm , zand, m atig fijn, zwak | 50 | -50 1 | siltig, zwak hum eus, donker bruin, grijs, sporen puin fractie > 20 m m = | type | inspect iegat 50 | < 1%, schep | datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 -50 | boorm eester | Ryon Dobb zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak | G1 0 type | inspect iegat | hum eus, grijs, bruin, schep | groenstrook / cm tov m aaiveld 0 | 0 datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 | -70 | 33x34cm , zand, m atig fijn, zwak boorm eester | Ryon Dobb | 1 | siltig, zwak hum eus, donker bruin, G0 5 | grijs, schep groenstrook / cm tov m aaiveld | 50 | -50 0 | 0 32x34cm , zand, m atig fijn, zwak | type | inspect iegat siltig, zwak hum eus, donker bruin, | datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 grijs, sporen puin

fractie > 20 m m = | boorm eester | Ryon Dobb 50 | < 1%, schep -50 | G1 1 zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak | 0 | groenstrook / cm tov m aaiveld | 0 type | inspect iegat | hum eus, donker bruin, grijs, schep | 33x33cm , zand, m atig fijn, zwak datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 | siltig, zwak hum eus, donker bruin, -70 | grijs, schep boorm eester | Ryon Dobb | 50 | -50 type | inspect iegat datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 boorm eester | Ryon Dobb bodem profielen | BIJLAGE 3 : BOORPROFIELEN onderzoek | Ham burgerbroeklaan acht er 2 2 , Doet inchem projectcode | 2 5 -M 1 1 8 7 1 getekend conform | NEN 6 6 9 3 G1 2 | groenstrook / cm tov m aaiveld | G1 7 | klinker / cm tov m aaiveld 0 | 0 | 0 | 0 32x31cm , zand, m atig fijn, zwak | 36x33cm 1 | siltig, zwak hum eus, donker bruin, | -6 grijs, schep | zand, m atig grof, zwak siltig, zwak 50 | -50 | 50 | grindig, licht beige, geel, schep zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak | -10 2 | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an | uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, type | inspect iegat | schep 100 | datum | 2 4 -0 6 -2 0 2 6 | -45 -110 | boorm eester | Ryon Dob | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak zand, m atig fijn, zwak siltig, licht | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an 3 | geel, edelm an | -60 150 4 | G1 8 0 | klinker / cm tov m aaiveld | 0 200 | -200 | 32x38cm -6 type | inspect iegat | zand, m atig grof, zwak siltig, zwak datum | 0 9 -0 4 -2

0 2 6 | 50 | grindig, licht beige, geel, schep boorm eester | Ryon Dobb | -10 G1 3 | type | inspect iegat | uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, groenstrook / cm tov m aaiveld | schep 0 | 0 | datum | 2 4 -0 6 -2 0 2 6 | -42 34x31cm , zand, m atig fijn, zwak | boorm eester | Ryon Dob | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak siltig, zwak hum eus, donker bruin, | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an grijs, schep | -60 50 | -50 type | inspect iegat | G1 9 datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 | 0 | klinker / cm tov m aaiveld | 0 boorm eester | Ryon Dobb | 38x35cm G1 4 | -6 groenstrook / cm tov m aaiveld | zand, m atig grof, zwak siltig, zwak 0 | 0 | 50 | grindig, licht beige, geel, schep 32x34cm , zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak hum eus, donker bruin, | -10 grijs, schep | uiterst puin Fractie > 20m m = > 50%, schep 50 | -50 | 100 | -46 zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak type | inspect iegat | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an datum | 0 9 -0 4 -2 0 2 6 boorm eester | Ryon Dobb | -90 150 | zand, m atig fijn, zwak siltig, licht G1 5 | geel, edelm an 0 | klinker / cm tov m aaiveld | 0 38x36cm -6 | 200 | -200 zand, m atig grof, zwak siltig, zwak 50 | grindig, licht beige, geel, schep | type | grondboring datum | 2 4 -0 6 -2 0 2 6 -10 | boorm eester | Ryon Dob uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, type | inspect iegat | schep | G2 0 -43 | klinker / cm tov m aaiveld datum | 2 4 -0 6 -2

0 2 6 | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak | 0 | 0 boorm eester | Ryon Dob | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an | 34x36cm -6 -70 | zand, m atig grof, zwak siltig, zwak 50 | grindig, licht beige, geel, schep G1 6 | -10 0 | klinker / cm tov m aaiveld | 0 | type | inspect iegat | uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, 38x36cm | schep datum | 2 4 -0 6 -2 0 2 6 | -48 -6 | boorm eester | Ryon Dob | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak zand, m atig grof, zwak siltig, zwak | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an 50 | grindig, licht beige, geel, schep -10 | -60 uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, type | inspect iegat | schep -50 datum | 2 4 -0 6 -2 0 2 6 | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak boorm eester | Ryon Dob | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an -70 bodem profielen | BIJLAGE 3 : BOORPROFIELEN onderzoek | Ham burgerbroeklaan acht er 2 2 , Doet inchem projectcode | 2 5 -M 1 1 8 7 1 getekend conform | NEN 6 6 9 3 G2 1 | klinker / cm tov m aaiveld | G2 6 | klinker / cm tov m aaiveld 0 | 0 | 0 | 0 34x31cm | 36x32cm -6 | -6 zand, m atig grof, zwak siltig, zwak | zand, m atig grof, zwak siltig, zwak 50 | grindig, licht beige, geel, schep | 50 | grindig, licht beige, geel, schep -10 | -10 uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, | type inspect iegat | uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, type | inspect iegat | schep | schep -41 | datum | 2 0 -0 8 -2 0 2 6 | -46 datum | 2 0 -0

8 -2 0 2 6 | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak | boorm eester | Ryon Dob | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak boorm eester | Ryon Dob | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an -70 | -60 G2 2 | klinker / cm tov m aaiveld | G2 7 | klinker / cm tov m aaiveld 0 | 0 | 0 | 0 32x30cm | 32x34cm -6 | -6 zand, m atig grof, zwak siltig, zwak | zand, m atig grof, zwak siltig, zwak 50 | grindig, licht beige, geel, schep | 50 | grindig, licht beige, geel, schep -10 | -10 uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, | type inspect iegat | uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, type | inspect iegat | schep | schep -45 | datum | 2 7 -0 8 -2 0 2 6 | -48 datum | 2 0 -0 8 -2 0 2 6 | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak | boorm eester | Ryon Dob | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak boorm eester | Ryon Dob | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an -70 | -60 G2 3 | klinker / cm tov m aaiveld | G2 8 | klinker / cm tov m aaiveld 0 | 0 | 0 | 0 34x32cm | 35x31cm -6 | -6 zand, m atig grof, zwak siltig, zwak | zand, m atig grof, zwak siltig, zwak 50 | grindig, licht beige, geel, schep | 50 | grindig, licht beige, geel, schep -10 | -10 uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, | type inspect iegat | uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, type | inspect iegat | schep | datum | 2 7 -0 8 -2 0 2 6 | schep -49 | -44 datum | 2 0 -0 8 -2 0

2 6 | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak | boorm eester | Ryon Dob | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak boorm eester | Ryon Dob | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an -70 | -60 G2 4 | klinker / cm tov m aaiveld | G2 9 | klinker / cm tov m aaiveld 0 | 0 | 0 | 0 37x33cm | 34x30cm -6 | -6 zand, m atig grof, zwak siltig, zwak | zand, m atig grof, zwak siltig, zwak 50 | grindig, licht beige, geel, schep | 50 | grindig, licht beige, geel, schep -10 | -10 uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, | uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, type | inspect iegat | schep | type inspect iegat | schep datum | 2 0 -0 8 -2 0 2 6 | -42 | datum | 2 7 -0 8 -2 0 2 6 | -47 boorm eester | Ryon Dob | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak | boorm eester | Ryon Dob | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak hum eus, donker bruin, grijs, edelm an | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an -60 | -60 G2 5 | klinker / cm tov m aaiveld | G3 0 | klinker / cm tov m aaiveld 0 | 0 | 0 | 0 33x30cm | 36x32cm -6 | -6 zand, m atig grof, zwak siltig, zwak | zand, m atig grof, zwak siltig, zwak 50 | grindig, licht beige, geel, schep | 50 | grindig, licht beige, geel, schep -10 | -10 type | inspect iegat | uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, | type inspect iegat | uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, schep | schep datum | 2 0 -0 8 -2 0 2 6 | -44 | datum | 2 7 -0 8 -2 0 2 6 | -46

boorm eester | Ryon Dob | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak | boorm eester | Ryon Dob | zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak hum eus, donker bruin, grijs, edelm an | hum eus, donker bruin, grijs, edelm an -60 | -60 bodem profielen | BIJLAGE 3 : BOORPROFIELEN onderzoek | Ham burgerbroeklaan acht er 2 2 , Doet inchem projectcode | 2 5 -M 1 1 8 7 1 getekend conform | NEN 6 6 9 3 bodem profielen BIJ LAGE 3 : BOORPROFIELEN onderzoek Ham burgerbroeklaan acht er 2 2 , Doet inchem projectcode 2 5 -M 1 1 8 7 1 getekend conform NEN 6 6 9 3 0 35x31cm -6 zand, m atig grof, zwak siltig, zwak grindig, licht beige, geel, schep -10 uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, schep -48 -60 zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak hum eus, donker bruin, grijs, edelm an G3 1 klinker / cm tov m aaiveld type inspect iegat datum 2 7 -0 8 -2 0 2 6 boorm eester Ryon Dob 0 50 0 35x32cm -6 zand, m atig grof, zwak siltig, zwak grindig, licht beige, geel, schep -10 uiterst puin fractie > 20m m = > 50%, schep -44 -60 zand, m atig fijn, zwak siltig, zwak hum eus, donker bruin, grijs, edelm an G3 2 klinker / cm tov m aaiveld type inspect iegat datum 2 7 -0 8 -2 0 2 6 boorm eester Ryon Dob 0 50 PEILBUIS | BORING | OLIE OP W ATER REACTIE num m er bodem m onster, geroerd Geen | Zwak | Matig | Sterk | Uiterst casing | bodem laag bentoniet | GEUR INTENSITEIT grondwaterstand tijdens boren filtergrind | bodem m onster,

ongeroerd Geen | Zeer zwak | Zwak | Matig | Sterk Zeer sterk bodem laag filtertraject grondwaterstand links= cm -m aaiveld rechts= cm + NAP GRONDSOORTEN [6 6 9 3 ] | M ATE VAN BIJM ENGING GRIND, grindig (G,g) | zwak - (0-5%) ZAND, zandig (Z,z) | m atig - (5-15%) SILT, siltig (L,s) | sterk - (15-50%) KLEI, kleiig (K,k) | uiterst - (> 50%) VEEN, hum eus (V,h) slib VERHARDINGEN | GRADATIE ZAND asfalt, beton, klinkers, tegels | uf = uiterst fijn (63-105 um ) stelconplaat, ondoordringbare laag | zf = zeer fijn (105-150 um ) m f = m atig fijn (150-210 um ) m g = m atig grof (210-300 um ) zg = zeer grof (300-420 um ) ug = uiterst grof (420-2000 um ) OVERIG | GRADATIE GRIND bodem vreem de bestandsdelen aanwezig | f = fijn (2-5.6 m m ) m g = m atig grof (5.6-16 m m ) zg = zeer grof (16-63 m m ) water BESCHRIJVING BODEM LAAG pid = foto ionisatie detector bv = bodem vocht ow = olie op water

1 / 7 Sigma Geo- en Milieutechniek B.V. T.a.v. mevrouw D. van Wuijkhuijse Phileas Foggstraat 153 7825AW EMMEN Uw kenmerk | : 25-M11871-Hamburgerbroeklaan achter 22, Doetinchem Ons kenmerk | : Project 2107568 (betreft gewijzigd rapport, hierbij komt de vorige versie in zijn geheel te vervallen) Validatieref. | : 2107568_certificaat_v2 Opdrachtverificatiecode: LACB-VQMO-KCAA-WKZD Wijziging | : In dit certificaat heeft een hervalidatie plaats gevonden voor de PFAS gehaltes. Amsterdam, 24 april 2026 Hierbij zend ik u de resultaten van het laboratoriumonderzoek dat op uw verzoek is uitgevoerd in de door u aangeboden monsters. De resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters, zoals die door u voor analyse ter beschikking werden gesteld. Het onderzoek is, met uitzondering van eventueel uitbesteed onderzoek, uitgevoerd door Eurofins Omegam. Informatie omtrent de gebruikte analysemethode(n) kunt u vinden in ons klantenportaal Mijn Lab onder "Info en Docs". Ik wijs u erop dat het analysecertificaat alleen in zijn geheel mag worden gereproduceerd. Ik vertrouw erop uw opdracht volledig en naar tevredenheid te hebben uitgevoerd. Heeft u naar aanleiding van deze rapportage nog vragen, dan verzoek ik u contact op te nemen met onze klantenservice. Hoogachtend, namens Eurofins Omegam, Ing. J. Tukker Manager productie Op dit certificaat zijn onze algemene voorwaarden van toepassing.

Dit analysecertificaat mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. Eurofins Omegam B.V. | T +31-(0)20-597 66 80 | IBAN NL 16 BNPA 0227667980 H.J.E. Wenckebachweg 120 | BIC BNPANL2A NL-1114 AD Amsterdam-Duivendrecht | CSOmegam@etbnl.eurofins.com | BTW nr. NL8139.67.132.B01 Nederland | www.eurofins.nl | KvK nr. 34215654 2 / 7 A N A L Y S E C E R T I F I C A A T Projectcode | : | 2107568 Uw project omschrijving | : | 25-M11871-Hamburgerbroeklaan achter 22, Doetinchem Opdrachtgever | : | Sigma Geo- en Milieutechniek B.V. Uw Monsterreferenties 9339091 = PFAS1, G1: 0-50, G7: 0-50, G8: 0-50, G4: 0-50 9339092 = PFAS2, G10: 0-50, G12: 0-50 9339093 = PFAS3, G12: 50-100, G12: 110-150, G12: 150-200, G7: 100-150, G7: 150-200 Opgegeven bemonsteringsdatum | : | 09/04/2026 | 09/04/2026 | 09/04/2026 Ontvangstdatum opdracht | : | 10/04/2026 | 10/04/2026 | 10/04/2026 Startdatum | : | 10/04/2026 | 10/04/2026 | 10/04/2026 Monstercode | : | 9339091 | 9339092 | 9339093 Uw Matrix | : | Grond | Grond | Grond Monstervoorbewerking S | gewicht artefact | g | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. S | soort artefact | n.v.t. | n.v.t. | n.v.t. S | voorbewerking AS3000 | uitgevoerd | uitgevoerd | uitgevoerd Algemeen onderzoek - fysisch S | droge stof | % | 85,9 | 87,9 | 90,4 S | organische stof (gec.

voor lutum) % (m/m ds) | 5,0 | 4,9 | 2,0 S | lutumgehalte (pipetmethode) | % (m/m ds) | 2,9 | 2,3 | < 1 Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: LACB-VQMO-KCAA-WKZD | Ref.: 2107568_certificaat_v2 3 / 7 A N A L Y S E C E R T I F I C A A T Projectcode | : | 2107568 Uw project omschrijving | : | 25-M11871-Hamburgerbroeklaan achter 22, Doetinchem Opdrachtgever | : | Sigma Geo- en Milieutechniek B.V.

Uw Monsterreferenties 9339091 = PFAS1, G1: 0-50, G7: 0-50, G8: 0-50, G4: 0-50 9339092 = PFAS2, G10: 0-50, G12: 0-50 9339093 = PFAS3, G12: 50-100, G12: 110-150, G12: 150-200, G7: 100-150, G7: 150-200 Opgegeven bemonsteringsdatum | : | 09/04/2026 | 09/04/2026 | 09/04/2026 Ontvangstdatum opdracht | : | 10/04/2026 | 10/04/2026 | 10/04/2026 Startdatum | : | 10/04/2026 | 10/04/2026 | 10/04/2026 Monstercode | : | 9339091 | 9339092 | 9339093 Uw Matrix | : | Grond | Grond | Grond Organische parameters - per- en polyfluoralkylstoffen (PFAS) HPLC-MS/MS Perfluorcarbonzuren: S | PFBA | µg/kg ds | 0,2 | < 0,1 | < 0,1 S | PFPeA | µg/kg ds | 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFHxA | µg/kg ds | 1,5 | 0,1 | 0,3 S | PFHpA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFOA lineair | µg/kg ds | 0,2 | 0,1 | 0,1 S | PFOA vertakt | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFNA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFDA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFUnDA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFDoDA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFTrDA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFTeDA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFHxDA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFODA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 Perfluorsulfonzuren: S | PFBS | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFPeS | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFHxS | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFHpS | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1

S | PFOS lineair | µg/kg ds | 0,3 | 0,3 | 0,2 S | PFOS vertakt | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFDS | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 Perfluorverbindingen - precursors: S | 4:2 FTS | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | 6:2 FTS | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | 8:2 FTS | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | 10:2 FTS | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 Perfluorverbindingen - overig: S | MeFOSAA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | MeFOSA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | EtFOSAA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | PFOSA | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | 8:2 diPAP | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | HFPO-DA (GenX) | µg/kg ds | < 0,1 | < 0,1 | < 0,1 S | som PFOA | µg/kg ds | 0,3 | 0,2 | 0,2 S | som PFOS | µg/kg ds | 0,4 | 0,4 | 0,3 Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd. - De met een 'S' gemerkte analyses zijn door RvA geaccrediteerd (L086) en op basis van het schema AS 3000 erkend. Opdrachtverificatiecode: LACB-VQMO-KCAA-WKZD | Ref.: 2107568_certificaat_v2 Opmerkingen m.b.t. analyses Opmerking(en) algemeen De volgende informatie is indien van toepassing verstrekt door de opdrachtgever: Project omschrijving, Monsterreferentie(s), Opgegeven bemonsteringsdatum, Matrix, Monsterdiepte, Potnr (Barcode), Veldgegevens, Veldwaarnemingen en Bemonsteringsdata.

De opgegeven bemonsteringsdatum kan van invloed zijn op de geldigheid van de resultaten. Kwantificering van vertakte PFOS/PFOA is gebaseerd op DIN 38414-14. Organische stof gehalte (gecorrigeerd voor lutum en vrij ijzer in de vorm van Fe2O3) Het organische stofgehalte is gecorrigeerd voor het in het analysecertificaat gerapporteerde lutumgehalte. Indien het lutumgehalte niet is gerapporteerd is de correctie uitgevoerd met een lutumgehalte van 5,4% (gemiddeld lutumgehalte Nederlandse bodem, AS3010/AS3210, prestatieblad organische stofgehalte in grond/waterbodem). Indien het vrij ijzergehalte is bepaald en groter is dan 5 % m/m, is bij de berekening van het organische stof gecorrigeerd voor dat gehalte aan vrij ijzer. Sommatie van concentraties voor groepsparameters De sommatie is uitgevoerd volgens AS3000 paragraaf 2.5.2 en bijlage 3. Opmerking bij project: - Kwantificatie van HFPO-DA (GenX) is op basis van 2,3,3,3-tetrafluor-2-(1,1,2,2,3,3,3-heptafluorpropoxy)-propaanzuur (CAS nr. 13252-13-6). Een andere naam van GenX is perfluor-2-propoxypropaanzuur (PFPrOPrA). 4 / 7 A N A L Y S E C E R T I F I C A A T Projectcode : 2107568 Uw project omschrijving : 25-M11871-Hamburgerbroeklaan achter 22, Doetinchem Opdrachtgever : Sigma Geo- en Milieutechniek B.V. Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.

Opdrachtverificatiecode: LACB-VQMO-KCAA-WKZD Ref.: 2107568_certificaat_v2 5 / 7 A N A L Y S E C E R T I F I C A A T Projectcode | : | 2107568 Uw project omschrijving | : | 25-M11871-Hamburgerbroeklaan achter 22, Doetinchem Opdrachtgever | : | Sigma Geo- en Milieutechniek B.V. Barcodeschema's Monstercode Uw referentie | uw monsterref. | uw diepte | uw barcode 9339091 | PFAS1, G1:0-50, G7:0-50, G8:0-50, G4:0-50 | G1 | 0-0.5 | 6200728698 G7 | 0-0.5 | 6200728700 G8 | 0-0.5 | 6200728481 G4 | 0-0.5 | 6200728645 9339092 | PFAS2, G10:0-50, G12:0-50 | G10 | 0-0.5 | 6200728475 G12 | 0-0.5 | 6200728867 9339093 | PFAS3, G12:50-100, G12:110-150, G12:150-200, G7: | G12 | 0.5-1 | 6200728863 100-150, G7:150-200 | G12 | 1.1-1.5 | 6200728845 G12 | 1.5-2 | 6200728705 G7 | 1-1.5 | 6200728711 G7 | 1.5-2 | 6200728632 Dit analyse-certificaat, inclusief voorblad en eventuele bijlage(n), mag niet anders dan in zijn geheel worden gereproduceerd.

Opdrachtverificatiecode: LACB-VQMO-KCAA-WKZD | Ref.: 2107568_certificaat_v2 Bijlage Omschrijvingen PFAS PFAS component Volledige naam PFAS component 10:2 FTS 10:2 FTS (10:2 fluortelomeer sulfonzuur) 4:2 FTS 4:2 FTS (4:2 fluortelomeer sulfonzuur) 6:2 FTS 6:2 FTS (6:2 fluortelomeer sulfonzuur) 8:2 diPAP 8:2 DiPAP (8:2 fluortelomeer fosfaat diester) 8:2 FTS 8:2 FTS (8:2 fluortelomeer sulfonzuur) EtFOSAA EtFOSAA (n-ethylperfluoroctaansulfonamide acetaat) MeFOSA MeFOSA (n-methylperfluoroctaansulfonamide) MeFOSAA MeFOSAA (n-methylperfluoroctaansulfonamide acetaat) PFBA PFBA (perfluorbutaanzuur) PFBS PFBS (perfluorbutaansulfonzuur) PFDA PFDA (perfluordecaanzuur) PFDoDA PFDoDA (perfluordodecaanzuur) PFDS PFDS (perfluordecaansulfonzuur) PFHpA PFHpA (perfluor-n-heptaanzuur) PFHpS PFHpS (perfluorheptaansulfonzuur) PFHxA PFHxA (perfluorhexaanzuur) PFHxDA PFHxDA (perfluorhexadecaanzuur) PFHxS PFHxS (perfluorhexaansulfonzuur) PFNA PFNA (perfluornonaanzuur) PFOA lineair PFOA lineair (perfluoroctaanzuur) PFOA vertakt PFOA vertakt (perfluoroctaanzuur) PFODA PFODA (perfluoroctadecaanzuur) PFOS lineair PFOS lineair (perfluoroctaansulfonzuur) PFOS vertakt PFOS vertakt (perfluoroctaansulfonzuur) PFOSA PFOSA (perfluoroctaansulfonamide) PFPeA PFPeA (perfluorpentaanzuur) PFPeS PFPeS (perfluor-n-pentaansulfonzuur) PFTeDA PFTeDA (perfluor-n-tetradecaanzuur) PFTrDA PFTrDA (perfluortridecaanzuur) PFUnDA

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8370/documents/52992