CConstaterende datDoetinchem
Koppel je AI →
Document · PDF

B03.00 Nota van zienswijzen wijzigingsbesluit 2026-1G (anonieme versie)

beeldvormende raad 14 oktober 2026, gemeente DoetinchemBij agendapunt: 1: Wijzigingsbesluit omgevingsplan gemeente Doetinchem 2026-1G10.826 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Het inpassingsplan bestaat uit Inrichtingstekeningen , een toelichting , een beschrijving van de ontwikkeling en de impact op het landschap en een overzicht van de landschapselementen die worden toegepast. In het ontwerp van de inpassing is aangeven waar nieuwe bebouwing en beplanting komen , rekening houdend met ecologie , zichtlijnen en historische waarden. Door de landschappelijke inpassing als gebod op te nemen in de regels van het omgevingsplan dient de landschappelijke inpassing als toetsingskader bij de vergunningverlening. Daarmee is voldoende geborgd dat het planzorgvuldig wordt ingepast in de omgeving. 8. 5 Briefschrijver stelt dat het plan leidt tot inkijk en hiermee tot inbreuk op de privacy. Een afschermende groenstrook met veel groenblijvende heesters van voldoende hoogte is nodig. De in het schetsontwerp opgenomen algemene aanduiding Losse haag biedt onvoldoende waarborgen. Briefschrijver pleit voor een voorwaardelijke verplichting in de planregels waarmee een groenstrook wordt vastgelegd en in stand blijft. Daarnaast pleit briefschrijver voor het opnemen van een beplantingsplan als bijlage bij de planregels. Antwoord gemeente De losse haag is geprojecteerd op ongeveer 9 meter van de Hamminkstraat en op ongeveer 15 meter afstand tot de voortuin van de bestaande woningen aan de Hamminkstraat.

Daarnaast is de twee- onder-een kap woning haaks geprojecteerd op de Hamminkstraat. Hierdoor is enkel de zijgevel van de twee-onder-een kap woning georiënteerd op de Hamminkstraat. De afstand van de zijgevel tot de voortuin van de bestaande woningen aan de Hamminkstraat bedraagt ongeveer 20 meter. Er is in de landschappelijke inpassing een strook van 10 meter gemeenschappelijk openbaar groen ingericht tussen de Hamminkstraat en de nieuwe woningen. Wij achten deze afstand ruim voldoende om de privacy te waarborgen. Wij merken op dat voor privacy de wetgeving uit het Burgerlijk Wetboek leidend is (art. 5:50 Burgerlijk Wetboek). Die geeft aan dat ramen , deuren of balkons die binnen 2 meter van de grenslijn van het erf van de buren worden geplaatst en die recht naar voren uitzicht geven op dit erf niet zijn toegestaan. Wanneer ramen , deuren of balkons slechts zijdelings (niet rechtstreeks dus) uitzicht geven op het erf van de buren , dan is dit wel toegestaan. In het plan liggen de bouwvlakken voor de twee-onder-een kap woning op meer dan 2 meter van het erf van de buren. Er ligt een openbare groenstrook en een weg (Hamminkstraat) tussen. De twee-onder-een kapwoning komt op een nog grotere afstand te liggen van de omliggende woningen. 8. 6 Briefschrijver geeft aan dat het plan de rustige en natuurlijke kenmerken van de leefomgeving aantast.

De invloed van de komst van woningen in dit gebied is onvoldoende onderzocht. Daarnaast is geen aandacht besteed aan concrete maatregelen die het nadeel zullen verminderen. Antwoord gemeente Het plan is stedenbouwkundig en landschappelijk uitgewerkt. Daarbij is aandacht besteed aan een groene dorpsrand , open ruimtes , afstand tot de bestaande woningen , zichtlijnen en de overgang naar het omliggende landschap. Ongeveer 70% van het plangebied wordt openbaar groen , dit is geborgd door een groot deel van het plangebied de functie ‘Groen’ te geven. Ook is een landschappelijke inpassing opgesteld die als gebod is opgenomen in het Omgevingsplan. Hiermee wordt de inrichting en het beheer van het plangebied geborgd. De gemeente erkent dat de bestaande situatie verandert. Dat betekent echter niet dat sprake is van een onaanvaardbare aantasting van het woon- en leefklimaat of het ruimtelijk beeld. De gekozen opzet zorgt voor een zorgvuldige inpassing van de nieuwe woningen. 8. 7 Briefschrijver geeft aan dat de toetsing en het inzichtelijke waarborgen voor gebruik van de woningen als middenhuurwoning ontbreekt. Deze borging van dit gebruik volgt niet direct uit het omgevingsplan , terwijl het omgevingsplan verplicht dat het gebruik voor tenminste 15 jaar is 25 verzekerd.

Briefschrijver stelt dat hierdoor de handhaafbaarheid niet gewaarborgd is en er mogelijk strijd is met de rechtszekerheid en de uitvoerbaarheid van het plan. Antwoord gemeente Het toegestane gebruik is juridisch geborgd in het omgevingsplan. Artikel 6.87 bepaalt dat binnen het gebied ‘minimum percentage middenhuurwoning’ 100% van de woningen middenhuurwoning moet zijn. Voor dit plan betreft dit maximaal twee woningen. De instandhouding voor de in de Doelgroepenverordening betaalbare woningen gemeente Doetinchem 2023 (vastgesteld op 30-11- 2023) omschreven doelgroep is hiermee gedurende ten minste 15 jaar na ingebruikname verzekerd. De Doelgroepenverordening bevat tevens regels over meldingsplicht, toezicht en handhaving, waaronder een boetebepaling. Daarmee is de naleving van de instandhoudingsverplichting voldoende geborgd en zijn zowel het gebruik als de instandhouding van de woningen als middenhuurwoning planologisch vastgelegd en handhaafbaar. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van deze zienswijze: De zienswijze heeft geen gevolgen voor het plan. Zienswijze 9 9.1 Briefschrijver is van mening dat de nieuwe woningen hun groene uitzicht, privacy en rust aantasten. Zij kijken nu uit op een groene, open omgeving, die volgens hen een belangrijk onderdeel vormt van hun leefkwaliteit.

De nieuwe woningen nemen dit groene uitzicht weg, verminderen hun privacy en verstoren de rust. Briefschrijver stelt dat niet is onderbouwd hoe met hun belangen is rekening gehouden, waardoor het plan in strijd is met een zorgvuldige belangenafweging en een evenwichtige toedeling van functies. Antwoord gemeente De gemeente erkent dat de bestaande situatie verandert. Dat betekent echter niet dat sprake is van een onaanvaardbare aantasting van het woon- en leefklimaat of het ruimtelijk beeld. De gekozen opzet zorgt voor een zorgvuldige inpassing van de nieuwe woningen. Voor een verdere beantwoording wordt verwezen naar de beantwoording onder 8.5 (privacy) en 8.6 (groen en rust). 9.2 Briefschrijver stelt dat de geplande in- en uitrit en de nieuwe ontsluiting leiden tot extra parkeerdruk, verkeersonveiligheid en problemen bij het in- en uitrijden op de smalle Hamminkstraat. Volgens hen is in het plan niet onderzocht hoe het parkeren in de straat wordt beïnvloed, ontbreekt een parkeerdrukmeting en is geen rekening gehouden met bestaande parkeerplaatsen tegenover de uitrit. Hierdoor neemt de manoeuvreerruimte af en ontstaan onveilige situaties. Ook ontbreekt een juridische waarborg dat de ontsluiting wordt uitgevoerd zoals getekend. Daarom achten zij het plan in strijd met een zorgvuldige voorbereiding en belangenafweging (Awb 3:2, 3:4 en 3:46).

Antwoord gemeente Voor de beantwoording wordt verwezen naar 8.1 en 8.2. De gemeente begrijpt de zorg van briefschrijver. Het betreft echter een toevoeging van 2 woningen waarbij het parkeren volledig op eigen terrein plaatsvindt en het aantal parkeerplaatsen aan de Hamminkstraat niet wijzigt. De gemeente ziet geen aanleiding om te concluderen dat het plan op dit punt niet uitvoerbaar zou zijn. 9.3 Briefschrijver vindt dat de participatie onvoldoende en eenzijdig is geweest. Zij stellen dat zij slechts via twee brieven zijn geïnformeerd en dat de informatieavond geen echte mogelijkheid bood om mee te denken of invloed uit te oefenen. Volgens briefschrijver is er geen terugkoppeling geweest, zijn hun zorgen — zoals over de in- en uitrit en verkeersimpact — niet meegenomen in de planvorming en heeft de participatie daardoor feitelijk geen betekenis gehad. Daarom achten zij dat niet is voldaan aan de participatieverplichting. Antwoor meent: 26 (geanonimiseerd) Het is belangrijk om de omgeving te betrekken bij een plan of ontwikkeling. Daarom stellen wij participatie verplicht voor een omgevingsplanwijziging. Hoe de participatie wordt uitgevoerd is echter vormvrij. Voor dit plan is een inloopavond georganiseerd voor omwonenden. Tijdens deze avond zijn de breedte van de inrit , de ontsluiting en parkeren als aandachtspunt en zorg naar voren gebracht.

Voor de inhoudelijke beantwoording voor wat betreft verkeer en parkeren wordt verwezen naar de beantwoording onder 8. 1 en 8. 2. Het participatieverslag is als bijlage bij de onderbouwing gevoegd. Hiermee heeft initiatiefnemer de participatie-aanpak uitgevoerd. Tenslotte heeft initiatiefnemer aangegeven bij het vervolg actief te communiceren richting de betrokkenen. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van deze zienswijze: De zienswijze heeft geen gevolgen voor het plan. 27 Planonderdeel Naoberhoek, Doetinchem Zienswijze 10 10.1 Briefschrijver stelt dat het planonderdeel Naoberhoek op korte afstand van Papierfabriek Doetinchem B.V. ligt, namelijk op circa 85 à 90 meter van de terreingrens. Het plan ligt volgens briefschrijver volledig binnen de geluidzone van industrieterrein Hamburgerbroek. Gelet op de hoogte van de geplande woongebouwen en de berekende geluidbelasting is volgens briefschrijver geen sprake van een aanvaardbare situatie. Antwoord gemeente De gemeente onderkent dat het planonderdeel Naoberhoek is gelegen in een akoestisch belast gebied. Om die reden is voor de ontwikkeling van Naoberhoek akoestisch onderzoek uitgevoerd. In dit onderzoek zijn de relevante geluidbronnen betrokken. Uit het akoestisch onderzoek blijkt inderdaad dat op onderdelen sprake is van een hoge geluidbelasting. Dit betekent echter niet dat woningbouw op deze locatie niet mogelijk is.

Onder de Omgevingswet en het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) kan een geluidgevoelige ontwikkeling ook bij een hogere geluidbelasting aanvaardbaar zijn, mits dit voldoende wordt gemotiveerd en de noodzakelijke maatregelen worden geborgd. Voor Naoberhoek is in het akoestisch onderzoek inzichtelijk gemaakt op welke gevels sprake is van overschrijding van standaard- en/of grenswaarden. Voor de gevels waar de grenswaarde wordt overschreden, geldt dat deze moeten worden uitgevoerd als niet-geluidgevoelige gevels met bouwkundige maatregelen. Dit is zodanig vastgelegd in het omgevingsplan. Daarnaast moet bij de verdere bouwkundige uitwerking worden aangetoond dat wordt voldaan aan de vereiste binnenwaarde conform het Besluit bouwwerken leefomgeving. Daarmee wordt geborgd dat in de woningen sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. 10.2 _Briefschrijver stelt dat momenteel onvoldoende duidelijk is hoe wordt voldaan aan de standaardwaarden, eventuele hogere waarden en de vereiste binnenwaarden. Antwoord gemeente In het akoestisch onderzoek is inzichtelijk gemaakt waar sprake is van overschrijding van standaard- en grenswaarden. Voor de gevels waar sprake is van een overschrijding van de standaardwaarde is het gezamenlijke geluid bepaald en deze geluidwaarden zijn opgenomen in het omgevingsplan.

Dit vormt de basis voor de bepaling van de aanvullende maatregelen aan de gevel, die nodig zijn om de benodigde geluidwering te kunnen behalen. De exacte bouwkundige uitwerking vindt plaats bij de aanvraag om omgevingsvergunning voor het bouwen. In die fase moet worden aangetoond dat de gevelwering toereikend is voor het behalen van de vereiste binnenwaarden. Dit maakt het plan niet onvoldoende onderbouwd. In deze fase moet worden aangetoond dat de ontwikkeling uitvoerbaar is en dat de benodigde maatregelen kunnen worden geborgd. Dat is het geval. 10.3 Briefschrijver stelt dat moet worden geborgd dat de bebouwing van Naoberhoek niet leidt tot nadelige geluidreflecties op bestaande woningen en toekomstige woningen aan de Stationslocatie. Antwoord gemeente Naar aanleiding van de zienswijze is aanvullend onderzocht of de bebouwing van Naoberhoek kan leiden tot een relevante toename van de geluidbelasting door reflecties van het geluid van de papierfabriek op bestaande woningen, toekomstige woningen aan het Stationskwartier of binnen het plan Naoberhoek zelf. Uit dit onderzoek blijkt, dat er sprake is van een verhoging van de geluidbelasting op de gevels van woningen in de omgeving van Naoberhoek door reflectie van het geluid van de papierfabriek op de toekomstige bebouwing van Naoberhoek.

Naar aanleiding van de bevindingen uit de onderzoek is daarom een regel toegevoegd aan het omgevingsplan. Deze regel stelt dat de bebouwing van Naoberhoek alleen gerealiseerd en in stand mag worden gehouden, 28 (geanonimiseerd) wanneer maatregelen worden getroffen aan Naoberhoek. Het gaat om maatregelen die zorgen voor een afname van de reflectie van het geluid door het industrieterrein Hamburgerbroek , zodat het geluid op de gevels van woningen in de omgeving van Naoberhoek maximaal de in het onderzoek berekende waarde voor geluid door het industrieterrein Hamburgerbroek is. Door het treffen van maatregelen aan Naoberhoek kan de verhoging van de geluidbelasting door reflectie zodanig verlaagd worden , dat gevelgeluidwerende maatregelen aan bestaande woningen in de omgeving van Naoberhoek niet noodzakelijk zijn en er voldaan blijft worden aan het vereiste binnenniveau voor geluid. Het onderzoek is toegevoegd als bijlage bij de onderbouwing en de conclusies van het onderzoek zijn verwerkt in de onderbouwing. Er wordt een nieuw besluit hogere waarde geluid genomen om de resultaten van het onderzoek naar de geluidsreflectie formeel vast te leggen. Het gaat om geluidwaarden op gevels van bestaande woningen in de omgeving van plan Naoberhoek. 10. 4 Briefschrijver stelt dat het gebruikte zonebeheermodel onvoldoende controleerbaar is.

Volgens briefschrijver is onduidelijk op welke gegevens het onderzoek is gebaseerd. Ook wijst briefschrijver erop dat de gemeente bezig is met onderzoek naar geluidproductieplafonds voor industrieterrein Hamburgerbroek. Antwoord gemeente Naar aanleiding van de zienswijze is de informatie over het gebruikte zonebeheermodel in het akoestische onderzoek toegevoegd als bijlage bij de onderbouwing. De gemeente werkt daarnaast aan de omzetting van de bestaande geluidzone van industrieterrein Hamburgerbroek naar geluidproductieplafonds (GPP) als omgevingswaarden. Dat betreft een afzonderlijk traject. In het kader van dit wijzigingsbesluit is beoordeeld of dit lopende traject aanleiding geeft om de aanvaardbaarheid of uitvoerbaarheid van Naoberhoek anders te beoordelen. Dat is niet het geval. Hoewel de systematiek en grootheid van een geluidzone en GPP verschillen , geeft de beschikbare informatie geen aanleiding om te concluderen dat de geluidbelasting op de gevels van Naoberhoek daardoor relevant anders zal zijn dan in het akoestisch onderzoek is berekend. Bij de bouwkundige uitwerking van Naoberhoek moet worden aangetoond dat de gevelwering voldoende is en dat wordt voldaan aan de vereiste binnenwaarde.

Als de GPP’s voor industrieterrein Hamburgerbroek op dat moment in werking zijn en tot een andere geluidbelasting leiden , wordt daarmee bij de bepaling van de benodigde gevelgeluidwering rekening mee gehouden. 10. 5 Briefschrijver vreest dat toekomstige bewoners klachten zullen indienen over het geluid van de papierfabriek en dat dit in de toekomst kan leiden tot beperking van de bedrijfsvoering. Antwoord gemeente Het uitgangspunt van de gemeente is dat de bestaande geluidruimte van industrieterrein Hamburgerbroek en daarmee de bedrijfsvoering van de papierfabriek niet onevenredig worden beperkt door de ontwikkeling van Naoberhoek. De beoordeling is gebaseerd op de geluidruimte van het gezoneerde industrieterrein. De noodzakelijke maatregelen worden getroffen aan de zijde van de nieuwe woningen. De ontwikkeling is dus niet gebaseerd op een reductie van de geluidemissie van de papierfabriek. Daarmee wordt voorkomen dat de nieuwe woningen leiden tot een beperking van de bestaande bedrijfsvoering van de papierfabriek. 10. 6 Briefschrijver stelt dat de milieukundige analyse ten onrechte staat dat de papierfabriek moet voldoen aan de geluidnormen uit de bruidsschat. Volgens briefschrijver is de geluidparagraaf van de bruidsschat niet van toepassing op de papierfabriek. Antwoord gemeente 29 Het klopt dat de papierfabriek niet moet voldoen aan de geluidnormen uit de bruidsschat.

De algemene inleidende alinea in hoofdstuk 6 van de milieukundige analyse impliceert dit, maar vervolgens staat na de betreffende alinea vermeld dat de papierfabriek een eigen geluidzone heeft. Dat de geluidzone leidend is voor het geluid van de papierfabriek blijkt ook uit de paragrafen 3.2 en 5.1 van dezelfde milieukundige analyse. Gevolgen voor het plan naar aanleiding van deze zienswijze: De zienswijze heeft geleid tot de volgende aanpassing: ä@ De onderbouwing is aangevuld met de resultaten van het aanvullende onderzoek naar mogelijke geluidreflecties door de bebouwing van Naoberhoek. üä In het omgevingsplan is een regel opgenomen die maatregelen bij het plan Naoberhoek afdwingen. Deze maatregelen moeten zorgen voor een afname van de reflectie van het geluid door het industrieterrein Hamburgerbroek. ä De onderbouwing is aangevuld met informatie over het gebruikte zonebeheermodel. Zienswijze 11 11.1 Briefschrijver stelt dat in de ruimtelijke onderbouwing van de woningbouwontwikkeling Naoberhoek onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat de benodigde watercompensatie daadwerkelijk kan worden gerealiseerd, omdat de benodigde waterberging afhankelijk lijkt van een ander, nog niet vastgesteld plan. Briefschrijver verzoekt om een nadere onderbouwing van de waterbergingsopgave. De onderbouwing bevat in paragraaf 6.10.3 al de uitgangspunten voor klimaatadaptatie en water.

Hemelwater wordt zoveel mogelijk op eigen terrein vastgehouden en geborgen. Voor nieuwe verharding geldt minimaal 20 mm/m’ berging op eigen terrein en daarnaast moet rekening worden gehouden met een extreme bui T=100+10%, overeenkomend met circa 80 mm neerslag. Voor Naoberhoek is indicatief uitgegaan van circa 7.600 m° ontwikkeloppervlak en circa 2.550 m°, bebouwd en verhard oppervlak. Dit leidt tot een indicatieve waterbergingsopgave van circa 204 m . De berging wordt vooral voorzien onder de bebouwing en in de openbare ruimte. De zandige bodemopbouw is in beginsel gunstig voor infiltratie. De lokale doorlatendheid wordt bij de verdere uitwerking onderzocht. De onderbouwing is op dit punt verduidelijkt. De technische uitwerking vindt plaats in een waterhuishoudkundig plan voor de gehele Spoorzone, in afstemming met het waterschap. 11.2 Briefschrijver vraagt hoe wordt omgegaan met huishoudelijk afvalwater. Daarbij vraagt briefschrijver of het huishoudelijk afvalwater wordt geloosd op een gemengd stelsel of op een vuilwaterstelsel, of daarin iets verandert ten opzichte van de huidige situatie en, als dat het geval is, hoe negatieve effecten worden voorkomen. Antwoord gemeente Huishoudelijk afvalwater wordt als vuilwater ingezameld en afgevoerd via de gemeentelijke riolering.

Hemelwater wordt daarvan gescheiden gehouden en lokaal vastgehouden, geborgen, geïnfiltreerd of vertraagd afgevoerd. Door deze gescheiden aanpak wordt voorkomen dat schoon hemelwater het vuilwaterriool onnodig belast. De exacte aansluiting en capaciteit worden in de technische uitwerking afgestemd met de gemeentelijke rioolbeheerder en, waar relevant, het waterschap. Dit is verduidelijkt in de onderbouwing. 11.3 Briefschrijver vraagt hoe de gemeente voorkomt dat verontreinigende materialen, met name uitlogende materialen, worden gebruikt en daardoor negatieve effecten op de waterkwaliteit kunnen ontstaan. Antwoord gemeente 30 (geanonimiseerd) Uit de verkennende bodemonderzoeken en aanvullend onderzoek volgt dat de bodemkwaliteit de ontwikkeling niet belemmert en dat geen onaanvaardbare risico’s voor bodem- en grondkwaliteit zijn vastgesteld. Bij de verdere uitwerking en uitvoering wordt als uitgangspunt gehanteerd dat geen uitlogende of waterkwaliteit belastende materialen worden toegepast op plaatsen waar deze in contact kunnen komen met afstromend hemelwater , infiltratievoorzieningen , bodem , grondwater of oppervlaktewater , tenzij is aangetoond dat geen nadelige uitloging optreedt.

Gevolgen voor het plan naar aanleiding van deze zienswijze: De zienswijze heeft geleid tot de volgende aanpassing van de onderbouwing: De waterbergingsopgave , de omgang met hemelwater en vuilwater zijn verduidelijkt in de onderbouwing. Ook wordt het waterhuishoudkundig plan voor de gehele Spoorzone opgesteld , in afstemming met het waterschap. 31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://besluitvorming.doetinchem.nl/api/v1/meetings/8370/documents/52953