3 Rappportage DoeMee-onderzoek Toezicht en Handhaving op OOV - Doetinchem.pdf
Tekst van het document
Gemeente Doetinchem (n.d.). Bouw en verbouw, toezicht en handhaving: https://www.doetinchem.nl/home/regelen_46502/product/bouwen-verbouw-toezicht-en-handhaving_1221.html.
22
gebied van VTH en juridische procedures/bestuursprocesrecht. Uit gesprekken komt naar voren dat er op het moment van schrijven nog een derde beleidsmedewerker verantwoordelijk is voor het opstellen van het handhavingsbeleid en de uitvoeringsprogramma’s. Uit gesprekken komt naar voren dat de gemeente Doetinchem twee toezichthouders in dienst heeft, tevens aangesteld als BOA, op het gebied van OOV, ruimtelijke ordening, de Wet Natuurbescherming, hinder (in relatie tot de APV), bouw- en woningtoezicht. Volgens het VTH-uitvoeringsplan van 2020 beschikt de gemeente over respectievelijk ongeveer 0,8 fte; 1 fte en 2,8 fte voor toezicht en handhaving op de onderwerpen OOV, ruimtelijke ordening c.s. en bouw- en woningtoezicht.29 Gesprekspartners geven in lijn hiermee aan dat de aandacht van de gemeentelijk toezichthouders voor het onderwerp OOV slechts beperkt is, mede doordat deze functies door personele omstandigheden niet volledig zijn ingevuld in de afgelopen periode. Gemeente doet bij toezicht en handhaving beroep op BUHA De gemeente Doetinchem heeft een groot deel van de taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving uitbesteed aan gelieerde organisaties. Taken op het gebied van het beheer van de openbare ruimte zijn uitbesteed aan BUHA BV.
BUHA (oorspronkelijk een afkorting van beheer, uitvoering, handhaving, afval en accommodaties), voorheen een afdeling van de gemeente, is sinds 1 januari 2017 een zelfstandig bedrijf.30 Voor de gemeente Doetinchem neemt BUHA toezicht en handhaving op onder meer het gebied van parkeren, afval en honden op zich. Daarnaast organiseert BUHA ook toezicht en handhaving op het gebied van een aantal OOV-onderwerpen, zoals hondenproblematiek en overlast.31 Deze taken worden binnen BUHA uitgevoerd door het team handhaven en parkeren. Door de organisatie van de gemeente Doetinchem is in het kader van dit onderzoek een overzicht van het aantal fte van het team handhaven en parkeren van BUHA aangeleverd. Volgens dit overzicht beschikt het team in totaal over 12,3 fte, waarvan 6 fte is gereserveerd voor handhaving op onder meer de Wet Mulder, de APV, jeugdoverlast, hondenoverlast en afval; en 2 fte voor toezicht op fietsen, markten, de APV en jeugdoverlast. Dit overzicht wordt hieronder schematisch weergegeven:
Manager (0,5 fte)
Juridisch administratief medewerker (1 fte)
Administratieve ondersteuning (0,5 fte)
Coördinator (0,8 fte)
Senior Handhaving (1 fte)
Senior Toezicht (1 fte)
Handhavers openbare ruimte (6 fte)
Toezichthouders (2 fte)
Figuur 5: Capaciteit handhavingsteam BUHA De handhavers openbare ruimte, inclusief de senior handhaving, zijn tevens boa. Uit de gesprekken en het recentste VTHuitvoeringsplan komt naar voren dat het gemeentelijk team VTB en BUHA intensief samenwerken, met name op het gebied van de
29
Gemeente Doetinchem (2020). VTH-uitvoeringsplan.
30
Gemeente Doetinchem (2017). VTH-beleidsplan 2018-2023, p. 2.; BUHA (2020). Onze Opdracht: https://www.buha.nl/over-buha/onzeopdracht_46223/. 31
Gemeente Doetinchem (2017). VTH-beleidsplan 2018-2023, p. 6.
23
Drank- en Horecawet en bepaalde evenementen.32 Uiteraard geldt die intensieve samenwerking ook voor de werkrelatie ten tijde van de coronacrisis en het handhaven van de coronamaatregelen. Capaciteit wordt gegeven de bestaande problematiek als te beperkt ervaren Uit de verschillende gevoerde gesprekken komt naar voren dat de totale beschikbare capaciteit voor toezicht en handhaving op OOV in de praktijk als te beperkt wordt ervaren. Gesprekspartners brengen verschillende aspecten van dit probleem naar voren: ⁄
⁄
⁄
⁄
Zowel binnen het gemeentelijke handhavingsteam als bij BUHA gaat de aandacht bij toezicht en handhaving vooral uit naar openbare ruimte en leefbaarheid, en niet zo zeer naar het onderwerp OOV op zich. Daar komt bij dat er geen sprake is van een periodiek integraal OOV-overleg tussen de medewerkers OOV en de medewerkers VTB; Door het kleine aantal (juridisch) medewerkers en toezichthouders/handhavers is de capaciteit van zowel het team VTB als de medewerkers OOV kwetsbaar wanneer er meer toezicht en handhaving nodig is dan oorspronkelijk begroot. In de praktijk houdt men zich dan ook meer bezig met het behandelen en afhandelen van meldingen en cases, waardoor er minder tijd en ruimte is voor tussentijdse bijscholing en het optimaliseren van werkprocessen; Gesprekspartners constateren een toename van het aantal OOV-incidenten in de gemeente Doetinchem in de afgelopen jaren, met name op het gebied van ondermijning en high impact crimes. Daarnaast zijn in de loop der jaren veel OOVbevoegdheden (en de daaraan gekoppelde verantwoordelijkheid) naar gemeenten (en specifiek de burgemeesters) gegaan.
Ondanks de toename van het aantal incidenten en het aantal mogelijkheden om in te grijpen, is de gemeentelijke capaciteit in de afgelopen jaren als het ware niet meegegroeid, wat niet alleen meer werklast maar ook meer werkdruk oplevert; Sinds de coronacrisis hebben (gemeentelijke) toezichthouders en handhavers er een extra taak bijgekregen: toezichthouden op de noodverordening Covid-19.
Hoewel gesprekspartners aangeven dat men zich inzet om zo veel mogelijk te realiseren binnen de beschikbare mogelijkheden, bestaan er wel belangrijke zorgen over de huidige capaciteit en daarmee gepaarde werkdruk. Inzet van de toezichthouders en handhavers op het gebied van OOV Uit de gevoerde gesprekken blijkt dat de toezichthouders en handhavers van de gemeente en BUHA veel samenwerken en bij bijvoorbeeld horecacontroles als één team optreden (zie ook paragraaf 1.3), is er formeel sprake van twee aparte teams. De werkwijze van beide teams bevat een aantal overeenkomsten: ⁄
⁄
⁄
Zowel de gemeentelijk toezichthouders als de toezichthouders van BUHA beschikken over juridische ondersteuning door respectievelijk twee juridisch medewerkers en een juridisch medewerker. Deze ondersteuning wordt voornamelijk gegeven op het moment dat de toezichthouders vragen hebben over welke procedure in een bepaalde casus moet worden gevolgd; Beide teams beschikken over een meldingssysteem of lijst met lopende zaken, op basis waarvan zij door hun leidinggevende, respectievelijk coördinator worden aangestuurd. Deze systemen worden bijgehouden door de juridisch medewerkers. In deze systemen wordt niet alleen bijgehouden welke meldingen zijn binnengekomen, maar ook welke vervolgacties zijn of dienen te worden gepleegd. Wanneer vervolgacties zijn gepleegd, krijgen de toezichthouders hier ook een terugkoppeling over; Aansturing van beide teams vindt plaats op basis van het gezamenlijke VTH-uitvoeringsplan, waarin tevens de taakverdeling tussen beide teams is opgenomen (zie paragraaf 1.3);
Waar de toezichthouders en boa’s van BUHA worden aangestuurd door een coördinator die verantwoordelijk is voor aansturing en planning (zie figuur 3), hebben de gemeentelijk toezichthouders geen aparte coördinator, maar wordt de aansturing door het afdelingshoofd verzorgd. De toezichthouders en boa’s van BUHA maken weekrapportages die worden gebruikt om te monitoren en lange termijncijfers in de gaten te houden. Uit de gesprekken komt naar voren dat de toezichthouders en boa’s van BUHA beschikken over steekwerende vesten en een portofoon. Ook zijn de boa’s aangesloten op de meldkamer, zodat zij via die weg meldingen binnen kunnen krijgen. In de uniformering wordt daarnaast onderscheid gemaakt tussen toezichthouders en boa’s, zodat ook voor inwoners duidelijk is met wie zij te maken hebben. De toezichthouders en boa’s werken in in tweetallen, met het oog op veiligheid en zodat effectiever kan worden ingegrepen bij escalatie dan wanneer slechts één toezichthouder of boa aanwezig is. Dit principe wordt ook toegepast bij de zogeheten wijkhandhaving. Bij deze vorm van handhaving worden tweetallen ingedeeld om aanwezig te zijn in de verschillende wijken, alwaar zij meldingen uit die specifieke wijk oppakken.
32
Gemeente Doetinchem (2020). VTH-uitvoeringsplan, pp. 24-25.
24
Sinds de coronacrisis worden de toezichthouders en boa’s van BUHA tijdelijk ondersteund door twee medewerkers die door de veiligheidsregio bij een beveiligingsbedrijf zijn ingehuurd, zo blijkt uit de gevoerde gesprekken. Het gaat hierbij met name om ondersteuning bij de late dienst. Hoewel er volgens gesprekspartners sprake is van tevredenheid over de bestaande werkwijzen, komt het soms voor dat toezichthouders en boa’s in gelijke gevallen een verschillend middel gebruiken. Waar de ene toezichthouder een bekeuring uitschrijft, geeft de ander slechts een waarschuwing. En waar de ene toezichthouder langer op een bepaalde plek ‘post’, rijdt of loopt de ander slechts even langs. Door middel van regelmatig overleg en vaste werkinstructies probeert men dit zoveel mogelijk te voorkomen. Verschillende overleggen over (toezicht en handhaving op) OOV Volgens gesprekspartners vinden geen vaste afstemmomenten tussen beleidsmedewerkers en toezichthouders over monitoring van de prioriteiten en doelstellingen in de uitvoeringsplannen plaats. Wel bestaan er verschillende structurele overleggen tussen handhavingspartners om onderlinge afspraken te maken over de inzet.
Zo vindt op reguliere basis een lokaal netwerkoverleg plaats tussen medewerkers van de gemeente, BUHA, politie, omgevingsdienst, brandweer, het waterschap en de VNOG.33 Dit overleg is niet alleen gericht op handhaving in de openbare ruimte in brede zin, maar ook op inrichtingen en milieu. Daarnaast vinden verschillende lokale en regionale structurele overleggen plaats op het gebied van veiligheid, waarbij de senior adviseur OOV een belangrijke aansturende rol heeft. Een van deze overleggen is het regionale werkoverleg over de APV, met het doel om de verschillende gemeentelijke APV’s en de handhaving daarop in de regio zo goed mogelijk op elkaar af te stemmen. Voor de coronacrisis bestond er een vast overleg (eens in de twee weken) tussen de gemeentelijk juridisch medewerkers en de toezichthouders. Tijdens dit overleg stonden de lopende zaken centraal en vond afstemming plaats over de verschillende meldingen. Sinds de coronacrisis is dit overleg beperkt tot een kort maandelijks afstemmoment, zo blijkt uit de gevoerde gesprekken. Binnen BUHA vindt een aantal maal per week een overleg of briefing plaats ter afstemming tussen de coördinator, jurist en de verschillende toezichthouders. Hierbij is ook een begeleider van de toezichthouders vanuit de politie aanwezig (zie paragraaf 2.2.).
Tijdens de coronacrisis heeft het gemeentelijk beleidsteamoverleg (GBT-overleg) een centrale rol gekregen, zo wordt door gesprekspartners aangegeven. In dit overleg tussen de burgemeester, de gemeentesecretaris, de wethouder volksgezondheid, het afdelingshoofd ruimte en een medewerker veiligheid worden onder meer de weekrapportages van de boa’s besproken en wordt bepaald in hoeverre BUHA, de gemeente, dan wel de politie taken op zich neemt. Afstemming tussen het GBT en de BUHAcoördinator vindt voornamelijk telefonisch of per mail plaats. Mogelijke uitbreiding van middelen en bevoegdheden Op het moment van schrijven wordt er landelijk een discussie gevoerd over mogelijke uitbreiding van de geweldsmiddelen en bevoegdheden van de boa’s. De discussie is ontstaan naar aanleiding van de toename van geweldsincidenten in Nederland en is versterkt door gevolgen van de coronacrisis en de toename van handhavingsinzet naar aanleiding van de crisis. Binnen de gemeente Doetinchem is wel het gesprek gevoerd over mogelijke uitbreiding van geweldsmiddelen voor de toezichthouders, maar is steeds de conclusie getrokken dat het gebruik van bijvoorbeeld handboeien en pepperspray met het oog op het niveau van bestaande problematiek (nog) niet noodzakelijk is. Bij escalatie of zwaardere overtredingen en misdrijven kan de politie immers snel aanwezig zijn.
2.2 /
Samenwerking met externe partners
Diverse samenwerkingsverbanden De gemeente Doetinchem werkt op het gebied van OOV in de eerste plaats intensief samen met de politie. Daarnaast wordt samenwerking gezocht met de ketenpartners en in samenwerkingsverbanden. Hierbij gaat het onder meer om de nationale politie, het Openbaar Ministerie (OM), het regionaal informatie en expertisecentrum (RIEC), het veiligheidshuis, het OGGZ-netwerk, het centrum voor Jeugd en Gezin (CJG), woningbouwcorporaties, de Veiligheidsregio, (ondernemers)verenigingen, algemeen maatschappelijk werk, de GGD, andere gemeenten en de provincie Gelderland.34 Daarnaast heeft de burgemeester uiteraard contact met politie en het OM in het periodieke driehoeksoverleg. Samenwerking tussen politie en gemeente is intensief
33
Gemeente Doetinchem (2020). VTH-uitvoeringsplan, p. 4.
34
Gemeenten Bronckhorst, Doetinchem, Montferland en Oude IJsselstreek (2016). Integraal Veiligheidsbeleid 2016-2019, pp. 11-13.
25
Zoals in hoofdstuk 1 benoemd zijn de prioriteiten en aandachtspunten uit het IVB afgestemd op de prioriteiten van het basisteam Achterhoek-West. Uit gevoerde gesprekken komt naar voren dat de samenwerking tussen de politie en de gemeente goed verloopt. Aangegeven wordt dat er in de afgelopen periode aan zowel de kant van de gemeente als de kant van de politie sprake is van een toename van de werklast en werkdruk, wat de urgentie en noodzaak van een goede samenwerking groter maakt. Daar komt bij dat de samenwerking tussen politie en gemeente ten gevolge van de coronacrisis nog intensiever is geworden. Op het gebied van bevoegdheden en verantwoordelijkheden bestaat er tussen politie en gemeente een veranderende verhouding, zo wordt door gesprekspartners aangegeven. Zoals aan het begin van deze rapportage benoemd zijn in de loop der jaren steeds meer bevoegdheden op het gebied van OOV naar de gemeente, en specifiek de burgemeester, verschoven. Dat maakt het belang van een goede onderlinge afstemming bij de verschillende onderwerpen extra groot. De gemeente benadrukt dit belang van een integrale aanpak dan ook in het IVB en in de uitvoeringsprogramma’s toezicht en handhaving. Met het oog op het bovenstaande is een frequente en heldere informatiedeling op zowel bestuurlijk, strategisch als operationeel niveau noodzakelijk.
Gesprekspartners geven aan dat politie en gemeente alle relevante informatie die zij met elkaar mogen delen in principe ook delen, en hierbij wordt oog gehouden op de beperkingen van informatiedeling die voortkomen uit privacywetgeving. Sinds de coronacrisis wordt bij bestuurlijke rapportages van de politie aan de gemeente ook meer informatie gegeven over de context van een bepaalde casus, zodat de gemeente nog gerichter kan optreden. Zowel de medewerkers OOV als de juridisch medewerkers VTB hebben regelmatig contact met de politie. Uit gesprekken komt naar voren dat dit contact buiten de vaste overleggen niet altijd structureel is en niet altijd één-op-één tussen dezelfde personen. Hierdoor vindt informatiedeling niet altijd plaats via dezelfde lijnen. Tegelijkertijd wordt aangegeven dat politie en gemeente elkaar goed weten te vinden buiten de vaste overleggen om en dat er veelal sprake is van snelle en effectieve afstemming. Samenwerking tussen politie en boa’s verloopt over het algemeen goed De samenwerking tussen de agenten van het basisteam Achterhoek-West enerzijds en de toezichthouders en boa’s van de gemeente Doetinchem anderzijds verloopt volgens gesprekspartners over het algemeen goed. Er is sprake van korte lijnen en regelmatig tussentijds contact per telefoon of per mail. Wanneer nodig kunnen de agenten en boa’s op tegelijkertijd aanwezig zijn op locatie.
Volgens gesprekspartners wordt wel actief gelet op de onderlinge taakverdeling. Waar BUHA voornamelijk is gericht op leefbaarheid, is de politie meer gericht op OOV. In de onderlinge afstemming wordt er dan ook naar gestreefd dat beide partners zich niet te veel op elkaars terreinen begeven. In de praktijk wordt hier rekening mee gehouden door vaste afspraken bij escalatie van cases, zoals bijvoorbeeld bij vuurwerkoverlast. Uit gesprekken komt naar voren dat de toezichthouders en boa’s van de gemeente en BUHA worden begeleid door een vast contactpersoon van de politie. Het doel van deze begeleiding is om afstemming tussen de toezichthouders/boa’s en de agenten te kunnen realiseren. In de praktijk bestaat de begeleiding uit twee vaste briefings per week op het politiebureau, waarbij de toezichthouders en boa’s worden geïnformeerd vanuit politieoverleggen. Daarnaast heeft de begeleider als taak om knelpunten in de (gezamenlijke) aanpak te bespreken en hierover te adviseren. De begeleider is geen coördinator in de zin dat hij de toezichthouders en boa’s aanstuurt, maar heeft dus een belangrijke rol in de onderlinge afstemming tussen de politie, de gemeente en BUHA.
2.3 /
Instrumentarium
De APV bevat diverse OOV-bepalingen De Algemene Plaatselijke Verordening (APV) van de gemeente Doetinchem uit 2016 is op 3 juli 2020 herzien. De herziening omvat op OOV-gebied onder meer artikelen met betrekking tot gevaarlijke honden (artikel 2:59), lachgas (artikel 2:47a) en woonoverlast (artikel 2:79).35 De APV kent (niet ongebruikelijke) artikelen waarmee de gemeenteraad de burgemeester bevoegdheden geeft, zoals bijvoorbeeld, maar niet uitsluitend op het gebied van veiligheidsrisicogebieden (art. 2:76 APV), cameratoezicht (art. 2:77 APV) en woonoverlast (art. 2:79 APV). Sinds de herziening van de APV geldt in Doetinchem een verbod op het gebruik van lachgas op een openbare plaats, als dit leidt tot overlast of hinder, de openbare orde wordt verstoord of het milieu wordt aangetast. De gemeenteraad heeft in een motie om dit lachgasverbod gevraagd (zie paragraaf 3.2). Uit gesprekken komt naar voren dat lachgas in Doetinchem enkel bestuursrechtelijk en niet strafrechtelijk opvolging krijgt. In de APV is een artikel opgenomen over het vervoer van inbrekerswerktuigen (Artikel 2:44 A). Uit gesprekken komt naar voren dat de bestuurlijke herstelsanctie in het afgelopen jaar voor het eerst is ingezet, waarbij de betrokken overtreders van het artikel ook strafrechtelijk zijn vastgezet en vervolgens heengezonden. Gesprekspartners merken op dat over de inzet van dit artikel afstemming
35
Gemeente Doetinchem (2020). Algemene Plaatselijke Verordening 2016, derde wijziging.
26
heeft plaatsgevonden met andere gemeenten, aangezien dit de eerste maal is dat de bestuurlijke herstelsanctie op basis van dit artikel is toegepast. Gesprekspartners zijn positief over het kunnen inzetten van dit instrument. Aantal interventies op basis van de APV lijkt te fluctueren Uit de door de organisatie aangeleverde cijfermatige informatie komt naar voren dat het aantal interventies op basis van de APV in de periode 2016-2019 lijkt te fluctueren. Zo zijn in respectievelijk 2016, 2017, 2018 en 2019 in totaal 23, 32, 9 en 25 bekeuringen uitgevaardigd, en respectievelijk 123, 99, 66 en 98 waarschuwingen uitgebracht. Het aantal lasten onder dwangsom dat op basis van de APV is uitgevaardigd lijkt stabieler, met respectievelijk 8, 10, 5 en 10 lasten in de periode 2016-2019. De totale aantallen zijn echter te beperkt om een of meerdere trends te kunnen aanwijzen. In de gesprekken wordt aangegeven dat niet vaak lasten onder dwangsom en dergelijke maatregelen worden ingezet. Deze worden pas ingezet wanneer er sprake is van het doorzetten van overtredingen na eerdere waarschuwingen. Er worden daardoor vaker “ bekeuringen” op OOV-gebied uitgevaardigd. De burgemeester heeft beleidsregels vastgesteld m.b.t. artikel 13b Opiumwet De burgemeester van Doetinchem heeft op 2 mei 2017 beleidsregels vastgesteld met betrekking tot artikel 13b van de Opiumwet.
Het gaat om beleidsregels ten aanzien van drugshandel en hennepplantages in woningen en lokalen. Ten aanzien van hennepplantages in huurwoningen zijn reeds regionaal afspraken gemaakt binnen het zogeheten hennepconvenant Oost-Nederland uit 2014. Het beleid maakt de expliciete keuze om in beginsel de last onder bestuursdwang in te zetten en niet de last onder dwangsom. Dit om betrokkenen niet in de gelegenheid te stellen een financiële belangenafweging te maken. Nu de beleidsregels in 2017 zijn vastgesteld is de wijziging van artikel 13b van de Opiumwet die in 2019 in werking is getreden niet in deze beleidsregels meegenomen. Deze wijziging is echter wel verwerkt in nieuwe beleidsregels die in ontwikkeling zijn. Bij aantreffen van een hennepkwekerij wordt de gemeente door de politie in kennis gesteld door middel van een hennepbericht/bestuurlijke rapportage, zo blijkt uit de gevoerde interviews. Ook komt hieruit naar voren dat er op dit vlak vaste procedures zijn voor de bestuursrechtelijke dan wel strafrechtelijke aanpak, waardoor een zekere routine en ervaring in de aanpak is ontstaan.
Hoewel coffeeshops volgens het beleid tweemaal per jaar dienen te worden gecontroleerd door de gemeentelijk toezichthouders, komt uit gesprekken naar voren dat deze controles in de afgelopen periode niet hebben plaatsgevonden, in verband met capaciteitsbeperkingen (ten dele door de coronacrisis). Horecaconvenant De gemeente Doetinchem heeft met lokale horeca, de politie en het Openbaar Ministerie afspraken gemaakt over onder meer drugsen wapenvrije horeca, verantwoord alcoholgebruik, en geluidsoverlast. Deze afspraken zijn verwerkt in een Horecaconvenant. Vigerend is het Horecaconvenant 2017-2020.36 Uit gesprekken komt naar voren dat er in het kader van dit convenant vaste overleggen plaatsvonden tussen de verschillende partners, maar dat deze met het oog op de coronacrisis op dit moment geen doorgang vinden. Wel is er geregeld telefonisch en per mail onderling contact. Jeugdproblematiek De toezichthouders en handhavers in Doetinchem werken nauw samen met het Jeugd Interventieteam (JIT). 37 Het JIT is een samenwerking tussen jongerenwerkers, jeugdtoezichthouders, politie en leerplichtambtenaren, en begeleidt jongeren met problemen omtrent onder meer onderdak, schulden, school en werken.
Samenwerking tussen de gemeente, BUHA en het JIT vindt onder meer plaats bij preventieve acties als alcoholcontroles (controle op basis van de APV van alcoholconsumptie op straat), maar ook bij groepsgerichte acties bij jongerenproblematiek.38 Daarnaast vindt ook afstemming plaats met de buurtcoaches.39 Uit gesprekken komt naar voren dat er tussen de ketenpartners in de afgelopen periode voornamelijk contact is geweest op projectmatige basis. In het kader van een langer lopend project met betrekking tot jongerenoverlast vond een tweemaandelijks overleg plaats tussen de gemeente, politie en het JIT ter afstemming. Uit dit project vloeide het gebruik van een preventieve last onder dwangsom die op het moment van schrijven nog steeds incidenteel wordt toegepast bij jongerenoverlast voort. Een
36
Gemeente Doetinchem (2020). Horecaconvenant: https://www.doetinchem.nl/home/regelen_46502/product/horecaconvenant_2341.html.
37
Buurtplein (2020). Jeugd Interventie Team: https://www.buurtplein.nl/diensten/jeugd-interventie-team/.
38
Gemeente Doetinchem (2017). VTH-beleidsplan 2018-2023, pp. 26-27.
39
Gemeente Doetinchem (2020). VTH-uitvoeringsplan, p. 35.
27
preventieve last onder dwangsom wordt opgelegd nog voordat een overtreding wordt begaan, maar er wel klaarblijkelijk gevaar is dat deze begaan zal worden. Bij jongerenproblematiek wordt naast het toepassen van de genoemde preventieve last veel gebruik gemaakt van een HALTverwijzing. Hieromtrent wordt door de toezichthouders van BUHA een stappenplan toegepast. Bij langdurige problematiek of recidive wordt de preventieve last ingezet, zo blijkt uit de gevoerde gesprekken. Rol van de burgemeester Zoals eerder benoemd is het aantal bevoegdheden van de burgemeester op OOV-gebied in de afgelopen jaren toegenomen. Uit gesprekken komt naar voren dat de burgemeester hierdoor ook vaker door inwoners en raadsleden wordt aangesproken om deze bevoegdheden toe te passen. De burgemeester ziet zijn rol zeker niet alleen als ‘’sheriff’’ maar juist als ‘’burgervader.’’ Ambtenaren en politie zijn zich hier van bewust en weten wanneer en hoe de bevoegdheden worden toegepast. Hierbij wordt de burgemeester zoals eerder aangegeven door een vaste medewerker OOV ondersteund en geadviseerd. De inzet van de bijzondere bevoegdheden van de burgemeester wordt in de stukken niet cijfermatig verantwoord. De burgemeester heeft zowel intern binnen de organisatie als extern richting de politie en bijvoorbeeld het OM regelmatig contact.
Daarbij is volgens gesprekspartners sprake van korte lijnen en effectieve communicatie, zowel vooraf als achteraf. De burgemeester heeft hierbij niet alleen contact met de teamchefs, maar ook met wijkagenten zelf.
3
Sturing door de raad
28
In dit hoofdstuk nemen wij de wijze waarop en de mate waarin de gemeenteraad zijn kaderstellende en controlerende rol invult ten aanzien van toezicht en handhaving op het gebied van openbare orde en veiligheid onder de loep. Daarbij kijken wij eveneens naar de informatie die de gemeenteraad over dit onderwerp ontvangt. De volgende deelvragen komen aan bod:
9. Hoe wordt de raad geïnformeerd over de met toezicht en handhaving op OOV bereikte resultaten? 10. Hoe vervult de raad zijn kaderstellende en controlerende rol met betrekking tot toezicht en handhaving op OOV? Deelvraag 11: ‘’Welke aanbevelingen kunnen aan de raad worden gedaan ten aanzien van sturing en controle?’’ Komt aan bod in de conclusies en aanbevelingen.
3.1 /
Informatie vanuit het college
De gemeenteraad heeft kaders gesteld voor veiligheid en toezicht en handhaving In het Integraal Veiligheidsbeleid wordt de rolverdeling tussen het college, de organisatie en de gemeenteraad op het gebied van veiligheid uiteengezet. De burgemeester is als eerste aanspreekbaar en verantwoordelijk op het gebied van OOV. Het IVB geeft aan dat het college in brede zin verantwoording dient af te leggen aan de gemeenteraad en dat de gemeenteraad de kaders vaststelt. Zoals benoemd wordt daarnaast vermeld dat de raad minstens eenmaal per jaar moet worden geïnformeerd door de burgemeester over de lokale ontwikkelingen op het gebied van veiligheid. 40 Hierbij wordt echter niet aangegeven welke vorm deze informatievoorziening dient te hebben. De raad wordt geïnformeerd via mededelingen en bijeenkomsten De raad wordt geïnformeerd over ontwikkelingen rondom toezicht en handhaving op OOV middels raadsmededelingen of raadsvoorstellen. Een voorbeeld is wanneer het college het jaarlijkse VTH-uitvoeringsplan vaststelt: de raad wordt daarvan op de hoogte gesteld middels een raadsmededeling. 41 Bij bestudering van de raadsmededelingen valt op dat deze niet zijn voorzien van een toelichting op de uitvoeringsplannen en de behaalde resultaten. Het delen van notities en stukken vanuit het college vindt plaats in goede afstemming met de raad, zo komt naar voren in de gevoerde interviews.
De gesprekspartners ervaren dit als positief. In veel gemeenten worden op het gebied van veiligheid en toezicht en handhaving informatiebijeenkomsten georganiseerd voor de raad, zodat de raad tussentijds op de hoogte kan worden gesteld van relevante ontwikkelingen. In Doetinchem is dit ook het geval, zo blijkt uit de gevoerde gesprekken. Zo vond er onlangs een werkbezoek van raadsleden aan het politiebureau plaats. Raadsleden werden hierbij door de politie bijgepraat over onder meer ondermijning en jeugdcriminaliteit. In verschillende gemeenten is het gebruikelijk dat de burgemeester het presidium van de gemeenteraad in bepaalde, zwaardere OOV-gevallen informeert. Uit de interviews komt naar voren dat dit in Doetinchem ook voorkomt, maar dat de burgemeester hier terughoudend mee omgaat.
3.2 /
Invulling van kaderstellende en controlerende rol
De raad vervult de kaderstellende rol bij het vaststellen van beleidskaders Zoals in hoofdstuk 1 benoemd heeft de gemeenteraad van Doetinchem het IVB (op voordracht van het college) met de daarin opgestelde prioriteiten op 18 februari 2016 vastgesteld. Daarnaast heeft de gemeenteraad de kaders voor het VTH-beleidsplan op 21
40
Gemeenten Bronckhorst, Doetinchem, Montferland en Oude IJsselstreek (2016). Integraal Veiligheidsbeleid 2016-2019, p. 4.
41
Gemeente Doetinchem (2020). Mededeling van het college aan de gemeenteraad: VTH-Uitvoeringsplan 2020.
29
december 2017 vastgesteld in een raadskader.42 Dit raadskader bestaat uit de visie van de raad op vergunningverlening, toezicht en handhaving; kernbegrippen die de rode draad vormen in het beleidsplan VTH en het beleidskader. Het college van burgemeester en wethouders heeft vervolgens op basis hiervan het VTH-beleidsplan vastgesteld. De raad heeft over het concept VTH-beleidsplan in een raadsbesluit vastgelegd dat dit binnen het vastgestelde raadskader past.43 De gemeenteraad heeft naast de bovengenoemde beleidsdocumenten op 22 december 2016 kaders vastgesteld in een kwaliteitsverordening met betrekking tot VTH. In deze verordening zijn richtlijnen opgenomen over de beoordeling van de kwaliteit van VTH in het kader van het besluit omgevingsrecht. De verordening is dus met name gericht op de fysieke leefomgeving en in mindere mate op toezicht en handhaving op OOV-gebied.44 De gemeenteraad maakt gebruik van het raadsinstrumentarium De gemeenteraad heeft vanuit de kaderstellende en controlerende rol beschikking over verschillende instrumenten voor monitoring en bijsturing. De raad kan schriftelijke vragen indienen en wanneer gewenst voorstellen van het college amenderen of hierover moties indienen. Ook kan de raad zogeheten moties ‘vreemd aan de orde van de dag’ indienen en hiermee zelf het onderwerp OOV agenderen.
Uit de gesprekken en uit bestudering van het raadsinformatiesysteem voor de periode 2018-2020 komt naar voren dat de gemeenteraad van Doetinchem inderdaad gebruik maakt van het instrumentarium om informatie in te winnen over toezicht en handhaving op OOV en hierin bij te sturen. Hierbij moet wel worden aangegeven dat het instrumentarium relatief beperkt lijkt te zijn ingezet: in de periode 2018-2020 zijn voor zover bekend zevenmaal schriftelijke vragen gesteld, en is een motie ingediend, op het gebied van toezicht en handhaving op OOV. Bij bestudering van de schriftelijke vragen valt op dat het voor de raadsleden niet altijd helder is wat de bevoegdheden van de gemeente zijn. Vragen richten zich dan op de mogelijkheden die de gemeente heeft voor handhaving op een bepaald onderwerp of de regelgeving die op een bepaald onderwerp bestaat, zoals bij evenementen in het buitengebied. Daarnaast zijn schriftelijke vragen voor een groot deel casusgericht of gesteld naar aanleiding van de actualiteit, bijvoorbeeld wanneer er sprake is van een OOVovertreding in een bepaalde straat, of het verkoop en gebruik van lachgas op een bepaald adres. Tegelijkertijd hebben raadsfracties middels schriftelijke vragen ook cijfermatige informatie bij het college opgevraagd op het gebied van veiligheid, die ook door het college is verstrekt.
Daarnaast zijn met het oog op de coronacrisis vragen gesteld aan het college of er sprake is van voldoende capaciteit om groepsvorming tegen te gaan.45 Daarnaast zijn er in de afgelopen periode eenmaal artikel 39-vragen gesteld omtrent het onderwerp ondermijnende criminaliteit.46 Artikel 39 van het Reglement van orde van de gemeenteraad van Doetinchem geeft raadsleden het recht om inlichtingen te vragen over een onderwerp. Het college kan deze inlichtingen schriftelijk of mondeling in een raadsvergadering geven. In dit geval zijn de vragen schriftelijk beantwoord. In de interviews komt het beeld naar voren van een constructief-kritische raad die graag betrokken is bij onderwerpen rondom toezicht en handhaving op de openbare orde en veiligheid. In de raad wordt hier dan ook met regelmaat over gesproken. Zo blijkt uit de interviews dat een eventueel messenverbod onderwerp van gesprek is geweest, evenals cameratoezicht en een verbod op carbidschieten. De raad weet ook te sturen middels moties en amendementen. Een voorbeeld hiervan is de eerdergenoemde motie die het college verzocht een lachgasverbod in de APV op te nemen.47 Deze motie is aangenomen en het verbod is zoals benoemd inmiddels in de APV opgenomen.
42
Gemeente Doetinchem (2017). Raadskader voor het door college van B&W en burgemeester van Doetinchem vast te stellen VTHbeleidsplan Doetinchem 2018-2023. 43
Gemeente Doetinchem (2017). Raadsbesluit bij agendapunt 8.3: Kaderstelling voor het beleidsplan over vergunningverlening, toezicht en handhaving. 44
Gemeente Doetinchem (2016). Raadsbesluit vaststellen verordening kwaliteit VTH omgevingsrecht.
45
Gemeente Doetinchem (2019-2020). Schriftelijke vragen raadsfracties over toezicht en handhaving op OOV.
46
Gemeente Doetinchem (2020). Reglement van Orde gemeenteraad Doetinchem: https://besluitvorming.doetinchem.nl/Documenten/artikel39-vragen/15-april-2018/16-december-2020/. 47
Gemeente Doetinchem (2019). Motie “Lachgas is geen lachertje.” Aangenomen in de gemeenteraadsvergadering van 26 september 2019.
30
Bijlage bronnen
Gesprekspartners Functie
Datum
Burgemeester Doetinchem
25-11-2020
Senior adviseur veiligheid
25-11-2020
Teamleider handhaving en toezicht openbare ruimte
19-11-2020
Teamchef basisteam Achterhoek-West
19-11-2020
Juridisch beleidsmedewerker
19-11-2020
Juridisch beleidsmedewerker
19-11-2020
Boa BUHA
26-11-2020
Toezichthouder BUHA
26-11-2020
Wijkagent
30-11-2020
Bronnen In de lopende tekst is via voetnoten vermeld op welke documentatie de bevindingen zijn gebaseerd.
31
Bijlage afkortingen
In de rapportage worden verschillende afkortingen gebruikt. Deze worden hieronder verklaard:
AD: Algemeen Dagblad APV: algemene Plaatselijke Verordening AVG: Algemene Verordening Gegevensbescherming Bibob: Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (wet Bibob) Boa: Buitengewoon opsporingsambtenaar BUHA: Organisatie die het beheer en onderhoud van de openbare ruimte in Doetinchem uitvoert CBS: Centraal Bureau voor de Statistiek CJG: Centrum voor Jeugd en Gezin Wet Damocles: Opiumwet, in dit onderzoek met name relevant i.v.m. sluitingen van panden GGD: Gemeentelijke Gezondheidsdienst HUP: Handhavingsuitvoeringsprogramma High impact crimes: Een verzamelnaam voor delicten als woninginbraak, overvallen, straatroof en geweldsmisdrijven. IVB: gezamenlijke Integraal Veiligheidsbeleid (IVB) 2016-2019 van de gemeenten Bronckhorst, Doetinchem, Montferland en Oude IJsselstreek
LHS: Landelijke Handhavingsstrategie MKB: Midden- en kleinbedrijf OM: Openbaar Ministerie OOV: Openbare Orde en Veiligheid RIEC: Regionaal Expertise Centrum VD: afdeling Veiligheid en Dienstverlening VTB: team Vergunningverlening, Toezicht en Belastingen VTH: vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht Wmo: Wet maatschappelijke ondersteuning
32