2022 Geamendeerde begroting gD.pdf
Tekst van het document
Maatregelen C1 - Verduurzaming wijk Overstegen (Regio Deal) In Overstegen stimuleren we in het plattedakendorp particuliere woningeigenaren om hun woning te verduurzamen. Dit sluit aan bij een grootschalige renovatie van woningen door Sité. Voor dit project zijn middelen uit de Regiodeal of uit het Volkshuisvestingsfond beschikbaar. Doel is om zoveel mogelijk van het gespikkelde bezit (huur en koop door elkaar) te verduurzamen, zodat deze woningen op een later moment relatief eenvoudig aardgasloos kunnen worden gemaakt.
56
Doelstellingen D. Bewoners, ondernemers en vastgoedeigenaren zijn betrokken bij de leefomgeving Bij veel plannen met invloed op de fysieke leefomgeving betrekt de gemeente bewoners, ondernemers en vastgoedeigenaren. Dat geldt voor de omgevingsvisie, maar ook voor plannen, zoals de woningbehoefteramingen in Gaanderen en Wehl en de binnenstadsvisie en ontwikkelingen bij de wijkwinkelcentra. Bij diverse initiatieven uit de samenleving, zoals huisvesting arbeidsmigranten en aanleg van zonneparken, is participatie van omwonenden en belanghebbenden altijd gewenst en soms verplicht. Met een Handreiking Participatie is voor de diverse initiatieven uit de samenleving helder welke voorwaarden we hieraan stellen.
Maatregelen D1- Invulling geven aan participatie We zetten het beleid om inwoners zoveel mogelijk te betrekken bij plannen met invloed op de fysieke leefomgeving voort. Grote projecten kunnen een specifieke participatieaanpak verlangen. Niet alleen tijdens het project, maar ook al in de voorbereiding. De Handreiking Participatie dient daarbij als leidraad.
Doelstellingen E.
Doetinchem verkleint zijn ecologische voetafdruk
Doetinchem en de Achterhoek hebben zich verbonden aan de opgave om een energie neutrale gebouwde omgeving te realiseren in 2030. Een energie neutrale gebouwde omgeving in de Achterhoek betekent dat er binnen de grenzen van de Achterhoek net zoveel energie wordt opgewekt als er wordt gebruikt. Dat is een enorme transitieopgave die alleen door een gezamenlijke aanpak en inzet van inwoners, ondernemers, organisaties en overheid te realiseren is. De transitiepaden zijn besparen – opwekken – warmte – klimaatadaptatie. Verder willen we betekenisvolle stappen zetten richting een meer circulaire lokale economie. Kernbegrippen daarbij zijn het verder scheiden van afval, het omzetten van afval naar grondstof en het zoveel mogelijk hergebruiken van materialen.
Maatregelen E1- Opstellen Regionale Energiestrategie voor de Achterhoek In 2022 werken we met de Achterhoekse gemeenten aan de RES 2.0. Daarin worden de afspraken uit de RES 1.0 verder geconcretiseerd en zullen we ook de opgave ten
57
aanzien van energiebesparing een plek geven. We streven naar een optimale mix van zon op dak, zon op land en wind. Daarom faciliteert de gemeente enkele concrete wind- en zonneparkinitiatieven. E2- Verduurzamen woningen We stimuleren gebouweigenaren continu om te investeren in hun woning of pand. Het energieloketmaat woningeigenaren wegwijs in geschikte energiemaatregelen en beschikbare subsidies en leningen. Het energieloket draait ook verschillende projecten op het gebied van collectieve inkoop van energie en op het gebied van voorlichting. Ook voor bedrijven worden door het energieloket en Achterhoek onderneemt duurzaam verschillende acties opgezet, zoals de gratis energiescan en de ondersteuning bij zon op dak. E3- Versterken circulaire economie Een circulaire economie is een systeem waarin geen eindige grondstoffen meer worden gebruikt en reststoffen volledig opnieuw worden ingezet. Dit vraagt om anders denken en doen o.a. in de bouw, consumptie en voedselketen. Gestart is met een analyse waarop gemeente Doetinchem in kan zetten om tot een reductie te komen. In 2022 is een beleidsplan gereed, waarin deze stappen worden geconcretiseerd. Daarnaast zijn verschillende lokale en regionale ‘circulaire’ initiatieven die de gemeente actief ondersteunt of in participeert waaronder Cirkelregio de Achterhoek en bedrijventerrein Wijnbergen.
Tot slot wordt uitvoering gegeven aan de oprichting van een circulair ambachtscentrum in samenwerking met verscheidene lokale partners. E4 - Uitvoering transitievisie warmte We starten in 2022 met de uitvoering van de in 2021 vastgestelde Transitievisie Warmte. We beginnen in de eerste twee buurten met het opstellen van buurtuitvoeringsplannen. Daarvoor voeren we een participatief proces met de inwoners en andere stakeholders om te komen tot verduurzaming en uiteindelijk tot een duurzaam warmtealternatief.
58
Wie hebben we daarbij nodig (verbonden partijen)? Verbonden partijen en/of andere partijen die bijdragen aan de realisatie van deze doelstellingen zijn: Verbonden partijen: - ODA; - Buha. Voor meer informatie wordt verwezen naar de paragraaf verbonden partijen (6). Andere partijen: - Politie; - Inspectie; - Provincie Gelderland; - Waterschap Rijn en IJssel; - Wijknetwerk; - Sité Woondiensten.
Wat zijn de vastgestelde aanmeldingen bij de kadernota 2022? Bedragen x € 1.000,Nr. Overzicht aanmeldingen kadernota 2022 Veranderende Leefomgeving
2022 2023 2024 2025 S/I
20 Projectaanpak "Doetinchem 2036": Projectleider en projectbudget
-184
-184
-184
0
I
21 Urgentie woningbouw: 1 fte, schaal 12 (urgente bottlenecks oplossen)
-134
-134
-134
-134
S
22 Urgentie voor ontwikkeling woningbouw, 1fte schaal 10 planologie (urgente bottlenecks oplossen)
-105
-105
-105
0
I
23 Flexibele schil neerzetten om pieken op te vangen (urgente bottlenecks oplossen)
-200
-300
0
0
I
24 Kostenverhaal ruimtelijke initiatieven
175
250
300
300
S
25 Regelanalist/regelbeheerder Omgevingswet , 1 fte, schaal 11
-119
-119
-119
-119
S
26 Klimaat klaar maken van onze leefomgeving , 0,8 fte schaal 11
-95
-95
-95
-95
S
27 Nu inspelen op klimaatmaatregelen bij gebiedsontwikkeling
-100
-100
-100
-100
S
28 Wijk- en Groenbeheer: Hittestress; Watergeven tijdens de zomermaanden i.v.m. toenemende droogte
-40
-40
-40
-40
S
29 Beleidsmedewerker milieuvergunningverlening, toezicht, handhaving 0,6 fte, schaal 11
-71
-71
-71
-71
S
30 Verhoging budget Leader
-29
0
0
0
I
0
-93
-93
-93
S
Totaal -902
-991
-641
-352
31 Bijdrage gD aan Volkshuisvestingsfonds
59
Wat zijn de nieuwe ontwikkelingen in de begroting 2022? 13. Voorbereidingskosten voor de invoering van de Commissie ruimtelijke kwaliteit 2022: € 50.000 V Incidenteel Door de komst van de Omgevingswet zijn we verplicht om een Commissie ruimtelijke kwaliteit in te stellen naar verwachting per 1 juli 2022. Het is hiervoor noodzakelijk om al 2021 voorbereidingen te treffen, zodat we klaar zijn vóór de invoeringsdatum van de Omgevingswet. N.a.v. de Kadernota 2021 is in de begroting 2021 de aanmelding verwerkt in de jaarschijf 2022. De kosten worden echter in 2021 gemaakt. Daarom melden we deze aan voor 2021, waarbij het budget van 2022 kan vrijvallen. 14. Procesgelden toekomstbestendige wijken en dorpen € -100.000 N Incidenteel De gemeente Doetinchem staat voor een grote transformatieopgave in de wijken en dorpen. Om de landelijke klimaatdoelen te halen maken we onze woningen duurzamer en halen we ze in de toekomst van het gas af. In Overstegen gaan we nu al met een subsidie uit het volkshuisvestingsfonds grootschalig aan de slag met het verduurzamen van particuliere woningen (zie aanmelding 31). Tegelijkertijd werken we met Sité en andere partijen aan veerkrachtige wijken, waarbij de prioriteit ligt bij Overstegen. Met de inzet van de ABCD-aanpak willen we werken aan het vergroten van de leefbaarheid en de veerkracht van de wijk.
We willen deze investeringen in de fysieke en in de sociale omgeving met elkaar verbinden. Gaanderen is een gaaf dorp om te wonen. Maar ook daar komen een aantal ontwikkelingen aan. Drie buurten uit Gaanderen zijn opgenomen in de top 15 van prioritaire buurten in de warmtetransitievisie. Daar moeten we dus snel aan de slag. Een andere ontwikkeling in Gaanderen is dat we proberen met de provincie en maatschappelijke partners tot een dorpendeal te komen, die bedoeld is om de kracht van Gaanderen extra te benutten om de sociale cohesie in Gaanderen te versterken, zodat Gaanderen een gaaf dorp blijft. Daarom zijn we ook in Gaanderen op zoek naar de verbinding tussen de ontwikkelingen op sociaal en fysiek gebied. Er is procesgeld nodig om deze ontwikkelingen op fysiek en sociaal gebied goed aan elkaar te koppelen. Met deze koppeling is in de bestaande budgetten voor volkshuisvesting, wijkprogrammering en verduurzaming geen rekening gehouden. Gedacht wordt aan een bedrag van € 50.000 per wijk.
60
Welke amendementen heeft de raad op 4 november 2021 aangenomen? A3 Terugdraaien taakstelling voor speeltoestellen De raad heeft op 4 november 2021 besloten (2021-95): - De taakstelling van€ 100.000 op het budget "speelvoorzieningen" terug te draaien. - Dit terugdraaien incidenteel voor drie jaar te dekken uit de algemene middelen. - Draagt het college op: a. het natuurlijk spelen meer te implementeren, en op deze manier zoveel mogelijk controle- en certificeringskosten te verkleinen en tegelijk de fantasie van kinderen te vergroten; b. bij het wijzigen en/of aanleggen van bestaande en/of nieuwe speeltuinen/ voorzieningen mee te ademen met de demografie van de betreffende wijk/buurt en de buurt hierbij te betrekken om draagvlak te creëren op o.a. het gebied van financiën en onderhoud; c. in het derde jaar te evalueren wat nodig is aan kosten voor onderhoud etc.
Omschrijving amendement Bedragen *1000,-
Begroting 2022 2022 2023 2024 2025
Struct./ Incid. S of I
3 Veranderende leefomgeving A3 Terugdraaien taakstelling voor speeltoestellen
-100
-100
-100
-100
Veranderende leefomgeving
-100
-100
-100
-100
S
61
Wat mag het kosten? Naast het amendement zijn in onderstaand overzicht de lasten/baten van riolering en afval gesplitst. Deze waren eerder opgenomen onder riolering. Programma: 3. veranderende leefomgeving
Uitgaven Inkomsten
Mutatie reserve
Resultaat
-100.241
0
-100.241
5.7 Openbaar groen en (openlucht) recreatie
personeelskosten wijkbeheer
5.389.610
687.072
-4.702.538
0 -4.702.538
7.2 Riolering
Riolering
5.262.649
6.839.533
1.576.884
0
1.576.884
7.3 Afval
Afval
8.542.159 10.074.159
1.532.000
0
1.532.000
7.4 Milieubeheer
Bodem
16.650
-16.650
0
-16.650
geluid
4.730
-4.730
0
-4.730
lucht
10.440
-10.440
0
-10.440
milieubeleid
54.830
-54.830
0
-54.830
Omgevingsdienst Achterhoek
1.064.868
-1.064.868
overige milieutaken
14.700
-14.700
0
-14.700
personeelskosten
593.491
-593.491
0
-593.491
uitvoeringsprogramma duurzaamheid
392.497
-376.559
0
-376.559
vergunningen
29.850
-29.850
0
-29.850
7.5 Begraafplaatsen en crematoria
Begraven
22.087
28.814
0
28.814
8.1 Ruimtelijke ordening
actualisatie bestemmingsplannen
351.842
-351.842
0
-351.842
implementatie omgevingswet
4.000
-4.000
0
-4.000
omgevingskamer
463.144
-165.684
0
-165.684
-640
0
-640
overige milieutaken
100.241
Saldo begroot
297.460
overige ro taken
60.600
-60.600
0
-60.600
personeelskosten
661.635
-661.635
0
-661.635
3.480
3.480
0
3.480
45.000
-138.964
0
-138.964
-100.000
0
-100.000
721.000
0
721.000
33.274
0
33.274
-44.402
0
-44.402
robuust groen
183.964
wonen en bouwen algemeen
100.000
grex algemeen
0
721.000
Heelweg
-33.274
Heideslag
1.296.551
1.252.149
Iseldoks HBB
5.618.608
5.626.821
8.213
0
8.213
lookwartier
35.608
-35.608
0
-35.608
personeelskosten
352.599
-352.599
0
-352.599
Strategische gronden
80.124
-80.124
0
-80.124
Vijverberg zuid
17.989
-17.989
0
-17.989
90.752
90.752
0
90.752
30.692.832 25.704.265
-4.988.567
Wijnbergen EVZ Totaal
50.901
640
Planschades
8.2 Grondexploitatie (niet bedrijventerreinen)
15.938
0 -1.064.868
0 -4.988.567
62
3.4 Programma - Organisatie en financiën Wat willen we bereiken? A. Het verder uitbouwen van de organisatieontwikkeling gD2020 B. Een solide financiële gemeente C. Informatietechnologie als stevig fundament ter ondersteuning van een eigentijdse en efficiënte organisatie D. Aandacht voor ambtelijke huisvesting E. Verbeteren van onze dienstverlening
Doelstellingen A.
Het verder uitbouwen van de organisatieontwikkeling gD2020
Modern besturen vergt investeren in mensen en competenties, in nieuwe werkwijzen en processen, in flexibiliteit van de organisatie. Met de organisatie-ontwikkeling gD2020 hebben we ingezet op een rol als regiegemeente die samen met de haar partners inzet op de ontwikkeling van onze gemeente en richten we ons op kwalitatief passende dienstverlening. In onze organisatie zien we zowel bestuurlijk als ambtelijk een enorme inzet om doelen te halen en onze taken zo goed mogelijk uit te voeren. De ambities die we hebben om te groeien, maken dat we ook moeten investeren in ons personeelsbestand. Immers, de kosten gaan deels voor de baten uit. Ook hebben we frisse denkkracht nodig om onze ambities waar te maken en als organisatie vanuit een veranderde mind set aan het werk te gaan. We zijn en blijven graag een aantrekkelijke werkgever.
Maatregelen A1- Verder optimaliseren personeelsbeleid Medewerkers spelen een belangrijke rol in het realiseren van onze ambities. Het project cultuurverandering ondersteunt de ontwikkeling van ons personeel aansluitend op de koers die we hebben ingezet met de organisatieontwikkeling en een integere organisatiecultuur. Het VIS-project beoogt de volgende waarden te ontwikkelen: Verantwoordelijkheid, Initiatief en Samenwerken. We moderniseren onze personeelsinstrumenten.
63
Naast de uitstroom heeft ook de instroom onze aandacht. We hebben te maken met een bovengemiddelde uitstroom van medewerkers vanwege het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Bij de instroom van nieuwe medewerkers zijn we helder over onze verwachtingen en gestelde eisen aan competenties en vaardigheden. Daarnaast hebben we aandacht en ruimte voor ontwikkeling en groei van onze (nieuwe) medewerkers. We zijn en blijven graag een aantrekkelijke werkgever waar leren een continu proces is. A2- Inzetten op verzuimreductie De organisatie heeft te maken met een hoog ziekteverzuimpercentage dat verschillende oorzaken kent. Wij willen graag onze doelen halen en hebben daarbij iedereen hard nodig. Aanleiding om samen met zowel het management als de medewerkers in te zetten op verzuimreductie. Doel is medewerkers die eigen regie nemen en gezond en vitaal werken, daardoor worden we een meer effectieve en gezonde organisatie, met een lager ziekteverzuim als resultaat.
Doelstellingen B.
Een solide financiële gemeente
Wij onderkennen twee pijlers voor solide financieel beleid: een structureel sluitende begroting met een gezond meerjarenperspectief en voldoende weerstandsvermogen. In deze begroting staan tal van ambities die wij in gezamenlijkheid willen realiseren. Dat vraagt om extra investeringen. Tegelijkertijd constateren wij dat de financiële ruimte die er is om deze ambities daadwerkelijk te realiseren beperkt zijn. Dat is een lastige opgave waar wij ons ten zeerste van bewust zijn. Prioritering is dan ook van belang. Verhoging van de lasten voor onze inwoners dient voorkomen te worden. Uitgangspunt is maximaal de inflatiecorrectie, waarbij we wel zorgen voor de kostendekkendheid van de werkzaamheden die via geïnde belasting worden bekostigd. De uitvoering van het financiële beleid voldoet aan de in- en externe regelgeving. Vanaf 2022 zal het college een rechtmatigheidsverantwoording moeten opnemen in de jaarrekening.
Maatregelen B1- Inzetten op een structureel sluitende begroting en gezond meerjarenperspectief Het rijk heeft de afgelopen jaren heel wat taken naar de gemeenten en zeker ook naar centrumgemeenten overgeheveld. De financiële middelen om die taken naar behoren uit te voeren zijn niet navenant gegroeid waardoor we financieel inmiddels veel te strak in het pak zijn genaaid. Ten opzichte van de Kadernota 2022 is de financiële positie van onze gemeente
64
verbeterd. Dit is met name het gevolg van de extra middelen die het rijk beschikbaar heeft gesteld in het Gemeentefonds. Nu het rijk alsnog (gedeeltelijk en voorlopig) over de brug komt en we voorzichtig zijn met het doen van uitgaven, kunnen we extra toevoegingen doen aan de algemene reserve. De begroting 2022 vertoont een financieel meerjarenperspectief met voordelige saldi voor alle jaren. We hebben een structureel sluitende begroting en het weerstandsvermogen neemt toe. Dat zorgt ervoor dat we een gezonde financiële uitgangspositie hebben als basis voor het begrotingsjaar 2022 en voor de nieuwe raad in de komende coalitieperiode. Toch blijven we ook de komende jaren op financieel gebied behoedzaam en zullen we onze investeringen zorgvuldig moeten wegen. Ontwikkelen betekent ook dat we regelmatig met vooruitziende blik moeten investeren, waarbij de kosten voor de baat uitgaan. B2- Inzetten op voldoende weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen geeft de verhouding weer tussen onze weerstandscapaciteit (algemene reserve en de stelpost onvoorziene uitgaven) en de financiële risico’s. Die verhouding drukken we uit in de ratio van ons weerstandsvermogen. We zetten in op een ratio die ligt tussen de 1,0 en 1,5. Dan beschikken we over voldoende buffer om risico’s op te vangen zodat ze geen bedreiging vormen voor onze financiële positie.
Beneden de ondernorm dienen maatregelen te worden genomen om de weerstandscapaciteit aan te vullen en/of de risico’s te beperken. Boven de norm geeft ruimte om de weerstandscapaciteit in te zetten voor andere doeleinden. B3 Rechtmatigheidsverantwoording door het college in de jaarrekening 2022 In de huidige situatie geeft de accountant in de controleverklaring een oordeel over de rechtmatigheid van het handelen van de gemeente. In de toekomstige situatie legt het College van B&W rechtstreeks verantwoording af over de (financiële)rechtmatigheid van het gevoerde bestuur, aan de hand van de rechtmatigheidsverantwoording in de jaarrekening. De accountant controleert vervolgens de rechtmatigheidsverantwoording op getrouwheid. De accountant kijkt dus of hetgeen het College meldt in de rechtmatigheidsverantwoording, juist en volledig is. Inmiddels is de nota van wijziging bij het wetsvoorstel versterking decentrale rekenkamers (kamerstuk 35298), waar de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording onderdeel van uitmaakt, ingediend bij de Tweede Kamer. Het was de bedoeling om dit in te voeren voor het verslagjaar 2021. Om de volgende redenen is dat niet meer haalbaar: •
Door corona zijn de verantwoording en controle voor dit jaar al complexer geworden, waardoor de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording op korte termijn niet opportuun is.
•
Gemeenten kunnen nu te laat kennisnemen van veranderingen, zoals de nog door te voeren wijzigingen in de regelgeving, in onder meer het Besluit begroting en verantwoording (BBV) en het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (BADO). 65
•
De (interne en externe) controlewerkzaamheden voor de jaarrekening 2021 zijn al begonnen.
Daarom zullen gemeenten naar verwachting voor het verslagjaar 2022, voor de eerste keer een rechtmatigheidsverantwoording op moeten nemen in de jaarrekening. Ook dit laatste is vanzelfsprekend onder voorbehoud van parlementaire goedkeuring. Doordat er steeds meer taken door gemeente Doetinchem moeten worden uitgevoerd en o.a. de rechtmatigheidsverantwoording en interne controle steeds meer aandacht vragen zijn we aan het onderzoeken wat de juiste bezetting is van het team concerncontrol.
Doelstellingen C. Informatietechnologie als stevig fundament ter ondersteuning van een eigentijdse en efficiënte organisatie In een steeds digitaal wordende wereld. Zowel als organisatie maar ook vanuit de verwachtingen van onze inwoners is een stevig ICT fundament noodzakelijk. Met de speerpunten uit onze i-visie houden we aandacht voor de verschillende onderdelen. We sluiten onze kantoorautomatisering aan op het nieuwe werkconcept. Mede door de maatregelen rondom Corona hebben we ervaren dat we nog meer tijd- en plaatsonafhankelijk kunnen werken. De beweging Samen Organiseren levert steeds meer concrete producten op, in 2022 gaan we kijken welke producten voor ons te implementeren zijn. Bij beleidsontwikkeling wordt steeds meer gebruik gemaakt van data. We maken van data nu echt informatie. We doen dit lokaal maar ook regionaal. De kwaliteit van onze data wordt hierdoor ook steeds belangrijker, basisregistraties krijgen een nog belangrijkere rol. Binnen het geo domein bereiden we ons voor op nieuwe wettelijke aanpassingen rondom basisregistraties waaronder de Samenhangende Objecten Registratie (SOR). Dit alles kan niet zonder onze informatieveiligheid op orde te hebben. Dit is een continue proces, maar wat in 2022 verder aangescherpt wordt.
Maatregelen C1- Werken aan een datagedreven organisatie Datagedreven werken is volop in ontwikkeling. Wij hebben de intentie uitgesproken om meer te willen inzetten op datagedreven werken. Met beter en meer toegespitst datagebruik willen ook andere gemeenten en regio meer zicht krijgen op (de omvang van) maatschappelijke opgaven en besluitvorming transparanter en meer fact en evidence-based maken. Daarnaast verwachtten wij dat het gebruik van data ook kan helpen bij het voorbereiden, monitoren en evalueren van beleid en bij een verbetering van de dienstverlening. Wij hebben besloten om deel te nemen aan Datalab Gelderland
66
Oost voor in ieder geval de komende 4 jaar (2021 t/m 2024). Het jaar 2021 is voor zowel DataLabGO (als regionale samenwerking) als voor onze organisatie het eerste jaar geweest. Hierin is ingezet op bewustwording van gebruiksmogelijkheden van datagericht werken en training daarin. Het jaar 2022 wordt met een intern opgezette structuur ingezet op het werken met businesscases en slimme inzet van data om tot realisatie van voordelen (snelheid, kwaliteitsverbetering, effectievere en efficiëntere inzet middelen etc.) te komen. Dit in afstemming met DataLabGo en onze eigen gemeentelijke teams. Omdat dit organisatiebreed speelt is dit vormgegeven als concernopgave en hiervoor is een aanmelding gedaan. De concrete toepassing van datagedreven werken binnen het Sociaal Domein is al in gang gezet. Dit blijven we in 2022 verder doorontwikkelen. Kwaliteit van data moet hoog zijn om hierop beleid te kunnen uitvoeren. Daarom blijven we investeren in het fundament. In de hoek van geo basisregistraties is nieuwe wetgeving aangekondigd (SOR). In 2022 beoordelen we de impact van deze nieuwe wetgeving. C2- Doorontwikkelen kantoorautomatisering Onze kantoorautomatisering met bijbehorende devices aanlaten sluiten bij het nieuwe werkconcept. Plaats- en tijdsonafhankelijk werken is het uitgangspunt.
Met Office365 is een goede basis gelegd; in 2022 focussen we ons op adoptie, kaders en bijbehorende ict faciliteiten zodat we ook echt kunnen profiteren van de voordelen. C3- Aansluiten op landelijke ontwikkelingen “Samen Organiseren” Onder de noemer “Samen Organiseren” worden er landelijke initiatieven genomen. Dit kunnen landelijke aanbestedingen zijn, maar ook software ontwikkelingen op basis van de Common Ground gedachte. We volgen deze ontwikkelingen en sluiten aan/implementeren waar mogelijk. De implementatie van de componenten van de landelijke aanbesteding van GGI veilig, lopen door in 2022. C4 - Doorontwikkelen Informatieveiligheid Bij nog steeds toenemende automatiseringsmogelijkheden en faciliteiten blijft het borgen van goede informatieveiligheid op zowel strategisch, tactisch alsook operationeel niveau een belangrijk aandachtspunt. Met de invulling van de CISO-rol, het waar nodig herschikken van taken en verantwoordelijkheden ten aanzien van informatiebeveiliging en meenemen van aanbevelingen van de Informatie Beveiligingsdienst (IBD) en het aangekondigde rekenkamer onderzoek Digitale Veiligheid wordt hieraan in 2022 verder gewerkt en gebouwd. Inbreng van betrokken samenwerkingspartners en expertise van professionele partijen ter zake wordt benut
67
om planmatig de benodigde kennis, kunde en maatregelen te nemen en borgen. De door VNG aangenomen ‘Resolutie 'Digitale Veiligheid: kerntaak voor gemeenten’ geven we een rol bij het verder implementeren van Informatieveiligheid en het borgen hiervan binnen onze crisisbeheersing.
Doelstellingen D.
Aandacht voor ambtelijke huisvesting
De huisvesting van de ambtelijk organisatie is een belangrijk aandachtspunt. Zeker nu we met de gevolgen van de coronacrisis te maken hebben. We zoeken een passend antwoord op het vernieuwen van het werkconcept en gaan op zoek naar een nieuwe balans tussen de behoeften en de financiële mogelijkheden.
Maatregelen D1- Herinrichten van gemeentelijke huisvesting Wij nemen de ervaringen van de coronacrisis mee en werken twee huisvestingsscenario’s uit, zodat we antwoord krijgen op de vragen wat het financieel betekent als gekozen wordt voor 60% of 40% thuiswerkvariant, qua m2, vergader- en ontmoetingsruimtes, hybride werken als ook voor de werkplekinrichting. Daarnaast zullen ook vervangingsinvesteringen gedaan moeten worden voor wat betreft bureaustoelen en koffieapparaten.
Doelstellingen E.
Verbeteren van onze dienstverlening
In de komende jaren moet er een duidelijke focus op dienstverlening zijn en blijven. De diverse activiteiten moeten integraal en in samenhang worden ontwikkeld om de dienstverlening op pijl te houden of echt te kunnen verbeteren We verbeteren onze Dienstverlening. Dit doen we door: • Onze (dienstverlenings) processen af te stemmen op de inwoners en deze te verbeteren en te optimaliseren • De (digitale) toegankelijkheid van onze (overheids)informatie te verbeteren • Het bevorderen van “leren van elkaar” en het experimenteren met nieuwe mogelijkheden, als zich kansen voordoen die passend zijn in huidige of toekomstige ontwikkelingen. We gebruiken graag inspirerende voorbeelden van andere werkgevers en overheden.
68
Maatregelen verbeteren digitale dienstverlening -1- Digitaliseren burgerzakendiensten (e-diensten) Door ontwikkelingen in de samenleving en binnen dienstverlening, is er een steeds grotere behoefte aan digitaliseren. Streven van de gemeente is de informatietechnologie maximaal te benutten ter ondersteuning van de behoeften van inwoners en bedrijven om meer 24/7 gebruik te kunnen maken vanuit huis of kantoor van de dienstverlening van de gemeente. Daarom passen we de dienstverlening bij de balie aan en richten deze efficiënter in waardoor inwoners meer thuis kunnen regelen en niet naar het stadhuis hoeven te komen. Bijvoorbeeld bij geboorten, overlijdens, doorgeven verhuizing, etc. In het totaal gaat het op dit moment om 15 werkprocessen. Met het digitaliseren van deze werkprocessen sluiten we aan bij inmiddels in Nederland breed ingevoerde vernieuwingen. -2- Invoeren Wet digitale toegankelijkheid Overheidsorganisaties hebben de wettelijke verplichting om websites toegankelijk te maken voor mensen met een functiebeperking. Dit is vastgelegd in de Wet Digitale Toegankelijkheid. Aan de hand van een eerste toetsing is uitgewerkt welke maatregelen moeten worden genomen.
69
Wie hebben we daarbij nodig (verbonden partijen)? Verbonden partijen en/of andere partijen die bijdragen aan de realisatie van deze doelstellingen zijn: Verbonden partijen: - Alliander; - Bank Nederlandse Gemeenten (BNG). - Vitens - VNG Realisatie - Datalab GO Voor meer informatie wordt verwezen naar de paragraaf verbonden partijen (6). Wat zijn de vastgestelde aanmeldingen bij de kadernota 2022? Bedragen x € 1.000,Nr. Overzicht aanmeldingen kadernota 2022 Organisatie en Financiën
2022
2023
2024
2025 S/I
32 Datalab Go
-154
-202
-250
-250
S
154
202
250
250
S
33 Besparing repro
100
100
100
100
S
34 Informatieveiligheid beter borgen
-59
-59
-59
-59
S
35 Beveiliging bestuurders
-14
0
0
0
I
36 Wet digitale toegankelijkheid; jaarlijkse applicatiekosten
-15
-15
-15
-15
S
-41
-50
0
0
I
-44
-44
-44
-44
S
-10
0
0
0
I
- Dekking niet volledig doorgeven van de prijscompensatie
Wet digitale toegankelijkheid; incidentele kosten 37 E-dienstverlening E-dienstverlening; implementatiekosten 38 Doetinchem 2036: Grondzaken; noodzakelijke formatieuitbreiding 1fte, schaal 12
-134
-134
-134
-134
S
39 Maatwerk personeel
25
25
25
25
S
40 Definitief invullen Keuzerichting 84
BN
BN
BN
BN
S
-192
-177
-127
-127
Totaal
Wat zijn de nieuwe ontwikkelingen in de begroting 2022? 15. Besparing door vervangen couverteermachine 2022: € 14.000 V Structureel Het leasecontract van de huidige couverteermachine is medio 2021 afgelopen. Er is een nieuw leasecontract aangegaan dat een stuk voordeliger is. Het oude apparaat was een duur model. Bij het aangaan van het nieuwe contract is goed gekeken naar de (kosten) specificaties, types, leveranciers en de vraag/aard van werkzaamheden repro. Het nieuwe apparaat voldoet aan de gestelde eisen maar is niet de duurste in zijn soort. Vanaf 2022 is er een structureel voordeel van € 14.000 .
70
16. Conform BBV-regels correct verwerken SaaS oplossingen 2022: € -28.000 N Structureel; 2023: € -9.000 N Structureel; 2024: € 10.000 V Structureel; 2025: € 30.000 V Structureel In het kader van een stelselwijziging vanuit het BBV (Besluit begroting en verantwoording) mogen SaaS oplossingen niet meer worden geactiveerd. SaaS staat voor Software as a Service en betekent dat we jaarlijkse licentiekosten betalen voor het gebruik van software. Voor een correcte verwerking wordt het investeringskrediet omgezet naar structureel exploitatiebudget. Het krediet t.b.v. 2020 valt in zijn geheel vrij. De jaarlijkse kredieten vanaf 2021 worden verlaagd van € 375.000 naar € 250.000. Extra exploitatiebudget Vrijval investeringslasten Saldo
2021 -150.000 82.000 -68.000
2022 -125.000 97.000 -28.000
2023 -125.000 116.000 -9.000
2024 -125.000 135.000 10.000
2025 -125.000 155.000 30.000
17. Certificeren van de gemeente Doetinchem op niveau 3 van de CO2 prestatieladder 2022: € -11.000 N + PM Structureel In oktober 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders ingestemd met het certificeren van de gemeente Doetinchem op niveau 3 van de CO2 Prestatieladder en ingestemd om de structurele kosten als aanmelding mee te nemen bij de kadernota 2022. Bij de kadernota is dit onderdeel niet als aanmelding meegenomen en wordt nu alsnog als aanmelding meegenomen. De structurele kosten bedragen vanaf 2021 € 11.000 + PM (kosten specifieke maatregelen). De resultaten van de certificering (inclusief audits) en de nulmeting voor de co2 prestatieladder zijn eerste kwartaal 2022 bekend. Dan is er zicht op benodigde maatregelen en daaraan verbonden bedragen. Deze worden bij de eerste bestuurlijke monitor 2022 als aanmelding ingebracht. 18. Nominale ontwikkelingen 2022: € -279.000 N Structureel; 2023: € -447.000 N Structureel; 2024: € -723.000 N Structureel; 2025: € -690.000 N Structureel In de begroting is budget beschikbaar voor indexering en areaaluitbreiding. Dit budget is bedoeld om loon- en prijsstijgingen van onze budgetten op te vangen en gestegen lasten door volume- en areaaluitbreiding te dekken.
Vorig jaar is besloten om een nieuwe systematiek van indexering voor de gemeentebegroting toe te passen, waarbij jaarlijks de nominale ontwikkelingen op basis van spelregels wordt berekend. Er is hierbij rekening gehouden met : •
een Indexering van de goederen en diensten en subsidies met het pBBP: 1,6%, 2023 1,9%, 2024 1,6% en in 2025 1,6%.
71
•
een indexering van het sociaal domein op de voormalige integratie-uitkering Wmo, huishoudelijke hulp en begeleiding en Jeugd voor 2022 wordt de Overheidsbijdrage in de Arbeidskostenontwikkeling (OVA) ad 1,72% toegepast en vanaf 2023 het pBBP
•
een geprognosticeerde stijging van de salarissen en premies voor 2021 van 3,0 % gebaseerd op de loonontwikkeling bij de rijksambtenaren en voor de jaren erna met een stijging van het pBBP.
•
een indexering van het Cultuurbedrijf (Schouwburg, Muziekschool, Gruitpoort); het Sportbedrijf (Rozengaarde, Sportservice, Accommodatiebeheer); Buha, Buurtplein, De Pol Gaanderen en Stichting Sport en recreatie Wehl overeenkomstig het systeem van de gemeentebegroting, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen loonsombudgetten die worden geïndexeerd met prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers van 1,2% en budgetten voor goederen en diensten geïndexeerd met het pBBP.
•
een indexering van de Gemeenschappelijke regelingen conform de afgesproken methodieken, zoals bij de ODA op basis van kostprijs indexering en bij de Regio Achterhoek op basis van het pBBP
•
een gemiddelde kostenstijging van areaal over afgelopen jaren.
Het toepassen van de spelregels resulteert in de hier boven weergegeven aanmelding. In de algemene uitkering van het gemeentefonds word ook rekening gehouden met loon- en prijsontwikkeling. 19. Niet volledig kunnen invullen van keuzerichting 110 (efficiencytaakstelling Buhaorganisatie) 2022: € -50.000 N Structureel In de keuzerichtingen is vanaf 2022 een besparing opgenomen op een nadere efficiencyslag die de BUHA organisatie nog kan maken. Dit gaat om structureel € 300.000 vanaf 2022. Buha heeft sinds het vaststellen van de keuzerichting in november 2019 de tijd gehad om hierop bedrijfsmatig te anticiperen. Uitgangspunt hierbij is om het bestaande dienstenpakket op de reeds afgesproken kwaliteitsniveaus te blijven leveren. BUha heeft aan gD een set maatregelen voorgesteld om op te bezuinigen. Het gaat hierbij om de volgende bezuinigingen:
72
Per saldo kunnen er voor € 250.000 aan bezuinigingen op de bedrijfsvoering worden gerealiseerd. Er worden geen andere mogelijkheden meer gezien binnen de bedrijfsvoering. Bezuinigingen op de dienstverlening worden niet als wenselijk gezien. Dit betekent dat er € 50.000 van de taakstelling niet kan worden ingevuld. 20. Datagedreven werken vanaf 2022 € -125.000 N Structureel Wij willen met datagestuurd werken doelgerichter en effectiever beleid voeren op alle beleidsterreinen. Bij de start van opgaves helpt het om met data eerst een verkenning te doen van de werkelijkheid voordat een start wordt gemaakt, dus een opgavegerichte datagerichte werkwijze rondom vraagstukken. Door grotere datasets op te bouwen wordt het mogelijk te kijken naar ontwikkelingen over jaren heen; het signaleren van trends. Met de huidige technologie is het ook mogelijk om prognoses te maken door te kiezen uit verschillende variabelen en effecten proberen te voorspellen. Wij willen daarom, naast het regionale Datalab Go en de toepassing van data ten behoeve van de Taskforce sociaal domein, het datagedreven werken in de gemeente Doetinchem verder professionaliseren en bij keuzeprocessen meer data beschikbaar hebben.
Hiervoor wordt voorgesteld middelen structureel beschikbaar te stellen voor enerzijds het aanschaffen van datasets en applicaties en daarnaast het toerusten van medewerkers om met opgavegerichte datagerichte werkwijze eigen te maken. Een deel van deze middelen zullen we inzetten om extra capaciteit in te zetten. We onderzoeken of we dit kunnen verbinden aan de wens om ook trainees een plek in onze organisatie te geven. 21. MPO 2021 (bijstelling mutaties tov MPO 2020) 2022: € -51.000 N Incidenteel In de Kadernota 2022 zijn de mutaties van het project Wehl Heideslag uit het MPO 2020/2021 niet opgenomen. Deze bedragen dienen nu alsnog in de 2e bestuurlijke monitor 2021 (€ -51.000 incidenteel) en de begroting 2022 (€ -51.000 incidenteel) te worden verwerkt. Daarmee stemt de gemeentebegroting weer overeen met het MPO.
Welke amendementen heeft de raad op 4 november 2021 aangenomen? A2 Uitvoeringskosten kinderraad De raad heeft op 4 november 2021 besloten (2021-95): - In de begroting 2022 een structureel bedrag op te nemen van€ 10.000 voor de incidentele dekking van de kosten ter realisatie van (kleinere) ideeën vanuit de kinderraad. - Eventuele structurele kosten die samenhangen met de realisatie van deze (kleinere) ideeën toe te voegen aan de begrotingen volgend op het jaar van realisatie, ten laste van de betreffende inhoudelijke budgetten. - Het budget 'uitvoering ideeën kinderraad' onder te brengen bij het geheel aan budgetten voor de gemeenteraad, met de griffier als budgethouder. - De kinderraad te verzoeken jaarlijks een verantwoording te presenteren aan de - gemeenteraad over de besteding van het budget. 73
-
Initiatieven vanuit de kinderraad die meer dan€ 10.000 incidenteel kosten, via een aparte procedure ter besluitvorming naar de gemeenteraad te brengen. De griffier te verzoeken met een (gemeente)raadsvoorstel te komen voor de vastlegging van de procedure rondom grotere initiatieven vanuit de kinderraad.
Omschrijving amendement Bedragen *1000,-
Begroting 2022 2022 2023 2024 2025
Struct./ Incid. S of I
4 Organisatie en Financien A2 Uitvoeringskosten kinderraad Organisatie en financiën
-10 -10
-10 -10
-10 -10
-10 -10
S
74
Wat mag het kosten? Programma: 4. Organisatie en financien
Uitgaven
Inkomsten
Saldo begroot
Mutatie reserve
Resultaat
0.1 Bestuur
Bestuurlijke samenwerking
2.600.998
1.005.752
-1.595.246
0
-1.595.246
bestuursondersteuning
1.050.081
-1.050.081
0
-1.050.081
college
1.445.257
-1.443.637
0
-1.443.637
-3.500
0
-3.500
-684.620
0
-684.620
-19.430
0
-19.430
-50.250
0
-50.250
overige baten en lasten
0.10 Mutaties reserves
3.500
raad
684.620
raadscommissies
30.930
rekenkamer
50.250
algemene reserve
262.944
0
-262.944
262.944
-525.888
overige bestemmingsreserve
2.600
457.000
454.400
-454.400
908.800
536.009
2.049.001
1.512.992 -1.512.992
3.025.984
937.239
reserve dekking kapitaallasten reserve onderhoud
1.395.275
0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten
resultaat
6.820.000
0.2 Burgerzaken
basisregistratie personen
55.853
burgerlijke stand
-458.036
458.036
-916.072
0
-6.820.000
65.625
9.772
0
9.772
85.654
100.548
14.894
0
14.894
dienstverlening gemeentewinkel
315.005
108.362
-206.643
0
-206.643
GEO informatie
27.832
-27.832
0
-27.832
naturalisatie
12.980
28.390
0
28.390
personeelskosten
803.534
-803.534
0
-803.534
registratie niet ingezetenen
375.572
304.689
-70.883
0
-70.883
reisdocumenten
368.181
443.634
75.453
0
75.453
-85.547
0
-85.547
1.087.452
391.290
-696.162
0
-696.162
Overhead huisvesting
1.616.522
550.460
-1.066.062
0
-1.066.062
overhead ict
10.487.143
8.237.968
-2.249.175
0
-2.249.175
77.485
1.122.725
1.045.240
0
1.045.240
7.907.103
101.242
-7.805.861
0
-7.805.861
Bespaarde rente
95.898
1.249.741
1.153.843
0
1.153.843
deelnemingen
14.967
468.383
453.416
0
453.416
personeelskosten
10.463
-10.463
0
-10.463
Overhead personeel
0.61 OZB woningen 0.62 OZB niet-woningen
41.370
overhead facilitair
Overhead overig 0.5 Treasury
11.500
-6.820.000
verkiezingen 0.4 Overhead
1.620
85.547
rente
-97.443
verstrekking leningen
203.861
ozb
135.895
personeelskosten
372.226
ozb
185.007
282.450
0
282.450
-203.861
0
-203.861
7.579.826
7.443.931
0
7.443.931
-372.226
0
-372.226
5.983.174
5.983.174
0
5.983.174
75
0.64 Belastingen overig
baatbelasting
43.570
43.350
0
43.350
belasting biz
196.510
196.510
0
196.510
hondenbelasting
124.950
124.950
0
124.950
-345.169
0
-345.169
personeelskosten
220
345.169
precariobelasting
111.330
111.330
0
111.330
reclamebelasting
363.300
363.300
0
363.300
369.403
168.814
0
168.814
uitvoeringskosten belastingen
200.589
0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds
algemene uitkering
0.8 Overige baten en lasten
kapitaallasten
-510.130
510.130
0
510.130
overige baten en lasten
2.014.418
-101.000
-2.115.418
0
-2.115.418
personeelskosten
2.566.084
1.971.898
-594.186
0
-594.186
-3.230
0
-3.230
-1.034.314
0
-1.034.314
reservering doetinchemmer olie
3.230
reservering nominaal
1.013.174
reservering onvoorzien reservering personeelskosten 0.9 Vennootschapsbelasting (VpB) Totaal
9.771 147.956.000 147.946.229
overige baten en lasten
-21.140
0 147.946.229
166.003
-166.003
0
-166.003
1.332.582
-1.332.582
0
-1.332.582
35.160
-35.160
0
-35.160
46.100.464 182.410.977 136.310.513 -1.246.412 137.556.925
76
4. Paragrafen 4.1 Lokale heffingen Deze paragraaf bevat informatie over de gemeentelijke belastingen. De gemeentelijke belastingen zijn te onderscheiden in drie typen belastingen. De algemene belastingen, de bestemmingsheffingen en retributies. Na de algemene uitkering uit het gemeentefonds zijn dit de belangrijkste inkomstenbronnen van de gemeente. 1. Kaders De inwoners van de gemeente krijgen jaarlijks een aanslag gemeentelijke belastingen. Voor de beoordeling van de lastendruk zijn de tarieven dan ook van groot belang. Naast volumeontwikkelingen en ontwikkelingen in de waarde als gevolg van de jaarlijkse herwaardering (in geval van onroerende zaakbelastingen) is uitgegaan van een indexering van de tarieven voor 2022 met 1,6 % voor loon- en prijsontwikkelingen. Dit is in overeenstemming met het percentage BBP (Bruto Binnenlands Product) uit de meicirculaire gemeentefonds 2021. De bestemmingsheffingen en de retributies mogen niet meer dan kostendekkend zijn. We kennen een gesloten belastingstelsel. Dit betekent dat de gemeente een belasting alleen kan heffen als de wet daar de bevoegdheid toe geeft.
Het beleid betreffende de gemeentelijke belastingen is opgenomen in de volgende beleidsdocumenten: - Landelijke wet- en regelgeving (alle belastingen); - Belastingverordeningen, raadsbesluit van 17 december 2020 en voorgaande jaren (alle belastingen); - Coalitieprogramma 2018 – 2022 “DOETINCHEM WERKT SAMEN aan een duurzame toekomst” (alle belastingen); - Grondstoffenplan 2020 – 2024 raadsbesluit van 29 oktober 2020 (afvalstoffenheffing en reinigingsrechten); - Gemeentelijk rioleringsplan 2016 – 2020, raadsbesluit van 14 april 2016 (rioolheffing); - Financiële verordening gemeente Doetinchem 2017, raadsbesluit 8 juni 2017 (toerekening overheadkosten); - Parkeervisie 2017 – 2020, raadsbesluit 8 juni 2017 (parkeerbelastingen); - Beleidsplan armoedebeleid 2018 – 2022, raadsbesluit 8 juni 2017 (kwijtschelding afvalstoffenheffing en rioolheffing); De samenhang van het beleid met betrekking tot de gemeentelijke belastingen wordt geborgd in de bovengenoemde documenten. Daarnaast houden we rekening met de aanbevelingen van de gemeentelijke rekenkamer.
77
2. Vorming voorziening/reserve Om een gelijkmatige ontwikkeling van tarieven te bewerkstellingen worden overschotten en tekorten zo nodig verrekend met een voorziening. Dit is het geval bij de voorziening afvalstoffenheffing en rioolheffing. Hieronder wordt per type en soort belasting toegelicht hoe het beleid is verwerkt. Daarnaast hebben we inzichtelijk gemaakt hoe bij de berekening van de tarieven wordt bewerkstelligd dat de geraamde baten de geraamde lasten niet overschrijden. Dit hebben we alleen gedaan voor de tarieven van belastingen die hoogstens kostendekkend mogen zijn. 3. Algemene belastingen De opbrengsten van de algemene belastingen komen ten goede aan de algemene middelen van de gemeente. Dit betekent dat de opbrengsten van deze belastingen niet gelabeld zijn maar voor alle gemeentelijke taken en voorzieningen kunnen worden ingezet. De onroerendezaakbelastingen, hondenbelasting, parkeerbelastingen, precariobelasting, reclamebelasting, bedrijveninvesteringszone en de toeristenbelasting behoren tot deze categorie. Hierbij moet opgemerkt worden dat de opbrengsten van de reclamebelasting en de bedrijveninvesteringszone niet worden toegevoegd aan de algemene middelen, maar worden uitgekeerd aan de verschillende ondernemersfondsen. Onroerendezaakbelastingen Onder de naam onroerendezaakbelastingen (verder OZB) worden een gebruikers- en een eigenarenbelasting geheven.
Voor woningen wordt alleen een eigenarenbelasting in rekening gebracht. Op basis van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ) wordt ieder jaar van elk object de waarde vastgesteld. De waarde vormt de grondslag voor de berekening van de OZB aanslagen. Ontwikkelingen in de waarde als gevolg van de jaarlijkse herwaardering worden gecompenseerd via het tarief. Eigenaren van woningen in de gemeente Doetinchem gaan in 2022 gemiddeld ongeveer 1,6 % meer OZB betalen. Hondenbelasting Uitgangspunt voor de tarieven van de hondenbelasting is een verhoging met 1,60% Door noodzakelijke afronding en deelbaarheid door 12 komt de stijging in de praktijk op 1,90% (is zeven eurocent meer bij één hond). Net als andere jaren kennen we een oplopend tarief per hond. Het tarief voor de eerste hond is € 26,16 en voor een volgende hond is het tarief telkens € 13,08 hoger dan de vorige. Dit doen we om te voorkomen dat burgers onbeperkt honden gaan houden. Parkeerbelastingen Tijdens de behandeling van de Parkeervisie 2017 – 2020 is besloten om de huidige tariefstructuur te handhaven. Dit betekent dat de binnenstad verdeeld blijft in vier tariefzones (€ 1,20, € 1,50, € 1,80 en € 2,40 per uur). 78
Precariobelasting Precariobelasting wordt geheven voor het in gebruik nemen van gemeentegrond, zoals het inrichten van een terras of het innemen van een standplaats. Het gebruik van gemeentegrond is gekoppeld aan een vergunning en gebaseerd op het standplaatsenbeleid 2012. De tarieven voor 2022 zijn verhoogd met de algemene prijsverhoging van 1,6 %. Reclamebelasting Reclamebelasting is ingevoerd op verzoek van de ondernemers in vijf afgebakende gebieden. Het gaat om de binnenstad en de bedrijventerreinen De Huet, Keppelseweg, Verheulsweide en Akkermansweide. De opbrengst van de reclamebelasting wordt, na aftrek van de heffingskosten, uitgekeerd aan de ondernemersfondsen van de desbetreffende gebieden. Hieruit worden activiteiten betaald om de binnenstad en de bedrijventerreinen economisch aantrekkelijk te houden. De tarieven voor 2022 zijn geïndexeerd met de algemene prijsverhoging van 1,6 %. Bedrijveninvesteringszone (BIZ) Vanaf het belastingjaar 2019 is voor vastgoedondernemers in de binnenstad de BIZ ingevoerd. Het principe is hetzelfde als bij de reclamebelasting, dit betekent dat de opbrengst wordt uitgekeerd aan het ondernemersfonds van de vastgoedondernemers. Alle vastgoedondernemers in het BIZ-gebied betalen een bijdrage om activiteiten en investeringen mogelijk te maken.
Dit zijn extra activiteiten naast dat wat de gemeente standaard aan onderhoud en investeringen doet. De BIZ geldt voor vijf jaren. De tarieven worden in deze periode niet gewijzigd. Toeristenbelasting Het doorvoeren van de prijsverhoging van 1,6 % bij de toeristenbelasting zou onwerkbare tarieven met zich meebrengen. De tarieven van de toeristenbelasting worden daarom niet verhoogd in 2022. Dit betekent dat we in 2022 net als in 2021 voor een hotelovernachting € 1,50 in rekening brengen en voor de overige overnachtingen een bedrag van € 1,00. 4. Bestemmingsheffingen Bestemmingsheffingen zijn belastingen waarvan de opbrengsten zijn bestemd voor specifieke voorzieningen met een duidelijk algemeen belang. Onder deze categorie vallen de afvalstoffenheffing, reinigingsrechten en de rioolheffing. 5. Afvalstoffenheffing en reinigingsrechten Afvalstoffenheffing wordt geheven voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen en reinigingsrechten worden betaald voor het ophalen van bedrijfsafval. De kosten van de afvalinzameling worden gedekt door de opbrengsten uit de afvalstoffenheffing en reinigingsrechten. Dit gebeurt op basis van 100 % kostendekkendheid.
79
Als gevolg van een stijging van de verwerkingstarieven gaan de afvalbeheerskosten de komende jaren omhoog. Deze stijging geldt voor vrijwel alle Nederlandse gemeenten. Het verbrandingstarief voor restafval gaat ook stijgen. Samen met Buha bv en met inspraak van bewoners is een nieuw grondstoffenplan opgesteld. De methode “betalen per lediging van de restafvalcontainer” vormt de basis van dit plan. De afvalbeheerskosten zijn met dit plan lager dan de kosten, die de gemeente gehad zou hebben als de maatregelen uit het grondstoffenplan niet uitgevoerd zouden worden. De kostenstijging van de verwerking- en verbrandingstarieven wordt dus gedempt door de maatregelen uit dit grondstoffenplan. Het grondstoffenplan levert een sterke afname van de hoeveelheid restafval op en daarmee van de verbrandingskosten voor restafval. Dit dempt de verhoging van de afvalbeheerskosten. De verwachte kostenstijging is wel afhankelijk van de mate van stijging van de verwerkingstarieven en de mate van afvalscheiding. Hoe beter de afvalscheiding hoe lager de kosten. De btw die we moeten betalen voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen en reinigingsrechten kunnen we verhalen op het btw compensatie fonds. Doordat we deze btw kunnen verhalen zijn alle gemeenten gekort op de algemene uitkering. Op grond hiervan mogen we de btw als last aan de afvalstoffenheffing toe rekenen.
Om de lastenstijging, mede als het gevolg van het grondstoffenplan, voor de burger te beperken hebben we net als vorig jaar de toegerekende btw niet volledig in het tarief doorbelast. De kostendekkendheid van het tarief bedraagt 97%. We hadden 3% meer kunnen heffen. Het verschil wordt verrekend met de voorziening Afvalverwerking. In 2022 betalen inwoners een basistarief van € 238,80 voor éénpersoonshuishouden en € 270,36 voor meerpersoonshuishouden en daarnaast per lediging van een grote restafvalcontainer (240 L) een bedrag van € 10,00 en voor een kleine restafvalcontainer (140 L) een bedrag van € 5,00. Het inzamelen en verwerken van afval, wordt door Buha bv uitgevoerd. In onderstaande tabellen is de kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing en reinigingsrecht weergeven.
80
Afvalstoffenheffing Taakveld
Lasten
Baten
7.3 Afval
6.752.000 Opbrengsten belastingen
Btw toegerekend
1.077.000 Overige opbrengsten
6.3 Kwijtschelding Subtotaal
92.000
550.000 8.379.000
Btw niet toegerekend Totaal
Dekking
8.287.000
8.379.000
100%
8.379.000
97%
280.000 8.659.000
Reinigingsrechten Taakveld 7.3 Afval
Lasten
Baten 174.000 Opbrengsten belastingen
Btw
37.000
Totaal
211.000
Dekking 211.000 211.000
100%
6. Rioolheffing De gemeente kan uit de rioolheffing naast de zorg voor het riool ook voorzieningen bekostigen die het mogelijk maken in te spelen op de zorg voor het hemel- en grondwater binnen de gemeente. Op 14 april 2016 is het Gemeentelijk Rioleringsplan Doetinchem 2016 – 2020 vastgesteld. Vorig jaar is het huidige GRP (2016-2020) met één jaar verlengd (20162021). Het nieuwe Gemeentelijk Riolering Plan (GRP) wordt eind 2021 / begin 2022 aan de Raad voorgelegd. Het beheer en onderhoud van de riolering wordt eveneens uitgevoerd en ingekocht bij Buha bv. Met de vernieuwde BBV is het vanaf de begroting 2018 verplicht om de omslagrente toe te rekenen aan onze taakvelden. Uitzondering hierop zijn de projectfinancieringen en de GREX. Voor nadere info wordt u verwezen naar de paragraaf financiering. Voor de investering riolering hanteren we een ander rentepercentage dan onze omslagrentepercentage. Dit wordt gedaan, gelet op de lange looptijden met een langdurige financiering. Deze vergoeding is voor 2022 berekend op 3,12 % en is gebaseerd op het historisch gemiddeld rentetarief voor leningen met een looptijd van 20 jaar. Ten opzichte van 2021 is dit een daling van 0,27 %. Door de positieve ontwikkeling van de voorziening ten opzichte van het vastgestelde GRP 2016-2021, is het niet nodig om een extra tariefsverhoging door te voeren.
Om de voorziening de komende jaren op peil te houden wordt het tarief alleen geïndexeerd met de algemene prijsstijging van 1,6 %. Het tarief voor de rioolheffing in 2022 bedraagt €223,44 per object.
81
Bij de rioolheffing wordt niet afgeweken van de bestaande lijn. Bij de rioolheffing van vorig jaar was ook geen 100% kostendekkendheid. In afwachting van het nieuwe GRP is de systematiek van vorig jaar gehandhaafd en is ervoor gekozen om minder dan 100% kostendekkendheid. Bij het nieuwe GRP kan een nieuwe afweging gemaakt worden. In onderstaande tabel is te zien dat er sprake is van 96% dekking. Het verschil wordt verrekend met de voorziening Rioolbeheer. Rioolheffing Taakveld 7.2 Riolering
Lasten
Baten
4.620.000 Opbrengsten belastingen
Btw
681.000
Rente
578.000
6.3 Kwijtschelding Totaal
Dekking 6.084.000
443.000 6.322.000 Totaal
6.084.000
96%
7. Retributies Retributies worden geheven als de gemeente een specifieke dienst verleent. De belangrijkste retributie is het marktgeld. Marktgeld Ondernemers die een standplaats op de markt innemen moeten hiervoor marktgeld betalen. De tarieven zijn marktconform en in overeenstemming met de tarieven uit regiogemeenten. Uit onderstaande tabel blijkt dat de markt kostendekkend is. Marktgeld Taakveld 3.3 Warenmarkt
Lasten
Baten 135.000 Opbrengsten belastingen
0.4 Overhead
18.000
Totaal
153.000
155.000
Dekking
102%
Leges De leges zijn belastingen die de gemeente kan heffen voor het verstrekken van diensten. Uitgangspunt bij het vaststellen van de legestarieven is 100 % kostendekkendheid. Er mag geen winst worden gemaakt. Kruissubsidiëring in de legesverordening is wel toegestaan. Onder kruissubsidiëring wordt verstaan: het hoger vaststellen van tarieven van leges voor sommige diensten om daarmee de tarieven voor andere diensten laag te kunnen houden. Voor bouwwerken met een lage bouwsom brengen we bijvoorbeeld een tarief in rekening dat niet kostendekkend is. Dit compenseren we met een overdekking bij de grote projecten met een hoge bouwsom.
82
Uit de hieronder ingevoegde tabel blijkt dat er inderdaad geen winst wordt gemaakt op de leges. Titel hoofdstuk
Onderwerp
Taakveld
Titel 1
Algemene dienstverlening
1
Burgerlijke stand
0.2 Burgerzaken
86.000
27.000
113.000
101.000
89%
2
Reisdocumenten
0.2 Burgerzaken
160.000
25.000
185.000
209.000
113%
3
Rijbewijzen
0.2 Burgerzaken
208.000
55.000
263.000
235.000
89%
4
Verstrekkingen uit BRP
0.2 Burgerzaken
56.000
7.000
63.000
66.000
105%
5
Verstrekkingen uit kiezersregister
0.2 Burgerzaken
0
0
0
0
6
Verstrekkingen op grond van 0.2 Burgerzaken Wet bescherming persoonsgegevens
0
0
0
0
7
Bestuurs-stukken
0.4 Overhead
0
0
0
0
8
Vastgoedinformatie
0.2 Burgerzaken
0
0
0
0
9 t/m 19
Diversen
2.2 Parkeren
241.000
3.000
244.000
252.000
103%
751.000
117.000
868.000
subtotaal
Aan leges toe te rekenen lasten (incl rente en btw)
Overhead Lasten totaal
Titel 2
Omgevings-vergunning
8.3 Bouwen en wonen
1.407.000
Titel 3
Dienstverlening vallend onder Europese Dienstenrichtlijn
1.2 Openbare orde en veiligheid
58.000
Totaal
2.216.000
Baten
Dekking
863.000
99%
487.000 1.894.000 1.710.000
90%
23.000
86.000
106%
627.000 2.843.000 2.659.000
94%
81.000
Naar aanleiding van de bevindingen van het rekenkameronderzoek, wordt in onderstaand overzicht aansluiting gemaakt met de totalen op de taakvelden.
83
Activiteit
Taakveld
Lasten
Baten
Legesactiviteiten
0.2 Burgerzaken
510.000
611.000
Overige activiteiten
0.2 Burgerzaken
1.466.000
454.000
Totaal taakveld
0.2 Burgerzaken
1.976.000
1.065.000
Legesactiviteiten
0.4 Overhead
627.000
0
Overige activiteiten
0.4 Overhead
20.703.000
10.404.000
Totaal taakveld
0.4 Overhead
21.330.000
10.404.000
Legesactiviteiten
1.2 Openbare orde en veiligheid
58.000
86.000
Overige activiteiten
1.2 Openbare orde en veiligheid
1.368.000
109.000
Totaal taakveld
1.2 Openbare orde en veiligheid
1.426.000
195.000
Legesactiviteiten
2.2 Parkeren
241.000
252.000
Overige activiteiten
2.2 Parkeren
2.925.000
0
Totaal taakveld
2.2 Parkeren
3.166.000
252.000
Legesactiviteiten
8.3 Bouwen en wonen
1.407.000
1.710.000
Overige activiteiten
8.3 Bouwen en wonen
1.312.000
1.046.000
Totaal taakveld
8.3 Bouwen en wonen
2.719.000
2.756.000
8. De ontwikkeling van de tarieven in 2021 De belangrijkste tarieven voor 2022 (in vergelijking met het tarief 2021) zien er als volgt uit:
84
Belastingsoort
Tarief 2021
Tarief 2022
Percentage
OZB voor woningen -
Tarief eigenaar per WOZ-waarde
0,12%
0,11%
-6,8%*
OZB voor niet-woningen -
Tarief eigenaar per WOZ-waarde
0,27%
0,27%
2,1%*
-
Tarief gebruiker per WOZ-waarde
0,25%
0,25%
2,1%*
Afvalstoffenheffing -
Éénpersoonshuishouden
€ 258,72
€ 238,80
**
-
Meerpersoonshuishouden
€ 316,68
€ 270,36
**
-
Lediging per keer 240 L (laagbouw)
€ 10,00
**
-
Lediging per keer 140 L (laagbouw)
€ 5,00
**
-
Inwerptrommel per keer 60 L (hoogbouw)
€ 2,00
**
-
Inwerptrommel per keer 30 L (hoogbouw)
€ 1,00
**
-
Extra emmer groen voor gft-afval
€ 64,32
€ 38,64
-/- 39,9 %
-
Extra emmer grijs voor restafval
€ 147,96
€ 147,96
0%
-
Extra emmer blauw voor papier
€ 38,64
€ 38,64
0%
-
Extra emmer oranje voor plasticafval
€ 38,64
€ 38,64
0%
€ 220,01
€ 223,44
1,60%
Rioolheffing -
Per object
Hondenbelasting -
1 hond
€ 25,68
€ 26,16
1,90%
-
2 honden
€ 64,20
€ 65,40
1,90%
*Bij de tarieven OZB voor 2022 is voorlopig rekening gehouden met een (landelijke) ingeschatte waardestijging volgens de meicirculaire 2021 van 9,0 % voor woningen en een waardedaling van 0,5 % voor niet-woningen. Dit betekent dat het woningtarief kan dalen met 6,8 % om de opbrengststijging van 1,6 % te realiseren. Het niet-woningentarief moet met 2,1 % stijgen om de geraamde opbrengst te verwezenlijken. Voor de burger betekent dit een gemiddeld hogere OZB belastingaanslag van 1,6 %. De definitieve OZB tarieven worden bepaald op basis van de daadwerkelijke waardeontwikkeling in Doetinchem. De definitieve OZB tarieven voor 2022 worden vastgesteld bij de behandeling van de belastingverordeningen voor 2022 in de raadsvergadering van donderdag 23 december 2021. **Door de invoering van de werkwijze “betaling per lediging van de restafvalcontainer” zijn de tarieven van de afvalstoffenheffing 2022, met uitzondering van de tarieven voor het gebruik van extra rolemmers, niet één op één te vergelijken met die van 2021. Inwoners hebben de hoogte van het te betalen bedrag volgend jaar voor een groot deel zelf in de hand. Als men in 2022 minder restafval aanbiedt door het afval goed te scheiden kan het te betalen bedrag lager zijn dan in 2021.
85
9. Lokale lastendruk Onderstaand overzicht geeft de berekende belastingdruk voor Doetinchem in 2022. Het gaat hierbij om de onroerendezaakbelasting, afvalstoffenheffing en rioolheffing, de zogenaamde gemeentelijke woonlasten. De volgende uitgangspunten gelden bij de vergelijking van de belastingdruk van 2022 met die van 2021: - de waarde van een woning van € 249.000 (2021: € 228.500 + 9 %); - één- en meerpersoonshuishoudens. De belastingdruk voor een bewoner die ook eigenaar is ziet er in 2021 en 2022 als volgt uit: *In onderstaand overzicht is rekening gehouden met 5 ledigingen (240 L) per jaar voor een meerpersoonshuishouden en 3 ledigingen (140 L) voor een eenpersoonshuishouden. Dit kan natuurlijk per huishouden afwijken. Jaar Soort huishouden
OZB
Afval basis
279,13
238,80
15,00* 223,44 756,37
2022 Meerpersoonshuishouden 279,13
270,36
50,00* 223,44 822,93
2021 Eenpersoonshuishouden
278,59
258,72
220,01 757,32
2021 Meerpersoonshuishouden 278,59
316,68
220,01 815,28
2022 Eenpersoonshuishouden
Afval lediging
Riool Totaal
Land. gemid.
Woon lstn tov land. gemid
823,98
99,9%
811,00
100,50%
Prognose landelijkgemiddelde 2022 is 2021 + 1,6% (€ 811,00 +1,60%)
10. Het kwijtscheldingsbeleid In de belastingverordeningen is geregeld dat kwijtschelding van de gemeentelijke belastingen verleend kan worden voor de afvalstoffenheffing, rioolheffing en OZB. Kwijtschelding wordt verleend op basis van de rijksnormen. De kwijtscheldingsnorm is 100 % van de bijstandsnorm. We hebben dit vastgelegd in het beleidsplan armoedebeleid 2018 - 2022. In de begroting 2022 zijn de volgende budgetten (exclusief uitvoeringskosten) opgenomen om uitvoering te kunnen geven aan het kwijtscheldingsbeleid. - Kwijtschelding afvalstoffenheffing € 550.000 - Kwijtschelding rioolheffing € 443.000 Hierbij wordt rekening gehouden met kwijtschelding als gevolg een aanpassing van de momenteel geldende vermogenstoets en de mogelijkheid tot kwijtschelding voor zzp’ers. De kosten voor kwijtschelding worden gedekt door een opslag op de tarieven voor afvalstoffenheffing en rioolheffing. 11. De opbrengsten van de gemeentelijke belastingen Het beleid ten aanzien van de gemeentelijke belastingen leidt tot een raming van de onderstaande belastingopbrengsten voor 2022. We hebben deze ramingen vergeleken met die van 2021.
86
Belastingsoort
Begroting 2021
Begroting 2022
OZB -
Eigenaar Gebruiker
woningen
7.447.000
7.580.000
niet woningen
3.234.000
3.266.000
niet woningen
2.638.000
2.717.000
Afvalstoffenheffing en reinigingsrechten
7.916.000
8.590.000
Rioolheffing
5.957.000
6.084.000
Hondenbelasting
123.000
125.000
Parkeerbelastingen
3.483.000
3.284.000
Precariobelasting
87.000
111.000
Reclamebelasting
357.000
363.000
Belasting bedrijven investeringszone (BIZ)
193.000
197.000
Toeristenbelasting
70.000
75.000
Marktgeld
153.000
155.000
877.000
863.000
1.683.000
1.710.000
75.000
86.000
Leges: -
Algemene dienstverlening
-
Omgevingsvergunning
-
Dienstverlening vallend onder Europese richtlijn
87
4.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing In deze paragraaf informeren we u over ons risicomanagement door middel van risicogestuurd werken. We geven een samenvatting van ons weerstandsvermogen. En we geven een samenvatting van de financiële kengetallen. 1.
Risicomanagement d.m.v. risicogestuurd werken
Risicogestuurd werken is een voortgaand proces dat deel is van de reguliere werkprocessen in de organisatie. Bewustzijn van en omgaan met risico’s in de organisatie en het bestuur is onderdeel van ons dagelijkse werk. Risicogestuurd werken richt zich op het managen van doelen én risico’s. In de reguliere processen vindt een voortdurende afweging plaats tussen het realiseren van doelen en de effecten van risico’s. Kunnen we onze doelen realiseren door kansen te benutten of risico’s te beheersen? Of moeten we bijsturen en maatregelen nemen? De informatie erover en de bestuurlijke besluitvorming gebeurt via college- en raadsvoorstellen en in de documenten van de P&C cyclus. In onze gemeentebegroting vertalen we het risicogestuurd werken door in de programma’s duidelijke doelen te formuleren. Vervolgens beschrijven we de activiteiten om die doelen te bereiken. Bovendien brengen we de belangrijkste risico’s in beeld. Voor een aantal risico’s brengen we de financiële gevolgen in beeld en vergelijken die met onze weerstandscapaciteit om zo het weerstandsvermogen te bepalen. Aan de hand van de informatievoorziening in de P&C documenten vindt het gesprek tussen raad en college plaats over het managen van risico’s en het weerstandsvermogen. 2.