CConstaterende datDoesburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Z/24/044828 - D/24/145981 - Ontwerpbegroting 2025

Gemeenteraad 4 juli 2024, gemeente DoesburgBij agendapunt: Begroting VGGM 202520.527 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Bestuurlijke verantwoordelijkheid De Stichting Veilig Thuis Gelderland-Midden valt onder de bestuurlijke verantwoordelijkheid van VGGM. Er is geen sprake van financiële verwevenheid tussen de stichting en de gemeenschappelijke regeling. De financieringsstromen en vermogensbestanddelen blijven in de toekomst strikt gescheiden. Dit beperkt de risico’s voor de gemeenschappelijke regeling.

Ziekteverzuim Het is van maatschappelijk belang dat de taken die vallen onder de Wet publieke gezondheid en Wet Veiligheidsregio zoveel mogelijk worden uitgevoerd. De coronabestrijding vroeg ruime tijd veel extra inzet van VGGM-medewerkers, waardoor het risico bestaat van verzuim als gevolg van een (te) hoge belasting. Het ziekteverzuim is op dit moment nog relatief hoog. In voorkomende gevallen betekent dit dat soms keuzes gemaakt moeten worden: welke werkzaamheden kunnen uitgesteld worden (en hoe lang) en welke activiteiten worden als eerste niet uitgevoerd bij krapte aan personeel.

Regeling Vervroegd Uittreden (RVU) In het pensioenakkoord is geregeld dat werkgevers een Regeling Vervroegd Uittreden (RVU) kunnen aanbieden aan medewerkers die 3 jaar of minder van hun AOW-leeftijd verwijderd zijn. De cao Ambulancezorg en de cao VVT hebben inmiddels een RVU-regeling in de cao opgenomen (ieder met verschillende spelregels). Voor de cao Veiligheidsregio’s is de RVU-regeling onderwerp van gesprek in 2024. In overeenstemming met het Besluit Verantwoorden en Begroten heeft VGGM op dit moment geen reservering voor verlofuren. Het risico bestaat dat een van de bronnen voor de RVU-verlof uren, al dan niet reeds opgebouwd, zal worden. Daarmee bestaat een financieel risico afhankelijk van de uitkomst en het toekomstig gebruik van de RVU.

Vakantiedagen Medewerkers hebben recht op verlof. In voorkomende gevallen wordt het toegekende verlof niet volledig gedurende het kalenderjaar opgenomen. In dat geval behoudt de medewerker het recht om het verlof op een later moment te genieten. Beleidsmatig kunnen medewerkers zonder nadere afspraken te maken tot 2 weken verlof meenemen naar het nieuwe kalenderjaar. In financiële zin wordt, in overeenstemming met BBV, deze verlofrechten niet als lasten verantwoord. Naar schatting heeft het totaal aan niet opgenomen verlof een waarde van circa € 2 miljoen. Momenteel wordt geëvalueerd of de verwerking van verlof binnen overheidsorganisaties niet op een vergelijkbare wijze als binnen de private sector verwerkt zou moeten worden. Op deze wijze passen de jaarlijkse lasten beter bij

Pagina 48

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

de waarde die medewerkers aan de organisatie toevoegen. Als deze gedachten wordt omgezet in regelgeving, dan leidt dat voor VGGM tot een eenmalige last van circa € 2 miljoen.

Programma brandweerzorg Groot onderhoud brandweerkazernes Ten tijde van de regionalisering van de brandweer is de bestuurlijke keuze gemaakt de kazernes niet over te dragen aan de veiligheidsregio en in eigendom te laten van de gemeenten. Drie argumenten speelden daarbij een rol: • Voor gemeenten vertegenwoordigen de kazernes een maatschappelijk en/of economisch belang; • VGGM wil zich beperken tot het uitvoeren van de kerntaken en daar valt het beheer van onroerend goed niet onder. Liever maakt VGGM gebruik van de vastgoedkennis die bij gemeenten aanwezig is; • De ontvlechting van de kazernes is niet eenvoudig omdat op veel plaatsen sprake is van complicerende factoren zoals gedeeld gebruik met andere gemeentelijke diensten en/of nog af te wikkelen investeringen in nieuw- en verbouw. In de lijn van bovenstaande keuze is het budget voor de kapitaallasten en het groot onderhoud bij de gemeente achtergebleven. In het budget voor de brandweer zijn de gebruikerslasten opgenomen (denk aan schoonmaakkosten, energie, klein onderhoud, etc.). VGGM heeft in de jaarrekening een onderhoudsreserve gevormd voor het groot onderhoud dat door de gebruiker moet worden uitgevoerd.

Rechtspositie vrijwilligers brandweer De invoering van de Wet normalisering rechtsposities ambtenaren is ingegaan per 1 januari 2020. Een onverkorte invoering heeft waarschijnlijke grote ongewenste effecten voor, met name, de vrijwilligers bij de brandweer. Om deze reden is voor veiligheidsregio’s uitstel verleend om de gevolgen in kaart te brengen en met alternatieve voorstellen te komen. In de brandweerkamer wordt samen met de ministers de mogelijkheid verkend de vrijwilligers uit de Wnra te houden.

Financiering inzet 25kv Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu verstrekt een jaarlijkse bijdrage van inmiddels € 375.000 om VGGM in staat te stellen expertise toe te passen bij het optreden bij spoorwegincidenten op de Betuweroute, met name gerelateerd aan de 25kV bovenleiding. Binnenkort wordt een besluit verwacht ten aanzien van de continuering van deze vergoeding.

Opleidingskosten vakbekwaamheid De opleidingskosten van de brandweer zijn fors gestegen, mede door een groter verloop van medewerkers/ vrijwilligers. Voor 2023 heeft deze groei geleid tot een aanpassing van het opleidingsprogramma. Momenteel loopt een nadere analyse wat eventuele structurele effecten zijn, hierbij worden ook historische informatie, trends op de arbeidsmarkt en de ontwikkeling in verschillende onderwerpen die geschoold en beoefend moeten worden (denk hierbij onder andere aan veilige energie transitie) betrokken.

Wonen met zorg / BEVI De gemeenten ontvangen van 2022 t/m 2025 vanuit het Rijk een bijdrage voor de invoering van de Omgevingswet. Binnen het programma bandweerzorg zien wij op dit moment hier binnen 2 autonome ontwikkelingen, zoals toegelicht binnen de pijler risicobeheersing. Voor bouwwerken met een woonfunctie met zorg gaat een gebruiksmelding verplicht gesteld worden, welke jaarlijks getoetst dient te worden. Daarnaast vervalt met de Omgevingswet het BEVI (Besluit externe veiligheid inrichtingen). Hiermee vervalt het specifieke advies op externe veiligheid naar een advies voor (brand)veiligheid als geheel; de wettelijke adviestaak wordt hiermee dus verbreed. Voor deze 2 ontwikkelingen zijn vanuit het Rijk incidenteel middelen aan de gemeenten toegekend. Deze ruimte loopt tot 2025. Voor de structurele inzet zullen nog afspraken gemaakt moeten worden.

Pagina 49

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

Programma GGD Projecten Medische Milieukunde VGGM participeert regelmatig in Europese projecten en in diverse projecten van de Academische Werkplaats. Voor deze projecten vindt afrekening aan het einde van de looptijd plaats. Dat betekent dat tussentijds geen financieel resultaat in de exploitatie zichtbaar wordt. Tussentijds wordt binnen VGGM vastgesteld of kosten die zijn gemaakt ook subsidiabel zijn. Dat is een toets op de rechtmatigheid. Bij afronding van een project kan het wel zo zijn dat VGGM hogere kosten heeft moeten maken door in het bijzonder meer capaciteit voor een project in te zetten. Dat is een vraagstuk van doelmatigheid.

Bedrijfsvoering risico’s AGZ De afdeling Algemene Gezondheidszorg (AGZ) kent een aantal bedrijfsvoeringsrisico’s waaronder de kwetsbaarheid in de opbouw van het personeelsbestand. Binnen de specialistische functies is sprake van een vergrijzing van het personeelsbestand. Ook is het vanwege de krapte op de arbeidsmarkt voor met name deze specialistische functies een uitdaging om de juiste mensen aan te trekken. Hierdoor kan de continuïteit van de werkzaamheden in gevaar komen. Naast deze uitdaging bestaan onzekerheden ten aanzien van de inkomsten door (mogelijke) veranderingen in weten regelgeving en overige (externe) ontwikkelingen.

Functiewaardering Landelijk blijken verschillen te bestaan tussen de inschaling van forensisch artsen. Dit betreft een specialistische functie, waarbij het ongewenst is als medewerkers om verschil in arbeidsvoorwaarden van GGD-regio wisselen. Om die reden wordt landelijk het functieprofiel gewaardeerd, mogelijk leidend tot een aanpassing van de functiewaardering bij de individuele regio's. Het aanpassen van de functiewaardering kan financiële effecten hebben voor VGGM. Daarnaast is een grote groep werknemers die na de overgang van STMG en Icare in dienst zijn gekomen bij de Stichting PG. Zij vallen hiermee onder een andere cao dan de medewerkers van VGGM. Binnen de organisatie geeft dit onwenselijke verschillen. Het uitfaseren van de Stichting leidt tot een structurele toename van de salarislasten van uiteindelijk circa € 0,9 mln per jaar. Voor dit risico is een bestemmingsreserve getroffen, waardoor eventuele effecten in de begroting 2 jaar na transitie merkbaar worden.

Publieke gezondheid Asielzoekers Sinds maart 2019 heeft het COA laten weten dat zij middels een aanbestedingstraject op zoek is naar een opdrachtnemer die landelijk de jeugdgezondheidszorg (JGZ) aan kan bieden aan alle kinderen van 0 tot 18 jaar die vallen onder het COA. GGD GHOR NL heeft de aanbesteding PGA COA gegund gekregen. Dit nieuwe contract is ingegaan op 1 augustus 2020 en heeft een looptijd van twee jaar met de mogelijkheid het contract tweemaal met 24 maanden te verlengen. Het risico bestaat dat het COA op korte termijn een nieuwe aanbesteding start.

Programma Bedrijfsvoering ICT-ontwikkelingen ICT-ontwikkelingen in de samenleving gaan momenteel snel. Stakeholders hebben een navenant hogere verwachting van de mogelijkheden alsmede van een tijdige en juiste informatie-ontsluiting. Daarnaast stoppen leveranciers de ondersteuning van oudere ICT-applicaties. De komende jaren worden om deze redenen diverse bedrijfsvoeringsystemen up-to-date gebracht en met elkaar gekoppeld. De kosten van implementatie en van vernieuwde licenties nemen sterk toe. Deze kosten kunnen niet in alle gevallen worden terugverdiend in de primaire of ondersteunende processen of door reduceren van applicaties met vergelijkbare toepassingsmogelijkheden. In voorkomende gevallen zullen keuzes moeten worden gemaakt.

Pagina 50

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

Weerstandsvermogen In 2014 is aan de hand van de zogenaamde “kans x effect” methode een inschatting gemaakt van de mogelijke risico’s en een kwantificering daarvan. Bij benadering wordt een indicatie gegeven van het voor de organisatie benodigde weerstandsvermogen. Dit weerstandsvermogen wordt gevormd door de totale impact van de gekwantificeerde risico’s te relateren aan de weerstands-capaciteit (zijnde het beschikbare eigen vermogen). Het eigen vermogen van VGGM is beperkt. Het streven is de algemene reserve op het in 2015 vastgestelde niveau van € 1.453.000 te consolideren.

Solvabiliteit Naast een buffer tegen optredende risico’s, wordt eigen vermogen benut voor de financiering van investeringen. Investeringen worden ook gefinancierd met vreemd vermogen (leningen). Een gezonde verhouding tussen vreemd en eigen vermogen (solvabiliteit) draagt bij aan een doeltreffende en efficiënte vervulling van de publieke functie van VGGM. Deze solvabiliteit wordt uitgedrukt in een ratio. De ratio per ultimo 2025 is naar verwachting 9,7% (per eind 2023: circa 16,0%). Voor een overheidsorganisatie is dit een redelijke waarde.

Netto Schuldquote De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlasten t.o.v. de eigen middelen. Het geeft een indicatie van de mate waarin de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie drukken. Een laag percentage is gunstig. De VNG adviseert om 130% als maximum norm te hanteren en daarboven de schuld af te bouwen. De netto schuldquote van 27,3% blijft ruim onder dit gestelde maximum.

Structurele exploitatieruimte Dit cijfer helpt mee om te beoordelen welke structurele ruimte een veiligheidsregio heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Structurele uitgaven en inkomsten zijn binnen VGGM in evenwicht.

5.2

Onderhoud kapitaalgoederen

Kapitaalgoederen zijn goederen welke een meerjarig nut hebben ten behoeve van de productie. Het gaat daarbij veelal om zaken die na de eerste aanschaf regelmatig onderhoud vergen. Binnen de VGGM zijn de belangrijkste kapitaalgoederen de crisis- en hulpverleningsvoertuigen, de beschermende kleding, de (inrichting van) kazernes en panden en ICT-middelen. •

Crisis- en hulpverleningsvoertuigen worden jaarlijks gekeurd en veelal onderhouden op basis van de kilometerstand. Wanneer gebreken tussentijds worden geconstateerd, vindt direct onderhoud plaats. Vervanging van de voertuigen is opgenomen in het Meerjareninvesteringsplan. Het onderhoud is opgenomen in de begroting.

•

Beschermende kleding wordt direct na een incident geïnspecteerd. Bij schade vindt reparatie of vervanging plaats. Voor vervanging en onderhoud is budget beschikbaar in de begroting.

•

Eind 2013 zijn de kazernes Bemmel, Dieren, Harskamp, Doorwerth, Pannerden en Valburg van gemeenten overgenomen door VGGM. De kazernes Harskamp, Doorwerth, Bemmel, Dieren en Valburg zijn weer terug verkocht aan de betreffende gemeenten. De kazerne Pannerden zal naar verwachting in 2024 worden terug verkocht. De overige kazernes zijn in eigendom en in beheer van de deelnemende gemeentes.

•

Voor de gebouwen in eigendom van VGGM, met name ten behoeve van de Ambulancezorg, zijn meerjarenonderhoudsplannen beschikbaar.

Pagina 51

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

5.3

Financiering

Algemeen Wet fido Het Rijk heeft regels gesteld aan hoe gemeenten en provincies hun geld en kapitaal beheren. Die regels staan in de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido) en gelden ook voor gemeenschappelijke regelingen als VGGM. Hoeveel geld gemeenten en provincies mogen lenen, is afhankelijk van de hoogte van de begroting. De kasgeldlimiet bepaalt hoeveel geld ze mogen lenen voor een periode van maximaal 1 jaar. De renterisiconorm schrijft voor hoeveel maximaal geleend mag worden voor een periode langer dan 1 jaar. Gemeenten en provincies mogen liquide middelen aanhouden bij de schatkist (schatkistbankieren). Hier krijgen ze een rentevergoeding voor. VGGM hanteert de volgende doelstellingen op gebied van financiering: • Beschikbaar hebben van voldoende liquiditeiten om de vastgestelde plannen te kunnen uitvoeren. • Beheersen van de risico’s die zijn verbonden aan de financieringsfunctie, zoals renterisico en debiteurenrisico. • Minimaliseren van de kosten van geldleningen. • Verkrijgen en handhaven van toegang tot de financiële markten.

Renterisico kort en langlopende financiering Kasgeldlimiet De door het Rijk opgelegde kasgeldlimiet beperkt het risico van stijgende rentelasten voor de kortlopende financiering. De limiet beperkt de maximale omvang van de gemiddelde korte schuld (< 1 jaar) per kwartaal tot 8,2% van de totale lasten van de programmabegroting. Voor 2025 bedraagt de limiet 12,3 miljoen.

Renterisiconorm De renterisiconorm beperkt het renterisico op de langlopende financiering. De norm bevordert de spreiding van de looptijd van de kapitaalmarktleningen (looptijd lening > 1 jaar) door de omvang te beperken van de leningen waarvoor de rente in een bepaald jaar moet worden aangepast. Het rijk heeft de maximale omvang van leningen met een renteaanpassing vastgesteld op 20% van het begrotingstotaal. Voor VGGM komt dat neer op een bedrag van € 30,1 miljoen. De verwachting is dat we in 2025 ruimschoots onder de gestelde norm blijven.

Financiering Voor het uitoefenen van de treasuryfunctie is inzicht nodig in de huidige en toekomstige kasstromen. Deze kasstromen bestaan uit: 1. De kasstroom uit operationele activiteiten (de exploitatie) 2. De kasstroom uit investeringen 3. De kasstroom uit financieringsactiviteiten (aflossingen en stortingen van aangetrokken geldleningen) Het inzicht hierin wordt verkregen door het regelmatig actualiseren van onze liquiditeitsplanning. Hierbij zijn de ontvangsten en uitgaven volgens de programmabegroting en het investeringsplan het uitgangspunt. Op basis van het meerjarige investeringsplan (zie bijlage 5) en de in 2019 afgesloten meerjarige lening van € 15 miljoen wordt geen liquiditeitstekort verwacht.

Renteomslag en financieringsresultaat Voor vergelijkbaarheid tussen overheidsorganisaties, schrijft de BBV de manier van bepalen van de renteomslag voor. Voor VGGM bedraagt de renteomslag 0,5%.

Pagina 52

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

6. Planning en control cyclus Op hoofdlijnen kan de planning & control cyclus voor begrotingsjaar 2024 als volgt worden geschetst: Wanneer

Wat

Wie

3 april 2024 april - juli 2024 september 2024 11 september 2024 maart - sept 2025

Aanbieden ontwerpbegroting 2025 Consultatie kaderbrief & ontwerpbegroting 2025 Bespreken zienswijze en begroting 2025 Bespreken zienswijze en vaststellen begroting 2025 Bespreking begrotingswijzigingen 2025

maart 2026 april 2026

Bespreking jaarrekening 2025 Bespreking en vaststellen jaarrekening 2025

Dagelijks Bestuur Colleges van B&W en gemeente raden Financiële Commissie en Dagelijks Bestuur Algemeen Bestuur Financiële commissie, Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur Financiële Commissie en Dagelijks Bestuur Algemeen Bestuur

Pagina 53

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

Bijlagen Bijlage 1: Ontwikkelingen in gemeentelijke bijdragen a.

Budgettair kader gemeentelijke bijdrage Veiligheid

De genoemde ontwikkelingen in hoofdstuk 2 en hoofdstuk 3 hebben de volgende consequenties op het budgettair kader van de gemeentelijke bijdrage Veiligheid (brandweer).

(*) Ingroei: hiervoor is een reserve gecreëerd (**) Terug leveren van kazernes (deels 1 jaar eerder)

Pagina 54

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

b.

Budgettair kader gemeentelijke bijdrage Bevolkingszorg

De genoemde ontwikkelingen in hoofdstuk 2 en hoofdstuk 3 hebben de volgende consequenties op het budgettair kader gemeentelijke bijdrage bevolkingszorg:

Bovenstaande opstelling leidt tot een inwonerbijdrage van € 1,14 (2024: € 1,12). Deze inwonerbijdrage is gebaseerd op het aantal inwoners per 1 januari 2023.

c.

Budgettair kader gemeentelijke bijdrage GGD

De genoemde ontwikkelingen in hoofdstuk 2 en hoofdstuk 3 hebben de volgende consequenties op het budgettair kader gemeentelijke bijdrage GGD:

Bovenstaande opstelling leidt tot een inwonerbijdrage van € 25,45 (2024: € 22,60) voor het basispakket. Deze inwonerbijdrage is gebaseerd op het aantal inwoners per 1 januari 2023.

Pagina 55

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

d.

Budgettair kader gemeentelijke bijdrage JGZ 0-4

De genoemde ontwikkelingen in hoofdstuk 2 en hoofdstuk 3 hebben de volgende consequenties op het budgettair kader voor JGZ 0-4:

Bovenstaande opstelling leidt tot een inwonerbijdrage van € 82,24 (2024: € 79,77) per jeugd inwoner. Deze inwonerbijdrage is gebaseerd op het aantal jeugd inwoners (0-18 jaar) per 1 januari 2023.

e.

Budgettair kader gemeentelijke bijdrage RVP

De genoemde ontwikkelingen in hoofdstuk 2 en hoofdstuk 3 hebben de volgende consequenties op het budgettair kader RVP:

Structurele ophoging gemeentefonds (Meningokokken per 1-1-2021; HPV per 1-1-2022; Maternale kinkhoest per 1-1-2024) Bovenstaande opstelling leidt tot een inwonerbijdrage van € 15,17 (2024: € 13,69) per jeugd inwoner. Deze inwonerbijdrage is gebaseerd op het aantal jeugd inwoners (0-18 jaar) per 1 januari 2023.

Pagina 56

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

f.

Verdeling van gemeentelijke bijdragen naar programma’s

VGGM verdeelt onder 5 categorieën haar te ontvangen bijdragen van de gemeente, namelijk Veiligheid, Bevolkingszorg, GGD, Jeugdgezondheidszorg en Rijksvaccinatieprogramma. De aansluiting tussen deze bijdragen en de verschillende programma’s is als volgt:

Pagina 57

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

Bijlage 2: Specificatie gemeentelijke bijdrage per gemeente 2a.

Gemeentelijke bijdrage Veiligheid

De mutatie van de begroting 2024 naar de bijdrage 2025 per gemeente kent dan de volgende stappen:

De specifieke afspraken hebben betrekking op de verkoop van de brandweerkazerne Pannerden aan de gemeente Zevenaar. Hierdoor dalen de exploitatielasten van VGGM en stijgen deze voor deze gemeente. Om die reden wordt de gemeentelijke bijdrage aangepast, leidend tot een budgetneutrale transactie voor beide partijen.

2b.

Gemeentelijke bijdrage Bevolkingszorg

De verdeling van de gemeentelijke bijdrage voor bevolkingszorg is gebaseerd op een tarief van € 1,14 (2024: € 1,12) per inwoner. Op basis van het totaal aantal inwoners per 1 januari 2023 is de bijdrage per gemeente als volgt:

Pagina 58

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

2c.

Gemeentelijke bijdrage GGD

De verdeling van de gemeentelijke bijdrage GGD is gebaseerd op een tarief van € 25,45 (2024: € 22,60) per inwoner. Op basis van het totaal aantal inwoners per 1 januari 2023 is de bijdrage per gemeente als volgt:

2d.

Budgettair kader bijdrage JGZ 0-4

De verdeling van de gemeentelijke bijdrage JGZ 0-4 is gebaseerd op een tarief van € 82,24 (2024: € 79,77) per jeugdinwoner. Op basis van het aantal 0-18 jarige inwoners per 1 januari 2023 is de bijdrage per gemeente als volgt:

Pagina 59

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

2e.

Budgettair kader bijdrage RVP

De verdeling van de gemeentelijke bijdrage RVP is gebaseerd op een tarief van € 15,17 (2024: € 13,69) per jeugdinwoner. Op basis van het aantal 0-18 jarige inwoners per 1 januari 2023 is de bijdrage per gemeente als volgt:

2f.

Totale bijdrage per gemeente

Alle bovengenoemde bijdragen leiden tot de volgende totale bijdrage 2025 per gemeente:

Pagina 60

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

2g.

Aantallen inwoners en OOV percentage

In bovenstaande bijlagen zijn de volgende basisgegevens gehanteerd:

Pagina 61

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

Bijlage 3: Geprognotiseerde balans

Pagina 62

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

Pagina 63

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

Bijlage 4: Reserves en voorzieningen

Pagina 64

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

Bijlage 5: Meerjaren investeringsplan 2024 – 2028 Uitgangspunten voor het meerjaren investeringsplan zijn: • Vervanging van huidige materieel op basis van verwachte levensduur • Realiseren van het regionale materieelplan ten behoeve van het regionale dekkingsplan

Pagina 65

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

Bijlage 6: Taakvelden

Pagina 66

Ontwerpbegroting 2025 VGGM

Bijlage 7: Risico’s in relatie tot toekomstbestendigheid Risico

Knelpunt

Maatregel en kosten

VGGM heeft een relatief hoge gemiddelde leeftijd, komende jaren gaan veel medewerkers met pensioen. Jonge medewerkers hebben een andere kijk op werk- en ontwikkeling wat veelal niet meer leidt tot levenslange dienstverbanden. Deze ontwikkeling leidt tot een hogere uitstroom van medewerkers, leidend tot risico’s in de taakuitvoering. Om dit risico te beheersen is een andere HRM dienstverlening noodzakelijk. Denk hierbij aan zaken als het vorm geven aan een strategische personeelsplanning, duurzame inzetbaarheid en moderne wijze van arbeidsmarktbenadering.

De invulling van de HRM dienstverlening binnen VGGM is niet voldoende geëquipeerd om de organisatie handvatten te bieden om te kunnen anticiperen op de geschetste ontwikkelingen.

Onderdeel van de middellange termijn agenda.

Aan medewerkers worden steeds hogere eisen aan opleiding, bekwaamheid en functieontwikkeling gesteld. Het risico op het niet ontwikkelen van medewerkers is dat ze niet meer gecertificeerd zijn om hulpverlening te verrichten of dat de productiviteit achteruitgaat. Om dit risico te beheersen is een verandering van HRM dienstverlening noodzakelijk. Denk hierbij aan continue focus op scholing, ontwikkeling en actualiseren van het functiehuis.

De invulling van de HRM dienstverlening binnen VGGM is niet voldoende geëquipeerd om de organisatie handvatten te bieden om te kunnen anticiperen op de geschetste ontwikkelingen.

Onderdeel van de middellange termijn agenda.

Diverse automatiseringssystemen die VGGM gebruikt zijn verouderd en worden op (korte) termijn niet meer ondersteund door de leverancier. Hiermee loopt VGGM het risico bepaalde systemen niet meer te kunnen gebruiken, leidend tot arbeidsintensieve workarounds of het niet meer kunnen beschikken over informatie benodigd om de juiste hulpverlener op het juiste moment op de juiste plaats in te zetten.

Nieuwe applicaties zijn over het algemeen (fors) duurder dan de huidige begrote automatiseringskosten, veelal het gevolg van een fee per gebruiker of transactie.

Onderdeel van de middellange termijn agenda.

De processen en procedures binnen VGGM zijn minimaal vastgelegd en beperkt organisatie breed afgestemd. Doordat medewerkers lang eenzelfde taak uitvoeren verloopt dit zonder problemen, echter bij verloop van medewerkers, ontwikkeling binnen het eigen vakgebied of bredere integrale inzet door bijvoorbeeld crises, zijn tekortkomingen zichtbaar, leidend tot het risico dat wordt beschikt over onvoldoende of onjuiste informatie benodigd om de juiste hulpverlener op het juiste moment op de juiste plaats in te zetten. Extra inzet op procesverbetering en kwaliteitsborging is noodzakelijk om dit risico te beheersen.

Binnen VGGM is minimale capaciteit beschikbaar voor procesverbetering en kwaliteitsborging.

Naar verwachting van de directie zal op dit thema een achterstand ingehaald moeten worden, naast een meer structurele inbedding van kwaliteitszorg en omvang van ondersteunende functies.

VGGM gebruikt verschillende ICT-systemen ter ondersteuning van haar bedrijfsvoeringsprocessen. Deze systemen zijn gericht op de functionele toepassing van het specifieke team of afdeling. In voorkomende gevallen worden de processen middels end user applicaties, zoals Excel, ondersteund. Met name teamoverstijgende processen zijn hierdoor niet of gefragmenteerd gekoppeld, leidend tot onvoldoende informatie, onbetrouwbare data ten behoeve van controle-, besluitvormings- en verantwoordingsprocessen.

Onderdeel van de middellange termijn agenda.

Onderdeel van de middellange termijn agenda.

Binnen VGGM zijn, vanuit een historische context, verschillende rollen bij eenzelfde functionaris belegd. Het gevolg is dat noodzakelijke functiescheiding op cruciale onderdelen niet is aangebracht, rolonduidelijkheid bestaat en in voorkomende gevallen onvoldoende capaciteit is georganiseerd om de rollen op een adequate wijze vorm te geven. Daarnaast worden bepaalde rollen in crisissituaties niet meer uitgevoerd door de volledige aandacht voor de crisis. Het risico bestaat dat reguliere sturingsprocessen onvoldoende kunnen worden uitgevoerd.

Onderdeel van de middellange termijn agenda

Onderdeel van de middellange termijn agenda

Pagina 67

Onderdeel van de middellange termijn agenda.

Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (VGGM) verzorgt Ambulance, Brandweer, GGD en GHOR voor de gemeenten van Gelderland-Midden

Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden Postbus 5364 6802 EJ ARNHEM T 0800 8446 000 E info@vggm.nl I www.vggm.nl

68 A016

www.vggm.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Doesburg&id=7ff53550-8839-46c4-8b26-1388a1451a4b